CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

A - 29 Grond en Ontwikkeling (22) 1. concept-investeringsnota Dichtersbuurt

RAAD 8 november 2023, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van de investeringsnota Dichtersbuurt en het beschikbaar stellen van kredieten VN2023-02196821.240 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

10. Ontwikkelstrategie 10.1 Grondruil

De nieuwbouw van de Dichtersbuurt wordt gerealiseerd in een nieuwe verkaveling. Voor deze vernieuwing is een aanpassing van de perceelsgrenzen noodzakelijk. In de huidige situatie is 29.670 m² grond in erfpacht uitgegeven aan de corporaties. In de nieuwe situatie wordt dit circa 25.072 m². De hoven die in de bestaande situatie wel nog in erfpacht uitgegeven zijn, horen toekomstig bij de gemeente en zijn openbaar toegankelijk. In naastgelegen tekening is een overzicht te zien van de huidige erfpachtsituatie en de nieuwe situatie.

10.2 Realisatie

Het vernieuwingsplan voor de Dichtersbuurt met zo’n 850 nieuwe woningen wordt door Eigen Haard ontwikkeld en gerealiseerd, waarbij Stadgenoot zijn huidige bezit aan Eigen Haard overdraagt. De planning en fasering wordt in de ontwerpfase nader uitgewerkt. De herhuisvesting van de eerste bewoners zal naar verwachting medio 2023 kunnen starten na afgifte van de peildatum. Voor de herhuisvesting wordt uitgegaan van een periode van maximaal 1,5 jaar volgens de Amsterdamse Kaderafspraken tot aan de eerste sloop. Dit betekent dat in 2025 de eerste bouwfase van start zal kunnen gaan. De nieuwbouw zal naar verwachting aaneensluitend worden gerealiseerd. Tijdens de transitiefase zal rekening gehouden worden met het beperken van overlast voor omwonenden en het leefbaar houden van de buurt. Er wordt rekening gehouden met een totale bouwperiode van circa 8 tot 10 jaar. Dit betekent dat het gehele nieuwbouwproject volgens de huidige inschatting in 2032 kan worden opgeleverd.

1

2

2

3

4

4

10.4 Taakverdeling

De vernieuwing van de Dichtersbuurt valt onder de afspraken van het Aanvullend Convenant Erfpacht (ACE). Dit betekent dat de corporatie verantwoordelijk is voor de herhuisvesting van de huidige huurders, de sloop en het bouwrijp maken van het gebied en voor eigen rekening en risico de nieuwbouw realiseren. De gemeente is verantwoordelijk voor de inrichting van de openbare ruimte.

10.5

Met ingang van 1 januari 2024 zal de Omgevingswet van kracht zijn en zullen de concrete nieuwbouwplannen volgens de nieuwe wet vergund worden. De verwachting is hierbij dat zeker de eerste jaren gewerkt zal worden met de buitenplanse omgevingsactiviteit (BOPA) of de TAM-IMRO, waarbij nog tijdelijk gewerkt kan worden met de huidige techniek van planvorming.

Fasering voor ontwikkeling

Huidige erfpachtsituatie

Nieuwe erfpachtsituatie

4

4

10.3 Fasering

na vaststelling van de investeringsnota zal eigen Haard een peildatum aanvragen voor start herhuisvesting fase 1. De nieuwbouw wordt vooralsnog in 4 fasen gerealiseerd: ■ ■ ■ ■ ■

Start nieuwbouw fase 1: 2025 Start nieuwbouw fase 2: 2027 Start nieuwbouw fase 3: 2029 Start nieuwbouw fase 4: 2031 Fasen 3 en 4 worden mogelijk als een fase gebouwd.

Investeringsnota Dichtersbuurt 59

11 Participatie

Kerkgebouw De Oase in de Dichtersbuurt Investeringsnota Dichtersbuurt 60

11. Participatie Bewonerscommissie In de Dichtersbuurt bestond al een kleine bewonerscommissie. Bij de start van het planproces heeft de bewonerscommissie zich uitgebreid, zodat er een betere afspiegeling was van de buurt. De bewonerscommissie wordt ondersteund door een externe bewonersondersteuner. Eigen Haard overlegt regelmatig met de bewonerscommissie en betrekt hen bij de verschillende stappen in het vernieuwingstraject. De bewonerscommissie is betrokken geweest bij de selectie van een stedenbouwkundig bureau voor het maken van het vernieuwingsplan, denkt actief mee over het woonwensenonderzoek en het participatietraject. De corporatie volgt in het overleg met de huurders de ‘‘Kaderafspraken Vernieuwing & Verbetering’’. HBO Argus Naast de bewoners van de Dichtersbuurt is ook aan de Huurders Belangenorganisatie Argus advies gevraagd over de vernieuwing van de buurt. Met name vanwege de grote woningvraag in Amsterdam heeft HBO Argus geadviseerd om te kiezen voor de volledige sloop/nieuwbouwvariant. Hiermee kunnen de meeste woningen worden terug gebouwd en dat biedt ook de meeste kansen aan de huidige bewoners om terug te keren naar nieuwbouw. Ook kan met nieuwbouw een betere duurzaamheid gerealiseerd worden. Verder adviseert HBO Argus om woningen in verschillende groottes te bouwen, zodat er een echt gemengde buurt kan ontstaan.

Tenslotte constateert HBO Argus dat voor zover men het proces richting de zittende bewoners kan beoordelen, dat dat zorgvuldig is verlopen en bewoners op een goede manier bij de besluitvorming zijn betrokken. Klankbordgroep Zowel de huurders van de te slopen woningen als de omwonenden zijn door de gemeente en de corporaties uitgenodigd mee te denken over de nieuwe inrichting van het gebied. Hiervoor is een klankbordgroep ingesteld waarmee het nieuwe stedenbouwkundige plan is besproken. De klankbordgroep is 2 keer bij elkaar geweest. Vanwege het kleine aantal deelnemers is vervolgens gekozen om in plaats van met de klankbordgroep toch te werken met algemene buurtbijeenkomsten.

Woonwensenonderzoek Door Eigen Haard is als onderdeel van de planvorming in 2021 een woonwensenonderzoek uitgevoerd. Ongeveer de helft van de bewoners heeft deelgenomen aan het onderzoek. Uit dit onderzoek blijkt dat de bewoners de buurt redelijk waarderen (7), maar dat de kwaliteit van de woningen te wensen overlaat (5,9). De meeste klachten gaan over tocht, vocht, schimmel, gehorigheid en het feit dat het kleine woningen zijn (40 m²). De buurt wordt gewaardeerd vanwege het groene karakter, de rust en de voorzieningen in de nabijheid (Plein 40-45 en de Slotermeerlaan). Gegeven dat er vernieuwd gaat worden, had in 2021 ruim 60% van de bewoners een voorkeur voor sloop/nieuwbouw en 23% zou graag zien dat een deel van de buurt behouden blijft. Ruim 60% van de bewoners geeft aan vooralsnog terug te willen keren in de buurt.

Voorkeursscenario Mede gezien de cultuurhistorische waarde van het gebied zijn in eerste instantie twee varianten uitgewerkt voor de vernieuwing van de Dichtersbuurt. In scenario 1 worden alle woningen van Eigen Haard en Stadgenoot gesloopt en vervangen door nieuwbouw. In scenario 2 blijven twee hofjes behouden en worden gerenoveerd. De andere woningen worden gesloopt en vervangen door nieuwbouw. Deze twee scenario’s zijn in juni 2022 voorgelegd aan de bewoners van de buurt. De huurders van Eigen Haard en Stadgenoot is gevraagd om hun voorkeur aan te geven. Uitgangspunt hierbij was dat als minimaal 25% van de huurders zijn stem uitbrengt, het scenario dat de meeste stemmen krijgt, zou worden uitgewerkt. De stemming is uitgevoerd door het Centrum voor Woononderzoek en afgestemd met de bewonerscommissie. In totaal hebben 243 bewoners een voor-

Twee varianten die aan bewoners voorgelegd zijn Investeringsnota Dichtersbuurt 61

Impressie van de bijeenkomsten in de Dichtersbuurt Investeringsnota Dichtersbuurt 62

ngskenmerken

keur uitgesproken (respons van 60%). 69% heeft een voorkeur voor scenario 1 en 16% voor scenario 2. Dit betekent dat scenario 1 is uitgewerkt tot deze investeringsnota. Participatie openbare ruimte In oktober en november 2022 gingen we met bewoners in gesprek over de uitwerking van het vernieuwingsplan. Op 26 en 29 oktober stonden Eigen Haard en gemeente in de buurt en konden bewoners een korte vragenlijst invullen over de openbare ruimte. De vragenlijst is ook huis-aan-huis verspreid. 49 bewoners hebben de vragenlijst ingevuld. Er is nuttige informatie opgehaald, onder andere: ■ De meeste deelnemers willen dat de plek bij de rotonde een groene plek wordt. ■ De meeste bewoners willen het liefste dat hun binnentuin achter de woning een mooie, stille, groene plek wordt of een speelplek wordt voor kinderen. ■ In de parkstrook tussen het fietspad langs het water en de Frans Bastiaansestraat willen sommige bewoners meer bloemen en planten of sportmogelijkheden zien. Sommige bewoners willen dat de parkstrook zo blijft als deze is. ■ De meeste bewoners willen liever een eigen balkon of tuin aan een hof of binnentuin, in plaats van aan de straat.

Presentatie concept-plannen Op 17 en 24 november 2022 waren er algemene bijeenkomsten om respectievelijk de huurders en omwonenden te informeren over het concept-vernieuwingsplan en de fasering van de werkzaamheden. Op 17 november waren er zo’n 80 huurders aanwezig. Op 24 november waren er circa 20 omwonenden. Inspraak In het tweede kwartaal van 2023 is er een inspraakperiode van 6 weken waarbij iedereen een reactie kan geven op voorliggende concept-investeringsnota. Alle bewoners en omwonenden hebben hiervoor een informatiekrant met de samenvatting van dit plan gekregen en men kan schriftelijk of digitaal een inspraakreactie geven. Ook worden aanvullende middelen ingezet om bewoners te wijzen op de mogelijkheid te reageren. De afronding van het stedenbouwkundig plan betekent niet het einde van de participatie. Bij het inrichtingsplan voor de openbare ruimte worden bewoners opnieuw betrokken.

Tevens zijn bijeenkomsten georganiseerd voor specifiek ouderen en ouders met kinderen om bij deze groepen specifieke wensen met betrekking tot de thema’s ontmoeten en spelen te horen. Dit was heel kleinschalig.

Investeringsnota Dichtersbuurt 63

12 13

Onderzoeksresultaten

Financiën Hof in de Dichtersbuurt Investeringsnota Dichtersbuurt 64

12. Onderzoeksresultaten De herontwikkeling van de Dichtersbuurt moet voldoen aan diverse milieutechnische randvoorwaarden en bijbehorende regelgeving. Definitieve onderzoeken hiervoor worden uitgevoerd in het kader van de bestemmingsplan- en/of vergunningsprocedure. De volgende onderzoeken geven een eerste indicatie van de (milieu)technische haalbaarheid en randvoorwaarden die aan de ontwikkeling worden gesteld.

Bodemonderzoek

De Dichtersbuurt is sinds de jaren ‘50 een woongebied geweest met weinig bodemvervuilende activiteiten. De bodemkwaliteitskaarten geven als verwachting hooguit een lichte verontreiniging van de bodem in de Dichtersbuurt. In het kader van de omgevingsaanvraag zal nader en meer gedetailleerd onderzoek plaatsvinden.

Flora en Fauna onderzoek

In het kader van de Flora- en faunawet is een natuurtoets uitgevoerd waarbij de effecten van ruimtelijke ingrepen op aanwezige soorten is onderzocht. Beschermde gebieden Gezien aard van de voorgenomen plannen en de relatief grote afstand tot het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied (7,5 kilometer) is het uit te sluiten dat negatieve effecten ontstaan op Natura 2000-gebieden als gevolg van de voorgenomen plannen. Om te kunnen bepalen of stikstofdepositie leidt tot negatieve effecten in Natura 2000-gebieden dient een AERIUS berekening te worden uitgevoerd. Ten aanzien van het NNN hebben de voorgenomen plannen geen negatief effect tot gevolg op de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN. In het oostelijk gedeelte ligt het projectgebied in de Ecologische structuur. Mogelijk dat door uitvoering van de werkzaamheden een negatief effect ontstaat op de Ecologische structuur. Dit dient te worden voorgelegd aan de ecologen van het Ingenieursbureau van de gemeente Amsterdam.

Beschermde soorten In het projectgebied komen mogelijk verschillende soorten voor die zijn beschermd van de Wet natuurbescherming. Het is uit te sluiten dat in het projectgebied beschermde libellen, kevers, weekdieren, reptielen en vissen voorkomen. Wel geldt voor alle aanwezige soorten in het projectgebied de algemene zorgplicht. De tabel geeft een overzicht van de mogelijk aanwezige en aangetroffen beschermde soorten in de omgeving van het projectgebied.

De ontwikkelingen in het projectgebied leiden mogelijk tot een overtreding van de Wnb. Voor vogelsoorten zonder jaarrond beschermde nesten, rugstreeppad, algemene spits-, woel- en ware muizensoorten, egel, konijn, en woelrat, bastaardkikker, bruine kikker, gewone pad, kleine watersalamander en meerki ker kan dit voorkomen worden door het nemen van mitigerende maatregelen. Voor huismus, steenmarter en vleermuizen kan door middel van nader onderzoek in beeld gebracht worden of de soorten aanwezig zijn, wat de effecten van de ontwikkeling

Soort(groep)

Bescherming

Functie projectgebied

Mogelijk effect

Ontheffing nodig

Maatregelen

Vogels

§3.1 Wnb (nest niet jaarrond beschermd)

Nestgelegenheid

Ja

Nee, mits maatregelen worden uitgevoerd

Snoeien en kappen wanneer geen broedgeval aanwezig is en buiten broedseizoen

Huismus

§3.1 Wnb

Essentieel leefgebied

Ja

Mogelijk

Nader onderzoek laten uitvoeren

Vleermuizen

§3.2 Wnb

Verblijfplaatsen in bomen

Ja

Mogelijk

Nader onderzoek laten uitvoeren

Vleermuizen

§3.2 Wnb

Vliegroutes

Ja

Mogelijk

Nader onderzoek laten uitvoeren

Vleermuizen

§3.2 Wnb

Foerageergebied

Ja

Nee, mits maatregelen worden uitgevoerd

Vermijden van verlichting, afschermen van armatuur en warm licht (<2700K) gebruiken

Rugstreeppad

§3.2 Wnb

Land- en overwinteringshabitat

Ja

Nee, mits maatregelen worden uitgevoerd

Ontstaan van geschikt habitat bij werkzaamheden voorkomen

Steenmarter

§3.3 Wnb

(Onderdeel van)Leefgebied, migratieroute

Ja

Mogelijk

Nader onderzoek laten uitvoeren

Algemene spits-, woel- en ware muizen, woelrat en konijn

§3.3 Wnb

(Onderdeel van) Leefgebied

Ja

Nee, algehele vrijstelling

Melden bij ODNHN, i.v.m. zorgplicht en bij het verwijderen van vegetatie één kant op werken

Egel

§3.3 Wnb

Overwinteringshabitat

Ja

Bastaardkikker, bruine kikker, gewone pad, kleine water salamander en meerkikker

§3.3 Wnb

Land- en overwinterings habitat

Ja

Nee, algehele vrijstelling

Melden bij ODNHN, werken buiten overwinteringsperiode i.v.m. zorgplicht en bij het verwijderen van vegetatie één kant op werken

Vaatplanten

ABS en ABS+

Habitat

Ja

Nee

Nader onderzoek laten uitvoeren

Melden bij ODNHN, werken buiten overwinteringsperiode i.v.m. zorgplicht en bij het verwijderen van vegetatie één kant op werken

Investeringsnota Dichtersbuurt 65

zijn en of een activiteitenplan en ontheffing van de Wet natuurbescherming nodig is. Voor ABS(+) plantensoorten leidt uitvoering van de werkzaa heden mogelijk tot overtreding van het gemeentelijk groenbeleid. Eventuele negatieve effecten aan de Ecologische structuur dient te worden voorgelegd aan de ecologen van het Ingenieursb reau van de gemeente Amsterdam. Mogelijk noodzakelijke aanvullend onderzoek wordt uitgevoerd en naar verwachting zal een ontheffing moeten worden aangevraagd.

Archeologische waarde

Op de Cultuurhistorische Waardenkaart van de Provincie NoordHolland staan geen waardevolle plekken of gebouwen genoemd. In het kader van het bestemmingsplan Slotermeer 2018 is een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd. De conclusie van het onderzoek is: ‘‘Op basis van de historisch-topografische analyse kunnen binnen het plangebied wijdverspreide sporen van landgebruik vanaf de 12de worden verwacht. Door grootschalig grondverzet in de 20ste eeuw zullen deze sporen verstoord zijn geraakt. Dwars door de Dichtersbuurt lag vroeger de Uitweg. Deze zone heeft beleidsvariant 5 gekregen. Uitzondering van archeologisch veldonderzoek geldt bij bodemingrepen kleiner dan 500 m 2 of ondieper dan 1,5 m onder maaiveld. De verwachting is dat voor delen van het plan nog nader archeologisch onderzoek noodzakelijk is. Verder geldt conform de Monumentenwet een meldingsplicht in geval tijdens de uitvoering van bouwwerkzaamheden archeologische sporen en/of vondsten worden aangetroffen. Dit houdt in dat de aanwezigheid van bodemvondsten ouder dan vijftig jaar bij bouwwerkzaamheden aan Bureau Monumenten en Archeologie gemeld wordt, zodat in overleg met de uitvoerder maatregelen getroffen worden tot documentatie en berging van de vondsten.

Luchtkwaliteitsonderzoek

De kern van de Wet Luchtkwaliteit bestaat uit (Europese) luchtkwaliteitseisen. Vanwege de beperkte verdichting in woningaantallen is de verwachting dat er een niet-betekenende toename van luchtverontreiniging is door extra verkeer. De nieuwbouwwoningen voldoen straks minimaal aan de huidige isolatie-eisen, wat leidt tot een vermindering emissie. Vanuit luchtkwaliteit zijn er geen belemmeringen voor de verdichting.

Investeringsnota Dichtersbuurt 66

Wateronderzoek

Wateronderzoek De Dichtersbuurt staat aangegeven als gebied waar regelmatig sprake is van wateroverlast. Om na te gaan of het nodig is om het maaiveld op te hogen, zijn de gegevens van de peilbuizen in de buurt geanalyseerd. Uit deze gegevens blijkt dat de gemiddelde hoogste grondwaterstand zich ongeveer 0,80 cm beneden maaiveld bevindt, met uitzondering van de locatie nabij de rotonde. Hier ligt de gemiddeld hoogste grondwaterstand 0,47 cm beneden maaiveld. Dit is ook de plek waar de meeste wateroverlast wordt geconstateerd. Als richtlijn hanteert de gemeente een ‘drooglegging’ van 90 centimeter. Hieraan wordt dus niet voldaan. In de volgende fase wordt nader onderzocht wat de reden is van de geconstateerde wateroverlast en welke maatreelen mogelijk zijn. Door de transformatie kan er in het vernieuwingsgebied sprake zijn van een toename van het verhard oppervlak. Het Waterschap Amstel-, Gooi, en Vechtstreek heeft als integrale keur vastgesteld dat minimaal 10% van het extra verhard oppervlak binnen hetzelfde watersysteem aan water dient te worden aangelegd. Bij een toename van minder dan 1000 m² verharding is geen compensatie nodig. De hoeveelheid verharding neemt in het project toe met ongeveer 8405 m². Deze extra verharding wordt conform de Keur gecompenseerd door de aanleg van 840 m2 extra wateroppervlakte.

Deze compensatie is reeds gerealiseerd met de aanleg van de Sloterparkbadsingel.

Kabels en leidingen

Er is inzicht in de aanwezige kabels en leidingen in het vernieuwingsgebied. De huisaansluitingen zullen worden opgezegd en verwijderd. Voor de nieuwe situatie zal in goed overleg met diensten en bedrijven een nieuw tracé voor de kabels en leidingen worden vastgelegd.

Akoestisch onderzoek

Door adviesbureau PEUTZ is een geluidsonderzoek uitgevoerd voor de vernieuwing van de Dichtersbuurt. De conclusie van het onderzoek is dat door de geluidbelasting van de Burgemeester Röellstraat en Slotermeerlaan de voorkeursgrenswaarde ter plaatse van een aantal woningen wordt overschreden. Ook wordt de voorkeursgrenswaarde vanwege industrielawaai van industrieterrein Westpoort bij een beperkt aantal woningen overschreden. De maximale ontheffingswaarde wordt zowel vanwege wegverkeers- als industrielawaai nergens overschre-

den. Door ter plaatsen van de woningen maatregelen te treffen (bijvoorbeeld door toepassing van bijvoorbeeld lokale gebouwgebonden afscherming of verglaasde balkons) kan voldaan worden aan de voorwaarden zoals opgenomen in het gemeentelijk geluidbeleid. In de volgende fase vindt aanvullend onderzoek plaats.

Grondbalans

Uitgangspunt is dat er wordt gewerkt met een gesloten grondbalans. Dat houdt in dat vrijkomende grond, voor zover milieuhygiënisch is toegestaan, zoveel mogelijk binnen het project moet worden hergebruikt. Grond die later weer op het terrein kan worden gebruikt voor aanvullingen, moet binnen het gebied worden opgeslagen. In het geval toch grond van de projectlocatie moet worden afgevoerd, geldt het volgende: ‘‘Grond die definitief vrijkomt op het project, blijft in beginsel eigendom van de Gemeente Amsterdam. De Grondbank (hierna GB), onderdeel van het Ontwikkelingsbedrijf Gemeente Amsterdam, tracht de definitief vrijkomende grondstromen binnen en/of van de gemeente zo nuttig mogelijk toe te passen in andere projecten. De GB verzorgt in kader de grondstroomcoördinatie binnen de Gemeente Amsterdam.’’

Civieltechnisch

De civieltechnische randvoorwaarden waaraan het plan moet voldoen zijn: de gemiddelde maaiveldhoogte wordt nader bepaald met als uitgangspunt een robuust peil in het licht van de klimaatverandering. Kasten, onderstations en dergelijke voor kabels en leidingen worden inpandig opgelost. In de planvorming moet rekening worden gehouden met de eisen voor toegankelijkheid voor nood- en hulpdiensten. Op basis van informatie van de peilbuizen blijkt de gemiddelde grondwaterstand zich op ongeveer 1 meter beneden maaiveld te bevinden. Streven is om minimaal 90 cm drooglegging te hebben tussen bebouwing en grondwater. Op basis van deze informatie lijkt er geen verdere grondophoging noodzakelijk te zijn.

Overige onderzoeken

Als onderdeel van de aanvraag voor een vergunning op basis van de Omgevingswet zal de aanvrager de daarvoor noodzakelijke onderzoeken (laten) uitvoeren. Dit gebeurt in de volgende fase. Mogelijke onderzoeken zijn met vormvrije m.e.r.-beoordeling, geluidsonderzoek, onderzoek naar stikstofdepositie, pfas-onderzoek, enz.

13. Financiën Voor de vernieuwing van de Dichtersbuurt is een grondexploitatie opgesteld om de financiële gevolgen van het plan in beeld te brengen en het plan te toetsen op de financiële haalbaarheid (zie bijlage financiële paragraaf Dichtersbuurt). Ruimtegebruik Het plangebied heeft een oppervlakte van circa 69.910 m². Binnen het plangebied is de verdeling uit te geven grond en openbare ruimte circa 25.072 m² uitgeefbaar grond en circa 44.835 m² openbaar gebied. Programma en opbrengsten In het plangebied worden circa 850 woningen gerealiseerd. Van dit programma is ongeveer 50 % sociale woningbouw, 25 % middeldure huurwoningen en 25 % vrije sectorwoningen. Op basis van dit programma is een raming gemaakt voor de grondopbrengsten. Investeringen De investeringen betreffen vooral de kosten voor het bouwrijp maken van de grond, de inrichting van de openbare ruimte en de proceskosten voor de voorbereiding en de uitvoering. Een belangrijke kostenpost betreft het verleggen van een stadswarmtetransportleiding en een gasleiding langs de Burgemeester Röellstraat. Onderdeel van de vernieuwing van de Dichtersbuurt is bovendien de herprofilering van de Burgemeester Röellstraat. De kosten voor deze herprofilering maken onderdeel uit van de grondexploitatie.

Saldo grondexploitatie De grondexploitatie kent een negatief saldo (netto contante waarde per 01-01-2023) dat ten laste komt van het vereveningsfonds. Deze fonds stimuleert de sociale woningbouwopgave. Het negatieve saldo wordt veroorzaakt, doordat het project binnen de regels van het ACE (Aanvullend Convenant Erfpacht) valt, waardoor de grondopbrengsten beperkt zijn en de kosten gemoeid zijn met het verleggen van de stadswarmteleiding langs de Burgemeester Röellstraat en de integrale herprofilering van deze straat. Economische uitvoerbaarheid Het plan voor de vernieuwing van de Dichtersbuurt is hiermee economisch uitvoerbaar. Planschade Voor de realisatie van de nieuwbouw dient een planologische procedure gevoerd te worden. Met de ontwikkelaar zal een planschade-overeenkomst worden afgesloten waarmee de ontwikkelaar zich verplicht zich jegens de Gemeente alle tegemoetkomingen in planschade (als bedoeld in Hoofdstuk 6 van de Wet ruimtelijke ordening) voor zijn rekening te nemen die ontstaan als gevolg van het in procedure brengen van enig juridisch planologisch besluit waarmee op verzoek van de ontwikkelaar wordt afgeweken van het thans vigerende bestemmingsplan ten behoeve van de vernieuwing. Hieronder vallen tevens de kosten welke gemoeid zijn met het inschakelen van de planschadebeoordelingscommissie en de eventuele taxateur.

De toekenning van eventuele tegemoetkomingen verloopt via de procedure zoals beschreven in de gemeentelijke planschaderegeling, welke ten tijde van het planschadeverzoek van kracht is.

Realisatie De realisatie van het project Dichtersbuurt zal naar verwachting aaneensluitend worden uitgevoerd. De start van de sloop staat gepland in 2025. De huidige inschatting is dat het gehele nieuwbouwproject in 2032 kan worden opgeleverd.

Investeringsnota Dichtersbuurt 67

Investeringsnota Dichtersbuurt 68

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13420106/1