CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Afd. motie 406.21

RAAD 7 juli 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de Voorjaarsnota 2021 en vaststellen enkele begrotingswijzigingen VN2021-0176844.961 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsinformatiebrief

Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door Onderwerp

Aan de leden van de raadscommissie Werk, Inkomen en Onderwijs 5 oktober 2021 Armoede en schuldhulpverlening Marjolein Moorman Directie Inkomen, bestuurszaken.wpi@amsterdam.nl Voortgang coronaoffensief armoede en schulden 2021 en 2022, beantwoording van motie 406- ontwikkeling schuldenvraag na eindigen steunmaatregelen en vooruitblik teruggang budget vanaf 2023

Geachte commissieleden, Sinds de uitbraak van het coronavirus zijn de veerkracht, het vertrouwen en het geduld van veel Amsterdammers op de proef gesteld. Meer huishoudens bevinden zich in een financieel kwetsbare situatie en in 2020 nam de armoede in de stad na een jarenlange daling voor het eerst weer toe.1 Het college heeft na het uitbreken van de crisis verschillende extra maatregelen genomen op het gebied van armoede en schulden.2 Om de effecten van de coronacrisis op de middellange termijn het hoofd te bieden, worden in 2021 en 2022 extra middelen ingezet om te voorkomen dat de coronacrisis uitmondt in een armoede- en schuldencrisis.

Begin dit jaar bent u geïnformeerd over een investeringskader: het coronaoffensief armoede en schulden.3 Naast extra middelen van het rijk en middelen die door uw raad beschikbaar zijn gesteld voor informele voedselinitiatieven, wordt in deze jaren in totaal € 11,2 miljoen extra geïnvesteerd als onderdeel van het herstelplan ‘Samen sterker uit de crisis’.4 Dit komt bovenop het bestaande beleid van de Amsterdamse Agenda Armoede en Schulden (2019-2022), waarmee we de aanpak van armoede en schulden de afgelopen jaren structureel hebben doorontwikkeld en versterkt.5 In deze brief informeer ik u over de ontwikkelingen in de portefeuille Armoede en Schuldhulpverlening de komende jaren:  In paragraaf 1 geef ik u een toelichting op het coronaoffensief armoede en schulden in 2021 en 2022. Ik schets de voortgang van de investeringen in 2021, zoals de intensivering van de vroegsignaleringsaanpak. Ook laat ik u weten welke inzet ik voor ogen heb in 2022. 1

OIS (2021) ‘Ontwikkeling armoede in coronatijd’. Zie de raadsbrieven: ‘Intensivering vroegsignalering (coronaoffensief)’, ‘Armoedemonitor en de aanpak van armoede en schulden in de coronacrisis’ en ‘Schuldenrust in tijden van corona’. 3 Raadsbrief ‘Coronaoffensief armoede en schulden: investeringsagenda 2021-2022’, 16 februari 2021. 4 Kamerbrief ‘Steun- en herstelpakket’, 28 augustus 2020; Het amendement van de leden Flentge c.s. inzake de Begroting 2021 (7,5 ton voor informele voedselhulp in de stad); Herstelplan ‘Samen sterker uit de crisis: een sociaal en duurzaam perspectief voor de stad’, 2 september 2020. 5 Amsterdamse Agenda Armoede en Schulden 2019-2022: stad met uitzicht (voortgangsrapportage, maart 2021). 2

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 oktober 2021 Pagina 2 van 11

In paragraaf 2 ga ik, in relatie tot de extra investeringen, nader in op de ontwikkelingen die wij verwachten in de schuldhulpvraag als gevolg van de coronacrisis. Hiermee geef ik uitvoering aan motie 406 van de leden De Fockert, Veldhuyzen, De Graaff, Schreuders en Yilmaz inzake schuldenhulpvraag na eindigen steunmaatregelen in het kader van corona. In paragraaf 3 schets ik het meerjarenperspectief op de portefeuille Armoede en Schulden. Ik vind het van belang u hierover te informeren, omdat we naast incidentele extra middelen, ook te maken hebben met een structurele teruggang van het budget. Dit zien we in 2022 in beperkte mate. Voor 2023 en verder vergt dit een zorgvuldige afweging van een volgend bestuur.

1. Voortgang investeringsagenda (2021 en 2022) Met de investeringsagenda onder de naam ‘Coronaoffensief armoede en schulden’, zet het college in op het vergroten van het perspectief van kwetsbare Amsterdammers in onzekere tijden. Ook in 2022 blijft de financiële positie van minima naar verwachting kwetsbaar6 en zet het college deze investering door. Met de extra middelen die door uw raad7 beschikbaar zijn gesteld worden extra investeringen gedaan op het gebied van 1) preventie en vroegsignalering, 2) ondernemers en werkenden, 3) kinderen en jongeren en 4) het ondersteunen van maatschappelijke voedselinitiatieven. Ik verwijs naar bijlage 1 voor een overzicht van de investeringen in 2022. 1.1 Preventie en vroegsignalering In tijden van economische tegenslag is het van groot belang om te zorgen dat we Amsterdammers met geldproblemen vroeg in beeld krijgen. Een belangrijk onderdeel van de investeringsagenda 2021 was daarom het voortzetten van de intensievere aanpak op vroegsignalering, die het college in juni 2020 opstartte. De intensievere aanpak van vroegsignalering kent drie onderdelen:   

bij beginnende achterstanden sneller meldingen van vaste lasten partners ontvangen; langer contact zoeken met Amsterdammers om het bereik te verhogen; en meer maatwerk en coulance bij de samenwerkende schuldeisers.

Bij de start van de aanpak gingen we uit van 3.000 extra meldingen in 2020, op basis van de gegevens van vaste lasten partners. Doordat we meldingen eerder oppakten, kwamen er in één keer meer meldingen op ons af, was het idee. Maar omdat aan de andere kant het totaal aantal meldingen enigszins daalde, omdat tegen ieders verwachting in, betalingsachterstanden in 2020 nog niet opliepen, is het totaal aantal meldingen in 2020 met slechts 5% gestegen. Wel kwam er nog meer vraag dan verwacht, een stijging van 16%, naar de dienstverlening van Sociaal Raadslieden. Door uitbreiding van het aantal samenwerkende partijen in de vroegsignaleringsaanpak, doordat vaste lastenpartners per 1 januari 2021 wettelijk verplicht zijn betalingsachterstanden te melden, verwachten we een toename van het aantal meldingen in de

6

https://www.nibud.nl/beroepsmatig/nibud-somber-beeld-koopkracht-2022/ Herstelplan ‘Samen sterker uit de crisis: een sociaal en duurzaam perspectief voor de stad’, 2 september 2020. 7

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 oktober 2021 Pagina 3 van 11

komende jaren. Tot nu toe zijn er in 2021 met 26 partijen (energieleveranciers, zorgverzekeraars en particuliere verhuurders) samenwerkingsafspraken gemaakt. De doelstelling om het bereik van de vroegsignalering te verhogen door de intensievere aanpak, is ruimschoots behaald. De intensivering leidt ertoe dat we veel meer Amsterdammers bereiken omdat de Vroeg Eropaf-teams langer doorgaan met contactpogingen dan voor de coronacrisis. Bovendien krijgen we sinds de coronacrisis meer contactgegevens (m.n. telefoonnummers) van schuldeisers, omdat huisbezoeken in lockdowns niet steeds mogelijk waren. Met deze verrijkte informatie kunnen we effectiever te werk gaan. We koersen hiermee op een bereikpercentage aan het einde van 2021 van tussen de 80% en de 85%. Een historisch hoog bereik voor Vroeg Eropaf. Dit is van groot belang om de doelstelling ‘schulden klein houden’ uit het programma Schuldenrust te behalen. Want wanneer de Buurtteams in contact zijn met Amsterdammers, kan de hulpverlening alles in het werk stellen om te voorkomen dat problemen erger worden. Een belangrijk onderdeel van de vroegsignaleringsaanpak is de ambitie om in deze bestuursperiode 20.000 Amsterdammers in de wanbetalersregeling te benaderen.

In de eerste helft van 2021 is de inzet van de Buurtteams hierop lager geweest, om te zorgen dat er snel voldoende medewerkers beschikbaar waren om gedupeerde ouders van de toeslagenaffaire te benaderen. Tegelijkertijd is capaciteit aangetrokken om weer vol in te zetten op beide ambities en is de doelstelling om alle 20.000 Amsterdammers te benaderen nog steeds in zicht. Dat is van groot belang, want met deze aanpak komen we in contact met de kwetsbaarste Amsterdammers in langdurige schuldensituaties, vaak zorgmijders. Het langdurig niet betalen van de zorgpremie is vaak één van de eerste indicatoren van problematische schulden. De integratie van schuldhulpverlening in de Buurtteams biedt kansen om de ondersteuning op meerdere leefgebieden aan deze groep nog verder te versterken. In onderstaande tabel ziet u de ontwikkeling van het aantal Amsterdammers in de wanbetalersregeling in meerjarig perspectief. We zien een gestage daling maar de grote aantallen laten zien dat veel Amsterdammers worstelen met financiële problemen. Daarbij is van belang dat onze inzet erop gericht is om uitstroom te bewerkstelligen, maar ook om instroom te voorkomen. Dit doen we bijvoorbeeld door de intensieve samenwerking op vroegsignalering met Zilveren Kruis en door jongeren die 18 jaar worden te attenderen op de zorgverzekeringsplicht (en andere financiële zaken).

Van alle gemeenten waar het Zilveren Kruis mee samenwerkt daalt het aantal verzekerden met betalingsachterstanden in Amsterdam het meest. Uit cijfers blijkt dat het aantal Amsterdamse verzekerden met een achterstand vanaf 2018 met 29% is gedaald. Tabel 1. Ontwikkeling Amsterdammers in de wanbetalersregeling CAK Jaar Amsterdammers in Boete-regime CAK-bestand (verhoogde premie) 2019 (peilmaand november) 20.378 15.081 2020 (peilmaand april) 19.612 13.866 2020 (peilmaand juni) 19.732 14.167 2020 (peilmaand december) 19.727 13.711 2021 (peilmaand april) 18.851 12.869 2021 (peilmaand juni) 18.641 12.756

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 oktober 2021 Pagina 4 van 11

Continueren van de intensieve inzet in 2022 Gezien de goede resultaten van de intensievere aanpak vroegsignalering en de aanhoudende noodzaak om snel te acteren op beginnende betalingsproblemen van Amsterdammers, continueren we de intensievere inzet in 2022. Vanuit deze aanpak monitoren we samen met partners welke ontwikkelingen we zien in betaalachterstanden van Amsterdammers. We houden in het oog of het aantal meldingen toch oploopt na afbouw van de steunmaatregelen van de Rijksoverheid. Hiertoe blijven we ook inzetten op het uitbreiden van samenwerkingspartners. De vastenlastenpartners zijn daarin van belang, want problemen kunnen snel verergeren als de vaste lasten niet meer betaald kunnen worden. Maar ook zetten we via experimenteerruimte in de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) in op andere partijen waar achterstanden optreden. Met een divers palet aan melders krijgen we namelijk ook zicht op verschillende groepen Amsterdammers. In 2021 start de samenwerking met Belastingen Amsterdam en hypotheekverstrekkers Aegon en Rabobank. In 2022 breiden we dit verder uit met partners als DUO en de Belastingdienst. Tot slot reserveren we ook in 2022 extra geld voor de dienstverlening Sociaal Raadslieden. Zij blijven klaarstaan voor Amsterdammers die (tijdelijk) minder inkomsten hebben.

1.2 Ondersteuning ondernemers en werkenden Al voor de crisis stond de ondersteuning voor ondernemers en werkende minima hoog op de agenda van het college. Door de coronacrisis zijn ondernemers ongekend hard geraakt. In 2021 hebben we de schuldhulp voor ondernemers uitgebreid, zodat we klaarstaan voor de groep die deze hulpverlening nodig heeft. Gespecialiseerde schuldhulpbureaus staan klaar om een eventuele toename van complexe schuldhulp aan ondernemers op te vangen. De buurtteamorganisaties helpen ZZP’ers in het voortraject van stabilisatie, en kijken naar de brede hulpvraag op andere leefgebieden. Het college zet ook extra in op schuldhulpverlening voor economische daklozen8 en het aanpakken van schulden op de werkvloer9. Voor de groep economisch daklozen worden gespecialiseerde klantmanagers in combinatie met gespecialiseerde schuldhulpverleners ingezet. Deze inzet met snelle en korte lijnen behelst hulpverlening aan zo'n 400 economisch daklozen op jaarbasis. In 2022 zetten we deze investeringen voort. Daarnaast is in 2021 de aanpak Sociaal Werkgeverschap (door)ontwikkeld, mede naar aanleiding van het initiatiefvoorstel “Werkgevers helpen om werknemers te helpen door schuldpreventie” (ZD 2021-006003). Zie hiervoor ook de beantwoording van de motie inzake schuldenhulpvraag na eindigen steunmaatregelen in het kader van corona, die in paragraaf 2 van deze brief is opgenomen.

Er is met name ingezet op verdere samenwerking met andere werkgevers om financiële problematiek bij werknemers te voorkomen en/of op te lossen. Daarvoor is onder andere informatiemateriaal ontwikkeld en bij relevante werkgevers geïnventariseerd wat de ondersteuningsbehoefte is om tot concrete acties te komen. In de komende periode (eind dit jaar en in 2022) is het de bedoeling die acties verdere invulling en opvolging te geven. Er worden onder

8

mensen die door financiële beperkingen geen huis meer hebben, zonder dat hier psychiatrische problemen of verslavingsproblematiek aan ten grondslag ligt. 9 Voor Amsterdammers met een baan (flexibel- of nulurencontact) die zijn geraakt door de coronacrisis.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 oktober 2021 Pagina 5 van 11

andere meerdere trainingen Wegwijs in Schuldhulpverlening voor werkgevers georganiseerd. En ook de eigen aanpak schulden op de werkvloer bij de gemeente Amsterdam loopt goed. 1.3 Kinderen en jongeren Tijdens de coronacrisis werd de inzet van maatschappelijke initiatieven zoals stichting Leergeld, Stichting SINA en het Jeugdeducatiefonds extra urgent omdat mensen hun inkomen verloren en direct ondersteuning nodig hadden. De coronacrisis heeft de kansenongelijkheid tussen kinderen vergroot en daarom is extra inzet noodzakelijk. We stellen net als in 2021 ook in 2022 extra middelen beschikbaar voor deze drie maatschappelijke initiatieven. Zij kunnen in uiteenlopende situaties de noodzakelijke ondersteuning bieden aan kwetsbare kinderen. We hebben tijdens de lockdowns gezien hoe belangrijk het is dat kinderen toegang hebben tot digitale middelen. Dit is een belangrijke basisvoorwaarde voor kansengelijkheid bij onderwijs op afstand. Stichting Leergeld, Stichting SINA en het Jeugdeducatiefonds ondersteunen kinderen en jongeren om thuis onderwijs te kunnen volgen. Onderwijs op afstand zal voor veel leerlingen waarschijnlijk nog enige tijd blijven bestaan (thuisquarantaine of lesuitval). Deze maatschappelijke initiatieven bieden maatwerk op alle noodzakelijke terreinen; van schoolspullen en inboedel, tot luiers en fietsen.

Ook voor kinderen van werkende minima of kinderen van ouders zonder verblijfsstatus. 1.4 Ondersteunen van maatschappelijke voedselinitiatieven In de raadsbrief ter afhandeling van motie 235 inzake Voortzetten ondersteuning informele voedselhulp van de leden Schreuders (SP) en Khan(Denk) die besproken is op 22 september in de commissie Werk, Inkomen en Onderwijs bent u geïnformeerd over de ondersteuning aan voedselinitiatieven. De gemeente ondersteunde het Rode Kruis en Human Aid Now bij het verstrekken van voedselnoodhulp. De middelen zijn onder meer afkomstig van het amendement van de leden Flentge, Bakker, Roosma, Mbarki, Van Dantzig en Taimounti , waarin de raad 750.000 euro beschikbaar stelde aan noodhulp. Het college stelt voor de tweede helft van het jaar aanvullend 500.000 euro beschikbaar. In totaal ontvangen 11.000 mensen nu noodhulp. Dit is een daling ten opzichte van 2020 toen 23.000 mensen voedselnoodhulp kregen. De Buurtteams zijn vanaf maart 2021 de Voedselbank te hulp geschoten door de intakes over te nemen. Naast dat dit nodig was in verband met de grote toestroom van Amsterdammers die tijdens de coronacrisis in financiële nood raakten, heeft dit het voordeel dat de buurtteams meer kunnen bieden dan voedselhulp alleen.

Zij kunnen gelijk met de Amsterdammer bekijken wat er nodig is om diens noodsituatie structureel te verbeteren, zodat voedselhulp uiteindelijk niet meer nodig is. Uit eerdere pilots bleek dat veel Amsterdammers die naar de Voedselbank gaan ook hulpvragen hebben op andere terreinen. In de loop van 2021 zijn de buurtteamsbuurtteams ook herintakes gaan doen van klanten die al langer ondersteuning van de Voedselbank ontvingen. We ondersteunen deze intensieve samenwerking ook in 2022. Minimaregelingen voor alle voedselbankklanten Sinds het begin van de coronacrisis is het aantal huishoudens dat gebruik maakt van de voedselbank verdubbeld tot 1.800. Doordat een gedeelte van hen recent te maken heeft gehad met een plotselinge inkomensdaling, hebben zij op dit moment nog geen toegang tot de gemeentelijke minimaregelingen. Dit komt doordat er bij het toekennen van gemeentelijke minimaregelingen wordt gekeken naar het fiscaal jaarinkomen (maximaal 120% van het sociaal

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 oktober 2021 Pagina 6 van 11

minimum) in het voorgaande jaar. Hier is voor gekozen omdat het pakket aan minimaregelingen zich naar zijn aard richt op de groep die al langduriger een laag inkomen heeft en hierdoor het slachtoffer kan worden van kansenongelijkheid of sociale uitsluiting. Ook heeft deze manier van toekennen belangrijke voordelen op het gebied van efficiëntie, de klantvriendelijkheid van het aanvraagproces en het bereiken van de doelgroep. Voor klanten van de voedselbank gaan we een uitzondering hierop maken. Vanaf het najaar van 2021 krijgen zij allemaal toegang tot de gemeentelijke minimaregelingen. Door deze aanpassing hoeft deze groep (met zeer weinig bestedingsruimte) niet meer te wachten tot er sprake is van een volledig kalenderjaar laag inkomen, alvorens zij gebruik kunnen maken van bijvoorbeeld de Stadspas. Met dit besluit bieden we maatwerk en komen we Amsterdammers tegemoet die door een plotselinge inkomensval moeilijk kunnen rondkomen, waardoor deze huishoudens in financieel moeilijke tijden in staat worden gesteld mee te doen. Ook voedselbankklanten met een inkomen boven 120% van het sociaal minimum, die desondanks zeer weinig bestedingsruimte hebben, kunnen hier gebruik van maken. De toetsing voor de voedselbank gebeurt zoals eerder gemeld tegenwoordig door de Buurtteams op basis van strenge normen die zijn vastgesteld door Voedselbank Nederland.

Deze normen liggen nog aanmerkelijk lager dan de normen die Nibud hanteert. Huishoudens die gebruik maken van voedselpakketten hebben het financieel zeer zwaar, waardoor er bijvoorbeeld geen geld is voor sociale participatie en schulden op de loer liggen. Wij schatten dat deze maatregel ongeveer €200.000 per jaar kost.

2. Ontwikkeling schuldenhulpvraag na eindigen steunmaatregelen in het kader van corona Met de extra investeringen in 2021 en 2022 zorgen we dat we de financiële gevolgen van de coronacrisis voor Amsterdammers zoveel als mogelijk verzachten. Daarbij kijken we steeds naar de ontwikkelingen in de stad en sluiten aan bij vragen die ontstaan. Het lijkt erop dat de coronacrisis nu weer een nieuwe fase in gaat. Dat biedt hoop, maar brengt ook nieuwe onzekerheden met zich mee. Belangrijk daarin is de afbouw van steunmaatregelen vanuit de overheid, die essentieel zijn geweest voor de bestaanszekerheid van grote groepen Amsterdammers. In deze overgangsperiode houdt het college de investeringen op peil en blijven we monitoren hoe de financiële situatie van Amsterdammers zich ontwikkelt en wat dit betekent voor de schuldhulpvraag. We informeren u hieronder over de wijze waarop wij uitvoering geven aan de motie die uw raad heeft aangenomen over dit onderwerp. In de vergadering van de gemeenteraad van 8 juli 2021 heeft uw raad bij de behandeling van de voorjaarsnota 2021 motie (406) aangenomen van de leden De Fockert, Veldhuyzen, De Graaff, Schreuders en Yilmaz inzake schuldenhulpvraag na eindigen steunmaatregelen in het kader van corona. Het college wordt gevraagd om: 1.

Verschillende scenario’s uit te werken voor de verwachte groei in schuldhulpverlening na het aflopen van de corona steunpakketten; 2. Hierbij te inventariseren of de huidige infrastructuur, in de vorm van de buurtteams, zowel qua diversiteit van mensen die in de problemen komen als kwantiteit voorbereid is.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 oktober 2021 Pagina 7 van 11

Hieronder rapporteert het college over de uitvoering van deze motie. 1. Het college monitort de groei naar hulpvragen en kan op basis daarvan tijdig inspelen op verschillende scenario’s Via het jaarverslag schuldhulpverlening 2020 werd u geïnformeerd dat er op dit moment een beperkte extra vraag is naar het ‘curatieve’ deel van de schuldhulpverlening. Wel zien we een toename van vragen over inkomen en beginnende geldproblemen. Het uitblijven van een toename van de vraag naar curatieve schuldhulp komt overeen met het landelijk beeld10 en is mogelijk te verklaren door de goede economische situatie voor de coronacrisis en door landelijke en lokale steunmaatregelen. Dit sluit aan op de augustusraming van het Centraal Planbureau (CPB) waaruit blijkt dat de economie veerkrachtig herstelt maar verdere ontwikkelingen onzeker blijven. Effecten van een economische crisis kunnen vertraagd en verspreid over een aantal jaar optreden. Ook kan het zijn dat Amsterdammers met problemen kampen, maar nog schromen om hulp te zoeken. We weten van de vorige economische crisis dat mensen lang wachten (gemiddeld 5 jaar) voordat ze hulp zoeken bij geldproblemen11.

We zien drie mogelijke scenario’s na beëindiging van de steunmaatregelen: - Het herstel van de economie, waarvan de eerste tekenen nu zichtbaar zijn12, leidt ertoe dat de vraag naar schuldhulp niet stijgt; - Beginnende geldproblemen nemen toe, maar de inzet op vroegsignalering zorgt ervoor dat dit niet leidt tot een stijging in schuldhulpvragen; - Er treedt een stijging in schuldhulpvragen op na afloop van de steunmaatregelen. Of er een stijging komt en hoe hoog de stijging dan precies zal zijn, is erg moeilijk te voorspellen, zoals de NVVK ook aangeeft in hun jaarverslag 202013. Het college deelt later dit najaar de Schuldenmonitor van Onderzoek, Informatie en Statistiek (OIS) met u. Deze monitor wordt dit jaar in aanvulling op de jaarlijkse Armoedemonitor uitgebracht en onderzoekt ook de ontwikkelingen als gevolg van corona. Het college houdt in nauwe samenwerking met partners in de stad, de ontwikkelingen scherp in de gaten. Op deze manier kunnen we een mogelijke stijgende vraag naar schuldhulpverlening tijdig signaleren en agenderen. Door de intensievere aanpak bij vroegsignalering en met de inzet van de sociaal raadslieden in 2022 kan de gemeente in samenwerking met partners de ontwikkelingen in betaalachterstanden van Amsterdammers monitoren.

Dat maakt dat we een stijgende hulpvraag naar het curatieve deel van schuldhulpverlening aan kunnen zien komen, als dit scenario zich voordoet. Indien dit het geval is, biedt de huidige infrastructuur van de buurtteamorganisaties de mogelijkheid om de schuldhulpverlening op te plussen. 10

NVVK jaarverslag 2020 CPB Augustusraming 2021, Economie herstelt veerkrachtig, maar onzekerheid corona blijft 12 https://www.cbs.nl/nl-nl/dossier/cbs-cijfers-coronacrisis/wat-zijn-de-gevolgen-van-corona-voorarbeid-en-inkomen13 NVVK jaarverslag 2020 11

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 oktober 2021 Pagina 8 van 11

Afhankelijk van de grootte van de stijgende hulpvraag en de timing waarop dit zich voordoet zullen er wellicht extra middelen beschikbaar moeten worden gesteld voor dit doeleinde. In het scenario dat de vraag naar curatieve schuldhulp gelijk blijft of daalt is de huidige inzet middels de investeringsagenda afdoende. De intensivering in vroegsignalering en de inzet van sociaal raadslieden werpen dan hun vruchten af en voorkomen dat er een stijging is in de vraag naar curatieve schuldhulp.

2. De infrastructuur van de buurtteamorganisaties is er op ingericht om schuldhulpverlening te bieden bij problematische schulden. De teams staan klaar voor de Amsterdammers om hen te helpen bij het voorkomen van schulden, het klein houden van schulden en het snel oplossen van schulden. Het budget dat het college jaarlijks beschikbaar stelt voor deze dienstverlening door de Buurtteamorganisaties (voorheen de MaDi’s), is de afgelopen jaren telkens toegenomen om aan de vraag te voldoen en ook kwalitatief te blijven ontwikkelen. De verwachting is dat zij hiermee voldoende toegerust zijn om dienstverlening te bieden, ook bij schommelingen. De Buurtteamorganisaties in Amsterdam werken volgens de Amsterdamse maatwerkmethode en de schuldhulpverleners daarbinnen met Route 020. Binnen zowel de Amsterdamse maatwerkmethode als Route 020 staat de situatie van de klant centraal en wordt samen gekeken naar wat de beste interventies zijn om de problemen op te lossen. Hierbij staan het leveren van maatwerk, en een stress-sensitieve dienstverlening voorop. In Amsterdam zien we al jaren een zeer diverse groep inwoners die hulp zoekt en door de persoonsgerichte benadering van de methode Route 020 spelen de hulpverleners daarop in. Bovendien hebben we voor specifieke groepen een aanpak op maat.

De schuldhulp aan ondernemers en economisch daklozen is vanuit de investeringsagenda in 2021 en 2022 geïntensiveerd en is eerder in deze brief toegelicht. Ook jongeren bieden we ondersteuning die past bij hun situatie. Jongeren met problemen op meer leefgebieden, bieden de Buurtteamorganisaties de intensieve jongerenschuldhulpverlening. Tot slot is er het programma Jongeren Schuldenvrije Start, dat ervoor zorgt dat jongeren versneld uit de schulden kunnen komen terwijl ze aan hun toekomst werken. Met deze maatregelen zorgt het college dat we klaarstaan voor een mogelijke toename aan schuldhulpvragen, zowel kwantitatief als kwalitatief, wanneer de steunmaatregelen aflopen. Het college beschouwt de motie hiermee als afgehandeld.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 oktober 2021 Pagina 9 van 11

3. Meerjarenperspectief portefeuille Armoede en Schuldhulpverlening Vanwege de relatief forse fluctuaties in het armoedebudget vooral door de coronacrisis vind ik het belangrijk u nauwkeurig te informeren over het meerjarenperspectief. Het college heeft bij zijn aantreden en in de daaropvolgende jaren veel extra structurele middelen voor armoedebestrijding toegewezen. Na het begin van de coronacrisis hebben wij met Sterker uit de Crisis incidentele middelen beschikbaar gesteld om de negatieve gevolgen van de crisis voor mensen met een kleine portemonnee te bestrijden. Ook het rijk heeft gemeenten tijdelijk extra budget voor armoede en schulden verschaft. In de jaren na 2021 zullen deze budgetten wel teruglopen. Het meerjarige verloop is in onderstaande tabel zichtbaar gemaakt. Van de incidentele middelen die in 2020 en 2021 beschikbaar zijn wordt in beide jaren 2,5 miljoen doorgeschoven naar 2023. Tabel 2: Meerjarige budgetontwikkeling Armoedebestrijding (mln €) 2018 2019 2020 2021 2022 Structureel 89,1 108,7 112,4 116,9 117,0 Incidenteel 22,3 3,9 4,3 9,9 7,6 Totaal 111,4 112,6 116,7 126,8 124,6

2023 111,0 5,0 116,0

2024 110,9 0,0 110,9

2025 110,9 0,0 110,9

Doorkijk 2022 Naast de extra investeringsruimte in 2022, die is toegelicht in paragraaf 1, daalt het kader voor armoede en schuldhulpverlening in 2022 met € 2,2 miljoen. Dit kan het college opvangen doordat de toename van de vraag naar minimavoorzieningen als gevolg van de coronacrisis beperkter is dan verwacht werd. Ook kunnen we een gedeelte van de crisismiddelen aanwenden om het niveau van de ondersteuning op peil te houden. We houden rekening met minder groei dan eerder verwacht en ook verwachten we dat de noodpakketten voor voedsel minder nodig zullen zijn. Daarbij komt dat de transitiekosten voor de nieuwe buurtteams minder worden en lopen regelingen die juist tijdens de lockdownperiodes zijn aangehouden nu wel af, bijvoorbeeld de internetvergoeding. Gelijktijdig blijven we waar dit nodig is, extra investeringen doen om de gevolgen van de coronacrisis voor Amsterdammers met een krappe beurs of schulden te verzachten, zoals u heeft kunnen lezen in paragraaf 1 van deze brief. Doorkijk 2023 en verder Vanaf 2023 is er bij ongewijzigd beleid een daling in de beschikbare middelen voor het armoedeen schuldenbeleid. Dit komt voor een deel vanwege het stoppen van incidentele steunmaatregelen van het rijk om extra ondersteuning aan gemeentes te geven vanwege corona, (o.a.

voor de ondersteuning bij het bieden van schuldhulpverlening) en door het eindigen van de middelen die vanuit het Herstelplan “Samen Sterker uit de crisis” beschikbaar waren gesteld. Met deze middelen zijn ook de doorlopende minimaregelingen waaronder de Bijzondere Bijstand (waarvan de kosten zijn toegenomen) op peil gehouden. Ook tijdelijke investeringen in Vroegsignalering en de intake voor de Voedselbank door Buurtteams zijn niet zonder consequenties te beëindigen. In 2024 zal , ten opzichte van 2021, uiteindelijk ongeveer 10 miljoen euro minder incidenteel budget beschikbaar zijn. Ook zijn er vanaf 2023 minder structurele middelen beschikbaar. Het gaat hier om ongeveer 6 miljoen euro. Dit laatste betreft het saldo van

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 oktober 2021 Pagina 10 van 11

een structurele daling van 7,1 miljoen in het kader van Sterker uit de Crisis en extra middelen van circa 1,1 miljoen euro als gevolg van areaalontwikkelingen en dergelijke. Om voorbereid te zijn op de gevolgen van de krimp van het budget, hebben wij per onderdeel vastgelegd welk gedeelte van het budget bij ongewijzigd beleid zal wegvallen vanaf 2023. Het is immers belangrijk voor de uitvoering dat we tijdig anticiperen op de teruggang in middelen. Het betreft geen definitieve keuzes maar een scenario voor ongewijzigd beleid. Op deze wijze wordt het nieuwe bestuur in staat gesteld om hierover eigen afwegingen te maken bij de opstelling van de begroting 2023. De gemaakte budgetverdeling is gebaseerd op een aantal overwegingen. Ten eerste vind ik het belangrijk dat we geen regelingen volledig stoppen en zo de fijnmazige infrastructuur van minimaregelingen en schuldhulpverlening afbreken. Het is aan een volgend bestuur om hier keuzes in te maken. Ik wil de regelingen die Amsterdammers financiële zekerheid bieden, zoals de Individuele inkomenstoeslag of de premiebijdrage voor de collectieve zorgverzekering zoveel mogelijk in stand houden. Verder vind ik het belangrijk om gezinnen met kinderen te ontzien. Daar houd ik zoveel mogelijk rekening mee. Tot slot hebben we in de laatste jaren veel incidentele middelen geïnvesteerd in schuldhulpverlening en dat werpt zijn vruchten af.

We zijn er vaker vroeg bij en maken de hulpverlening kansrijker door instrumenten als het programma schuldenrust, met onder andere de pauzeknop en de schuldenrustlening. De tijdelijke extra investeringen lopen in 2023 af. Voor een nieuw bestuur is het op dit punt van belang om goed te bekijken hoe de ontwikkeling in schuldhulpvraag als gevolg van de coronacrisis zich in 2022 ontwikkelt. Op basis van deze overwegingen kom ik tot de volgende posten die in 2022 nog incidenteel worden opgenomen in de begroting, maar waarvoor bij ongewijzigd beleid vanaf 2023 minder middelen voor beschikbaar zullen zijn. Ten eerste zoek ik dit in de uitvoeringskosten, Stadspas (waarbij ik activiteiten voor kinderen ontzie), op de post armoede en mobiliteit, armoede in het sociaal domein en ondersteuning van voedselinitiatieven. Ondanks dat ik schuldhulpverlening en ondersteuning aan kinderen wil ontzien is het ook op deze terreinen nodig om voor een bescheiden deel te anticiperen op teruggang. Daarbij kijken we ook naar efficiënter werken. Deze eventuele ingrepen in 2023 bereiden we voor zonder dat dit consequenties heeft voor de continuïteit van het aanbod in 2022.

Tot slot In 2021 en 2022 wordt er in het kader van het coronaoffensief armoede en schulden fors geïnvesteerd in preventie en vroegsignalering, ondernemers en werkenden, kinderen en jongeren en het ondersteunen van maatschappelijke voedselinitiatieven. Zo ondersteunen we groepen Amsterdammers die het moeilijk hebben in deze crisis en zorgen we ervoor dat zij veerkracht behouden. Dit komt bovenop de Amsterdamse Agenda Armoede en Schulden (2019-2022), waarmee we de aanpak van armoede en schulden de afgelopen jaren structureel hebben doorontwikkeld en versterkt. Door het wegvallen van tijdelijk crisisbudget en structurele middelen zal er vanaf 2023 echter weer minder budget beschikbaar zijn. Met deze brief heb ik u geïnformeerd over de wijze waarop dit bij ongewijzigd beleid zal worden ingevuld. Een nieuwe raad en college kan voorstellen doen om een andere verdeling te maken, of er voor te kiezen om

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 oktober 2021 Pagina 11 van 11

het budget armoede en schulden weer te verhogen. Zo maken we ons beleid toekomstbestendig en financieel robuust, zonder dat een nieuw bestuur voor voldongen feiten wordt gesteld. Het college beschouwt motie 406 hiermee ook als afgehandeld. Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam,

Marjolein Moorman Wethouder Armoede

Bijlage: 1. Overzichtstabel investeringsagenda 2022 2. Motie 406

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10673460/1