CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 03.03 - Cultuurhistorische analyse.pdf

Raadscommissie Algemene Zaken 3 juli 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptprojectnota Erotisch Centrum vrijgegeven voor inspraak (VN2025-008609)2.935 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Versie 4 december 2024

Europaboulevard Erotisch Centrum Quickscan cultuurhistorie

C24-043 Amsterdam

Gemeente Amsterdam

Inleiding Monumenten en Archeologie (MenA) is gevraagd om de cultuurhistorische waarden in kaart te brengen van de beoogde locatie voor het Erotisch Centrum. Het desbetreffende zoekgebied bevindt zich in de oksel van de afrit S109 van de A10, tussen het Amstelpark en de Europaboulevard. Momenteel is het ingericht als groen- en watercompensatiegebied, maar maakt het geen onderdeel uit van de gemeentelijke Hoofdgroen- of Ecologische structuur. Daarnaast is de locatie onderdeel van het tracébesluit Zuidasdok en zal dit dan ook (deels) worden ingericht als bouwplaats voor de werkzaamheden Zuidasdok. In dit onderzoek wordt eerst de ontwikkeling van het gebied en diens omgeving beschreven in de historisch-stedenbouwkundige context, vervolgens geeft het een overzicht van de waarden van het gemeentelijk monument Amstelpark, op basis waarvan een conclusie en cultuurhistorisch advies volgt voor de beoogde ontwikkeling. Bij cultuurhistorische waarden gaat het over sporen, objecten, patronen en structuren die zichtbaar of niet zichtbaar onderdeel uitmaken van onze leefomgeving en een beeld geven van een historische situatie of ontwikkeling. In veel gevallen bepalen deze cultuurhistorische waarden de identiteit van een plek of gebied en bieden ze aanknopingspunten voor toekomstige ontwikkelingen.

Het is niet nodig alle cultuurhistorische elementen aan te wijzen als beschermd monument of gezicht. Het is wel van belang dat cultuurhistorische waarden worden betrokken in de planvorming en worden meegewogen in de besluitvorming over de inrichting van een gebied.

Plangebied, afbeelding afkomstig uit: Gemeente Amsterdam, Verdiepend locatieonderzoek ontwikkeling Erotisch Centrum 10 maart 2022.

2

Gemeente Amsterdam

Historisch-stedenbouwkundige context Pre-stedelijke ontwikkelingen Tot in de twintigste eeuw was het plangebied nog landelijk gebied en maakte het deel uit van de Binnendijkse Buitenvelderse Polder. In 1921 kwam het door de annexatie van de gemeente Nieuwer-Amstel binnen de grenzen van de gemeente Amsterdam te liggen. Vervolgens werd het plangebied onderdeel van het volkstuinenpark Ons Lustoord, dat in 1922 werd opgericht aan de Zuidelijke Wandelweg: een tijdelijke recreatieve route tussen de Amstelveenseweg en Amsteldijk. Rond dezelfde tijd werd ten noorden van het gebied begonnen met de aanleg van het dijklichaam voor de latere ringspoorbaan. Het Algemeen Uitbreidingsplan In 1935 werd het Algemeen Uitbreidingsplan (AUP) vastgesteld, dat in kaart bracht hoe de uitbreiding van de stad eruit kwam te zien. Het AUP was een plan in hoofdlijnen, waarvan de afzonderlijke wijken werden uitgewerkt in partiële uitbreidingsplannen. Uitgangspunt bij het ontwerpen van de buurten en de woningen was de toetreding van licht, lucht en ruimte, waarbij er gebruik werd gemaakt van brede wegprofielen, groenstroken, water en een open, transparante verkaveling.

Groen had in het AUP een maatgevende rol: dit diende overal aanwezig en voor iedereen toegankelijk te zijn, wat leidde tot de introductie van een geschakeerd groensysteem, waarbij het groen zich vanuit de polders, sportterreinen, volkstuinen en natuur- en recreatiegebieden vertakte via de parken, groenstroken en plantsoenen tot de collectieve hoven en (privé)tuinen. Deze principes zijn ook terug te zien in Buitenveldert, de uitbreidingswijk die in de jaren zestig verrees ten zuiden van de Ringspoorbaan, en de positionering van het Amstelpark, dat tevens was bedacht als tentoonstellingsterrein. Buitenveldert De hoofdopzet van Buitenveldert bestaat uit een raster van (hoofd)verkeersaders, waartussen de verschillende woonbuurten liggen. Aan de westzijde van de wijk ligt het Amsterdamse Bos en aan de oostzijde het Amstelpark, dat met de ligging aan de Amsteloevers onderdeel uitmaakt van één van de in het AUP geïntroduceerde groene scheggen die het omliggende landschap diep de stad in moesten brengen. De beide parken zijn dan ook met elkaar verbonden door middel van een hoogwaardig, geschakeld groensysteem dat zich verder in de wijk vertakt en waarvan het Gijsbrecht van Aemstelpark als groene hoofdas fungeert.

Ook de Europaboulevard speelde hierin een belangrijke rol: de indrukwekkende platanenrijen maken deel uit van de door Stadsontwikkeling in 1963 ontworpen hoofdopzet van het Amstelpark, waardoor de weg ondanks de verkeersfunctie valt te zien als onderdeel van het park. Door de royale beplanting van de Europaboulevard loopt het groen van het Amstelpark als het ware over de weg heen om zich

3

Gemeente Amsterdam

vervolgens verder te vertakken in de woonwijk. De Europaboulevard valt te zien als grens tussen de stad en de groene Amsteloevers. Ringweg A10 In het AUP was een omvattend stelsel van hoofdwegen op maaiveld opgenomen, in de vorm van parkways met ventwegen: breed aangelegde hoofdverkeerswegen op maaiveldniveau die onderdeel zijn van de stedenbouwkundige ruimte. Zo werd een aantal noord-zuidgerichte wegen uit Berlage’s Plan Zuid doorgetrokken naar Buitenveldert, waarbij de Beethovenstraat de stad moest gaan verbinden met Rijksweg 3: een snelweg naar Rotterdam die uiteindelijk nooit is gerealiseerd. Verder is ook de huidige Europaboulevard in die vorm op het plan ingetekend, al moest die aanvankelijk ter hoogte van het huidige Martin Luther Kingpark aantakken op de President Kennedylaan. Deze laatste straat maakte deel uit van de in het AUP bedachte hoofdwegenstructuur in ringrichting, waarbij zowel een ‘binnen-‘ als ‘buitenring’ de oude en nieuwe wijken met elkaar moest verbinden. Toen uiteindelijk werd begonnen met de concrete uitvoering hiervan, besloot men beide ringen echter samen te voegen tot één doorgaande en kruisingsvrije ringweg op een breed talud: de huidige A10.

Voor het zuidelijk deel betekende dit dat de beoogde wegverbinding ter hoogte van station Zuid richting de Rivierenbuurt en Berlagebrug verviel en er via een nieuwe, meer zuidelijk gelegen brug over de Amstel bij Duivendrecht werd aangehaakt op het tracé van wat eerst de ‘buitenring’ was. Hierdoor zou de weg ten zuiden van de stad de loop van de ringspoorbaan gaan volgen. Dit veranderde ook de loop van de Europaboulevard, die nu vanaf het Scheldeplein (dat werd omgedoopt in Europaplein), onder de ringweg doorliep in zuidelijke richting. In 1981 was het zuidelijk deel van de Ring A10 volgens dit plan voltooid. Doordat de Europaboulevard een op- en afrit kreeg, kwam het plangebied geheel tussen wegen in te liggen. Amstelpark Het Amstelpark ligt ten zuiden van het plangebied en was naast park als tentoonstellingsterrein bedacht. Het kreeg als ‘decor’ dan ook een landschappelijke aanleg, waarbij niet werd aangesloten bij het ritme en de rechte lijn van de stad, maar werd geput uit een vormgevingsrepertoire dat teruggreep op de Engelse landschapsstijl, met een enscenering die bestond uit heuvels, boomgroepen die ruimtes maken en inbakenen, glooiende open velden met verre zichten en ingeplante kruisingen van wegen. Uitgangspunt was dat de bezoeker het gevoel moest krijgen een nieuwe wereld te betreden die ver van de stad af lag.

In het ontwerp werd dan ook een wisselwerking met het omringende landschap geënsceneerd: de weidse polder, Amsteloevers en buitenplaats Amstelrust werden door middel van verschillende hoogteverschillen, grote open wiggen en kleinere doorkijkjes onderdeel van het decor, terwijl een waterpartij en dichte bosgordels – die overlopen in de platanenrijen langs de Europaboulevard - het zicht op de stad moesten ontnemen.

4

Gemeente Amsterdam

Onderdeel van het Floriadeterrein Al tijdens de aanleg van het park werd duidelijk dat de Floriade in 1972 het eerste grote evenement was dat er plaats zou vinden. Hoewel het plangebied geen onderdeel uitmaakte van de hoofdopzet van het park, behoorde het wel tot het Floriadeterrein. Het talud van de ringweg (toen nog in aanleg) kreeg namelijk een tijdelijke inrichting als verbinding tussen het Amstelpark en het RAI-terrein met daarachter gelegen Beatrixpark. Door deze opzet werd ook het plangebied bij het Floriadeterrein getrokken, dat werd voorzien van een door beplanting omgeven waterpartij. Via een padenstelsel dat aantakte op de Europaboulevard en het dijklichaam van de ringweg, stond dit via een brug in verbinding met de noordelijke ingang van het Amstelpark. Ook na de voltooiing van het zuidelijk deel van de A10 en afslag S109 bleven restanten van deze Floriade-inrichting aanwezig, al werd er in de jaren tachtig een fietspad naar de parkentree aangelegd dat vlak langs de waterpartij liep. Dit veranderde toen in 2004 een herinrichtingsontwerp werd gemaakt (uitgevoerd in 2006) dat onder andere voorzag in het vergroten van de waterpartij, een nieuwe groeninrichting en de aanleg van de fietsroute door het water. Hierdoor heeft het gebied zijn huidige aanzien gekregen.

Uitsnede van het AUP, met o.a. Buitenveldert en geschakelde groenverbinding tussen het Amsterdamse Bos en de groene Amstelscheg. Het Amstelpark heeft tevens de functie van tentoonstellingsterrein. Ook is hierop het concept van de ‘binnen-‘ en ‘buitenring’ ingetekend, waarbij de President Kennedylaan deel uitmaakt van de binnenring en de Van Nijenrodeweg van de buitenring. De Europaboulevard buigt hier al ter hoogte van het Martin Luther Kingpark af in zuidwestelijke richting. SAA, C. Van Eesteren, STOK0100025000001, 1935.

5

Gemeente Amsterdam

Uitbreidingsplan Buitenveldert, waarop Buitenveldert, inclusief water-, groen- en infrastructuur, verder is uitgewerkt. De Europaboulevard vormt de grens tussen de stad en de groene Amsteloevers, waarin het Amstelpark en het plangebied zijn afgebeeld. Beide gebieden zijn bestemd als ‘terrein met bijzondere bestemming’. Verder springt de (nooit uitgevoerde) Rijksweg 3 in het oog en de Nijenrodeweg die aanvankelijk nog verder door zou lopen in zuidoostelijke richting. SAA, Dienst Publieke Werken, afdeling Stadsontwikkeling, 1960.

Uitsnede van een luchtfoto, genomen tijdens de Floriade, gezien in zuidelijke richting. In het midden loopt de Europaboulevard met links het Amstelpark en rechts Buitenveldert. Te zien is hoe er over het talud van de ring een route loopt naar het Amstelpark. Het plangebied (rood omcirkeld) maakt deel uit van het Floriadeterrein. SAA, B00000033954, april 1972.

6

Gemeente Amsterdam

Het plangebied op een luchtfoto uit 2003, met fietspad dat langs de oostzijde van de waterpartij loopt. De boomen wateraanleg van de Floriade lijkt hier nog (grotendeels) aanwezig te zijn. Bron: data.amsterdam.nl

Foto van het plangebied, genomen vanaf het fietspad, gezien in noordelijke richting. MenA, 31 augustus 2024.

7

Gemeente Amsterdam

Gemeentelijk monument Amstelpark Kernkwaliteiten Amstelpark In 2022 is het Amstelpark aangewezen als gemeentelijk monument. Hoewel dit monument geen deel uitmaakt van het plangebied, kan de mogelijke ontwikkeling van ruimtelijke impact zijn op dit groene monument. In de voor de aanwijzing gemaakte beschrijving Cultuurhistorisch Onderzoek Amstelpark worden de ontwikkelgeschiedenis en het ruimtelijk karakter van het park beschreven, gevolgd door een opsomming van kernkwaliteiten die het park monumentwaardig maken. Uitgangspunt is dan ook dat deze kernkwaliteiten behouden dan wel versterkt dienen te worden. Aangezien de ontwikkeling van het plangebied niet aan alle kernkwaliteiten raakt, volgt hierbij een opsomming van de in het onderzoek benoemde kernkwaliteiten die voor deze opgave van belang zijn: •

Inbedding in de Amstelscheg Het park is een onmisbare schakel in de serie ‘groene’ voorzieningen langs de Amsteloevers, die als onderdeel van de in het Algemeen Uitbreidingsplan geprojecteerde groene scheggen het landschap zo ver mogelijk de stad in moesten brengen. Hiermee heeft het betekenis als structuurelement op stad- en regioniveau.

•

Onderdeel van de stedelijke groenstructuur Het park is onderdeel van de stedelijke groenstructuur van Buitenveldert, waarvan het groen via de Europaboulevard en het Gijsbrecht van Aemstelpark doorloopt tot het Amsterdamse Bos.

•

Wisselwerking met de omgeving De wisselwerking met de landschappelijke omgeving, die door middel van hoogteverschillen, grote open wiggen en kleinere doorkijkjes als visueel verlengstuk van het park fungeert.

•

Een introverte wereld Het gevoel van afstand tot de stad, dat wordt bewerkstelligd door de waterpartij en dichte bosgordels die voor het oog overlopen in de platanenrijen langs de Europaboulevard.

Deze kernkwaliteiten zijn in het onderzoek uitgesplitst in de essentiële dragers die samen de hoofdopzet vormen, en de essentiële invullingen daarvan, waarmee de nog aanwezige Floriadeinvullingen worden bedoeld: de verschillende tuinen, het spoortracé met stations, het Glazen Huis, etc. Omdat de essentiële dragers de manier bepalen waarop het park ruimtelijk wordt beleefd, zijn deze ook het meest kwetsbaar voor (visuele) aantasting door ontwikkelingen in de omgeving. Het gaat hierbij om de volgende essentiële dragers:

8

Gemeente Amsterdam

•

De boomrijke Europaboulevard De platanenrijen waarmee de Europaboulevard is beplant, zijn onderdeel van de hoofdopzet van het park. De Europaboulevard vormt een duidelijke grens tussen de groene Amstelscheg in het oosten en de stad in het westen, waarbij het groen dient als buffer maar ook zorgt als verbinding waarmee het groen zich kan vertakken in de rest van de wijk.

•

Het reliëf (het bastion en zuidelijke heuvel) De verhogingen in het park zijn aangebracht om een wisselwerking met het landschap te creëren. Ook het bastion is daarvoor aangelegd: dit had als functie om over het zuidelijk deel van het park uit te kijken - al biedt het ook (deels) zicht op het plangebied. Het ontwerp van het bastion zelf is van minder hoge cultuurhistorische waarde, aangezien het in 2004 heringericht is.

•

De bosgordels Deze fungeren als het groene casco van het park dat de ruimte geleidt, geven het park haar introverte karakter en zorgen ervoor dat het aan de stadszijde als het ware afgeschermd wordt. Ook de populieren aan de Europaboulevard maken hier deel van uit.

•

De open wiggen Op drie plaatsen in het park zijn wigvormige ruimtes onbeplant gelaten om interessante zichtrelaties te regisseren. De meest noordelijke wig biedt niet alleen zicht op de hoofdentree en het bastion, maar ook op het plangebied.

•

De hoofdpadenstructuur Kern van deze structuur is één centrale, brede allee die de hoofdas vormt waarop alle zijpaden aansluiten. In noordelijke richting loopt een zichtas die uitzicht biedt op het plangebied.

•

De waterstructuur en de bruggen Waterlopen spelen een belangrijke rol als begrenzing van het park.

•

Het doolhof Het doolhof is een bijzonder en uniek element van het park dat door de ligging op een eiland slechts bereikbaar is via een brug. Het bovenste niveau van de betonnen brug biedt direct zicht op het plangebied.

9

Gemeente Amsterdam

Kaart met essentiële dragers van het Amstelpark. Uit: Cultuurhistorisch Onderzoek Amstelpark.

10

Gemeente Amsterdam

Conclusie en advies Conclusie Uit de historisch-stedenbouwkundige context valt te concluderen dat er in het plangebied zelf geen noemenswaardige cultuurhistorische waarden meer aanwezig zijn. Sinds de voltooiing van het zuidelijk deel van de Ring A10 wordt het ingesloten door de op- en afrit S109 en daarnaast heeft het gebied in 2006 een nieuwe inrichting gekregen. De waterpartij is hierbij vergroot en dat wat er nog aan groen resteerde van de Floriade uit 1972, heeft plaats gemaakt voor een nieuwe groeninrichting. Wel grenst het plangebied direct aan het Amstelpark, dat in 2022 is aangewezen als gemeentelijk monument. Kenmerkend en uniek aan dit park is het introverte karakter en de afstand die door het zorgvuldig geënsceneerde ontwerp gevoelsmatig tot de stad ontstaat, terwijl het omringende landschap door visuele verbindingen juist dichtbij voelt. Daarnaast maakt het plangebied deel uit van een groter gebied, waarvan de opzet is bepaald door de principes van het Algemeen Uitbreidingsplan. Hierbij gaat het ten eerste om de groene Amsteloevers, onderdeel van één van de in het AUP geïntroduceerde groene scheggen die via een geschakeld groensysteem het omliggende landschap diep de stad in moesten brengen.

Dit uitgangspunt ligt ook ten grondslag aan de groenstructuur van Buitenveldert, waarbij het groen zich van het Amstelpark via de Europaboulevard en het Gijsbrecht van Aemstelpark verder vertakt in de wijk, maar ook in verbinding staat met het Amsterdamse Bos. Ook markeert de Europaboulevard een duidelijke en herkenbare scheiding tussen stad en landschap, waarbij de stad ten westen van de weg, in Buitenveldert, begint, terwijl het landschap juist aan de andere zijde ligt en vrij gebleven is van bebouwing. Naast het Amstelpark dient de ontwikkeling van een Erotisch Centrum zich ook te verhouden tot deze AUP-principes die in grote lijnen nog steeds goed afleesbaar zijn. Advies Uit voorgaande hoofdstukken en bovenstaande conclusie volgt dat er bij de ontwikkeling van het plangebied rekening gehouden dient te worden met een aantal kernkwaliteiten van het gemeentelijk monument Amstelpark en in grotere lijnen de principes van het AUP. Op basis hiervan adviseert MenA het volgende: •

Laat het groen van de bosgordels en de boomrijke Europaboulevard intact. Deze maken deel uit van de hoofdopzet van het park en dragen bij aan het bijzondere, introverte karakter ervan.

•

Houd rekening met belangrijke zichtlijnen die vanuit het park naar de omgeving lopen. De meest waardevolle betreffen de noordelijkste open wig, het uitzicht vanaf en naast de brug van het doolhofeiland en de zichtas die vanuit de hoofdas vanuit de centrale, brede allee van het padenstelsel in noordelijke richting loopt.

11

Gemeente Amsterdam

•

Onderzoek (bijvoorbeeld door middel van volumestudies) de zichtbaarheid en impact van nieuwbouw, gezien vanuit het park. Hoewel een aantal plekken in het park ook uitzicht biedt op hoogbouw in Buitenveldert, de Zuidas of de RAI, gaat het hierbij om bebouwing die aan de andere zijde van de Europaboulevard of de Ring A10 ligt en waar vaak ook nog groen tussen zit. Het plangebied ligt zo dicht op het (noordelijk deel van het) Amstelpark, dat de impact van nieuwbouw in dit gebied veel groter is op de parkbeleving, waarin de gevoelsmatig grote afstand tot de stad een grote rol speelt.

•

Het is aanbevelenswaardig om te onderzoeken of de bosgordels - en eventueel andere essentiële dragers van het park – kunnen worden ingezet om het zicht vanuit het park op eventuele nieuwbouw in het plangebied (deels) te ontnemen.

•

Respecteer de AUP-principes die ten grondslag liggen aan de opzet van Buitenveldert, de Europaboulevard en het Amstelpark als onderdeel van de Amstelscheg, en neem deze opzet ook als uitgangspunt bij toekomstige ontwikkelingen in het plangebied.

Zicht op het plangebied. Deze foto is genomen naast het doolhof in noordelijke richting. Op de achtergrond de A10 met daarachter het RAI-hotel. MenA, 31 augustus 2024.

12

Gemeente Amsterdam

Boven: uitzicht vanaf de brug naar het doolhof. Linksonder: zichtas vanaf het hoofdpad in noordelijke richting. Rechtsonder: zichtas in noordoostelijke richting vanaf noordelijke wig. MenA, 31 augustus 2024.

13

Gemeente Amsterdam

Bronnen •

Steenhuis, M. (red.), De Nieuwe Grachtengordel: De realisatie van het Algemeen Uitbreidingsplan van Amsterdam, Bussum 2017.

•

Voerman, L. en J. Emmerik, Cultuurhistorisch onderzoek Amstelpark, 2022.

•

Werf, J. van der, M. Roosebeek, J. Schilt e.a. (red.), Atlas AUP Gebieden Amsterdam, Amsterdam 2013.

Archieven •

Beeldbank Stadsarchief Amsterdam (SAA)

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15701584/1