CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

A - 50 Openbare Orde en Veiligheid (4) Evaluatierapport onderzoek wapencontr

RAAD 17 februari 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van het evaluatierapport van de proef gerichte wapencontroles en de bevindingen van de driehoek VN2022-00204210.596 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Onderzoek naar de pilot wapencontroles Onderzoek, Informatie en Statistiek

1

In opdracht van: directie Openbare Orde en Veiligheid Projectnummer: 21132 Auteur: Nathalie Hesseling en Sara de Wilde (m.m.v. van Harry Smeets en Isabel van Winsen) E-mailadres: Nathalie.Bosman@amsterdam.nl, S.Wilde@amsterdam.nl Bezoekadres: Weesperstraat 113-117 Telefoon: 020 251 0333 Postbus 658, 1000 AR Amsterdam data.amsterdam.nl Amsterdam, november 2021 Foto voorzijde: Amsterdamse Poort, fotograaf Edwin van Eis (2018)

2

Inhoud

Samenvatting

4

Inleiding

8

Opbrengsten van de wapencontroles, klachten en input stadsdelen Methode en respons onderzoek burgerwaarnemers Methode en respons onderzoek bewoners/frequente bezoekers Rapportage

9 10 10 12

1 Opbrengsten wapencontroles, klachten en input stadsdelen

13

1.1 Opbrengsten 1.1.1 Achtergrondkenmerken gecontroleerden 1.1.2 Gecontroleerde voertuigen en bagage 1.1.3 Reacties gecontroleerden 1.1.4 Aangetroffen wapens en bijvangst 1.1.5 Achtergrondkenmerken gecontroleerden met wapen 1.2 Klachten 1.3 Input stadsdelen

13 13 15 15 16 18 20 20

2 Uitkomsten enquête burgerwaarnemers 2.1 Achtergrondkenmerken burgerwaarnemers 2.2 Ervaringen tijdens de wapencontroles 2.3 Wat ging goed en wat zijn verbeterpunten

3 Uitkomsten enquête bewoners en frequente bezoekers 3.1 Bekendheid met de wapencontroles 3.2 Invloed van de wapencontroles op veiligheidsbeleving in de wijk 3.3 Mening over wapencontroles 3.4 Respondenten die zelf zijn gecontroleerd tijdens een wapencontrole

22 22 23 26

27 27 28 30 32

3

Samenvatting

In september 2021 zijn als proef wapencontroles door de politie uitgevoerd in vijf Amsterdamse wijken:  Bijlmer Centrum (Zuidoost)  Burgwallen Nieuwe Zijde (Centrum)  Geuzenveld (Nieuw-West)  Dapperbuurt (Oost)  Waterlandpleinbuurt (Noord) Deze wijken zijn door de Amsterdamse driehoek vastgesteld op basis van een aantal criteria:  Een relatief hoog aantal door de politie geregistreerde incidenten waarbij een wapen is gebruikt of sprake was van wapenbezit.  Een relatief hoge mate van ervaren onveiligheid.  Een relatief hoge mate van zelf gerapporteerd slachtofferschap van geweld. Met deze proef wil de Amsterdamse driehoek onderzoeken of wapencontroles helpen tegen wapenbezit en tegen geweld met wapens. Een tweede doel is om te onderzoeken of deze controles bewoners van de wijken een veiliger gevoel geven.1 De politie heeft op drie actiedagen per wijk passanten gecontroleerd op verboden wapenbezit. Het gaat daarbij om verboden wapenbezit op basis van de Wet Wapens en Munitie (WWM) en op basis van het messenverbod Algemene Plaatselijke Verordening2 (APV). Tijdens de proef zijn deze wijken aangewezen als Veiligheidsrisicogebieden en is er een messenverbod ingesteld in de gebieden waar dit niet al permanent geldt, waardoor de politie er mocht controleren op wapenbezit.

Burgerwaarnemers konden mee tijdens alle actiedagen om te zien hoe de controles verliepen en om kijken of de personen die werden gecontroleerd willekeurig werden gekozen. De directie Openbare Orde en Veiligheid (OOV) heeft Onderzoek, Informatie en Statistiek (OIS) gevraagd om te onderzoeken wat de bewoners en frequente bezoekers vinden van de wapencontroles in de betreffende wijken en of zij zich door de controles meer of minder veilig voelen. Ook heeft OOV aan OIS gevraagd om de ervaringen van de burgerwaarnemers in kaart te brengen en de door politie bijgehouden resultaten van de wapencontroles (hoeveel wapens zijn er in beslag genomen, reacties van gecontroleerde mensen etc.) en eventuele klachten die zijn binnengekomen naar aanleiding van een wapencontrole toe te voegen aan het onderzoeksrapport.

1 Bron: https://www.amsterdam.nl/wonen-leefomgeving/veiligheid/proef-wapencontroles/ 2 De burgemeester heeft op grond van artikel 2.5 van de Algemene Plaatselijke Verordening de bevoegdheid een

gebied aan te wijzen waar een algeheel verbod geldt op de aanwezigheid van messen en andere (steek)wapens (‘messenverbod’). Het messenverbod heeft geen betrekking op (steek)wapens die al verboden zijn op grond van de Wet Wapens en Munitie. Zie voor meer informatie: https://www.amsterdam.nl/wonenleefomgeving/veiligheid/overlastgebieden/gebieden-messenverbod/.

4

Werkwijze tijdens de proef De proef met wapencontroles vond plaats tussen 1 en 30 september 2021. De controles vonden plaats tijdens middag/avondshifts van de politie (van 13:30 tot 23:00, inclusief briefing en debriefing). Tijdens de controles waren meestal drie koppels (agenten), een coördinator en een veiligsteller aanwezig.3 Een koppel agenten bestond uit een mannelijke en een vrouwelijke agent. Bij samenstelling van de koppels heeft de politie Amsterdam ook zorg gedragen voor andere vormen van diversiteit. Tijdens één controledag in een wijk konden er meerdere locaties bezocht worden binnen de wijk. In bijlage 1 is te vinden op welke locaties binnen de wijken de controles plaatsvonden. Tijdens elke controledag/locatie werd een aselecte controlesystematiek toegepast waarbij elke zoveelste passant werd gecontroleerd. Wel kon de systematiek variëren per moment of locatie, bijvoorbeeld door verschil in drukte op de locaties. Kinderen jonger dan 12 jaar, gezinnen en personen ouder dan 65 jaar werden niet gecontroleerd. bron: Politie Eenheid Amsterdam

Opbrengsten van de wapencontroles De politie heeft tijdens de actiedagen de opbrengsten en bevindingen van de controles bijgehouden in rapportages, die OIS na afloop van elke controledag heeft ontvangen.  Tijdens de vijftien controledagen (drie controledagen per wijk) zijn in totaal 2.368 passanten gecontroleerd. Van alle gecontroleerden is 65% man en 33% vrouw. Relatief gezien behoren de meeste gecontroleerde personen tot de leeftijdscategorie 21-30 jarigen (35%), gevolgd door 12-20 jarigen (20%) en 31-40 jarigen (17%).  De meeste gecontroleerde personen waren lopend (45%) of met de auto (40%) in het gebied. De politie heeft tijdens de actiedagen 552 auto’s doorzocht en 599 tassen en 406 rugtassen gecontroleerd.  De meeste gecontroleerden (79%) reageerden volgens de politie beleefd toen zij werden gecontroleerd, 16% had een neutrale reactie. Enkele tientallen reageerden brutaal, boos of dreigend.  In totaal zijn bij 77 gecontroleerde personen (3% van het totaal aantal gecontroleerden) een of meerdere wapens aangetroffen. In elk gebied is bij 4% van het totaal aantal gecontroleerden een of meerdere wapens aangetroffen, behalve in Bijlmer-Centrum: daar ging het om 1% van het totaal aantal gecontroleerden.  In totaal zijn er 100 wapens aangetroffen, waarvan 84 wapens onder de APV vallen en 16 wapens onder de WWM.

Van de 84 wapens die zijn aangetroffen en onder de APV vallen, betrof het in de meeste gevallen messen die niet verboden zijn in de WWM (zoals een keukenmes, zakmessen, aardappelschilmessen en schroevendraaiers). Van de 16 wapens die zijn aangetroffen en onder de WWM vallen, ging het in de meeste gevallen om pepperspray, boksbeugels en ploertendoders. Bij de wapencontroles zijn geen vuurwapens aangetroffen.  Van de 77 gecontroleerden waarbij een wapen is aangetroffen, betrof het in 81% van de gevallen een man en in 19% van de gevallen een vrouw. Twee op de vijf gecontroleerden 3 Bij de volgende controles is van deze samenstelling afgeweken:

- Burgwallen-Nieuwe Zijde 4 september. Bij de controle waren een hulpofficier van justitie en twee extra koppels aanwezig. Aan het basisteam was één persoon aanwezig als recherche ondersteuning. - Burgwallen-Nieuwe Zijde 23 september. Er was een extra fouilleerkoppel aanwezig. - Waterlandpleinbuurt 18 september. Door meerdere aanhoudingen tijdens de controle is de politie ter plaatse met minder mensen aanwezig geweest. De controle heeft wel doorgang gevonden, maar met minder koppels. - Waterlandpleinbuurt 24 september. Er was een motorrijder aanwezig voor ondersteuning van het uit het verkeer halen van voertuigen.

5

met een wapen (40%) hadden de leeftijd van 21-30 jaar, 23% de leeftijd 51-65 jaar en 14% was 31-40 jaar. De achtergrondkenmerken van de gecontroleerden die een wapen bij zich droegen, zijn afgezet tegen de achtergrondkenmerken van alle gecontroleerden. Van alle mannelijke gecontroleerden had 4% een of meerdere wapens bij zich, onder de gecontroleerde vrouwen was dit 2%. Daarnaast had 1% onder de 12-20 jarigen een of meerdere wapens bij zich. Dit was 4% onder 21-30 jarigen, 3% onder 31-40 jarigen, 3% onder 41-50 jarigen en 6% onder de 51-65 jarigen. Tijdens de controleperiode en kort daarna (1 september tot en met 6 oktober) zijn er via politie.nl en het landelijke e-mailadres van de politie geen klachten binnengekomen over de wapencontroles of gedragingen van politieambtenaren tijdens de wapencontroles. Bij de gemeente Amsterdam (directie OOV) is op 30 september wel een klacht binnengekomen over een ervaring tijdens de wapencontroles en de gedraging van de politieambtenaren tijdens deze controle.

Enquête onder burgerwaarnemers Tijdens de controles konden burgerwaarnemers mee om te zien hoe de controles verliepen. Na afloop van de controledag hebben de 37 aanwezige burgerwaarnemers die aanwezig waren een e-mail van OIS ontvangen met een (korte) vragenlijst. De vragenlijst werd door 32 waarnemers ingevuld.  De meeste burgerwaarnemers (91%) waren (zeer) positief over het algehele functioneren van de politie tijdens de controles en over de duidelijkheid van de mededeling waarom mensen werden gecontroleerd. Driekwart was positief over de reacties van de gecontroleerden en 65% was positief over de sfeer in de (directe) omgeving tijdens de controle.  De meeste burgerwaarnemers (81%) zijn het helemaal eens met de stelling ‘tijdens de wapencontroles heeft de politie de gecontroleerde personen rustig, respectvol en correct benaderd’. Eén op de acht (13%) is het eens met deze stelling en 6% is het er niet mee eens en niet mee oneens.  De meerderheid van de burgerwaarnemers (85%) geeft aan dat de wapencontroles willekeurig werden uitgevoerd, volgens enkelen (6%) was hier geen sprake van en 9% kon dit niet beoordelen of gaf geen antwoord op de vraag.  In een open vraag is aan de burgerwaarnemers gevraagd wat zij goed vonden gaan tijdens de controles en wat zij als tip voor verbetering zouden geven.

Volgens de burgerwaarnemers werden de controles professioneel uitgevoerd, er werd duidelijk uitgelegd door agenten aan gecontroleerden wat er plaatsvond, er werd goed gecommuniceerd en binnen de kaders gewerkt (selectie was willekeurig waarbij rekening werd gehouden met uitzonderingen/personen die niet binnen de doelgroep vielen).  Als tips voor verbeteringen geven de burgerwaarnemers op hoofdlijnen aan dat er gerichtere controles moeten plaatsvinden, dat er andere locaties moeten worden gekozen voor het plaatsvinden van de controles, dat er soms duidelijkere afspraken moeten worden gemaakt over hoe er wordt geteld qua passanten, dat er een bord moet worden geplaatst met daarop dat er wordt gecontroleerd in het gebied en dat de teams die de controles uitvoeren diverser mogen zijn qua samenstelling (op zowel achtergrondkenmerken als functie; bijvoorbeeld door ook stadsdeelmedewerkers, handhavers en straatcoaches in te zetten). 6

Enquête onder bewoners en bezoekers Tussen 23 september en 23 oktober 2021, kort nadat de wapencontroles hadden plaatsgevonden, heeft OIS onder in totaal 767 bewoners en frequente bezoekers uit de vijf wijken face-to-face een enquête afgenomen.  43% van de ondervraagden wist (al voor de enquête) dat er wapencontroles hadden plaatsgevonden in het gebied. 57% wist dit niet.  De meeste ondervraagden voelen zich in wijk waar zij zijn geënquêteerd zelden of nooit onveilig op straat (83%). Daarentegen voelt 16% zich soms of vaak onveilig in de wijk.  56% geeft aan dat de wapencontroles geen invloed hebben op hun gevoel van veiligheid in de wijk; 33% zegt zich veiliger te voelen in de wijk door de wapencontroles en 7% voelt zich er juist onveiliger door in de wijk, 4% gaf geen antwoord of weet het niet.  70% is voorstander van wapencontroles in de wijk waar zij geënquêteerd werden, 17% is neutraal, 10% is tegen en 3% gaf geen antwoord/weet het niet. Dat verschilt niet sterk van hoe men aankijkt tegen wapencontroles in het algemeen.  Voorstanders noemen het vaakst als argument dat zij zich veiliger voelen doordat de wapencontroles plaatsvinden (genoemd door 37% van de voorstanders), gevolgd door het argument dat de controles zullen zorgen voor minder wapenbezit (25%) en dat de overheid met de controles een signaal geeft dat wapenbezit niet mag in Nederland (22%).

Ook andere argumenten werden genoemd, maar minder vaak.  Tegenstanders lichten hun standpunt het vaakst toe met het argument dat dergelijke controles niet objectief/willekeurig zijn (genoemd door 23% van de tegenstanders), wat veelal wordt toegelicht met (hun zorg over) etnisch profileren. Daarna werd het vaakst genoemd dat wapencontroles niet werken/niet leiden tot minder (ernstige) criminaliteit (door 21% genoemd) en dat wapencontroles zorgen voor schijnveiligheid; problemen rondom wapenbezit worden hiermee niet opgelost (19%). Ook andere argumenten werden genoemd, maar minder vaak.  17 van de 767 respondenten zijn zelf gecontroleerd tijdens een van de controledagen. Negen van hen hadden het gevoel dat zij evenveel kans hadden om te worden gecontroleerd als anderen die op die plek waren, zeven van hen hadden het gevoel dat dit niet zo was en één gaf hierop geen antwoord.  Van de 17 gecontroleerde respondenten vonden 11 het contact met de politie toen zij werden gecontroleerd (heel) goed. Drie vonden het niet goed, maar ook niet slecht en nog eens drie vonden het contact (heel) slecht.

7

Inleiding

In september 2021 zijn als proef in vijf Amsterdamse wijken wapencontroles door de politie uitgevoerd. Met deze proef wil de Amsterdamse driehoek onderzoeken of wapencontroles helpen wapenbezit en geweld met wapens tegen te gaan. Een tweede doel is om te onderzoeken of deze controles bewoners van de wijken een veiliger gevoel geven.4 De politie heeft op drie actiedagen per wijk passanten gecontroleerd op verboden wapenbezit. Het gaat daarbij om verboden wapenbezit op basis van de Wet Wapens en Munitie (WWM) en op basis van het messenverbod Algemene Plaatselijke Verordening5 (APV). De vijf wijken zijn door de Amsterdamse driehoek vastgesteld op basis van de volgende criteria6:  Een relatief hoog aantal door de politie geregistreerde incidenten waarbij een wapen is gebruikt of sprake was van wapenbezit.  Een relatief hoge mate van ervaren onveiligheid.  Een relatief hoge mate van zelf gerapporteerd slachtofferschap van geweld.

Op basis hiervan heeft de Amsterdamse driehoek de volgende wijken vastgesteld voor de gerichte wapencontroles:  Bijlmer Centrum (Zuidoost)  Burgwallen Nieuwe Zijde (Centrum)  Geuzenveld (Nieuw-West)  Dapperbuurt (Oost)  Waterlandpleinbuurt (Noord) Tijdens de proef zijn deze wijken aangewezen als Veiligheidsrisicogebieden en is er een messenverbod ingesteld in de gebieden waar dit niet al permanent geldt, waardoor de politie er mocht controleren op wapenbezit. Tijdens alle actiedagen konden burgerwaarnemers mee om te zien hoe de controles verliepen en om kijken of de personen die werden gecontroleerd willekeurig werden gekozen.7 De directie OOV heeft aan Onderzoek, Informatie en Statistiek (OIS) gevraagd om te onderzoeken wat de bewoners en frequente bezoekers van de wapencontroles in de betreffende wijken vinden en of zij zich door de controles meer of minder veilig voelen. Ook heeft OOV aan OIS gevraagd om de ervaringen van de burgerwaarnemers in kaart te brengen. Daarnaast heeft de politie bijgehouden wat de concrete resultaten zijn van de wapencontroles (hoeveel wapens 4 Bron: https://www.amsterdam.nl/wonen-leefomgeving/veiligheid/proef-wapencontroles/ 5 De burgemeester heeft op grond van artikel 2.5 van de Algemene Plaatselijke Verordening de bevoegdheid een

gebied aan te wijzen waar een algeheel verbod geldt op de aanwezigheid van messen en andere (steek)wapens (‘messenverbod’). Het messenverbod heeft geen betrekking op (steek)wapens die al verboden zijn op grond van de Wet Wapens en Munitie. Zie voor meer informatie: https://www.amsterdam.nl/wonenleefomgeving/veiligheid/overlastgebieden/gebieden-messenverbod/. 6 Raadsbrief Uitwerking proef gerichte wapencontroles d.d., maart 2021. Te vinden via: https://amsterdam.raadsinformatie.nl/document/10181826/1/A%20%2022%20Openbare%20Orde%20en%20Veiligheid%20(4)%20Brief%20gemeenteraad%20uitwerking%20proef%2 0G 7 Tijdens sommige controledagen zijn ook waarnemers vanuit de politiebonden aanwezig geweest. Ervaringen van de politiewaarnemers zijn niet meegenomen in deze rapportage.

8

zijn er in beslag genomen, hoe gecontroleerde mensen reageren, etc.) en of er klachten zijn binnengekomen van burgers. OOV heeft aan OIS gevraagd om deze informatie van de politie toe te voegen aan het onderzoeksrapport. Werkwijze tijdens de proef De proef met wapencontroles vond plaats tussen 1 en 30 september 2021. De controles vonden plaats tijdens middag/avondshifts van de politie (van 13:30 tot 23:00, inclusief briefing en debriefing). Tijdens de controles waren meestal drie koppels (agenten), een coördinator en een veiligsteller aanwezig.8 Een koppel agenten bestond uit een mannelijke en een vrouwelijke agent. Bij samenstelling van de koppels heeft de politie Amsterdam ook zorg gedragen voor andere vormen van diversiteit. Tijdens één controledag in een wijk konden er meerdere locaties bezocht worden binnen de wijk. In bijlage 1 is te vinden op welke locaties binnen de wijken de controles plaatsvonden. Tijdens elke controledag/locatie werd een aselecte controlesystematiek toegepast waarbij elke zoveelste passant werd gecontroleerd. Wel kon de systematiek variëren per moment of locatie, bijvoorbeeld door verschil in drukte op de locaties. Kinderen jonger dan 12 jaar, gezinnen en personen ouder dan 65 jaar werden niet gecontroleerd. bron: Politie Eenheid Amsterdam

Opbrengsten van de wapencontroles, klachten en input stadsdelen De politie heeft tijdens de actiedagen een aantal opbrengsten en bevindingen van de controles bijgehouden: 1. Tijdens de controles hadden agenten turflijsten mee die voor elke gecontroleerde werd ingevuld (zie bijlage 2). Zo is bijvoorbeeld bijgehouden of er een wapen is aangetroffen en hoe de gecontroleerde persoon reageerde. Na elke controledag maakte de politie een rapportage op met daarin totalen van de turflijsten van die dag. OIS heeft deze rapportages ontvangen van de politie en verwerkt in het voorliggende rapport. 2. De politie heeft bijgehouden of bij hen klachten zijn binnengekomen naar aanleiding van de wapencontroles. Klachten bij de politie worden gedaan via politie.nl en komen op één plek terecht, namelijk bij het landelijke e-mailadres van de politie. De politie heeft deze klachten gefilterd op eventuele klachten over de wapencontroles in Amsterdam. Daarbij is gekeken naar klachten vanaf het begin van de controles (1 september) tot en met een week na de controles (6 oktober). In deze periode zijn bij de politie geen klachten binnengekomen over de controles. Wel is bij de directie OOV een klacht binnengekomen die ging over een ervaring tijdens een wapencontroles.9 De aard van deze klacht wordt beschreven in dit rapport.

8 Bij de volgende controles is van deze samenstelling afgeweken:

- Burgwallen-Nieuwe Zijde 4 september. Bij de controle waren een hulpofficier van justitie en twee extra koppels aanwezig. Aan het basisteam was één persoon aanwezig als recherche ondersteuning. - Burgwallen-Nieuwe Zijde 23 september. Er was een extra fouilleerkoppel aanwezig. - Waterlandpleinbuurt 18 september. Door meerdere aanhoudingen tijdens de controle is de politie ter plaatse met minder mensen aanwezig geweest. De controle heeft wel doorgang gevonden, maar met minder koppels. - Waterlandpleinbuurt 24 september. Er was een motorrijder aanwezig voor ondersteuning van het uit het verkeer halen van voertuigen. 9 Algemene vragen, opmerkingen of klachten die de directie OOV kreeg over (de inzet van) het instrument wapencontroles – die dus niet te relateren zijn aan een specifieke wapencontrole - zijn niet meegenomen in de voorliggende rapportages.

9

Daarnaast heeft de burgemeester de stadsdeelvoorzitters uitgenodigd om eventuele initiatieven en signalen die bij hen bekend geworden zijn naar aanleiding van de wapencontroles te verzamelen zodat ze aan deze evaluatie konden worden toegevoegd. De directie OOV heeft deze uitvraag gedaan. Eén stadsdeel gaf input (Zuidoost). De directie OOV heeft deze input gedeeld met OIS en deze input is opgenomen in de voorliggende rapportage.

Methode en respons onderzoek burgerwaarnemers Tijdens elke controledag konden drie burgerwaarnemers mee met de politie om te zien hoe de controles verliepen.10 Voorafgaand aan de controles kon iedereen die dat wilde zich bij de directie OOV aanmelden als burgerwaarnemer. Uiteindelijk waren er meer aanmeldingen dan plaatsen voor burgerwaarnemers en werden burgerwaarnemers uitgenodigd voor een controle op basis van volgorde van aanmelding.11 Om de bevindingen van de burgerwaarnemers mee te nemen in de evaluatie, heeft OIS de burgerwaarnemers telkens enkele dagen na de controledag waarbij zij aanwezig waren per email een korte online enquête toegestuurd (de enquête is te vinden in bijlage 4). De waarnemers konden de enquête invullen tot en met 17 oktober 2021. Op 1 en 13 oktober zijn er herinneringen gestuurd naar burgerwaarnemers die de enquête tot dan toe nog niet ingevuld hadden. In tabel 1 is een overzicht van de aantallen (responderende) burgerwaarnemers per gebied te vinden. In totaal hebben 37 burgerwaarnemers met de controledagen meegelopen, 32 van hen (87%) hebben de enquête ingevuld. Tabel 1 Responsaantallen burgerwaarnemers, naar controlegebied aantal burgerwaarnemers dat aanwezig was

aantal respondenten

responspercentage

Bijlmer-Centrum

8

6

75

Burgwallen-Nieuwe Zijde

7

7

100

Dapperbuurt

8

7

88

Geuzenveld

7

6

88

Waterlandpleinbuurt

7

6

88

totaal

37

32

87

bron: Politie Eenheid Amsterdam/OIS

Methode en respons onderzoek bewoners/frequente bezoekers Zodra de controles in een wijk afgelopen waren, heeft OIS in de wijk face-to-face enquêtes afgenomen onder bewoners en frequente bezoekers van de wijk. Onder frequente bezoekers verstaan we mensen die minimaal één keer per maand in de wijk komen. In de enquête kwamen 10 Voor elke controle zijn drie burgerwaarnemers uitgenodigd. Een aantal keren meldde(n) een of meerdere

waarnemer(s) zich (kort voor de controle) af. Dit leidde er, ondanks pogingen van de politie om een andere burgerwaarnemer aan te laten aansluiten, soms toe dat niet bij elke controle drie burgerwaarnemers aanwezig waren. 11 Amsterdammers die zich hadden aangemeld als burgerwaarnemer kregen voorrang op mensen die niet uit Amsterdam kwamen.

10

onder meer het veiligheidsgevoel in de wijk en de invloed van wapencontroles daarop aan bod en is gevraagd of men voor of tegen wapencontroles is. In bijlage 7 is de gehele vragenlijst te vinden. Het face-to-face veldwerk vond plaats van 23 september tot en met 23 oktober. Het streven was om in elke wijk +/- 150 mensen te enquêteren, waarvan minimaal de helft bewoners. Het enquêteren vond plaats op en rond een groot deel van de locaties waar de controles hebben plaatsgevonden (zie bijlage 1), waarbij is gevarieerd tussen locaties en op verschillende dagen en tijdstippen is geënquêteerd. Tijdens het enquêteren werd elke derde passant aangesproken en uitgenodigd om mee te doen aan de enquête.12 In gebieden waar veel bezoekers komen was het beoogde aantal bezoekers sneller bereikt dan het beoogde aantal bewoners. In de eindfase van het veldwerk is daarom elke passant aangesproken en konden alleen bewoners nog meedoen aan de enquête.13 66% van de aangesproken passanten wilden niet meedoen aan het onderzoek. De andere 35%14 van de aangesproken passanten wilden meedoen aan de enquête, maar sommige bezoekers kwamen niet vaak genoeg in het gebied om mee te kunnen doen. Zonder deze niet-frequente bezoekers werd de vragenlijst uiteindelijk voor 32% van de aangesproken passanten volledig ingevuld; in totaal 767 bewoners en frequente bezoekers.

In onderstaande tabel 2 is een aantal kenmerken te zien van deze groep: tot welke doelgroep (bewoner/bezoeker) zij horen, in welke wijken zij zijn geënquêteerd en een verdeling naar geslacht, leeftijd en herkomst.

12 Door deze methode kon het ook voorkomen dat een aangesproken persoon ondernemer was in het gebied.

Ondernemers konden ook meedoen aan de enquête. 13 Alleen in gebied Burgwallen Nieuwe Zijde zijn, vanwege het grote aantal bezoekers, uiteindelijk meer bezoekers (90)

bevraagd dan bewoners (64). 14 De (non-)responspercentages tellen op tot 101% vanwege afronding.

11

Tabel 2 Responsoverzicht bewoners en bezoekers face-to-face enquête (abs., %) aantal

%

bewoners

454

59

bezoekers

309

40

ondernemers

4

1

totaal

767

100

Bijlmer Centrum

148

19

Burgwallen-Nieuwe Zijde

155

20

Dapperbuurt

158

21

Geuzenveld

157

21

Waterlandpleinbuurt

149

19

totaal

767

100

man

366

48

vrouw

399

52

anders

1

0

onbekend

1

0

totaal

767

100

tot en met 39 jaar

372

49

40 jaar en ouder

376

49

onbekend

19

3

totaal

767

100

geen migratieachtergrond

379

49

wel migratieachtergrond

373

49

onbekend

15

2

totaal

767

100

Rapportage Het voorliggende rapport bevat achtereenvolgend een cijferoverzicht van de opbrengsten van de controles en eventuele klachten, de input vanuit de stadsdelen, de uitkomsten van de enquête onder burgerwaarnemers en de uitkomsten van de enquête onder bewoners/frequente bezoekers. Bij dit rapport hoort een bijlage waarin onder meer de gebruikte vragenlijsten te vinden zijn maar ook extra tabellen en een overzicht van open antwoorden.

12

1 Opbrengsten wapencontroles, klachten en input stadsdelen

De politie heeft tijdens de controledagen de opbrengsten en bevindingen van de controles bijgehouden in rapportages, die OIS na afloop van elke controledag heeft ontvangen. In dit hoofdstuk wordt weergeven wat de opbrengsten zijn van de wapencontroles: hoeveel personen zijn gecontroleerd, wat zijn hun achtergrondkenmerken (geslacht en leeftijd), met welk vervoersmiddel waren zij in het gebied, wat waren de reacties van de gecontroleerden personen en hoeveel wapens zijn er aangetroffen? De tabellen geven een totaaloverzicht en een overzicht per wijk weer.15 In bijlage 3 zijn de aantallen per wijk en per controledag weergeven. Daarna wordt de binnengekomen klacht beschreven. Aan het eind van het hoofdstuk wordt de input vanuit de stadsdelen gepresenteerd.

1.1 Opbrengsten Tijdens de vijftien controledagen (drie controledagen per wijk) zijn in totaal 2.368 personen gecontroleerd. De aantallen gecontroleerden verschillen per wijk, zie tabel 1.1. Tabel 1.1 Aantal gecontroleerden, per wijk (abs.) aantal Bijlmer Centrum

520

Burgwallen-Nieuwe Zijde

758

Dapperbuurt

407

Geuzenveld

341

Waterlandpleinbuurt

342

totaal

2.368 bron: Politie Eenheid Amsterdam/bewerking OIS

1.1.1 Achtergrondkenmerken gecontroleerden Tijdens de controles zijn er 1.549 mannen gecontroleerd (65%) en 790 vrouwen (33%). Van 29 gecontroleerden (1%) is het geslacht niet genoteerd (tabel 1.2). Er is een aantal verschillen per wijk, zie tabel 1.2.

15 In enkele gevallen tellen percentages niet exact op tot 100% maar tot 99% of 101%. Wanneer dit het geval is, komt

dit door afronding van de percentages.

13

Tabel 1.2 Geslacht gecontroleerde personen, per wijk (abs., percentage) Bijlmer BurgwallenCentrum Nieuwe Zijde Dapperbuurt Geuzenveld

Waterlandpleinbuurt

totaal

aantal

%

aantal

%

aantal

%

aantal

%

aantal

%

aantal

%

man

374

72

471

62

254

62

226

66

224

65

1.549

65

vrouw

145

28

278

37

147

36

112

33

108

32

790

33

1

0

9

1

6

2

3

1

10

3

29

1

341 100

342

100

2.368

100

onbekend totaal

520 100

758 100

407 100

bron: Politie Eenheid Amsterdam/bewerking OIS

Na afloop van elke controle is de gecontroleerde persoon naar zijn of haar leeftijd gevraagd door de agent. De meeste mensen gaven hierop antwoord. Een enkeling wilde geen antwoord geven en daarop heeft de betreffende agent een inschatting gemaakt. Zo is het onderstaande overzicht (tabel 1.3) tot stand gekomen. Relatief gezien behoren de meeste gecontroleerde personen tot de leeftijdscategorie 21-30 jarigen (35%), gevolgd door 12-20 jarigen (20%) en 31-40 jarigen (17%). Er is een aantal verschillen per wijk, zie tabel 1.3. Tabel 1.3 Leeftijd gecontroleerde personen, per wijk (abs., percentage) Bijlmer BurgwallenCentrum Nieuwe Zijde Dapperbuurt Geuzenveld

Waterlandpleinbuurt

totaal

aantal

%

aantal

%

aantal

%

aantal

%

aantal

%

aantal

%

12-20

121

23

148

19

73

18

70

21

58

17

470

20

21-30

164

32

323

43

138

34

128

38

72

21

825

35

31-40

79

15

133

17

66

16

54

16

64

19

396

17

41-50

57

11

73

10

57

14

49

14

65

19

301

13

51-65

87

17

67

9

49

12

30

9

58

17

291

12

65+

3

1

4

1

1

0

0

0

3

1

11

0

onbekend

9

2

10

1

23

6

10

2

22

6

74

3

341 100

342

100

2.368

100

totaal

520 100

758 100

407 100

bron: Politie Eenheid Amsterdam/bewerking OIS

De meeste gecontroleerde personen waren lopend (45%) of met de auto (40%) in het gebied waar zij zijn gecontroleerd (tabel 1.4). Een op de tien (12%) was op de fiets en 3% met de scooter. Er is een aantal verschillen per wijk, zie tabel 1.4.

14

Tabel 1.4 Vervoer waarmee gecontroleerde personen in het gebied waren, per wijk (abs., percentage) Bijlmer BurgwallenWaterlandCentrum* Nieuwe Zijde Dapperbuurt Geuzenveld pleinbuurt totaal aantal

%

aantal

%

aantal

%

aantal

%

aantal

%

aantal

%

lopend

390

75

341

45

254

62

0

0

74

22

1.059

45

fiets

12

2

171

23

75

18

20

6

5

1

283

12

scooter

2

1

11

1

10

2

41

12

9

3

73

3

motor

0

0

1

0

2

1

0

0

4

1

7

0

auto

116

22

233

31

66

16

280

82

250

73

945

40

0

0

1

0

0

0

0

0

0

0

1

0

341 100

342

100

2.368

100

onbekend totaal

520 100

758 100

407 100

bron: Politie Eenheid Amsterdam/bewerking OIS * Het vervoer waarmee gecontroleerde personen in het gebied waren, is bij de eerste controledag in dit gebied niet goed bijgehouden. Mogelijk wijkt het daadwerkelijke aantal af van wat hier staat.

1.1.2 Gecontroleerde voertuigen en bagage De politie heeft tijdens de vijftien controledagen in totaal 552 auto’s doorzocht, 599 tassen en 406 rugtassen gecontroleerd (tabel 1.5). Er zijn minder auto’s doorzocht (552) dan er gecontroleerden per auto in het gebied waren (945). Dat komt omdat er soms meer personen in één voertuig aanwezig waren. Die personen werden allemaal gecontroleerd. Tabel 1.5 Gecontroleerde voertuigen en bagage, per wijk (abs.) Bijlmer BurgwallenCentrum Nieuwe Zijde* Dapperbuurt

Geuzenveld

Waterlandplein -buurt

totaal

auto's

98

36

52

206

160

552

rugtassen

111

150

104

16

25

406

tassen

147

221

115

32

84

599

totaal

356

407

271

254

269

1.557

bron: Politie Eenheid Amsterdam/bewerking OIS * Het aantal doorzochte voertuigen is bij de eerste controledag in dit gebied niet goed bijgehouden. Mogelijk wijkt het daadwerkelijke aantal af van wat hier staat.

1.1.3 Reacties gecontroleerden De meeste gecontroleerden (79%) reageerden volgens de politie beleefd toen zij werden gecontroleerd, 16% had een neutrale reactie (tabel 1.6). 22 personen reageerden brutaal, 22 personen waren boos dat zij werden gecontroleerd en drie personen reageerden dreigend. De reacties van gecontroleerden verschillen niet sterk tussen de wijken.

15

Tabel 1.6 Reacties gecontroleerden, per wijk (abs., percentage) Bijlmer BurgwallenCentrum Nieuwe Zijde Dapperbuurt

Geuzenveld

Waterlandpleinbuurt

totaal

aantal

%

aantal

%

aantal

%

aantal

%

aantal

%

aantal

%

beleefd

427

82

573

76

301

74

256

75

303

89

1.860

79

neutraal

68

13

129

17

73

18

81

24

31

9

382

16

brutaal

8

2

7

1

5

1

0

0

2

1

22

1

boos

4

1

6

1

2

1

4

1

6

2

22

1

dreigend

1

0

2

0

0

0

0

0

0

0

3

0

onbekend

12

2

41

5

26

6

0

0

0

0

79

3

totaal

520 100

341 100

342

100

2.368

100

758 100

407 100

bron: Politie Eenheid Amsterdam/bewerking OIS

1.1.4 Aangetroffen wapens en bijvangst In totaal zijn bij 77 gecontroleerde personen (3% van het totaal aantal gecontroleerden) een of meerdere wapens aangetroffen (tabel 1.7). In elk gebied is bij 4% van het totaal aantal gecontroleerden een of meerdere wapens aangetroffen, behalve in Bijlmer-Centrum: daar ging het om 1% van het totaal aantal gecontroleerden. In totaal zijn er 100 wapens aangetroffen, waarvan 84 wapens die onder de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) vallen en 16 wapens die onder de Wet Wapens en Munitie (WWM) vallen. Tabel 1.7 Aangetroffen wapens, per wijk (abs.) Bijlmer Centrum

BurgwallenNieuwe Zijde

Dapperbuurt

Geuzen- Waterlandveld pleinbuurt

totaal

totaal aantal aangetroffen wapens

8

37

22

16

17

100

waarvan APV wapen

6

32

19

15

12

84

waarvan WWM wapen

2

5

3

1

5

16

aantal gecontroleerden waarbij wapen is aangetroffen

6

28

16

15

12

77

% van totaal aantal gecontroleerden

1%

4%

4%

4%

4%

3%

bron: Politie Eenheid Amsterdam/bewerking OIS

Van de 84 wapens die zijn aangetroffen en onder de APV vallen, betrof het in 50 gevallen een mes (60%), in negen gevallen een stanleymes (11%) en in negen gevallen een zakmes (11%) (tabel 1.8). Daarnaast werd vier keer een Leathermen aangetroffen, vier keer een schroevendraaier en drie keer een aardappelschilmes. Andere soorten APV-wapens (ijzeren staaf/standaard, keukenmes, mosselmes, priem, schaar) werden één keer aangetroffen. Van de 16 wapens die zijn aangetroffen en onder de WWM vallen, ging het zeven keer om pepperspray (44%), twee keer om een boksbeugel (13%) en twee keer om een ploertendoder (13%). Andere soorten WWM-wapens (klapmes, stiletto, taser, uitschuifbare wapenstok, vlindermes) werden één keer aangetroffen. Bij de controles werden geen vuurwapens aangetroffen. 16

Tabel 1.8 Soorten aangetroffen wapens (APV en WWM), per wijk (abs., percentage) Bijlmer Burgwallen- DapperGeuzen- WaterlandCentrum Nieuwe Zijde buurt veld pleinbuurt soorten aangetroffen APV wapens mes

4

12

17

12

5

totaal (%)

50

60

9

11

stanleymes

8

zakmes

6

9

11

Leathermen

1

3

4

5

2

1

4

5

1

2

3

4

1

1

1

1

1

1

1

1

schroevendraaier

1

aardappelschilmes ijzeren staaf / standaard

1

totaal (abs.)

1

2

1

keukenmes mosselmes

1 1

priem

1

schaar totaal

1 6

32

19

pepperspray

1

3

1

boksbeugel

1

1

15

1

1

12

84

100

2

7

44

2

13

1

2

13

1

1

6

1

6

1

6

1

6

1

6

16

100

soorten aangetroffen WWM wapens

ploertendoder

1

klapmes stiletto

1

taser

1

uitschuifbare wapenstok

1

vlindermes totaal

1 2

5

3

1

5

bron: Politie Eenheid Amsterdam/bewerking OIS

Naast de aangetroffen wapens heeft de politie tijdens de controles ook nog bijvangst van andere strafbare feiten en overtredingen gehad. Deze bijvangst is hieronder opgesomd:  Een persoon is aangehouden voor rijden zonder rijbewijs.  Drie keer een aanhouding voor rijden onder invloed.  Drie processenverbaal uitgeschreven voor het niet handsfree bellen (twee voor fietsers en één voor een automobilist).  Tijdens een voertuigencontrole zijn vier bussen lachgas aangetroffen.  Tijdens een voertuigencontrole zijn twee nummerplaten met een ander kenteken dan het desbetreffende voertuig, aangetroffen. Hierop is verder gerechercheerd, op het voertuig en op de persoon. Bij navraag bleek de bestuurder een onherroepelijke signalering open te hebben staan.  Een persoon had een zwaar ijzeren bandenlichter bij zich. Hiervan is afstand gedaan.  Bij een persoon werden 2 XTC pillen aangetroffen, daarvan is afstand gedaan.

17

 

Bij een persoon werd 126 gram weed en 150 gram hashies aangetroffen. Die persoon is aangehouden en heeft een transactiebedrag van €400 voorgelegd gekregen door justitie. Bij een persoon werd 50 gram weed en 50 gram hashies aangetroffen. Die persoon is aangehouden. Tijdens het schrijven van deze rapportage is onbekend wat het transactiebedrag is. Een persoon is aangehouden inzake Opiumwet (aanzienlijke hoeveelheden verdovende middelen en geld op zak). Een aanhouding voor artikel 184 Sr. (weigering meewerken aan de fouillering).

Daarnaast nog twee andere zaken:  Tijdens een van de controles kreeg een coördinator een tip m.b.t de verblijfplaats van een zogenaamde Fast NL klant. Die persoon stond gesignaleerd voor artikel 446dg. (onder andere voor mensenhandel). Die persoon is door de coördinator aangehouden.  Tijdens een controle hoorde de politie via de portofoon een melding dat een persoon met een sjaal om zijn gezicht en een mes in zijn hand richting een tankstation liep. Omdat dit nog geen 500 meter van de controle locatie was, zijn 3 politiecollega’s ter plaatse gegaan. Zij hebben de verdachte aangehouden ter zake poging overval van het tankstation.

1.1.5 Achtergrondkenmerken gecontroleerden met wapen Van de 77 gecontroleerden waarbij een wapen is aangetroffen, betrof het in 81% van de gevallen een man en in 19% van de gevallen een vrouw (tabel 1.9). Twee op de vijf gecontroleerden met een wapen (40%) had de leeftijd van 21-30 jaar, 23% de leeftijd 51-65 jaar en 14% 31-40 jaar. Negen gecontroleerden met een wapen vielen in de leeftijdscategorie 41-50 jaar en zes gecontroleerden met een wapen waren 12-20 jaar.

18

Tabel 1.9 Achtergrondkenmerken gecontroleerden met een wapen (geslacht en leeftijd), per wijk (abs., percentage) Bijlmer Centrum

BurgwallenNieuwe Zijde Dapperbuurt

Geuzenveld

Waterlandpleinbuurt

totaal

aantal

%

aantal

%

aantal

%

aantal

%

aantal

%

aantal

%

man

5

83

22

79

10

63

14

93

11

92

62

81

vrouw

1

17

6

21

6

37

1

7

1

8

15

19

totaal

6 100

28 100

16

0

15 100

12

100

77

100

12-20

0

0

3

11

2

13

0

0

1

8

6

8

21-30

2

33

15

54

5

31

8

53

1

8

31

40

31-40

0

0

3

11

3

19

2

13

3

25

11

14

41-50

0

0

2

7

2

13

3

20

2

17

9

12

51-65

4

67

4

14

3

19

2

13

5

42

18

23

65+*

0

0

0

0

1

6

0

0

0

0

1

1

onbekend

0

0

1

3

0

0

0

0

0

0

1

1

totaal

6 100

15 100

12

100

77

100

geslacht

leeftijd

28 100

16 100

bron: Politie Eenheid Amsterdam/bewerking OIS * Deze persoon is na afloop aan het bureau gekomen. Hij maakte bezwaar tegen de inname van de wapens (APV messen), omdat hij 65-plusser is en niet binnen de afgesproken norm van de controle valt. Dit had deze persoon op de website van de gemeente nagelezen. Deze persoon zag er volgens de politie jonger uit dan 65. De politie heeft wel besloten dat de wapens geretourneerd konden worden aan deze persoon. Bij deze beslissing is rekening gehouden met de emotionele betekenis die de wapens voor deze persoon hadden.

De achtergrondkenmerken van de gecontroleerden waarbij een wapen is aangetroffen zijn afgezet tegen de achtergrondkenmerken van alle gecontroleerden (tabel 1.10). Van alle mannelijke gecontroleerden had 4% een of meerdere wapens bij zich, onder de gecontroleerde vrouwen was dit 2%. Daarnaast had 1% onder de 12-20 jarigen een of meerdere wapens bij zich. Dit was 4% onder 21-30 jarigen, 3% onder 31-40 jarigen, 3% onder 41-50 jarigen en 6% onder de 51-65 jarigen.

19

Tabel 1.10 Achtergrondkenmerken gecontroleerden waar wapen is aangetroffen afgezet tegen alle gecontroleerden (abs., percentage) aantal gecontroleerden totaal aantal % gecontroleerden met met wapen gecontroleerden wapen afgezet tegen totaal geslacht man

62

1.549

4

vrouw

15

790

2

onbekend

0

29

0

totaal

77

2.368

3

12-20

6

470

1

21-30

31

825

4

31-40

11

396

3

41-50

9

301

3

51-65

18

291

6

65+

1

11

9

onbekend

1

74

1

totaal

77

2.368

3

leeftijd

bron: Politie Eenheid Amsterdam/bewerking OIS

1.2 Klachten In de periode van 1 september tot en met 6 oktober zijn er via politie.nl en het landelijke emailadres van de politie geen klachten binnengekomen over de wapencontroles of gedragingen van politieambtenaren tijdens de wapencontroles. Bij de gemeente Amsterdam (directie OOV) is op 30 september wel een klacht binnengekomen, die tweeledig is. Enerzijds gaat de klacht over de bejegening door de politie: de persoon geeft aan door de politie te zijn aangevallen en geduwd en de persoon vindt dat zijn mensenrechten zijn geschonden door de politie. De controle zou agressief zijn uitgevoerd door de agenten, er werd geen badge getoond en de reden werd aanvankelijk niet medegedeeld (pas na 5 minuten). Anderzijds gaat de klacht over de bevoegdheid tot preventief fouilleren. Deze persoon vindt dat er onrechtmatige wetten zijn gebruikt die ingaan tegen mensenrechten, die niet terzijde geschoven kunnen worden.

1.3 Input stadsdelen De burgemeester heeft de stadsdeelvoorzitters uitgenodigd om eventuele initiatieven en signalen die bij hen bekend geworden zijn naar aanleiding van de wapencontroles te verzamelen zodat ze aan deze evaluatie konden worden toegevoegd. De directie OOV heeft deze uitvraag gedaan. Eén stadsdeel gaf input (Zuidoost). De directie OOV heeft deze input gedeeld met OIS, deze input is hieronder te vinden:

20

Bewoners Verschillende gesproken bewoners geven aan heel blij te zijn met de acties. Het sentiment overheerst dat er in elk geval ‘iets gedaan wordt’ aan het probleem en dat wordt positief gewaardeerd. Doe meer controles en door het hele stadsdeel, zegt een bewoner. Andere bewoners waren kritischer over de controles en gaven aan dat het in hun ogen veel kost en weinig oplevert. ‘Hoeveel wapens vinden ze nou echt?’, en ‘ze komen toch zo weer aan een nieuw wapen’ zijn geluiden die daarbij klonken. Een ander stelde dat het vooral ‘veel bombarie’ is met weinig resultaat. De ouders van jongeren die met wapengeweld in aanraking zijn gekomen (zowel ouders van daders als slachtoffers) waren over het geheel genomen positief over de controles. Hier klonk weer het argument dat er ‘in ieder geval iets gebeurt’. Dat de politie zichtbaar bezig is met het probleem geeft hen een goed gevoel. Tenslotte was er ook een bewoner die aangaf er niks van gemerkt te hebben en daaruit concludeerde dat het dus te kort duurde en te snel voorbij was. Jongeren Er is gesproken met een aantal gecontroleerde jongeren. Zij gaven aan dat dankzij alle media aandacht en het aanwezig zijn van onafhankelijke waarnemers, zij het gevoel hadden dat de politie niet deed aan etnisch profileren.

De acties liggen onder een vergrootglas en dat zorgt voor meer bewustzijn over de kans op discriminatie en daardoor meer voorzichtigheid bij de controleurs. De jongeren gaven ook aan het niet erg te vinden om gecontroleerd te worden, tenzij ze het gevoel krijgen ‘eruit gepikt te worden’.

21

2 Uitkomsten enquête burgerwaarnemers

Tijdens de controles konden burgerwaarnemers mee om te zien hoe de controles verliepen. Na afloop van de controledag hebben de burgerwaarnemers die aanwezig waren een e-mail van OIS ontvangen met een (korte) vragenlijst (te vinden in bijlage 4). In dit hoofdstuk worden de uitkomsten van deze enquête beschreven. Het gaat hierbij om een totaaloordeel van de 32 burgerwaarnemers die hebben meegedaan aan de enquête. Uitsplitsingen van de resultaten naar wijken waar de controles plaatsvonden, zijn te vinden in bijlage 5. Er is in de analyse niet gekeken naar verschillen in resultaten naar achtergrondkenmerken van de burgerwaarnemers, omdat het kleine aantallen betreffen.

2.1 Achtergrondkenmerken burgerwaarnemers Aan de burgerwaarnemers is een aantal achtergrondvragen gesteld. Een overzicht hiervan is te vinden in tabel 2.1. De meerderheid van de burgerwaarnemers is man (72%), 19% is vrouw. De gemiddelde leeftijd van de burgerwaarnemers is 43 jaar. Drie op de vijf (63%) hebben geen migratieachtergrond, 28% heeft wel een migratieachtergrond en van 9% is de migratieachtergrond onbekend. Tabel 2.1 Achtergrondkenmerken (geslacht, leeftijd, herkomst) burgerwaarnemers (n=32) (abs., %) aantal

%

man

23

72

vrouw

6

19

geen antwoord

2

6

niet ingevuld

1

3

t/m 39 jaar

13

41

40 jaar en ouder

17

53

onbekend

2

6

geen migratieachtergrond

20

63

wel migratieachtergrond

9

28

onbekend

3

9 bron: OIS

geslacht

leeftijd (in categorieën)

herkomst

De meeste responderende burgerwaarnemers (62%) geven aan de gehele wapencontrole aanwezig te zijn geweest (tabel 2.2). Burgerwaarnemers die niet de gehele controle aanwezig

22

waren, konden aangeven wanneer zij aanwezig zijn geweest. In de meeste gevallen was dit een dagdeel (bijvoorbeeld de middag of de avond):  13:30 - 18:00  13:30 - 18:15  14:00 - 18:00  14:00 - 19:00  15:00 - 18:00  15:30 - 23:00  17:00 - 22:30  17:00 - 23:00  18:00 - 23:00 (2x)  18:30 - 23:00  19:00 - 22:00 Tabel 2.2 Bent u de gehele wapencontrole aanwezig geweest (van 13:30-23:00, inclusief briefing en debriefing)? (n=32) (abs., %) aantal

%

gehele controle aanwezig geweest

20

62

niet gehele controle aanwezig geweest

12

38

totaal

32

100 bron: OIS

2.2 Ervaringen tijdens de wapencontroles Negen op de tien burgerwaarnemers (91%) geven aan (zeer) positief te zijn over het algehele functioneren van de politie tijdens de controles en over de duidelijkheid van de mededeling waarom mensen werden gecontroleerd (figuur 2.3). Daarnaast geeft bijna driekwart (72%) aan (zeer) positief te zijn over de reacties van de gecontroleerden, een kwart heeft dit niet als positief ervaren maar ook niet als negatief en een enkeling ervoer de reactie van gecontroleerden als zeer negatief. Ten slotte is twee derde van de burgerwaarnemers (65%) (zeer) positief over de sfeer in de (directe) omgeving tijdens de controle, 22% is hier niet positief en niet negatief over en ongeveer een op de tien (12%) is hier (zeer) negatief over.

23

Figuur 2.3 Hoe heeft u onderstaande aspecten ervaren tijdens de wapencontrole? (n=32, %) de duidelijkheid van de mededeling waarom mensen werden gecontroleerd

63

het algehele functioneren van de politie tijdens de controle

28

56

reacties van gecontroleerden

34

22

de sfeer in de (directe) omgeving tijdens de controle

9

9

50

34

25

31

22

3

9

3 %

0 zeer positief

20 positief

40

niet positief, niet negatief

60

80 negatief

100

zeer negatief

bron: OIS

Vier op de vijf burgerwaarnemers (81%) zijn het helemaal eens met de stelling ‘tijdens de wapencontroles heeft de politie de gecontroleerde personen rustig, respectvol en correct benaderd’ (figuur 2.4). Eén op de acht (13%) is het eens met deze stelling en 6% is het er niet mee eens en niet mee oneens. Geen enkele burgerwaarnemer is het oneens met deze stelling. Figuur 2.4 In hoeverre bent u het eens met de volgende stelling? ‘Tijdens de wapencontroles heeft de politie de gecontroleerde personen rustig, respectvol en correct benaderd’ (n=32, %) 6%

helemaal mee eens

13%

mee eens niet mee eens, niet mee oneens mee oneens 81%

helemaal mee oneens

bron: OIS

Het antwoord op de stelling kon in een open vraag worden toegelicht. Een hoofdlijn vanuit de open antwoorden van burgerwaarnemers die het (helemaal) eens zijn met deze stelling, was dat agenten de gecontroleerden rustig, professioneel, met fatsoen en respect benaderden en dat door de politie meteen werd uitgelegd wat het doel van de controle was. De agenten waren volgens hen netjes en beleefd tegen de gecontroleerden en volgens de burgerwaarnemers werd dit ook door de gecontoleerden herkend en gewaardeerd. Na afloop van de controle werd een folder verstrekt aan de gecontroleerde persoon voor verdere uitleg. Eén burgerwaarnemer gaf aan dat mensen wel regelmatig verbaasd waren dat het betreffende gebied een veiligheidsrisicogebied was. De burgerwaarnemer die neutraal was in zijn antwoord geeft aan dat de politie haar werk professioneel deed, maar de selectie niet random was en om die reden het onmogelijk was om goed uitvoering te geven aan de pilot voor preventief fouilleren. 24

Alle toelichtingen op deze vraag zijn te vinden in bijlage 6. De meerderheid van de burgerwaarnemers (85%) geeft aan dat de wapencontroles willekeurig werden uitgevoerd, volgens enkelen (6%) was hier geen sprake van (zie figuur 2.5). Eén op de tien burgerwaarnemers (9%) kon dit niet beoordelen of heeft geen antwoord gegeven op de vraag. Figuur 2.5 Werden volgens u de controles willekeurig uitgevoerd? (n=32, %) 6% 3%

6%

ja

nee kan ik niet beoordelen geen antwoord 85%

bron: OIS

Er kon, door middel van een open vraag, worden toegelicht waarom men vond dat de controles (on)willekeurig werden uitgevoerd (of waarom men dit niet kon beoordelen of het niet wist). Burgerwaarnemers die aangeven dat de controles willekeurig werden uitgevoerd, lichten toe dat vooraf afspraken waren gemaakt over de selectie van passanten/voertuigen: elke zoveelste passant/auto zou worden gecontroleerd. Dit was volgens de burgerwaarnemers een aselecte steekproef, waar in de meeste gevallen tijdens de controles ook aan werd voldaan. Enkele keren was dit volgens hen in de praktijk moeilijk uit te voeren, door bijvoorbeeld de stroom van mensen of auto’s. Er werd bijvoorbeeld weer opnieuw gestart met het tellen van passanten zodra een koppel agenten weer beschikbaar was. Volgens een aantal burgerwaarnemers waren er ook duidelijke afspraken over uitzonderingen op de controle (geen OV-bussen, ouderen boven de 65 jaar, gezinnen en kinderen onder de 12 jaar), waar de politie zich aan hield tijdens de controle. Een aantal burgerwaarnemers is van mening dat de controles niet willekeurig waren. Eén geeft aan dat omdat er een vooraf vastgesteld systeem is, de selectie niet willekeurig is. Een ander geeft aan dat voor zover er al sprake was van een vooraf gekozen systematiek, deze op persoonlijk niveau improviserend werd toegepast door agenten.

Volgens deze burgerwaarnemer was er daarom geen sprake van aselecte controle. Enkele burgerwaarnemers konden niet beoordelen of de controles willekeurig werden uitgevoerd. Dit had volgens hen vooral met praktische uitvoerbaarheid te maken: het was onbekend of er random werd gecontroleerd, het was niet altijd duidelijk hoe werd omgegaan met mensen die vanuit verschillende richtingen kwamen aanlopen of wie er gekozen wordt als de 5e passant in een groep komt aanlopen. Alle toelichtingen op deze vraag zijn te vinden in bijlage 6.

25

2.3 Wat ging goed en wat zijn verbeterpunten Aan de burgerwaarnemers is open gevraagd wat zij goed vonden aan de wapencontroles en of zij nog tips hadden voor verbeteringen. De punten hieronder zijn een opsomming van de hoofdlijnen die de burgerwaarnemers hebben genoemd. Een volledig overzicht van open antwoorden is te vinden in bijlage 6. Op de vraag wat er goed ging tijdens de wapencontroles kwamen de volgende punten (op hoofdlijnen) naar voren:  De bejegening van burgers door agenten was respectvol en rustig. Agenten waren erg vriendelijk, geduldig en gingen professioneel te werk.  Het doel van de controles werd duidelijk gecommuniceerd.  Agenten waren goed benaderbaar voor buurtbewoners, ook om los van de controles een praatje te maken.  Selectie is (bijna altijd) willekeurig te noemen, waarbij rekening werd gehouden met de uitzonderingen/personen die niet binnen de doelgroep vielen (gezinnen, kinderen en ouderen). De uitvoering van de controles verliep binnen de gestelde kaders.  Er werd gewisseld van locatie om te voorkomen dat passanten op de hoogte waren van de precieze plaats van de controles. Bij de tips en verbeterpunten kwamen de volgende punten (op hoofdlijnen) naar voren:  Niet meer op deze manier controleren, maar juist niet aselect en op criteria die meetbaar zijn; gerichter uitvoeren van wapencontroles.

Achterliggende gedachte hierbij is dat de acties veel kosten (qua inzet en mankracht), maar bij deze opzet weinig opbrengsten/baten hebben.  Een bord op straat zetten dat aangeeft dat er gecontroleerd wordt, zodat omstanders weten wat er speelt. Hierdoor zullen mensen minder snel schrikken als zij worden gecontroleerd.  Andere locaties en gebieden kiezen voor controles; agenten de keuze laten maken voor locaties en niet laten bepalen door de gemeente.  Een duidelijke afspraak over hoe te tellen (iedereen die langskomt, alleen het plein op, hoe groepen te rekenen, hele gezelschappen fouilleren of één iemand kiezen uit het gezelschap en op basis waarvan) zodat er geen misverstanden kunnen ontstaan die alsnog het idee kunnen wekken dat er wordt geselecteerd op basis van iets anders.  Zorgen voor diverse teams die de controles uitvoeren, zowel op achtergrondkenmerken van de agenten als op functie, bijvoorbeeld door ook stadsdeelmedewerkers, handhavers en straatcoaches in te zetten Aan het eind van de vragenlijst konden de burgerwaarnemers nog een laatste opmerking kwijt. Deze zijn te vinden in bijlage 6.

26

3 Uitkomsten enquête bewoners en frequente bezoekers

Dit hoofdstuk bevat de uitkomsten van de enquête die is gehouden onder bewoners en frequente bezoekers van de vijf gebieden waar de wapencontroles plaatsvonden. De uitkomsten gaan over de totale groep geënquêteerde bewoners en bezoekers in de vijf wijken. Eventuele significante verschillen in de uitkomsten naar achtergrondkenmerken van respondenten (geslacht, leeftijd, herkomst en doelgroep) worden kort in de tekst beschreven. In bijlage 8 zijn tabellen te vinden waarin de uitkomsten zijn uitgesplitst naar deze achtergrondkenmerken. Ook staan in die bijlage de uitkomsten per wijk beschreven.

3.1 Bekendheid met de wapencontroles Twee op de vijf ondervraagden (43%) wisten (al voor de enquête) dat er wapencontroles hadden plaatsgevonden in het gebied, 57% wist dit niet (figuur 3.1). Meer bewoners dan bezoekers waren reeds op de hoogte van de wapencontroles in het gebied. Figuur 3.1 Wist u, voor deze enquête, dat er wapencontroles hebben plaatsgevonden in dit gebied? (n=767, %)

ja

43% 57%

nee geen antwoord

bron: OIS

Ondervraagden die op de hoogte waren van de wapencontroles in het gebied wisten dit voornamelijk via berichten in de media (televisie, kranten, internet) (61%). Eén op de vijf (22%) wist via sociale media dat er in de wijk wapencontroles hebben plaatsvonden en 15% heeft de controles zelf gezien in de wijk. Ook op andere manieren raakte men op de hoogte van de wapencontroles in de wijk, maar die werden minder vaak genoemd (figuur 3.2).

27

Figuur 3.2 Hoe bent u erachter gekomen dat er in deze wijk wapencontroles plaatsvonden? (n=436, %) Meerdere antwoorden mogelijk

via berichten in de media (televisie, kranten, internet)

61

via sociale media

22

ik heb de controles gezien in de wijk

15

via familie/kennissen

9

via buurtbewoners

8

ik ben zelf gecontroleerd

4

anders

3

weet niet, geen antwoord

1

%

0

20

40

60

80

100 bron: OIS

3.2 Invloed van de wapencontroles op veiligheidsbeleving in de wijk De meeste ondervraagden voelen zich zowel in het algemeen als in de wijk waar zij bevraagd werden zelden of nooit onveilig op straat (respectievelijk 80% en 83%; figuur 3.3). Een deel voelt zich daarentegen soms of vaak onveilig: 19% in het algemeen en 16% in de wijk waar zij bevraagd werden. Onder respondenten die zich soms of vaak onveilig voelen in de wijk waar zij bevraagd werden, was een groter aandeel op de hoogte van de wapencontroles die er hadden plaatsgevonden dan van respondenten die zich zelden of nooit onveilig voelen in de wijk. Meer vrouwen dan mannen voelen zich soms of vaak onveilig in het algemeen en in de wijk waar zij bevraagd werden. Ook voelen meer bewoners dan bezoekers zich onveilig, maar dat geldt alleen in de wijk waar zij werden bevraagd en niet in het algemeen. Figuur 3.3 Hoe vaak voelt u zich in het algemeen en in deze wijk onveilig op straat? (n=767, %) in het algemeen

in deze wijk

3% 1%

5% 1% 14%

nooit13% zelden

23%

soms 21% vaak

57%

nooit zelden soms 62%

weet niet, geen antwoord

vaak weet niet, geen antwoord

bron: OIS

28

De helft (56%) van de respondenten geeft aan dat de wapencontroles geen invloed hebben op hoe veilig zij zich voelen in de wijk (figuur 3.4). Eén op de drie geeft aan zich veiliger te voelen in de wijk door de wapencontroles, 7% geeft aan dat zij zich juist onveiliger in de wijk voelen door de controles. 4% gaf geen antwoord of wist het niet. Het aandeel respondenten dat zegt zich onveiliger te voelen door de wapencontroles is:  hoger onder vrouwen dan onder mannen.  hoger onder bewoners dan onder bezoekers  hoger onder 40-minners dan onder 40-plussers. Daarnaast is een aantal verschillen te zien in het aandeel respondenten dat aangeeft dat de wapencontroles geen invloed hebben op hun veiligheidsgevoel in de wijk:  Onder respondenten zonder migratieachtergrond is het aandeel dat geen invloed ervaart van de wapencontroles op het veiligheidsgevoel in de wijk groter dan onder respondenten met een migratieachtergrond. Van de respondenten met een migratieachtergrond geeft juist een groter deel aan zich veiliger te voelen door de controles.  Onder respondenten die zich zelden of nooit onveilig voelen in de wijk is het aandeel dat aangeeft dat de wapencontroles geen invloed hebben op het veiligheidsgevoel in de wijk groter dan onder de respondenten die zich soms of vaak onveilig voelen in de wijk.

Figuur 3.4 Hebben de wapencontroles invloed op hoe veilig u zich voelt in deze wijk? Zo ja, voelt u zich er veiliger of onveiliger door? (n=767, %)

4% nee, de wapencontroles hebben geen invloed op hoe veilig ik me in de wijk voel ja, ik voel me veiliger in de wijk door de wapencontroles

7%

33%

56%

ja, ik voel me onveiliger in de wijk door de wapencontroles weet niet, geen antwoord

bron: OIS

Aan de respondenten is een open vraag gesteld om toe te lichten waarom de wapencontroles al dan niet invloed hadden op hun veiligheidsgevoel in de wijk en op welke manier. Respondenten die aangeven dat de wapencontroles geen invloed hebben op hoe veilig zij zich voelen in de wijk geven vooral aan dat zij zich al veilig voelen of zich niet onveilig voelen in de wijk. Respondenten die zich veiliger voelen door de wapencontroles in de wijk geven aan dat zij denken dat de wapencontroles zorgen voor minder wapens op straat en dat de wapencontroles afschrikwekkend (kunnen) zijn. Tot slot geven meerdere respondenten die zich onveiliger voelen door de wapencontroles aan dat de wapencontroles hen er bewust van maken dat er wapens in de buurt zijn en/of de controles er kennelijk nodig zijn. Bovenstaande zijn op hoofdlijn de meest genoemde antwoorden van respondenten; in bijlage 9 zijn alle toelichtingen te vinden.

29

3.3 Mening over wapencontroles De meeste ondervraagden (72%) zijn voorstander van wapencontroles in het algemeen, 16% is neutraal en 9% is tegen wapencontroles. Gevraagd naar hoe men staat tegenover wapencontroles specifiek in de wijk waar respondenten zijn bevraagd, zijn soortgelijke antwoorden te zien: 70% is voorstander, 17% is neutraal en 10% is tegen (figuur 3.5). Het aandeel voorstanders van wapencontroles in de wijk is:  Groter onder bewoners dan onder bezoekers; bezoekers zijn meer neutraal.  Groter onder 40-plussers dan onder 40-minners. Onder 40-minners is het aandeel dat neutraal of tegen wapencontroles is groter dan onder 40-plussers.  Groter onder respondenten die zich soms of vaak onveilig voelen in de wijk. Respondenten die zich zelden of nooit onveilig voelen zijn meer neutraal.  Groter onder respondenten die aangeven zich veiliger te voelen door wapencontroles in de wijk. Respondenten die aangeven zich onveiliger te voelen door wapencontroles in de wijk, zijn vaker tegenstander van wapencontroles. Daarnaast is van de respondenten die er vóór de enquête al op de hoogte van waren dat er wapencontroles hadden plaatsgevonden in het gebied een groter deel tegen wapencontroles in de wijk dan mensen die er niet van op de hoogte waren. Figuur 3.5 Bent u voor of tegen wapencontroles… (n=767, %) in het algemeen?

in deze wijk?

3%

3%

9% 16% 72%

voor 10%

voor

neutraal 17% tegen

neutraal

70% weet niet, geen antwoord

weet niet, geen antwoord

tegen

bron: OIS

Aan de respondenten is gevraagd of zij konden toelichten waarom zij voor/neutraal/tegen wapencontroles in deze wijk zijn. Dit betrof een open vraag, waarbij respondenten die tegen wapencontroles zijn ook argumenten voor wapencontroles noemden en andersom. De genoemde open antwoorden kon de enquêteur, indien mogelijk, aanvinken op een vooraf opgestelde lijst met argumenten voor en tegen (die niet werd voorgelezen aan respondenten). Indien respondenten een ander antwoord gaven dan de vooraf opgestelde lijst, werd dit bij ‘anders, namelijk’ ingevuld. Antwoorden die in deze ‘anders’-categorie veel voorkwamen, zijn achteraf omgezet naar een categorie. Argumenten die uiteenlopen en niet dusdanig vaak voorkwamen om een categorie te vormen, zijn te vinden in bijlage 9. Respondenten die voorstander zijn van wapencontroles, noemen het vaakst de argumenten ‘ik voel me veiliger doordat deze controles plaatsvinden’ (37%), ‘de controles zullen zorgen voor minder wapenbezit’ (24%), ‘de overheid geeft met de controles een signaal af dat wapenbezit 30

niet mag in Nederland’ (22%) en ‘het plaatsvinden van wapencontroles zorgt voor afschrikking’ (21%). Ook andere argumenten werden genoemd, maar minder vaak (tabel 3.6). Bevraagden die tegen wapencontroles in de wijk zijn, geven het vaakst aan dat dergelijke controles niet objectief/willekeurig zijn (23%). Aan respondenten die dit antwoord gaven, is gevraagd dit toe te lichten. Zij noemen daarbij het vaakst etnisch profileren: volgens sommigen wordt er etnisch geprofileerd, volgens anderen kan er etnisch geprofileerd worden. Ook wordt (de kans op) selectie in de controle op andere kenmerken of (kans op) selectie in het algemeen genoemd. Alle toelichtingen op deze vraag zijn in bijlage 9 te vinden. Na het argument dat controles niet objectief/willekeurig zijn, is het argument dat wapencontroles niet werken/niet leiden tot minder (ernstige) criminaliteit (21%) het vaakst genoemd door respondenten die tegen wapencontroles in de wijk zijn en dat de wapencontroles zorgen voor schijnveiligheid; problemen rondom wapenbezit worden hiermee niet opgelost (19%). Daarnaast werden nog andere argumenten genoemd, maar minder vaak (tabel 3.6). Respondenten die neutraal zijn tegenover wapencontroles in de wijk geven zowel argumenten voor als tegen wapencontroles.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11205415/1