CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 ambitie-agenda passend onderwijs en jeugdhulp

RAAD 18 februari 2026, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de Brandbrief OCO, Cliëntenbelang Amsterdam en Jeugdplatform Amsterdam over thuiszittende kinderen VN2026-0021805.609 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bouwen aan inclusieve (voor) school­ gemeenschappen vanuit een stevige pedagogische basis Gezamenlijke ambitie-agenda 2023-2027 voor sterke samenwerking (passend) onderwijs en jeugdhulp in verbinding met bestaanszekerheid Samenwerkingsverbanden Amsterdam-Diemen PO en VO & gemeente Amsterdam en gemeente Diemen.

Ambitie agenda passend onderwijs en jeugdhulp

1

Inhoudsopgave 1.

Gezamenlijke ambitie

3

2.

Verbeterlijnen

6

I.

Zoveel mogelijk kinderen/jongeren volgen onderwijs en gaan naar de (voor)school.

7

Ondersteunen en stimuleren van initiatieven op het gebied van inclusief onderwijs en inclusieve kinderdag­verblijven.

9

III. Krachtige verbindingen tussen school, wijk en thuis­omgeving van het kind/jongere ter versterking van de pedagogische basis voor elk kind.

11

II.

IV. Samen organiseren we een dekkend aanbod van (inclusief) onderwijs en ondersteuning in de stad op basis van gezamenlijke analyses om te bepalen welke inzet waar het hardst nodig is (ongelijk investeren). 13

3.

Uitwerking en monitoring

14

4.

Resultaten die we willen behalen

15

Bijlage Gezamenlijke visie onderwijs & jeugd gemeente Amsterdam

16

Ambitie agenda passend onderwijs en jeugdhulp

2

1. Gezamenlijke ambitie ‘Bouwen aan inclusieve (voor)school­gemeenschappen vanuit een stevige pedagogische basis’ Ambitie Ieder kind en jongere verdient dezelfde kansen om zich optimaal te ontplooien, ongeacht de buurt waar het opgroeit, het inkomen van ouder(s), of het feit dat het (tijdelijk) extra zorg of ondersteuning nodig heeft. Onderwijs speelt een sleutelrol bij ontwikkelmogelijkheden voor kinderen en jongeren. Vanaf de leeftijd van twee, is de (voor)school1 de plek waar kinderen – én hun ouders – uit de buurt elkaar ontmoeten, waar kinderen samen spelen en samen leren. Hiermee is school een mini-gemeenschap op zich. Een plek waar kinderen zich vormen als persoon en sociale vaardigheden ontplooien. En hiermee een oefenplaats voor de maatschappij om hen heen. We weten dat een stabiele onderwijsloopbaan – met weinig onderbrekingen en wisselingen – een belangrijke voorspeller is voor een goede toekomst. Daarvoor is een stevige pedagogische basis noodzakelijk

Een sterke pedagogische basis Een sterke basis is onmisbaar voor het welzijn en de ontwikkeling van jeugdigen. Die basis begint thuis, bij een fijn gezin en betrokken ouders. Het is ook een sociaal netwerk, een gezonde en plezierige leefomgeving, een goede overgang van onderwijs naar werk, een stabiele financiële situatie, een veilige plek om te wonen en alle mogelijkheden om je een leven lang breed te ontwikkelen. Goed en inclusief onderwijs, kinderopvang voor iedereen, ruimte om te spe-

zoals helder verwoord in de propositie “Een sterke basis, door krachtige samenwerking” (zie kader)2. Hoe sterker deze basis en stabieler de onderwijsloopbaan hoe groter de veerkracht om hobbels en tegenslagen die bij opgroeien horen te kunnen overkomen. We zien echter dat nog voor te veel kinderen en jongeren in onze stad zo’n veilige en stabiele thuisbasis en soepele onderwijsloopbaan nog geen gegeven zijn. Te vaak zien we dat dit afhangt van de buurt, gezinsomstandigheden (zoals bestaans­ onzekerheid of een taalarme omgeving), zorgvragen van kind of ouders en schoolomstandigheden. We zien ook grote verschillen in rol- en taakopvatting van (voor)scholen wat betreft die stevige pedagogische basis en een soepele schoolloopbaan die we voor álle kinderen en jongeren nastreven. Al deze factoren zien we terugkomen in de groei van het Speciaal Onderwijs (SO). Zo toont onderzoek aan

len en te sporten en je creatief te ontwikkelen en een plek waar je als ouder of jeugdige met vragen terecht kunt, horen daar als algemeen toegankelijke (basis) voorzieningen bij. Uit “Een sterke basis, door krachtige samen­werking”; een propositie van VNG, PO-Raad, VO-raad, MBO Raad en BMK, in verbinding met de sectorraad GO, netwerk LPO en sectorraad samenwerkings­ verbanden VO.

1

In de tekst kiezen we voor het gebruik van het woord ‘voorschool’; hieronder verstaan we ook vroegschoolse educatie op de kinderdagopvang.

2

https://www.poraad.nl/kind-onderwijs/naar-een-sterke-pedagogische-basis-voor-kinderen-en-jongerenjongeren

Ambitie agenda passend onderwijs en jeugdhulp

3

dat kinderen uit kwetsbare buurten, die opgroeien in kwetsbare gezinnen en naar scholen gaan met veel leerling- en personeelswisselingen, veel meer kans hebben om te worden doorverwezen naar het SO.3 Hier willen we verandering in brengen. We willen stoppen met het verwijzen en verplaatsen van grote aantallen kinderen. In plaats van het kind aan te passen aan de context, willen we de context aanpassen op de vraag van het kind/gezin. Dit is niet alleen een opgave van (voor)school maar ook van thuis en de wijk. Hiermee is het een vraagstuk dat zowel onderwijs, jeugdhulp, zorg- en welzijn, bestaanszekerheid en het volwassendomein raakt.

Dit laat zien dat onze maatschappelijke opgave groot is; deze opgave overstijgt niet alleen de verschillende domeinen, maar ook het niveau van onze stad. De opgaven in het onderwijs- en jeugddomein zijn structureel van aard en vragen ook om oplossingen en maatregelen vanuit het Rijk. Tegelijk nemen wij in Amsterdam en Diemen onze verantwoordelijkheid en doen we met elkaar wat in onze macht ligt om alle kinderen en jongeren in Amsterdam datgene te bieden wat nodig is, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen en perspectief hebben.

Inclusieve (voor)schoolgemeenschappen

Met deze ambitieagenda bouwen we voort op de gezamenlijke Werkagenda passend onderwijs en relatie jeugdhulp 2019-2022 en doen we tegelijkertijd een stap naar voren richting inclusieve kinderdagen onderwijsvoorzieningen in onze stad. Dit vergt een nog sterkere samenwerking vanuit een gezamenlijke visie en gedeelde ambities. De onderliggende visie van dit ambitieplan volgt uit de ‘gezamenlijke visie Onderwijs & Jeugd’, zoals we die hebben vastgesteld tijdens de bestuurlijke bijeenkomst op 31 januari ’23 met de wethouders Onderwijs vanuit gemeente Amsterdam en gemeente Diemen, directeur-­ bestuurders van de Samenwerkingsverbanden PO en VO Amsterdam en Diemen, bestuurders van school­ besturen en kinderopvangorganisaties, en vanuit het Ouder- en Kindteam (OKT), Buurtteam en vertegenwoordigers van specialistische jeugdhulpaanbieders. Deze visie en bijbehorende samenwerkings­principes vormen zo de onderlegger van deze agenda (zie samenvatting in het kader op pagina 6 en volledige versie in bijlage 1.)

Samen slaan we daarom de handen ineen om te bouwen aan inclusieve (voor)schoolgemeenschappen. Een plek waar alle kinderen en jongeren welkom zijn en zich zo met hun eigen buurtgenootjes (VVE/PO) en leeftijdgenoten (VO) samen kunnen ontwikkelen. Als daarbij ondersteuning nodig is, krijgt het kind die tijdig en zoveel mogelijk in de eigen omgeving, dus op het kinderdagverblijf in de buurt, de eigen school, thuis of vanuit de wijk. Naast het kind bieden we waar nodig ondersteuning aan het hele gezin om de thuissituatie te verbeteren en kansenongelijkheid tegen te gaan. Samen staan we om kind, gezin en school. We zien het bouwen aan inclusieve (voor)school­ gemeenschappen als een belangrijke stap om samen het hoofd te bieden aan de fikse uitdagingen waar we voor staan, zoals: • de stijgende leerlingaantallen en wachtlijsten voor het SO en de specialistische kinderopvang van met name jonge kinderen; • een toename van het aantal langdurig thuis­ zittende kinderen en jongeren en kinderen en jongeren met een vrijstelling; • een toename in de vraag naar en kosten van jeugdhulp en de lange wachtlijsten; • toename van problemen rond mentaal welbevinden van kinderen en jongeren (a. psychische klachten, stress); • en groeiende bestaansonzekerheid bij gezinnen.

Voortbouwend vanuit een gezamenlijke visie

Ook de enorme personeelstekorten en -verloop aan kinderopvang-, onderwijs- en jeugdhulpkant maken duidelijk dat we hier een grote gezamenlijke opgave hebben. 3

Doorverwijzingen naar speciaal (basis)onderwijs binnen het SWV PO: welke trends zien we en welke factoren spelen een rol? Dit onderzoek is uitgevoerd door een onderzoeker van Oberon voor het SWV PO over de schooljaren 2017/2018 – 2021-2022 (opgeleverd: dec ’22) & Overstappers vanuit het regulier onderwijs naar het S(B)O: welke rol spelen kind- en schoolkenmerken bij deze overstap? Dit onderzoek is uitgevoerd door O&S over de schooljaren 2018/’19 2020/’21 (opgeleverd: nov ’22).

Ambitie agenda passend onderwijs en jeugdhulp

4

Gezamenlijke visie onderwijs & jeugd 31 januari ’23 Ieder kind heeft optimale ontwikkelkansen met een stabiele onderwijsloopbaan. Als daarbij ondersteuning nodig is krijgt het kind die tijdig en zoveel mogelijk in de eigen omgeving (thuis, school, buurt). Naast het kind bieden we onder­steuning aan het hele gezin om de thuissituatie te verbeteren, bestaanszekerheid te vergroten en kansen­ongelijkheid tegen te gaan. Naar school gaan en het hebben van een stabiele onderwijsloopbaan zijn samen met veilig opgroeien (thuis en in de directe omgeving) de belangrijkste sleutels tot optimale ontwikkelkansen. Hulp en onder­steuning zijn daarop gericht.

Onderliggende principes: 1. We helpen en ondersteunen jeugdigen in hun eigen leefomgeving. 2. We gaan zo veel mogelijk uit van het gewone leven. 3. Naar (voor)school gaan en het hebben van een stabiele onderwijsloopbaan zijn de sleutels tot optimale ontwikkelkansen en zo normaal mogelijk opgroeien. 4. Scholen (VVE/PO/VO/SO) zijn een volwaardige partner om positief jeugdbeleid te realiseren in de stad. 5. We maken op basis van een gezamenlijke analyse in de wijk afspraken over het hulp- & onder­ steuningsaanbod, wie dat aanbiedt en waar. 6. Bij een individuele jeugdige kijken we naar de samenhang tussen thuis, school, straat en onlineomgeving. 7. Het ondersteuningsaanbod voor jeugdigen kan verschillen per gebied. 8. De verschillende partners werken integraal samen in en rond gezinnen. 9. Waar het goed gaat, zijn voldoende goede professionals. Voldoende en goede professionals zijn cruciaal.

Ambitie agenda passend onderwijs en jeugdhulp

5

2. Verbeterlijnen We zetten in op vier verbeterlijnen. Elke verbeterlijn werken we uit in een aantal concrete doelen met passende aanpakken en projecten. Het gaat hierbij om een combinatie van nieuwe activiteiten en intensivering van eerder gestarte aanpakken en projecten. Zo bouwen we voort op eerder behaalde resultaten, bundelen we nog krachtiger onze inspanningen en voorkomen we overlap. Deze vier verbeterlijnen vormen tezamen onze werkagenda voor de periode van 2023-2027.

Ambitie agenda passend onderwijs en jeugdhulp

6

I.

Zoveel mogelijk kinderen/jongeren volgen onderwijs en gaan naar de (voor)school.

We focussen hierbij op: bevorderen van schoolaanwezigheid, preventie van schoolverzuim, voorkomen van thuiszitters en inzetten op leerrecht voor kinderen die nu (volledig) naar zorg gaan. Een belangrijke voorwaarde om te zorgen voor een stabiele onderwijsloopbaan is dat kinderen en jongeren onderwijs volgen. Daarvoor is het cruciaal dat scholen een sterk pedagogisch klimaat bieden waarin leerlingen zich gezien en gehoord voelen en met plezier naar school gaan, beleid voeren gericht op schoolaanwezigheid, en waar nodig gezamenlijke interventies inzetten met partners rond de school als leerplicht en het OKT. Hiernaast zien we dat er helaas te veel kinderen en jongeren momenteel helemaal geen onderwijs volgen in onze stad en soms ook op jongere leeftijd niet deel kunnen nemen aan de kinderopvang. Zo zien we een stijging van het aantal thuiszittende kinderen. Ook het aantal kinderen dat een vrijstelling heeft van de leerplichtwet op basis van medische of psychische gronden (onder artikel 5 sub a) stijgt. Recent onderzoek van Kohnstamm toont aan dat deze vrijstellingen niet alleen worden verleend voor kinderen die door een medische of psychische beperking geen onderwijs kunnen volgen, maar ook vanwege het feit dat het huidige onderwijs niet passend genoeg is voor deze kinderen of dat zij lang moeten wachten op een passende plek.4 Dit vinden wij een zorgelijke ontwikkeling.

Samen maken wij ons er hard voor dat alle kinderen in onze stad onderwijskansen krijgen.

•

•

Dit doen we door: •

Gezamenlijke Amsterdamse aanpak ontwikkelen voor schoolaanwezigheid vanuit onderwijs en leerplicht in samenwerking met het OKT (inclusief jeugdgezondheidszorg, JGZ). Zo zetten we in op preventie op school, voordat afwezigheid zor-

•

gelijk is. De werkzame elementen van de bouw­ stenenaanpak, die we samen hebben ontwikkeld in het voormalig thuiszitterspact, komen terug in deze aanpak. Evenals als de MAZL-aanpak voor begeleiding van leerlingen met zorgelijke ziekteverzuim (MAZL staat voor: meer aandacht voor ziekgemelde leerling).5 Het Samen­ werkingsverband VO start met het ontwikkelen van een leerlijn schoolaanwezigheid voor het VO. In deze leerlijn zetten scholen en relevante partners een schoolaanwezigheidsteam op, van waaruit ze gericht werken aan schoolaanwezigheid en het scherp in beeld krijgen en analyseren verzuim­patronen. Versterken van de samenwerking tussen leerplicht, JGZ en samenwerkingsverbanden op afgiftes van vrijstellingen (op basis van art. 5 sub a) om te zorgen dat het onderwijsperspectief goed wordt meegenomen en te voorkomen dat vrijstellingen worden ingezet bij het ontbreken van passende onderwijsplekken doordat de doorstroming stokt. Hernieuwen en versterken van onze gezamenlijke aanpak thuiszitters en voorkomen van langdurig verzuim. Deze aanpak is erop gericht het aantal thuiszittende kinderen/jongeren in de stad te verlagen en het complexe verzuim eerder en beter aan te pakken dat tot thuiszitten kan leiden; en in ieder geval tot veel verlies van onderwijstijd leidt.

We kiezen hier voor een persoonsgerichte aanpak om langdurig thuiszittende kinderen en jongeren weer naar school te helpen.6 Verkennen hoe we kinderen en jongeren die nu volledig naar zorgvoorzieningen gaan ook onderwijs kunnen laten volgen. Zo zetten we in op leer-

4

Kohnstamminstituut, Onderzoek naar stijging van de vrijstellingen op grond van de Leerplichtwet artikel 5 sub a, in opdracht van de G4 (april’23)

5

MAZL is een samenwerking tussen school, jeugdgezondheidszorg en leerplicht en voorkomt schoolverzuim en schooluitval. Dit wordt zowel op PO als VO ingezet.

6

Het Samenwerkingsverband VO zet de Rijkssubsidie ‘WEL in ontwikkeling’ in als vliegwiel om een persoonsgerichte aanpak voor deze jongeren te ontwikkelen, waarbij de inzet van ervaringsdeskundigen onderdeel uitmaakt van de aanpak. Beoogd resultaat van deze aanpak is een Amsterdamse pool van mensen die zich met mandaat en voldoende tijd/toewijding kunnen inzetten voor langdurig thuiszitters weer naar school te helpen net zolang tot dit is opgelost. We onderzoeken hoe we dit kunnen verbinden met de Amsterdamse Maatwerkmethode.

Ambitie agenda passend onderwijs en jeugdhulp

7

•

recht voor alle kinderen. Uitgangspunt hierbij is dat in principe alle kinderen en jongeren naar de (voor)school gaan en als daar extra zorgondersteuning bij nodig is we dit daarheen brengen. Dit vraagt om experimenteren op het snijvlak onderwijs-zorg en waar nodig door­breken van schotten. Dit doen we onder meer vanuit de gezamenlijke aanpak voor het jonge kind “Kansrijk vervolg op een kansrijke start”7, waar het experiment voor onderwijs-zorg arrangementen in Amsterdam onderdeel van is.8 Diemen continueert de preventieve inzet van leerplicht op de basisscholen in Diemen. In samenwerking met de basisscholen wordt de schoolaanwezigheid gemonitord en het gesprek met ouders en kinderen gevoerd bij beginnend verzuim.

7

‘Een kansrijk vervolg op een kansrijke start” is het opzetten en uitvoering geven aan de aanpak in de keten rond het jonge kind, door de gezamenlijke partners: Cordaan Jeugd, MOC’t Kabouterhuis, OKT, Philadelphia, Samenwerkingsverband Primair Onderwijs, Primair Onderwijs, het Speciaal Onderwijs en de gemeente. De focus is op 4 onderdelen; de beweging naar voren (gebiedsgericht), inclusieve Kinderopvang, leerrecht voor alle kinderen (inclusief de experimenteer regeling van OCW) en inclusief onderwijs.

8

Het SWV PO vertegenwoordigt bij deze aanvraag ook de besturen van Orion en Kolom. Vanuit zorg zijn Levvel en Cordaan Jeugd betrokken. Deze partijen willen samenwerken aan het opzetten van een ‘groene zone’. Dat betreft een integraal onderwijszorgprogramma dat wordt uitgevoerd door zowel onderwijs-, als zorg- en jeugdprofessionals. Het programma is afgestemd op de specifieke mogelijkheden van kinderen, die zowel complexe zorg nodig hebben als (deels) onderwijs kunnen volgen. Het wordt uitgevoerd op een onderwijslocatie of een KDC. Om dit mogelijk te maken is afwijking nodig van regelgeving voor onder meer onderwijstijd, vrijstellingen, onderwijs op een zorglocatie en bekostigingsvoorwaarden voor TLV’s. Hierdoor voorkomen de betrokken besturen dat leerlingen geen onderwijs (meer) kunnen volgen, omdat ze teveel zorg nodig hebben. De gemeente steunt als ondertekenaar van de aanvraag dit initiatief.

Ambitie agenda passend onderwijs en jeugdhulp

8

II. Ondersteunen en stimuleren van initiatieven op het gebied van inclusief onderwijs en inclusieve kinderdag­verblijven. Een sterke pedagogische en didactische omgeving op alle KDV/scholen met sterke interne ondersteuningsstructuren is hiervoor de basis. De afgelopen jaren zien we steeds meer kinderen en jongeren naar het speciaal onderwijs (SO) gaan in onze stad. Ook zien we een stijgende vraag naar specialistische medische kinderdagverblijven. Dit betekent dat er steeds meer kinderen naar specialistische voorzieningen gaan, die vaak buiten de wijk liggen waar de kinderen wonen. Hiermee zijn deze kinderen en jongeren ook vaak afhankelijk van (lange) ritten in het leerlingenvervoer en missen ze momenten voor sociale interactie met kinderen uit de buurt of eigen leeftijdgenoten. Dit beperkt ook de contact­ momenten tussen ouders en school en tussen ouders onderling. We weten hoe belangrijk het is voor een inclusieve en verbonden stad dat kinderen en jongeren - en hun ouders - elkaar ontmoeten. Samen spelen, samen leren en samen leven gaan samen op. Kinderdag­ verblijven én scholen zijn bij uitstek de plekken waar dit alles samenkomt. Daarom zetten we ons samen in om het aantal inclusieve kinderdagverblijven en inclusieve scholen flink uit te breiden de komende periode.

Een plek waar in principe alle kinderen welkom zijn, ook als ze (tijdig) extra ondersteuning of zorg nodig hebben. Hiermee zetten we als Amsterdam en Diemen een stap naar voren in de landelijke beweging naar inclusief onderwijs.9

•

•

•

Dit doen we door: •

•

9

Investeren in een sterke pedagogische basis op alle (voor)scholen en een adequate zorg- en ondersteuningsstructuur. Samen met kinder­ opvangorganisaties en schoolbesturen zetten de Samen­werkings­verbanden in op professionalisering van de ondersteuningsteams op (voor)scholen en het opzetten of versterken van (bovenschoolse) ondersteuningsstructuren. Hiernaast stimuleren we ouderbetrokkenheid bij (voor)scholen en het ontwikkelen van educatief

•

en pedagogische partnerschap tussen (voor) school en ouder. Onderzoeken hoe we inclusieve kinderopvang en voorschool kunnen organiseren vanuit de aanpak jonge kind “Kansrijk vervolg op een kansrijke start”. In principe moeten alle kinderen naar kinderopvang of voorschool kunnen gaan, ook als daar zorg bij nodig is. We maken geen onderscheid meer tussen medische kinderopvang op ‘gewone’ kinderopvang of voorschool. In de basis wordt alle opvang gefinancierd vanuit de Wet Kinderopvang. Kinderen blijven in hun eigen omgeving, waar nodig met extra expertise vanuit SO en/of (jeugd)zorg. Ouders kunnen zelf hun eigen kinderen halen en brengen, zo draagt dit ook bij aan versterkte ouderbetrokkenheid. Uitbreiden aantal inclusieve basisschool-­ initiatieven. Het Samenwerkingsverband PO maakt zich er hard voor dat in 2025 in elke wijk in de stad een inclusief schoolinitiatief staat, zodat zoveel mogelijk kinderen in hun eigen wijk onderwijs kunnen volgen. Hiertoe ondersteunt het reguliere scholen met kennis en kunde uit het SO. Dit gebeurt door de expertisenetwerken vanuit het SO aan te sluiten op de bestaande expertise­centra voor passend onderwijs. Stimuleren van nauwe samenwerking tussen regulier en speciaal voortgezet onderwijs in een apart programma ‘samenwerking VO-VSO’.

Het Samenwerkingsverband VO groeit de komende vier jaar toe naar een situatie waarin het diploma­ gericht VSO en regulier onderwijs intensief en effectief samenwerken, waardoor zoveel mogelijk leerlingen binnen het regulier onderwijs kunnen blijven. Het beoogd resultaat is dat bij start van het schooljaar 2025-2026 elke diplomagerichte leerling is ingeschreven bij een reguliere school. Zorgen voor soepele overgangen voor kinderen met ondersteuningsbehoeftes van kinderopvang/ voorschool naar basisschool, naar middelbare

Ministerie van OCW, Contouren werkagenda Route naar inclusief onderwijs 2035, 17 maart ‘23

Ambitie agenda passend onderwijs en jeugdhulp

9

•

•

•

school en verder. Dit doen we door toezien op samenwerkingsafspraken over de overstap naar de basisschool, stimuleren samenwerking tussen (voor)scholen, en inzetten op ondersteuning vanuit de Samenwerkingsverbanden en vanuit de jeugdhulp of welzijn voor kinderen die dit nodig hebben bij de overstap. We hebben hierbij specifieke aandacht voor thuiszittende overstappers. Speciale aandacht te hebben voor jongeren die wonen in een kleinschalige woonvoorziening die regulier (en/of speciaal) onderwijs (gaan) volgen, waar zij voorheen residentieel onderwijs volgden. We realiseren voor deze jongeren een integrale route vanuit jeugdhulp en onderwijs zodat ook zij een stabiele onderwijsloopbaan hebben. Samen maken we een integraal plan voor het inclusief onderwijs en wat dit vraagt van onderwijshuisvesting. Zo zorgen we voor school­ gebouwen die geschikt zijn voor inclusief onderwijs, met een goede spreiding over de stad en inzet in die gebieden waar dit het hardst nodig is. Dit draagt eraan bij dat kinderen minder ver hoeven te reizen en zo minder afhankelijk zijn van leerlingen­vervoer. Diemen gaat in gesprek met de schoolbesturen en het Samenwerkingsverband primair onderwijs om te verkennen hoe een initiatief voor inclusiever onderwijs in Diemen vorm kan krijgen.

Ambitie agenda passend onderwijs en jeugdhulp

10

III. Krachtige verbindingen tussen school, wijk en thuis­omgeving van het kind/jongere ter versterking van de pedagogische basis voor elk kind. We zorgen dat preventieve ondersteuning laagdrempelig aanwezig is op en om de (voor)school en bouwen aan sterke expertisenetwerken op en om school in de wijk vanuit onderwijs, jeugdhulp, zorg en welzijn. Een sterke pedagogische basis is cruciaal voor het welzijn en optimale ontwikkelkansen van kinderen en jongeren. Dit vraagt om een stevige basis op school en waar nodig extra ondersteuning vanuit het onderwijs, zoals hierboven beschreven. Maar dit hangt ook samen met de opgroei-omstandigheden binnen het gezin, de leefomgeving in de buurt, vriendschappen en ontwikkelkansen in de vrije tijd. Al deze leef­omgevingen (thuis, school, straat, vrije tijd en in steeds grotere mate ook online) zijn met elkaar verbonden. Als er sprake is van negatieve ervaringen in één van deze leefomgevingen dan zal dit ook van impact zijn op hoe het kind of jongere in de klas zit. Dit zien we duidelijk naar voren komen in de onderzoeken naar de groei van het SO, die aantonen dat kinderen die opgroeien in kwetsbare gezinnen (waar bijv.

sprake is van bestaansonzekerheid of psychische problematiek bij ouders), in kwetsbare buurten wonen, en die naar onstabiele scholen gaan met veel leerling- en personeelswisselingen veel meer kans hebben te worden doorverwezen naar het SO. Hiernaast zien we dit ook terug in de signalen over het toenemend aantal leerlingen met mentale problemen op het VO (vooral jonge meiden). 9 Sinds de coronaperiode - waarin leerlingen veel minder mogelijk­ heden hadden om leeftijdgenoten te ontmoeten en samen te sporten, te spelen en te leren - lijken deze aantallen een vlucht te hebben genomen. Hiernaast laat onderzoek zien dat ook prestatiedruk in het onderwijs negatieve impact heeft op het mentaal welbevinden van leerlingen.11 We kunnen deze verschillende leefwerelden niet los van elkaar zien. Daarom gaan we nog meer onze inspanningen bundelen om samen de gehele context van kinderen en jongeren te versterken. We investeren in sterke verbindingen tussen (voor)school, de

10, 11

wijk, en de thuisomgeving zodat ondersteunings­ behoeftes snel worden opgepakt. (Voor)school speelt hierbij een sleutelrol als plek waar kinderen en jongeren een groot deel van hun dag doorbrengen en waar signalen worden opgepikt. De voor- en basisschool is voor veel ouders ook een vertrouwde plek waar zij elkaar ontmoeten in de wijk. We gaan nog meer deze specifieke kracht van (voor) school benutten als plek waar de leefwerelden van kinderen, jongeren en gezinnen samenkomen. En versterken scholen met inzet en expertise vanuit SO, sociale basis (waaronder jongerenwerk), OKT, buurtteams, welzijn, jeugdhulp en bestaanszekerheid. We zorgen dat preventief aanbod voor het versterken van veerkracht en welzijn kinderen/jongeren en hun ouders laagdrempelig aanwezig is op of dichtbij school. Soms is er toch (specialistische) ondersteuning nodig voor kind of gezin. We zorgen dat deze snel kan worden ingezet in de eigen omgeving van het kind: op of zo dicht mogelijk bij school, in het gezin, in de wijk. Zo brengen we de hulp en kennis naar het kind/jeugdige en gezin in plaats van het kind te verplaatsen. We sturen op een samenhangend palet vanuit het totale stelsel inclusief sociale basis, jeugd, GGD en de inzet vanuit de samenwerkingsverbanden. Dit doen we door: •

De beweging naar voren maken: ondersteuning vanuit jeugdhulp, zorg, welzijn en bestaans­ zekerheid en het volwassendomein bieden we vanuit de gemeente op of dichtbij school aan in verbinding met aanbod in de wijk. Zo zorgen we dat hulp geboden wordt daar waar kinderen en hun ouders zijn. Ondersteuning wordt zoveel

OIS, De Staat van het Amsterdamse Voortgezet Onderwijs 2022, OSVO ism gemeente Amsterdam

Ambitie agenda passend onderwijs en jeugdhulp

11

•

•

•

•

mogelijk groepsgericht ingezet, in plaats van via individuele hulptrajecten. Voor het VO, waar leerlingen vanuit alle delen van de stad komen, zorgen we voor een goede verbinding tussen aanbod op school en voorzieningen in de buurt waar de leerlingen en ouders vandaan komen. Scholen ondersteunen bij het vormgeven van hun signalerings-, ondersteunings- en verbindings­ rol naar gezin en wijk. Dit pakken we op binnen de doorontwikkeling en intensivering van de Amsterdamse Familiescholen 2023-2027, gericht op het versterken van ouderbetrokkenheid, talentontwikkeling, en signaleren en onder­steunen van gezinnen op bijv. gebied van bestaanszekerheid. Voor het Amsterdams VO zal de verbinding met partijen rond bestaans­ zekerheid op zo’n manier worden uitgewerkt dat het past bij het VO. We verkennen hierbij ook hoe een partij als jongerenwerk op school hier een rol in kan spelen. Laagdrempelig aanbieden van preventief, collectief aanbod gericht op versterken veerkracht en welzijn kinderen/jongeren en hun ouders op of dichtbij school. Dit doen we door het bundelen van de preventieve inzet en aanbod vanuit onderwijs (vanuit scholen en samenwerkingsverband) en jeugd (bv. aanvullende preventieve opvoeden opgroeiondersteuning), zorg en welzijn uit de wijk, zoals vanuit de GGD (gezonde school), OKT, en sociale basis (bv. jongerenwerk).

Dit doen we op die plekken waar dit het hardst nodig is. Verder bouwen aan sterke expertisenetwerken op/om (voor)school tussen scholen, S(B)O, OKT, buurtteam en (specialistische) jeugdhulp, aan­ sluitend bij ondersteuningsvragen van kind/ jongere en gezin. Voor het PO en VO doen we dit onder meer door het verder uitrollen van de gezamenlijke BEN-aanpak voor het versterken van ondersteuningsstructuren op en om school; opgezet met middelen vanuit het Nationaal Programma Onderwijs (NPO). Hierbij nemen we de ervaringen van het SJSO mee (Specialistische Jeugdhulp op het Speciaal Onderwijs). Investeren in sterke professionals met een brede en integrale blik op leren en ontwikkelen, die uitgaan van de context, en verbinding leggen tussen de leefwerelden van het kind. Hiertoe organiseren we gezamenlijke trainingen voor zorgcoördinatoren, intern begeleiders en ouderen kind adviseurs gericht op de aan­sluiting onderwijs-jeugdhulp en ter versterking van de onderwijszorgstructuur in scholen. Hiernaast

•

richten we ons op nauwe samenwerking tussen OKT en Buurtteam en samenwerking tussen OKT en sociale basis voor ondersteuning van gezinnen met zowel opvoed- en opgroeiproblematiek als volwassen­problematiek (zoals bestaans­ onzekerheid en psychische problematiek). Diemen versterkt het welzijn en de veerkracht van kinderen en ouders door het laagdrempelige en preventieve aanbod van de ouder- en kindcoaches op alle basisscholen in Diemen. Scholen ondersteunen we bij het signaleren en het helpen van kinderen en gezinnen met armoede­ problematiek. We koesteren onze korte lijnen en blijven investeren in een sterke samenwerking met het onderwijs en de GGD. We continueren de leersessies met de intern-begeleiders, ouder- en kind­ coaches en de GGD waarin we samen bepalen hoe we vooruit blijven gaan. Diemen verkent hoe het voortgezet onderwijs beter op de hoogte blijft van het preventief aanbod voor jongeren in Diemen.

Ambitie agenda passend onderwijs en jeugdhulp

12

IV. Samen organiseren we een dekkend aanbod van (inclusief) onderwijs en ondersteuning in de stad op basis van gezamenlijke analyses om te bepalen welke inzet waar het hardst nodig is (ongelijk investeren). We zien dat de ondersteuningsvragen en -behoeften van kinderen, jongeren en hun ouders sterk verschillen per wijk in de stad. Om te bepalen welke inzet waar nodig is, maken we gezamenlijke analyses waarbij we data en inzichten over ondersteuningsvragen en problematiek vanuit onderwijs, jeugdhulp, zorg, bestaanszekerheid en volwassendomein bundelen. Dit doen we zowel op school/wijk niveau als stadsbreed. Zo zorgen we dat de inzet en aanbod goed op elkaar is afgestemd, voorkomen we overlap en zorgen we voor een goede spreiding over de stad. Hierbij hebben we specifieke aandacht voor kinderen die nu op wachtlijsten staan.

In Diemen zien we ook dat de ondersteuningsvragen van kinderen en hun ouders verschillen op schoolniveau. In Diemen hebben we oog voor deze verschillen. Onderwijs- en zorgprofessionals zorgen voor een goede afstemming van het aanbod en de inzet van ondersteuning. Bij de inzet van deze onder­ steuning werken we inclusief. Dat kan betekenen dat een ongelijke inzet noodzakelijk is om gelijke kansen te realiseren.

Ambitie agenda passend onderwijs en jeugdhulp

13

3. Uitwerking en monitoring

In tweejaarlijkse activiteitenplannen werken we per schooljaar onze gezamenlijke ambitie verder uit aan de hand van de vier verbeterlijnen. In de activiteiten­ plannen leggen we de concrete prestatiedoelen vast die we met elkaar willen behalen en geven we aan wie wat oppakt vanuit ieders eigen rol en verantwoordelijkheden. We komen vier keer per jaar samen om toe te zien op de voortgang op onze gezamenlijke doelen en waar nodig onze inzet bij te stellen.

Bij de start van schooljaar ’23-‘24 maken we een gezamenlijk startbeeld met behulp van bestaande data op de verbeterlijnen en resultaten die we willen behalen. Dit gebruiken we als basis om jaarlijks onze investeringen en opbrengsten per lijn en resultaten gezamenlijk te monitoren.

Ambitie agenda passend onderwijs en jeugdhulp

14

Bijlage Gezamenlijke visie onderwijs & jeugd gemeente Amsterdam Datum: september 2022

Visie: wat willen we bereiken? •

•

•

•

Ieder kind heeft optimale ontwikkelkansen met een stabiele onderwijsloopbaan. Als daarbij ondersteuning nodig is krijgt het kind die tijdig en zoveel mogelijk in de eigen omgeving (thuis, school, buurt). Naast het kind bieden we ondersteuning aan het hele gezin om de thuissituatie te verbeteren en kansenongelijkheid tegen te gaan. Een stabiele onderwijsloopbaan is samen met veilig opgroeien (thuis en in de directe omgeving) de belangrijkste sleutel tot optimale ontwikkelkansen. Hulp en ondersteuning zijn daarop gericht.

•

•

Onderliggende principes •

•

We helpen en ondersteunen jeugdigen in hun eigen leefomgeving. Als jeugdigen onder­ steuning nodig hebben dan bieden we dit snel en dichtbij. Hiervoor moet het ondersteuningsaanbod daar zijn waar de jeugdige (vaak) is. Dit is in de wijk, thuis en online, én ook op school. De ‘plek’ hangt o.a. af van de levensloopfase waar de jeugdige zich in bevindt. Ook het type aanbod kan variëren. We gaan zo veel mogelijk uit van het gewone leven. Professionele hulp is niet altijd een op­lossing. Problemen horen nu eenmaal bij het leven, ook bij dat van een jongere. Wij gaan uit gaan van zo veel mogelijk normaliseren en daarmee van een sterke basis met aandacht voor ieders eigenheid. Welke steun kan vanuit de directe omgeving komen? Er is aandacht voor signalen, waar nodig is er steun in de rug. (En uiteraard is bij zorgelijke signalen toeleiding naar zorg.) Groepsgerichte interventies hebben daarbij de voorkeur boven individugerichte interventies.

•

•

Een stabiele onderwijsloopbaan is de sleutel tot optimale ontwikkelkansen en zo normaal mogelijk opgroeien. Een ononderbroken schoolloopbaan is normaliserend voor jeugdigen. Hulp en ondersteuning moeten dáárop gericht zijn. Dit vraagt ook om een sterke zorgstructuur op scholen, ter voorkoming van schoolwisselingen en faalervaringen. Amsterdam streeft naar zo min mogelijk uitschoolplaatsingen en geen thuis­ zitters. Scholen (VVE/PO/VO/SO) zijn een volwaardige partner om positief jeugdbeleid te realiseren in de stad. Scholen hebben een sleutelpositie in de context en leefomgeving van jeugdigen en hun ouders. Om dit perspectief mee te nemen in het werken op gebiedsniveau zijn scholen volwaardig partner bij de collectieve (preventie)aanpak in de wijk. We maken op basis van een gezamenlijke analy­ se in de wijk afspraken over het hulp- & onder­ steuningsbehoeften, wie dat aanbiedt en waar. Het netwerk (school, OKA, wijk, buurt en kernpartners) maakt een gezamenlijke analyse van een gebied. Op basis daarvan maken ze afspraken over het hulp- en ondersteuningsaanbod, wie dat aanbiedt, waar en waar het accent ligt (welke combinatie van thuis/school/straat). Het ‘beeld van een jeugdige’ bestaat altijd uit een analyse van thuissituatie/school/straat en online. Bij een individueel beeld van een jeugdige kijken we naar de samenhang tussen thuis, school, straat en online-omgeving.

Die gebruiken we bij ondersteuning aan jeugdigen. Niet altijd is individuele hulp aan een jeugdige afdoende voor een ononderbroken schoolloopbaan (principe 3). Vaak spelen problemen in een gezin een rol. We zorgen dat we die gezinsproblemen beter en eerder in beeld hebben en passen de ondersteuning hierop aan. De diverse partners zorgen altijd voor het betrekken van de ouders hierbij.

Ambitie agenda passend onderwijs en jeugdhulp

15

•

•

•

•

Het ondersteuningsaanbod voor jeugdigen kan verschillen per gebied. We maken keuzes op basis van een gezamenlijke analyse (principe 5) om de meest kwetsbare jeugdigen te kunnen helpen. Dit betekent ook dat sommige vormen van ondersteuningsaanbod in bepaalde gebieden meer/minder/niet aanwezig zijn, of in een andere vorm. Dit geldt zowel voor aanbod vanuit Jeugd als aanbod vanuit Onderwijs (bijv. inzet van expertise speciaal onderwijs voor onderwijs­ ondersteuning). Voorwaarde hiervoor is een sterke basis. De verschillende partners werken integraal samen in en rond gezinnen. De samenwerkende partners kennen elkaar (s aanbod) en zijn op de hoogte van de inzet van anderen. Zij werken nauw samen om kinderen zich optimaal te laten ontwikkelen met een stabiele schoolloopbaan. Alle partners in een gebied die een jeugdige ondersteunen, ook de scholen, zijn op de hoogte van de inzet van anderen in het gezin én op school. Waar het goed gaat, zijn goede professionals. We werken aan een sterke basiskwaliteit van ondersteuning voor jeugdigen, die voor ieder gebied geldt. Voldoende en goede professionals zijn daarvoor cruciaal. Continuïteit van hun inzet ook, met name daar waar vaste gezichten het meest nodig zijn. Dit vraagt om heldere eisen, criteria en randvoorwaarden op het gebied van kwaliteit en kwantiteit voor alle betrokken professionals vanuit jeugd én onderwijs.

We geven professionele ruimte die nodig is om adaptief te leren, de professionals nemen die. We werken in een lerend stelsel. We zoeken altijd actief naar ruimte om nieuwe dingen uit te proberen en daarvan te leren. Die professionele ruimte geven we ook aan onze samenwerkingspartners. We verzamelen signalen uit de praktijk en pakken deze direct op. We benutten ruimte in regelgeving optimaal om met passende oplossingen te komen. Daar waar wet- en regelgeving in de weg (lijken te) zitten signaleren we dit en laten niet los.

Ambitie agenda passend onderwijs en jeugdhulp

16

Bouwen aan inclusieve (voor) schoolgemeen­ schappen vanuit een stevige pedagogische basis Gezamenlijke ambitie-agenda 2023-2027 voor sterke samenwerking (passend) onderwijs en jeugdhulp in verbinding met bestaanszekerheid Samenwerkingsverbanden Amsterdam-Diemen PO en VO & gemeente Amsterdam en gemeente Diemen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16608111/1