CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Afd. motie 010.21

RAAD 20 januari 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de voortgangsbrief Tegengaan Kansenongelijkheid. Nr. VN-2020-0296696.001 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsinformatiebrief

Aan:

De leden van de gemeenteraad van Amsterdam

Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door

3 september 2021 Onderwijs Marjolein Moorman OJZD, Afdeling Onderwijs

Onderwerp

Tweede voortgangsbrief Kansengelijkheid in het onderwijs (en afdoening motie 010 d.d. 20 januari 2021 van de leden Blom en Veldhuyzen inzake Kansenongelijkheid over effectiviteit van het onderwijskansenbeleid).

Geachte leden van de gemeenteraad, Alle kinderen hebben recht op gelijke kansen in het onderwijs. Het bestrijden van onderwijsachterstanden en het bevorderen van kansengelijkheid is een belangrijke prioriteit van het college. De ambitie is dat alle Amsterdamse kinderen zich maximaal kunnen ontwikkelen, ongeacht hun achtergrond. Nog te vaak zien we dat omgevingsfactoren van kinderen een invloed hebben op het leerproces. Juist voor deze kinderen zet het college een stap extra. En hierbij staat de behoefte van de leerling centraal en investeren we daar waar dit het hardste nodig is. De coronacrisis heeft bestaande kansenongelijkheid in het onderwijs meer zichtbaar gemaakt en vergroot. Dit wordt versterkt door het voortdurende lerarentekort. De schoolsluiting heeft de meest kwetsbare kinderen met een risico op leerachterstanden het hardst getroffen. Uit de Staat van het Onderwijs1 blijkt dat kansenongelijkheid in het onderwijs lijkt te zijn toegenomen, mede door de schoolsluiting, waardoor het bieden van kansen steeds urgenter is. Daarom heb ik samen met mijn G4-collega wethouders aandacht gevraagd bij de minister van onderwijs, voor een nationaal plan voor gelijke onderwijskansen en het wegwerken van achterstanden. Dit heeft (mede) geleid tot een Nationaal Programma Onderwijs (NPO).

Maar we zijn er nog niet: de verschillen tussen leerlingen2 en scholen blijven groot, het onderwijsniveau kan hoger en in de Randstad is het lerarentekort het grootst. Met het Rijk moeten we ons de komende jaren blijven inzetten om de uitdagingen rondom kansenongelijkheid structureel aan te pakken. Deze veelal structurele veranderingen zijn noodzakelijk om de toenemende tweedeling te keren. In deze tweede voortgangsbrief neem ik u mee in de jaarlijkse voortgang van kansengelijkheid in het Amsterdamse onderwijs. U kunt lezen welke stappen er zijn gezet en welke inzichten dit biedt over de opbrengsten. Tegelijk wil ik ook aandacht vragen voor de opgave die er nog ligt en die door de coronacrisis nog urgenter is geworden. In deze brief ga ik in op: 1. Recente ontwikkelingen kansengelijkheid en versterkende effect van de coronacrisis 2. Duurzaam investeren in gelijke kansen in Amsterdam; specifiek aanbod voor onderwijs 3. Landelijke ontwikkelingen en uitdagingen, ook voor het Amsterdamse Onderwijs

1 Inspectie van het Onderwijs (2021), De Staat van het Onderwijs

2 Raadsinformatiebrief rapport Leergroei Amsterdamse basisschoolleerlingen tijdens covid-19, 26 mei 2021

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 3 september 2021 Pagina 2 van 12

1. Recente ontwikkelingen kansengelijkheid en versterkende effect van de coronacrisis De coronacrisis laat binnen het onderwijs zien dat kinderen in een kwetsbare positie het hardste worden geraakt. Dat de schoolsluiting een negatief effect heeft gehad op de leerprestaties, blijkt uit de Staat van het Amsterdamse primair onderwijs. 3 Dit effect is groter bij leerlingen met een reeds bestaand risico op leerachterstanden. Veel leerlingen hebben op het gebied van rekenen, begrijpend lezen en technisch lezen een leerachterstand opgelopen ten opzichte van de verwachte groei. Bovendien is door de schoolsluiting de eindtoets in het primair onderwijs weggevallen (in 2020) en ontbrak de mogelijkheid om het schooladvies bij te stellen. De onderwijsinspectie laat al meerdere jaren achtereen zien in de ‘Staat van het Onderwijs’ dat kansenongelijkheid in het onderwijs toeneemt. De inspectie ziet in het herstel na de coronacrisis een unieke kans voor het onderwijs om tot een duurzame renovatie te komen en het onderwijs structureel beter te maken. Vooral doordat er nu een breed draagvlak is voor extra inspanningen voor herstel, maar ook omdat er middelen voor zijn vrijgemaakt. De inspectie roept op om die inzet en investeringen ook te benutten om de onderliggende oorzaken van de teruglopende basisvaardigheden en de kansenongelijkheid in het onderwijs aan te pakken.

Dat kan de noodzakelijke ommekeer betekenen in de al veel langer neergaande trend van vóór 2020. De staat van het Amsterdamse Primair Onderwijs geeft ook weer dat gelijke kansen van leerlingen onder druk staat en zeer urgent blijft en er grote verschillen tussen scholen bestaan. Uit het rapport volgt onder andere dat bijna de helft van de leerlingen met hoogopgeleide ouders een vwo-advies krijgt. Het verschil met leerlingen van laag-en middelbaar opgeleide ouders is groot: van hen krijgt ongeveer een op de tien een vwo-advies. Ruim vier op de tien leerlingen worden in Amsterdam overgeadviseerd. De kans op onder- en overadvisering verschilt tussen groepen leerlingen. In Amsterdam hebben leerlingen met laagopgeleide ouders, een niet-westerse migratieachtergrond, leerlingen uit gezinnen met een laag inkomen en leerlingen uit eenoudergezinnen een grotere kans om ondergeadviseerd te worden. Zo gebeurt het dat leerlingen bij een gelijke startsituatie, niet de kans krijgen hun schoolloopbaan te doorlopen aansluitend bij hun potentie. De verschillen tussen groepen leerlingen naar achtergrondkenmerken wordt in de ‘Monitor schoolloopbanen Voortgezet Onderwijs 2021’ uitgelicht. Hierin staan de schoolloopbanen van Amsterdamse middelbare scholieren centraal.

Het college informeert de raad in het najaar over de uitkomsten van de monitor, uitgevoerd door OIS en gevisualiseerd via een online dashboard Schoolloopbanen. De coronaperiode laat ook zien hoe veerkrachtig en flexibel het onderwijsveld en de kinderopvangbranche is. Gezamenlijk hebben zij zich ingezet om kinderen zo goed mogelijk in deze periode op te vangen en te onderwijzen. En samen met de GGD hebben we het onderwijs zoveel mogelijk ondersteund met bijvoorbeeld de snelkeuzetoets voor vragen aan de GGD over covid-19, voorrang op testen voor leraren en inzet van sneltesten. Daarnaast is door het college vanwege de schoolsluiting en opgelopen onderwijsachterstanden onder andere ingezet op extra onderwijsuren, 6500 laptops en 750 internetverbindingen. Tevens zijn de zomerscholen uitgebreid en heeft er een integraal zomerprogramma, MidzomerMokum, plaatsgevonden. De cognitieve ontwikkeling van een groot deel van de Amsterdamse leerlingen vindt de goede weg naar boven en er is blijvende aandacht voor de sociaal-emotionele ontwikkeling. Het bestrijden van kansenongelijkheid begint bij het hebben van goede en voldoende leraren. En daarvoor blijft het college zich ook maximaal inzetten om het lerarentekort te verminderen door het aantrekken en behouden van meer leraren, zoals ik u heb geïnformeerd in de tweede

3 OIS, Staat van het Amsterdamse Primair Onderwijs (2020)

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 3 september 2021 Pagina 3 van 12

voortgangsrapportage Lerarenagenda4. Zo ontvingen alle basisschoolleraren in Amsterdam met ingang van schooljaar 2020-2021 een toelage op hun salaris.5 Bovenop deze toelage krijgen leraren, schoolleiders en ander personeel op scholen met veel achterstanden de komende twee schooljaren een toelage van gemiddeld 8% van hun loon vanuit het Rijk. 6 Ik ben blij met deze ontwikkeling en blijf mij inzetten bij het Rijk om de loonkloof tussen po en vo te dichten. Met het gemeentelijke Servicecentrum voor onderwijs en zorg verlagen we de drempels voor leraren en schoolleiders om in Amsterdam te wonen en te werken. We bieden alle stedelijke regelingen actief aan leraren. Zo wordt Amsterdam voor (nieuwe) leraren en zij-instromers een steeds aantrekkelijkere plek om te werken. 2. Duurzaam investeren in gelijke kansen in Amsterdam; specifiek aanbod voor onderwijs Het college ondersteunt de scholen die dat het hardst nodig hebben, met speciale programma’s en subsidieregelingen gericht op individuele begeleiding en ondersteuning. Hierdoor ontwikkelde het college een integraal en dekkend aanbod waar op de belangrijke momenten in de schoolloopbaan van leerlingen extra is geïnvesteerd. De investeringen rond kansengelijkheid zijn langs vijf aandachtsgebieden uitgewerkt en vallen binnen het specifieke aanbod.

In deze paragraaf focus ik op de ingezette interventies met betrekking tot het specifieke aanbod7, zoals ik dat ook heb gedaan in de eerste voortgangsbrief kansengelijkheid onderwijs. Ik doe dat door kort de vijf aandachtsgebieden en daarin de belangrijkste resultaten in het schooljaar 2020-2021 aan te stippen: a. Vroeg naar school b. Meer lestijd op school c. Van school naar school d. Meer dan een school e. Rondom de school a. Vroeg naar school Vroeg investeren is belangrijk voor kansenongelijkheid, omdat (ongelijkheid) voorkomen beter is dan op latere leeftijd compenseren. Dat is de reden dat we in Amsterdam een stevige samenwerkingsstructuur hebben opgebouwd rondom de peutervoorzieningen en nieuwkomersonderwijs. Voor en vroegschoolse educatie (VVE) Vanaf 2019 is het aanbod uitgebreid voor meer uren op de voorschool en extra begeleiding in groep 1 en 2 van de basisschool. In schooljaar 2020-2021 hebben 182 scholen hier gebruik van gemaakt. Daarvan onderzocht de GGD 40 scholen. De GGD merkt op dat de inzet van de combinatiefunctionarissen is bemoeilijkt door alle coronamaatregelen. Dit geldt ook voor de basistraining Vroegschoolse Educatie voor kleurleerkrachten. De training wordt vanaf voorjaar 2022 aangeboden zodat kleuterleerkrachten VVE zich verder kunnen ontwikkelen.

Tenslotte geeft de GGD als advies mee aan de gemeente om meer aandacht te besteden aan de mate waarin ouders weten wat zij thuis zelf kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van de kinderen. Dit wordt vanaf schooljaar 2021-2022 opgepakt. Het college blijft ook inzetten op de toeleiding van doelgroepkinderen aan deelname voor voorschoolse educatie (via Spelinlopen in de stadsdelen).

4 Tweede voortgangsrapportage Lerarenagenda, juni 2021 5 Raadsinformatiebrief Amsterdam toelage voor leraren primair onderwijs dd. 16-06-2020, in WIO 26-08-2020 6 https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2021/08/24/extra-beloning-voor-leraren-op-scholen-met-veel-achterstanden

7 Raadsbrief: Onderwijsvisiebrief 2019-2025, februari 2019: een goed basisaanbod, een Amsterdams aanbod en een specifiek aan bod.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 3 september 2021 Pagina 4 van 12

Nieuwkomersonderwijs De Amsterdamse voorziening nieuwkomersonderwijs stelt scholen in staat om leerlingen die korter dan een jaar in Nederland wonen en de Nederlandse taal niet of onvoldoende machtig zijn op taalniveau te krijgen. De leerlingen starten na maximaal een jaar nieuwkomersonderwijs beter voorbereid aan het regulier basisonderwijs en vergroten zij hun ontwikkelkansen. In het schooljaar 2020-2021 maakten 22 basisscholen met in totaal 45 nieuwkomergroepen (530 leerlingen) gebruik van deze voorziening voor nieuwkomersonderwijs (groep 3 t/m 8). Het streven is om in de loop van komend schooljaar het systeem van stamscholen af te schaffen. Gedurende de periode dat een leerling nieuwkomersonderwijs volgt, maakt de nieuwkomersschool samen met de ouders een keuze voor een vervolgschool. Zodoende is het voor ouders van nieuwkomersleerlingen niet meer nodig om eerst een stamschool te zoeken alvorens de leerling aangemeld kan worden voor nieuwkomersonderwijs. Schoolbesturen en gemeente dragen hiermee zorg voor een zachte landing in het Nederlands onderwijs voor nieuwkomers. Ook de nieuwkomersleerlingen zijn getroffen door de coronacrisis. Het NPO biedt gelukkig handvatten om de komende tijd extra ondersteuning in te zetten voor deze leerlingen. b. Meer lestijd op school Ongelijkheid in het onderwijs vraagt om ongelijke ondersteuning van leerlingen via scholen.

Door bijvoorbeeld meer lestijd en ondersteuning aan te bieden voor die leerlingen die dit nodig hebben. Het afgelopen jaar hebben de scholen wederom Kansenaanpak middelen ontvangen voor het tegengaan van leerachterstanden. Dit gebeurt onder meer door het organiseren van verlengde leertijd, extra begeleiding op taal en rekenen en het vergroten van de ouderbetrokkenheid. Kansenaanpak Primair onderwijs (PO) en Voortgezet onderwijs (VO) In het schooljaar 2019-2020 ontvingen 183 basisscholen en 33 voortgezet onderwijs scholen extra middelen. Daarmee zijn ruim 17.000 kinderen met Kansenaanpak PO bereikt en bijna 7.500 leerlingen met Kansenaanpak VO. De leerlingen ontvangen gemiddeld 2,4 uur extra onderwijstijd per week. Een onderdeel van deze aanpak is ook ouderbetrokkenheid. De ouders van kinderen zijn gecoacht voor meer betrokkenheid bij de ondersteuning van het leerproces van hun kind. In juni 2021 heeft u de evaluaties8 ontvangen van de Kansenaanpakken PO en VO over schooljaar 2019-2020. Het college onderschrijft de aanbevelingen (kleinschalig effectonderzoek en blijvende ondersteuning aan scholen) in beide evaluaties en neemt deze mee in de verdere uitvoering. Zomerscholen PO en VO Een belangrijk onderdeel van de Kansenaanpakken zijn de zomerscholen in het primair en voortgezet onderwijs. Vanwege de coronacrisis is het aanbod geïntensiveerd.

De zomerschool biedt leerlingen onder meer de mogelijkheid om opgelopen achterstanden weg te werken en focust op talentontwikkeling en de sociaal-emotionele ontwikkeling. Naast taal, rekenen en lezen is er ook aandacht voor sport en cultuur op de zomerschool. Ruim 2000 leerlingen in het primair onderwijs en circa 1500 leerlingen in het voortgezet onderwijs en het mbo hebben in 2020 deelgenomen aan de zomerschool. Leerlingen die doorstromen van vmbo-t naar havo en van havo naar vwo maken sinds twee jaar gebruik van een zomerschool voor doorstromers. Deze zomerschool is speciaal voor leerlingen die met een klein steuntje in de rug in staat zijn om op een schoolniveau hoger een diploma te halen. In de zomer van 2020 hebben 170 leerlingen van 15 scholen deelgenomen aan deze

8 Raadsbrief Evaluaties Kansenaanpak Primair onderwijs en Voortgezet onderwijs 2019-2020, juni 2021

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 3 september 2021 Pagina 5 van 12

zomerschool (zie bijlage 5). Daarvan doorliep 87% de zomerschool succesvol. De meeste leerlingen maakten de overstap van vmbo-t naar havo. De Kopklas De Kopklas draagt bij aan het compenseren van mogelijk opgelopen onderwijsachterstanden bij leerlingen. In het schooljaar 2020-2021 zijn er 8 Kopklassen verspreid over 5 locaties met in totaal 106 leerlingen. In de Kopklas krijgen getalenteerde leerlingen die vanwege een taalachterstand onder hun niveau presteren een jaar extra taalonderwijs. Jaarlijks haalt 90% van de leerlingen hierdoor een hoger onderwijsniveau. Naar aanleiding van het gewijzigde initiatiefvoorstel van het lid Yilmaz (DENK) van 15 oktober 2020 genaamd ‘Kopklas doorontwikkelen’ heeft het college stappen gezet ter bevordering van de Kopklas. Het college heeft zich ingespannen om het bereik en de bekendheid van de Kopklas te vergroten. Er zijn ook gesprekken gevoerd met scholen in het voortgezet onderwijs om de mogelijkheden voor een combinatie van een schakelklas/kopklas te onderzoeken. In de loop van het schooljaar 2021-2022 volgt er een rapportage met aanbevelingen. High Dosage Tutoring (HDT) HDT wordt sinds september 2019 ingezet op 5 basisscholen in Zuidoost en 2 scholen in het Voortgezet Onderwijs door Stichting The Bridge Learning Interventions (TBLI).

Door de inzet van HDT worden kinderen ondersteund met intensieve studiebegeleiding (tutoring) om onderwijsachterstanden terug te dringen en schoolprestaties te verbeteren. De voortgang in het voortgezet onderwijs en de resultaten van het eerste jaar HDT in het basisonderwijs in Zuidoost, verwacht het college dit najaar met u te delen. De resultaten uit het basisonderwijs zijn significant, meer dan de helft van de leerlingen die aan de pilot meedoen is met een half of volledig onderwijsniveau vooruitgegaan op rekentoetsen. c. Van school naar school Bij de overgang van het basis naar het voortgezet onderwijs en de selectie in de eerste jaren van het voortgezet onderwijs neemt de ongelijkheid tussen leerlingen van laag en hoog opgeleide ouders verder toe. Leerlingen met laag opgeleide ouders en een niet-westerse migratieachtergrond krijgen vaker dan leerlingen met hoog opgeleide ouders een schooladvies onder hun niveau. Uit literatuurstudies blijkt dat leraren gemiddeld genomen hogere verwachtingen hebben van leerlingen met ouders met een hoge SES dan van leerlingen met ouders met een lage SES9. De Onderwijsraad constateert in haar advies ‘Later selecteren, beter differentiëren’ (zie bijlage 4) dat het onderwijssysteem op een belangrijk punt faalt: leerlingen krijgen onvoldoende kans op onderwijs dat recht doet aan hun capaciteiten en ontwikkeling.

Daarom blijf ik me inzetten, ook bij het ministerie, voor latere selectiemoment naar vervolgonderwijs en meer (meerjarige) brede brugklassen. Brede Brugklas Bonus (als onderdeel van de PIEK-aanpak10) 7 scholen uit het voortgezet onderwijs ontvangen deze bonus om te werken aan uitbreiding en kwaliteit van brede brugklassen met minimaal drie niveaus (vmbo t-havo-vwo). Leerlingen krijgen 9 SCP (2021), Kwesties voor het kiezen 2021 10 Met de PIEK-aanpak helpen we scholen systeemfouten te bestrijden en het onderwijssysteem zelf te verbeteren. De aanpak bestaat uit drie

actielijnen: 1) Allesinéénschool (versoepelen overgang kinderopvang naar po), 2) Brede Brugklas Bonus (tegengaan nadelige effecten van vroegselectie en 3) Amsterdamse Familie School (stimuleren brede ontwikkelingomgeving en verbinding met andere terreinen zoals armoede).

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 3 september 2021 Pagina 6 van 12

middels een brede brugklas meer en langer de kans om hun potentieel te laten zien. Dit sluit goed aan bij het advies van de Onderwijsraad om de driejarige brugperiode in stellen en het aanbod aan te passen aan de behoeften van individuele leerlingen. Ook is er vanuit de landelijke politiek meer aandacht. Zo krijgen scholen op Rijksniveau de mogelijkheid om de middelen vanuit het NPO in te zetten voor de (door)ontwikkeling van heterogene brugklassen. De scholen zijn nu effectief anderhalf jaar aan de slag met de Brede Brugklas Bonus. Het Kohnstamm Instituut heeft in het eerste jaar een helder kader neergezet voor het monitoren van de ingezette interventies en gezorgd voor een eerste meting. Dit is te lezen in de eerste tussenrapportage (zie bijlage 3). Scholen zetten de middelen verschillend in. Zo ontwikkelt een school het nodige onderwijsmateriaal voor meer differentiatie en zet een andere school in op coaching van leraren. d. Meer dan school Scholen zijn meer dan een plek waar leerlingen leren. Vooral voor kinderen die van thuis minder meekrijgen, is op school meer nodig. Vanuit onze verantwoordelijkheid als gemeente blijven we inzetten op het bevorderen van de leefomgeving voor een veilige en stimulerende omgeving voor alle kinderen.

We stimuleren hierbij ook een warme overgang van de kinderopvang naar de basisschool en blijven strijden voor inzet op een eerlijke ouderbijdrage. Allesinéénschool/ Integraal Kindcentrum (IKC) Om de overgang van kinderopvang naar basisonderwijs te optimaliseren, faciliteren we de procesleiding bij het vormen van een IKC. Een IKC is een intensieve en vergaande samenwerking tussen kinderopvang en basisschool voor kinderen van 0-12 jaar. Het richt zich op een gezamenlijke pedagogisch-didactische visie en een doorgaande leer- en ontwikkellijn. Het faciliteren van de procesleiding neemt voor veel scholen en opvangorganisaties een horde weg om te komen tot een Integraal Kindcentrum. Het college komt hen tegemoet door subsidie te verlenen voor het aanstellen van een procesbegeleider. In januari 2020 zijn 4 scholen van start gegaan, vanaf schooljaar 20212022 volgen er nog twaalf scholen. Extra activiteiten voor kwetsbare leerlingen via de sociale basis. In 2019 besloot het college de aanpak te verstevigen en uit te breiden op drie specifieke voorzieningen binnen de sociale basis: 1) Uitbreiding van de inzet ten behoeve van het jonge kind in de leeftijd tot 2 jaar; 2) Versterking van de brede talentontwikkeling en 3) Extra investeren op coaching en mentoring (schoolwerkondersteuning).

In de stadsdelen is de afgelopen jaren hard gewerkt aan de realisatie van de gestelde ambities binnen de sociale basis. Er is o.a. ingezet op meer Spelinloop vooral in ontwikkelbuurten om het bereik van doelgroep peuters op de voorschool te verhogen. Met schoolwerkondersteuning zetten verschillende maatschappelijke partners (zoals o.a. de Weekendacademie en Studiezalen) in op taalontwikkeling, sociale vaardigheden, identiteitsontwikkeling en beroepsoriëntatie op het po en vo. Door de intensivering is het aanbod ook uitgebreid naar nieuwe aanbieders en hebben bestaande aanbieders hun capaciteit vergroot. Om de ontwikkelingskansen van kinderen die opgroeien vanuit een achterstand te vergroten, kunnen scholen ook een beroep doen op middelen vanuit bijvoorbeeld het Jeugdeducatiefonds en bieden partners zoals JINC, Stichting SINA en Stichting Leergeld kinderen en ouders ondersteuning op maat. In de komende periode vindt er onderzoek plaats naar de effectiviteit van de verschillende vormen van schoolwerkondersteuning gekoppeld aan de opgaven in de verschillende stadsdelen. Vanuit deze analyse wordt de keuze voor de extra inzet voor 2022 bepaald. Gemiddeld neemt 40% van de

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 3 september 2021 Pagina 7 van 12

leerlingen deel aan het informeel kennismakingsaanbod door de inzet op brede talentontwikkeling. Ook is er in een aantal wijken een verdiepend aanbod voor 15% van leerlingen met verhoogd risico op een onderwijsachterstand. Een mooie ontwikkeling vind ik dat de inzet van een kinderwijkcoach toeneemt. De coach wordt ingezet als een brugfunctie tussen school, ouders, kinderen en de naschoolse brede talent ontwikkeling. MidzomerMokum11 Op basis van de positieve ervaringen uit de evaluatie van MidzomerMokum 2020 is de tweede editie MidzomerMokum in de zomervakantie van 2021 georganiseerd. Op vrijdag 18 juni jl. heb ik u samen met de verantwoordelijke wethouders via een raadsinformatiebrief geïnformeerd over het programma. Dit jaar hebben we nog meer dan in 2020 ingezet op het bereiken van de kinderen en jongeren die dit het hardste nodig hebben. In het najaar informeren we u middels een evaluatie over het verloop van zomer 2021. We staan dan stil bij het bereik van de meest kwetsbare doelgroep en de effectiviteit van de activiteiten op kinderen en jongeren. Vrijwillige ouderbijdrage primair onderwijs Een hoge vrijwillige ouderbijdrage kan door ouders worden gezien als drempel om hun kind aan te melden voor een school. Een eerlijke ouderbijdrage zorgt er voor dat alle leerlingen in Amsterdam altijd mee kunnen doen met alle activiteiten op school.

Ik ben blij dat de raad eerder al heeft ingestemd, met het toevoegen van een weigeringsgrond12 in de VloA 2019 vanaf het afgelopen schooljaar (20-21). Het college kan subsidies geheel of gedeeltelijk weigeren als een school voor primair onderwijs per schooljaar een vrijwillige ouderbijdrage ontvangt die hoger is dan € 225. Het uiteindelijke resultaat van deze maatregel is dat alle scholen in Amsterdam de ouderbijdrage hebben verlaagd, op één school na. Deze ene school besteedt het bedrag boven de € 225,- aan beveiliging en veiligheid van de school gezien zijn Joodse identiteit. Deze uitzonderingsgrond is door het college benoemd tijdens de commissie WIO van 8 januari 2020. Per 1 augustus 2021 is de aanscherping van de onderwijswetgeving vrijwillige ouderbijdrage van kracht. Met de wetgeving beoogt de landelijke overheid hetzelfde te bereiken als de gemeente Amsterdam met de VloA-weigeringsgrond hoogte vrijwillige ouderbijdrage, namelijk het tegengaan van uitsluiten van leerlingen. Waar wij als gemeente al veel langer het belang van maximeren van de vrijwillige ouderbijdrage zagen, is nu ook de landelijke politiek hiervan doordrongen. Bij de behandeling van deze wetgeving heeft de Tweede Kamer op 17 juni 2021 de motie ‘De Hoop’ aangenomen, waarmee de regering wordt gevraagd om een limiet te stellen aan de hoogte van de vrijwillige ouderbijdrage.

Momenteel werkt het Rijk aan een wetsontwerp, waarin dit geregeld wordt. Om onduidelijkheid bij de Amsterdamse schoolbesturen te voorkomen, ben ik voornemens om de eerder door mij toegezegde verdere verlaging van de VloA-weigeringsgrond hoogte vrijwillige ouderbijdrage van 225 euro naar 112 euro, uit te stellen in afwachting van nationale wetgeving hierover. Ik zal een actieve lobby voeren richting het rijk voor een laag limiteringsbedrag. Vrijwillige ouderbijdrage voortgezet onderwijs De vereniging van schoolbesturen in het voortgezet onderwijs (OSVO), heeft op mijn verzoek een intentieverklaring opgesteld met afspraken rondom de vrijwillige ouderbijdrage, zoals ik u per brief liet weten in de commissie WIO van 2 juni 2021. Alle scholen vermelden nu dat de ouderbijdrage vrijwillig is. De leerlingen worden niet meer uitgesloten en scholen spreken elkaar aan op naleving

11 Raadsbrief Evaluatie en Vervolg MidzomerMokum d.d. 17 december 2020 12 Artikel 7, tweede lid aanhef en onder c. van de VloA 2019.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 3 september 2021 Pagina 8 van 12

van de afspraken. Het OSVO monitort de uitvoering en de effecten van de afspraken op de kansengelijkheid. Ik blijf hierover met hen in gesprek. e. Rondom de school Onderwijs is belangrijk in de ambitie om kansengelijkheid te realiseren voor leerlingen, maar ik kan het niet genoeg benadrukken dat het onderwijs dit niet alleen kan. Ook andere terreinen zoals gezondheid, jeugd, wonen, armoede of sport dragen de verantwoordelijkheid. Het juiste beleid voeren kan bijdragen aan het verminderen van de verschillen in de stad. Het college blijft zich ook inzetten voor het tegengaan van segregatie daar waar het de kansengelijkheid negatief beïnvloedt en stimuleert op meer ontmoetingen tussen leerlingen. Amsterdamse Familie School (AFS) Binnen een familieschool is er een koppeling gemaakt tussen de thuissituatie en de leefomgeving van het kind. Scholen spelen naast hun basistaak om te onderwijzen een belangrijke rol bij het signaleren van armoede en het bieden van ondersteuning aan kinderen en/of hun ouders door te verwijzen naar formele en informele organisaties en buurtteams. Met de Familieschool zet het college in op een integrale samenwerking met verschillende beleidsterreinen met als doel het bieden van een brede ondersteuning aan het gehele gezin. Vanaf januari 2020 zijn er 10 scholen (8 po en 2 vo) gestart om een Familieschool te worden.

In aanvulling op de AFS is onlangs het Familiepakket uitgerold, hierover heb ik u op 1 juni jl. geïnformeerd. Alle scholen in Amsterdam kunnen hiervan gebruik maken om minimagezinnen te ondersteunen. Het gaat hierbij om regelingen als de vergoeding van de vrijwillige ouderbijdrage via de stadspas, maatschappelijke dienstverlening op school (Buurtteam) of een cursus Taal en Ouderbetrokkenheid. Een basisschool in het bijzonder wil ik kort aanstippen. Op 17 juni jl. opende ik samen met de schoolbestuurder het eerste Familie Service Punt in Nieuw-West. Op deze locatie komen ouders voor ondersteuning bij vragen over het opvoeden en opgroeien van hun kinderen. De coronacrisis, het lerarentekort en het maatwerkplan NPO zorgen voor extra drukte op scholen. De drukte en schaarse tijd hebben ook effect op de uitrol en fase van de aanpak van de Familieschool. Uiteraard verschilt dit per school. De afgelopen periode zorgt voor nieuwe inzichten, zo is de thuissituatie van kinderen inzichtelijker en scholen benutten deze situatie om adequate ondersteuning te bieden waar nodig. Gezonde School De Gezonde School aanpak is in samenwerking met de GGD en overige partners een aantal jaren al met succes op het voortgezet onderwijs (62 scholen) uitgevoerd. Vanaf 2020 is de aanpak ook gestart op het primair onderwijs (135 scholen).

De gemeente biedt naast de helpdesk en online ondersteuning voor alle scholen op de thema’s13 van Gezonde School ook extra ondersteuning aan de scholen die het hardst nodig hebben. De scholen krijgen hulp van een adviseur en ontvangen budget voor passende effectieve programma’s (voor preventie op school). De uitkomsten en resultaten worden jaarlijks gemonitord via Gezonde School-scans.

13 Welbevinden & sociale veiligheid, Relaties & seksualiteit, Voeding, Genotsmiddelengebruik, Bewegen & sport, Mediawijsheid en Slapen.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 3 september 2021 Pagina 9 van 12

Het MBO doet ook mee. Zo zijn er 15 opleidingen van twee locaties van het ROC-TOP die werken aan het thema voeding volgens de Gezonde School aanpak. De locaties die dit proces afronden, behalen een themacertificaat en krijgen ondersteuning bij de borging. Door corona zien veel scholen, nog meer dan voorheen, het belang om met de verschillende gezondheidsthema’s aan de slag te gaan. De Gezonde School probeert vanuit hun reguliere ondersteuning op het thema welbevinden zo goed mogelijk aan te sluiten bij wat er al van scholen gevraagd wordt. Tegengaan van segregatie Naast het tegengaan van segregatie zet het college in op het stimuleren van ontmoeting. Het is belangrijk dat leerlingen elkaar op vroege leeftijd ontmoeten. Vanuit het beleidsterrein Burgerschap (‘Amsterdammerschap in het onderwijs’) biedt het college ouders mogelijkheden om een keuze voor een gemengde school te maken door o.a. het (mede) organiseren van scholenmarkten en het ondersteunen van ouderinitiatieven. Ook stimuleren we ontmoetingen tussen leerlingen van verschillende scholen. De tweede voortgangsbrief over dit beleid ontvangt u eind 2021. Daarnaast monitort het college jaarlijks de onderwijssegregatie in het Amsterdamse primair onderwijs en tweejaarlijks in het voortgezet onderwijs. De segregatiemonitor po vo 2020- ’21 verschijnt in november 2021.

Ook ondersteun ik de UvA bij het ontwikkelen van een model dat zij de komende jaren ontwikkelen om de effecten van beleidsinterventies op schoolkeuze en onderwijssegregatie te kunnen voorspellen. 3. Landelijke ontwikkelingen en uitdagingen, ook voor het Amsterdamse Onderwijs Het onderwijs staat nooit stil. Hieronder licht ik een aantal ontwikkelingen en uitdagingen toe die relevant zijn voor het Amsterdamse onderwijs. En daarmee ook een impact hebben op de manier waarop we als gemeente ons onderwijsbeleid uitvoeren: Nationaal Programma Onderwijs (NPO) Het NPO is een noodzakelijke stap om de achterstanden en de ongelijke kansen die als gevolg van corona zijn ontstaan, in te lopen. Voor scholen is het een zoektocht om de extra beschikbare middelen in te zetten. Vanwege de schoolverschillen kan de toeloop naar ondersteuning kansenongelijkheid vergroten. Bovendien wordt het lerarentekort niet genoemd in het NPO. De grootste uitdaging blijft om deze tijdelijke impuls te benutten voor de structurele veranderingen die noodzakelijk zijn en de middelen effectief naast de stedelijke middelen in te zetten. We willen ervoor zorgen dat het NPO aansluit bij bovenstaande bestaande programma’s en dat investeringen terecht komen op de plaatsten waar ze het hardst nodig zijn. De gemeente is in gesprek met de schoolbesturen en mbo-instellingen over de gemeentelijke inzet van het NPO.

De scholen leveren op basis van een kader van bewezen interventies een maatplan in per school voor het incidentele geld. In een later stadium vraag ik de schoolbesturen om hun plannen met ons te delen. In een aparte raadsinformatiebrief informeer ik u over de nadere uitwerking van het NPO. Schoolverschillen en kwaliteit Het is de verwachting dat scholen die voor de coronacrisis niet in staat bleken hun leerlingen voldoende te laten leren, ook moeite hebben met een effectieve inzet van gemeentelijke en rijkssubsidies.14 In Amsterdam zijn er ook zichtbare kwaliteitsverschillen tussen scholen met een 14 Staat van het onderwijs, Inspectie van het Onderwijs (2021)

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 3 september 2021 Pagina 10 van 12

vergelijkbare leerlingenpopulatie. Transparantie van schoolbesturen is nodig om gezamenlijk de oorzaken boven water te krijgen. Daarna kunnen we als gemeente in samenwerking met schoolbesturen passende maatregelen uitwerken voor het structureel verkleinen van deze kwaliteitsverschillen. We gebruiken data als onderbouwing om te bepalen waar de interventies het hardste nodig zijn. We sluiten ook aan bij gebiedsgerichte ontwikkelingen zoals bij het Masterplan Zuidoost en Nieuw-West, maar vergeten niet te investeren in andere gebieden waar sprake van ongelijkheid is. Ook kijken we naar de inrichting van bestaand onderwijsbeleid om meer te kunnen sturen op investeren in de kwaliteit van het onderwijs. Effectiviteit van het onderwijskansenbeleid Op 20 januari 2021 hebben de leden Blom (Groenlinks) en Veldhuyzen (Bij1) een motie15 ingediend over de effectiviteit van het onderwijskansenbeleid. De raadsleden verzoeken het college om te onderzoeken op welke wijze de effectiviteit van het gemeentelijke onderwijs kansengelijkheid beleid nog beter in beeld kan worden gebracht, en dit te doen op basis van analyses van relevante data door gecertificeerde onderzoeksinstellingen en na te gaan op welke wijze deze analyse nog meer een structurele plek kan krijgen in de cycli van beleidsevaluaties richting de raad en in gesprekken met het onderwijsveld.

Voorts verzoeken de raadsleden het college om te onderzoeken of en zo ja op welke wijze de informatie toegankelijk kan worden gemaakt voor ouders. Het college deelt de wens van de indieners om de effectiviteit van het onderwijsbeleid beter in beeld te brengen. In bijlage 2 ‘Effectiviteit van het onderwijskansenbeleid’ vindt u een overzicht van de monitoring en evaluaties van verschillende gemeentelijke programma’s en interventies om kansengelijkheid in het onderwijs te vergroten. Onderzoek en beleidsevaluatie hebben een structurele plek in de beleidscyclus. Over de uitkomsten daarvan wordt de raad geïnformeerd middels voortgangsbrieven. De uitkomsten van beleidsevaluatie worden vanzelfsprekend ook gebruikt voor het verder ontwikkelen van het beleid. Het is van belang om te realiseren dat de gemeentelijke bijdrage slechts een klein deel is van het budget en dus ook van de inzet van een school. Het uiteindelijke effect dat we proberen te bereiken is een samenspel van regulier kwalitatief goed onderwijs en een effectieve interventie (vanuit gemeentelijk middelen). Dit is moeilijk uit elkaar te halen. Daar waar een interventie meer is afgebakend, zoals High Dosage Tutoring of de Kopklas, is dit ‘effect’ wel goed in beeld te brengen.

Een groot deel van de interventies die dit college uitvoert om kansenongelijkheid tegen te gaan wordt geëvalueerd, veelal door onze onderzoekspartners van binnen de gemeente (OIS) en daarbuiten, dit zijn gecertificeerde instellingen. Daarnaast bereiden onze partners nog meer effectonderzoek voor onder andere bij de Kansenaanpakken PO en VO. Het is cruciaal dat alle partijen vanuit ieders rol en verantwoordelijkheid scherp blijven op effectiviteit. Leraren en professionals in het onderwijs kennen hun leerlingen het beste, weten welke ondersteuning zij nodig hebben en welke aanpak hiervoor werkzaam is. Het helpt hierbij om van elkaar te leren. Wij moedigen dit aan door het organiseren van kennisdelingsbijeenkomsten. Scholen hebben zelf een structuur om ouders op de hoogte te houden over de ontwikkelingen. Het college zorgt via voortgangsrapportages en de publicatie van onderzoek dat ouders de ontwikkeling op een stedelijk niveau kunnen volgen. Daarnaast worden onderzoeken en rapporten over ons beleid gepubliceerd op de gemeentelijke website (o.a. openresearch.amsterdam) en dit wordt gedeeld met de scholen en schoolbesturen. Het college concludeert dat hiermee de motie is afgehandeld. 15 Motie 010 van de leden Blom en Veldhuyzen inzake Kansenongelijkheid (Effectiviteit van het onderwijskansenbeleid)

aangenomen bij schriftelijke stemming op 25 januari 2021

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

. Behandeld op 20 januari 2021,

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 3 september 2021 Pagina 11 van 12

Uitdagingen en inzet op systeemveranderingen De ontwikkelingen en uitdagingen die voor ons liggen vragen iets van onze inzet als gemeente. De kansenongelijkheid laat zich immers niet oplossen binnen de vier jaar van een coalitieperiode. Maar er zijn ook systeemdoorbraken op rijksniveau noodzakelijk om toe te werken naar meer structurelere gelijkere kansen voor alle kinderen in Nederland. Hiervoor blijf ik, in samenwerking met de G4wethouders, scherp de ontwikkelingen op rijksniveau volgen en onze visie op de knelpunten in wet en regelgeving adresseren.16 Een aantal belangrijke systeemveranderingen voor kansengelijkheid in het onderwijs zijn: 1. Voldoende goede leraren in het onderwijs. Het fundament van goed onderwijs is voldoende goede leraren. Het lerarentekort is een bedreiging voor dit fundament. Er is structureel meer geld nodig voor het aantrekken van voldoende leraren en om te investeren in de kwaliteit. 2. Maak het mogelijk dat alle jonge kinderen recht hebben op 640 uur per jaar gratis voorschool. Voorkom dat kinderen al op jonge leeftijden onderwijsachterstanden oplopen door de barrières voor gratis voorschoolse voorzieningen weg te nemen. 3. Zorg voor een later selectiemoment richting voortgezet onderwijs. We volgen het advies van de Onderwijsraad van 15 april 2021, ‘Selecteer later en differentieer beter’.

Latere selectie, door meerjarige brugklassen in het voortgezet onderwijs, zorgt voor meer kansen voor ontplooiing. 4. Extra leertijd voor kinderen en jongeren die dat het hardst nodig hebben. Als extra leertijd en begeleiding nodig is mag dat niet afhankelijk zijn van het inkomen van de ouders. Tot slot De bovengenoemde inzet vanuit de gemeente in samenwerking met het onderwijsveld is essentieel voor het structureel aanpakken van kansenongelijkheid in de komende jaren. Ik wil benadrukken dat het streven naar kansengelijkheid geen programma op zich is. Het vergt een lange adem van iedereen en gaat gepaard met duurzame ingrepen met hogere investeringen. Daarbij is het aantrekken, opleiden en behouden van goede leraren cruciaal. Want de opgave rond kansen(on)gelijkheid in het onderwijs blijft onverminderd groot en urgent. De gevolgen van de coronacrisis komen daar nog eens bovenop. Het opleidingsniveau van de ouders, inkomen en migratieachtergrond hebben nog een te grote invloed op ontwikkelkansen en daarmee de toekomst van kinderen. Samen met de onderwijsprofessionals en partners rondom het onderwijs kan het verschil worden gemaakt.

16 Zie ook raadsbrief : NPO en gelijke onderwijskansen en wegwerken achterstanden (12 januari 2021) en G4 brief NPO (21 mei 2021)

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 3 september 2021 Pagina 12 van 12

Het is daarom van belang om naast het NPO, wat een incidentele aanpak heeft, een structurele duurzame aanpak neer te zetten met blijvende aandacht voor het lerarentekort. Ik blijf me hiervoor inzetten en doe dit samen met onder andere het onderwijsveld en de G4-gemeenten. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,

Marjolein Moorman Wethouder onderwijs Bijlagen: 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Verhalen van scholen rondom Kansengelijkheid in het onderwijs, augustus 2021 Effectiviteit van het onderwijskansenbeleid, augustus 2021 Tussenrapportage monitor en evaluatie Brede Brugklas Bonus, maart 2021. Rapport: Later selecteren, beter differentiëren, Onderwijsraad april 2021 Rapport: Zomerschool Amsterdam, Lyceo (2020) Motie 010 d.d. 20-01-2021 van leden Blom en Veldhuyzen inzake Kansenongelijkheid over effectiviteit van het onderwijskansenbeleid

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10525870/1