CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Afd. motie 421accent.22

RAAD 9 november 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van de Begroting 2023 van de gemeente AmsterdamVN2022-0336571.067 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsinformatiebrief Afdoening motie

Aan:

Portefeuillehouder(s): Behandeld door

De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 20 januari 2023 Gemeentelijk Vastgoed Wethouder Groot Wassink Gemeentelijk Vastgoed (bestuurszaken.gv@amsterdam.nl)

Onderwerp

Afdoening motie 421’.22 van het lid Boomsma van de CDA

Datum Portefeuille(s)

Geachte leden van de gemeenteraad, In de vergadering van de gemeenteraad van 10 november 2022 heeft uw raad bij de behandeling van de begroting (agendapunt 3) motie 421’.22 van raadslid Boomsma van de CDA aangenomen. Daarin wordt het college gevraagd om: 1. Te onderzoeken of en hoe middels een kettingbeding bij verkoop gemeentelijk vastgoed met een woonbestemming kan worden bewerkstelligd dat deze een woonbestemming behouden, bij voorkeur voor kwetsbare groepen, en/of met een betaalbare huur; 2. Tevens te onderzoeken hoe middels een kettingbeding bij verkoop van gemeentelijk vastgoed zonder woonbestemming ervoor te zorgen dat deze panden een maatschappelijke bestemming houden. Het college geeft als volgt uitvoering aan de motie: Het college onderschrijft het belang van het behoud van het behoud van woningen voor bijzondere doelgroepen en/of met een betaalbare huur en maatschappelijke functies en hecht grote waarde aan het borgen van deze voorwaarden bij de verkoop van gemeentelijk vastgoed. Een kettingbeding is hiervoor in principe een goed instrument Tot op heden doet de gemeente dit echter op een andere, minstens zo effectieve manier. Dit doet zij door het opleggen van bijzondere, dwingende voorwaarden in een erfpachtovereenkomst.

Hieronder volgt een toelichting of en hoe de invoering van een kettingbeding van toegevoegde waarde kan zijn voor het behoud van woonbestemming of maatschappelijke bestemming bij de verkoop van gemeentelijk vastgoed. Het college concludeert dat het dubbelop vastleggen van verplichtingen in vrijwel alle gevallen geen toegevoegde waarde of extra juridische borging geeft indien ook al sprake is van een uitgifte in erfpacht. Daarom besluit het college in die gevallen vast te houden aan het vastleggen van bijzondere, dwingende voorwaarden door deze vast te leggen in de erfpachtovereenkomst. In voorkomende gevallen waarbij bij verkoop ofwel geen sprake is van een uitgifte in erfpacht ofwel in specifieke gevallen waarbij een kettingbeding alsnog van toegevoegde waarde kan zijn voor het behouden van bestemmingen, zal dit instrument zeker ingezet worden.

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 20 januari 2023 Pagina 2 van 3

Toelichting op huidige vastlegging van bestemming via erfpachtvoorwaarden Met het opleggen van erfpachtvoorwaarden heeft de gemeente Amsterdam al decennialange ervaring. De bijzondere bepalingen in een erfpachtovereenkomst bepalen onder andere wat er mag worden gebouwd en welke functies zijn toegestaan (gespecificeerd naar aantal m2 en soms zelfs naar bouwlaag). Wijzigen van deze voorwaarden is niet mogelijk zonder voorafgaande toestemming van de gemeente, aan welke toestemming vaak ook een financiële consequentie verbonden is (door verhoging van de jaarlijkse canon of verhoging van de eenmalige vergoeding). In het erfpachtsysteem kunnen zaken aanvullend worden geregeld, bijvoorbeeld zaken die in het bestemmingsplan niet vastgelegd zijn. Denk hierbij aan het beperken van een functie (sociale huurwoningen of midden-huurwoning) of bijvoorbeeld het vastleggen van een maatschappelijke functie. Toelichting bij werking van een kettingbeding Een kettingbeding heeft een vergelijkbare werking. Een kettingbeding is een bepaalde verplichting die bij verkoop van onroerend goed van de oude eigenaar overgaat op de nieuwe eigenaar (en bij een opvolgende verkoop ook weer op een daaropvolgende eigenaar). Bij een kettingbeding kan het gaan om zowel een verplichting om iets te dulden of om iets (niet) te doen. Denk hierbij aan beperkingen die verder strekken dan het bestemmingsplan.

Zoals bijvoorbeeld het gezamenlijk onderhoud van gemeenschappelijke tuinen (verplichting tot dulden) of het niet bebouwen van delen van terreinen of het verbieden van bepaalde functies (verplichting tot niet doen). Een dergelijk beding kan door de gemeente worden opgelegd als zij dit bij een verkoop van gemeentelijk vastgoed vast laat leggen in een leveringsakte. Bij een kettingbeding wordt ook doorgaans een boetebeding opgenomen, waarbij op straffe van een boete wordt opgelegd om het beding op te leggen zodra het onroerend goed wordt verkocht. Zo ontstaat een obligatoire ‘ketting’, waarbij dezelfde verplichting steeds van koper op koper wordt doorgegeven. Het grote nadeel van een kettingbeding is, dat als een verkoper het kettingbeding níet oplegt aan zijn rechtsopvolger, de rechtsopvolger er niet langer aan gebonden is. De verkoper zal dan weliswaar de boete verbeuren, maar de ketting is definitief gebroken en geen enkele rechtsopvolger is meer aan het beding gehouden. Kettingbeding als toevoeging op erfpachtvoorwaarden? De vraag of het opnemen van een kettingbeding iets toevoegt als ook erfpachtvoorwaarden worden opgenomen, kan in de regel met nee worden beantwoord. Erfpachtvoorwaarden zelf werken al als een kettingbeding en alle voorwaarden die de gemeente wenst op te nemen, kan al in erfpachtvoorwaarden worden vastgelegd.

Het dubbelop vastleggen van verplichtingen geeft in de regel geen toegevoegde waarde of extra juridische borging. Alleen in voorkomende gevallen waarbij bij verkoop ofwel geen sprake is van een uitgifte in erfpacht ofwel in zeer bijzondere gevallen waarbij een kettingbeding alsnog van toegevoegde waarde kan zijn voor het behouden van bestemmingen, kan dit instrument toegevoegd worden. In dergelijke gevallen zal dit instrument zeker worden ingezet. Het borgen van een woonbestemming voor kwetsbare groepen en/of met betaalbare huur Bij de verkoop van gemeentelijk vastgoed wordt voordat een verkoopprocedure wordt gestart eerst aan de beleidsdirecties en het betreffende stadsdeel gevraagd of het gewenst is om bepaalde functies of bestemmingen vooraf vast te leggen. Hierna wordt het college gevraagd met

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 20 januari 2023 Pagina 3 van 3

deze voorwaarden in te stemmen. Zo worden bij voorbeeld gemeentelijke panden geselecteerd die worden verkocht aan woningcorporaties uitsluitend ten behoeve van de huisvesting van statushouders of wordt een (deels) sociaal woningprogramma als voorwaarde gesteld bij de verkoop. Deze functies worden middels erfpachtvoorwaarden geborgd. Alleen die panden waarvoor de beleidsdirecties of het betreffende stadsdeel geen toegevoegde waarde zien om bepaalde functies of bestemmingen vooraf vast te leggen, worden indien het college hiermee instemt zonder voorwaarden verkocht (middels uitgiften in erfpacht). Het borgen van een maatschappelijke bestemming Hetzelfde geldt voor het borgen van een maatschappelijke bestemming. Als voorafgaand aan de verkoop door een beleidsdirectie of stadsdeel wordt aangegeven dat het vastgoed uitsluitend een maatschappelijke functie mag hebben, dan wordt indien het college hiermee instemt deze beperking in de verkoopvoorwaarden vastgelegd en in de erfpachtvoorwaarden geborgd.

Het college beschouwt de motie hiermee als afgehandeld. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,

Rutger Groot Wassink Wethouder Gemeentelijk Vastgoed

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12410230/1