CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestuurlijke reactie Anders behandeld Kinderombudsman DEF.pdf

RAAD 15 mei 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de raadsinformatiebrief met de bestuurlijke reactie op het rapport ‘Anders behandeld’ van de Kinderombudsman (VN2025-005521)4.267 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsinformatiebrief

Aan:

Portefeuillehouder(s): Behandeld door

De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 12 februari 2025 Onderwijs, Jeugd en Diversiteit Marjolein Moorman, Touria Meliani Onderwijs (bestuurszaken.ojz@amsterdam.nl)

Onderwerp

Bestuurlijke reactie rapport Kinderombudsman ‘Anders behandeld’

Datum Portefeuille(s)

Geachte leden van de gemeenteraad, Op 20 november 2024 (de Internationale Dag van de Rechten van het Kind) presenteerde Annemarie Tuzgöl-Broekhoven, Kinderombudsman van de Metropool Amsterdam, het rapport ‘Anders behandeld’ over discriminatie en racisme van kinderen in Amsterdam1. Discriminatie en racisme is een belangrijk onderwerp, maar kinderen vinden het vaak moeilijk om hierover te praten, zowel onderling als met volwassenen. Het is daarom waardevol dat de Kinderombudsman zo veel kinderen en jongeren heeft kunnen spreken over hun eigen ervaringen met discriminatie en racisme, zodat we hier meer inzicht in krijgen. De Kinderombudsman roept in haar rapport op om samen met haar opvolging te geven aan de bevindingen uit het rapport. In deze brief geven wij een reactie op het rapport en gaan vervolgens in op de oplossingsrichtingen die door kinderen zelf zijn benoemd (in hoofdstuk 5 van het rapport). 1. Rapport ‘Anders behandeld’ Centraal in het onderzoek staan de ervaringen van Amsterdamse kinderen en jongeren met discriminatie en racisme en de vraag hoe zij met deze ervaringen omgaan. De Kinderombudsman sprak hiervoor met bijna 80 Amsterdamse kinderen en verschillende betrokken professionals en ouders. De Kinderombudsman concludeert dat veel kinderen en jongeren in Amsterdam lijden onder discriminatie of racisme.

Dit gebeurt niet alleen door andere kinderen, maar ook door volwassenen in hun omgeving. Een (groot) aantal van de jongeren vindt het niet meer de moeite waard om zich er druk om te maken of er aandacht aan te schenken. Zij hebben het gevoel er niet ‘bij te horen’ en dat vormt een risico op het ontwikkelen van psychische problematiek en een negatief zelfbeeld. De Kinderombudsman haalt de volgende rode draden uit het onderzoek: 1. Ervaringen met discriminatie en racisme zijn structureel. 2. (Jonge) kinderen reageren anders op ervaringen dan (oudere) jongeren. 3. Pas als er vertrouwen is, zijn ervaringen bespreekbaar. 4. Volwassenen moeten het goede voorbeeld geven en normeren.

1

Rapport kinderombudsman 'Anders behandeld' 2024

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 12 februari 2025 Pagina 2 van 9

2. Bestuurlijke reactie op het rapport ‘Anders behandeld’ Er niet op kunnen vertrouwen dat jouw leraar of coach jou voor vol aanziet en misschien zelfs op jou neerkijkt of je discrimineert. Sociale media ‘posts’ en pesterijen die zonder filter bij je binnenkomen en je angstig maken of een gevoel van minderwaardigheid geven. Volwassenen die jou zouden moeten laten groeien en beschermen, vaak zelfs vanuit hun professionele opdracht, maar er daarentegen stilzwijgend mee instemmen dat je gepest en gediscrimineerd wordt door leeftijdsgenoten omdat je ‘anders’ bent. Of erger nog: het zelf ook doen. Terwijl dit gewoon jouw stad, jouw school, jouw sportclub is. En ben je vervolgens boos of gefrustreerd als dit jou regelmatig overkomt? Dan zou dat nog wel eens extra reden kunnen zijn om het deksel op je neus te krijgen. Want zie je wel: je gedraagt je niet ‘normaal’. De verhalen van de kinderen en jongeren die de Kinderombudsman in haar rapport heeft verzameld over discriminatie en racisme, gaan door merg en been en raken ons diep. Zeker als je stilstaat bij het feit dat in een superdiverse stad als de onze het label ‘anders’ makkelijk op veel kinderen geplakt kan worden. Dat betekent dat in onze stad al die kinderen dagelijks het risico lopen op de beschreven ervaringen. En helaas laat dit rapport zien dat het niet bij een risico blijft, maar de alledaagse praktijk is.

Cynisme en moedeloosheid, zoals de oudere kinderen ontwikkelen ten aanzien van discriminatie en racisme, is bijna te begrijpen. Maar het is niet acceptabel. En zeker niet als we onderkennen hoe groot de persoonlijke en maatschappelijke schade is van discriminatie en racisme (dat ook andere vormen kan hebben dan pesten, bijvoorbeeld kansenongelijkheid en onderadvisering). Gelukkig laat het rapport ook zien dat kinderen zelf concrete ideeën hebben over hoe met discriminatie en racisme kan worden omgegaan. Daarmee geeft het rapport het college waardevol inzicht in de belevingswereld van kinderen en aanknopingspunten voor onze inzet. Met de vaststelling van het beleidskader Inclusie en Antidiscriminatiebeleid 2023-2026 heeft het college zich eraan gecommitteerd om bij te dragen aan een inclusievere stad. Het vraagt om inzet vanuit allerlei domeinen zoals wonen, zorg, jeugd, onderwijs, arbeidsmarkt en sport. Het vraagt ons allen om te luisteren, te zien, bewust te maken, ons uit te spreken en het debat te blijven voeren om discriminatie en racisme te bestrijden, zodat onze stad een plek is waar je je vrij en veilig voelt en de ruimte hebt om jezelf te zijn. Daar zijn we als stad met zijn allen verantwoordelijk voor.

Als gemeente proberen we hieraan bij te dragen door middel van normstelling, agendering, en het ondersteunen van initiatieven in de stad omtrent antidiscriminatie en emancipatie. Hieronder worden verschillende van deze activiteiten benoemd. 3. Reactie op de aanbevelingen 3.1 Het geven van goede voorlichting Kinderen stellen voor om voorlichting te geven over discriminatie en racisme om bewustzijn te creëren en anderen te laten weten dat ze niet alleen staan, bijvoorbeeld door uitgave van een krant met verhalen. In het kinderraad-advies inzake “racisme en discriminatie” dat de kinderraad heeft gepresenteerd tijdens de raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit d.d. 20 juni 2024, werden aanbevelingen gedaan om bewustwording van discriminatie onder kinderen te vergroten. Hier wordt opvolging aan gegeven, onder meer door ruimte in de editie van de gemeentekrant Amsterdam voor een

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 12 februari 2025 Pagina 3 van 9

speciale bijdrage over discriminatie onder kinderen waarin kinderen hun persoonlijke ervaringen en verhalen kunnen delen. De volledige bestuurlijke reactie op het kinderraadadvies is te vinden in de tkn lijst van de commissie FKD van 27 februari. Een groot deel van het leven van kinderen vindt plaats op school. Scholen moeten een veilige plek zijn voor leerlingen, zodat zij toekomen aan leren en ontwikkelen. Het is daarom belangrijk dat docenten discriminatie en racisme herkennen en bespreekbaar maken in de klas. Om scholen en leraren hierin te helpen, ondersteunt de gemeente de scholen op verschillende manieren, bijvoorbeeld met het programma ‘Amsterdammerschap in het Onderwijs’ waarin structureel wordt ingezet op bestrijding van discriminatie en racisme met activiteiten zoals de Week van Respect en het onderwijsprogramma ‘In mijn buurt’ met ontmoetingen en verhalen over de Tweede Wereldoorlog en het slavernijverleden. Het programma richt zich ook op de leraren zelf met de leergang Inclusief onderwijs. In deze leergang leren leerkrachten over hun eigen (voor)oordelen en hoe zij discriminatie, racisme en privilege kunnen herkennen in hun eigen onderwijspraktijk en daar proactief op kunnen handelen.

De gemeente subsidieert vanuit de subsidieregeling allianties inclusiviteit en antidiscriminatie 2024-2025 de alliantie ‘Ongelooflijke Geschiedenis van onze Voorouders’ die zich onder andere richt op bewustwording in het onderwijs. De alliantie besteedt op scholen aandacht aan het gedeeld koloniaal/slavernij verleden, wat bijdraagt aan bewustwording en daarmee effect heeft op het voorkomen van discriminatie. Uw raad heeft tijdens de raadsvergadering van 11 december 2024, motie 606 'Discriminatie en achterstelling in het Amsterdamse onderwijs' van de leden Khan c.s. aangenomen naar aanleiding van het rapport ‘Achterstelling en discriminatie in het Amsterdamse onderwijs’ van Maurice Crul e.a. van de Vrije Universiteit2. De motie roept op om discriminatie en racisme in het onderwijs te bestrijden en gelijke kansen voor alle leerlingen te bevorderen, onder andere door na te gaan hoe ouders beter ondersteund kunnen worden in gesprekken met leraren en scholen op het moment dat zij discriminatie en racisme op school ervaren (door leerlingen of door medewerkers) en door het bestaande aanbod voor ouders en leerlingen beter inzichtelijk te maken en actief onder de aandacht te brengen. Dit sluit aan bij de aanbeveling in het rapport ‘Anders behandeld’ om goede voorlichting te geven en bewustwording te vergroten.

De motie roept ook te onderzoeken welke aanvullende ondersteuning scholen, leraren en onderwijsondersteunend personeel zelf nodig hebben om discriminatie en racisme op scholen te herkennen, bespreekbaar te maken en effectief tegen te gaan. De uitwerking en uitvoering van de motie vindt komende periode plaats. De conclusies uit het rapport van de Kinderombudsman worden hierin meegenomen. Uw raad wordt voor het zomerreces geïnformeerd over de nadere uitwerking van de motie. 3.2 Straffen en belonen - normen stellen en afspraken maken In het rapport wordt door kinderen voorgesteld dat degene die zich discriminerend of racistisch gedraagt gestraft wordt met bijvoorbeeld geldboetes of een sociale media time-out. En om goed gedrag te belonen. Afspraken over straffen en belonen maken onderdeel uit van afspraken die je met elkaar maakt over hoe je met elkaar omgaat en wat je doet als er sprake is van pesten, discriminatie en racisme. 2

Achterstelling_en_Discriminatie_in_het_Amsterdamse_Onderwijs_Crul-Steinmetz-Lelie_2024.pdf

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 12 februari 2025 Pagina 4 van 9

Dat vraagt allereerst om duidelijke normstelling. Normstelling dat discriminatie in welke vorm dan ook onacceptabel is, is één van de effectieve manieren om discriminatie tegen te gaan3. Het college zal zich dus in alle gevallen blijven uitspreken tegen discriminatie. Normen stellen op school Scholen hebben de wettelijke taak te zorgen voor een sociaal veilig klimaat op school. Het betekent dat de school verplicht is om op te treden tegen pesten, uitschelden, discriminatie, geweld en andere vormen van ongepast gedrag, en deze zoveel mogelijk dient te voorkomen. De onderwijsinspectie ziet hierop toe. Landelijk is ondersteuning beschikbaar voor scholen vanuit Stichting School & Veiligheid en het Expertisepunt Burgerschap, beide gefinancierd vanuit het ministerie van OCW. Stichting School & Veiligheid biedt bijvoorbeeld een handreiking voor scholen over waar een goed anti-pest-protocol aan moet voldoen. Hiernaast biedt de gemeente ondersteuning vanuit de GGD Gezonde School aanpak. De adviseurs Gezonde School ondersteunen scholen bij de aanpak van pesten op school, door onder andere inzet van interventies zoals KiVa en Kanjertrainer, het formuleren van beleid en het faciliteren van ouderbijeenkomsten rondom dit thema.

Als discriminatie of pesten op collectief niveau speelt kunnen JGZ, Stichting OKT, Gezonde School kijken welke interventie passend is om en veilig schoolklimaat te bevorderen. Als het gaat om problematiek die van buiten de school in komt, kunnen scholen kosteloos gebruik maken van trainingen over groepsdynamiek. Een sociaal veilig klimaat betreft niet alleen leerlingen onderling, maar ook de omgang tussen personeel en leerlingen. Het bewaken van de professionaliteit en kwaliteit van het personeel is de verantwoordelijkheid van de school. Als een school behoefte heeft aan ondersteuning daarbij dan kan bijvoorbeeld samen met de GGD gekeken worden naar geschikt aanbod of het opstellen van gedragsregels tussen docenten en leerlingen. Amsterdamse mbo-instellingen, de aangesloten bedrijven en het Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven hebben met elkaar afspraken gemaakt om stage-discriminatie tegen te gaan, onder andere om duidelijke sociale normen te communiceren en bewustwording te vergroten, te experimenteren met objectief matchen en selecteren en meldingen van stagediscriminatie te onderzoeken. Normen op de sportclub Sportclubs worden in het onderzoek genoemd als plekken waar kinderen te maken krijgen met pesterijen, discriminatie en racisme. Als eerste gemeente in Nederland heeft gemeente Amsterdam basiseisen sociale veiligheid als voorwaarde gesteld.

Amsterdamse sportclubs moeten aan specifieke eisen voldoen om financiële steun te krijgen van de gemeente Amsterdam. Het gaat om basisregels om ieder kind veilig te laten sporten en grensoverschrijdend gedrag, zoals pesten en discriminatie te voorkomen. De code omvat een verplichte Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) voor alle trainers en coaches die werken met kinderen tot en met 17 jaar, plus een ondertekening van de gedragscode sociale veiligheid van Nederlands Olympisch Comité en de Nederlandse Sport Federatie (NOC*NSF). Ook is het verplicht om bij elke sportclub om vertrouwenscontactpersoon te hebben die zichtbaar en bereikbaar is. Als clubs daaraan niet 3

Felten, H., & Broekroelofs, R, (2022) Wat werkt bij het verminderen van discriminatie.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 12 februari 2025 Pagina 5 van 9

meewerken, wordt de financiële steun en de relatie met de gemeente gestopt. Daarnaast worden trainers en coaches ondersteund op pedagogisch gebied om te zorgen dat ontwikkeling en plezier centraal staat en uitsluiting wordt tegengegaan. Normen online Het rapport laat zien dat de discriminatie en racisme vaak plaatsvinden in de online leefwereld van kinderen. De voorbeelden die in het rapport worden genoemd en de impact die uitingen op sociale media op kinderen hebben zijn zorgelijk. Actuele maatschappelijke en politiek ontwikkelingen laten zien dat het belangrijk is dat we hier als stad alert op blijven. Tegelijkertijd is dit een probleem dat we niet alleen binnen de stadsgrenzen kunnen oplossen. We zetten hier als gemeente wel op in, zo wordt er vanuit Programma Online Leefwereld Jongeren gewerkt aan veiligheid en de gezondheid van jongeren online. Bijvoorbeeld met de pilot met Helpwanted. Met deze pilot wordt in een periode van zes maanden in kaart gebracht wat er online speelt in Amsterdam. Daarna worden er aanbevelingen gegeven aan de gemeente hoe de stad jongeren beter online kan beschermen. Helpwanted heeft tevens een hulplijn voor praktische hulp en persoonlijk advies bij online grensoverschrijdend gedrag.

De wethouder ICT en Digitale Stad gaat naar Brussel om daar met leden van het Europees parlement, NGO’s en de Europese Commissie te spreken over regulering voor techbedrijven en social media platformen, onder andere op het gebied van discriminatie. Straffen Zoals hierboven aangegeven, vinden we het belangrijk dat scholen en sportverenigingen normen stellen en handhaven. Onderdeel van een sociaal veilige omgeving is dat duidelijk is wat de regels zijn ten aanzien van discriminatie en racisme en wat de consequenties zijn als deze worden overtreden (straffen). Bij ervaringen van discriminatie kan hiervan een melding worden gemaakt bij de gemeentelijke antidiscriminatievoorziening (ADV), het meldpunt Discriminatie.nl/Regio Amsterdam (DRA). Het meldpunt biedt Amsterdammers onafhankelijke bijstand en advies bij discriminatieklachten en kan een bemiddeling bieden tussen slachtoffer en dader. In een dergelijk gesprek kan het meldpunt de dader aanspreken. Het straffen van daders op basis van de wet kan wanneer het voorval een overtreding van de wet betreft en de dader een volwassene is. Hiervoor kan een aangifte bij de politie worden gedaan. Het DRA kan ondersteuning bieden bij het doen van een aangifte van discriminatie. Volwassenen kunnen vervolgd worden als zij kinderen discrimineren.

Voor discriminatie van kinderen onderling geldt dat kinderen jonger dan 12 jaar niet strafrechtelijk kunnen worden vervolgd. Verdachten tussen de 16 en 23 jaar krijgen soms een bijzondere behandeling. In deze gevallen kan alleen een rechter uitspraak doen over eventuele strafrechtelijk vervolging. Als college roepen wij iedereen op om melding en of aangifte te doen van discriminatie. Tegelijkertijd zet het college in op het versterken van de ketenaanpak waarbij onder andere het DRA, het OM en de politie een gerichte aanpak ontwikkelen om meldingen en aangiftes effectief op te volgen richting strafrechtelijke of civiele procedures. 3.3 Laagdrempelig melden Kinderen geven aan behoefte te hebben aan een laagdrempelig, kindvriendelijk meldpunt waar kinderen gemakkelijk gevallen van discriminatie kunnen melden.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 12 februari 2025 Pagina 6 van 9

Op grond van de Wet Gemeentelijke anti-discriminatievoorzieningen (Wga) zijn gemeenten verplicht hun inwoners toegang te bieden tot een ADV. Voor Amsterdam is dit het meldpunt Discriminatie.nl/Regio Amsterdam1 (DRA). DRA is de onafhankelijke stichting die in opdracht van de gemeente de volgende twee wettelijk voorgeschreven kerntaken uitvoert: - het verlenen van onafhankelijke bijstand en advies bij discriminatieklachten - het registreren van klachten over discriminatie. D.d. 20 december 2024 zijn de raadsinformatiebrief4 over de meerjarige subsidie aan het meldpunt en de plannen ter versterking van het meldpunt met uw raad gedeeld. Hierin beschrijft het meldpunt onder andere dat via voorlichting binnen het Onderwijs en in de wijken via samenwerking met maatschappelijke organisaties aan hun naamsbekendheid en meldingsbereidheid wordt gewerkt. Uw raad heeft tijdens de raadsvergadering d.d. 11 december 2024, motie 656 'Vergroten van de zichtbaarheid en effectiviteit van meldingen over discriminatie en pesten op scholen' van het lid Kabamba aangenomen. De motie roept onder andere op om het meldpunt Discriminatie.nl beter onder de aandacht te brengen bij scholen, ouders en leerlingen. Hier wordt de komende periode uitvoering aan gegeven. Uw raad wordt hierover geïnformeerd in de eerdergenoemde raadsbrief over uitwerking van motie 606 van Khan c.s. De minister van BZK heeft d.d.

27 januari een bestuurlijke reactie op het Kinderombudsman rapport verstuurd5. Hierin wordt aangekondigd dat het Rijk in gesprek is met discriminatie.nl over het kindvriendelijker maken van de lokale antidiscriminatievoorzieningen. Vanuit Amsterdam sluiten we aan op deze ontwikkeling. Als het gaat om laagdrempelig melden is een belangrijke rol weggelegd voor het jongerenwerk. Zij krijgen veel signalen en hebben verschillende manier om kinderen te ondersteunen: • Inloopspreekuren en Meldpunten: Wekelijkse inloopspreekuren op scholen via Jongerenwerk In School (JIS) en op locatie zoals @ease bieden jongeren de mogelijkheid om zonder afspraak hun ervaringen te delen. Dit verlaagt de drempel om problemen op het gebied van polarisatie of discriminatie te melden. • Anonieme Chatfuncties: In samenwerking met @ease is er een anonieme chatfunctie ontwikkeld, waarmee jongeren in real-time kunnen communiceren met een vertrouwenspersoon (vrijwilliger), wat bijdraagt aan een veilige manier van melden. • Trainingen voor Jongerenwerkers (Amsterdams Jongerenwerk Academie): Jongerenwerkers krijgen trainingen in het herkennen van polarisatie en discriminatie, zodat ze adequaat kunnen reageren en jongeren kunnen begeleiden in het vinden van oplossingen.

4

Raadsinformatiebrief inzake “Meerjarige subsidie aan het meldpunt DRA” 20 december 2024 https://amsterdam.raadsinformatie.nl/modules/1/Berichten%20uit%20het%20college/1001991 5 Brief - Kabinetsreactie Rapport Kinderombudsman Metropoolregio Amsterdam naar ervaren discriminatie onder kinderen en jongeren

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 12 februari 2025 Pagina 7 van 9

3.4 Het gesprek aangaan Kinderen en jongeren geven aan dat gesprekken meer begrip en bewustzijn kunnen creëren over racisme. In gesprekken kunnen grenzen worden besproken, ervaringen gedeeld en kan samen worden gezocht naar oplossingen. Gesprekken kunnen een belangrijk instrument zijn om kennis over (de effecten van) discriminatie te bevorderen, vooroordelen en stereotypen te doorbreken en empathie en inlevingsvermogen te bevorderen en daarmee de voedingsbodem van discriminatie weg te nemen6. Zoals onder punt 3.1 genoemd, worden scholen vanuit het programma ‘Amsterdammerschap’ ondersteund bij het voeren van het gesprek over discriminatie en racisme. Zo kunnen leraren de Leergang inclusief onderwijs van Fawaka wereldburgerschap volgen waar leraren bewust worden gemaakt van dynamieken rond discriminatie en racisme. Naar aanleiding van de door uw raad aangenomen motie 606 van Khan c.s. wordt een onderzoek uitgevoerd naar welke aanvullende ondersteuning scholen, leraren en onderwijsondersteunend personeel nodig hebben om discriminatie en racisme op scholen te herkennen, bespreekbaar te maken en effectief tegen te gaan. De aanbeveling van de kinderen wordt meegenomen in de uitwerking van de motie. Inzet vanuit de stadsdelen Naar aanleiding van het rapport van de Kinderombudsman wordt door de stadsdelen gesproken met de Kinderombudsman om opvolging te geven aan het rapport.

Doel is kinderen in elk stadsdeel een stem te geven en mee te laten denken over wat zij nodig vinden in hun eigen buurt en omgeving. Daarvoor worden de komende tijd bijeenkomsten georganiseerd met kinderen, jeugd- en jongerenwerkers, scholen en andere partners. Daarbij is het belangrijk dat wordt aangesloten op de lokale aanpakken die er in sommige stadsdelen al zijn. Sommige stadsdelen hebben bijvoorbeeld een eigen kinderraad of een eigen programma. Zoals eerder al benoemd heeft het jongerenwerk een belangrijke rol in het voeren van gesprekken met kinderen en jongeren, zowel op school, in jongerencentra als online. Daarnaast wordt vanuit de stadsdelen ingezet op het bespreekbaar maken van discriminatie en uitsluiting. Er worden in de stadsdelen dialoogbijeenkomsten en ontmoetingen georganiseerd die vaak (ook) gericht zijn op jongeren en in het teken staan van diversiteit en inclusie. Stadsdeel Zuidoost heeft het rapport van de Kinderombudsman in haar gebiedsdialoog met het schoolbestuur Zonova, buurtteam Zuidoost en OKT geagendeerd. Ook komt het onderwerp aan de orde binnen de Zuidoost Academie. Eén van de speerpunten van de Zuidoost Academie is dat professionals pedagogisch bekwaam en Zuidoost bekwaam zijn.

Dit houdt onder meer in dat er aansluiting is bij de verschillende culturen die Zuidoost rijk is en begrip is voor elkaar om zo discriminatie en uitsluiting tegen te gaan. In 2023 hebben jongerenwerkorganisaties uit Nieuw-West de handen ineengeslagen en zijn onder regie van stadsdeel Nieuw-West gestart met de Denktank ‘Jezelf kunnen zijn in Nieuw-West’. Jongerenwerkorganisaties werken samen om in de jongerencentra een omgeving te creëren waarin alle jongeren zich welkom voelen en zichzelf kunnen zijn en optimaal worden 6

Felten, H., & Broekroelofs, R, (2022) Wat werkt bij het verminderen van discriminatie

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 12 februari 2025 Pagina 8 van 9

doorverwezen mocht er sprake zijn van problematiek. Vanuit de Denktank is eind 2024 de Be Yourself!-week georganiseerd. Een week vol met gratis activiteiten voor jongeren en jongvolwassenen (12-27 jaar) over inclusie, respect en jezelf kunnen zijn. Voorafgaand aan de Be Yourself!-week lanceerde de Denktank een anti-discriminatie campagne met lokale rolmodellen, die de boodschap uitdragen dat iedereen in Nieuw-West zichzelf moet kunnen zijn. De denktank zet zich de komende jaren verder in voor de acceptatie, veiligheid en inclusiviteit van alle groepen in het jongerenwerk. De Denktank zal een drijvende kracht blijven om activiteiten en programma’s rondom ‘jezelf kunnen zijn in Nieuw-West’ in praktijk te brengen. 3.5 Toezicht houden en daders aanspreken Kinderen willen een veilige omgeving en stellen voor dat er daarom toezicht wordt gehouden. Zoals onder punt 3.2 benoemd, hebben scholen de wettelijke taak te zorgen voor een sociaal veilig klimaat op school. Hier ziet de inspectie op toe. In de openbare ruimte wordt vanuit het jongerenwerk ingezet op ‘preventieve aanwezigheid’: Jongerenwerkers en straathoekwerkers zijn aanwezig bij evenementen in buurthuizen en op straat om discriminerend gedrag te signaleren en jongeren direct aan te spreken. Dit zorgt voor een preventieve aanwezigheid die escalaties voorkomt.

Daarnaast kunnen jongerenwerkers als vertrouwenspersonen optreden en incidenten van polarisatie discriminatie of racisme signaleren en doorgeven aan de juiste instanties. Wanneer het gaat om het aanspreken van daders kan het meldpunt Discriminatie.nl hierin een rol spelen. Wanneer een melding wordt gemaakt en er vanuit de melder behoefte is aan bemiddeling kan het meldpunt de dader hierop aanspreken. 3.6 Opvoeden en inclusievere samenleving bevorderen In het rapport wordt geconcludeerd dat bevorderd moet worden dat volwassenen en kinderen zich eerder leren uitspreken als er sprake is van discriminatie en racisme is. Uitspreken begint met bewustwording en een omgeving creëren waarin mensen elkaar durven aanspreken. Zoals aangegeven wordt hiervoor vanuit het programma ‘Amsterdammerschap in het onderwijs’ ondersteuning aan scholen en leraren aangeboden. De komende tijd wordt uitvoering gegeven aan de motie Khan c.s. en motie Kabamba gericht op aanvullende acties om discriminatie en racisme in het onderwijs te bestrijden en zowel ouders en leerlingen als scholen en docenten te ondersteunen in het bestrijden en bespreekbaar maken van discriminatie en racisme.

Een andere manier waarop het college hieraan invulling geeft is via de Kom Op Campagne die de norm stelt dat elke vorm van discriminatie niet wordt getolereerd en omstanders ertoe oproept om zich hier tegen uit te spreken wanneer het toch gebeurt. Naar aanleiding van het hiervoor beschreven kinderraad-advies inzake “racisme en discriminatie” worden kinderraadsleden ingezet als ambassadeurs voor de volgende editie van de Kom Op-campagne. Het college stuurt op verschillende manieren op de norm dat discriminatie niet wordt getolereerd. Allereerst beoogt het college met de algehele inzet vanuit het Inclusie en Antidiscriminatiebeleid bij te dragen aan een stad waarin je vrij en veilig bent, de ruimte krijgt om jezelf te zijn en iedereen er zich tegen uitspreekt wanneer dit niet het geval is. Daarnaast worden door het college normen geformuleerd voor partners en partijen die subsidie ontvangen, bijvoorbeeld in de vorm van de eerdergenoemde basisregels voor sportverenigingen, maar bijvoorbeeld ook in de opdracht aan

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 12 februari 2025 Pagina 9 van 9

organisaties binnen de sociale basis om zich in te zetten voor de bestrijding van discriminatie, polarisatie en institutioneel racisme. Gesubsidieerde partijen dienen toegankelijk en inclusief te zijn en anti-discriminatie te verankeren in hun aanbod. Het college ondersteunt via de goed bezochte website Eerste Hulp Bij Discriminatiebestrijding het maatschappelijk middenveld om binnen hun eigen organisatie inclusiviteit te vergroten en discriminatie tegen te gaan. Deze website ontsluit effectief gebleken aanbod en informatie over methoden waarmee de partijen zelf aan de slag kunnen. Als gemeente nemen we verantwoordelijkheid om te zorgen dat de mensen die hier werken inclusiever zijn en op de mensen in de stad lijken. Alleen op deze manier kunnen we ons werk verbeteren en beter herkenbaar zijn voor de (jonge) Amsterdammers. Het is bijvoorbeeld belangrijk dat Amsterdamse jongeren in al hun diversiteit, zich herkennen in hun jongerenwerkers. Zij kunnen zo beter aansluiten bij de verschillende achtergronden van de jongeren die zij helpen of coachen. Daarbij is het belangrijk dat we ons beseffen dat niet alleen kinderen en jongeren onderling, maar ook volwassenen (professionals) – bewust of onbewust – kinderen en jongeren kunnen discrimineren.

Dit aspect krijgt een steeds prominentere rol in de bredere aanpak tegen discriminatie en polarisatie vanuit Samen voor Jongeren Amsterdam (SVJA). Jongerenwerkers worden hier specifiek op getraind via hun opleiding en aanvullende scholing. Zo wordt gewerkt aan de ontwikkeling van een training over polarisatie, inclusie en discriminatie, met aandacht voor zelfreflectie en het herkennen van (onbewuste) vooroordelen. Dit helpt jongerenwerkers niet alleen bij de begeleiding van jongeren, maar ook om kritisch naar hun eigen handelen te kijken en inclusiever te werken.

Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,

Marjolein Moorman Wethouder Onderwijs en Jeugd

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Touria Meliani Wethouder Diversiteit

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15544060/1