CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestuurlijke reactie adviezen stadsdelen.pdf

Raadscommissie Kunst Diversiteit en Democratisering 7 april 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van het beleidskader buurtbudgetten (ZD2021-001993)7.819 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

6 alinea's met “adviserend”: 35 36 40 42 107 108

Bestuurlijke reactie op adviezen stadsdeelcommissies en dagelijks besturen Wethouder Groot Wassink wil de leden van de stadsdeelcommissies en dagelijks besturen van de stadsdelen hartelijk bedanken voor de adviezen die zij hebben uitgebracht op het conceptkader buurtbudgetten. Uit de adviezen blijkt grote betrokkenheid bij het democratiseringsinstrument buurtbudgetten en waardering voor de impact van het instrument in de stadsdelen. De wethouder is bovendien blij met de waardering die in de adviezen wordt uitgesproken over de meerwaarde van een stedelijk kader als het gaat om waarborgen op het gebied van transparantie over het proces, heldere randvoorwaarden en ruimte voor maatwerk in de uitvoering. In dit document wordt elk advies, punt voor punt, voorzien van een reactie. Hierbij wordt toelichting gegeven op bepaalde passages, toegelicht hoe een bepaald punt aanleiding bood tot aanpassing van het kader, of een plek heeft gevonden in de ambtelijke Handreiking buurtbudgetten. Twee punten wil de wethouder graag vooraf apart toelichten. Allereerst waren er een aantal voorstellen om de 60-40% verdeling van het beschikbare budget los te laten en het dagelijks bestuur volledige vrijheid te geven over de schaalgrote en verdeling van het buurtbudget binnen het stadsdeel.

En ten tweede, bleek uit de adviezen zorgen over beschikbare ambtelijke capaciteit voor het begeleiden/uitvoeren van de buurtbudget-processen. Om tegemoet te komen aan deze laatste zorg is middels een passage in het kader mogelijk gemaakt dat stadsdelen -in overleg met de stadsdeelcommissies- maximaal 8% van het beschikbare budget mogen inzetten voor ambtelijke en andersoortige uitvoeringskosten. Uitgangspunt hierbij is dat de uitvoering van buurtbudgetten onderdeel is en blijft van de algemene uitvoeringscapaciteit bij stadsdelen. Maar dat het voor specifieke kosten nuttig kan zijn om deze vanuit het buurtbudget te financieren. De 60/40 verdeling van de budgetten wordt gehandhaafd, omdat het belangrijk wordt geacht dat het grootste deel van de budgetten beschikbaar is voor alle inwoners van het gehele stadsdeel.

Advies Dagelijks Bestuur West Stadsdeel West experimenteert sinds 2018 met instrumenten om de directe democratie te faciliteren. Om alle Amsterdammers dezelfde mogelijkheden, rechten en randvoorwaarden te geven bij het faciliteren van meer zeggenschap en eigenaarschap is het ontwikkelen van een stedelijk kader een logische keuze waar het DB positief op adviseert. Het voorliggende kader vraagt echter op een aantal punten om verheldering. 

Op pagina 4 staat onder model B bij de criteria die van toepassing zijn op dit model, onder b: ‘Het stadsdeel biedt intensieve ambtelijke ondersteuning en regie, waar nodig, om het (deliberatieve) proces te faciliteren.’ In dit model ligt de regie echter primair bij bewonersgroepen en doet de overheid een stap terug. Daarom het advies het woord ‘regie’ te schrappen. Ook wordt geadviseerd de term ‘intensieve’ weg te laten. Niet alleen is het een subjectieve term die moeilijk kwantificeerbaar is. Het suggereert ook dat sec ambtelijke ondersteuning onvoldoende zou zijn voor dit proces.

Reactie: De regie ligt binnen dit model inderdaad primair bij de bewonersgroepen. Het woord ‘regie’ is daarom verwijderd uit twee passages in het kader (pagina 3 en pagina 4). Het woord ‘intensieve’ is niet verwijderd omdat het gezien wordt als passende kwalificatie voor de onder Model B vereiste ondersteuning. 

Bij het punt vergoedingen op pagina 5 staat: ‘eventuele vergoedingen voor de uitvoering van een plan/activiteiten uit een buurtplan maken deel uit van de begroting en worden transparant gecommuniceerd naar overige buurtbewoners/iedereen die op het plan kan

stemmen en zijn achteraf controleerbaar. De mogelijke toekenning van een eventuele vergoeding in de uitvoeringsfase is elke fase in het proces bekend aan iedereen.’ In de huidige digitale instrumenten is de begroting niet voor iedereen zichtbaar. Wel de totale kosten van het project. Het idee hierachter is dat men kiest op basis van de inhoud van het plan en of de totale kosten hiertoe in verhouding staan. De redelijkheid van de vergoeding wordt getoetst bij de haalbaarheid door ambtenaren of de hiervoor aangewezen bewonersgroep. Hoewel het DB onderschrijft dat de begroting van de plannen openbaar moeten zijn en dus altijd opvraagbaar is het advies hierbij de huidige werkwijze te behouden en hierbij te vertrouwen op de expertise en integriteit van de betrokken bewoners en ambtenaren. Reactie: Het bekendmaken van een begroting aan de personen die kunnen stemmen op het plan vormt een cruciaal onderdeel van een transparant proces. Om deze reden is het advies niet overgenomen. Van stadsdelen wordt verwacht dat zij initiatiefnemers ondersteuning bieden bij het komen tot een begroting. 

Op pagina 6 wordt ingegaan op de toetsingscriteria/weigeringsgronden. Hierin staat onder andere: ‘Bij bedragen groter dan € 50.000,- gelden (Europese) aanbestedingsregels. Dit kan tot gevolg hebben dat het stadsdeel meerdere offertes aanvraagt voor de uitvoering van het plan en dat de indiener niet vanzelfsprekend de partij is die het plan kan gaan uitvoeren. Indien nodig kunt u de inkoopvoorwaarden van de gemeente Amsterdam checken.’ Onduidelijk is of het bedrag van € 50.000,- geldt voor een aanvraag per stadsdeel of voor de gehele stad. Bijvoorbeeld: wanneer een plan van €45.000 in stadsdeel West gekozen wordt en in stadsdeel Centrum wordt van dezelfde planindiener een plan van €30.000 gekozen, worden deze bedragen dan bij elkaar op geteld en worden de plannen als een aanbesteding gezien? Dit punt moet duidelijker beschreven worden: het plafond van € 50.000,- geldt per stadsdeel of voor de hele stad. In het laatste geval moet er goede afstemming zijn tussen de stadsdelen om te voorkomen dat aanbestedingsregels worden geschonden.

Reactie: de aanbestedingsgrens van 50.000 euro geldt voor de gemeente Amsterdam als geheel. Dit vergt inderdaad goede onderlinge afstemming en procesafspraken tussen de stadsdelen. 

Bij het onderwerp ondersteuning op pagina 7 wordt bij punt 2 aangegeven: ‘ondersteuning bij de uitvoering van het (buurt)plan. Hiervoor kunnen maximaal 8% handelingskosten uit het toegekende buurtbudget gerekend worden.’ Het is hier niet duidelijk aan wie die 8% besteed kan worden. Gaat het hier enkel om een derde partij of wordt hier ook eventuele ambtelijke ondersteuning bedoeld. Graag verduidelijking over de bedoeling van dit percentage.

Reactie: dit percentage geldt voor bewoners/bewonerscollectieven om van gebruik te kunnen maken voor ondersteuning door een derde partij (zijnde niet de gemeente). Hierbij kan het gaan om de volgende typen ondersteuning: beheer financiën, administratieve ondersteuning, klachtenafhandeling. 

De (intensieve) ambtelijke ondersteuning die bij alle modellen als criteria worden meegegeven is niet opgenomen in de begroting van de stadsdelen. De stadsdelen hebben afgelopen jaren vooral ingeleverd in capaciteit. We gaan graag het gesprek aan hoe we in deze benodigde capaciteit en middelen kunnen voorzien.

Reactie: Om tegemoet te komen aan deze zorg is middels een passage in het kader mogelijk gemaakt dat stadsdelen -in overleg met de stadsdeelcommissies- maximaal 8% van het beschikbare budget mogen inzetten voor ambtelijke en andersoortige uitvoeringskosten.

Uitgangspunt hierbij is dat de uitvoering van buurtbudgetten onderdeel is en blijft van de algemene uitvoeringscapaciteit bij stadsdelen. Maar dat het voor specifieke kosten nuttig kan zijn om deze vanuit het buurtbudget te financieren.

Advies stadsdeelcommissie West Het advies van de SDC van West is opgesteld door de gezamenlijke fracties (Groen Links, VVD, D66, PvdA en Denk) en tijdens de SDC vergadering van 26 januari 2021 unaniem aangenomen. Ook is de SDC unaniem akkoord gegaan met het hierboven beschreven advies van het dagelijks bestuur. Wij zijn blij met de onderdelen in het kader die de transparantie van het proces waarborgen (verantwoording van de activiteiten en middelen) en de nadruk leggen op heldere randvoorwaarden en communicatie. Ook zien we zeker de meerwaarde ervan in dat er een stedelijk kader wordt vastgesteld. Wij geven graag nog een aantal adviespunten mee bij de uitwerking van het kader, op basis van onze ervaringen vanuit de SDC in West: Bovenstaande in overweging nemende, komen wij tot de volgende adviezen: 1. Wij hebben als stadsdeelcommissie zorgen over of er sprake blijft van voldoende beleidsvrijheid/beleidsruimte voor het stadsdeel zelf. Deze lijkt in het kader immers beperkt te worden: 60% van het beschikbare budget dient ingezet te worden voor processen waaraan iedere bewoner van het stadsdeel kan meedoen. Het resterende kan, maar hoeft niet, ingezet te worden in specifieke buurten of wijken. Alleen model A (‘Amsterdam begroot’) biedt een proces waar alle bewoners aan mee kunnen doen. Model B en C zien toe op processen die gericht zijn op specifieke wijken en/of buurten.

In elk stadsdeel zullen jaarlijks verschillende keuzes gemaakt worden bij het kiezen tussen de modellen. Ook de financiële dekking kan variëren. Zo wordt in ons stadsdeel West Begroot uit de eigen middelen gefinancierd. Dit zou betekenen dat 100% van de buurtbudgetten naar model B of C zou gaan. Wij adviseren daarom de 60% te laten vallen en dit over te laten aan de stadsdelen. Reactie: De 60/40 verdeling van de budgetten wordt gehandhaafd, omdat het belangrijk wordt geacht dat het grootste deel van de budgetten beschikbaar is voor alle inwoners van het gehele stadsdeel. 2. Terecht bieden de spelregels duidelijkheid over de terugkerende discussie met betrekking tot eventuele vergoedingen. Deze zijn toegestaan, maar tot een maximumbedrag: Een aanvraag/plan bevat volgens de spelregels geen winstoogmerk. Buurtbudgetten zijn geen verdienmodel. Alle processen dienen op non-profit basis te worden ingericht. Eventuele vergoedingen zijn niet hoger dan het vrijwilligerstarief of een maatschappelijk tarief (maximaal 50€ per uur). Via het buurtbudget worden geen commerciële activiteiten bekostigd (weigeringsgrond). Het uitgangspunt van buurtbegroten i.h.k.v West Begroot is dat ook professionele partijen hun plannen voor de buurt kunnen indienen, inclusief wijkondernemingen en social enterprises.

Partijen – veelal eenmanszaken en bv’s - die hun diensten (ondanks hun maatschappelijk engagement) op for-profit basis aanbieden, net als andere ondernemingen. Alleen maatschappelijke initiatieven toestaan zonder winstoogmerk, roept de vraag op of de keuzemogelijkheden niet in te grote mate beperkt worden. Daarnaast beperkt het de zeggenschap van bewoners. Immers, uiteindelijk bepalen zij of een plan van een professionele, commerciële partij (bijvoorbeeld een culturele ondernemer of een buurtwinkel) voldoende maatschappelijke waarde heeft. In Amsterdam-West deed de succesvolle start-up Local Heroes bijvoorbeeld mee voor hun dienst voor het duurzaam bezorgen van producenten van de Ten Katemarkt. Uiteindelijk is het aan de bewoners om te bepalen welke initiatieven ondersteund moeten worden, met of zonder winstoogmerk. Wij adviseren dan ook als stadsdeelcommissie om deze keuze bij de

bewoners te laten en dit onderscheid niet in het kader vast te leggen. Wij ondersteunen de regel dat een vergoeding niet boven het maatschappelijk tarief mag uitkomen. Reactie: Plannen met een winstoogmerk passen niet in de geest van buurtbudgetten. Buurtbudgetten dienen niet gebruikt te worden als verdienmodel. Alle processen dienen op non-profit basis te worden ingericht. 3. In het stedelijk kader worden er strenge eisen gesteld aan waar de indiener van de plannen aan moet voldoen. In de aanvraag moet al een realistische begroting worden opgenomen en eveneens moet de aanvrager rekening houden met eventuele vergunningen en de kosten daarvan. Het gaat bij de meeste plannen om aanvragen voor relatief kleine subsidies, waarbij het voor een bewoner/plan indiener met beperkte kennis van de gemeentelijke organisatie niet (tot onmogelijk) is om de kosten realistisch in te schatten. In de oorspronkelijke opzet van West Begroot konden indieners een idee indienen en schatten ambtenaren (ongeveer) in wat de kosten waren. Dit maakt het laagdrempelig. Daarnaast is het opmerkelijk dat door een indiener die een plan indient bij de gemeente, feitelijk een subsidieverzoek wordt ingediend om de kosten die horen bij die vergunning (de leges) te betalen.

Wij adviseren om indieners te ondersteunen bij het opstellen van een begroting en te onderzoeken of de kosten voor leges buiten deze begroting kunnen worden gelaten, of dat er een andere oplossing mogelijk is. Reactie: Van stadsdelen wordt verwacht dat zij initiatiefnemers ondersteuning bieden bij het komen tot een realistische begroting. Hoewel het opnemen van een begroting een drempel kan vormen voor sommige deelnemers, vormt het een cruciaal onderdeel van een transparant proces. 4. In het concept stedelijk (beleids)kader Buurtbudgetten staat onder het kopje ‘model B, tweede variant’ het volgende: Doorlopende aanvragen zonder competitie-element waarbij bewoners (mogelijk in inspiratieteam of buurtgroep) een stem hebben in het wel of niet toekennen voor budgetten aan initiatieven van buurtbewoners. Wij adviseren om in het stedelijk kader vast te leggen dat regiegroepen, buurtgroepen of inspiratieteams aan criteria dienen te voldoen, die worden vastgesteld in samenspraak met de SDC. In West worden hier momenteel stappen in gezet, het zou wenselijk zijn om dit ook te noemen in het stedelijk kader. In het stadsdeel kan dan worden uitgewerkt welke criteria geldend zijn, zoals transparante besluitvorming, heldere communicatie en duidelijkheid over de zittingstermijn in een dergelijke bewonersgroep.

Ter illustratie: er wordt vooraf een zittingstermijn afgesproken, waarbij de invulling (het aantal jaren) op stadsdeelniveau of gebiedsniveau uitgewerkt. In het beleidskader dient opgenomen te worden dat dergelijke criteria voorafgaand aan het participatietraject opgesteld moeten worden. Reactie: Het staat stadsdelen vrij om in samenspraak met de stadsdeelcommissies criteria op stellen voor deelname regiegroepen, buurtgroepen en inspiratieteams. 5. Bij ieder model wordt in meer of mindere mate werkzaamheden verricht door de ambtelijke organisatie in de gemeente/stadsdeel. Voor een goede afweging welk model ingezet kan worden is het van belang om de bijbehorende kosten inzichtelijk te maken. Wij adviseren om in het stedelijk kader op te nemen dat jaarlijks per stadsdeel een begroting opgesteld wordt om inzage te krijgen in de kosten in relatie tot de budgetten per model. Reactie: Hoewel dit inderdaad een interessant inzicht kan zijn, is het aan de stadsdelen om

te bepalen of zij jaarlijks de kosten in beeld willen brengen. 6. Wij benadrukken dat het verbeteren van de communicatie van gebiedsgerichte budgetten aandacht behoeft. Het is goed dat er binnen Amsterdam vele regelingen beschikbaar zijn voor initiatieven in de buurt. Echter, welke regelingen voor wie bedoeld zijn en aan welke criteria voldaan dienen te worden blijkt voor bewoners vaak onduidelijk. Wij adviseren dat er een communicatieplan wordt opgesteld en (financiële) middelen worden vrijgemaakt voor het opzetten van benodigde communicatiekanalen (online en offline). Reactie: vanuit het subsidiebureau wordt gewerkt aan de opdracht vereenvoudigen subsidielandschap. Communicatie kan hier op termijn deel uit van maken.

Advies Db Centrum Allereerst wil het DB haar waardering uitspreken over het kader. Het is heel fijn dat er een kader buurtbudgetten is als leidraad voor de stadsdelen. Er is in het kader nog ruimte voor de stadsdelen voor eigen inbreng en geeft tegelijkertijd goed richting. Het dagelijks bestuur wil wel enkele punten meegeven die om verheldering vragen:  Op pagina 2 is opgenomen: ‘Bij de verdeling van het budget binnen een stadsdeel wordt per ronde minimaal 60% van het budget ingezet voor processen waaraan iedere bewoner van het stadsdeel kan meedoen. Het resterende budget kan, maar hoeft niet, ingezet worden in specifieke buurten of wijken. Op deze manier krijgt iedere Amsterdammer iedere ronde de gelegenheid om deel te nemen aan een buurtbudget.’ Dit is opgenomen om te waarborgen dat iedere Amsterdammer ieder jaar kan beschikken over het budget. In het coalitie akkoord staat namelijk dat iedere Amsterdammer mee moet kunnen doen. Het is echter niet noodzakelijk om hier dwingende percentages aan te verbinden. Het stadsdeel zou vrij moeten zijn om die verhoudingen zelf te bepalen. Daarom zou het tekstvoorstel zijn: ‘Bij de verdeling van het budget binnen een stadsdeel wordt in ieder geval een deel van het budget ingezet voor processen waaraan iedere bewoner van het stadsdeel kan meedoen.

Het resterende budget kan, maar hoeft niet, ingezet worden in specifieke buurten of wijken. Op deze manier krijgt iedere Amsterdammer iedere ronde de gelegenheid om deel te nemen aan een buurtbudget.’ Reactie: De 60/40 verdeling van de budgetten wordt gehandhaafd, omdat het belangrijk wordt geacht dat het grootste deel van de budgetten beschikbaar is voor alle inwoners van het gehele stadsdeel. 

Op pagina 4 staat onder model B bij de criteria die van toepassing zijn op model B, onder b: ‘Het stadsdeel biedt intensieve ambtelijke ondersteuning en regie, waar nodig, om het (deliberatieve) proces te faciliteren.’ In dit model heeft het stadsdeel niet zozeer de regie. De regie ligt juist bij bewonersgroepen. Daarom wordt geadviseerd hier het woordje ‘regie’ weg te halen.

Reactie: De regie ligt binnen dit model inderdaad primair bij de bewonersgroepen. Het woord ‘regie’ is daarom verwijderd uit twee passages in het kader (pagina 3 en pagina 4). Het woord ‘intensieve’ is niet verwijderd omdat het gezien wordt als passende kwalificatie voor de onder Model B vereiste ondersteuning.

 -

Op pagina 5 is opgenomen: Een aanvraag/plan is in te dienen door: Een bewoner van Amsterdam van 12 jaar of ouder; Dit doet geen recht aan de wens om iedereen mee te laten doen. Er zou geen leeftijdsgrens moeten staan. Hier zou moeten staat: ‘Een bewoner van Amsterdam’ Het stemmen op de plannen zou wel vanaf 12 jaar en ouder moeten zijn, omdat kinderen jonger dan 12 officieel toestemming nodig hebben van hun ouders om te mogen stemmen ( op grond van de AGV). Dat is de reden geweest dat de leeftijdsgrens is genoemd om op te nemen in het kader. Het staat hier echter niet juist verwoord.

Reactie: dit advies is niet overgenomen omdat het in de praktijk moeilijk uitvoerbaar is. 

Op pagina 6 wordt ingegaan op de toetsingscriteria/weigeringsgronden. Hierin staat onder andere: ‘Bij bedragen groter dan € 50.000,- gelden (Europese) aanbestedingsregels. Dit kan tot gevolg hebben dat het stadsdeel meerdere offertes aanvraagt voor de uitvoering van het plan en dat de indiener niet vanzelfsprekend de partij is die het plan kan gaan uitvoeren. Indien nodig kunt u de inkoopvoorwaarden van de gemeente Amsterdam checken.’ Onduidelijk is of het bedrag van € 50.000,- geldt voor een stadsdeel, of voor de gehele stad. Wanneer een plan in een stadsdeel 50.000 ‘wint’ en hetzelfde plan ‘wint’ in een ander stadsdeel ook, moet er dan aanbesteedt worden? Dit punt moet duidelijker beschreven worden: het plafond van € 50.000,- geldt per stadsdeel of voor de hele stad. In het laatste geval moet er goede afstemming zijn tussen de stadsdelen om te voorkomen dat aanbestedingsregels worden geschonden.

Reactie: de aanbestedingsgrens van 50.000 euro geldt voor de gemeente Amsterdam als geheel. Dit vergt inderdaad goede onderlinge afstemming en procesafspraken tussen de stadsdelen. 

Op pagina 7 wordt gesproken over de mogelijkheid voor ondersteuning van de planindieners bij het opstellen en uitvoeren van het plan. Deze ondersteuning wordt aangeboden door het stadsdeel. Dit vergt inzet en capaciteit. Deze extra inzet en capaciteit is momenteel niet aanwezig in stadsdeel. Er is ook geen budget om deze ondersteuning te financieren. Om de gewenste ondersteuning te bieden is het noodzakelijk om iemand in te huren voor 24 uur per week, a € 50.000 ,- per jaar.

Reactie: Om tegemoet te komen aan deze laatste zorg is middels een passage in het kader mogelijk gemaakt dat stadsdelen -in overleg met de stadsdeelcommissies- maximaal 8% van het beschikbare budget mogen inzetten voor ambtelijke en andersoortige uitvoeringskosten. Uitgangspunt hierbij is dat de uitvoering van buurtbudgetten onderdeel is en blijft van de algemene uitvoeringscapaciteit bij stadsdelen. Maar dat het voor specifieke kosten nuttig kan zijn om deze vanuit het buurtbudget te financieren. 

Op pagina 7 wordt bij punt 2 aangegeven: ‘ondersteuning bij de uitvoering van het (buurt)plan. Hiervoor kunnen maximaal 8% handelingskosten uit het toegekende buurtbudget gerekend worden.’ Geldt deze 8% voor het budget van het plan van de planindiener? M.a.w. wanneer een plan 40.000 euro budget heeft gewonnen, mag er dan 8% van dit bedrag worden gebruikt om de ondersteuning te betalen? Hier is niet duidelijk wie de ondersteuning is: kan de gemeente 8% van 40.000 euro rekenen voor de ondersteuning die zij geeft? Of is het alleen bedoeld voor de ondersteuning van een derde partij die daarvoor 8% van 40.000 krijgt? Dit moet verduidelijkt worden.

Reactie: deze 8% geldt voor de planindiener. De planindiener kan maximaal van het totaal bedrag uitgeven aan ondersteuning door een derde partij (zijnde niet de gemeente). Deze kosten dienen vooraf inzichtelijk te worden gemaakt in de begroting aan een ieder die op het plan kan stemmen.

Het advies van de stadsdeelcommissie van stadsdeel Centrum. De stadsdeelcommissie heeft het gehele advies van het dagelijks bestuur overgenomen. Daarnaast heeft de stadsdeelcommissie het volgende geadviseerd: 1. Toegankelijkheid en goed meenemen van mensen die minder digitaal vaardig zijn komt nog niet voldoende naar voren. Het wordt een paar keer genoemd maar mag geen bijzaak zijn; het moet een leidend principe in de inrichting en uitvoering van de buurtbudgetten en een van de uitgangspunten zijn. Reactie: toegankelijkheid en meenemen van mensen die digitaal minder vaardig zijn is van groot belang. Het bovenstaand advies is daarom op verschillende plekken (op pagina 2,3,4) verwerkt in de ambtelijke handreiking. 2. Het is mooi dat de stadsdeelcommissie veel genoemd wordt onder het kopje ‘Werkwijze buurtbudgetten’ maar ze wordt in de uitwerking van de drie modellen verder niet meer genoemd. Wij pleiten ervoor om de stadsdeelcommissie, als verkozen vertegenwoordiging van de bewoners, expliciet een rol te geven in de verschillende modellen. De volgende zin moet worden opgenomen onder ‘werkwijze buurtbudgetten’ na de eerste zin: ‘De stadsdeelcommissie wordt hierbij actief betrokken vanuit haar adviserende rol’. Reactie: De stadsdeelcommissies spelen een belangrijke rol binnen de buurtbudgetten.

In het kader staat deze rol van de als volgt beschreven: Het dagelijks bestuur van het desbetreffende stadsdeel kiest beargumenteerd voor de verdeling van de beschikbare middelen per stadsdeel/ gebied/ buurt. De stadsdeelcommissie wordt hierbij actief betrokken vanuit haar adviserende rol. Het dagelijks bestuur van elk stadsdeel maakt op basis van de beoogde doelen, binnen de bestaande (beleids- en subsidie)kaders, een beargumenteerde keuze uit (een mix van) de beschikbare modellen. Ook hierbij wordt de stadsdeelcommissie actief betrokken vanuit haar adviserende rol. 3. Na afloop van het (stem)proces hoort ook een evaluatie, ook samen met bewoners. Dit is nog nergens beschreven en we pleiten ervoor om het in dit kader op te nemen. Reactie: Met bewoners het proces evalueren is van grote waarde. De exacte manier waarop is aan het stadsdeel. In de ambtelijke handreiking (pagina 2) wordt hier aandacht aan besteed.

Advies DB Zuid Het DB van stadsdeel Zuid staat positief ten opzichte over dit kader, omdat - Het een gemeenschappelijke koers uitzet voor de hele stad. De buurtbudgetten worden daarmee een stedelijk instrument. - Het richting en houvast geeft bij knelpunten die in de eerste ronde naar voren zijn gekomen bijvoorbeeld t.a.v. de verdeling van het budget en de financiële tegemoetkomingen van planindieners.

-

Genoeg ruimte biedt voor lokale inkleuring en maatwerk.

Advies stadsdeelcommissie Zuid (ondertekend door PvdA en GroenLinks) Overwegende dat  Buurtbudgetten bewoners en ondernemers meer zeggenschap en eigenaarschap geeft onder andere door de besteding van middelen en buurtbewoners meer betrekt bij de directe leefomgeving.  De ervaringen met de aanpak van buurtbudgetten volgens ‘Model A’ ofwel volgens het concept van ‘Zuid begroot’ in Stadsdeel Zuid overwegend positief zijn (258 ingediende plannen en 16.000 stemmen).  De eerste ervaringen in de buurtgerichte aanpak in de Marathonbuurt positief zijn en erop duiden dat ‘Model B’ volgens het concept ‘Co-creatie’ echt een bijdrage kunnen leveren aan het versterken van de sociale cohesie, het vertrouwen in de overheid en van zeggenschap van middelen en eigenaarschap voor de eigen leefomgeving.  Het stedelijke kader inclusief de daarin beschreven doelen zullen helpen in het verhelderen van het proces in de komende jaren. Adviseert de stadsdeelcommissie over het stedelijk kader buurtbudgetten met daarbij de volgende adviespunten:  Leg bij de uitvoering van de buurtbudgetten de nadruk op model B en C omdat die het beste aansluiten bij de doelen zoals geformuleerd in het stedelijk kader. Reactie: de keuze voor een (mix) van modellen en schaalgrote is aan het dagelijks bestuur van elk stadsdeel. De stadsdeelcommissies hebben hierbij een adviserende rol. 

Zet de buurtbudgetten primair in in wijken waarin de sociale cohesie minder vanzelfsprekend is en zorg dat daarbij een passende aanpak per wijk/gebied wordt gekozen.

Reactie: de keuze voor een (mix) van modellen en schaalgrote is aan het dagelijks bestuur van elk stadsdeel. De stadsdeelcommissies hebben hierbij een adviserende rol. 

Zorg dat alle bewoners en ondernemers de kans krijgen om op een zeker moment mee te doen.

Reactie: met de 60/40 verdeling wordt verzekerd dat iedere bewoner van het stadsdeel elk jaar deel kan nemen. 

Zorg dat de drempel zo laag mogelijk is om mee te kunnen doen (denk daarbij aan internationals, nieuwe Amsterdammers, laaggeletterden en bewoners die niet digitaal vaardig zijn, etc.)

Reactie: De drempel van deelname zo laag mogelijk maken is een belangrijk aandachtspunt. Hiertoe worden op verschillende plekken in de ambtelijke handreiking voorstellen gedaan (pagina 2,3,4). 

Maak de bestedingen inzichtelijk en zorg dat de overheadkosten minimaal zijn, zodat publiek geld maximaal effectief besteed wordt.

Reactie: Hoewel dit inderdaad een interessant inzicht kan zijn, is het aan de stadsdelen om te bepalen of zij jaarlijks de kosten in beeld willen brengen. 

Geef bij voorstellen voor ‘Zuid begroot’ een duidelijke beschrijving waarom een voorstel de haalbaarheidstoets niet heeft doorstaan en ga met indieners in gesprek om te bekijken of de plannen op andere wijze of via een ander budget gerealiseerd kunnen worden.

Reactie: Dit is een belangrijk punt, daarom is advies opgenomen in de ambtelijke handreiking (pagina 3). 

Maak duidelijk aan bewoners wat het verschil is tussen de verschillende budgetten zoals “Bewoners-initiatief”, “Maatschappelijk initiatief”, “Mensen-maken-Amsterdam”, “Stem van Zuid” en “Buurtbudget”. Op dit moment is het voor veel bewoners en ondernemers onvoldoende duidelijk welk budget voor welk doel aangevraagd kan worden.

Reactie: vanuit het subsidiebureau wordt gewerkt aan de opdracht vereenvoudigen subsidielandschap. Communicatie kan hier op termijn deel uit van maken.

Advies stadsdeelcommissie Oost 

Het is goed dat het kader een keuzemenu aangeeft waar de stadsdelen uit kunnen kiezen, en het is ook goed dat de keuzes niet rigide vastliggen. De tekst spreekt van harmonisering, maar wij zien juist dat dit zorgt voor maatwerkmogelijkheden.

We willen iedereen een kans geven om mee te doen. Daarvoor is meer ondersteuning nodig, want niet iedereen heeft hetzelfde instapniveau. Je wilt niet dat mensen gefrustreerd afdruipen. Daarbij is communicatie ook een aandachtspunt, want blijkbaar vinden mensen de brieven die ze nu krijgen nog steeds (te) moeilijk. Je zou buurtpartijen kunnen betrekken om bijvoorbeeld te toetsen of communicatieboodschappen aansluiten bij de doelgroep.

Reactie: Het inrichten van de communicatie op een manier die aansluit bij mensen met verschillende achtergronden en instapniveaus is van groot belang. Om deze reden is dit advies opgenomen in de ambtelijke handreiking (pagina 3). 

We willen ook zoveel mogelijk “nieuwe” mensen te betrekken. Maar het binnenhalen van nieuwe groepen is één ding, vasthouden is een tweede. Er moet aandacht zijn voor inclusiviteit vanaf de start van het proces tot en met de uitvoering van projecten.

Reactie: Het waarborgen van inclusiviteit verdient inderdaad de aandacht in elke fase van het proces. Dit advies is daarom verwerkt in de ambtelijke handreiking (pagina 2 en pagina 3). 

Het bedrag van de beschikbare buurtbudgetten moet omhoog als je mensen serieus neemt en hen serieuze zeggenschap wilt geven. Daarbij zijn er nu teveel instrumenten – verschillende vormen van financiering – waardoor mensen door de bomen het bos niet meer zien en het leidt tot versplintering. We moeten het systeem vereenvoudigen. Sluit het instrument nu wel aan op het beoogde doel? Het budget wordt nu (te)veel ingezet op het realiseren van “projectjes”. Het budget is, net als dat van de gebiedsagenda’s, “peanuts” in vergelijking met de begroting van de stad.

Reactie: vanuit het subsidiebureau wordt gewerkt aan de opdracht vereenvoudigen subsidielandschap. 

Er is nog een aspect van de financiële kant van het verhaal, hét punt waar bewoners en bewonersinitiatieven tegen aan lopen, waar nog te weinig aandacht voor is in het concept-kader; Het schuurt tussen enerzijds de wens van het college, de gemeenteraad en de stadsdelen om de zeggenschap en het eigenaarschap van de Amsterdammers te vergroten door middel van de buurtbudgetten, en anderzijds de regels die de gemeente Amsterdam moet volgen, dat wil zeggen het subsidiereglement en de algemene inkoopvoorwaarden. Hier wringt het. Het financiële was het belangrijkste punt dat de collega's uit de andere stadsdelen vorige week inbrachten in de technische sessie. Er werden concrete voorstellen voor verbeteringen aangedragen. Die zien wij graag in een volgende versie van het concept-kader opgenomen.

Reactie: in het kader is naar balans gezocht tussen toegankelijkheid voor initiatiefnemers en de eenduidigheid van bestaande subsidieregelingen en inkoopvoorwaarden. 

Een ander punt is de papierwinkel. Wie weleens een subsidie heeft aangevraagd weet dat de gemeente Amsterdam een hongerige papiervreter is. De aanvraag kost tijd en energie, de verantwoording kost opnieuw tijd en energie. Het buurtinitiatief dat geen eigen stichting heeft, of geen aparte bankrekening kan aanvragen, loopt vroeger of later tegen problemen op. Dit werpt een drempel op voor de kleinere initiatieven, of initiatieven van bewoners die verder van de overheid af staan.

Reactie: er lopen momenteel pilots waarbij initiatiefnemers de ontvangen buurtbudgettensubsidie tussentijds inzichtelijk maken aan bewoners en gemeente via een door CTO ontwikkelde applicatie Open Poen. Deze applicatie kan de komende ronde breder worden ingezet. In het kader van de opdracht vereenvoudigen subsidielandschap wordt bovendien onderzocht of deze applicatie kan worden ingezet om de aanvraag en verantwoording van subsidies efficiënter en minder tijdsintensief te maken. 

Tot slot is er enige zorg over de inzet die nodig is vanuit de ambtelijke organisatie om het buurtbudget-proces uit te voeren.

Reactie: Om tegemoet te komen aan deze zorg is middels een passage in het kader mogelijk gemaakt dat stadsdelen -in overleg met de stadsdeelcommissies- maximaal 8% van het beschikbare budget mogen inzetten voor ambtelijke en andersoortige uitvoeringskosten. Uitgangspunt hierbij is dat de uitvoering van buurtbudgetten onderdeel is en blijft van de algemene uitvoeringscapaciteit bij stadsdelen. Maar dat het voor specifieke kosten nuttig kan zijn om deze vanuit het buurtbudget te financieren

Advies DB Oost Allereerst wil het DB haar waardering uitspreken over het kader. Het is goed dat er een kader buurtbudgetten is als leidraad voor de stadsdelen. Er is in het kader nog ruimte voor de stadsdelen voor eigen inbreng en het geeft tegelijkertijd goed richting. Het dagelijks bestuur wil een voor haar belangrijk punt meegeven dat ook door de stadsdeelcommissie wordt gedragen:

Het huidige budget dat vanuit stedelijke middelen beschikbaar wordt gesteld is beperkt; door noodzakelijke aanpassingen in de gemeentelijke begroting als gevolg van de coronacrisis blijft het de komende jaren ook beperkter dan oorspronkelijk was gepland. In Oost hebben we het budget in 2020 aangevuld met eigen middelen. Dat willen we de komende jaren blijven doen. Maar om het achterliggende doel van buurtbudgetten bewoners meer zeggenschap geven over wat de belangrijkste opgaves in hun leefomgeving zijn en hoe daarop in te zetten – echt te verwezenlijken is meer nodig. Wij maken ons hard voor het vrijmaken van een substantiëler bedrag uit alle domeinen van de stedelijke begroting om buurbudgetten – en daarmee Oost Begroot – te laten uitgroeien tot een echte begrotingstool waarmee Amsterdammers directer impact krijgen op opgaves in hun buurt.

Daarnaast zijn er nog enkele punten die we graag verhelderd zien: 

Op pagina 4 staat onder model B bij de criteria die van toepassing zijn op model B, onder b: ‘Het stadsdeel biedt intensieve ambtelijke ondersteuning en regie, waar nodig, om het (deliberatieve) proces te faciliteren.’ In dit model heeft het stadsdeel niet zozeer de regie. De regie ligt juist bij bewonersgroepen. Daarom wordt geadviseerd hier het woordje ‘regie’ weg te halen.

Reactie: De regie ligt binnen dit model inderdaad primair bij de bewonersgroepen. Het woord ‘regie’ is daarom verwijderd uit twee passages in het kader (pagina 3 en pagina 4). Het woord ‘intensieve’ is niet verwijderd omdat het gezien wordt als passende kwalificatie voor de onder Model B vereiste ondersteuning. 

Op pagina 6 wordt ingegaan op de toetsingcriteria/weigeringsgronden. Hierin staat onder andere: ‘Bij bedragen groter dan € 50.000,- gelden (Europese) aanbestedingsregels. Dit kan tot gevolg hebben dat het stadsdeel meerdere offertes aanvraagt voor de uitvoering van het plan en dat de indiener niet vanzelfsprekend de partij is die het plan kan gaan uitvoeren. Indien nodig kunt u de inkoopvoorwaarden van de gemeente Amsterdam checken.’ Onduidelijk is of het bedrag van € 50.000,- geldt voor een stadsdeel, of voor de gehele stad. Wanneer een plan in een stadsdeel 50.000 ‘wint’ en hetzelfde plan ‘wint’ in een ander stadsdeel ook, moet er dan aanbesteedt worden? Dit punt moet duidelijker beschreven worden: het plafond van € 50.000,- geldt per stadsdeel of voor de hele stad. In het laatste geval moet er goede afstemming zijn tussen de stadsdelen om te voorkomen dat aanbestedingsregels worden geschonden.

Reactie: de aanbestedingsgrens van 50.000 euro geldt voor de gemeente Amsterdam als geheel. Dit vergt inderdaad goede onderlinge afstemming en procesafspraken tussen de stadsdelen. 

Tot slot: Wij nemen de door de stadsdeelcommissie gemaakte opmerkingen ter harte; voor zover een aantal punten niet direct een plek vindt in het kader zullen deze door ons opgepakt worden bij de evaluatie en nieuwe aanpak van Oost Begroot.

Advies stadsdeelcommissie Nieuw-West 

Als eerste willen we beginnen met grote complimenten aan alle betrokkenen voor de pilot van de Buurtbudgetten in Slotermeer-Geuzenveld. We zien dat de Buurtbudgetten enthousiasme, creativiteit, ontmoeting, binding en eigenaarschap in Geuzenveld-

Slotermeer heeft gecreëerd en/of versterkt. We zien de meerwaarde van het feit dat er twee keer een pilot heeft plaatsgevonden van Buurtbudgetten in Geuzenveld-Slotermeer. Op deze wijze konden er meer meer middelen ingezet worden om een grotere en diverse groep bewoners te bereiken en initiatieven te begeleiden. Enthousiast over de ambitie om de Buurtbudgetten voort te zetten, is het tijd voor dit instrument om de vleugels uit te slaan over heel Nieuw-West. Middels dit advies doen wij als stadsdeelcommissie hier een aantal voorstellen voor. Advies:  Casusgerichte aanpak. Zelfs met alle hulp die er nu is, krijgen actieve bewoners te maken met verschillende “loketten” voor geld, vergunningen, informatie. Energie beter in de buurt gestoken kan worden. Ook werken deze loketten ontmoedigend. Om deze reden willen wij pleiten voor een casemanager. Een makelaar voor initiatieven vanuit de buurtbudgetten die geld, middelen en informatie bij elkaar brengt en als contactpersoon dient vanuit het stadsdeel naar de actieve bewoners en hun initiatieven. Reactie: in het kader staat aangegeven dat initiatiefnemers bij het opstellen en uitvoeren van het plan een vast contactpersoon vanuit het stadsdeel krijgen (dit kan in beide fases een ander persoon zijn). Deze persoon biedt begeleiding, informatie en inzicht in gemeentelijke processen. 

Als stadsdeelcommissie adviseren we om de middelen en financiën van de buurtbugetten te koppelen aan het aantal inwoners per gebied en de opgave die er ligt. Op deze manier kunnen de gelden voor de buurtbudgetten in de stad naar behoefte per stadsdeel worden verdeeld.

Reactie: er is besloten de budgetten 2021-2022 samen te voegen en deze als volgt te verdelen: 50% van het beschikbare bedrag gelijkmatig over de stadsdelen en 50% naar ratio van bewoners per stadsdeel. 

Stadsdeelcommissieleden zijn niet alleen gekozen als vertegenwoordigers van een politieke partij. Stadsdeelcommissieleden zijn ook gekozen als betrokken bewoners en als ervaringsdeskundigen uit hun buurt of wijk. Zij zouden in het bekend maken en aanjagen onder bewoners en het aanmoedigen van initiatieven een rol kunnen spelen. Op dit moment kent de stadsdeelcommissie van Nieuw-West het instrument "De Stem van Nieuw-West". Met als doel bewoners te motiveren om hun buurt of wijk te maken. Echter kent de Stem van Nieuw-West geen financiële middelen. De stadsdeelcommissie van Nieuw-West adviseert de krachten van de Stem van Nieuw-West en de Buurtbudgetten te koppelen, middels werkvorm 2. Zoals bij het tweede advies omschreven. Hier zou de invloed en zeggenschap van bewoners vergroot kunnen worden via de Stem van NieuwWest en wordt de Stem van Nieuw-West financieel versterkt middels de Buurtbudgetten. Mocht dit advies positief worden ontvangen, adviseert de stadsdeelcommissie van NieuwWest om meer ondersteuning te organiseren voor de Stem van Nieuw-West. Deze ondersteuning zou gepaard kunnen gaan met de casusgerichte aanpak zoals in het eerste advies omschreven.

Reactie: deze keuze is aan het stadsdeel.

Evaluatie Buurtbudgetten met de stadsdeelcommissie en de betrokken initiatieven in aparte sessie.

Reactie: Met bewoners het proces evalueren is van grote waarde. De exacte manier waarop is aan het stadsdeel. In de handreiking wordt hier aandacht aan besteed.

Advies DB Nieuw-West 

In het conceptkader is niks opgenomen over hoe buurtbudgetten worden verdeeld over de verschillende stadsdelen. Het DB adviseert om op te nemen dat het buurtbudget op basis van het inwoneraantal per stadsdeel verdeeld wordt. Op deze manier heeft iedere Amsterdammer een gelijk bedrag ter beschikking.

Reactie: er is besloten de budgetten 2021-2022 samen te voegen en deze als volgt te verdelen: 50% van het beschikbare bedrag gelijkmatig over de stadsdelen en 50% naar ratio van bewoners per stadsdeel. Reactie DB op advies stadsdeelcommissie:  Het DB vindt het geen goed idee om buurtbudgetten te combineren met de Stem van Nieuw-West. De gedachte achter het buurtbudget is om bewoners directe invloed te geven op de besteding van middelen. Een vorm waarbij politici invloed hebben op de besteding druist in tegen de principes van het buurtbudget. Het DB houdt de tools buurtbudgetten en Stem van Nieuw-West graag apart, waarbij de Stem van Nieuw-West een makkelijke manier is voor bewoners om iets te agenderen bij de stadsdeelcommissie. Hierbij is een gereserveerd budget niet van toepassing. Wel kan er bij concrete en breed gedragen ideeën gezocht worden naar budget in het stadsdeel. Daarnaast is ambtelijke ondersteuning reeds beschikbaar vanuit bestuursondersteuning bijvoorbeeld als indieners komen inspreken.  De Stem van Nieuw-West is een tool van de stadsdeelcommissie. Het staat de commissie dan ook vrij om andere vormen uit te proberen, mocht de huidige vorm niet voldoen.

Bijvoorbeeld, in stadsdeel West streven ze de tool niet alleen te gebruiken als ideeënplatform maar ook als discussieplatform, waar bewoners uit het hele stadsdeel hun meningen kunnen delen en verschillende zaken kunnen aankaarten. Het DB zal zorgen voor een gesprek tussen de moderatoren van de Stem van Nieuw-West en de programmamanager van OpenStad. De uitnodiging hiervoor volgt.  Er is geen budget beschikbaar voor een campagne rondom de Stem van Nieuw-West. Wel zijn er veel reguliere manieren van communicatie in het stadsdeel waar gebruik van gemaakt kan worden, zoals de nieuwsbrief, social mediakanalen, en gemeentekrant.

Advies stadsdeelcommissie Noord Afgelopen jaar hebben we in Noord tot bijna ieders tevredenheid gewerkt met buurtbudget. Samen met onze portefeuillehouder heeft de stadsdeelcommissie co-creatie vorm gekozen en uitgevoerd. We wilden dat al onze bewoners dezelfde kans zouden krijgen om een idee of plan in te dienen en co-creatie biedt daarvoor een breed platform. Deze keuze heeft goed gewerkt in Noord, drempels vielen weg, iedereen uit de buurt deed mee. Samenstelling van de buurt zagen we terug in de voorstellen en plannen. Betrokkenheid van de buurtbewoners was geweldig. Een groot budget in één buurt geeft de buurt een groot impuls en verbetering. Nu ligt er een voorstel voor ons die niet in een buurt maar stadsdeel breed ingezet kan worden.

Daar hebben we ons bedenkingen bij. Daar het budget nog niet bekend is weet de stadsdeelcommissie niet wat voor impuls 60/40 voor het stadsdeel zal betekenen. 

We maken ons zorgen, dat 60% van het budget stadsdeel breed inzetten, voor versnippering kan zorgen. Hele kleine projecten verspreid door stadsdeel waarvan het impact en impuls niet te zien en te merken is. Ook maken we ons zorgen dat 60% van het budget stadsdeelbreed inzetten voor verwarring kan zorgen. We hebben ook bewonersinitiatieven in het stadsdeel. Helderheid over welke budget waarvoor is is nodig.

Reactie: De 60/40 verdeling van de budgetten wordt gehandhaafd, omdat het belangrijk wordt geacht dat het grootste deel van de budgetten beschikbaar is voor alle inwoners van het gehele stadsdeel. 

We maken ons zorgen dat het Amsterdam Begroot format het gevolg zou hebben dat de sterksten het het meest voor het zeggen zullen krijgen. Het lijkt er op dat het neerzetten van een sluitend plan en het mobiliseren van mensen het belangrijkst zal zijn in dit format. Dit maakt het ook kwetsbaarder voor stadsdeel brede initiatieven. De kracht van het cocreatie format is dat het echt door en voor de buurt is. We verwachten dat de component van het versterken van de sociale cohesie in een buurt zal wegvallen met Amsterdam Begroot format. Eigenlijk lijkt dit vooral op 'de stem van Noord', maar dan met budget. Dat is op zich toe te juichen aangezien dat een probleem was bij de stem van Noord, maar het is in essentie heel anders dan het doel van buurtbudgetten. Wij vinden dat de cocreatie dus de hoofdlijn moet zijn van buurtbudgetten. Stadsdeelcommissie gaat het liefst op de ingeslagen weg verder. Co-creatie in de buurt met passende budgetten erbij die een zichtbare en merkbare verandering en impuls teweegbrengt. Ook de community-based benadering lijkt ons interessant om uit te zoeken of dit past in onze buurten en bij onze bewoners. Er zijn veel informele organisaties en initiatieven in Noord die breed gedragen worden. Wellicht dat deze benadering daar kan inspelen en/of aansluiten.

Daar we de hoogste percentage laaggeletterden van de stad in ons stadsdeel hebben is laagdrempeligheid erg belangrijk. Daarom is co-creatie het ultieme middel om de meeste bewoners te bereiken. Mocht het DB een andere benadering kiezen blijf dan inzetten op de laagdrempeligheid. Over laagdrempeligheid gesproken stadsdeelcommissie pleit om termen als communitybased en co-creatie in goed en simpel Nederlands te veranderen zodat iedereen het kan begrijpen. Inzet in de buurt is prima maar zorg ook voor nazorg en het eventueel structureel maken van projecten. Kijk goed wat ingediende en gehonoreerde projecten voor de buurt betekenen en kijk of ze gecontinueerd kunnen worden. Misschien zou een deel van het budget dat nu voor Amsterdam Begroot gepland staat kunnen worden gebruikt om deze nazorg te leveren. Stadsdeelcommissie blijft graag betrokken bij het bedenken en meepraten over welke vorm we inzetten en keuze van de buurten. Ook willen we graag aanwezig zijn tijdens de buurtbudget sessies in de buurt. Na corona zouden we het ook fijn vinden om op bezoek te gaan bij verschillen 'winnaars' om te kijken hoe ze hun plan uitvoeren en wat dit voor de buurt betekent en wat buurtbewoners daarvan vinden.

Advies DB Noord: 1. middel voor democratisering Het conceptkader buurtbudgetten presenteert het buurtbudget als een op zichzelf staand middel voor democratisering. Het DB van Noord ziet het kader echter niet los van andere ontwikkelingen binnen de agenda democratisering van de stad. Daarbij ziet het DB ook graag een stip op de horizon: hoe kunnen wij de huidige inzet van het buurtbudget nog verder door ontwikkelen richting nog meer zeggenschap en eigenaarschap van de Amsterdammers? Dat hogere doel mist nu nog in het kader. Noodzakelijk hiervoor is wat het DB betreft dat het buurtbudget een wezenlijk onderdeel wordt van de lopende cycli, zoals bijvoorbeeld de gebiedsplannen met de daarbij passende ondersteuning vanuit het gehele ambtelijk apparaat. Binnen Noord heeft de pilot Buurtbudgetten veel gebracht. Hierbij is ingezet op intensieve trajecten in een aantal buurten. Er zijn bijzondere coalities onder bewoners ontstaan en is er echt verandering gebracht in de betrokkenheid van bewoners en daarmee in de mate van eigenaarschap en zeggenschap. Deze coalities onder bewoners ontstaan niet vanzelf; het kost bijzonder veel inzet om dit coalitieproces te begeleiden.

Voor Noord geldt dat er aandacht moet komen voor het vervolg van deze inzet: hoe wordt het proces en de uitvoering in de toekomst gewaarborgd en geëvalueerd na alle investeringen? Door het buurtbudget meer onderdeel te maken van het ambtelijk apparaat en lopende processen, wordt de ambtelijke ondersteuning ook beter gegarandeerd. Tenslotte is het voor Noord van groot belang om de behaalde resultaten in de verschillende buurten te borgen. Dat betekent een structurele inzet op het vasthouden van de zorgvuldig verstevigde sociale cohesie en het onderzoeken wat de toekomst is van vanuit het buurtbudget ontstane sociale initiatieven. Dit hangt tevens samen met de eerdergenoemde borging van het buurtbudget binnen het ambtelijke apparaat en de ambtelijke cycli. Reactie: Integraliteit, hoger doel en zaken als koppeling met gebiedsplannen zijn belangrijke punten die mogelijk een plek vinden in de borging van buurtbudgetten/ democratisering. 2. Buurtbudget voor alle Amsterdammers Volgens het kader moet er 60 procent van het budget ingezet worden voor processen waaraan iedere bewoner van het stadsdeel kan meedoen. Dit wijkt af van hoe het buurtbudget tot nu toe in de pilotfase is uitgevoerd in Noord, waarbij het Antwerpse model is gehanteerd (Model B.1).

Enerzijds is het natuurlijk belangrijk dat het buurtbudget niet alleen terecht komt bij een deel van de Noorderlingen, maar tegelijkertijd heeft de intensieve buurtgerichte opzet in Noord veel opgeleverd. Het blijkt dat Noord goed gedijt bij een aanpak met maatwerk en een buurtbudget dat in een kleinere buurt plaatsvindt. Dit wordt onderschreven door leden van de Stadsdeelcommissie in Noord. Hierdoor kunnen buurten die het nodig hebben beter floreren, de cohesie wordt bewezen versterkt en het proces is inclusiever. Met dit kader kan deze methode met 40 procent van het budget gerealiseerd worden. De intensieve benadering is op dit moment met het beschikbare budget niet haalbaar om over heel Noord uit te rollen. Dit betekent dat 60 procent hiervan met een ander proces ingezet zal gaan worden, tenzij het beschikbare budget zo verruimd wordt dat een uitrol over het gehele stadsdeel wel mogelijk wordt. We zien binnen Model B.1 wel mogelijkheden in het vergroten van de voor dit proces geselecteerde buurten.

Sociale cohesie is bij het buurtbudget een erg belangrijk doel. De intensieve manier van werken verkleint niet alleen de afstand tussen de bewoners onderling, maar ook is er door maatwerk en gerichter werken meer waardering en inzicht in het werk van de gemeente. Als de nadruk vanaf het begin ligt op de verdeling van de middelen in plaats van het gezamenlijke eigenaarschap, dan ontstaat er eerder concurrentie over middelen dan coalitievorming. Coalitievorming en eigenaarschap is een vorm van cohesie die volgens het DB vooral kan plaatsvinden met een op maat gerichte aanpak. 3. Rol van SDC In het kader staat de rol van de SDC benoemd. De rol van de SDC kan nog iets meer worden toegelicht dan alleen actief betrokken “vanuit adviserende rol. Reactie: De stadsdeelcommissies spelen een belangrijke rol binnen de buurtbudgetten. In het kader staat deze rol van de als volgt beschreven: Het dagelijks bestuur van het desbetreffende stadsdeel kiest beargumenteerd voor de verdeling van de beschikbare middelen per stadsdeel/ gebied/ buurt. De stadsdeelcommissie wordt hierbij actief betrokken vanuit haar adviserende rol. Het dagelijks bestuur van elk stadsdeel maakt op basis van de beoogde doelen, binnen de bestaande (beleids- en subsidie)kaders, een beargumenteerde keuze uit (een mix van) de beschikbare modellen.

Ook hierbij wordt de stadsdeelcommissie actief betrokken vanuit haar adviserende rol.

Advies Stadsdeelcommissie Zuidoost -

Model A en B overhevelen naar de gebiedscyclus, en voor buurtbudgetten alleen model C behouden.

Reactie: in het stedelijk kader worden drie buurtbudget-modellen beschreven. Het is aan het stadsdeel om een keuze te maken uit een (mix) van deze modellen. -

Borging, door criteria ‘voor erkenning van buurtplatforms ’te ontwikkelen.

Reactie: dergelijke criteria worden momenteel opgesteld in de uitwerking van de raadsmotie ‘Kracht van Mokum’. -

Borging van rechtmatigheid: Er dient sprake te zijn van openbare maatschappelijke verantwoording van de resultaten (ook aan de hand van de criteria) en financieel beheer. De uitvoerders informeren over de budgetten en organiseren bijeenkomsten, hetgeen leidt tot gewogen begrotingsvoorstellen van bewoners.

Reactie: Financiële verantwoording (ook tussentijds) naar buurt en stadsdeel is mogelijk via de door CTO ontwikkelde app Open Poen. Zie ook de handreiking (pagina 3).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9939238/1