A - 48 Volwasseneneducatie, Laaggeletterdheid en Inburgering (19) 20230602 R
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief
Aan:
Portefeuillehouder(s): Behandeld door
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 5 juni 2023 Volwasseneneducatie, Laaggeletterdheid en Inburgering Rutger Groot Wassink WPI/Inburgering en Taal, bestuurszaken.wpi@amsterdam.nl
Onderwerp
Uitvoering van het nieuwe inburgeringsstelsel
Datum Portefeuille(s)
Geachte leden van de gemeenteraad,
Op 1 januari 2022 is de nieuwe Wet inburgering (Wi2021) in werking getreden. In 2021 heeft het college de raad geïnformeerd over de Amsterdamse uitwerking van het nieuwe inburgeringsstelsel (ZD2021-014429) en is het beleidskader gezinsmigranten (VN2021-029734) door de raad vastgesteld. Het college heeft toegezegd u op de hoogte te houden van de voortgang van het nieuwe inburgeringsstelsel in Amsterdam. De nieuwe Wet Inburgering biedt kansen om statushouders zo snel en goed mogelijk te ondersteunen in hun inburgering, zodat zij mee kunnen doen aan de samenleving met zekerheid in hun bestaan. Amsterdam spant zich tot het uiterste in om de uitvoering van de inburgeringswet zo soepel mogelijk te laten verlopen, zodat nieuwe Amsterdammers snel de taal leren en hun weg weten te vinden in de samenleving. De verantwoordelijkheid voor de gemeente start hiervoor op het moment van huisvesting. Daarnaast willen we dat statushouders die aan Amsterdam zijn gekoppeld, maar hier nog geen woning hebben, zoveel mogelijk starten met hun inburgering vanuit het azc. Zeker met de oplopende wachttijden voor een woning is het onze ambitie om statushouders die nog niet zijn gehuisvest, te stimuleren vrijwillig te starten met de inburgering en hen daarbij optimaal te ondersteunen. Een nieuwe wet is pionieren en vraagt om een lerend stelsel.
We lopen in de uitvoering tegen knelpunten aan, zoals met de vroege start in het azc, de leerbaarheidstoets en financieel ontzorgen. We hebben daar deels zelf oplossingen voor gevonden en dringen er bij het Rijk op aan om dit structureel beter te regelen. Achtergrond Gemeenten hebben sinds vorig jaar de wettelijke taak om inburgeringsplichtige statushouders1 en gezinsmigranten2 te ondersteunen bij de inburgering. Onder de oude wet (Wi2013) waren 1
Statushouders zijn asielzoekers met een tijdelijke verblijfsvergunning. Gezinsmigranten zijn personen met een niet-Nederlandse nationaliteit die naar Nederland verhuizen om bij hun partner of ouder(s) te komen wonen. Gezinsmigranten die afkomstig zijn van buiten de EU/EER of Zwitserland, ouder zijn dan 18 en jonger dan de pensioengerechtigde leeftijd, zijn inburgeringsplichtig. 2
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 21 juni 2023 Pagina 2 van 10
inburgeraars zelf verantwoordelijk voor de inburgering en had de gemeente enkel de taak om hen het Participatieverklaringstraject (PVT) aan te bieden. Het doel van het nieuwe inburgeringsstelsel is dat inburgeraars zo snel mogelijk meedoen in de samenleving. Het college ziet hierin een kans om nieuwkomers duurzaam te laten integreren in de stad en bij te dragen aan hun bestaanszekerheid. Bij de ondersteuning houden we rekening met de brede behoeften en overige verplichtingen van inburgeraars, zoals werk en/of participatie. Inburgeraars moeten onder de nieuwe Wet inburgering binnen drie jaar voldoen aan de inburgeringsplicht, het liefst op B1-niveau. Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) legt de inburgeringsplicht op en stelt vast of binnen de termijn aan de inburgeringsplicht is voldaan.3 Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van de inburgering en moeten toezien op de voortgang van de inburgeraar. Er zijn drie verschillende inburgeringsroutes waarmee iemand aan de inburgeringsplicht kan voldoen: de B1‐route gericht op de arbeidsmarkt; de Onderwijsroute gericht op het behalen van een Nederlands diploma; de Z‐route gericht op zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie. Deze raadsinformatiebrief gaat in op het volgende, voor zowel statushouders als gezinsmigranten: 1. Gemeentelijke wettelijke taken; 2. Uitwerking van de nieuwe Wet inburgering in Amsterdam; 3.
Ontwikkelingen bij het uitvoeren van de nieuwe wet.
Wet inburgering 2021 voor Amsterdamse statushouders Gemeentelijke wettelijke taken voor statushouders Gemeenten hebben in het kader van de Wi2021 voor statushouders de volgende wettelijke taken: Afnemen van een brede intake en de leerbaarheidstoets; Opstellen van een Plan Inburgering en Participatie (PIP); Aanbieden van drie inburgeringsroutes; Organiseren van de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP); Aanbieden van het Participatieverklaringstraject (PVT); Financieel ontzorgen; Bieden van maatschappelijke begeleiding. De Amsterdamse uitwerking van de Wi2021 voor statushouders Met de komst van de Wi2021 werkt het college verder aan de Amsterdamse ambitie gericht op duurzame integratie voor statushouders. Het college streeft ernaar dat statushouders: binnen de inburgeringstermijn voldoen aan hun inburgeringsplicht op het voor hen hoogst haalbare taalniveau; participeren in de samenleving, het liefst via betaald werk of een opleiding, passend bij hun capaciteiten en wensen; 3
DUO legt een boete op bij het niet tijdig voldoen aan de inburgeringsverplichting.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 21 juni 2023 Pagina 3 van 10
(financieel) zelfredzaam zijn of weten waar ze om hulp kunnen vragen.
Het college hanteert bij de uitvoering van de Wi2021 voor statushouders de volgende uitgangspunten: Bieden van maatwerk; Onderbouwd advies voor de best passende inburgeringsroute; Stimuleren van het volgen van onderwijs ten behoeve van duurzaam werk; Samenwerking met kwalitatief hoogwaardige partners. Ontwikkelingen bij het uitvoeren van de Wi2021 voor Amsterdamse statushouders Tussen 1 april 2022 en 1 mei 2023 zijn 1156 Amsterdamse statushouders inburgeringsplichtig geworden onder de nieuwe wet.4 - Hiervan zijn 306 statushouders gehuisvest in een woning in Amsterdam. - Het overgrote deel (850) verblijft nog op een azc of opvang. - Hiervan zitten 541 statushouders in een azc in (regio) Amsterdam (incl. Almere, Zaandam). - 309 statushouders zitten in een azc op afstand (buiten regio Amsterdam). - 476 statushouders zijn inmiddels gestart met de brede intake en de Taalstart. - Van hen hebben 288 statushouders de brede intake van 10 weken afgerond. - 160 statushouders zijn aangemeld voor de B1-route, 1 statushouder voor de B1 MBOroute, 57 voor de onderwijsroute en 17 voor de Z-route.5 De implementatie is nog in volle gang, waarbij we aanlopen tegen technische hobbels en nietsluitende registratie in de keten. Zo is er sinds december 2022 in plaats van een automatische, een handmatige invoering van DUO-gegevens nodig. Dit kost tijd en beïnvloedt de doorlooptijden.
Hierover werken we aan de oplossing met DUO. Op dit moment begeleiden we statushouders die vallen onder de nieuwe én oude wet inburgering, waaronder statushouders die nog niet gehuisvest zijn. De wet gaat er vanuit dat inburgering start na huisvesting waarbij de Inburgeringswet en Participatiewet tegelijk starten. In de praktijk is dit niet het geval. Dit vraagt om een effectieve werkwijze met partners (COA binnen en buiten de regio) en taalaanbieders. Ofwel, de implementatie van de nieuwe wet is pionieren en vraagt om een lerend stelsel. Om dit leerproces vorm te geven is in juni 2022 in Amsterdam een Community of Practice gestart (gefaciliteerd door Divosa), waarbinnen uitvoerende partners van elkaars ervaringen leren6.
4
Datum 1 april komt voort uit het feit dat kort na inwerkingtreding van de wet een probleem optrad in het inburgeringsportaal van DUO, waarna de minister het inburgeringsproces tijdelijk stopzette. Gemeenten konden vanaf 1 april 2022 hun werkzaamheden hervatten. 5 De verdeling over de inburgeringsroutes is geen representatieve weergave van de doelgroep, omdat het grootste deel van de statushouders op een azc verblijft en op vrijwillige basis start met de inburgering. Het is aannemelijk dat de meer zelfredzame statushouders deelnemen aan de inburgeringstrajecten. 6 Zie https://www.divosa.nl/onderwerpen/community-practice-inburgering
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 21 juni 2023 Pagina 4 van 10
Verhoging taakstelling De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 28 april jl. de instroomontwikkeling en de taakstelling voor huisvesting van statushouders medegedeeld aan de Tweede Kamer.7 De taakstelling voor 2023-II is vastgesteld op 27.300 te huisvesten statushouders. Dit is de hoogste taakstelling sinds de hoge instroom in 2015. Voor heel 2023 wordt de taakstelling bijna 50.000 statushouders. De verwachting is dat dit in 2024 verder zal oplopen. Voor Amsterdam betekent dit een taakstelling van ongeveer 2500 statushouders voor heel 2023, een verdubbeling ten opzichte van het jaar ervoor8. Dat heeft grote gevolgen voor onze uitvoering. Daarboven op komt de huisvestingscrisis. Meerderheid statushouders nieuwe wet verblijft op het azc Door het enorme tekort aan beschikbare sociale huurwoningen in Amsterdam heeft de gemeente een achterstand opgelopen op de taakstelling voor de huisvesting van statushouders. In combinatie met de verdubbeling van de taakstelling voor 2023 is het huisvesten van statushouders een complexe opgave. De gemiddelde wachttijd voor een woning voor statushouders is in Amsterdam opgelopen tot 1,5 jaar. De meerderheid van de statushouders onder de nieuwe inburgeringswet verblijft daarom nog op het azc. De impact van de lange wachttijden op statushouders is groot.
Dit verhoogt de urgentie om de gemeentelijke begeleiding bij de inburgering, werk en opleiding al te laten starten vanuit het azc. Knelpunten bij Vroege Start azc Formeel start de gemeentelijke verantwoordelijkheid voor de inburgering als de statushouder wordt gehuisvest in een woning in de gemeente. Amsterdam doet een extra stap en probeert statushouders met de aanpak ‘Vroege Start’ te bereiken. Ons streven is om zo vroeg mogelijk te beginnen met activiteiten gericht op integratie en participatie. Dit is geen eenvoudige opgave omdat de omstandigheden op het azc niet ideaal zijn. Ook zijn statushouders op het azc niet verplicht om te starten met de inburgering. Voor statushouders in een azc in de regio is een vroege start makkelijker te organiseren dan voor statushouders die in een azc buiten de regio verblijven. We zien onder andere het volgende: - Randvoorwaarden zijn vaak niet op orde, zoals goed internet, rustige studieplekken of een laptop om lessen op te volgen; - Online lesuren tellen maar deels mee als inspanningsverplichting voor de inburgering; - Reiskosten worden (nog) niet vergoed door het ministerie (en maar deels door COA); - Er is vaak sprake van een grotere reisafstand en een gebrek aan reiskosten en kinderopvang.
In de eerste helft van dit jaar evalueren we de Vroege Start-aanpak, onder andere door middel van een klantreis om de efficiëntie en effectiviteit van deze aanpak in kaart te brengen. De knelpunten die we tegenkomen agenderen we bij de VNG en het Ministerie van SZW. De minister heeft de
7 8
https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2023/04/28/tk-actuele-situatie-asielketen De totale taakstelling voor 2023 is 2691 t.o.v. 1450 in 2022 (inclusief achterstand).
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 21 juni 2023 Pagina 5 van 10
randvoorwaarden die een vroege start van de inburgering en werken in het azc waarborgen nog niet geregeld, essentieel voor een succesvolle vroege start aanpak. Startbanen: statushouders aan het werk Onlangs publiceerde Van Gennip, minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, het plan van aanpak ‘statushouders aan het werk’ (maart 20239). Hierin stelt de minister dat een snelle start met taal en passend werk leidend is binnen de nieuwe Wet inburgering. Het plan heeft als doel om statushouders sneller en duurzamer aan het werk te krijgen ondersteunend aan de verplichting om in te burgeren. De actielijnen uit de brief, waaronder vroege participatie uit het azc en samenwerking met werkgevers, sluiten helemaal aan bij de ambitie van Amsterdam om statushouders zo vroeg mogelijk te begeleiden naar participatie en inburgering vanuit het azc. In de praktijk is het een uitdaging om de eisen vanuit de nieuwe wet inburgering te combineren met snel en duurzaam aan het werk. Amsterdam verkent hoe we dit in samenwerking met het ministerie en andere gemeenten zo constructief mogelijk vormgeven. Hierover wordt u later dit jaar geïnformeerd. Verbeteracties leerbaarheidstoets Statushouders zijn tijdens de brede intake wettelijk verplicht om een externe digitale leerbaarheidstoets te maken.
Deze toets zou inzicht moeten geven in de mogelijkheid of iemand binnen drie jaar taalniveau B1- of A2-niveau kan bereiken. Amsterdam is van mening dat de leerbaarheidstoets een momentopname is en geen betrouwbaar advies geeft over de leerbaarheid van een inburgeraar. Zowel in Amsterdam als in andere gemeenten en vanuit taalscholen zijn er signalen dat de uitkomsten van de toets lang niet altijd overeenkomen met de bevindingen in de brede intake. Naar aanleiding van deze signalen heeft minister van Gennip aangekondigd dat er inhoudelijke en technische verbeteracties worden doorgevoerd in de leerbaarheidstoets en dat het evaluatieonderzoek naar de leerbaarheidstoets naar voren wordt gehaald.10 De leerbaarheidstoets is een van de instrumenten om tot een advies voor een route te komen. Amsterdam heeft ervoor gekozen om de uitkomsten hiervan aan te vullen en te verrijken met observaties van een taaltrainer. Hiertoe volgen statushouders het programma van de Taalstart, een intensief taaltraject van zes weken, met een eindrapportage dat voorziet in een advies aan de gemeente en statushouder voor de best passende inburgeringsroute. Structurele bekostiging onderwijsroute In aanloop naar het nieuwe stelsel hebben verschillende partijen in het land hun zorgen geuit over de bekostiging van de onderwijsroute.
Eerder bleek uit onafhankelijke onderzoek van AEF dat SZW de kosten van de onderwijsroute te laag heeft ingeschat, waardoor gemeenten structureel te weinig budget krijgen voor uitvoering van het nieuwe stelsel. Als oplossing voor de korte termijn heeft het ministerie van SZW incidentele middelen toegekend tot en met 2025. Amsterdam verwacht hiermee de onderwijsroute de komende jaren uit te kunnen voeren. Daarnaast is SZW gestart met een onderzoek naar de mogelijkheden om de onderwijsroute onderdeel van het publieke stelsel te maken. Op 9 mei 2023 vond een Bestuurlijk Overleg plaats met de Minister van 9
Zie https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2023/03/09/plan-van-aanpakstatushouders-aan-het-werk 10 Zie Uitvoeringsbrief Inburgering, december 2022.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 21 juni 2023 Pagina 6 van 10
SZW, OCW, onderwijskoepels en de VNG over de onderwijsroute. De Minister van SZW gaf daar te kennen dat de structurele en dekkende financiering voor de onderwijsroute nog niet geregeld is. Een definitief besluit wordt verwacht voor de zomer van 2023. Amsterdam heeft het Rijk via de VNG meermaals om duidelijkheid gevraagd en verzocht om met een oplossing te komen voor voldoende financiering vanaf 2026, met voldoende regie voor gemeenten. Amsterdam wil voorkomen dat de financiering van de onderwijsroute na 2025 stopt en statushouders met een onderwijswens hier de dupe van worden. Financieel ontzorgen: invulling Gemeenten hebben als onderdeel van de Wi2021, in combinatie met artikel 56a van de Participatiewet, wettelijke taken op het gebied van financiële zelfredzaamheid van statushouders. Het gaat om het financieel ontzorgen van bijstandsgerechtigde statushouders, waaronder het verplicht inhouden van de vaste lasten (energie/gas, water, huur, zorg) op de bijstandsuitkering in de periode tot 6 maanden na vestiging in de gemeente. Met als doel om financiële problemen direct na de vestiging in de gemeente te voorkomen en rust en ruimte te creëren om te kunnen focussen op de inburgering. Daarnaast beoogt de wet het begeleiden richting financiële zelfredzaamheid.
De gemeente biedt hiertoe een module geldzaken en persoonlijke administratie aan als vast onderdeel van het inburgeringstraject. Ook besteedt de klantbegeleider inkomen tijdens voortgangsgesprekken aandacht aan de persoonlijke, financiële situatie van statushouders en is de klantbegeleider alert op aanvullende dienstverlening zoals schuldhulpverlening. In de praktijk bleek het standaard inhouden van alle vaste lasten niet altijd uitvoerbaar voor gemeenten. Bijvoorbeeld in het geval van een lagere uitkering of wanneer de vaste lasten simpelweg te hoog zijn. Hiernaast draagt het inhouden van de vaste lasten niet altijd bij aan meer financiële zelfredzaamheid onder statushouders. Gemeenten willen graag dat er met de invulling van financieel ontzorgen meer recht wordt gedaan aan de bedoeling van de wetgever. Amsterdam heeft de afgelopen jaren naar oplossingen gezocht en is hierover meermaals in gesprek gegaan met de VNG en het ministerie van SZW. Tot opluchting van Amsterdam heeft de minister van SZW op 6 april 2023 herzieningen in de wet omtrent financieel ontzorgen aangekondigd11. Vooruitlopend op de wetswijziging krijgen gemeenten meer mogelijkheden om maatwerk toe te passen. Amsterdam onderzoekt op dit moment hoe zij invulling kan geven aan deze verruiming.
Ondertussengroep behoeft aandacht Een grote groep statushouders, de ‘ondertussengroep’, moet nog inburgeren onder de oude Wet inburgering (Wi2013). Het gaat om iedereen die na 1 januari 2013 en vóór 1 januari 2022 inburgeringsplichtig werd en het inburgeringstraject nog niet heeft afgerond. De gemeente heeft, buiten het aanbieden van een participatieverklaringstraject, géén wettelijke taak in de inburgering van deze statushouders. Zij blijven zelf verantwoordelijk voor hun inburgering en kunnen hun inburgeringstraject financieren met een DUO-lening. Veel inburgeraars onder de oude wet leren de taal niet snel genoeg, werken niet of onder hun niveau en worden soms slachtoffer van frauderende taalscholen.
11
Zie verzamelbrief inburgering: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2023/04/06/verzamelbrief-inburgering
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 21 juni 2023 Pagina 7 van 10
Amsterdam probeert statushouders die onder de Wi2013 moeten inburgeren in de geest van de nieuwe wet te begeleiden en biedt hen ondersteuning. Zo is onder andere de ELIP-aanpak ontwikkeld voor statushouders die tegen het einde van hun termijnen aanlopen of waarvan de DUO-lening bijna op is.12 Zij krijgen extra (financiële) ondersteuning en taallessen om aan hun inburgeringsverplichting te voldoen. Ook is het Kwaliteitsconvenant Taal en Inburgering opgezet om kwalitatief goed taalonderwijs in de stad te waarborgen.13 Verlenging convenant UAF Hoogopgeleide statushouders geven we een duurzame start via onderwijs via het convenant dat de gemeente Amsterdam heeft gesloten met Stichting voor vluchteling-studenten (UAF). In 2022 begeleidde het UAF 582 cliënten die woonachtig zijn in de Gemeente Amsterdam. Daarvan ontvangen 205 cliënten een uitkering. De gemiddelde leeftijd van een cliënt onder het convenant in Amsterdam is 33 jaar. Dankzij de gemeente Amsterdam en het UAF kunnen cliënten studeren met behoud van uitkering ondanks dat zij ouder dan 30 zijn. Van de cliënten die onder het convenant van Amsterdam vallen zijn 155 mensen boven de 30 jaar. Zij bereiden zich voor op een opleiding, volgen een opleiding of leertraject of zijn op zoek naar werk. Het convenant met UAF wordt in 2023 verlengd. De bevoegdheden van de gemeente onder de oude wet zijn echter beperkt.
Hierdoor blijft de eigen verantwoordelijkheid en hiermee de kwetsbaarheid van statushouders onder het oude inburgeringsstelsel groot. Voor de begeleiding van de ondertussengroep heeft het Rijk middelen beschikbaar gesteld. Deze middelen zijn echter niet toereikend. De minister heeft inmiddels een verbeterplan Wi2013 opgesteld. Het college blijft zich inspannen om statushouders die niet profiteren van de wetswijziging zo goed mogelijk te ondersteunen.
Wi2021 voor Amsterdamse gezinsmigranten Gemeentelijke wettelijke taken voor gezinsmigranten Gemeenten hebben onder de nieuwe wet voor gezinsmigranten minder wettelijke taken dan voor statushouders. Voor gezinsmigranten geldt dat gemeenten verantwoordelijk zijn voor: Brede intake en leerbaarheidstoets; Opstellen van een Plan Inburgering en Participatie (PIP); Voeren van voortgangsgesprekken; Aanbieden van het Participatieverklaringstraject (PVT); Organiseren van de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP). Gemeenten zijn onder de Wi2021 niet verantwoordelijk voor het aanbod van de inburgeringsroutes voor gezinsmigranten. Dit betekent dat gezinsmigranten zelf hun
12
ELIP staat voor Einde Lening Inburgeringsplichtige. ELIP is bedoeld voor statushouders die 75% of meer van hun DUO-lening hebben verbruikt én in de laatste 12 maanden van hun inburgeringstermijn zitten en bij wie de inburgeringstermijn (ook na verlenging) bijna verstreken is. 13 Het Kwaliteitsconvenant Taal en Inburgering is in 2018 ontwikkeld, om in samenwerking met taalscholen in de stad de kwaliteit van het inburgeringsaanbod te borgen en waar nodig te verbeteren.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 21 juni 2023 Pagina 8 van 10
voorbereiding op de inburgeringsexamens moeten organiseren en bekostigen. Zij kunnen hiervoor, net als in het vorige stelsel, een lening afsluiten bij DUO. Omdat het Rijk van gezinsmigranten verwacht dat hun partner hen kan helpen wegwijs te worden in de samenleving, heeft de gemeente geen wettelijke taak om maatschappelijke begeleiding aan te bieden. De Amsterdamse uitwerking van de Wi2021 voor gezinsmigranten Gezinsmigranten die inburgeringsplichtig worden onder het nieuwe inburgeringsstelsel, vallen vanaf het moment dat zij zich inschrijven in Amsterdam onder de Amsterdamse aanpak gezinsmigranten. Doel van deze aanpak is dat gezinsmigranten de inburgering behalen op het hoogst haalbare niveau en (zelfstandig) mee kunnen doen in de maatschappij. Uitgangspunt is dat de gemeente gezinsmigranten afhankelijk van hun behoefte op maat begeleidt, zodat zij hun eigen inburgeringstraject kunnen vormgeven. De aanpak gezinsmigranten, vastgesteld door de Raad in het najaar van 2021, bestaat uit vier onderdelen: 1. Een warm welkom in Amsterdam; 2. Een begeleidingstraject op maat; 3. Samenwerking met taalaanbieders; 4. Doorverwijzen naar aanbod in de stad. Ontwikkelingen bij het uitvoeren van de Wi2021 voor Amsterdamse gezinsmigranten Van 1 april 2022 tot en met 1 mei 2023 (peildatum) zijn 1474gezinsmigranten onder de wi2021 gevestigd in Amsterdam.
- In totaal hebben: 778 gezinsmigranten een kennismakingsgesprek gehad en zijn gestart met de brede intake; - Van hen hebben 767 gezinsmigranten de brede intake afgerond; - 689 gezinsmigranten hebben een advies gekregen voor de B1-route; - 78 gezinsmigranten hebben een advies gekregen voor de Z-route. Warm welkom Een belangrijk onderdeel van de Amsterdamse aanpak voor gezinsmigranten is een welkomstbijeenkomst. Tijdens deze bijeenkomst maken gezinsmigranten kennis met de stad, Nederland en elkaar. Daarnaast zorgen we dat gezinsmigranten op locatie kennis maken met de Nederlandse kernwaarden. Dat doen we in samenwerking met het Amsterdam museum. Dit zijn onderdelen van de participatieverklaring. Met ingang van maart 2023 is Amsterdam gestart met het aanbieden van de groepstrainingen MAP, waarin gezinsmigranten zich kunnen oriënteren op (hun mogelijkheden op) de arbeidsmarkt. Beperkte wettelijke taken voor gezinsmigranten Amsterdam is voorstander van het nieuwe inburgeringsstelsel, maar had graag gezien dat gemeenten ook regie zouden krijgen op het (organiseren van) het inburgeringstraject voor gezinsmigranten. Dat gezinsmigranten zelf verantwoordelijk blijven voor hun inburgeringstraject en de voorbereiding op de inburgeringsexamens zelf moeten bekostigen, is kwetsbaar. Uit
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 21 juni 2023 Pagina 9 van 10
onderzoek en onze ervaringen blijkt dat deze eigen verantwoordelijkheid niet voor iedereen realistisch is.14 Ook blijkt dat gezinsmigranten de kosten van een inburgeringstraject laten meewegen in de keuze voor een taalschool- en traject. Het weerhoudt gezinsmigranten van de keuze om een intensievere route te volgen zoals de onderwijsroute of de Z-route. Zij kunnen weliswaar een DUO-lening afsluiten waarmee ze de inburgering (grotendeels) kunnen bekostigen, maar dit betekent dat ze hun leven in Nederland starten met een schuld. De komende periode wordt benut om meer ervaring op te doen met de begeleiding van gezinsmigranten en een beter beeld te krijgen van hun ondersteuningsbehoefte en knelpunten die zij ervaren bij hun inburgering. Aan de hand hiervan kijken we naar ruimte voor verbetering, knelpunten nemen we mee in onze gesprekken met de G4, VNG en het Ministerie van SZW.
Tot slot Het college wil dat nieuwkomers optimaal mee kunnen doen in Amsterdam. Het nieuwe inburgeringsstelsel biedt ons de kans om de inburgering en participatie beter met elkaar te verbinden en integrale ondersteuning te bieden aan inburgeraars. We hopen dat hiermee inburgeraars op het voor hen hoogst haalbare niveau de taal leren en hun weg vinden in onze stad. Een betaalbaar, uitvoerbaar, lerend en adaptief inburgeringsstelsel De betaalbaarheid en uitvoerbaarheid van het inburgeringsstelsel staat onder druk en vraagt nog steeds inzet van gemeenten. Amsterdam is hier middels de VNG structureel in gesprek met het Rijk. De hogere aantallen statushouders hebben niet alleen effect op het aantal inburgeringstrajecten (waarvoor de Specifieke Uitkering wordt opgehoogd), maar ook op de uitvoeringskosten voor gemeenten (die gefinancierd worden via het Gemeentefonds). Het ministerie van SZW heeft het budget voor de uitvoeringskosten in de septembercirculaire van 2022 eenmalig opgehoogd. Uitgangspunt was daarbij dat gemeenten passende financiering ontvangen voor de uitvoering van de Wi2021, dus dat eventuele hogere (uitvoerings)kosten leiden tot een bijstelling van het budget. Dat is nog niet goed geregeld.
Om de inburgering echt goed vorm te kunnen geven, is Amsterdam middels de VNG met het Rijk in gesprek om daarnaast financiering voor participatie binnen de Wi2021 mee te laten groeien met de instroom van statushouders en om de onderwijsroute (ook in financieel opzicht) goed te regelen. Met de nieuwe inburgeringswet beoogt het Rijk een lerend en adaptief inburgeringsstelsel neer te zetten, met flexibiliteit om bij te sturen als de wet- en regelgeving in de uitvoeringspraktijk anders uitpakt dan voorzien. Amsterdam heeft een belangrijke rol in het aankaarten van knelpunten voor zowel statushouders als gezinsmigranten en deelt deze actief met de VNG en het Ministerie van SZW. De komende periode benutten we om meer ervaring op te doen met de uitvoering van de nieuwe wet en alert te zijn op verbetermogelijkheden. De gemeente Amsterdam heeft hierbij extra 14
Onderzoek Gezinsmigranten in Amsterdam van Onderzoek, Informatie en Statistiek. Gemeente Amsterdam, juli 2020.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 21 juni 2023 Pagina 10 van 10
aandacht voor belemmeringen bij het begeleiden van statushouders in het azc, voor de ondersteuning van inburgeraars onder de oude wet en voor kwetsbare gezinsmigranten. Het college spant zich in om de uitvoering van de nieuwe inburgeringswet in Amsterdam zo goed mogelijk te blijven uitvoeren en houdt de Raad op de hoogte van de voortgang.
Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Rutger Groot Wassink Wethouder Volwasseneneducatie, Laaggeletterdheid en Inburgering
BIJLAGE 1. Beleidsregels Inburgering gemeente Amsterdam 2022 2. Uitvoeringsbrief inburgering van ministerie van SZW 3. Beleidskader Amsterdamse Gezinsmigranten