Aanvullend raadsadres geluidsnormen en gehoorschade
Tekst van het document
Van: Verzonden: woensdag 29 april 2026 11:13 Aan: Onderwerp: Aanvulling op raadsadres: geluidsnormen en gehoorschade Aanvulling op raadsadres: inconsistentie in toepassing van de Arbowet Geachte leden van de gemeenteraad, geachte fracties, Aanvullend op mijn eerdere raadsadres, d.d. 26 april 2026, wil ik uw aandacht vestigen op een opvallende en moeilijk uitlegbare inconsistentie in het gemeentelijk beleid. Recent heeft de gemeente Amsterdam besloten om per 1 juni 2026 te stoppen met de zogenoemde tilservice voor rolstoelgebruikers. Dit besluit, onder meer toegelicht in Het Parool van 9 april 2026 (“Amsterdam stopt met tilservice voor rolstoelgebruikers”), is expliciet gebaseerd op een Arbo-afweging. De kern van dat besluit is helder: • Het tillen van mensen wordt als te zwaar en onveilig voor personeel beschouwd • Er zijn daarnaast ook risico’s voor de cliënten zelf • De gemeente stelt dat de Arbowet geen ruimte laat om deze werkzaamheden voort te zetten Met andere woorden: bij fysieke belasting van personeel grijpt de gemeente strikt in op basis van arbeidsveiligheid. Dat maakt het des te opmerkelijker dat bij evenementenbeleid een totaal andere lijn lijkt te worden gevolgd.
Daar worden namelijk geluidsniveaus vergund van 90 tot 105 dB, terwijl: • vanaf 80 dB al beschermende maatregelen verplicht zijn • vanaf 85 dB structurele blootstelling actief moet worden beperkt • en boven 100 dB sprake is van direct risico op gehoorschade Bron: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/arbeidsomstandigheden/geluid-op-dewerkplek Dit leidt tot een fundamentele vraag over consistent bestuur: Waarom hanteert de gemeente Amsterdam de Arbowet strikt en beperkend bij fysieke belasting zoals tilwerk, maar laat zij bij structurele blootstelling aan schadelijk geluid wél ruimte voor risico’s, niet alleen voor werknemers, maar ook voor bezoekers en omwonenden? De vergelijking is scherp, maar gerechtvaardigd: • Bij tilwerk wordt risico voor personeel onaanvaardbaar geacht en beëindigd • Bij evenementen wordt blootstelling aan potentieel schadelijke geluidsniveaus toegestaan en gefaciliteerd Daarmee ontstaat het beeld dat: • arbeidsveiligheid selectief wordt toegepast • en dat economische en evenementbelangen in dit dossier zwaarder wegen dan gezondheidsbescherming Dit roept aanvullende vragen op: • Op basis van welke criteria wordt bepaald wanneer de Arbowet leidend is en wanneer deze feitelijk wordt gerelativeerd? • Hoe wordt richting werknemers in de evenementensector gemotiveerd dat zij wél langdurig aan deze geluidsniveaus mogen worden blootgesteld? • Hoe verhoudt
dit beleid zich tot de zorgplicht van de gemeente richting bezoekers en bewoners, die geen enkele arbeidsrechtelijke bescherming genieten?
De recente beslissing rond de tilservice laat zien dat de gemeente in staat is om harde keuzes te maken wanneer arbeidsveiligheid in het geding is. Juist daarom is het moeilijk te begrijpen waarom bij evenementen een wezenlijk ander risicokader wordt gehanteerd. Kunt u uitleggen waarom de ene vorm van aantoonbaar gezondheidsrisico leidt tot directe beëindiging van beleid, terwijl de andere actief wordt vergund? Deze inconsistentie raakt direct aan de geloofwaardigheid van het gemeentelijk gezondheidsen veiligheidsbeleid. Ik verzoek u deze vergelijking expliciet te betrekken bij de heroverweging van het evenementenbeleid. Met belangstelling zie ik uw reactie tegemoet. Hoogachtend, Amsterdam