CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Beleidstoelichting Wijzigingsvoorstel Huisvestingsverordening 2023.docx

Raadscommissie Woningbouw en Volkshuisvesting 31 augustus 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Inspraakvoorstel wijzigingen in de Huisvestingsverordening per 2023 (VN2022-024492)4.167 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beleidstoelichting Wijzigingsvoorstel Huisvestingsverordening 2023 1. Huidige Huisvestingsverordening en Beleidskader 2020 Per 1 januari 2020 geldt de Huisvestingsverordening Amsterdam 2020 (hierna: de Huisvestingsverordening). Deze is door de gemeenteraad aangenomen met een daartoe strekkend Beleidskader Huisvestingsverordening 2020 (hierna: het beleidskader). Met dit beleidskader heeft Amsterdam een toegankelijke uitleg geboden van het beleid dat ten grondslag ligt aan de Huisvestingsverordening (HVV) die per 1 januari 2020 in werking is getreden. Per 1 april 2022 is de Huisvestingsverordening geactualiseerd met nieuwe regelgeving en een geactualiseerd beleidskader. Het meest recente beleidskader, en ook de Huisvestingsverordening en alle overige documenten, zijn te vinden via: https://www.amsterdam.nl/wonen-leefomgeving/wonen/2021inspraak/ 2. Proces wijzigingen voor 2023 In dit document worden de beleidsvoorstellen voor het aanpassen van de Huisvestingsverordening per 2023 toegelicht. Na het wegen van de inspraakreacties zal een definitief voorstel voor wijziging van de Huisvestingsverordening per 2023, alsmede een hiermee samenhangende wijziging van het beleidskader worden gedaan aan de Amsterdamse gemeenteraad. De Amsterdamse gemeenteraad neemt uiteindelijk het finale besluit over de wijzigingen.

De voorstellen worden van 20 juni tot en met 31 juli 2022 vrijgegeven voor inspraak. Ieder die dat wil kan via de inspraakwebpagina een zienswijze indienen. Het college zal deze zienswijzen in overweging nemen voor het definitieve voorstel aan de gemeenteraad na de zomer en reageert op de inbreng in een Nota van beantwoording die tevens aan de gemeenteraad wordt aangeboden. 3. Beleidstoelichting 3.1 Woonruimteverdeling (hoofdstuk 2 van de Huisvestingsverordening) - Wijziging van de beroepsgroepenregeling ter bevordering van de effectieve inzet van de regeling Onderwijzers, zorgmedewerkers en politieagenten zijn van groot belang voor de stad. De overspannen woningmarkt raakt deze groepen. Daarom is in Amsterdam per 2020 een voorrangsregeling in de Huisvestingsverordening opgenomen voor maatschappelijke beroepsgroepen waarbij sprake is van een groot tekort aan personeel. Op dit moment komen werknemers in de onderwijs-, politie- en zorgsector die aan de voorwaarden van de regeling voldoen in aanmerking.In de afgelopen twee jaar dat de regeling voor beroepsgroepen is ingevoerd zijn er veel meer zorgkandidaten geholpen aan een woning met de voorrangsregeling dan onderwijskandidaten. Het ging om 25% toekenningen voor onderwijskandidaten in 2020 en 15% toekenningen voor onderwijskandidaten in 2021. Ook is per 1 januari 2022 de politie als doelgroep toegevoegd aan de regeling.

Om te zorgen voor een goede verdeling van het woningaanbod is het voorstel te werken met een toewijzingsquotum. Dit wordt gebaseerd op basis van de grootte van de beroepssector die voor de regeling in aanmerking komt en is een inspanningsverplichting. De verdeling voor 2023 zou zijn 22% voor politiekandidaten, 34% onderwijskandidaten en 44% voor zorgkandidaten. Het daadwerkelijke aandeel toegewezen woningen komt dan verhoudingsgewijs zo goed mogelijk overeen met de grootte van de beroepsgroep. Het tweede voorstel voor aanpassing van de beroepsgroepenregeling is specifiek voor de onderwijssector. Vanwege het alsmaar toenemende lerarentekort is de wens de regeling zo effectief mogelijk in te zetten op de plekken waar ook de problemen het meest nijpend zijn. Er wordt daarom voorgesteld binnen deze groep een prioritering te maken waarbij kandidaten van

1

basisscholen met een hoge schoolweging van ten minste 35 bij passende geschiktheid voor gaan op andere basisscholen. De schoolweging is een maat die op basis van een aantal factoren (zoals opleidingsniveau van de ouders, verblijfsduur in Nederland) bepaalt hoe groot het gemiddelde risico op een onderwijsachterstand van de leerlingen op een school is. Deze maat wordt onder meer ook door OCW gebruikt om de onderwijsachterstandsmiddelen te verdelen en wordt jaarlijks door het CBS geactualiseerd. In Amsterdam wordt de maat gebruikt voor het bepalen van de hoogte van de ‘Amsterdamse toelage’. Uit onderzoek blijkt dat op scholen met de meeste leerlingen met een risico op onderwijsachterstanden het lerarentekorten het hoogst is. Een belangrijk doel van het Noodplan Lerarentekort is het terugdringen van die ongelijkheden in de tekorten. Daarom krijgen leerkrachten die ervoor kiezen te werken op scholen met een schoolweging van minimaal 35 een extra toelage. Ongeveer een derde van de Amsterdamse leerkrachten werkt bij deze scholen. Na de kandidaten in het primair onderwijs volgende kandidaten in het voorgezet onderwijs. De derde voorgestelde wijziging betreft een aanscherping; het niet meer mogelijk maken van het opnieuw aanmelden van kandidaten waarvan de bemiddelingsstatus is ingetrokken.

Op dit moment kunnen kandidaten zich steeds weer opnieuw aanmelden ook als de inschrijving eerder is ingetrokken. Een intrekkingsgrond is bijvoorbeeld als de woning drie keer geweigerd is. Tot slot wordt voorgesteld om de zorgfuncties te verduidelijken om beter te kunnen beoordelen of een kandidaat in aanmerking komt voor de regeling. Bovengenoemde aanpassingen zijn allemaal bedoeld om de regeling nog effectiever in te zetten en zorg te dragen voor een zo goed mogelijke verdeling van het woningaanbod. -

Het toevoegen van een label voor ouderenwoningen in het gereguleerde middeldure segment Veel ouderen in Amsterdam wonen in een te grote woning die niet meer passend is. Ouderen aarzelen om te gaan verhuizen naar nieuwbouw, die vaak kleiner en duurder is dan wat ze achterlaten. Het aanbieden van een woning met meer kwaliteit (wat groter dan gemiddeld, een extra slaapkamer en in de buurt van voorzieningen) kan deze ouderen wellicht verleiden om te verhuizen. In juli 2020 is met het tekenen van de Intentieverklaring zelfstandig geclusterd wonen voor ouderen in Amsterdam 2020-2025 een ambitie vastgelegd om in vier jaar tijd tweeduizend woningen voor ouderen in aanbouw te nemen. Een deel van deze woningen (vijfhonderd) is gewenst voor ouderen met een inkomen in het middensegment. Het labelen van deze woningen voor ouderen met een middeninkomen is momenteel niet mogelijk via de Huisvestingsverordening, omdat een dergelijk label nog niet bestaat. Hierdoor kan er bij het opstellen van eisen voor gronduitgiftes niet worden gegarandeerd dat middeldure huurwoningen daadwerkelijk aan ouderen met een middeninkomen worden toegewezen. Het introduceren van een voorrangslabel voor ouderenwoningen tot en met 70 vierkante meter woonoppervlak in het middeldure segment zal ervoor zorgen dat deze woningen bij de juiste doelgroep terechtkomen. Dit kan ook bijdragen aan meer doorstroming.

Zonder label is het niet mogelijk om iets grotere woningen toe te wijzen aan ouderen omdat deze nu nog met voorrang worden toegewezen aan gezinnen. Het belangrijkste onderscheid met woningen gelabeld voor gezinnen is dat de ouderenwoningen voldoen aan de Richtlijn Aanpasbaar Bouwen. Het voldoen aan deze richtlijn is een voorwaarde om het seniorenlabel te verkrijgen. De aanpassing van de labels maakt het mogelijk dat er binnen het geplande aanbod aan grotere middeldure huurwoningen ook aanbod specifiek voor ouderen gerealiseerd kan worden en toegewezen kan worden. 2

-

Aanpassing urgentiecriteria ten aanzien van mantelzorg en de nieuwe woonruimteverdeling Met de voorstellen voor aanpassing van de urgentiecriteria ten aanzien van mantelzorg brengen we het geschreven beleid weer in lijn met de praktijk. In de nadere regels staat nu opgenomen dat iemand die urgentie aanvraagt op grond van mantelzorg de eigen woning al moet hebben opgezegd of verkocht. Omdat het niet terecht is om dit te vragen nog voordat de urgentieaanvraag is gestart, past de uitvoering deze eis niet toe. Nu is het voorstel om de regels zo aan te passen dat duidelijk wordt dat de huidige woning pas hoeft te worden opgezegd als er een nieuwe woning is verkregen. In begin 2023 wordt het nieuwe systeem van woonruimteverdeling van kracht in de stadsregio Amsterdam. Met de nieuwe verdeling heeft de woningzoekende zelf veel meer invloed op de plek op de wachtlijst. Door veel op woningen te reageren, kan iedereen (tot maximaal 30) zoekpunten verzamelen. Daarnaast krijgen mensen in bepaalde situaties elke maand situatiepunten toegekend. Zoekpunten, situatiepunten en wachtpunten bepalen samen de plek op de wachtlijst. Het Amsterdamse urgentiebeleid is zo ontworpen dat mensen die zelf al een oplossing kunnen vinden voor hun woonprobleem geen urgentie toegekend krijgen. Die mensen kunnen hun woonprobleem op een andere manier oplossen.

Daarom krijgen huishoudens van maximaal 3 personen met meer dan 13 jaar inschrijfduur geen urgentie toegekend, net als huishoudens van minimaal 4 personen met 15 jaar inschrijfduur of meer. Omdat de inschrijfduur met de ingang van de nieuwe woonruimteverdeling wordt vervangen door wachtpunten, geldt dat ook in de nadere regels urgenties. Het voorstel is om huishoudens van maximaal 3 personen met meer dan 13 wachtpunten geen urgentie toe te kennen, net als huishoudens van minimaal 4 personen met 15 wachtpunten of meer. Vanwege de grote schaarste aan sociale huurwoningen in Amsterdam geven we alleen mensen urgentie als hun huisvestingsprobleem niet op andere wijze op te lossen of te voorkomen was. Het verzamelen van zoekpunten is een manier om het huisvestingsprobleem op te lossen: door veel te reageren, kom je straks hoger op de wachtlijst. Daarom stellen we voor in de nadere regels urgenties op te nemen dat mensen alleen urgentie krijgen als ze zich hebben ingespannen om zoekpunten te verzamelen. We stellen niet voor hoeveel zoekpunten iemand moet hebben, omdat van de situatie afhankelijk is in hoeverre iemand het woonprobleem had kunnen voorzien. 3.2 Woonruimtevoorraad (hoofdstuk 3 van de Huisvestingsverordening) - Aanpassen van de quota voor kamerverhuur en B&B aan de nieuwe wijkindeling Nieuwe wijkquota Weesp en Amsterdam zijn op 24 maart 2022 gefuseerd.

De vier wijken van Weesp zijn daarmee onderdeel geworden van Amsterdam. Naast deze toevoeging zijn tevens grotere wijken in Zuidoost, Nieuw-West en het Westelijk Havengebied gesplitst, zijn de wijken Geuzeveld en Eendracht samengevoegd en hebben enkele wijken een andere naam gekregen. In Amsterdam geldt voor Bed and Breakfast (B&B) en kamerverhuur per wijk een quotum (maximaal aantal te verlenen vergunningen), met behulp waarvan het college de woonruimtevoorraad en de leefbaarheid in de wijken wil beschermen. Omdat de quota per wijk gelden, moeten vanwege de nieuwe wijkindeling voor sommige wijken nieuwe quota voor kamerverhuur en Bed & Breakfast (B&B) worden vastgesteld. Wijken die alleen van naam zijn veranderd, houden hetzelfde quotum. In plaats van 99 wijken heeft Amsterdam voortaan 110 wijken. De nieuwe wijkindeling en quota zijn als bijlages toegevoegd.

3

B&B quota De fusie betekent dat in Weesp dezelfde regels voor B&B gelden als die al golden in Amsterdam. Eén van die regels is dat er een quotum is voor het aantal B&B’s per wijk. Voor de vier nieuwe wijken in Weesp geldt dat iedereen die al in B&B heeft zich tot 1 januari 2023 kan melden bij de gemeente. Het college wil bestaande B&B’s in Weesp niet benadelen en daarom stelt het college voor B&B’s die al in 2022 in Weesp actief waren, een overgangsbeleid voor. Deze B&B’s kunnen – als ze aan de inhoudelijke voorwaarden voldoen – een vergunning aanvragen zonder dat het quotum daarbij in de weg staat. Voor nieuwe B&B’s (aangevraagd vanaf 1 januari 2023) wordt ook ruimte gemaakt binnen het quotum, maar die ruimte is niet onbeperkt. Mochten er onverhoopt veel nieuwe aanvragen zijn, dan kan een loting aan de orde zijn. Deze methode is vergelijkbaar met die van Amsterdam in 2019, toen met ingang van 1 januari 2020 de quota werden ingevoerd. Per wijk is een minimaal quotum van 15 vergunningen beschikbaar. Het quotum wordt door het college definitief vastgesteld na 1 januari 2023 als alle aanmeldingen bekend zijn. Het is dus wel belangrijk dat bestaande B&B’s in Weesp zich tijdig bij de gemeente melden (via bedandbreakfast.weesp@amsterdam.nl), want vanaf 1 januari 2023 geldt elke aanvraag als een nieuwe aanvraag zonder overgangsrecht.

Het college verwacht niet dat een loting nodig is, zoals dat ook in 2020 in Amsterdam niet nodig was. Voor heel Weesp komt er een quotum van minimaal 60, terwijl het aantal B&B’s in Weesp op grond van de advertenties op de grootste verhuurplatforms aanmerkelijk lager ligt. Alle B&B’s, zowel bestaande als nieuwe, kunnen een aanvraag indienen tussen 1 januari 2023 en 1 juli 2023. Pas vanaf 1 juli 2023 geldt voor B&B in Weesp de vergunningplicht. Buiten Weesp zijn alleen wijken in Zuid00st, Nieuw-West en het Westelijk havengebied daadwerkelijk gewijzigd. Voor deze wijken moet dan ook een nieuw quotum worden vastgesteld. Hierbij wordt gekeken naar het aantal vergunningen dat tot en met 2022 in die (nieuwe) wijken is verleend. Per wijk is altijd een minimum van 15 vergunningen beschikbaar. Gevolg is dat het quotum voor B&B licht zal worden uitgebreid. Er zijn immers meer wijken bijgekomen en iedere wijk heeft een quotum van minimaal 15. Daartegenover staat dat dit alleen wijken betreft waar de toeristische druk en logiesgebruik van woningen laag is. De quota in de wijken in stadsdeel Centrum en in de wijken binnen de ring veranderen niet. Omdat de nieuwe quota moeten worden gebaseerd op het aantal aangevraagde vergunningen tot 1 januari 2023, is nog niet precies aan te geven wat het verschil zal zijn.

Alleen wat betreft de wijk Geuzenveld wordt voorgesteld om een andere methode te hanteren. Deze wijk betreft namelijk een samenvoeging van de wijken Geuzenveld en Eendracht. Om ervoor te zorgen dat de bestaande ruimte in het quotum in deze wijken niet alleen vanwege de samenvoeging minder wordt, zal het quotum voor Geuzenveld een optelsom zijn van de quota van Geuzenveld en Eendracht. Dit zal slechts eenmalig, vanwege de wijkindeling, op deze manier berekend worden. B&B’s met een vergunning houden uiteraard hun vergunning, ongeacht het quotum in hun wijk. Kamerverhuurquota Voor de nieuw gevormde wijken, inclusief de vier nieuwe wijken in Weesp, moet een nieuw quotum worden vastgesteld. Het college stelt hierbij voor om dezelfde methodiek te hanteren als in april 2020, toen in Amsterdam de vergunning kamerverhuur werd ingevoerd. Het quotum is 5% van het aantal woningen groter of gelijk aan 60 vierkante meter in de betreffende wijk. Door wijzigingen in de voorraad door bijvoorbeeld nieuwbouw, splitsen, verbouwingen etc. kan het zijn dat het totaal van de nieuwe quota in de nieuw gevormde wijken in Amsterdam iets afwijkt van het quotum van de oude wijk voor de nieuwe indeling. In totaal zal het wijkquotum voor kamerverhuur in de Amsterdamse wijken van voor de fusie en de nieuwe wijkindeling met 38 toenemen.

De nieuwe quota zullen voor 1 januari 2023 worden vastgesteld door het college en per 4

1 januari 2023 in werking treden. Tot die tijd gelden de huidige wijkquota in Amsterdam. Ook in Weesp zullen de nieuwe quota per 1 januari 2023 in werking treden. Tot die tijd gelden de huidige regels van Weesp met betrekking tot kamerverhuur.

3.3 Weesp Op 24 maart 2022 is Weesp staatkundig met de gemeente Amsterdam gefuseerd. De huidige huisvestingsverordening van Weesp blijft volgens de Wet algemene regels herindeling na een gemeentelijke herindeling gedurende twee jaar geldig, tenzij op een eerder moment door de gemeenteraad van Amsterdam wordt besloten dat de Huisvestingsverordening van Amsterdam ook voor Weesp komt te gelden. De colleges van Amsterdam en Weesp hebben besloten om Weesp op 1 januari 2023 te integreren in de Huisvestingsverordening van Amsterdam. Bij deze integratie wordt rekening gehouden met de afspraken uit het bestuurlijke akkoord, waaronder de afspraak dat de positie van de woningzoekende uit Weesp in de acht jaar na de fusie er niet erop achteruit mag gaan. De Huisvestingsverordening Amsterdam 2020 is vanaf 1 januari 2023 ook van toepassing op het stadsgebied Weesp en daarom is de Amsterdamse schaarsteonderbouwing aangepast en Weesp daarin is meegenomen. Bij de Huisvestingsverordening Amsterdam 2020 werd gebruik gemaakt van het rapport ‘Schaarstepatronen op de Amsterdamse woningmarkt’ (mei 2019). Vanuit de Huisvestingswet wordt gevraagd schaarste aan te tonen om regels voor woonruimteverdeling en woonruimtevoorraad in de Huisvestingsverordening op te nemen.

De werking van deze verordening duurt nog een aantal jaren voort, maar vanwege de samenvoeging van de gemeenten Amsterdam en Weesp, op 24 maart 2022, is opnieuw gekeken hoe het gesteld is met de schaarste op de woningmarkt in Amsterdam, inclusief in het stadsgebied Weesp. Het rapport ‘Schaarste op de Amsterdamse woningmarkt 2022’ is een beknopte actualisatie van het schaarsterapport uit 2019. Gegevens van de samengevoegde gemeenten zijn er momenteel nog niet, maar met informatie van Amsterdam en Weesp afzonderlijk en van de omvattende MRA wordt een beeld gevormd van de schaarste in de nieuwe situatie. Deze schaarste analyse over Weesp wijst uit dat er in Weesp ook sprake is van schaarste op de woningmarkt. ‘Weesp lijkt een ‘klein Amsterdam’ met naoorlogse woonwijken die qua prijsniveau aansluiten bij Amsterdam Zuidoost. Maar ook met een centrum en een zone nabij de Vecht met prijzen die niet onderdoen voor die in de centrale zone van Amsterdam. Weesp en Amsterdam maken beide deel uit van de MRA, waarmee het woningtekort, de woningschaarste van de MRA beide gemeenten raakt. In alle gemeenten, wijken en buurten van de MRA wordt deze schaarste gevoeld’, zo staat in het rapport beschreven. De regels uit de verordening over de woningvoorraad sluiten aan op de woningmarkt en de dynamiek van Weesp, die vergelijkbaar is met (delen van) Amsterdam. -

Integratie van het gebied Weesp in de Huisvestingsverordening van de gemeente Amsterdam wat betreft woonruimteverdeling Vanaf 1 januari 2023 worden de vrijkomende woningen van Weesp aangeboden via WoningNet Stadsregio Amsterdam. De afspraken uit het bestuursakkoord zijn als volgt uitgewerkt:  in de eerste acht jaar na invoering, tot 1 januari 2031, krijgen inwoners van het gebied Weesp 60% van de corporatiewoningen in het voormalig grondgebied van Weesp aangeboden met kernvoorrang, waarvoor 100% van de sociale nieuwbouw corporatiewoningen ingezet worden;  alle inwoners uit Weesp die een inschrijving hebben in WoningNet Gooi en Vechtstreek krijgen per 1 januari 2023 een gratis inschrijving in WoningNet Stadsregio Amsterdam;  de zoekwaarde (opgebouwde wachttijd) in WoningNet Gooi en Vechtstreek wordt één op één overgezet naar inschrijfduur of wachtpunten, als de nieuwe woonruimteverdeling in werking is getreden. 5

De afspraak om 60% van de corporatiewoningen in het voormalige grondgebied Weesp met kernvoorrang aan te bieden aan Weesper woningzoekenden is nodig omdat er verschil bestaat tussen de opgebouwde inschrijfduur bij het accepteren van een sociale huurwoning in de gemeente Amsterdam en de voormalige gemeente Weesp. In 2020 was deze inschrijfduur in Amsterdam gemiddeld 11,5 jaar en in Weesp 9,8 jaar. Voor Weesp is dat al zes jaren constant. Het verschil in inschrijfduur tussen beide gemeenten is overzichtelijk. Qua leeftijdscategorieën varieert de inschrijftijd bij het verkrijgen van een woning in Weesp tussen 3,5 jaar bij woningzoekenden jonger dan 23 jaar en 20,2 jaar bij woningzoekenden ouder dan 65 jaar. Bovendien hebben woningzoekenden in Amsterdam eerder de mogelijkheid gehad hun woonduur volledig om te laten zetten naar inschrijfduur. De zoekwaarde van inwoners van Weesp, die wordt omgezet naar inschrijfduur bestaat uit 75% van de woonduur. -

Integratie van het gebied Weesp in de Huisvestingsverordening van de gemeente Amsterdam wat betreft woonruimtevoorraad De Huisvestingsverordening van Weesp bevatte geen regels om de woningvoorraad te reguleren. Woninggebruik zoals kamerverhuur, woningvormen, onttrekking en toeristische verhuur waren niet in de verordening van Weesp geregeld. De inwerkingtreding van de huisvestingsverordening in Weesp heeft gevolgen voor onder meer kamerverhuur, woningvormen en toeristische verhuur in Weesp. Kamerverhuur Kamerverhuur is met name voor jongeren, studenten en starters een mogelijkheid om aan woonruimte te komen op de gespannen woningmarkt. Een overmaat aan kamerverhuur kan echter ook (nadelige) gevolgen hebben voor de woningvoorraad en de leefbaarheid van wijken. Amsterdam maakt woningdelen mogelijk, maar stelt tegelijkertijd een aantal regels om ongewenste effecten te voorkomen, deze regels gelden straks ook voor Weesp. Het beleid van Weesp is dat kamerverhuur niet is toegestaan. Het verbod op kamerverhuur in Weesp volgt uit het voorbereidingsbesluit Wel is het mogelijk om een omgevingsvergunning aan te vragen voor het gebruik van de woning voor kamerverhuur in afwijking van het voorbereidingsbesluit. Het is de wens om deze regels tot 1 januari 2023 te laten gelden. Vanaf 1 januari 2023 wordt kamerverhuur gereguleerd via de huisvestingsverordening Amsterdam.

Tot 1 januari 2023 is het mogelijk een omgevingsvergunning voor gebruik van de woning voor kamerverhuur in strijd met de bestemming aan te vragen en vanaf 2023 is voor kamerverhuur een zogenaamde omzettingsvergunning nodig op grond van de Huisvestingsverordening Amsterdam. Vanaf 2023 gelden dan ook de wijk- en pandquota voor kamerverhuur in Weesp. Om het aantal vergunde kamerverhuursituaties voor de quota bij te kunnen houden, wordt voor vergunningen die tot 1 januari 2023 zijn verleend een kamerverhuurvergunning vanuit de Huisvestingsverordening verstrekt. Woningvormen Woningvormen is het verbouwen van een bestaande woonruimte tot meerdere zelfstandige woonruimten. Bij woningvorming wordt doorgaans een grotere woonruimte die geschikt is voor grotere huishoudens, verbouwd tot kleinere woonruimten voor kleinere huishoudens. Daarnaast heeft woningvorming effect op de leefbaarheid. In Amsterdam is hier een vergunning voor nodig. De belangrijkste regel komt er op neer dat grote woningen geschikt voor gezinnen pas gevormd mogen worden als deze groter zijn dan 200 vierkante meteren de nieuwe woningen minimaal 100 vierkante meter zijn en dat andere woningen vanaf een oppervlakte van 100 vierkante meter 6

gevormd mogen worden naar woningen van tenminste 18 vierkante meter en in sommige stadsdelen 40 vierkante meter. In Weesp is woningvormen vanwege de regels in het bestemmingsplan niet toegestaan. Indien een eigenaar toch woningen wil vormen is daar een omgevingsvergunning voor strijdig gebruik met het bestemmingsplan voor nodig. Vanaf 2023 komt daar voor nieuwe gevallen een vergunning voor woningvormen op grond van de Huisvestingsverordening Amsterdam bij. Bestaande gevallen met een omgevingsvergunning hoeven niet alsnog een vergunning voor woningvormen op grond van de Huisvestingsverordening aan te vragen. Samenvoegen Bij samenvoegen worden meerdere woonruimtes samengevoegd. Een vergunning is niet vereist als een eigenaar-bewoner een aangrenzende woning wil samenvoegen voor eigen bewoning, of voor gebruik als kantoor- of praktijkruimte aan huis. Voorwaarde is dat minimaal 60% van de samengevoegde woningen wordt gebruikt voor bewoning. In de andere gevallen is er een vergunning voor samenvoegen mogelijk, waarbij aan een of meer voorwaarden moet worden voldaan. Tot 1 januari 2023 kent Weesp geen regels voor samenvoegen. Vanaf 1 januari 2023 is er voor samenvoegen anders dan door een eigenaar bewoner van een aangrenzende woning voor eigen bewoning een vergunning vereist in Weesp.

Woonruimtes die bij de inwerkingtreding van deze vergunningplicht als zijn samengevoegd in Weesp, worden als bestaande voorraad op 1 januari 2023 gezien en daar hoeft niet alsnog een vergunning voor te worden aangevraagd. Toeristische verhuur Alle regels betreffende vakantieverhuur en B&B zoals die al in Amsterdam golden, gaan ook gelden in Weesp. Voor B&B komt er een overgangsregeling die inhoudt dat iedereen die al in B&B heeft zich tot 1 januari 2023 kan melden bij de gemeente. Vanaf 1 januari 2023 kan dan een vergunning worden aangevraagd, waarbij die vergunning net als in de rest van Amsterdam geldig is tot 1 juli 2028. Om in aanmerking te komen voor een vergunning moet de B&B wel aan de voorwaarden voldoen, zoals die tot 1 januari 2023 in Weesp golden. Bij tijdige melding en voldoend aan de voorwaarden, zal er voor gemelde B&B’s in ieder geval ruimte binnen het quotum zijn, zodat de bedrijfsvoering niet in gevaar komt. Bij vakantieverhuur, de incidentele toeristische verhuur van de gehele woning, is geen overgangsbeleid van toepassing. Vakantieverhuurvergunningen kunnen vanaf 1 januari 2023 worden aangevraagd en zijn geldig tot 1 april van het volgende kalenderjaar. Voor vakantieverhuur zijn geen quota ingesteld, maar geldt het Amsterdamse nachtencriterium van maximaal 30 nachten per kalenderjaar.

Om de ingang van de regels zo eenvoudig en eenduidig mogelijk te maken, geldt voor zowel B&B als vakantieverhuur dat deze regels pas op 1 juli 2023 van kracht worden. Tussen 1 januari 2023 en 1 juli 2023 hebben de verhuurders de tijd om hun woning te registreren en een vergunning aan te vragen. Tot die tijd gelden de regels zoals die nu in Weesp gelden. Onttrekken Onttrekken van woonruimte houdt in dat de woonruimte voor een ander doel wordt gebruikt dan voor bewoning. Een (gedeelte van een) woning wordt bijvoorbeeld gesloopt of gebruikt als bedrijfsruimte. Dit is alleen mogelijk met een vergunning, die alleen onder strikte voorwaarden wordt verstrekt. Tot 1 januari 2023 wordt het gebruik van een woning anders dan voor bewoning in Weesp gereguleerd via het bestemmingsplan. Na 1 januari 2023 zal de vergunningplicht ten 7

aanzien van onttrekken van woonruimte ook gaan gelden in Weesp. Voor woonruimtes die bij de inwerkingtreding van deze vergunningplicht al legaal zijn onttrokken, hoeft niet alsnog een vergunning voor te worden aangevraagd. Opkoopbescherming Per 1 april 2022 is de regeling opkoopbescherming in de Huisvestingsverordening 2022 voor alle stadsdelen van de gemeente Amsterdam van kracht waardoor koopwoningen met een WOZwaarde tot en met €512.000 (prijsgrens voor 2022) na aankoop voor vier jaar niet verhuurd mogen worden, tenzij er een vergunning of ontheffing voor is verleend. De opkoopbescherming heeft als voornaamste doel om schaarste aan goedkope- en middeldure koopwoningen te bestrijden. Vanaf 2023 gaat de regeling opkoopbescherming tevens voor Weesp gelden. Ook in het stadsgebied Weesp is er namelijk schaarste aan dit segment koopwoningen, zo wijst de schaarste analyse van Weesp uit. Het verhuurverbod van de opkoopbescherming zal voorkomen dat beleggers woningen kopen om te verhuren, waardoor ook starters en doorstromers in de gemeente Weesp meer kans maken op een koopwoning. De Amsterdamse opkoopbescherming, die geldt voor eigenwoningbezit met een WOZ-waarde (prijspeil 2021) tot € 512.000, dekt 60% van de woningen. Voor 2023 wordt de prijsgrens opnieuw berekend inclusief de WOZ-waardes van eigenwoningbezit van Weesp.

Om al een indicatie te geven van het werkingsgebied in Weesp: de regeling reikt met een prijsgrens van € 512.000 WOZ tot 67% van het eigenwoningbezit in Weesp.

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11733910/1