Bestuurlijke reactie Anders behandeld en nu
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief
Aan:
Portefeuillehouder(s): Behandeld door
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 10 februari 2026 Onderwijs, Jeugd en Inclusie en Antidiscriminatiebeleid Sofyan Mbarki en Touria Meliani Onderwijs (bestuurszaken.onderwijs@amsterdam.nl)
Onderwerp
Bestuurlijke reactie rapport Kinderombudsman ‘Anders behandeld en nu?’
Datum Portefeuille(s)
Geachte leden van de gemeenteraad, Op 20 november 2025 (de Internationale Dag van de Rechten van het Kind) presenteerde Annemarie Tuzgöl-Broekhoven, Kinderombudsman van de Metropool Amsterdam, het rapport ‘Anders behandeld en nu?’ over oplossingsrichtingen om discriminatie en racisme te bestrijden. Dit is een vervolg op het rapport ‘Anders behandeld’ over de ervaringen van Amsterdamse kinderen met racisme en discriminatie. Voor veel Amsterdamse kinderen is discriminatie en racisme helaas dagelijkse realiteit. Kinderen worden uitgesloten of ongelijk behandeld. Dat is onacceptabel. Het is waardevol dat de Kinderombudsman zo veel kinderen en jongeren heeft gesproken over hun eigen ervaringen en oplossingsrichtingen om discriminatie en racisme te bestrijden. We danken daarom de Kinderombudsman en alle kinderen die hebben meegewerkt aan de rapporten. We streven naar Amsterdam als stad waar iedereen zich vrij en veilig voelt en de ruimte heeft om zichzelf te zijn. Hier zet het college op in samen met de Amsterdamse kinderen en jongeren, zoals met de kinderraad en kinderburgemeester1, de jongerenadviesraad2 en de MBO-denktank3. Niet alleen omdat dit hun recht is, maar ook omdat hun ervaringen en ideeën de basis vormen voor effectieve oplossingen en wij hun inbreng heel belangrijk vinden.
In deze brief geven wij een reactie op het rapport en gaan in op de oplossingsrichtingen die door kinderen zelf zijn benoemd. 1. Rapport ‘Anders behandeld en nu?’ In het eerste onderzoek staan de ervaringen van Amsterdamse kinderen en jongeren met discriminatie en racisme en de vraag hoe zij met deze ervaringen omgaan centraal. De Kinderombudsman sprak hiervoor met bijna 80 Amsterdamse kinderen en verschillende betrokken professionals en ouders. In ‘Anders behandeld en nu?’ gaat het over de vraag ‘hoe nu verder?’. Welke keuzes zijn nodig, welke acties hebben prioriteit en hoe kunnen kinderen zelf betrokken blijven bij het bestrijden van racisme en discriminatie? 1
Kinderraad en kinderburgemeester | Gemeente Amsterdam Jongerenadviesraad Amsterdam - JARA 3 MBO-denktank: Zonder ons geen stad | Gemeente Amsterdam 2
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 10 februari 2026 Pagina 2 van 6
Het rapport richt zich op de thema’s normeren, het kindvriendelijk en laagdrempelig melden en het bevorderen van een inclusieve samenleving. In totaal heeft de Kinderombudsman hierover met circa 90 professionals en 70 kinderen en jongeren gesproken. De Kinderombudsman doet de gemeente de volgende aanbevelingen: 1. Pas de kinderrechtentoets toe in regelgeving en beleid als het gaat om zaken die kinderen raken en besteed daarbij expliciet aandacht aan (het mogelijk aanwezig zijn van) discriminatie en racisme. 2. Ga aan de slag met een aantal oplossingsrichtingen om discriminatie en racisme aan te pakken, zoals het: a. ontwikkelen van een keurmerk tegen discriminatie en racisme; b. realiseren van herkenbare meldplekken van discriminatie en racisme in de leefwereld van kinderen (op school, op de sportclub, op sociale media); c. gebruikmaken van (reeds ontwikkelde) interventies om discriminatie en racisme te bestrijden en hier kinderen bij te betrekken. 2. Bestuurlijke reactie op het rapport ‘Anders behandeld en nu?’ Met de vaststelling van het beleidskader Inclusie en Antidiscriminatiebeleid 2023-2026 committeert het college zich eraan om samen met partijen in de stad te werken aan een inclusievere stad. Het vraagt om inzet vanuit verschillende hoeken zoals wonen, zorg, jeugd, onderwijs, arbeidsmarkt en sport.
Het vraagt ons allen om te luisteren, te zien, bewust te maken, ons uit te spreken en het debat te blijven voeren om discriminatie en racisme te bestrijden, zodat onze stad een plek is waar iedereen zich vrij en veilig kan voelen en de ruimte heeft om zichzelf te zijn. Daar zijn we als stad met zijn allen verantwoordelijk voor. Als gemeente proberen we hieraan bij te dragen door middel van normstelling, agendering, het vertellen van (onbekende) verhalen om kennis van elkaar en onderling begrip te bevorderen en het ondersteunen van initiatieven in de stad gericht op antidiscriminatie en emancipatie. Zoals benoemd doen we dit samen met de Amsterdamse kinderen en jongeren, zoals met de kinderraad en kinderburgemeester4, de jongerenadviesraad5 en de MBO-denktank6. De publicatie van de Kinderombudsman is waardevol om de huidige inzet verder te verbeteren. Aanbeveling 1: Pas de kinderrechtentoets toe in regelgeving en beleid als het gaat om zaken die kinderen raken en besteed daarbij expliciet aandacht aan (het mogelijk aanwezig zijn van) discriminatie en racisme. De Kinderrechtentoets biedt belangrijke handvatten om bij het vormgeven van wet- en regelgeving en beleid kinderrechten voorop te stellen. Het doel van de toets is om de ontwikkeling en het welzijn van kinderen te waarborgen in alle voorstellen die raken aan de belangen van kinderen.
De kern van de Kinderrechtentoets is dat bij alle wet-regelgeving en beleid de beste besluiten voor kinderen genomen worden. 4
Kinderraad en kinderburgemeester | Gemeente Amsterdam Jongerenadviesraad Amsterdam - JARA 6 MBO-denktank: Zonder ons geen stad | Gemeente Amsterdam 5
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 10 februari 2026 Pagina 3 van 6
De Kinderrechtentoets bestaat uit vier stappen, waarbij het belang van kinderen steeds centraal staat: 1. Onderzoek de belangen van kinderen 2. Onderzoek andere belangen 3. Maak een belangenafweging 4. Verantwoording en communicatie De verhalen van de kinderen die de Kinderombudsman heeft gesproken raken ons diep. Ze raken ons niet alleen als bestuurders van deze stad, maar ook als mede- Amsterdammers en als mensen. Gelijk behandeld worden en als gelijkwaardig worden gezien, vormt de kern van gelijke kansen. Als wethouders onderschrijven wij het belang van de Kinderrechtentoets. Bij het ontwikkelen van onderwijsbeleid, staan wij nadrukkelijk stil bij vragen als: 'Op welke manier heeft het voorstel direct of indirect gevolgen voor het welzijn en de ontwikkeling van kinderen?' Of 'Hoe kunnen de belangen van kinderen het best gewaarborgd worden in het voorstel?'. Centrale vragen die niet alleen bij de eerste stap in de Kinderrechtentoets staan opgenomen, maar die ook het vertrekpunt vormen van beleidsontwikkeling binnen directie Onderwijs. De manier waarop wij ons onderwijsbeleid vormgeven, is in lijn is met de uitgangspunten en vragen die centraal staan in de Kinderrechtentoets. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het beleid van de Familiescholen, Amsterdammerschap in het Onderwijs en het beleid op het gebied van inclusief onderwijs.
Voorbeelden van beleid dat niet alleen in het belang van kinderen en jongeren is ontwikkeld, maar ook op basis van ervaringen van kinderen en jongeren tot stand is gekomen. Het college erkent dat we er nog niet zijn. In de komende periode staan we stil bij mogelijke inzet voor de komende collegeperiode. Daarbij worden lessen getrokken uit wat beter kan en wat goed gaat. De ervaringen en belangen van kinderen, jongeren, scholen, stadsdelen en professionals worden daarbij nadrukkelijk in meegenomen. Deze kennis en inzichten worden gebruikt om het beleid verder te verbeteren en te versterken. Aanbeveling 2: Ga aan de slag met een aantal oplossingsrichtingen om discriminatie en racisme aan te pakken, zoals het: a. ontwikkelen van een keurmerk tegen discriminatie en racisme; b. realiseren van herkenbare meldplekken van discriminatie en racisme in de leefwereld van kinderen (op school, op de sportclub, op sociale media); c. gebruikmaken van (reeds ontwikkelde) interventies om discriminatie en racisme te bestrijden en hier kinderen bij te betrekken. a. Ontwikkelen van een keurmerk tegen discriminatie en racisme Het college benadrukt het belang van een stevige sociale norm waaraan organisaties die met kinderen werken zich kunnen meten. Deze norm moet actief worden uitgedragen, zodat duidelijk is wat wel en niet acceptabel is.
Dit stelt organisaties in staat om hiernaar te handelen en biedt kinderen een duidelijk houvast. Immers, kinderen die op jonge leeftijd te maken krijgen met discriminatie, vooroordelen en uitsluiting, dragen hier vaak langdurig de gevolgen van. Juist in
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 10 februari 2026 Pagina 4 van 6
deze levensfase is het van groot belang dat de omgevingen waar zij veel tijd doorbrengen, zoals scholen en sportclubs, sociaal veilig zijn. Dit helpt om negatieve ervaringen te voorkomen, een gezonde ontwikkeling te bevorderen en goed met elkaar om te leren gaan. Het is belangrijk om samen met kinderen te onderzoeken waar zij discriminatie en racisme ervaren en hoe deze het beste kunnen worden aangepakt, zodat een sociaal veilige omgeving wordt gecreëerd. Daarnaast is het waardevol als organisaties kunnen laten zien wat zij goed doen en waarom dit effectief is om gedrags- en cultuurverandering te bewerkstelligen. Belangrijk is dat er gelegenheid is om hierover kennis uit te wisselen. Duidelijke erkenning, zoals een label of keurmerk, kan stimulerend en agenderend werken en het goede voorbeeld belonen, maar het is geen wondermiddel en zonder onafhankelijke, strenge controle verliest het snel aan geloofwaardigheid. Het moet onderdeel zijn van breder beleid, regels zonder cultuur werken niet. Daarom is het van minstens even groot belang dat organisaties werken aan bewustwording, inclusief leiderschap, open dialoog en ruimte en waardering van diversiteit. In de sportsector werkt de gemeente Amsterdam sinds 2021 met basiseisen voor sociale veiligheid.
Om grensoverschrijdend gedrag tegen te gaan, heeft de gemeente drie verplichte basiseisen opgesteld voor samenwerkende clubs: een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG), een gedragscode en een vertrouwenspersoon. Het voldoen aan deze basiseisen wordt gezien als een goed voorbeeld. Veel sportclubs hebben hierdoor inmiddels deze minimale standaard op orde. Daarnaast ondersteunt de gemeente sportclubs actief bij het agenderen van sociale veiligheid binnen de organisatie. In de komende periode staan we stil bij mogelijke inzet voor de volgende collegeperiode. Hierin wordt ook de aanbeveling van het keurmerk meegenomen in de afwegingen. b. Realiseren van herkenbare meldplekken van discriminatie en racisme in de leefwereld van kinderen (op school, op de sportclub, op sociale media) Op school Het meldpunt Discriminatie.nl/Regio Amsterdam (DRA) besteedt in haar communicatie specifieke aandacht aan het onderwijs. Het DRA trekt hierin nauw op met scholen en organisaties, zoals het ROC van Amsterdam en het Onderwijsnetwerk Amsterdam (ONA). Hierbij richt het DRA zich onder andere op het vergroten van de zichtbaarheid binnen het scholenveld, zoals met een fysieke en online campagne. Ook wil het DRA voorlichtingensessies aanbieden om discriminatie en racisme bespreekbaar te maken binnen de schoolomgeving, en scholen actief informeren.
Zoals eerder vermeld in de bestuurlijke reactie naar aanleiding van het rapport Kinderombudsman ‘Anders Behandeld’, zet het college zich actief in voor het tegengaan en bespreekbaar maken van discriminatie en racisme, via de antidiscriminatie campagne ‘’Kom Op’’. Deze campagne stelt als norm dat discriminatie en racisme in geen enkele vorm wordt geaccepteerd en roept omstanders op om zich uit te spreken wanneer het toch voorkomt. De kinderraad wilde graag bijdragen aan bewustwording van discriminatie onder kinderen. De kinderraadsleden hebben daarom als model meegewerkt aan de posters van deze campagne. De lancering is verricht door de kinderombudsman samen met de kinderburgemeester op de school van de kinderburgemeester.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 10 februari 2026 Pagina 5 van 6
De posters zijn door de hele stad te zien geweest in december 2025 en januari 2026. Twee kinderraadsleden zijn geïnterviewd over hun ervaringen.7 Tegelijkertijd zien we in het rapport terugkomen dat nog niet iedereen op de hoogte is van het meldpunt, waarbij meer laagdrempelige meldplekken helpt. In februari start daarom een kindvriendelijk meldpunt8, waarbij de Kinderombudsman betrokken is. Op dit moment staat het meldpunt als pilot al online. We brengen het meldpunt in februari onder de aandacht in onze bestuurlijke gesprekken met het scholenveld en via onze onderwijsnieuwsbrieven. Ook vragen wij scholen om het meldpunt onder de aandacht te brengen bij ouders en leerlingen. Daarnaast worden twee consulenten opgeleid, die zich specifiek zullen richten op het kindvriendelijke meldplatform voor Regio Amsterdam. Op de sportclub Amsterdam heeft ingezet op 3 verplichte basiseisen voor clubs die een samenwerking hebben met de gemeente. Een van die eisen is een verplichte vertrouwenscontactpersoon. In principe zijn zij het interne meldpunt van de sportclub. We leiden deze personen ook op. Echter weten we dat veel gevallen van grensoverschrijdend gedrag meestal niet wordt gemeld bij de vertrouwenscontactpersoon. Zeker kinderen weten deze persoon niet goed te vinden. Trainers en coaches staan in hun rol veel dichterbij de kinderen dan een vertrouwenscontactpersoon.
In Amsterdam proberen we dan ook zoveel mogelijk trainers te bekwamen in pedagogische vaardigheden; oog voor groepsdynamiek, signaleren van buitensluiting, etc. We gaan komend seizoen het onderwerp discriminatie een groter onderdeel laten zijn binnen dit aanbod. Echter moeten kinderen het ook kunnen melden als juist hun trainer of coach ze onheus bejegent. Dit wordt ondergebracht bij het kindvriendelijk meldpunt zoals hierboven benoemd bij ‘Op school’. Sociale media In de moties 056 van het lid Garmy c.s. inzake de bestrijding van online discriminatie en racisme en 055 van het lid Bentoumya c.s. inzake bewustwording complottheorieën in antisemitismebestrijding wordt inzet gevraagd op het bestrijden van complottheorieën en online discriminatie in bredere zin. De raad wordt in het tweede kwartaal van 2026 geïnformeerd over de wijze waarop het college deze moties oppakt. c.
Gebruikmaken van (reeds ontwikkelde) interventies om discriminatie en racisme te bestrijden en hier kinderen bij te betrekken
Vanuit Amsterdammerschap in het onderwijs zetten we in op het tegengaan van discriminatie en racisme. Scholen worden daarbij ondersteund met bestaande en bewezen interventies, zoals de leergang inclusief onderwijs van Fawaka en met programma's die bijdragen aan het bespreekbaar maken van verschillen en het versterken van wederzijds begrip onder leerlingen. Daarnaast kunnen scholen met de VloA-subsidie 'Burgerschap, diversiteit en gedeelde geschiedenis' inzetten op concrete programma's, projecten of activiteiten die gericht zijn op het tegengaan van discriminatie en racisme.
7 8
Ik merk aan hun humeur of iemand gediscrimineerd wordt | Gemeente Amsterdam Discriminatie.nl/jeugd
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 10 februari 2026 Pagina 6 van 6
In de voortgangsbrief 'Amsterdammerschap 2023-2027' van 17 december 2025 is uw raad geïnformeerd over het veldonderzoek naar maatschappelijke vraagstukken in de klas. Uit dit onderzoek blijkt onder andere dat een deel van het onderwijspersoneel behoefte heeft aan extra ondersteuning bij herkennen, bespreken en aanpakken van discriminatie en racisme. De resultaten van het veldonderzoek vormen een belangrijke basis voor de verdere doorontwikkeling van het beleid. Daarbij wordt samen met het onderwijsveld en op basis van ervaringen van kinderen en jongeren, ook gekeken welke interventies het best aansluiten in het onderwijs en waar verdere versterking of aanscherping van het beleid Amsterdammerschap in het Onderwijs nodig is. In de tussentijd wordt gebruikgemaakt van bestaande kennis en interventies die zijn ontwikkeld door het Kennisplatform Inclusief Samenleven (KIS). Zo heeft KIS onder andere interventies ontwikkeld gericht op het verminderen van vooroordelen en discriminatie onder kinderen, een stappenplan voor basisscholen in samenwerking met Stichting School & Veiligheid en een database met antidiscriminatie-interventies. Als gemeente gaan we deze interventies actief verspreiden binnen het scholenveld en agenderen we de interventies in de bestuurlijke overleggen met het scholenveld, zodat scholen hier op korte termijn over worden geïnformeerd en er gebruik van kunnen maken.
Tot slot De conclusies uit de rapporten van de Kinderombudsman zijn pijnlijk. Ieder kind en jongere heeft recht op gelijke kansen. Ongeacht afkomst, achtergrond, religie, huidskleur, beperking of seksuele geaardheid. Het is onacceptabel dat kinderen worden gediscrimineerd. Daarom blijven wij als college samen met onder andere scholen, actief werken aan het tegengaan van elke vorm van uitsluiting en achterstelling. We blijven kinderen, ouders, scholen, sportclubs en andere organisaties ondersteunen om een inclusieve omgeving te creëren, voor ieder Amsterdams kind. Want alleen samen kunnen we racisme en discriminatie bestrijden. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Sofyan Mbarki Wethouder Onderwijs en Jeugd
Touria Meliani Wethouder Inclusie en Antidiscriminatiebeleid
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl