CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Aanbiedingsbrief resultaten verkenning samenvoegen JSHV.pdf

Raadscommissie Wonen en Bouwen 24 maart 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Onderzoeksrapport van de verkenning samenvoegen jongeren- en studentenhuisvesting (ZD2019-009964)1.568 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Stadhuis, Amstel 1

1011 PN Amsterdam Postbus 202 1000 AE Amsterdam Telefoon 020 552 2900

Fax 020 552 3223 www.amsterdam.nl

Retouradres: Postbus 202, 1000 AE Amsterdam

Aan de leden van de gemeenteraad Datum

25 januari 2021

Ons kenmerk Behandeld door

R. Gärtner (Wonen), 06 824 546 99, r.gartner@amsterdam.nl

Onderwerp

Aanbiedingsbrief resultaten verkenning samenvoegen jongeren- en studentenhuisvesting

Geachte leden van de raadscommissie WB, In deze brief stel ik u op de hoogte van de resultaten van het RIGO onderzoek ‘Gelijke monniken gelijke kappen?’ dat in het kader van de verkenning naar het samenvoegen van jongeren- en studentenhuisvesting is uitgevoerd. Ook stel ik u op de hoogte van de verdere aanpak die ik voor ogen heb. Aanleiding Er bestaat in Amsterdam een scherpe scheiding tussen jongerenhuisvesting en studentenhuisvesting. Het zijn twee verschillende doelgroepen in de Huisvestingsverordening, er bestaan verschillende labels op woningen en complexen en er worden voor de groepen verschillende huurcontracten gehanteerd. Een student heeft in principe geen toegang tot een jongerenwoning en jongeren die niet studeren hebben geen toegang tot studentenwoningen. Afgelopen jaar is onderzocht of en op welke manier deze segmenten samengevoegd kunnen worden. De aanleiding om dat te onderzoek was het verschil in de positie van jongeren en studenten op de Amsterdamse woningmarkt. Uit de Lokale Monitor Studentenhuisvesting Amsterdam (Kences/ABF, 2020) blijkt dat uitwonende studenten in Amsterdam een gemiddelde zoektijd hebben van ruim 5 maanden, terwijl het voor jongeren aanzienlijk moeilijker is om woonruimte te vinden. Een andere aanleiding voor het onderzoeken van het meer samen laten gaan van jongeren en studenten is dat zij van elkaar kunnen leren door bij elkaar te wonen.

De student zou jongeren kunnen inspireren om verder te willen leren en het leefritme van de werkende jongere zou een voorbeeld kunnen zijn voor studenten. Het aanpakken van het onderscheid tussen jongeren- en studentenwoningen was ook onderwerp van het aangenomen amendement 1108.17 van de leden Geenen en Nuijens inzake de Investeringsnota Sluisbuurt van 27 september 2017 (geen onderscheid) inzake de Sluisbuurt Zeeburgereiland. Dat amendement stelde dat het voor jongeren onwenselijk is om tegen elkaar uitgespeeld te worden en dat het onderscheid tussen jongeren en studenten onwenselijk is. Naar aanleiding daarvan en de wens van de gemeenteraad om de scherpe scheiding tussen jongerenen studentenhuisvesting te heroverwegen, is in opdracht van de gemeente Amsterdam in het voorjaar van 2019 een verkenning door RIGO in gang gezet.

Gemeente Amsterdam

25 januari 2020 Pagina 2 van 4

Om belanghebbenden goed te betrekken is er in het najaar van 2019 een werkgroep opgezet bestaande uit Stadgenoot, De Key, Rochdale en DUWO namens de corporaties, de Vrije Universiteit (VU) namens de onderwijsinstellingen en de Algemene Studentenvereniging Amsterdam (ASVA) namens studentenorganisaties. Het Netwerk Amsterdamse Jongeren (NAJ) gaf aan niet mee te willen doen aan het onderzoek en heeft na afronding van dit onderzoek ook niet aangegeven hier alsnog nu veel kansen toe te zien. Ook het ROC Amsterdam was uitgenodigd voor de werkgroep maar heeft in verband met tijdgebrek geen zitting genomen in de werkgroep. Wel zijn beide partijen over het proces en de onderzoeksresultaten geïnformeerd. Begin 2020 is er een vernieuwde offerte-aanvraag uitgewerkt door de werkgroep. In juni 2020 is opnieuw opdracht gegeven aan RIGO om het onderzoek uit te voeren. RIGO heeft het onderzoek ‘Gelijke monniken, gelijke kappen?’ in november 2020 opgeleverd. Zie de bijlage voor dat onderzoek. Hieronder de belangrijkste resultaten van het onderzoek. Focus van het onderzoek Het onderzoek is specifiek gericht op de huisvesting van jongeren en studenten in sociale huurwoningen van woningcorporaties. Op verzoek van de werkgroep is ook gekeken naar het huidige beleid en de regelgeving en de invloed daarvan op de woningmarktkansen van jongeren en studenten in Amsterdam.

De mogelijkheden voor samenvoeging zijn op de volgende gebieden verkend: woonruimteverdeling, huurcontracten en gemengd wonen. De effecten van deze vormen van samenvoeging zijn zowel los als in combinatie beschouwd. Methoden RIGO heeft kwalitatieve en kwantitatieve onderzoeksmethoden toegepast. Er zijn beleidsstukken geanalyseerd, interviews afgenomen met beleidsmedewerkers van universiteiten, woningcorporaties en gemeente en met beheerders van gemengde en niet gemengde complexen. De kwantitatieve analyses zijn gebaseerd op data uit de Landelijke Monitor Studentenhuisvesting 2019, Wonen in de Metropool Regio Amsterdam (WIMRA) 2019, 2017 en 2015, cijfers van Woningnet en de Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties (AFWC) en de bij het onderzoek betrokken corporaties. De belangrijkste resultaten Huidige situatie  De woningcorporaties in Amsterdam verhuren jaarlijks veel meer studentenwoningen dan jongerenwoningen. Dat heeft vooral te maken met de hoge mutatiegraad van studentenwoningen.  De kans voor studenten om met weinig inschrijfduur een studentenwoning te vinden is groter dan het vinden van een jongerenwoning voor jongeren.  Jongeren maken vooral kans op een jongerenwoning als zij bijna de leeftijdsgrens van 23 of 28 jaar hebben bereikt.  Jongeren en studenten wonen vaak gescheiden, met uitzondering van speciale gemengde complexen.

Samenvoegen door gelijke contracten  Gelijke contracten betekent afschaffing van het campuscontract. De afschaffing van het campuscontract voor studentenwoningen zou ertoe kunnen leiden dat studenten na hun studie minder snel zullen doorstromen en er dus minder aanbod vrijkomt.

2

Gemeente Amsterdam

25 januari 2020 Pagina 3 van 4

Samenvoegen van aanbod en woonruimteverdeling  Door de woonruimteverdeling van jongeren- en studentenwoningen samen te voegen zullen jongeren ook kans maken op studentenwoningen en studenten op jongerenwoningen. Het totale woningaanbod wordt echter niet groter. Ook staat daar tegenover dat beide groepen met elkaar gaan concurreren.  Als alle jongeren- en studentenwoningen op volgorde van inschrijfduur worden toegewezen, met voorrang tot 23 of 28 jaar, is de verwachting dat de inschrijfduur van studenten na de samenvoeging flink zal gaan stijgen en die van jongeren licht zal dalen. Beide groepen komen dan vooral in aanmerking voor een woning als zij bijna 23 of 28 jaar zijn.  De samenvoeging van het aanbod zou vooral gunstig zijn voor de betaalbaarheid van nietstuderende jongeren tot 23 jaar. Voor deze groep stijgt het aanbod aan woningen waarvoor zij (bij een laag inkomen) huurtoeslag kunnen ontvangen, het meest. Voor studenten tot 23 jaar wordt het door extra concurrentie juist moeilijker om een betaalbare woning te vinden. Samenvoegen door gemengde complexen  Meer menging van jongeren en studenten in wooncomplexen hoeft niet tot problemen te leiden, mits er voldoende aandacht (en geld) is voor beheer.

Effecten van het samenvoegen op toegang tot onderwijs  Als studenten in Amsterdam minder snel een betaalbare woonruimte kunnen vinden, kan dit ertoe leiden dat studenten die ver weg wonen, niet meer voor Amsterdam kiezen. Conclusies van de RIGO onderzoekers  Door de regelgeving voor jongeren- en studentenhuisvesting samen te voegen kunnen de kansen op de woningmarkt voor jongeren en studenten meer gelijk worden.  Jongeren en studenten die zich op de woningmarkt begeven, zijn echter zeer verschillende groepen die zich in verschillende levensfasen bevinden.  Het samenvoegen van jongeren- en studentenhuisvesting zou ten koste gaan van de beschikbaarheid van betaalbare woonruimte voor (met name jonge) studenten. Hierdoor wordt Amsterdam minder aantrekkelijk voor nieuwe studenten.  Het totale woningaanbod voor jongeren en studenten zal door de samenvoeging niet groter worden en mogelijk zelfs kleiner, als het campuscontract zou worden afgeschaft. De schaarste aan jongeren- en studentenwoningen in Amsterdam zal door de samenvoeging dus niet worden verminderd.  Om de kansen van jongeren op de Amsterdamse woningmarkt te vergroten is het van belang om bij jongerenhuisvesting samen met andere stakeholders te werken aan een gezamenlijke aanpak met heldere doelen. De succesvolle aanpak op het gebied van studentenhuisvesting kan daarbij als voorbeeld dienen.

Het advies van de werkgroep De begeleidende werkgroep heeft bij het RIGO rapport een memo bijgevoegd. In de memo geeft de werkgroep aan de conclusies van het RIGO rapport te onderschrijven. De werkgroep adviseert dan ook om jongeren- en studentenhuisvesting niet samen te voegen met als voornaamste redenen: de grote verschillen tussen de twee doelgroepen;

3

Gemeente Amsterdam

25 januari 2020 Pagina 4 van 4

-

de negatieve gevolgen van het samenvoegen voor de beschikbaarheid van studentenhuisvesting en daarmee voor de aantrekkelijkheid van Amsterdam voor nieuwe studenten. Daarnaast adviseert de werkgroep conform de resultaten van het RIGO rapport, zowel gescheiden als gemengde vormen van huisvesting te blijven aanbieden. Tot slot onderschrijft de werkgroep de aanbeveling van RIGO om met betrokken partners te werken aan een gezamenlijke aanpak voor jongerenhuisvesting. Hoe verder De conclusies van RIGO en de aanbevelingen van de werkgroep, zijn duidelijk. Het advies is om geen gemeentelijk beleid te vormen om jongeren- en studenten huisvesting samen te voegen. Gezien de actuele ontwikkelingen rondom jongerenhuisvesting (zie hieronder) wil ik nu geen beleidswijzigingen doorvoeren die het samenvoegen van jongeren- en studentenhuisvesting in gang zet. Wel wil ik verder inzetten op het vergroten van het aanbod van jongerenhuisvesting. Er wordt op dit moment op verschillende manieren gewerkt aan het vergroten van de beschikbaarheid van sociale huurwoningen voor jongeren in Amsterdam: I. Conform het plan jongeren- en studentenhuisvesting 2019-2022, wordt er ingezet op nieuwbouwwoningen voor jongeren; II. Er is een voorrangsregeling voor jongeren uit Amsterdam opgenomen in de Huisvestingsverordening; III.

Er is een nieuw woonruimteverdeelsysteem in ontwikkeling dat de kans op een sociale huurwoning voor jongeren zal vergroten (in verband met extra punten voor actief woningzoekenden); IV. In 2021 wordt het jongerencontract geëvalueerd. Op basis van die evaluatie wordt gesproken met de partners van de Samenwerkingsafspraken over eventueel nieuwe of aanvullende afspraken. De effecten van deze beleidsinzet/ -wijzigingen zijn voor een groot deel nog niet meetbaar. De inzet is in ieder geval dat de slaagkansen van (niet studerende) jongeren worden vergroot.

Ik vertrouw erop dat ik u hiermee voldoende heb geïnformeerd. Met vriendelijke groet,

Laurens Ivens Wethouder Bouwen en Wonen

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9877902/1