CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

A - 30 Duurzaamheid en Circulaire Economie (29) 2 UA Duurzame Stad, Duurzame Banen

RAAD 15 september 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de raadsinformatiebrief inzake Voortgang Duurzaam Economisch Herstel VN2021-01864914.158 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Onze stad kent relatief veel zelfstandig ondernemers die werkzaam zijn in de sectoren die het hardst zijn getroffen door de crisis, zoals kunst- en cultuursector, toerisme, taxivervoer en horeca. Het beroep op ondersteuningsmaatregelen van de gemeente Amsterdam is hierdoor relatief groter dan in de rest van het land. Er is veel onzekerheid over de duur van de Coronacrisis en het tempo waarin de economie en de arbeidsmarkt zich daarna herstellen. Voor bepaalde sectoren wordt het wellicht nooit meer zoals vóór de crisis. Het Actieplan Veerkracht biedt zelfstandigen financieel perspectief tijdens en na de Coronacrisis. We willen dat zij in het eigen levensonderhoud kunnen voorzien, zonder te lijden onder (verborgen) armoede en schuldenproblematiek. En we willen dat zij een maximale bijdrage kunnen leveren aan het herstel van de Amsterdamse economie en werkgelegenheid.

Wat ze tot nu toe hebben gedaan Vanuit de samenwerking binnen de MBO-Agenda heeft het MBO een propositie uitgewerkt voor hun rol in alle stadia van om- en bijscholing (van werving tot plaatsing). Zij zien een belangrijke rol voor zichzelf in de oriëntatiefase voor het kunnen maken van een weloverwogen keuze. Zij-instromers kunnen zich via het MBO goed oriënteren, laten informeren en kunnen kennis maken met verschillende beroepen. Het MBO stelt daarbij belangrijke randvoorwaarden aan de gemeenten en UWV om hun rol goed te kunnen vervullen, zoals een goede selectie en voorbereiding van kandidaten, begeleiding tijdens scholing en werk en ondersteuning in inkomsten.

Wat het oplevert • Vanuit het initieel en post-initieel onderwijs, heeft het MBO een infrastructuur die ingezet kan worden voor het Regionaal Werkcentrum. • De mogelijkheid van het ontwikkelen van een oriëntatiefase voor zij-instromers wordt nader uitgewerkt.

Hoe zetten we dit in voor Duurzame Banen? Samen met de MBO-instellingen, werkgeversorganisaties, Nederlandse Raad voor Training en Opleiding (NRTO) die de private opleiders in de stad vertegenwoordigen, en met ASTA vertalen we de propositie naar concrete loopbaanpaden voor de tekortsectoren bouw en (installatie)techniek.

Hoe bereiken we dit? Tijdens de Coronacrisis konden ondernemers een beroep doen op de TOZO (Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandig Ondernemers) en TONK (Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten). Daarnaast is de schuldhulpverlening aan zelfstandigen verdubbeld en is er voor ondernemers mentale ondersteuning beschikbaar gekomen. Ook helpt de gemeente ondernemers bij oriëntatie en begeleiding naar ander werk; als ondernemer of in loondienst. Tot slot is het mogelijk om via de gemeente een ondernemerscoach in te schakelen.

Wat we tot nu toe hebben gedaan We hebben van de beroepsgroepen in de branches cultuur, taxi en horeca geanalyseerd welke vaardigheden werknemers bezitten en of deze overeenkomen met vaardigheden die nodig zijn voor andere, kansrijke beroepen. Hieruit is een top 5 aan matchende beroepen gekomen. Met sectorexperts en het Werkgeversservicepunt

onderzoeken we of de overstap mogelijk is en hoe we hierbij belemmeringen kunnen verminderen. Het type arbeidsrelatie dat de zelfstandige voor ogen heeft, is belangrijk bij het soort begeleiding naar een nieuw kansrijk beroep. Degenen die als werknemer verder willen gaan (zo’n 40% van de ondernemers die een beroep deed op ondersteuning van de gemeente) worden begeleid vanuit de route Switch. Degene die door willen gaan met ondernemen (circa 60% van de ondernemers die een beroep deed op ondersteuning van de gemeente) worden begeleid via de route Onderneemvaardig.

Wat het oplevert • We kunnen zelfstandigen goed informeren over de mogelijkheden in de duurzaamheidssector. • We strijken drempels voor een overstap zoveel mogelijk weg. Daarmee kunnen we ervoor zorgen dat zelfstandigen weer in het eigen levensonderhoud kunnen voorzien, als zelfstandig ondernemer of desgewenst in loondienst.

Hoe zetten we dit in voor Duurzame Banen? Alle grote investeringen vanuit de verduurzamingsmotoren worden ook ingezet om kansen te creëren voor de Amsterdamse zelfstandigen. Voor beide genoemde groepen verkennen we de mogelijkheden voor vakinhoudelijke omscholing om te kunnen werken in de duurzaamheidsector. Op basis van werkervaring, behoeften en eigen wensen verkennen we de toekomstperspectieven van de duurzaamheidsector.

Duurzame Stad, Duurzame Banen

29

2.2.4 Meer kans op Werk Jongeren

Hoe zetten we dit in voor Duurzame Banen?

Jongeren worden extra hard geraakt door de Coronacrisis: er zijn minder stages, ze raken sneller werkloos door flexwerk en tijdelijke contracten, hebben vaak onvoldoende arbeidsverleden voor een WW-uitkering, dreigen schulden op te bouwen en hebben dan vaak jaren nodig om hun slechtere startpositie recht te trekken. Tijdens de Coronacrisis hebben 2.000 jongeren een bijstandsuitkering aangevraagd en naar verwachting blijft dat de komende tijd toenemen. Ze stromen ook minder snel weer uit de bijstand. Na de zomer komt er een nieuwe golf schoolverlaters die moeite zullen hebben met het vinden van een baan. Met de aanpak Meer kans op Werk Jongeren willen we voorkomen dat jongeren in de bijstand komen en blijven.

• We enthousiasmeren jongeren en informeren

Hoe bereiken we dit?

Wat we tot nu toe hebben gedaan

We hebben in de vorige crisis laten zien dat extra aandacht voor deze groep het ontstaan van een verloren generatie voorkomt. We ontwikkelen een crisisaanpak, waarin we op de Jongerenpunten in de Stadsdelen persoonlijke ondersteuning op maat geven. We begeleiden hen naar opleidingen of banen. We zetten extra in op de begeleiding van jongeren met een migratieachtergrond via initiatieven zoals Spotlicht, Banenplan Nieuw-West en masterplan Zuidoost.

Werkende jongeren die via de Jongerenpunten werk vonden, krijgen intensieve begeleiding en een jobcoach die hen ook tijdens het werk coacht.

Wat het oplevert

hen beter over de mogelijkheden, carrièrekansen en loopbaanpaden in de bouw-, techniek- en duurzaamheidssector. • Om beter aan te sluiten bij de belevingswereld van jongeren versterken we de inzet van digitale informatie of social media campagnes, de inzet van VR-ervaringstools, peers en innovatieve bemiddelingsmethoden. • We leren deze jongeren goed kennen en bieden hen maatwerk via jongerenadviseurs en jobhunters. • Jongeren kunnen gebruik maken van nieuwe instrumenten, zoals de Startersbeurs vanaf MBO-3 niveau, het Jobcenter voor jongeren en de Werkacademie020. Daarbij werken we samen met de MBO-scholen en zetten we extra middelen in voor schoolverlaters. • We maken jongeren arbeidsfit door gerichte ondersteuning die belemmeringen wegneemt en door hen te begeleiden naar de juiste hulpverlening. • We zetten erop in dat jongeren hun onderneming voort kunnen zetten door samen te werken met het Regionaal Werkcentrum en het programma Veerkracht.

Door jongeren te enthousiasmeren voor de duurzaamheidssector en hen goed te informeren over de carrièrekansen, verwachten we dat er meer werkloze jongeren kiezen voor een baan in deze sector.

Duurzame Stad, Duurzame Banen

30

2.2.5 Van Social Return naar Sociaal Opdrachtgeverschap

Eteck start samenwerking met Pantar

Door Social Return als sociale voorwaarde op te nemen bij grote aanbestedingen verbindt de gemeente economische activiteiten in de stad met sociale opgaven. Zo zorgen we ervoor dat de gemeentelijke investeringen ook sociaal renderen.

Warmteleverancier Eteck gaat op het nieuwe Centrumeiland van IJburg duurzame energie leveren. Het bedrijf is maatschappelijk betrokken en draagt bij aan Social Return in de stad. Eteck ging op bezoek bij Pantar aan de Strekkerweg. De gesprekken en een enthousiasmerende rondleiding langs de werkplaatsen en het personeel, overtuigde Eteck van een goede match voor samenwerking. “Het personeel bij Pantar is zo enthousiast over het werk dat zij uitvoeren, dat werkt aanstekelijk.” aldus Eteck.

Hoe bereiken we dit?

Tijdens de Coronacrisis werd een aantal werkzaamheden van Pantar plotseling stopgezet, omdat ze niet meer uitgevoerd kon worden zonder dat de RIVM maatregelen werden overschreden. In de opslag van Eteck liggen 4.000 oude energie- en watermeters, waarvan een groot gedeelte goed recyclebaar is. Als interne MVO activiteit hebben de werknemers onderling een eigen demontagelijn opgetuigd om deze energie- en watermeters te demonteren. Na een testsessie besloten Eteck en Pantar om de demontage door Pantar uit te laten voeren. Een ware win-win situatie!

Social Return is een belangrijk onderdeel van het Amsterdamse inkoopproces. Met iedere opdrachtnemer bespreken we de kansen en mogelijkheden om actief bij te dragen aan arbeidsparticipatie en inzet van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt (werkplekken, stages en opleiden) en andere sociale doelstellingen. We streven naar minimaal 5% sociaal rendement. Dit doen we op slimme, rechtmatige wijze waarbij we proportionaliteit en de markt niet uit het oog verliezen. Het ‘comply’ of ‘explain’ principe wordt hier toegepast.

Deze opdracht aan Pantar is slechts het begin. In de toekomst worden er meer energie- en watermeters omgewisseld voor nieuwe slimme meters.

Wat we tot nu toe hebben gedaan De nieuwe Leidraad Sociaal Opdrachtgeverschap (voorheen Leidraad Social Return) geeft opdrachtgevers en inkopers een concreet kader en handelingsperspectief hoe Social Return toe te passen. De Leidraad haakt expliciet aan bij de ambities van het college. Belangrijke aandachtspunten zijn: • We bepalen zoveel mogelijk vooraf welke vormen van sociale impact we voor ogen hebben. Social Return is geen sluitstuk, we denken in een zo vroeg mogelijk stadium na over hoe investeringen die worden gedaan ook sociaal renderen. • We plaatsen sociaal aanbesteden en Social Return in het bredere perspectief van het sociaal opdrachtgeverschap en andere investeringen die de gemeente doet. Zo vragen wij ook aan partners in ons netwerk om bij te dragen aan het creëren van sociale impact.

Hoe zetten we dit in voor Duurzame Banen? Het idee achter Social Return is ‘wederkerigheid’ en ‘iets terug doen voor de stad als partner van de gemeente’. Dat willen we als gemeente nog meer dan voorheen promoten. Ook in het kader van de investeringen voor Duurzaam Herstel.

Duurzame Stad, Duurzame Banen

31

2.3

Bestaande instrumenten en trajecten

Reguliere ondersteuning voor werkzoekenden en werkgevers. 2.3.1 Aanpak Meer kans op Werk – startproces

Hoe zetten we dit in voor Duurzame Banen?

De groep Amsterdammers die al langer een beroep doet op financiële steun van de gemeente, zijn veelal mensen met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt. Door de Coronacrisis stromen nieuwe groepen werklozen in. Zij hebben een sterker profiel voor de arbeidsmarkt met recentere werkervaring. Hierdoor verzwakt de concurrentiepositie van de mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. We willen dat de nieuwe groepen mensen zo kort mogelijk een beroep hoeft te doen op de dienstverlening van de gemeente. Want hoe langer iemand in de bijstand zit, hoe lastiger het wordt om er weer uit te komen. Zo voorkomen we dat de afstand tot de arbeidsmarkt van werkzoekenden te groot wordt en daarmee hun kans op werk kleiner. Ook kan de aandacht dan weer zo snel mogelijk gaan naar de meer kwetsbare doelgroepen.

Amsterdammers met een uitkering die binnen één jaar weer aan het werk kunnen, enthousiasmeren we voor (omscholing naar) een baan in de duurzaamheidssector. Er is een toename van het aantal mensen in begeleiding bij WPI (en het RWC) met een kansrijk profiel om door te stromen richting de tekortsectoren. Dit betreft met name jongeren, de TOZO doelgroep en de nieuwe instroom. Daarbij bieden de middelen uit het steun- en herstelpakket van het Rijk (voor bijvoorbeeld om- en bijscholing) extra kansen.

Wat we doen Werk, Participatie en Inkomen (WPI) ontwikkelde een startproces voor Amsterdammers met een uitkering, die binnen een jaar kunnen worden bemiddeld naar werk. In dit startproces intensiveren we de gemeentelijke dienstverlening vóór toekenning van een bijstandsuitkering en in de eerste zes maanden na toekenning. Voor wie betaald werk (nog) niet tot de mogelijkheden behoort, wordt activerende dienstverlening ingezet.

Wat het oplevert Door de inzet van Banenplannen, doelgroepgerichte aanpakken (50+, aanpak Spotlicht), de cohortaanpak en een vernieuwd startproces zijn meer mensen naar werk of school uitgestroomd, waardoor het aantal bijstandsgerechtigden daalde.

Duurzame Stad, Duurzame Banen

32

2.3.2 Werkgeversservicepunt (WSP)

Hoe zetten we dit in voor Duurzame Banen?

Het WSP ondersteunt werkgevers met een warm hart bij het in dienst nemen van werkzoekenden met een afstand tot de arbeidsmarkt. Het werk dat beschikbaar is en het personeel dat de werkgever zoekt, is afhankelijk van het type organisatie dat zich hiervoor aanbiedt.

We zien nog (te) vaak een mismatch tussen de wensen en eisen van de werkgever (bijvoorbeeld een diploma op niveau 2 installatie- of elektro­techniek waar 1 à 2 jaar opleiding voor nodig is) en het opleidings- of ervaringsniveau van een werkzoekende met een afstand tot de arbeidsmarkt. We leggen hier meer nadruk op en zorgen voor de nodige investering. De werkgevers vragen we om het werk anders te organiseren, met samenvoeging van taken op niveau 1 die een nieuwe baan creëren.

Wat we doen We ondersteunen werkgevers uit de technische, bouw- en GWW- sector bij het organiseren van diverse leerwerktrajecten om werkzoekenden op te leiden voor het vak. We bieden hiervoor aan: • Oriëntatieperiode: De kandidaat wordt binnen 2 à 3 maanden getraind op vakmanschap en werknemersvaardigheden. In deze fase wordt duidelijk of de kandidaat geschikt is voor de specifieke werkzaamheden bij een bedrijf en wat er nodig is om de kandidaat op te leiden. • On the job trainingen: In een voortraject kunnen kandidaten via kortdurende opleidingen of trainingen de benodigde certificaten halen. Bijvoorbeeld een Veiligheid Certificaat Aannemers (VCA) of NEN (Nederlandse Norm). • BBL-opleiding: Indien nodig, bieden we (groepen) kandidaten én zij-instromers een BBL-opleiding aan waarmee ze een vakdiploma behalen. Het WSP werkt hierin samen met diverse vakopleiders en ROC’s.

Wat het oplevert • We begeleidden vorig jaar 233 mensen richting de Bouw en Techniek en 57 mensen richting de Groenvoorziening. • In het eerste kwartaal van 2021 zijn 104 mensen begeleid richting de Bouw en Techniek en 40 mensen richting de Groenvoorziening • In het Project Step2Save werken Vattenfall en WPI samen om werkzoekenden op te leiden tot energieadviseur, waarna zij huis-aan-huis energieadvies geven. Sinds de start in Amsterdam Noord in 2017 zijn 7.616 huishoudens van energieadvies voorzien.

Duurzame Stad, Duurzame Banen

33

2.3.3 Amsterdamwerkt! Amsterdamwerkt! is voor alle werkzoekenden die zich willen oriënteren of certificeren, en voor werkzoekenden die arbeidsritme, softskills en werknemers- of beroeps­ vaardigheden willen opdoen.

Wat we doen We bieden verschillende manieren aan om de werkzoekende te begeleiden naar werk in de duurzaamheidssector. Op dit moment bestaan er al de Voorschakels; Werken in de Haven, Technische dienst Hotel en Werkbrigade Schoon en Groen. En de interne leerstages; Metaal en Lassen, Fietstechniek en Amsterdamwerkt! in de wijk. Mensen die nog wat tijd en/of vaardigheden nodig hebben om de stap naar werk te zetten, kunnen deelnemen aan een interne leerstage. Mensen die klaar zijn voor werk maar nog beroepsvaardigheden en/of certificaten missen, kunnen een Voorschakeltraject volgen.

Wat het oplevert

Hoe zetten we dit in voor Duurzame Banen?

• Door het introduceren van experience center Duurzame

• We werken aan een betere aansluiting van

Banen met aansluitend een verkenningsfase en het bieden van de juiste opleiding, is meer kans op succesvolle aansluiting bij een werkgever en een duurzame baan. • Door bedrijfsbezoeken maken kandidaten kennis met banen en mogelijkheden die de sector biedt.

Voorschakeltrajecten en interne leerstages op technische beroepen in de duurzaamheidssector. Zo wordt in het netwerk van Vakschool Technische Installaties (VTi) samengewerkt met Installatiewerk Noord Holland (IWNH) voor een betere aansluiting bij vervolgopleiding van IWNH. • We onderzoeken de mogelijkheid voor het aanbieden van een experience center Duurzame Banen om Amsterdammers met belangstelling voor de techniek-, GWW- of bouwsector te inspireren om zich te laten omscholen. In deze verkenningsfase wordt een kandidaat binnen 2 à 3 maanden getraind op vakmanschap, soft skills en werknemersvaardigheden. Tijdens dit traject wordt duidelijk of de kandidaat geschikt is voor de specifieke werkzaamheden bij een duurzaam bedrijf of wat er nog nodig is om de kandidaat op te leiden voor een duurzame baan. • Kandidaten die de gewenste vaardigheden missen, kunnen door onze begeleiding ook werken in de duurzaamheidsector. Dat doen we binnen ongeveer 2 á 3 weken met workshops en bedrijfsbezoeken om de kandidaat te inspireren voor dit werkveld. In deze periode worden praktische en technische vaardigheden, fysieke belastbaarheid en werknemersvaardigheden beoordeeld. • Kandidaten kunnen een Veiligheid Checklist Aannemers (VCA) behalen, eventueel met ondersteuning van een trainer.

Dit certificaat is in veel gevallen een startkwalificatie om aan de slag te gaan bij een werkgever in deze branche.

Duurzame Stad, Duurzame Banen

34

De 1 kandidaten aan de slag bij groenaannemer e

Hadgu (32) en Michel (50) werkten bij de Werkbrigade en leerden daar het groenvak. Onlangs solliciteerden ze bij SchreudersGroen en werden aangenomen. SchreudersGroen is 1 van de raamcontractanten van de gemeente die zorgt voor het aanleggen van de 100 éxtra groenplekken in Amsterdam. Ze leverden al Social Return inspanningen en gaan nu als eerste groenaannemer ook kandidaten aannemen en opleiden voor de duurzaamheidsbranche.

We geven Amsterdammers graag deze kans “Als echt Amsterdams bedrijf zijn wij er trots op dat we mensen uit de stad deze kans kunnen geven. Bijna al onze medewerkers komen uit Amsterdam.” vertelt Wim Schreuders. “In het kader van Social Return hebben we de afgelopen jaren al meerdere mensen een plek geboden en daar hebben we goede ervaringen mee. Hadgu en Michel hebben een dag met ons meegelopen, zodat we elkaar wat beter hebben leren kennen. We vinden het vooral belangrijk dat er een goede match is tussen ons en de mensen die we aannemen, omdat we gaan voor duurzame relaties. We kijken dan ook uit naar hun komst.”

Werkend leren Hadgu en Michel gaan direct aan de slag en kunnen zich verder gaan ontwikkelen in het groenvak. "Het is erg fijn dat ze al werkervaring in het groen hebben opgedaan bij de Werkbrigade. Ze gaan bij ons meewerken in verschillende groepen, zodat ze veel

verschillende werkzaamheden kunnen uitvoeren en nog meer ervaring in het groen opdoen. Net als bij de andere medewerkers kijken we daarnaast welke opleidingen er nog nodig zijn voor hun verdere ontwikkeling. We hebben in ieder geval veel vertrouwen in hun bijdrage binnen ons bedrijf.” aldus Wim.

Duurzame organisatie SchreudersGroen heeft duurzaamheid hoog in het vaandel staan en streeft ernaar het milieu zo min mogelijk te belasten. "In onze samenwerking met de gemeente werken we aan prachtige projecten in Amsterdam. We werken aan de vergroening van de stad, maar bijvoorbeeld ook aan de vergroening én het herstel van de kademuren. Samen met de stadsecoloog ontwikkelen we hiervoor oplossingen die we bij volgende herstelwerkzaamheden weer kunnen inzetten. We zijn ook partner in het programma Rainproof. Het is fijn om samen te werken met mensen die klimaatwerk belangrijk vinden. Ook hergebruiken we onze materialen zoveel mogelijk. We vermalen bijvoorbeeld stoeptegels en maken daar weer bloembakken van, zodat we minder materiaal en geld verspillen. Zo werken we mee aan de toekomst, niet alleen voor onze (klein)kinderen, maar voor iedereen. Alleen samen kunnen we hier een succes van maken.”

Duurzame Stad, Duurzame Banen

35

2.3.4 Publiek-Private Samenwerkingen (PPS) De term PPS gebruiken we voor een intensieve, meerjarige samenwerking met het bedrijfsleven en het onderwijs. Door co-creatie en cofinanciering ontstaan nieuwe inhoud, leervormen en leerwerkplekken. De (technische) innovaties van de werkvloer vertalen we naar opleidingsprogramma’s. De lessen worden gegeven door professionals uit het bedrijfsleven, of door studenten die tijdens hun opleiding onderzoek doen voor een MKB-bedrijf. De studenten bezitten door deze samenwerking betere beroepskwalificaties en vinden eenvoudiger stages, opleidingsplekken en uiteindelijk werk. In heel Nederland zijn de afgelopen jaren dit soort samenwerkingsverbanden gestart. Met mooie concrete resultaten op het gebied van onderwijs, innovatie, praktijkgericht onderzoek en ondernemerschap. Deze PPS’en starten veelal vanuit het middelbaar beroepsonderwijs. Gericht op de jongere studenten. De samenwerkende partijen zien ook kansen voor projecten gericht op zij-instroom en bijscholing.

Vakschool Technische installaties (VTi) Met onder andere een subsidie van het Regionaal Investeringsfonds, startte ruim 4 jaar geleden de VTi. Na afloop van deze subsidie gingen de betrokken partijen samen door, om te blijven investeren in meer en beter opgeleide vakkrachten voor de installatiebranche. Daarbij zijn ook nieuwe thema’s toegevoegd, zoals meer zij-instroom en mogelijkheden voor doorontwikkeling. Daarmee vormt VTi een belangrijke schakel binnen ASTA. VTi ontwikkelt met de betrokken werkgevers een nieuw traject om zij-instromers binnen 2 jaar naar een vaste baan te begeleiden binnen de elektra- en installatiebranche. De zij-instromers ontvangen extra begeleiding en scholing om uiteindelijk volwaardig vakman te worden. Daarnaast is er een nieuwe opleiding Commercieel Technicus

ontwikkeld. Het doel is om een ander soort studenten aan de branche te binden in banen waarvoor commerciële mensen nodig zijn.

NexTechnician Ook de partners van NexTEchnician hebben, na een eerste project-subsidieperiode, gekozen voor voortzetting van de samenwerking. Binnen deze PPS is een nieuwe studierichting ontwikkeld voor een diagnose specialist voor ‘Personenauto’s elektrisch vervoer’ en een zij-instroomtraject voor ‘Monteur bus elektrische aandrijvingssystemen’. Twee keer per jaar starten 12 zijinstromers een traject van 4 maanden voor de opleiding ‘(elektrische) fietstechniek’. Uit deze samenwerking komt ook de Technology Talent Hub voort. Dit wordt een broedplaats in Amsterdam om jongeren en zij-instromers te inspireren om een technische (studie-)loopbaan te kiezen.

Nieuwe PPS’en in de sectoren Bouw en Metaal De samenwerking tussen beroepsonderwijs en bedrijfsleven in de sectoren Bouw en Metaal verliep de afgelopen jaren goed. Om de samenwerking te intensiveren, zijn het afgelopen jaar in beide sectoren afspraken gemaakt tussen de gemeente, MBO-opleidingen en (de opleiders van) de brancheorganisaties. De samenwerkingen krijgen in de volgende PPS’en vorm:

Het vertrouwen in de samenwerking is zo groot dat Bouwmensen in deze economische crisis 50 extra leerwerkplekken met gratis opleiding beschikbaar stelt. Na een selectieprocedure kunnen de studenten meteen aan de slag bij één van de bouwbedrijven die zijn aangesloten bij de Amsterdamse afdeling van Bouwend Nederland. Het betreft vacatures met opleiding als Timmeren, Metselen, Servicemonteur gebouwen en Uitvoering.

Amsterdams Centrum voor Tech Talent (ACTT) Voor de moderne metaalindustrie komt een nieuw, professioneel en toekomstbestendig centrum voor technisch praktijkonderwijs. Op de locatie van het ROC van Amsterdam aan de Tempelhofstraat is hier al een start gemaakt. Voor beide PPS’en is onlangs een kwartiermaker aangesteld om een duurzaam, compleet en innovatief onderwijsaanbod vorm te geven. Deze projectleider brengt en houdt de externe partijen bij elkaar en faciliteert en begeleidt hen in hun samenwerking. Het vergroten van het zij-instroom aanbod en de aansluiting op ASTA zijn daarbij prioriteit.

BouwAcademie Amsterdam Bouwmensen Amsterdam en het ROC van Amsterdam werken al jaren samen op de locatie aan de Verrijn Stuartweg in Diemen. Het ROC van Amsterdam (College Noord) gaat al haar bouwopleidingen daar onderbrengen. Het pand wordt komend jaar verbouwd, waarna het ruimte biedt om jaarlijks enkele honderden bouwstudenten van de verschillende niveaus en opleidingen te huisvesten. Duurzame Stad, Duurzame Banen

36

Ik sta aan het begin van een mooie carrière Chris Dekker – Servicemonteur in opleiding Op 3 maart 2021 is een pilot leerwerktraject gestart om voor de energietransitie aan de slag te kunnen gaan in de installatietechniek. Barman Chris Dekker (35) besloot zich aan te melden.

Van barman naar monteur Chris stond jarenlang met veel plezier achter de bar in een nachtclub op de Warmoestraat. Net voor de Coronacrisis hield zijn contract op en kwam hij niet meer aan het werk. “Na mijn havo wist ik niet wat ik wilde doen. In de horeca heb je veel sociale contacten en dat beviel me goed.” Maar sinds Chris vader is geworden, wil hij een baan met meer toekomstperspectief.

Zo kan ik me wél omscholen

Ik wil zoveel mogelijk leren

“Ik vond het altijd al leuk om thuis te klussen en een beetje te sleutelen.” vertelt Chris. Toen hij zijn badkamer verbouwde, bleek hij er best goed in te zijn en kwam hij op het idee om misschien wel loodgieter te worden. “Maar dan moet je naar school en dat is lastig met een dochter en vaste lasten. Het is ook een breed beroep en ik had geen idee welke richting ik dan zou moeten kiezen.” Via via kwam het leerwerktraject van Bonarius Service uit Zwanenburg op zijn pad. Chris solliciteerde en werd toegelaten. “Dan kun je beginnen! Twee dagen in de week zit je op school met theorie en praktijklessen en de andere 3 dagen loop je mee met een ervaren collega. Ik ben veel onderweg en die vrijheid is heerlijk. En ik kom ook bij mensen thuis en maak dan een gezellig praatje. Je opleiding wordt betaald, je krijgt meteen salaris, een bedrijfsbusje en kwalitatief gereedschap. Echt super goed geregeld, op deze manier kan ik me wél omscholen.”

In de groep van Chris zitten 5 jongens die allen uit de horeca of van Schiphol komen. Met intensieve begeleiding, halen ze binnen een paar maanden de benodigde certificaten. “Je springt echt in het diepe maar je weet wel in de 1e week al of dit iets is voor je is. Mijn plan is om zoveel mogelijk te leren van wat me hier aangeboden wordt. Nu doe ik onderhoudstechniek, straks ben ik servicemonteur en van daaruit kan ik me nog verder ontwikkelen. We hebben net onze eerste les gehad over warmtepompen. We werken met de nieuwste innovaties en dat is tof. Ik sta nog aan het begin van mijn carrière, maar weet zeker dat ik de goede keuze heb gemaakt.“ Bij deze pilot zijn betrokken: Installatiewerk Noord-Holland, House of Skills, het Regionaal Werkcenter, Werkgevers Servicepunt, Gemeente Amsterdam, Luchtvaart Community Schiphol, Wij-Techniek, Dmissi Electro en Bonarius Bedrijven.

Duurzame Stad, Duurzame Banen

37

Hoofdstuk 3 Resultaat en monitor

Duurzame Stad, Duurzame Banen

38

Resultaat en Monitor Prognose van het economische effect De versnelde investeringen jagen andere investeringen in de markt aan, daarmee behouden we werk en ontstaat extra werk. SEO economisch onderzoek en CE Delft maakten in de zomer van 2020 een prognose van de effecten van de geplande stedelijke verduurzamingsprogramma’s op de werkgelegenheid1. SEO berekende dat de motoren én de staande beleidsambities samen kunnen leiden tot het activeren van private investeringen van € 2,7 miljard tot en met 2025. En dat er door die gezamenlijke investeringen in 5 jaar tijd circa 3.800 arbeidsjaren aan netto werkgelegenheid kan ontstaan. Gemiddeld dus 760 arbeidsjaren netto werkgelegenheid per jaar. Deze netto werkgelegenheid bestaat uit baanbehoud (wanneer het alternatief werkloosheid zou zijn) en uit extra banen. Het verloop ervan zal niet lineair zijn. SEO hanteerde een input-outputmodel voor het berekenen van de economische effecten. Daarbij wordt de toegevoegde waarde, die als gevolg van de investeringen ontstaat, berekend voor verschillende sectoren. Vervolgens wordt berekend hoeveel fte nodig is om deze toegevoegde waarde te realise­ren. Dit is de bruto werkgelegenheid van de duurzaamheidsmaatregelen.

Zes motoren voor Duurzaam Herstel Binnen het programma Duurzame Stad, Duurzame Banen wordt een deel van deze private investeringen en werkgelegenheid gegenereerd. Hoeveel investeringen en banen er per motor exact ontstaan, is op voorhand niet te zeggen. Wel geeft het onderzoek een indicatie. De prognose van SEO betreft een grotere scope dan de

huidige 6 motoren. Zo is voor bijvoorbeeld het onderwerp ‘zon’ een prognose gedaan voor onze totale ambitie (250 MW in 2022 en 550 MW in 2030), waarbij het een gedeelte de Zonmotor betreft (in het SEO-rapport weergegeven als ‘additioneel’). Het onderzoek van SEO geeft ons een belangrijke indicator en richting voor de kansen die er liggen op werk. Deze kansen willen we zoveel mogelijk verzilveren, onder andere door extra inzet en investeringen genoemd in dit programma. In de brief ‘Meer vakkrachten voor duurzaamheid’ van maart 2021 stelden we dat we de komende 3 jaar minimaal 1.000 extra Amsterdammers willen begeleiden naar omscholingstrajecten of werk in duurzaamheidssectoren.

Waar ontstaat het werk? Het werk ontstaat in verschillende sectoren, afhankelijk van de investering. Het input-outputmodel berekent aan de hand van een macro-economische model, de totale investeringen en de werkgelegenheid in de hele keten van een ‘productieproces’. Wij hebben geen zicht op wat er bij partners en in de gehele keten aan werk ontstaat als gevolg van de investeringen. Ook is de gemeente geen partner in het werving- en selectieproces van individuele bedrijven. Evident is dat er een directe relatie is tussen investering in de economie en het ontstaan van werkgelegenheid. Onze samenwerkingspartners (en hun onderaannemers en leveranciers) werken echter niet enkel aan projecten uit de 6 motoren of andere programma’s in de stad. Hun bedrijfsvoering, de groei en krimp van hun personeelsbestand en soorten functies, is van veel meer factoren afhankelijk, dan enkel de gemeentelijke investeringen.

We verantwoorden ons daarom met name op de gemeentelijke inspanningen om Amsterdammers naar omscholingstrajecten en werk in de duurzaamheidssector, bouw en techniek te begeleiden. Op macro-economisch niveau volgen wij de trends in deze sectoren. Ook over de afspraken met onze directe samenwerkingspartners leggen wij verantwoording af.

Monitor Door een monitor geven we inzicht in het tempo van de stedelijke investeringen die werk genereren. We laten zien hoeveel werkzoekenden we vanuit de gemeente hebben begeleid naar omscholing én werk en we laten de groei zien van banen in de duurzaamheids-, bouw-, en technieksector in het algemeen. Ook presenteren we de voortgang en ontwikkeling van samenwerkingsverbanden en afspraken met werkgevers en onderwijsinstellingen. Tot slot brengen we knelpunten in de uitvoering van de programma’s in kaart, zodat we hierop kunnen interveniëren. Net als de Uitvoeringsagenda volgt ook de monitor een iteratief proces. We passen deze aan wanneer relevante data toegankelijk of meetbaar zijn. En als blijkt dat iets in de praktijk wel of niet werkt, dan passen we de koers aan.

1 Tieben, B. (et al) (2020) Duurzaamheid en economisch herstel Amsterdam, SEO Economisch Onderzoek / CE Delft, in opdracht van de gemeente Amsterdam. Duurzame Stad, Duurzame Banen

39

De voortgangsmonitor bestaat uit de onderdelen:

Lange termijn

Externe factoren

1. De macro-economische ontwikkelingen en arbeidsmarkteffecten. 2. De ontwikkeling van de werkgelegenheid in de duurzaamheidssector (en in een later stadium), bouw- en technieksectoren. 3. De ontwikkeling van de mismatch in technische sectoren. 4. Het beschikbare aanbod: het aantal werkzoekenden met benodigde vaardigheden. 5. De voortgang van de 6 motoren uit het Duurzaam Herstelpakket op uitvoering, bestedingen en afspraken over omscholingstrajecten en werkgelegenheid. 6. Waar mogelijk, de voortgang van werkgelegenheid in andere stedelijke programma’s die zorgen voor een Toekomstbestendige stad.

Het programma wil niet alleen op korte termijn effect genereren, maar ook op de lange termijn een proces op gang brengen naar meer variatie in werkgelegenheidssectoren in Amsterdam. In de Coronacrisis hebben we gezien dat Amsterdam sterk leunt op toerisme en horeca. Naast deze sectoren, willen we de lokale economie versterken door Amsterdammers te verleiden en te begeleiden naar werk in de duurzaamheidssector. In deze sector liggen volop kansen op werk, met name in beroepen als elektriciens, elektronicamonteurs, elektrotechnisch ingenieurs en technici bouwkunde en natuur.

In het realiseren van onze ambities hebben we uiteraard ook met externe factoren te maken te maken, waar de gemeente geen invloed op heeft. Denk daarbij aan het mogelijk weer aantrekken van de economie. De laatste cijfers laten een daling van de werkloosheid zien. Maar ook aan nog onvoorziene, lange termijneffecten van de Coronacrisis. Ook de keuzevrijheid van individuen (in welke sector willen mensen werken?) en aan een nog altijd groot tekort aan werknemers die kiezen voor deze sector, zijn factoren waar wij geen directe invloed op hebben.

Financiën Het Duurzaam Herstelplan bevat 6 geïdentificeerde ‘motoren voor Duurzaam Herstel’. De investering voor de gemeente die hiervoor nodig is, bedraagt circa € 78 miljoen. Het Duurzaam Herstelplan wordt gedekt uit het Klimaatfonds.

Wat zijn arbeidsjaren? Arbeidsjaren zijn een maatstaf voor het arbeidsvolume. Het wordt berekend door alle banen (voltijd en deeltijd) om te rekenen naar voltijdbanen, ook wel voltijdequivalenten (VTE) genoemd. Zo leveren twee halve banen (elk 0,5 VTE) gedurende één jaar samen een arbeidsvolume van één arbeidsjaar op. Als we het hebben over 3.800 arbeidsjaren tot en met 2025, dan gaat het om een hoeveelheid werk van 3.800 voltijdsbanen in een periode van 5 jaar. Een netto werkgelegenheid van 3.800 arbeidsjaren in een periode van 5 jaar, betekent dat er gedurende die 5 jaar in totaal 3.800 arbeidsjaren behouden blijven (als werkloosheid het alternatief zou zij) of bijkomen. Gemiddeld dus 760 arbeidsjaren per jaar.

Duurzame Stad, Duurzame Banen

40

Duurzame Stad, Duurzame Banen 2021-2022 Rapportage 2021

Vastgesteld door het college van B&W 1 juni 2021

In samenwerking met Directies Ruimte en Duurzaamheid (R&D), Werk, Participatie en Inkomen (WPI), Economische Zaken (EZ), Onderwijs, Jeugd en Zorg (OJZ), Wonen, Gemeentelijk Vastgoed (GV), Chief Technology Office (CTO), Verkeer en Openbare Ruimte (V&OR) en Bureau Social Return.

Ontwerp Ontwerpwerk

amsterdam.nl/duurzaam

ONT2021030

Colofon

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10571185/1