B3b. Zakelijk verslag gesprek inzake bestuurlijke oriëntatie OZ Edam-Volendam def
Tekst van het document
20220110 Zakelijk verslag gesprek inzake bestuurlijke oriëntatie gemeente Oostzaan.
Delegaties gemeente Edam Volendam (E-V) en Oostzaan (OZ).
Aanwezig:
burgemeester Sievers en gemeentesecretaris Van der Woude van Edam Volendam Burgemeester Polak en gemeentesecretaris Vergouwe van Oostzaan
Burgemeester OZ opent het gesprek. Hij geeft een korte toelichting op het proces zoals dat doorlopen wordt in OZ. De gemeente OZ heeft besloten tot een oriëntatie op de bestuurlijke toekomst. Daarvoor is een bestuurlijke werkgroep ingesteld bestaande uit raadsleden. Deze werkgroep heeft gekeken naar mogelijke constructen. Deze constructen zijn met de uitnodiging voor dit gesprek meegestuurd. Het is een overzicht van alle mogelijke opties waarbij ervoor gekozen is om alle opties van heel breed naar smal te onderzoeken. Daarnaast heeft de bestuurlijke werkgroep criteria vastgesteld aan de hand waarvan gekeken wordt naar de verschillende opties. De vraag hoe buurgemeenten aankijken tegen de verschillende ambtelijke en bestuurlijke constructen is daar een onderdeel van. Tenslotte heeft er recent een enquête plaatsgevonden onder inwoners, bedrijven en verenigingen. Doel van deze enquête is om te kijken wat de Waarden zijn van Oostzaan, nu en in de toekomst. Deze waarden worden in ronde tafel gesprekken verder verkend. De uitkomsten van de enquêtes (en ronde tafel gesprekken) en de weging van de criteria (met daarbij de rapportage van de burgemeester waar de gevoelens van de buurgemeenten zijn gesondeerd) in relatie tot de longlist, leidt tot een rapportage, nog voor de verkiezingen, van de bestuurlijke werkgroep aan de raad.
In die rapportage wordt een voorstel gedaan om te komen tot een shortlist, die nader onderzoek vergt. Het is de bedoeling dat na de verkiezingen de nieuwe raad daarin verdere richtinggevende keuzes maakt waarna ook nogmaals het gevoelen van de inwoners en bedrijven gepeild zal worden. De burgemeester meldt dat de gemeentesecretaris een zakelijk verslag zal maken, dat aan de voorkant zal worden gedeeld met de delegatie van Edam-Volendam, zodat er overeenstemming bestaat over dat wat met elkaar besproken is. De burgemeester vraagt de delegatie van Edam-Volendam te reflecteren op wat zij zien in deze regio. Algemeen beeld De burgemeester van E-V geeft aan dat zij 5 jaar geleden een regio aantrof waarin de onderlinge samenwerking onvoldoende op orde was. Zij stelt vast dat die samenwerking tussen de gemeenten in Zaanstreek Waterland in de afgelopen jaren flink is verbeterd. Onderlinge verhoudingen zijn beter geworden en er is gekeken naar wat de verschillende gemeenten bindt in Zaanstreek Waterland. Dat heeft geleid tot een regionale samenwerkingsagenda die op inhoud is ingestoken. Dat is een positieve ontwikkeling. Tegelijkertijd ziet ze dat de afgelopen jaren steeds meer duidelijk is geworden waar en in welke gemeenten het knelt en dat is met name bij de kleine gemeenten.
Er zijn vraagstukken van financiële en capacitaire aard en de vraag is hoe bestuurlijk bestendig deze gemeenten zijn op de lange(re) termijn. Zelfs op de schaal van E-V, een gemeente met 36.000 inwoners wordt gevoeld dat het lastig is om alle functies kwalitatief goed te bezetten.
Het standpunt van de raad van E-V is globaal dat er op dit moment vanuit het perspectief van E-V geen aanleiding is om bestuurlijk verder op te schalen. Tegelijkertijd worden fusies in de toekomst niet uitgesloten. Daarbij zegt de raad van E-V duidelijk dat een ambtelijke fusie uitgesloten is. Dit zou alleen kunnen als tussenstap naar een bestuurlijke fusie, als het besluit daartoe al genomen zou zijn (uit: de strategische uitgangspunten regionale samenwerking 2017). Als E-V het bestuurlijk landschap, gelet op de opgaven van de toekomst, vanuit een bredere blik overziet, dan zou een regio Zaanstreek-Waterland, bestaande uit 3 of 4 gemeenten voor de stabiliteit in de gehele regio goed zijn. E-V heeft ervaren dat een fusie (die met Zeevang) kan helpen om de organisatie opnieuw (goed) in te richten. Dat was voor beide gemeenten een voordeel. De delegatie van E-V is van mening dat je een fusie tussen gemeenten zoveel mogelijk zou moeten baseren op gedeelde waarden en op basis daarvan moet kijken wat er mogelijk is. Afstand tot het bestuur is een angst die bestaat, in de praktijk blijkt vaak dat deze angst ongegrond is. Mensen ontlenen hun identiteit aan de kern waarin ze wonen, deze kern verandert niet als de gemeente anders wordt. Wat daarbij wel belangrijk is, is aandacht hebben voor participatie en het in stand houden van de identiteit van de kern.
Kijkend naar de verschillende constructen dan ziet de delegatie van E-V het volgende. Ambtelijke constructen: De raad van E-V heeft aangegeven geen voorstander te zijn van ambtelijke fusies, tenzij het wordt gezien als voorloper op een bestuurlijke fusie. Daarmee is E-V is het algemeen geen voorstander van welk ambtelijk construct ook, waarbij de afweging natuurlijk aan Oostzaan gelaten worden. Vanuit het perspectief van E-V ligt het niet voor de hand dat Oostzaan ambtelijk als zelfstandige gemeente kan functioneren. Dat is ook nu niet het geval, er is immers een ambtelijke OVER-organisatie. Als een ambtelijke organisatie werkt voor meer besturen dan leidt dat in de optiek van E-V tot een toename aan bestuurlijke drukte en de vraag is of een organisatie daarmee goed en efficiënt kan functioneren. Naarmate het aantal samenwerkingsgemeenten groter wordt en er meer besturen bediend moeten worden, met relatief weinig medewerkers, wordt de organisatie en de bestuurskracht niet stabieler. Dat geldt wat E-V ook voor het uitbesteden van taken aan grote gemeenten. Hoewel die afweging bij de gemeente Oostzaan ligt, heeft E-V de vraag of dat de bestuurskracht van Oostzaan in voldoende mate kan versterken. E-V is er voor zichzelf geen voorstander van. E-V ziet sowieso de noodzaak van het investeren in netwerken met andere gemeenten.
Veel vraagstukken spelen zich af op een ander schaalniveau. Wat voor E-V van belang is, is dat het schaalniveau van de eigen organisatie goed moet zijn, wat toch een minimale schaalgrootte vraagt, zodat er goed in de netwerken kan worden geparticipeerd en er voldoende achtervang is bij ziekte of vertrek van medewerkers uit de organisatie. Wanneer gekozen wordt voor een regiegemeente, wordt er ook veel van de inhoudelijke (regie) kwaliteiten van de eigen organisatie gevraagd. Als taken worden overgedragen, zonder dat iemand in de eigen organisatie daar voldoende verstand van blijft behouden, blijf je als gemeente kwetsbaar en afhankelijk. De gemeente E-V loopt daar niet warm voor, waarbij het uiteraard de afweging van Oostzaan zelf blijft.
Bestuurlijke constructen:
Bij bestuurlijke constructen moet altijd gekeken worden naar de bestuurskracht. Als Oostzaan ervoor kiest zelfstandig te blijven, dan kan een dergelijk construct alleen met ondersteuning van een ambtelijk samenwerkingsverband. De raad van E-V is daar voor zichzelf geen voorstander van, maar gaat natuurlijk niet over de keuzes van Oostzaan. Het opgaan in een gemeente Zaanstad is in de beleving van E-V vanuit het bredere perspectief van de regio Zaanstreek Waterland bezien een optie die het onderzoeken zeker waard is. Dat kan overigens met en zonder de gemeente Wormerland. Altijd zouden de keuzes afgewogen moeten worden tegen wat het betekent in het perspectief van de gehele regio Zaanstreek Waterland. Daarbij geldt dan dat vanuit een wens tot evenwicht delen van Wormerland mogelijk een andere oriëntatie dan Zaanstad zouden hebben. Wanneer door Oostzaan gekozen zou worden voor het opgaan in de gemeente Amsterdam geldt dat dit vanuit het perspectief van een robuuste regio Zaanstreek Waterland niet gewenst is. Het leidt tot een verzwakking van de bestuurskracht van de regio. Zaanstreek Waterland is al een kleine regio, het is niet gewenst daar nog meer vanaf te snoepen. Daarnaast ligt Oostzaan echt in de Zaanstreek, dat is ook wezenlijk anders dan Amsterdam-Amstelland. Een fusie tussen groen-blauwe gemeenten is mogelijk. Dat kan zijn met Wormerland maar ook met Landsmeer.
Vraag is wel of een fusie tussen 2 kleine gemeenten leidt tot een voldoende bestuurskrachtige gemeente. Daarbij verwijst E-V ook naar het standpunt van de provincie op dit punt. Hetzelfde geldt als de keuze gemaakt zou worden voor een fusie tussen Wormerland, Landsmeer en Oostzaan. Als er gekozen wordt voor een grote plattelandsgemeente (4 of 5 gemeenten) moet men zich er rekenschap van geven dat er sprake is van een groot grondgebied, terwijl het niet automatisch tot een meer robuuste ambtelijke organisatie leidt, en zonder dat de inwoners nou echt veel met elkaar hebben. Daarnaast is er ook geen hoofdkern. Ontstaat er beweging in de regio dan heeft dat ook voor E-V consequenties en dat zal mogelijk tot nieuwe afwegingen leiden.
De burgemeester van Oostzaan schetst het vervolg: Vanuit de longlist gaat gekomen worden tot een document waarin een shortlist is opgenomen. Ingrediënten daarvoor zijn de uitkomsten van de enquêtes, de ronde tafel gesprekken, de weging van de criteria, maar ook de uitkomsten van de gesprekken met de buurgemeenten. Het idee is dat een nieuwe raad richting gevend een aantal scenario’s benoemd die nader onderzocht moeten worden op haalbaarheid. Uiteindelijk moet dat leiden tot een eindscenario. Bij dat uitwerken worden wat betreft de burgemeester de inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties van Oostzaan ook nauw betrokken. Het proces ligt voor dit moment vast tot aan de komst van een nieuwe raad, dus zekerheid is er hierover nog niet te geven.
De collegedelegatie geeft aan dat bovenstaande de weerslag is van de gevoelens van het college en vermoedelijk ook van de raad, maar daar ligt geen besluitvorming aan te grondslag. Niettemin heeft de raad van E-V een duidelijk standpunt ingenomen in ieder geval ten aanzien van ambtelijke fusies, zoals bovenstaand geformuleerd is.
Verslag opgemaakt door A.W. Vergouwe, gemeentesecretaris a.i. Oostzaan Dit verslag is door beide delegaties vastgesteld. Daarmee kan het worden gebruikt bij de rapportage van de burgemeester van OZ aan de bestuurlijke werkgroep (ter voorbereiding op de notitie die wordt aangeboden aan de raad van OZ).