A - 23 Grond en Ontwikkeling (20) Verslag Waarderingskamer standpunt of geme
Tekst van het document
VERSLAG Digitale bespreking d.d. 10 maart 2021 Aanwezig: Ir. R. Kathmann Ir. M. Kuijper Mr. M. Witkam Drs. P.J. de Reus Mr. drs. A.H.J.W. van Schijndel MIA
Rol Waarderingskamer De Waarderingskamer houdt toezicht op de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ). Dit toezicht betreft de bestuursrechtelijke uitvoering van de Wet WOZ door gemeentes. Artikel 40 De Waarderingskamer is van oordeel dat het tweede lid van artikel 40 ook van toepassing is op woningen. Het tweede lid bepaalt dat uitsluitend aan een belanghebbende de gegevens die ten grondslag liggen aan de vastgestelde waarde mogen worden verstrekt. Een belanghebbende is degene ten wiens aanzien een WOZ-beschikking is genomen. Bij de uitvoering van de Wet WOZ belemmert het tweede lid van artikel 40 dat deze onderliggende gegevens aan derden kunnen worden verstrekt. Privacy De onderliggende taxatiegegevens zijn geen privacygevoelige persoonsgegevens. Geen gebruiksbeperking belanghebbenden De Waarderingskamer is van oordeel dat de Wet WOZ geen nadere eisen of beperkingen stelt voor het gebruik van de WOZ-gegevens door de belanghebbende die deze gegevens heeft ontvangen. De belanghebbende mag deze dus gebruiken om aan een bank te overleggen, delen op Social Media of gebruiken voor een BSQberekening. Gemeente toegang in haar hoedanigheid als belanghebbende De gemeente Amsterdam heeft toegang en mag gebruikmaken van onderliggende gegevens als belanghebbende.
De gemeente gebruikt deze gegevens dus niet in haar bestuursrechtelijke hoedanigheid, maar als belanghebbende blooteigenaar van de grond die in erfpacht is uitgegeven. De gemeente mag dus, vanuit die positie, beschikken over de gegevens die ten grondslag liggen aan de WOZ-taxatie (o.a. perceel- en opstalgegevens) omdat zij blooteigenaar is van de grond en door verticale natrekking ook van de opstallen. Implicaties voor openbaarmaking Aangezien de gemeente hier optreedt in haar privaatrechtelijke rol en de gegevens tot zich heeft genomen als belanghebbende, staat het haar in die hoedanigheid vrij gegevens te verstrekken en/of te publiceren. De Wet WOZ verzet zich daar niet tegen nu deze beperkingen stelt aan het verstrekken in de hoedanigheid als bestuursorgaan dat de Wet WOZ uitvoert.
Samenhang privaatrechtelijke rol en publiekrechtelijke rol De gemeente treedt als blooteigenaar op in haar privaatrechtelijke rol. Deze rol is niet volledig te scheiden van de publiekrechtelijke verantwoordelijkheid die de gemeente ook heeft. Deze dubbelrol vereist extra zorgvuldigheid van de gemeente ook in haar privaatrechtelijke rol. Met het oog op de samenhang van rollen adviseert de Waarderingskamer de gemeente wel om alle andere belanghebbenden bij de WOZgegevens (de erfpachters) wel te informeren over een eventuele publicatie van de gegevens die de WOZ-waarde onderbouwen en de publicatie te beperken tot de gegevens die relevant zijn voor de erfpachtdiscussie. Overigens is mogelijk nog relevant dat de gegevens die van belang zijn voor de erfpachtberekening niet zuiver verzameld zijn met de "doelbinding" WOZ-taxaties. De gegevens zullen dan in het publiekrechtelijk handelen van de gemeente breder gebruikt worden (vergelijk ook de BAG) en beschikbaar stellen van die gegevens is dan niet onderworpen aan specifieke WOZ-regels.