CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 00 - Conceptprojectnota Erotisch Centrum.pdf

Raadscommissie Algemene Zaken 3 juli 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptprojectnota Erotisch Centrum vrijgegeven voor inspraak (VN2025-008609)27.996 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Dat betekent dat de locatie geschikt is voor hoogbouw (meer dan 30 meter). Een gebouw hoger dan 30 meter is op grond van het hoogbouwbeleid toegestaan. In deze fase van het project is het nog niet duidelijk of wordt voorzien in een gebouw met een bouwhoogte van meer dan 30 meter. Indien wordt voorzien in hoogbouw dan moeten de principes voor hoogbouw in acht worden genomen. Windhinder In Nederland bestaat geen wetgeving om windhinder of windgevaar te voorkomen. Dit betekent niet dat bij het opstellen van ruimtelijke plannen windhinder of windgevaar niet wordt meegenomen in de afwegingen. Windhinder is een aspect van de fysieke leefomgeving. Daarvoor is het in kaart brengen van mogelijke windhinder of windgevaar en deze betrekken in de beoordeling nodig. Voor gebouwen van 30 meter en hoger geldt dat een windhinderonderzoek conform NEN 8100 verplicht is. Met dit onderzoek

92

Projectnota Erotisch Centrum

kan worden aangetoond of er sprake is van windhinder of niet. De toetsing hiervan vindt plaats bij de omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit bouwwerken. Bij de vervolgfase van het project, als de hoogte en omvang van het gebouw bekend zijn, zal het aspect windhinder worden onderzocht en betrokken. Bezonning In het kader van bebouwing speelt bij hoogbouw het wegnemen van zon van andere functies of gebouwen (bezonning) een rol. Er bestaan geen landelijk wettelijk vastgelegde normen of eisen waaraan plannen ten aanzien van de bezonning in relatie tot bestaande functies moeten voldoen. De dichtstbijzijnde gebouwen staan op circa 130 meter van de projectlocatie. Gelet op deze afstand is het de verwachting dat bezonning de haalbaarheid van het project niet in de weg staat. Bij de vervolgfase van het project, als de hoogte en omvang van het gebouw bekend zijn, zal het aspect bezonning worden onderzocht en betrokken. Hoogtebeperkingen Luchthavenindelingbesluit Schiphol Het Luchthavenindelingbesluit Schiphol (Lib) is gebaseerd op paragraaf 8.2.1 van de Wet luchtvaart (Wlv). Met het Lib wordt met kaartmateriaal een zogenaamd beperkingengebied vastgesteld. Het Lib bevat voor dat gebied regels waarbij beperkingen zijn gesteld ten aanzien van het gebruik van gronden en de (hoogte van) bebouwing.

Dit voor zover die beperkingen noodzakelijk zijn met het oog op onder meer de veiligheid van het vliegverkeer van en naar de luchthaven. Bij de vaststelling van een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit moet de toetshoogte van het Lib in acht worden genomen. Er zijn twee toetshoogtes: de algemene of maatgevende toetshoogte (bijlage 4 bij het Lib) en de toetshoogte in verband met radar (bijlage 4a bij het Lib). Op de locatie is de maatgevende toetshoogte (exclusief radar) 96 meter ten opzichte van NAP, de toetshoogte radar is 51 meter ten opzichte van NAP. Gelet op de beoogde hoogte van het Erotisch Centrum staat het Lib de haalbaarheid van het project niet in de weg.

Gemeente Amsterdam

Luchtkwaliteit Paragraaf 5.1.4.1 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) bevat instructieregels met betrekking tot de kwaliteit van de buitenlucht. De instructieregels zien toe op gevolgen voor aandachtsgebieden luchtkwaliteit en specifieke gevallen (de aanleg van auto(snel)wegen en wegtunnels). Voor projecten die geen of weinig luchtverontreiniging veroorzaken is een uitzondering opgenomen. Het project draagt dan ‘niet in betekenende mate’ (NIBM) bij aan de luchtvervuiling. Dit is het geval voor het Erotisch Centrum, waarmee voldaan kan worden aan de instructieregels uit het Bkl. Het Erotisch Centrum is geen gevoelige bestemming, zoals een woning, en kan daarmee in de buurt van wegen worden gerealiseerd. Luchtkwaliteit staat de haalbaarheid van het project niet in de weg. Milieueffectrapportage In de Omgevingswet afdeling 16.4 zijn de eisen opgenomen voor de milieueffectrapportage. Het doel is het milieubelang vroegtijdig in de plan- en besluitvorming te betrekken en daarbij inzicht te krijgen in de potentiële milieueffecten. Het Erotisch Centrum is opgevat als een ‘stedelijk ontwikkelingsproject’ (J11, bijlage V, Omgevingsbesluit). Het betreft een plan voor ‘een klein gebied op lokaal niveau’, waarvoor de gemeente het bevoegd gezag is.

Door de omvang van het initiatief en de ligging bij stations RAI en Amsterdam Zuid en stedelijk gebied Zuidas worden op voorhand geen aanzienlijke milieueffecten verwacht als bedoeld in artikel 16.36 Ow en is de inschatting dat er geen milieueffectrapportage hoeft te worden opgesteld. In het vervolgproces zal voor de investeringsnota een plan-mer-beoordeling worden opgesteld. In dat onderzoek wordt beoordeeld of sprake is van aanzienlijke milieueffecten vanwege de ontwikkeling en. of er inderdaad kan worden afgezien van het opstellen van een milieueffectrapport. Vanwege de omvang van de voorgenomen ontwikkeling en verwachte milieueffecten wordt uitgegaan van een project-mer-beoordeling voor de wijziging van het omgevingsplan of omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Concluderend: op basis van bovenstaande aspecten is inpassing van het Erotisch Centrum op een locatie binnen het plangebied aan de Europaboulevard mogelijk, zij het dat voor een aantal aspecten vervolgonderzoek in de volgende fase noodzakelijk is.

93

6. Uitgangspunten en randvoorwaarden In het vorige hoofdstuk is gekeken naar wat de opgaven zijn om het Erotisch Centrum aan de Europaboulevard in te kunnen passen. Ook zijn de onderzoeken genoemd die noodzakelijk zijn voor de inpassing. Er is gekeken of er aspecten zijn die inpassing belemmeren. Het gebouw kan worden gebouwd als er rekening wordt gehouden met bijvoorbeeld de ondergrondse gasleiding. Ook vraagt een aantal zaken om nader onderzoek, dat in een volgende fase van de investeringsnota plaats zal vinden. In dit hoofdstuk worden de uitgangspunten en randvoorwaarden voor de inpassing van het gebouw benoemd. Die gaan over programma, maar ook over de plek van het gebouw binnen het beschikbare plangebied. Er is gekeken naar flexibiliteit, adaptiviteit en beeldkwaliteit en welke inpassingsprincipes van belang zijn om het gebouw optimaal te kunnen inpassen. Deze uitgangspunten en randvoorwaarden hebben ook een link met de ontwikkelstrategie in hoofdstuk 7. In de volgende fase worden deze uitgangspunten en randvoorwaarden verder uitgewerkt in de selectiedocumenten.

6.1. Programmatische uitgangspunten Het Erotisch Centrum wordt een gebouw met een veelzijdige programmering. Het combineert een breed scala aan functies met een focus op erotiek, cultuur, educatie, en de lhbtiq+-gemeenschap. Het college wil inspelen op maatschappelijke ontwikkelingen rond seksualiteit en gender en een veilig en vergund alternatief bieden voor sekswerkers van de Wallen. De aanleiding voor de brede programmering is dat het Erotisch Centrum een plek wordt waar seksualiteit en erotiek op een

positieve, inclusieve en culturele manier worden belicht, met ruimte voor diversiteit, ontmoeting en verbinding tussen verschillende groepen. Vaststaand onderdeel van het programma zijn de circa 100 werkplekken. Aanvullend programma zijn de daarbij horende (zorg)functies, erotisch en niet-erotisch entertainment, kunst en cultuur, horeca (dag/avond/nacht), winkels, en maatschappelijke functies. Inclusief ruimte voor techniek en opslag tellen deze programmadelen op tot circa 10.000 vierkante meter BVO. Figuur 110: Programma

Figuur 109: Sfeerimpressie dagbeeld met rechts Erotisch Centrum

Gemeente Amsterdam

95

6.2. Stedenbouwkundige uitgangspunten Bouwvlak en situering • Uitgangspunt BVO is circa 10.000 m2 exclusief fietsenstalling. • Voetprint varieert tussen 1.100 m2 en 1.700 m2. • Het aantal bovengrondse bouwlagen volgt uit de verhouding voetprint/BVO en is niet meer dan 10 bouwlagen. • Zichtbaar gebouw vanaf de A10, station RAI en de De Boelelaan, en ingetogen vanuit het Amstelpark. • Sekswerkplekken zijn aan de buitengevel nergens zichtbaar. • Een stedelijke kant met een uitnodigende plint aan de Europaboulevard met hoofdentree en aparte entrees voor de plintfuncties. En een zachtere kant aan de waterplas. • Bevoorrading/afval en techniek zorgvuldig inpassen. • Installaties inpandig oplossen en mee ontwerpen. • Minimaal 5 meter afstand houden tot het hart van de hogedrukgasleiding en rekening houden met veiligheidseisen. • Rekening houden met het functioneren van het watersysteem. • Rekening houden met de ruimtereservering voor de toekomstige ongelijkvloerse fietsverbinding Europaboulevard.

Verkeer, openbare ruimte, water en groen • Herkenbare hoofdentree aan de Europaboulevard met openbare ruimte ingericht op bezoekersstromen. • Logische verkeerskundige ontsluiting van de K&R-zone aan de Europaboulevard. • Goed verlichte routes rond het gebouw, voor voetgangers en fietsers. • Hoofdbomenstructuur aan de Europaboulevard zoveel mogelijk intact laten. • De waterplas beleefbaar maken.

Duurzaamheid • Adaptief gebouwontwerp • Ten zuiden van het fietspad ruimte voor groen en ecologie als overgangszone naar het Amstelpark. • Landschappelijke inpassing aan de waterkant. • Rekening houden met natuurinclusief bouwen. • Integreren van circulaire ontwerpprincipes volgens Het Nieuwe Normaal.

Figuur 111: Stedenbouwkundige uitgangspunten

96

Projectnota Erotisch Centrum

fietsers toekomstige fietsverbinding duikers water afvoer hoge druk aardgasleiding (Gasunie) 5m veiligheidsafstand tot hoge druk aardgasleiding zoekgebied Erotisch Centrum voorplein doorzicht relatie buiten-binnen hoofdentree zichtbaar vanuit stad zichtbaar vanaf groen ecologie

Gemeente Amsterdam

97

INPASSINGSPRINCIPES

Voor het gebouw is een aantal inpassingsprincipes opgesteld. Deze gaan over de zichtbaarheid, de toegankelijkheid, de relatie met de waterplas, maar ook met de manier waarop de verschillende functies binnen het gebouw bereikbaar zijn. De principes zijn door middel van schema’s weergegeven. Deze inpassingsprincipes worden meegegeven in dit stadium. Het zijn geen vastgelegde randvoorwaarden, maar een handreiking voor de toekomstige ontwerper.

Alzijdig gebouw: het gebouw staat aan de straat en deels in de waterplas. Het kent geen direct aangrenzende bebouwing. Dat houdt in dat alle gevels aantrekkelijk ontworpen zijn en een relatie met de omgeving aangaan.

Drukke straatkant en rustige waterkant: de entree bevindt zich logischerwijs aan de Europaboulevard. De waterkant van het gebouw vraagt om subtiele inpassing.

Overgangszone straat-gebouw: de entree is zichtbaar aan de straat, het fiets- en voetgangersverkeer ondervindt geen hinder van het gebouw.

Meerdere entrees naast hoofdentree, mits veiligheid gegarandeerd, aparte entree sekswerkers: om de veiligheid van sekswerkers te garanderen kan er een personeelsentree gemaakt worden naast de hoofdentree.

Mogelijkheid van combinatie van sekswerkfuncties met publieksfuncties op verdiepingen met sekswerkfuncties: de functies in het gebouw kunnen per verdieping gemengd worden.

Plint minimaal 4,5 meter bruto, extra verdiepingshoogte overige verdiepingen: fysieke adaptabiliteit als randvoorwaarde voor programmatische flexibiliteit.

Sekswerkplekken op bouwlagen tussen publieke functies beneden en boven. Sekswerkplekken zijn aan de buitengevel nergens zichtbaar.

Meerdere stijgpunten mogelijk waardoor verschillende routes in het gebouw afgelegd kunnen worden.

Relatie met het water, het water is beleefbaar vanuit het gebouw.

Logistiek goed ingepast: om onaantrekkelijke achterkantsituaties te voorkomen.

Flexibiliteit en aanpasbaarheid

Plint en dak

Toekomstbestendig bouwen wordt bij de realisatie van het Erotisch Centrum een uitgangspunt. Het gebouw wordt zó ontworpen dat het in de toekomst relatief eenvoudig kan worden getransformeerd naar andere functies. Dit wordt bereikt door middel van overmaat in ruimte, verdiepingshoogte en vloeroverspanningen.

De begane grond (plint) is de ‘eye catcher’ van vrijwel elk gebouw. De uitstraling zorgt ervoor dat de omgeving aantrekkelijk wordt. De kwaliteit en het uiterlijk van de plint aan de zijde van de Europaboulevard is bepalend voor wat passerende voetgangers en fietsers ervaren. De plint bepaalt voor de voetganger maar ook de passerende fietser, de beleving op ooghoogte. Daarom heeft deze plint geen gesloten gevel. De hoogte van de plint kan variëren, maar is in principe minimaal 4,5 meter bruto. De plint huisvest niet alleen de entrees en publieke functies, maar ook entrees naar fietsenstallingen, technische ruimtes, logistieke knooppunten en afvalopslag. Er is één hoofdentree voor bezoekers, maar horeca in deze plint kan een zelfstandige ingang aan de Europaboulevard hebben. Hoofdopgave is om met de inpassing van alle functies de interactie met de openbare ruimte niet in de weg te zitten.

De typologie, programmering en het gebruik van het Erotisch Centrum is nieuw. Dat maakt het een uitdaging om in te schatten hoe de verhouding tussen functies binnen het gebouw in de toekomst zal veranderen. Om dit tegemoet te komen, zal het gebouw flexibel en aanpasbaar moeten zijn, zodat het mogelijk is om de indeling te veranderen

Figuur 112: Flexibele gebouwstructuur Figuur 113: Referentie publiek toegankelijk dak

100

Flexibele gebouwen zijn toekomstbestendig doordat ze maximaal adaptief en circulair zijn. Ze kunnen verschillende functies huisvesten zonder aanpassingen aan de hoofdstructuur. Door bewust overmaat in ruimte en constructie in te bouwen heeft een gebouw maximale speelruimte voor toekomstige ontwikkelingen. Dat kan door ‘overmaat’ in verdiepingshoogten en vloeroverspanningen te maken. Door te kiezen voor een open interne structuur, zijn dergelijke gebouwen geschikt voor veel verschillende activiteiten. De beoogde publieke- en uitgaansfuncties vragen om extra verdiepingshoogte. In het Erotisch Centrum hebben de verdiepingen een dusdanige overmaat dat de beoogde functies erin passen en functie-uitwisseling mogelijk is.

De ligging van het gebouw aan de A10, tegen het Amstelpark aan en richting de Amstelscheg, maakt het mogelijk om het dak op meerdere manieren te kunnen gebruiken. Dat kan een uitzichtpunt zijn, een plek voor ontmoetingen. Maar een goede daktuin met ecologische waarde zou ook een optie zijn. Het dak kan functioneel een rol spelen in waterberging, koeling van gebouw en omgeving en mogelijk voor energieproductie. Ook kan een gedeelte van het dak publiek toegankelijk worden. Een combinatie van voorgenoemde aspecten is ook mogelijk. Vanwege de lange zichtlijnen vanuit de omgeving is het van belang dat op het dak geen zichtbare installaties worden toegepast.

Projectnota Erotisch Centrum

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15701579/1