A - 20 Duurzaamheid en Circulaire Economie (29) 1. onderzoek duurzaam cremer
Tekst van het document
Duurzaam cremeren De Nieuwe Ooster & De Nieuwe Noorder Bevindingen en aanbevelingen naar aanleiding van amendement Vroege en Groen
Via Invoegen | Koptekst en voettekst kunt u de tekst wijzigen
Augustus 2020 De Nieuwe Ooster en De Nieuwe Noorder De heer J. Bueving, directeur a.i.
Inhoudsopgave 1.
Inleiding ................................................................................................................................................. 2 De aanleiding voor dit onderzoek.................................................................................................................. 2 Leeswijzer .................................................................................................................................................... 3
2.
De stand van zaken begraven en cremeren anno 2020 ......................................................................... 4 Wet op de lijkbezorging ................................................................................................................................ 4 Vooruitblik op nieuwe (nu nog verboden) technieken .................................................................................... 5 Advies Gezondheidsraad over opname nieuwe technieken in de wet ............................................................. 6 Voorbeelden duurzaamheid andere Nederlandse begraafplaatsen & crematoria........................................... 7
3.
De Nieuwe Noorder en De Nieuwe Ooster .............................................................................................. 8 Duurzaamheid begraven en cremeren .......................................................................................................... 8 Duurzaamheid gebouwen ............................................................................................................................. 9 Duurzaamheid gedenkparken ....................................................................................................................... 9 Duurzame materialen en gewasbeschermingsmiddelen .............................................................................. 10 Duurzaamheid vervoer ............................................................................................................................... 10
4.
Amsterdamse situatie.......................................................................................................................... 11 Prognoses bevolkingsgroei en crematiecapaciteit ....................................................................................... 11 Ambities duurzaamheid Amsterdam ........................................................................................................... 12
5.
Conclusies en aanbevelingen ................................................................................................................ 13
Bijlagen: ........................................................................................................................................................ 16 Bijlage 1: Amendement raadsleden J. Groen (GroenLinks) en J. Vroege (D66), 7-11-2019 ....................... 16 Bronnen ......................................................................................................................................................... 18
1
1. Inleiding De gemeente Amsterdam is verantwoordelijk voor twee gemeentelijke begraafplaatsen met crematoria, De Nieuwe Noorder (stadsdeel Noord) en De Nieuwe Ooster (stadsdeel Oost). De Nieuwe Ooster en De Nieuwe Noorder zijn niet de enige twee begraafplaatsen van de stad. Ook gesloten begraafplaats Huis te Vraag in Zuid en begraafplaats Driemond in ZuidOost vallen onder de gemeente, net als zeven dorpskerkhoven in landelijk Noord. Daarnaast beheert de gemeente de twee begraafplaatsen van de gemeente Weesp. De begraafplaatsen en crematoria Westgaarde (van de PC Hooftgroep) en Zorgvlied (van de gemeente Amstelveen) bevinden zich ook op Amsterdams grondgebied, maar zijn geen eigendom van de gemeente Amsterdam en vallen niet onder haar invloedssfeer. Verder zijn er nog (niet gemeentelijke) begraafplaatsen in Amsterdam, namelijk de Buitenveldert Begraafplaats, Vredenhof Begraafplaats en de Stichting Begraafplaats St. Barbara. De Nieuwe Noorder en De Nieuwe Ooster vervullen graag een voorbeeldrol op het gebied van duurzaamheid, zowel binnen Amsterdam en daarbuiten. Zij voelen een grote verantwoordelijkheid ten aanzien van de duurzaamheidsambities van de gemeente Amsterdam en leveren in het kader van maatschappelijk ondernemen graag een bijdrage aan de mogelijkheid tot verduurzaming van crematoria in het algemeen.
De aanleiding voor dit onderzoek De raadsleden J. Groen en J. Vroege hebben eind 2019 een amendement ingediend over duurzaam cremeren (zie bijlage). Dit amendement is aangenomen. Tijdens de behandeling van de begroting 2020 zijn middelen vrijgemaakt voor een onderzoek naar mogelijkheden om de twee gemeentelijke crematoria te verduurzamen. In het amendement is opgenomen dat: • uit het TNO-rapport “Milieueffecten van verschillende uitvaarttechnieken” uit 2014 blijkt dat crematies voor veel fijnstof en broeikasgassen zorgen; • de milieu-impact hiervan in CO2 neerkomt op 208 kilo per persoon, meer nog dan een enkeltje met het vliegtuig van Amsterdam naar Istanbul (wat zorgt voor ongeveer 188 kilo CO2); • inmiddels zo'n 76% van de overledenen in Nederland gecremeerd wordt en cremeren nog altijd in populariteit stijgt; • er binnen de uitvaartbranche belangrijke duurzame ontwikkelingen gaande zijn, zoals ovens op elektriciteit in plaats van gas. De Nieuwe Ooster en Nieuwe Noorder hebben een onderzoek uitgevoerd naar de mogelijkheden om de twee gemeentelijke crematoria te verduurzamen. In deze rapportage treft u de resultaten aan van dit onderzoek dat is uitgevoerd in de periode februari tot en met juli 2020.
Het onderzoek gaat enerzijds in op de vraag op welke wijze De Nieuwe Noorder en De Nieuwe Ooster in algemene zin aan duurzaamheid werken, waar het gaat om gebouwen, terugwinnen van warmte, de zorg voor flora en fauna en de wijze waarop materialen worden hergebruikt. 2
Daarnaast wordt ingegaan op de vraag naar duurzaamheid van het begraven en cremeren zelf en andere methoden van lijkbezorging; wat is de stand van zaken in de uitvaartbranche en wat is de betekenis hiervan voor duurzaamheid?
Leeswijzer Hoofdstuk 2: Wat is de algemene stand van zaken in 2020 op het gebied van begraven en cremeren? De Wet op de Lijkbezorging is een belangrijke wet in dit verband. We lichten toe wat volgens deze wet mogelijk is om te doen met het lichaam van een overledene en gaan in op de vraag welke nieuwe (en duurzamere) manieren er technisch gezien al mogelijk zijn - maar wettelijk nog niet geoorloofd. Wat betekent begraven en cremeren in termen van duurzaamheid? Ook beschrijven we kort een aantal voorbeelden van voorlopers in de uitvaartbranche. Hoofdstuk 3: Dit hoofdstuk focust op de gemeentelijke begraafplaatsen de Nieuwe Noorder en de Nieuwe Ooster en de manier waarop zij op dit moment al duurzaam werken. Hoofdstuk 4: Beschrijft kort de prognoses bevolkingsgroei & crematiecapaciteit en een aantal Amsterdamse ambities die voor verdere verduurzaming binnen de uitvaartbranche belangrijk kunnen zijn. Hoofdstuk 5: Conclusies en aanbevelingen.
3
2. De stand van zaken begraven en cremeren anno 2020 Niet alles kan, niet alles mag. De Wet op de Lijkbezorging van 1869 is, na enkele wijzigingen in de tussenliggende periode, in 1991 herzien en vastgesteld en is nog steeds van kracht. Doel van deze wet is om te regelen wat er met een lichaam van een overleden persoon moet gebeuren na dood te zijn geboren of na te zijn overleden.
Wet op de lijkbezorging Iedere gemeente moet ten minste 1 gemeentelijke begraafplaats1 hebben. Daarnaast zijn er bijzondere begraafplaatsen: bijvoorbeeld van kerkgenootschappen, begrafenisverenigingen, ondernemingen. In de wet op de lijkbezorging is vastgelegd dat er drie mogelijkheden zijn wat betreft de “lijkbezorging”: Begraven •Op begraafplaatsen •Op een natuurbegraafplaats •Op eigen grond, als de gemeenteraad het terrein als begraafplaats aanwijst.
Cremeren •In crematoria
Ter beschikking van de wetenschap •Het lichaam wordt na het overlijden aan een Anatomisch Instituut van een universiteit geschonken en gebruikt voor onderwijs en onderzoek.
Begraven en cremeren in termen van duurzaamheid Begraven De meest traditionele vorm van lijkbezorging is begraven op een begraafplaats. Met gemiddeld 95 kilogram CO22 is begraven een meer duurzame uitvaartvorm dan cremeren. Bij natuurbegraven zijn aanvullend alleen natuurlijke monumenten toegestaan (zoals houtschijf of zwerfkei) en moet het lijkomhulsel biologisch afbreekbaar zijn. Nadeel van begraven in het oogpunt van duurzaamheid is dat niet-natuurlijke delen van het lichaam, zoals protheses, ook mee de grond in gaan. Dit geldt ook voor medicijnen in het lichaam van de overledene en kleding van niet-natuurlijke materialen zoals polyester. Cremeren Cremeren op gas levert gemiddeld 208 kilogram CO2 op per crematie. Volgens DFW, leverancier van crematieovens, levert de overstap van gas naar elektrische ovens een vermindering op van gemiddeld 113 kilogram CO2 uitstoot per crematie. Uitgaande van ongeveer 600 crematies bij De Nieuwe Noorder en 1800 crematies bij De Nieuwe Ooster (en een gemiddelde van 208 KG CO2) gaat het bij de gemeentelijke crematoria dan om een jaarlijkse CO2 uitstoot van 499.200 KG CO2. Met twee elektrische ovens zou de jaarlijkse CO2 uitstoot uitkomen op 228.000 KG CO2. 1
Een gemeente heeft voor zich of met een of meer andere gemeenten tezamen tenminste een gemeentelijke begraafplaats, tenzij gedeputeerde staten van deze verplichting tijdelijk ontheffing hebben verleend (Wet op de lijkbezorging, Hoofdstuk III, artikel 33 2 TNO-rapport “Milieueffecten van verschillende uitvaarttechnieken” uit 2014
4
Elektrisch cremeren is daarmee duurzamer omdat er minder CO2 vrijkomt. Er kleeft echter een belangrijk nadeel aan: niet alle stroom is groene, duurzame stroom. Als er niet voldoende groene stroom is om de elektrische crematieoven van voldoende stroom te voorzien, dan zal een elektische oven deels afhankelijk blijven van “vieze”, vervuilende stroom (bijvoorbeeld vanuit kolencentrales).
Vooruitblik op nieuwe (nu nog verboden) technieken In de media is veel aandacht voor nieuwe manieren van lijkbezorging, bijvoorbeeld in de VS. Deze methodes zijn vaak duurzamer. Op grond van de Wet op de Lijkbezorging zijn deze methodes op dit moment in Nederland echter nog niet toegestaan. Het gaat hierbij om de volgende methodes: -
-
-
-
Alkalische hydrolyse (resomeren). In de TNO-rapportage “Milieueffecten van verschillende uitvaarttechnieken” uit 2014 is deze methode meegenomen als duurzaam alternatief voor begraven en cremeren. Bij resomeren wordt het lichaam opgelost in alkali en water en dat levert gemiddeld slechts 28 kilogram CO2 op per geresomeerd lichaam. Humaan composteren. In plaats van het lichaam permanent te begraven, wordt het in herbruikbare zeshoekige vaten gelegd. Vervolgens wordt het stoffelijk overschot omgezet in compost. Dit proces duurt ongeveer een maand. In totaal wordt er ongeveer een kubieke meter grond omgezet per persoon. De hoeveelheid CO2 die dit oplevert is onbekend. Cryomeren. Het lichaam wordt gekoeld tot -18 graden Celsius in een periode van 10 dagen. Het bevroren lichaam wordt in een bad met vloeibare stikstof gelegd, op een temperatuur van -196 graden Celsius. Het lichaam wordt hierdoor erg broos. Daarna wordt het lichaam blootgesteld aan trillingen. De trillingen zorgen ervoor dat het lichaam uiteenvalt tot een organisch poeder dat in een vacuümkamer wordt gedroogd. Eventuele schadelijke metalen zoals titanium (afkomstig van implantaten) en kwik (van tandvullingen) worden uit het poeder verwijderd. Uiteindelijk blijft er van een volwassen persoon zo’n 25 tot 30 kilogram gezuiverd poeder over.
Dit poeder gaat in een milieuvriendelijke kist, die bijvoorbeeld van aardappelzetmeel of maïszetmeel is gemaakt. Men begraaft de kist in een ondiep graf, zodat er voldoende zuurstof bij kan. Kist en poeder worden op een natuurlijke manier omgezet tot compost in een periode van 6 tot 12 maanden. Ook hiervan is de CO2 uitstoot onbekend. Cryonisme. Een lichaam kan ook ingevroren worden en onbeperkt in bevroren vorm blijven. Ook hiervan is de CO2 uitstoot onbekend. Ecoleren. Bij het ecoleren wordt het lichaam van een overledene omgezet in een inactief biologisch poeder. Dit gebeurt in een proces op basis van elektriciteit. Schadelijke stoffen zoals amalgaan en medicijnen worden geneutraliseerd. Er is minder energie voor nodig, maar de precieze CO2 uitstoot is onbekend.
5
Advies Gezondheidsraad over opname nieuwe technieken in de wet Er is landelijk volop discussie om de op dit moment volgens de Wet toegestane methoden van lijkbezorging uit te breiden met de hierboven beschreven alternatieven, die milieuvriendelijker kunnen zijn en minder energie vergen. Minister Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft hierover in mei 2020 een advies ontvangen van de Gezondheidsraad. De Gezondheidsraad heeft een kader opgesteld om te beoordelen welke alternatieve technieken voor begraven en cremeren kunnen worden toegestaan. Leidend daarbij zijn de veiligheid, waardigheid en duurzaamheid van zulke technieken. Tabel: Beoordelingskader voor nieuwe vormen van lijkbezorging3
De Gezondheidsraad heeft twee nieuwe technieken getoetst: Alkalische hydrolyse en composteren (zie boven). De conclusie is dat alkalische hydrolyse, waarbij het lichaam van de overledene wordt opgelost in vloeistof, voldoet aan de gestelde voorwaarden uit het kader. Als de minister besluit deze techniek toe te laten, moeten technische specificaties en zaken als training van de operateurs en onderhoud nog wel nader bekeken worden. Over humaan composteren wordt geconcludeerd dat het schort aan wetenschappelijke gegevens en analyses waardoor de Gezondheidsraad onvoldoende kan beoordelen of deze techniek voldoet aan de gestelde (voor)waarden. Het streven van de minister is om de Tweede Kamer na het zomerreces van 2020 te informeren over het kabinetsstandpunt ten aanzien van het advies van de Gezondheidsraad. Ook zal zij de Tweede kamer informeren over de precieze inhoud en nadere planning van het wetstraject voor de vernieuwing van de Wet op de Lijkbezorging. Nog onbekend is hoeveel vertraging er is opgelopen ten gevolge van de huidige Coronacrisis.
3
Advies Gezondheidsraad: Toelaatbaarheid nieuwe vormen van lijkbezorging, 25 mei 2020
6
Voorbeelden duurzaamheid andere Nederlandse begraafplaatsen & crematoria Elektrisch cremeren is relatief nieuw in Nederland. De eerste elektrische crematieoven is in februari 2019 geplaatst in een crematorium in Geleen. Daarna zijn crematoria mondjesmaat overgegaan tot de aanschaf van een elektrische oven. Crematorium ’t Lief in Beesd, een niet-gemeentelijk crematorium dat ernaar streeft het meest duurzame crematorium van Nederland te worden, heeft de intentie dat de recent aangeschafte elektrische oven deels gaat draaien op 300 zonnepanelen die op de loods van de buren zijn geplaatst4. In Zeist ligt de gemeentelijke Begraafplaats & Crematorium Bosrust. Het nieuwe crematorium, met een elektrische oven, is op 20 april 2020 voor het eerst in gebruik genomen. Het aantal crematies is nog laag (maximaal 2 per dag). De warmte van de oven wordt gebruikt voor verwarming van de panden. De gemeente Zeist heeft daarnaast een collectief groen stroomcontract afgesloten voor alle gemeentelijke diensten inclusief Bosrust. Vanuit de Landelijke Vereniging van Crematoria (LVC5) is in 2019 een werkgroep Energieverbruik samengesteld, die binnen de eigen geledingen onderzoek heeft gedaan naar effectief cremeren.
De voorlopige resultaten laten zien dat er een efficiëntieslag te maken valt in gas- en stroomverbruik van 20-30%, bijvoorbeeld door een betere ovenplanning (denk aan langere dagen en verder vooruitplannen) en fine-tuning van de oven (denk aan aanpassing van de luchtpoorten en een hogere onderhoudsfrequentie). De LVC vraagt een ingenieursbureau om deze voorlopige resultaten na de zomer van 2020 te onderzoeken en te objectiveren. Op basis van deze resultaten zal de LVC advies uitbrengen richting haar leden.
4 5
Vakblad Uitvaart, februari 2020 104 aangesloten crematoria. De Nieuwe Noorder en De Nieuwe Ooster zijn ook aangesloten bij de LVC.
7
3. De Nieuwe Noorder en De Nieuwe Ooster De gemeentelijke begraafplaatsen en crematoria De Nieuwe Noorder en De Nieuwe Ooster hebben hun eigen duurzaamheid onder de loep genomen wat betreft de aspecten het cremeren en begraven, de gebouwen, de gedenkparken, de gewasbeschermingsmiddelen en het vervoer.
Duurzaamheid begraven en cremeren Bij De Nieuwe Noorder worden jaarlijks ongeveer 600 crematies uitgevoerd en bij De Nieuwe Ooster ongeveer 1800. Beide crematoria cremeren op gas en hebben een gasoven die over 12 jaar, in 2032, afgeschreven is. De kosten van aanschaf van een nieuwe elektrische oven zou circa 700.000 euro bedragen. Daarnaast zouden er noodzakelijke verbouwingen – met bijbehorende kosten - moeten plaatsvinden aan de verschillende gebouwen. Zowel bij begraven als cremeren is al een aantal maatregelen genomen om de duurzaamheid te bevorderen.
Na afloop van de grafrechten mogen de nabestaanden kiezen of de grafsteen mag worden hergebruikt, of dat de steen vernietigd wordt. Bij vernietiging wordt de steen verpulverd en gebruikt voor asfalt.
De asboxen waarin de as wordt bewaard gedurende de wettelijke bewaartermijn zijn biologisch afbreekbaar en recyclebaar (voor de kunststofverwerkende industrie).
Er zijn speciale huursteentjes voor de algemene graven (keldergraven). Na afloop van de huurperiode wordt het steentje schoongemaakt en hergebruikt.
8
Duurzaamheid gebouwen De panden worden verwarmd door een warmte-koude installatie. Deze klimaatinstallatie is gebaseerd op milieuvriendelijke warmte/koudeopslag in de bodem. Het opgewarmde koelwater van de gasoven wordt hergebruikt in het verwarmingssysteem. De gebouwen zijn extra geïsoleerd en beschikken over energiezuinige verlichting, die – waar mogelijk – is geschakeld via bewegingsmelders. Daarnaast is driedubbel glas gebruikt. De kantoren zijn opgetrokken van duurzaam hout. Bij De Nieuwe Ooster is op het museum/cafégebouw een duurzaam en groen sedum dak geplaatst dat koeling biedt in de zomer en isolatie in de winter.
Duurzaamheid gedenkparken De Nieuwe Noorder heeft rondom haar begraafplaats een natuurpad. Momenteel staan er 40 bijenkasten die worden beheerd door de imkervereniging van Amsterdam-Noord. Langs het pad ligt ook een IJsvogelwand die wordt onderhouden door de bioloog van Amsterdam Noord, samen met vrijwilligers van Amsterdam Noord. De Nieuwe Ooster kent een actief en snelgroeiend arboretum (gespecialiseerd bomenpark). Met 33 hectare groen is dit arboretum één van de grootste in Nederland qua boom- en struiksoorten en levert daarmee ook CO2 compensatie. De Stichting Arboretum De Nieuwe Ooster verzorgt rondleidingen en boomcursussen. Het arboretum is door de Nederlandse Dendrologische Vereniging gekwalificeerd met de maximale score van 5 sterren. ’s Nachts brandt geen licht, waarmee het een belangrijk stilte/rustgebied is voor vogels en andere wilde dieren binnen de Ring. Het park maakt deel uit van de ecologische structuur van Amsterdam. Dit is een netwerk van ecologische groene verbindingswegen met lage oevers waarlangs wilde dieren in de stad zich veilig kunnen verplaatsen. De Vereniging voor Veldbiologie (KNNV) heeft in het kantoorgebouw van De Nieuwe Ooster hun verenigingslocatie voor avonden/lezingen en doet onderzoek naar de paddenstoelen, planten en vogels op het terrein.
Op beide parken vindt ecologisch beheer plaats: soorten die ten goede komen aan de flora en fauna worden bewust aangeplant. Er bloeien wilde orchideeën die elders in Nederland niet meer voorkomen. De parken zijn een toevluchtsoord voor de bedreigde ijsvogel, er zijn broedhopen voor ringslangen en paddenpoelen voor kikkerdril en als plek voor salamanders om eitjes te leggen. 9
Duurzame materialen en gewasbeschermingsmiddelen Op De Nieuwe Noorder en De Nieuwe Ooster worden duurzame materialen en gewasbeschermingsmiddelen gebruikt, zoals onkruidverwijderaar The Wave. Deze machine scant met een laser, detecteert onkruid op paden en bestrijdt het onkruid met stoom (heet water). Dit is arbeidsintensieve, maar meer milieuvriendelijke methode, die voldoet aan Europese normen. Afgevallen blad wordt niet meer totaal verwijderd, maar in borders aangebracht/geblazen. Het groenafval wordt gecomposteerd op het bedrijventerrein van De Nieuwe Ooster. Het compost wordt gebruikt door andere diensten van de gemeente. De Nieuwe Noorder gebruikt ook de compost van De Nieuwe Ooster.
Duurzaamheid vervoer Auto’s mogen alleen bij hoge uitzondering het terrein op. Voor mindervaliden zijn er oproepbare elektrisch “golfkarretjes” met chauffeur. Bij de ingang van De Nieuwe Ooster zijn grote fietsvakken aangelegd met de mogelijkheid tot het opladen van elektrische fietsen.
10
4. Amsterdamse situatie Prognoses bevolkingsgroei en crematiecapaciteit In 2016 koos circa 70% van de Amsterdammers voor een crematie. In 2017 is een prognose voor de ontwikkeling van het aantal crematies in Amsterdam opgesteld. Deze is vastgelegd in de rapportage ‘Ontwikkeling crematoria in Amsterdam – trends en ruimtelijke aspecten’ d.d. 24-11-2017. In 2020 is een actualisatie uitgevoerd. Voor de actualisatie zijn de volgende zaken in beeld gebracht: prognose van het aantal inwoners, het aantal sterfgevallen en de verwachte ontwikkeling van de vraag naar mogelijkheden om te cremeren in Amsterdam (op hoofdlijnen). Op basis van de verwachte ontwikkelingen is een prognose gemaakt van de toekomstige vraag naar crematies in Amsterdam. Naar verwachting groeit het aantal inwoners van Amsterdam de komende jaren gestaag door naar 1,1 miljoen inwoners in 2050 en stijgt het aantal sterfgevallen van ruim 5.200 in 2023 naar bijna 7.500 in 2050. Figuur 1 prognose ontwikkeling aantal inwoners Amsterdam 2020-2050 (Bron: OIS Amsterdam)
Figuur 2 beschikbare ovencapaciteit in 2017 in relatie tot het verwachte aantal crematies in de komende jaren volgens de maximale groeivariant.
In 2017 is ook de ovencapaciteit bij de Amsterdamse crematoria onderzocht. Op basis van de cijfers is de verwachting dat de toename aan crematies (volgens de maximale variant) per jaar op basis van de groeiprognoses van de bevolking tot en met 2050 in voldoende mate opgevangen kan worden binnen de bestaande ovencapaciteit in de stad. Mocht dit niet zo zijn, dan is het advies in de actualisatie van 2020 om dit op te lossen door een hogere ovencapaciteit bij de bestaande crematoria. Het bijplaatsen van een oven bij een bestaand crematorium betekent minder ruimtebeslag en heeft minder impact op het landschap/de groene omgeving dan de realisatie van een nieuw crematorium. 11
Ambities duurzaamheid Amsterdam Welke ambities van het College raken de gemeentelijke crematoria? Amsterdam aardgasvrij Amsterdam wil in 2040 aardgasvrij zijn. In de Transitievisie Warmte is beschreven hoe Amsterdam dit wil gaan doen. In april en mei 2020 zijn inspraakrondes gehouden. De bedoeling is dat de visie in september door de gemeenteraad wordt vastgesteld. Na 5 jaar wordt de visie herijkt. De overgang van cremeren op gas naar cremeren op elektriciteit zou aansluiten bij deze visie. Waterstof (Waterstofeconomie 2050) Op dit moment is waterstof op grote schaal nog niet duurzaam te produceren. Wellicht is dit op lange termijn wel mogelijk. Vanaf 2025 -2030 zal, afhankelijk van de vraag en prijsontwikkeling, waterstof als brandstof gebruikt kunnen worden. Dit zou een duurzaam alternatief kunnen vormen voor cremeren op gas én elektriciteit. Onderstaand schema laat zien dat de ontwikkeling loopt van grijze waterstof naar blauwe waterstof en (uiteindelijk) naar groene waterstof. De CO2 zal bij blauwe waterstof ondergronds worden opgeslagen in de oude gasvelden op zee en minder dan 50% uitstoot aan CO2 kennen dan “gewone” aardgas. Groene waterstof stoot geen CO2 uit, maar O2.
Voor gebruik van blauwe waterstof kan de bestaande aardgasaansluiting gebruikt worden. De aardgasaansluiting wordt door de energieleverancier afgekoppeld en op hetzelfde systeem wordt het waterstofgas aangeboden. Hier kan ook een gasoven op draaien. Dit alles is op dit moment nog toekomstmuziek. Zonnepanelen en windenergie Het streven is dat in 2030 80% van de elektriciteit die huishoudens gebruiken opgewekt wordt uit zonne- en windenergie. Mogelijk kan deze energie ook gebruikt worden voor elektrisch cremeren.
12
5. Conclusies en aanbevelingen Onderzocht is of de twee gemeentelijke crematoria (De Nieuwe Noorder en De Nieuwe Ooster) verder verduurzaamd kunnen worden, bijvoorbeeld door over te gaan op elektrisch cremeren. Duidelijk is geworden dat De Nieuwe Ooster en Noorder duurzaamheid hoog in het vaandel hebben staan en in vergelijking met andere crematoria in Nederland op het gebied van duurzaamheid al behoorlijk vooroplopen. Zo worden onder andere het opgewarmde koelwater van de gasoven hergebruikt in het verwarmingssysteem, kunnen monumenten hergebruikt worden en worden de gedenkparken ecologisch beheerd. Verdere verduurzaming is desalniettemin mogelijk. Als er zou worden overgegaan op elektrische ovens zou dit een aanzienlijke CO2 besparing kunnen opleveren. Financieel gezien heeft dit grote consequenties: de huidige gasovens bij De Nieuwe Noorder en De Nieuwe Ooster zijn pas over 12 jaar, in 2032, afgeschreven. De kosten van aanschaf van een nieuwe elektrische oven zou circa 700.000 euro6 bedragen. Daarnaast zouden er noodzakelijke verbouwingen – met bijbehorende kosten - moeten plaatsvinden aan de verschillende gebouwen, aangezien de installatie een grotere omvang heeft. Ook staat de ontwikkeling van elektrische ovens op dit moment nog in de kinderschoenen: de eerste elektrische oven is pas begin 2019 geplaatst.
Ook is het nog de vraag of er voldoende groene elektriciteit beschikbaar is om de elektrisch ovens ook daadwerkelijk duurzaam te kunnen laten draaien. Naast het overgaan van gas op elektrisch cremeren zou alkalische hydrolyse, waarbij het lichaam van de overledene wordt opgelost in vloeistof, op termijn wellicht een alternatief kunnen zijn. Deze methode wordt naar verwachting opgenomen in de vernieuwde Wet op de Lijkbezorging. Met 28 kg CO2 per geresomeerd lichaam lijkt dit een nog duurzamer alternatief. Aanbevelingen Wij zien mogelijkheden tot verduurzaming van De Nieuwe Ooster en Noorder voor de korte termijn (<1 jaar), de middellange termijn (1 – 5 jaar) en de langere termijn (> 6 jaar). De kosten hiervan dienen nog nauwkeuriger in beeld te worden gebracht en dienen dan in de begroting te worden opgenomen. Het gaat hierbij om de volgende mogelijkheden: Korte termijn (<1 jaar) 1. Een werkgroep van de Landelijke Vereniging van Crematoria heeft onderzoek gedaan en geconcludeerd dat op korte termijn mogelijk duurzaamheidswinst te behalen is door energiebesparing bij de bestaande gasovens. Deze zou optreden bij onder andere een betere
6
Oven DFW-Electric Single End, DFW Europe (offerte 20-02-2020).
13
ovenplanning en het finetunen van de machine, wat een besparing op gasverbruik van 2025% en 20% op stroomverbruik zou betekenen. Deze gegevens worden na de zomer van 2020 geverifieerd door een ingenieursbureau en zullen worden vertaald naar adviezen voor de leden van de LVC waar ook de Amsterdamse crematoria lid van zijn. Zodra deze adviezen beschikbaar zijn en energie bespaard kan worden, kunnen de aanbevelingen worden opgevolgd en geoperationaliseerd bij De Nieuwe Noorder en De Nieuwe Ooster. 2. Amsterdamse crematoria / begraafplaatsen kunnen zich duidelijker onderscheiden op het terrein van duurzame producten. Denk hierbij aan het inkopen van biologisch afbreekbare producten zoals biologisch afbreekbare tasjes, duurzame consumpties en producten uit de streek. 3. De bosmaaiers op brandstof, die gebruikt worden voor het weghalen van gras en onkruid, kunnen vervangen worden door een duurzamer variant. De Nieuwe Noorder gebruikt al wel een duurzamere elektrische bosmaaier. 4. De keuze voor de materialen van kisten en de kleding die een overledene draagt, heeft invloed op de hoogte van de CO2 uitstoot. De invloed van De Nieuwe Ooster en De Nieuwe Noorder hierop is relatief beperkt aangezien de keuzes worden gemaakt door de familie in overleg met de verschillende uitvaartondernemingen, en niet de crematoria / begraafplaatsen zelf.
Desalniettemin zijn er mogelijkheden om de bewustwording hierover bij het publiek te vergroten, bijvoorbeeld door gedragsbeïnvloeding of een communicatiecampagne, en het actief organiseren van voorlichtingsbijeenkomsten over duurzaamheid voor uitvaartondernemers. 5. Een duurzaamheidsscan te laten uitvoeren door de gemeentelijke directie Ruimte & Duurzaamheid: wat kan er allemaal om nog meer te verduurzamen. 6. Scan laten uitvoeren naar afvalstromen (bepalen of er alternatieven zijn op het gebied van preventie, vermindering, hergebruik en recycling). 7. Verder kan worden gedacht aan: • Het plaatsen van oplaadpalen voor elektrische auto’s; • Het plaatsen van zonnepanelen op de daken; • Het inrichten van groene daken op de gebouwen waar dat mogelijk is. Middellange termijn (1 – 5 jaar) 1. Op de middellange termijn zal de techniek rond elektrisch cremeren naar verwachting verder (uit)ontwikkeld zijn en zal er waarschijnlijk ook meer duidelijkheid komen op welke wijze voldoende groene stroom geleverd kan worden. Ook zal duidelijk worden of alkalische hydrolyse (resomeren) in de nieuwe Wet op de Lijkbezorging is opgenomen en of deze techniek daadwerkelijk ook toegepast gaat worden.
14
Met deze informatie kunnen vervolgstappen uitgewerkt worden en keuzes gemaakt. Deze zullen te zijner tijd worden voorgelegd aan het gemeentebestuur. 2. De gemeente Amsterdam kan overwegen om de Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen aan te passen en op te nemen dat op de gemeentelijke begraafplaatsen alleen duurzame materialen mogen worden gebruikt. Op die manier worden bijvoorbeeld geen hooggelakte kisten, spaanplaat kisten of niet-duurzame stenen meer toegestaan (transport van de stenen uit China of India hebben bijvoorbeeld een behoorlijke milieuimpact). Voor het oudste, Rijksmonumentale deel van De Nieuwe Ooster gelden op dit moment al voorschriften voor de grafbedekking die het gebruik van duurzame materialen verplichten. 3. Er zou een groene aula ingericht kunnen worden voor een klein gezelschap, terwijl anderen de uitvaart kunnen volgen via een livestream. Om dit aantrekkelijk te maken kan korting worden gegeven op een crematie of op grafrechten. Lange termijn (> 6 jaar) In 2032 zijn de gasovens afgeschreven en kan overwogen worden om deze te vervangen door elektrische ovens. De gemeentelijke ambities rond zonnepanelen, windenergie en waterstof zullen hierbij worden meegenomen. Dat geldt ook voor nieuwe andere ontwikkelingen in de uitvaartbranche en eventuele duurzamer alternatieven.
15
Bijlagen: Bijlage 1: Amendement raadsleden J. Groen (GroenLinks) en J. Vroege (D66), 7-11-2019
16
17
Bronnen Websites: • www.uitvaart.nl Documenten: • Ontwikkeling crematoria in Amsterdam - actualisatie prognose crematies -, 20-3-2020 (R&D/OIS) • Publicatie Toelaatbaarheid nieuwe vormen van lijkbezorging (nr. 2020/06): advies Gezondheidsraad aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties • Concept RES (Regionale Energie Strategie) Amsterdam, 2020 • Eerste Bijzondere Inspectierapport Crematieoven (HER), 18 februari 2019, Parkstad Inspecties • Onderhoudsovereenkomst voor begraafplaats en crematorium “De Nieuwe Ooster”, 25 februari 2016, JWF Europe • Rapportage betreffende emissiemetingen aan crematorium De Nieuwe Ooster Amsterdam, 25 juni 2013, Pro Monitoring B.V. • Technische omschrijving crematieoven: Type DFW 8000 • QuickScan Duurzaamheid De Nieuwe Ooster, maart 2009, DWA Installatie- en energieadvies • National Geographic: The environmental toll of cremating the dead. Becky Little, 5 november 2019 Bijdragen van: • Jurgen Bueving, directeur a.i.
DNN/DNO • Mischa Smeding, stafmedewerker DNO • Henk Dieckman, hoofd Buitendienst DNN/DNO • Bert Hilhorst, facilitaire Dienst DNO • Johan Mullenders, boomspecialist DNO, oprichter Arboretum • René Kapetijn, coördinator Aula DNO • Roel Stapper, directeur SBC Zuylen Breda en bestuurslid LVC • Marja Vermeulen, manager Zeister Bosrust • Hans de Groot, projectleider Duurzaamheid gemeente Zeist • Niek Bosch, beleidsmedewerker Ruimte en Duurzaamheid • Mark van den Putte, Programmamanager/adviseur Waterstofeconomie en toepassingen (integraliteit transitiepaden)
18