Afd. motie 688.21
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Afdoening motie
Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door Onderwerp
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 12 april 2022 Grondzaken, Ruimtelijke Ordening Marieke van Doorninck Grond en Ontwikkeling, Cor de Jong, c.de.jong@amsterdam.nl Afdoening motie 688.21 inzake de terugkoppeling aan participanten bij ruimtelijke plannen van het lid Van Renssen (GroenLinks) en de voormalige leden IJmker (GroenLinks) en N.T. Bakker (SP)
Geachte leden van de gemeenteraad, In de vergadering van de gemeenteraad van 07-10-2021 heeft uw raad bij de behandeling van het beleidskader participatie motie 688 aangenomen. Deze motie, ingediend door het lid Van Renssen (GroenLinks) en de voormalige leden IJmker (GroenLinks) en N.T. Bakker (SP), verzoekt het college om: 1. bij de voorbereiding van ruimtelijke trajecten, zoals bij de vaststelling van een Stedenbouwkundig Plan, Investeringsnota en bestemmingsplan, bij de uitvoering van participatie ervoor zorg te dragen dat de deelnemers aan het participatietraject een duidelijke terugkoppeling krijgen over wat er met hun bijdrage is gedaan, voordat het officiële besluit aan het college en of raad wordt aangeboden ter bestuurlijke vaststelling; 2. daarbij de bestuurder die verantwoordelijk is voor de uitvoering van het participatieplan ook te laten zorgdragen voor de tijdige terugkoppeling. Door omstandigheden is sprake van enige vertraging bij de beantwoording, daarvoor biedt het college bij deze excuses aan. Het college wil voorop stellen dat we op allerlei manieren Amsterdammers ruimte geven om een rol te spelen in de ontwikkeling van onze stad. Want we hebben elkaars kennis, kunde en ervaringen hard nodig om in een sterk groeiende stad gezamenlijk de soms lastige dillema’s het hoofd te bieden.
Dat vraagt ook om een bovenmatige inspanning van het bestuur, ambtenaren en (andere) belanghebbenden. In deze context zijn wij als organisatie elke dag lerende. Ook in uw motie lezen wij een aanmoediging om continu te bekijken waar we Amsterdammers nog beter kunnen informeren en betrekken bij het Samen Stad Maken. Onlangs deelde de Ombudsman Metropool Amsterdam de ervaringen van bewoners met participatie in het fysieke domein met het college. Hij constateert in de observaties een pijnlijk punt: in sommige gevallen verloopt de participatie niet goed. In een reactie op de brief1 geeft het college aan dat we bewoners en gebruikers graag willen betrekken bij de ontwikkeling van de stad, dat de observaties van de Ombudsman Metropool Amsterdam het college hebben geraakt en dat 1
Ter kennisneming aangeleverd voor de Tijdelijke Algemene Raadscommissie van 7 april 2022.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 12 april 2022 Pagina 2 van 2
het college hiermee aan de slag gaat. In dit licht kijken wij ook naar de beantwoording van uw motie. In de motie wordt gevraagd om vroeg in het proces van bestuurlijke besluitvorming een duidelijke terugkoppeling te geven aan participanten over wat er met hun inbreng is gedaan in het relevante planproduct. Het college vindt het vanzelfsprekend dat dit gebeurt, in principe door de betrokken projectmanager of ambtelijk opdrachtgever, die hierin acteert namens/onder de verantwoordelijkheid van de betreffende wethouder(s). De manier waarop die terugkoppeling gebeurt wordt vooral bepaald door de manier waarop de participatie is georganiseerd en daarin zijn vele manieren mogelijk. Om een paar voorbeelden te geven: Als het gaat om participatiebijeenkomsten dan worden tijdig verslagen gemaakt van de bijeenkomst en wat er met de inbreng is gedaan. En als het gaat om workshops waarin participanten actieve inbreng leveren, bijvoorbeeld voor een planproduct, dan worden participanten meegenomen in het proces om die inbreng, na weging met andere belangen, te verwerken in het relevante planproduct dat uiteindelijk bestuurlijk wordt vastgesteld.
Maar het kan soms ingewikkelder liggen, bijvoorbeeld als de participatie-inbreng om aanpassingen vraagt die de bestuurlijke verantwoordelijkheden van de betreffende wethouder overstijgen, of wanneer de inbreng niet past binnen het door de gemeenteraad vastgestelde beleid. In deze gevallen krijgen de participanten pas later een inhoudelijke terugkoppeling op wat er is gedaan met de input die is geleverd, maar zorgt de gemeente wel voor uitleg over het proces en hoe de inbreng daarin zal worden meegenomen. De verantwoordelijkheid voor de uiteindelijke afweging ligt bij het college. Hoe de inbreng van participanten in het voorstel is meegenomen, is dus pas duidelijk als het besluit genomen is. Vanzelfsprekend betrekt het college de participatieinbreng expliciet in haar overwegingen. Participanten worden natuurlijk vervolgens op de hoogte gesteld van hoe het voorstel eruit ziet, zoals dat uiteindelijk in de gemeenteraad wordt gebracht en voorafgaand aan de vaststelling in de gemeenteraad wordt besproken in de betrokken commissie(s) van de gemeenteraad. Zo kunnen participanten nagaan hoe hun inbreng is betrokken in de uiteindelijke voorstellen en vanzelfsprekend hebben ze dan de gelegenheid om hun mening kenbaar te maken bij de leden van de raadscommissie(s), die dat kunnen betrekken bij de besluitvorming in de raad.
Het college vertrouwt u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd en beschouwt motie 688.21 hiermee als afgedaan. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Marieke van Doorninck Wethouder Ruimtelijke Ontwikkeling en Duurzaamheid
Bijlage: motie 688.21.