CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

B4. Schuldenmonitor 2023.pdf

RAAD 28 februari 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de raadsinformatiebrief over de Amsterdamse Armoedemonitor en Schuldenmonitor (VN2024-000660)2.660 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente Amsterdam Onderzoek en Statistiek

Schuldenmonitor 2023

Schuldenmonitor 2023 korte rapportage | november 2023

In 2022 heeft naar schatting 8 procent van de Amsterdammers problematische schulden. Dit zijn schulden en/of betalingsachterstanden, anders dan studieschulden, die men zelf als een probleem ervaart. Het aandeel Amsterdammers met problematische schulden is in 2022 iets lager dan in voorgaande jaren. Slechts een minderheid ontvangt hulp bij schulden. Deze gegevens zijn gebaseerd op de Regionale Enquête Beroepsbevolking, een stadsbrede enquête die vier keer per jaar door O&S wordt verspreid. Deze derde editie van de schuldenmonitor geeft inzicht in de schuldenproblematiek onder Amsterdammers in 2022. De cijfers zijn gebaseerd op enquêtedata: in de Regionale Enquête Beroepsbevolking (REB) wordt aan Amsterdammers van 15-75 jaar gevraagd of zij schulden en/of betalingsachterstanden hebben. We spreken van problematische schulden wanneer zij hun schulden en/of betalingsachterstanden zelf als een probleem ervaren en het niet uitsluitend gaat om een studieschuld. Op basis van jaarlijks circa 4.000 ingevulde enquêtes schetst deze rapportage de ontwikkelingen op het gebied van problematische schulden in de periode 2019-2022.

Daarnaast komen de kenmerken van deze schulden aan bod: om wat voor schulden gaat het en wat is de omvang van de schuld? Tot slot bespreken we enkele achtergrondkenmerken van de Amsterdammers die gepaard gaan met een relatief hoge kans op het hebben van problematische schulden.

Betaalbaarheid in tijden van hoge inflatie: iets minder Amsterdammers komen (zeer) gemakkelijk rond Als gevolg van de Covid-19-pandemie braken in 2020 financieel onzekere tijden aan. Een deel van de Nederlandse huishoudens kreeg te maken met een (tijdelijke) inkomensdaling. Met name jongeren, zelfstandigen en flexwerkers werden hierdoor geraakt (Nibud, 2021). Vanaf eind 2021 steeg de

1

Gemeente Amsterdam Onderzoek en Statistiek

Schuldenmonitor 2023

inflatie, met name als gevolg van de hoge energieprijzen (CBS, 2023), en kwam de betaalbaarheid van het levensonderhoud onder druk te staan. Huishoudens met een laag inkomen zijn hier het hardst door geraakt (CPB, 2022). Gemiddeld genomen is de koopkracht van Nederlandse huishoudens in 2020 en 2021 gestegen, maar in 2022 daalde de gemiddelde koopkracht met 1,2 procent (CBS, 2023). Door ondersteunende overheidsmaatregelen zoals de energietoeslag werd een sterkere koopkrachtdaling voorkomen (CBS 2023, CPB 2023). Desondanks geeft in 2022 zestien procent van de deelnemers in de REBenquête aan dat zij (zeer) moeilijk rond kunnen komen. Dit aandeel is de laatste jaren redelijk stabiel. Wat wel veranderd is: in 2o22 gaven minder mensen aan (zeer) gemakkelijk rond te kunnen komen. Deze trend zien we voor zowel de lagere als voor de hogere inkomens. Figuur 1 Eigen oordeel moeite om rond te komen, 2019-2022 (procenten)

Hoe representatief zijn de gegevens? De gegevens in dit rapport zijn gebaseerd op een steekproef van de Amsterdamse bevolking. De REB-enquête wordt verspreid onder Amsterdammers van 15-75 jaar. We streven hierbij naar een zo goed mogelijke afspiegeling van de Amsterdamse bevolking. Wat betreft opleidingsniveau, migratieachtergrond, geslacht en spreiding over de stadsdelen is dit het geval. Sommige groepen Amsterdammers zijn minder goed vertegenwoordigd in de enquête. Deels zijn dit groepen die relatief vaak te maken hebben met problematische schulden, zoals alleenstaanden. Tegelijkertijd zijn jongeren en ouderen, leeftijdsgroepen waarbinnen problematische schulden juist relatief weinig voorkomen, ook ondervertegenwoordigd in de enquête. Op basis van de samenstelling van de respondentengroep verwachten we daarom geen sterke onder- dan wel oververtegenwoordiging van Amsterdammers met ervaren problematische schulden. Naast de samenstelling van de respondentengroep is ook een ander gegeven van belang voor de representativiteit van de cijfers. Rond schulden en betalingsproblemen speelt een taboe en niet alle huishoudens met financiële problemen zien deze (tijdig) onder ogen (Panteia, 2015).

Het is goed denkbaar dat mensen met problematische schulden minder dan mensen zonder schulden geneigd zijn deel te nemen aan enquêtes in het algemeen en enquêtes over werk en inkomen in het bijzonder. Daarnaast kiest een deel van de respondenten om de vragen over schulden niet te beantwoorden (7% in 2022). Gezien de aard van de REB-gegevens (zelfrapportage) geeft deze monitor mogelijk een lichte onderschatting van de omvang van de groep met ervaren problematische schulden in Amsterdam. 2

Gemeente Amsterdam Onderzoek en Statistiek

Schuldenmonitor 2023

Een andere belangrijke indicator van de schuldenproblematiek zijn de door CBS gepubliceerde cijfers over geregistreerde problematische schulden. Het aandeel inwoners met ervaren problematische schulden op basis van de REB-enquête was in de periode 2019-2021 ongeveer even hoog als het aandeel met geregistreerde problematische schulden op basis van de CBS-gegevens. De CBSgegevens over geregistreerde problematische schulden over 2022 zijn nog niet beschikbaar op het moment dat de huidige rapportage wordt opgesteld.

Acht procent Amsterdammers rapporteert ervaren problematische schulden in 2022 Het aandeel Amsterdammers dat aangeeft schulden te hebben daalde de afgelopen jaren, van 24 procent in 2019 naar 20 procent in 2022. Dit percentage is de som van de paarse staafjes in onderstaande figuur en is inclusief de bewoners die hun schulden zelf niet als probleem zien en degenen die enkel een studieschuld hebben (zie ook kader: studieschuld). Voor de Amsterdammers met schulden geldt dat de meerderheid enkel een DUO schuld heeft en iets kleiner deel een andere schuld (7% in 2022). Daarnaast is er nog een kleine groep die zowel bij DUO als elders een schuld heeft en een deel waarvan de aard van de schuld onbekend is (beide 1%). In alle gepresenteerde jaren hebben ruim zeven op de tien Amsterdammers geen schulden. Figuur 2 Schulden naar soort schuld, 2019-2022 (procenten)

Zeven procent van de respondenten heeft één of meer van de vragen over schulden niet beantwoord. De rest van deze rapportage gaat uitsluitend over de groep respondenten die de vragen over schulden wél beantwoord hebben. Net als in voorgaande jaren wordt de doelgroep van de schuldenmonitor op de volgende manier gedefinieerd: Amsterdammers met schulden die: 1) Zij zelf als een probleem ervaren, en; 2) Waarbij het niet uitsluitend gaat om een studieschuld.

8%

Volgens deze definitie had 8 procent van de Amsterdammers in 2022 schulden die zij als problematisch evaren. Dit is minder dan in de periode 2019-2021; toen lag het aandeel stabiel op 10 procent. Deze lichte daling is in lijn met de landelijke registraties van schulden die de gehele bevolking betreffen. Zo daalde het aantal 3

Gemeente Amsterdam Onderzoek en Statistiek

Schuldenmonitor 2023

registraties van betalingsachterstanden bij Stichting BKR in 2022 en het aantal aanmeldingen voor schulhulpverlening nam landelijk af ten opzichte van 2021 (NVVK, 2023). Het aantal mensen dat door het CAK is aangemerkt als ‘wanbetaler’ (langer dan zes maanden de zorgpremie niet betaald) daalde de afgelopen jaren voortdurend, maar bleef in 2022 voor het eerst ongeveer gelijk aan het voorgaande jaar. De observatie dat in 2022 minder mensen ervaren problematische schulden hebben neemt niet weg dat individuele Amsterdamse huishoudens nog steeds met grote betaalbaarheidsproblemen kampen. Dit komt bijvoorbeeld tot uitdrukking in de mate waarin Amsterdamse huishoudens een beroep doen op de Voedselbank. Het gebruik hiervan lag eind 2022 bijna een kwart hoger dan eind 2021 (Schuldhulpverlening, jaarverslag 2022). In de loop van 2023 daalde dit aantal licht, maar nog steeds maken veel meer huishoudens gebruik van de Voedselbank dan in de periode voor de Covid19-pandemie.

Betalingsachterstanden vaste lasten, private schulden en publieke schulden komen ongeveer even vaak voor Van de Amsterdammers met een ervaren problematische schuld had in 2022 ongeveer een derde een achterstand in het betalen van de vaste lasten, een derde had schulden bij publieke instanties zoals het CJIB en een derde had private schulden, bijvoorbeeld bij een bank of bij familie of vrienden. Omdat er sprake kan zijn van verschillende schulden bestaat er overlap tussen deze groepen. Tussen 2019 en 2022 is geen duidelijke ontwikkeling zichtbaar in het soort schuld dat mensen hebben. Het aandeel schulden in vaste lasten nam twee achtereenvolgende jaren toe, maar deze trend duurt niet voort in 2022. De energietoeslag heeft hierin mogelijk een rol gespeeld. Het aandeel met private schulden daalt de afgelopen jaren licht. Het aandeel Amsterdammers met een studieschuld is de afgelopen jaren gestegen (zie kader studieschulden). Figuur 3 Soort schuld van Amsterdammers met ervaren problematische schulden, 2019-2022 (procenten)

4

Gemeente Amsterdam Onderzoek en Statistiek

Schuldenmonitor 2023

Studieschulden In 2022 geeft 13% van de deelnemers aan de enquête aan een studieschuld te hebben, al dan niet in combinatie met een andere schuld. Amsterdammers met een studieschuld ervaren dit de afgelopen jaren iets vaker als een probleem. In 2022 vond 52 procent van de deelnemers met uitsluitend een studieschuld deze schuld een probleem, in 2019 was dit nog 46%. Mensen die behalve een studieschuld ook andere schulden hebben, ervaren hun schulden vaker als problematisch dan mensen met alleen een studieschuld. De aangekondigde verhoging van de rente op studieschulden (DUO, 2023) heeft mogelijk tot gevolg dat de komende jaren meer mensen hun studieschuld als een probleem zien. Figuur 4 Aandeel Amsterdammers met een studieschuld (DUO), al dan niet in combinatie met andere schulden, dat hun schulden als een probleem ervaart, 2019-2022 (procenten)

5

Gemeente Amsterdam Onderzoek en Statistiek

Schuldenmonitor 2023

Schulden tot 5.000 het meest voorkomend Van de Amsterdammers met ervaren problematische schulden hebben vier op de tien een totale schuld van maximaal vijfduizend euro. In de coronajaren nam dit aandeel iets toe, maar in 2022 is het weer gedaald naar het niveau van voor de pandemie. Het aandeel met een schuld tussen de 5.000 en 10.000 euro neemt juist iets toe. Desondanks heeft een grote groep Amsterdammers met ervaren problematische schulden een relatief lage schuld (tot 5.000 euro). Het feit dat relatief lage schulden als problematisch worden ervaren duidt op de zeer beperkte financiële ruimte van veel Amsterdammers met problematische schulden. Figuur 5 Hoogte ervaren problematische schuld, 2019-2022 (procenten)

Meeste Amsterdammers met ervaren problematische schulden ontvangen geen hulp Het merendeel van de Amsterdammers met ervaren problematische schulden ontvangt hierbij geen hulp: ruim zes op de tien. Wanneer Amsterdammers wel hulp ontvangen gaat het in de meeste gevallen om hulp uit de informele hoek: van familie, vrienden of kennissen (22%). Acht procent ontvangt hulp van de gemeente: via de schuldhulpverlening of van hun klantbegeleider. Een beperkt aandeel ontvangt hulp op een andere manier, bijvoorbeeld van de bank (2%) of van een maatschappelijk werker (3%). Dit beeld is de afgelopen jaren stabiel.

6

Gemeente Amsterdam Onderzoek en Statistiek

Schuldenmonitor 2023

Figuur 6 Hulp bij schulden onder respondenten met een ervaren problematische schuld, 20192022 (procenten)

Kans op ervaren problematische schulden bij een inkomen tussen €1.000 en €1.750 ruim twee keer zo hoog als gemiddeld Er bestaat een sterke samenhang tussen de hoogte van het inkomen en het al dan niet hebben van problematische schulden. Onder de groep Amsterdammers met een netto maandinkomen tussen €1.000 en €1.750 ligt het aandeel met een ervaren problematische schuld met 17 procent ruim tweemaal zo hoog als onder de gehele Amsterdamse bevolking (8% procent). Opvallend is dat voor Amsterdammers in de laagste inkomenscategorie (tot €1.000) het aandeel met ervaren problematische schulden lager is dan onder Amsterdammers met een iets hoger inkomen. Huishoudens met een zeer laag inkomen (onder het bijstandsniveau) hebben vaker een relatief hoog vermogen dan huishoudens met een inkomen rond het bijstandsniveau (O&S, 2022). Een laag inkomen kan hiermee worden gecompenseerd. Daarnaast bestaat de groep met een inkomen tot €1.000 uit relatief veel jongeren, een groep die minder vaak dan gemiddeld ervaren problematische schulden heeft. Ook onder Amsterdammers uit de hogere inkomensklassen komen ervaren problematische schulden voor. Voor degenen met een huishoudinkomen tussen €3.051 en €5.000 bedraagt dit 6 procent. Onder de hoogste inkomens (meer dan €5.000) 3 procent. Hoge maandlasten (huur en energiekosten) zijn hier mogelijk debet aan.

Figuur 7 Aandeel respondenten met ervaren problematische schulden naar hoogte van het huishoudinkomen, 2022 (procenten)

7

Gemeente Amsterdam Onderzoek en Statistiek

Schuldenmonitor 2023

Naast inkomen zijn ook andere achtergrondkenmerken gerelateerd aan de aanwezigheid van ervaren problematische schulden. In figuur 8 en 9 worden groepen op basis van enkele demografische kenmerken met elkaar vergeleken. Hierbij zijn op basis van een regressiemodel enkel kenmerken opgenomen die zelfstandig verband houden met problematische schulden. Dat wil zeggen: ook als rekening wordt gehouden met andere achtergrondkenmerken zoals inkomen, leeftijd en huishoudtype. De patronen die in de resultaten naar voor komen zijn de afgelopen jaren redelijk stabiel.

Relatief veel ervaren problematische schulden onder alleenstaande ouders In de jongste leeftijdsgroep (15-22 jaar) ligt het aandeel personen met ervaren problematische schulden nog relatief laag: 2 procent. In de leeftijdsgroep net daarboven (23-26) jaar ligt dit aandeel met 7 procent fors hoger. Zoals genoemd worden mensen met uitsluitend een studieschuld niet tot de groep met ervaren problematische schulden gerekend. Een deel van de ‘oudere jongeren’ heeft dus al te maken met problematische schulden op het moment dat zij de transitie van school naar werk nog maar net achter de rug hebben. Van de 45-66-jarigen geeft één op de tien (10%) aan schulden te hebben die die zij problematisch vinden. In de hoogste leeftijdscategorie ligt dit aandeel weer aanzienlijk lager (3%). Mannen hebben iets vaker ervaren problematische schulden dan vrouwen (respectievelijk 8% en 7%) en personen die deel uitmaken van een eenoudergezin vaker dan personen in andere typen huishoudens. Daarnaast hebben Amsterdammers met een migratieachtergrond vaker ervaren problematische schulden dan Amsterdammers zonder migratieachtergrond en migranten van de eerste generatie vaker dan tweedegeneratie-migranten. Figuur 8 Aandeel respondenten met een ervaren problematische schuld naar geslacht, leeftijd, huishoudsamenstelling en migratieachtergrond, 2022 (procenten)

8

Gemeente Amsterdam Onderzoek en Statistiek

Schuldenmonitor 2023

Ongeveer een kwart van de Amsterdammers met een uitkering heeft te maken met ervaren problematische schulden Amsterdammers met een uitkering als voornaamste bron van inkomen hebben veel vaker te maken met ervaren problematische schulden dan mensen met andere inkomensbronnen zoals werk of pensioen. Bijvoorbeeld, van de Amsterdammers met een WW-uitkering heeft 26 procent een ervaren problematische schuld. Amsterdammers met een inkomen uit loondienst of een eigen praktijk hebben in respectievelijk 7 en 6 procent van de gevallen te maken met ervaren problematische schulden. Voor jongeren met een studiebeurs of een ouderbijdrage en AOW’ers ligt dit aandeel met 4 procent het laagst. Huurders van corporatiewoningen hebben ruim twee keer zo vaak ervaren problematische schulden als particuliere huurders. Van de Amsterdammers met een koopwoning heeft 4 procent te maken met ervaren problematische schulden. Een hypotheek wordt niet geteld als een schuld, achterstanden in het betalen hiervan wel. Wat betreft opleidingsachtergrond geldt dat Amsterdammers met een hbo- of wo-diploma veel minder vaak ervaren problematische schulden rapporteren dan inwoners zonder startkwalificatie of met een mbo-diploma.

9

Gemeente Amsterdam Onderzoek en Statistiek

Schuldenmonitor 2023

Figuur 9 Aandeel respondenten met een schuld naar bron van inkomen, huur- of koopwoning en opleiding, 2022 (procenten)

Groepen die vaker dan gemiddeld te maken hebben met ervaren problematische schulden, hebben ook vaker dan gemiddeld een laag inkomen. Deze verschillen worden echter niet volledig verklaard door verschillen in inkomen. Aan de hand van een regressieanalyse is nagegaan welke achtergrondkenmerken naast inkomen zelfstandig verband houden met de aanwezigheid van problematische schulden. Alleen deze achtergrondkenmerken zijn opgenomen in figuur 8 en 9. Hiermee is overigens niet aangetoond dat er een oorzakelijk verband bestaat tussen de achtergrondkenmerken en ervaren problematische schulden. Landelijke cijfers tonen aan dat het risico op schulden vaak toeneemt na bepaalde levensgebeurtenissen die een vermindering van het inkomen tot gevolg hebben, zoals het verliezen van een baan (CBS, 2022). Een aantal van de resultaten in het huidige onderzoek wijzen daar ook op. Zo zien we een hoog aandeel personen met ervaren problematische schulden onder mensen met een WW- of andere uitkering. Onder gepensioneerden zijn juist relatief weinig personen die problematische schulden rapporteren. Oudere Amsterdammers leven weliswaar relatief vaak in armoede (O&S, 2022), maar waarschijnlijk is hun financiële situatie in veel gevallen wel redelijk stabiel, waardoor het risico op schulden minder groot is.

Meer informatie…

Colofon

https://onderzoek.amsterdam.nl/dossier/armoede

Opdrachtgever Werk, Participatie en Inkomen (WPI)

Auteurs Renske Hoedemaker Marloes de Hoon Anneloes van Schaik Ranu Sewdas

r.hoedemaker@amsterdam.nl

Onderzoek en Statistiek onderzoek.amsterdam.nl Weesperstraat 113 1018 VN Amsterdam Postbus 658 1000 AR Amsterdam T 020 251 0333

10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13823212/1