B. regels en toelichting De Pijp 2018 Tweede Herziening (2021).pdf
Tekst van het document
Bestemmingsplan De Pijp 2018 Tweede Herziening (2021)
De Pijp
Vastgesteld
Gemeente Amsterdam Ruimte en Duurzaamheid bestemmingsplan De Pijp 2018 tweede herziening (2021)
Colofon
Opdrachtgever Opdrachtnemer
Ruimte en Duurzaamheid
IMRO_idn
NL.IMRO.0363.K2103BPSTD-VG01
Datum print
28 Juni 2021
Planstatus
vastgesteld
blz. 3
Inhoudsopgave Toelichting Hoofdstuk 1
5 Inleiding
7
Aanleiding Bevoegdheden Crisis- en herstelwet Leeswijzer
7 7 7 7
Plankader
9
Ligging en begrenzing Doelstelling Geldend planologisch kader
9 9 9
Wijzigingen
11
Wijzigingen naar aanleiding uitspraak Raad van State Ambtshalve reparaties naar aanleiding van gebreken
11 14
Juridische planbeschrijving
15
Algemeen Planvorm Artikelsgewijze toelichting
15 15 15
Economische uitvoerbaarheid
19
Planschaderisico Exploitatieplan
19 19
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
21
Participatie
21
Bijlagen bij de toelichting
23
Bijlage 1
Uitspraak Raad van State 10 februari 2021
25
Bijlage 2
Ruimtelijke onderbouwing horeca van categorie 4B Van Woustraat 74A
57
1.1 1.2 1.3 1.4 Hoofdstuk 2 2.1 2.2 2.3 Hoofdstuk 3 3.1 3.2 Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3 Hoofdstuk 5 5.1 5.2 Hoofdstuk 6 6.1
Regels Hoofdstuk 1 Artikel 1 Hoofdstuk 2 Artikel 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Hoofdstuk 3
77 Inleidende regels
78
Begrippen
78
Bestemmingregels
79
Gemengd -1 Gemengd - 2 Maatschappelijk Tuin Wonen Waarde - Landschap
79 80 81 82 83 84
Overgangs- en slotregels
85
Gemeente Amsterdam
blz. 4
Artikel 8 Artikel 9
Overgangsrecht Slotregel
bestemmingsplan_De Pijp 2018 tweede herziening (2021) (vastgesteld)
85 86
blz. 5
Toelichting
Gemeente Amsterdam
blz. 6
bestemmingsplan_De Pijp 2018 tweede herziening (2021) (vastgesteld)
blz. 7
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
Het bestemmingsplan "De Pijp 2018" is door de gemeenteraad vastgesteld op 19 september 2018. Na de vaststelling zijn enkele gebreken geconstateerd. Deze gebreken zijn gecorrigeerd middels het op 9 oktober 2019 door de gemeenteraad vastgestelde bestemmingsplan "De Pijp 2018 eerste herziening". Tegen beide plannen is door negen partijen beroep ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling). Op 10 februari 2021 heeft de Afdeling uitspraak gedaan in de beroepen. Daarbij zijn acht procespartijen geheel of gedeeltelijk in het gelijk gesteld en zijn beide bestemmingsplannen op onderdelen vernietigd. De uitspraak van de Raad van State is opgenomen als bijlage bij deze toelichting. De Raad van State heeft de gemeenteraad opgedragen om voor de vernietigde planonderdelen een nieuw besluit te nemen binnen 26 weken na verzending van de uitspraak met inachtneming van hetgeen hierin is overwogen. Blijkens de uitspraak hoeft niet eerst een ontwerp van de herziening ter visie te worden gelegd overeenkomstig de afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht, alvorens deze herziening door de gemeenteraad wordt vastgesteld. De voorliggende herziening van het bestemmingsplan De Pijp 2018 en de eerste herziening van bestemmingsplan De Pijp 2018 voorzien in de opdracht van de Afdeling tot het nemen van een nieuw besluit.
Daarnaast wordt deze gelegenheid (waarbij een gedeeltelijke herziening van het bestemmingplan De Pijp 2018 en van de eerste herziening van bestemmingsplan De Pijp 2018 wordt vastgesteld) aangegrepen om enkele omissies in het eerder vastgestelde bestemmingsplan De Pijp 2018, te herstellen.
1.2
Bevoegdheden
De bevoegdheid voor het vaststellen van bestemmingsplannen ligt bij de gemeenteraad van Amsterdam.
1.3
Crisis- en herstelwet
Deze herziening valt niet onder de Crisis- en herstelwet (ChW).
1.4
Leeswijzer
Het bestemmingsplan bestaat uit regels, een verbeelding en gaat vergezeld van een toelichting. Op de verbeelding zijn de bestemmingen in het plangebied weergegeven. Deze bestemmingen zijn gerelateerd aan de in de regels opgenomen juridische regeling. De verbeelding en de regels vormen samen de bestemmingsplanregeling zoals deze door de gemeenteraad wordt vastgesteld. De toelichting geeft de achtergronden (relevant beleid, resultaten van uitgevoerde onderzoeken) bij de bestemmingsplanregeling. De toelichting van dit bestemmingsplan bestaat uit 6 hoofdstukken. Hier wordt in het kort de inhoud van deze hoofdstukken beschreven. Na dit eerste inleidende hoofdstuk volgt in hoofdstuk 2 een beschrijving van het plankader. Er wordt Gemeente Amsterdam
blz. 8
onder andere een beschrijving van het plangebied alsook de beschrijving van de bestaande functies. In hoofdstuk 3 worden de wijzigingen beschreven die onderdeel zijn van deze herziening. Hoofdstuk 4, de juridische planbeschrijving, worden de planvorm, de planregels en de bestemmingen toegelicht. In hoofdstukken 5 en 6 wordt ingegaan op de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid.
bestemmingsplan_De Pijp 2018 tweede herziening (2021) (vastgesteld)
blz. 9
Hoofdstuk 2 2.1
Plankader
Ligging en begrenzing
Het voorliggende bestemmingsplan is opgesteld ten behoeve van de adressen genoemd in paragraaf 3.1 en 3.2, alle gelegen in de plangebieden De Pijp 2018 en De Pijp 2018 eerste herziening.
2.2
Doelstelling
De voorliggende herziening van de bestemmingsplannen De Pijp 2018 en De Pijp 2018 eerste herziening voorzien in het verwerken van de uitspraak van de Afdeling van 10 februari 2021, middels een nieuw besluit. Daarnaast worden enkele omissies in het eerder vastgestelde bestemmingsplan De Pijp 2018 met deze herziening hersteld.
2.3
Geldend planologisch kader
De vigerende bestemmingsplannen zijn het bestemmingsplan De Pijp 2018, vastgesteld door de gemeenteraad op 19 september 2018, en het bestemmingsplan De Pijp 2018 eerste herziening, vastgesteld door de gemeenteraad op 9 oktober 2019. De gronden zijn hoofdzakelijk bestemd met de bestemming 'Gemengd -1', 'Gemengd- 2', 'Maatschappelijk', 'Tuin' en 'Wonen' en de dubbelbestemming 'Waarde - Landschap'.
Gemeente Amsterdam
blz. 10
bestemmingsplan_De Pijp 2018 tweede herziening (2021) (vastgesteld)
blz. 11
Hoofdstuk 3 3.1
Wijzigingen
Wijzigingen naar aanleiding uitspraak Raad van State
In haar uitspraak van 10 februari 2021, heeft de Raad van State meerdere punten in de bestemmingsplannen De Pijp 2018 en De Pijp 2018 eerste herziening vernietigd. Het is aan de gemeenteraad om voor de vernietigde planonderdelen een nieuw bestemmingsplan vast te stellen. Dat wordt in deze herziening gedaan. De door de Raad van State vernietigde onderdelen betreffen de volgende adressen. Binnentuinenregeling Onderdeel van de uitspraak van de Raad van state is de vernietiging van het besluit inzake de regeling voor het beperken van het vergunningvrij bouwen in de binnentuinen voor een 12-tal adressen in het plangebied. De Raad van State heeft geoordeeld dat het niet aanvaardbaar is om met een dergelijke regeling in zijn algemeenheid, zonder acht te slaan locatiespecifieke omstandigheden, vergunningsvrije aanbouwen aan banden te leggen. De regeling als geheel is níet vernietigd. Volgens de Raad van State was er een motiveringsgebrek. In het Bestemmingsplan De Pijp 2018 is het vergunningvrij bouwen in de tuinen beperkt tot maximaal 2,5 meter diepte (in plaats van de maximaal 4 meter die het Besluit omgevingsrecht in beginsel mogelijk maakt). Deze "binnentuinenregeling" geldt voor alle binnentuinen in het plangebied.
Doel van deze regeling is verdere verdichting van de binnentuinen tegen te gaan, ten gunste van de cultuurhistorische en stedenbouwkundige waarden, het behoud van een aangenaam woon- en leefklimaat voor bewoners van bovengelegen bouwlagen en het klimaatbestendig maken van een buurt die bij hevige regenval kampt met een gebrekkig waterbergend vermogen. Het is het eerste bestemmingsplan in de stad waar een dergelijke "binnentuinenregeling" is opgenomen. De wijziging naar aanleiding van de uitspraak is om uitsluitend op de percelen van de betrokken procespartijen de dubbelbestemming 'Waarde - Landschap' (m.a.w. de "binnentuinenregeling") te schrappen. De Raad van State heeft de regeling an sich niet vernietigd. Er is dan ook geen directe dwingende juridische reden om zelf de hele regeling alsnog terug te trekken. Bovendien zou het intrekken van de hele regeling afbreuk doen aan het doel van het gemeentebestuur voor de binnentuinen in De Pijp (maar inmiddels ook elders), namelijk: verdere verdichting van de binnentuinen tegengaan, het behouden van een aangenaam woon- en leefklimaat voor bewoners van bovengelegen bouwlagen en klimaatbestendigheid. De wijziging betreft concreet de volgende twaalf adressen: Ferdinand Bolstraat 89-91/Eerste Jan Steenstraat 84/84A (dit betreft één tuin); Van Ostadestraat 42, 44 en 46; Ferdinand Bolstraat 47-49, 79, 79-81, 88, 97, 101, 122, en 124.
Hieronder worden voor de duidelijkheid alle wijzigingen opgesomd per procespartij.
Gemeente Amsterdam
blz. 12
3.1.1
Van Woustraat 74A
Voor het pand Van Woustraat 74A heeft de Raad van State geen aanleiding gezien voor het in stand laten van horeca van catagorie 4. Onvoldoende inzichtelijk is gemaakt waarom er niet voor is gekozen om alleen de lichtere variant, te weten horeca van categorie 4B (voor bv. lunchroom of ijssalon, zonder alcohol), mogelijk te maken. De wijziging is om de bestemming van dit perceel te wijzigen naar Horeca 4B (horeca zonder alcohol, vooral overdag). Ten behoeve van dit voorstel is een uitgebreide locatiespecifieke onderbouwing opgesteld dat onderdeel maakt van de toelichting van voorliggende herziening. Aanvullend op de ruimtelijke onderbouwing zijn in de overweging om hier horeca van categorie 4B mogelijk te maken, de volgende aspecten van belang geweest. a. Vanaf 2006 tot 2016 is voor dit adres een exploitatievergunning afgegeven voor een dagzaak, alcoholvrij met terras. De nu voorgestelde bestemming Horeca 4B komt overeen met een dagzaak, alcoholvrij; b. Dit is in lijn met het overgangsrecht uit het bestemmingsplan De Pijp 2005, dat gold tot de wijziging van gebruik in horecabedrijf met alcohol; c. De Raad van State biedt in haar uitspraak duidelijk de opening tot het opnemen van de aanduiding Horeca 4B. 3.1.2
Van Ostadestraat 268-270 / Henrick de Keyserstraat 9 (voormalige kerk Het Afrikahuis)
Voor het 'Afrikahuis' (voormalige kerk aan de Van Ostadestraat 268-270 en Henrick de Keyserstraat 9) heeft de Raad van State geoordeeld dat onvoldoende onderbouwd is waarom het gehele Afrikahuis de bestemming 'Maatschappelijk' moet krijgen. De ruimte in de stad voor maatschappelijke ruimtes wordt steeds schaarser. Het beleid is er op gericht om panden met een maatschappelijk gebruik te behouden voor maatschappelijk voorzieningen voor de bewoners van de buurt of wijk. Dat wordt gedaan door deze panden in bestemmingsplannen op te nemen met de bestemming 'Maatschappelijk'. Daarmee zijn de maatschappelijk panden gereserveerd voor maatschappelijke voorzieningen. Binnen deze bestemming is vestiging mogelijk van een breed scala aan maatschappelijke voorzieningen, variërend van gezondheidszorg, cultuur en welzijn tot woonzorg, onderwijs en educatie. In heel Oud-Zuid is behoefte aan meer ontmoetingsplekken en zorgvoorzieningen. Het is gewenst om deze noodzakelijke voorzieningen voor de bewoners van de buurt en wijk te behouden en een plek te kunnen bieden. Aan de uitspraak van de Raad van State is uitvoering gegeven door de bestemming 'Wonen' te geven aan de negen à tien woningen die het Afrikahuis reeds kent (dienstwoningen/kosterhuis). Deze zijn gevestigd in de panden Van Ostadestraat 270 en Henrick de Keyserstraat 9.
Daarmee komt circa 30% van het totale vloeroppervlak van het gebouwencomplex vrij voor woningen. De rest van het pand dient een eenheid te blijven als (kerk)ruimte en blijft in het kader van de behoefte aan maatschappelijke ruimten gereserveerd voor maatschappelijke voorzieningen. De wens van de procespartij om een groter deel van, dan wel het gehele gebouwencomplex om te kunnen zetten naar wonen, om rendabel te worden, weegt voor het gemeentebestuur minder zwaar dan het algemene belang om maatschappelijke ruimtes in de stad te behouden. Ten behoeve van de woonfunctie in een deel van het Afrikahuis is de verbeelding gewijzigd.
bestemmingsplan_De Pijp 2018 tweede herziening (2021) (vastgesteld)
blz. 13
3.1.3
Tweede Jacob van Campenstraat 140 en Gerard Doustraat 157
Voor de percelen Tweede Jacob van Campenstraat 140 en Gerard Doustraat 157 heeft de Raad van State in zijn uitspraak aangegeven dat de verleende omgevingsvergunningen in het bestemmingsplan moeten worden verwerkt. Hier wordt in deze herziening uitvoering aan gegeven. Daartoe zijn is de verbeelding gewijzigd. 3.1.4
Karel du Jardinstraat 61-65 en 67
Voor de percelen Karel du Jardinstraat 61-65 en 67 heeft de Raad van State uitvoering dat de verleende omgevingsvergunningen in het bestemmingsplan moeten worden verwerkt. Hier wordt in deze herziening uitvoering aan gegeven. Daartoe zijn de verbeelding en de regels gewijzigd. 3.1.5
Ferdinand Bolstraat 89-91 en Eerste Jan Steenstraat 84/84A
Voor de panden Ferdinand Bolstraat 89-91 en Eerste Jan Steenstraat 84/84A heeft de Raad van State geoordeeld dat de bestaande rechten voor 'kantoor' voor de derde bouwlaag en hoger in het bestemmingsplan moeten worden opgenomen. Daarnaast dient de dubbelbestemming 'Waarde Landschap'-op de binnentuin van de Ferdinand Bolstraat 89-91 komen te vervallen. Hier wordt in deze herziening uitvoering aan gegeven. Daartoe zijn de verbeelding en de regels gewijzigd. 3.1.6
Van Ostadestraat 42, 44 en 46
Voor de Van Ostadestraat 42, 44 en 46 heeft de Raad van State geoordeeld dat de beperkingen vanwege de dubbelbestemming 'Waarde - Landschap' op de binnentuin niet locatiespecifiek genoeg zijn onderbouwd. De dubbelbestemming 'Waarde - Landschap'-op de binnentuinen van deze adressen dient te komen vervallen. Hier wordt in deze herziening uitvoering aan gegeven. Daartoe is de verbeelding gewijzigd. 3.1.7
Eerste van der Helststraat 31
Voor de Eerste van der Helststraat 31 oordeelt de Raad van State dat de bestaande rechten voor 'kantoor' correct moeten worden verwerkt. Hier wordt in deze herziening uitvoering aan gegeven. Daartoe is de verbeelding gewijzigd, door de functieaanduidingen 'kantoor (k)' en (dienstverlening (dv)' toe te voegen. 3.1.8
Ferdinand Bolstraat 47-49, 79, 79-81, 88, 97, 101, 122, en 124
Voor de binnentuinen van de percelen Ferdinand Bolstraat 47-49, 79, 79-81, 88, 97, 101, 122, en 124, heeft de Raad van State geoordeeld dat de dubbelbestemming 'Waarde - Landschap'-moet komen te vervallen. Hier wordt in deze herziening uitvoering aan gegeven. Daartoe is de verbeelding gewijzigd.
Gemeente Amsterdam
blz. 14
3.2
Ambtshalve reparaties naar aanleiding van gebreken
Naast de wijzigingen op grond van de uitspraak van de Raad van State, zijn na de vaststelling van bestemmingsplan De Pijp 2018 nog enkele gebreken op de verbeelding geconstateerd. Deze gebreken worden in deze herziening ambtshalve gerepareerd. De reparaties betreffen de volgende adressen. 3.2.1
Hemonylaan 25A
Aan de Hemonylaan 25A is een supermarkt gevestigd. In bestemmingsplan De Pijp 2018 ontbreekt echter ten onrechte de functieaanduiding 'supermarkt (su)' op de verbeelding. Dit wordt in deze herziening hersteld. Daartoe is de verbeelding gewijzigd. 3.2.2
Tweede Jan van der Heijdenstraat 73
Het pand Tweede Jan van der Heijdenstraat 73 heeft in het bestemmingsplan De Pijp 2018 de bestemming 'Maatschappelijk'. De juiste bestemming moet zijn 'Wonen'. Dit wordt in deze herziening hersteld. Daartoe is de verbeelding gewijzigd. 3.2.3
Tweede Jan van der Heijdenstraat 101
Voor de Tweede Jan van der Heijdenstraat 101 is ten onrechte een zienswijze op het ontwerpbestemmingsplan De Pijp 2018 niet verwerkt. De juiste bestemming van dit pand moet zijn 'Gemengd - 1'. Dit wordt in deze herziening hersteld. Daartoe is de verbeelding gewijzigd. 3.2.4
Afwijkingsbevoegdheid buitenruimte kinderopvang
Voor meerdere percelen biedt artikel 13 'Tuin' (in bestemmingsplan De Pijp 2018) en artikel 7 'Tuin' (in bestemmingsplan De Pijp 2018 1e herziening) een afwijkingsbevoegdheid die het mogelijk maakt het onbebouwde deel van de tuin in gebruik nemen als buitenruimte bij kinderopvang. De respectievelijke afwijkingsbevoegdheden wijzen echter terug naar 'artikel 13.1 onder b: 'bijbehorende bouwwerken' (De Pijp 2018) en naar 'artikel 7.1 onder b: 'bijbehorende bouwwerken' (De Pijp 2018 1e herziening). Dit zou betekenen dat buitenruimte bij kinderopvang mogelijk gemaakt kan worden in bebouwing in de binnentuin, terwijl het gaat om buitenruimte in de open lucht. Dit wordt in deze herziening hersteld. Daartoe zijn de regels gewijzigd.
Voor de inhoud van de bestemmingen en voor het overige wordt verwezen naar de plantoelichting van het bestemmingsplan De Pijp 2018 dan wel de plantoelichting van het bestemmingsplan De Pijp 2018 eerste herziening.
bestemmingsplan_De Pijp 2018 tweede herziening (2021) (vastgesteld)
blz. 15
Hoofdstuk 4 4.1
Juridische planbeschrijving
Algemeen
Waar de overige paragrafen van deze bestemmingsplantoelichting de achtergronden van het bestemmingsplan belichten, geeft deze paragraaf een toelichting op de bestemmingsplanregels. Uitgelegd wordt wat de bedoeling en strekking is van de verschillende onderdelen van de regels. Daartoe worden in deze paragraaf de regels per artikel toegelicht. Het (juridisch deel van het) bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding en regels, vergezeld van een toelichting. De verbeelding heeft een functie van visualisering van de bestemmingen. De verbeelding vormt samen met de regels het voor de burgers bindende deel van het bestemmingsplan. De regels bevatten het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden, bepalingen omtrent de toegelaten bebouwing, regelingen betreffende het gebruik van aanwezige en/of op te richten bouwwerken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken. Per hoofdstuk zullen de diverse regels artikelsgewijs worden besproken. De toelichting heeft geen bindende werking; de toelichting maakt juridisch ook geen onderdeel uit van het bestemmingsplan, maar heeft wel een belangrijke functie bij de weergave en onderbouwing van het plan en ook bij de uitleg van de bestemming en overige regels.
4.2
Planvorm
Uitgangspunt voor dit plan is het doorvoeren van de uitspraak van de Raad van State en het vastleggen van de legale bestaande situatie. Het plan heeft een conserverend karakter.
4.3
Artikelsgewijze toelichting
4.3.1
Toelichting op de planregels
Het plan bevat negen artikelen. Ten opzichte van de bestemmingsplannen De Pijp 2018 en De Pijp 2018 eerste herziening is een aantal bestemmingen gewijzigd. Het betreft de bestemmingen 'Gemengd -1', 'Gemengd- 2', 'Maatschappelijk' en 'Tuin'. Omdat het plan is gemaakt conform de SVBP 2012 staan er enkele verplichte onderdelen in die ook al in de bestemmingsplannen De Pijp 2018 en De Pijp 2018 eerste herziening zijn opgenomen, maar waar geen wijzigingen aan hebben plaatsgevonden. Dit betreft de bestemming 'Wonen' en de dubbelbestemming 'Waarde - Landschap'. De bijbehorende artikelen zijn louter opgenomen vanwege technische redenen. Inhoudelijk is er aan deze artikelen niets gewijzigd ten opzichte van de bestemmingsplannen De Pijp 2018 en De Pijp 2018 eerste herziening. 4.3.2
Toelichting op de bestemmingen
In deze paragraaf worden de juridische aspecten van de bestemmingsbepalingen toegelicht. HOOFDSTUK 1 - INLEIDENDE REGELS Artikel 1 - Begrippen - geeft een omschrijving van een aantal begrippen die in de regels worden gebruikt. Hiermee wordt formeel vastgelegd wat wel en wat niet onder het betreffende begrip moet Gemeente Amsterdam
blz. 16
worden verstaan. De begrippen die in de bestemmingsplannen De Pijp 2018 en De Pijp 2018 eerste herziening zijn opgenomen, voor zover niet in dit plan gewijzigd, van kracht. HOOFDSTUK 2 - BESTEMMINGSREGELS Artikel 2 - Gemengd -1 De bestemming 'Gemengd - 1' wordt niet gewijzigd ten opzichte van de bestemmingsplannen de Pijp 2018 en De Pijp 2018 eerste herziening. Ten aanzien van de vergunde situatie voor de Karel du Jardinstraat 67: Is de verbeelding aangepast door het opnemen van de vergunde situatie. Het betreft het bestemmingsvlak, de bouwhoogtes, de positie van de ontsluiting naar de ondergrondse parkeergarage en de ligging van de dubbelbestemming 'Waarde - Landschap' over de bestemming 'Tuin'. Is aan de regels toegevoegd dat fietsparkeerplekken in de begane grond zijn toegestaan en dat ter plaatse van de functieaanduiding 'ontsluiting (os)' een toegang voor auto's tot de ondergrondse parkeergarage is toegestaan. Deze aanpassingen van de verbeelding en toevoegingen aan de regels hebben tot doel om de vergunde situatie vast te leggen. Artikel 3 - Gemengd - 2 De bestemming 'Gemengd -2' wordt niet gewijzigd ten opzichte van de bestemmingsplannen de Pijp 2018 en De Pijp 2018 eerste herziening. Ten aanzien van de Van Woustraat 74A: Is aan de regels toegevoegd dat ter plaatse een vestiging van horeca van categorie 4B is toegestaan.
Is op de verbeelding de functieaanduiding 'horeca van categorie 4B (h=4B)' toegevoegd. Deze toevoegingen aan de regels hebben tot doel ter plaatse horeca van categorie 4B toe te staan. De bestemming 'Gemengd -2' wordt gewijzigd ten aanzien van het opnemen van de bestaande rechten voor 'kantoor' in de hogere bouwlagen van de Ferdinand Bolstraat 89-91 en Eerste Jan Steenstraat 84/84A: Is in de regels gewijzigd dat ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van gemengd 3 (sgd-3)' kantoren zijn toegestaan in de tweede bouwlaag en hoger. Deze wijziging heeft tot doel kantoren niet uitsluitend in de tweede bouwlaag toe te staan, maar in de tweede bouwlaag en hogere bouwlagen. Artikel 3 - Maatschappelijk De bestemming 'Maatschappelijk' wordt niet gewijzigd ten opzichte van de bestemmingsplannen de Pijp 2018 en De Pijp 2018 eerste herziening. Ten aanzien van de vergunde situatie voor de Karel du Jardinstraat 61-65: Is de verbeelding aangepast door het opnemen van de vergunde situatie. Het betreft het bestemmingsplan_De Pijp 2018 tweede herziening (2021) (vastgesteld)
blz. 17
bestemmingsvlak, de bouwhoogtes, de positie van de ontsluiting naar de ondergrondse parkeergarage en de ligging van de dubbelbestemming 'Waarde - Landschap' over de bestemming 'Tuin'. Is aan de regels toegevoegd ter plaatse van de functieaanduiding 'ontsluiting (os)' een toegang voor auto's tot de ondergrondse parkeergarage is toegestaan en dat aan de achtergevel balkons zijn toegestaan tot 1,25 meterdiepte. Deze aanpassingen van de verbeelding en toevoegingen aan de regels hebben tot doel om de vergunde situatie vast te leggen. Artikel 5 - Tuin De bestemming 'Tuin' wordt gewijzigd ten opzichte van de bestemmingsplannen de Pijp 2018 en De Pijp 2018 eerste herziening. Met betrekking tot de afwijkingsbevoegdheid om in de binnentuinen buitenruimte bij kinderopvang mogelijk te maken, worden in het plan wordt artikel 13.5.1, en in de eerste herziening wordt artikel 7.5.1 de regels gewijzigd: Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd, overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.6, lid 1, onder c van de Wet ruimtelijke ordening, om in afwijking van het in artikel 13.1 respectievelijk artikel 7.1 onder a genoemde gebruik een omgevingsvergunning te verlenen ten behoeve van het gebruik van onbebouwde gronden voor kinderopvang onder voorwaarden dat: a. het gebruik ten dienste is van de functie in het hoofdgebouw; b.
het woon- en leefklimaat ter plaatse niet onevenredig wordt aangetast; c. aangetoond is dat de ontwikkeling in de tuin niet ten koste gaat van (waardevolle) bomen in de (binnen)tuin. Deze wijziging in de regels heeft tot doel om met deze afwijkingsbevoegdheid buitenruimte bij kinderopvang mogelijk te maken op het onbebouwde deel van de binnentuin, in de open lucht. De oude verwijzing naar 'onder b' was niet correct, aangezien daarmee buitenruimte bij kinderopvang mogelijk werd gemaakt in bebouwing op de binnentuin. Artikel 6 - Wonen Dit artikel maakt geen onderdeel uit van het bestemmingsplan De Pijp 2018 tweede herziening (2021), maar is louter opgenomen vanwege technische redenen. Inhoudelijk is er aan dit artikel niets gewijzigd ten opzichte van bestemmingsplannen de Pijp 2018 en De Pijp 2018 eerste herziening. Artikel 7 - Waarde - Landschap Dit artikel maakt geen onderdeel uit van het bestemmingsplan De Pijp 2018 tweede herziening (2021), maar is louter opgenomen vanwege technische redenen. Inhoudelijk is er aan dit artikel niets gewijzigd ten opzichte van bestemmingsplannen de Pijp 2018 en De Pijp 2018 eerste herziening. HOOFDSTUK 3 - OVERGANGS- EN SLOTREGELS Artikel 8 - Overgangsrecht De overgangsregels komen overeen met de regels in het bestemmingsplannen de Pijp 2018 en De Pijp 2018 eerste herziening. Artikel 9 - Slotregel Gemeente Amsterdam
blz. 18
De slotregel ten slotte geeft de officiële benaming van dit bestemmingsplan weer.
bestemmingsplan_De Pijp 2018 tweede herziening (2021) (vastgesteld)
blz. 19
Hoofdstuk 5 5.1
Economische uitvoerbaarheid
Planschaderisico
Met deze herziening worden geen bouw- en gebruiksrechten wegbestemd. In het plangebied worden de bestaande dan wel vergunde bouwhoogten vastgelegd. In het kader van de vaststelling van het bestemmingsplan De Pijp 2018 is een planschade-onderzoek verricht. Met de voorliggende tweede herziening wordt uitsluitend beoogd uitvoering te geven aan de uitspraak van de Raad van State. De eerdere planschaderisicoanalyse blijft daarmee actueel. De conclusie is dat er door deze herziening geen sprake is van planologisch nadeel ten opzichte van de oorspronkelijke situatie en derhalve geen planschade is te verwachten.
5.2
Exploitatieplan
Het bestemmingsplan maakt , met uitzondering van het mogelijk maken van horeca van categorie 4B in de Van Woustraat 74A en het gedeeltelijk wijzigen van de bestemming 'Maatschappelijk' naar 'Wonen' in voor het Afrikahuis, geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk. Deze ontwikkelingen zijn echter dermate beperkt van aard, dat het niet nodig is om hiervoor een exploitatieplan vast te stellen. De financieel-economische uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan is dan ook niet in het geding.
Gemeente Amsterdam
blz. 20
bestemmingsplan_De Pijp 2018 tweede herziening (2021) (vastgesteld)
blz. 21
Hoofdstuk 6 6.1
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Participatie
Dit bestemmingsplan is tot stand gekomen naar aanleiding van een uitspraak van de Afdeling van 10 februari 2021, waarin is bepaald dat binnen 26 weken na de uitspraak een nieuw besluit moest worden genomen en dat voorafgaand aan de vaststelling van het plan geen ontwerp van de herziening ter inzage behoeft te worden gelegd. De openbare voorbereidingsprocedure is derhalve niet gevolgd. De meeste procespartijen zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld. Indien er geen twijfel bestond over de verwerking van de uitspraak van de Raad van State, is geen (vervolg)overleg gevoerd met procespartijen. Deze onderdelen gaven geen aanleiding tot inhoudelijke discussie en zijn in deze herziening verwerkt conform de uitspraak van de Raad van State. Met een klein aantal eigenaren/beheerders van de gebouwen en belanghebbenden is wel gesproken. Doel hiervan was een verdiepend gesprek voeren naar aanleiding van de uitspraak van de Raad van State en/of verschillende onderdelen van de uitspraak te verifiëren. In onderstaande overzicht is aangegeven met betrekking tot welk percelen gesprekken zijn gevoerd. Daarbij is tevens aangegeven of met de wie de gesprekken hebben plaatsgevonden. Van Woustraat 74, gesproken met: Voorzitter van Comité de Oude Pijp. Het Afrikahuis Van Ostadestraat 270 gesproken met: vertegenwoordiger van de eigenaar, het Bisdom Haarlem - Amsterdam en hun advocaat.
Karel du Jardinstraat 61- 65 en 67 (oude stadsdeelkantoor) gesproken met: vertegenwoordiger van de eigenaar, Caransa Group B.V. en hun advocaat. Tweede Jan van der Heijdenstraat 101 gesproken met: de eigenaar. Ferdinand Bolstraat 47, 49, 79, 81, 88, 97, 101, 122, en 124: op verzoek mail gestuurd inzake de procedure en inspraakmogelijkheid aan de advocaat van de eigenaar, VastNed Retail B.V.
Gemeente Amsterdam
blz. 22
bestemmingsplan_De Pijp 2018 tweede herziening (2021) (vastgesteld)
blz. 23
Bijlagen bij de toelichting
Gemeente Amsterdam
blz. 24
bestemmingsplan_De Pijp 2018 tweede herziening (2021) (vastgesteld)
blz. 25
Bijlage 1
Uitspraak Raad van State 10 februari 2021
Gemeente Amsterdam
Uitspraak 201808944/1/R1
ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:281
Datum uitspraak
10 februari 2021
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 19 september 2018 heeft de raad van de gemeente Amsterdam het bestemmingsplan "De Pijp 2018" vastgesteld. Het bestemmingsplan "De Pijp 2018" heeft voornamelijk als doel om het bestemmingsplan "De Pijp 2005" te actualiseren. Het bestemmingsplan dat bij het 6:19-besluit is vastgesteld, omvat hetzelfde plangebied als het plan "De Pijp 2018" met correcties voor enkele percelen. In de inleidende planregels van het 6:19besluit is bepaald dat voor zover de planregels niet zijn gewijzigd, alle planregels die in het bestemmingsplan "De Pijp 2018" zijn vastgesteld van kracht blijven. In dit plan is verder aan diverse percelen de bestemming "Waarde - Cultuurhistorie 1" of "Waarde - Cultuurhistorie 2" toegekend. Comité Oude Pijp en anderen kunnen zich niet verenigen met de aanduiding "horeca van categorie 4" die is toegekend aan het perceel Van Woustraat 74A, waar Thai Food een eetcafé exploiteerde.
Volledige tekst 201808944/1/R1. Datum uitspraak: 10 februari 2021 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak in het geding tussen: Comité Oude Pijp en anderen, gevestigd te Amsterdam, 2. [appellante sub 2], gevestigd te Amsterdam,
Uitspraak 201808944/1/R1
1
3. Caransa Group B.V. (hierna: Caransa), gevestigd te Amsterdam, 4. [appellante sub 4], gevestigd te Amsterdam, en andere, 5. [appellant sub 5], wonend te Amsterdam, 6. Maatschap Centrum Vastgoed (hierna: MCV), gevestigd te Amsterdam, en anderen, 7. Bisdom Haarlem - Amsterdam (hierna: het Bisdom), gevestigd te Amsterdam, 8. Aalborg Hotel Management B.V. (hierna: Aalborg Hotel), gevestigd te Amsterdam, 9. VastNed Retail Nederland B.V. (hierna: VastNed), gevestigd te Amsterdam, appellanten, en de raad van de gemeente Amsterdam, verweerder. Procesverloop Bij besluit van 19 september 2018 heeft de raad het bestemmingsplan "De Pijp 2018" vastgesteld. Tegen dit besluit hebben Comité Oude Pijp en anderen, MCV en anderen, VastNed, het Bisdom, Aalborg Hotel, [appellante sub 4] en anderen, [appellante sub 2], Caransa en [appellant sub 5] beroep ingesteld. De raad heeft een verweerschrift ingediend. Bij besluit van 9 oktober 2019 heeft de raad het bestemmingsplan "De Pijp 2018 1e herziening" (hierna: het 6:19-besluit) vastgesteld. Daartoe in de gelegenheid gesteld hebben [appellante sub 2], Caransa, [appellante sub 4] en andere, VastNed en het Bisdom een reactie gegeven op het 6:19-besluit. Het Bisdom, Comité Oude Pijp en anderen, [appellante sub 2], MCV en anderen, VastNed, MCV en anderen, Thai Food Café Oostpoort B.V.
(hierna: Thai Food), [appellant sub 5] en de raad hebben nadere stukken ingediend. De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 25 augustus 2020, waar Comité Oude Pijp en anderen, vertegenwoordigd door [gemachtigde A] en [gemachtigde B], MCV en anderen, vertegenwoordigd door [gemachtigde C], bijgestaan door mr. D. op de Hoek, advocaat te Amsterdam, VastNed, vertegenwoordigd door [gemachtigde D], bijgestaan door mr. M.H.J. van Driel, advocaat te Amsterdam, het Bisdom, vertegenwoordigd door [gemachtigde E], bijgestaan door mr. M.C. Brans, advocaat te Amsterdam, Aalborg Hotel, vertegenwoordigd door mr. M. Klaassen, advocaat te Amsterdam, [appellante sub 4] en andere, vertegenwoordigd door [gemachtigde F], bijgestaan door mr. A. Kamphuis, advocaat te Amsterdam, Caransa, vertegenwoordigd door [gemachtigde G], bijgestaan door mr. A. Franken van Bloemendaal, advocaat te Amsterdam, [appellant sub 5], en de raad, vertegenwoordigd door mr. S.L. Mercker en drs. E. Slotboom, zijn verschenen. Overwegingen 1. Bij de vaststelling van een bestemmingsplan moet de raad bestemmingen aanwijzen en
Uitspraak 201808944/1/R1
2
regels geven die de raad uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening nodig acht. De raad heeft daarbij beleidsruimte en moet de betrokken belangen afwegen. De Afdeling beoordeelt aan de hand van de beroepsgronden of het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan in overeenstemming is met het recht. De Afdeling stelt niet zelf vast of het plan in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening, maar beoordeelt aan de hand van die gronden of de raad zich in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat het plan strekt ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening. Verder moet volgens vaste rechtspraak van de Afdeling, bijvoorbeeld de uitspraak van 27 januari 2021, ECLI:NL:RVS:2021:172, in beginsel legaal bestaand gebruik als zodanig in het bestemmingsplan wordt bestemd. Indien nieuwe planologische inzichten daartoe aanleiding geven en het belang bij de beoogde nieuwe bestemming zwaarder weegt dan de gevestigde rechten en belangen, kan uit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening daarvan worden afgezien. Voorts geldt volgens vaste rechtspraak van de Afdeling, bijvoorbeeld de uitspraak van 22 augustus 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2802, het beginsel dat een bestaand legaal bouwwerk bij de vaststelling van een bestemmingsplan positief wordt bestemd, ook voor een bouwwerk dat weliswaar nog niet is opgericht, maar wel onherroepelijk is vergund.
De raad heeft het beginsel dat bestaand legaal gebruik als zodanig moet worden bestemd ook als uitgangspunt aan het plan ten grondslag gelegd. 2. De relevante planregels zijn opgenomen in de bij deze uitspraak behorende bijlage. 3. Het bestemmingsplan "De Pijp 2018" heeft voornamelijk als doel om het bestemmingsplan "De Pijp 2005" te actualiseren. Het bestemmingsplan dat bij het 6:19-besluit is vastgesteld, omvat hetzelfde plangebied als het plan "De Pijp 2018" met correcties voor enkele percelen. In de inleidende planregels van het 6:19-besluit is bepaald dat voor zover de planregels niet zijn gewijzigd, alle planregels die in het bestemmingsplan "De Pijp 2018" zijn vastgesteld van kracht blijven. In dit plan is verder aan diverse percelen de bestemming "Waarde Cultuurhistorie 1" of "Waarde - Cultuurhistorie 2" toegekend. Het beroep van Comité Oude Pijp en anderen 4. Comité Oude Pijp en anderen kunnen zich niet verenigen met de aanduiding "horeca van categorie 4" die is toegekend aan het perceel Van Woustraat 74A, waar Thai Food een eetcafé exploiteerde. Zij betogen dat de raad het standpunt dat horeca van categorie 4 ruimtelijk aanvaardbaar is op deze locatie onvoldoende heeft onderbouwd.
Zij betwisten de stelling van de raad dat op het perceel steeds horeca aanwezig is geweest en dat horeca van categorie 4 op grond van het voorheen geldende plan onder het overgangsrecht was toegestaan. Verder voeren zij aan dat het plan in strijd is met het beleid dat nieuwe horeca niet langer in het gebied wordt voorzien. Comité Oude Pijp en anderen betogen verder dat de raad op deze locatie alleen de lichtere versie van horeca categorie 4, te weten categorie 4B, mogelijk had kunnen maken en niet horeca van de categorie 4A. 5. Aan het perceel Van Woustraat 74A is de bestemming "Gemengd 2 en de aanduiding "horeca van categorie 4" toegekend. De bestemming en aanduiding zijn niet gewijzigd bij het 6:19-besluit. Het beroep van Comité Oude Pijp en anderen is van rechtswege tevens gericht tegen het 6:19-besluit. 5.1. In de plantoelichting is vermeld: "Het Horecabeleid Zuid 2011 is door de burgemeester vastgesteld en daarmee gemeentelijk beleid. Doelstelling van het horecabeleid is het verlevendigen en aantrekkelijker maken van het stadsdeel en het verruimen van mogelijkheden voor ondernemers, zonder dat het woon- en leefklimaat onder onevenredige druk komt te staan. Daarnaast wordt met het horecabeleid een bijdrage geleverd aan de
Uitspraak 201808944/1/R1
3
ruimtelijk-economische doelstellingen om stadsstraten en -pleinen te ontwikkelen, vrijetijdsmilieus met elkaar te verbinden en het toerisme in het stadsdeel te stimuleren. Om een gericht horecabeleid te voeren, hanteert Stadsdeel Zuid in nieuwe bestemmingsplannen een aantal horecacategorieën. Deze categorisering vindt zijn grondslag in ruimtelijk en sociaal relevante aspecten als ruimtelijke uitstraling, verkeersaantrekkende werking, invloed op directe (woon)omgeving, geluid- en stank overlast en sociale veiligheid. Om de lichtste categorie Horeca IV die in het voorliggend bestemmingsplan is aangeduid als horeca van categorie 4 nader te specificeren, is deze categorie opgesplitst in twee subcategorieën: IV A (restaurant, eetcafé); IV B (lunchroom, ijssalon, koffiehuis, theehuis, juicebar). Overigens wordt in dit bestemmingsplan geen onderscheid gemaakt in deze twee categorieën. Een eetcafé levert in het algemeen meer belasting op voor het woon- en leefklimaat dan een lunchroom of koffiehuis. Koffiehuizen en lunchrooms sluiten doorgaans in Amsterdam aan het begin van de avonduren terwijl de restaurants en eetcafés pas sluiten aan het eind van de door de APV voorgeschreven uren (01.00 uur doordeweeks, 03.00 uur in het weekend). Een horecabedrijf met meer dan één activiteit valt onder de categorie die de meeste overlast veroorzaakt." 5.2.
De raad heeft zich bij de vaststelling van het plan op 19 september 2018 op het standpunt gesteld dat de horecagelegenheid op het perceel onder het overgangsrecht van het voorheen geldende plan viel en daarmee als bestaande horeca moest worden aangemerkt toen het plan in 2018 werd vastgesteld. Het toekennen van de horecabestemming is daarom in overeenstemming met zijn beleid om niet te voorzien in nieuwe horeca, maar wel om bestaande legale horeca positief te bestemmen.. De voorzieningenrechter heeft in zijn uitspraak van 21 december 2018, ECLI:NL:RVS:2018:4227, overwogen dat het aannemelijk is dat op het moment van vaststelling van het plan de horeca-activiteiten niet onder het overgangsrecht vielen en dat ter plaatse nieuwe horeca mogelijk is gemaakt. Verder heeft de voorzieningenrechter overwogen dat de raad niet door middel van een locatiespecifiek onderzoek de gevolgen van de exploitatie van een eetcafé - of een horeca 4-inrichting - op het perceel voor het woon- en leefklimaat van omwonenden heeft onderzocht en beoordeeld, en evenmin daarbij heeft betrokken waarom hij op dit perceel, gelet op het beleid, nieuwe horeca toch mogelijk acht. De Afdeling ziet geen aanleiding voor een ander oordeel dan de voorzieningenrechter heeft gegeven. Het betoog slaagt daarom. 5.3.
De raad heeft met het oog op het in stand laten van de rechtsgevolgen thans gesteld dat nieuwvestiging van horeca ter plaatse planologisch aanvaardbaar kan worden geacht. Hij wijst er op dat door Van Riezen & Partners in 2019 een locatiespecifiek onderzoek is uitgevoerd en dat gelet op de aanbevelingen in de VNG-brochure Bedrijven en Milieuzonering (hierna: de VNG-brochure) nieuwvestiging van horeca van het type IV toelaatbaar is. De raad wijst er op dat het gebied in de omgeving van de Van Woustraat 74A een gebied met functiemenging in de zin van de VNG-brochure is. In de 'Bedrijvenlijst functiemenging' van de VNG zijn restaurants, cafetaria's, snackbars, en dergelijke aangemerkt als bedrijven in categorie A. In een gebied met functiemenging zijn volgens de VNG-brochure categorie Abedrijven aan- en inpandig bij woningen toelaatbaar. De raad stelt dat daardoor de horecafunctie van categorie 4 op het perceel Van Woustraat 74A ruimtelijk aanvaardbaar kan
Uitspraak 201808944/1/R1
4
worden geacht. 5.4. De Afdeling ziet voor het in stand laten van de rechtsgevolgen evenwel geen aanleiding. De raad heeft onvoldoende inzichtelijk gemaakt waarom hij er in dit geval gezien de argumenten van het Comité Oude Pijp en anderen niet voor heeft gekozen om alleen de lichtere variant van horecacategorie 4, te weten horecacategorie 4B, mogelijk te maken, nu het Horecabeleid Zuid 2011 uitdrukkelijk in een opsplitsing van deze categorie voorziet. Het locatiespecifieke onderzoek gaat in op de afstanden die in de VNG-brochure zijn aanbevolen en op de karakterisering van het gebied waar de woningen en het perceel Van Woustraat 74A onderdeel van zijn. In dat onderzoek is echter niet ingegaan op de specifieke ruimtelijke gevolgen van een horeca van categorie 4 voor de directe woonomgeving, zoals mogelijke geluidoverlast en zichthinder, hinder van bezoekers- en bevooradingsverkeer en een aantasting van de privacy. Uitleg begrip straatwand 6. Het Comité Oude Pijp en anderen kunnen zich niet verenigen met artikel 6 lid 6.4.2, onder c, van de planregels. Zij betogen dat uit deze regel niet duidelijk blijkt hoe de 25%-regel voor horeca binnen een straatwand moet worden berekend. Zij wijzen er op dat nu het pand van Thai Food op een hoek ligt, beide kanten van de hoek zouden moeten meetellen bij het bepalen van het aantal meters horeca in een straatwand. 6.1.
Het begrip straatwand is in artikel 1 lid 1.81 van de planregels omschreven als "aan een straat gelegen zijde van een aaneengesloten bouwblok, welke aan weerszijden begrensd wordt door openbare ruimte en/of begrensd wordt door verandering van straatnaam." Uit deze omschrijving vloeit duidelijk voort dat, anders dan het Comité Oude Pijp en anderen stellen, bij het bepalen van de straatwand het deel van het pand dat om de hoek ligt van die straatwand, niet meetelt in het berekenen van het percentage van 25%. Dit betoog slaagt niet. Uitvoerbaarheid 7. Comité Oude Pijp en anderen betogen dat het plan niet uitvoerbaar is, zoals blijkt uit de omstandigheid dat de huidige ondernemer haar exploitatie heeft beëindigd omdat op grond van het gemeentelijke terrassenplan geen terrasexploitatie mogelijk is. Ook toekomstige exploitanten zullen volgens hen geen terrasvergunning kunnen krijgen. 7.1. De Afdeling ziet geen aanleiding voor het oordeel dat de enkele omstandigheid dat geen exploitatievergunning is verleend in het verleden, betekent dat geen enkele horeca-activiteit van categorie 4 op het perceel kan worden uitgeoefend of dat in de toekomst geen exploitatievergunning zal worden verleend voor een andere horecagelegenheid dan het eetcafé van Thai Food. Dit betoog slaagt niet. Conclusie 8. De beroepen van het Comité Oude Pijp en anderen zijn gegrond.
Het besluit waarbij het plan "De Pijp 2018" is vastgesteld dient te worden vernietigd wegens strijd met artikel 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb), voor zover het betreft de aanduiding "horeca van categorie 4", ter plaatse van het perceel Van Woustraat 74A. Nu bij het 6:19besluit deze aanduiding is gehandhaafd, komt ook het 6:19-besluit in zoverre voor vernietiging in aanmerking. Het beroep van [appellante sub 2] 9. [appellante sub 2] kan zich niet verenigen met het plan voor zover de bestemming "Tuin" is
Uitspraak 201808944/1/R1
5
toegekend aan haar perceel aan de achterzijde van de [locatie 1], tussen de Tweede Jacob van Campenstraat en de Gerard Doustraat. Volgens [appellante sub 2] heeft de raad miskend dat een omgevingsvergunning zou worden verleend voor een nieuwe woning op dat deel van het perceel. [appellante sub 2] betoogt dat de vergunning had moeten worden vertaald in het besluit van 19 september 2018 dan wel bij het 6:19-besluit. [appellante sub 2] wijst er verder op dat de raad in het voorontwerp van het plan positief stond tegenover het plan om een woning daar te realiseren. 9.1. De raad stelt dat het college van burgemeester en wethouders al op 17 juli 2018 de (concept -) nota van zienswijzen had opgesteld en dat toen nog geen ontwerp van het besluit tot vergunningverlening ter inzage was gelegd. Omdat het ontwerp pas op 8 augustus 2018 ter inzage is gelegd en de (concept-) nota van zienswijzen toen al was opgesteld, kon hij de gewenste ontwikkeling niet meer in het plan opnemen. Zolang het ontwerpbesluit tot vergunningverlening nog niet beschikbaar was, was onvoldoende duidelijk in hoeverre kon worden meegewerkt aan de gewenste ontwikkeling. Ook stelt de raad zich op het standpunt dat een te verlenen vergunning niet per definitie moet worden meegenomen in een lopende procedure tot planherziening.
Tot het moment waarop de omgevingsvergunning onherroepelijk is, is het verlenen van de vergunning volgens de raad enkel een omstandigheid die mee wordt genomen in de belangenafweging bij het vaststellen van het plan. 9.2. Aan de achterzijde van de [locatie 1] is in het plan "De Pijp 2018" de bestemming "Tuin" toegekend. Het plan voorziet hier niet in een woning. Deze bestemming is niet gewijzigd bij het 6:19-besluit. Het beroep van [appellante sub 2] is van rechtswege tevens gericht tegen het 6:19-besluit. 9.3. Over het betoog dat de omgevingsvergunning had moeten worden meegenomen in het plan "De Pijp 2018", overweegt de Afdeling dat de raad niet inzichtelijk heeft gemaakt waarom hij ten tijde van de vaststelling van dit plan nog geen inschatting kon maken van de aanvaardbaarheid van het niet ingrijpende initiatief van [appellante sub 2]. Gelet op de omstandigheden, zoals door [appellante sub 2] uiteengezet, had het evenwel op de weg van de raad gelegen om een zelfstandige afweging te maken of hij ter plaatse een woning ruimtelijk aanvaardbaar acht. Het besluit berust in zoverre niet op een deugdelijke motivering. Over het 6:19-besluit heeft de raad ter zitting erkend dat de vergunning ten tijde van het nemen van dat besluit onherroepelijk was geworden en had kunnen worden vertaald in het 6:19-besluit.
Gelet hierop is het 6:19-besluit in zoverre onvoldoende zorgvuldig voorbereid. Het betoog slaagt. Conclusie 10. De beroepen van [appellante sub 2] zijn gegrond. Het besluit waarbij het plan "De Pijp 2018" is vastgesteld en het 6:19-besluit dienen te worden vernietigd wegens strijd met artikel 3:46 van de Awb en artikel 3:2 van de Awb, voor zover niet is voorzien in een woning aan de achterzijde van het perceel [locatie 1] te Amsterdam. Het beroep van Caransa 11. Caransa wenst het oude stadsdeelkantoor dat op de percelen Karel du Jardinstraat 61-65 en 67 staat, te herontwikkelen tot woningen en gebouwen met maatschappelijke functies. De herontwikkeling bestaat uit twee op zichzelf staande, zelfstandig vergunde fases. In fase 1 worden de eerste tot en met vierde verdieping van de huidige hoogbouw aan Karel du Jardinstraat 61-65 getransformeerd tot 53 woningen. In fase 2 wordt een nieuw
Uitspraak 201808944/1/R1
6
appartementengebouw opgericht aan Karel du Jardinstraat 67, ter plaatse van de inmiddels gesloopte bebouwing. In dat gebouw komen 24 woningen. 11.1. Caransa kan zich niet verenigen met de bestemming die aan haar perceel Karel du Jardinstraat 61-65 en 67 is toegekend. Zij betoogt dat de omgevingsvergunning voor fase 1 niet geheel is vertaald in het plan en dat de vergunning fase 2 helemaal niet in het plan is verwerkt. Wat betreft de omgevingsvergunning voor fase 1 had in het bestemmingsplan expliciet moeten worden voorzien in inpandige fietsparkeerplaatsen en zonnepanelen. Ook had overeenkomstig de omgevingsvergunning de maximale bouwhoogte in het plan op 26 m moeten worden vastgesteld. Ook het bestemmingsvlak en het bouwvlak hadden zodanig verruimd moeten worden dat het gehele vergunde (grotendeels bestaande) gebouw binnen de bestemming "Maatschappelijk" en de functieaanduiding "specifieke vorm van maatschappelijk - 1" valt. Verder had het gebruik van de dakterrassen, balkons aan de achterzijde en buitenruimten moeten worden toegestaan en had geborgd moeten zijn dat de parkeergarage zowel ten behoeve van de functie wonen als de functie maatschappelijk kan worden gebruikt. Wat betreft de omgevingsvergunning voor fase 2 had volgens Caransa het plan moeten voorzien in een maatschappelijk functie in de plint.
Ook voor fase 2 hadden inpandige fietsparkeerplaatsen en de plaatsing van zonnepanelen moeten worden toegestaan. Ook had moeten worden voorzien in een maximale bouwhoogte van 18 m en had het bestemmingsvlak en bouwvlak zodanig moeten worden verruimd, dat het hele vergunde gebouw binnen de benodigde bestemmingen valt. Tot slot hadden het gebruik van de beoogde dakterrassen en buitenruimten, (het gebruik van) de balkons aan de voorzijde en het gebruik van de parkeergarage zowel ten behoeve van de functie wonen als de functie maatschappelijk moeten worden geborgd. 11.2. Aan de percelen Karel du Jardinstraat 61-65 en 67 is in het plan "De Pijp 2018" de bestemming "Maatschappelijk" toegekend. In het 6:19-besluit zijn deze bestemming en de bijbehorende planregels ongewijzigd gebleven. Caransa heeft een beroep van rechtswege tegen het 6:19-besluit. 11.3. De omgevingsvergunning voor fase 1 is bij besluit van 13 december 2016 verleend en naar aanleiding van bezwaren aangepast bij besluit van 29 november 2017. Dit besluit is vervolgens onherroepelijk geworden. De omgevingsvergunning voor fase 2 is onherroepelijk geworden op 28 augustus 2019.
De raad heeft wat betreft fase 1 erkend dat enkele door Caransa genoemde aspecten zoals het verruimen van de bouwhoogte tot 26 m abusievelijk niet zijn meegenomen in het plan dat bij besluit van 19 september 2018 is vastgesteld en dat ook niet is hersteld bij het 6:19-besluit. Over de omgevingsvergunning voor fase 2 stelt de raad dat enkele genoemde onderwerpen hadden kunnen worden meegenomen in het 6:19besluit, maar dat dit niet is onderkend. Gelet hierop zijn beide besluiten onvoldoende zorgvuldig voorbereid en genomen. Het betoog slaagt. Conclusie 11.4. De beroepen tegen het besluit waarbij het plan "De Pijp 2018" is vastgesteld en het 6:19-besluit zijn gegrond. De besluiten dienen wegens strijd met artikel 3:2 van de Awb te worden te worden vernietigd voor zover daarbij de bestemming "Maatschappelijk" is toegekend. De raad dient bij het nieuw te nemen besluit te beoordelen welke door Caransa genoemde onderwerpen uit de omgevingsvergunningen moeten worden overgenomen in het vast te stellen plan.
Uitspraak 201808944/1/R1
7
Het beroep van [appellante sub 4] en andere 12. [appellante sub 4] en andere zijn eigenaar of huurder van het pand op de hoek van de Ferdinand Bolstraat en de Eerste Jan Steenstraat, ter hoogte van de [locatie 2]. Op de begane grond van het pand is een supermarkt van de keten Jumbo gevestigd. Bestemming "Waarde - Landschap" 13. [appellante sub 4] en andere kunnen zich niet verenigen met de dubbelbestemming "Waarde - Landschap" die is toegekend aan een deel van het perceel. [appellante sub 4] en andere betogen dat de exploitatie van de supermarkt, die deels op gronden met deze dubbelbestemming geschiedt, zich niet verhoudt met de bestemmingsomschrijving van de dubbelbestemming. Zij wijzen er op dat de raad gelet op de nota van zienswijzen uitdrukkelijk heeft beoogd de supermarkt ter plaatse mogelijk te maken. 13.1. De raad stelt dat geen zienswijze tegen de dubbelbestemming is ingediend en dat het beroep daarom op dit punt niet-ontvankelijk is. 13.2. In het ontwerp van het plan waren aan het perceel de bestemmingen "Tuin" en Gemengd - 2" toegekend alsook de dubbelbestemming "Waarde - landschap. In de zienswijze hebben [appellante sub 4] en andere zich onder meer gericht op het positief bestemmen van zowel de bebouwing als het gebruik van de supermarkt op de begane grond.
Daarbij hebben zij verzocht om één enkelbestemming toe te kennen, zodat voor de hele locatie dezelfde planregels gelden. In deze zienswijze heeft de raad aanleiding gezien de begrenzingen wel te wijzigen van de bestemmingen "Tuin" en "Gemengd - 2", maar niet van de dubbelbestemming "Waarde - Landschap". Naar het oordeel van de Afdeling behelst de zienswijze evenwel ook het impliciete verzoek om de begrenzing van de dubbelbestemming "Waarde - Landschap" aan te passen, nu op grond van artikel 24 lid 24.1 en artikel 24 lid 24.2 van de planregels geen gebouwen binnen die bestemming zijn toegestaan. De Afdeling ziet daarom geen aanleiding om het beroep om die reden niet-ontvankelijk te verklaren. 13.3. Over het niet wijzigen van de begrenzing van de dubbelbestemming "Waarde Landschap" overweegt de Afdeling dat de raad niet inzichtelijk heeft gemaakt waarom in dit geval de begrenzing niet is aangepast aan de bestaande, legaal aanwezige bebouwing op het perceel in die zin dat die bestaande bebouwing buiten deze dubbelbestemming is gebracht, terwijl het de bedoeling van de raad is geweest om de bestaande bebouwing positief te bestemmen. Het besluit van 19 september 2018 berust in zoverre niet op een deugdelijke motivering. Omdat bij het 6:19-besluit de bestemming "Waarde - Landschap" niet is gewijzigd, berust ook dit besluit op een ondeugdelijke motivering. Het betoog slaagt.
Kantoren 14. [appellante sub 4] en andere kunnen zich niet verenigen met de bestemming "Gemengd 2", die aan het perceel is toegekend, voor zover daarin niet is voorzien in een kantoorfunctie voor de derde, vierde en vijfde bouwlaag van het pand. Zij wijzen er op dat de verdiepingen nu als kantoorruimte worden verhuurd en dat hiervoor ook bij besluit van 27 juni 2002 een bouwvergunning en vrijstelling van het destijds geldende bestemmingsplan is verleend. [appellante sub 4] en andere stellen verder dat de raad na overleg op 23 augustus 2018 en dus voor de vaststelling van het plan ook heeft erkend dat de kantoren op de hogere bouwlagen vergund waren. 14.1. De raad heeft gesteld dat de indeling van het gebouw ingewikkeld is. Op de bouwtekeningen is volgens hem te zien dat zich in het pand aan de zijde van de Eerste Jan
Uitspraak 201808944/1/R1
8
Steenstraat met name spreekkamers bevinden. Voor de zijde aan de Ferdinand Bolstraat is kantoorruimte op de bouwtekening ingetekend. Uit die tekeningen is niet eenduidig af te lezen hoe deze spreekkamers in verbinding staan met de kantoorruimte en dat het nu feitelijk één gebouw is geworden. Ook vanaf de buitenzijde is niet vast te stellen of de ruimte wordt gebruikt voor kantoren. 14.2. Aan het perceel is de bestemming "Gemengd - 2" toegekend. Verder is aan een groot deel van het perceel de aanduiding "specifieke vorm van gemengd - 3" toegekend. Gelet op artikel 6 lid 6.1 aanhef en onder f gelezen in samenhang met artikel 6 lid 6.3.2, aanhef en onder a, van de planregels zijn hier enkel kantoren op de tweede bouwlaag toegestaan, met een maximum bruto vloeroppervlak van 300 m2 per vestiging. Op grond van artikel 6 lid 6.3.5, onder a en onder b, zijn de op het moment van inwerkingtreding van het plan bestaande vestigingen met een groter bruto vloeroppervlak toegestaan en zijn in die vestigingen alleen de niet-woonfuncties toegestaan die op het moment van inwerkingtreding van het plan aanwezig waren. In het 6:19-besluit zijn deze bestemming en de bijbehorende planregels ongewijzigd gebleven. [appellante sub 4] en andere hebben een beroep van rechtswege tegen het 6:19besluit. 14.3.
De Afdeling overweegt dat de raad in de nota van zienswijzen heeft uiteengezet dat hij zich bewust is van de vergunning die in 2002 is verleend. Het had gelet op die vergunning op de weg van de raad gelegen zich nader te informeren over de feitelijke situatie in het pand. De stelling van de raad dat het pand van buiten is geobserveerd en dat van buiten niet is te zien dat de derde, vierde en vijfde bouwlaag als kantoor wordt gebruikt, is daarvoor onvoldoende. De raad heeft verder niet gemotiveerd of en waarom het ruimtelijk niet aanvaardbaar is dat de verdiepingen als kantoor worden gebruikt. Het besluit van 19 september 2018 is daarmee onvoldoende zorgvuldig voorbereid en gemotiveerd. Nu op grond van het 6:19-besluit dezelfde regeling voor het perceel geldt, is ook dit besluit onvoldoende zorgvuldig voorbereid en gemotiveerd. Het betoog slaagt. Conclusie 14.4. Het beroep van [appellante sub 4] en andere is gegrond. Het besluit van 19 september 2018 en het 6:19-besluit dienen te worden vernietigd wegens strijd met artikel 3:46 van de Awb, voor zover de bestemming "Waarde - Landschap" is toegekend aan het perceel op de hoek van de Ferdinand Bolstraat en de Eerste Jan Steenstraat, ter hoogte van [locatie 2].
Beide besluiten dienen verder wegens strijd met artikel 3:2 en 3:46 van de Awb te worden vernietigd, voor zover niet is voorzien in kantoren op de derde, vierde en vijfde bouwlaag van dat perceel. Het beroep van [appellant sub 5] Ontvankelijkheid 15. [appellant sub 5] is eigenares van de percelen [locatie 3], [locatie 4] en [locatie 5] te Amsterdam. De achtertuinen behorende bij deze percelen zijn samen met de achtertuinen van de percelen aan de Dusartstraat, de Rustenburgerstraat, de Ruysdaelkade en de overige percelen aan de Van Ostadestraat zogeheten binnentuinen. [appellant sub 5] kan zich niet verenigen met de beperkingen die de dubbelbestemming "Waarde - Landschap" en artikel 24.1 en artikel 24.2 van de planregels met zich brengen voor de bouwmogelijkheden op het achtererf van deze percelen. Verder kan zij zich niet verenigen met de beperkingen die artikel 16.2.2, onder c, van de planregels met zich brengt voor het bouwen van kelders en
Uitspraak 201808944/1/R1
9
souterrains. 15.1. De raad stelt dat [appellant sub 5] geen zienswijze naar voren heeft gebracht tegen het ontwerp van het plan, zodat haar beroep gelet op artikel 6:13 van de Awb niet-ontvankelijk moet worden verklaard. 15.2. Artikel 24 lid 24.1 heeft betrekking op de dubbelbestemming "Waarde-Landschap" die aan een deel van de percelen van [appellant sub 5] is toegekend. Artikel 24 lid 24.2 van de regels van het ontwerp van het plan luidde: "Op en onder de in artikel 24.1 genoemde gronden mogen geen gebouwen worden opgericht, anders dan de gebouwen die op grond van artikel 13.2.1 onder b en artikel 13.3 zijn toegestaan." 15.3. De Afdeling stelt vast dat bij de vaststelling van het plan aan artikel 24 lid 24.2 ten opzichte van het ontwerp een zin is toegevoegd, te weten: "Deze gronden dienen niet te worden beschouwd als erf in de zin van artikel 1 van bijlage II behorende bij het Besluit omgevingsrecht, zoals dat artikel luidt op het moment van de datum van inwerkingtreding van dit plan." [appellant sub 5] is door deze toevoeging in een nadeliger positie gekomen ten opzichte van het ontwerp, omdat het erf achter haar woning nu is uitgesloten van de mogelijkheid om bebouwing op te richten.
Omdat deze bepaling niet in het ontwerp van het plan was opgenomen, kan [appellant sub 5] in zoverre redelijkerwijs niet worden verweten dat zij geen zienswijze tegen het ontwerp naar voren heeft gebracht. Er bestaat daarom geen aanleiding het beroep niet-ontvankelijk te verklaren voor zover dat beroep betrekking heeft op artikel 24 lid 24.2 van de planregels. Artikel 16 lid 16.2.2, onder c, is niet gewijzigd ten opzichte van het ontwerp. [appellant sub 5] heeft niet inzichtelijk gemaakt waarom haar redelijkerwijs niet kan worden verweten geen zienswijze naar voren te hebben gebracht over dit plandeel. De omstandigheid dat in een gesprek met een gemeenteambtenaar over een eventuele uitbouw niet is gemeld dat het ontwerp ter inzage lag, maakt dat niet anders. Het behoort in beginsel tot de eigen verantwoordelijkheid van een belanghebbende om op de hoogte te blijven van gemeentelijke aankondigingen. Dit beginsel kan uitzondering lijden, indien de betrokkene er gerechtvaardigd op kon vertrouwen dat hij of zij persoonlijk op de hoogte zou worden gesteld van de terinzagelegging van een ontwerpplan. Daarvan is niet gebleken in dit geval. De Afdeling ziet gelet op artikel 6:13 van de Awb daarom aanleiding het beroep in zoverre niet-ontvankelijk te verklaren. Bebouwing achtererf 16. [appellant sub 5] voert aan dat de raad de regeling om onjuiste redenen heeft opgenomen.
Zo is de aanname dat de opnamecapaciteit van hemelwater in de grond in De Pijp vermindert, niet onderbouwd. Zij betoogt dat de opnamecapaciteit afhankelijk is van de bodemgesteldheid. [appellant sub 5] betoogt verder dat ook de redenering dat bewoners op de hoger gelegen etages minder ontspanning en natuurbeleving kunnen ondervinden als op de begane grond wordt gebouwd, niet deugdelijk is gemotiveerd. Tot slot heeft [appellant sub 5] aangevoerd dat haar aan of krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht te ontlenen rechten op vergunningvrij bouwen worden ontnomen, die overal elders in Nederland wel gelden en worden gerespecteerd. Zonder de dubbelbestemming zou zij tot 4 m vanaf de achtergevel vergunningvrij mogen bouwen. Door de begrenzing van de bestemming "Waarde - Landschap" is daar nu maar nog 2,5 m van over. Volgens haar heeft de raad niet gemotiveerd waarom de beperking met 1,5 m, in verhouding tot een achtertuin van 18 m diep en die grotendeels al betegeld is, bijdraagt aan een waterbergende functie of een betere natuurbeleving van bewoners van hoger gelegen verdiepingen. Ook is niet