Afd. motie 272.23
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Afdoening motie
Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door Onderwerp
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 28 november 2023 Sociale Zaken Rutger Groot Wassink WPI (bestuurszaken.wpi@amsterdam.nl) Doorontwikkeling gesubsidieerd werk in Amsterdam en afdoening motie 272 (Faciliteer en ondersteun sleutelpersonen in Amsterdamse wijken) van de raadsleden Bentoumya, Namane en Schmit, d.d. 19 juli 2023
Geachte leden van de gemeenteraad, Met deze brief informeert het college u over op welke manier het college gesubsidieerd werk de komende tijd wil inzetten, met extra nadruk op de stadsdelen Zuidoost, Noord en Nieuw-West. Tevens informeert het college u met deze brief over de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan de motie, getiteld Faciliteer en ondersteun sleutelpersonen in Amsterdamse wijken, van de raadsleden Bentoumya, Namane en Schmit, d.d. 19 juli 2023 (Gemeenteblad 2023, afd. 1, nr. 272). Met deze motie verzoekt de raad het college: Te onderzoeken of en hoe de criteria en regelingen voor buurtbanen verruimd kunnen worden, zodat meer Amsterdamse sleutelpersonen ondersteund kunnen worden in hun (tot nu toe onbetaalde) werk; Hierbij de koppeling te zoeken met de integrale aanpakken in de stadsdelen Zuidoost, Nieuw-West en Noord; Tevens te onderzoeken of er andere manieren zijn om sleutelpersonen (financieel) te faciliteren of tegemoet te komen. Zorgen dat iedereen mee kan doen is een belangrijke ambitie in het coalitieakkoord, waar mogelijk in betaald werk. Niet iedereen kan dat zonder ondersteuning. Het college zet daarom onder meer sterk in op het bieden van extra begeleiding en loonkostensubsidie.
Voor mensen met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt kan ook gesubsidieerd werk een opstap zijn naar betaald werk.1 Het college is nagegaan welke inzet van gemeentelijk gesubsidieerd werk de meeste toegevoegde waarde kan hebben, zowel voor de deelnemers als voor de stad. Veel Amsterdammers en Weespers zijn nu niet in staat betaald te werken, ook niet met extra begeleiding en loonkostensubsidie. Juist ook voor hen is het van groot belang dat zij toegang hebben tot de 1
Zie de raadsinformatiebrieven Iedereen Kans op Werk, d.d. 6 december 2022, en Meer Amsterdammers ondersteunen via Sociaal Werk, d.d. 27 juni 2023. Deze laatste brief betreft de bredere inzet van loonkostensubsidie en ondersteuning van werkzoekenden, met name ook bij reguliere werkgevers.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 28 november 2023 Pagina 2 van 14
‘waarden’ die betaald werk biedt.2 Zoals je inzetten en hiervoor waardering krijgen, contact met collega´s, dat je je eigen geld verdient en nieuwe ervaringen en vaardigheden opdoet. Voor de stad is er toegevoegde waarde als werk in buurten wordt opgepakt dat nu blijft liggen, of dat door bewoners wordt gedaan zonder vorm van betaling. We zijn op zoek gegaan hoe we het verschil tussen betaald en niet-betaald waardevol werk kunnen dichten, met name voor mensen voor wie de stap naar de reguliere arbeidsmarkt niet zomaar te maken is. In buurtbanen, gericht op bewoners en op de opgaven in een buurt, ziet het college kansen voor gesubsidieerd werk dat de meeste meerwaarde biedt. Zowel voor de deelnemers als voor andere bewoners in de buurt. Deze keuze wordt mede gebaseerd op de ervaringen die zijn opgedaan met gesubsidieerd werk in en buiten Amsterdam. Met deze brief nemen we u mee in de afwegingen om te komen tot dit voorstel en de vervolgstappen van het college in het doorontwikkelen van gesubsidieerd werk. Werk met Loonkostensubsidie Participatiewet en gemeentelijk gesubsidieerd werk Bij de start van de Participatiewet is landelijk een wettelijke loonkostensubsidie (LKS) ingevoerd. Hiermee worden werkgevers gecompenseerd bij een dienstverband met een werknemer (in de doelgroep Participatiewet) die minder productief is.
Vanaf de vastgestelde loonwaarde krijgt de werkgever een aanvulling tot aan het niveau van het wettelijk minimumloon (WML). Als nog geen loonwaarde is vastgesteld, is een tijdelijke subsidie mogelijk van 50% WML, de zogenoemde forfaitaire LKS. Jaarlijks neemt het aantal Amsterdammers die aan het werk zijn met LKS toe, momenteel gaat het om ruim 1.500 Amsterdammers en Weespers. Wij rapporteren hierover in het kader van Sociaal Werk. Als gemeente krijgen we voor deze uitgaven jaarlijks een rijksbijdrage op basis van realisatie (t-1), als onderdeel van de BUIG-uitkering (Bundeling uitkeringen inkomensvoorzieningen gemeenten). Wanneer het gaat over gesubsidieerd werk bedoelen we banen die geheel of grotendeels mogelijk zijn gemaakt met een subsidie. In het verleden waren hiervoor landelijke regelingen, zoals de Wet inschakeling werkzoekenden en het Besluit in- en doorstroombanen. Na het wegvallen hiervan is op verschillende plaatsen met lokaal gesubsidieerde banen gestart. In Amsterdam zijn dit de Werkbrigade, waarvan ook de Zorgbrigade deel uitmaakt, de Buurtbanen en banen in het jongerenwerk. Momenteel zet Amsterdam geen LKS in bij deze banen, maar worden de kosten geheel of vrijwel geheel gedekt uit gemeentelijke middelen. Amsterdam is recent begonnen de LKS Participatiewet breder in te zetten. Dit zullen we ook doen bij de doorontwikkeling van gesubsidieerd werk.
Bij de start van een gesubsidieerde baan zal het dan meestal gaan om forfaitaire LKS. Wanneer naderhand een verminderde productiviteit wordt bepaald (ten opzichte van een reguliere werknemers met een vergelijkbare functie of takenpakket), volgt LKS op basis van loonwaarde. Rekening houdend met deze inzet van LKS, is de verwachting dat een gesubsidieerde baan nog circa € 27.000 aan inzet van gemeentelijke 2
Zie ook de aanbeveling van de Commissie-Borstlap: Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt (…) krijgen hulp en persoonlijke begeleiding om stapsgewijs te komen tot volwaardige participatie. Om te realiseren dat ook zij de waarden van werk kunnen verzilveren, worden voor hen op of rond de arbeidsmarkt geschikte werkplekken gecreëerd. (Eindrapport Commissie Regulering van Werk, 2020)
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 28 november 2023 Pagina 3 van 14
middelen vraagt, in plaats van circa € 40.000. Wanneer externe opdrachtgevers een bijdrage leveren aan deze kosten kan de gemeentelijke inzet lager worden. Gezien het bovenstaande zullen we in gemeentelijke rapportages zorgvuldig onderscheid maken tussen Sociaal Werk (al of niet met LKS) en gemeentelijk gesubsidieerd werk (al of niet met LKS). Waarde van gesubsidieerd werk Als voorbereiding op de doorontwikkeling van gesubsidieerd werk is een maatschappelijke kosten-/ batenanalyse uitgevoerd voor de Amsterdamse Werkbrigade (door LPBL) en er heeft een inventarisatie plaatsgevonden van verschillende vormen van gesubsidieerd werk in Nederland (door Regioplan). Daarnaast is een verkenning gedaan van de meerwaarde van Buurtbanen (door Movisie). Met deze brief worden deze rapporten aan u aangeboden; in de bijlage wordt nader ingegaan op de uitkomsten. Daar vindt u ook informatie over de bestaande Buurtbanen; over de banen in het jongerenwerk wordt u afzonderlijk geïnformeerd. Op hoofdlijnen zien we, mede op basis van de genoemde onderzoeken, drie primaire functies van gesubsidieerd werk; in de praktijk is vaak een combinatie van motieven aan de orde: 1. Overbruggen van drempels op de arbeidsmarkt. 2. Bijdragen aan een betere stad. 3. Voorzien in duurzame werkzekerheid. Voor deze drie functies is verkend waar op dit moment de meeste meerwaarde ligt.
Naast het subsidiëren van banen is ook de optie verkend dat we in bepaalde situaties mensen die actief zijn op belangrijke functies in buurten, een vergoeding bieden. De uitkomsten volgen hieronder. 1. Overbruggen van drempels op de arbeidsmarkt De afgelopen periode hebben we onderzocht in welke sectoren gesubsidieerd werk een toegevoegde waarde kan hebben als opstap voor Amsterdammers die extra ondersteuning richting werk nodig hebben. Bijvoorbeeld naar werk waarvoor een bepaald kwalificatieniveau nodig is, dat voor mensen in de doelgroep Participatiewet lastig te bereiken is. Mogelijk kunnen zij dit niveau wel bereiken met de werkervaring en beroepscompetenties die zij opdoen in een gesubsidieerd dienstverband. We zijn tot de conclusie gekomen dat er goede toegangsmogelijkheden bestaan tot werk voor werkzoekenden die kunnen en willen werken, zeker in de huidige arbeidsmarkt. Dit kan via leerstages, met de verbrede inzet van de instrumenten Sociaal Werk, met name loonkostensubsidie (LKS) en jobcoaching, en door het aanbod van werkgeversarrangementen en scholingstrajecten richting kansberoepen, zoals in de zorg (zie kader). Ook de sterk toegenomen vraag naar werk zorgt ervoor dat veel werkzoekenden de afgelopen jaren sneller aan het werk komen. Toegang tot werken in de zorg Er is onder een deel van de bijstandsgerechtigden een wens om in de zorg te werken.
De sector stelt, terecht, eisen aan het werken in de zorg. Om te garanderen dat het voor Amsterdammers die graag in de zorg willen werken mogelijk blijft om in te stromen is gekeken welke mogelijkheden hiervoor
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 28 november 2023 Pagina 4 van 14
zijn als de huidige vorm van de Zorgbrigade stopt. Naast de huidige Zorgbrigade3 bestaan nu de volgende routes om laagdrempelig in te stromen in de zorg.
In Noord en Nieuw-West worden leerstages aangeboden voor werkzoekenden die helpende op MBO-niveau 2 of verzorgende IG op niveau 3 willen worden (IG staat voor Individuele Geneeskunde). In het eerste jaar lopen deelnemers 16 uur stage (informele hulp bij wijkbewoners thuis). In het tweede jaar komen zij in dienst bij een zorginstelling en kunnen zij betaald hun opleiding afmaken.
Voor mensen met VMBO-T die direct in avonden en weekends beschikbaar zijn, bestaat een kort voortraject van drie maanden, waarna zij in dienst kunnen komen op een opleidingsplek bij een zorgaanbieder.
Er is ook een zorgtraject specifiek gericht op werkzoekenden met een anderstalige achtergrond. Dit omvat twee dagen per week stage in een verpleeghuis en drie dagen per week op school. Na het behalen niveau 1 volgt een contract bij een werkgever in combinatie met de opleiding tot helpende of verzorgende IG.
Grotendeels door de gemeente gesubsidieerd werk biedt ten opzichte van de andere bestaande arrangementen nauwelijks tot geen toegevoegde waarde meer. Mensen die nu nog via de Werkbrigade instromen op werk in het groener en schoner houden van de stad, kunnen - zo nodig met extra begeleiding en LKS – prima aan het werk bij Pantar of een andere (sociale) werkgever. Ook richting de zorg en andere sectoren zien we goede mogelijkheden om werkervaring op te doen en in te stromen, indien nodig met loonkostensubsidie en extra begeleiding. Er blijven dus goede en toegankelijke routes om met begeleiding in te stromen in de zorg, maar na begin 2024 niet meer met een volledig gemeentelijk gefinancierde baan onder de naam van Zorgbrigade. Vanwege de andere goede toegangsmogelijkheden willen we de komende tijd de Werkbrigade gaan afbouwen. Begin 2024 kunnen werkzoekenden nog aan de slag via de Werkbrigade. Daarna stromen zij niet langer als werkbrigadist in bij Pantar of een andere werkgever, maar alleen nog als reguliere werknemer met eventueel LKS Participatiewet. Bij Pantar gelden dan de arbeidsvoorwaarden onder de cao Aan de slag, inclusief pensioenopbouw. Daarbij behouden we de werkzame bestanddelen uit de Werkbrigade-aanpak, waaronder de voortrajecten met baangarantie als deze succesvol zijn doorlopen en de gerichte begeleiding en bemiddeling naar ander werk.
Werknemers die zijn gestart als Werkbrigadist kunnen dit traject afmaken, zowel het dienstverband als de begeleiding gericht op doorstroom. Werkzoekenden die dit overwegen kunnen ook begin 2024 nog de stap naar de Werkbrigade zetten. Pantar en andere partijen die bij de uitvoering van de Werkbrigade zijn betrokken kunnen zo hun bedrijfsvoering op een zorgvuldige manier aanpassen.
3
De huidige Zorgbrigade, onderdeel van de Werkbrigade, biedt voor werkzoekenden die willen weten of de zorg iets voor hen is, na een voortraject van vijf weken een instapbaan in dagdienst. De eerste zeven maanden gaat het om een dienstverband voor drie dagen per week, met een inkomen dat veelal rond het bijstandsniveau ligt. Vereiste taalniveau is spreken op A2-niveau.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 28 november 2023 Pagina 5 van 14
2. Bijdragen aan een betere stad Gesubsidieerd werk kan als primair doel het leveren van een bijdrage aan de stad hebben, zowel in het fysieke als het sociale domein. Zo zijn met de Werkbrigade tal van werkzaamheden opgepakt die anders niet zouden zijn uitgevoerd. De waarde hiervan is in de MKBA die voor de Werkbrigade is opgesteld, gewaardeerd op het bedrag dat hiervoor is betaald door de opdrachtgevers.4 Buurtbanen en banen in het Jongerenwerk hebben de afgelopen jaren ook op deze terreinen een grote waarde voor de deelnemer en maatschappelijke meerwaarde opgeleverd. De waarde van Buurtbanen (stedelijke subsidieregeling 2021) Het doel van de Buurtbanenregeling is aan de ene kant de sociale basis versterken van buurten in de stad met de inzet van actieve bewoners en hun kennis en ervaringen van die buurt. En aan de andere kant die actieve bewoner stimuleren zich als werknemer te kunnen ontwikkelen en door kunnen stromen naar regulier betaald werk of een eigen bedrijf. In de woorden van een deelnemer (sinds 2021): Tien jaar geleden heb ik Life&Style opgericht. Sindsdien ben ik sleutelpersoon in de Indische Buurt en omgeving. De Buurtbaan betekent voor mij een stukje erkenning. Het is hard werken als sleutelpersoon. Dat doe ik graag, maar een stukje financiële en inhoudelijke erkenning motiveert mij om door te gaan.
Daarnaast is het heel fijn om met andere Buurtbaners ervaringen uit te wisselen. Ik breng heel veel ervaring mee. Ik werk al jaren met bewoners die niet naar formele instanties durven stappen. Life&Style is heel laagdrempelig. Mensen komen daardoor wel naar mij toe. Ik werk intensief samen met formele organisaties in de buurt en zorg er met mijn vrijwilligers voor dat de drempel om professionele hulp te zoeken wordt verlaagd voor mensen. Ik heb heel veel aan de coaching binnen het traject van de Buurtbaan. De adviezen die ik hier krijg aangereikt, gaan een leven lang mee en kan ik gebruiken om in mijn functie als Buurtbaner verder te groeien. Met de genoemde vormen van gesubsidieerd werk zijn er vooral positieve ervaringen van werkgevers, deelnemers en andere partijen, waaronder stadsdelen. Hieronder een toelichting: o Met tijdelijk gesubsidieerde banen voor jongeren is in het afgelopen jaar het jongerenwerk versterkt. De deelnemende jongeren hebben vooral facilitaire taken uit handen genomen waardoor jongerenwerkers meer tijd hadden om jongeren te bereiken en begeleiden. Via deze kennismaking met het jongerenwerk zijn bovendien acht van de twintig deelnemers doorgestroomd naar een dienstverband in deze sector. Momenteel wordt hieraan een vervolg gegeven waardoor de komende tijd nog eens circa 20 jongeren op een gesubsidieerde baan in het jongerenwerk aan de slag kunnen.
Hierover wordt u separaat geïnformeerd. o De Buurtbanen die stadsbreed zijn ingezet betekenen voor actieve bewoners die hierop aan het werk gaan, een belangrijke erkenning voor de rol die zij vervullen. Via de Buurtbaan krijgen zij nu betaald voor hun werk dat in het verlengde ligt van hun eerdere inzet. Zij versterken met hun ervaringskennis en persoonlijke, informele werkwijzen de welzijnsorganisaties waarvoor zij werken. Ook de buurt wordt hierdoor en door de voorbeeldfunctie die de deelnemers hebben, 4
MKBA Werkbrigade 2022, p. 12. Omdat de Werkbrigade ook is ingezet op werk waarvoor niet werd betaald, lijkt de gehanteerde toegevoegde waarde van gemiddeld € 8.600 een lage inschatting te zijn.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 28 november 2023 Pagina 6 van 14
versterkt.5 Vanuit meerdere stadsdelen is er een vraag ontstaan naar een uitbreiding van het aantal Buurtbanen. 3. Voorzien in duurzame werkzekerheid Behalve als opstap naar meer regulier werk is ook denkbaar dat gesubsidieerd werk wordt ingezet om mensen een duurzaam werk dienstverband te kunnen bieden. Hierbij spelen met name de volgende dilemma’s: o Afbakenen van de toegang: voor wie en wanneer zetten we het in, voor wie en wanneer niet? Naarmate we er minder goed in slagen de instroom te beperken tot mensen die anders niet aan het werk zouden komen, neemt het maatschappelijk rendement af.6 Bij de Werkbrigade is dit een lastig aspect gebleken, wat eraan bijdroeg dat de maatschappelijke baten minder hoog uitvielen. Hierbij ging het om een dienstverband van maximaal twee jaar. Bij een duurzame subsidieverlening lopen de gemeentelijke kosten nog veel langer door, leidend tot een grotere disbalans tussen kosten en baten. o Bekostiging: voor de kosten van een duurzaam dienstverband is structurele dekking nodig. Bij de landelijke LKS is hiervan sprake7; de financiering gebeurt hierbij via het BUIG-budget op basis van de uitgaven in het voorafgaande jaar. Bij een gemeentelijke subsidie ligt dit anders. Het voortbestaan van de dekking is dan afhankelijk van besluitvorming in de raad.
In het verleden is gebleken dat het voor alle betrokkenen uiterst pijnlijk is wanneer financiële dekking op een gegeven moment niet meer mogelijk is. Ervaringen met de Amsterdamse Werkbrigade en Basisbanen in Groningen Nadat in Amsterdam een start was gemaakt met de Werkbrigade heeft ook de gemeente Groningen een begin gemaakt met gemeentelijk gesubsidieerd werk. Maart 2020 is daar met zogenoemde basisbanen gestart. Zeven personen kregen een arbeidscontract en gingen aan de slag in de wijken en dorpen binnen de gemeente. Begin 2023 waren hier 56 deelnemers aan het werk. Een verschil met de Werkbrigade is dat de banen in Groningen altijd waren toegesneden op de kandidaat en van meet af aan werden gerealiseerd met loonkostensubsidie. Een deel van de werknemers behoort tot de doelgroep Beschut Werk. Een ander verschil is dat het niet gaat om een dienstverband met een begrensde duur. Zowel voor Amsterdam als Groningen is een MKBA uitgevoerd. De uitkomsten lopen behoorlijk uiteen. Voor de Werkbrigade werd per saldo een negatieve uitkomst gevonden – zie de samenvatting onder aan deze brief. Voor Groningen werd een positieve uitkomst vastgesteld.8 Het verschil is deels te verklaren doordat daar is uitgegaan van een relatief hoge productiewaarde. Uitgaande van 80% productieve uren en 60% loonwaarde wordt deze gesteld op 48% van de loonsom, ofwel ca. € 15.000.
In de MKBA voor de Werkbrigade is rekening gehouden met € 8.600 aan productiewaarde (het bedrag dat externe opdrachtgevers ervoor betaalden). Daarnaast lijkt in
5
Zie de bijlage De buurtbaan als sleutel voor innovatie (Movisie, 2023) Zie de bijlage MKBA Werkbrigade 2022 (LPBL, 2022),p. 17. 7 De Loonkostensubsidie Participatiewet/LKS compenseert voor loonkosten (exclusief pensioen- en andere cao-lasten), vanaf iemands vastgestelde loonwaarde tot aan het wettelijk minimumloon. Deze LKS loopt door zolang sprake is van een verminderde loonwaarde (uiterlijk tot aan de pensioenleeftijd). 8 Zie De praktijk van de basisbanen (2023, Hanze Hogeschool). 6
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 28 november 2023 Pagina 7 van 14
Groningen te zijn uitgegaan van de waarde van alle positieve effecten. Er is geen correctie toegepast voor uitstroom die ook zonder basisbaan had kunnen plaatsvinden, bijvoorbeeld naar beschut werk. Bij de Werkbrigade is hiervoor wel gecorrigeerd doordat alleen is uitgegaan van de extra effecten ten opzichte van de zogenoemde nul-situatie. Deze factoren verklaren mogelijk het meer rooskleurige beeld van de Groningse praktijk ten opzichte van de Werkbrigade. De hiervoor genoemde dilemma’s rond langdurig gesubsidieerd werk zijn minder sterk aan de orde wanneer in een uitzonderlijke situatie een tijdelijke baansubsidie wordt verlengd voor een overzienbare periode. Bijvoorbeeld voor mensen die aan het eind van hun werkzame leven zijn, ter overbrugging naar de AOW-leeftijd. De mogelijkheden en dilemma’s voor een meerjarige subsidie worden de komende tijd verder in kaart gebracht. Hier komen we in de loop van het tweede kwartaal van 2024 op terug. Amsterdamse inzet gesubsidieerd werk Op basis van bovenstaande ervaringen en de uitkomsten van de genoemde onderzoeken komt het college tot de conclusie dat buurtgerichte banen de meeste maatschappelijke meerwaarde opleveren, zowel voor de buurt als voor deelnemers. Voor het college is dit reden om bij gesubsidieerd werk sterk in te zetten op buurtgerichte banen, met focus op werkzaamheden en bewoners in buurten.
Met daarbij extra nadruk op buurten in Nieuw-West en Zuidoost en in Noord. De nu bestaande Buurtbanen zijn hier een goed voorbeeld van, gericht op actieve bewoners met een groot netwerk in de buurt, die zich in deze baan inzetten voor buurtopbouw van binnenuit. Deze werkwijze kan ook voor meer laagdrempelige banen worden ingezet, in de uitvoering van praktische werkzaamheden waar in een buurt een grote behoefte aan bestaat. Daarmee kunnen deze nieuwe banen in de buurt een grote waarde hebben voor zowel deelnemende bewoners die nu geen uitzicht hebben op een betaalde baan, als voor de buurt als geheel. Bij het organiseren van gesubsidieerd werk in deze richting is de vraag vanuit een van de stedelijke of gebiedsgerichte opgaven het vertrekpunt. Om dit goed te organiseren is er een inhoudelijk opdrachtgever nodig en goede samenwerking tussen de verschillende maatschappelijke partijen en informele netwerken in buurten die een rol kunnen hebben als opdrachtgever, werkgever en bij de werving van kandidaten. Ook wordt nadrukkelijk een relatie gelegd met het uitvoeringsprogramma Samen Nieuw-West en de programma’s in Zuidoost en Noord.
Van belang is dat de werkzaamheden aansluiten bij de mogelijkheden van een bredere groep bijstandsgerechtigde Amsterdammers en Weespers die ook met ondersteuning niet of moeilijk aan het werk komen, en kunnen bijdragen aan een vervolgstap op de arbeidsmarkt. Daarmee kunnen buurtgerichte banen de deelnemers ook helpen bij een vervolgstap naar werk. Het ligt daarbij voor de hand om in de bekostiging van deze banen een mix tot stand te brengen van re-integratiemiddelen (begrotingsprogramma 7) en middelen Sociale Basis, Jeugd of andere middelen, afhankelijk van het maatschappelijke werkterrein. Een aandachtspunt is ook dat veel werkzoekenden de stap naar werk als spannend ervaren, ook als het gaat om gesubsidieerd werk. Zo nodig moeten deelnemers hun inzet geleidelijk kunnen
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 28 november 2023 Pagina 8 van 14
opbouwen. Als iemand onverhoopt toch uitvalt mag er geen drempel zijn om weer bijstand te krijgen, bijvoorbeeld door de toepassing van de zogenoemde Garantieknop9. Werkzaamheden in de buurt uitvoeren met een vergoeding Voor veel mensen ligt betaald werk tijdelijk of blijvend buiten hun bereik, ook met inzet van ondersteuning, en ook als het gaat om deeltijdwerk. Het kan dan een grote stap vooruit betekenen wanneer zij een voor hen zelf en de buurt nuttige inzet kunnen leveren en daar ook financieel iets aan overhouden. Een praktijkvoorbeeld hiervan is de aanpak Instapeconomie van de gemeente Den Haag.10 Daarbij gingen enkele tientallen bewoners aan de slag bij een wijkbedrijf, waar zij laagdrempelige werkzaamheden uitvoeren die van toegevoegde waarde zijn voor de wijk. Deelnemers kunnen vanaf 4 uur per week deelnemen; gemiddeld gaat het om 12 uur per week. Zij krijgen naast hun uitkering een vrijwilligersvergoeding die wordt afgestemd op het aantal uur dat ze zich inzetten. De deelnemers lieten op vrijwel alle leefgebieden een positieve ontwikkeling zien en ontdekten uiteenlopende nieuwe vaardigheden en talenten bij zichzelf. Ook op de wijk liet de Haagse werkwijze een (licht) positief effect zien.
Door betrokken deelnemers werd dit sterker ervaren dan door overige buurtbewoners.11 Een pluspunt is dat een vergoeding voor onbetaald werk tot maximaal € 1.900 per jaar voor de bijstand, belastingheffing en toeslagen niet als inkomen wordt gezien. Alleen voor jongeren tot 27 jaar in de bijstand geldt de vergoeding wel als inkomen en leidt deze tot een lagere uitkering. Dit leeftijdsonderscheid is onderdeel van de Participatiewet (artikel 31 lid 5) en lijkt ook in het wetsvoorstel Participatiewet in balans in stand te blijven. Het college gaat samen met de stadsdelen Nieuw-West, Noord en Zuidoost aan de slag om hiermee ervaring op te doen. Hierbij onderzoeken we in de praktijk hoe buurtbewoners voor wie betaald werk (nog) geen optie is, ook niet in deeltijd, zich in de buurt kunnen inzetten en daar ook financieel iets aan overhouden. Welke werkzaamheden kunnen mensen oppakken, welke begeleiding is hierbij nodig, welke vergoeding kunnen mensen krijgen? Hierbij geldt er een belangrijk aandachtspunt: hoe voorkomen we dat we met het introduceren van een vergoeding, de bestaande inzet verdringen die vele vrijwilligers nu leveren vanuit een intrinsieke motivatie. Dit gaan we doen Samenvattend zet het college de volgende acties in bij de doorontwikkeling van gesubsidieerd werk in Amsterdam.
Dit doen we in samenspraak met de betrokken stadsdelen, maatschappelijke organisaties en informele netwerken in buurten. Met de beschikbare middelen (zie hieronder) gaat het de komende drie jaar cumulatief om ten minste 150 gesubsidieerde banen. Het college heeft de intentie om dit aantal te verdubbelen naar 300. Wel is dit afhankelijk van de beschikbaarheid van aanvullende middelen en uitvoerbaarheid.
Stadsbreed: we gaan door met Buurtbanen in de huidige vorm met inzet van actieve bewoners met een groot netwerk in de buurt, gericht op buurtopbouw van binnenuit en
9
Zie raadsbrief d.d. 31-10-2023 (Wegnemen financiële onzekerheden voor Amsterdammers in de bijstand) Zie de bijlage Gesubsidieerde arbeid in Nederland (Regioplan, december 2022), p. 17. 11 https://denhaag.raadsinformatie.nl/modules/13/overige_bestuurlijke_stukken/731559 10
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 28 november 2023 Pagina 9 van 14
op persoonlijke professionele ontwikkeling. Start: Q1-2024
Stadsbreed: we gaan door met jongerenbanen in het Jongerenwerk. Start: Q4-2023
Zuidoost, Noord en Nieuw-West: samen met deze stadsdelen ontwikkelen we tijdelijke buurtgerichte banen waarin mensen laagdrempelig aan de slag kunnen en kunnen doorgroeien naar een vervolgstap op de arbeidsmarkt. Hiermee geeft het college tevens uitvoering aan het verruimen van de criteria en regelingen voor Buurtbanen, zoals gevraagd in motie 272. Ook wordt een koppeling gelegd met de integrale aanpakken in de genoemde stadsdelen. Start: Q2-2024
Zuidoost, Noord en Nieuw-West: we ontwikkelen met de stadsdelen werkzaamheden in de buurt met een vergoeding, voor buurtbewoners voor wie de stap naar (deeltijd)werk ook met ondersteuning te groot is. Hiermee geeft het college tevens uitvoering aan het onderzoek naar andere manieren om actieve bewoners (financieel) tegemoet te komen, zoals gevraagd in motie 272. Start: Q2-2024.
Werkbrigade: begin 2024 is nog beperkt instroom mogelijk, daarna niet meer. Werkzame bestanddelen blijven behouden, zoals de voortrajecten van Amsterdam Werkt! die direct leiden naar werk bij Pantar of elders, en de begeleiding richting een vervolgbaan. Met de huidige Werkbrigadisten wordt het ingezette traject afgemaakt.
We brengen de eventuele mogelijkheid en dilemma’s om in bepaalde situaties een structurele gemeentelijke subsidie in te zetten, verder in kaart. Informeren raad: Q2-2024
Voor de inzet op gesubsidieerd werk is vanaf 2026 structureel € 2,7 miljoen beschikbaar12. Zoals hierboven aangegeven kunnen hiermee in totaal de komende drie jaar minimaal 150 Amsterdammers aan het werk komen in een tijdelijke gesubsidieerde baan. Hierbij houden we er rekening mee dat een deel van de kosten vanuit loonkostensubsidie Participatiewet kan worden gedekt. Daarnaast is er financieel ruimte om in de stadsdelen Noord, Nieuw-West en Zuidoost voor enkele tientallen bewoners werkzaamheden in de buurt te organiseren waarbij zij een vergoeding krijgen. Met aanvullende middelen wil het college komen tot een verdubbeling van het aantal van 150 naar 300 mensen die in gesubsidieerd werk aan de slag kunnen. Hierbij is onder meer te denken aan middelen vanuit het uitvoeringsprogramma Nieuw-West en aan middelen vanuit het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid waarvoor de gemeente Amsterdam een aanvraag doet voor zowel Nieuw-West als Zuidoost. Ook de inzet van middelen vanuit programma 6 (Jeugd) om hiermee extra banen in het jongerenwerk mogelijk te maken, is hiervan een voorbeeld. Voor elk onderdeel wordt nu besluitvorming voorbereid, zowel inhoudelijk als financieel. Met de bestaande Buurtbanen en de banen in het Jongerenwerk is al ervaring. Hiermee maken we op 12
In 2024 en 2025 is incidenteel een hoger bedrag beschikbaar. Deels is dit nodig als dekking voor doorlopende kosten Werkbrigade, begin 2024 zal hierover duidelijkheid bestaan. De resterende middelen kunnen incidenteel worden ingezet voor buurtgerichte banen.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 28 november 2023 Pagina 10 van 14
korte termijn een doorstart. Het ontwikkelen van buurtgerichte banen en werkzaamheden met een vergoeding vraagt een extra inzet. Een kwartiermaker start hiervoor snel met de voorbereiding. Met deze inzet geeft het college uitvoering aan motie 272 van de raadsleden leden Bentoumya, Namane en Schmit. Het college beschouwt de motie hiermee als afgehandeld. Ook de toezegging van de wethouder Sociale Zaken in de vergadering van de Tijdelijke Algemene Raadscommissie op 19 mei 2022 is opgevolgd met deze brief, in samenhang met de eerdere raadsbrief Meer Amsterdammers ondersteunen via Sociaal Werk, d.d. 27 juni 2023. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Rutger Groot Wassink Wethouder Sociale Zaken
Bijlagen 1. MKBA Werkbrigade 2022 (LPBL, september 2022) 2. Gesubsidieerde arbeid in Nederland (Regioplan, december 2022) 3. De buurtbaan als sleutel voor innovatie (Movisie, januari 2023)
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 28 november 2023 Pagina 11 van 14
Uitkomsten bijgevoegde rapportages Hieronder worden de uitkomsten van de drie bijgevoegde rapportages samengevat en wordt de voortgang met betrekking tot Buurtbanen aangegeven. 1. MKBA Werkbrigade 2022 (LPBL, september 2022) De Amsterdamse Werkbrigade is eind 2016 opgericht om mensen die langdurig werkloos zijn en die er naar verwachting niet in slagen regulier werk te vinden, tijdelijk een baan te bieden. De Werkbrigade doet werk dat anders zou blijven liggen, zoals extra onderhoud of opruimwerk. De gemeente Amsterdam heeft LPBL gevraagd om een Maatschappelijke Kosten Baten Analyse (MKBA) op te stellen. Voor de effectmeting kon LPBL beschikken over de in- en uitstroomgegevens van bijna 1.250 brigadisten en heeft bij ca. 5% dossieronderzoek plaatsgevonden. Vragen die centraal staan in de analyse zijn: tot welke effecten leidt de Werkbrigade? Daarbij gaat het om zaken als kwaliteit van leven en kansen op de arbeidsmarkt, maar ook om de gerealiseerde productiewaarde. Hoe verhouden de extra kosten zich tot de verwachte baten? En bij wie vallen de kosten en baten? Ook is gekeken naar mogelijkheden voor optimalisatie. De kosten en effecten van de Werkbrigade zijn afgezet tegen een zogenoemd nul-alternatief: hierbij is er geen Werkbrigade en krijgen kandidaten een bijstandsuitkering en reguliere ondersteuning vanuit WPI.
De totale kosten per brigadist zijn ongeveer € 80.000 euro voor een fulltime dienstverband van twee jaar. Dit is ca. € 46.000 meer dan het nul-alternatief waarbij de betrokkene in de uitkering zou zijn gebleven (hierbij is uitgegaan van € 16.800 per jaar, inclusief uitvoeringslasten). Opbrengsten van de Werkbrigade liggen op het vlak van inkomensverbetering van de deelnemer, een toegenomen kwaliteit van leven, waaronder psychisch welbevinden en een meer stabiele maatschappelijke positie. Daarnaast leidt de inzet van de Werkbrigade tot een verbeterde leefomgeving. De productiewaarde is in de analyse gewaardeerd tegen het bedrag dat hiervoor wordt betaald door de opdrachtgevers (gemiddeld per deelnemer ongeveer € 8.600 per jaar). De opgedane werkervaring en de intensieve begeleidingsperiode na afloop van het dienstverband vergroten de kansen van de deelnemers op de arbeidsmarkt. Al deze effecten zijn afgezet tegen het nul-alternatief. Een aandachtspunt daarbij is de motivatie van de deelnemers. Dit is een belangrijk criterium in de selectieprocedure van de Werkbrigade: deelnemers moeten willen werken. Motivatie verhoogt ook de kans op uitstroom met een factor 1,5 tot 2. Gemotiveerde deelnemers hebben daarmee ook in het nul-alternatief een hogere kans op uitstroom dan gemiddeld.
Als hiermee rekening wordt gehouden leidde deelname aan de Werkbrigade tot een extra uitstroom naar werk van 18 procentpunt. De analyse laat zien dat het maatschappelijk rendement van de Werkbrigade (terugkijkend) negatief is. Iedere geïnvesteerde euro levert 80 cent op. De extra kosten slaan vrijwel geheel neer bij de gemeente. De deelnemers zelf hebben een positief resultaat als gevolg van het extra inkomen en de toegenomen kwaliteit van leven. Het Rijk heeft zeer beperkt extra kosten door de extra WW-uitkeringen, maar ook aanzienlijke extra baten, zoals belastinginkomsten. Een belangrijke baat tenslotte valt bij de buurt en de maatschappij, in de vorm van een verbeterde buitenruimte en meer kwaliteit van leven. LPBL doet een aantal aanbevelingen om tot een betere verhouding tussen kosten en baten te komen, namelijk een betere selectie van kandidaten en beperken van de kosten voor met name begeleiding en loon (bijvoorbeeld door een kortere duur en/of werkweek). Een kans kan liggen in het inzetten op tekortsectoren, zoals de zorg. Ook dan is het echter van belang om de meerkosten te beperken.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 28 november 2023 Pagina 12 van 14
2. Gesubsidieerde arbeid in Nederland (Regioplan, december 2022) De gemeente Amsterdam gaf Regioplan opdracht om verschillende vormen van gesubsidieerde arbeid te onderzoeken. Wat zijn verschillende vormen van gesubsidieerde arbeid in Nederland. Welke contextfactoren spelen hierbij een rol. Wat zijn succesfactoren bij de inzet van gesubsidieerde arbeid. En wat zijn interessante vormen van gesubsidieerde arbeid om nader te onderzoeken voor de gemeente Amsterdam. Er zijn zes gemeenten geselecteerd die een vorm van gesubsidieerde arbeid inzetten: Amstelveen, Den Haag, Delft, Oude IJsselstreek, Rotterdam en Groningen. De praktijk van het gesubsidieerde werk in deze gemeenten is divers: - vormen: meestal tijdelijk werk, soms een vaste baan, maar ook onbetaald werk - werksoorten: additioneel werk, werk zorg, buurtklussen - doelen: duurzame baan, doorstroom, participatie - financiering: bijna altijd wordt LKS ingezet met een aanvulling; daarnaast wordt vaak ingezet op een aanvullende bijdrage, bijvoorbeeld van zorgverzekeraar - werkgeverschap: dit ligt bijvoorbeeld bij het lokale ontwikkelbedrijf, een aparte rechtspersoon, maatschappelijke organisaties of geen werkgever (in het geval van onbetaald werk).
Positieve effecten die gevonden werden hadden met name betrekking op verbeteringen op financieel gebied van de deelnemer en op mentaal en fysiek vlak, meer ervaren autonomie en zelfvertrouwen en verbeteringen op sociaal gebied en op het gebied van taal. Daarnaast werden er positieve effecten vastgesteld op het niveau van de wijk, bij collega’s en bij burgers die geholpen werden. Voor de vormgeving van gesubsidieerd werk heeft regioplan de verschillende keuzes in kaart gebracht, zowel op strategisch, tactisch en operationeel niveau. Een aantal aspecten wordt extra benadrukt: o Doel en doelgroep. Stem deze af op het Amsterdamse bijstandsbestand en de mate waarin personen met een afstand tot de arbeidsmarkt al naar werk begeleid worden. o Werksoorten. Vermijd overlap of oneerlijke concurrentie. o Uitvoerders. Wie is initiatiefnemer en eindverantwoordelijke van een nieuwe vorm van gesubsidieerd werk? Benut bestaande structuren waar gebruik van gemaakt kan worden. o Financiering en monitoring. Benut de bestaande financiële ruimte om effecten op lange termijn te bereiken. Breng deze op een wetenschappelijk solide manier in beeld. Ten slotte doet Regioplan een aantal aanbevelingen, waaronder.
- goed onderzoeken voor wie (doelgroep) dit relatief dure instrument toegevoegde waarde heeft - zoek werk in kraptebranches - onderscheid gesubsidieerd werk gericht op doorstroom en werk zonder doorstroomverplichting - zorg voor een mix aan financiering - wat houdt begeleiding van de werknemer in en wat draagt de gemeente hieraan bij - zorg ervoor dat deelname laagdrempelig is, de stap naar werk kan als spannend worden ervaren.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 28 november 2023 Pagina 13 van 14
3. De buurtbaan als sleutel voor innovatie (Movisie, januari 2023) Het rapport is een co-creatie van de Werkplaats Informeel Leren Amsterdam en Movisie onder de vlag van het landelijke project ‘Anders kijken naar sociale posities en werk’. Doel van dit project is om beter te begrijpen wat een inclusieve arbeidsmarkt inhoudt en wat een verbeterde positie voor mensen zelf betekent. De Buurtbanen in Amsterdam is een van de zeven initiatieven in Nederland waar het project zich op richt. Het onderzoek richt zich op de ontwikkeling van de buurtbaan in Amsterdam-West, waarbij ook de verbreding naar de rest van de stad wordt betrokken die op initiatief vanuit de gemeenteraad heeft plaatsgevonden vanaf eind 2021. Het rapport beschrijft de ontstaansgeschiedenis van Buurtbanen, om te beginnen in stadsdeel West en met betrokkenheid van Wikistad. Wikistad is erop gericht om buurtopbouw gestalte te geven met sleutelpersonen uit de buurt, actieve bewoners met een groot netwerk, als cruciale ‘bouwers’. Samen met voormalige en nieuwe Buurtbaners en andere actieve bewoners (sleutelpersonen) wordt de Werkplaats Informeel Leren gevormd. Ook Combiwel speelt een belangrijke rol; zij heeft zich als eerste werkgever verbonden aan de buurtbaan en heeft mensen bij uitstroom in dienst genomen. Naast haar werkgeversverantwoordelijkheid wil zij ook inhoudelijk de buurtopgaven vormgeven met Buurtbaners.
Movisie beschouwt de buurtbanen en de begeleiding van Wikistad/Werkplaats Informeel Leren als een relevante en innovatieve ontwikkeling, omdat zij een antwoord trachten te bieden op de complexe relatie tussen bestaansonzekerheid en een ontoereikende arbeidsmarkt (een veelal ‘exclusieve arbeidsmarkt’ in plaats van een inclusieve). Een aantal onderdelen in de Amsterdamse aanpak wordt hierbij door Movisie als onderscheidend gezien, zoals de achtergrond van de buurtbaners en de bewoners op wie zij zich richten, het samenkomen van maatschappelijke ontwikkeling (Wmo) en ontwikkelpaden naar betaald werk (Participatiewet) en de centrale en innovatieve gerichtheid op empowerment binnen met name de Werkplaats Informeel Leren en de inzet van ervaringskennis die deelnemers hebben met uitsluiting en diversiteit. Met groepsgesprekken met voormalige Buurtbaners en andere sleutelpersonen zijn voor het onderzoek hun ontwikkelroutes naar werk in kaart gebracht, en de verschillende muren en doorbraken waarmee zij te maken hadden: - vrijwilliger blijven > onbetaald werk belonen - bestaansonzekerheid > niet opgeven - de diploma-eis > werken vanuit ervaringskennis - vangnet dat gevangen houdt > kiezen voor ontwikkeling. Daarnaast belicht het rapport de rol die Buurtbanen hebben bij de ontwikkeling van buurtopbouw van binnenuit.
Het belang hiervan is onder meer gelegen in het realiseren van bestaanszekerheid van bewoners in een kwetsbare positie, inwoners buiten beeld bereiken, toerusten van inwoners met skills of een opleiding om de kans op werk te vergroten en vraagstukken als eenzaamheid en armoede onder inwoners aanpakken. De deelnemers in de Werkplaats Informeel Leren en Combiwel gaan deze dubbele doelstelling en de verbinding tussen de twee beleidsterreinen concretiseren in de vorm van een co-creatielab in Amsterdam-West. Centraal doel is om tot een verdere verbetering te komen van samenwerking tussen ‘informeel’ en ‘formeel’. Ook (partijen in) andere stadsdelen kunnen aansluiten; hiervoor gaan zij op zoek naar beschikbare middelen. De uitdaging is om met beperkte middelen innovatie plaats te laten vinden door het inbrengen van ervaringskennis bij zowel re-integratie als buurtopbouw.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 28 november 2023 Pagina 14 van 14
Voortgang Buurtbanen (november 2023) Hieronder is de stand van zaken weergegeven van de Buurtbanen in het kader van de Subsidieregeling Buurtbanen Amsterdam 2021. Voor het stadsdeel Zuidoost is het aantal mogelijke Buurtbanen in 2022 uitgebreid; hiervoor heeft het stadsdeel aanvullende middelen uitgetrokken (zie raadsinformatiebrief Voortgang Amsterdamse Buurtbanen, d.d. 13 september 2022). In aanvulling op onderstaande aantallen is in verschillende stadsdelen aangegeven dat behoefte bestaat om extra Buurtbanen in te vullen. In stadsdeel West waar al langer gewerkt wordt met Buurtbanen zijn de afgelopen jaren zes deelnemers doorgestroomd. De ervaringen in West waren zijn in 2020 aanleiding geweest voor de raadsleden Groote en De Heer om een initiatiefvoorstel in te dienen, om vanaf 2021 te komen tot een aantal van ten minste 25 buurtbanen verspreid over de stad (initiatiefvoorstel Van buurtwerk naar betaald werk). Bij de Buurtbanen gaat het om een gesubsidieerd dienstverband voor twee jaar. De nu lopende banen die begin 2022 zijn gestart, beginnen vanaf februari 2024 af te lopen. Meer recent gestarte Buurtbanen kunnen nog tot eind 2025 doorlopen. Van de 28 Buurtbaners die binnen de stedelijke subsidieregeling zijn gestart, hebben momenteel zes deelnemers concreet uitzicht op vervolgwerk, in een aantal gevallen bij de werkgever waarbij zij nu nog als Buurtbaner in dienst zijn.
Eén deelnemer is al eerder doorgestroomd naar vervolgwerk.
Stadsdelen
Ruimte voor Buurtbanen (2022-2023)
Centrum
2
2
1
Nieuw West
5
5
5
Noord
3
3
3
Uitzicht op doorstroom voor 1 deelnemer
Oost
3
3
2
1 Deelnemer is vroegtijdig gestopt
Weesp
1
-
-
Plek is nog in te vullen
West
4
5
4
Zuid
3
3
3
Uitzicht op doorstroom voor 1 deelnemer
Zuidoost
7
7
6
1 Deelnemer is doorgestroomd, uitzicht op doorstroom voor 4 deelnemers
Totaal
28
28
24
Aantal gestart
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Totaal lopend Toelichting (nov. 2023) 1 Deelnemer is vroegtijdig gestopt