Bijlage 03.04 - Verkenning externe veiligheid .pdf
Tekst van het document
Erotisch centrum Amsterdam Verkenning externe veiligheid
Status Versie Rapport Datum
definitief 004 M.2024.1139.00.R001 12 maart 2025
Erotisch centrum Amsterdam
Colofon Opdrachtgever
Openbare Orde en Veiligheid Gemeente Amsterdam
Project Betreft Uw kenmerk
Erotisch centrum Amsterdam Verkenning externe veiligheid -
Rapport Datum Versie Status
M.2024.1139.00.R001 12 maart 2025 004 definitief
Uitgevoerd door
DGMR Industrie, Verkeer en Milieu B.V. Weerdjesstraat 70 6811 JE Arnhem Postbus 153 6800 AD Arnhem
Auteur
EDB
Projectadviseur
WWI
2e lezer/secr.
RBO|OZU
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
2
Erotisch centrum Amsterdam
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
Inhoud 1. Inleiding
4
2. Situatie
5
3. Beoordelingskader 3.1 Omgevingswet 3.2 Gemeentelijk beleid
6 6 7
4. Uitgangspunten 4.1 Hogedruk aardgasleiding 4.2 Intensiteiten A10 4.3 Populatie 4.4 Vergelijking met bestaande analyses
9 9 9 11 11
5. Resultaten 5.1 Hogedruk aardgasleiding 5.2 A10
13 13 17
6. Conclusies
20
Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3
Populatie groepsrisicoberekeningen Modelrapportage CAROLA Modelrapportage RBMII
3
Erotisch centrum Amsterdam
1. Inleiding In het Amsterdams Akkoord 2022-2026 is opgenomen dat het aantal ramen op de Wallen verminderd wordt. Als (gedeeltelijk) vervangende locatie voor de te verplaatsen activiteiten realiseert de gemeente een erotisch centrum op een andere locatie in de stad. Zij heeft een onderzoek uitgevoerd naar mogelijke locaties binnen haar gemeentegrenzen. Hieruit is de locatie zoals weergegeven in figuur 1 als voorkeurslocatie naar voren gekomen. Dit betreft het gebied dat wordt omsloten door de afrit 9 van de A10 en de Europaboulevard.
De beoogde locatie ligt in de nabijheid van twee risicobronnen. Dit zijn een hogedruk aardgasleiding en het transport van gevaarlijke stoffen over de A10. De gemeente Amsterdam wil inzicht hebben in de hoogte en de verandering van het groepsrisico van deze risicobronnen voor een aantal mogelijke invullingsvarianten. Het groepsrisico hebben wij bepaald voor een tweetal mogelijke locatie-indelingen binnen de voorkeurslocatie en voor twee varianten in mogelijke bezoekersaantallen. Naast de berekening van het groepsrisico is getoetst aan de grenswaarde voor het plaatsgebonden risico, de ligging ten opzichte van aandachtsgebieden en aan het gemeentelijk beleid.
4
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
figuur 1: ontwikkellocatie erotisch centrum, gelegen in het gebied tussen de afrit 9 van de A10 en de Europaboulevard
Erotisch centrum Amsterdam
2. Situatie De gemeente Amsterdam onderzoekt meerdere locaties binnen het betreffende gebied. Deze locaties zijn weergegeven in figuur 2. In dit onderzoek zijn de locaties 1 en 2A kwantitatief beschouwd.
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
Locaties 2A en 2B zijn vanuit het perspectief van externe veiligheid vergelijkbaar te noemen. Beide locaties zijn direct tegen de buitenzijde van de belemmeringenstrook geprojecteerd en liggen buiten het effectgebied van plasbranden op de A10. Effecten van gassen onder druk (BLEVE) zijn na opening van het Zuidasdok voor dit wegvak niet meer van toepassing, zie paragraaf 4.2.
figuur 2: mogelijke locaties erotisch centrum; in deze figuur is de buisleiding (zwarte lijn) met hier omheen het belemmeringengebied zichtbaar alsook het brandaandachtsgebied van de A10 (blauw gearceerd)
5
Erotisch centrum Amsterdam
3. Beoordelingskader 3.1 Omgevingswet Omgevingsveiligheid beschrijft de kans dat personen in de omgeving van een activiteit met gevaarlijke stoffen slachtoffer worden van een ongeval met die stoffen. Dit kan zowel een transportroute als een inrichting betreffen. Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Deze wet is in vier AMvB’s uitgewerkt: 1 Omgevingsbesluit 2 Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) 3 Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) 4 Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) Bij het beschouwen van omgevingsveiligheid bij ruimtelijke plannen is zonder meer het Bkl van toepassing. Het Bal en het Bbl kunnen aanvullend ook van toepassing zijn. 3.1.1 Het Bkl: kwaliteitseisen Het Bkl stelt vergelijkbare eisen als het voormalige Bevi, Bevt en Bevb. Dit betekent dat rekening moet worden gehouden met risicobronnen, waarbij plannen moeten voldoen aan de grenswaarde voor het plaatsgebonden risico (PR). Deze grenswaarde staat voor de meeste activiteiten voorgeschreven in het Bal of bijlage VII van het Bkl, maar moet voor een aantal activiteiten rekenkundig worden bepaald. Daarnaast moet het bevoegd gezag rekening houden met de kans op 10 of meer slachtoffers (groepsrisico). Deze kans mag rekenkundig worden bepaald, maar dat mag ook kwalitatief.
Voor het explosieaandachtsgebied en het brandaandachtsgebied kan de gemeente een explosievoorschriftengebied en een brandvoorschriftengebied aanwijzen. Als zij dit doet zijn de aanvullende bouwkundige eisen van toepassing zoals opgenomen in het Besluit bouwwerken leefomgeving artikelen 4.90 tot en met 4.96 (Bbl). Een gemeente is niet verplicht een dergelijk voorschriftengebied vast te stellen. Zij kan gemotiveerd afwijken door een slechts een deel van het aandachtsgebied of helemaal geen voorschriftengebied aan te wijzen. Wanneer een voorschriftengebied van toepassing is, zijn de bijbehorende bouwkundige maatregelen verplicht.
6
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
Als hulpmiddel bij de evenwichtige toedeling van functies aan locaties gelden drie typen aandachtsgebieden: • Brandaandachtsgebied (BAG): de locatie begrensd door de afstand, waar als gevolg van een ongewoon voorval dat leidt tot een plasbrand of een fakkelbrand, de warmtestraling ten hoogste 10 kW/m2 is. • Explosieaandachtsgebied (EAG): de locatie begrensd door de afstand, waar als gevolg van een ongewoon voorval dat leidt tot: a een kokende vloeistof-gasexpansie-explosie (Boiling Liquid Expanding Vapor Explosion, BLEVE), de warmtestraling ten hoogste 35 kW/m 2 is; of b een explosie, anders dan onder a, de overdruk ten hoogste 10 kPa is. • Gifwolkaandachtsgebied (GAG): de locatie begrensd door de afstand, waar als gevolg van een ongewoon voorval dat leidt tot een gifwolk, personen in een gebouw kunnen overlijden door blootstelling.
Erotisch centrum Amsterdam
Op dit uitgangspunt gelden twee uitzonderingen: 1 Als binnen het aandachtsgebied een zeer kwetsbaar gebouw 1, zoals een basisschool of een ziekenhuis is voorzien, wordt van rechtswege het voorschriftengebied aangewezen voor het betreffende deel van het aandachtsgebied. Het voorgenomen erotisch centrum is volgens het Bkl bijlage VI geen zeer kwetsbaar gebouw (Bijlage VI A), maar een kwetsbaar gebouw (Bijlage VI C) en de voorschriftengebieden zijn daarom niet van rechtswege verplicht. 2 De voormalige plasbrandaandachtsgebieden zijn van rechtswege een brandvoorschriftengebied geworden. De betreffende trajecten staan opgenomen in de Regeling basisnet. Ook voor dit deel van de A10 is van rechtswege een brandvoorschriftengebied van toepassing voor de eerste 30 meter buiten de kantmarkering.
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
Beide zoeklocaties zijn voorzien in het explosieaandachtsgebied en mogelijk nog aan te wijzen gifwolkaandachtsgebied van de A10 en het brandaandachtsgebied van de buisleiding W-534-01. Voor deze aandachtsgebieden dient de gemeente een afweging te maken of zij het voorschriftengebied aanwijst, en daarmee aanvullende bouwkundige voorschriften verplicht stelt. 3.1.2 Het Bbl: bouwkundige voorschriften Het Bbl schrijft de bouwkundige maatregelen voor die gelden voor nieuwbouw in een brandvoorschriftengebied en in een explosievoorschriftengebied: • Voor brandaandachtsgebieden zijn de maatregelen gericht op de beperking van brandoverslag door aanstraling en op vluchtmogelijkheden: ∙ een uitwendige scheidingsconstructie heeft een brandwerendheid van minstens 60 minuten; ∙ de aan de buitenlucht grenzende zijde voldoet aan brandklasse A2; ∙ het dak is bedekt met constructiematerialen die voldoen aan brandklasse A2; ∙ vluchtmogelijkheden van de bron af; ∙ het gebouw moet voldoen aan een bepaalde sterkte in geval van brand. • Voor een explosieaandachtsgebied geldt artikel 4.96 Bbl. Dit betekent dat in een explosievoorschriftengebied gelegen beglazing zodanig moet worden uitgevoerd, dat bij een explosie letsel door scherfwerking wordt voorkomen. • Voor gifwolkaandachtsgebieden geldt geen voorschriftengebied en gelden dus ook geen specifieke voorschriften.
Wel geldt, net als in het Bouwbesluit, het algemene voorschrift dat mechanische ventilatie moet kunnen worden uitgeschakeld. 3.1.3 Het Bal: activiteiten Het Bal beschrijft de voorschriften voor milieubelastende activiteiten. Met betrekking tot het plaatsgebonden risico staan voor bepaalde activiteiten met een omgevingsrisico, zoals opgenomen in bijlage VII van het Bkl, afstanden opgenomen voor het plaatsgebonden risico. Binnen deze afstand zijn (zeer) kwetsbare gebouwen en kwetsbare terreinen niet toegestaan. Voor beperkt kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare terreinen geldt deze afstand als een richtwaarde. De planlocatie ligt op een zodanige afstand van dergelijke milieubelastende activiteiten dat hier aan de grenswaarde van het plaatsgebonden risico wordt voldaan. 3.2 Gemeentelijk beleid De gemeente Amsterdam heeft een eigen beleid vastgesteld in het uitvoeringskader externe veiligheid2. 1 2
De zeer kwetsbare gebouwen staan uitgewerkt in bijlage VI onderdeel E van het Bkl. Uitvoeringsbeleid Externe veiligheid Amsterdam, d.d. 14 mei 2012 Dossiernummer ZD 3340
7
Erotisch centrum Amsterdam
De gemeente hanteert als uitgangspunt dat nieuwe overschrijdingen van de oriëntatiewaarde van het groepsrisico en toename van bestaande overschrijdingen slechts met expliciete toestemming van burgemeester en wethouders worden toegestaan. Met het oog op zelfredzaamheid is het niet wenselijk dat minder zelfredzame groepen, zoals kinderen, ouderen en zieken te dicht bij risicobronnen verblijven. Deze groepen kunnen zichzelf minder makkelijk in veiligheid brengen in geval van een (dreigende) calamiteit. Daarom is het beleid erop gericht om in nieuwe ruimtelijke plannen een strook langs transportassen met structureel vervoer van gevaarlijke stoffen (voor wegen een zone van 80 meter) vrij te houden van nieuwe kwetsbare, minder zelfredzame groepen. Voor buisleidingen geldt de 100% letaliteitsafstand, wat voor de nabijgelegen buisleiding neerkomt op 80 meter. Afwijking hiervan is mogelijk mits dat door burgemeester en wethouders expliciet is toegestaan. Het voorgenomen plan voorziet niet in activiteiten voor minder zelfredzame groepen, zodat vanuit het gemeentelijke beleid geen beperkingen zijn voor deze ontwikkeling.
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
8
Erotisch centrum Amsterdam
4. Uitgangspunten 4.1 Hogedruk aardgasleiding De te hanteren rekenmethodiek voor buisleidingen is vastgelegd in Module V van het Rekenvoorschrift Omgevingsveiligheid. Het voorgeschreven rekenpakket is CAROLA. De risicoanalyse voor de aardgasleiding is uitgevoerd volgens deze methodiek. De gemeente Amsterdam heeft op verzoek van DGMR de leidinggegevens van de te beschouwen leiding opgevraagd bij de Gasunie. De opgevraagde leidinggegevens zijn rechtstreeks ingelezen in het rekenpakket. Tabel 1 geeft een overzicht van de specificaties van de berekening. Het bestand bevat ook een aantal verder weg gelegen leidingen. Deze zijn in dit overzicht achterwege gelaten3. Vanwege de afstand tot het plangebied zijn zij niet relevant voor deze analyse.
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
tabel 1: specificaties berekening Model Parameterfile Weerstation Datum aanlevering gegevens Datum uitvoering berekeningen Eigenaar leidingen
Carola versie 1.0.0.52 Versienummer 1.3 Schiphol (automatisch gekozen) 25 september 2024 19 december 2024 N.V. Nederlandse Gasunie
Leiding Diameter Druk Leidingbestand Beschouwde afstand in leidingbestand
9427_leiding-W-534-01 deel-1 16” / 406,4 mm 40 bar Interessegebied_erotisch_centrum.crpi Stationing 100 – 6.600
4.2 Intensiteiten A10 De rekenmethodiek voor het transport van gevaarlijke stoffen is beschreven in Module III van het Rekenvoorschrift Omgevingsveiligheid. De berekeningen zijn uitgevoerd met het rekenpakket RBMII versie 2.3. Het betreffende wegvak is opgenomen in de Regeling basisnet. Het betreft het wegvak met code Nh12: Knooppunt De Nieuwe Meer – Knooppunt Amstel. Voor dit wegvak is in de Regeling basisnet een plaatsgebonden risico 10-6/jaar van 0 meter vastgesteld. Verder is aangewezen dat het brandvoorschriftengebied voor deze risicobron verplicht is. In de Regeling basisnet is sinds 1 april 2024 geen plafond meer opgenomen voor het groepsrisico in de vorm van het aantal getransporteerde vrachtwagens met GF3. Voor deze studie hebben we de basisnetintensiteiten vergeleken met eerdere studies in dit gebied waarbij het uitgangspunt recente tellingen zijn waarop een groeiscenario is aangehouden. Dit is bijvoorbeeld in lijn met de studie die voor het Zuidasdok is uitgevoerd. In tabel 2 is een overzicht van de verkeersintensiteiten weergegeven. In dit onderzoek is zowel de situatie voor realisatie Zuidasdok als de situatie na realisatie Zuidasdok beschouwd.
3
In bijlage 2 staan voor deze leidingen wel -automatisch gegenereerde- rekenresultaten opgenomen. Omdat alleen langs leiding W-534-01 deel 1 de populatie in het model is opgenomen, zijn de rekenresultaten voor andere leidingen niet representatief.
9
Erotisch centrum Amsterdam
Hiervoor zijn zowel voor de referentie (autonome ontwikkeling) als de doorkijk naar planrealisatie de intensiteiten uit de kolom ‘Prognose RWS 2033’ gehanteerd. Bij realisatie van het Zuidasdok komt het transport van GF3 te vervallen. tabel 2: overzicht intensiteiten per categorie Categorie LF1 LF2 LT1 LT2 LT3 GF3
Onderzoek BP autonoom 4.203 10.089 0 63 93 1.060
Onderzoek BP Zuidasdok* 4.203 10.089 0 41 13*** 0
Tellingen 2019 2.951 9.202 83 32 0 571
Prognose RWS 2033** 3.813 12.748 115 44 0 728
Basisnet (tot 1-4-2024) 7.036 23.780 0 207 0 3.912
* Variant na opening Zuidasdok met tunnelcategorie C (geen GF3, GTx, LT3 en LT4). ** Studie Verkenning Vervoer Gevaarlijke Stoffen d.d. februari 2024, beschikbaar via: https://open.rijkswaterstaat.nl/open-overheid/onderzoeksrapporten/@273825/verkenning-vervoer-gevaarlijke-stoffen/ *** Foutief, geen LT3 meer met inpassing Zuidasdok.
Voor de A10 geldt dat de afstand tussen de banen van de beide rijrichtingen meer dan 25 meter uit elkaar liggen. De rekenmethodiek schrijft voor dat in een dergelijk geval de beide rijbanen als aparte trajecten gemodelleerd worden. Dit is in het rekenmodel als zodanig gemodelleerd, waarbij de intensiteiten evenredig over beide richtingen zijn verdeeld. De standaard wegbreedte van 25 meter is aangehouden. Dit is iets breder dan de feitelijke breedte van vier rijbanen en daarmee een conservatieve instelling. Per rijrichting is onderzocht welk deel van de beschouwde A10 de maatgevende kilometer is voor het groepsrisico. Voor beide rijrichtingen is dit de kilometer ten westen van de planlocatie, waarlangs de meeste populatie ligt. Deze kilometers zijn in het model ingevoerd.
10
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
figuur 3: ligging maatgevende kilometer A10. Op de achtergrond is de populatie weergegeven zoals is gedownload via de BAG Populatieservice, zie paragraaf 4.3. Deze populatie hebben wij aangevuld zoals is beschreven in bijlage 1.
Erotisch centrum Amsterdam
4.3 Populatie In dit onderzoek vergelijken we de referentiesituatie met de plansituatie. De referentiesituatie betreft de autonome ontwikkeling. Dit betreft de huidige aanwezige populatie en projecten die in ontwikkeling zijn. De plansituatie betreft het erotisch centrum. Het effect op het groepsrisico dat in dit onderzoek inzichtelijk is gemaakt, komt dan ook volledig door de realisatie van het erotisch centrum.
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
Voor het bepalen van het groepsrisico houden we rekening met het verwachte aantal aanwezigen op de planlocatie en in de omgeving. De gehanteerde populatie hebben we uitgewerkt in bijlage 1. Daarbij hebben we als uitgangspunten gehanteerd: 1 De BAG-populatie van 2024 is het uitgangspunt voor de eerste 400 meter vanaf de A10. Daarmee wordt de populatie voor het effectgebied van de maatgevende stofcategorie GF3 in detail ingevoerd. • Gebouwen met meer dan 200 aanwezig modelleren we als pand; kleinere objecten zijn in een populatiegrid opgenomen. • We vergelijken deze populatie met de feitelijke aanwezigheid en met de plancapaciteit. In overleg met de opdrachtgever zijn een aantal kavels aangepast naar het verwachte aantal aanwezigen. 2 Voor het gebied van 400 tot 880 meter hanteren we grote vlakken het generieke kental van 120 pers/ha voor een stedelijke omgeving. Deze 880 meter is het grootste effectgebied van de stoffen die over de A10 worden vervoerd (LT2). Populatie erotisch centrum Het erotisch centrum bestaat uit verschillende delen: • Publieke functies: lobby, horeca, winkel, klein entertainment en facilitaire functies. • Een gedeelte voor sekswerk. • Eventueel komen er extra publieke functies, waaronder een nachtclub, theater, educatief centrum, debatcentrum en ateliers. Voor het EC zijn twee varianten onderzocht: a Scenario EC klein met 1 miljoen bezoekers per jaar.
Overdag zijn gemiddeld 250 personen in het gebouw aanwezig en ’s nachts gemiddeld 500 personen. b Scenario EC breed met 1,5 miljoen bezoekers per jaar. Overdag zijn gemiddeld 350 personen in het gebouw aanwezig en ’s nachts gemiddeld 750 personen. Voor een inschatting van de populatie is uitgegaan van de volgende uitgangspunten. Het EC is 7 dagen per week geopend gedurende het grootste deel van het etmaal. De drukste perioden zijn de donderdag, vrijdag en zaterdagavond. We hebben de bovenstaande aantallen aangehouden gedurende de gehele dagperiode respectievelijk nachtperiode. 4.4 Vergelijking met bestaande analyses In het kader van diverse ruimtelijke ontwikkelingen in de omgeving zijn meerdere risicoberekeningen uitgevoerd. Daar waar mogelijk sluiten we aan op deze uitgangspunten. Tabel 3 is een overzicht van de betreffende analyses en resultaten. In hoofdstuk 5 zal blijken dat voor zowel de buisleiding als de snelweg de rekenresultaten lager uitvallen. Voor beide risicobronnen geldt namelijk dat het te beschouwen kilometertraject gunstiger ligt ten opzichte van de betreffende studies.
11
Erotisch centrum Amsterdam
Voor de buisleiding hoeft een deel van de leiding dat in de Rivierenbuurt ligt niet te worden beschouwd en voor de A10 vervalt een deel van het traject aan de westzijde vanaf station Amsterdam Zuid. Bovendien is gekozen om met de wegprognoses voor 2033 te rekenen. Deze zijn voor de maatgevende stofcategorie GF3 een factor 5 lager dan de intensiteiten uit het Basisnet die voorheen zijn aangehouden. tabel 3: resultaten risicoberekeningen nabijgelegen ontwikkelingen Onderzoek
Gerelateerd plan
Groepsrisico A10
Opmerking
Kop Zuidas
Groepsrisico buisleiding 0,35
AVIV 2017
19,3
Maatgevend traject buisleiding ligt verder naar het oosten
AVIV 2015 DMB Amsterdam 2012
Vivaldi Rivierenbuurt
0,4
18,2 -
Arcadis 2010 AVIV 2014
MER Zuidas Ravel
-
7,0 9,7 + 8,0
KEMA 2012
Schoolwerktuinen Kalfjeslaan
0,01
-
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
12
Maatgevend traject buisleiding ligt verder naar het oosten Km vak 17,1 – 18,1 Rijbanen niet opgeteld Terreinen niet beschouwd; traject ligt zuidoostelijk
Erotisch centrum Amsterdam
5. Resultaten
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
5.1 Hogedruk aardgasleiding Voor de hogedruk aardgasleiding geldt dat ter hoogte van het plangebied geen sprake is van een plaatsgebonden risico 10-6/jaar, zodat aan de grenswaarde van het plaatsgebonden risico wordt voldaan. Afhankelijk van de gekozen optie ligt de planlocatie geheel of gedeeltelijk binnen de 10-7/jaar PR-contour (locatie 2A en 2B) of direct buiten de 10-8/jaar PR-contour (locatie 1).
figuur 4: PR-contouren buisleiding W-534-01
Rondom de leiding ligt een belemmeringengebied van 4 meter waarbinnen geen bouwwerken mogen worden opgericht en waarvoor een vergunningstelsel geldt voor graafwerkzaamheden. Dit staat aangewezen in artikel 5.18 lid b van het Bkl. Bij de keuze voor de locatie houdt de gemeente Amsterdam rekening met dit belemmeringengebied. Het nieuwe gebouw komt buiten dit gebied. Verder geldt voor de leiding dat de 100% letaliteitsafstand 80 meter bedraagt en het brandaandachtsgebied 170 meter vanaf het midden van de buisleiding. De geprojecteerde locaties voor het erotisch centrum liggen geheel of gedeeltelijk binnen de 100% letaliteitsafstand en geheel binnen het brandaandachtsgebied.
13
Erotisch centrum Amsterdam
De gemeente kan voor dit gebied een brandvoorschriftengebied vaststellen, waardoor aanvullende brandwerende eisen gelden. Omdat de voorgenomen ontwikkeling geen zeer kwetsbaar object betreft, kan de gemeente in dit geval gemotiveerd afwijken door geen brandvoorschriftengebied vast te stellen. In figuur 6 is het groepsrisico weergegeven voor de autonome situatie en voor de plansituaties. Voor locatie 1 is de bijdrage van het erotisch centrum zodanig klein vergeleken met overige bebouwing dat deze gelijk is aan de referentiesituatie. Voor locatie 2 is het groepsrisico hoger met bij de brede planrealisatie 0,12 keer de oriëntatiewaarde.
14
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
figuur 5: zones langs buisleiding W-534-01
Erotisch centrum Amsterdam
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
figuur 6: fN-curves groepsrisico. Locatie 2 leidt tot een hoger groepsrisico dan locatie 1
Tabel 4 toont de karakteristieken van de fN-curve voor de verschillende scenario’s. Bij locatie 1 is de bijdrage van overige bebouwing zodanig dat de maatgevende kilometer ten zuiden van de planlocatie ligt (stationing 2390 – 3390). Bij locatie 2 verschuift de curve richting de planlocatie stationing (2650 – 3650). In figuur 7 en 8 zijn deze kilometers buisleiding weergegeven. In tabel 4 is in de eerste drie regels de ééngetalswaarde van het groepsrisico toegelicht. Dit is de locatie in de grafiek waar het berekende groepsrisico het dichtst bij de oriëntatiewaarde ligt. Dit betreft de verhouding, het aantal slachtoffers waarvoor dit geldt en de bijbehorende kans. Verder staat in de tabel de kans op 10 slachtoffers weergegeven (kruising grafiek met de y-as) en het grootste slachtofferaantal (kruising grafiek met de x-as). tabel 4: karakteristieken fN-curve en normwaarde groepsrisico leiding W-534-01 Karakteristiek Maximum verhouding tot oriëntatiewaarde Aantal slachtoffers bij maximum verhouding Kans bij maximum verhouding Kans 10 slachtoffers Maximumaantal slachtoffers
Huidige situatie 0,069
EC klein locatie 1 0,069
EC klein locatie 2 0,091
EC breed locatie 1 0,069
EC breed locatie 2 0,118
121
121
332
121
325
4,71 * 10-8/jr
4,71 * 10-8/jr
8,24 * 10-9/jr
4,71 * 10-8/jr
1,12 * 10-8/jr
2,53 * 10-7/jr 436
2,63 * 10-7/jr 436
3,23 * 10-7/jr4 499
2,68 * 10-7/jr 499
2,95 * 10-7/jr 538
4
Omdat voor locatie 2 voor het kleine en grote scenario een andere kilometer leiding maatgevend is, leidt dit ertoe dat de curve voor het kleine EC bij minder dan 30 slachtoffers boven die van de grote variant reikt.
15
Erotisch centrum Amsterdam
figuur 7: ligging stationing 2390-3390 (groen)
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
16
figuur 8: ligging stationing 2650-3650 (groen)
Erotisch centrum Amsterdam
5.2 A10 Het plaatsgebonden risico is voorgeschreven in de Regeling basisnet. Vanaf het midden van de weg zijn de volgende afstanden voorgeschreven: • 0 meter voor de 10-6/jaar PR-contour; • 81 meter voor de 10-7/jaar PR-contour. De risicoberekeningen voor de A10 zijn gebaseerd op lagere transportintensiteiten dan voorheen waren opgenomen in de Regeling basisnet. Deze afstanden zijn: • 0 meter voor de 10-6/jaar PR-contour; • 15 meter voor de 10-7/jaar PR-contour; • 71 meter voor de 10-8/jaar PR-contour. De betreffende afstanden gelden vanaf de gemodelleerde rijlijnen. Bij realisatie van het Zuidasdok vervallen de transporten GF3 en nemen de PR-contouren af naar 10 meter voor de 10-7/jaar PR-contour en 28 meter voor de 10-8/jaar PR-contour.
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
De contouren volgens het Basisnet en bij de prognose van 2033 zonder Zuidasdok staan uitgewerkt in figuur 9 respectievelijk figuur 10. Voor de wettelijke toetsing moet worden uitgegaan van de afstanden uit de Regeling basisnet. Het Basisnet geeft geen afstand voor de 10-8/jaar PR-contour; deze ontbreekt daarom in figuur 9. De blauwe contour uit figuur 9 is de 10-7/jaar PR-contour en moet worden vergeleken met de blauwe contour uit figuur 10.
figuur 9: voorgeschreven PR-contouren Basisnet
figuur 10: rekenkundig bepaalde PR-contouren
Beide locaties liggen buiten het brandaandachtsgebied, maar binnen het explosieaandachtsgebied en het (toekomstige) gifwolkaandachtsgebied. Het explosieaandachtsgebied is na realisatie van het Zuidasdok, door het komen te vervallen van het transport van categorie GF3, niet meer relevant.
17
Erotisch centrum Amsterdam
Situatie voor realisatie Zuidasdok In tabel 5 en figuur 12 is het groepsrisico weergegeven voor de autonome situatie en verschillende varianten van de planrealisatie. Het groepsrisico wordt voornamelijk bepaald door de omliggende populatie en dan vooral die ten westen van de planlocatie. Bij een realisatie van locatie 1 als brede variant is sprake van een toename van 1,57 naar 1,69 keer de oriëntatiewaarde. Bij de andere varianten is het groepsrisico voor de normwaarde gelijk aan de referentiesituatie: 1,57 keer de oriëntatiewaarde. De kleine variant op locatie 2 is niet gevisualiseerd, maar ook hiervoor is de normwaarde gelijk aan de referentiesituatie. Bij andere aantallen slachtoffers vertonen de curven wel marginale verschillen; locatie 1 heeft daardoor een grotere kans op 10 slachtoffers. Het maximumaantal slachtoffers wordt bepaald door bebouwing elders langs het traject en is voor alle scenario’s gelijk. tabel 5: karakteristieken fN-curve en normwaarde groepsrisico A10 zonder zuidasdok Karakteristiek Maximum verhouding tot oriëntatiewaarde Aantal slachtoffers normwaarde Kans normwaarde Kans 10 slachtoffers Maximumaantal slachtoffers
18
Huidige situatie 1,57 819 2,3 * 10-8/jr 3,4 * 10-7/jr 2.303
EC klein locatie 1 1,57 819 2,3 * 10-8/jr 3,8 * 10-7/jr 2.303
EC breed locatie 1 1,69 776 2,8 * 10-8/jr 3,8 * 10-7/jr 2.303
EC breed locatie 2 1,57 819 2,3 * 10-8/jr 3,5 * 10-7/jr 2.303
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
figuur 11: aandachtsgebieden langs A10: alle locatieopties liggen buiten het brandaandachtsgebied, maar binnen het explosieaandachtsgebied. Het ministerie heeft voorgenomen om langs basisnetroutes ook een gifwolkaandachtsgebied aan te wijzen.
Erotisch centrum Amsterdam
figuur 12: fN-curven A10 zonder zuidasdok
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
Situatie na realisatie Zuidasdok In figuur 13 is het groepsrisico weergegeven voor de autonome situatie en voor de plansituatie voor locatie 1 breed. Het groepsrisico is in beide gevallen kleiner dan 0,001 keer de oriëntatiewaarde en daarmee als zeer laag te beschouwen. Dat geldt ook voor de andere varianten die niet apart zijn beschouwd, maar een groepsrisico hebben dat tussen de weergegeven lijnen uit figuur 13 in ligt.
figuur 13: het groepsrisico na realisatie van het Zuidasdok is zeer laag. Hoewel de waarden kleiner dan 0,0005 keer de oriëntatiewaarde niet uit RBMII volgen, is met reconstructie een groepsrisico te bepalen als 0,00017 keer de oriëntatiewaarde in de referentiesituatie en 0,00019 keer de oriëntatiewaarde bij realisatie van locatie 1 breed.
19
Erotisch centrum Amsterdam
6. Conclusies Hieronder is per aspect het resultaat weergegeven. Plaatsgebonden risico Voor zowel hogedruk aardgasleiding W-534-01-deel 1 als de Rijksweg A10 geldt dat het plaatsgebonden risico ter plaatse van de planlocatie lager is dan 10-6/jaar. Daarmee voldoet het plan aan de wettelijke grenswaarde. Belemmeringengebied Langs de hogedruk aardgasleiding ligt een belemmeringengebied. Deze strook ligt 4 meter aan weerszijden van de leiding. Binnen deze strook mag niet gebouwd worden. Het nieuwe gebouw moet buiten het belemmeringengebied geprojecteerd worden. Groepsrisico Het groepsrisico van de hogedruk aardgasleiding bedraagt: • voor de referentiesituatie 0,07 keer de oriëntatiewaarde; • realisatie van locatie 1 breed 0,07 keer de oriëntatiewaarde; • realisatie van locatie 1 klein 0,07 keer de oriëntatiewaarde; • realisatie van locatie 2 breed 0,12 keer de oriëntatiewaarde; • realisatie van locatie 2 klein 0,09 keer de oriëntatiewaarde. Bij alle voorgenomen ontwikkelingen blijft het groepsrisico lager dan de oriëntatiewaarde. Daarmee wordt voor alle varianten van de voorgenomen ontwikkeling voldaan aan het gemeentelijk beleid.
Bij de brede ontwikkeling van het erotisch centrum op locatie 1 is sprake van een toename van het groepsrisico ten opzichte van de autonome situatie en boven de oriëntatiewaarde. In dat geval is de ontwikkeling slechts na afweging van burgemeester en wethouders toegestaan. Voor de kleine ontwikkeling op locatie 1 en voor de brede of kleine ontwikkeling op locatie 2 neemt het groepsrisico niet toe, zodat deze ontwikkeling voldoet aan het gemeentelijke beleid. Het groepsrisico van de Rijksweg A106 bedraagt na realisatie Zuidasdok minder dan 0,001 keer de oriëntatiewaarde voor zowel de referentiesituatie als de planrealisatie. Daarmee wordt voor alle varianten van de voorgenomen ontwikkeling voldaan aan het gemeentelijke beleid.
5
Voor de volledigheid merken wij op dat dit gaat om de kilometer A10 ter hoogte van de planlocatie met het hoogste groepsrisico. 6 Voor de volledigheid merken wij op dat dit gaat om de kilometer A10 ter hoogte van de planlocatie met het hoogste groepsrisico.
20
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
Het groepsrisico van de Rijksweg A105 bedraagt voor realisatie Zuidasdok: • voor de referentiesituatie 1,57 keer de oriëntatiewaarde; • realisatie van locatie 1 breed 1,69 keer de oriëntatiewaarde; • realisatie van locatie 1 klein 1,57 keer de oriëntatiewaarde; • realisatie van locatie 2 breed 1,57 keer de oriëntatiewaarde; • realisatie van locatie 2 klein 1,57 keer de oriëntatiewaarde.
Erotisch centrum Amsterdam
Aandachtsgebieden Voor de hogedruk aardgasleiding geldt een brandaandachtsgebied van 170 meter aan weerszijden van de leiding. Omdat het erotisch centrum geen zeer kwetsbaar gebouw is, heeft de gemeente Amsterdam de beleidsvrijheid om een brandvoorschriftengebied wel of niet vast te stellen. Als zij dit doet, moet voldaan worden aan de artikelen 4.90 tot en met 4.95 uit het Bbl. In paragraaf 3.1.2 staan deze voorschriften beschreven. Beide locaties liggen buiten het brandaandachtsgebied van de A10, maar binnen het explosieaandachtsgebied en het (toekomstige) gifwolkaandachtsgebied. Wij merken op dat het brandaandachtsgebied in dit geval 7 een wettelijk verplicht brandvoorschriftengebied is. De bovengenoemde artikelen uit het Bbl zijn daarom verplicht wanneer het gebouw toch in het brandaandachtsgebied komt te staan. Het explosieaandachtsgebied is na realisatie van het Zuidasdok - door het komen te vervallen van het transport van categorie GF3 - niet meer relevant. De verwachting is dat de gemeente Amsterdam voor deze locatie er dan voor kiest om het explosieaandachtsgebied niet als explosievoorschriftengebied aan te wijzen. Doet zij dit wel dan is artikel 4.96 uit het Bbl van toepassing.
k:\doc\m\2024\1139\m2024113900r001v4_rapportage_externe_veiligheid.docx 12-03-2025
W.J. (Wim) Wigerink DGMR Industrie, Verkeer en Milieu B.V.
7
Voor het basisnet weg betreft dit wegen met 4.000 of meer tankwagens brandbare vloeistoffen per jaar.
21
Erotisch centrum Amsterdam
Bijlage 1 Titel
Populatie groepsrisicoberekeningen
Erotisch centrum Amsterdam
Deze bijlage beschrijft op welke wijze de beschouwde populatiegegevens tot stand zijn gekomen. BAG-populatieservice Voor de bestaande situatie zijn de gegevens uit de BAG-populatieservice (versie 1 juli 2024) opgevraagd voor gebruik in CAROLA en RBMII. Hierbij is het gebied tot 200 meter van de buisleiding en 400 meter vanaf de snelweg als invloedsgebied beschouwd. Daarbij zijn evenementen en terreinen apart beschouwd. Figuren B1.1 en B1.2 tonen de populatiegegevens voor dag en nacht in de vorm van polygonen voor de snelweg A10 en de buisleiding. Voor open locaties binnen 100 meter van de A10 en buisleiding hebben we de bestemming gecontroleerd op basis van bestemming, feitelijk gebruik en de risicoberekening van AVIV uit 2017 voor bestemmingsplan Kop Zuidas 2018.
figuur B1.1: populatie dagperiode BAG populatieservice
Erotisch centrum Amsterdam
figuur B1.2: populatie nachtperiode BAG populatieservice
Controle en aanvulling gevoelige populatie In tabel B1.1 hebben we de BAG-populatie voor de kavels nabij de A10 vergeleken met de populatie zoals opgenomen in de risicoberekeningen van AVIV uit 2017. Groot verschil tussen beide bronnen is dat het AVIV-onderzoek uitgaat van een bestemmingsplancapaciteit en de BAG van het feitelijke gebruik. Bij een aantal functies die inmiddels zijn gerealiseerd, zoals ‘gemengd’ of bij kantoren waarin horeca mogelijk is leidt dit tot grotere verschillen. Om die reden is voor een aantal kavels beoordeeld welke populatie moet worden aangehouden. Voor twee niet ingevulde kavels K59 en K60 gaan we uit van de volledige ontwikkeling zoals in de studie van AVIV opgenomen (geel in tabel B1.1), voor ingevulde kavels hanteren we de BAGpopulatie. Daarbij hebben we voor de kavels R02, V03, V04, K091, K01T en K07 een correctie gedaan op de BAG-populatie of een aangepaste populatie gehanteerd op basis van feitelijk gebruik (groen in tabel B1.1). Voor overige kavels is de BAG-populatie het meest representatief (wit in tabel B1.1).
Erotisch centrum Amsterdam
tabel B1.1: vergelijking en aanvulling kavels nabij risicobronnen Kavel K078
AVIV 2017 dag 2743
AVIV 2017 nacht 135
BAG 2024 dag 2219
BAG 2024 nacht 0
R01 R02 R03
1461 127 3026
1435 127 3380
1139 Som 6 objecten: 1482
509 Som 6 objecten: 1433
K142 V02 V03
1235 1545 1545
60 83 83
846 1586 -
0 481 -
V04
1033
58
0
986
K095
1538
75
0
0
K102 K073
0 1389
0 77
0 4743
0 268
K05 K03 BH2 K091
499 1102 259 1831
853 54 517 3
529 637 214 7114
0 197 343 5028
K01T K52 K56 G K57 H K58 - J K59 L
0 752 280
0 52 140
739 538 435
1705 262 390
165
330
152
301
1495 583
715 1166
636 -
402 -
K60 K
1495
715
-
-
K07 - I BH1
66 259
2 517
428 -
303 -
K098
1281
63
1266
94
Conclusie Toekomstige ontwikkeling kantoor van 25.500 m2 (waarvan 1.500 m2 voorzieningen). Populatie BAG is hiervoor representatief. Terrein Separate opgave opdrachtgever: • 1350 woningen • 57.000 m2 kantoor • 6.275 m2 voorzieningen • 4.000 m2 maatschappelijk Op basis van 2,4 pers/woning, 15 m2 bvo p.p. voor kantoor en 15 m2 bvo p.p. voor overige functies rekenen we met 5.763 / 3240 personen
Deels gereserveerd voor Zuidasdok; we rekenen met 2/3 van de eerder aangehouden populatie op het achterste deel van de kavel: 1030 / 56 234 kamers; 234 personen overdag, 468 in de nacht Congresruimte 300 personen overdag Datacenter – 50 personen overdag vanwege klein kantoor Laadstations – geen aanwezigen Conform de bezetting van het gebouw is de BAG representatief; voor dergelijk gebruik (bank, advocatenkantoor en ambassade) lijkt een lager kental mogelijk. Worst-case passen we dit niet aan; de invloed op het groepsrisico is vanwege de afstand tot de maatgevende kilometer klein.
Evenementengebouwen. In overleg met opdrachtgever AVIV 2017 aangehouden. Hotel met 650 kamers: 650/1300 personen
Nog niet ingevuld in BAG 2024; overnemen uit AVIV 2017. Er zijn kaarten met een actuelere ligging, maar daaruit zijn geen aanwezigheidsgegevens te herleiden. Nog niet ingevuld in BAG 2024; overnemen uit AVIV 2017. Er zijn kaarten met een actuelere ligging, maar daaruit zijn geen aanwezigheidsgegevens te herleiden. Synagoge; evenement Toekomstige ontwikkeling 94 appartementen en kinderdagverblijf. We rekenen met 2,4 personen per appartement en 50 aanwezigen voor het kinderdagverblijf: 163 personen overdag en 226 in de nacht. Toekomstige ontwikkeling kantoor van 22.000 m2 (inclusief voorzieningen). Populatie BAG is hiervoor representatief.
Erotisch centrum Amsterdam
figuur B1.3: kavelindeling AVIV 2017
Voor de meeste calamiteiten is men buiten kwetsbaarder dan in een gebouw. Open terreinen kunnen daardoor extra bijdragen aan het groepsrisico. In tabel B1.2 staan de gemodelleerde terreinen uitgewerkt. De bijdrage van sportterreinen aan het groepsrisico van de A10 is in dit geval beperkt. Transport over de weg vindt (vrijwel) alleen op doordeweekse dagen plaats, terwijl sportterreinen in het weekend de drukste bezetting hebben. tabel B1.2: invulling terreinen Terrein
Populatie dag
Beatrixpark Sportpark Goed Genoeg Amstelpark Amstelpark (evenement) Begraafplaats Zorgvlied Volkstuinen Tennispark Overamstel Sportpark Overamstel
20/ha – 100% 30/ha 20/ha – 100% 20 personen 25/ha 50/ha 30/ha
Populatie nacht 20/ha – 25% 15/ha 20/ha – 25% 0 25/ha 25/ha 15/ha
Toelichting
Sportterrein, voetbal
Alleen overdag open
Buisleiding
A10
N.v.t. N.v.t. X X X X N.v.t. N.v.t.
X X X X X X X X
Evenementen hebben gedurende korte tijd een groot aantal aanwezigen. Daardoor is er een kleine kans op een groot aantal slachtoffers. Tabel B1.3 geeft een overzicht van de aangehouden aantallen op basis van de BAG-populatie en de tijden. Het De Mirandabad, Rosarium en Paviljoen Amsteltrouw kunnen zodanig vaak in gebruik zijn dat zij niet als evenement, maar als bedrijf zijn gemodelleerd.
Erotisch centrum Amsterdam
tabel B1.3: modellering evenementen Object(en) De Mirandabad (binnen) De Mirandabad (buiten)
Populatie dag 2254 – 100% 119 – 50%
Populatie nacht 2254 - 33% 119 - 17%
LJG Synagoge
428 – 3%
428 – 1%
Rosarium
129
500
Paviljoen Amsteltrouw
125 – 100%
33%
Evenementen Amstelpark
1000/ha, 15 x 8 uur – 3%
1000/ha, 15 x 4 uur – 1%
Toelichting Alle dagen geopend van 7.00 tot 22.30 uur Uitgaande dat 50% van de tijd het buiten geschikt weer is en het bad 1/3 van de nachtperiode is geopend. Diensten vrijdagavond (1 uur) en zaterdagochtend (2,5 uur) Afgestemd met opdrachtgever: 500 personen in de avondperiode aanwezig. Openingstijden niet bekend; beschouwd als continu. 25% buiten Pure Markt (12 x 1 dag) + Trek (1x 3 dagen)
Stations Verkeersdeelnemers worden in een groepsrisicoberekening niet beschouwd. De aanwezigen op de stations Amsterdam Zuid en Amsterdam RAI worden daarom -net als weggebruikers op de A10- niet in de berekeningen opgenomen. Wel is voor station Amsterdam Zuid rekening gehouden met de winkels in de onderdoorgang. Populatie buiten 400 meter De zone van 200 meter rondom de buisleiding en 400 meter omvat het gehele gebied waar slachtoffers kunnen vallen als gevolg van een brand of explosie. Bij een gifwolk is er modelmatig een kans op slachtoffers buiten deze afstanden. Voor dit gebied rekenen we, voor de dag- en nachtperiode, met een kental van 120 pers/ha voor een woonkern.
Erotisch centrum Amsterdam
Bijlage 2 Titel Toelichting
Modelrapportage CAROLA We hebben vijf varianten beschouwd die vrijwel identiek zijn. Alleen de variant Locatie 2 breed hebben we toegevoegd; deze heeft de hoogste rekenresultaten
Kwantitatieve Risicoanalyse Planrealisatie EC Loc2 breed Door: EDB
Samenvatting
Pagina 2 van 32
Inhoud Samenvatting ......................................................................................................... 2 1 Inleiding ............................................................................................................. 5 2 Invoergegevens ................................................................................................... 7 2.1 Interessegebied ............................................................................................ 7 2.2 Relevante leidingen........................................................................................ 7 2.3 Populatie..................................................................................................... 17 3 Plaatsgebonden risico........................................................................................... 20 3.1 Figuur 3.1 Plaatsgebonden risico voor 9427_leiding-A-807-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .......................................................................................... 20 3.2 Figuur 3.2 Plaatsgebonden risico voor 9427_leiding-W-534-01-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .......................................................................................... 21 3.3 Figuur 3.3 Plaatsgebonden risico voor 9427_leiding-W-534-02-deel-1 van N.V.
Nederlandse Gasunie .......................................................................................... 21 3.4 Figuur 3.4 Plaatsgebonden risico voor 9427_leiding-W-540-01-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .......................................................................................... 22 3.5 Figuur 3.5 Plaatsgebonden risico voor 9427_leiding-W-580-01-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .......................................................................................... 22 4 Groepsrisico screening ......................................................................................... 24 4.1 Figuur 4.1 Groepsrisico screening voor 9427_leiding-A-807-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .......................................................................................... 24 4.2 Figuur 4.2 Groepsrisico screening voor 9427_leiding-W-534-01-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .......................................................................................... 25 4.3 Figuur 4.3 Groepsrisico screening voor 9427_leiding-W-534-02-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .......................................................................................... 25 4.4 Figuur 4.4 Groepsrisico screening voor 9427_leiding-W-540-01-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ..........................................................................................
26 4.5 Figuur 4.5 Groepsrisico screening voor 9427_leiding-W-580-01-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .......................................................................................... 27 5 FN curves........................................................................................................... 29 5.1 Figuur 5.1 FN curve voor 9427_leiding-A-807-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 810.00 en stationing 1810.00 ............................. 29 5.2 Figuur 5.2 FN curve voor 9427_leiding-W-534-01-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2650.00 en stationing 3650.00 ................ 29 5.3 Figuur 5.3 FN curve voor 9427_leiding-W-534-02-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 0.00 en stationing 0.00 .......................... 30 5.4 Figuur 5.4 FN curve voor 9427_leiding-W-540-01-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 0.00 en stationing 0.00 .......................... 30 5.5 Figuur 5.5 FN curve voor 9427_leiding-W-580-01-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 0.00 en stationing 0.00 .......................... 30 6 Conclusies ..........................................................................................................
31 7 Referenties......................................................................................................... 32 Pagina 3 van 32
Pagina 4 van 32
1 Inleiding In deze rapportage worden de gebruikte invoergegevens en de door CAROLA gegenereerde resultaten weergegeven. Deze gegevens vormen de basis voor een QRA-rapportage. Naast deze basisinvoergegevens en –resultaten wordt in de Handleiding Risicoberekeningen BevB aangegeven welke elementen ook in de QRA beschreven moeten worden. In onderstaand overzicht worden welke elementen beschreven moeten worden en of deze door CAROLA worden aangeleverd. Indien de elementen niet door CAROLA worden gegenereerd, moeten ze door de opsteller van de QRA-rapportage worden ingevuld. Het meest recente overzicht van de te beschrijven elementen wordt gegeven in de van kracht zijnde versie van de Handleiding Risicoberekeningen Bevb. In CAROLA berekeningen wordt gebruik gemaakt van de parameters conform de Handleiding Risicoberekeningen Bevb [1]. Achtergrondinformatie over de berekeningen kan worden gevonden in [2, 3, 4, 5].
Pagina 5 van 32
Overzicht van de elementen die in een QRA gerapporteerd moeten worden. Onderwerp
1
2
3
Algemene rapportgegevens Administratieve gegevens: naam en adres van de leidingexploitant(en) (volgens Bevb) naam en adres van de opsteller van de QRA Reden opstellen QRA Gevolgde methodiek rekenpakket met versienummer parameterbestand met versienummer Peildatum QRA datum van de berekening datum van aanmaak van de buisleidinggegevens Algemene beschrijving van de buisleiding(en) Gegevens buisleiding naam buisleiding diameter druk eventuele mitigerende maatregelen Ligging van de leiding, aan de hand van kaart(en) op schaal. leiding noordpijl en schaalindicatie Beschrijving omgeving Omgevingsbebouwing en gebiedsfuncties
Vertrouwelijk/
Aangeleverd
Openbaar
door CAROLA
Openbaar
Deels
Openbaar Openbaar
Nee Nee Ja
Openbaar
Openbaar
Openbaar
4
Een beschrijving van de bevolking rond de buisleiding, onder opgave van de wijze waarop deze beschrijving tot stand is gekomen (o.a. incidentele bebouwing, lintbebouwing) Mogelijke gevaren van buiten de buisleiding die op de buisleiding effect kunnen hebben (risicoverhogende objecten, buurbedrijven/ activiteiten, vliegroutes, windturbines) Gebruikt weerstation Beschrijving per leiding van mogelijke risico’s voor de omgeving Samenvattend overzicht van de resultaten van de QRA, waarin tenminste is opgenomen: Kaart met het berekende plaatsgebonden risico, met contouren voor 10-4, 10-5, 10-6, 10-7 en 10-8 (indien aanwezig) FN-curve, voor zowel huidige als toekomstige situatie, met het groepsrisico voor de kilometer buisleiding met de grootste overschrijding van de oriënterende waarde. Op de horizontale as van de grafiek met de FN-curve wordt het aantal dodelijke slachtoffers uitgezet, op de verticale as de cumulatieve kans tot 10-9 per jaar FN-datapunt waarbij de maximale overschrijding van de oriëntatiewaarde optreedt, inclusief de factor van de overschrijding Grafiek met de screening van het groepsrisico Beschrijving of er kwetsbare bestemmingen en/of beperkt kwetsbare bestemmingen binnen de PR contour van 10-6 per jaar zijn Voorgestelde preventieve en repressieve maatregelen die in de QRA zijn meegenomen
Ja Ja Ja Ja Ja Ja
Openbaar
bestemmingsplannen al dan niet gedeeltelijk binnen de PR 10-6-contour en het invloedsgebied Actuele topografische kaart
Ja Nee
Ja indien ingevoerd Openbaar Openbaar
Ja indien ingevoerd Nee
Openbaar
Nee
Openbaar
Ja
Openbaar
Ja
Openbaar
Ja
Openbaar
Ja
Openbaar
Ja
Openbaar Openbaar
Ja Nee
Openbaar
Ja
Pagina 6 van 32
2 Invoergegevens De risicoberekeningen die in dit rapport zijn beschreven zijn uitgevoerd met CAROLA versie 1.0.0.52. De gehanteerde parameterfile heeft versienummer 1.3. De berekeningen zijn uitgevoerd op 27-02-2025. Dit project is opgeslagen onder de naam K:\PRJ\M\2024\113900 Gemeente Amsterdam erotisch centrum Amsterdam\09 - Modellen\Erotisch_centrum.crp en is laatstelijk bijgewerkt op 27-02-2025. Voor de berekeningen is gebruik gemaakt van de meteorologische gegevens van het weerstation Schiphol. De gebruikte ruwheidslengte is 0,1 meter. In dit hoofdstuk worden de verschillende invoergegevens nader gespecificeerd in de navolgende secties. 2.1 Interessegebied Het interessegebied is weergegeven in figuur 2.1 Figuur 2.1 Interessegebied voor de uitgevoerde risicoberekeningen
2.2 Relevante leidingen Op basis van het gespecificeerde interessegebied zijn de volgende aardgastransportleidingen meegenomen. Eigenaar
Leidingnaam
Diameter [mm]
Druk [bar]
Datum aanleveren gegevens
Pagina 7 van 32
N.V. Nederlandse Gasunie
9427_leidingA-807-deel-1
762.00
66.20
25-09-2024
N.V. Nederlandse Gasunie
9427_leidingW-534-01deel-1
406.40
40.00
25-09-2024
N.V. Nederlandse Gasunie
9427_leidingW-534-02deel-1
273.10
40.00
25-09-2024
N.V. Nederlandse Gasunie
9427_leidingW-540-01deel-1
323.90
40.00
25-09-2024
N.V. Nederlandse Gasunie
9427_leidingW-580-01deel-1
168.30
25.00
25-09-2024
De exploitant specifieke factoren voor casuïstiek (cluster 1b), actief rappel (cluster 1C) en mitigerende maatregelen corrosie staan beschreven in Tabel 11 van Module B van de Handleiding Risicoberekeningen Bevb [1]. De leidingen zijn gevisualiseerd in figuur 2.2. Figuur 2.2 Buisleidingen aanwezig in de omgeving van het interessegebied
Leidingen meegenomen in de risicoberekeningen Leidingen waarvoor de houdbaarheidsdatum van de gegevens verstreken is
Pagina 8 van 32
De volgende risicomitigerende maatregelen zijn meegewogen in de risicostudie: Leidingnaam
Mitigerende maatregel
Begin stationing
Eind stationing
9427_leidingA-807-deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
0.000
163.350
9427_leidingA-807-deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
169.430
216.230
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten striktere begeleiding van werkzaamheden
216.230
596.880
9427_leidingA-807-deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
596.880
616.400
9427_leidingA-807-deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
619.270
806.960
9427_leidingA-807-deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
817.130
837.900
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten striktere begeleiding van werkzaamheden
837.900
883.060
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten
883.060
889.880
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten
889.880
962.110
Pagina 9 van 32
striktere begeleiding van werkzaamheden 9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten
962.110
962.300
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten striktere begeleiding van werkzaamheden
962.300
988.270
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten
988.270
993.550
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten striktere begeleiding van werkzaamheden
993.550
1306.060
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten
1306.060
1313.050
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten striktere begeleiding van werkzaamheden
1313.050
1335.130
Pagina 10 van 32
9427_leidingA-807-deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
1335.130
1373.660
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten striktere begeleiding van werkzaamheden
1373.660
1453.340
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten
1453.340
1455.860
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten striktere begeleiding van werkzaamheden
1455.860
1529.510
9427_leidingA-807-deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
1529.510
1546.270
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten striktere begeleiding van werkzaamheden
1550.830
1630.310
9427_leidingA-807-deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
1630.310
1637.230
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten
1637.230
1904.040
Pagina 11 van 32
striktere begeleiding van werkzaamheden 9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten
1904.040
1911.470
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten striktere begeleiding van werkzaamheden
1911.470
2101.510
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten
2101.510
2110.390
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten striktere begeleiding van werkzaamheden
2110.390
2111.280
9427_leidingA-807-deel-1
overeenkomst waarbij grondroerende activiteiten worden uitgesloten
2111.280
2117.410
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
220.030
273.390
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
349.930
467.750
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
509.100
527.610
Pagina 12 van 32
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
558.190
630.280
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
650.690
661.860
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
873.700
874.910
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
887.670
894.020
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
896.560
898.590
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
911.590
921.780
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
951.030
969.900
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
989.690
997.380
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
999.740
1040.460
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
1041.800
1054.690
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
1059.340
1140.690
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
1143.840
1266.620
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
1535.840
1536.900
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
1546.020
1547.910
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
1570.150
1651.540
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
1736.000
1743.360
Pagina 13 van 32
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
1747.790
1755.580
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
1780.230
1793.800
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
1805.640
1806.510
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
1857.960
1912.240
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
1995.190
2016.310
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
2037.040
2058.100
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
2077.490
2116.350
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
2124.770
2129.230
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
2130.480
2138.900
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
2139.840
2154.530
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
2196.820
2201.010
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
2286.850
2315.070
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
2351.040
2443.310
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
2449.180
2456.870
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
2462.110
2467.400
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
2527.310
2551.040
Pagina 14 van 32
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
2704.130
2713.540
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
2764.290
2789.730
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
2796.610
2804.000
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
2903.480
2959.040
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
2976.230
2990.510
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
2992.810
3244.430
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
3264.850
3265.020
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
3265.470
3300.970
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
3301.470
3301.760
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
3301.940
3317.390
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
3326.680
3338.420
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
3345.500
3361.940
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
3363.530
3374.900
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
3377.640
3377.870
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
3394.100
3403.360
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
3418.340
3423.920
Pagina 15 van 32
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
3446.920
3467.820
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
3486.560
3496.390
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
3517.070
3541.290
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
4410.980
4419.330
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
4421.320
4424.170
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
4429.300
4456.280
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
4540.910
4556.240
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
4764.010
4775.650
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
4905.930
4910.060
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
5107.080
5216.130
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
5264.750
5265.860
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
6338.280
6340.680
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
6345.130
6347.870
9427_leidingW-534-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
6350.490
6352.250
9427_leidingW-540-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
462.690
463.450
9427_leidingW-580-01deel-1
striktere begeleiding van werkzaamheden
0.000
752.010
Pagina 16 van 32
2.3 Populatie De ingevoerde populatie is weergegeven in figuur 2.3 Figuur 2.3 Bevolking meegenomen in de risicoberekeningen
Populatietype
Polygoonpunten
Populatiepolygoon
Type
Aant
Dichthei
Vervangmod
Percenta
al
d
us
ge Personen
1000.0
Toevoegen
100/
Nieuwe Populatie
100/ 100/ 100/ 3/ 1
Wonen Werken Evenement
Populatiepolygonen Label
Amstelpark_eveneme
Evenement
nten
Volkstuinen2
Werken
25.0
Toevoege n Nieuwe Populatie
100/ 25/ 100/ 100/ 100/ 100
Pagina 17 van 32
Locatie_2a_breed
Wonen
750. 0
Toevoege n Nieuwe Populatie
100/ 47/ 7/ 7/ 100/ 100
Rosarium_241213
Evenement
500. 0
Toevoege n Nieuwe Populatie
100/ 100/ 7/ 1/ 0/ 25
K59K
Wone n
1495. 0
Vervangen Bestaande Populatie
K60L
Wone n
1166. 0
Toevoege n Nieuwe Populatie
100/ 48/ 7/ 1/ 100/ 100
Populatiebestanden Pad
populatie\Carola\EC+Amsterdam_Geen_terreinen_resultaten_resultaten\wonend_vakantiehuis-dag50-nac
populatie\Carola\EC+Amsterdam_Geen_terreinen_resultaten_resultaten\kantoor_kliniek_onderwijs_winke populatie\Carola\EC+Amsterdam_Geen_terreinen_resultaten_resultaten\hotel-dag0-nacht100.txt
populatie\Carola\EC+Amsterdam_Geen_terreinen_resultaten_resultaten\industrie-dag100-nacht30.txt
populatie\Carola\EC+Amsterdam_Geen_terreinen_resultaten_resultaten\bijeen_sport_cel_zkh-dag100-na
populatie\Carola\EC+Amsterdam_Geen_terreinen_resultaten_resultaten\evenem-P0363100012108276-10
populatie\Carola\EC+Amsterdam_Geen_terreinen_resultaten_resultaten\evenem-P0363100012130713-10
populatie\Carola\EC+Amsterdam_Geen_terreinen_resultaten_resultaten\evenem-P0363100012241744-10
Pagina 18 van 32
populatie\Carola\EC+Amsterdam_Geen_terreinen_resultaten_resultaten\zwembadcomplex_SPORT-dag87
populatie\Carola\EC+Amsterdam_Geen_terreinen_resultaten_resultaten\park_BIJEEN-dag87-nacht47buiten100.txt
populatie\Carola\EC+Amsterdam_Geen_terreinen_resultaten_resultaten\begraafplaats_BIJEENdag87-nacht0-buiten50.txt
Pagina 19 van 32
Werken
3 Plaatsgebonden risico Voor de in voorgaande hoofdstuk genoemde leidingen is het plaatsgebonden risico bepaald. Voor elk van de leidingen wordt het plaatsgebonden risico weergegeven als iso-risicocontouren op een achtergrondkaart. 3.1 Figuur 3.1 Plaatsgebonden risico voor 9427_leiding-A-807-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie