CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 00 - Conceptprojectnota Erotisch Centrum.pdf

Raadscommissie Algemene Zaken 3 juli 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptprojectnota Erotisch Centrum vrijgegeven voor inspraak (VN2025-008609)27.996 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Gemeente Amsterdam

37

Waterstructuur

Bodem

Het plangebied ligt in de Binnendijkse Buitenvelderse polder en wordt beheerd door het waterschap Amstel, Gooi en Vecht (AGV). De afvoer van water vanuit Zuidas richting het poldergemaal Stadwijck aan de Amstel gaat via enkele duikers (buizen) onder de wegen door. Route A ligt onder de Europaboulevard, om direct ten zuiden onder de oprit van de A10 verder te gaan, richting de watergang naar het poldergemaal. Route B ligt ten zuidwesten onder de Europaboulevard en komt dan direct uit in de watergang richting het poldergemaal. De waterplas fungeert ook als waterberging (tijdelijke opslag van regenwater) voor de A10.

Het plangebied bestaat uit een waterplas, groen en voet- en fietspaden. De bodem bestaat hoofdzakelijk uit zand. In de ondergrond zijn plaatselijk veenlagen aanwezig. Het grondwater is waargenomen op een diepte van circa 0,5 à 2,0 meter onder maaiveld. Op de waterbodem is plaatselijk een sliblaag aanwezig. Onder de sliblaag is over het algemeen een zandlaag aanwezig tot de maximaal geboorde diepte van 0,5 meter vaste waterbodem. Op sommige plekken bestaat de vaste waterbodem uit veen.

Figuur 35: Groen en blauw infrastructuur plangebied Erotisch Centrum hoofdgroenstructuur groene monumenten hoofdbomenstructuur duikers water afvoer waterkering beschermingzone waterkering

38

Projectnota Erotisch Centrum

Kabels en leidingen In en rondom het plangebied liggen onder de grond diverse kabels en leidingen (zie afbeelding 36). De meest bepalende is de hogedruk gastransportleiding van de Gasunie. Langs de Europaboulevard liggen ondergrondse hoogspanningskabels (150 kV) in beheer van Tennet, middenspanningskabels (boring onder de Europaboulevard), laagspanningkabels, datakabels (zowel in gebruik als buiten gebruik) en in het talud ligt een hogedruk grijs gietijzeren gasleiding (in beheer van Liander). De hogedruk transportleiding W-534-01 (16 inch/ 40 bar) van Gasunie ligt vanuit het zuiden langs de Europaboulevard, maakt een schuine knik richting het oosten ter hoogte van het fietspad onder de waterplas en de A10 door richting de Rivierenbuurt. Er gelden strikte

randvoorwaarden voor (grond)werkzaamheden en bouwen nabij deze leiding. Bebouwing is niet toegestaan in een zone van 4 meter vanaf het hart van de leiding. Daarnaast is sprake van een verplichte melding voor (grond)werkzaamheden binnen een zone van 40 meter. Voor de grijs gietijzeren gasleiding in het talud van de Europaboulevard wordt nu een veiligheidszone van 10 meter vanaf het hart van de leiding aangehouden. Deze leiding is opgenomen in het vervangingsprogramma van Liander voor grijs gietijzeren leidingen. Vervanging staat gepland voor 2032. Als deze gietijzer leiding vooruitlopend op de bouw wordt vervangen voor een PE-leiding in hetzelfde tracé, dan is er sprake van een veiligheidszone van 2 meter.

Figuur 36: Kabels en leidingen plangebied Erotisch Centrum buisleiding gevaarlijke inhoud (Gasunie) 5m veiligheidsafstand tot buisleiding gevaarlijke inhoud Hoogdrukleiding Grijze Gietijzer (Liander) middenspanning 20Kv kabels 2m veiligheidsafstand tot middenspanning overige kabels en leidingen

Gemeente Amsterdam

39

2.6. Analyse omgeving Om het Erotisch Centrum goed in te kunnen passen is ook de omgeving rondom het plangebied geanalyseerd. De analyse leidt tot een visie op (verbetering van) de omgeving. Deze visie is mede ontstaan door de uitkomsten van participatie en een veiligheidsanalyse van de omgeving. Dit komt in hoofdstuk 4 uitgebreid aan de orde.

In deze paragraaf zijn de huidige routes plus knelpunten in kaart gebracht en verbeeld. Vanaf het Europaplein is de voetgangersroute richting het zuiden gevolgd. Bij de De Boelelaan is de Europaboulevard overgestoken, waarna via de oostkant van de Europaboulevard teruggelopen is richting het Europaplein.

Bij de participatie die aan het opstellen van deze projectnota vooraf is gegaan, zijn zorgen geuit over de bestaande routes richting het plangebied. De huidige situatie rondom station RAI wordt door bewoners en passanten niet als veilig ervaren. Het is er relatief donker en er is weinig sociale controle, omdat er weinig woningen en voorzieningen zijn. De kant na het viaduct van de Europaboulevard – de beoogde locatie voor het Erotisch Centrum – wordt als anoniem ervaren. Dit kwam ook naar voren in het Inpassingsonderzoek (8 december 2022), dat voorafging aan deze projectnota. In dit onderzoek werd de vraag gesteld of er een korte, heldere en veilige looproute vanaf de OV-knoop naar de locatie is en of het Erotisch Centrum zichtbaar is. Het antwoord was dat de route vanaf station RAI duidelijk is, maar niet levendig.

40

Projectnota Erotisch Centrum

fietsroutes looproutes verkeer richting entree Amstelpark entree gebouwen entree voorzieningen entree parkeren actieve plint met verschillende functies ondergang plein woning hotel groen met talud elektra splitsing ondoudelijk onveilig daklozen kunst dichtgegroeid groen geen zicht uitgang trein

Figuur 37: Deze kaart toont twee aspecten: 1. De route die voetgangers richting het Erotisch Centrum kunnen lopen; 2. Knelpunten die de voetganger tegenkomt tijdens deze routes.

Gemeente Amsterdam

41

Figuur 38: voetgangers- en fietspad richting zuiden. Rechts de RAI

42

Figuur 39: onderdoorgang onder toegangsweg RAI, gezien richting zuiden

Figuur 41: zicht richting onderdoorgangen Europaboulevard en toerit A10

Figuur 40: voorplein NHOWhotel is in erfpacht uitgegeven aan hotel en heeft andere inrichting dan Puccini

Figuur 42: zicht richting stationshal station RAI

Projectnota Erotisch Centrum

Figuur 43: zicht richting tramkeerlus Eurpaboulevard

Figuur 47: voetgangersoversteek richting plangebied, rechts kruispunt met de De Boelelaan

Figuur 44: rechts tramkeerlus, links Europaboulevard

Figuur 48: Europaboulevard met links op/afrit A10

Figuur 45: rechts talud zuidelijke rijbaan Ring A10

Figuur 49: zicht op entree Amstelpark/speeltuin gezien vanaf fietsroute onder zuidelijk viaduct op/afrit A10

Figuur 46: profiel Europaboulevard met rechts kantorengebied Vivaldi

Figuur 50: links plangebied Erotisch Centrum, rechts Europaboulevard

Gemeente Amsterdam

43

44

Figuur 51: viaduct ringlijn over Europaboulevard, gezien richting het zuiden, met links onder het viaduct entree station RAI (alleen NS)

Figuur 55: viaductenreeks over Europaboulevard: ringlijn, NS-sporen en autosnelweg A10 met onregelmatig ingericht flauw hellend talud

Figuur 52: onderdoorgang onder Europaboulevard, gezien van oost naar west

Figuur 56: bus- en tramhalte Europaboulevard onder viaductenreeks, ter hoogte van ingang NS/Ringlijnstation RAI

Figuur 53: fiets- en voetpaden langs Ring A10 en Europaboulevard; links Kop Zuidas

Figuur 57: glazen wand entreehal NS/Ringlijnstation RAI

Figuur 54: stoep en fietspad Europaboulevard, rechts winkelplint

Figuur 58: hellend vlak richting zuidelijke ingang station

Projectnota Erotisch Centrum

Figuur 62: Europaboulevard oostzijde, gezien richting zuiden

Figuur 59: Francesca Caccinipad in Vivaldi tussen hotel (rechts) en onderstation Liander (links)

Figuur 63: Europaboulevard stoep gezien richting zuiden bij viaductenreeks

Figuur 60: steiger in de De Boelegracht met op de achtergrond de Europaboulevard

Figuur 64: Europaboulevard gezien richting zuiden met links de projectlocatie

Figuur 61: wachthuisje GVB bij keerlus tram aan Europaboulevard

Figuur 65: Europaboulevard ter hoogte van kruising fietspad richting Rozenoordbrug, met waterplas

Gemeente Amsterdam

45

2.7. Beleid en juridisch-planologisch kader Voor de functie en op de locatie van het Erotisch Centrum zijn verschillende beleidsstukken en juridisch- planologische kaders van toepassing. Hieronder wordt ingegaan op de hoofdlijnen vanuit de Provinciale Omgevingsverordening en de Omgevingsvisie Amsterdam 2050. Vervolgens wordt ingegaan op het juridisch-planologisch kader vanuit het Omgevingsplan Amsterdam, Tracébesluit Zuidasdok en beperkingengebied A10.

Omgevingsverordening NoordHolland De hoofdambitie van de Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 is een balans tussen economische groei en leefbaarheid. De Provincie Noord-Holland heeft de ambities voor de fysieke leefomgeving opgenomen in de Omgevingsverordening Noord-Holland. Die bevat juridische regels waaraan het omgevingsplan en omgevingsvergunningen moeten voldoen. Het uitgangspunt van de verordening is dat nieuwe stedelijke functies, zoals het Erotisch Centrum, bij voorkeur binnen stedelijk gebied worden gerealiseerd vanuit zorgvuldig ruimtegebruik en om het landschap te sparen. Het plangebied ligt binnen stedelijk gebied, waardoor het plan in lijn is met de omgevingsverordening. In de vervolgfase wordt de functie van Erotisch Centrum, in het licht van de Ladder voor duurzame verstedelijking, en de eis voor regionale afstemming uit de verordening verder uitgewerkt.

Figuur 66: Uitsnede van de visiekaart Amsterdam 2050, de locatie is met roze en blauwe blokken aangeduid als gemengd/luw gebied en onderdeel van het stationskwartier rondom station RAI [Omgevingsvisie Amsterdam 2050, p. 78]

In de omgevingsverordening is ook een instructieregel opgenomen ten aanzien van klimaatadaptatie in het omgevingsplan (of omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit). Voor een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling moet worden beschreven hoe rekening is gehouden met de risico’s van klimaatverandering en of maatregelen nodig zijn. In hoofdstuk 5 wordt nader ingegaan op duurzaamheid en klimaatadaptatie.

Omgevingsvisie Amsterdam 2050 In de ‘Omgevingsvisie Amsterdam 2050, een menselijke metropool’ staat het ruimtelijke beleid van de gemeente beschreven met de strategische ambities voor de lange termijn. De ambities uit de omgevingsvisie vormen de ruimtelijke kaders voor de bestaande stad en voor nieuwe gebiedsontwikkelingen. De projectlocatie aan de Europaboulevard is aangeduid als gemengd/luw gebied en onderdeel van het Stationskwartier rondom station RAI. Het is onderdeel van het hoogstedelijk gebied Zuidas dat een belangrijk onderdeel is van de meerkernige ontwikkeling waar Amsterdam naartoe groeit. Een aantal van de ambities uit de omgevingsvisie heeft betrekking op de locatie: Stationskwartier, Schakelpunt Ringweg Zuid/Europaboulevard, Stadslaan, Lange lijnen fietsnetwerk, GroenBlauw-raamwerk. Zo is de uitwerking voor ‘Stationskwartier’ omschreven als: de directe omgeving van de grotere stations worden buurten met een hoogstedelijke dichtheid en een gemengd voorzieningenaanbod, waaronder grootstedelijke voorzieningen. Het Erotisch Centrum kan in lijn met die ambities aan de Europaboulevard worden ingepast.

Omgevingsplan Amsterdam Na inwerkingtreding van de Omgevingswet in 2024 is er één omgevingsplan voor de hele gemeente. Bestaande bestemmingsplannen zijn onderdeel geworden van het omgevingsplan Amsterdam. Het omgevingsplan bestaat uit permanente en tijdelijke onderdelen, zoals voorheen vastgestelde bestemmingsplannen, die gezamenlijk de geldende juridische regels vormen voor onder andere gebruik en bouwen. Op en rondom de locatie gaat het om de bestemmingsplannen Buitenveldert 1974, Zuidas-Zuidasdok 2023 en de paraplubestemmingsplannen Grondwaterneutrale kelders en Darkstores. Het bestemmingsplan Buitenveldert 1974 besloeg de wijk Buitenveldert en het Amstelpark. Voor het grootste deel van het gebied zijn inmiddels recentere bestemmingsplannen vastgesteld. Voor het plangebied aan de Europaboulevard is het bestemmingsplan nog van kracht. Het plangebied is in het bestemmingsplan Buitenveldert 1974 bestemd voor fietspaden, voetpaden, waterlopen en openbaar groen. Het realiseren van een Erotisch Centrum is in strijd met de gebruiks- en bouwregels uit dit deel van het omgevingsplan.

46

Projectnota Erotisch Centrum

De paraplubestemmingsplannen geven regels voor een bepaald thema. Grondwaterneutrale Kelders geeft regels voor ondergronds bouwen in verband met het voorkomen van wateroverlast. Darkstores geeft regels voor de vestiging van darkstores in de gemeente en is niet relevant voor het Erotisch Centrum, omdat dit gebruik geen onderdeel is van het plan. Bij de planuitwerking moet ook rekening worden gehouden met de verbreding van de A10 die is opgenomen in het Tracébesluit Zuidasdok. Het bestemmingsplan Zuidas-Zuidasdok 2023 (vastgesteld in 2024) is opgesteld om de eindsituatie van het Tracébesluit 2016 en wijzigingsbesluiten door te vertalen naar regels in het bestemmingsplan. De locatie van het Erotisch Centrum ligt buiten het plangebied van Zuidas-Zuidasdok 2023. Deze regels zijn daarom niet van toepassing op de locatie, maar voor het gebied rondom de waterplas. Op de afbeelding 68 is een deel van het plangebied ter hoogte van de Europaboulevard weergegeven. Het toekomstige tracé van de A10 en de op- en afrit zijn bestemd als Verkeer. Het toekomstige talud is bestemd als Groen. Het realiseren van een Erotisch Centrum past niet binnen de regels van het omgevingsplan. Voor afwijking van het omgevingsplan is een omgevingsvergunning of wijziging van het omgevingsplan nodig.

(bouw)werkzaamheden. In een aanvraag wordt beoordeeld of activiteiten nadelige gevolgen (kunnen) hebben voor de weg, inclusief het belang van verruiming of wijziging van die weg (art. 8.2 Besluit kwaliteit leefomgeving). Het gaat bijvoorbeeld om het effect van het plan op de A10 voor de verkeersafwikkeling, beheer en gebruik van de weg. Rijkswaterstaat heeft aangegeven dat, in het kader van de verkeersveiligheid bij de ontwikkeling van het Erotisch Centrum rekening moet worden gehouden met de toekomstige situatie op de weg na afronding van Zuidasdok.

Figuur 67: Uitsnede plankaart bestemmingsplan Buitenveldert 1974

Tracébesluit Zuidasdok De locatie ligt binnen de grens van het Tracébesluit Zuidasdok. Het Tracébesluit is het juridisch besluit waarmee de verbreding en aanpassing van de A10 Zuid en de knooppunten Amstel en De Nieuwe Meer mogelijk is gemaakt. De locatie is in het Tracébesluit opgenomen als tijdelijk werkterrein en is aangeduid als ‘Verkeersdoeleinden, werkterrein’. Omdat het Erotisch Centrum binnen de grens van het Tracébesluit ligt moet in een wijziging van het omgevingsplan of omgevingsvergunning rekening gehouden worden met het Tracébesluit door te onderbouwen dat de uitvoering van het Tracébesluit niet wordt belemmerd. Dit wordt beoordeeld in afstemming met de programmaorganisatie Zuidasdok en het Ministerie I&W.

Figuur 68: Uitsnede verbeelding bestemmingsplan Zuidas-Zuidasdok 2023

Beperkingengebied A10 Het plangebied ligt binnen het beperkingengebied rijkswegen van de A10 dat is aangewezen in de Omgevingswet. Er is een omgevingsvergunning beperkingengebiedactiviteit nodig van de minister van Infrastructuur en Waterstaat voor

Gemeente Amsterdam

Figuur 69: Uitsnede beperkingengebied rijkswegen ter hoogte van S109.

47

3. Zuidasdok In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de samenloop van het Erotisch Centrum met het project Zuidasdok. Zuidasdok is een van de grootste infrastructurele projecten van Nederland. Het project zorgt voor een betere bereikbaarheid van Amsterdam en van het noordelijk deel van de Randstad, met het openbaar vervoer en over de weg. In het centrumgebied van Zuidas komt de A10 Zuid deels in twee tunnels te liggen. Station Amsterdam Zuid wordt bovengronds uitgebreid. Tussen de knooppunten Amstel en De Nieuwe Meer wordt de A10 Zuid verbreed. Deze verbreding moet zorgen voor meer veiligheid en een betere doorstroming. Dit gebeurt door bestemmingsverkeer (twee rijstroken in beide richtingen) en doorgaand verkeer (vier rijstroken in beide richtingen) van elkaar te scheiden. Het plangebied van het Erotisch Centrum ligt binnen het Tracébesluit van Zuidasdok, dat door de minister van Infrastructuur en Milieu is vastgesteld op 18 maart 2016. In het Tracébesluit is de waterplas, waar nu het Erotisch Centrum is gepland, aangewezen als tijdelijk werkterrein om Zuidasdok te kunnen bouwen. Een wijziging aan de locatie van het beoogde werkterrein vanwege het Erotisch Centrum zorgt naar verwachting voor een verandering in het project Zuidasdok. Het aanbieden van een alternatief werkterrein voor de werkzaamheden knooppunt Amstel is een voorwaarde voor het realiseren van het Erotisch Centrum.

Een goede afstemming is nodig van de samenloop van beide projecten in gebruik van de locatie en in de uitvoering. Naar verwachting start de uitvoering van het project ‘Reconstructie Knooppunt Amstel zuidelijk deel’ in 2028. Dit is vóór de realisatie van het Erotisch Centrum. Als het Erotisch Centrum is gerealiseerd volgens de huidige planning, dan is de uitvoering van Zuidasdok echter nog niet afgerond. Er is dus sprake van een samenloop van de twee projecten. Dit vergt een goede afstemming. In de vorige fase is een impactanalyse uitgevoerd, waarbij de impact van de realisatie van het Erotisch Centrum op de werkzaamheden van Zuidasdok is bekeken.

3.1. Bestuursovereenkomst 2012

3.2. Tracébesluit Zuidasdok 2016

Zuidasdok is een samenwerking tussen Rijkswaterstaat, ProRail en de gemeente Amsterdam. Samen vormen zij de programmaorganisatie Zuidasdok. De afspraken over de uitvoering van Zuidasdok zijn vastgelegd in de Bestuursovereenkomst Zuidasdok, die op 9 juli 2012 zijn ondertekend door de opdrachtgevers van Zuidasdok: het Rijk, de gemeente Amsterdam, de Stadsregio Amsterdam (nu Vervoerregio Amsterdam) en de Provincie Noord-Holland.

Het plangebied ligt binnen de grens van het Tracébesluit Zuidasdok. Het Tracébesluit is het juridisch besluit waarmee de verbreding en aanpassing van de A10 Zuid en de knooppunten Amstel en De Nieuwe Meer mogelijk is gemaakt. De minister van Infrastructuur en Milieu heeft op 18 maart 2016, in overeenstemming met de staatssecretaris van Economische Zaken, het Tracébesluit Zuidasdok vastgesteld. Vervolgens zijn in 2016, 2017 en 2023 wijzigingsbesluiten genomen. Het plangebied valt binnen het Tracébesluit. Het is aangeduid als ‘Verkeersdoeleinden, werkterrein’ voor een tijdelijk werkterrein. Er is geen permanente maatregel opgenomen, omdat het buiten het gebied ligt waar wegen, bermen en taluds van de A10 komen. Dit betekent dat na voltooiing van de werkzaamheden de regels zoals opgenomen in het omgevingsplan (voorheen: bestemmingsplan) weer van toepassing zijn. Het Tracébesluit geldt onder de Omgevingswet als een projectbesluit (artikel 4.47, lid 1, Invoeringswet Omgevingswet en afdeling 5.2 Omgevingswet). Een omgevingsvergunning

Figuur 70: Artist impression nieuwe Rozenoordbrug gezien richting Zuidas, pagina 48

Gemeente Amsterdam

49

3.3. Reconstructie Knooppunt Amstel

Figuur 71: Uitsnede Tracébesluitkaart ter hoogte van afrit S109. Groen: Maatregelvlak Verkeersdoeleinden, Talud. Zwarte stippen: Maatregelvlak Verkeersdoeleinden, Werkterrein.

voor een nieuwe ontwikkeling binnen de grens van het Tracébesluit moet worden geweigerd als die met het Tracébesluit in strijd is (artikel 4.47, lid 2, Invoeringswet Omgevingswet). Er moet voor een omgevingsplanwijziging of omgevingsvergunning onderbouwd worden dat de uitvoering van het Tracébesluit niet wordt belemmerd. Dit wordt beoordeeld in afstemming met de programmaorganisatie Zuidasdok en het Ministerie van I&W. Om deze reden worden met het ministerie en Zuidasdok afspraken gemaakt over het gebruik van de gronden die zijn aangewezen als werkterrein.

Zuidasdok wordt uitgevoerd via een aantal grote deelprojecten. Het plangebied aan de Europaboulevard valt binnen het deelproject ‘Reconstructie Knooppunt Amstel’. Een belangrijk onderdeel van Zuidasdok is de reconstructie van Knooppunt Amstel. Hiervoor worden in totaal 20 viaducten (om)gebouwd, nieuwe verbindingsbogen aangelegd, twee nieuwe bruggen over de Amstel gebouwd, diverse geluidsschermen aangelegd en wordt de bestaande zuidelijke Rozenoordbrug vervangen. Daarnaast worden stedelijke wegen aangepast en zijn er aanpassingen voorzien aan de Europaboulevard. Het project Reconstructie Knooppunt Amstel wordt verdeeld in twee werken: 1) de bouw van de zuidelijke hoofd- en parallelrijbaan en 2) de bouw van de noordelijke hoofd- en parallelrijbaan. Er wordt gestart met de uitvoering van de zuidelijke hoofd- en parallelrijbaan. De aanbesteding van de reconstructie van Knooppunt Amstel is in november 2024 gepubliceerd. Het project wordt naar verwachting in het najaar van 2025 gegund aan een opdrachtnemer. De noordelijke hoofd- en parallelrijbaan wordt, bij gebleken performance voor het zuidelijk deel, definitief opgedragen op een later moment. Oplevering van het gehele Knooppunt Amstel is naar verwachting in 2036. Rond het plangebied van het Erotisch Centrum wordt de A10 verbreed naar een hoofd- en een parallelrijbaan.

Er wordt een nieuw viaduct over de Europaboulevard gerealiseerd en de op- en afritten van de S109 worden aangepast. Door de wegverbreding wordt een deel van de waterplas gedempt en de taluds aangepast.

Figuur 72: Artist impression Knooppunt Amstel

50

Projectnota Erotisch Centrum

3.4. Impactanalyse 2023 Op verzoek van de gemeente Amsterdam heeft de projectorganisatie Zuidasdok in 2023 een impactanalyse opgesteld voor de ontwikkeling van een Erotisch Centrum op twee locaties in Zuid, te weten de locatie De Groene Zoom en de locatie Europaboulevard. De locatie die Zuidasdok heeft onderzocht in de Impactanalyse 2023, is de locatie van het Erotisch Centrum in de waterplas ten zuiden van het fietspad die was opgenomen in het principebesluit.

Vervolg op de impactanalyse

In de impactanalyse beschrijft de projectorganisatie de belangrijkste te verwachten effecten van het Erotisch Centrum op het programma Zuidasdok, wanneer de twee ontwikkelingen (en de exploitatie van het Erotisch Centrum) gelijktijdig plaatsvinden.

De uitvoeringsplanning van de projecten Erotisch Centrum en Knooppunt Amstel (Zuidasdok) overlappen elkaar. Voor de uitvoering van Knooppunt Amstel geldt: Knooppunt Amstel Zuid: 2028-2035 en Knooppunt Amstel Noord – 2031-2036. Voor zowel de realisatie van Knooppunt Amstel Zuid als Knooppunt Amstel Noord is het alternatief werkterrein nodig. De uitvoerende werkzaamheden van het Erotisch Centrum worden verwacht in de periode 20302032.

Wanneer gelijktijdige ontwikkeling plaatsvindt ontstaat een aantal raakvlakken met de uitvoering van Zuidasdok (bijvoorbeeld bouwveiligheidszones, bouwlogistiek en bereikbaarheid). Deze raakvlakken kunnen tot gevolg hebben dat er meerkosten en een langere doorlooptijd ontstaan bij de uitvoering van Zuidasdok. Deze kosten komen voor rekening van de gemeente Amsterdam. Een andere afspraak die voortkomt uit de impactanalyse van Zuidasdok, is het feit dat de minister van Infrastructuur en Waterstaat en de programmadirecteur van Zuidasdok pas definitief kunnen meewerken aan de inpassing van het Erotisch Centrum binnen de projectgrenzen van Zuidasdok, als een alternatief werkterrein voor Knooppunt Amstel onherroepelijk vergund is. Ook de kosten voor het alternatieve werkterrein komen voor rekening van de gemeente. De inpassing van het Erotisch Centrum mag daarbij niet leiden tot een aanpassing van het Tracébesluit.

Daar waar in de impactanalyse de locatie voor het Erotisch Centrum in de zuidelijke plas onderzocht, is bij het opstellen van de projectnota de hele waterplas bekeken als mogelijke locatie voor het Erotisch Centrum. Voor de projectnota zijn onderdelen uit de impactanalyse zoals alternatief werkterrein, bouwterreinen en werkterreinen en beheersgebied A10 nader onderzocht.

Om ervoor te zorgen dat beide projecten ongehinderd uitgevoerd kunnen worden, maken de gemeente Amsterdam, de programmaorganisatie Zuidasdok en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat nadere afspraken. Deze zullen in de volgende fase bij de investeringsnota aan de orde komen. Als afspraken zorgen voor wijzigingen in het project Zuidasdok geeft de bestuursovereenkomst Zuidasdok aan dat de opdrachtgevers voor Zuidasdok besluiten over wijzigingen aan Zuidasdok. De onderwerpen waar afspraken over moeten worden gemaakt, worden hieronder toegelicht.

Figuur 73: Werkzaamheden Zuidasdok

.

De conclusie van de impactanalyse voor de Europaboulevard luidt dat de ontwikkeling van een Erotisch Centrum in het beoogde plangebied niet onmogelijk is, onder voorbehoud dat er een bruikbaar alternatief wordt gevonden voor het werkterrein.

Gemeente Amsterdam

51

3.5. Bouwterrein, werkterrein en locatie Erotisch Centrum Voor de verbreding van de A10 zijn er bouwterreinen en werkterreinen nodig. Zowel het bouwterrein als het werkterrein moeten veilig zijn in de verkeersdoorstroming en zo min mogelijk overlast opleveren voor de omgeving. Het plangebied van het Erotisch Centrum ligt binnen het werkterrein van Knooppunt Amstel dat is bedoeld voor de realisatie van zowel de zuidelijke als de noordelijke rijbanen van de A10-Zuid. Binnen het werkterrein worden naast de A10 waarschijnlijk tijdelijke bouwwegen aangelegd vanaf de Europaboulevard om de verbreding te realiseren. Daarnaast is werkterrein nodig voor bijvoorbeeld een bouwkeet, parkeren, opbergcontainers, opslag van materiaal dat nodig is voor de bouw, tijdelijke opslag van grond, het tijdelijk kunnen opstellen van een kraan om materiaal te laden/lossen, etc. De positie en de afmetingen van het werkterrein zullen door de aannemer van Zuidasdok nog worden bepaald, maar het is aannemelijk dat het werkterrein zo dicht mogelijk bij de uit te voeren werkzaamheden moet komen te liggen. Hiervoor zal de aannemer van Zuidasdok mogelijk een deel van het water overbouwen of dempen. De locatie van het Erotisch Centrum is geprojecteerd aan de Europaboulevard aan de zuidkant van de noordelijke waterplas met enige afstand tot het daadwerkelijke bouwen van de nieuwe A10-Zuid.

Figuur 74: Werkzaamheden Zuidasdok

52

Bouwveiligheidszones en bouwlogistiek Tijdens de realisatiefase van de verbreding A10 Zuid moet bij overlappende werkzaamheden rekening worden gehouden met de zogeheten valbereikcontouren tijdens het aanbrengen van damwanden, funderingspalen en het inhijsen van de liggers van de wegverbreding zoals omschreven in de Landelijke richtlijn bouw- en sloopveiligheid. Tijdens de bouw van het Erotisch Centrum moet er rekening worden gehouden met bouwveiligheidszones. De bouwveiligheidszone volgt de contouren van het te bouwen Erotisch Centrum en valt binnen het nader te bepalen bouwterrein van het Erotisch Centrum. Deze zone wordt in eerste instantie bepaald door de hoogte van het gebouw of de hoogte van de hijslast. In de periode dat er sprake is van een bouwveiligheidszone is deze zone fysiek afgescheiden van de omgeving en is niet toegankelijk voor derden of publiek. De bouwlogistiek (aanvoer van materiaal en personeel) van de wegverbreding en het Erotisch Centrum overlapt waarbij de aansluiting van de bouwinrit(ten) op de Europaboulevard nader moet worden uitgewerkt en mogelijk moeten worden gecombineerd. Wanneer meer inzicht is op de raakvlakken van bouwveiligheidszones en bouwlogistiek worden de beheersmaatregelen voor de risico’s bepaald en geraamd.

Projectnota Erotisch Centrum

3.6. Alternatief werkterrein Om aan de ontwikkeling van het Erotisch Centrum mee te kunnen werken, hebben het Rijk en programma Zuidasdok als voorwaarde gesteld dat er in de directe omgeving van de Europaboulevard een alternatief werkterrein door de gemeente beschikbaar wordt gesteld. De afspraak is dat de benodigde ruimte voor het Erotisch Centrum in grootte, één-op-één gecompenseerd wordt door een alternatief werkterrein. In deze compensatie moet ook de benodigde ruimte voor het bouwen van het Erotisch Centrum worden meegenomen (bouwterrein, bouwlogistiek, bouwveiligheidszones, etc.).

Gemeente Amsterdam

Rekening houdend met de geschetste voorwaarden, is er bij Zuidasdok bereidheid om samen met de gemeente Amsterdam oplossingen te zoeken, tegen zo beperkt mogelijke kosten. In de volgende fase, bij het opstellen van de investeringsnota, wordt samen met Zuidasdok het onderzoek naar het alternatief werkterrein vervolgd. En wanneer meer zicht is op de raakvlakken tussen beide projecten in een volgende impactanalyse, worden de beheersingsmaatregelen voor de risico’s bepaald en geraamd. Figuur 75: Werkzaamheden Zuidasdok

53

4. Participatie en veiligheidsanalyse In dit hoofdstuk worden de resultaten van de participatieronde gepresenteerd, die plaatsvond tijdens het opstellen van de projectnota. De opbrengsten uit deze ronde hebben de inhoud van de nota mede vormgegeven. Tijdens de participatie uitten bewoners en betrokkenen hun zorgen over zowel de huidige situatie in de omgeving als over de mogelijke gevolgen van de komst van het Erotisch Centrum. Deze zorgen waren een belangrijke aanleiding om een veiligheidsanalyse uit te voeren. De samenvatting van die analyse is in dit hoofdstuk opgenomen. In de volgende paragrafen lichten we de opbrengsten uit de participatie toe, geclusterd rond de belangrijkste thema’s.

4.1. Opbrengsten vanuit de participatie Wat het Erotisch Centrum bijzonder maakt, is dat het raakt aan een maatschappelijk thema waar veel verschillende beelden, emoties en waarden over bestaan. Het gesprek over het centrum wordt breder gevoerd dan alleen over de locatie of de praktische invulling. Het project maakt veel los in de stad. De gemeente ziet dit terug in de media, in discussies in de gemeenteraad en in de vele gesprekken met bewoners, ondernemers, sekswerkers, maatschappelijke organisaties, belangenbehartigers en andere betrokkenen. De zorgen gaan vaak over leefbaarheid, veiligheid en de impact op de directe omgeving. Deze zorgen vormen een belangrijk aandachtspunt in het verdere besluitvormingsproces rondom het Erotisch Centrum.

Participatietraject

Het project bevindt zich in de beginfase van de planvorming. Dit betekent dat veel nog moet worden uitgewerkt. Juist daarom is het belangrijk dat de opbrengsten uit dit participatietraject worden meegenomen in de vervolgstappen. De zorgen over leefbaarheid, veiligheid, bereikbaarheid en de sociale impact op de buurt vormen belangrijke aandachtspunten in het verdere proces. Een volledig overzicht van de opgehaalde reacties uit de participatie is opgenomen in bijlage 2.

De reacties zijn geordend in drie hoofdcategorieën:

Na de keuze voor het plangebied aan de Europaboulevard koos het stadsbestuur ervoor om te starten met een participatietraject. In november 2024 is hiervoor een participatieplan vastgesteld. Tijdens deze fase – in november en december 2024 – zijn verschillende gesprekken gevoerd met bewonersorganisaties, ondernemers, maatschappelijke instellingen, sekswerkers, marktpartijen en mensen uit de lhbtiq+ en culturele gemeenschap. Ook zijn straatinterviews gehouden met voorbijgangers in de buurt van de Europaboulevard en is de gemeente aangeschoven bij het platform van sekswerkers dat is verbonden aan het Amsterdam Center for Sex Workers.

Fundamentele standpunten over nut en noodzaak van het centrum Voor veel deelnemers waren belangrijke onderwerpen de vraag óf het Erotisch Centrum er moet komen, en het sluiten van ramen op de Wallen. Het is begrijpelijk dat deelnemers hun twijfels hierover wilden uitspreken, ook in deze fase van de projectnota. De gemeente onderkent dat deze vragen leven. Het college en de gemeenteraad kiezen bewust voor de ontwikkeling van het Erotisch Centrum, omdat zij verwachten dat het kan bijdragen aan het verminderen van overlast op de Wallen en het verbeteren van de werkomstandigheden en positie van sekswerkers en het tegengaan van ondermijning. Deze positieve effecten zullen echter pas daadwerkelijk in de praktijk zichtbaar worden. Daarom blijft de gemeente hier zorgvuldig aandacht aan besteden bij elke stap van het verdere besluitvormings- en ontwikkelproces.

Figuur 76: Luchtfoto plangebied met op de aachtergrond Zuidas en Buitenveldert

Gemeente Amsterdam

55

4.2. Veiligheidsanalyse Procesmatige aandachtspunten rond participatie Verschillende deelnemers aan de participatie gaven aan dat de manier waarop zij betrokken zijn bij de locatiekeuze niet als voldoende of bevredigend is ervaren. Zij spraken de wens uit naar meer openheid, meer ruimte voor echte dialoog en meer invloed op het proces. Die behoefte aan transparantie en samenwerking klinkt duidelijk door in de gesprekken. Na afronding van de projectnota volgt de fase van de investeringsnota. Hier start een nieuw participatietraject. De gemeente wil namelijk ook dat in de volgende fase inwoners, ondernemers, sekswerkers, de lhbtqi+ gemeenschap, culturele ondernemers en andere betrokkenen deelnemen aan de voorbereiding en uitvoering van dit project. Hier hoort een heldere en toegankelijke aanpak bij, met meerdere momenten en vormen van gesprek. Voor de start van de fase van de investeringsnota van het project Erotisch Centrum wordt een nieuw participatieplan opgesteld (zie hoofdstuk 8).

Concrete suggesties en zorgen over de inpassing van het centrum Inhoudelijke opmerkingen van deelnemers aan de participatie over het gebouw, de openbare ruimte en de omgeving zijn verzameld en waar mogelijk verwerkt in deze projectnota, zoals de veiligheidsanalyse, een aanvullend verkeersonderzoek en maatregelen voor beheer en handhaving. Ook is aangegeven waar een goede inrichting van de openbare ruimte aan moet voldoen, hoe verkeersstromen kunnen worden begeleid en op welke manier routes veilig kunnen worden gemaakt voor voetgangers, fietsers en bezoekers. Daarnaast werken we, op verzoek van sekswerkers, aan een ontwikkelstrategie waarin ook hun zeggenschap in het uiteindelijke centrum een plek krijgt.

Veiligheid is een belangrijk thema bij de ontwikkeling van het Erotisch Centrum. De gemeente Amsterdam is zich bewust van het belang van veiligheid en beschouwt dit vanaf de start als een prioriteit binnen het project. Dit komt voort uit de verantwoordelijkheid van de gemeente om zorg te dragen voor een veilige omgeving voor bewoners, bezoekers en ondernemers. Daarnaast is het creëren van een veilige werkomgeving voor sekswerkers van essentieel belang om hun welzijn te garanderen en uitbuiting, criminaliteit en overlast tegen te gaan. De aandacht voor veiligheid wordt verder versterkt door de input van bewoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers uit de omgeving, die het risico op onveiligheid als een van hun belangrijkste zorgen benoemen. Daarnaast hebben sekswerkers waardevolle inzichten gedeeld over specifieke veiligheidsaspecten die zij van belang achten in en rondom het gebouw, zoals voldoende verlichting, goede toegankelijkheid, camerabewaking en aanwezigheid van adequate beveiliging. Vanwege deze gecombineerde aandachtspunten heeft de gemeente ervoor gekozen om in deze projectfase een veiligheidsanalyse uit te voeren. Hierdoor zijn mogelijke risico’s en aandachtspunten in een vroeg stadium helder in beeld, wat een stevige basis biedt voor verdere besluitvorming en planontwikkeling.

In de veiligheidsanalyse worden kort de belangrijkste risico’s beschreven en worden mogelijke beheersmaatregelen aangedragen. De volledige veiligheidsanalyse is opgenomen als bijlage 1 bij deze projectnota. Deze analyse vormt de eerste aanzet tot een integraal veiligheidsplan op hoofdlijnen. In de investeringsnota en de daaropvolgende projectfasen zal het veiligheidsplan gedetailleerder worden uitgewerkt, waarbij expliciet rekening wordt gehouden met de gesignaleerde risico’s en de input vanuit de participatie.

Risico’s en veronderstelde mechanismen

Figuur 77: Participatiebijeenkomst

56

In de veiligheidsanalyse is een aantal mogelijke risico’s en zogeheten veronderstelde mechanismen uitgewerkt. Deze mechanismen geven inzicht in hoe en waarom bepaalde risico’s zich kunnen voordoen. Het gaat hierbij om scenario’s. Dit betekent niet dat deze

Projectnota Erotisch Centrum

scenario’s zich daadwerkelijk zullen voordoen. De professionals die bij de veiligheidsanalyse betrokken waren, benadrukken dat het optreden van risico’s sterk afhankelijk is van de uiteindelijke invulling en uitvoering van het Erotisch Centrum. Aangezien het project in de beginfase zit, is het nog niet helemaal duidelijk hoe alles precies ingevuld en uitgevoerd gaat worden, daarom is het van belang om in de voorzorgsmaatregelen rekening te houden met de mogelijke risico’s en onderliggende mechanismen, zelfs als de kans dat deze optreden relatief beperkt lijkt. De volgende vooronderstellingen worden toegelicht in de veiligheidsanalyse: • Drugshandel in de omgeving • Illegale prostitutie in de omgeving • Straatroof en zakkenrollerij in de omgeving • Seksuele intimidatie en seksueel geweld in de omgeving • Onveiligheid voor sekswerkers binnen het Erotisch Centrum • Overlast van bezoekers en uitgaansgeweld in de omgeving • Overlast van andere doelgroepen • Intimidatie en onveiligheidsgevoelens bij voorbijgangers

• Veiligheidsplan en andere eisen exploitatievergunning • Screening van exploitanten • Selectie van exploitanten • Controles op de exploitatievergunning 3. Inrichting van de omgeving • Gedragsexperts betrekken in ontwerpproces • Vervoer en kiss & ride-plekken • Veilige looproutes voor bezoekers, sekswerkers en voorbijgangers • Uitstraling van de omgeving • Verlichting in de omgeving • Aandacht voor unheimische plekken • Parken afschermen 4. Maatregelen in de omgeving • Organiseren van toezicht en handhaving in de omgeving • Investering in opbouw expertise en vertrouwensrelatie • Organiseren dat meldingen van sekswerkers gespecialiseerd worden opgepakt • Aanvullend toezicht: hosts en straatcoaches • Investeren in samenwerking met hotels in de omgeving

Oplossingsrichtingen De oplossingsrichtingen zijn verdeeld in vier actielijnen: 1. de inrichting van het Erotisch Centrum, 2. de exploitatie van het Erotisch Centrum, 3. de inrichting van de omgeving en 4. maatregelen in de omgeving. Hieronder zijn de verschillende oplossingsrichtingen weergegeven (in de bijlage 1 staat de volledige toelichting). 1. Inrichting van het Erotisch Centrum • Functies, programmering en uitstraling • Inpandig particulier en professioneel toezicht • Alarmsysteem • Trainingen aan sekswerkers • Cameratoezicht • Toegang tot het Erotisch Centrum • Wachtrij • Parkeergelegenheid • Routing in het gebouw • Pin- en cash stortingsmogelijkheid 2. Exploitatie van het Erotisch Centrum De gemeente kan eisen stellen aan de exploitanten van het pand en beschikt over een aantal instrumenten om hierop te handhaven.

Gemeente Amsterdam

57

4.3. Suggesties uit de participatie en veiligheidsanalyse Onderstaande suggesties zijn uit participatie en deels uit de veiligheidsanalyse naar voren gekomen. In deze fase is breed gekeken. Hieronder is een overzicht van maatregelen opgenomen in het plangebied en de omgeving. In de volgende fase van de investeringsnota zal een afweging gemaakt moeten worden over welke aanpassingen noodzakelijk zijn, en verbeteringen die niet direct noodzakelijk zijn maar wel meerwaarde voor kwaliteitsverbetering hebben.

Figuur 78: Referenties lichttoepassing onderdoorgangen

58

• Aanpassing van de openbare ruimte en programmering onder de viaducten A10, spoor en metro, vooral aan de oostkant. • Inzet van lichtkunst om de openbare ruimte te verbeteren. • Onderzoek naar de mogelijkheid van een mobiliteitshub onder de A10/spoor met nachtfuncties, zoals een extra K&R-strook, geschikt voor de RAI, een pakketpunt, beheerdersruimte en overstaphalte voor langeafstandstouringcars. • Verbetering van de routing naar de parkeergarages en openbare parkeerplaatsen in de omgeving. • Verbetering van de voetgangersroute naar de Rozenoordbrug samen met het project knooppunt Amstel. • De fietsroute langs en door het plangebied richting de Rozenoordbrug heeft geen duidelijk voetpad, terwijl deze kant van het Amstelpark toegang biedt tot de speeltuin en kinderboerderij. De route voelt niet sociaal veilig door het laag struikgewas. • Extra aandacht voor de veiligheid en doorstroming van doorgaand fietsverkeer van/naar de Rozenoordbrug en de Zuidas. • Het Erotisch Centrum mag geen obstakel vormen voor de bereikbaarheid en toegankelijkheid van het Amstelpark. • Er is nu geen voetgangersroute over de

Amstel. Met de verbreding van de A10 wordt het mogelijk om deze route te verbeteren, inclusief een apart stijgpunt van de Amsteldijk naar de Rozenoordbrug. • Drie fietsonderdoorgangen ten noorden van de A10 zijn opgeknapt, waarbij de verlichting is vervangen. Er is verlichting aangebracht die van kleur kan veranderen, maar dit werkt niet goed. • Aandacht voor de sociale veiligheid van de route naar de speeltuin in het Amstelpark. • Verbetering van oversteekpunten over de Europaboulevard. • Verlichting in de onderdoorgangen om de veiligheid in de avond te verbeteren. In de omgeving kan voor de voetgangers- en fietsroute vanaf het openbaar vervoer richting het Erotisch Centrum lichtkunst worden ingezet met als doel: subtiele bewegwijzering naar het centrum. • Veilige routes voor mensen die vroeg werken of laat eindigen, zoals medewerkers van hotels. • Versterken en activeren van de begane grond met voorzieningen voor de buurt. • Het oplossen van knelpunten bij het oversteken van de in twee delen gedeelde Europaboulevard, ter hoogte van de kruising met de De Boelelaan, bijvoorbeeld door een fiets/voetgangersbrug, zoals opgenomen in het mobiliteitsplan Zuidflank. Langs de route is ruimte voor het toevoegen van tijdelijk/pop-up programma, zoals kiosken en kunstuitingen.

Bij gelijktijdige ontwikkeling van het Erotisch Centrum en Zuidasdok zal er gedurende enkele jaren sprake zijn van werkterreinen in het plangebied. Dat beperkt voor een bepaalde periode de mogelijkheden om de looproute vanaf station RAI te verbeteren.

Projectnota Erotisch Centrum

fietsroutes looproute vanaf OV looproute vanaf parkeer verkeer richting looproute medewerkers entree Amstelpark entree gebouwen entree voorzieningen entree parkeren zoekgebied Erotish Center nieuw gebouwen actieve plint met verschillende functies ondergang plein woning hotel natuurinclusief elektra kunst uitzicht uitgang trein

Figuur 79: Suggesties verbetering omgeving en routes

Gemeente Amsterdam

59

5. Inpassing van het Erotisch Centrum De ontwikkeling van een gebouw is een langdurig proces waarin in iedere volgende fase verdiepend onderzoek wordt gedaan. Het locatieonderzoek voor het Erotisch Centrum begon met acht zoekgebieden in de stad, waarbinnen naar kansrijke locaties is gezocht en vervolgens voor negen locaties een inpassingsstudie op hoofdlijnen is gemaakt. Voor deze projectnota is verder inpassingsonderzoek verricht naar de locatie en zijn verschillende modellen gemaakt. In eerdere hoofdstukken is ingegaan op de ligging van het plangebied in de omgeving. In dit hoofdstuk worden de doelen van het Erotisch Centrum vertaald naar een zogeheten ‘programma’ en wordt onderzocht hoe dit programma past in een gebouw op deze plek. In deze projectnota wordt dit ‘inpassen’ genoemd. Het hoofdstuk start met de invulling van de verschillende programmaonderdelen en het verwachte aantal bezoekers. Dit vormt de basis voor het ruimtelijke model: een vertaling van het programma naar een voetprint en een gebouwmodel dat inzicht geeft in hoe de functies binnen een gebouw kunnen worden ondergebracht. Daarnaast kijken we hoe de bereikbaarheid van het gebouw gewaarborgd kan worden, en komt de inrichting van de openbare ruimte aan bod. Samen vormen deze onderdelen een integraal beeld van hoe en waar het gebouw of programma op de locatie past.

Figuur 82: Plangebied in de reeks markante gebouwen langs de A10

Figuur 81: Sfeerimpressie nachtbeeld met rechts Erotisch Centrum

Gemeente Amsterdam

61

5.1. Programma van het Erotisch Centrum Een Erotisch Centrum is geen bestaand concept of gebouw, maar een volledig nieuwe ontwikkeling. Naast werkplekken voor sekswerkers worden in het gebouw andere functies ondergebracht. Deze functies zijn bedoeld om een breder publiek aan te trekken dan alleen klanten van sekswerkers. Er wordt ingezet op een gevarieerd aanbod dat verschillende doelgroepen aanspreekt en bedient, zodat iedereen om verschillende redenen het centrum wil en kan bezoeken. De wens is dat een belangrijk deel van de programmering van deze functies aansluiting heeft bij de artistieke en culturele sector en dat er ruimte wordt geboden voor de lhbtiq+gemeenschap. De gemeente wil in het Erotisch Centrum cross-overs tussen het nachtleven en cultuur stimuleren. Bij de uitwerking van het programma wordt aangesloten bij de uitgangspunten van het gemeentelijke beleid voor horeca, detailhandel en nachtcultuur. Het bestaande stedelijke horecabeleid is herzien, maar nog niet vastgesteld. Daarover besluit de gemeenteraad dit jaar. Tot die tijd geldt het horecabeleid van stadsdeel Zuid. Het Erotisch Centrum wordt niet door de gemeente ontwikkeld, gebouwd en geëxploiteerd. Dat gebeurt door ondernemers. Daarom wordt in deze fase uitgegaan van een programma op hoofdlijnen.

De invulling van het definitieve programma (zowel qua oppervlakte als type functies) wordt uitgewerkt met de uiteindelijke (combinatie van) marktpartij(en). Dit betekent dat tijdens de planvorming programmaonderdelen kunnen wijzigen. Uiteraard alleen na overleg met de gemeente Amsterdam. Hierbij wordt er rekening gehouden met de belangen van de sekswerkers, de buurt en de markt (in de breedste zin van het woord).

een verbreed concept circa 6.000- 10.000 vierkante meter (Bruto Vloer Oppervlak, BVO) als uitgangpunt genomen. Dit verbrede programma vormde de basis voor het Inpassingsonderzoek Erotisch Centrum (d.d. 8 december 2022). Na consultatie van marktpartijen, gesprekken met sekswerkers, participatie en de resultaten van commissie- en collegevergaderingen is er een indicatief programma samengesteld. Dit bestaat uit ruimte voor sekswerkplekken en bijbehorende (zorg)functies, erotisch en niet-erotisch entertainment, ruimte voor kunst en cultuur, horeca (dag/avond/nacht), winkels, en maatschappelijke functies. Hiernaast moet er ruimte zijn voor de techniek, opslag en inpandig fietsparkeren. Het totale oppervlak is naar schatting circa 10.000 m², exclusief fietsparkeren (BVO). Dit totaaloppervlak aan programmaonderdelen is gebruikt voor ruimtelijke studies, om de beste indeling te vinden die recht doet aan alle functies in één of meerdere gebouwen. In figuur 83 staan de type functies en de indicatieve vierkante meters per functie. Toelichting per programmaonderdeel Hieronder wordt er per programmaonderdeel de invulling beschreven. Dit valt uiteen in twee onderdelen: • De functies die vaststaan: functies die vallen onder het programmaonderdeel sekswerk. • Onderdelen waarvan nog niet vastligt welke functies en hoeveel vierkante meters dit exact gaan worden.

Dit is een ruimtelijke verkenning, en deze verkenning betekent niet dat exact deze functies met deze aantallen vierkante meters als eisen gesteld worden aan de geselecteerde (combinatie van) marktpartij(en).

Programmaonderdelen Bij de start van het locatieonderzoek in 2021 werd uitgegaan van een programma met 100 sekswerkplekken, twee horecagelegenheden en één erotisch entertainmentfunctie. Na een marktconsultatie besloot het college in 2021 om het programma te verbreden. Er bleek behoefte aan een breed en hoogwaardig Erotisch Centrum dat plek biedt aan cultuur, educatie, erotiek en de lhbtiq+-gemeenschap. Horecavoorzieningen die aansluiten bij de andere functies werden als essentieel beschouwd voor het goed functioneren van het Erotisch Centrum. In het verdiepende locatieonderzoek (d.d. 1 maart 2022) is voor de inpasbaarheid van

62

Projectnota Erotisch Centrum

1. Sekswerk Het Erotisch Centrum zal circa 100 sekswerkplekken bieden. Dit gebeurt in de vorm van inpandige plekken voor a) raamwerven (hierna: ‘raamwerkplekken’) en b) werkplekken voor onlinewerving, waarbij uitdrukkelijk ook uurhuur mogelijk is. Hierbij is er ruimte voor een diversiteit aan type sekswerkers (in gender, personen uit de lhbtiq+-gemeenschap, raam-/ niet-raamsekswerkers, uurhuur et cetera). De verhouding tussen het aantal raamwerkplekken en werkplekken voor online werving staat niet vast. Flexibiliteit van raamwerkplekken en plekken voor onlinewerving is voor exploitant(en) en sekswerkers belangrijk. Het moet mogelijk blijven om te anticiperen op trends en ontwikkelingen in de prostitutiebranche. Vooralsnog is rekening gehouden met 80 raamwerkplekken, waarachter de sekswerkers langslopende klanten kunnen werven, en met 20 werkplekken voor onlinewerving. Deze verdeling is aangehouden om te kunnen bepalen hoeveel vierkante meters loopruimte er minimaal nodig is. Het betekent niet dat te zijner tijd slechts 20 kamers voor onlinewerving zullen zijn. Er zijn aanvullende voorzieningen voor de sekswerkers zoals ontmoetingsruimten en zorgverlening. Daarnaast is er ruimte voor toezichthouders en zijn er kantoren voor de exploitant(en). Sekswerkplekken: de locatie waar de sekswerker het werk verricht; een kamer van gemiddeld 20 vierkante meter met sanitair.

Om ter plekke klanten te werven zal een groot deel van de kamers een raam hebben om langslopende passanten te werven. Dit raam zal aan de buitengevel nergens zichtbaar zijn. Een deel van deze sekswerkplekken wordt alleen gebruikt via van tevoren gemaakte afspraken. Ook is er ruimte voor een kleedruimte voor personeel en ontmoetingsruimten sekswerkers. Zorg/toezicht: zorg en toezicht voor de sekswerkfunctie zoals Amsterdam Center for Sex Workers (onderdeel van HVO Querido) en een ruimte voor toezichthouders gemeente/politie. Ook wenselijk is ruimte voor organisaties die zich richten op onder meer zakelijke dienstverlening voor sekswerkers (boekhouders, juridisch advies). Kantoren: voor exploitant(en) van de sekswerkplekken. De hierna volgende functies zijn voorbeelden:

Gemeente Amsterdam

2. Entertainment, leisure en cultuur Horeca (erotisch): stripclub, ontmoetingsruimte, massagesalon, swingersbar, naaktbar, sauna, erotisch café, ruimte voor optredens en kleine shows, playrooms, darkrooms etc. De functies zijn gericht op erotisch entertainment. De erotic playroom/erotic playground is hierbij een serieuze wens van de doelgroep, die goed kan passen in het concept van het Erotisch Centrum. Kunst/Cultuur: theaterzaal, expositieruimte, atelierruimte, debatruimte, museum, workshop ruimt etc.; al dan niet erotisch getint. Horeca (evenementen): een zaal die op verschillende manieren gebruikt kan worden: als zaal voor feesten, presentaties, shows, congressen. Afhankelijk van de vraag kunnen dit erotische of niet-erotische evenementen zijn. 3. Horeca Horeca (dag/avond): lunchroom, grand café, café, restaurant, koffielounge. Horeca (avond/nacht): nachtclub, cocktailbar, discotheek, ruimte voor nachtcultuur. 4. Detailhandel en consumentverzorgende dienstverlening Detailhandel (winkel): kan erotisch getint zijn, maar ook bijvoorbeeld een winkel met verzorgingsproducten. Dienstverlening: kapper, nagelstudio, pedicure (dit zijn voorbeelden die genoemd zijn vanuit verschillende groepen sekswerkers). 5. Maatschappelijk Maatschappelijke functies: arts, soa kliniek, fysiotherapeut, educatief centrum, buurtkamer. 6.

Overig Gezamenlijke lobby en ontsluiting overige functies: centrale entreehal (begane grond) die de verschillende type bezoekers over de verschillende ruimtes verdeelt. Daarnaast is ruimte nodig voor overige functies zoals gangen, liften, trappenhuizen, secundaire routes (alleen voor bepaalde groepen). Techniek-opslag: gebouwtechniek als verwarming/koeling, elektrische installaties, opslag etc. Inpandig fietsparkeren: voor bezoekers en werknemers. Hiervoor is vooralsnog geen aantal vierkante meters opgenomen.

63

PROGRAMMA

Figuur 83: Programma in m2 BVO

Figuur 84: Bezettingspercentage

sekswerkplekken

horeca (dag/avond)

erotisch entertainment

horeca (avond/nacht)

inpandige loopruimte en stijgpunten ondersteunende functies (kantoor, personeelruimte) zorg/toezicht (tbv sekswerkfunctie)

erotisch evenementen kunst en cultuur

maatschappelijke functies

detailhandel diensverlening

Figuur 85: Gemiddelde verhouding tussen de aanwezigheid van bezoekers in het gebouw

Aantal bezoekers 250-300 200-250 150-200 100-150 50-100 0-50

Figuur 86: Bezoekersaantallen en openingstijden

Bezoekersaantallen Om inzicht te krijgen in de aantrekkingskracht van het Erotisch Centrum, is in een vroeg stadium (voor het Inpassingsonderzoek Erotisch Centrum Negen Locaties, 8 december 2022, pagina 22) een inschatting gemaakt van het verwachte aantal bezoekers per programmaonderdeel. Deze inschatting wordt gebruikt om te onderzoeken of a) het gebouw het bezoek fysiek aan kan, b) wat de mogelijke verkeersaantrekkende werking is en c) wat de mogelijke financiële opbrengst van het gebouw is. Daarnaast is een inschatting van het bezoek nodig om 1) een mogelijke vorm, maat, hoogte, oppervlak van het gebouw te kunnen schetsen en 2) om de haalbaarheid van de inpassing in het plangebied en het effect op de directe omgeving van het gebouw plus openbare ruimte te onderzoeken. Voor de inschatting is gebruik gemaakt van relevant onderzoek naar bezoek aan sekswerk en sectorcijfers van bezoek aan horeca, evenementen en cultuurfuncties. Dat toonde aan dat het Erotisch Centrum bij een optimale bezetting maximaal 1,5 miljoen bezoekers per jaar zou kunnen ontvangen. Na de keuze voor de Europaboulevard als voorkeurslocatie is door de gemeente een nieuwe inschatting gedaan. Ook uit die berekening concludeert de gemeente dat het verwachte maximumaantal bezoekers op jaarbasis rond 1,5 miljoen zal zijn.

Ter illustratie: het Van Goghmuseum ontving binnen de openingstijden in 2023 in totaal 1.686.766 bezoekers. Door de grote mix aan functies en faciliteiten is de inschatting dat het centrum op iedere dag van de week en op ieder moment van de dag bezoekers zal kunnen ontvangen. Op vrijdag- en zaterdagavond en mogelijk de donderdagavond zal het drukker zijn dan op doordeweekse avonden, vooral door de programmering van de avond/nachthoreca en de kunst- en cultuurfuncties.

Openingstijden Het is aan de ondernemers die straks actief worden in het Erotisch Centrum om, binnen de geldende regelgeving van de gemeente Amsterdam, de openingstijden te kiezen. In het kader van dit haalbaarheidsonderzoek, de projectnota, zijn we uitgegaan van zeer ruime openingstijden. We hebben daarvoor onder andere het horecabeleid 2025 gebruikt waarover momenteel besluiten worden genomen. We hebben voor het onderzoek ruime openingstijden gebruikt om bijvoorbeeld de inschattingen van bezoekers en verkeer zo breed mogelijk te kunnen beschouwen. Of de ondernemers daadwerkelijk zullen kiezen voor deze ruime openingstijden hangt af van de regels die op het moment van vergunningsaanvraag gelden, de vraag vanuit de markt en het concept van de ondernemer zelf.

Programma in relatie tot uitgifte Dat het Erotisch Centrum een breed programma zal krijgen, wordt naar verwachting één van de eisen bij de gronduitgifte. Welk programma en functies is nog niet exact vast te stellen. Dat hangt onder andere af van de voorwaarden die de gemeente bij de gronduitgifte hanteert, plus van het ondernemersplan van de uiteindelijke erfpachter. Naar verwachting zal de gemeente marktpartijen ruimte willen geven om een eigen invulling te geven aan het uiteindelijke exacte programma. Daarbij zullen de uitgangspunten bij de doelen die de gemeente nastreeft leidend zijn: een brede mix aan functies voor verschillende doelgroepen, het vieren van erotiek, verbinding met de lhbtiq+gemeenschap en kunst & cultuur en uiteraard het voorkomen van overlast voor de buurt.

Óf het Erotisch Centrum ook daadwerkelijk 1,5 miljoen bezoekers zal ontvangen is afhankelijk van het uiteindelijke programma en concept waarmee een marktpartij het gebouw zal gaan exploiteren en het succes van het Erotisch Centrum. De gemeente verwacht op basis van de huidige inzichten dat het aantal bezoekers de 1,5 miljoen per jaar niet zal overstijgen.

66

Projectnota Erotisch Centrum

Figuur 87: Sfeerbeeld entertainment, leisure en cultuur Figuur 88: Sfeerbeeld interieur gebouw

Gemeente Amsterdam

67

5.2. Stedenbouwkundige opgave De ambitie voor de inpassing Bij de inpassing van het Erotisch Centrum is de ambitie: het creëren van een vooruitstrevend en inclusief centrum dat niet alleen functioneel en goed ingebed is in de stad, maar ook een betekenisvolle plek biedt waar seksualiteit, cultuur en diversiteit samenkomen in een levendige, veilige en stedelijke omgeving. Het Erotisch Centrum krijgt door de diverse functies en 24/7-programmering een uitgesproken stedelijk karakter. Het wordt zorgvuldig ingebed in de bestaande infrastructuur, waardoor het een vanzelfsprekend onderdeel vormt van de omgeving en van Amsterdam. Door de ligging nabij openbaar vervoer en de aanleg en verbetering van logische, aantrekkelijke wandel- en fietsroutes, wordt het centrum goed bereikbaar en toegankelijk voor iedereen. Daarbij staat een veilige en prettige leefomgeving centraal, met minimale verkeers- en parkeerdruk. Zo ontstaat een plek die niet alleen functioneel is, maar ook inspeelt op de wensen van een brede groep belanghebbenden en bijdraagt aan een inclusieve, stedelijke dynamiek.

Figuur 89: Schema relatie footprint en bouwhoogte

68

Om het Erotisch Centrum op de locatie te laten passen, gelden diverse (technische) randvoorwaarden. Deze vloeien voort uit de hiervoor beschreven kenmerken van het plangebied, zoals de ligging naast de A10-afrit, de randvoorwaarden vanuit Zuidasdok, eisen rondom waterberging en het verloop van kabels en leidingen. Daarnaast stelt de beperkte capaciteit van de huidige verkeersstructuur

aanvullende eisen. Deze randvoorwaarden vormen samen de bandbreedte waarbinnen het Erotisch Centrum kan worden gerealiseerd. Deze randvoorwaarden, maar ook de wens om het Erotisch Centrum een prominente plek binnen het plangebied te geven bepalen de optimale locatie. Uit dit onderzoek komt als meest geschikte locatie voor het Erotisch Centrum de locatie halverwege de grotere waterpartij naar voren. Deze locatie is direct verbonden met de Europaboulevard en ligt in het verlengde van de De Boelelaan. De ontsluiting voor Kiss &Ride en laden/lossen kan plaatsvinden via een ventweg die wordt ontsloten door de oostelijke rijbaan van de Europaboulevard. Met de keuze voor deze locatie kan het Erotisch Centrum gelijktijdig met de werkzaamheden aan het Zuidasdok worden gerealiseerd. Visueel gezien sluit het Erotisch Centrum de De Boelelaan af. Ook behoort het gebouw op deze locatie bij de reeks hoge en bijzondere gebouwen in Zuidas. Deze locatie ligt op ruime afstand van het Amstelpark. Ook komt deze locatie tegemoet aan het zo min mogelijk hinderen van de zichtlijn vanuit het Amstelpark richting Zuidas. Het water plus de oevers ten zuiden van het fietspad kunnen als ecologische overgang naar het park functioneren. De keuze voor deze locatie is een uitwerking van het voorstel in het Inpassingsonderzoek Erotisch Centrum negen locaties d.d. 8 december 2022.

In dit Inpassingsonderzoek was het gebouw

Projectnota Erotisch Centrum

in eerste instantie in de kleinere waterplas ten zuiden van het fietspad gesitueerd. Deze locatie bleek minder geschikt, onder meer omdat deze locatie grotere invloed heeft op de doorstroming van water in de plas. Ook om veiligheidsredenen paste deze locatie minder goed, omdat deze vrij dicht tegen de afrit van de A10 ligt. De keuze om het gebouw centraal in de plas, maar direct gekoppeld aan de Europaboulevard te situeren, maakt dat het gebouw verschillende verschijningsvormen kan krijgen. De reuring ligt aan de stadse kant: de Europaboulevard. Daarom is het belangrijk om aan deze zijde de begane grond uitnodigend te maken voor publiek, met voldoende ruimte op de stoep. Aan deze zijde ligt straks de hoofdentree van het Erotisch Centrum, waar bezoekers het gebouw betreden. De kant van het gebouw aan de waterplas wordt rustiger. Daar ligt de nadruk op een goede landschappelijke inpassing. Het gebouw kan

Gemeente Amsterdam

deels boven het water worden gebouwd om demping van water te minimaliseren. Om het programma te kunnen realiseren is een minimale oppervlakte (voetprint) van 1.100 m2 noodzakelijk. De maximale voetprint van 1.700 m2 wordt ingegeven door de ligging van de gasleiding en de wateraspecten (bestaande duikers). De uiteindelijke voetprint bepaalt voor een groot deel de toekomstige bouwhoogte: hoe kleiner de voetprint, hoe hoger het gebouw kan worden. Dit gegeven bepaalt ook de zichtbaarheid van het Erotisch Centrum vanaf de A10 en de De Boelelaan. Er zijn momenteel weinig vergelijkbare voorbeelden van een Erotisch Centrum elders beschikbaar. Toch is er onderzocht hoe andere (Europese) steden invulling geven aan modern sekswerk. De inzichten uit deze steden zijn opgenomen in bijlage 5.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15701579/1