CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

beoordeling zienswijzen.pdf

Raadscommissie Algemene Zaken 13 januari 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Aanwijzingsbesluit vergunningplicht Hoogstraten (ZD2021-016875)1.196 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beoordeling van de ingediende zienswijzen Termijn Belanghebbenden zijn op grond van Algemene wet bestuursrecht uitgenodigd om binnen twee weken na het toesturen van het voornemen Aanwijzingsbesluit Hoogstraten van d.d. 25 januari 2021 hun zienswijze hiertegen kenbaar te maken. Zienswijzen Tijdens de zienswijzentermijn zijn er 5 brieven met zienswijzen ontvangen van verschillende ondernemers uit het aan te wijzen gebied Hoogstraten. De zienswijzen berusten, kort samengevat, op de volgende gronden: Inhoudelijk: 1.

2. 3. 4. 5. 6.

Is de maatregel wel proportioneel? Zijn er alternatieven onderzocht? Waarom alle ondernemers aanschrijven en niet alleen de voor ondermijningsgevoelige branches/ondernemingen? Waarom alleen Hoogstraten en niet heel Amsterdam? Ondermijnende activiteiten kunnen in heel Amsterdam plaatsvinden. Alle ondernemers worden over een kam geschoren, worden gecriminaliseerd. Waarom in crisistijd dit besluit nemen? Maatwerk voor ondernemers die er al heel lang zitten en een goede reputatie hebben. Zorgen over (vergunning)kosten, financiële consequenties die de vergunningplicht met zich mee brengt, waardevermindering van de onderneming/het pand door de opgelegde vergunningplicht. Bovendien vragen de ondernemers zich af of de burgemeester, door het instellen van de vergunningplicht, in de toekomst, eisen kan stellen aan het assortiment, inrichting en bedrijfsvoering van de ondernemingen.

Processueel: 7. 8.

Ondernemers zijn niet meegenomen in de aanloop van het aanwijzingsbesluit. Reactietermijn is te kort om zienswijzen in te dienen.

Beoordeling van de ingekomen zienswijzen Ten aanzien van zienswijzen 1 t/m 4: Het invoeren van de vergunningplicht is één van de instrumenten vermeld in de Aanpak Binnenstad om meer grip te krijgen op ondermijnende activiteiten in de binnenstad. En als onderdeel van een breder palet aan instrumenten om de economische diversiteit en leefbaarheid in de binnenstad te herstellen. Als onderdeel van de straatgerichte aanpak winkeldiversiteit die uit de bestuursopdracht ‘Stad in balans’ (later opgegaan in Aanpak Binnenstad) voorkwam, is met het ondertekenen van een convenant Hoogstraten, op 7 maart 2018, de pilot Hoogstraten gestart. De pilot staat tevens ook als onderdeel benoemd in “De Weerbare Stad”: “Amsterdam zet in op het versterken van winkelgebieden via onder meer de straatgerichte aanpak van winkeldiversiteit. Het gaat om een pilot preventieve aanpak ondermijning in de binnenstad, waarbij afspraken zijn gemaakt over het winkelaanbod met pandeigenaren en ondernemers in een aantal (clusters van) winkelstraten”. Vanuit hun maatschappelijke doelstellingen hebben de convenantpartners besloten om samen te werken voor de verbetering van het woon- en werkklimaat van het gebied.

Helaas heeft dit niet geleid tot gewenste doelen en tot op heden worden de volgende signalen waargenomen: - signalen van ondermijning (witwassen, mensenhandel, malafide gedrag); - de inrichting van het gebied scoort beneden gemiddeld (Strabo);

- ‘goede’ ondernemers houden het niet meer vol en trekken weg dan wel zien dat oneerlijk zaken doen niet aangepakt wordt; - succesjes in het gebied zijn beperkt en klein en zeer duur bevochten (kost veel energie). - 30% van de bewoners doet elders boodschappen vanwege te drukke straat; - leegstand in grote omliggende winkelstraten neemt toe; - de Amsterdammer mijdt steeds meer het centrum; - verhuisgeneigdheid binnenstad neemt toe. Vanwege het beperkt kunnen inzetten van bestuurlijke instrumenten is er geen resultaat geboekt tegen de voornoemde signalen. Gezien de huidige signalen en ontwikkelingen in het gebied is er de noodzaak een vergunningplicht in te stellen. Doel van het aanwijzingsbesluit is controle krijgen over de 4 straten, waarbij de gemeente met de vergunningplicht een controlemiddel heeft om alle ondernemers te screenen en malafide ondernemers er uit te kunnen filteren. Daarbij speelt mee dat er een instrument beschikbaar wordt om op te treden als de ondernemers zich niet aan de vergunningvoorschriften houden. Daar zit met name een meerwaarde. Juist wanneer er signalen vanuit partners (politie, OM, belastingdienst) de gemeente bereiken, is er met de vergunningplicht mogelijkheid om op te treden. De burgemeester acht het instrument derhalve proportioneel.

Niet uitgesloten is dat in de toekomst andere gebieden of branches in Amsterdam ook in aanmerking zullen komen voor een vergunningplicht. Dit hangt af van de signalen die de politie en de gemeente ontvangen en welke maatregelen dan passend zijn. Alhoewel de burgemeester begrijpt dat de bonafide ondernemer in het gebied zich wellicht gecriminaliseerd voelen, dit is geenszins de bedoeling van de maatregel. Ondernemen in het gebied moet financieel haalbaar en aantrekkelijk zijn en ondermijning zorgt voor een oneerlijk economisch speelveld. Ondernemers die zich niet aan regels houden hebben een ondernemersvoordeel boven degenen die dat wel doen. Gevolg is dat bonafide ondernemers in hun business bedreigd worden. Het inzetten van de vergunningplicht, gevolgd door het proactief oppakken van meldingen van burgers en ondernemers zorgt voor draagvlak en stimulering van positieve aspecten en kan mogelijk ook leiden tot meer verbinding tussen ondernemers en bewoners. Het koppelen van ondernemers kan zodanig weer leiden tot een sociale infrastructuur. Het doel is om dusdanig zichtbaar in de straten te zijn - zowel fysiek als qua bestuurlijke besluitvorming - dat aan ondermijnende ondernemers het signaal wordt gegeven dat zij niet meer onzichtbaar zijn en het niet meer loont om over de rand van wet- en regelgeving te bewegen.

Hiermee wordt slecht gedrag in het gebied ontmoedigd door een zichtbare overheid en wordt bevorderd dat de Hoogstraten minder ondermijnende druk zal voelen. De crisistijd heeft hierbij geen rol gespeeld aangezien de burgemeester ondermijnende activiteiten een halt wil toeroepen. Er zullen geen kosten in rekening gebracht worden voor het in behandeling nemen van de vergunningaanvraag en de gemeente zal, indien gewenst, de ondernemers ondersteunen bij het aanvragen van de vergunning. Bovenstaande gronden geven geen aanleiding tot wijziging van het voorgenomen besluit Ten aanzien van zienswijze 5: Het gelijkheidsbeginsel staat er aan in de weg om een uitzondering te maken voor ondernemers op basis van anciënniteit of reputatie. De kracht van het instrument is om alle ondernemers een vergunning te laten aanvragen zodat alle ondernemers getoetst kunnen worden. Bovenstaande gronden geven geen aanleiding tot wijziging van het voorgenomen besluit

Ten aanzien van zienswijze 6: De vergunningplicht wordt ingezet om het ondernemen in het gebied weer financieel haalbaar en aantrekkelijk te maken. Ondermijning zorgt voor een oneerlijk economisch speelveld. Juist door het invoeren van de vergunningplicht is de verwachting dat het gebied voor zowel de huidige ondernemers als de potentiële nieuwe ondernemers aantrekkelijker wordt vanwege een gezond ondernemingsklimaat. Aan de vergunningaanvraag zijn geen kosten (leges) verbonden, ook niet als de noodzaak er zou zijn om de vergunning na 3 jaar te moeten verlengen. De burgemeester zal geen eisen stellen aan het (legale) assortiment en de inrichting van de onderneming. Aan de vergunning kunnen wel voorwaarden worden verbonden met betrekking tot de bedrijfsvoering, mocht de uitgevoerde Bibob-screening daartoe aanleiding geven. Bovenstaande gronden geven geen aanleiding tot wijziging van het voorgenomen besluit Ten aanzien van zienswijzen 7 en 8: De ondernemers zijn per brief van 25 januari jl. geïnformeerd over het voorgenomen aanwijzingsbesluit en is er een bijeenkomsten d.d. 10 maart jl. georganiseerd waarin ondernemers vragen konden stellen over het voornemen tot het instellen van een vergunningplicht. De zienswijzetermijn is op verzoek verlengd met 5 weken zodat ondernemers in totaal 7 weken hebben gehad om hun zienswijzen/bedenkingen kenbaar te maken.

Bovenstaande gronden geven geen aanleiding tot wijziging van het voorgenomen besluit Conclusie Gelet op het bovenstaande ziet de burgemeester geen aanleiding tot wijziging van het voorgenomen besluit. Na afweging van alle betrokken belangen is de burgemeester bereid om het aanwijzingsbesluit voor de Hoogstraten te nemen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10947737/1