A - 14 MBO en Toeleiding Arbeidsmarkt (25) Raadsbrief Perspectief en wendbaa
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief
Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door Bijlage Onderwerp
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 10-05-2023 MBO, Economische Zaken Sofyan Mbarki Directie OJZ bestuurszaken.ojz@amsterdam.nl MBO-Agenda, Economisch Arbeidsmarktbeleid Perspectief en wendbaarheid door onderwijs en werk
Geachte leden van de gemeenteraad, Amsterdam is een stad vol mogelijkheden. Als solidaire stad kijken we naar elkaar en onze jongeren om. Iedereen zou perspectief moeten zien én hebben. Toch is dat nog niet het geval. De afgelopen jaren groeide de economie, maar niet iedereen profiteert daar in gelijke mate van. Bovendien is het de vraag of wij de komende jaren beschikken over de benodigde mensen, kennis en vakmanschap voor de uitdagingen in onze stad. Des te pijnlijker is het dat mbo-ers nog lang niet altijd de waardering krijgen die ze verdienen. Kortom, onze stad staat voor drie grote opgaven: kansenongelijkheid, arbeidsmarktkrapte en de gelijkwaardigheid van het mbo. We moeten onze economie versterken door in te zetten op menselijk kapitaal en het verzilveren van onbenut talent in onze wijken. Een goed vestigingsklimaat en sterke concurrentiepositie vergen investeringen in voldoende mensen, kennis, vaardigheden en vakmanschap. Als wethouder MBO en Economische Zaken zet ik me in voor een economie die bijdraagt aan brede welvaart, met goed mbo-onderwijs als een van de fundamenten. Want onderwijs en economie kunnen niet zonder elkaar. Die samenwerking bepaalt de kracht van het mbo. En de kracht van het mbo is weer bepalend voor de economie.
Daarom investeren we ook de komende periode in het Amsterdamse mbo en in economisch arbeidsmarktbeleid, waarin we bedrijven ondersteunen en stimuleren om te investeren in hun (toekomstige) werknemers. 1. Kansenongelijkheid Helaas ziet het college dat nog te veel Amsterdammers niet kunnen profiteren van de kansen in onze samenleving. Ondanks de krapte op de arbeidsmarkt, de grote vraag naar goed opgeleide vakmensen en veel beschikbare vacatures, vinden niet alle Amsterdammers een plek met toekomstperspectief op de arbeidsmarkt. Deze kansenongelijkheid is ook nadelig voor het bedrijfsleven en de samenleving als geheel, doordat we talent onbenut laten. Onderwijs is essentieel voor een goede start in de samenleving en voor een duurzaam arbeidsmarktperspectief. Amsterdam zet zich al jaren samen met de mbo-instellingen in om uitval te voorkomen en jongeren te begeleiden naar werk. Helaas zien we, ondanks alle inzet afgelopen
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
2023 Pagina 2 van 5
jaren, nog steeds dat uitval en verzuim bij een deel van de mbo-opleidingen significant hoger is dan in andere delen van het land en in andere onderwijssectoren. Bij dit alles zien we grote kansenongelijkheid. In vergelijking met de rest van het land, komt de Amsterdamse groep mbo-studenten meer barrières tegen in het leven en daardoor hebben zij minder kansen op een succesvolle schoolloopbaan, stages en duurzaam werk. Daarbij zien we ook binnen onze stad grote verschillen. Studenten met een diploma op mbo niveau 1 en 2 hebben bijvoorbeeld minder kans op duurzaam werk. En jongeren uit Zuidoost, Nieuw-West en Noord hebben op 23-jarige leeftijd minder vaak een startkwalificatie ten opzichte van jongeren uit andere stadsdelen. Ook is in onze stad een groep jongeren die dreigt af te glijden naar de criminaliteit. Deze jongeren zien geen perspectief en hebben weinig vertrouwen in een goede toekomst voor zichzelf. Ik wil me dan ook richten op juist deze groepen jongeren. We willen hen erbij houden en op weg helpen. Ongelijk investeren voor gelijke kansen dus. Om juist die doelgroepen die zelfs in tijden van economische hoogconjunctuur achterbleven, te ondersteunen. Ook wil ik bedrijfsleven en onderwijs stimuleren nog nauwer samen te werken, om zo een aantal zaken aan te pakken.
Zo is er nog een grote groep studenten die op basis van hun naam of achtergrond niet uitgenodigd wordt voor een gesprek. Het bedrijfsleven kan een actievere rol pakken in het bestrijden van stage- en arbeidsmarktdiscriminatie. Maar met alleen het bestrijden van discriminatie komen we er niet. We zien dat het sommige jongeren ontbreekt aan basisvaardigheden en ook in kennis is soms een achterstand. Lesmateriaal is in sommige gevallen bijvoorbeeld niet meer up to date met de systemen waar bedrijven mee werken. We moeten de kans op een stage of baan vergroten door jongeren daar goed op voor te bereiden. We vinden het belangrijk dat jongeren zich hun hele leven blijven ontwikkelen. Wie na zijn achttiende stopt met leren en ontwikkelen, blijft achter. Helaas is het zeker bij praktisch geschoolde beroepen niet altijd vanzelfsprekend om te blijven leren en te ontwikkelen en daarin als werkgever ook te investeren. Dat maakt deze groep minder wendbaar bij schommelingen in de economie en beperkt hun arbeidsmarktperspectief. Dit wordt versterkt doordat werkgevers niet of nauwelijks investeren in kwetsbare zzp-ers en flexwerkers, zoals in de bouw of zorg. Het Regionaal Werkcentrum ondersteunt werkzoekenden om zich te blijven ontwikkelen naar werk met perspectief voor langere termijn.
Samen met het onderwijs, brancheorganisaties en het bedrijfsleven ontwikkelt zij trajecten gericht op om- en bijscholing, zoals de loopbaanpaden richting de tekortsectoren. We moeten leven lang ontwikkelen gaan zien als een collectieve verantwoordelijkheid van overheid, onderwijs, bedrijfsleven en werkenden. Het gaat immers om een collectieve opgave die we moeten zien op te lossen en we kunnen individuen hier niet alleen voor verantwoordelijk maken. 2. Arbeidsmarktkrapte Maatschappelijke ontwikkelingen en transities (zoals energie, digitalisering en verduurzaming) zorgen voor nieuwe uitdagingen als het gaat om kennis en vaardigheden. Deze transities zorgen voor hogere eisen aan inzetbaarheid, wendbaarheid en weerbaarheid van mensen en dit vergt een leven lang ontwikkelen. We zien dat werkgevers een tekort hebben aan voldoende goed opgeleid 2
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
2023 Pagina 3 van 5
personeel. Dit is een belemmering voor de uitdagingen en ambities van onze stad. Zonder mboers geen zonnepanelen op onze daken, geen kinderopvang voor onze kinderen en geen nieuwe woningen. Zonder vakmanschap komen we er als stad niet. Er ontstaat hierbij een soort vicieuze cirkel. Door personeelstekorten is er onvoldoende ruimte om stagiairs te begeleiden, terwijl stages juist cruciaal zijn voor het goed opleiden van toekomstig personeel. Daarom zetten we in op innovatie in stages en stagebegeleiding. In onze regio is sprake van een grote arbeidsmarktkrapte in vrijwel alle sectoren. De grootste krapte in onze regio zit in de sectoren IT en techniek, gevolgd door transport en logistiek, dienstverlening en bedrijfseconomie. Zoals toegezegd door wethouder Groot Wassink, informeert het college de raad voor de zomer uitgebreider over personeelstekorten en arbeidsmarktkrapte in onze stad. Door te investeren in beroepsonderwijs willen we ervoor zorgen dat meer mensen kiezen voor een vakopleiding. Zo leiden we nieuwe generaties vakmensen op en spelen we in op de tekorten die zijn ontstaan in verschillende sectoren zoals de bouw, techniek en zorg. Want het is aannemelijk dat de krapte op de arbeidsmarkt langdurig en misschien zelfs structureel is. De vergrijzing van de beroepsbevolking betekent namelijk dat hetzelfde of zelfs meer werk door minder mensen uitgevoerd moet worden.
Dat komt doordat de vraag naar werk toeneemt door vooral een groeiende zorgvraag en de opgaven in de woningbouw en klimaattransitie. Daarnaast is er ook een kwalitatieve mismatch op onze arbeidsmarkt, wat betekent dat de vaardigheden van werkzoekenden niet aansluiten op de huidige en toekomstige vraag van werkgevers. Daarom zijn innovatie, om- en bijscholing en een leven lang ontwikkelen zo belangrijk. Het Regionaal Werkcentrum ondersteunt het bedrijfsleven en het onderwijs in het ontwikkelen van een regionale infrastructuur voor deze om- en bijscholing en zet in op experimenten en innovaties om systeemfouten op de arbeidsmarkt te doorbreken. 3. Gelijkwaardigheid van het mbo en de mbo-student In deze tijden van arbeidsmarktkrapte en tekorten aan vakkrachten zien we veel aandacht voor het mbo en de mbo-studenten. Het mbo is de motor van onze stad. Sterk mbo-onderwijs zorgt ervoor dat jongeren en volwassenen worden opgeleid voor een baan met toekomst en dat zij zich breed kunnen ontwikkelen, zodat zij de vaardigheden hebben om zich met vertrouwen in onze samenleving en arbeidsmarkt te begeven. Tegelijkertijd kan het mbo dit niet alleen oplossen. We zien dat het aantal nieuwe inschrijvingen in Amsterdam, net als landelijk, onder druk staat. Beroepsoriëntatie en studiekeuze begint vaak al veel jonger en ook ouders spelen hierin een belangrijke rol.
Het po en vo zijn hierbij dus cruciale partners en ook zij-instroom is van groot belang. Daarbij wordt het mbo vaak nog niet als gelijkwaardig gezien aan andere vervolgopleidingen en mbo-studenten hebben niet altijd dezelfde rechten als hbo- of wo-studenten, denk bijvoorbeeld aan een passende stagevergoeding. Het college ziet de gelijkwaardigheid van het mbo en de herwaardering van vakmanschap als maatschappelijke opgave waarin alle onderwijssectoren en ook de verschillende overheden een 3
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
2023 Pagina 4 van 5
verantwoordelijkheid hebben. We zien kansen om hier als gemeente een nog grotere verantwoordelijkheid te nemen, ons nog meer uit te spreken voor vakmanschap en een voorbeeld te zijn voor andere organisaties. Het college wil dan ook afscheid nemen van de ‘hoger-lager’ terminologie binnen onze organisatie en op zoek gaan naar een zorgvuldige benaming om een onderscheid te benoemen waar nodig. We sluiten hierbij aan bij de toekomstverkenning van het Rijk, die later in 2023 gepresenteerd wordt. De MBO-denktank en onderwijsinstellingen zijn betrokken en denken met ons mee over de terminologie. Hiermee geven we uitvoering aan de motie 1137 van de leden Ceder (CU), Timman (D66), De Fockert (Groenlinks), Taimounti (DENK) en Simons (Bij1) en de motie 162 van het leden Y.E. Bentoumya (Groen Links) en M. Yemane (GroenLinks) inzake stop met termen ‘lager’ en ‘hoger’ opgeleid. Tegelijkertijd werken we aan de gelijke positie van mbo-studenten en gelijke behandeling op de stagemarkt door uitvoering te geven aan de motie 569 van de leden Schmit (D66), Belkasmi (PvdA), Bentoumya (GroenLinks), Koyuncu (DENK) en Broersen (Volt), motie 533 van de leden Belkasmi (PvdA), Schmit (D66), Bentoumya (GroenLinks) en Hoogtanders (VVD) en motie 160 van de leden Belkasmi (PvdA), Schmit (D66), Bentoumya (GL) en Hoogtanders (VVD).
De volledige afdoening van de moties 569, 533 en 160 vindt u in drie aparte raadsbrieven. 4. Inzet college Kansenongelijkheid, arbeidsmarkkrapte en gelijkwaardigheid van het mbo dus. Daar ga ik mee aan de slag. Het college komt daarom met een brede aanpak met het onderwijs en de partners op de arbeidsmarkt en investeert de komende jaren met de MBO-Agenda 2023-2027 ruim 35 miljoen in het Amsterdamse mbo en met het Economische Arbeidsmarktbeleid 5 miljoen. Hiermee investeren we ook de komende periode in het Amsterdamse mbo en in economisch arbeidsmarktbeleid, waarin we bedrijven ondersteunen en stimuleren om te investeren in hun (toekomstige) werknemers. Dit doen we door in te zetten op: • gezamenlijke investering bedrijfsleven en onderwijs in opleiden en begeleiden, • meer toeleiding naar het mbo, • aantrekkelijk, innovatief en hoogwaardig mbo-onderwijs, • extra inzet via het Plusprogramma (kleinschalige onderwijslocaties voor niveau 1 en 2), en • duurzame inzetbaarheid en Leven Lang Ontwikkelen. Naast de inzet voor en met het mbo, investeren we in een arbeidsmarkt met perspectief die bijdraagt aan brede welvaart door: • kansen te bevorderen voor individuen, en • werkgevers (in cruciale sectoren) te ondersteunen bij personeelstekorten.
We bouwen voort op de successen en innovaties die met de voorgaande agenda’s zijn neergezet, en versterken de samenhang de MBO-Agenda en het economisch arbeidsmarkbeleid. We hebben in de stad geweldige mbo-instellingen en mooie werkgevers, en we willen ervoor zorgen dat deze elkaar nog beter gaan vinden. Daarbij maken we wel scherpere keuzes en gaan we ongelijk 4
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
2023 Pagina 5 van 5
investeren voor gelijke kansen. We richten onze inzet vooral op de groepen die dat het hardst nodig hebben, op de jongeren en werkenden voor wie het ontplooien van hun talenten in onze stad minder vanzelfsprekend is. Zij verdienen onze extra inzet op kennis en vaardigheden om meer perspectief en wendbaarheid voor hen te creëren in de maatschappij en op de arbeidsmarkt. De gemeente kan dit niet alleen. We werken nauw samen met het ROC van Amsterdam/Flevoland, ROC TOP, Mediacollege Amsterdam, Hout, - en Meubileringscollege en het Samenwerkingsverband VO Amsterdam-Diemen. Ook het bedrijfsleven dagen we uit hierin een grotere rol te pakken. Samen met het bedrijfsleven gaan we de negatieve gevolgen van de flexibele economie tegen en stimuleren we een inclusieve arbeidsmarkt. Samen kunnen we de kansengelijkheid vergroten en de krapte op de arbeidsmarkt bestrijden. Zo dragen de investeringen optimaal bij aan de synergie tussen onderwijs en het bedrijfsleven en werken we samen aan economische groei en perspectief voor de stad én Amsterdammers. Voor verdere uitwerking verwijs ik u naar de beide beleidsplannen. Daarin staat ook beschreven hoe deze inzet verbonden is met andere inzet van het college, zoals het beleid gericht op voortijdig schoolverlaten, het programma Duurzame Stad, Duurzame Banen en het Regionaal Werkcentrum.
Investeren in de kracht van het Amsterdamse mbo en onze arbeidsmarkt, daar ligt de sleutel voor een goed en krachtig toekomstperspectief. Voor jongeren, werkenden en voor de stad. De noodzaak van een goede aansluiting van onderwijs en arbeidsmarkt is van alle tijden, maar is nu extra urgent vanwege de grote arbeidsmarktkrapte. Bovendien is het een kwestie van lange adem, met alleen korte termijn oplossingen komen we er niet. Ons doel: perspectief en wendbaarheid voor de jongeren, werkenden en werkgevers van de stad. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders,
Sofyan Mbarki wethouder MBO en Economische Zaken
5