CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

A- 18 Ruimtelijke Ordening (30) 08. Nota van wijzigingen BP E-buurt oost

RAAD 31 maart 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van het bestemmingsplan E-buurt Oost en wijzigen Welstandsnota. Nr. VN2021-0041874.529 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota van wijzigingen Bestemmingsplan E-buurt Oost

Gemeente Amsterdam Ruimte & Duurzaamheid Nota van wijzigingen Bestemmingsplan E-buurt Oost

Inleiding Het college van burgemeester en wethouders stelt de gemeenteraad voor het bestemmingsplan E-buurt Oost gewijzigd vast te stellen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan zoals dat gedurende de door de wet gestelde termijn voor zes weken ter inzage heeft gelegen.

Voorgestelde wijziging planregels en verbeelding Artikel 1 Begripsbepalingen De volgende begripsbepalingen zijn geschrapt: - Bebo, - Bijzondere woonvorm, - Woning. Reden wijziging Deze begrippen worden niet gebruikt in de regels. De volgende begripsbepalingen zijn gewijzigd dan wel toegevoegd: 1.8 bed&breakfast het gedeeltelijk gebruik van een zelfstandige woonruimte voor kort verblijf bij de hoofdbewoner van die woonruimte, al dan niet met ontbijt; 1.22 gevellijn een op de verbeelding aangegeven lijn, waarin de gevel van de gebouwen aan de betreffende zijde moet worden opgericht; 1.32 huishouden een alleenstaande dan wel twee personen met of zonder kinderen, die een gemeenschappelijke huishouding voeren of wensen te voeren; 1.37 onzelfstandige woonruimte woonruimte, niet-zijnde woonruimte bestemd voor inwoning, welke geen eigen toegang heeft of welke niet door een huishouden zelfstandig kan worden bewoond, zonder dat dit huishouden daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte, waarbij als wezenlijke voorzieningen worden aangemerkt: keuken en sanitaire voorzieningen; 1.42 plint een laag op maaiveldniveau met een verdiepingshoogte van tenminste 3,5 m, bedoeld voor onder meer publiekstoegankelijke functies; 1.51 woonruimte besloten ruimte die, al dan niet tezamen met een of meer andere ruimten, bestemd of geschikt is voor bewoning door een

huishouden, alsmede standplaatsen. Reden wijziging De begripsbepalingen in 1.8, 1.32, 1.37 en 1.51 zijn opgenomen in verband met de gewijzigde Huisvestingsverordening 2020, zoals die op 1 januari 2020 in werking is getreden. In plaats van het begrip ‘woning’, wordt het begrip ‘woonruimte’ gebruikt. Dit sluit aan bij de Huisvestingsverordening, dit geldt ook voor de andere begrippen. Het begrip ‘gevellijn’ is toegevoegd. In het begrip ‘plint’ is de hoogte gewijzigd van 5 m in 3,5 m en is ‘onder meer’ toegevoegd. 2

Gemeente Amsterdam Ruimte & Duurzaamheid Nota van wijzigingen Bestemmingsplan E-buurt Oost

Artikel 3 Groen In artikel 3.1 is ‘groenvoorziening’ gewijzigd in ‘groenvoorzieningen’. Artikel 3.3 (Gebruiksbepalingen) waarin de omvang van de buurttuin was opgenomen, is geschrapt. Reden wijziging De eerder opgenomen omvang van 350 m2 was te beperkt. Bij de herinrichting zal de omvang van de buurttuin worden bepaald. Artikel 4 Tuin -1 en artikel 5 Tuin-2 Deze artikelen zijn geschrapt; deze functies maken nu onderdeel uit van de bestemming ‘Wonen -1’. De bestemmingen Verkeer -1, Verkeer – 2, Verkeer – 3 en Verkeer -4 zijn vernummerd tot de artikelen 4 tot en met 7. Artikel 10 Wonen – 1, Artikel 11 Wonen – 2, Artikel 12 Wonen – 3, Artikel 13 Wonen – 4 en Artikel 14 Wonen - 5 In verband met het vervallen van de bestemmingen Tuin – 1 en Tuin – 2, zijn deze bestemmingen vernummerd tot artikelen 8 tot en met 12. Reden wijziging Wonen – 1 tot en met Wonen -5 In het ontwerp bestemmingsplan zijn de bouwvlakken uit het Stedenbouwkundig Plan overgenomen. Hoewel daarin wel enige ruimte zat voor de situering van de bebouwing, is gebleken dat het wenselijk is om meer flexibiliteit in te bouwen in het plan. Dit geeft een grotere mogelijkheid op goede stedenbouwkundige en architectonische ontwerpen van de woongebouwen. Met de uit te zetten tenders en de daarbij behorende Bouwenveloppen kan daar waar nodig specifieke richtlijnen voor de bebouwing gegeven worden.

Voor het gehele bestemmingsplan is nagegaan of en op welke wijze meer flexibiliteit kan worden ingebouwd. Uitgangspunten daarbij zijn: - Ruimtelijke structuur van het plan blijft gehandhaafd, - Flexibiliteit is niet gericht op vergroten van bouwmassa, - Moet wel meer ruimte geven aan situering en vormgeving van de gebouwen, - Maximum aantal woningen blijft gehandhaafd op 550. Artikel 8 Wonen - 1 Voor de grondgebonden woningen en gestapelde woningen is één bestemming opgenomen, waarbij de tuinen en straten onderdeel uitmaken van de bestemming. In plaats van verschillende bouwvlakken is één bouwvlak opgenomen. Hier geldt een bebouwingspercentage van maximaal 40% voor het totaal. Ook is bepaald dat ten minste 25% van het bestemmingsvlak moet worden ingericht als openbare ruimte. Op de verbeelding zijn wel de verschillende maximale hoogten aangegeven en een gevellijn. Deze gevellijn dient tenminste voor 70% bebouwd te worden met gevels over tenminste 2 bouwlagen. De maximale hoogten van 13 m en de daar opgenomen gevellijn geldt alleen voor gestapelde bebouwing. Als daar grondgebonden woningen worden gerealiseerd, dan gelden de maximale bouwhoogte van 7 m en de daarbij behorende regels en gevellijn.

Voor de grondgebonden woningen aan de randen is opgenomen dat deze een bijgebouw en een overkapping mogen hebben in het gebied voor de voorgevelrooilijn, omdat de tuin bij deze woningen voor de voorgevel is gelegen.

3

Gemeente Amsterdam Ruimte & Duurzaamheid Nota van wijzigingen Bestemmingsplan E-buurt Oost

In de gebruiksregels zijn bepalingen opgenomen over de doorgangen en het aantal en situering van de ontsluitingswegen. In verband met het geluid is bepaald dat de woningen pas in gebruik mogen worden genomen nadat de bebouwing in de bestemmingsvlakken 'Wonen - 2', 'Wonen - 3' en Wonen - 5' zijn gerealiseerd of in aanbouw zijn, zodat de gevelbelasting voldoet aan de verleende hogere waarde op grond van de Wet geluidhinder. De verbeelding is als volgt aangepast:

Artikel 8 is als volgt aangepast: Artikel 8 8.1

Wonen - 1

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Wonen - 1' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het benutten van woonruimte, niet zijnde standplaatsen, en daarbij behorende gronden en opstallen ten behoeve van bewoning en huisgebonden beroepen; met de daarbij behorende: b. c. d. e. f.

bijbehorende bouwwerken; groenvoorzieningen; tuinen en erven; straten; parkeervoorzieningen.

8.2

Bouwregels

8.2.1

Algemeen

Op en onder de in 8.1 genoemde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten dienste van de bestemming. 8.2.2

Gebouwen 4

Gemeente Amsterdam Ruimte & Duurzaamheid Nota van wijzigingen Bestemmingsplan E-buurt Oost

Voor bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. gebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; b. het bebouwingspercentage bedraagt maximaal 40%; c. de maximale bouwhoogte: zoals op de verbeelding is aangegeven, met dien verstande dat: 1. daar waar een maximale bouwhoogte van 7 m is opgenomen per woonruimte een derde bouwlaag over maximaal 65% van het grondoppervlak van de woonruimte mogelijk is, waarbij de totale bouwhoogte van de woonruimte niet hoger is dan 10 meter; 2. daar waar een maximale bouwhoogte van 10 m is opgenomen per woonruimte een vierde bouwlaag over maximaal 65% van het grondoppervlak van de woonruimte mogelijk is, waarbij de totale bouwhoogte van de woonruimte niet hoger is dan 13 meter; d. de op de verbeelding aangegeven gevellijn dient tenminste voor 70% bebouwd te worden met gevels over tenminste 2 bouwlagen; e. daar waar een maximale bouwhoogte van 13 m is opgenomen, geldt de maximale bouwhoogte en de op de verbeelding aangegeven gevellijn alleen voorzover daar gestapelde bebouwing wordt gerealiseerd; in het geval daar een grondgebonden woonruimte wordt gerealiseerd geldt een maximale hoogte van 7 m en de daarvoor geldende regels en de daarbij behorende gevellijn; f. de woonruimten mogen geen hoofdtoegang hebben aan de zijde die grenst aan de bestemming 'Groen'; g.

de woonruimten waarvoor een maximale bouwhoogte geldt van 7 en 10 m, mogen een maximale diepte hebben van 12 m; h. bij de woonruimten die grenzen aan de bestemming 'Groen' en een hoofdtoegang hebben aan een ontsluitingsweg, zijn voor de voorgevel bijgebouwen toegestaan met een maximale hoogte van 3,5 m en een maximale omvang van 10 m2; i. de woonruimten dienen zodanig gesitueerd en vorm gegeven te worden dat de woonruimten beschikken over tenminste één stille zijde. 8.2.3

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

a. de hoogte van bouwwerken geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 1 m voor de voorgevelrooilijn en 2 meter achter de voorgevelrooilijn. b. in afwijking van het bepaalde onder a gelden voor de bouwwerken, geen gebouwen zijnde voor de woonruimten die grenzen aan de bestemming 'Groen' en een hoofdtoegang hebben aan een ontsluitingsweg, een bouwhoogte van 3 m voor de voorgevelrooilijn voor overkappingen. 8.3

Specifieke gebruiksregels

a. Tenminste 25% van het bestemmingsvlak dient ingericht te worden als openbare ruimte. b. Aan de noordoost- en zuidwestzijde dient een doorgang zonder bebouwing te worden gerealiseerd met een minimale breedte van 6 m en een maximale breedte van 8 m. c. Aan de zuidoostzijde dient een doorgang zonder bebouwing te worden gerealiseerd met een minimale breedte van 12 m en een maximale breedte van 18 m. d. De ontsluiting dient plaats te vinden vanaf de Egoli met maximaal 2 ontsluitingswegen. e. De woonruimten mogen pas in gebruik worden genomen nadat de bebouwing in de bestemmingsvlakken 'Wonen - 2', 'Wonen - 3' en ‘Wonen - 5' zijn gerealiseerd of in aanbouw zijn, zodanig dat de gevelbelasting van de woonruimten in het bestemmingsvlak 'Wonen - 1' niet meer bedraagt dan de voorkeursgrenswaarde vanwege de Daalwijkdreef en Provinciale weg, maximaal 49 dB vanwege de Elsrijkdreef en niet meer dan 60 dB vanwege de Metro. Artikel 9 Wonen -2 Met het oog op meer flexibiliteit is op de verbeelding het bestemmingsvlak Wonen – 2 vergroot, is in plaats van het aantal bouwlagen een maximale bouwhoogte opgenomen en is het maximum aantal 5

Gemeente Amsterdam Ruimte & Duurzaamheid Nota van wijzigingen Bestemmingsplan E-buurt Oost

wooneenheden komen te vervallen. Door de vergroting van het bestemmingsvlak Wonen -2 is de omvang van de bestemmingen Groen en Verkeer -3 iets aangepast.

In de regels is het bebouwingspercentage aangepast. Toegevoegd is dat het gebouw zodanig gesitueerd dient te worden dat deze een geluidafschermende werking heeft voor de woningen in het bestemmingsvlak Wonen -1. In artikel 9.1 onder f is toegevoegd ‘en onbebouwde’ en luidt als volgt: f. gebouwde en onbebouwde parkeervoorzieningen; Omdat in plaats van het minimum en maximum aantal bouwlagen, de maximum bouwhoogte is opgenomen, zijn in het tweede lid (artikel 11.2.2 oud) deze bepalingen geschrapt: d. de eerste bouwlaag dient (gedeeltelijk) te bestaan uit een plint; de plint wordt voor het bepaalde in 11.2.2 onder c gerekend als 2 bouwlagen; e. voorzover een (half verdiepte) parkeergarage wordt gebouwd, wordt deze voor het bepaalde in 11.2.2 onder c gerekend als 1 bouwlaag; h. het aantal wooneenheden binnen het bestemmingsvlak mag niet meer bedragen dan op de verbeelding is aangegeven; In artikel 9.2.2 is het bepaalde onder c, e aangepast en onder g toegevoegd. Artikel 9.2.2 luidt nu als volgt: 9.2.2

Gebouwen

Voor bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b. c. d.

een gebouw mag uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; binnen het bouwvlak is één gebouw toegestaan; de maximale bouwhoogte: zoals op de verbeelding is aangegeven; in het geval (een deel van) het bestemmingsvlak van 'Wonen- 3' is bebouwd dan wel daarvoor een omgevingsvergunning is afgegeven, dient de bebouwing hoger te zijn dan de (op te richten) bebouwing binnen het bestemmingsvlak van 'Wonen - 3'; e. het bebouwingspercentage gerelateerd aan het bestemmingsvlak bedraagt: a. maximaal 75% tot een bouwhoogte van 8 m, b. maximaal 55% vanaf een bouwhoogte van 8 m tot een bouwhoogte van 23 m, c. maximaal 45% vanaf een bouwhoogte van 23 m tot een bouwhoogte van 32 m; 6

Gemeente Amsterdam Ruimte & Duurzaamheid Nota van wijzigingen Bestemmingsplan E-buurt Oost

f.

de woonruimten dienen zodanig gesitueerd en vorm gegeven te worden dat de woonruimten beschikken over tenminste één stille zijde; g. de gebouwen dienen zodanig gesitueerd te worden dat deze een geluidafschermende werking hebben voor de (te bouwen) woonruimten in het bestemmingsvlak 'Wonen - 1'. In artikel 9.3.1 is onder a toegevoegd: a. binnen het bouwvlak de functies genoemd onder artikel 9.1 onder b, c en d zijn alleen toegestaan op de eerste bouwlaag; In artikel 9.3.1 is onder d toegevoegd ‘op de eerste bouwlaag en luidt als volgt: d. van de woon-werkeenheden mag alleen het 'werk' gedeelte op de eerste bouwlaag zijn gelegen;

Artikel 10 Wonen – 3 Met het oog op meer flexibiliteit is op de verbeelding het bestemmingsvlak Wonen – 3 vergroot, evenals het bouwvlak, is in plaats van het aantal bouwlagen een maximale bouwhoogte opgenomen en is het maximum aantal wooneenheden komen te vervallen. De specifieke bouwaanduiding -1 is komen te vervallen:

In artikel 10.1 is het bepaalde onder f aangepast en luidt als volgt: g. groenvoorzieningen. Omdat in plaats van het minimum en maximum aantal bouwlagen, de maximum bouwhoogte is opgenomen, de specifieke bouwaanduiding -1 is geschrapt, en het maximum aantal wooneenheden is vervallen zijn in het tweede lid (artikel 12.2.2 oud) deze bepalingen geschrapt: e. de (half verdiepte) parkeergarage wordt voor het bepaalde in 12.2.2 onder d niet gerekend tot een bouwlaag; i. binnen de 'specifieke bouwaanduiding - 1' is bebouwing toegestaan met een hoogte die aansluit bij de aangrenzende bebouwing onder de voorwaarden dat de gebouwen de verschijningsvorm hebben van 3 gebouwen; k. het aantal wooneenheden binnen het bestemmingsvlak mag niet meer bedragen dan op de verbeelding is aangegeven; 7

Gemeente Amsterdam Ruimte & Duurzaamheid Nota van wijzigingen Bestemmingsplan E-buurt Oost

In artikel 10.2.2 is het bepaalde onder d en j toegevoegd en onder e en g aangepast en luidt als volgt: 10.2

Bouwregels

10.2.1 Algemeen Op en onder de in 10.1 genoemde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten dienste van de bestemming. 10.2.2 Gebouwen Voor bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b. c. d.

een gebouw mag uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; binnen een bouwvlak is één gebouw toegestaan; de bebouwing dient te bestaan uit een (half) verdiepte parkeergarage waarboven woonruimten; in afwijking van het bepaalde onder a mogen een parkeergarage, bergingen en toegang tot de gebouwen buiten het bouwvlak gebouwd worden tot een bouwhoogte van 1,5 m; e. de maximale bouwhoogte: zoals op de verbeelding is aangegeven; f. in het geval (een deel van) het bestemmingsvlak van 'Wonen - 2' is bebouwd danwel daarvoor een omgevingsvergunning is afgegeven, dient de bebouwing lager te zijn dan de (op te richten) bebouwing binnen het bestemmingsvlak van 'Wonen-2'; g. het bebouwingspercentage gerelateerd aan het bestemmingsvlak bedraagt: a. maximaal 100% tot een bouwhoogte van 1,5 m, b. maximaal 75% tot een bouwhoogte vanaf 1,5 m tot een bouwhoogte van 18 m, c. maximaal 55% tot een bouwhoogte vanaf 18 m tot 27 m; h. gevelaccenten, waaronder mede begrepen balkons, mogen vanaf de tweede bouwlaag maximaal 1,5 m buiten de gevel uitsteken; i. de woonruimten dienen zodanig gesitueerd en vorm gegeven te worden dat de woonruimten beschikken over tenminste één stille zijde. j. de gebouwen dienen zodanig gesitueerd te worden dat deze een geluidafschermende werking hebben voor de (te bouwen) woonruimten in het bestemmingsvlak 'Wonen - 1'.

Artikel 11 Wonen -4 Op de verbeelding is binnen het bestemmingsvlak Wonen – 4 in plaats van het aantal bouwlagen een maximale bouwhoogte opgenomen en is het maximum aantal wooneenheden komen te vervallen:

Omdat in plaats van het minimum en maximum aantal bouwlagen, de maximum bouwhoogte is opgenomen en het maximum aantal wooneenheden is vervallen zijn in het tweede lid (artikel 13.2.2 oud) deze bepalingen geschrapt:

8

Gemeente Amsterdam Ruimte & Duurzaamheid Nota van wijzigingen Bestemmingsplan E-buurt Oost

e. de minimale en maximale aantal bouwlagen: zoals op de verbeelding is aangegeven; de plint en een parkeergarage worden hierbij niet als bouwlaag gerekend; i. het aantal wooneenheden binnen het bestemmingsvlak mag niet meer bedragen dan op de verbeelding is aangegeven; In artikel 11.2.2 is het bepaalde onder e en g aangepast en onder j toegevoegd luidt als volgt: 11.2.2 Gebouwen Voor bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b. c. d.

een gebouw mag uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; binnen het bouwvlak is één gebouw toegestaan; het gebouw dient te bestaan uit in ieder geval een plint en woonruimten; in afwijking van het bepaalde onder a mogen een parkeergarage en plint buiten het bouwvlak gebouwd worden; e. de maximale bouwhoogte: zoals op de verbeelding is aangegeven; f. de gevel van het gebouw dient ten minste tot en met de plint en 2 bouwlagen gebouwd te worden in de op de verbeelding aangegeven gevellijn; g. het bebouwingspercentage gerelateerd aan het bestemmingsvlak bedraagt: 1. maximaal 100% tot een bouwhoogte van 5 m; 2. maximaal 55% vanaf een bouwhoogte van 5 m; h. gevelaccenten, waaronder mede begrepen balkons, mogen vanaf de tweede woonlaag maximaal 1,5 m buiten de gevel uitsteken, met uitsluiting van de gevels die grenzen aan de gronden met de bestemming 'Verkeer - 2'. i. de woonruimten dienen zodanig gesitueerd en vorm gegeven te worden dat de woonruimten beschikken over tenminste één stille zijde; j. de woonruimten mogen pas in gebruik worden genomen nadat de woonruimten in het bestemmingsvlak Wonen - 5' zijn gerealiseerd of in aanbouw zijn, zodanig dat de gevelbelasting van de woonruimten in het bestemmingsvlak 'Wonen - 4' niet meer bedraagt dan de voorkeursgrenswaarde vanwege de Daalwijkdreef, Elsrijkdreef en Provinciale weg en niet meer dan 58 dB vanwege de Metro.

Aan artikel 11.3.1 (Specifieke gebruiksbepalingen) is een bepaling toegevoegd: a. de functies genoemd onder artikel 11.1 onder b t/m e zijn alleen toegestaan in de plint;

Artikel 12 Wonen -5 Op de verbeelding is het bestemmingsvlak van Wonen – 5 iets vergroot en sluit aan op de bestemming Leiding – Leidingstrook, is het bouwvlak vergroot, het maximum aantal eenheden geschrapt en het minimum en maximum aantal bouwlagen geschrapt en de specifieke bouwaanduiding gewijzigd in specifieke bouwaanduiding -1:

9

Gemeente Amsterdam Ruimte & Duurzaamheid Nota van wijzigingen Bestemmingsplan E-buurt Oost

Omdat het minimum en maximum aantal bouwlagen en het maximum aantal wooneenheden is vervallen zijn in het tweede lid (artikel 14.2.2 oud) deze bepalingen geschrapt: e. de minimale en maximale aantal bouwlagen: zoals op de verbeelding is aangegeven; de plint en een parkeergarage worden hierbij niet als bouwlaag gerekend; i. het aantal wooneenheden binnen het bestemmingsvlak mag niet meer bedragen dan op de verbeelding is aangegeven; In artikel 12.2.2 is het bepaalde onder g en h gewijzigd en k toegevoegd. De bepaling luidt: 12.2.2 Gebouwen Voor bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. een gebouw mag uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; b. binnen een bouwvlak is één gebouw toegestaan; c. het gebouw dient te bestaan uit een (half) verdiepte parkeergarage en een plint en woonruimten; d. in afwijking van het bepaalde onder a mogen de (half) verdiepte parkeergarage en plint buiten het bouwvlak gebouwd worden; e. de maximale bouwhoogte: zoals op de verbeelding is aangegeven; f. de (half) verdiepte parkeergarage en plint mogen totaal een hoogte hebben van 6 m; g. het bebouwingspercentage gerelateerd aan het bestemmingsvlak bedraagt: a. maximaal 100% tot een bouwhoogte van 6 m; b. maximaal 60% vanaf een bouwhoogte van 6 m tot een bouwhoogte van 21 m; c. maximaal 45% vanaf een bouwhoogte van 21 m tot een bouwhoogte van 40 m; d.

maximaal 25% vanaf een bouwhoogte van 40 tot een bouwhoogte van 60 m; h. binnen de 'specifieke bouwaanduiding - 1' is bebouwing toegestaan ten behoeve van de ontsluiting van de gebouwen onder de voorwaarden dat de gebouwen de verschijningsvorm hebben van 2 gebouwen; i. gevelaccenten, waaronder mede begrepen balkons, mogen vanaf de tweede woonlaag maximaal 1,5 m buiten de gevel uitsteken, voorzover de gevels grenzen aan de bestemming 'Verkeer - 4'. j. de woonruimten dienen zodanig gesitueerd en vorm gegeven te worden dat de woningen beschikken over tenminste één stille zijde; k. de gebouwen dienen zodanig gesitueerd te worden dat deze een geluidafschermende werking hebben voor de (te bouwen) woonruimten in de bestemmingsvlakken 'Wonen - 1' en 'Wonen - 4'. Aan artikel 12.3.1 (Specifieke gebruiksbepalingen) is toegevoegd:

10

Gemeente Amsterdam Ruimte & Duurzaamheid Nota van wijzigingen Bestemmingsplan E-buurt Oost

a. woonruimten en aan huis gebonden beroepen zijn alleen toegestaan in de bouwlagen boven de plint; b. functies genoemd onder artikel 12.1 onder c, d en e zijn uitsluitend toegestaan in de plint; e. de maximale omvang van een vestiging met een functie genoemd in artikel 12.1 onder c, d en e bedraagt maximaal 150 m2 brutovloeroppervlak; i. van de woon-werkeenheden mag alleen het 'werk' gedeelte in de plint zijn gelegen. Artikel 18 Algemene gebruiksregels Onder vernummering van de andere leden is een nieuw lid 1 toegevoegd: 18.1 Aantal woonruimten Het maximum aantal woonruimten bedraagt 550. Reden wijziging In plaats van per bestemmingsvlek het maximum aantal woonruimten op te nemen, is dit voor het totaal bepaald. Dit biedt meer flexibiliteit. In de op te stellen Bouwenveloppen worden dit per bestemmingsvlek nader uitgewerkt. Artikel 18.5.1 (Waterberging) is geschrapt. Reden wijziging In de eerste helft 2021 wordt de Hemelwaterverordening vastgesteld die regels stelt over de waterberging. Aan artikel 18 is een lid toegevoegd: 18.5 Onzelfstandige woonruimte 18.5.1 Verbod a. Het gebruik van een woonruimte in de vorm van onzelfstandige woonruimte is niet toegestaan. b. Het gebruik van een woonruimte ten behoeve van bed & breakfast is niet toegestaan. 18.5.2 Afwijking a.

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning van het bepaalde in artikel 18.6.1, onder a afwijken ten einde een woonruimte om te zetten naar een of meer onzelfstandige woonruimten. De omgevingsvergunning wordt slechts verleend indien de daarvoor benodigde vergunning op grond van de Huisvestingswet en/of -verordening is verleend. b. Het bevoegd kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 18.6.1, onder b. De omgevingsvergunning wordt slechts verleend indien de daarvoor benodigde vergunning op grond van de Huisvestingswet en/of -verordening is verleend. De geldigheidsduur wordt gelijkgesteld aan die van de vergunning op grond van de Huisvestingswet en/of -verordening. Reden wijziging In het bestemmingsplan is het begrip ‘woning’ gewijzigd in ‘woonruimte’. In aansluiting op en in overeenstemming met de Huisvestingsverordening 2020, zoals die op 1 januari 2020 geldt is een verbod opgenomen om woonruimte als onzelfstandige woonruimte te gebruiken. Ook het gebruik voor bed & breakfast is verboden. Met ingang van 1 april 2020 geldt op grond van de Huisvestingsverordening 2020 voor omzetting (verkamering) en onttrekking ten behoeve van bed & breakfast een quotumstelsel.

Afwijking van het verbod om woonruimte als onzelfstandige woonruimte te gebruiken dan wel een bed & breakfast te exploiteren is alleen mogelijk als daarvoor benodigde vergunning op grond van de Huisvestingswet en/of -verordening is verleend. 11

Gemeente Amsterdam Ruimte & Duurzaamheid Nota van wijzigingen Bestemmingsplan E-buurt Oost

Artikel 19 Algemene aanduidingsregels Er is een nieuw artikel toegevoegd: Artikel 19 19.1

Algemene aanduidingsregels

Functieaanduiding

19.1.1 Verbod Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen uitgesloten -1' is het gebruik als hoofdverblijf voor personen jonger dan 15 jaar en andere gevoelige bestemmingen verboden. Het verbod geldt niet: a. voor woonruimten waarvan uitsluitend de buitenruimten binnen de aanduiding zijn gelegen; b. voor de bouwlagen die buiten de aanduiding zijn gelegen, zoals aangegeven in bijlage 2 Magnetisch veldzone doorsneden. 19.1.2 Afwijking Burgemeester en wethouders zijn bevoegd omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 19.1.1, indien: a. beleid of regelgeving ten aanzien van magnetische straling van kracht is en dit beleid of deze regelgeving hier een gevoelige bestemming mogelijk maakt al dan niet na een nadere motivering of onderzoek. b. de ligging en/of de werking van de elektriciteitskabels zijn aangepast, zodanig dat de magnetische straling lager is dan 0,4 microtesla. Reden wijziging Naast de belemmeringenstrook van een boven- of ondergrondse hoogspanningsleiding moet rekening worden gehouden met mogelijke magnetische straling vanuit de leidingen, in ieder geval bij ondergrondse leidingen vanaf 150 kv. Hoogspanningsleidingen hebben een elektromagnetische straling.

Met het oog hierop is vanuit het Rijk beleid ontwikkeld en is een advies aan gemeenten en provincies gezonden ( 3 oktober 2005 SAS/2005183118, verduidelijkt in de brief van 4 november 2008, Kenmerk DGM/2008105664, Ministerie van VROM) over hoogspanningsverbindingen in de nabijheid van gevoelige bestemmingen in verband met gezondheidsrisico's (hierna: het magneetveldvoorzorgsbeleid). Het advies houdt in om bij de vaststelling van bestemmingsplannen met tracés van bovengrondse hoogspanningslijnen zoveel als redelijkerwijs mogelijk is te vermijden dat er nieuwe situaties ontstaan waarbij kinderen langdurig verblijven in het gebied onder bovengrondse hoogspanningsverbindingen waarbinnen het jaargemiddelde magneetveld hoger is dan 0,4 microtesla (de magneetveldzone). Er wordt geadviseerd zo weinig mogelijk gevoelige bestemmingen, zoals woningen, crèches en kinderopvangplaatsen, te situeren in de specifieke zone. Zoals ook in het advies vanuit het Rijk is opgenomen is er mogelijk een verband aanwezig tussen het optreden van leukemie bij kinderen en de magnetische velden van bovengrondse hoogspanningsverbindingen. Het gaat dan om een langdurig verblijf in ‘gevoelige bestemmingen’ binnen die zone. Onder het begrip "gevoelige bestemming" wordt verstaan een woning, school, crèche en kinderopvangplaats. Langdurig wil hier zeggen minimaal 14 tot 18 uur per dag gedurende minimaal één jaar.

Er is daarom geen reden om het voorzorgbeleid uit te breiden naar bijvoorbeeld sportvelden, kinderspeelplaatsen en recreatiegebieden. Het magneetveldvoorzorgbeleid gaat over bovengrondse hoogspanningsverbindingen. De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft echter in een uitspraak (1 februari 2017, 201603535/1/R6) gesteld dat ‘de uitgangspunten die aan het magneetveldvoorzorgsbeleid ten grondslag liggen uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening in beginsel ook moeten worden toegepast bij ondergrondse hoogspanningsverbindingen.’

12

Gemeente Amsterdam Ruimte & Duurzaamheid Nota van wijzigingen Bestemmingsplan E-buurt Oost

Brief minister 2019 De minister van economische zaken en klimaat heeft op 1 oktober 2019 naar aanleiding van een advies van de Gezondheidsraad in een brief aan de Tweede Kamer laten weten dat er regelgeving komt, ook voor ondergrondse hoogspanningsverbindingen.. Onderzoek Er is onderzoek gedaan naar de ligging van de magneetveldzone (Movares, C24-TMI-KA-1900040, 14 augustus 2020, bijlage 9 van de toelichting). Uit dit onderzoek volgt dat de magneetveldzone waar de magnetische straling hoger is dan 0,4 microTesla gerekend vanaf de hart van de leiding 19,2 m breed is op een hoogte van 1 meter. De straling neemt af op grotere hoogte, waarmee de magneetveldzone de vorm van een ellips heeft. Advies GGD De GGD in Amsterdam is betrokken bij het adviseren van de minister over het nieuwe voorzorgsbeleid. De GGD heeft positief geadviseerd over de regeling in het bestemmingsplan en daarbij aangegeven dat de regeling met de afwijkingsbevoegdheid anticipeert op het komende nieuwe beleid. Regeling bestemmingsplan Op de verbeelding is de aanduiding 'specifieke vorm van wonen uitgesloten -1' aangegeven, de magneet veldzone. Binnen deze zone is het gebruik voor het gebruik als hoofdverblijf voor personen jonger dan 15 jaar en andere gevoelige bestemmingen verboden.

Dit geldt niet als alleen de buitenruimten binnen de aanduiding zijn gelegen of voor de bouwlagen die buiten de magnetisch veldzone liggen, zoals aangegeven in bijlage 2 van de regels (Magnetische veldzone doorsneden). In twee situaties kan het college van B & W afwijking verlenen. Dat is in het geval het beleid of regelgeving hieromtrent wijzigt en als de ligging en/of werking van de elektriciteitskabels zijn aangepast, zodanig dat de magnetische straling lager is dan 0,4 microtesla. De magnetisch veldzone ligt binnen de bestemmingen Wonen -2, Wonen – 3 en Wonen – 5 en is aangeduid met – sw-1.

13

Gemeente Amsterdam Ruimte & Duurzaamheid Nota van wijzigingen Bestemmingsplan E-buurt Oost

14

Gemeente Amsterdam Ruimte & Duurzaamheid Nota van wijzigingen Bestemmingsplan E-buurt Oost

In bijlage 2 van de regels is opgenomen de Magnetisch veldzone doorsneden:

Toelichting De Toelichting is daar waar nodig geactualiseerd en aangepast.

Colofon Opsteller: Gemeente Amsterdam, Ruimte en Duurzaamheid Datum: 25 januari 2021

15

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9921038/1