A - 29 Grond en Ontwikkeling (22) 1. concept-investeringsnota Dichtersbuurt
Tekst van het document
Investeringsnota Dichtersbuurt september 2023
Opdrachtgever: Nabila Bouabbouz (G&O) Gemeente Amsterdam: Kees Vissers Berta Gruodyte Mei van Eeghen Anja Göhringer Dalia Malakschahi Mohamed Faghloumi
(projectmanager) (stedenbouwkundige) (stedenbouwkundige) (stedenbouwkundige) (stedenbouwkundige) (verkeersontwerper)
Sloterdijk Gerbrandypark
Plein ‘40 - ‘45
Dichtersbuurt
Sloterplas
Sloterstrand
in samenwerking met Sloterpark
Eigen Haard
Eendrachtspark Confuciusplein
De Zwarte Hond Linda van Heugten Kinga Murawska
(stedenbouwkundige) (stedenbouwkundige)
Confuciusspeeltuin
Mieke Ruisch, Ruisch ontwerp (ontwerper openbare ruimte)
Verantwoording beeldmateriaal, kaarten & foto’s: Beeldbank Amsterdam Collectie kaarten & foto’s: gemeente Amsterdam, De Zwarte Hond, Mieke Ruisch
Lambertus Zijlplein
Alle impressies en tekeningen zijn indicatief en hier kunnen geen rechten aan ontleend worden. Ligging van de Dichtersbuurt in Nieuw-West, Amsterdam
Inhoudsopgave 1. Inleiding 3
7.5
Parkeren 51
7.6
Overgang openbaar - privé
52
7.7
Sport, spel en ontmoeten
52
3. Analyse 7
7.8
Afval
53
3.1 Geschiedenis 7
7.9
Kabels en leidingen 53
3.2 Cultuurhistorische waarde 9
7.10
Nutsvoorzieningen 53
2. Opgave 5
3.3 Ruimtelijke opzet 9 3.4 Sociaaleconomische analyse 11
8. Duurzaamheid 55
3.5 Omgeving 13
8.1
Sociale duurzaamheid
55
3.6 Het plangebied
15
8.2
Klimaatadaptatie
55
4. Uitgangspunten voor vernieuwing (beleidsmatige onderbouwing
17
8.3
Natuurinclusief bouwen en biodiversiteit
55
8.4
Reductie CO2 uitstoot
55
4.1 Rijksbeleid 17 4.2 Beleid gemeente Amsterdam 17 4.3 Specifiek beleid voor Nieuw-West
18
9. Programma 57 9.1
Wonen
57
9.2
Programma niet-wonen
57
4.3 Algemeen beleid 19
5. Stedenbouwkundig plan 25
10. Ontwikkelstrategie 59
5.1 De visie 25
10.1
Grondruil 59
5.2 Ruimtelijke kenmerken van het plan
25
10.2
Realisatie 59
5.3 Het stedenbouwkundige plan 27
10.3
Fasering 59
10.4
Taakverdeling 59
6. Beeldkwaliteitsplan 37 7. Openbare ruimte 45 7.1
Hoofdsstructuur 45
7.2
Groenstructuur 45
7.3
Boomstructuur 47
7.4
Verkeer 51
11. Participatie 61 12. Onderzoeksresultaten 65 13. Financiën 67
Investeringsnota Dichtersbuurt 1
1 Voorwoord
Hof in de Dichtersbuurt Investeringsnota Dichtersbuurt 2
1. Inleiding Voor u ligt de Investeringsnota Dichtersbuurt. De vernieuwing van de Dichtersbuurt maakt onderdeel uit van de opgave zoals geformuleerd in de Principenota Geuzenveld-Slotermeer (2019) en de Omgevingsvisie Amsterdam 2050. Het doel van de vernieuwing is om de woon- en leefsituatie voor de bewoners in de buurt te verbeteren. Voor de woningvoorraad is het doel om met respect voor de cultuurhistorische waarde van het gebied te komen tot een grotere differentiatie van het woningaanbod en extra woningen toe te voegen. In deze Investeringsnota Dichtersbuurt leggen we de uitgangspunten en randvoorwaarden vast voor de vernieuwing van de buurt. Het plan voor de vernieuwing is gemaakt in overleg met de woningcorporatie Eigen Haard en de bewoners. In de investeringsnota gaan we achtereenvolgens in op de opgave, de huidige ruimtelijke situatie, de uitgangspunten voor de vernieuwing, de visie op de nieuwe buurt en vervolgens de ontwikkelstrategie om te komen tot deze nieuwe buurt. Ook beschrijven we op welke wijze de participatie en inspraak heeft plaatsgevonden.
Investeringsnota Dichtersbuurt 3
2 Opgave
Hof in de Dichtersbuurt Investeringsnota Dichtersbuurt 4
2. Opgave De Dichtersbuurt is een buurt met veel groen en een centrale ligging in de nabijheid van het winkelcentrum Plein 40-45 en de Sloterplas. De woningen in de buurt zijn in de jaren’50 van de vorige eeuw gebouwd en zijn toe aan vernieuwing. De wijk is in eerste instantie ontworpen als een buurt met eengezinswoningen. Vanwege de grote woningnood na de oorlog zijn de van oorsprong eengezinswoningen destijd voor de bouw omgezet naar beneden/boven-woningen (duplexwoningen). De woningen zijn klein, technisch verouderd en voldoen niet meer aan de eisen van deze tijd. Stedelijke verdichting In de stad is grote behoefte aan meer woningen. De Dichtersbuurt biedt goede kansen voor stedelijke verdichting: de buurt heeft nu een lage woningdichtheid, ligt langs de hoofdwegen Burgemeester Röellstraat en Slotermeerlaan en is goed ontsloten. In de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 is als opgave geformuleerd om de buurt te ontwikkelen tot een gemengde stadsbuurt met een stedelijke dichtheid waarbij de openbare ruimte zo groen mogelijk wordt ingericht en de kwaliteit en de bruikbaarheid van het groen verbeterd worden. Perspectief voor bewoners De vernieuwing van de Dichtersbuurt richt zich in eerste instantie op de huidige bewoners. Als het goed gaat met hen, gaat het immers ook goed met de buurt en wordt deze vanzelf aantrekkelijk voor nieuwe bewoners.
De huidige bewoners krijgen de kans om wooncarrière te maken. Het aanbod van nieuwe woningen rijkt van nieuwe sociale woningen tot woningen in het middensegment en koopwoningen.
Mix van mensen De woningvoorraad in de buurt is eenzijdig. In de Slauerhoffstraat bevinden zich 91 portiekwoningen die deels sociale huur en deels uitgepond zijn. De rest van de buurt bestaat uit kleine duplexwoningen in de sociale huursector. In totaal bestaat zo’n 90% van de woningen in de Dichtersbuurt uit sociale huurwoningen. Door in de nieuwbouw een gevarieerd aanbod aan nieuwe woningen te realiseren, biedt de buurt straks ook ruimte aan een grotere en gevarieerde groep bewoners: gezinnen met kinderen, ouderen, maar ook starters, alleenstaanden en stellen. Behoud van bestaande kwaliteiten De Dichtersbuurt is onderdeel van de tuinstad Slotermeer (Algemeen Uitbreidingsplan Amsterdam (AUP)) en ligt binnen het door het Rijk aangewezen wederopbouwgebied dat waardevol is vanwege de cultuurhistorische waarde. Uitgangspunt bij de vernieuwing is dan ook om de waardevolle kenmerken van het AUP te behouden. Deze kenmerken zijn: ■ ■ ■ ■ ■ ■
De openheid van de bebouwing, die verbinding maakt met het groen en het water De goede toegankelijkheid van de woningen en de goede bereikbaarheid binnen de stad Een in samenhang ontworpen groen netwerk Samenhangende buurt/betrokkenheid van de bewoners Sterke ritmiek in stedenbouw met herhalende (gevel)elementen en (indien aanwezig) kappen Bebouwingsvelden met geschakelde stempels zoals stroken, haken of solitaire gebouwen vormen een architectuureenheid
Verbetering van leefbaarheid op straat De Dichtersbuurt is een kleine buurt en is afhankelijk van de omliggende voorzieningen, daarom zijn goede routes van en naar de buurt belangrijk. Deze routes zijn primair bedoeld voor de bewoners van de buurt. Doorgaand verkeer dat niet in de buurt zelf hoeft te zijn, moet buitenom rijden. Bovendien is het doel om het ruimtebeslag door auto’s in de wijk zo klein mogelijk te houden, zodat met een hogere bebouwingsdichtheid de buurt toch groen kan blijven. Belangrijk bij de vernieuwing is dat bewoners vanaf hun woning de stedelijke groene gebieden zoals de Sloterplas makkelijk kunnen blijven bereiken. Duurzame buurt Een toekomstbestendige buurt is een duurzame buurt. Duurzaamheidsmaatregelen hebben te maken met klimaatadaptatie, energietransitie, circulariteit, mobiliteit, ecologie en sociale duurzaamheid. De nieuwbouw moet duurzaam en zoveel mogelijk klimaatneutraal gebouwd worden als bijdrage aan de energietransitie en wordt in ieder geval aardgasvrij. Een groene buurt draagt bij aan de klimaatopgaven van de stad (hitte, droogte, overstroming). De opgave is om van de Dichtersbuurt een toekomstbestendige buurt te maken waar bewoners prettig wonen en die bijdraagt aan de vraag naar woningen in Amsterdam.
In paragraaf 3.2 wordt hier verder op ingegaan.
Investeringsnota Dichtersbuurt 5
3 Analyse
Willem Kloosstraat Investeringsnota Dichtersbuurt 6
3. Analyse 3.1 Geschiedenis
Amsterdam Nieuw-West maakte oorspronkelijk deel uit van het Utrechts-Hollands veenweidelandschap. Op de plek van de huidige Dichtersbuurt bevonden zich uitgestrekte weilanden en sloten. Het polderlandschap werd doorsneden door de Groeneweg en de Uitweg, waaraan een aantal boerderijen stonden. Begin twintigste eeuw was Amsterdam grotendeels een verpauperde stad. Toen de gemeente Amsterdam in 1921 verschillende (delen van) buurgemeenten annexeerde, was dit aanleiding om na te denken over de ontwikkeling van de stad als geheel. Daarop werd het Algemeen Uitbreidingsplan voor Amsterdam in 1934 opgesteld, gebaseerd op de stedenbouwkundige principes van het CIAM, het moderne Bouwen. Het was voor het eerst dat ruimte voor ontspanning en recreatie zo’n prominente plek kreeg in een stedenbouwkundig ontwerp. Slotermeer werd de eerste Tuinstad in de Westelijke Tuinsteden. Het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog leverde echter een enorme vertraging op. Pas na de oorlog kwam er een vervolg op het plan uit 1939: uitbreidingsplan Tuinstad Slotermeer 1952. De Dichtersbuurt als onderdeel van de Tuinstad Slotermeer is dus ongeveer 60 jaar geleden gebouwd met het ideaal van een moderne woonwijk met relatief veel laagbouw, ingebed in een in samenhang ontworpen groen netwerk.
Als een van de eerste wijken van de Tuinstad die in het vervolg op Tuindorp Frankendael gezien kan worden is de wijk een experiment, waarin de stedenbouwkundige principes van het AUP duidelijk tot uitdrukking komen. De verkaveling was gemotiveerd door het streven om voor zowel de arbeiders als de middenklasse, op afstand van het stadscentrum, een aantrekkelijk woonmilieu te creëren.
Algemeen Uitbreidingsplan uit 1939 met daarin ligging Dichtersbuurt aangegeven: midden-hoogbouw is langs de hoofdontsluitingswegen geprojecteerd, daarachter laagbouw. Duidelijke straatwand aan de buurtstraat.
Historische foto van de Dichtersbuurt, 1964 Investeringsnota Dichtersbuurt 7
1. Herhaling ■ sterke, repeterende ensembles ■ eenvoud en repetitie in architectuur
2. Openheid en zichtbaarheid ■ toegankelijke hoven ■ goede zichtlijnen naar de hoven door verspringing in de rooilijn
4. Hiërarchie groenstructuur ■ orientatie in groen: stad-wijk-buurt-hof ■ royaal collectief en openbaar groen ■ zorgvuldig mee-ontworpen groen ■ rustige, groene, intieme hoven
5. Heldere mobiliteitshiërarchie ■ duidelijke hiëarchie voor alle modaliteiten ■ HR Holststraat als verbinder in de wijk
Kenmerken cultuurhistorische waarden Dichtersbuurt Investeringsnota Dichtersbuurt 8
3. Geschakelde stempels ■ vier stroken vormen samen twee L- vormige haken ■ verbijzondering aan de noord- en zuidzijde
3.2 Cultuurhistorische waarde
De Dichtersbuurt is gebouwd op basis van het ‘Algemeen Uitbreidingsplan’ van Van Eesteren met de wens om de vier hoofdfuncties van het stedelijk leven - wonen, ontspannen, werken en verkeer – op harmonische wijze tot ontwikkeling te laten komen. Ruimtelijk uitgangspunt was de toetreding van licht, lucht en ruimte bij het ontwerp van nieuwe woningen. Dit in tegenstelling tot de overbevolkte binnenstad en de negentiende-eeuwse buurten met gesloten bouwblokken en smalle binnengebieden. De Dichtersbuurt is hier een voorbeeld van: een stedenbouwkundige structuur van open verkaveling en een herhalende stempelstructuur als leidend motief waardoor 6 hoven gevormd worden. De architectuur van de woningbouw werd opgenomen in een groter geheel van L-vormige blokken. De architectuur is eenvoudig en sober maar op een kleinere schaal getuigen de doorwaadbare hoven met zichtrelatie naar het groen en de verbijzondering van de koppen van stedenbouwkundige kwaliteit. Bovendien ontstaat door de grote maat van de hoven een mooie ruimtewerking, met zichtlijnen tussen de straat en de hoven. De intimiteit van de hoven staat tegenover de sfeer van openheid tussen bebouwing en openbare ruimte langs de straten. Gebouwen met een bijzondere functie – zoals de kerk Oase voor Nieuw-West - bieden een tegenwicht aan de opeenvolging van gelijkgerichte en identieke woningen.
Ten slotte maakt de Dichtersbuurt onderdeel uit van het gebied dat door het Rijk is aangewezen als “wederopbouwgebied van nationaal belang”.
de structuur van de mobiliteit toegepast. Hier is de buurtstraat een belangrijke schakel, die alle Röellbuurten met elkaar verbindt. Deze heldere tuinstedelijke structuur met veel groen in de hoven en langs het water, lange zichtlijnen, een hiërarchisch stratenpatroon en open bouwblokken in ensembles zijn belangrijke basiskwaliteiten van de buurt. De eenvoudige en sobere architectuur ondersteunt de sterke stedenbouwkundige opzet van zich herhalende stempelpatronen. Kenmerkend is bovendien de geleidelijke overgang van private naar publieke ruimte waarin de schuurtjes langs de straten een belangrijke rol spelen. Doordat de woningen optimaal naar de zon georiënteerd zijn, zijn er veel achtertuinen aan de openbare ruimte. De groene stroken aan weerszijden van de wetering die zich ten noorden en oosten van de Dichtersbuurt bevindt, maakt deel uit van de doorlopende groenstructuur van Slotermeer tot aan de Sloterplas. Deze heldere landschappelijke compositie biedt de bewoners oriëntatie en houvast.
Cultuurhistorische waardering van de Dichtersbuurt
parkstad
stadsdeel buurt hoven
3.3 Ruimtelijke opzet
Stedenbouwkundig gezien heeft de Dichtersbuurt een eenvoudige opzet, die kenmerkend is voor het AUP bestaand uit zes bijna identieke, repeterende stempels, die herhaald zijn en een streng ensemble vormen. Elke stempel bestaat uit twee Lblokken, die gericht zijn rondom een groot groen, openbaar hof. Net zoals in de andere buurten in het AUP is hier een duidelijke hiërarchie van groen toegepast: door verschillende schalen van groen kan men al vanaf de voordeur groen ervaren om uiteindelijk grootstedelijk groen te bereiken. Hetzelfde principe is ook in
Ruimtelijke structuur van AUP bestaat uit vier schalen Investeringsnota Dichtersbuurt 9
Demografie
1.035
Gebiedskenmerken
*
Westers
Laag opgeleid
33%
Inwoners
67%
*
643 ruim 10090% % Woningen
Sociale huur
Hoge werkloosheid
Niet-westers Grote niet-westerse gemeenschap, voornamelijk van Turkse en Marokkaanse komaf
Groot aandeel sociale huur
14,5% 0-17 jaar
20,5%
100
Lage sociaaleconomische score
80
De SES is een inschatting van iemands positie op de maatschappelijke ladder op basis van inkomensen opleidingsniveau (% van inwoners met laag SES).
65 en ouder
Relatief oude bevolking en relatief kleine groep jongeren
1,3 Gemiddelde woningbezetting
60
40
Gezondheidsproblemen
46%
Slechts 64% leeft in goede gezondheid 50% heeft overgewicht
27%
€ €€
20
Dichtersbuurt Gemeente Amsterdam
0
69%
Grote schuldenproblematiek
door o.a. hogere werkloosheid (19%)
Overlast
Alleenstaand
veroorzaakt door buren en andere groepen
17%
Veel eenzaamheid
Gezinnen
Alleenstaanden vormen de grootste groep en gezinnen met kinderen vormen een kleinere groep
*
Laaggeletterdheid grotetaal moeite met lezen, eigen niet machtig en schrijven, daardoor ook rekenen ofom digitale vaardigheden. niet in staat Nederlands te leren
cijfers zijn inclusief de woningen aan de Slauerhoffstraat die niet binnen de projectgrens liggen
Cijfers uit 2022 (OIS Amsterdam) Investeringsnota Dichtersbuurt 10
Negatief
Leefbaarheid Positief
Scoort laag op leefbaarheidsindex
Veel psychische problemen
3.4 Sociaaleconomische analyse Bevolking De woningen in de Dichtersbuurt zijn oorspronkelijk ontworpen als eengezinswoningen voor gezinnen. Vanwege de grote woningnood na de Tweede Wereldoorlog zijn de van oorsprong eengezinswoningen gebouwd als kleine beneden/bovenwoningen (duplex). Hiermee waren de woningen vooral geschikt voor 1 en 2-persoonshuishoudens. Jarenlang zijn de woningen gelabeld geweest voor 50+ bewoners. Als gevolg hiervan wonen er veel alleenstaanden in de buurt en ook is het percentage ouderen relatief hoog. De Dichtersbuurt bestaat voor het merendeel uit duplexwonin gen en appartementen van Eigen Haard met ook een klein aantal woningen (20) van Stadgenoot. Aan de Slauerhoffstraat staat verder nog een woongebouw met 91 sociale huur en vrije sectorappartementen (koop). Dit gebouw maakt geen onderdeel uit van de vernieuwing van de buurt. Leefsituatie De leefsituatie in Nieuw-West is relatief ongunstig en verschilt steeds meer van de leefsituatie in andere buurten binnen de ringweg A10. De Dichtersbuurt scoort, net als de rest van de buurten in Geuzenveld-Slotermeer, over het algemeen ruim onder het stedelijk gemiddelde op veel kernindicatoren. Een aantal kenmerken is zorgelijk. Op de linker pagina staat er een aantal genoemd.
Gezondheid Veel bewoners van de Dichtersbuurt kampen met gezondheidsklachten. Slechts 64% van de bewoners leeft in goede gezondheid en de helft van de bewoners heeft overgewicht. Ook hebben veel bewoners te kampen met psychische problemen. Conclusie De leefsituatie van bewoners en de leefbaarheid in de buurt scoort slecht ten opzicht van het stedelijk gemiddelde. De Dichtersbuurt trekt al langere tijd vooral bewoners aan met weinig keuzemogelijkheden. Zij zitten in een negatieve spiraal. Het leidt tot een toenemende concentratie van armoede en bijbehorende problematiek. Daarnaast geeft de relatief slecht beoordeelde leefbaarheid de buurt voor huidige en potentiële bewoners een onaantrekkelijke uitstraling. Vanwege dit gegeven en het feit dat de woningvoorraad is verouderd, is de Dichtersbuurt voor zowel de gemeente als de gevestigde woningcorporaties een aandachtswijk.
Economische draagkracht De Dichtersbuurt kent een hoog percentage werkloosheid. Dit is zorgelijk, want dit heeft een negatieve invloed op de draagkracht van de bewoners. Wat ook een negatieve invloed heeft op deze geringe draagkracht is het feit dat veel bewoners van de Dichtersbuurt laagopgeleid zijn. Bovendien hebben veel bewoners een taalachterstand en zijn ze laag geletterd. Investeringsnota Dichtersbuurt 11
Locaties van stedelijke vernieuwing in Geuzenveld-Slotermeer Investeringsnota Dichtersbuurt 12
3.5 Omgeving Locatie in de stad De Dichtersbuurt heeft een centrale ligging in de grootstedelijke regio van Amsterdam: halverwege Haarlem en AmsterdamIJburg. Het uitgestrekte havengebied van Amsterdam ligt net ten noorden van de buurt, samen met bedrijventerrein Sloterdijk. De haven is een belangrijke bron van werkgelegenheid en biedt in de toekomst ruimte aan duizenden woningen. De Dichtersbuurt is onderdeel van stadsdeel Nieuw-West. Binnen Nieuw-West is de buurt onderdeel van de buurtcombinatie Slotermeer-Zuidwest. Vanuit de binnenstad van Amsterdam en vanuit de regio is de Dichtersbuurt op verschillende manieren te bereiken. Zo is er een directe tramverbinding (tram 13) met het Centraal Station (in een halfuur te bereiken). De binnenstad van Amsterdam is vanaf de Slotermeerlaan ook met de tramlijn 7 binnen een halfuur te bereiken. De andere kant op ligt treinstation Sloterdijk op 10 minuten afstand en met de Westtangent is er een hoogwaardige busverbinding tussen Sloterdijk en Schiphol, via de Slotermeerlaan. Deze buslijn verbindt de buurt ook met het centrum van Nieuw West (het Osdorpplein). Even verderop zijn er vanaf de Burgemeester de Vlugtlaan busverbindingen met het Centraal Station van Amsterdam (lijn 21) en met Zandvoort (lijn 80). De buurt ligt relatief ver van een metrostation.
Metrohaltes Jan van Galenstraat en Burgemeester de Vlugtlaan liggen beide op circa 1,5 kilometer afstand van de buurt, maar zijn via de verschillende tram- en busverbindingen in 5 minuten te bereiken. Kortom: ondanks de ligging aan de westrand van Amsterdam is de buurt per openbaar vervoer goed bereikbaar. Door bezuinigingen staat het openbaar vervoer echter wel onder druk. Ook per fiets is de Dichtersbuurt goed bereikbaar. Er zijn voldoende fietspaden die de buurt met de stad en haar omgeving verbinden. De autobereikbaarheid van de buurt is eveneens uitstekend. De buurt is vanaf de ringweg A10, de N200 (Haarlemmerweg) en de A5 (Westrandweg) in 5 minuten te bereiken.
Locatie in Geuzenveld-Slotermeer De Dichtersbuurt is onderdeel van Slotermeer in Nieuw-West. De buurt grenst direct aan een van de belangrijkste oost-westverbindingen van de stad, de Burgemeester Röellstraat. Ook ligt het aan de Slotermeerlaan en dichtbij Plein ‘40-’45. Een levendig gebied met veel buurtvoorzieningen. De Dichtersbuurt is – zoals vele buurten in Nieuw-West – ruimtelijk opgebouwd volgens het principe van de Schotse Ruit: tussen de ruitvormige structuur van wegen, water en groen ligt het woonveld van de Dichtersbuurt. Aan de zuid- en westzijde van de Dichtersbuurt liggen de hoofdverkeersnetten en aan de noord en oostzijde liggen waterwegen met singels. Aan de noordoostzijde begint de parkstrook van het Gerbrandypark met zijn talloze sportvoorzieningen en via het fietspad langs de oostzijde is het Sloterpark als recreatiegebied goed bereikbaar. Via deze groene landschapsscheg wordt de snelle verbinding gelegd naar het landschap buiten de stad. Op deze manier is er een opeenvolgende reeks van privaat groen naar openbaar groen gecreëerd, kenmerkend voor een tuinstadbuurt.
Projecten in de omgeving De vernieuwing van de Dichtersbuurt maakt onderdeel uit van de opgave zoals geformuleerd in de Principenota GeuzenveldSlotermeer. De vernieuwing in Geuzenveld-Slotermeer is ondertussen goed op gang gekomen. Naast de Dichtersbuurt wordt nu o.a. gewerkt aan de vernieuwing van de Lodewijk van Deysselbuurt, Nieuwenhuysenbuurt, Struijckenkade, Ruychaverkwartier en de Jan de Louterbuurt (zie projectenkaart vorige pagina). Ook zijn al veel scholen opgeknapt en wordt er gewerkt aan de vernieuwing van de openbare ruimte. Dit zorgt dat niet alleen het aantal woningen hier gaat groeien, maar ook de kwaliteit van het openbaar leven en groen. Er wordt ook gekeken om een impuls te geven aan de parken: zowel het Sloterpark als Gerbrandypark zijn toe aan vernieuwing.
Juist de goede ligging van de Dichtersbuurt en de andere buurten langs de Burgemeester Röellstraat biedt kans voor verdichting.
Investeringsnota Dichtersbuurt 13
Luchtfot mot Dichtersbuurt als tuinstad wijk in Amsterdan Nieuw-West Investeringsnota Dichtersbuurt 14
Investeringsnota Dichtersbuurt 14
3.6 Het plangebied
Het plangebied voor de vernieuwing in de Dichtersbuurt wordt omsloten door de Slotermeerlaan in het westen, de waterloop ten noorden van de Slauerhoffstraat, de Frans Bastiaansestraat in het oosten langs het water en de Burgemeester Röellstraat in het zuiden. De woningvoorraad van de buurt bestaat uit een appartementenstrook in het noorden langs de Slauerhoffstraat, 6 woonhoven met deels openbaar groen en deels (privé)tuinen en een woonstrook langs de Burgemeester Röellstraat in het zuiden. Deze vormt de afsluiting naar het zuiden en is samen met het kerkgebouw De Bron/Oase in het zuidoosten het gezicht van de Dichtersbuurt langs deze verbindingsweg.
Hoekpand met bedrijfsfunctie
Plein 40’-45’
Langs de Slotermeerlaan en op de hoeken van de blokken langs de Henriëtte Roland Holststraat bevinden zich bedrijfsruimten. Op de hoek van de Slotermeerlaan met de Burgemeester Röellstraat zit de buurthuiskamer de Dichter. De zes woonblokken worden met de auto vanaf de Slotermeerlaan ontsloten. Bovendien kan men nu nog via de Couperusbuurt langs de Henriëtte Roland Holststraat de buurt inrijden. Deze straat wordt tot ergenis van de bewoners veel gebruikt als alternatieve route (sluiproute) voor de Burgemeester Röellstraat met de rotonde, als verbindingsweg tussen de Lodewijk van Deysselbuurt en de Couperusbuurt. De straten rond en door de hoven hebben enkel een ontsluitingsfunctie voor de woningen aan de hoven en geen functie/betekenis voor de omliggende wijken. Hier wordt ook langs de rijbaan geparkeerd. Langs het water aan de oostzijde loopt de hoofdnet fietsroute en een wandelpad. Via die route kunnen fietsers en voetgangers eveneens de buurt in en uit. In de Dichtersbuurt geldt overal een maximale snelheid van 30 km/uur. De woningen aan de noordkant van de Slauerhoffstraat zijn in bezit van Rochdale en particuliere eigenaren en zijn geen onderdeel van de vernieuwing. De overige woningen zijn in bezit van Eigen Haard, behoudens een klein aantal (20) woningen van Stadgenoot langs de Burgemeester Röellstraat.
De vernieuwing van de buurt richt zich op de woningen van Eigen Haard en Stadgenoot.
Gerbrandypark Slauer
hoffst
raat
Van Deysselbuurt Henrië
tte Ro
Willem Burge
land H
Klooss
meest
olststr
aat
Couperusbuurt traat
er Röe
llstraa
t
Luchtfoto Dichtersbuurt met plangrens Investeringsnota Dichtersbuurt 15
4 Uitgangspunten voor vernieuwing
Henriëtte Roland Holststraat Investeringsnota Dichtersbuurt 16
4. Uitgangspunten voor vernieuwing (beleidsmatige onderbouwing) In dit hoofdstuk beschrijven we de uitgangspunten en beleidskaders die richting geven aan de vernieuwing van de Dichtersbuurt. We hebben dit gebundeld in de volgende thema’s: 4.1 Rijksbeleid: ■ Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) 4.2. Beleid Gemeente Amsterdam: ■ ■ ■ ■
Omgevingsvisie Amsterdam 2050 Koers 2025 Woningbouwplan 2022- 2028 Beleidskader Participatie
4.3. Specifiek beleid voor Nieuw-West ■ ■ ■ ■
Nota Cultuurhistorie Nationaal Programma Samen Nieuw-West Verbeteraanpak Röellbuurten (2020) Principenota Geuzenveld-Slotermeer
4.4. Algemeen: ■ Referentienormen voor maatschappelijke voorzieningen, groen en spelen ■ Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050 ■ Afval - Amsterdam Heel en Schoon ■ Parkeernorm ■ Groenvisie 2020 -2050 (2020) ■ Amsterdamse Nota Gezondheidsbeleid 2021-2025
4.1 Rijksbeleid Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte geeft aan dat het Rijk drie hoofddoelen heeft voor stedelijke ontwikkeling: ■ Het vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijk economische structuur van Nederland; ■ Het verbeteren, in stand houden en ruimtelijk zeker stellen van de bereikbaarheid waarbij de gebruiker voorop staat; ■ Het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden zijn. Voor de Dichtersbuurt zijn met name de hoofddoelen over bereikbaarheid en een leefbare buurt met behoud van cultuurhistorische waarden van belang.
4.2 Beleid gemeente Amsterdam
5.
leefomgeving voor mens en dier. De openbare ruimte wordt zo groen mogelijk ingericht. Samen stadmaken: Richting geven op hoofdlijnen en ruimte bieden aan initiatief. Grotere rol Amsterdammers bij beheer en ontwikkeling.
Voor de Dichtersbuurt is de opgave volgens de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 om: ■ Het gebied te transformeren naar een gemengde stadsbuurt met een stedelijke dichtheid; ■ De ruimte tussen de Röellstraat en de huidige bebouwing te gebruiken als verdichtingsruimte zodat de Burgemeester Röellstraat omgevormd wordt tot een groene stadslaan met aansluitende bebouwing; ■ De resterende openbare ruimte zo groen mogelijk in te richten. Dit gebeurt in de Dichtersbuurt onder andere op de volgende wijze: • Er komen autoluwe straten met forse groenvakken • De hoven –die nu nog in erfpacht zijn uitgegeven- worden
Omgevingsvisie Amsterdam 2050 De centrale gedachte van de omgevingsvisie is dat Amsterdam zal blijven groeien en dat de ontwikkeling van de economie en de toename van de bevolking wordt gebruikt om een betere stad te worden, met meer kansengelijkheid, leefbaarder voor mens en dier en duurzamer in een vitale en goed verbonden regio. In de Omgevingsvisie 2050 staan 5 opgaven centraal: 1. 2. 3.
4.
Meerkernige ontwikkeling: Van uitrol centrumgebied naar een meerkernige en meer diverse verstedelijking. Groeien binnen grenzen: Verdichting met 150.000 woningen erbij in complete en duurzame buurten. Duurzaam en gezond bewegen: Een leefomgeving die uitnodigt tot ontmoeting, spelen en bewegen, meer ruimte voor fietsers en voetgangers waarbij auto’s te gast zijn. Verkeerswegen (Gooiseweg, Lelylaan, Burg. Roëllstraat) worden groene stadslanen begeleid door bebouwing. Rigoureus vergroenen: Een gezonde en klimaatbestendige Investeringsnota Dichtersbuurt 17
openbaar gebied en houden hun groene invulling. • Het gebruik wordt gestimuleerd door in de hoven, maar ook bij het buurtplein, ontmoetingen te stimuleren en speelplekken aan te leggen; • De bomenstructuur in de straten vormt de groene ruggengraat. De bomen krijgen ruime plantvakken zodat ze zich ook daadwerkelijk kunnen ontwikkelen; Er komen extra bomen. • Het dak van de parkeergarages krijgt een groene invulling. • De groene oever langs het water blijft groen en het gebruik van de ruimte wordt gestimuleerd door spel- en sportaanleidingen toe te voegen. • De verbinding tussen de buurt en het Sloterpark wordt aantrekkelijk gemaakt. Koers 2025 (2016) In Koers 2025 heeft de gemeente Geuzenveld-Slotermeer aangewezen als een van de tien gebieden om kwalitatieve en kwantitatieve ambities voor te benoemen. Daarbij is voorzien dat aanvullend op de transformatie van de Ringzone West en Sloterdijk tot hoogstedelijke gebieden, ook Geuzenveld en Slotermeer aanvullend ruimte kunnen bieden aan zowel bestaande bewoners als ook midden- en hogere inkomens (lokale stijgers, spijtoptanten uit groeikernen en nieuwe stedelingen). Amsterdam heeft daarbij het verhogen en op peil houden van de leefbaarheid in deze voormalige stedelijke vernieuwingsgebieden benoemd als expliciete opgave.
Daarvoor zijn besluiten nodig ten aanzien van projecten voor gebiedsontwikkeling, bijbehorende ingrepen in de infrastructuur en andere fysieke maatregelen. Wooningbouwplan 2022 – 2028 De komende jaren blijft het gemeentebestuur streven naar 7.500 nieuwe woningen per jaar. Door stijgende bouwkosten, een dalend consumentenvertrouwen en personeelsschaarste is dat geen zekerheid. In het Woningbouwplan 2022-2028 staan acties en voorstellen om de woningbouw in deze roerige tijden te stimuleren en hiermee doorstroming te bevorderen. Het Woningbouwplan 2022-2028 is opgebouwd aan de hand van 3 thema’s: ■ Nieuwbouw van 7.500 woningen Het gemeentebestuur wil dat er in de stad nog steeds jaarlijks 7.500 nieuwe woningen gebouwd. Het gaat hierbij ook om investeringen die nodig zijn voor het maken van een complete stad, zoals een goede ondergrondse en bovengrondse infrastructuur, maatschappelijke voorzieningen, kantoor- en bedrijfsruimtes, openbare ruimte, water en groen. Investeringsnota Dichtersbuurt 18
■ Bouwen van een goede mix Er komen nieuwe woningen in verschillende groottes en in verschillende prijsklassen, zodat meer mensen in de stad naar een passende woning verhuizen. De huidige marktomstandigheden leiden echter tot gemiddeld kleinere woningen. Met een nieuwe gebiedsgerichte werkwijze wordt gekeken welk type woningen voor welke doelgroep tot de meeste verhuisbewegingen in een specifiek gebied leidt. ■ Versnellen en versimpelen Er zijn steeds minder vrije plekken in de stad om te bouwen. Daarom worden voormalige kantoorpanden verbouwd naar appartementencomplexen en komen er woningen bij in bestaande wijken. Dat maakt het bouwen van nieuwe woningen steeds complexer. In samenwerking met marktpartijen en corporaties wordt onderzocht hoe het bouwen van woningen vereenvoudigd versimpeld kan worden. Beleidskader Participatie (2021) Om voor al de gemeentelijke plannen de betrokkenheid en samenwerking met bewoners, ondernemers en organisaties goed te regelen, heeft de gemeente participatiebeleid gemaakt. Zo weet iedereen hoe men mee kan doen en denken, als de gemeente plannen maakt voor de buurt, het stadsdeel of de hele stad. De afspraken over de aanpak moeten voor iedereen duidelijk zijn en goed uit te leggen. In het participatiebeleid zijn hiervoor uitgangspunten en richtlijnen vastgelegd. De belangrijkste zijn: ■ ■ ■ ■ ■
bestuurlijke betrokkenheid vanaf het begin open en eerlijke communicatie openbaar participatieplan alle informatie, die volgens de wet openbaar is, is beschikbaar duidelijkheid over de onderwerpen waar de participatie over gaat, en ook waar die niet over gaat. ■ begrijpelijke taal, afgestemd op de betrokkenen ■ uitlegbare keuzes ■ iedereen die wil, moet het kunnen volgen en kunnen aansluiten
4.3 Specifiek beleid voor Nieuw-West Nota Cultuurhistorie Amsterdam Nieuw-West (2013) De Dichtersbuurt maakt deel uit van het Rijkswederopbouwgebied “Westelijke Tuinsteden”, een gebied van nationaal belang. De Gemeente Amsterdam heeft hiervoor met de Rijksdienst Cultureel Erfgoed afgesproken zich in te zetten voor het behoud en de versterking van de cultuurhistorische waarden. Het is met name de samenhangende, hiërarchische structuur van groen, wegen, water en bebouwing, de relatief grote omvang van het gebied alsook de betekenis van de planvorming binnen de architectuurgeschiedenis die dit gebied uniek maakt. Bij vernieuwing wordt de Nota Cultuurhistorie Amsterdam Nieuw-West als leidraad voor stedenbouwkundige plannen gehanteerd.
Voor de Dichtersbuurt betekent dit o.a. dat: ■ alleen open verkavelingen zijn toegestaan, ■ de bouwhoogte – onbebouwde ruimte een verhouding heeft van (minimaal) 2 : 3; ■ groene, blauwe en grijze raamwerk blijft in stand; ■ bestaand stratenplan mag worden gewijzigd mits hiërarchie in stand blijft; ■ alle schaalniveaus groen blijven gehandhaafd; ■ toepassen Bomentaal Nieuw-West; ■ straatprofielen zijn asymmetrisch; ■ collectieve, groene hof of openbaar groen tussen bouwblokken minimaal 20 x 30 meter ■ hof is bereikbaar en zichtbaar van buiten het bouwblok. Nationaal Programma Samen Nieuw-West (2022) ‘Als we doen wat we altijd deden, krijgen we wat we altijd kregen.’ Nieuw-West is een van de gebieden in Nederland waar de algehele inrichting van onze maatschappij onevenredig nadelig uitpakt. Dat leidt tot hardnekkige problematieken rondom armoede, ongelijkheid, onveiligheid, belemmering van de ontwikkeling van kinderen, verwaarlozing van woningen en leefomgeving, enzovoort. Problematieken die zichzelf en elkaar in stand houden. Ze zijn van een zodanige aard en omvang dat de reguliere oplossingen niet voldoen en soms zelfs bijdragen aan het probleem. Ze kunnen alleen doorbroken worden wanneer ze samen bij de wortel worden aangepakt.
Gemeente, corporaties, het Rijk, maatschappelijke partijen werken de komende 20 jaar binnen het Ntionaal Programma Samen Nieuw-West samen aan de verbetering van het gebied. Hiervoor zijn 5 thema’s benoemd: Eigenaarschap, inclusie & democratie, Kansen voor de jeugd, Veiligheid, Werk en bestaanszekerheid en Wonen & Leefomgeving. Verbeteraanpak Röellbuurten (2020) In dit document staan de afspraken beschreven die zijn gemaakt tussen de bewoners, de gemeente en de corporaties. Op basis van de gesprekken die met de bewoners zijn gevoerd, zijn er plannen gemaakt. In de aanpak komt naar voren dat er moet worden geinvesteerd in de leefbaarheid, in het renoveren en verduurzamen van woningen, in nieuwbouw, in de openbare ruimte en in voorzieningen die passen bij de buurt. Hierbij wordt ervoor gezorgd, dat bij renovatie of sloop van hun woningen, de bewoners tijdelijk dichtbij kunnen wonen.
Principenota Geuzenveld-Slotermeer (2019) In 2019 is de Principenota Geuzenveld-Slotermeer vastgesteld, waarin de volgende programmatische uitgangspunten waren gedefinieerd: ■ De verbetering vindt plaats vanuit het perspectief van de huidige bewoners (doorlopende leeflijn waarbij mensen in verschillende fasen van hun leven passend kunnen wonen, betaalbaarheid en herhuisvesting/terugkeermogelijkheid staat centraal); ■ Het absolute aantal sociale huurwoningen per buurt blijft gelijk; ■ Waar mogelijk divers woningaanbod voor verschillende doelgroepen; ■ Binnen het Rijkswederopbouwgebied Westelijke Tuinsteden en de gemeentelijk beschermde stadsgezichten Noordoever Sloterplas en Van Eesteren worden ingrepen extra zorgvuldig afgewogen in relatie tot de cultuurhistorische waarden. Het dragende element in de Principenota is de Burgemeester Röellstraat. Goede verbondenheid met de stad en de lage dichtheid van de omliggende buurten bieden een kans om juist aan deze straat te verdichten. Op deze manier realiseren we niet alleen nieuwe woningen, maar we maken ook een stedelijke laan, waardoor beweging tussen de buurten en naar de stad aantrekkelijker wordt.
Principenota Geuzenveld-Slotermeer Ruimtelijke en programmatische richtlijnen voor vernieuwing
Januari 2019 1
Gebiedsopgave Geuzenveld-Slotermeer De gebiedsopgaven beschrijven de maatschappelijke vraagstukken die in een gebied spelen waar we de komende jaren aan willen werken. Deze opgaven zijn vaak groot en complex. Daarom maken we doelstellingen voor de komende vier jaar. De opgaven zijn gebaseerd op de ambities van het dagelijks bestuur, adviezen van de stadsdeelcommissie, de input van de gebiedsteams - die dagelijks contact hebben met onze bewoners, ondernemers en partners-, en de input van de gebiedspool en ambtelijke opdrachtgevers sociaal en fysiek. Ook is voor het bepalen van de opgaven gebruik gemaakt van data-analyses en overig onderzoek. Het werken aan de opgaven vraagt vaak om maatwerk in de vorm van uitvoeringsafspraken met onze samenwerkingspartners. Dit doen we naast de reguliere activiteiten en de stedelijke programma’s. De opgaven hebben een integrale aanpak nodig met vaak een langere (meerjarige) uitvoering. De ontwikkeling van de gebiedsopgaven wordt gedurende de bestuursperiode 2022-2026 aan de hand van al bestaande indicatoren jaarlijks gevolgd door het Team Onderzoek Stadsdelen.
Het doel van de monitor gebiedsopgaven is om te volgen hoe de gebiedsopgaven zich ontwikkelen zodat de gebiedsteams, programmamanagers en ambtelijke opdrachtgevers sociaal en fysiek en dagelijks bestuurders een betere informatiepositie hebben om eventueel bij te sturen in de uitvoering en om koers te bepalen in de volgende bestuurstermijn. Opgave 6: Verbetering van kwaliteit en diversiteit van woningen, woonomgeving en creëren van passende voorzieningen in Geuzenveld, Slotermeer. Doelstellingen: ■ De kwaliteit en de diversiteit van de woningvoorraad wordt verbeterd met als doel meer tevredenheid over de woning en ontplooiingsmogelijkheden kinderen. ■ Verbetering van de energetische kwaliteit van woningen met als doel lagere energielasten en tegengaan van energiearmoede. ■ Goed begeleiden van de transitie periode op het gebied van de fysieke leefbaarheid en sociale verbindingen tussen nieuwe en oude bewoners. ■ Het aanbod en de kwaliteit van maatschappelijke voorzieningen sluit goed aan op de toename en behoefte van (kwetsbare) bewoners. ■ De openbare ruimte wordt zo heringericht dat het uitnodigt tot meer bewegen, ontmoetingen en initiatieven van bewoners en een sterke samenhang heeft met de bebouwing. Investeringsnota Dichtersbuurt 19
4.4 Algemeen beleid Referentienormen voor maatschappelijke voorzieningen, groen en spelen (2018) Maatschappelijke voorzieningen zijn gebouwen en buitenruimte voor maatschappelijke functies en activiteiten, die niet vanzelfsprekend door de markt worden gerealiseerd en daarom een actieve rol vraagt van de gemeentelijke overheid. Voor een groot deel vraagt dit om gebouwen, zogenaamd maatschappelijk vastgoed. Daarnaast vraagt sport ook om ruimte voor (anders) georganiseerde buitensport en voor sporten in de openbare ruimte. Ook moet er voldoende ruimte zijn voor spelen in de openbare ruimte. De openbare ruimte dient ook plek te bieden aan uitingen van kunst en cultuur. Het beleid voor maatschappelijke voorzieningen is verankerd in het beleid voor onderwijs, sport, zorg, cultuur, basisvoorzieningen, groen en openbare ruimte. De ruimtelijke consequenties voor de groei van de stad zijn vastgelegd in de door het college in de in 2018 vastgestelde ‘referentienormen voor maatschappelijke voorzieningen, groen en spelen’. Deze normen zijn als uitgangspunt opgenomen in de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 (OVA). Het realiseren van een complete stad, inclusief alle benodigde voorzieningen, staat in de OVA centraal.
Doel is de groei van de stad in de verschillende planfasen te voorzien van een voldoende maatschappelijk programma, inclusief ruimte voor sport, groen en recreatie, omdat we bouwen aan een gezonde en sociaal duurzame stad.
Investeringsnota Dichtersbuurt 20
Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050 (2020) Amsterdam heeft grote ambities op het vlak van duurzaamheid en wil een aantrekkelijke en leefbare stad zijn voor iedereen die er woont, werkt of op bezoek komt. De doelen om dit te bereiken, zijn in de Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050 benoemd. Amsterdam wil een actieve bijdrage leveren aan de klimaatproblematiek en het verminderen van de CO2-uitstoot. Doel is de CO2-uitstoot met 95% terugdringen in 2050 ten opzichte van 1990 en de stad vóór 2040 volledig aardgasvrij maken. De inzet van de gemeente richt zich op de volgende vijf thema’s: ■ ■ ■ ■ ■
Gebouwde omgeving Mobiliteit Elektriciteit Industrie en haven Gemeentelijke organisatie
Voor de Dichtersbuurt zijn vooral de thema’s ‘gebouwde omgeving’ en ‘mobiliteit’ van belang.
Gebouwde omgeving Alle gebouwen in Amsterdam zijn in 2050 CO2-neutraal en aardgasvrij in 2040. Het gaat dan om alle woningen, kantoren, bedrijfspanden en maatschappelijke gebouwen. Amsterdam wil overgaan op duurzame energie en het energiegebruik omlaag brengen. De nieuwbouw van de Dichtersbuurt wordt gerealiseerd met in ieder geval de onderstaande duurzaamheidmaatregelen. ■ De nieuwbouw van de Dichtersbuurt voldoet aan de BENG en wordt aardgasvrij; ■ Plaatsing van zonnepanelen op daken; ■ Gebruik van FSC-gecertificeerd hout en duurzame en/of onderhoudsvrije materialen; ■ Waar mogelijk wordt gebruik gemaakt van circulaire bouwstromen en flexibel bouwen; ■ geen uitlogende materialen. Mobiliteit Het streven is om alle verkeer in Amsterdam uitstootvrij te krijgen tussen 2025 en 2030. Uitstootvrij betekent dat de opgewekte energie voor vervoer van duurzame bronnen komt. Daarnaast is de inzet om de groei van het stads- en regionale verkeer te beheersen.
Afval - Amsterdam Heel en Schoon (2017) Het beleid voor het scheiden van huishoudelijke afval in Amsterdam is minimaal 65 procent in 2020 (Europese norm). Amsterdam kiest ervoor om zoveel mogelijk afval te scheiden aan de bron, zodat hoogwaardig hergebruik van grondstoffen mogelijk is. Papier, glas, plastic, textiel en restafval worden zoveel mogelijk via ondergrondse afvalcontainers ingezameld. De containers worden goed bereikbaar geplaatst om het afval scheiden gemakkelijk te maken voor de bewoners en om congestie op straat te voorkomen tijdens het legen.
Parkeernorm (2017) Auto Het vigerend beleid rondom parkeernormen in Amsterdam is ‘De Nota Parkeernormen Auto’. Deze nota onderscheidt drie gebieden A, B en C op grond van nabijheid tot openbaar vervoersknooppunten. Voor de gebieden zijn verschillende parkeernormen voor de auto vastgesteld. De Dichtersbuurt wordt tot de B-gebieden gerekend. Dit betekent dat voor sociale en middeldure huurwoningen geen minimum aan parkeerplaatsen vereist is. In de vrije sector is de parkeernorm bij woningen tot 30 m² BVO 0,1 parkeerplaats per woning, bij woningen tussen 30m² en 60m² BVO 0,3 en bij woningen die groter zijn dan 60m² zijn 0,6 parkeerplaats per woning. Naast die norm geldt bij nieuwbouw van alle woningtypen dat nieuwe bewoners worden uitgesloten van parkeervergunningverlening op straat. Voor bezoekersparkeren wordt er één parkeerplaats per tien woningen aangelegd. Bij sloop/ nieuwbouwprojecten wordt er niet gesaldeerd. Dit betekent dat de parkeervraag van de bestaande situatie niet met de parkeervraag van de nieuwe situatie wordt verrekend. De ontwikkelaar moet op de B-locaties aan de minimumnorm voldoen.
Bewoners die nu al over een parkeervergunning beschikken voor op straat en die als gevolg van de vernieuwing hun woning moeten verlaten en terugkeren in deze buurt, behouden het recht op een parkeervergunning op straat. Voor deze groep moeten er voldoende (tijdelijke) parkeerplaatsen op straat gemaakt te worden. Voor kantoren geldt een parkeernorm van maximaal 1 parkeerplaats per 125 m2 bvo op eigen terrein. Medewerkers zijn uitgesloten voor een parkeervergunning op straat. Voor het bepalen van de parkeernormen voor overige niet woon-functies vormen de actuele kencijfers van de CROW het uitgangspunt, gecombineerd met actuele Amsterdamse gegevens over de verkeersgeneratie van specifieke functies. Bij de toetsing aan de hand van de kencijfers wordt gebieds- en functiespecifiek gekeken of de parkeervraag op eigen terrein moet worden opgelost, of dat de parkeervraag op straat mogelijk is. Bij opvang van de parkeervraag op straat, wordt aanvullend beoordeeld of de werknemers van de betreffende voorziening in aanmerking komen voor een parkeervergunning of niet. Aangezien de invulling van de niet-woonfuncties nog niet duidelijk is, wordt het aantal parkeerplaatsen in de volgende fase bepaald met als uitgangspunt dat deze parkeerplaatsen op eigen terrein gerealiseerd moeten worden.
Investeringsnota Dichtersbuurt 21
Fiets en scooter Voor het fietsparkeren voor bewoners moet worden voldaan aan het bouwbesluit. Dat wil zeggen dat elke woning een inpandige fietsenberging moet hebben van minimaal 5m2. Het is ook mogelijk een inpandige berging in de woning te combineren met een gezamelijke inpandige fietsenstalling. In dat geval moet de stalling voldoen aan de eisen uit de bouwbrief 2015130 ‘Gemeenschappelijke fietsenberging bij een woongebouw’. Hierin staan de eisen op het gebied van het aantal fietsplekken, bereikbaarheid, beheer en de berging in de woning. Het Bouwbesluit geeft bij nieuwbouw geen voorschriften voor het stallen van scooters. De gemeentelijke richtlijn (advies) is om bij nieuwbouw een scooterparkeernorm te hanteren van 0,13 scooter-parkeerplaats per nieuw te realiseren woning. Voor bezoekers moet minimaal 0,5 fietsparkeerplaats per woning ingericht worden. Die maakt de gemeente in de openbare ruimte of de ontwikkelaar in een voor bezoekers toegankelijke stalling. Voor het aantal parkeerplaatsen voor fietsen en scooters bij niet-woonfuncties gelden de normen uit de nota Parkeernormen Fiets en Scooter (2018). Uitgangspunt is hierbij dat deze parkeerplaatsen op eigen terrein worden gerealiseerd, tenzij voldaan wordt aan tenminste één van de afwijkingscriteria in de nota.
Aangezien de concrete invulling van de niet-woonfuncties nog niet duidelijk is, wordt het benodigde aantal parkeerplaatsen in de volgende fase bepaald.
Investeringsnota Dichtersbuurt 22
Groenvisie 2020 -2050 (2020) Een groene stad Zoals beschreven in de Groenvisie speelt de groene ruimte een belangrijke rol bij het klimaatbestendig maken van de stad. Buien worden steeds extremer en temperaturen hoger. De beste manier om regenwater te kunnen opvangen en de temperatuur te beperken, is het vergroten van groene oppervlakten. Daarnaast zorgt groen voor meer biodiversiteit in de stad. Bij de ontwikkeling van de Dichtersbuurt wordt dan ook veel aandacht besteed aan een groene inrichting van het gebied en het versterken van de verbinding met de omgeving. Voor de planontwikkeling zal een aantal bomen moeten worden gekapt, maar deze bomen zullen worden gecompenseerd door nieuwe bomen met dezelfde waarde. Amsterdam heeft een sterke en herkenbare hoofdgroenstructuur. Deze wordt niet alleen beschermd en versterkt, er wordt ook geïnvesteerd om de kwaliteit te verbeteren en om een aaneengesloten netwerk van groen te creëren. De watergang en het naastgelegen groen ten noorden en oosten van de Dichtersbuurt maakt onderdeel uit van deze hoofdgroenstructuur, het betreft het groentype ‘Groene verbinding’.
Regenbestendig Bij de ontwikkeling van de Dichtersbuurt houden we rekening met het regenbestendig maken van het gebied. Het leidende rainproof-principe (regenbestendigheid) is het lokaal infiltreren van regenwater in de bodem en bij overschot afvoeren naar de groene oever en de waterloop ten oosten van het plangebied. De gemeente heeft de ambitie dat de stad in 2020 een bui van 60 mm per uur kan verwerken zonder schade aan huizen en vitale infrastructuur. De nieuwbouw dient te voldoen aan de eisen uit de gemeentelijke ‘Hemelwaterverordening’. De ‘Thematische Studie Regenbestendige Gebiedsontwikkeling’ geeft verder richtlijnen, voorbeelden en tips voor een nadere uitwerking. Deze richtlijnen zullen worden betrokken bij de verdere uitwerking van het inrichtingsplan voor de openbare ruimte. Streven is te komen tot een ‘Rainproof’ oplossingenkaart. Uitgangspunt is om de afvoer van regenwater te vertragen. Infiltratie naar de bodem heeft hierbij de voorkeur, bovengrondse afvoer naar oppervlaktewater daarna en tot slot ondergronds via een hemelwaterriool naar het oppervlaktewater. Hitte en droogte De klimaatverandering leidt naast heftige regenbuien ook tot hogere temperaturen, hitteperioden en droogte.
De verdichting van het aantal woningen in de Dichtersbuurt leidt tot een kleine toename in bebouwingsoppervlakte en kan daarmee bijdragen aan een toename in temperatuur in het bebouwingsgebied. Groen en dan met name bomen kunnen een matigend effect hebben. De straten en de hoven zullen daarom zoveel mogelijk groen ingericht worden. In dit kader is de naastgelegen oeverzone met zijn grote bomen natuurlijk een belangrijke kwaliteit die dan ook behouden moet blijven.
Watercompensatie Door de toevoeging van extra woningen neemt de hoeveelheid verharding in de buurt toe met 8.405 m2. Conform de regels van de Keur dient 10 % van deze toename van verharding gecompenseerd worden door de aanleg van extra wateroppervlakte. Voor de vernieuwing van de Dichtersbuurt gaat het om het toevoegen van 840,50 m2 wateroppervlakte. Deze toename is reeds gerealiseerd met de aanleg van de Sloterparkbadsingel. De Sloterparkbadsingel is in 2012 aangelegd mede voor de watercompensatie van komende projecten in de vernieuwing van Slotermeer. Vanzelfsprekend wordt bij de inrichting van de openbare ruimte extra aandacht besteed aan het rainproof maken van de buurt. Dit doen we door zoveel mogelijk te kiezen voor een groene inrichting en de hoeveelheid verharding te beperken.
Oppervlakte Verhard nu
38.455 m2
Oppervlakte Verharding nieuw
46.860 m2
Toename verharding
8.405 m2
Benodigde compensatie extra water oppervlakte (10%)
840,50 m2
Omgevingsprogramma Riolering 2022 – 2027 Het Omgevingsprogramma Riolering 2022 – 2027 concretiseert de Omgevingsvisie voor de watertaken. Het Omgevingsprogramma beschrijft wat de beoogde toestand is die we in Amsterdam willen bereiken voor het stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. Goed beleid en uitvoering van de watertaken zijn essentieel voor de volksgezondheid van de Amsterdammer en voor de gezondheid van de stad zelf. De riolering zorgt voor hygiëne en voorkomt vervuiling van de omgeving doordat het afvalwater naar de zuiveringen transporteert. Verwerking van hemelwater en grondwater voorkomt wateroverlast en waterschade tijdens buien en tijdens droogte kan de riolering bovendien een grondwater-regulerende functie vervullen. Daarnaast biedt de juiste invulling van de watertaken ook vele kansen om brede thema’s uit de Amsterdamse Omgevingsvisie te realiseren. Centraal in het Omgevingsprogramma staat een drietal programma’s: één voor de rioolstelsels, één voor Rainproof en één voor grondwater. Een van de uitgangspunten is het zorg dragen voor een ontwateringsdiepte die is afgestemd op de benodigde functies in het gebied, zoals wonen, transport en groen ten behoeve van een klimaatbestendige stad. Hierbij is een ontwateringdiepte van minimaal 90 cm het uitgangspunt.
In bestaand stedelijk gebied is dit niet altijd haalbaar en zal worden gezocht naar een zo goed mogelijke oplossing. Belangrijk bij de inrichting van de openbare ruimte is dat in een vroeg stadium rainproof maatregelen worden meegenomen. Voor de Dichtersbuurt geldt dat er in de huidige situatie sprake is van regenwateroverlast. Uitgangspunt is om de wateroverlast door toepassen van rain proof-maatregelen in de nieuwe situatie te verminderen.
Amsterdamse Nota Gezondheidsbeleid 2021-2025 (2021) Amsterdam streeft naar gezonde bewoners in gezondheidsbevorderende wijken. De Amsterdamse Nota Gezondheidsbeleid 2021-2025 geeft hiervoor de volgende speerpunten: ■ ■ ■ ■ ■ ■ ■
Gezonde, veilige en kansrijke jeugd Vitale Amsterdammers Vitaal ouder worden Mentale gezondheid Bescherming tegen infectieziekten Gezonde stad Bestaanszekerheid als basis van gezondheid
Deze onderwerpen sluiten ook aan bij het thema ‘Beweegvriendelijk Stad’. De uitdaging zal hier zijn om de vernieuwing zo uit te voeren, dat een gezonde leefstijl wordt gestimuleerd en dat er na de vernieuwing opnieuw een gemeenschap ontstaat waarin mensen aandacht hebben voor elkaar en zo eenzaamheid beperken. De ligging nabij de Sloterplas, Sloterpark en het Gerbrandypark vormen natuurlijke aanleidingen om te bewegen. De structuur met groene hoven kan helpen bij het bouwen van een nieuwe gemeenschap in de buurt. Een gezonde leefomgeving is een randvoorwaarde voor een gezonde leefstijl. Uitgangspunt bij de inrichting van de Dichtersbuurt is dat speelplekken en groen aantrekkelijk zijn ingericht en makkelijk te voet bereikbaar zijn.
Investeringsnota Dichtersbuurt 23
5 Stedenbouwkundig plan
Boutensstraat Investeringsnota Dichtersbuurt 24
5. Stedenbouwkundig plan Dichtersbuurt 5.1 De visie
Het belangrijkste uitgangspunt en de ambitie van bewoners, gemeente en Eigen Haard is het maken van een aantrekkelijke en toekomstbestendige buurt in zowel ruimtelijke als sociale zin waar mensen graag wonen, werken en verblijven. Een gevarieerd aanbod aan woning typologieën (sociaal, midden, huur, koop) biedt voor iedereen een geschikt thuis. Daarnaast ligt er de vraag om meer woningen in de wijk toe te voegen. In de geest van het AUP worden toekomstbestendige woningen gebouwd die de stedenbouwkundige kernwaarden van licht, lucht en ruimte waarborgen. Tegelijkertijd wordt het groene karakter van de buurt behouden en versterkt. De straten worden verlevendigd. De ontwerpvraag is om de tuinstedelijke ideeën terug te brengen naar een hogere dichtheid. De maatschappelijke en commerciële voorzieningen binnen de buurt zijn afgestemd op de behoefte van de bewoners en gebruikers, geven weinig overlast en dragen bij aan een prettige buurtbeleving. Daarbij zijn de bedrijfs- en winkelruimten logisch geclusterd en vormen samen met de kwalitatief hoogwaardige speel- en sportmogelijkheiden een levendig stuk stad.
Verbonden aan de visie zijn de speerpunten voor de fysieke en sociale vernieuwing: ■ Verbetering van bestaande woningen (door sloopnieuwbouw) en bouw van extra woningen; ■ Ruimte bieden aan commerciële en maatschappelijke voorzieningen die positief bijdragen aan de leefbaarheid van de buurt en kansen creëren voor buurbewoners; ■ Nieuwe invulling geven aan de buitenruimte en groenstructuur.
5.2 Ruimtelijke kenmerken van het plan Verdichting Door de goede ligging en zeer lage dichtheid van de Dichtersbuurt is er groot potentieel voor stedelijke verdichting. Ruimtelijk is dit essentieel om een betere begeleiding van de Burgemeester Röellstraat en de Slotermeerlaan te creëren, zodat deze straten als stedelijke assen kunnen fungeren.
verdichting
Programmering van openbare ruimte Veel groen in de buurt is aanwezig maar goede programmering hiervan zal zorgen voor een beter gebruik. Zowel de corporatie als de bewoners missen een centrale ontmoetingsplek. De hoven blijven groene harten met speelplekken en openbare routes waardoor men door de hoven kan wandelen en dwalen.
programmering
Ribben als stedenbouwkundige basisstructuur De noord-zuid georiënteerde hogere volumes, de zogenoemde ribben van het stedenbouwkundige plan, zorgen voor optimaal zontoetreding in de hoven en de woningen, waardoor de kwaliteiten van de tuinstad gewaarborgd blijven. De ribben verbinden de bebouwing in de Dichtersbuurt over het hofniveau tot een geheel. Zo ontstaat door de repeterende stempels een stedenbouwkundig ensemble. Door de kamstructuur met de lage bebouwing tussen de ribben opent de Dichtersbuurt zich naar de Röellstraat en krijgen de woningen een voordeur aan de straat.
ribbenstructuur
Autoluwe buurt De Dichtersbuurt wordt een buurt waar voetganger en fietser voorop staan. Het groene gevoel van de buurt wordt in de bestaande situatie vaak te niet gedaan door sluipverkeer en veel geparkeerde auto’s. Door het aanbrengen van een knip voor autoverkeer tussen de Henriëtte Roland Holststraat en de Louis Couperusstraat, zal het sluipverkeer worden tegengegaan en zal de buurt veel autoluwer worden. Hierdoor wordt meer ruimte gegeven aan het langzame verkeer en staat de verblijfsfunctie van de openbare ruimte voorop. Door het invoeren van eenrichtingsverkeer verandert de Henriëtte Roland Holststraat van een drukke autostraat in een buurtstraat met een hoge verblijfskwaliteit.
ontsluiting Investeringsnota Dichtersbuurt 25
plankaart stedenbouwkundige plan Investeringsnota Dichtersbuurt 26
Licht, Lucht en Ruimte Een basisregel van AUP is de hoogte gebouw - breedte straatprofiel verhouding van 2 tot 3. Deze regel zorgt ervoor dat toetreding van zonlicht in de straten gewaarborgd en de verblijfskwaliteit aangenaam is. Ook in de nieuwe, dichtere situatie blijft deze regel intact. Op die manier wordt het meest belangrijke kenmerk van het AUP, namelijk licht, lucht en ruimte gewaarborgd.
5.3 Het stedenbouwkundige plan Stedenbouwkundige eenheid De buurt vormt door de zich repeterende bebouwingstypologie één samenhangend stedenbouwkundige eenheid met een eigen identiteit en herkenbaarheid. De oorspronkelijke opzet van de bebouwing komt terug in de nieuwe plannen: De 6 hoven worden in het noorden en zuiden geflankeerd door bebouwing. De bebouwing aan de zuidzijde krijgt hierbij een ander karakter; het richt zich zowel op de nieuwe stadslaan aan de Roellstraat als op de buurt. De openbare ruimte is hier op afgestemd. De buurt kent woonstraten en hoven, en meer extraverte plekken zoals de hoofdontsluitingswegen, het nieuwe pleintje en de groene singel. Verkaveling De nieuwe verkaveling is gebaseerd op de bestaande structuur, waarbij de kwaliteiten zoveel mogelijk worden teruggebracht. Zo komt de nieuwe, verdichte bebouwing rondom de hoven nagenoeg terug op de locatie van de oude stempelstructuur. De wijk bouwt zich op uit zes stempels bestaand uit 2 L-vormige gebouwen die samen een hof vormen. Enige uitzondering vormt het middelste blok. Hier springt de zuidelijke bebouwing ten behoeve van het centrale ontmoetingsplein iets terug. Op blokniveau vormt de herhalende hofbebouwing een stedenbouwkundige eenheid. Hier zijn de zichtlijnen in noord–zuid en in oost-west richting van belang die de hoven en groene plekken steeds door deze zichtrelaties met elkaar verbinden.
De grote openingen tussen de twee L-vormige structuren versterkt dit nog.
Een bijzonder bouwblok is het kamgebouw aan de zuidzijde langs de Burgemeester Röellstraat. De definitieve rooilijnen hiervan liggen tijdens het opstellen van deze investeringsnota nog niet vast en kunnen in een latere stadium nog wijzigen, maar het gebouw krijgt zowel een gezicht aan de Burgemeester Röellstraat als aan de Willem Kloosstraat en sluit aan op de hogere ribben van de Dichtersbuurt. Ook krijgt het gebouw openingen richting de wijk waardoor het fysiek en visueel een aansluiting krijgt op de stadslaan. Met zijn verticale koppen tussen lage plintbebouwing is de structuur geïnspireerd op de naoorlogse architectuur in Amsterdam en past daarom goed in de context van het AUP. Aan de Burgemeester Röellstraat wordt zo een sterke, straat begeleidende volume neergezet en door de verticale koppen en de doorgangen ontstaat zichtrelatie en een aansluiting met de daarachter liggende hovenstructuur.
Bestaande bebouwing in rood en nieuwe bebouwing
15m
30m
15m
15m
15m
23m
30m
Afstandsregeling AUP: de plannen voldoen aan de verhouding (min) 2:3 Investeringsnota Dichtersbuurt 27
Henriëtte Roland Holststraat
Investeringsnota Dichtersbuurt 28
P
Architectonische ensemble Er zijn drie architectonische ensembles te onderscheiden in de buurt: de gebouwstroken noordelijk van de Slauerhoffstraat, de 6 hoven in de middenzone en de kamstructuur in het zuiden die de hoven als het ware verbindt. De bebouwing langs de Slauerhoffstraat valt buiten de vernieuwing en blijft dus bestaan. Door de twee parkeergarages en het opgetilde maaiveld, vormen de twee hoven direct aan de Slotermeerlaan qua maatvoering en stedenbouwkundige structuur een variatie op de vier hoven in het midden. De footprint en hovenstructuur van de bouwblokken blijft grotendeels gelijk. Lange lijnen In de buurt is de Henriëtte Roland Holststraat de lange lijn. Zij dient in zowel de huidige als de toekomstige situatie als structuurdrager van de buurt; niet alleen voor de wijk, maar ook het stadsdeel. Deze straat wordt verlevendigd door meer ruimte voor de fiets te maken en de auto minder dominant te maken, ogen op straat te creëren en groen toegankelijker te maken. Een 22 november (ten minste 3 mogelijke bezonningsuren) centrale ontmoetingsplein verbetert de ruimtelijke kwaliteit van deze lange lijn. Door een knip van het verkeer aan de oostelijke kant tussen Dichtersbuurt en Couperusbuurt is het huidige sluipverkeerhours in de Henriëtte Roland Holststraat niet meer mogelijk. De nadruk komt te liggen op de verbindende lijn voor het 8,5 langzaam verkeer. 7,3