CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 03.08 - Nulmeting bomen.pdf

Raadscommissie Algemene Zaken 3 juli 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptprojectnota Erotisch Centrum vrijgegeven voor inspraak (VN2025-008609)13.349 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

28

Rapport | Nulmeting bomen Erotisch Centrum Amsterdam

Bijlage 10

Werkwijze ondergronds onderzoek

Onderstaande werkwijze leidt in feite tot een ‘nulmeting’: de huidige kwaliteit en omstandigheden waarin de bomen nu staan. Uitvoering van genoemde werkzaamheden levert conclusies en aanbevelingen op. In specifieke situaties is het mogelijk dat op basis van kennis en kunde afgeweken wordt van onderstaande opsomming. Dat betekent enerzijds dat sommige werkzaamheden niet uitgevoerd hoeven te worden. Anderzijds kan het zijn dat niet genoemde methodes aangewend worden om tot een bevredigend eindoordeel te komen. Indien relevant dan wordt dit in het rapport aangegeven. Het ondergronds onderzoek bestaat uit een bodem- en bewortelingsonderzoek, waarin de volgende aspecten aan de orde kunnen komen: • Bodemstructuur: de onderlinge opeenstapeling van gronddeeltjes en de ruimtes die zich hierin bevinden geven informatie over de geschiktheid voor wortelgroei. • Samenstelling en opbouw van bodemlagen: de volgorde en dikte van aanwezige bodemlagen worden bekeken en de hoeveelheid organische stof wordt ingeschat. Ook het bepalen van de textuur komt aan de orde: welke delen komen voor en hoe groot zijnde korrels? • Profielovergangen: er wordt gekeken naar de eventuele aanwezigheid van storende lagen die wortelgroei bemoeilijken en de water- en luchthuishouding kunnen verstoren.

• Kwaliteit en intensiteit beworteling: hoe diep groeien wortels, hoe is de kwaliteit en hoe is de verspreiding? • Hydrologische aspecten: vochtvoorziening/waterhuishouding • Bodemluchthuishouding: met bijvoorbeeld de geschiktheid van de bodem om zuurstof vast te houden en de uitwisselingsmogelijkheid bodemlucht-atmosferische lucht. • Bodemverdichting: weergegeven als de indringingsweerstand van de bodem, van wezenlijk belang voor de groeimogelijkheden van de boom.

29

Rapport | Nulmeting bomen Erotisch Centrum Amsterdam

Bijlage 11

Checklist uit Richtlijn Bomen Effect Analyse

Checklist VOORSTUDIE

BOUWSTEEN 1 UITGANGSPUNTEN PROJECT ■

■

● ecologie ● plantjaar/leeftijd ● gebeurtenissen in het verleden - schades - herinrichting - groeiplaatsverbetering

Zijn de stedenbouwkundige uitgangspunten duidelijk? Zijn er voorwaarden en wensen vanuit de omgevingsvisie, het bestemmings- of het omgevingsplan?

BOUWSTEEN 3 FUNCTIE OF WAARDE VAN DE BOOM ■

BOUWSTEEN 2 TOETSING UITVRAAG ■

■

■

■

■

■

Welke projectgerelateerde zaken zoals de bouwopgave, gewenste wegbreedte of extra parkeerplaatsen zijn er? Is er samenhang of overlap met andere projecten binnen hetzelfde projectgebied?

■

■ ■

In welke fase bevindt het project zich? Gelden er eisen en randvoorwaarden, ook uit andere vakdisciplines die bij het project betrokken zijn? Wat zijn de exacte titels en/of nummers van de plantekeningen en andere relevante documenten? Mocht een plan of ontwerp, waarop getoetst wordt, nog niet definitief zijn dan is de BEA mogelijk (deels) achterhaald bij verandering van het plan of ontwerp. Welke relevante informatie is beschikbaar over de boom? ● gegevens van de boomveiligheidscontrole of gegevens uit het boombeheerssysteem ● grondwaterstanden en fluctuaties ● bodemgegevens - archeologie - bodemkwaliteit

Bevat de uitvraag ten minste het doel van de BEA, namelijk de vraag: ‘Is behoud van de boom mogelijk’?

■

■

Is de uitvraag helder en samenhangend wat betreft: ● het onderzoeksgebied ● de betrokken boom ● het te beoordelen plan Zijn er relevante voorstudies verricht met betrekking tot de boom? Zijn er andere onderwerpen die moeten worden onderzocht, zoals onderzoek naar: ● de bodemkwaliteit - chemische eigenschappen - fysische eigenschappen ● de verplantbaarheid ● een monetaire waardebepaling conform methode Nederlandse Vereniging van Taxateurs van Bomen (NVTB) ● ecosysteemdiensten

NB: De eisen die aan deze aanvullende onderzoeken moeten worden gesteld, worden beschreven in de projectspecifieke uitvraag. De bevindingen kunnen worden toegevoegd aan het advies.

52

■

Is in het gemeentelijk beleid en regelgeving aan de boom een specifieke functie of waarde toegekend of toe te kennen? ● monumentale of waardevolle boom ● gedenkboom ● hoofdbomenstructuur ● onderdeel van een vastgelegde groene/ ecologische structuur Groene Kaart ● opname in bestemmingsplan/omgevingsplan

BOUWSTEEN 5 RUIMTESTUDIE ■

Bij bomen buiten de bebouwde kom: ● zijn de Wet natuurbescherming en uitvoe­ ringsregeling van toepassing? ● zijn de bomen in een provinciale verordening aangewezen als waardevol landschaps­ element?

■

VELDONDERZOEK

BOUWSTEEN 4 KWALITEIT BOOM ■

Beoordeel de bodem op hoofdlijnen: ● voedingstoestand ● vochtvoorziening/waterhuishouding ● zuurstofvoorziening

■

Bepaal in het veld, als zogenaamde nulmeting, de volgende aspecten: ● soort ● leeftijd ● omvang ● conditie ● structuur, gebreken en verzwakkings­ symptomen ● habitus, bijzondere of afwijkend ontwikkelde kroonvorm ● doorwortelbare ruimte ● toekomstverwachting

Wat is het huidige ruimtebeslag van de boom? ● exacte locatie van de boom ● kroonprojectie ● intensiteit en verspreiding van het wortelpakket ● reductiezone en grondwaterstand ● bodemprofiel ● huidig maaiveldniveau Wat is het toekomstige ruimtebeslag van de boom? ● toekomstige kroonprojectie ● benodigde doorwortelbare ruimte voor toekomstige groei Hoe is de civiele inrichting, zowel boven- als ondergronds? ● aard en gebruik van verhardingen ● rioleringen, kabels en leidingen ● objecten, zoals: - lichtmasten - tramleidingen - putten en straatkolken - boven en ondergrondse afvalcontainers - trafohuisjes

53

30

Rapport | Nulmeting bomen Erotisch Centrum Amsterdam

BOUWSTEEN 6 KANSEN EN KNELPUNTEN ■

■

Zijn er mogelijkheden ter verhoging van de toekomstverwachting van de boom door: ● verwijderen van overbodige verharding ● vergroten van de boomspiegel ● verbeteren van de groeiplaats ● verbeteren van de beeldkwaliteit Zijn er bedreigingen voor de toekomst van de boom door: ● beperkte ruimte voor toekomstige boven­ grondse groei ● beperkte ruimte voor toekomstige onder­ grondse groei ● ander gebruik van de omgeving ● verlies van functie ● onherstelbare slechte kwaliteit

■

■

■

■

BOUWSTEEN 7 IMPACT BOVENGRONDS RUIMTEGEBRUIK Is er sprake van structureel verlies aan bovengrondse groeiruimte voor de boom door: ● nieuwbouw van woningen, appartementen, kantoor­ en bedrijfsgebouwen ● aan te leggen straatverlichting, bovengrondse leidingen van tram/trolleybus ● aan te leggen wegen, paden en parkeerplaat­ sen met hun wettelijk vereiste minimale vrije doorrijhoogte

■

■

Is er risico op zonnebrand bij sterk opkronen of het plaatsen van een gebouw met een spiegelende gevel? Is er sprake van een positief effect op de boom door het verwijderen van obstakels?

BOUWSTEEN 8 IMPACT ONDERGRONDS RUIMTEGEBRUIK

ANALYSE

■

Is er sprake van veranderde windbelasting door de plaatsing van gebouwen of door het vrijzetten van de boom?

Is er sprake van structureel verlies aan bewortelde en bewortelbare ruimte bij: ● aanleg van funderingen en kelders ● aanleg van wegen, paden of parkeerplaatsen binnen de zones waarin bomen wortelen ● reconstructie van wegen, zoals het verplaat­ sen van opsluitbanden ● aanleg, onderhoud of vervanging van onder­ grondse kabels en leidingen of rioleringen ● reconstructie van kades, muren, keermuren of andere bouwwerken met fundering Gaat er ondergrondse groeiruimte verloren door veranderingen in de waterhuishouding: ● aanpassing waterpeil ● aanleg drainage ● vernieuwen lekke rioleringen ● aanleg ondergrondse constructies ● verandering van hemelwatertoevoer ● aanleg hemelwaterinfiltratievoorzieningen ● verandering in grondwaterstroming

■

Is er sprake van tijdelijk verlies aan bovengrondse groeiruimte voor de boom door: ● opslag bouwmateriaal ● plaatsing bouwkeet ● ruimte voor bouw­ en hijswerkzaamheden

54

■

Is er sprake van een positief effect door: ● vergroting van de boomspiegel ● verbetering van de ondergrondse groeiplaats

■

Als de kwaliteit, functie en waarde van de boom te behouden zijn, zijn dan de samenhangende randvoorwaarden en maatregelen voor het waarborgen van behoud geformuleerd? Zijn de randvoorwaarden praktisch uitvoerbaar?

BOUWSTEEN 12 ALTERNATIEVEN BOUWSTEEN 9 IMPACT UITVOERING ■

■

Is er ruimte nodig voor de realisatie van de geplande activiteit in verband met: ● het plaatsen van steigers ● het graven van een cunet ● de aanleg van fundering ● draaicirkels van bouwkranen ● bouwroutes ● tijdelijke opslag van materiaal en materieel ● tijdelijke toegangswegen

■

Zijn alternatieven boomtechnisch uitgewerkt waarbij behoud van de boom wel mogelijk is? ● planaanpassingen ● compenserende maatregelen Zijn alternatieven gericht op verbetering van de kwaliteit, functie en/of waarde van de boom boomtechnisch uitgewerkt? ● optimalisatie van de inrichting

CONCLUSIE EN ADVIES

BOUWSTEEN 10 EINDOORDEEL EFFECTEN ■

■ ■

BOUWSTEEN 11 RANDVOORWAARDEN

Gaat er ondergrondse groeiruimte verloren door: ● verandering van maaiveldhoogte of maai­ veldinrichting ● bodemverdichting door intensivering gebruik, betreding, zware machinerie, festivals en evenementen

Zijn alle verkregen resultaten uit de voorstudie, het veldwerk en de analyse in een onderlinge samenhang in beeld gebracht? Is beantwoord of behoud van kwaliteit, functie en waarde van de boom mogelijk is?

55

31

Rapport | Nulmeting bomen Erotisch Centrum Amsterdam

Bijlage 12

Gebruikte begrippen

Alternatief: een andere keuzemogelijkheid met als doel behoud en/of vergroten van de restlevensduur van de boom. Bodemluchthuishouding: de uitwisselingsmogelijkheden van voornamelijk zuurstof tussen bodem en atmosfeer. Bomengranulaat: draagkrachtige mix van steenachtig materiaal en voedingsgrond waarin bomen kunnen groeien. Geschikt onder maaiveldafdekking met hogere belasting. Bomenzand: eentoppig zand gemengd met voedingsgrond waarin bomen kunnen groeien. Geschikt onder maaiveldafdekkingen met geringe belasting. Botanisch: betrekking hebbende op de plantkunde. Buitenruimte: niet besloten ruimte in de open lucht. Capillaire zone: het deel van de bodem dat door de capillaire werking nog in verbinding staat met het grondwater. Conditie: momentopname van de gezondheid van een boom Cultivar: een boom die is geselecteerd op wenselijke eigenschappen, bijvoorbeeld bloeidatum, boomgrootte, boomvorm, bladvorm, bladkleur, winterhardheid of ziektebestendigheid. CROW: het Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond- Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek. Dit is een stichting die bezig is met het verbeteren van de richtlijnen voor aanleg en onderhoud in de buitenruimte. De meeste werken buiten worden volgens deze richtlijnen uitgevoerd. DBH: de diameter van de boom op borsthoogte (1,30 meter boven maaiveld) gemeten in centimeters.

Eentoppig: zandkorrels met een geringe korrelgrootteverdeling. European Tree Technician (ETT): specialist op het gebied van kennis van bomen en het uitvoeren van boomonderzoek. In het bezit van een certificering van de European Arboricultural Council (EAC). European Tree Worker (ETW): specialist op het gebied van snoeien, verplanten en planten van bomen. In het bezit van een certificering van de European Arboricultural Council (EAC). Gley: Bodemkundige aanduiding voor roestvlekken in de bodem door wisselende grondwaterstand. Groeiplaats: de omgeving die de levensomstandigheden en ontwikkelingsmogelijkheden van de boom bepalen, verdeeld in onder- en bovengronds. Grondwaterspiegel: het hoogteverschil tussen het grondoppervlak en de bovenzijde van de met water verzadigde zone. Habitus: de uiterlijke verschijningsvorm van de boom. Humus: stabiele organische stof. Het eindproduct van het afbraakproces en niet meer herkenbaar als organisch materiaal. Indringingsweerstand: de weerstand die boomwortels in de bodem ondervinden, uitgedrukt in Mega Pascal (MPa). Bij een waarde hoger dan 3 MPa worden de ontwikkelingsmogelijkheden voor boomwortels sterk beperkt. KLIC-melding: kabel- en leiding informatie van de plek waar werkzaamheden voorzien zijn, opgevraagd bij het Kabel en Leidingen Informatie Centrum.

Kroondiameter: afstand van een punt op de buitenkroon naar het punt dat daar precies tegenover ligt, ook wel ‘doorsnede’ genoemd. Kroonprojectie: het plat vlak op het maaiveld onder een boom dat aangegeven wordt door de buitenrand van de kroon loodrecht omlaag te projecteren

32

Rapport | Nulmeting bomen Erotisch Centrum Amsterdam

Maaiveld: het grondoppervlak van een terrein. µm: (uitgesproken als ‘mu’) micrometer ofwel 0,001 mm, gebruikt om de korrelgrootte van het zand weer te geven. Organische stof: verzamelnaam voor het materiaal in de bodem dat afkomstig is van micro-organismen, planten en dieren. Zie ook ‘humus’. Puccini-methode: standaard beleidskaders voor het Amsterdams straatbeeld. Randvoorwaarden: eisen waaraan werkzaamheden rondom bomen minimaal moeten voldoen. Reductie: scheikundige reactie onder zuurstofloze (anaerobe) omstandigheden. Roest: zie ‘gley’. Sandwichconstructie: kunststof units tussen verharding en ondergrondse groeiplaats van bomen. Soortspecifieke eigenschappen: een kenmerk of eigenschap die bij een specifieke boomsoort hoort. Standplaats: zie groeiplaats. Taxatie: de monetaire waardebepaling van een boom volgens de Richtlijnen van de Nederlandse Vereniging van Taxateurs van Bomen (NVTB). Toekomstverwachting: verwachte restlevensduur van de boom, uitgaande van gelijkblijvende omstandigheden. Verhardingsopdruk: omhoog gedrukte verhardingen door boomwortels die direct onder de verharding groeien. Voedingskoker: een geboord gat tussen de boomwortels opgevuld met een substraat met meststoffen. Vochtverzadigd: alle poriën in de bodem zijn gevuld met water. Als een bodemlaag permanent vochtverzadigd is kunnen de meeste bomen er niet in groeien.

Zaailing: jonge boom, uit zaad gegroeid dan wel door uitlopers of wortelstokken ‘spontaan’ opgekomen exemplaar.

33

Rapport | Nulmeting bomen Erotisch Centrum Amsterdam

Bijlage 13

Regelgeving, beleid en basisdocumenten

Boominspectiegegevens Gisib: • De boomgegevens zijn in beginsel afkomstig uit de beheerapplicatie Gisib, zoals gebruikt door de gemeente Amsterdam • Eventuele afwijkende of ontbrekende boominspectiegegevens, zoals geconstateerd bij de uitvoering van deze nulmeting zijn in deze rapportage vermeld en onderbouwd. Bij elke Bomen Effect Analyse wordt gehandeld conform de bepalingen uit: • Handboek Groen Gemeente Amsterdam. Dit is op 5 november 2021 tot stand gekomen. Hoofdstuk 5 is volledig gewijd aan bomen. Het Handboek is onderdeel van de Puccinimethode d.d. januari 2018. Gebruikte versie is van februari 2024. • Bomenverordening 2014 Gemeente Amsterdam, sinds 1 oktober 2016 van kracht • Structuurvisie Gemeente Amsterdam 2040 d.d. 17 februari 2011 • Richtlijn Bomen Effect Analyse mei 2019, Bomenstichting en CROW • Programma van Eisen Boomanalyses, versie 5 d.d. 9 november 2023 Uitbreiding, indien de nulmeting uitgebreid wordt met een uitgebreid verplantbaarheidsonderzoek: • Standaard RAW-bepalingen, deelhoofdstuk 51.5. hoofdcode 51.52.18 Verplantbaarheidsonderzoek.

Op het internet is beschikbaar: • portaal monumentale bomen (meetnetportaal.nl) • Hoofdgroenstructuur volgens de Structuurvisie + Adviezen inpasbaarheid initiatieven (TAC) (amsterdam.nl) • Hoofdbomenstructuur (amsterdam.nl) • https://maps.waternet.nl/kaarten/peilbuizen.html • https://www.amsterdam.nl/bestuur-organisatie/volg-beleid/groen/ • https://maps.waternet.nl/kaarten/peilbuizen.html?_qa=1.67320529.1557047828.1485769328 • https://maps.amsterdam.nl/bomen_bijzonder/ • https://maps.amsterdam.nl/bomen_bijzonder/Downloads/Operationalisatie%20criteria%20 CBH%209-9-2023.pdf

34

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15701615/1