Beleidsbrief OM Wet handhaving kraakverbod.pdf
Tekst van het document
OPENBAAR MINISTERIE Parket-Generaal
Prins Clauslaan 16
Datum Onderdeel Ons kenmerk Contactpersoon Onderwerp
Postbus 20305, 2500 EH Den Haag
2595 AJ Den Haag
Aan de hoofden van de parketten
T +31 88 699 11 00 www.om.nl
13 juni 2022 Parket-Generaal PaG/B&S/18980
ons kenmerk vermelden.
Bij beantwoording de datum en
E. Wiersma Wetswijziging per 1 juli 2022 - Wet handhaving kraakverbod Geachte collega, Op 1 juli 2022 treedt de Wet handhaving kraakverbod l in werking. Deze wet wijzigt het moment waarop de rechter wordt betrokken in de procedure bij ontruimingen op basis van artikel 551a Wetboek van Strafvordering (sv). Middels deze beleidsbrief informeer ik u over deze wetswijziging. De wet strekt ertoe in geval van verdenking van kraken een strafrechtelijke ontruiming sneller te laten plaatsvinden. De periode tussen de beslissing tot ontruiming en de daadwerkelijke ontruiming is hiertoe verkort. De benodigde rechterlijke toets vindt met de wijziging van art. 551a Sv niet meer achteraf plaats (door de voorzieningenrechter), maar veel eerder in het proces doordat de officier van justitie (OvJ) in de nieuwe situatie een machtiging van de rechtercommissaris (RC) behoeft om een bevel tot ontruiming te kunnen geven. Gevolg hiervan zijn nieuwe procedures en werkprocessen voor het openbaar ministerie (OM). Deze brief geeft de nieuwe werkwijze en kaders weer voor een uniform werkproces, mét voldoende ruimte voor lokaal maatwerk. De beleidsbrief van het College van procureurs-generaal van 30 november 2010 over het te volgen beleid bij voorgenomen strafrechtelijke ontruimingen van kraakpanden, komt met publicatie van deze brief te vervallen. 2
1
Stb. 2021, 285.
Datum 13 juni 2022
Ons kenmerk PaG/B&S/18980 Pagina
2/6 2
Stat. 2010, 19500.
Essentie van de wetswijziging Sinds 2010 is kraken middels de Wet kraken en leegstand strafbaar gesteld als misdrijf. Bij overtreding van de artikelen 138 (huisvredebreuk), 138a (kraken) of 139 (lokaalvredebreuk) van het Wetboek van Strafrecht (Sr) maken de personen die wederrechtelijk vertoeven op een plaats zoals bedoeld in die artikelen (hierna: de krakers) zich schuldig aan een strafbaar feit. Zij dienen derhalve rekening te houden met ontruiming van het door hen gekraakte pand. Met inwerkingtreding van de Wet handhaving kraakverbod vindt de rechterlijke toets niet meer plaats door de voorzieningenrechter achteraf, maar veel eerder in het proces en wel door de RC. In de nieuwe praktijk vordert de OvJ, conform het aangepaste artikel 551a sv, ingeval van verdenking van een misdrijf als omschreven in de artikelen 138, 138a en 139 Sr een machtiging tot ontruiming bij de RC. De RC beslist vervolgens binnen 72 uur na indiening van de vordering over het al dan niet verlenen van een machtiging aan de OvJ. De RC stelt zo mogelijk binnen de periode van 72 uur de krakers in de gelegenheid om te worden gehoord. Bij dringende noodzaak kan de RC het horen achterwege laten.
Schematische weergave nieuwe procedure (op hoofdlijnen) 1. Rechthebbende doet aangifte bij de politie 2. De OvJ beoordeelt de aangifte 3. De OvJ vordert (indien opportuun 1) een machtiging tot ontruiming bij de RC 4. De RC stelt de krakers binnen 72 uur in de gelegenheid om gehoord te worden Wanneer er een spoedeisend belang is om tot ontruiming over te gaan, kan de RC afzien van de hoorplicht
5. De krakers kunnen binnen diezelfde 72 uur hun zienswijze kenbaar maken aan de RC of verlaten gedurende die periode het pand
6. De RC beslist naar aanleiding van de vordering van de OvJ en het horen van de krakers of een machtiging wordt verleend Voor complexe en uitzonderlijke dossiers is het bij uitzondering mogelijk dat de RC de termijn van 72 uur overschrijdt
7. Na verkregen machtiging beveelt de OvJ de ontruiming (bevel is direct uitvoerbaar)
1
Bij de opportuniteitsafweging kunnen eventuele risico's op herkraak worden meegewogen.
Datum 13 juni 2022
Ons kenmerk PaG/B&S/18980 Pagina
3/6
8. Ontruiming van het pand, indien krakers niet vrijwillig zijn vertrokken 9. Indien de RC de vordering van de OvJ afwijst kan het OM op grond van art. 446 Sv in hoger beroep De krakers kunnen eveneens hoger beroep instellen tegen de beschikking van de RC Het hoger beroep moet binnen 14 dagen na dagtekening beslissing RC worden ingesteld en heeft geen schorsende werking
Vorderen machtiging tot ontruiming De memorie van toelichting (MvT) verduidelijkt dat bij een aangifte van kraken het gebruik van een pand irrelevant is voor de verdenking. Artikel 551a Sv betreft een kan-bepaling en het is aan de OvJ om te bepalen of het vorderen van een machtiging tot ontruiming opportuun en passend is per casus. Een aangifte betekent niet dat direct strafvorderlijk zal moeten worden opgetreden door het OM; lokaal maatwerk is nog steeds mogelijk. De volgende uitgangspunten worden gehanteerd: Binnen één week na doorgeleidinq aangifte wordt de aangifte beoordeeld door het OM; Indien ontruimen naar oordeel van de OvJ opportuun is, wordt de vordering binnen 14 daqen opgemaakt en gezonden aan de RC; De RC wordt zo spoedig mogelijk in kennis gesteld van voorgenomen beslissing OvJ. Betreft een 'vooraankondiging' van de vordering tot machtiging ontruiming zodat de RC - gezien de korte periode van 72 uur om te komen tot een beslissing - de nodige voorbereidingen kan treffen. Verder volgt uit de MvT dat uit de vordering moet blijken wie de rechthebbende van het pand is, dat door of namens de rechthebbende aangifte is gedaan van kraken, om welk gebouw, lokaal of erf het gaat en of er eventueel in de ogen van de OvJ sprake is van een situatie die aanleiding geeft tot een dringende noodzaak te ontruimen.
De informatie die hiervoor nodig is, kan in een bescheiden dossier worden aangeleverd bij de RC. De MvT geeft verder geen nadere invulling van een zogeheten 'bescheiden dossier'. Als uitgangspunt kan worden gehanteerd een dossier zoals thans werd voorbereid bij een aankondiging tot ontruiming en/of werd aangeleverd bij de kortgedingrechter.
Registreren kraakzaken De vordering tot machtiging ontruiming dient te worden opgemaakt in de module onderzoeken. Hiervoor is een formulier aangemaakt in de module. Het gebruik van de module onderzoeken is met de Raad voor de rechtspraak afgestemd. Ketenkoppeling is dan ook mogelijk en documenten kunnen digitaal worden uitgewisseld.
Datum 13 juni 2022
Ons kenmerk PaG/B&S/18980 Pagina
4/6 In de module onderzoeken wordt alleen de vordering bij de RC en de daarop volgende machtiging vastgelegd. Indien een kraakzaak ter strafrechtelijke vervolging instroomt vindt verdere registratie van de feiten en afdoening plaats in GPS. Een parketnummer is niet verplicht in de module onderzoeken. Er kan wel optioneel een parketnummer worden aangemaakt om vervolgens te gebruiken als registratienummer. Indien op een later moment verdachten worden aangehouden kan het reeds aangemaakte parketnummer gebruikt worden. De Wet handhaving kraakverbod wordt binnen twee jaar na de datum van inwerkingtreding geëvalueerd. Eenduidige en volledige registratie van kraakzaken is dan ook wenselijk. De wet strekt ertoe om de periode tussen een kraak en de ontruiming te verkorten. Bij de evaluatie zal dan ook specifiek en nadrukkelijk aandacht zijn voor termijnen. Gegevens vastgelegd in de module onderzoeken zijn echter niet landelijk opvraagbaar. Denk aan datum indienen vordering, datum ontvangst machtiging, afwijzing vordering etc. Ten behoeve van de evaluatie is in de module een query gemaakt waardoor de gewenste gegevens door de gebruiker te genereren zijn. In de module onderzoeken zijn alleen die zaken zichtbaar waaraan je als persoon (gebruiker) bent gekoppeld. Dit betekent dat één persoon binnen ieder parket altijd aan alle kraakzaken gekoppeld dient te worden.
Diegene kan vervolgens één keer per jaar de benodigde gegevens aanleveren, zodat een landelijk beeld kan worden gegenereerd. Ieder parket wijst één persoon aan die deze rol toebedeeld krijgt en periodiek de cijfers voor het parket aanlevert bij de fact factory van het PaG.
Horen krakers In de nieuwe procedure worden de krakers in de gelegenheid gesteld om hun zienswijze kenbaar te maken bij de RC. Het proces van oproepen, horen en informeren van de krakers, alsmede de bijbehorende administratieve kant, is onderdeel van de verantwoordelijkheid van de RC. Deze nieuwe praktijk vraagt echter iets van de samenwerking en afstemming tussen de lokale kabinetten RC, OM en politie. Het advies is om tijdig met de lokale kabinetten RC in gesprek te gaan over de nadere invulling van deze processen. Vanuit praktisch oogpunt ligt het in de rede dat de politie naar het gekraakte pand gaat om contact te leggen met de aanwezige personen teneinde hen mede te delen dat de RC een vordering tot ontruiming heeft ontvangen en zij zich op een bepaald moment kunnen melden bij de rechtbank om hun zienswijze kenbaar te maken. Indien het niet lukt om de krakers te spreken, kan er een brief door de brievenbus worden gedaan en/of een plakkaat op het gekraakte pand worden aangebracht.
(spoed)ontruiming Zoals hierboven is opgemerkt kan de RC, wanneer er sprake is van een spoedeisend belang om tot ontruiming over te gaan, afzien van de hoorplicht. Er is in elk geval sprake van een dringende noodzaak als bedoeld in art. 551a lid 3 Sv indien de verdachte van het misdrijf als omschreven in artikel 138a Sr:
Datum 13 juni 2022
Ons kenmerk PaG/B&S/18980 Pagina
5/6
a) tevens wordt verdacht van het misdrijf als omschreven in artikel 138 van het Wetboek van Strafrecht; b) tevens wordt verdacht van een strafbaar feit waardoor de rechthebbende, bedoeld in de artikelen 138 en 138a van het Wetboek van Strafrecht, wordt getroffen;
c) een ernstige verstoring van de openbare orde en veiligheid veroorzaakt in de omgeving van de woning of het gebouw, bedoeld in de artikelen 138 en 138a van het Wetboek van Strafrecht; d) een gevaarlijke situatie veroorzaakt door het wederrechtelijk vertoeven, bedoeld in de artikelen 138 en 138a van het Wetboek van Strafrecht. 2 Dit zijn dezelfde omstandigheden die op dit moment, ingevolge de beleidsbrief van 30 november 2010, de OvJ de mogelijkheid bieden om over te gaan tot een spoedontruiming. Daarnaast kunnen door de RC aanvullende situaties worden aangewezen, waarin het eveneens gerechtvaardigd is om tot een spoedontruiming over te gaan. Een spoedontruiming zonder tussenkomst en machtiging van de RC is in de nieuwe situatie niet mogelijk. De vordering van de OvJ kan in een situatie van dringende noodzaak ook mondeling aan de RC worden gedaan (art. 551a lid 2 SV). Nadat de RC een machtiging heeft verleend, kan de OvJ direct de ontruiming bevelen. Een ontruiming vraagt echter tijd en capaciteit van de politie en kan impact hebben voor de openbare orde. Tijdige afstemming met de politie op lokaal niveau is dan ook wenselijk. Op basis van de wet en de MVT is het bevel van de OvJ vormvrij. Dat strookt met de modernisering van het wetboek van strafvordering waarin is bepaald dat de meeste bevelen niet afzonderlijk worden vastgelegd.
Een mondeling bevel is dan ook afdoende, dit hoeft niet op schrift te worden gesteld. Wel is van belang dat de opsporingsambtenaar een proces-verbaal (PV) opmaakt van de ontruiming en daarin dient te vermelden dat hij/zij een daartoe strekkend bevel van de OvJ heeft ontvangen. De nieuwe wet verandert niet de bestaande praktijk rond ontruiming van panden waarbij door de krakers nog geen huisrecht is gevestigd. Krakers zijn dan in directe overtreding van art. 138, 138a of 139 Sr en kunnen (door een opsporingsambtenaar) verwijderd worden.
Vervolgen In beginsel kan een kraker, na constateren van het strafbare feit, worden aangehouden en vervolgd. In situaties waarin ontruimen niet opportuun wordt geacht ligt aanhouden en vervolgen echter niet in de rede. Het uitgangspunt is dan ook om in beginsel vervolging te koppelen aan ontruiming. Wordt er niet ontruimd, dan wordt er ook niet vervolgd. Hiervan kan worden afgeweken op basis van feiten en omstandigheden zoals herhaald kraken of het plegen van vernielingen. Indien tot vervolging wordt overgegaan, zal in beginsel worden gedagvaard. De te
2
Zie art. 551a lid 4 sv.
Datum 13 juni 2022
Ons kenmerk PaG/B&S/18980 Pagina
6/6 vervolgen persoon zal immers geen adres meer hebben en/of kiest om principiële redenen voor kraken en zal niet snel een strafbeschikking of taakstraf accepteren.
Het Coll G.T. Hofstee
van procureurs-generaal,