CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

B_Z2020-Z084604_Omgevingsvergunning D2021-431245 .pdf

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 8 september 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de raadsinformatiebrief in reactie op vragen van de raadsleden Bakker (SP) en Van Renssen (GL) inzake transformatieproject Iambe (ZD2021-010678)8.966 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bezoekadres Stadsdeel Zuid President Kennedylaan 923 1079 MZ Amsterdam Postbus 74019 1070 BA Amsterdam Telefoon 14020 www.amsterdam.nl

23 juli 2021 Kenmerk Z2020-Z084604 / OLO 5685723 Datum

Omgevingsvergunning GEMEENTE AMSTERDAM Het college van burgemeester en wethouders

besluit een omgevingsvergunning te verlenen aan Woningstichting eigen Haard, namens deze ingediend door de heer S. Roelofsen, voor het oprichten, na sloop van de bestaande garage, van zestien woonzorg studio's op het adres Sint Willibrordusstraat 43A en het transformeren van de bestaande brandweerkazerne naar tien woningen op het adres Van Ostadestraat 341 te Amsterdam.

Activiteiten De omgevingsvergunning wordt verleend voor de volgende activiteiten:  het bouwen van een bouwwerk (artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht);  het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een planologische regeling (artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht), in samenhang met artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, om af te wijken van de P P , e z

Voorschriften Bouwen (artikel 2.1, eerste lid, onder a, Wabo) Bouwbesluit 2012 De volgende voorschriften zijn verbonden aan deze omgevingsvergunning:

 Constructie Ten aanzien van uitgestelde indieningsvereisten , te worden overlegd binnen een termijn 3 weken voor start uitvoering van het desbetreffende onderdeel. Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

 EPC en MPG gebouw Ten aanzien van uitgestelde indieningsvereisten , te worden overlegd binnen een termijn 3 weken voor start uitvoering van het desbetreffende onderdeel. Wet natuurbescherming, Flora en fauna  In het broedseizoen van vogels mogen, zonder controle voorafgaand door een ecoloog, de vegetatie, bosjes en opstallen in het plangebied niet worden verwijderd. De start van werkzaamheden tijdens deze periode zouden kunnen leiden tot verstoring, beschadiging of , Er moet dus gewerkt worden buiten het broedseizoen of er moet voorafgaande aan de werkzaamheden een broedvogelcontrole uitgevoerd worden door een kundig ecoloog.  Op basis van de zorgplicht volgens artikel 1.11 van de Wet natuurbescherming dient bij de uitvoering van de werkzaamheden voldoende zorg in acht te worden genomen voor Natura 2000-gebieden, bijzondere nationale natuurgebieden en voor in het wild levende dieren en planten en hun directe leefomgeving. Dit houdt in dat bij het uitvoeren van werkzaamheden altijd rekening moet worden gehouden met aanwezige planten en dieren. Zo dienen maatregelen te worden getroffen om bijvoorbeeld verstoring tot een minimum te beperken. Daarnaast moeten dieren de gelegenheid hebben om uit te wijken en mogen niet opzettelijk worden gedood.

Dit kan door: • Het beperken van verlichting tijdens de avonduren in voorjaar, zomer en herfst ten behoeve van vleermuizen en andere nachtdieren; •H z z Bouwverordening Amsterdam 2013 Gebleken is dat meerdere ondergrondse tanks aanwezig zijn. De ondergrondse tanks moeten verwijderd worden op grond van artikel 3.37 van de Activiteitenregeling milieubeheer. De werkzaamheden moeten plaatsvinden overeenkomstig het daartoe krachtens het Besluit bodemkwaliteit aangewezen normdocument door een bedrijf, dat daartoe beschikt over een erkenning op grond van dat besluit en moet ten minste tien dagen voor aanvang van de werkzaamheden schriftelijk bij de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied worden gemeld. De tekst van de regeling is te vinden op http://wetten.overheid.nl. De sterke minerale olieverontreiniging spot van 10m3 ter plaatse van de toekomstige tuin moet worden verwijderd. In de toplaag van de bodem is een gehalte aan lood gemeten hoger dan 370 mg/kg d.s., de gezondheidskundige advieswaarde van GGD Amsterdam. Op grond van de Nota Bodembeheer H ter plaatse van de toekomstige tuin. De toekomstige tuin moet gesaneerd worden door middel van het aanbrengen van een leeflaag.

U kunt voor de sanering subsidie aanvragen bij de gemeente Amsterdam (zie de website van gemeente Amsterdam; https://www.amsterdam.nl/wonen-leefomgeving/bodem/lood-grond/ Deze beschikking treedt niet eerder in werking (artikel 6.2c van de Wabo) nadat:

Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

 is vastgesteld dat er geen sprake is van een geval van ernstige verontreiniging op basis van de Wet bodembescherming ten aanzien waarvan spoedige sanering noodzakelijk is en het betreffende besluit in werking is getreden;  met het saneringsplan is ingestemd op basis van de Wet bodembescherming en het betreffende besluit in werking is getreden; een melding van een voornemen tot sanering, zoals bedoeld in de Wet bodembescherming, is gedaan en de gestelde termijn is verstreken.

Gewaarmerkte gegevens en bescheiden De volgende gewaarmerkte gegevens en bescheiden behoren bij deze omgevingsvergunning: Formulier B001P Kazerne B002T Nieuwbouw B003T Ruimtelijke onderbouwing B004R Constructieberekening kazerne B005C Aspecten brandveiligheid B006R Veilig onderhoud B007R Inbraakveiligheid B008R BLVC-plan B009R Reactie omwonenden B010X Bouwenvelop B011T Verkennend bodemonderzoek B012R Aanvullend bodemonderzoek B013R Quickscan flora en fauna B014R Brief aan omwonenden B015X Toets Bouwbesluit B016R

Later aan te leveren gegevens en bescheiden Bouwen U moet de volgende gegevens en bescheiden minimaal drie weken voor de start van de betreffende werkzaamheden indienen via het omgevingsloket. Met deze werkzaamheden mag niet gestart worden voordat de hieronder nader in te dienen gegevens door het stadsdeel zijn goedgekeurd, gewaarmerkt, retour zijn gezonden en ontvangen door de vergunninghouder en/of zijn gemachtigde. Gegevens en bescheiden met betrekking tot de activiteit bouwen:  Constructiegegevens (artikel 2.7, eerste lid, onder a, van de Regeling omgevingsrecht) Gegevens en bescheiden met betrekking tot belastingen en belastingcombinaties (sterkte en stabiliteit) en de uiterste grenstoestand van alle (te wijzigen) constructieve delen van het bouwwerk en van het bouwwerk als geheel, voor zover het niet de hoofdlijn van de constructie dan wel het constructieprincipe betreft;

 EPC gebouw  De infiltratiewaarde en luchtdichtheidsklasse moet kunnen worden aangetoond.  In de EPC-berekening van het nieuwbouwgedeelte staat vermeld dat de voordeuren een UW -waarde hebben van 0,85W/m².K. Dit dient aangetoond te worden door middel van en UW berekening of productspecificatie.

Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

Volgens de EPC-berekening van het bestaand gebouw is een gebruikersoppervlakte ingevoerd van 596,55m² ingevoerd. Volgens tekening is het gebruikersoppervlak 584,4m². Het verschil dient te worden toegelicht. Volgens de EPC-berekening van het nieuwbouwgedeelte is een gebruikersoppervlakte ingevoerd van 788,4m². Volgens tekening is het gebruikersoppervlak 738m². Het verschil dient te worden toegelicht.

 MPG-gebouw Volgens de MPG-berekening is het bruto vloeroppervlak (BVO) 901m². Volgens tekening is het BVO 911m². In de MPG-berekening is het BVO en GO aan elkaar gelijk. Volgens tekening is het gebruikersoppervlak (GO) 738m². Het verschil dient te worden toegelicht.

Aanhangsel Bij deze omgevingsvergunning hoort een aanhangsel. Hierin vindt u informatie over:  rechtsbescherming;  inwerkingtreding besluit;  intrekking en overschrijving;  verloop van de procedure;  beoordeling van het project;  overige voorschriften;  nadere aanwijzingen. Met vriendelijke groet, het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam, namens hen, Medewerker Vergunningen Bouw van Stadsdeel Zuid,

Mw. R.E. Heideman

Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

Rechtsbescherming Niet mee eens? Bent u het niet eens met dit besluit? Dan kunt u als belanghebbende binnen zes weken na de dag waarop het besluit verzonden is bezwaar maken. U kunt online bezwaar maken via www.amsterdam.nl/bezwaar/jb. U kunt uw bezwaarschrift ook per post sturen aan: Gemeente Amsterdam T.a.v. Juridisch Bureau Postbus 483 1000 AL Amsterdam Het poststempel geldt als datum waarop uw bezwaarschrift is verzonden. Vermeld in het bezwaarschrift altijd:  uw naam, adres en telefoonnummer;  de datum waarop u het bezwaarschrift schrijft en uw handtekening;  de datum en het kenmerk van het besluit waartegen u bezwaar maakt;  waarom u bezwaar maakt. Dient iemand anders namens u het bezwaarschrift in? Stuur dan een machtiging mee. Na ontvangst informeren wij u over de afhandeling van uw bezwaarschrift. Voorlopige voorziening Het indienen van een bezwaarschrift heeft geen schorsende werking. Het besluit waartegen u bezwaar maakt blijft geldig totdat op uw bezwaar is beslist. Om te voorkomen dat door het besluit een onomkeerbare situatie ontstaat kan een belanghebbende een verzoek om een voorlopige voorziening indienen. Met een voorlopige voorziening kan de inwerkingtreding van het besluit worden opgeschort.

Een verzoek om een voorlopige voorziening dient u in bij: Voorzieningenrechter van de Rechtbank Amsterdam Afdeling Publiekrecht - team Bestuursrecht Postbus 75850 1070 AW AMSTERDAM U kunt ook een verzoek om een voorlopige voorziening indienen via de website: http://loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht. Andere belangrijke informatie vindt u via de website: www.rechtspraak.nl/Naar-de-rechter/Bestuursrechter/Kosten. Inwerkingtreding besluit Inwerkingtreding bodembescherming Deze beschikking treedt niet eerder in werking (artikel 6.2c van de Wabo) nadat:  is vastgesteld dat er geen sprake is van een geval van ernstige verontreiniging op basis van de Wet bodembescherming ten aanzien waarvan spoedige sanering noodzakelijk is en het betreffende besluit in werking is getreden;  met het saneringsplan is ingestemd op basis van de Wet bodembescherming en het betreffende besluit in werking is getreden;  een melding van een voornemen tot sanering, zoals bedoeld in de Wet bodembescherming, is gedaan en de gestelde termijn is verstreken. Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

Intrekking en overschrijving Intrekking De omgevingsvergunning kan onder andere worden ingetrokken als er gedurende een bepaalde termijn geen handelingen zijn verricht met gebruikmaking van deze vergunning, of op verzoek van de vergunninghouder, of als hiervoor een zwaarwegend belang aanwezig is. In sommige gevallen moet de omgevingsvergunning worden ingetrokken. Bijvoorbeeld op verzoek van een ander bestuursorgaan of een adviseur, als deze bij het besluit betrokken is geweest (artikel 2.29 en artikel 2.33 van de Wabo). De omgevingsvergunning kan ook worden ingetrokken op basis van artikel 7 van de Wet Bibob als er sprake is van feiten en omstandigheden als bedoeld in artikel 3 van deze wet. Dit kan zich onder meer voordoen bij projectoverdracht en/of wijziging van de betrokkenen. Overschrijving Het is mogelijk om een omgevingsvergunning over te schrijven, zodat iemand anders dan de aanvrager vergunninghouder wordt. Dit moet minimaal een maand voor de gewenste overschrijving aan het stadsdeel worden gemeld (artikel 2.25, tweede lid, van de Wabo).

Hierbij dienen de volgende gegevens te worden aangeleverd:  naam en adres van de vergunninghouder;  de omgevingsvergunning(en) met kenmerk waar het verzoek betrekking op heeft;  naam, adres en telefoonnummer van degene voor wie de omgevingsvergunning zal gaan gelden;  een contactpersoon van degene voor wie de omgevingsvergunning zal gaan gelden;  de datum waarop de overschrijving zal plaatsvinden.

Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

Verloop van de procedure Procedureverloop van de aanvraag om een omgevingsvergunning:  op 18 december 2020 is de aanvraag ontvangen;  op 18 januari 2021 is de aanvraag gepubliceerd op basis van artikel 3.8 van de Wabo;  op 18 januari 2021 is een verzoek gedaan om aanvullende gegevens;  op 9 en 29 april 2021 is de termijn om de aanvraag aan te vullen, op uw verzoek, op basis van artikel 4.15, tweede lid, onder a, van de Algemene wet bestuursrecht, opgeschort tot 31 mei 2021;  op 3 juni 2021 zijn de laatste de aanvullende gegevens ontvangen; de termijn voor aanvullen was geëindigd op 31 mei 2021, evenals de opschortende werking;  op 8 juni 2021 is een verzoek gedaan het project aan te passen;  op 28 juni en 9 juli 2021 zijn aangepaste tekeningen ontvangen; deze wijzigingen zijn verwerkt in document B003T en ontvangen op 19 juli 2021;  op 21 juni 2021 is de beslistermijn van de aanvraag, op basis van artikel 3.9, tweede lid, van de Wabo verlengd met zes weken;  het besluit is voorbereid volgens de reguliere voorbereidingsprocedure als bedoeld in paragraaf 3.2 van de Wabo.

Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

Beoordeling van het project Bouwen (artikel 2.1, eerste lid, onder a, Wabo) Voor de is een omgevingsvergunning nodig. Het project is beoordeeld aan de toetsingscriteria als bedoeld in artikel 2.10 van de Wabo. N.B. Eventuele objecten in de openbare ruimte, maken geen deel uit van deze vergunning. Bouwbesluit 2012 Het project is beoordeeld aan de voorschriften van het Bouwbesluit 2012 en omvat de volgende gebruiksfunctie: 

woonfunctie.

Het is aannemelijk dat het project voldoet aan de relevante bepalingen en voorschriften van het Bouwbesluit 2012 met inachtneming van de voorschriften behorende bij deze omgevingsvergunning. Bouwverordening Bodemgesteldheid (hoofdstuk 3 Bouwverordening Amsterdam 2013) Op basis van het ingediende bodemonderzoeksrapport en het advies daarover van de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied, locatie Amsterdam, verwachten wij dat er waarschijnlijk sprake is van ernstige verontreiniging, als bedoeld in de Wet bodembescherming. Op basis van artikel 6.2c van de Wabo treedt de omgevingsvergunning niet in werking voordat: a. op basis van artikel 29, eerste lid, in samenhang met artikel 37, eerste lid, van de Wet bodembescherming is vastgesteld dat er geen sprake is van ernstige verontreiniging waarvoor spoedige sanering noodzakelijk is, en het betreffende besluit in werking is getreden; of b. op basis van artikel 39, tweede lid, van de Wet bodembescherming met het saneringsplan als bedoeld in het eerste lid van dat artikel, is ingestemd, en het betreffende besluit in werking is getreden; of c. een melding van een voornemen tot sanering als bedoeld in artikel 39b, derde lid, van de Wet bodembescherming is gedaan, en het in artikel 39b, vierde lid, gestelde termijn is verstreken. Bestemmingsplan Het project ligt in een gebied waar de bestemmingsplannen z gelden.

P

P

, e

H -

W – z z maatschappelijke dienstverlening; woningen met inbegrip van bijbehorende bergingen en andere nevenruimten en huisgebonden beroep of bedrijf uitsluitend ter plaatse van de functieaanduiding 'wonen' en ter plaatse van de functie aanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk - 2' in maximaal twee bouwlagen; met daaraan ondergeschikt, onder andere: k.groenvoorzieningen; l.tuinen; m.verkeersareaal; n.nutsvoorzieningen.

Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

-

doeleinden ter bescherming en veiligstelling van archeologische waarden.

Tevens geldt de aanduiding parkeergarage ter plaatse van Sint Willibrordusstraat 43A Ter plaatse van de brandweer z (De Pijp, 1e herziening). Deze gronden zijn bestemd voor onder andere: -

W

–

behoud, herstel en de uitbouw van de cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het gebied en zijn bebouwing.

Strijdigheden Nieuwbouw woonzorgvoorziening Strijdigheid 1 (bouwhoogte nieuwbouw) Het project is in strijd met artikel 11.2.2, onder a (De Pijp 2018), omdat de maximale bouwhoogte van 14 meter met 1,5 meter wordt overschreden door de nieuwbouw van de woonzorgvoorziening, en plaatselijk met 1,95 meter door de liftopbouw. Brandweerkazerne Strijdigheid 2 (gebruik kazerne) Het project is in strijd met artikel 11.2, onder 1 (De Pijp 2018), omdat er geen woningen zijn toegestaan . Strijdigheid 3 (dakuitbouwen kazerne) Het project is in strijd met artikel 11.2.2, onder b (De Pijp 2018), omdat de dakuitbouw aan de rechterzijde de maximale goothoogte van 10,5 meter, met 1,67 meter overschrijdt. De dakuitbouwen aan de linkerzijde overschrijden de maximaal toegestane goothoogte met 2,10 meter. Het project is tevens in strijd met artikel 11, lid 2, onder a (De Pijp 2018, 1e herz.), omdat de hoofdvorm van het bouwwerk, bepaald door het kapprofiel, gewijzigd wordt door de dakuitbouwen. Strijdigheid 4 (dakterrassen kazerne) Het project is in strijd met artikel 11.2.2, onder a (De Pijp 2018), omdat de hekwerken van de dakterrassen, de maximale bouwhoogte van 9 meter, met 1,25 meter overschrijden. z ,

,

,

,

W

Welstand Het project is op 24 februari 2021 voorgelegd aan de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit. De commissie heeft het project beoordeeld op basis van de welstandsnota . De commissie adviseert als volgt: Niet akkoord tenzij Aanleiding De transformatie van een voormalige brandweerkazerne aan de van Ostadestraat en de sloop-nieuwbouw op de Sint Willibrodusstraat 43A is eerder als conceptaanvraag behandeld en op hoofdlijnenakkoord bevonden. De centrale vraag is of de transformatie en de nieuwbouw voldoende kwaliteit hebben en zich goed voegen in Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

het straatbeeld. Conclusie Het ontwerp en de uitwerking ogen zorgvuldig en zijn in lijn met de eerdere planvorming. De opmerkingen spitsen zich toe op de verbijzonderingen in de voorgevel van de nieuwbouw en de uitwerking van de kapverdieping. Onderbouwing Nieuwbouw De kapverdieping is zorgvuldig gematerialiseerd en dat ook de gesloten zijgevels zijn afgewerkt met zink is positief. In tegenstelling tot de vorige behandeling, valt echter nu pas op dat de zijgevels zijn gepositioneerd boven de bouwmuren van de belendende panden. Dit levert in het gevelaanzicht en in het straatbeeld een vervreemdend effect op. Geadviseerd wordt de kapverdieping te beperken tot de breedte van de kavel. De gebogen gevelopeningen zijn aangepast en hebben een meer parabolische ronding gekregen waardoor ze nadrukkelijker als eigenzinnige verbijzondering van dit pand fungeren. In combinatie met de vertrapte metselwerkrollagen en de uitstekende metselwerkaccenten in de plint bij de gevelbeëindiging en bij de dakkapellen, gebeurt er wel veel in de gevel. Om voldoende rust en balans in de gevel te houden, adviseert de commissie de metselwerkaccenten bij de dakkapellen te laten vervallen. De dakopbouw ten behoeve van de liftschacht is voldoende ondergeschikt. Die is zo ver mogelijk naar achteren geplaatst en valt nauwelijks op door ook hier zink toe te passen.

Met betrekking tot de detaillering van de voorgevel wordt aangegeven dat stalen metselwerkdragers, wanneer ze in het zicht komen, in de kleur van het metselwerk moeten worden uitgevoerd. Kazerne De uitwerking van de transformatie van de voormalige brandweerkazerne is overtuigend. Er is een passend onderscheid gemaakt in kleur en materiaal om de verschillen tussen oorspronkelijk en nieuw te benadrukken. Het project is in strijd met redelijke eisen van welstand. Wij nemen dit advies over. Op 28 juni 2021 is er een aangepast project ingediend. Het aangepaste project is op 30 juni 2021 voorgelegd aan de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit. De commissie heeft het project beoordeeld op basis van de welstandsnota . De commissie adviseert als volgt: Akkoord onder voorwaarde. Er ligt een gewijzigd plan. De kapverdieping is beperkt tot de breedte van de kavel. De metselwerkaccenten in de dakkapellen zijn behouden. Het referentiemateriaal toont een rustiger beeld dan eerder leek uitgelegd. Dit is voorstelbaar. Akkoord onder voorwaarde dat de meer terughoudende wijze van metselwerkaccenten ook in de geveltekening wordt opgenomen. Op 9 juli 2021 is wederom een aangepast project ingediend. Het project voldoet hiermee aan de voorwaarde. Het project voldoet aan redelijke eisen van welstand. Wij nemen dit advies over.

Conclusie Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

H met inachtneming van de voorschriften behorende bij deze omgevingsvergunning. Planologisch strijdig gebruik (artikel 2.1, eerste lid, onder c, Wabo) Voor de is een omgevingsvergunning nodig. Het project is beoordeeld aan de toetsingscriteria als bedoeld in artikel 2.12 van de Wabo. Bestemmingsplan Het project ligt in een gebied waar de bestemmingsplannen z gelden.

P

P

, e

H -

W – z z maatschappelijke dienstverlening; woningen met inbegrip van bijbehorende bergingen en andere nevenruimten en huisgebonden beroep of bedrijf uitsluitend ter plaatse van de functieaanduiding 'wonen' en ter plaatse van de functie aanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk - 2' in maximaal twee bouwlagen; met daaraan ondergeschikt: f.additionele horeca; k.groenvoorzieningen; l.tuinen; m.verkeersareaal; n.nutsvoorzieningen.

-

doeleinden ter bescherming en veiligstelling van archeologische waarden.

Tevens geldt de aanduiding parkeergarage ter plaatse van Sint Willibrordusstraat 43A z

W

–

(De Pijp, 1e herziening). Deze gronden zijn bestemd voor onder andere: Strijdigheden Nieuwbouw woonzorgvoorziening Strijdigheid 1 (bouwhoogte nieuwbouw) Het project is in strijd met artikel 11.2.2, onder a (De Pijp 2018), omdat de maximale bouwhoogte van 14 meter met 1,5 meter wordt overschreden door de nieuwbouw van de woonzorgvoorziening, en plaatselijk met 1,95 meter door de liftopbouw. Brandweerkazerne Strijdigheid 2 (gebruik kazerne) Het project is in strijd met artikel 11.2, onder 1 (De Pijp 2018), omdat er geen woningen zijn toegestaan . Strijdigheid 3 (dakuitbouwen kazerne)

Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

Het project is in strijd met artikel 11.2.2, onder b (De Pijp 2018), omdat de dakuitbouw aan de rechterzijde de maximale goothoogte van 10,5 meter, met 1,67 meter overschrijdt. De dakuitbouwen aan de linkerzijde overschrijden de maximaal toegestane goothoogte met 2,10 meter. Het project is tevens in strijd met artikel 11, lid 2, onder a (De Pijp 2018, 1e herz.), omdat de hoofdvorm van het bouwwerk, bepaald door het kapprofiel, gewijzigd wordt door de dakuitbouwen. Strijdigheid 4 (dakterrassen kazerne) Het project is in strijd met artikel 11.2.2, onder a (De Pijp 2018), omdat de hekwerken van de dakterrassen, de maximale bouwhoogte van 9 meter, met 1,25 meter overschrijden. Binnenplanse afwijkingsmogelijkheid Het is mogelijk om op basis van artikel 28.a, onder 5 en onder 6, van artikel 11.2.2, onder a, van de bouwen gebruiksbepalingen van dit bestemmingsplan af te wijken (artikel 2.12, eerste lid, sub a, onder 1, van de Wabo). Ten behoeve van de overschrijdingen van de bouwhoogte (strijdigheid 1 en 4).

Buitenplanse afwijkingsmogelijkheid Het project valt in de categorie gevallen waarvoor op basis van artikel 4, negende lid (gebruiken in afwijking van bestemmingsplan, strijdigheid 2), vierde lid (dakuitbouwen, strijdigheid 3) van bijlage II, van het Besluit omgevingsrecht (Bor) het mogelijk is om van de bepalingen van het bestemmingsplan af te wijken (artikel 2.12, eerste lid, sub a, onder 2, van de Wabo). Afwijking ten behoeve van strijdigheden Wij besluiten af te wijken van de bepalingen van dit bestemmingsplan en motiveren dit als volgt: Afweging De ingediende aanvraag omgevingsvergunning is op verschillende punten in strijd met het vigerende bestemmingsplan. Deze strijdigheden met het bestemmingsplan kunnen middels een aantal binnen- of buitenplanse afwijkingen worden weggenomen. Op grond van artikel 2.12 lid 1 Wabo kan de omgevingsvergunning slechts worden verleend indien er geen sprake is van strijd met een goede ruimtelijke ordening. Bij de aanvraag is een ruimtelijke onderbouwing gevoegd. Deze onderbouwing is beoordeeld en in deze ruimtelijke afweging betrokken. Hieronder zal per strijdig onderdeel worden ingegaan op de vraag of het, bezien vanuit de goede ruimtelijke ordening aanvaardbaar is om van het bestemmingsplan af te wijken.

Hierbij zal voor de overzichtelijkheid in eerste instantie worden ingegaan op de nieuwbouw van de woonzorgvoorziening aan de zijde van de Sint Willibrordusstraat en zal daarna worden ingegaan op de transformatie van de bestaande voormalige brandweerkazerne aan de zijde van de Van Ostadestraat.

NIEUWBOUW WOONZORGVOORZIENING SINT WILLIBRORDUSSTRAAT 1) Overschrijding bouwhoogte nieuwbouw woonzorgvoorziening met 1,5 meter en overschrijding ten behoeve van een liftschacht met 1,95 meter. (strijd artikel 11.2.2.onder a) Artikel 28.a, onder 5 biedt voor de overschrijding van de bouwhoogte van de nieuwbouw met 1,5 meter een toereikende afwijkingsbevoegheid en artikel 28.a, onder 6 biedt een toereikende afwijkingsbevoegdheid voor het overschrijden van de bouwhoogte met 1,95 ten behoeve van de liftschacht. Het verlenen van medewerking aan een binnenplanse afwijking mag niet leiden tot strijd met Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

een goede ruimtelijke ordening. Ingevolge artikel 28 lid 2 van het bestemmingsplan kan de afwijking worden verleend, mits de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en/of de belangen van derden niet onevenredig worden geschaad. Aanvragen omgevingsvergunning die afwijkingen van het vigerende bestemmingsplan en waarbij met toepassing van een binnen of buitenplanse afwijking van het bestemmingsplan kan worden afgeweken worden in het gebied van stadsdeel Zuid altijd getoetst aan de beleidsregels die zijn opgenomen in het Afwijkingen beleid. Voor de afwijkingen die hier aan de orde zijn bestaat echter geen beleid, zodat hiervoor een individuele beoordeling zal moeten worden verricht. Bij de ingediende aanvraag omgevingsvergunning is een ruimtelijke onderbouwing gevoegd, waarin ook een planbeschrijving is opgenomen. Uit deze onderbouwing blijkt dat het voorgenomen gebruik past binnen het toegestane gebruik op de onderhavige locatie. In dit geval Maatschappelijke Doeleinden. In de aangeleverde onderbouwing worden de gevraagde afwijkingen voor de nieuwbouw op o.a. pagina 18 onderbouwd. Hiermee kan worden ingestemd. De nieuwbouw past stedenbouwkundig goed in het straatbeeld, hetgeen inmiddels ook is bevestigd door een positief advies van de CRK. Middels een bezonningstudie is aangetoond dat er geen onevenredige bezonningseffecten zijn te verwachten.

Het verlenen van medewerking aan de gevraagde binnenplanse afwijkingen leidt niet tot strijd met een goede ruimtelijke ordening en er is geen aanleiding om te verwachten dat belangen van derden door de gevraagde afwijkingen onevenredig worden geschaad.

TRANSFORMATIE VOORMALIGE BRANDWEERKAZARNE VAN OSTADESTRAAT 341 2) Wijziging gebruik voormalige brandweerkazerne (Van Ostadestraat 341) van maatschappelijke doeleinden naar 10 sociale huurwoningen. (strijd artikel 11.2.1) Het bestemmingsplan bevat geen binnenplanse afwijkingsbevoegdheid voor het wegnemen van deze strijdigheid. Artikel 4, lid 9, van bijlage II Bor bevat de juridische basis om de gevraagde afwijking met toepassing van artikel 2.12 lid 1 sub a onder 2 Wabo te vergunnen. De voormalige brandweerkazerne gelegen op het adres Van Ostadestraat 341 wordt getransformeerd naar 10 sociale huurwoningen. Deze transformatie vloeit voort vanuit een reeds in 2013 door het bestuur van stadsdeel Zuid vastgestelde bouwenvelop waarmee de ruimte werd geboden om een deel van de maatschappelijke bestemming ter plaatse los te laten en te wijzigen naar wonen. De uitwerking van de planvorming heeft vervolgens lang op zich laten wachten maar nu uiteindelijk toch geleid tot een concrete aanvraag omgevingsvergunning. Hierbij blijft het hooggewaardeerde gebouw van de voormalige brandweerkazerne behouden.

De transformatie van de voormalige brandweergarage naar 10 sociale huurwoningen hangt samen met de oprichting van een nieuw gebouw aan de zijde van de Willibrordusstraat binnen de bestemming Maatschappelijke doeleinden waardoor er op de locatie voldoende maatschappelijke meters behouden blijven en deze nu ook concreet ten behoeve van een maatschappelijk wenselijk initiatief (woonzorgvoorziening) zullen worden ingevuld. Bij de aanvraag omgevingsvergunning is een ruimtelijke motivering gevoegd waarin is ingegaan op de ruimtelijke relevante aspecten die met de voorgenomen gebruikswijziging samenhangen. Op basis van deze ruimtelijke onderbouwing wordt de conclusie getrokken dat het wijzigingen van het gebruik van de bestaande voormalige brandweergarage naar 10 sociale huurwoningen ruimtelijk aanvaardbaar en dus niet in strijd met een goede ruimtelijke ordening is. 3) Realisatie dakuitbouwen. Strijd met de goothoogte (artikel 11.2.2, onder b) en wijziging kapprofiel (artikel 11.2, onder a bestemmingsplan eerste herziening De Pijp 2018) Artikel 4, lid 4, van bijlage II Bor bevat de juridische basis om de gevraagde afwijkingen met toepassing van artikel 2.12, lid 1, onder a, onder 2 Wabo te vergunnen. In de ruimtelijke onderbouwing is op pagina 17 hiervoor een onderbouwing opgenomen.

Hieraan wordt nog het volgende toegevoegd: De dakuitbouwen maken het mogelijk dat de te realiseren dakterrassen kunnen worden bereikt. De dakuitbouwen zijn van een bescheiden omvang en doorbreken de kap in een mate die niet veel afwijkt van een dakkapel. De kap blijft derhalve voldoende in takt en ook de aanwezige goot wordt in een niet Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

onevenredige mate doorbroken. De zichtbaarheid vanaf de straat is voldoende beperkt door de dakuitbouwen op afstand van de voorkant van het gebouw te realiseren. Het straatbeeld blijft daarbij dus zoveel mogelijk gehandhaafd. Het bouwplan is beoordeeld door de CRK en akkoord bevonden. De cultuurhistorische waarden van het onderhavige pand worden daarmee ook niet onevenredig aangetast. 4) Realisatie dakterrassen (strijd bouwhoogte artikel 11.2.2, onder a) Artikel 28.a, onder 5 biedt voor de overschrijding van de bouwhoogte met 1,25 meter een toereikende afwijkingsbevoegdheid (maximaal 1,5 meter overschrijden). Het verlenen van medewerking aan een binnenplanse afwijking mag niet leiden tot strijd met een goede ruimtelijke ordening. Ingevolge artikel 28, lid b, van het bestemmingsplan kan de afwijking worden verleend, mits de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en/of de belangen van derden niet onevenredig worden geschaad. Aanvragen omgevingsvergunning die afwijkingen van het vigerende bestemmingsplan en waarbij met toepassing van een binnen- of buitenplanse afwijking van het bestemmingsplan kan worden afgeweken, worden in het gebied van stadsdeel Zuid altijd getoetst aan de beleidsregels die zijn opgenomen in het Afwijkingen beleid. Voor dakterrassen op hoofdbebouwing is in het afwijkingenbeleid een beleidsregel opgenomen.

Gelet op het moment van indiening van deze aanvraag, zijn de op 2 juli 2019 vastgestelde beleidsregels van toepassing op deze aanvraag. In deze beleidsregel zijn een aantal algemene voorwaarden opgenomen, maar is daarnaast ook onderscheid gemaakt in dakterrassen op nagenoeg geheel platte daken en dakterrassen achter schijnkappen. De volgende algemene voorwaarden zijn van toepassing. 1. het dakterras wordt niet gebruikt ten behoeve van horeca; 2. het dakterras wordt gebouwd op het legaal aanwezige oorspronkelijke hoofdgebouw (zie ); 3. de hoogte van het hekwerk is maximaal 1,20 meter (excl. constructie); 4. de constructiehoogte van het dakterras bedraagt niet meer dan 30 cm; voor de hoogte van de toegang tot het dakterras wordt een maximum aangehouden van 50 cm; 5. de minimale afstand tot de dakrand aan de achterzijde bedraagt 1,20 m (inclusief overstek, indien aanwezig). De dakterrassen zoals die zijn aangevraagd voldoen aan deze voorwaarden. De onderhavige situatie is echter dusdanig bijzonder dat deze niet klip en klaar onder één van de twee overige categorieën (nagenoeg volledig plat dak of achter een schijnkap, kan worden geplaatst. De situatie is dermate uniek dat de dakterrassen zowel aan verschillende voorwaarden die gelden voor dakterrassen op platte daken als aan voorwaarden voor dakterrassen achter een schijnkap dienen te voldoen.

In dit kader wordt het volgende overwogen: Beschikbaar dakoppervlak Dakterrassen op platte daken mogen niet groter zijn dan 30% van het beschikbaar dakoppervlak, terwijl voor dakterrassen achter een schijnkap een percentage van 40% geldt omdat vanwege de kap er doorgaans sprake is van minder beschikbaar dak. Dat laatste is hier ook aan de orde, omdat het gebouw beschikt over een kap en maar een klein plat dak, waarbij de dakterrassen aan de zijkant van de kap worden gerealiseerd. In deze situatie is het reëel om het percentage van 40% aan te houden. Dit percentage wordt echter bij lange na niet overschreden zodat geoordeeld kan worden dat de dakterrassen qua omvang ten opzichte van het beschikbaar dak voldoen aan het beleid. Zichtbaarheid Omdat de dakterrassen hier niet achter maar aan de zijkant van een kap liggen kan zichtbaarheid vanaf de straat hier wel in het geding zijn. Het voorste dakterras houdt echter ca 2.7 meter afstand ten opzichte van de dakrand. Hiermee wordt de zichtbaarheid voldoende beperkt en kan het dakterras ook wat dit aspect voldoet aan het beleid. Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

Afstand tot de nok de kap In de beleidsregel voor dakterrassen achter een schijnkap is vastgelegd dat de kap minimaal 2,4 meter hoog moet zijn om op aanvaardbare wijze (zonder de kap te veel aan te tasten) een dakterras te kunnen realiseren. Dat is hier het geval. Dakterras tegen de schijnkap. De dakterrassen zijn hier tegen de kap aangebouwd en vandaaruit middels een bescheiden dakuitbouw toegankelijk gemaakt. Ook wat dit betreft voldoen de dakterrassen aan beleid. Privacy De dakterrassen houden meer dan twee meter afstand tot elkaar, waardoor een privacyschot niet noodzakelijk wordt geacht. De dakterrassen kunnen hiermee in overeenstemming met het beleid worden geacht. Conclusie H inachtneming van de voorschriften behorende bij deze omgevingsvergunning.

met

Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

Overige voorschriften Aan de omgevingsvergunning zijn verschillende voorschriften verbonden. Het is belangrijk dat u zich aan deze voorschriften houdt. Uitvoeringsvoorschriften bouwen Informeren Omgeving Uiterlijk één week voorafgaand aan de werkzaamheden moet u de omgeving informeren door op de bouwlocatie zelf - via een bord of poster - informatie te verschaffen over de aard van de werkzaamheden, de start- en einddatum, het aantal aangevraagde objecten, en de contactgegevens van een aanspreekpunt. Het informatiebord of de poster wordt opgemaakt op weerbestendig materiaal en dient zodanig aan uw (woon)gebouw grenzend aan de openbare ruimte aan de eerste bouwlaag/begane grond te worden bevestigd, zodat een ieder vanaf de openbare ruimte hiervan kennis kan nemen. Het informatiebord of de poster dient u volledig en duidelijk in te vullen. Een voorbeeldposter kunt u downloaden via de link: https://www.amsterdam.nl/wonen-leefomgeving/bouwdynamiek/ Bijzondere bepalingen (§ 1.4 Bouwbesluit 2012) Zorgplicht installaties (artikel 1.16 Bouwbesluit 2012) 1. Een bij of krachtens de wet aanwezige installatie als bedoeld in hoofdstuk 6 van het Bouwbesluit 2012: a. functioneert overeenkomstig de op die installatie van toepassing zijnde voorschriften; b. wordt adequaat beheerd, onderhouden en gecontroleerd, en; c.

wordt zodanig gebruikt dat geen gevaar voor de gezondheid of de veiligheid ontstaat dan wel voortduurt. 2. Na het aanbrengen of wijzigen van een kabel-, leiding- of andere doorvoer in of door een scheidingsconstructie waarvoor op basis van het Bouwbesluit 2012 een eis met betrekking tot de weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag of rookdoorgang geldt, wordt de weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag of rookdoorgang op adequate wijze gecontroleerd. Procedure bouwwerkzaamheden (§ 1.6 Bouwbesluit 2012) Aanwezigheid bescheiden (artikel 1.23 Bouwbesluit 2012) Tijdens het bouwen zijn, voor zover van toepassing, de volgende bescheiden of een afschrift daarvan op het terrein aanwezig: a. vergunning voor het bouwen; b. veiligheidsplan als bedoeld in artikel 8.7; c. afschrift van een besluit ingevolge artikel 13, 13a, of 14 van de Woningwet, dan wel een besluit tot oplegging van een last onder bestuursdwang dan wel last onder dwangsom, en; d. overige voor het bouwen van belang zijnde vergunningen en documenten met nadere voorwaarden en ontheffingen.

Het uitzetten van de bebouwingsgrenzen (artikel 1.24 Bouwbesluit 2012) Met het bouwen van een bouwwerk waarvoor vergunning is verleend wordt, onverminderd de voorwaarden bij de vergunning, niet begonnen voordat voor zover nodig door of namens het bevoegd gezag: Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

a. de rooilijnen of bebouwingsgrenzen op het bouwterrein zijn uitgezet, en; b. het straatpeil is uitgezet. Mededeling aanvang en beëindiging bouwwerkzaamheden (artikel 1.25 Bouwbesluit 2012) 1. Het bevoegd gezag wordt ten minste twee werkdagen voor de feitelijke aanvang van de bouwwerkzaamheden waarvoor vergunning is verleend door de houder van deze vergunning schriftelijk van de aanvang van de werkzaamheden, met inbegrip van ontgravingswerkzaamheden, in kennis gesteld. 2. Het bevoegd gezag wordt uiterlijk op de eerste werkdag na de dag van beëindiging van de bouwwerkzaamheden, door de houder van deze vergunning schriftelijk van de beëindiging van de werkzaamheden in kennis gesteld. 3. Een bouwwerk voor het bouwen waarvan een vergunning voor het bouwen is verleend, wordt niet in gebruik gegeven of genomen als niet is voldaan aan het bepaalde in het tweede lid. De hierboven bedoelde meldingen kunnen worden gedaan, onder vermelding van het OLO/BWT nummer en het adres waar de werkzaamheden plaatsvinden, via het e-mailadres: vth.administratie.sdz@amsterdam.nl. Als de bouwwerkzaamheden niet gereed zijn gemeld bij het bevoegd gezag mag het bouwwerk niet in gebruik gegeven of genomen worden.

Het voorkomen van onveilige situaties en het beperken van hinder tijdens het uitvoeren van bouwen sloopwerkzaamheden (Afdeling 8.1 Bouwbesluit 2012) Aansturingsartikel (artikel 8.1 Bouwbesluit 2012) 1. De uitvoering van bouw- en sloopwerkzaamheden is zodanig dat voor de omgeving een onveilige situatie of voor de gezondheid of bruikbaarheid nadelige hinder zoveel mogelijk wordt voorkomen. 2. Aan de in het eerste lid gestelde eis wordt voldaan door toepassing van de voorschriften in deze afdeling. Veiligheid in de omgeving (artikel 8.2 Bouwbesluit 2012) Bij de uitvoering van bouw- en sloopwerkzaamheden worden maatregelen getroffen ter voorkoming van: a. letsel van personen op een aangrenzend perceel of een aan het bouw- of sloopterrein grenzende openbare weg, openbaar water of openbaar groen; b. letsel van personen die het bouw- of sloopterrein onbevoegd betreden, en; c. beschadiging of belemmering van wegen, van in de weg gelegen werken en van andere al dan niet roerende zaken op een aangrenzend perceel of op een aan het bouw- of sloopterrein grenzende openbare weg, openbaar water of openbaar groen. Geluidshinder (artikel 8.3 Bouwbesluit 2012) De op basis van artikel 8.2 te treffen maatregelen worden op aanwijzing van het bevoegd gezag vastgelegd in een bouw- of sloopveiligheidsplan. De maatregelen hebben ten minste betrekking op: 1.

Bedrijfsmatige bouw- of sloopwerkzaamheden worden op werkdagen en op zaterdag tussen 7.00 uur en 19.00 uur uitgevoerd.

Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

2. Bij het uitvoeren van de werkzaamheden als bedoeld in het eerste lid worden de in tabel 8.3 aangegeven dagwaarden en de daarbij behorende maximale blootstellingsduur niet overschreden. Tabel 8.3 Dagwaarde Maximale blootstellingsduur

≤ Onbeperkt

> 60 dB(A) 50 dagen

> 65 dB(A) 30 dagen

> 70 dB(A) 15 dagen

> 75 dB(A) 5 dagen

> 80 dB(A) 0 dagen

3. Het bevoegd gezag kan ontheffing verlenen van het eerste en tweede lid. Onverkort het gestelde in de ontheffing, wordt bij het uitvoeren van bouw- of sloopwerkzaamheden gebruik gemaakt van de best beschikbare stille technieken. 4. Als het bevoegd gezag met betrekking tot het uitvoeren van bouw- of sloopwerkzaamheden beleidsregels als bedoeld in titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht heeft vastgesteld, is in afwijking van het derde lid geen ontheffing vereist, als het uitvoeren van de werkzaamheden voldoet aan die beleidsregels en het bevoegd gezag ten minste twee werkdagen voor de feitelijke aanvang van die werkzaamheden in kennis is gesteld van de aanvang van de werkzaamheden. Trillingshinder (artikel 8.4 Bouwbesluit 2012) 1. Trillingen veroorzaakt door het uitvoeren van bouw- of sloopwerkzaamheden bedragen in geluidsgevoelige ruimten als bedoeld in artikel 1 van de Wet geluidhinder en in verblijfsruimten als bedoeld in artikel 1.1, onderdeel e van het Besluit geluidhinder niet meer dan de trillingsterkte, genoemd in tabel 4 van de MeetH 2006. 2. Het bevoegd gezag kan ontheffing verlenen van de trillingsterkte als bedoeld in het eerste lid. Stofhinder (artikel 8.5 Bouwbesluit 2012) Tijdens het uitvoeren van bouw en sloopwerkzaamheden dienen maatregelen te worden getroffen om visueel waarneembare stofverspreiding buiten het bouw- of sloopterrein te voorkomen.

Grondwaterstand (artikel 8.6 Bouwbesluit 2012) Het bemalen van bouwputten, leidingsleuven en andere tijdelijke ontgravingen ten behoeve van bouwwerkzaamheden mogen niet leiden tot een zodanige wijziging van de grondwaterstand dat gevaar kan ontstaan voor de veiligheid van belendingen. Veiligheidsplan (artikel 8.7 Bouwbesluit 2012) De op basis van de artikelen 8.2 tot en met 8.6 te treffen maatregelen worden op aanwijzing van het bevoegd gezag vastgelegd in een veiligheidsplan. Het plan bevat ter beoordeling door het bevoegd gezag: a. ten minste een tekening waaruit de bouw- of sloopplaatsinrichting blijkt met: 1° de toegang tot de bouw- of sloopplaats inclusief begrenzing, afscheiding en afsluiting van de bouw- of sloopplaats; 2° de ligging van het perceel waarop gebouwd of gesloopt wordt en de omliggende wegen en bouwwerken; 3° de situering van het te bouwen of te slopen bouwwerk; 4° de aan- en afvoerwegen; 5° de laad-, los- en hijszones; Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

6° de plaats van bouwketen; 7° de in of op de bodem van het perceel aanwezige leidingen; 8° de plaats van machines, werktuigen en ander hulpmaterieel en opslag van materialen; 9° de bereikbaarheid van bluswater- en andere veiligheidsvoorzieningen; b. gegevens en bescheiden over de toe te passen bouw- of sloopmethodiek en de toe te passen materialen, materieel, hulp- en beveiligingsmiddelen bij de bouw- of sloopwerkzaamheden; c. als een bouwput wordt gemaakt: 1° de hoofdopzet van de verticale bouwputafscheiding en de bouwputbodem; 2° de uitgangspunten voor een bemalingsplan; 3° de uitgangspunten voor een monitoringsplan ter voorkoming van schade aan naburige bouwwerken; d. een rapport van een akoestisch onderzoek, als aannemelijk is dat de dagwaarde vanwege het uitvoeren van bouw- of sloopwerkzaamheden meer bedraagt of de maximale blootstellingsduur in dagen langer duurt dan de waarden, bedoeld in artikel 8.3, tweede en derde lid, of als aannemelijk is dat niet wordt voldaan aan de beleidsregels als bedoeld in artikel 8.3, vierde lid; e. een rapport van een trillingenonderzoek, als aannemelijk is dat het uitvoeren van de bouw- of sloopwerkzaamheden een grotere trillingsterkte veroorzaakt dan de trillingsterkte bedoeld in artikel 8.4, eerste lid.

Afvalscheiding (Afdeling 8.2 Bouwbesluit 2012) Aansturingsartikel (artikel 8.8 Bouwbesluit 2012) 1. Bouw- en sloopwerkzaamheden worden zodanig uitgevoerd dat tijdens de uitvoering vrijkomend bouw- en sloopafval deugdelijk wordt gescheiden. 2. Aan de in het eerste lid gestelde eis wordt voldaan door toepassing van de voorschriften in deze afdeling en de krachtens die bepalingen gegeven voorschriften. Scheiden bouw- en sloopafval (artikel 8.9 Bouwbesluit 2012) Bij ministeriële regeling kunnen voorschriften worden gegeven over de te scheiden categorieën bouw- en sloopafval en de opslag en afvoer daarvan op en van het terrein bij de uitvoering van bouw- en sloopwerkzaamheden. Scheiding bouw- en sloopafval (artikel 4.1 Regeling Bouwbesluit 2012) 1. Onverminderd artikel 1.29, tweede lid, van het Bouwbesluit 2012 worden de categorieën bouwsloopafval als bedoeld in artikel 8.9 van het Bouwbesluit 2012 ten minste gescheiden in de volgende fracties: a. als gevaarlijk aangeduide afvalstoffen zoals bedoeld in hoofdstuk 17 van de afvalstoffenlijst van de Regeling Europese afvalstoffenlijst, voor zover deze stoffen niet in de onderdelen b tot en met j van dit lid zijn opgenomen; b. teerhoudende dakbedekking, al dan niet met dakbeschot; c. teerhoudend asfalt; d. bitumineuze dakbedekking, al dan niet met dakbeschot; e. niet teerhoudend asfalt; f. vlakglas, al dan niet met kozijn: g.

gipsblokken en gipsplaatmateriaal; h. dakgrind; Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

i. armaturen; j. gasontladingslampen. 2. Gevaarlijke stoffen, als bedoeld in eerste lid, onder a, mogen niet worden gemengd of gescheiden. 3. De fracties, als bedoeld in eerste lid, worden op het bouw- of sloopterrein gescheiden gehouden en gescheiden afgevoerd. 4. Eerste lid, onder b tot en met j, en derde lid zijn niet van toepassing voor zover de hoeveelheid afval van de betreffende fractie minder dan 1 m³ bedraagt. 5. In afwijking van derde lid kunnen de fracties op een andere locatie worden gescheiden voor zover scheiding op het bouw- of sloopterrein naar oordeel van het bevoegd gezag redelijkerwijs niet mogelijk is. Uitvoeringsvoorschriften monumenten en archeologie Sloopwerkzaamheden aan rijks- en gemeentelijke monumenten moeten in overleg met de afdeling Toezicht en Handhaving van Stadsdeel Zuid worden uitgevoerd. Als tijdens de werkzaamheden bijzondere en/of waardevolle vondsten worden gedaan en u vermoed dat deze (cultuur)historische waarde bezitten, dan meldt u dit bij Monumenten en Archeologie. Dit kan op werkdagen van 9:00 en 10:00 uur via telefoonnummer 020 251 4900 of via het e-mailadres: erfgoed@amsterdam.nl. Houdt u er rekening mee dat de werkzaamheden direct kunnen worden stilgelegd.

Informatie vindt u via de website: www.amsterdam.nl/kunstencultuur/monumenten/ Voorschriften bodemverontreiniging Voor het verrichten van werkzaamheden in sterk verontreinigde bodem moet u een melding doen op basis van artikel 28 van de Wet bodembescherming. Denkt u hierbij aan het ontgraven (en eventueel afvoeren of verplaatsen) van grond, het onttrekken van grondwater, of het aanbrengen van een leeflaag. In de meeste gevallen kunt u volstaan met een melding op basis van het Besluit Uniforme Saneringen (BUS). Als het BUS niet van toepassing is, moet een reguliere melding inclusief een saneringsplan op basis van de Wet bodembescherming worden gedaan. In beide gevallen doet u de melding via het emailadres: bodem@odnzkg.nl. Informatie en meldingsformulieren vindt u via de website: www.amsterdam.nl/veelgevraagd/?query=bodemsanering en klikken op: / Aansluitvoorschriften gemeentelijk rioolstelsel (Waternet) Voor dit project gelden de basis aansluitvoorschriften. De voorschriften om aangesloten te kunnen worden op het gemeentelijk riool staan hieronder vermeld. Het project moet voldoen aan afdeling 6.4 van het Bouwbesluit 2012. Gescheiden rioolstelsel Amsterdam heeft grotendeels een gescheiden rioolstelsel. Het kan zijn dat in uw straat (nog) een gemengd rioolstelsel aanwezig is. Ook in deze situatie moet u regenwater, huishoudelijk- en bedrijfsafvalwater, gescheiden aanbieden.

Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

Aansluitleidingen Aansluitleidingen voor de afvoer van regenwater, huishoudelijk- en bedrijfsafvalwater op het riool hebben een diameter van minimaal 125 en maximaal 160 millimeter. Aansluitleidingen die de perceelgrens kruisen, moeten met de binnen-onderkant-buis op 50o millimeter onder het straatpeil worden aangelegd en een lengte hebben van 500 millimeter, gemeten vanaf de perceelgrens. De afstanden tussen de aansluitleidingen ter plaatse van de perceelgrens zijn:  500 mm voor de afvoer van regenwater, huishoudelijk- en bedrijfsafvalwater;  200 mm voor de afvoer van water van dezelfde soort;  800 mm tussen terreinriolen en aansluitleidingen. Binnenriolering De binnenriolering van het bouwwerk moet voldoen aan de voorschriften van het Bouwbesluit 2012. De aansluitleidingen kunnen worden aangesloten op het riool als de binnenriolering voldoet aan onderstaande voorwaarden:  Het afschot moet ten minste 1:200 en ten hoogste 1:50 bedragen.  Huishoudelijk afvalwater wordt per woning of sectie van recht boven elkaar gelegen woningen gezamenlijk door een grondleiding afgevoerd. Bedrijfsafvalwater wordt per bedrijfsgebouw of bedrijfseenheid gezamenlijk door een grondleiding afgevoerd.

Bij een combinatie van wonen en werken van één eigenaar kan worden volstaan met één leidingsysteem, als het afvalwater qua aard en gebruik volgens de milieuwetgeving vergelijkbaar is met huishoudelijk afvalwater;  Bij lozingstoestellen of afvoerpunten van afvalwater die lager liggen dan 150 mm boven straatpeil, moet het afvalwater door een rioolwaterpomp op de huisaansluiting worden geloosd, tenzij in de grondleiding van deze lozingstoestellen een terugstuwbeveiliging aanwezig is;  De afvoer van regenwater op het riool moet zijn voorzien van een ontlastput. Dit geldt niet voor grondgebonden woningen die zijn aangesloten op een gescheiden rioolstelsel. Uitzonderingen Als u niet kunt voldoen aan deze basis aansluitvoorschriften, dan kunt u specifieke aansluitvoorschriften bij ons aanvragen. Specifieke aansluitvoorschriften vervangen de basis aansluitvoorschriften. Hieraan zijn geen extra kosten verbonden. Meer informatie Heeft u vragen over de aansluitvoorschriften of de ligging van het riool? Neem dan contact op met Waternet via telefoonnummer 0900 9394. Meer informatie vindt u via de website: www.waternet.nl.

Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

Nadere aanwijzingen Buren en bouwen In het Burgerlijk Wetboek (boek 5, titel 4) zijn regels opgenomen over de rechten en plichten van buren. Als niet aan deze regels wordt voldaan kan uw project mogelijk niet of slechts gedeeltelijk worden uitgevoerd. Het is verstandig om vooraf met uw buren over de (ver)bouwplannen te overleggen. Daarmee kunt u problemen voorkomen. Basisregistratie adressen en gebouwen (BAG) Het (ver)bouwen van een gebouw kan gevolgen hebben voor de huisnummering. Als door de omgevingsvergunning het aantal objecten en/of woningen wijzigt, krijgt u een apart besluit naast deze H Huisvestingswet De omgevingsvergunning is geen vergunning op basis van artikel 21 van de Huisvestingswet. Hierin staat dat het verboden is om een woonruimte behorend tot een met het oog op het behoud of de samenstelling van de woonruimtevoorraad door de gemeenteraad in de huisvestingsverordening aangewezen categorie gebouwen en die gelegen is in een in de huisvestingsverordening aangewezen wijk, zonder vergunning van burgemeester en wethouders: a. anders dan ten behoeve van de bewoning of het gebruik als kantoor of praktijkruimte door de eigenaar aan de bestemming tot bewoning te onttrekken; b. anders dan ten behoeve van de bewoning of het gebruik als kantoor of praktijkruimte door de eigenaar met andere woonruimte samen te voegen; c.

van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte om te zetten; d. te verbouwen tot twee of meer woonruimten. Heeft u een vergunning nodig voor het onttrekken, samenvoegen, vormen en omzetten van de woonruimte, dan kunt u deze aanvragen bij de afdeling Vergunningen APV van Stadsdeel Zuid. Informatie en het aanvraagformulier vindt u via de website: www.amsterdam.nl/veelgevraagd. De houder van de omgevingsvergunning wordt er met nadruk op gewezen dat mogelijk niet wordt meegewerkt aan het onttrekken, samenvoegen, vormen en omzetten van de woonruimte. Dit kan betekenen dat geen gebruik gemaakt kan worden van de omgevingsvergunning. Splitsingsvergunning De omgevingsvergunning is geen vergunning op basis van artikel 22 van de Huisvestingswet. Hierin staat dat het verboden is: 1. om een recht op een gebouw dat behoort tot een door de gemeenteraad in de huisvestingsverordening daartoe aangewezen categorie gebouwen zonder vergunning van burgemeester en wethouders te splitsen in appartementsrechten, als bedoeld in: artikel 106, eerste en vierde lid, van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek, indien een of meer appartementsrechten de bevoegdheid omvatten tot het gebruik van een of meer gedeelten van het gebouw als woonruimte. 2.

Op het verlenen van deelnemings- of lidmaatschapsrechten of het aangaan van een verbintenis daartoe door een rechtspersoon is het eerste lid van overeenkomstige toepassing.

Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

Deze vergunning vraagt u aan bij de afdeling Vergunningen Bouw van Stadsdeel Zuid. U kunt hiervoor het volgende e-mailadres gebruiken: vth.splitsingen.sdz@amsterdam.nl. Informatie en het aanvraagformulier vindt u via de website: www.amsterdam.nl/veelgevraagd. Sloopmelding (§ 1.7 Bouwbesluit 2012) De omgevingsvergunning is geen sloopmelding als bedoeld in paragraaf 1.7 van het Bouwbesluit 2012. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de afdeling Vergunningen van Stadsdeel Zuid via telefoonnummer 14020. Een sloopmelding moet minimaal vier weken voor de voorgenomen aanvang van de sloopwerkzaamheden worden gedaan via de website: www.omgevingsloket.nl. Asbest Een omgevingsvergunning bevat geen bepalingen voor het verwijderen van asbesthoudende materialen. Als tijdens de bouw- of sloopwerkzaamheden onverwachts asbesthoudende materialen worden aangetroffen, moeten de werkzaamheden worden gestaakt. Er moet een asbestinventarisatie uitgevoerd worden door een gecertificeerd asbestinventarisatiebedrijf, om de aard en omvang van de eventuele asbestverontreiniging te bepalen. Voor het verwijderen van asbesthoudende materialen moet u een sloopmelding doen. Een sloopmelding moet minimaal vier weken voor de voorgenomen aanvang van de sloopwerkzaamheden worden gedaan via de website: www.omgevingsloket.nl.

Bodem Als bij de uitvoering van de bouwwerkzaamheden een bodemverontreiniging wordt waargenomen, anders dan beschreven in het bodemonderzoeksrapport, moet u dit direct melden via telefoonnummer 14020 of via het e-mailadres: bodem@odnzkg.nl. Grondwateronttrekkingen en infiltraties Als u grondwater wilt onttrekken of water wilt infiltreren heeft u mogelijk een watervergunning nodig op basis van de Waterwet. De provincie Noord-Holland verleent vergunningen voor de volgende grondwateronttrekkingen en infiltraties:  voor bodemenergiesystemen (met een pompcapaciteit van meer dan 10 m 3 per uur);  voor industriële onttrekkingen groter dan 150.000 m 3 per jaar;  voor de openbare drinkwatervoorziening. Voor overige onttrekkingen van grondwater of infiltraties verleent het waterschap de watervergunning. Ook kan het zo zijn dat bepaalde onttrekkingen en infiltraties onder algemene regels van het waterschap vallen. In dat geval is geen watervergunning nodig en kan worden volstaan met een melding. Informatie over de watervergunning en melding vindt u via de websites van de drie waterschappen binnen Amsterdam:  Waternet: www.waternet.nl/vergunningen-meldingen;  Hollands Noorderkwartier: https://www.hhnk.nl/;  Rijnland: https://www.rijnland.net/. Een aanvraag om een watervergunning of een melding doet u via de website: www.omgevingsloket.nl.

Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

Werken in de openbare ruimte (Wior) Voor werkzaamheden in de openbare ruimte is ook een WIOR-vergunning nodig. De WIOR-vergunning is een integrale vergunning voor het gebruik van de openbare ruimte. Verschillende vergunningen die voor het uitvoeren van werk in de openbare ruimte noodzakelijk kunnen zijn, kunt u met één formulier aanvragen. U hoeft dan bijvoorbeeld geen aparte tijdelijke verkeersmaatregel of verkeersontheffing meer aan te vragen. De WIOR-vergunning kunt u aanvragen via de website: www.amsterdam.nl/veelgevraagd/. Kabels en leidingen U moet op tijd contact opnemen met de betrokken diensten en bedrijven in verband met de aanwezigheid van leidingen en kabels in of nabij het bouwterrein. U bent verplicht een graafmelding te doen als u het voornemen heeft werkzaamheden met een graafmachine uit te voeren in de ondergrond waarin kabels en leidingen liggen. Als een uitvoerder die gaat graven een ondergronds net aantreft dat niet op de kaarten staat, of dat niet op de aangegeven locatie ligt, moet hij dat melden aan het kadaster. Deze melding moet ten minste twintig werkdagen voor de aanvang van de graafwerkzaamheden worden gedaan via de website: www.klicmelding.nl. Informatie vindt u via de website: www.kadaster.nl/web/Zakelijk/Kabels-leidingen.htm.

Voor het maken van sparingen voor toevoerleidingen en het maken van meterputten moet u vooraf overleg plegen met de betrokken diensten en bedrijven. Voor de door de diensten en bedrijven uit te voeren werkzaamheden moet het terrein rondom de bouw ten minste dertien weken vóór het tijdstip van oplevering van het bouwwerk worden vrijgemaakt van materiaal, materieel, puin en dergelijke. Erfpacht De omgevingsvergunning is geen toestemming van Erfpacht en Uitgifte om als grondeigenaar het project uit te voeren. Informatie vindt u via de website: www.erfpacht.amsterdam.nl. Parkeren P De aanvrager (of ontwikkelaar) of diens rechtsopvolger dient toekomstige gebruikers (bewoners of bedrijven) te informeren over het feit dat het complex is uitgesloten van parkeervergunningverlening. Inspectie SZW (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) De omgevingsvergunning is geen goedkeuring van de inspectie SZW. Voor zover nodig kunt u contact opnemen met de Inspectie SZW. Aanvraagformulieren vindt u via de website: www.inspectieszw.nl.

Stadsdeelkantoor Zuid is bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 08.00 – 17.00 uur. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10469568/1