Bijlage 1.6 Waterlooplein Meedoen Werkt
Tekst van het document
Adviesrapport
Aan het kernteam participatieve democratie van de gemeente Amsterdam
XXXXX XXXXXXX, XXXXX XXXXXXX, XXXXXX XXXX, XX 24-6-2019
Inleiding Dit document is een adviesrapport aan de gemeente Amsterdam met betrekking tot het bevorderen van de participatie. Wij hebben als groep onderzoek gedaan naar twee projecten: Meedoen Werkt en de herinrichting van het Waterlooplein. Omdat de twee projecten in wezen erg van elkaar verschillen, worden ze in dit document afzonderlijk behandeld. Algemene adviezen worden aan het einde van het document besproken.
Inhoudsopgave Inleiding Meedoen Werkt
p. 2
Adviezen Meedoen Werkt
p. 3
Inleiding Waterlooplein
p. 5
Adviezen Waterlooplein
p. 6
Algemeen advies
p. 8
1
Adviesrapport Meedoen Werkt Wat kan er geleerd worden van het project Meedoen Werkt met betrekking tot bevordering van de participatie? Het project Meedoen Werkt heeft gedurende twee jaar gedraaid in verschillende stadsdelen van Amsterdam. Eén van de hoofddoelen van de projecten was meedoen (in andere woorden: participatie), maar het uitstromen naar werk was ook een belangrijke doel, omdat de doelgroep van het project zich richtte op Amsterdammers die (langdurig) in de bijstand zitten. Meedoen werkt heeft tot juli 2018 gedraaid, maar bij het Huis van de Wijk De Pijp heeft het project iets langer geduurd en wordt het in juni 2019 afgerond. Het project bestond uit een naaiatelier, lunchcafé en een beautysalon. Participanten werden bij deze projecten ingedeeld op basis van hun capaciteiten en interesses, die bepaald werden in gesprek met de participanten, klantmanagers en de projectleider van het Huis van de Wijk De Pijp. Vergoedingen Het vinden van vrijwilligers, coaches en ervaringsdeskundigen om projecten te begeleiden blijkt moeilijk te zijn, vooral wanneer er geen vergoeding voor wordt gegeven. Vooral ZZP’ers kunnen een belangrijke bijdrage leveren, maar in de praktijk is dit niet realistisch doordat er tijd en energie in het werk moet worden gestopt en hiervoor meestal een vergoeding wordt verwacht.
Doelstellingen worden niet behaald Het programma had een aanjagende rol om zorg, werk en participatie dichter bij elkaar te krijgen en dat is volgens de projectleider van Meedoen Werkt grotendeels gelukt. Als er echter wordt gekeken naar de projecten van het Huis van de Wijk De Pijp, blijkt dat de uitstroom naar een betaalde baan minimaal is. De meeste participanten blijven een uitkering behouden en enkelen gaan vrijwilligerswerk doen. Complicaties coachingswerkzaamheden Volgens de coach van het naaiatelier van Huis van de Wijk De Pijp was het vanaf het begin af aan de bedoeling om de gemaakte producten te verkopen op verschillende locaties. Zij was er echter niet voor opgeleid om dit op een zo efficiënt mogelijke manier te doen. Tevens liep de coach tegen het probleem aan dat er vanuit de organisatie geen specifieke bankrekening bestond voor de verkochte artikelen, waardoor enkele verkopers circa 6 maanden moeten wachten om aan de facturen te voldoen. Gedurende het tweejarige project blijkt dat de participanten binnen het project in zekere mate ook ontevreden waren met de werkzaamheden van de coach; zij wilden dat er meer werd gewerkt aan contacten met bedrijven, waar hun producten doorverkocht konden worden.
Er kon volgens de participanten bijvoorbeeld meer gedaan worden aan PR en marketing, maar volgens de projectleider is dit in de praktijk ook lastig, doordat hier veel tijd in gestoken moet worden met een bepaald niveau van expertise. Ervaringsdeskundigen Er werd vanuit de gemeente bij sommige projecten geëxperimenteerd met alleen een ervaringsdeskundige. Dit bleek geen succes aangezien het teveel verantwoordelijkheid legde bij de ervaringsdeskundige. Deze deskundige was niet getraind in de participatiewet en hoe je inkomsten moet verrekenen. Deze kennis was ook niet gewenst vanuit de gemeente, omdat daar genoeg professionals voor zijn. Het was meer voor de emotionele toegevoegde waarde, maar niet alle participanten hadden behoefte aan een ervaringsdeskundige ter begeleiding.
2
Buurtinitiatieven De samenwerking van de gemeente met buurtinitiatieven werkte niet goed. De gemeente had gezien dat buurtinitiatieven een toegevoegde waarde hadden om de participatie van Amsterdammers te bevorderen, maar daar is de gemeente nog onvoldoende op ingericht. Er is geen budget en de gemeente vindt het lastig om zicht te hebben op wat de buurtinitiatieven werkelijk doen op langere termijn met betrekking tot de geestelijke en sociale welzijn van de participanten. Het idee om door te gaan met buurtinitiatieven (i.p.v. projecten die worden gesubsidieerd) is in de praktijk ook lastig, omdat de doelgroep grotendeels de motivatie, vaardigheden en kennis mist om bepaalde projecten te ontwikkelen. Huis van de Wijk De Pijp kan hierbij alleen een faciliterende rol hebben door bijvoorbeeld een locatie aan te bieden om bijeen te komen. Ontevredenheid en onduidelijkheid over tijdsduur en invulling van de projecten Tijdens het allereerste interview met de projectleider van Meedoen Werkt bleek dat het project in wezen al afgelopen was. Er bleek slechts een onderdeel van het project nog gaande te zijn en voor de rest zijn enkel online publicaties betreffende het project beschikbaar. Het is ook niet duidelijk waarom de projecten van Huis van de Wijk De Pijp door konden gaan, maar de leidinggevende van Huis van de Wijk geeft aan dat Stadsdeel Zuid hier een belangrijke rol bij speelde.
Stel doelen en projectduur op elkaar af Het is niet realistisch om binnen twee jaar bepaalde doelen te kunnen behalen, dus projecten moeten langer doorgaan. Al is er niks mis met tussentijdse doelen ter motivatie, het is wel zo dat niet iedereen even snel met een bepaald traject klaar zal zijn wegens de unieke omstandigheden waar ieder individu mee moet leven. Het eerste jaar was voor Meedoen Werkt een soort testronde. Aan het einde van dat jaar was gebleken dat er bij de participanten ontevredenheid was over de projecten (dit kwam naar voren uit interviews die de gemeente van Amsterdam had gedaan). Projecten moesten weer aangepast worden op wat wel en niet werkt, waardoor het project pas in het tweede jaar effectief was ingesteld. Dit blijkt ook uit gesprekken met participanten van het Huis van de Wijk De Pijp. Zij waren ontevreden, omdat zij nog meer doelen en wensen hadden beoogd, die niet waren gerealiseerd in de korte tijdsduur van het project.
3
Neem toegewijde experts aan om te coachen Neem iemand aan die zich fulltime kan wijden aan projecten in plaats van iemand slechts parttime aan te nemen of er van uit te gaan dat iemand zich als vrijwilliger zal opgeven, het neemt tenslotte tijd en moeite om resultaten te behalen. Coaches beschikken niet alleen over de vaardigheden om een bepaald vak/les te geven, maar ook over de vaardigheden die nodig zijn om de afstand tot de arbeidsmarkt te verminderen voor participanten. Mocht dit niet het geval zijn, dan moet dit vanaf het begin duidelijk zijn en wordt extra ondersteuning aangeboden worden om deze aspecten toch te dekken. Participanten (van het naaiatelier) geven aan dat zij een coach willen en nodig hebben die zich inzet voor de groep en dat ze zelf liever niet zelfstandig aan het werk willen gaan bij Huis van de Wijk. Zij hadden dus niet verwacht dat de projecten door konden gaan door middel van eigen initiatief en dit is ook niet gewenst; het was juist fijn om een coach te hebben die de leiding kon nemen. Wees transparant over doelen en verwachtingen Herhaaldelijk kwam naar voren dat meerdere partijen gefrustreerd zijn over de onduidelijkheid binnen de organisatie en de grootte en de verdeling van het budget. Zodra dit duidelijk is, is er ruimte voor meer onderling vertrouwen en het gevoel daadwerkelijk een onderdeel van het geheel te vormen.
Doordat de participanten/de doelgroep van Huis van de Wijk De Pijp voornamelijk binnen de leeftijdsgroep van 45 tot 60 jaar vallen is er meestal geen behoefte, of er is geen mogelijkheid om nog een opleiding te volgen en/of door te stromen naar werk. De projecten dienen dan vooral als dagbesteding en zijn gericht op het welzijn van de participanten. Indien het blijkt dat het welzijn een belangrijk doel is, dient er ook aandacht te komen voor het realiseren van dit doel en het bewaken ervan. Als einddoel hopen we dat alle deelnemers een succesvol eigen bedrijf hebben of aan het werk gaan, maar in de tussentijd moeten realistische doelen afgesteld worden. Dit moet vooraf aan het project gebeuren en bij alle betrokken partijen bekend zijn. Hiermee weten alle partijen wat er van ieder van hun wordt verwacht en daarmee wordt het behalen van deze doelen bevorderd. Dit heeft als extra effect dat er wederzijdse eisen voor kwaliteit gesteld kunnen worden, wat een zelfregulerend effect heeft door de gemaakte wederzijdse afspraken. Zorg voor open communicatiekanalen Er dienen duidelijke communicatiekanalen te zijn voor de verschillende partijen ter bevordering van de gang van zaken binnen het project. Het moet mogelijk zijn voor alle betrokkenen om met elkaar in contact te komen (indien nodig), wat de onderlinge verhoudingen zal bevorderen.
Hiermee zullen alle partijen zich tevens eerder geroepen voelen om suggesties te opperen en actief te participeren. Het blijkt dat participanten veel ideeën hebben over de verbetering van de organisatie en de projecten, maar het gevoel hebben dat er uiteindelijk niks mee gedaan wordt. Indien de gemeente buurtinitiatieven wil bevorderen, is het van belang om binnen de projecten de participanten het gevoel te geven dat er daadwerkelijk wat gedaan wordt met hun ideeën. Participanten zullen dan eerder de motivatie kunnen opbrengen om uit eigen initiatief projecten op te starten.
4
Adviesrapport herinrichting Waterlooplein Dat het Waterlooplein toe is aan vernieuwing kunnen alle betrokken partijen beamen. De discussie over de invulling van het nieuwe Waterlooplein duurt echter al langer dan tien jaar. In de tussentijd zijn er verschillende bijeenkomsten en participatie initiatieven geweest om ervoor te zorgen dat er toch een besluit komt. De gemeente ziet graag een samenwerking tussen verschillende stakeholders om tot een gezamenlijk besluit. In de praktijk wordt dit niet altijd zo ervaren. Verschillende uiteenlopende belangen Er zijn vier grote stakeholders te onderscheiden, namelijk: de marktkooplieden, buurtbewoners, ondernemers rondom het Waterlooplein en de gemeente. Maar ook binnen deze groepen zijn de belangen uiteenlopend. Hierdoor is het lastig om tot een consensus te komen. Het bijzondere aan deze situatie is dat de medewerkers van de gemeente ook een belanghebbende is omdat het gemeentehuis zich pal aan het Waterlooplein bevindt. Machteloosheid stakeholders In de buurtbijeenkomsten en samenwerkingsverbanden mogen alle stakeholders in gesprek gaan. De gemeente heeft bij het project de beslissingsbevoegdheid en kan bepalen welk pleidooi legitiem is of niet. Stakeholders die hun verhaal hebben gedaan geven aan dat hun verhaal helemaal niet of op een andere manier is gedocumenteerd.
De mensen die zich actief met het samenwerkingsverband bezig houden, worden steeds meer moedeloos en gefrustreerd. Sommigen zijn zelfs compleet gestopt met de deelname aan de discussie. Vertrouwen geschaad Doordat er steeds een nieuwe ambtenaar wordt aangesteld, heeft de ambtenaar niet alle voorkennis van historische gebeurtenissen, afspraken, vergaderingen etc. Er is steeds een andere aanpak en een ander aanspreekpunt. Stakeholders zijn het niet altijd eens met de gemeente en-/of zien hun eigen inbreng niet terug in de beslissingen. De verschillende stakeholders willen hun verhaal niet steeds opnieuw doen en stakeholders merken dat de ambtenaren niet altijd volledig zijn ingelicht. Hierdoor is het vertrouwen in de gemeente geschaad. Groeiende argwaan en frustratie Vanwege bovenstaande feiten en de duur van de besluitvormingen verliezen stakeholders hun hoop op verbetering van daadwerkelijke participatie. Ook onthoudt de gemeente zich soms maandenlang van communicatie over de voortgang van het proces waardoor de argwaan over de motieven van gemeente steeds groter wordt. De duur van het traject zorgt voor emotionele reacties van de marktkooplieden, bewoners en ondernemers. Dit wordt door de gemeente erkend, die aangeeft dat het onderscheid tussen emotie en ratio steeds lastiger te onderscheiden is.
De gemeente neemt een nieuwe, transparante positie in Na het analyseren van de onderzoeksresultaten blijkt dat er bij de gemeente ruimte is voor verbetering. De stakeholders geven aan dat ze wel de mogelijkheid hebben gekregen om hun zegje te doen maar dat er daarna complicaties ontstaan en deze hebben voornamelijk te maken met communicatie. De combinatie van wisselende ambtenaren, (mis)communicatie, maar voornamelijk de duur van het project heeft ervoor gezorgd dat het vertrouwen in de gemeente maar ook de medewerking aan het project is gedaald.
5
Herinrichting Waterlooplein
Positie gemeente
Presenteer gemeente als belanghebbende
Delegeer de bevoegdheden
Communicatie
Betrek alle stakholders vanaf het begin
Blijf in contact
Spreek dezelfde taal
Breng een gezamenlijk doel in kaart
Presenteer gemeente als belanghebbende Uit het interview met XXXf (eigenaar van XXXXXXXXX) kwam naar voren dat de gemeente naast facilitator van het project zelf ook een belanghebbende is bij de verbouwing van het Waterlooplein. Ambtenaren die in het gemeentehuis werken, komen dagelijks over de markt, kijken uit op het plein en hebben daarom ook een belang bij de herinrichting. Dat zorgt ervoor dat de gemeente op twee manieren betrokken is bij het project: als facilitator maar ook als gebruiker. Momenteel is de gemeente echter op slechts één manier vertegenwoordigd tijdens de bijeenkomsten: als facilitator. Het is belangrijk dat er erkenning is dat de gemeente heel fysiek aanwezig is op het plein. De gemeente faciliteert niet enkel de bijeenkomsten, maar zorgt er ook voor dat de gemeente in de rol als gebruiker vertegenwoordigd is bij vergaderingen. Hierbij gaat het niet om economische plannen, maar om het verbeteren van het Waterlooplein als werkomgeving. Wanneer de gemeente meer de houding aanneemt van gebruiker staan marktkooplieden, winkeliers en de gemeente ook meer op gelijke voet en zal de macht op een gelijkmatiger manier verdeeld worden. De gemeente wordt op die manier minder gezien als ‘de overheid’, en meer als één van de partijen die gebruik maakt van de markt.
Delegeer de bevoegdheden De huidige participatiegraad is onvoldoende om voortgang in het project te bewerkstelligen. De vertegenwoordigers van de gemeente hebben de juiste theoretische kennis over het Waterlooplein. De stakeholders als ervaringsdeskundigen, hebben echter meer kennis van de alledaagse, praktische en technische zaken rondom de markt. Dit werd duidelijk bij de buurtbijeenkomst over Waterlooplein van 21 mei. Het project zou daarom baat hebben bij een samenwerking bij de beslissingen tussen de gemeente en de stakeholders die zich strekt tot de beslissingsbevoegdheid. (Zie Participatieladder van Arnstein)
6
Volgens de participatieladder van Arnstein zijn er verschillende gradaties van participatie te onderscheiden. De onderste graden bestaan uit (1) manipulatie en (2) therapie. De middelste groep bestaat uit (3) informeren, (4) raadplegen en (5) bemiddeling en wordt tokenism genoemd. Bij participatie die valt onder 3, 4 en 5 zijn burgers nog niet bevoegd om beslissingen te maken. Bij (5) bemiddeling, mogen burgers meepraten, en adviseren echter heeft de bestuurder de macht om de inbreng op legitimiteit te beoordelen. Het is voor burgers niet duidelijk in hoeverre hun inbreng meegenomen wordt, omdat de beslissingen achter gesloten deuren wordt gemaakt. De bovenste groep citizen power, bestaat uit (6) partnerschap, (7) gedelegeerde macht en(8) burgercontrole . Bij rang 6 worden beslissingen in overleg tussen overheid en burgers genomen. De ervaring leert echter dat partnerschap vaak pas wordt bewerkstelligd als de burgers eisen dat zij de controle over de beslissingsprocessen krijgen.1
Betrek alle stakeholders vanaf het begin bij het proces Voor de meeste marktverkopers en winkeliers geldt dat ze vanaf het begin van het project op de hoogte werden gesteld van de herinrichting, waarbij er mogelijkheden tot inspraak werden aangeboden. Voor de omwonenden kwam dit proces echter pas later op gang. Zij hebben wel informatie ontvangen over de herinrichting, maar werden niet actief voor het proces uitgenodigd. Nog steeds zijn er omwonenden die onwetend zijn over de veranderingen op het plein. Daarnaast horen we steeds terugkomen dat er inspraakavonden zijn en dat er vervolgens plannen op tafel komen waarin niets van die inspraak terug te zien is. Uit interviews bleek dat architecten die ontwerpen maken voor de markt, niet in gesprek mogen gaan met marktkooplieden. Daardoor zijn ze slecht geïnformeerd over de voorzieningen die de markt nodig heeft. Een vooruitgang die wel gezien wordt, is dat er nu open bijeenkomsten zijn in plaats van gesloten vergaderingen. Iedereen is welkom om aan te sluiten. De eerste stap in het bereiken van de stakeholders is het bepalen wie de stakeholders zijn. In dit geval zijn dat marktkooplieden, winkeleigenaren en -medewerkers van omliggende winkels, omwonenden, klanten, de gemeente als handhaver en de ambtenaren van de gemeente als gebruiker.
Al deze partijen dienen meerdere malen op de hoogte gebracht te worden dat zij inspraak kunnen leveren. Het is belangrijk dat alle partijen van het begin af aan betrokken zijn bij de besluitvorming, omdat er anders steeds weer een informatieoverdracht plaats moet vinden. Blijf in contact Momenteel zijn er wel bijeenkomsten, maar is er tussendoor geen communicatie tussen de gemeente en de andere stakeholders. Er worden kant-en-klare plannen gepresenteerd door de 1
Arnstein, R. (1969). A Ladder Of Citizen Participation: Journal of the American Institute of Planners, 35:4, P.216-224) DOI: 10.1080/01944366908977225
7
gemeente waar marktkooplieden en andere betrokkenen tussendoor niets over gehoord hebben. XXXX, de eigenaar van XXXXXXXXXX verwoordde dat niets zeggen ook een vorm van communicatie is. Vanuit de gemeente is er steeds een stilzwijgen dat argwaan oplevert, voornamelijk onder de marktkooplieden. Dat zet de relatie tussen de verschillende partijen op scherp. Daarnaast wordt door updates te geven over de plannen voor het plein de situatie voorkomen dat het uiteindelijke plan van tafel wordt geveegd. Architecten of sociaal geografen die worden ingezet door de gemeente krijgen de kans om onderzoek te doen op het plein en met de verschillende stakeholders te praten over hun belangen. Dit leidt tot een plan waarin ieders belang gedeeltelijk vervuld kan worden. Tussentijds kunnen de conceptversies van ontwerpen aan de stakeholders worden voorgelegd zodat zij inspraak kunnen leveren of eventueel kunnen stemmen over verschillende opties. Spreek dezelfde taal Uit een interview met de projectleider van de herinrichting van het Waterlooplein kwam naar voren dat voornamelijk ambtenaren en marktkooplieden ‘een andere taal spreken’. Dat begint al bij het woord ‘participatie’, waar de gemeente het steeds over heeft. De gemeente zelf erkent dat er een vertaalslag gemaakt dient te worden omdat het lijkt alsof boodschappen niet overkomen.
Een mogelijke oplossing zou zijn om te werken met maquettes of tekeningen, zodat alle plannen ook goed gevisualiseerd kunnen worden. Daarnaast is het belangrijk dat de gemeente probeert de taal te spreken van de marktkooplui. Als dit lastig is, is het van belang dat er een extra partij als bemiddelaar betrokken wordt bij het proces zodat de vertaalslag kan worden gemaakt. Deze rol zou vervuld kunnen worden door een antropoloog of een mediator. Breng een gezamenlijk doel in kaart Hiermee wordt bedoeld dat alle vertegenwoordigers bijdragen aan een ideaalbeeld van het nieuwe Waterlooplein. Omdat er sprake is van zoveel uiteenlopende belangen zal een dergelijke consensus vormgeven aan alle daaropvolgende gesprekken en bijeenkomsten. Indien er dan andere ambtenaar wordt aangesteld, of onenigheden ontstaan, kunnen alle partijen zich op het document beroepen.
Algemeen advies Zoals eerder vernoemd, zijn de projecten Meedoen Werkt en de herinrichting van het Waterlooplein erg verschillend. De plannen rondom het Waterlooplein zijn geografische plannen, terwijl Meedoen Werkt een sociaal project is. Bij Meedoen Werkt pleiten we voor een langere tijdsduur, terwijl de veranderingen van het Waterlooplein juist versneld dienen te worden. Een belangrijk punt waarop de beide projecten overeenkomen, is dat er bij beide nog weinig transparantie is vanuit de gemeente. De doelen zijn bij de betrokkenen vaak niet duidelijk. Dit probleem hangt samen met de communicatie. Wanneer de communicatie tijdens de projecten duidelijk is en regelmatig plaatsvindt, ontstaat er meer vertrouwen vanuit de participanten naar de gemeente toe. Een gezamenlijk doel in kaart brengen, zoals wij voorstellen bij het project Waterlooplein, zal een goede start zijn voor een project. Daarbij is het van belang dat bepaald wordt wie de stakeholders zijn en dat deze stakeholders van het begin af aan bij het project betrokken worden. Verder is het belangrijk dat de betrokkenen dezelfde taal spreken, waarbij jargon wordt vermeden.
8
Uiteindelijk geldt dat elke situatie om een eigen beoordeling vraagt. Uit beide projecten kunnen adviezen worden meegenomen die op andere situaties ook toepasbaar zullen zijn.
9