B4 Bestuurlijke reactie op advies Sportraad.pdf
Tekst van het document
Bezoekadres Amstel 1 1011 PN Amsterdam Postbus 1840 1000 BV Amsterdam Telefoon 14 020 amsterdam.nl
Retouradres: Postbus 000, 0000 AA Amsterdam
Sportraad Amsterdam T.a.v. voorzitter dhr. B. Benjamin Postbus 1530 1000 BM Amsterdam
Datum Behandeld door Kopie aan Onderwerp
7 oktober 2025 bestuurszakenseb@amsterdam.nl, Directie Sport en Bos N.Romeijn@amsterdam.nl Reactie op advies Sportraad Amsterdam: Actualisatie subsidieregeling verenigingsaccommodaties buitensport
Geachte heer Benjamin, Graag wil het college de Sportraad Amsterdam bedanken voor het gevraagde advies “Actualisatie subsidieregeling verenigingsaccommodaties buitensport (1/3e regeling)” van 1 maart 2025. De Sportraad is door het college al in een vroeg stadium betrokken bij deze actualisatie, en het college waardeert de constructieve bijdrage zeer. Bij de adviesaanvraag heeft het college ook de evaluatie van de subsidieregeling over 2020–2024 meegestuurd. In het advies onderkent u de daarin geschetste uitdagingen en onderstreept u het belang van de regeling voor het Amsterdamse verenigingsleven. Tegelijk worden kansen benoemd om de regeling beter te laten aansluiten bij de actuele behoeften van sportverenigingen. Tijdens de vergadering van de raadscommissie Sociaal, Economische zaken en Democratisering (SED) op 7 mei jl. zijn de aanbevelingen uit het advies toegelicht door Sportraadslid Peter Kwint. Namens het college heb ik toen toegezegd om in kwartaal 3 met deze bestuurlijke reactie in te gaan op uw advies en dit samen met de geactualiseerde regeling en de bijbehorende stukken, als één integraal pakket aan de gemeenteraad aan te bieden. Deze brief gaat in op de uitwerking van de actualisatie in relatie tot uw advies en geeft aan in hoeverre de aanbevelingen van de Sportraad zijn meegenomen. Hieronder volgt een toelichting per aanbeveling.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam
Datum 7 oktober 2025 Pagina 2 van 5
Aanbeveling 1: De Sportraad Amsterdam adviseert een deel van het budget te bestemmen als 2/3 regeling voor verenigingen met beperkte faciliteiten en financiële middelen, maar met aantoonbaar groeipotentieel. Het college neemt deze aanbeveling grotendeels over en dankt de Sportraad voor het waardevolle voorstel. De analyse van de Sportraad sluit aan bij de uitkomsten van de evaluatie van de afgelopen vijf jaar. Daaruit blijkt dat vooral grotere en financieel sterkere verenigingen gebruik maakten van de regeling. De gemiddelde investering bedroeg circa €300.000, met een gemiddelde gemeentelijke bijdrage van bijna €100.000. Kleinere en minder financieel draagkrachtige verenigingen – waaronder veel voetbalclubs en buitensportverenigingen in Noord, Nieuw-West en Zuidoost – bleven achter in het gebruik van de regeling, terwijl de staat van hun accommodatie én het belang van sportdeelname in deze wijken juist om versterking vragen. Het college onderschrijft het belang van gerichte ondersteuning. Het kiest daarbij voor een iets andere uitwerking dan de Sportraad voorstelt. In plaats van één uniforme verhoging van het subsidiepercentage naar 2/3e voor álle verenigingen met beperkte middelen, introduceert het college binnen de regeling zelf een gedifferentieerd subsidieaanbod: gericht op kleinere investeringen tot €50.000 én op specifiek benoemde doelgroepen.
Dit vergroot de toegankelijkheid, maar houdt ook rekening met uitvoerbaarheid en budgettaire kaders. Een algemene verhoging van het subsidiepercentage zou het beschikbare budget sneller uitputten en daarmee de reikwijdte van de regeling beperken. Voor buitensportverenigingen in Noord, Nieuw-West en Zuidoost én voor alle voetbalverenigingen in de stad geldt daarom naast de basisregeling vanaf 2026 een verhoogd subsidiepercentage bij kleinere investeringen in renovatie, toegankelijkheid of functie uitbreiding van het verenigingsgebouw: • 2/3e subsidie bij investeringen tot en met €30.000; • Een vast subsidiebedrag van €20.000 bij investeringen tussen €30.001 en €50.000; • Jaarlijkse aanvraagmogelijkheid i.p.v. eens per 5 jaar. Door de jaarlijkse aanvraagmogelijkheid kunnen investeringen worden gespreid door de vereniging en behapbaar worden aangepakt. Om gezamenlijk gebruik van verenigingsaccommodaties en fusies gericht te bevorderen, introduceert het college een aanvullende stimulans.
Verenigingen die samen verdergaan in één gebouw kunnen onder voorwaarden rekenen op: • 40% subsidie, tot maximaal €500.000 (voor het gezamenlijk project); Verder wordt in de vernieuwde regeling meer ruimte geboden voor investeringen in fysieke toegankelijkheid voor Amsterdammers met een beperking en uitbreiding van (maatschappelijke) functies, zoals ruimte voor sportieve BSO, oefenkooien, buitenspeelplekken of buurtvoorzieningen. Tot slot wordt ook energiebesparing en verduurzaming nadrukkelijk opgenomen in de regeling in aanvulling op de landelijke DUMAVA subsidie. Verenigingen kunnen hiervoor jaarlijks subsidie aanvragen, maximaal 20% subsidie, tot een maximum subsidiebijdrage van €100.000 per vijf jaar.
Gemeente Amsterdam
Datum 7 oktober 2025 Pagina 3 van 5
De focus ligt op het verlagen van energiegebruik en energiekosten, waarmee ook wordt bijgedragen aan de gemeentelijke duurzaamheidsdoelstellingen. Het college onderzoekt hoe actief gestuurd kan worden op vroege indiening door ondervertegenwoordigde clubs. Een automatische reservering binnen het budget is juridisch en praktisch echter lastig uitvoerbaar. We begrijpen het risico dat een beperkt aantal grotere verenigingen met grote aanvragen vroeg in het jaar het budget benut. Als dat risico zich in de praktijk voordoet – ondanks de verhoging van het subsidieplafond (zie aanbeveling 3) – kan het college overwegen om alsnog met deelplafonds te gaan werken. Een dergelijke aanpassing vraagt wel om een zorgvuldige en uitvoerbare uitwerking.
Aanbeveling 2: voorzie binnen de 2/3 regeling in een ondersteuningspakket met stap-voor-stap begeleiding voor sportverenigingen Het college onderschrijft het belang van deze aanbeveling. Goede ondersteuning is vaak het verschil tussen een plan op papier en een gerealiseerde investering. In het bijzonder voor verenigingen met minder ervaring met dergelijke trajecten. We nemen deze aanbeveling over en werken aan het versterken van de ondersteuningsstructuur, onder meer middels: • Intake en begeleiding: Sport en Bos voert een intake uit voorafgaand aan de aanvraag om de begeleidingsbehoefte in kaart te brengen. • Samenhangend netwerk: via het Amsterdams Sportnetwerk is desgewenst ondersteuning beschikbaar op het gebied van bestuurskracht, accommodatiebeheer en subsidieaanvragen. • Technische schouw en vervolgtraject: in Noord en Nieuw-West vindt momenteel een technische schouw plaats bij 30 verenigingsaccommodaties. De resultaten vormen de basis voor gesprekken met de betreffende verenigingen over onderhoud, financiering en begeleiding. • Eigendom en opstalrechten: verenigingen worden actief ondersteund bij het formaliseren van opstalrechten. De gemeente verlaagt de kosten en neemt notariskosten voor haar rekening. • Energieadviestraject: er is kosteloos energieadvies en onafhankelijke begeleiding beschikbaar t/m april 2026.
Sport en Bos stelt daarnaast een tijdelijke projectleider aan voor procesbegeleiding voor verenigingen bij verduurzaming en DUMAVA-aanvragen. • Toegankelijke informatie: de gemeentelijke website voor sportclubs wordt uitgebreid met praktische informatie over subsidies, fondsen en tools bij investeringen in de verenigingsaccommodatie.1 Het college blijft investeren in goede begeleiding, omdat dit voor veel verenigingen bepalend is voor het succesvol realiseren van hun plannen.
1
Website gemeente Amsterdam: https://www.amsterdam.nl/sportclubs/verduurzamen/
Gemeente Amsterdam
Datum 7 oktober 2025 Pagina 4 van 5
Aanbeveling 3: maak meer budget vrij in de gemeentelijke begroting voor de 1/3 regeling Het college deelt de zorgen over de toegenomen kosten en de beperkte omvang van het huidige subsidiebudget (€750.000 per jaar). Dit bedrag is de afgelopen jaren niet geïndexeerd, terwijl bouw- en energiekosten sterk zijn gestegen. Het college stelt daarom voor om het subsidiebudget vanaf 2027 structureel te verhogen naar ca. €1 miljoen per jaar. De benodigde middelen zijn gereserveerd in de meerjarenbegroting vanaf 2027, conform de structurele middelen uit het coalitieakkoord. Eerder vrijmaken is binnen het huidige financiële kader niet mogelijk vanwege lopende verplichtingen. Deze uitbreiding past bij de bredere actualisatie van de regeling per 2026, waarbij het bereik van de regeling wordt vergroot door onder meer verduurzaming op te nemen en ruimte te bieden voor jaarlijkse en kleinere aanvragen. Tegelijk worden de borgstellingsvoorwaarden van de gemeente bij leningen van verenigingen voor investeringen verruimd. Hiermee wordt beter ingespeeld op de financieringsbehoefte van verenigingen: • Looptijd lening: van 15 naar 20 jaar; • Maximale borgstelling per project: van €500.000 naar €700.000; • Gemeentelijk plafond borgstellingen: van €2 miljoen naar €3 miljoen.
Vooruitblik clubgebouwenbeleid: De (geactualiseerde) subsidieregeling biedt al 60 jaar ondersteuning aan sportverenigingen in Amsterdam, maar is niet in alle situaties toereikend – bijvoorbeeld bij grootschalige nieuwbouw, gebiedsontwikkeling (met start-up verenigingen) of bij verenigingen met beperkte financiële draagkracht. De regeling blijft van waarde, maar vormt niet het antwoord op álle scenario’s en uitdagingen. Om breder en toekomstgerichter te kunnen inspelen op deze opgaven is medio 2025 een verkenning gestart naar een clubgebouwenbeleid 2.0. Deze verkenning sluit aan op de Visie Sportparken Amsterdam (2024) en richt zich op onder meer de technische staat van clubgebouwen, eigendoms- en exploitatiemodellen, en de bijbehorende investering- en exploitatievraagstukken. De uitkomsten hiervan geven naar verwachting in 2026 meer inzicht in mogelijke richtingen voor verdere beleidsontwikkeling. Deze verkenning helpt het college om beter voorbereid keuzes te kunnen maken over de rol van de gemeente bij sportverenigingsaccommodaties in de toekomst.
Tot slot Het college bedankt de Sportraad opnieuw voor het heldere en bruikbare advies en de toelichting tijdens de commissie SED op 7 mei jl. Zoals uit deze brief blijkt, nemen we het grootste deel van de aanbevelingen over. We zien uit naar de bespreking van het besluit met de gemeenteraad. Uw advies en deze bestuurlijke reactie worden door ons aangeleverd bij agendering door de raad.2 2
Het aanpassen van subsidieregelingen is een bevoegdheid van het college. De voorgestelde actualisatie gaat in per 1 januari 2026. De gemeenteraad kan, indien gewenst, via haar eigen
Gemeente Amsterdam
Datum 7 oktober 2025 Pagina 5 van 5
We blijven graag in gesprek over de verdere uitwerking en uitvoering. Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Sofyan Mbarki Wethouder Sport en bewegen
instrumenten nog wijzigingen voorstellen. Voor de geactualiseerde mantelovereenkomst met het Waarborgfonds SWS en het verhogen van het gemeentelijk borgstellingsplafond tot €3 miljoen, wordt de raad expliciet in de gelegenheid gesteld wensen en bedenkingen te uiten. De Sportraad kan uiteraard ook aanvullend adviseren richting het stadsbestuur.