CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Beleidsnota Risicomanagement 2022-2026.pdf

Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit 24 november 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Beleidsnota Risicomanagement 2022-2026 (VN2022-032298)4.174 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beleidsnota Risicomanagement 2022-2026

November 2022

Inhoud 1 Inleiding ...........................................................................................................................3 2 Gemeentelijk risicomanagement .....................................................................................4 Stelsel van risicomanagement ..................................................................................................... 4 Definitie van risico ........................................................................................................................ 5 Definitie van risicomanagement .................................................................................................. 5 3 Risicobereidheid in de besluitvorming .............................................................................6 Verwachtingen aan goed en aan behoorlijk publiek bestuur ...................................................... 7 Wet- en regelgeving ..................................................................................................................... 7 Draagkracht van de organisatie ................................................................................................... 8 Financiële draagkracht .................................................................................................................

8 4 Integraal Risicomanagement ......................................................................................... 10 Integraliteit met ISO 31000 ........................................................................................................ 10 Principes ...................................................................................................................................... 11 Raamwerk ................................................................................................................................... 11 Proces.......................................................................................................................................... 11 5 Financieel risicomanagement ........................................................................................ 12 Het proces van financieel risicomanagement ............................................................................ 12 Normhoogte Algemene Reserve ................................................................................................ 12 Weerstandsvermogen ................................................................................................................ 12 Regels voor financiële risicobeheersing .....................................................................................

14 Bijlage A Overzicht beleid en instrumentarium ................................................................ 15 Bijlage B Route kaart voor risico-informatie in jaarverslag en begroting .......................... 17 Bijlage C Definitie van risicocategorieën ........................................................................... 18

Tabel 1 Signaalwaarden kengetallen ......................................................................................... 13 Tabel 2 Overzicht risicomanagement gerelateerd beleid en instrumentarium ........................ 15 Tabel 3 Risicocategorien ............................................................................................................. 18 Figuur 1 Het stelsel van risicomanagement ................................................................................. 4 Figuur 2 Afwegingskader risicobereidheid................................................................................... 7 Figuur 3 ISO 31000 ...................................................................................................................... 10 Figuur 4 Risico-informatie in jaarrekening en begroting ............................................................ 17

2

1 Inleiding

We staan voor een solidaire stad met kansen voor iedereen. Samen geven wij vorm aan hoe de stad zich verder ontwikkelt. Wij willen inwoners en ondernemers centraal stellen en het vertrouwen van de Amsterdammer in de gemeente vergroten. Zo is het opgenomen in het coalitieakkoord en ook eerder tot uitdrukking gebracht in de notitie “Vertrouwen begint bij de overheid” van de burgemeester Halsema (13 januari 2022). De lage opkomst bij de gemeenteraadsverkiezingen laat de noodzaak zien om te werken aan het vergroten van vertrouwen. Ook het risicomanagementbeleid kan daaraan bijdragen: bij een nieuwe collegeperiode hoort een nieuw overkoepelend risicomanagementbeleid. Met dat beleid wil het college ook een deel van deze opgave vormgeven. De hoofdlijnen van het beleid stelt de raad vast met de Beleidsnota Risicomanagement 2022-2026. De raad en het college spelen een grote rol bij het risicomanagement. Met name de toonzetting of ‘Tone at the Top’ van raad, college en management bepaalt veel van de effectiviteit van het risicomanagement in de organisatie. Risicomanagement wint aan kwaliteit in een organisatiecultuur waarin het wordt gewaardeerd dat risico’s bespreekbaar zijn en transparant en begrijpelijk worden gecommuniceerd met de stakeholders. Daartoe behoren ook de inwoners en ondernemers van Amsterdam.

Een goede invulling aan de verwachtingen van deze groepen aan goed openbaar bestuur in de gemeente zal bijdragen aan het herstel van vertrouwen. Het nieuwe risicomanagementbeleid draagt daaraan bij door niet alleen de financiën als uitgangspunt te nemen of de wet- en regelgeving maar vooral de principes van de Nederlandse code voor goed openbaar bestuur als bestuurlijk vertrekpunt te kiezen. Deze keuze legt de raad vast met de Beleidsnota Risicomanagement 2022-2026.     

De nota is bedoeld om vanuit een goede bestuurlijke governance de kwaliteit van de besluitvorming te bevorderen met integraal risicomanagement. De nota is het kader waartoe alle beleidsnota’s, processen en procedures die zich richten op de voorbereiding van de besluitvorming zich verhouden waar het gaat om risico en risicomanagement. De nota beschrijft hoe het college komt tot het bepalen van zijn risicobereidheid. De nota bevestigt ISO 31000 als de standaard bij het inrichten van het integrale risicomanagement De nota bevat de regels over risico’s en het weerstandsvermogen.

De nota schetst kort de opzet van het gemeentelijk risicomanagement, gevolgd door een uitwerking van de risicobereidheid en het risicomanagementbeleid. Het sluit af met de keuzes en regels voor het opnemen van risico’s bij besluiten en bepalen hoe met de financiële gevolgen van risico om moet worden gegaan.

3

2 Gemeentelijk risicomanagement

Stelsel van risicomanagement Het risicomanagement is dienend aan goed openbaar bestuur. Daarmee stellen Raad, College en Organisatie zich ten doel publieke waarde te creëren, te dienen en te beschermen. Figuur 1 Het stelsel van risicomanagement

Risicomanagement is niet alleen instrumenteel. Het is een samenspel van beslissers, uitvoerders en adviseurs. Daarbij is een heldere verdeling van rollen en verantwoordelijkheden noodzaak. De bestuurlijke rollen zijn als volgt verdeeld:  

Wethouder Financiën is verantwoordelijk voor het stelsel van risicomanagement. Wethouders en burgemeester zijn inhoudelijk verantwoordelijk voor het risicomanagement in hun toegewezen portefeuilles.

Met betrekking tot de verantwoordelijkheden is het college B&W - indachtig de Algemene Wet bestuursrecht (AWB) - verantwoordelijk voor het geheel van het risicomanagement. De stelselverantwoordelijkheid houdt in dat de wethouder Financiën verantwoordelijk is voor en toeziet op het systematisch functioneren van het risicomanagement. Onder meer door het zorgdragen voor overkoepelend beleid, beschikbaar stellen van middelen en systemen voor risicomanagement en toezien op verantwoording van het gevoerde beleid in begroting, voorjaarsnota, najaarsnota en jaarrekening. Inhoudelijke verantwoordelijkheid houdt in dat wethouders en burgemeester erop toezien dat:

4

  

Risicomanagement wordt toegepast in de voorbereiding van de besluiten die zij het college voorleggen. Wanneer er risico’s zijn behoren die duidelijk en transparant bij een besluit te worden toegelicht en voorzien van beheersmaatregelen. Risicomanagement wordt toegepast in de uitvoering binnen hun respectieve portefeuilles. Verantwoording plaats heeft over het gevoerde beleid met een inhoudelijke bijdrage aan de begroting, voorjaarsnota, najaarsnota en jaarrekening en in bestuurlijke rapportages.

Definitie van risico Een risico is: 

Het effect van onzekerheid op het realiseren van onze doelstellingen. Met effect wordt een afwijking ten opzichte van de verwachtingen bij een doelstelling bedoeld. Dit effect kan positief of negatief zijn, het resultaat is een kans of bedreiging voor de doelstelling. Een risico drukken we uit in een mogelijke gebeurtenis, we benoemen de oorzaken en gevolgen voor de gemeente. We koppelen aan risico de kans van optreden binnen een periode van twee jaar.

Bij risico maken we onderscheid tussen strategisch risico, extern risico en operationeel risico. Door dit onderscheid te maken kan de keuze voor het juiste handelingsperspectief beter worden gemaakt:

Strategisch: risico’s die wij nemen om onze doelen te realiseren. Hier past ‘principe gebaseerd’ risicomanagement dat is gericht op de dialoog met belanghebbenden en inhoudelijk advies aan het bestuur. Extern: risico’s van buitenaf waar we niet of nauwelijks invloed op kunnen uitoefenen. De focus ligt op risico-identificatie en het mitigeren van de gevolgen. Hier past scenarioanalyse, planning en crisisorganisatie. Operationeel: risico’s die vanuit de organisatie ontstaan en beheersbaar zouden moeten zijn. Hier is ‘regelgericht’ risicomanagement

Definitie van risicomanagement Risicomanagement is het geheel van gecoördineerde activiteiten om de gemeentelijke organisatie te sturen en te beheersen met betrekking tot risico’s. En daarover te communiceren met stakeholders.

5

3 Risicobereidheid in de besluitvorming

Het bestuurlijk vertrekpunt van het risicomanagement is de Nederlandse Code voor goed openbaar bestuur:  

De Code goed openbaar bestuur1 stelt de principes: Openheid en integriteit, Participatie, Behoorlijke contacten met burgers, Doelgerichtheid en doelmatigheid, Legitimiteit, Lerend en zelfcorrigerend vermogen en Verantwoording. Naast deze Code bestaan ook Algemene Beginselen van Behoorlijk Bestuur (abbb)2. De abbb stelt dat iedere bevoegdheid van de gemeente om besluiten te mogen nemen moet terug te voeren zijn op bevoegdheid die door de formele wetgever is toebedeeld.

De overwegingen van het college over risicobereidheid hebben betrekking op:    

Verwachtingen aan goed en behoorlijk bestuur Wet- en regelgeving Financiële gevolgen De mate waarin de organisatie risico kan dragen en beheersen

Het College heeft:   

Een open grondhouding wat betreft de bereidheid tot het aangaan en accepteren van risico’s. Waarbij de handeling daartoe past binnen de wet en regelgeving en de verwachtingen aan goed en behoorlijk bestuur. En zolang het totaal aan risico financieel draagbaar en organisatorisch draagbaar is voor de gemeente.

Het College is bereid om risico te nemen of te accepteren als de potentiële voordelen van een beslissing groter zijn dan de potentiële nadelen door risico of missen van kansen. Het weegt risico’s en kansen af en neemt met in achtneming van het ‘afwegingskader risicobereidheid’ een besluit. Het beleid is vervolgens gericht op beheersing van risico’s, waarbij kosten en baten van beheersmaatregelen afgewogen worden in het besluit.

1

https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/kwaliteit-en-integriteitoverheidsinstanties/documenten/brochures/2009/06/23/brochure-nederlandse-code-voor-goedopenbaar-bestuur 2 Een deel van die beginselen staat in de AWB, maar ook een deel is onderdeel van ons ongeschreven

recht

6

Figuur 2 Afwegingskader risicobereidheid •CODE GOED BESTUUR: •Openheid en integriteit •Participatie •Behoorlijke contacten met burgers •Doelmatigheid en doelgerichtheid •Legitimiteit •Lerend en verbeterend vermogen •Verantwoording

•Het bestuur neemt de beslissingen en maatregelen waartoe het wettelijk bevoegd is • Het bestuur handelt in overeenstemming met geldende wet- en regelgeving en verordeningen. • De beslissingen zijn te rechtvaardigen.

Verwachtingen aan goed publiek bestuur en behoorlijk bestuur

Wet- en regelgeving

Organisatorische draagkracht

Financiële draagkracht

•Kennis en kunde personeel •Processen en procedures •Systemen en faciliteiten (kaders, sturing, ondersteuning, ICT)

•Weerstandsvermogen •Begrotingsruimte •Leencapaciteit

Verwachtingen aan goed en aan behoorlijk publiek bestuur De principes en beginselen van de Code en de abbb neemt het college in acht bij het nemen van besluiten. Door dit uitgangspunt ook voor het risicomanagement te kiezen verwacht het college dat het beleid zal bijdragen aan herstel van vertrouwen in de overheid. Op een aantal onderdelen van de Code doet het college een impliciete uitspraak over risicobereidheid. Op het gebied van integriteit bijvoorbeeld streeft het college naar een open en integere wijze van besluiten en uitvoeren. Het college ziet ook toe op het behoud van een integere organisatie en heeft geen tolerantie voor niet-integer gedrag. Die houding van het college komt tot uiting in een stelsel van interne en externe toetsing in de voorbereiding van besluitvorming, in de bedrijfsvoering, bij aanbestedingen, etc. Wanneer het aankomt op doelmatigheid en legitimiteit kan het zijn dat een doelmatige aanpak niet altijd ook een legitieme aanpak is. Bijvoorbeeld wanneer bestaande wet- en regelgeving een knellend kader oplevert voor een doelmatige uitvoering. Het college zal de principes in alle gevallen in samenhang toepassen in de besluitvorming. Wanneer het college het nodig acht is het ook bereid om risico te nemen. Het publieke belang staat daarbij altijd voorop: college en raad zijn er vóór en namens de burgers van Amsterdam.

Door kans- en risicoafwegingen transparant op te nemen in de besluiten draagt het beleid bij aan openheid en herstel van vertrouwen in de overheid.

Wet- en regelgeving Het college houdt zich aan wet- en regelgeving. De tolerantie van het college voor afwijkingen is laag. Toch kan het zijn dat er soms in afwijking van wet- en regelgeving tijdelijk gedoogd of

7

gehandeld wordt. In die gevallen moet een gedoogbesluit worden verkregen van de betreffende autoriteit. Het kan ook voorkomen dat wet- en regelgeving te knellend is voor een handeling. Bijvoorbeeld wanneer er snel gehandeld moet worden om een risicovolle situatie te voorkomen. Wanneer een gerechtvaardigde afwijking mogelijk is heeft het college een zekere tolerantie voor dit risico. Daarbij kijkt het college naar evenredigheid, proportionaliteit en noodzakelijkheid van de afwijking en ook de houdbaarheid van een besluit in het geval van een gerechtelijke procedure. Voor malafide overtreding van wet- en regelgeving is geen tolerantie. Wet en regels worden in voorkomend geval altijd gehandhaafd.

Draagkracht van de organisatie Met draagkracht wordt bedoeld de mate waarin een organisatie risico’s in haar bedrijfsvoering kan dragen. Het gaat om de kennis en kunde van de mensen, de processen en procedures en de systemen waarmee wordt gewerkt. Hoe beter deze zaken zijn geregeld hoe groter de draagkracht van de organisatie. Risico ontstaat wanneer draagkracht te kort schiet. Dat kan als -op enig moment- er sprake is van het tekortschieten aan kennis, kunde en beschikbaarheid van personeel. Ook wanneer processen en procedures niet adequaat zijn ingericht en/of niet worden gevolgd zal dat risicovol zijn. En wanneer systemen falen of anderszins tekortschieten. Het college streeft ernaar dat elk organisatieonderdeel een passend niveau van draagkracht heeft waarbij het operationeel risico in een goede verhouding staat tot de doelstelling waar het organisatieonderdeel aan bijdraagt. Passend betekent dat grote organisatieonderdelen die met complexe en risicovolle activiteiten te maken hebben en/of maatschappelijk kwetsbare taken verrichten het risicomanagement zwaarder inrichten dan organisatiedelen waarvan de activiteiten niet heel risicovol of complex zijn. Het college houdt rekening met de organisatiedraagkracht door in haar besluitvorming nadrukkelijk aandacht te geven aan de uitvoerbaarheid van zijn besluiten.

De gemeentesecretaris is daarbij de eerste adviseur van het college en geeft advies over uitvoerbaarheid van beleid. Het college wordt in de besluitvorming geadviseerd door Bestuursadvisering, Juridische zaken en Control. Gedurende de uitvoering steunt het college op het management van de organisatie – in hoogste instantie de gemeentesecretaris die op zijn beurt beslist over het niveau van draagkracht dat nodig is voor de taken en/of het niveau van risico dat getolereerd kan worden.

Financiële draagkracht Met financiële draagkracht wordt bedoeld de mate waarin tegenvallers, zowel incidenteel (eenmalig) als structureel (voortdurend) kunnen worden opgevangen. Er is een veelheid aan risicofactoren met financiële gevolgen die de gemeente kunnen raken. Een juist niveau van het weerstandsvermogen, begrotingsruimte en leencapaciteit zorgen voor de financiële draagkracht om de gevolgen het hoofd te bieden en de begroting structureel en reëel in evenwicht te houden. Daarbij is de doelstelling van de raad en het college om de financiële zelfbeschikking te behouden en een artikel 12-status te vermijden. Raad en college kunnen die zelfbeschikking kwijtraken wanneer de begroting niet meerjarig structureel en reëel in evenwicht is. Dat kan worden veroorzaakt door risico’s die de financiële draagkracht te boven gaan.

8

In financiële termen gaat het om de drieslag: 

Exploitatie: incidentele tegenvallers die leiden tot een negatief rekeningresultaat moeten kunnen worden opgevangen door een voldoende hoog niveau van de Algemene Reserve. Structurele tegenvallers moeten worden verwerkt in de begroting. Balans: de financiële balans is altijd in evenwicht. De manier waarop deze in evenwicht is – de verhouding tussen schuld en eigen vermogen- is bepalend voor de hoeveelheid risico die we kunnen dragen. Door een gezonde verhouding tussen schuld en eigen vermogen waarmee we ons bezit financieren houden we financiële risico’s binnen de perken. Risico: niet elk risico is financieel van aard, vaak is er wel sprake van financiële gevolgen. Niet elk gevolg kan op een korte termijn redelijkerwijs worden opgevangen door de organisatie of door het aanpassen van beleidsuitgaven. Voor die risico’s houden we een voldoende hoog niveau van de Algemene Reserve aan om eventuele negatieve rekeningresultaten over een korte periode van maximaal 2 jaar te dekken.

Het college houdt rekening met de financiële draagkracht door in zijn besluitvorming nadrukkelijk aandacht te geven aan:   

Financiële dekking van risico’s bij besluiten die ten laste komen van programma’s. Resterende risico’s die ten laste komen van de algemene middelen. Financierbaarheid en risico’s in het geval van investeringen, leningen en garanties.

9

4 Integraal Risicomanagement

Integraal risicomanagement betekent dat het risicomanagement:  

Betrekking heeft op de doelen in de beleidsprogramma’s en de onderdelen binnen de organisatie, en Wordt bekeken vanuit meerdere gezichtspunten.

De gezichtspunten zijn:        

Financieel Juridisch Maatschappelijk Fraude en Integriteit Informatie Fysieke omgeving Organisatorisch Politiek bestuurlijk

Integraliteit met ISO 31000 Om het risicomanagement integraal in de gemeente Amsterdam in te richten is een raamwerk nodig. Daartoe heeft de gemeente sinds 2012 gekozen voor de internationale standaard ISO 31000. Deze richtlijn stelt de principes, kader en proces vast waarnaar elk organisatieonderdeel zijn risicomanagement moet inrichten. Figuur 3 ISO 31000

10

Principes Het doel van risicomanagement is het creëren en beschermen van waarde. Het verbetert de prestaties, stimuleert innovatie en ondersteunt het bereiken van doelstellingen. Principes stellen de organisatie in staat om de effecten van onzekerheid op haar doelstellingen op goede en gestructureerde wijze te managen. Principes zijn richtinggevend voor de opzet van doelmatig en doeltreffend risicomanagement.

Raamwerk Het doel van het raamwerk voor risicomanagement is de organisatie te helpen risicomanagement in belangrijke activiteiten en functies te integreren. De doeltreffendheid van risicomanagement hangt daarvan af. Dit vereist draagvlak vanuit belanghebbenden en leiderschap en commitment van directies en het bestuur.

Proces Het risicomanagementproces bevat de systematische toepassing van beleid, procedures en werkwijzen van het risicomanagement. Een risicomanagementproces start altijd met het vaststellen van reikwijdte, context en criteria. In het proces is communicatie en consultatie met belanghebbenden verankerd en wordt het monitoren en beoordelen van risico geborgd. ISO 31000 richtlijn is geen ‘one size fits all’. Er is ruimte voor proportionaliteit. Dat wil zeggen dat organisatieonderdelen met een hoog risicoprofiel en groot belang voor het goed functioneren van onze organisatie het risicomanagement zwaarder aanzetten dan onderdelen waar dat minder het geval is.

11

5 Financieel risicomanagement

Het proces van financieel risicomanagement Naast de reguliere risicomanagementprocessen in de gemeentelijke organisatie vindt tweemaal per jaar, bij begroting en jaarrekening, een inventarisatie plaats van het resterend risico. Resterend risico is niet meer redelijkerwijs op te vangen binnen de programma’s en kan tot een negatief rekeningresultaat leiden. De inventarisatie vindt plaats conform artikel 11 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) die de medeoverheden verplicht om een inventarisatie te maken van de risico’s en het weerstandsvermogen. Deze wordt gebruikt om te beoordelen of de gemeente in staat is haar risico’s te dragen. Daarover wordt bij begroting en jaarrekening gerapporteerd.

Normhoogte Algemene Reserve Om negatieve rekening resultaten op te kunnen vangen hebben we de Algemene Reserve. Deze reserve is de enige direct beschikbare bron voor het opvangen van incidentele tegenvallers op de korte termijn zonder dat de beleidsdoelen direct aangepast moeten worden. Voor de Algemene Reserve is daarom een minimumhoogte gesteld op 5 % van het begrotingstotaal exclusief mutaties reserves. Door dat minimum als een percentage van de begroting te stellen ademt de hoogte mee met het activiteitenniveau van de gemeente. De filosofie is: hoe meer activiteit, hoe meer risico – hoe meer risico, hoe meer Algemene Reserve er nodig is. Weerstandsvermogen Het Besluit Begroten en Verantwoorden, artikel 11, stelt dat het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen: a. De beschikbare weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. b. Alle risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie: de benodigde weerstandscapaciteit. De direct beschikbare weerstandscapaciteit is de Algemene Reserve. De benodigde weerstandscapaciteit is gelijk aan de normhoogte van de Algemene Reserve. Schuldquote De schuldquote geeft een indicatie van de houdbaarheid van de schuld en de wendbaarheid van onze begroting.

Houdbaar betekent dat de gemeente Amsterdam nu en in de toekomst in staat is om aan haar rente- en aflossingsverplichtingen te voldoen. Een hoge schuldquote duidt op grotere gevoeligheid voor rentefluctuaties die de bestedingskracht van de begroting

12

bij stijgende rente beperken. De kengetallen schuldquote en solvabiliteit met hun signaalwaarden (zie Tabel 1) zijn opgesteld zonder rekening te houden met specifieke omstandigheden van een gemeente. Omdat de gemeente Amsterdam in tegenstelling tot andere gemeentes een zeer groot aandeel erfpacht in haar begroting, rekening en op haar balans kent corrigeert het college die kengetallen voor erfpacht. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan of de gemeente haar structurele lasten kan dekken met structurele baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Een negatief percentage betekent dat ze dat niet zijn. Een negatief kengetal duidt op het risico van een niet-sluitende begroting. Signaalwaarden provincie Tabel 1 Signaalwaarden kengetallen Kengetal 1. Netto schuldquote a. zonder correctie doorgeleende gelden b. met correctie doorgeleende gelden 2. Solvabiliteit 3. Structurele exploitatieruimte

Categorie A

<90% <90% > 50% >0%

Categorie B

90-130% 90-130% 20% < X < 50% 0%

Categorie C

>130% >130% < 20% <0%

De provincie ziet niveaus voor de kengetallen in de categorie A als het minst risicovol en in categorie C als het meest risicovol.

13

Regels voor financiële risicobeheersing 1. Bij elk college en raad besluit worden samenhangende risico’s en onzekerheden vermeld met de te treffen beheersmaatregelen. 2. Risico’s worden uitgedrukt als gebeurtenissen met een kans van optreden en geschatte gevolgen. De gevolgen kunnen financieel en niet-financieel zijn. 3. Risico’s worden voorzien van een risicoanalyse vastgelegd in het risicomanagementsysteem en minimaal bij begroting en jaarrekening geactualiseerd. Risico’s worden conform de ISO 31000 richtlijn beschreven. 4. Voor risico’s wordt het gevolg zoveel mogelijk gespecificeerd naar het jaar waarin deze naar verwachting kan optreden. 5. Risico wordt zo veel als redelijkerwijze mogelijk binnen het programma opgevangen. 6. In geval dat met een college- en raadsbesluit een financieel actief – zoals een lening, fonds, deelneming, etc.- wordt gevormd of een garantie wordt verstrekt zal er een financiële risicobeheersmaatregel worden getroffen indien noodzakelijk. Als beheersmaatregel wordt in die gevallen een risicobedrag ten laste van de betreffende programmabegroting gebracht en toegevoegd aan de Algemene Reserve. Tenzij een financieringsreserve is getroffen die ook het financieel risico voldoende afdekt. De hoogte van het risicobedrag volgt uit de risicoanalyses, deze worden gevoegd bij het besluit.

Zoals ook in het Lening en garantiebeleid en het beleidskader verbonden partijen is vastgelegd. Deze worden minimaal tweemaal per jaar, bij begroting en jaarrekening, geactualiseerd en de financiële beheersmaatregel geëvalueerd. 7. Een risico is resterend wanneer er geheel of gedeeltelijk geen beheersmaatregelen zijn of kunnen worden getroffen en wanneer het niet redelijk is om het risico op te vangen binnen de begroting van het betreffende beleidsprogramma. Voor de bepaling van de benodigde weerstandscapaciteit komen alleen resterende risico’s in aanmerking. Van resterende risico’s wordt de mogelijke schade in de voorliggende twee jaar gespecificeerd. 8. De schade als gevolg van het optreden van een geaccepteerd resterend risico wordt als herkenbare tegenvaller in de uitvoering van de begroting en het rekeningresultaat verwerkt. Een resterend risico betekent niet dat er een claimrecht is voor de dekking van dat resterend risico. Het is bedoeld om een indicatie te hebben van het totaal aan risico dat kan leiden tot negatieve rekening resultaten. 9. De normhoogte voor de Algemene Reserve is 5% van het begrotingstotaal exclusief mutaties in reserves. Indien de Algemene Reserve minder is dan de normhoogte vindt integrale afweging plaats over aanvulling ervan.

De wethouder Financiën zal voorstellen doen voor aanvulling tot de norm hoogte eventueel gespreid over een beperkt (2 à 3) aantal jaren op basis van een herstelplan.

14

Bijlage A Overzicht beleid en instrumentarium

Tabel onder geeft een uitgebreide indruk van huidig beleid, kaders en wet en regelgeving die bijdragen aan het risicomanagement (niet uitputtend). Tabel 2 Overzicht risicomanagement gerelateerd beleid en instrumentarium

Bestuur en Organisatie

Beleid Beleidsnota Risicomanagement 2022-2026 met o.a. Regels Weerstandsvermogen Regeling Risicovolle Projecten Leidraad Risicomanagement Treasury statuut Beleidskader verbonden partijen Lening- & garantiebeleid Regeling kredieten Financiële verordening Kader Procesbeheersing Beleidsregel Integriteit bij Overeenkomsten

Bedrijfsvoering

Landelijk stelsel van basisregistraties Stedelijk kader informatiebeveiliging gemeente Amsterdam Stedelijk kader verwerken persoonsgegevens

AVG, Archiefwet, de Archiefverordening en het Besluit Informatiebeheer Visie op juridisch control Inkoop- en aanbestedingsbeleid: Inkopen voor Amsterdam Gedragscode voor ambtenaren, Proces aflegging ambtseed Arbo gerelateerde protocollen, Verzuimbeleid, Duurzaam Inzetbaar, Strategische Personeelsplanning

Portfoliomanagement Programma 8

Beleidsplan Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland

Programma’s 4, 5, 6 7,

Sociaal Plaberum

15

Contractmanagement in het sociaal domein Inkoopstrategie Specialistische Jeugdhulp/MO Beschermd Wonen/Dagbesteding Programma’s 1,2, 3

Plan en Besluitvorming Ruimtelijke Maatregelen (Plaberum), Financiële verantwoording Grondexploitaties en Erfpachtuitgifte Investeringsreglement AIF Kader richtlijn Water, Leveringsplan drinkwater, Rioleringsplan Integraal Projectmanagement Model (IPM)/RISMAN LetOp 10 lessen NZ lijn/ Tegenspraak/Collectief Geheugen Plan- en Besluitvorming Infrastructuur (PBI) Erfgoedwet en erfgoedagenda

16

Bijlage B Risico-informatie in jaarverslag en begroting

Gedetailleerde informatie over risico’s wordt gedeeld in college en raadsvoordrachten en bestuurlijke rapportages. De belangrijke risico’s met betrekking tot het gemeentelijk beleid worden ook opgenomen in het jaarverslag en de begroting. In de programmabladen staat risico-informatie in de context van de beleidsdoelen van het programma. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing staat informatie over resterend risico met financieel gevolg voor de gemeente als geheel. Risico-informatie m.b.t. de bedrijfsvoering het operationeel risico -, wordt gegeven in de paragraaf bedrijfsvoering.

Figuur 4 Schema risico-informatie in jaarrekening en begroting

17

Bijlage C Definitie van risicocategorieën Tabel 3 Risicocategorien

Risico 1.

Financieel

2.

Fraude en Integriteit

3.

Informatie

4. Juridisch

5.

Maatschappelijk

6. Fysieke Omgeving

7.

Organisatorisch

8. Politiek bestuurlijk

Omschrijving Financiële risico's hebben te maken met tegenvallers in geldstromen zoals rijksuitkeringen, aanbestedingen, leningen en garanties, verstrekken en aantrekken van subsidies. Risico’s samenhangend met bedoeld en onbedoeld niet-integer handelen door bestuurders, ambtenaren of externe partners. Risico’s die betrekking hebben op de duurzame toegankelijkheid van informatie (informatiebeheer); betrekking hebben op de beschikbaarheid, integriteit en vertrouwelijkheid van informatie (informatiebeveiliging); verband houden met de verwerking van persoonsgegevens (privacy). Juridische risico’s doen zich voor als er sprake is van: het niet voldoen aan wet- en regelgeving waaronder strijd met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur en inbreuken op grondrechten; het niet voldoen aan contractuele verplichtingen; juridische gebondenheid zonder dat daar een besluit aan ten grondslag ligt. Maatschappelijke risico’s voor de gemeente houden verband met zowel ontwikkelingen in de samenleving waarop de gemeente beleidsmatig moet reageren op een manier waarop ze nog niet is voorbereid en/of toegerust, als risico’s die ontstaan door eigen beleidskeuzes gericht op een maatschappelijk doel. Deze categorie is breed en betreft risico’s die verband houden met de fysieke ruimte, verkeerssituaties, panden en gronden, bouwprojecten (verzakkingen, leidingen en kabels) etc. Ook risico’s m.b.t.

milieu en klimaat. Een organisatorisch risico houdt verband met de manier waarop de organisatie is ingericht en haar werkzaamheden uitvoert. Dit betreft dan de samenwerking, processen, procedures en systemen die tekort schieten voor de (bijzondere) omstandigheden op enig moment of het ontbreken daarvan. Een politiek risico houdt verband met beleid en besluitvorming met onevenredige overheidsinterventies in reactie op een gebeurtenis of ontwikkeling waarbij de verantwoordelijkheid voor risicobeheersing min of meer vanzelfsprekend wordt opgevat als overheidstaak.

18

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12043774/1