A - 18 Onderwijs (9) Bijlage 2 statutenwijziging stichting awbr schone versi
Tekst van het document
-1-
Krans Notarissen
CONCEPT Indien er onjuistheden voorkomen in uw personalia of elders in de tekst verzoeken wij u tijdig voor het passeren van de akte contact met de behandelaar op te nemen
STATUTENWIJZIGING STICHTING (Amsterdam-West Binnen de Ring stichting voor Openbaar Primair Onderwijs) (Zaaknummer: 2221932/AK) Repertoriumnummer:
Heden, * *, verscheen* voor mij, meester Alexander Stuijt, notaris te Haarlem: * handelend als schriftelijk gemachtigde van het bestuur van de stichting: stichting Amsterdam-West Binnen de Ring stichting voor Openbaar Primair Onderwijs, gevestigd te Amsterdam, feitelijk gevestigd te 1058 AA Amsterdam, Baarsjesweg 224, ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel onder nummer 34275107, hierna te noemen: ‘de stichting’. De verschenen persoon heeft mij, notaris, het volgende verklaard: INLEIDING 1. De stichting is opgericht bij notariële akte op drie mei tweeduizend zeven (0305-2007) voor meester A. Helmig, destijds notaris te Haarlem. 2. De statuten van de stichting zijn voor het laatst gewijzigd bij notariële akte op tweeëntwintig maart tweeduizend elf voor meester A. Helmig, destijds notaris te Haarlem. 3. Het bestuur van de stichting heeft op * besloten de statuten te wijzigen. De verschenen persoon is door het bestuur gemachtigd om deze statutenwijziging bij notariële akte vast te leggen. Het stuk waaruit dit blijkt, is aan deze akte gehecht. 4. Het bestuur heeft voor het besluit tot wijziging van de statuten de op grond van artikel 17 van de statuten vereiste voorafgaande goedkeuring verkregen van de raad van toezicht.
Het bestuur heeft voorts op grond van artikel 17 van de statuten voorafgaande goedkeuring verkregen van de Gemeente Amsterdam, welke door de bestuurlijke omvorming in de gemeente Amsterdam in de plaats is gekomen van de stadsdeelraad voor wat betreft aangelegenheden betreffende het openbaar primair onderwijs. Het stuk waaruit dit blijkt, is aan deze akte gehecht. STATUTENWIJZIGING Als gevolg van het besluit tot statutenwijziging luiden de statuten met onmiddellijke 2221932 statutenwijziging stichting Amsterdam-West Binnen de Ring stichting voor Openbaar Primair Onderwijs, concept 2023-04-13
-2-
ingang als volgt: Statuten Artikel 1 - Naam De stichting draagt de naam: "Amsterdam West Binnen de Ring stichting voor openbaar primair onderwijs". Artikel 2 - Begripsbepalingen In deze statuten wordt verstaan onder: het College: het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Amsterdam; gemeente: Gemeente Amsterdam; gemeenteraad: de gemeenteraad van Amsterdam; scholen: de openbare scholen voor primair onderwijs die door de stichting in stand worden gehouden; stichting: de stichting: “Amsterdam West Binnen de Ring stichting voor openbaar primair onderwijs”; GMR: de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad van de stichting wet: de Wet op het primair onderwijs, zoals deze van tijd tot tijd luidt; code: de Code Goed Bestuur in het Primair Onderwijs, zoals deze van tijd tot tijd luidt. Artikel 3 - Zetel en tijdsduur 1. De stichting is gevestigd in de gemeente Amsterdam. 2. De stichting is opgericht op drie mei tweeduizend zeven voor onbepaalde tijd, met de bepaling dat de stichting in ieder geval voor een periode van vijf jaren in stand wordt gehouden. Artikel 4 - Doel 1. De stichting heeft ten doel het geven van openbaar onderwijs aan de scholen, die onder haar gezag vallen, met in achtneming van het bepaalde in artikel 46 van de wet. 2. De stichting beoogt het algemeen nut. De stichting heeft geen winstoogmerk. Artikel 5 - Organen 1.
De stichting kent de volgende organen: - het bestuur; - de raad van toezicht. 2. De raad van toezicht kan – al dan niet uit zijn midden – commissies instellen, die onder verantwoordelijkheid van de raad van toezicht belast kunnen worden met aangelegenheden die tot de bevoegdheid van de raad van toezicht behoren. 3. De raad van toezicht stelt in het reglement als bedoeld in artikel 13, dertiende lid nadere regels vast voor de instelling, taken, werkwijze en samenstelling van de commissies. Artikel 6 - Vermogen 2221932 statutenwijziging stichting Amsterdam-West Binnen de Ring stichting voor Openbaar Primair Onderwijs, concept 2023-04-13
-3-
Het tot verwezenlijking van het doel van de stichting bestemde vermogen wordt gevormd door: a. rijksbekostiging; b. vergoedingen voor de door de stichting verleende diensten; c. subsidies, giften en donaties; d. hetgeen verkregen wordt door erfstellingen of legaten, met dien verstande dat erfstellingen slechts kunnen worden aanvaard onder het voorrecht van boedelbeschrijving: e. hetgeen op andere wijze verkregen wordt. Artikel 7 - Bestuur; samenstelling, benoeming, schorsing en ontslag, belet en ontstentenis 1. De stichting wordt bestuurd door een bestuur, bestaande uit één of meer natuurlijke perso(o)nen. De raad van toezicht stelt het aantal bestuurders vast. Een niet-voltallig bestuur behoudt zijn bevoegdheden. Zolang het bestuur uit één natuurlijk persoon bestaat is deze bestuurder tevens algemeen directeur van de scholen. Indien het bestuur overeenkomstig een besluit van de raad van toezicht uit meer natuurlijke personen bestaat, benoemt de raad van toezicht één van de bestuurders tot voorzitter van het bestuur. De voorzitter van het bestuur is in dat geval tevens algemeen directeur van de scholen. 2. Het bestuur wordt benoemd door de raad van toezicht, met inachtneming van een door de raad van toezicht vastgestelde en openbaar gemaakte profielschets. Het bestuur informeert de raad van toezicht zo spoedig mogelijk over het ontstaan van een vacature in het bestuur.
Een lid van het bestuur kan niet tegelijkertijd de functie van intern toezichthouder vervullen bij een andere onderwijsorganisatie in dezelfde sector. Een lid van het bestuur kan niet tegelijkertijd de functie van intern toezichthouder vervullen bij een organisatie in een aanpalende onderwijssector in het zelfde voedingsgebied. 3. De raad van toezicht stelt nadere regels vast omtrent de procedure voor de werving en selectie van bestuurder(s). 4. Een bestuurder kan te allen tijde worden geschorst door de raad van toezicht. Een schorsing heeft niet alleen betrekking op het uitvoeren van de bestuurlijke taken en bevoegdheden maar tegelijkertijd ook op het uitvoeren van directietaken. De schorsing van een bestuurder vervalt, indien de raad van toezicht niet binnen drie maanden na de datum van ingang van de schorsing besluit tot opheffing of verlenging van de schorsing. Een schorsing kan voor ten hoogste drie maanden worden verlengd, ingaande op de datum waarop het besluit tot verlenging van de schorsing werd genomen. De bestuurder wordt in de gelegenheid gesteld zich in een vergadering van de raad van toezicht waarin 2221932 statutenwijziging stichting Amsterdam-West Binnen de Ring stichting voor Openbaar Primair Onderwijs, concept 2023-04-13
-4-
schorsing of verlenging daarvan aan de orde is, te verantwoorden. Daarbij kan hij zich doen bijstaan door een raadsman. 5. Een bestuurder wordt benoemd voor een periode gelijk aan de duur van zijn aanstelling. 6. Een bestuurder defungeert: a. door zijn overlijden; b. door zijn vrijwillig aftreden (bedanken); c. door zijn ontslag op grond van artikel 2:298 van het Burgerlijk Wetboek door de rechtbank; d. door zijn ontslag verleend door de raad van toezicht; e. door het verstrijken van de duur van zijn aanstelling; f. door zijn faillissement, door het op hem van toepassing verklaren van de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen of doordat hij surseance van betaling verkrijgt; g. door zijn ondercuratelestelling of de onderbewindstelling van zijn gehele vermogen; h. door zijn ontslag verleend door de gemeenteraad wegens in de wet opgenomen ontslaggronden. 7. In een vacature wordt zo spoedig mogelijk voorzien. 8. Bij ontstentenis of belet van een of meer bestuurders zijn de overige bestuurders, of is de enig overgebleven bestuurder tijdelijk met het bestuur belast. Bij ontstentenis of belet van alle bestuurders is een door de raad van toezicht daartoe voor onbepaalde tijd aan te wijzen persoon tijdelijk met het bestuur belast. 9.
De raad van toezicht is belast met het vaststellen van de arbeidsvoorwaarden, bezoldiging en kostenvergoedingen van een bestuurder en neemt daarbij de Collectieve Arbeidsovereenkomst (CAO) die geldt voor bestuurders in het primair onderwijs in acht. 10. Tenzij de raad van toezicht anders oordeelt, mag een bestuurder evenals zijn bloed- en aanverwanten tot de tweede graad geen enkel rechtstreeks of zijdelings persoonlijk voordeel genieten uit leveringen aan of overeenkomsten met de stichting. Hij meldt zijn nevenfuncties aan de raad van toezicht. 11. Een bestuurder mag geen familieband hebben met een andere bestuurder of met een lid van de raad van toezicht. Onder familieband wordt verstaan bloedof aanverwantschap tot en met de vierde graad en de hoedanigheid van echtgenoot, geregistreerd partner of andere levensgezel. Artikel 8a - Bestuur; taak en bevoegdheden 1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting onder toezicht van de raad van toezicht. Bij de vervulling van zijn taak richt het bestuur zich naar het belang van de stichting, het belang van de scholen die door de stichting in stand 2221932 statutenwijziging stichting Amsterdam-West Binnen de Ring stichting voor Openbaar Primair Onderwijs, concept 2023-04-13
-5-
2.
3.
4.
5.
worden gehouden en het belang van de samenleving. Iedere bestuurder is tegenover de stichting gehouden tot een behoorlijke vervulling van de hem opgedragen taak. Het bestuur is het bestuur in de zin van het Burgerlijk Wetboek en de wet en heeft alle taken en bevoegdheden die niet bij of krachtens deze statuten aan anderen zijn toegekend. Het bestuur formuleert met inachtneming van de doelen van de stichting als bedoeld in artikel 4 van deze statuten concrete doelstellingen van de scholen die door de stichting in stand wordt gehouden, daarbij rekening houdend met de belangen van hen die bij die scholen zijn betrokken en rekening houdend met de eisen die de samenleving aan onderwijs stelt. Het bestuur legt in het jaarverslag verantwoording af over de mate waarin de vastgestelde doelstellingen worden gehaald. Het bestuur is (met inachtneming van artikel 106 van de wet) bevoegd tot het verrichten van alle rechtshandelingen, daaronder met name ook begrepen het besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen, en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk schuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt. De in dit lid genoemde besluiten zijn onderworpen aan de goedkeuring van de raad van toezicht.
Voorts heeft het bestuur de voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht nodig voor het nemen van besluiten met betrekking tot: a. het aangaan van financiële verplichtingen en samenwerkingsovereenkomsten welke niet binnen de begroting zijn opgenomen en waarvan het belang meer bedraagt dan een door de raad van toezicht vastgesteld en aan het bestuur meegedeeld bedrag; b. de beëindiging van de dienstbetrekking van een aanmerkelijk aantal werknemers tegelijkertijd of binnen een kort tijdbestek; c. ingrijpende wijziging van de interne organisatiestructuur en/of van de arbeidsomstandigheden van een aanmerkelijk aantal werknemers in dienst van de stichting; d. een aanvraag tot faillissement of van surseance van betaling; e. het doen van een voorstel aan de gemeenteraad tot opheffing of afsplitsing van (een deel van) de door de stichting in stand gehouden scholen; f. het aangaan of verbreken van duurzame of rechtstreekse en middellijke samenwerking met een andere rechtspersoon indien deze samenwerking of verbreking van ingrijpende betekenis is voor de stichting of de in stand te houden scholen; g. de vaststelling of wijziging van een schoolplan en strategische
2221932 statutenwijziging stichting Amsterdam-West Binnen de Ring stichting voor Openbaar Primair Onderwijs, concept 2023-04-13
-6-
meerjarenplannen; i. het stichten van een school, het aanvaarden of overdragen van het bestuur over een school, het opheffen van een school (nevenvestiging of dislocatie) of afsplitsing van een deel van een door de stichting in stand gehouden school of fusie van een school met een andere instelling; j. het aangaan van het lidmaatschap van een besturenorganisatie als mede het opzeggen van het lidmaatschap van een dergelijke organisatie. 6. Tegen de achtergrond van de benodigde deskundigheid draagt het bestuur zorg voor voortdurende persoonlijke ontwikkeling. Het functioneren van het bestuur wordt jaarlijks door de raad van toezicht beoordeeld. 7. Een bestuurder neemt niet deel aan de beraadslagingen en de besluitvorming als hij daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de stichting en de met haar verbonden organisatie. Als hierdoor geen besluit kan worden genomen, dan wordt het besluit genomen door de raad van toezicht. 8. Het bestuur en de raad van toezicht evalueren regelmatig het functioneren van het bestuur. Artikel 8 b – Werkwijze 1. Het bestuur stelt met voorafgaande goedkeuring door de raad van toezicht een regelement (het bestuursreglement) op waarin aangelegenheden het bestuur betreffende worden geregeld. Dit betreft minimaal: a.
de vergaderwijze, de overige werkwijze(n) en de wijze waarop door het bestuur te nemen besluiten tot stand komen, een en ander voor zover niet in deze statuten geregeld; b. de eventuele onderlinge taakverdeling binnen het bestuur; c. de informatieverstrekking van het bestuur aan de raad van toezicht; d. de taak, samenstelling en wijze van door de raad van toezicht ingestelde commissies; e. de procedure inzake de werving en selectie van het bestuur; en f. de uitvoering van het intern toezicht door de raad van toezicht en de gemeente, een en ander voor zover niet in deze statuten geregeld. Het bestuur is bevoegd dit reglement te wijzigen of in te trekken, mits met voorafgaande goedkeuring door de raad van toezicht. 2. Het bestuur zorgt voor schriftelijke vastlegging van de genomen besluiten. 3. Vergaderingen van het bestuur zijn openbaar voor zover het bestuur niet – gemotiveerd per agendapunt – beslist dat openbaarheid tegen het belang van de stichting en of de daarmee verbonden organisatie is, of een ontoelaatbare inbreuk op de privacy van personen oplevert. De opgelegde geheimhouding wordt zowel door degenen die bij de behandeling aanwezig waren als door de genen die op andere wijze van het behandelde en de stukken kennisnemen, in 2221932 statutenwijziging stichting Amsterdam-West Binnen de Ring stichting voor Openbaar Primair Onderwijs, concept 2023-04-13
-7-
acht genomen, totdat het bestuur de geheimhouding opheft. Artikel 9 - Vertegenwoordiging 1. Het bestuur vertegenwoordigt de stichting in en buiten rechte, voor zover uit de wet niet anders voortvloeit. Een individuele bestuurder kan de stichting niet vertegenwoordigen, tenzij het bestuur uit één bestuurder bestaat. 2. Het bestuur kan besluiten tot de verlening van volmacht aan derden, om de stichting binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen. Artikel 10 - Toezicht op het bestuur door de gemeenteraad 1. De gemeenteraad oefent toezicht uit op het bestuur van de stichting in de zin van de wet door (wanneer zulks naar het oordeel van de gemeenteraad geboden is) de bevoegdheden te gebruiken die aan de gemeenteraad zijn toegekend bij deze statuten en de wet. 2. Het bestuur en de raad van toezicht brengen jaarlijks verslag uit aan de gemeenteraad over de werkzaamheden waarbij in ieder geval aandacht wordt geschonken aan de wezenskenmerken van het openbaar onderwijs. Het verslag wordt openbaar gemaakt. Het bestuur verzendt binnen twee weken na goedkeuring van de raad van toezicht het jaarverslag inclusief de jaarrekening aan de gemeenteraad. 3. Op verzoek van de gemeenteraad verschaft het bestuur de gemeenteraad de gegevens, die de gemeenteraad redelijkerwijs nodig heeft om zijn toezichthoudende taken te kunnen uitoefenen.
Artikel 11 - Raad van toezicht: taken en bevoegdheden 1. De stichting heeft een raad van toezicht. Onverminderd het bepaalde ten aanzien van de gemeenteraad in deze statuten en de wet is het toezicht op het beleid van het bestuur en op de algemene gang van zaken in de stichting en de met haar verbonden organisatie, opgedragen aan de raad van toezicht. 2. De raad van toezicht staat het bestuur met raad ter zijde. Bij de vervulling van hun taak richten de leden van de raad van toezicht zich naar het belang van de stichting en de met haar verbonden organisatie en met het belang van de scholen die door de stichting in stand wordt gehouden en het belang van de samenleving 3. De raad van toezicht is belast met: a. het goedkeuren van de besluiten, zoals genoemd in artikel 8a, vijfde lid van deze statuten; b. het goedkeuren van de begroting, de meerjarenbegroting en het strategisch meerjarenplan; c. het goedkeuren van de jaarrekening en jaarverslag van de stichting; d. het benoemen van een accountant als bedoeld in artikel 2:393 lid 1 Burgerlijk Wetboek, die verslag uitbrengt de raad van toezicht; e. het goedkeuren van een statutenwijziging; f. het goedkeuren van de ontbinding van de stichting; 2221932 statutenwijziging stichting Amsterdam-West Binnen de Ring stichting voor Openbaar Primair Onderwijs, concept 2023-04-13
-8-
g.
het toezien op de naleving door het bestuur van wettelijke verplichtingen, de code goed bestuur, zoals genoemd in artikel 165, eerste lid, onderdeel a van de wet, en de afwijkingen van die code; h. het toezien op de rechtmatige verwerving en de doelmatige en rechtmatige bestemming en aanwending van de middelen van de school verkregen op grond van de wet; i. het jaarlijks afleggen van verantwoording over de uitvoering van de taken en de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in dit artikellid, in het jaarverslag. 4. De raad van toezicht is overeenkomstig het bepaalde in artikel 7 belast met het benoemen, schorsen en ontslaan van de leden van het bestuur en met de vaststelling van de beloning van de leden van het bestuur. 5. De leden van de raad van toezicht vervullen hun taak zonder mandaat en onafhankelijk van bij de stichting dan wel haar instellingen betrokken deelbelangen. 6. De raad van toezicht evalueert jaarlijks zijn functioneren als collectief en dat van de individuele leden, het samenspel met het bestuur en eventueel het samenspel met andere belanghebbenden zoals de GMR. Periodiek, eens in de drie (3) jaar gebeurt deze evaluatie onder leiding van een onafhankelijke partij. De raad van toezicht bespreekt de conclusies hiervan met het bestuur en geeft hieraan uitvoering. 7. De raad van toezicht pleegt ten minste tweemaal per jaar overleg met de medezeggenschapsraad.
Artikel 12 - Raad van toezicht: samenstelling, zittingsduur, benoeming en ontslag 1. Het aantal leden van de raad van toezicht wordt vastgesteld door de raad van toezicht en bedraagt een oneven aantal van ten minste drie natuurlijke personen. De raad wijst uit zijn midden een voorzitter en een secretaris aan. 2. De leden van de raad van toezicht worden benoemd voor een periode van vier jaar. Aftreden geschiedt volgens een door de raad van toezicht op te stellen rooster van aftreden. Een volgens rooster aftredend lid van de raad van toezicht is onmiddellijk herbenoembaar. Herbenoeming is slechts eenmaal mogelijk. De in een tussentijdse vacature benoemde neemt op het rooster de plaats in van degene in wiens vacature hij werd benoemd. 3. Een lid van de raad van toezicht defungeert: a. door zijn overlijden; b. door zijn vrijwillig aftreden (bedanken); c. door het verstrijken van de termijn vermeld in het rooster van aftreden; d. door zijn ontslag hem verleend door de gemeenteraad wegens in de WPO opgenomen ontslaggronden.; 2221932 statutenwijziging stichting Amsterdam-West Binnen de Ring stichting voor Openbaar Primair Onderwijs, concept 2023-04-13
-9-
e.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
door zijn onder curatelestelling of onder bewindstelling van zijn gehele vermogen; f. door zijn faillissement, door het ten aanzien van hem van toepassing verklaren van de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen of doordat aan hem surseance van betaling wordt verleend; h. door zijn ontslag door de raad van toezicht; i. door zijn ontslag op grond van artikel 2:298 van het Burgerlijk Wetboek door de rechtbank. In vacatures wordt zo spoedig mogelijk voorzien. Een niet voltallige raad van toezicht houdt zijn bevoegdheden. Bij belet of ontstentenis van een of meer leden van de raad van toezicht zijn de overige leden van de raad van toezicht, of is het enige overgebleven lid van de raad van toezicht, tijdelijk met het toezicht op het bestuur belast. Bij belet of ontstentenis van alle leden van de raad van toezicht is een door de raad van toezicht daartoe voor onbepaalde tijd aan te wijzen persoon tijdelijk met het toezicht op het bestuur belast. De leden van de raad van toezicht worden benoemd door de gemeenteraad met inachtneming van de voordrachtsrechten als bepaald in het volgende lid van dit artikel. Benoeming geschiedt met inachtneming van een door de raad van toezicht opgestelde en openbaar gemaakte profielschets waarin de noodzakelijke competenties van de raad van toezicht en de afzonderlijke leden van de raad van toezicht worden beschreven.
Ten minste een derde gedeelte, doch geen meerderheid, van de leden van de raad van toezicht worden benoemd op bindende voordracht van de oudergeleding van de GMR. De gemeenteraad is (na overleg met de raad van toezicht) te allen tijde bevoegd een lid van de raad van toezicht te ontslaan. Het betrokken lid van de raad van toezicht wordt in de gelegenheid gesteld zich ten overstaan van de gemeenteraad en de raad van toezicht te verantwoorden. Daarbij kan hij zich doen bijstaan door een raadsman. De gemeenteraad kan een lid van de raad van toezicht schorsen. De schorsing van het lid van de raad van toezicht vervalt, indien de gemeenteraad niet binnen drie maanden na de datum van ingang van de schorsing besluit tot opheffing of verlenging van de schorsing. Een schorsing kan voor ten hoogste drie maanden worden verlengd, ingaande op de datum waarop het besluit tot verlenging van de schorsing werd genomen. Het lid van de raad van toezicht wordt in de gelegenheid gesteld zich in een vergadering van de gemeenteraad waarin schorsing of verlenging daarvan aan de orde is te verantwoorden. Daarbij kan hij zich doen bijstaan door een raadsman. Leden van de raad van toezicht kunnen niet zijn personen die:
2221932 statutenwijziging stichting Amsterdam-West Binnen de Ring stichting voor Openbaar Primair Onderwijs, concept 2023-04-13
- 10 -
a. b. c.
in dienst zijn van de stichting; bestuurder zijn of zijn geweest van de stichting; lid zijn van het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Amsterdam; d. lid zijn van de gemeenteraad van Amsterdam; e. lid zijn van de GMR of medezeggenschapsraad van een school die onder het bestuur van de stichting staat; f. als advocaat, gemachtigde of adviseur in geschillen werkzaam zijn ten behoeve van de stichting dan wel ten behoeve van de wederpartij van de stichting; g. als gemachtigde of als adviseur werkzaam zijn ten behoeve van derden tot het aangaan van collectieve arbeidsovereenkomsten met de stichting of in die hoedanigheid deelnemen aan het Decentraal Georganiseerd Overleg; h. rechtstreeks betrokken zijn bij het leveren van goederen of diensten aan of door de stichting die direct vallen onder de doelstelling van de stichting en daarbij de omvang, aard en vergoeding van de te leveren goederen of diensten kunnen vaststellen of daarop aanmerkelijke invloed kunnen uitoefenen; i. korter dan drie jaar geleden als werknemer in dienst zijn geweest van de stichting dan wel bloed- en aanverwant tot de tweede graad zijn van die werknemer, tenzij de raad van toezicht anders oordeelt. 10.
Leden van de raad van Toezicht evenals hun bloed- en aanverwanten tot de tweede graad mogen geen enkel rechtstreeks of persoonlijk voordeel genieten uit leveringen aan of overeenkomsten met de stichting. Voor wat betreft de bloed- en aanverwanten kan de raad van Toezicht een uitzondering maken als zij van mening is dat dit de interne toezichthoudende rol van de raad van toezicht niet schaadt. Een lid van de raad van toezicht mag geen familieband hebben met een bestuurder of met een ander lid van de raad van toezicht. Onder familieband wordt verstaan bloed- of aanverwantschap tot en met de vierde graad en de hoedanigheid van echtgenoot, geregistreerd partner of andere levensgezel. 11. De leden van de raad van toezicht melden hun beroeps- of maatschappelijke achtergrond en nevenfuncties aan de raad van toezicht. 12. Eventuele vergoedingen aan de leden van de raad van toezicht geschieden op basis van een door de raad van toezicht vastgesteld - en op hoofdlijnen in het jaarverslag openbaar gemaakte - regeling. Jaarlijks wordt door het bestuur uitdrukkelijk in de jaarrekening verantwoord welke bedragen op grond van deze regeling zijn uitgegeven. 13. De raad van toezicht kan zich voor rekening van de stichting in de uitoefening van zijn taak doen bijstaan door één of meer deskundigen.
2221932 statutenwijziging stichting Amsterdam-West Binnen de Ring stichting voor Openbaar Primair Onderwijs, concept 2023-04-13
- 11 -
14. Het bestuur verschaft de raad van toezicht tijdig de voor de uitoefening van diens taken en bevoegdheden noodzakelijke gegevens en voorts aan ieder lid van de raad alle inlichtingen betreffende de aangelegenheden van de stichting die deze mocht verlangen. Met inachtneming van de wet- en regelgeving op het gebied van bescherming van privacy en persoonsgegevens, is de raad van toezicht bevoegd inzage te nemen en te doen nemen van alle boeken, bescheiden, overige gegevensdragers en correspondentie van de stichting; het daartoe door de raad van toezicht aangewezen lid van de raad heeft te allen tijde toegang tot alle bij de stichting in gebruik zijnde ruimten en terreinen. Een lid van de raad van toezicht is integer en vermijdt elke vorm en schijn van persoonlijke bevoordeling of belangenverstrengeling tussen hem en de stichting. Hij verschaft de raad van toezicht op eerste verzoek inzicht in de door hem uitgeoefende nevenfuncties. 15. De raad van toezicht doet verslag van zijn werkzaamheden en het uitgeoefende toezicht. Dit verslag wordt aan de verslaggevingsstukken toegevoegd, als bedoeld in artikel 14. Artikel 13 - Raad van toezicht; werkwijze 1. Indien de meerderheid van het aantal leden van de raad van toezicht niet aanwezig is, belegt de voorzitter opnieuw een vergadering. 2.
Op de opnieuw belegde vergadering, zoals bedoeld in het eerste lid van dit artikel, is het in dat lid vereiste quorum niet van toepassing. De raad van toezicht kan echter over andere aangelegenheden dan die waarvoor de eerdere vergadering was belegd alleen beraadslagen of besluiten, indien de meerderheid van het aantal zitting hebbende leden aanwezig is. 3. Een lid van de raad van toezicht kan zich door een ander lid van de raad van toezicht ter vergadering schriftelijk doen vertegenwoordigen. Eén lid van de raad van toezicht kan slechts één medelid ter vergadering vertegenwoordigen. 4. In de vergaderingen van de raad van toezicht heeft ieder lid één stem. Alle besluiten worden genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen. Bij staking van stemmen is het voorstel verworpen. 5. De voorzitter bepaalt de wijze waarop de stemmingen in de vergaderingen worden gehouden, met dien verstande, dat indien één of meer leden zulks verlangen, stemmingen over personen schriftelijk geschieden. 6. Het door de voorzitter ter vergadering uitgesproken oordeel omtrent de uitslag van de stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover werd gestemd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel. 7.
De raad van toezicht kan ook op andere wijze dan in een vergadering besluiten nemen, mits alle leden in de gelegenheid worden gesteld hun stem uit te brengen en geen van hen zich tegen deze wijze van besluitvorming verzet. Een 2221932 statutenwijziging stichting Amsterdam-West Binnen de Ring stichting voor Openbaar Primair Onderwijs, concept 2023-04-13
- 12 -
besluit is alsdan genomen, indien de volstrekte meerderheid van het aantal leden zich vóór het voorstel heeft verklaard. Van elk buiten vergadering genomen besluit wordt mededeling gedaan in de eerstvolgende vergadering, welke mededeling in de notulen van die vergadering wordt vermeld. 8. Ten minste twee leden van de raad van toezicht zijn bevoegd een vergadering van de raad van toezicht bijeen te roepen. De raad van toezicht vergadert ten minste vier maal per jaar. 9. De bijeenroeping van de vergaderingen van de raad van toezicht geschiedt schriftelijk op een termijn van ten minste zeven dagen, onder opgave van de te behandelen onderwerpen. In spoedeisende gevallen, ter beoordeling van de voorzitter, kan de termijn van oproeping worden beperkt tot ten minste vierentwintig uur. De vergaderingen worden in beginsel gehouden binnen de gemeente Amsterdam te bepalen door degene die de vergadering bijeenriep, dan wel deed bijeenroepen. Indien werd gehandeld in strijd met het hiervoor in dit lid bepaalde, kan de raad van toezicht niettemin rechtsgeldige besluiten nemen, mits de ter vergadering afwezige leden vóór het tijdstip van de vergadering hebben verklaard zich niet tegen de besluitvorming te verzetten. 10. De raad van toezicht wijst uit zijn midden een voorzitter aan. 11. De voorzitter leidt de vergaderingen van de raad van toezicht. 12.
Van het verhandelde in de vergaderingen van de raad van toezicht worden notulen gehouden door de daartoe door de voorzitter aangewezen persoon. De notulen worden vastgesteld in dezelfde of in de eerstvolgende vergadering en door de voorzitter van de vergadering ondertekend. 13. Indien buiten hetgeen reeds in de statuten ten aanzien van de raad van toezicht is bepaald, de raad van toezicht nadere regelingen wil treffen ten aanzien van het eigen functioneren, in de ruimste zin des woords, stelt de raad aanvullend een “reglement raad van toezicht” vast, waarin een en ander is geregeld. 14. Vergaderingen van de raad van toezicht zijn openbaar voor zover de raad niet – gemotiveerd per agendapunt – beslist dat openbaarheid tegen het belang van de stichting en of de daarmee verbonden organisatie is, of een ontoelaatbare inbreuk op de privacy van personen oplevert. De opgelegde geheimhouding wordt zowel door degenen die bij de behandeling aanwezig waren als door de genen die op andere wijze van het behandelde en de stukken kennisnemen, in acht genomen, totdat de raad de geheimhouding opheft. Artikel 14 - Boekjaar, jaarstukken 1. Het boekjaar van de stichting is het kalenderjaar. 2.
Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting en van alles betreffende de werkzaamheden van de stichting op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren dat te allen tijde de rechten en 2221932 statutenwijziging stichting Amsterdam-West Binnen de Ring stichting voor Openbaar Primair Onderwijs, concept 2023-04-13
- 13 -
verplichtingen van de stichting kunnen worden gekend. 3. Het bestuur is verplicht jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar de balans en de staat van baten en lasten van de stichting op te maken en op papier te stellen. Het bestuur zendt deze stukken en een nadere toelichting daarop vóór het einde van de in de voorgaande zin bedoelde termijn ter goedkeuring aan de raad van toezicht. Het bestuur maakt een jaarrekening en een bestuursverslag op als bedoeld in artikel 2:300 Burgerlijk Wetboek als dat op grond van de wet verplicht is. In dat geval legt het bestuur een exemplaar daarvan voor de raad van toezicht ter inzage op het kantoor van de stichting met de op grond van de wet toe te voegen gegevens. Het bestuur rapporteert in het jaarverslag tevens over de wijze waarop de evaluatie van het bestuur door de raad van toezicht heeft plaatsgevonden. 4. De raad van toezicht laat de stukken onderzoeken door een door hem aan te wijzen accountant als bedoeld in artikel 2:393 lid 1 Burgerlijk Wetboek. Deze accountant brengt over zijn onderzoek verslag uit aan de raad van toezicht en het bestuur. Hij geeft de uitslag van zijn onderzoek weer in een verklaring over de getrouwheid van de stukken. Als de wet dat toestaat kan de raad van toezicht besluiten dit onderzoek achterwege te laten of dit onderzoek te laten verrichten door een andere deskundige. 5.
De balans en de staat van baten en lasten van de stichting of de jaarrekening wordt vastgesteld door de raad van toezicht binnen een maand na het opmaken van de stukken als bedoeld in lid 3. De vastgestelde stukken worden ondertekend door alle bestuurders en alle leden van de raad van toezicht. Als een handtekening van een van hen ontbreekt wordt de reden daarvan op de stukken vermeld. 6. De in lid 3 vermelde termijn kan door de raad van toezicht worden verlengd met ten hoogste vier maanden op grond van bijzondere omstandigheden. Artikel 15 - Vrijwaring en vrijtekening 1. De stichting stelt iedere persoon die, vanwege het feit dat hij bestuurder of lid van de raad van toezicht van de stichting is of was, als partij betrokken was of is of als een op diens betrokkenheid als partij uitlopende ontwikkeling aannemelijk is bij een op handen zijnde, aanhangige of beëindigde actie of procedure van welke aard dan ook, door of namens de stichting dan wel door derden ingesteld, schadeloos voor alle nadelige financiële gevolgen, daaronder begrepen kosten en boetes, die hij in werkelijkheid en redelijkerwijze heeft moeten dragen in verband met een dergelijke actie of procedure, mits hij heeft gehandeld op een wijze die hij redelijkerwijze kon beschouwen in het belang van of niet tegen de belangen van de stichting te zijn, en tenzij (en voor zover) het doen van een 2221932 statutenwijziging
stichting Amsterdam-West Binnen de Ring stichting voor Openbaar Primair Onderwijs, concept 2023-04-13
- 14 -
beroep op deze regeling in strijd zou zijn met de goede trouw. 2. Een schadeloosstelling door de stichting bedoeld in het vorige lid geschiedt na vaststelling dat een bestuurder of het lid van de raad van toezicht voldaan heeft aan de van toepassing zijnde gedragsnorm genoemd in het vorige lid. Deze vaststelling geschiedt door de raad van toezicht in een voltallige vergadering. Artikel 16 - Statutenwijziging 1. Het bestuur is bevoegd de statuten te wijzigen. Het besluit tot statutenwijziging is onderworpen aan de voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht. Het besluit tot statutenwijziging is voorts onderworpen aan de goedkeuring van de gemeenteraad. 2. Een statutenwijziging treedt eerst in werking nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt. Iedere bestuurder is bevoegd deze akte te doen verlijden. 3. Het bestuur is verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en een volledige doorlopende tekst van de gewijzigde statuten neer te leggen op het kantoor van het door de Kamer van Koophandel gehouden handelsregister. Artikel 17 - Ontbinding en vereffening 1. Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden. Het besluit tot ontbinding is onderworpen aan de voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht. Het besluit tot ontbinding is voorts onderworpen aan de goedkeuring van de gemeenteraad. 2.
Voorts is de gemeenteraad, in geval van ernstige taakverwaarlozing door het bestuur of een bestuurder of functioneren in strijd met de wet als bedoeld in artikel 48 lid 11 van de wet, bevoegd zo nodig de stichting te ontbinden. 3. Tenzij de raad van toezicht anders besluit, is het bestuur met de vereffening belast. 4. De vereffenaars dragen er zorg voor, dat van de ontbinding inschrijving geschiedt in het op het kantoor van het door de Kamer van Koophandel gehouden handelsregister. 5. De raad van toezicht stelt (met inachtneming van de wet) de bestemming van het batig liquidatiesaldo vast op zodanige wijze dat het batig liquidatiesaldo ten goede zal komen aan openbaar toegankelijk onderwijs in de breedste zin des woords. 6. Na de ontbinding blijft de stichting voortbestaan voor zover dit tot de vereffening van haar vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten zoveel mogelijk van kracht. In stukken en aankondigingen die van haar uitgaan, moeten aan de naam van de stichting worden toegevoegd de woorden "in liquidatie". 7.
Na afloop van de vereffening blijven de boeken, bescheiden en overige gegevensdragers van de ontbonden stichting gedurende de door de wet bepaalde termijn onder berusting van de door de vereffenaars aangewezen 2221932 statutenwijziging stichting Amsterdam-West Binnen de Ring stichting voor Openbaar Primair Onderwijs, concept 2023-04-13
- 15 -
persoon. Deze persoon is gehouden zijn aanwijzing ter inschrijving op te geven in het in lid 3 van artikel 16 vermelde register. (einde statutenwijziging) BIJLAGEN Aan deze akte zijn de volgende stukken gehecht: - notulen vergadering bestuur; - notulen vergadering raad van toezicht; - goedkeurend besluit. Slot Deze akte is verleden te Haarlem op de datum in het hoofd van deze akte vermeld. De verschenen persoon is mij, notaris, bekend. De inhoud van de akte is aan de verschenen persoon opgegeven en toegelicht. De verschenen persoon heeft verklaard op volledige voorlezing van de akte geen prijs te stellen, tijdig voor het verlijden van de inhoud van de akte te hebben kennis genomen en met de inhoud in te stemmen. Vervolgens is de akte beperkt voorgelezen en onmiddellijk daarna door de verschenen persoon en mij, notaris, ondertekend, om
2221932 statutenwijziging stichting Amsterdam-West Binnen de Ring stichting voor Openbaar Primair Onderwijs, concept 2023-04-13