CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

adviezen stadsdelen gebundeld.pdf

Raadscommissie Algemene Zaken 28 januari 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van stand van zaken evenementen, instemmen met wijzigen locatieprofielen en vaststellen wijziging APV (ZD2021-000372)30.287 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

181 alinea's met “evenementen”: 1 4 6 18 20 24 26 29 30 31 34 35 37 40 41 42 44 46 47 56 57 58 59 60 61 63 65 66 67 70 71 72 73 77 79 91 93 98 100 103 …

Adviezen stadsdelen op wijzigingen evenementenbeleid Najaar 2020 Gebundeld: Stadsdeel Centrum Stadsdeel Zuid Stadsdeel Zuid Oost Stadsdeel Oost Stadsdeel Noord Stadsdeel West Stadsdeel Nieuw West

Pagina 1 van 64

Adviesaanvraag B&W aan stadsdeelbestuur Centrum Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag:

Conceptwijzigingen evenementenbeleid en APV

Portefeuille:

Evenementen

Directie:

Communicatie

Datum behandeling staf WH

30 juni 2020

Datum adviesaanvraag:

30 juli 2020

Deadline ontvangst advies:

15 september 2020

Advies mailen naar:

Sakina.Bouda@amsterdam.nl

Meegestuurde stukken:

APV-wijziging meldingsplicht Locatieprofielen voor evenementenlocaties 2021

Heeft er consultatie vooraf plaatsgevonden?

Handhavingstrategie evenementen NVT

Invullen door stadsdeel: Centrum J. Rolf Datum weekstart/staf: 24 september 2020 Datum stadsdeelcommissie: 8 september 2020 Datum dagelijks bestuur: Registratienr. (optioneel): Stadsdeel: Procesbegeleider:

Over gevraagde adviezen: conform art. 12 van de verordening op het lokaal bestuur vraagt B&W advies aan een DB over besluiten die (lid 1) betrekking hebben op de taken en bevoegdheden van het DB of (lid 2) op de belangen van het stadsdeel . Het DB legt deze adviezen voor aan de stadsdeelcommissie (art. 19). Het DB neemt het advies van de stadsdeelcommissie over indien het is vastgesteld met een meerderheid van stemmen en binnen de budgettaire kader past (art. 19 lid 5). Afwijkingen van het advies motiveert het DB.

Adviesvraag B&W Formuleer hier de vraag aan het stadsdeel

Locatieprofielen Bij de evaluatie van de huidige locatieprofielen bleek dat een aantal profielen aangepast dienen te worden om een juiste balans te creëren tussen de evenementen en de gevolgen voor omwonenden en gebruikers van de locatie. De totstandkoming van de nieuwe profielen heeft in samenwerking met het stadsdeel plaatsgevonden. Graag willen wij de volgende vragen aan het stadsdeelbestuur voorleggen: 1. Wordt met de nieuwe invulling van locatieprofielen balans gevonden tussen levendigheid en gebruik van de locatie voor evenementen en de waarborging van het leefmilieu? 2. Is het instrument ‘locatieprofielen’ in voldoende mate effectief in het kader van vergunningverlening? 3. Welke eventuele knelpunten en de daarbij horende oplossingen ziet het stadsdeelbestuur met de aanpassing van locatieprofielen? Handhavingsstrategie Uit de evaluatie van het evenementenbeleid is gebleken dat de kwaliteit van de uitvoering verbeterd moet worden. Op het gebied van handhaving wordt een professionaliseringslag gemaakt. Hiervoor wordt een handhavingsstrategie vastgesteld waarin een eenduidig stedelijk kader voor het sanctioneren van overtredingen op evenementenvergunningen wordt ontwikkeld. Graag willen wij de volgende vragen aan het stadsdeelbestuur voorleggen:

Pagina 2 van 64

1. Is de uitvoeringsstrategie hanteerbaar voor VTH Bouw & Gebruik? 2. Op welke manieren kunnen geregistreerde overtredingen te zien zijn voor alle stadsdelen en hoe dient de aanlevering hiervan te geschieden? 3. Is het wenselijk om in de handhavingsmatrix de mogelijkheid op te nemen (naast de reeds opgenomen herstelsancties) tot het opleggen van een bestuurlijke boete aan organisatoren van evenementen die illegaal, zonder vergunning of melding, worden georganiseerd? 4. Welke eventuele knelpunten en de daarbij horende oplossingen ziet het stadsdeelbestuur met het vaststellen van de handhavingsstrategie? APV-wijziging Om de drempel voor kleine lokale initiatieven te verlagen en meer buurtgerichte evenementen te stimuleren, wordt de vergunningsplicht voor evenementen verhoogd van 100 naar 250 bezoekers. Door deze wijziging vallen de legeskosten weg en kunnen organisatoren hun evenement melden en moet voldaan worden aan algemene regels op het gebied van geluid, ruimtegebruik en veiligheid. Graag willen wij de volgende vragen aan het stadsdeelbestuur voorleggen: 1. Is het wijzigen van de meldingsplicht uitvoerbaar vanuit het oogpunt van vergunningverlening, toezicht en handhaving? 2. Zijn er locaties waar het hanteren van de (verhoging van de) meldingsplicht niet zou moeten gelden en waar alleen een evenement gehouden kan worden met een vergunning, ongeacht het aantal bezoekers? 3.

Welke eventuele knelpunten en de daarbij horende oplossingen ziet het stadsdeelbestuur met het wijzigen van de meldingsplicht?

Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies

Het dagelijks bestuur heeft met interesse kennis genomen van de voorgestelde wijzigen in het kader van het evenementenbeleid. Locatieprofielen; In het algemeen zouden we graag een leeswijzer toegevoegd zien, zodat duidelijk is hoe tabellen geïnterpreteerd worden. Daarmee worden onnodige discussies met belanghebbenden voorkomen. 1.

Wordt met de nieuwe invulling van locatieprofielen balans gevonden tussen levendigheid en gebruik van de locatie voor evenementen en de waarborging van het leefmilieu? De stadsdeel organisatie is zeer goed betrokken bij de totstandkoming en aanpassingen van de locatieprofielen, hierbij is het overgrote deel van de inbreng meegenomen. Wij denken dat met de nieuwe invulling van locatieprofielen balans kan worden gevonden tussen levendigheid en gebruik van de locaties voor evenementen en de waarborging van het leefmilieu. Juist door voor bepaalde kwetsbare of drukken gebieden profielen vast te stellen met een maximum van dagen, grootte van evenementen en geluidsnormen ontstaat ruimte en duidelijkheid in wat wel en niet kan. Of in de praktijk belanghebbenden ook vinden dat sprake is van een balans zal moeten blijken uit de inspraakronde en/of zienswijzen / bezwaren bij toekomstige afzonderlijke evenementen. 2. Is het instrument ‘locatieprofielen’ in voldoende mate effectief in het kader van vergunningverlening? Het instrument ‘locatieprofielen’ is in voldoende mate effectief in het kader van vergunningverlening. Door de aanwezigheid van locatieprofielen is zowel voor vergunningverleners/gebiedsmakelaars (etc.) als organisatoren duidelijker wat wel en niet kan plaatsvinden per locatie. Wij kunnen relatief snel aangeven of de locatie al “vol” is en wat de mogelijkheden zijn.

Wij gebruiken de locatieprofielen vaak en verwijzen aanvragers door. Bewoners en aanvragers kunnen zelf kijken wat de mogelijkheden/beperkingen zijn op een locatie. Afwijken van het locatieprofiel vraagt wel wat meer, omdat juridisch gezien afwijkingen goed gemotiveerd moeten worden. Het stedelijk evenementenbureau heeft echter de intentie om niet meer af te wijken van deze nieuwe profielen.

Pagina 3 van 64

3.

Welke eventuele knelpunten en de daarbij horende oplossingen ziet het stadsdeelbestuur met de aanpassing van locatieprofielen? Vanuit haar vergunningsverleningstaak ziet het dagelijks bestuur de volgende knelpunten: - Onder 1.1.2 wordt voor de evenementen tijdens Koningsdag/nacht en Pride gesteld: “Voor deze categorie evenementen acht het bestuur het aanvaardbaar om op plekken waar dit niet anders kan, een uitzondering toe te laten op de maximaal toegestane gevelnorm, tot een uiterste waarde van 95 dB(C).” Dit betekent dat voor iedere locatie tijdens Koningsdag en Pride moet worden bepaald of 95 dB(C) niet anders kan. In principe kan het altijd wel anders, echter worden deze evenementen in de praktijk altijd met 95 dB(C) vergund. Het dagelijks bestuur adviseert hier een duidelijkere keuze te maken en om de passage ‘waar dit niet anders kan’ weg te halen. Dit biedt duidelijkheid, voorkomt onnodige druk op de toetsingscapaciteit binnen de organisatie en voorkomt discussies over het wel of niet ‘anders kunnen’ met belanghebbenden. -

Onder 1.1.1. staat over meerdaagse evenementen: “Bij meerdaagse evenementen op dezelfde locatie moet tussen de eindtijd van de ene dag en de begintijd van de volgende dag minimaal 12 uur zitten.” Tussen Koningsnacht en Koningsdag zit geen 12 uur maar wordt wel als één evenement gezien. Het bestuur adviseert deze uitzondering op de regel onder 1.1.1 expliciet vast te leggen om discussies hierover te vermijden.

-

In het locatieprofiel van de Nieuwmarkt lijkt een fout te zijn geslopen: 13 evenementdagen moet 12 zijn (6 evenementen waarvan 1 meerdaags evenement van 7 dagen = 12). Wij vragen u dit aan te passen tot 12.

Handhavingsstrategie; Ook bij het opstellen en aanpassen van de handhaving strategie is het stadsdeel goed betrokken geweest. Inhoudelijk is het dagelijks bestuur goed te spreken over het voorliggende document. 1. Is de uitvoeringsstrategie hanteerbaar voor VTH Bouw & Gebruik? De uitvoeringsstrategie is zeker hanteerbaar. 2.

Op welke manieren kunnen geregistreerde overtredingen te zien zijn voor alle stadsdelen en hoe dient de aanlevering hiervan te geschieden? Het dagelijks bestuur kan bevestigen dat de huidige wijze van registratie voor verbetering vatbaar is. Het is niet aan het dagelijks bestuur om de oplossing hiervan in te vullen. Het dagelijks bestuur adviseert om dit in nauw overleg met alle betrokken gemeentelijke onderdelen op te pakken en vertrouwd er op dat hiervoor een werkbare oplossing zal worden gevonden. 3.

Is het wenselijk om in de handhavingsmatrix de mogelijkheid op te nemen (naast de reeds opgenomen herstelsancties) tot het opleggen van een bestuurlijke boete aan organisatoren van evenementen die illegaal, zonder vergunning of melding, worden georganiseerd? Een evenement is meestal kortstondig en voor de toezichthouder is het belangrijk om direct en effectief op te kunnen treden. Daarbij kan het zeker wenselijk zijn om naast de herstelsancties de mogelijkheid te hebben tot het opleggen van een bestuurlijke boete. 4.

Welke eventuele knelpunten en de daarbij horende oplossingen ziet het stadsdeelbestuur met het vaststellen van de handhavingsstrategie? Het dagelijks bestuur is zoals gezegd zeer te spreken over de handhavingsstrategie. Op dit moment voorzien wij nog geen grote knelpunten bij de uitvoering daarvan. Wel wil het dagelijks bestuur één punt ter verbetering meegeven. Er is een verschil tussen de definitie van evenementen in de APV en de definitie zoals gehanteerd in het activiteitenbesluit. Kort gezegd het verschil tussen binnen en buitenevenementen. Zonder dit expliciet te benoemen gaat de handhavingsstrategie uit van de definitie van evenementen zoals bedoelt in de APV. Om verwarring te voorkomen adviseren wij expliciet te maken dat in de handhavingsstrategie handelt over evenementen zoals bedoeld in de APV, d.w.z. een voor publiek toegankelijke gebeurtenis op of aan de weg of het openbaar water met een openbaar dan wel besloten karakter. Dus niet zijnde binnen-evenementen. Pagina 4 van 64

APV-wijziging; Het dagelijks bestuur van stadsdeel Centrum ondersteund het streven om buurtinitiatieven te stimuleren en mogelijke drempels hiervoor weg te nemen, zij verbaasd zich echter over het gekozen middel. Buurtinitiatieven komen en vele soorten en maten maar slechts zelden kennen deze een piek van meer dan 100 bezoekers. Zeker wanneer een buurtevenement geen gebruik kan maken van versterkte muziek en geen gebruik mag maken van de rijbaan is een buurtevenement met meer dan 100 bezoekers, laat staan met 250 bezoekers, onwaarschijnlijk. Het is naar ons idee, zeker in stadsdeel Centrum, dan ook niet het deelnemerslimiet dat bij buurtinitiatieven tot de noodzaak van een vergunning en bijbehorende leges leidt. En het dagelijks bestuur betwijfelt of een verruiming van de hoeveelheid bezoekers tot een toename van gewenste buurtinitiatieven zal leiden. Uitgaande van een daadwerkelijke toename van evenementen tot 250 personen maakt het dagelijks bestuur zich zorgen over de effecten van de maatregel. Evenementen met een piek van 250 personen leggen een andere druk op een locatie en hebben een ander karakter dan evenementen tot 100 personen. De openbare ruimte in Centrum is krap. Zowel de ruimte voor de doorstroming van voetgangers, als de ruimte voor recreëren en verblijven is zeer beperkt. De mogelijkheid om op basis van een melding evenementen voor 250 personen i.p.v.

100 en meer objecten te plaatsen staat hier mee op gespannen voet. Ook is de vraag hoe dit zich verhoud tot de diverse andere maatregelen die worden genomen door de gemeente om de druk op het centrum te verminderen, bezoekers meer te verspreiden en de ruimte voor de voetganger te beschermen. De vraag rijst in hoeverre de wens om buurtinitiatieven te stimuleren en de administratieve last van burgers te verlichten op weegt tegen de aanpak van drukte en het streven naar leefbaarheid. Dan in antwoord op de specifieke vragen; 1. Is het wijzigen van de meldingsplicht uitvoerbaar vanuit het oogpunt van vergunningverlening, toezicht en handhaving? Vanuit handhaving bestaan er zorgen. Een evenement voor 100 personen kent een wezenlijk andere dynamiek dan een evenement voor 250 personen. Een evenement met 250 bezoekers is niet meer kleinschalig en is geen buurtfeestje meer. Daarbij komt nog dat een melding voor een ‘klein evenement tot 250 personen’ door iedereen kan worden gedaan en niet persé vanuit de buurt of voor de buurt hoeft te worden georganiseerd. Een woonbuurt met een pleintje kan geconfronteerd worden met een evenement van 250 personen zonder hiervan op de hoogte te zijn of binding mee te hebben. Wij verwachten dan ook meer overlastmeldingen.

Daarnaast bestaat in handhaafbaarheid een verschil tussen evenementen op basis van een melding en evenementen op basis van een vergunning. Bij een vergunning is het duidelijk wie de vergunninghouder is met naam en telefoonnummer, en kan vooraf overleg hebben plaatsgevonden over de invulling en communicatie rondom het evenement. Bij buurtfeesten, op basis van een melding, is het in de praktijk lastiger voor de toezichthouder om diegene die zeggenschap heeft aan te spreken. Dit probleem zal bij een verruiming van 100 naar 250 personen alleen maar uitdagender worden. Ook wordt het houden van overzicht en controle door de organisator/verantwoordelijke lastiger naar mate het aantal deelnemers stijgt laat staan verdubbeld. Uitbreiding van meldingsplicht leidt ons inziens dan ook tot een toename van werkzaamheden voor toezicht en handhaving. Voor deze extra werkzaamheden vanuit toezicht is dan in feite geen dekking omdat de leges voor het verlenen van de vergunning wegvallen. Redenerend vanuit een gelijkblijvende capaciteit kan deze maatregel dus gepaard gaan met een afname van inzet op andere thema’s. Wat betreft de vergunningverlening zijn er zorgen over de aanpassing van artikel 3. onderdeel e welke komt te luiden: d. ten hoogste objecten worden geplaatst met een gezamenlijke oppervlakte van minder dan 25 m²; Er wordt uitgegaan van een of meer objecten tot 25 m2.

Het idee erachter is, zoals uit de toelichting blijkt, dat het kleine objecten zijn die geen constructieve toets behoeven. Ervaring leert dat er voldoende objecten zijn Pagina 5 van 64

met een omvang kleiner dan 25 m2 waarbij een constructieve toets vanuit veiligheidsoverwegingen gewenst dan wel noodzakelijk is. Denk bijvoorbeeld aan bepaalde typen podia, trotters t.b.v. tentoonstellingen etc. Bij toestaan van objecten tot 25m2 kan een risico ontstaan dat objecten van constructieve aard worden geplaatst. Zeker bij een toename van het aantal bezoekers tot 25o personen zal meer behoefte en reden ontstaan voor het plaatsen van grotere en complexere objecten. Dit wordt doormiddel van de toelichting niet verboden, en een constructieve toets op basis van alleen een melding is niet mogelijk. De verruiming van de meldingsplicht maakt het dus mogelijk om evenementen van een grotere omvang en complexere invulling met een melding plaats te laten vinden. De meldingen worden ontvangen en behandeld door het stadsloket en niet door VTH. De uitvoering van toezicht en handhaving ligt wel bij VTH. De melding dient beoordeeld te worden of deze voldoet aan de voorwaarden. Bij meldingen van grotere evenementen met complexere activiteiten en objecten dient er een keuze gemaakt te worden of behandeling plaatsvindt door het stadsloket of team Vergunningen van VTH, waarbij deskundigheid en goede onderlinge communicatie een voorwaarde is. Hierbij moet mee worden genomen dat tegenover deze mogelijke extra capaciteit inzet op toetsing geen lege inkomsten staan.

Het dagelijks bestuur adviseert, gezien bovenstaande, om de beperking tot 100 personen voor het stadsdeel Centrum te behouden, gezien de beperkte ruimte in de openbare ruimte voor grotere ‘buurtevenementen’, de te verwachte beperkte positieve effecten op gewenste buurtinitiatieven en de te verwachte negatieve effecten op drukte, leefbaarheid en handhavingsmiddelen en capaciteit. Het dagelijks bestuur adviseert daarnaast om in ieder geval constructieve objecten binnen een melding niet toe te staan. 2. Zijn er locaties waar het hanteren van de (verhoging van de) meldingsplicht niet zou moeten gelden en waar alleen een evenement gehouden kan worden met een vergunning, ongeacht het aantal bezoekers? Het dagelijks bestuur adviseert zoals hierboven toegelicht om de verruiming van de meldingsplicht niet in het centrum in te voeren en hierbij 100personen als maximum aan te houden. Voor wat betreft een volledig verbod op vergunningsvrije evenementen is dit in diverse locatieprofielen al vastgelegd. Op andere locaties zijn kleine buurtevenementen niet ongewenst en zou een verbod dit onmogelijk maken. Op dit moment zijn er nog geen nieuwe plekken aan te wijzen waar een verbod op vergunningsvrije evenementen zou passen.

Mocht de voorgestelde verruiming van de meldingsplicht doorgang vinden en leiden negatieve effecten op specifieke plekken dan zal dit mogelijk later nog tot een verzoek vanuit het stadsdeel kunnen leiden.

Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB

De stadsdeelcommissie steunt het conceptadvies van het dagelijks bestuur en vraagt hierbij; -

Locatieprofielen; De aantallen genoemd in het locatieprofiel van het Rembrandtplein en Thorbeckeplein te controleren en deze te laten corrigeren.

-

APV wijziging; De volgende tekst op te nemen in het advies; “Tenslotte is een extra argument om tegen een verruiming van aantal personen te zijn de grote hoeveelheid extra afval dat een groter evenement met zich mee brengt. Aangezien afvalbeheersing in Centrum een heikel thema is, is het beter om dit via het vergunningenstelsel te reguleren.”

Pagina 6 van 64

Definitief advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders

Het dagelijks bestuur heeft met interesse kennis genomen van de voorgestelde wijzigen in het kader van het evenementenbeleid. Locatieprofielen; In het algemeen zouden we graag een leeswijzer toegevoegd zien, zodat duidelijk is hoe tabellen geïnterpreteerd worden. Daarmee worden onnodige discussies met belanghebbenden voorkomen. 4.

Wordt met de nieuwe invulling van locatieprofielen balans gevonden tussen levendigheid en gebruik van de locatie voor evenementen en de waarborging van het leefmilieu? De stadsdeel organisatie is zeer goed betrokken bij de totstandkoming en aanpassingen van de locatieprofielen, hierbij is het overgrote deel van de inbreng meegenomen. Wij denken dat met de nieuwe invulling van locatieprofielen balans kan worden gevonden tussen levendigheid en gebruik van de locaties voor evenementen en de waarborging van het leefmilieu. Juist door voor bepaalde kwetsbare of drukken gebieden profielen vast te stellen met een maximum van dagen, grootte van evenementen en geluidsnormen ontstaat ruimte en duidelijkheid in wat wel en niet kan. Of in de praktijk belanghebbenden ook vinden dat sprake is van een balans zal moeten blijken uit de inspraakronde en/of zienswijzen / bezwaren bij toekomstige afzonderlijke evenementen. 5. Is het instrument ‘locatieprofielen’ in voldoende mate effectief in het kader van vergunningverlening? Het instrument ‘locatieprofielen’ is in voldoende mate effectief in het kader van vergunningverlening. Door de aanwezigheid van locatieprofielen is zowel voor vergunningverleners/gebiedsmakelaars (etc.) als organisatoren duidelijker wat wel en niet kan plaatsvinden per locatie. Wij kunnen relatief snel aangeven of de locatie al “vol” is en wat de mogelijkheden zijn.

Wij gebruiken de locatieprofielen vaak en verwijzen aanvragers door. Bewoners en aanvragers kunnen zelf kijken wat de mogelijkheden/beperkingen zijn op een locatie. Afwijken van het locatieprofiel vraagt wel wat meer, omdat juridisch gezien afwijkingen goed gemotiveerd moeten worden. Het stedelijk evenementenbureau heeft echter de intentie om niet meer af te wijken van deze nieuwe profielen. 6.

Welke eventuele knelpunten en de daarbij horende oplossingen ziet het stadsdeelbestuur met de aanpassing van locatieprofielen? Vanuit haar vergunningsverleningstaak ziet het dagelijks bestuur de volgende knelpunten: - Onder 1.1.2 wordt voor de evenementen tijdens Koningsdag/nacht en Pride gesteld: “Voor deze categorie evenementen acht het bestuur het aanvaardbaar om op plekken waar dit niet anders kan, een uitzondering toe te laten op de maximaal toegestane gevelnorm, tot een uiterste waarde van 95 dB(C).” Dit betekent dat voor iedere locatie tijdens Koningsdag en Pride moet worden bepaald of 95 dB(C) niet anders kan. In principe kan het altijd wel anders, echter worden deze evenementen in de praktijk altijd met 95 dB(C) vergund. Het dagelijks bestuur adviseert hier een duidelijkere keuze te maken en om de passage ‘waar dit niet anders kan’ weg te halen. Dit biedt duidelijkheid, voorkomt onnodige druk op de toetsingscapaciteit binnen de organisatie en voorkomt discussies over het wel of niet ‘anders kunnen’ met belanghebbenden. -

Onder 1.1.1. staat over meerdaagse evenementen: “Bij meerdaagse evenementen op dezelfde locatie moet tussen de eindtijd van de ene dag en de begintijd van de volgende dag minimaal 12 uur zitten.” Tussen Koningsnacht en Koningsdag zit geen 12 uur maar wordt wel als één evenement gezien. Het bestuur adviseert deze uitzondering op de regel onder 1.1.1 expliciet vast te leggen om discussies hierover te vermijden. -

In het locatieprofiel van de Nieuwmarkt lijkt een fout te zijn geslopen: 13 evenementdagen moet 12 zijn (6 evenementen waarvan 1 meerdaags evenement van 7 dagen = 12). Wij vragen u dit aan te passen tot 12.

-

Dit geldt ook voor het locatieprofiel van het Rembrandtplein en Thorbeckeplein. 8 evenementdagen moet zijn 7. (5 evenementen waarvan 2 meerdaagse komt tot een maximum van 7 evenementdagen). Wij vragen Pagina 7 van 64

u dit aan te passen tot 7. Handhavingsstrategie; Ook bij het opstellen en aanpassen van de handhaving strategie is het stadsdeel goed betrokken geweest. Inhoudelijk is het dagelijks bestuur goed te spreken over het voorliggende document. 5. Is de uitvoeringsstrategie hanteerbaar voor VTH Bouw & Gebruik? De uitvoeringsstrategie is zeker hanteerbaar. 6. Op welke manieren kunnen geregistreerde overtredingen te zien zijn voor alle stadsdelen en hoe dient de aanlevering hiervan te geschieden? Het dagelijks bestuur kan bevestigen dat de huidige wijze van registratie voor verbetering vatbaar is. Het is niet aan het dagelijks bestuur om de oplossing hiervan in te vullen. Het dagelijks bestuur adviseert om dit in nauw overleg met alle betrokken gemeentelijke onderdelen op te pakken en vertrouwd er op dat hiervoor een werkbare oplossing zal worden gevonden. 7.

Is het wenselijk om in de handhavingsmatrix de mogelijkheid op te nemen (naast de reeds opgenomen herstelsancties) tot het opleggen van een bestuurlijke boete aan organisatoren van evenementen die illegaal, zonder vergunning of melding, worden georganiseerd? Een evenement is meestal kortstondig en voor de toezichthouder is het belangrijk om direct en effectief op te kunnen treden. Daarbij kan het zeker wenselijk zijn om naast de herstelsancties de mogelijkheid te hebben tot het opleggen van een bestuurlijke boete. 8. Welke eventuele knelpunten en de daarbij horende oplossingen ziet het stadsdeelbestuur met het vaststellen van de handhavingsstrategie? Het dagelijks bestuur is zoals gezegd zeer te spreken over de handhavingsstrategie. Op dit moment voorzien wij nog geen grote knelpunten bij de uitvoering daarvan. Wel wil het dagelijks bestuur één punt ter verbetering meegeven. Er is een verschil tussen de definitie van evenementen in de APV en de definitie zoals gehanteerd in het activiteitenbesluit. Kort gezegd het verschil tussen binnen en buitenevenementen. Zonder dit expliciet te benoemen gaat de handhavingsstrategie uit van de definitie van evenementen zoals bedoelt in de APV. Om verwarring te voorkomen adviseren wij expliciet te maken dat in de handhavingsstrategie handelt over evenementen zoals bedoeld in de APV, d.w.z.

een voor publiek toegankelijke gebeurtenis op of aan de weg of het openbaar water met een openbaar dan wel besloten karakter. Dus niet zijnde binnen-evenementen.

APV-wijziging; Het dagelijks bestuur van stadsdeel Centrum ondersteund het streven om buurtinitiatieven te stimuleren en mogelijke drempels hiervoor weg te nemen, zij verbaasd zich echter over het gekozen middel. Buurtinitiatieven komen en vele soorten en maten maar slechts zelden kennen deze een piek van meer dan 100 bezoekers. Zeker wanneer een buurtevenement geen gebruik kan maken van versterkte muziek en geen gebruik mag maken van de rijbaan is een buurtevenement met meer dan 100 bezoekers, laat staan met 250 bezoekers, onwaarschijnlijk. Het is naar ons idee, zeker in stadsdeel Centrum, dan ook niet het deelnemerslimiet dat bij buurtinitiatieven tot de noodzaak van een vergunning en bijbehorende leges leidt. En het dagelijks bestuur betwijfelt of een verruiming van de hoeveelheid bezoekers tot een toename van gewenste buurtinitiatieven zal leiden. Uitgaande van een daadwerkelijke toename van evenementen tot 250 personen maakt het dagelijks bestuur zich zorgen over de effecten van de maatregel. Evenementen met een piek van 250 personen leggen een andere druk op een locatie en hebben een ander karakter dan evenementen tot 100 personen. De openbare ruimte in Centrum is krap. Zowel de ruimte voor de doorstroming van voetgangers, als de ruimte voor recreëren en verblijven is zeer beperkt. De mogelijkheid om op basis van een melding evenementen voor 250 personen i.p.v.

100 en meer objecten te plaatsen staat hier Pagina 8 van 64

mee op gespannen voet. Ook is de vraag hoe dit zich verhoud tot de diverse andere maatregelen die worden genomen door de gemeente om de druk op het centrum te verminderen, bezoekers meer te verspreiden, de ruimte voor de voetganger te beschermen en groeiende hoeveelheid afval en zwerfvuil te beheersen. De vraag rijst dan ook in hoeverre de wens om buurtinitiatieven te stimuleren en de administratieve last van burgers te verlichten op weegt tegen de aanpak van drukte en het streven naar een schone en leefbare stad. Dan in antwoord op de specifieke vragen; 3. Is het wijzigen van de meldingsplicht uitvoerbaar vanuit het oogpunt van vergunningverlening, toezicht en handhaving? Vanuit handhaving bestaan er zorgen. Een evenement voor 100 personen kent een wezenlijk andere dynamiek dan een evenement voor 250 personen. Een evenement met 250 bezoekers is niet meer kleinschalig en is geen buurtfeestje meer. Daarbij komt nog dat een melding voor een ‘klein evenement tot 250 personen’ door iedereen kan worden gedaan en niet persé vanuit de buurt of voor de buurt hoeft te worden georganiseerd. Een woonbuurt met een pleintje kan geconfronteerd worden met een evenement van 250 personen zonder hiervan op de hoogte te zijn of binding mee te hebben. Wij verwachten dan ook meer overlastmeldingen.

Daarnaast bestaat in handhaafbaarheid een verschil tussen evenementen op basis van een melding en evenementen op basis van een vergunning. Bij een vergunning is het duidelijk wie de vergunninghouder is met naam en telefoonnummer, en kan vooraf overleg hebben plaatsgevonden over de invulling en communicatie rondom het evenement. Bij buurtfeesten, op basis van een melding, is het in de praktijk lastiger voor de toezichthouder om diegene die zeggenschap heeft aan te spreken. Dit probleem zal bij een verruiming van 100 naar 250 personen alleen maar uitdagender worden. Ook wordt het houden van overzicht en controle door de organisator/verantwoordelijke lastiger naar mate het aantal deelnemers stijgt laat staan verdubbeld. Uitbreiding van meldingsplicht leidt ons inziens dan ook tot een toename van werkzaamheden voor toezicht en handhaving. Voor deze extra werkzaamheden vanuit toezicht is dan in feite geen dekking omdat de leges voor het verlenen van de vergunning wegvallen. Redenerend vanuit een gelijkblijvende capaciteit kan deze maatregel dus gepaard gaan met een afname van inzet op andere thema’s. Wat betreft de vergunningverlening zijn er zorgen over de aanpassing van artikel 3. onderdeel e welke komt te luiden: d. ten hoogste objecten worden geplaatst met een gezamenlijke oppervlakte van minder dan 25 m²; Er wordt uitgegaan van een of meer objecten tot 25 m2.

Het idee erachter is, zoals uit de toelichting blijkt, dat het kleine objecten zijn die geen constructieve toets behoeven. Ervaring leert dat er voldoende objecten zijn met een omvang kleiner dan 25 m2 waarbij een constructieve toets vanuit veiligheidsoverwegingen gewenst dan wel noodzakelijk is. Denk bijvoorbeeld aan bepaalde typen podia, trotters t.b.v. tentoonstellingen etc. Bij toestaan van objecten tot 25m2 kan een risico ontstaan dat objecten van constructieve aard worden geplaatst. Zeker bij een toename van het aantal bezoekers tot 25o personen zal meer behoefte en reden ontstaan voor het plaatsen van grotere en complexere objecten. Dit wordt doormiddel van de toelichting niet verboden, en een constructieve toets op basis van alleen een melding is niet mogelijk. De verruiming van de meldingsplicht maakt het dus mogelijk om evenementen van een grotere omvang en complexere invulling met een melding plaats te laten vinden. De meldingen worden ontvangen en behandeld door het stadsloket en niet door VTH. De uitvoering van toezicht en handhaving ligt wel bij VTH. De melding dient beoordeeld te worden of deze voldoet aan de voorwaarden.

Bij meldingen van grotere evenementen met complexere activiteiten en objecten dient er een keuze gemaakt te worden of behandeling plaatsvindt door het stadsloket of team Vergunningen van VTH, waarbij deskundigheid en goede onderlinge communicatie een voorwaarde is. Hierbij moet mee worden genomen dat tegenover deze mogelijke extra capaciteit inzet op toetsing geen lege inkomsten staan. Tenslotte is een extra argument om tegen een verruiming van aantal personen te zijn de grote hoeveelheid extra afval dat een groter evenement met zich mee brengt. Aangezien afvalbeheersing in Centrum een heikel thema is, is het ook daarom beter om evenementen groter dan 100 personen via het vergunningenstelsel te Pagina 9 van 64

reguleren. Het dagelijks bestuur adviseert, gezien bovenstaande, om de beperking tot 100 personen voor het stadsdeel Centrum te behouden, gezien de beperkte ruimte in de openbare ruimte voor grotere ‘buurtevenementen’, de te verwachte beperkte positieve effecten op gewenste buurtinitiatieven en de te verwachte negatieve effecten op drukte, leefbaarheid en handhavingsmiddelen en capaciteit. Het dagelijks bestuur adviseert daarnaast om in ieder geval constructieve objecten binnen een melding niet toe te staan. 4. Zijn er locaties waar het hanteren van de (verhoging van de) meldingsplicht niet zou moeten gelden en waar alleen een evenement gehouden kan worden met een vergunning, ongeacht het aantal bezoekers? Het dagelijks bestuur adviseert zoals hierboven toegelicht om de verruiming van de meldingsplicht niet in het centrum in te voeren en hierbij 100personen als maximum aan te houden. Voor wat betreft een volledig verbod op vergunningsvrije evenementen is dit in diverse locatieprofielen al vastgelegd. Op andere locaties zijn kleine buurtevenementen niet ongewenst en zou een verbod dit onmogelijk maken. Op dit moment zijn er nog geen nieuwe plekken aan te wijzen waar een verbod op vergunningsvrije evenementen zou passen.

Mocht de voorgestelde verruiming van de meldingsplicht doorgang vinden en leiden negatieve effecten op specifieke plekken dan zal dit mogelijk later nog tot een verzoek vanuit het stadsdeel kunnen leiden.

Pagina 10 van 64

Adviesaanvraag B&W aan stadsdeelbestuur Zuid Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag:

Conceptwijzigingen evenementenbeleid en APV

Portefeuille:

Evenementen

Directie:

Communicatie

Datum behandeling staf WH

30 juni 2020

Datum adviesaanvraag:

30 juli 2020

Deadline ontvangst advies:

15 september 2020

Advies mailen naar:

Sakina.Bouda@amsterdam.nl

Meegestuurde stukken:

APV-wijziging meldingsplicht Locatieprofielen voor evenementenlocaties 2021

Heeft er consultatie vooraf plaatsgevonden?

Handhavingstrategie evenementen NVT

Invullen door stadsdeel: Zuid Eric Mollenbrok Datum weekstart/staf: 31 augustus 2020 Datum stadsdeelcommissie: 2 september 2020 Datum dagelijks bestuur: 1 september 2020 Stadsdeel: Procesbegeleider:

Registratienr. (optioneel):

Over gevraagde adviezen: conform art. 12 van de verordening op het lokaal bestuur vraagt B&W advies aan een DB over besluiten die (lid 1) betrekking hebben op de taken en bevoegdheden van het DB of (lid 2) op de belangen van het stadsdeel . Het DB legt deze adviezen voor aan de stadsdeelcommissie (art. 19). Het DB neemt het advies van de stadsdeelcommissie over indien het is vastgesteld met een meerderheid van stemmen en binnen de budgettaire kader past (art. 19 lid 5). Afwijkingen van het advies motiveert het DB.

Adviesvraag B&W Formuleer hier de vraag aan het stadsdeel

Locatieprofielen Bij de evaluatie van de huidige locatieprofielen bleek dat een aantal profielen aangepast dienen te worden om een juiste balans te creëren tussen de evenementen en de gevolgen voor omwonenden en gebruikers van de locatie. De totstandkoming van de nieuwe profielen heeft in samenwerking met het stadsdeel plaatsgevonden. Graag willen wij de volgende vragen aan het stadsdeelbestuur voorleggen: 4. Wordt met de nieuwe invulling van locatieprofielen balans gevonden tussen levendigheid en gebruik van de locatie voor evenementen en de waarborging van het leefmilieu? 5. Is het instrument ‘locatieprofielen’ in voldoende mate effectief in het kader van vergunningverlening? 6. Welke eventuele knelpunten en de daarbij horende oplossingen ziet het stadsdeelbestuur met de aanpassing van locatieprofielen? Handhavingsstrategie Uit de evaluatie van het evenementenbeleid is gebleken dat de kwaliteit van de uitvoering verbeterd moet worden. Op het gebied van handhaving wordt een professionaliseringslag gemaakt. Hiervoor wordt een handhavingsstrategie vastgesteld waarin een eenduidig stedelijk kader voor het sanctioneren van overtredingen op evenementenvergunningen wordt ontwikkeld. Graag willen wij de volgende vragen aan het stadsdeelbestuur voorleggen:

Pagina 11 van 64

5. Is de uitvoeringsstrategie hanteerbaar voor VTH Bouw & Gebruik? 6. Op welke manieren kunnen geregistreerde overtredingen te zien zijn voor alle stadsdelen en hoe dient de aanlevering hiervan te geschieden? 7. Is het wenselijk om in de handhavingsmatrix de mogelijkheid op te nemen (naast de reeds opgenomen herstelsancties) tot het opleggen van een bestuurlijke boete aan organisatoren van evenementen die illegaal, zonder vergunning of melding, worden georganiseerd? 8. Welke eventuele knelpunten en de daarbij horende oplossingen ziet het stadsdeelbestuur met het vaststellen van de handhavingsstrategie? APV-wijziging Om de drempel voor kleine lokale initiatieven te verlagen en meer buurtgerichte evenementen te stimuleren, wordt de vergunningsplicht voor evenementen verhoogd van 100 naar 250 bezoekers. Door deze wijziging vallen de legeskosten weg en kunnen organisatoren hun evenement melden en moet voldaan worden aan algemene regels op het gebied van geluid, ruimtegebruik en veiligheid. Graag willen wij de volgende vragen aan het stadsdeelbestuur voorleggen: 4. Is het wijzigen van de meldingsplicht uitvoerbaar vanuit het oogpunt van vergunningverlening, toezicht en handhaving? 5. Zijn er locaties waar het hanteren van de (verhoging van de) meldingsplicht niet zou moeten gelden en waar alleen een evenement gehouden kan worden met een vergunning, ongeacht het aantal bezoekers? 6.

Welke eventuele knelpunten en de daarbij horende oplossingen ziet het stadsdeelbestuur met het wijzigen van de meldingsplicht?

Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies

Locatieprofielen Bij de evaluatie van de huidige locatieprofielen bleek dat een aantal profielen aangepast dienen te worden om een juiste balans te creëren tussen de evenementen en de gevolgen voor omwonenden en gebruikers van de locatie. De totstandkoming van de nieuwe profielen heeft in samenwerking met het stadsdeel plaatsgevonden. 1. Wordt met de nieuwe invulling van locatieprofielen balans gevonden tussen levendigheid en gebruik van de locatie voor evenementen en de waarborging van het leefmilieu? Antwoord: De nieuwe invulling zorgt voor een betere balans. De input van de stadsdeelorganisatie in de locatieprofielen is goed verwerkt. Wel is het van belang om de mogelijkheid te behouden tot het tussentijds (bijvoorbeeld jaarlijks) wijzigen van de locatieprofielen. Locatieprofielen zijn gebaseerd op een omgeving. Die omgeving verandert echter door de stedelijke vernieuwing, bouw van woningen. Het locatieprofiel en de gewenste aantallen en type evenementen zijn dan gebaseerd op een situatie die niet meer actueel is. 2. Is het instrument ‘locatieprofielen’ in voldoende mate effectief in het kader van vergunningverlening? Antwoord: De locatieprofielen zijn goed hanteerbaar in het kader van de vergunningverlening. Wel moet rekening worden gehouden met de schaarse vergunningen die het gevolg zijn van de locatieprofielen c.q.

de verdeling van de evenementen tussen verschillende organisatoren. Duidelijk moet zijn dat de locatieprofielen leidend zijn, maar dat er ook, beargumenteerd, van afgeweken kan worden. Onze ervaring leert dat dit onvoldoende duidelijk is en voor consternatie zorgt. 3. Welke eventuele knelpunten en de daarbij horende oplossingen ziet het stadsdeelbestuur met de aanpassing van locatieprofielen? Antwoord: Ten aanzien van het Olympisch Stadion en Gerschwinplein vraagt het DB om nog eens goed te kijken of het laten vervallen van het onderscheid tussen klein en middelgroot hier geen ongewenste gevolgen heeft. Het totaal aantal evenementen op deze terreinen zijn nu gelimiteerd. Klein en middelgroot is niet langer apart in aantal

Pagina 12 van 64

opgenomen. Handhavingsstrategie Uit de evaluatie van het evenementenbeleid is gebleken dat de kwaliteit van de uitvoering verbeterd moet worden. Op het gebied van handhaving wordt een professionaliseringslag gemaakt. Hiervoor wordt een handhavingsstrategie vastgesteld waarin een eenduidig stedelijk kader voor het sanctioneren van overtredingen op Evenementenvergunningen wordt ontwikkeld. 1. Is de uitvoeringsstrategie hanteerbaar voor VTH Bouw & Gebruik? Antwoord: De wens voor een stedelijk handhavingsstrategie evenementen was erg groot. In lijn met handhavingsstrategie horeca en handhavingsstrategie geluid verwacht het dagelijks bestuur dat de handhavingsstrategie evenementen positief effect zal hebben op handhaving van overtredingen tijdens evenementen. Ook het stedelijk c.q. eenduidig handhaven en sanctioneren betekent een grote vooruitgang. 2. Op welke manieren kunnen geregistreerde overtredingen te zien zijn voor alle stadsdelen en hoe dient de aanlevering hiervan te geschieden? Antwoord: Het bestuur van Amsterdam wil een effectieve en efficiënte uitvoering van de taken van VTH. Bovenstaande vraag is naar het oordeel van het stadsdeelbestuur geen bestuurlijke vraag. Wel is het belang dat overtredingen voor alle stadsdelen op niveau van organisatoren wordt vastgelegd zodat informatie tussen stadsdelen sneller en makkelijker uitgewisseld kan worden. 3.

Is het wenselijk om in de handhavingsmatrix de mogelijkheid op te nemen (naast de reeds opgenomen herstelsancties) tot het opleggen van een bestuurlijke boete aan organisatoren van evenementen die illegaal, zonder vergunning of melding, worden georganiseerd? Antwoord: Het is in ieder geval wenselijk dat die optie er is. Over het gebruik dient dan afstemming plaats te vinden. Bij sommige overtredingen is een herstelsanctie wellicht onvoldoende of ontoereikend. Of ‘het kwaad is al geschied’. In dat soort gevallen kan een bestuurlijke boete uitkomst bieden. 4. Welke eventuele knelpunten en de daarbij horende oplossingen ziet het stadsdeelbestuur met het vaststellen van de handhavingsstrategie? Antwoord: Bij organisatoren die in meerdere stadsdelen evenementen organiseren moet goed bijgehouden worden welke overtredingen er zijn geconstateerd en welke stappen er al zijn opgelegd. Dat is een voorwaarde voor het goed toepassen van de handhavingsstrategie. Dit raakt aan hetgeen gesteld is in vraag 2. APV-wijziging Om de drempel voor kleine lokale initiatieven te verlagen en meer buurtgerichte evenementen te stimuleren, wordt de vergunningsplicht voor evenementen verhoogd van 100 naar 250 bezoekers. Door deze wijziging vallen de legeskosten weg en kunnen organisatoren hun evenement melden en moet voldaan worden aan algemene regels op het gebied van geluid, ruimtegebruik en veiligheid.

1. Is het wijzigen van de meldingsplicht uitvoerbaar vanuit het oogpunt van vergunningverlening, toezicht en handhaving? Antwoord: Als eerste willen wij erop wijzen dat het dagelijks bestuur van Zuid aan de burgemeester en stadsdeelvoorzitters eerder heeft aangegeven niet positief te staan tegenover het verhogen van vergunningplicht. Zie ook ons antwoord op vraag 2 en 3. Nu dat wel besloten is, gaat het om de uitvoering, waar wij een aantal punten willen benoemen. Daarnaast willen wij de kanttekening maken dat er op dit moment speciale regels voor evenementen gelden in verband met Corona. Het is de vraag of het in deze tijd verstandig is, om de eventuele verhoging van het aantal bezoekers voor vergunningsplicht door te voeren. Ook lijkt het verstandig ervaringen uit deze periode

Pagina 13 van 64

eerst nog te betrekken bij het opstellen van de nieuwe regels. Vanuit het oogpunt van vergunningverlening is het uitvoerbaar. De melding dient echter alsnog beoordeeld te worden of deze voldoet aan de voorwaarden. - En er dient een keuze gemaakt te worden of behandeling plaatsvindt door het Stadsloket of team Vergunningen APV van VTH, waarbij deskundigheid een voorwaarde is. VTH zal altijd betrokken zijn bij het proces van het Stadsloket als onderdelen van de melding door hen worden voorgelegd aan de vergunningverleners van VTH en voor advisering vanuit toezicht en handhaving. Van belang zijn voldoende ‘duidelijke’ voorschriften opnemen in de toestemmingsbrief. Zo ontbreekt nu enig voorschrift voor het plaatsen van een spring-/luchtkussen. Het is een zeer gewenst onderdeel van evenementen (die gemeld kunnen worden) en in de toestemmingsbrief zijn hiervoor geen voorschriften opgenomen. Afgelopen jaren hebben meerdere incidenten plaatsgevonden met springkussens, hetzij door verkeerd gebruik hetzij door het ontbreken van toezicht door de organisator. Er kan dus sprake zijn van fysieke risico’s. -Meer druk op toezicht en handhaving: Verhoging van de drempel voor het aanvragen van een evenementenvergunning van 100 naar 250 bezoekers kan leiden tot een toename van buurtgerichte evenementen tegen geringere kosten.

Redenerend vanuit de organisatoren van deze evenementen is dat wenselijk. Wel blijft het wenselijk om dit effect ook te monitoren omdat niet zeker is of dit in de praktijk ook zo zal uitpakken. Het is daarom van belang dat locatieprofielen tussentijds kunnen worden aangepast. Daarbij is het goed om te realiseren dat VTH een keten van activiteiten uitvoert. Vergunningverlening, toezicht en handhaving zijn gericht op veilige evenementen die een aanvaardbare impact hebben op de omgeving. Uitbreiding van meldingsplicht leidt o.i. tot een toename van werkzaamheden voor het toezicht om te controleren of de organisator zich houdt aan regels. Beïnvloeding op gedrag vanuit vergunningverlening stopt c.q. neemt af. Voor deze extra werkzaamheden vanuit toezicht is dan in feite geen dekking omdat de leges voor het verlenen van de vergunning wegvallen. En de druk op het toezicht is al groot, niet in de laatste plaats door Corona en het toezicht op de noodverordening. Redenerend vanuit een gelijkblijvende capaciteit kan deze maatregel dus gepaard gaan met een afname van inzet op andere thema’s. De handhavingsstrategie is ook van toepassing op meldingen. Voor het team Vergunningen van VTH is het effect dat het aantal vergunningen dat in behandeling wordt genomen afneemt. Voor het stadsloket zouden de aanvragen toenemen.

Voor beide afdelingen heeft dit consequenties voor de (inzet van de) capaciteit. 2. Zijn er locaties waar het hanteren van de (verhoging van de) meldingsplicht niet zou moeten gelden en waar alleen een evenement gehouden kan worden met een vergunning, ongeacht het aantal bezoekers? Antwoord: De wens is vooral om te zorgen dat kleinschalige buurtgerichte evenementen die een bindend karakter hebben gemakkelijker georganiseerd kunnen worden. Het stadsdeelbestuur maakt zich zorgen of met het verhogen van de meldingsplicht dit effect wordt bereikt of dat de druk op de openbare ruimte op pleinen (denk aan de Oude Pijp en parken in stadsdeel Zuid niet enorm zal toenemen met voornamelijk bezoekers afkomstig uit andere delen van de stad. 250 mensen is voor veel situatie een te grote belasting. Het stadsdeelbestuur wil op voorhand een uitzondering voor het Beatrixpark, het Amstelpark, Gijsbrecht van Aemstelpark, het Martin Luther Kingpark en het Sarphatipark Het is het van belang om de mogelijkheid te behouden tot het tussentijds (bijvoorbeeld jaarlijks) wijzigen van de meldingsplicht. 3.

Welke eventuele knelpunten en de daarbij horende oplossingen ziet het stadsdeelbestuur met het wijzigen van de meldingsplicht? Antwoord: Balans tussen levendigheid en gebruik van de locatie voor evenementen en de waarborging van het leefmilieu ontstaat door maatwerk, ook bij evenementen met lagere bezoekersaantallen. Lokale kennis is hierbij van belang. Meldingen dienen niet routinematig behandeld te worden. Vergunningverlening biedt hiervoor meer Pagina 14 van 64

waarborgen. Daarnaast heeft VTH soms het vermoeden dat commerciële partijen de melding oneigenlijk gebruiken door het aantal te verwachten bezoekers zeer laag in te schatten. Een melding is immers gratis. Omwonenden kunnen geen bezwaar maken, er is immers geen vergunning aangevraagd of verleend. Het verhogen van de drempel naar 250 bezoekers maakt de kans op oneigenlijk gebruik groter. Het is aan toezicht en handhaving om hierop alert te zijn. Maar ook dit leidt tot extra werkzaamheden waarvoor geen dekking is en leges worden misgelopen. Indien besloten wordt om hier goed op toe te zien gaat dit ten koste van andere werkzaamheden. In aanvulling op uw vragen wil het dagelijks bestuur van Zuid aan de burgemeester en stadsdeelvoorzitters voorleggen de Fair Practice code in de evenementenvergunning als richtlijn op te nemen. Deze code biedt een handvat voor alle ondernemers en werkenden binnen de kunst, cultuur en creatieve industrie op basis van vijf kernwaarden: solidariteit, diversiteit, vertrouwen, duurzaamheid en transparantie. Daarmee reikt de Fair Practice code verder dan de reeds bestaande Richtlijn Duurzaamheid die Amsterdam nu hanteert.

Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB

Het evenementenbeleid draait wat de stadsdeelcommissie betreft om het hervinden van de balans, want die leek in de afgelopen jaren soms zoek. De herziening van het evenementenbeleid geeft de mogelijkheid om ruimte te creëren voor kleinschalige evenementen met een duidelijke toegevoegde waarde voor de buurt. In de adviesaanvraag komen drie hoofdzaken aan de orde. Ten eerste wordt gevraagd naar de balans tussen de locatieprofielen en de levendigheid en de effectiviteit van het instrument locatieprofiel in de vergunningverlening. Eerder hebben we uitgebreid geadviseerd aan het dagelijks bestuur waarin we aanpassingen aanbevelingen die verder gaan dan de wijzigingen voorgesteld door het DB. Dit betreft onder andere expliciete aanpassingen van de verschillende locatieprofielen in Zuid. In onze ogen zouden deze aanpassingen bijdragen aan een betere balans in de stad. Het advies vindt u hier (https://zuid.notubiz.nl/document/8518525/1/Stadsdeelcommssie_Advies_locatieprofielen_Zuid). Een van de belangrijke punten uit het advies is dat voor een transparant en duidelijke vergunningverlening, de gemeente niet zou niet moeten afwijken van het locatieprofiel. Het is een nuttig kader en draagt bij aan de transparantie richting omwonenden die potentieel overlast kunnen ervaren van evenementen. Het tweede gedeelte gaat in op de handhavingsstrategie.

We juichen het toe dat er expliciet aandacht is voor handhaving. Inhoudelijk hebben we hierop geen aanmerkingen. Het laatste gedeelte gaat over de APV wijziging die bij kleine evenementen tot 250 bezoekers de vergunningplicht wegnemen. We juichen dit toe, daar het gehoor geeft aan onze oproep het voor kleinere buurtevenementen makkelijker te maken iets te organiseren in de stad. Wel bevelen we aan een maximum te stellen aan het tegelijk te houden evenementen per locatie omdat dit nog niet in de APV geregeld is. Wel adviseren we een uitzondering op te nemen voor het Vondelpark, Sarphatipark, het Marie Heinekenplein en het Olympiaplein. Deze parken en pleinen zijn dusdanig druk bezocht of klein van omvang dat het niet wenselijk is daar kleine evenementen te stimuleren. We vinden het goed dat de totale oppervlakte van de geplaatste objecten wordt gelimiteerd. Wel vinden we de bovengrens van 25 vierkante meter beperkt. Met een partytent of een springkussen heb je daarmee bijvoorbeeld geen plaats meer om zitplekken te creëren en tafels te plaatsen waaraan mensen kunnen zitten. Tot slot: eerder hebben we geadviseerd huur te rekenen voor de locatie bij wijze van compensatie voor het onttrekken van openbare ruimte aan de stad.

In andere woorden: evenementen die niet volledig gratis en voor iedereen toegankelijk zijn zouden een huurprijs moeten betalen voor het houden van een evenement. Het dagelijks bestuur heeft daar eerder op gereageerd dat over het beprijzen van de openbare ruimte nog moet worden besloten. Wij zijn erg benieuwd wanneer

Pagina 15 van 64

daarover besloten gaat worden, in welk kader, en in welk stadium de stadsdeelcommissie hierbij betrokken gaat worden.

Definitief advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders

Locatieprofielen Bij de evaluatie van de huidige locatieprofielen bleek dat een aantal profielen aangepast dienen te worden om een juiste balans te creëren tussen de evenementen en de gevolgen voor omwonenden en gebruikers van de locatie. De totstandkoming van de nieuwe profielen heeft in samenwerking met het stadsdeel plaatsgevonden. 1. Wordt met de nieuwe invulling van locatieprofielen balans gevonden tussen levendigheid en gebruik van de locatie voor evenementen en de waarborging van het leefmilieu? Antwoord: De nieuwe invulling zorgt voor een betere balans. De input van de stadsdeelorganisatie in de locatieprofielen is goed verwerkt. Wel is het van belang om de mogelijkheid te behouden tot het tussentijds (bijvoorbeeld jaarlijks) wijzigen van de locatieprofielen. Locatieprofielen zijn gebaseerd op een omgeving. Die omgeving verandert echter door de stedelijke vernieuwing, bouw van woningen. Het locatieprofiel en de gewenste aantallen en type evenementen zijn dan gebaseerd op een situatie die niet meer actueel is. 2. Is het instrument ‘locatieprofielen’ in voldoende mate effectief in het kader van vergunningverlening? Antwoord: De locatieprofielen zijn goed hanteerbaar in het kader van de vergunningverlening. Wel moet rekening worden gehouden met de schaarse vergunningen die het gevolg zijn van de locatieprofielen c.q.

de verdeling van de evenementen tussen verschillende organisatoren. Duidelijk moet zijn dat de locatieprofielen leidend zijn, maar dat er ook, beargumenteerd, van afgeweken kan worden. Onze ervaring leert dat dit onvoldoende duidelijk is en voor consternatie zorgt. 3. Welke eventuele knelpunten en de daarbij horende oplossingen ziet het stadsdeelbestuur met de aanpassing van locatieprofielen? Antwoord: Ten aanzien van het Olympisch Stadion en Gerschwinplein vraagt het DB om nog eens goed te kijken of het laten vervallen van het onderscheid tussen klein en middelgroot hier geen ongewenste gevolgen heeft. Het totaal aantal evenementen op deze terreinen zijn nu gelimiteerd. Klein en middelgroot is niet langer apart in aantal opgenomen. Handhavingsstrategie Uit de evaluatie van het evenementenbeleid is gebleken dat de kwaliteit van de uitvoering verbeterd moet worden. Op het gebied van handhaving wordt een professionaliseringslag gemaakt. Hiervoor wordt een handhavingsstrategie vastgesteld waarin een eenduidig stedelijk kader voor het sanctioneren van overtredingen op Evenementenvergunningen wordt ontwikkeld. 1. Is de uitvoeringsstrategie hanteerbaar voor VTH Bouw & Gebruik? Antwoord: De wens voor een stedelijk handhavingsstrategie evenementen was erg groot.

In lijn met handhavingsstrategie horeca en handhavingsstrategie geluid verwacht het dagelijks bestuur dat de handhavingsstrategie evenementen positief effect zal hebben op handhaving van overtredingen tijdens evenementen. Ook het stedelijk c.q. eenduidig handhaven en sanctioneren betekent een grote vooruitgang. 2. Op welke manieren kunnen geregistreerde overtredingen te zien zijn voor alle stadsdelen en hoe dient de aanlevering hiervan te geschieden? Antwoord: Het bestuur van Amsterdam wil een effectieve en efficiënte uitvoering van de taken van VTH. Bovenstaande vraag is naar het oordeel van het stadsdeelbestuur geen bestuurlijke vraag. Wel is het belang dat overtredingen

Pagina 16 van 64

voor alle stadsdelen op niveau van organisatoren wordt vastgelegd zodat informatie tussen stadsdelen sneller en makkelijker uitgewisseld kan worden. 3. Is het wenselijk om in de handhavingsmatrix de mogelijkheid op te nemen (naast de reeds opgenomen herstelsancties) tot het opleggen van een bestuurlijke boete aan organisatoren van evenementen die illegaal, zonder vergunning of melding, worden georganiseerd? Antwoord: Het is in ieder geval wenselijk dat die optie er is. Over het gebruik dient dan afstemming plaats te vinden. Bij sommige overtredingen is een herstelsanctie wellicht onvoldoende of ontoereikend. Of ‘het kwaad is al geschied’. In dat soort gevallen kan een bestuurlijke boete uitkomst bieden. 4. Welke eventuele knelpunten en de daarbij horende oplossingen ziet het stadsdeelbestuur met het vaststellen van de handhavingsstrategie? Antwoord: Bij organisatoren die in meerdere stadsdelen evenementen organiseren moet goed bijgehouden worden welke overtredingen er zijn geconstateerd en welke stappen er al zijn opgelegd. Dat is een voorwaarde voor het goed toepassen van de handhavingsstrategie. Dit raakt aan hetgeen gesteld is in vraag 2. APV-wijziging Om de drempel voor kleine lokale initiatieven te verlagen en meer buurtgerichte evenementen te stimuleren, wordt de vergunningsplicht voor evenementen verhoogd van 100 naar 250 bezoekers.

Door deze wijziging vallen de legeskosten weg en kunnen organisatoren hun evenement melden en moet voldaan worden aan algemene regels op het gebied van geluid, ruimtegebruik en veiligheid. Graag willen wij de volgende vragen aan het stadsdeelbestuur voorleggen: 1. Is het wijzigen van de meldingsplicht uitvoerbaar vanuit het oogpunt van vergunningverlening, toezicht en handhaving? Antwoord: Als eerste willen wij erop wijzen dat het dagelijks bestuur van Zuid aan de burgemeester en stadsdeelvoorzitters eerder heeft aangegeven niet positief te staan tegenover het verhogen van vergunningplicht. Zie ook ons antwoord op vraag 2 en 3. Nu dat wel besloten is, gaat het om de uitvoering, waar wij een aantal punten willen benoemen. Daarnaast willen wij de kanttekening maken dat er op dit moment speciale regels voor evenementen gelden in verband met Corona. Het is de vraag of het in deze tijd verstandig is, om de eventuele verhoging van het aantal bezoekers voor vergunningsplicht door te voeren. Ook lijkt het verstandig ervaringen uit deze periode eerst nog te betrekken bij het opstellen van de nieuwe regels. Vanuit het oogpunt van vergunningverlening is het uitvoerbaar. De melding dient echter alsnog beoordeeld te worden of deze voldoet aan de voorwaarden.

- En er dient een keuze gemaakt te worden of behandeling plaatsvindt door het Stadsloket of team Vergunningen APV van VTH, waarbij deskundigheid een voorwaarde is. VTH zal altijd betrokken zijn bij het proces van het Stadsloket als onderdelen van de melding door hen worden voorgelegd aan de vergunningverleners van VTH en voor advisering vanuit toezicht en handhaving. Van belang zijn voldoende ‘duidelijke’ voorschriften opnemen in de toestemmingsbrief. Zo ontbreekt nu enig voorschrift voor het plaatsen van een spring-/luchtkussen. Het is een zeer gewenst onderdeel van evenementen (die gemeld kunnen worden) en in de toestemmingsbrief zijn hiervoor geen voorschriften opgenomen. Afgelopen jaren hebben meerdere incidenten plaatsgevonden met springkussens, hetzij door verkeerd gebruik hetzij door het ontbreken van toezicht door de organisator. Er kan dus sprake zijn van fysieke risico’s. -Meer druk op toezicht en handhaving: Verhoging van de drempel voor het aanvragen van een evenementenvergunning van 100 naar 250 bezoekers kan leiden tot een toename van buurtgerichte evenementen tegen geringere kosten. Redenerend vanuit de organisatoren van deze evenementen is dat wenselijk. Wel blijft het wenselijk om dit effect ook te monitoren omdat niet zeker is of dit in de praktijk ook zo zal uitpakken. Het is daarom van belang dat locatieprofielen tussentijds kunnen worden aangepast.

Pagina 17 van 64

- Voor locaties waar geen profiel is opgesteld zijn er geen belemmeringen om gelijktijdig meerdere evenementen met een bezoekersaantal tot 250 deelnemers te houden. Het zou kunnen leiden tot ongewenste situaties . Het dagelijks bestuur van Zuid adviseert om onderzoek te doen naar locaties waar dit tot een ongewenst effect zou kunnen leiden en deze van de meldingsplicht uit te sluiten. Het is het goed om te realiseren dat VTH een keten van activiteiten uitvoert. Vergunningverlening, toezicht en handhaving zijn gericht op veilige evenementen die een aanvaardbare impact hebben op de omgeving. Uitbreiding van meldingsplicht leidt o.i. tot een toename van werkzaamheden voor het toezicht om te controleren of de organisator zich houdt aan regels. Beïnvloeding op gedrag vanuit vergunningverlening stopt c.q. neemt af. Voor deze extra werkzaamheden vanuit toezicht is dan in feite geen dekking omdat de leges voor het verlenen van de vergunning wegvallen. En de druk op het toezicht is al groot, niet in de laatste plaats door Corona en het toezicht op de noodverordening. Redenerend vanuit een gelijkblijvende capaciteit kan deze maatregel dus gepaard gaan met een afname van inzet op andere thema’s. De handhavingsstrategie is ook van toepassing op meldingen. Voor het team Vergunningen van VTH is het effect dat het aantal vergunningen dat in behandeling wordt genomen afneemt.

Voor het stadsloket zouden de aanvragen toenemen. Voor beide afdelingen heeft dit consequenties voor de (inzet van de) capaciteit.

2. Zijn er locaties waar het hanteren van de (verhoging van de) meldingsplicht niet zou moeten gelden en waar alleen een evenement gehouden kan worden met een vergunning, ongeacht het aantal bezoekers? Antwoord: De wens is vooral om te zorgen dat kleinschalige buurtgerichte evenementen die een bindend karakter hebben gemakkelijker georganiseerd kunnen worden. Het stadsdeelbestuur maakt zich zorgen of met het verhogen van de meldingsplicht dit effect wordt bereikt of dat de druk op de openbare ruimte op pleinen (denk aan de Oude Pijp en parken in stadsdeel Zuid niet enorm zal toenemen met voornamelijk bezoekers afkomstig uit andere delen van de stad. 250 mensen is voor veel situatie een te grote belasting. Het stadsdeelbestuur wil op voorhand een uitzondering voor het Beatrixpark, het Amstelpark, Gijsbrecht van Aemstelpark, het Martin Luther Kingpark, het Sarphatipark, het Marie Heinekenplein en het Olympiaplein. Het is het van belang om de mogelijkheid te behouden tot het tussentijds (bijvoorbeeld jaarlijks) wijzigen van de meldingsplicht. 3. Welke eventuele knelpunten en de daarbij horende oplossingen ziet het stadsdeelbestuur met het wijzigen van de meldingsplicht? Antwoord: Balans tussen levendigheid en gebruik van de locatie voor evenementen en de waarborging van het leefmilieu ontstaat door maatwerk, ook bij evenementen met lagere bezoekersaantallen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9639385/1