CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording_sv_Khan_inzake_het_Cornelius_Haga_Lyceum_dat_van_alle_blaam_gezuiverd_is.pdf

Raadscommissie Onderwijs, Zorg en Armoedebestrijding 8 maart 2023, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Verzoek raadslid Khan Wob CHL (VN2023-005653)1.937 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsinformatiebrief Beantwoording schriftelijke vragen

Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door Onderwerp

De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 15 december 2022 Onderwijs en Openbare Orde en Veiligheid Marjolein Moorman en Femke Halsema Directie OJZ (bestuurszaken.ojz@amsterdam.nl), Directie OOV Beantwoording schriftelijke vragen van het lid Khan inzake het Cornelius Haga Lyceum dat van alle blaam gezuiverd is

Geachte leden van de gemeenteraad, Op 26 oktober 2022 heeft het college schriftelijke vragen ontvangen van het lid Khan inzake het Cornelius Haga Lyceum dat van alle blaam gezuiverd is. Onderstaand treft u de beantwoording van deze vragen aan. Toelichting door de vragenstellers Op 19 oktober 2022 oordeelde de Raad van State dat er geen sprake was van financieel wanbeheer en zelfverrijking bij het Cornelius Haga Lyceum. Daarmee is de school van alle blaam gezuiverd1. De fractie van DENK wil de implicaties hiervan bespreken in de commissie OZA en ter voorbereiding schriftelijke vragen indienen. Gezien het vorenstaande stelt het lid Khan op grond van artikel 84 van het Reglement van orde gemeenteraad en raadscommissies Amsterdam de volgende schriftelijke vragen aan het college: Het college kan de gestelde vragen als volgt beantwoorden. Het lid Khan heeft eerder vragen gesteld over de gang van zaken met betrekking tot het Cornelius Haga Lyceum (#227.21)2. In één van die vragen werd gevraagd waarom het college sprak van “jihadistisch extremisme” in de raadsbrief van maart 2019 terwijl de AIVD daar zelf niet van sprak. Het college antwoordde als volgt: “We gebruiken deze term inmiddels niet meer. Zie ook de beantwoording van de schriftelijke vragen van het lid Yilmaz van 31 augustus 2021” 1 Het college geeft hier geen antwoord op de vraag.

Daarom nogmaals: waarom is er destijds gekozen voor “jihadistisch extremisme” terwijl de AIVD deze term niet gebruikt?

1 https://www.parool.nl/amsterdam/raad-van-state-geen-wanbeheer-en-verrijking-bij-haga-lyceum~b0cef0a2/ 2https://amsterdam.raadsinformatie.nl/document/10546955/1/SV277_21_Beantwoording_schriftelijke_vragen_Khan_onbevoegd_volgen

_burgers_op_sociale_media_door_de_National_Co%C3%B6rdinator_Terrorismebestrijding_en_Veiligheid – p5

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 15 december 2022 Pagina 2 van 5

Het college schreef in de raadsbrief van maart 2019: ‘Er is geen acuut gevaar voor de openbare orde. Het college beschouwt echter het signaal dat jonge leerlingen structureel worden beïnvloed door ‘richtinggevende personen’ die sinds 2000 in een radicale omgeving verkeren en tussen 2009 en 2012 banden zouden hebben onderhouden met een terroristische organisatie (het Kaukasus Emiraat) of die zich anderszins inlaten met jihadistisch extremisme als onacceptabel.’ De NCTV en AIVD gebruiken in hun producten veelal de term ‘jihadisme’ voor een deel van deze vormen van extremisme, door de AIVD als volgt gedefinieerd: ‘Extremistische ideologie waarin de verheerlijking van de gewelddadige jihad centraal staat’. Het gaat hier dus nadrukkelijk om de gewelddadige invulling van de jihad. Het college kan zich voorstellen dat de termen “jihadistisch extremisme” als dubbel op wordt gezien en een zwaardere lading heeft gekregen. Het doel was om een onderscheid aan te geven van andere vormen van extremisme. Zoals aangegeven worden deze termen niet meer gebruikt. 2 Erkent het college dat het gebruik van de term “jihadistisch extremisme” beter niet gebruikt had moeten worden gezien de gevoeligheid van het dossier? Ja. 3 Het college gebruikt inmiddels deze term niet meer.

Is het college met de fractie van DENK eens dat het juist in dergelijke zaken het uiterst belangrijk is om de zorgen zo zorgvuldig als mogelijk te formuleren? Ja.

Vervolg door vraagsteller: Bij de beantwoording van een andere vraag (over de zin: “jonge leerlingen structureel worden beïnvloed”), antwoordde het college als volgt: Nee. Een risico in de toekomst zegt ontegenzeggelijk iets over de huidige situatie, dus een dergelijk onderscheid kan niet gemaakt worden. Het gevaar voor de democratische rechtsorde, en daarmee ook de Nationale Veiligheid, kan ontstaan wanneer jongeren wordt geleerd om de legitimiteit van de rechtstaat niet te accepteren en deze te verwerpen. En hoewel destijds de inschatting van de AIVD was dat die dreiging zich mogelijk pas na jaren op maatschappelijk niveau zou manifesteren, was de zorg dat de jonge leerlingen die het zou betreffen al eerder beschadigd zouden kunnen worden. De zeer kritische houding van de gemeente richting de school was primair bedoeld om de leerlingen te beschermen, en is dus gerechtvaardigd.” 4 Uit de beantwoording volgt dat het college erkent dat de waarschuwing van de AIVD inhield dat de dreiging “mogelijk”, “pas na jaren” en “op maatschappelijk niveau zou manifesteren”. Met andere woorden, het bestuur van het Haga Lyceum was voornemens om scholieren negatief te beïnvloeden, en deed dat dus op het moment van schrijven niet. Is het college daarmee eens?

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 15 december 2022 Pagina 3 van 5

5 Erkent het college dat op grond van die inschatting niet geconcludeerd kan worden dat jonge leerlingen “al eerder beschadigd zouden kunnen worden”? Zo nee, waarom niet? 6 Het is voor de fractie van DENK onduidelijk waarom het college dan tóch besloot om de dreiging naar de huidige tijd te plaatsen. Kan het college dat toelichten? Gebeurde dat op grond van andere informatie dan die is ontvangen vanuit de veiligheidsdiensten? De vragen 4, 5, en 6 richten zich op de gegevensverstrekking van de AIVD. Dat maakt dat het college voor de beantwoording hiervan allereerst verwijst naar het toezichtsrapport nr. 67 van de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen en Veiligheidsdiensten (CTIVD) over de gegevensverstrekking door de AIVD over het Cornelius Haga Lyceum. Het college was voor de informatiepositie in deze casus afhankelijk van deze gegevensverstrekking. De informatie van de AIVD en de brief van de NCTV, en de daarop gebaseerde brief aan de Tweede Kamer van 14 maart 2019, zijn voor het college leidend geweest. Zo kwam ook uit deze brief naar voren dat naast voornemens, ook sprake was van bestaande gedragingen door personen in de school. Het is uiteindelijk niet het college maar de CTIVD die bevoegd is te oordelen over de gegevensverstrekking van de AIVD.

Het college erkent en onderschrijft vanzelfsprekend alle conclusies en aanbevelingen van het toezichtsrapport van de CTIVD dat op 6 december 2019 naar de Tweede Kamer is verzonden. 7 Over de gevoerde rechtszaken. Hoeveel keer stond de gemeente Amsterdam tegenover het Cornelius Haga Lyceum in de rechtszaal inclusief de voorlopers van het CHL (oftewel, sinds de oprichting van de Stichting Islamitisch Onderwijs Amsterdam en Omstreken in 2010)? In de periode 2012 – 2022 is sprake van dertien rechtszaken. Deze hadden allen betrekking op de onderwijshuisvesting. De gemeente heeft de wettelijke taak te voorzien in voldoende onderwijshuisvesting. Om als schoolbestuur in aanmerking te komen voor onderwijshuisvesting doet een schoolbestuur een aanvraag in het kader van het Onderwijshuisvestingsprogramma. Het College van B&W besluit of de aanvraag toegekend wordt. Tegen dit besluit staat het schoolbesturen vrij om bezwaar aan te tekenen. Indien het schoolbestuur het niet eens is met het besluit op bezwaar kan het schoolbestuur een juridische procedure starten. In alle rechtszaken was Stichting Islamitische Onderwijs het niet eens met het besluit van het College inzake de aanvragen in het kader van het onderwijshuisvestingsprocedures.

8 In hoeveel rechtszaken is geoordeeld ten nadele van de gemeente Amsterdam? In vijf van de dertien rechtszaken is ten nadele van de gemeente Amsterdam geoordeeld. Het betreft rechtszaken in december 2014, mei 2015, oktober 2015, december 2015 en juli 2022. Bij de rechtszaken in 2014 en 2015 wilde de gemeente uitsluitend onder door haar gestelde voorwaarden betreffende de bestuurlijke inrichting en de kwaliteit van de onderwijsplannen, huisvesting beschikbaar stellen. Dit om te voorkomen dat bij SIO dezelfde problemen zouden ontstaan als bij het in 2010 gesloten Islamitisch College Amsterdam (ICA). De rechtbank oordeelde dat het college de onderwijshuisvestingsaanvraag niet mocht afwijzen, omdat de Wet op het voortgezet onderwijs (oud) de gemeente geen ruimte biedt om dwingende voorwaarden te stellen betreffende de bestuurlijke inrichting van een school en de kwaliteit van het onderwijs. De rechtbank oordeelde dat de gemeente

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 15 december 2022 Pagina 4 van 5

per 1 augustus 2017 een schoolgebouw ter beschikking moest stellen voor 186 leerlingen en oordeelde daarbij dat de school niet in het voormalige ICA-gebouw gehuisvest hoefde te worden. Dit omdat SIO de hiervoor benodigde hoge capaciteitsbehoefte niet kon onderbouwen. In de rechtszaak in juli 2022 werd het beroep van SIO gegrond verklaard waardoor het collegebesluit van 19 juli 2019 herleefde. Met dit besluit kende het college aan SIO 665 m2 aan huisvesting voor de duur van één jaar op haar eigen terrein toe. In acht rechtszaken is ten nadele van SIO is geoordeeld. Het betreft rechtszaken in juli 2012, juli en oktober 2016, juli 2017, juli 2019, november 2020, april 2021 en oktober 2022. De rechtszaken in de periode 2012-2017 hadden betrekking op de wens van SIO gehuisvest te worden in het voormalige ICA-pand. In deze zaken oordeelde de rechter dat de gemeente het door SIO gewenste schoolgebouw niet hoefde toe te kennen omdat dit te groot was voor het leerlingenaantal van SIO en dat het College van B&W in redelijkheid heeft kunnen volstaan met een reservering in OHP2017 in plaats van toewijzing van huisvesting, omdat de bekostiging van SIO op dat moment onzeker was. De rechtszaken in juli 2019, november 2020, april 2021 en oktober 2022 hadden betrekking op de huisvesting aan de Naritaweg.

In juli 2019 oordeelde de rechter dat de afwijzing van een onvoldoende onderbouwde aanvraag voor uitbreiding aan de Naritaweg op juiste gronden was genomen. In november 2020 werd het beroep van SIO niet inhoudelijk behandeld omdat inmiddels in uitbreiding van de onderwijshuisvesting voorzien was. Het hoger beroep van april 2021 werd ongegrond verklaard, omdat een aanvraag voor aanvullende onderwijscapaciteit onvoldoende was en om die reden rechtmatig was afgewezen. In oktober 2022 oordeelde de rechter dat aanvragen van SIO buiten behandeling mochten worden gesteld omdat SIO niet de verzochte bibob-informatie verstrekt had. 9 Hoeveel geld hebben deze rechtszaken de gemeente Amsterdam in totaal gekost (inclusief dus de ambtenareninzet)? De kosten verbonden aan de inzet van juridische vertegenwoordiging zijn ongeveer €250.000,-. De kosten verbonden aan de inzet van ambtenaren voor deze rechtszaken zijn niet bekend, omdat de ambtenareninzet niet geregistreerd wordt. 10 Hoe reflecteert het college op alle verloren rechtszaken? De rechtszaken zijn geïnitieerd door de Stichting Islamitisch Onderwijs naar aanleiding van besluiten door het College van B&W met betrekking tot onderwijshuisvesting. Alle schoolbesturen hebben het recht bezwaar te maken tegen deze besluiten bij de gemeentelijke bezwaarcommissie.

Indien zij het oneens zijn met het besluit op bezwaar staat het hen vrij hierover een juridische procedure te starten. De besluiten waarover de rechtszaken in 2014 en 2015 handelden hielden direct verband met de bezorgdheid die het toenmalige college had over de inrichting van het bestuur van SIO en de kwaliteit van onderwijs die het bestuur op de school wilde bieden aan zijn leerlingen. Het hoger beroep van SIO in juli 2022 werd gegrond verklaard, omdat de rechtspositie van SIO was verslechterd door afwijzing van een aanvraag die eerder wel gedeeltelijk toegekend was. De aanvraag was in zijn geheel afgewezen nadat SIO geen gebruik had gemaakt van de gedeeltelijk toegekende onderwijscapaciteit en zelf invulling had gegeven aan de capaciteitsbehoefte.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 15 december 2022 Pagina 5 van 5

11 Kan het college deze vragen beantwoorden binnen de gestelde termijn? Nee, dat is helaas niet gelukt. Wij verwachten u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam, Marjolein Moorman / Femke Halsema Wethouder Onderwijs / burgemeester LET OP: GEEN ONDERTEKENING NODIG

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12456525/1