CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

A - 10 Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit (32) Bijlage 4. Concept nadere reg

RAAD 20 juli 2023, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van de Nota deelvervoer 2023 en het wijzigen van de APV VN2023-0126136.958 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Concept: voorgenomen richting nadere regels deelbakfiets 2023 Programma Deelmobiliteit 31-05-2023

Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen Artikel 1.1 Begripsbepalingen bakfiets: fiets met laadbak geschikt voor vervoeren van bijvoorbeeld goederen of kinderen, voorzien van elektrische hulpmotor waarvan de aandrijfkracht geleidelijk vermindert en ten slotte wordt onderbroken wanneer het voertuig een snelheid van 25 km/h bereikt, of eerder, indien de bestuurder ophoudt met trappen. (buurt)hub: een clustering van deelmobiliteit van ten minste twee modaliteiten, waarbij de gemeente zorgdraagt voor de aanleg van de benodigde fysieke infrastructuur; gebruikers: bewoners en bezoekers die gebruik maken van de deelvoertuigen; college: het college van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam; interoperabiliteit: set aan standaarden en afspraken, gericht op wederzijdse openstelling van dienstverlening; MaaS: het aanbod van verschillende soorten mobiliteitsdiensten, waarbij op maat gemaakte reismogelijkheden via een digitaal platform met real-time informatie aan klanten worden aangeboden, door klanten worden geboekt, betaald en transacties worden afgehandeld; vergunning: vergunning om voertuigen op of aan de weg ter gebruik aan derden aan te bieden tegenbetaling of anderszins met commerciële doeleinden, als bedoeld in artikel 2.50A van de verordening; vergunningenplafond: het maximum aantal vergunningen dat wordt verleend; verordening: Algemene Plaatselijke Verordening 2008, vastgesteld bij

raadsbesluit van 20 augustus 2008 (Gemeenteblad 2008, afd. 3A, nr. 155/390), laatstelijk gewijzigd bij raadsbesluit van 20 juni 2019(Gemeenteblad 2019, 2019-165525); voertuig: voertuig als bedoeld in artikel 2.50A van de verordening; voertuigenplafond: het maximum aantal voertuigen waarvoor de vergunningen worden verleend; aanvrager: een aanbieder van deelvoertuigen, die een vergunning wenst ten behoeve van het aanbieden van deelmobiliteit in de openbare ruimte;

2

Hoofdstuk 2: Nadere regels voor vergunningen voor deelbakfietsen Paragraaf 1 Algemene bepalingen over vergunningen voor deelbakfietsen Artikel 2.1 Categorieën en typen voertuigen 1.

Het college verleent uitsluitend vergunningen voor bakfietsen.

Artikel 2.2 Vergunningenplafond Het college verleent maximaal twee vergunningen aan aanbieders van bakfietsen. Artikel 2.3 Voertuigenplafond Het college verleent de vergunning voor maximaal 375 bakfietsen per vergunning. Artikel 2.4 Tijdvak voor indienen aanvragen Aanvragen voor een vergunning kunnen alleen worden ingediend in het tijdvak van XXXXX Artikel 2.5 Beslistermijn Wanneer een vergelijkende toets plaatsvindt als bedoeld in artikel 2.9 beslist het college op de aanvraag binnen 20 weken na de dag van ontvangst daarvan. Het college kan de beslissing voor ten hoogste 8 weken verdagen. Artikel 2.6 Wachtlijst Wanneer een vergelijkende toets als bedoeld in artikel 2.9 heeft plaatsgevonden, houdt het college een wachtlijst bij van aanvragers die voor een vergunning in aanmerking wilden komen waarvoor in artikel 2.2 een maximum is vastgesteld en die onderdeel zijn geweest van de vergelijkende toets. De volgorde op de wachtlijst wordt bepaald door de uitkomst van de vergelijkende toets als bedoeld in artikel 2.9. Paragraaf 2 Behandeling van aanvragen voor vergunningen voor deelbakfietsen Artikel 2.7 Indieningsvereisten voor aanvragen voor vergunningen voor deelbakfietsen 1.

Een aanvraag voor een vergunning wordt in behandeling genomen indien aan de volgende indieningsvereisten is voldaan: a. de aanvraag is schriftelijk of langs elektronische weg ingediend middels het in bijlage 2 bij deze nadere regels opgenomen formulier dat volledig is ingevuld en bevat ten minste de in het formulier genoemde bijlagen; en b. de aanvraag is ingediend binnen het door het college vastgestelde tijdvak voor het indienen van een aanvraag. 2. Indien een aanvraag voor een vergunning onvolledig is, stelt het college de aanvrager een termijn van twee weken om de aanvraag aan te vullen.

3

3. Indien een aanvraag voor een vergunning of een van de daarbij behorende gegevens of bescheiden in een vreemde taal is gesteld, stelt het college de aanvrager een termijn van één week om de aanvraag met een vertaling aan te vullen. 4. Aanvragen voor vergunningen die niet voldoen aan de voorwaarden die in het eerste lid zijn genoemd en die, voor zover het gebrek alleen ziet op de in het eerste lid onder a bedoelde volledigheid niet binnen de in het tweede en derde lid gestelde termijn zijn aangevuld, worden niet in behandeling genomen. Artikel 2.8 Weigeringsgronden voor vergunningen voor deelbakfietsen 1. Een aanvraag voor een vergunning wordt geweigerd indien: a. de aanvraag wordt ingediend voor andere categorieën of typen voertuigen bedoeld in artikel 2.1, eerste lid. b. de aanvraag niet voldoet aan één of meer van de volgende voorwaarden: 1. 2.

3. 4.

5.

6. 7.

8.

9.

de aanvrager is een rechtspersoon die is ingeschreven in het handelsregister van de Nederlandse Kamer van Koophandel; de aanvrager is geen moeder-, dochter-, of zusteronderneming van of op een andere wijze verweven met een andere onderneming die voor dezelfde periode voor dezelfde deelvoertuigcategorie een vergunning heeft aangevraagd; uit de statuten en uit het feitelijk handelen van de aanvrager blijkt dat de aanvrager het aanbieden van deelvoertuigen als doelstelling heeft; de aanvrager heeft een privacyverklaring in de Nederlandse taal, hij overlegt een uittreksel van voorgenomen verwerkingen in het register van de Algemene Verordening Gegevensverwerking en, indien hij daarover beschikt, een kopie van de bewerkersovereenkomst en hij staat toe dat de gegevens die aan de gemeente worden geleverd gedurende de looptijd van de vergunning conform het vastgestelde beleid, gebruikt mogen worden door de gemeente voor monitorings- en evaluatiedoeleinden en dat deze gegevens geanonimiseerd bekend gemaakt mogen worden; de aanvrager heeft één vast Nederlands sprekend aanspreekpunt voor de gemeente dat telefonisch en per e-mail bereikbaar is op maandag tot en met vrijdag van 9:00 uur tot 17:00 uur (feestdagen uitgezonderd) en dat in staat is om ter stond te reageren.

De aanvrager is 24/7 bereikbaar voor nood- en hulpdiensten via een apart (nood)nummer; de voertuigen waarvoor vergunning wordt gevraagd voldoen aan de eisen die zijn gesteld bij of krachtens de Wegenverkeerswet; de aandrijving van alle voertuigen (deelvoertuigen, en alle voertuigen in de operatie) veroorzaakt geen schadelijke stoffen, en de aanvrager maakt voor het opladen van de elektrische voertuigen enkel gebruik van groene stroom; de aanvraag gaat vergezeld met een veiligheidsplan waarmee hij de veiligheid van de gebruiker en andere weggebruikers bevordert, waaronder specifieke instructies die het verschil in gebruik van een deelbakfiets ten opzichte van een reguliere fiets benadrukken en toelichten. de aanvraag gaat vergezeld met een klachtenplan, waarin in ieder geval is opgenomen hoe klachten van derden (niet – zijnde klanten) kunnen worden ingediend, hoe de afhandeling van klachten wordt geregistreerd, hoe de indiener van de klacht op de hoogte wordt gesteld van de afhandeling en binnen welke termijn en op welke wijze klachten worden opgevolgd, waarbij expliciet onderscheid wordt gemaakt tussen ‘first response time’ en ‘ticket resolution time’;

4

10. de aanvrager is in staat om elk voertuig op elk moment te traceren met een GPStrackingsysteem; 11. de aanvrager heeft een onderhoudsplan voor de voertuigen, waarin in ieder geval staat, hoe vaak voertuigen minimaal onderhouden worden waarbij expliciet wordt benoemd op welke onderdelen het onderhoud betrekking heeft, hoe de vloot wordt geïnspecteerd op gebreken en waarbij expliciet wordt vermeld op welke onderdelen voertuigen worden gecontroleerd, hoe snel kapotte voertuigen van straat worden gehaald, hoe snel voertuigen met een (bijna) lege accu opgeladen of van straat gehaald worden en op welke wijze de aanbieder invulling geeft aan duurzame bedrijfsvoering; 12. de aanvraag gaat vergezeld met een plan waarin aanvrager uiteenzet hoe hij zorgt voor een gecontroleerde introductie bij de start van zijn vergunde activiteiten - en ieder daaropvolgend uitrolmoment tot het voertuigplafond is bereikt -, in de hubs en op alle door de aanbieder toegezegde locaties waar de aanbieder actief wilt zijn. In het plan staat in elk geval beschreven hoe en hoeveel voertuigen bij de start en daaropvolgende uitrolmomenten geplaatst worden en welke acties worden ondernomen als er klachten komen na introductie en verdere uitrol. 13.

de aanvrager is in staat binnen 6 maanden na de ingangsdatum van de vergunning ten minste de helft en binnen 12 maanden na ingangsdatum van de vergunning het volledige aantal van de aan hem vergunde voertuigen te exploiteren; 14. de aanvraag gaat vergezeld met een spreidingsplan waarin de aanvrager minimaal beschrijft in welke gebieden in de stad hij de deelvoertuigen in elk geval zal aanbieden; 15. de voertuigen bevatten uitsluitend reclame voor de eigen onderneming van de aanvrager. Andere reclame op de voertuigen is niet toegestaan. Indien het reclame met een mobiliteitsdoel betreft, kan hier bij uitzondering van worden afgeweken in overleg met- en na schriftelijk akkoord van de gemeente 16. de aanvraag gaat vergezeld met een omschrijving van de samenwerking met andere, en in het bijzonder in Amsterdamse hubs actieve, mobiliteitsaanbieders; 17. de voertuigen hebben twee wielen, een maximale lengte van 2,60 m, een maximale breedte van 0,69 m en een maximale hoogte van 1,10 m met een maximale afwijking van 10%. Het voertuig is voorzien van een degelijke standaard, d.w.z. de fiets kan op zichzelf stabiel geparkeerd worden zonder om te vallen en zonder gebruik te maken van andere objecten. Het voertuig past ten alle tijden diagonaal in de standaardafmeting van een parkeervak in de hubs van 2,10 m x 1,95 m. 18.

de aanvraag gaat vergezeld met een benuttingsplan waarin de aanvrager in elk geval beschrijft welke maatregelen worden genomen om het gebruik van deelvoertuigen te vergroten onder zoveel mogelijk doelgroepen, en welke maatregelen worden genomen om het gebruik van deelvoertuigen op alle door de aanbieder toegezegde locaties waar de aanbieder actief wilt zijn te vergroten, en waarin wordt ingegaan op aspecten van communicatie en marketing; 19. de aanvraag betreft maximaal 375 voertuigen per perceel. De aantallen zijn inclusief de voertuigen in de hubs in de openbare ruimte in het betreffende perceel; 20. De aanvrager levert aan de gemeente (of aan een door of namens de Burgemeesters en Wethouders aangewezen Trusted Third Party) met een interval van 15-30 seconden op geautomatiseerde wijze de data betreffende: a. de feitelijke locatie van alle geparkeerde voertuigen van de aanvrager in de openbare ruimte binnen de gemeente, met uitzondering van geparkeerde voertuigen die verhuurd zijn. b. de start- en tussenstoplocatie van verhuringen die beginnen of eindigen binnen de gemeente.

5

Voor het aanleveren van de data onder a en b mag de aanvrager nog een half jaar na ingang van de vergunning data aanleveren conform de huidige specificaties van het Dashboard Deelmobiliteit. Zie https://docs.crow.nl/deelfietsdashboard/hr-dataspec/. Daarna dient de aanvrager gebruik te maken van de volgende endpoints uit de MDS-standaard: 

/provider/vehicles (met alleen aangeboden voertuigen) met specificatie van:   

Het type voertuig De status De kilometerstand

/provider/trips (route bevat start- en tussenstoplocatie met specificatie van;   

Begin- en eindtijd Het type voertuig De afgelegde kilometers

De gemeente stelt informatie over tijdelijke verbodsgebieden en hubs beschikbaar via een openbare MDS-feed. Desgewenst stelt de gemeente deze informatie nog maximaal een half jaar beschikbaar via een KML-file die per mail wordt toegestuurd aan de aanvrager. De aanbieder draagt er zorg voor dat deze informatie continu verwerkt wordt in eigen systemen en apps, zodat de eindgebruiker altijd beschikt over actuele informatie. Tevens stelt de aanbieder een openbare GBFS-feed beschikbaar van het servicegebied dat de aanbieder hanteert, inclusief verbodsgebieden en hubs De aanvrager zegt medewerking toe aan de verdere ontwikkeling van de data-uitwisseling over deelvoertuigen. In het kader van de Maas-standaarden wil de gemeente Amsterdam samen met andere overheden en marktpartijen nieuwe mogelijkheden van datauitwisseling zo goed mogelijk benutten. De Strategic Committee voor de Maasstandaarden, waarin overheden en marktpartijen vertegenwoordigd zijn, stelt eventuele nieuwe eisen en specificaties vast; 21.

De aanvrager is in staat om maandelijks op de 1e van de maand een rapportage met de volgende gegevens aan de gemeente te leveren met betrekking tot de daaraan voorafgaande kalendermaand:  het aantal unieke actieve gebruikers  gemiddeld aantal ritten per maand per gebruiker  type gebruikers (percentage klanten inwoner van Amsterdam en percentagebezoeker)  aantal binnen gekomen klachten incl. locatie data, reactietijd, afhandelingstijd (ticket resolution time toevoegen en vervanfgen, ook bij scooter) en aantal  aantal aanvragen voor een bakfiets  uitgedeelde straffen (boetes, verwijderingen gebruikers) de aanvrager verleent de gemeente toegang tot gebruikers om surveys of vragenlijsten uit te zetten. 22. de aanvrager verzamelt en verwerkt persoonsgegevens en andere gegevens in overeenstemming met de wet- en regelgeving (ISO27001, BIO, IEC62443) en geeft een beschrijving van de manier waarop hij de wet- en regelgeving op het gebied van dataverwerking en privacy uitvoert; 23. De aanvrager hanteert een back-to-one systeem ten behoeve van optimale inpassing in de openbare ruimte;

6

24. Ten behoeve van optimale benutting van de openbare ruimte en het tegengaan van verrommeling van de openbare ruimte maakt de gemeente gebruik van hubs. De gebruiker verwacht aanbod in de hubs, hubs mogen zodoende niet leegstaan omwille van de betrouwbaarheid van de dienst. Indien een voertuig is of wordt geplaatst binnen een straal van 250 meter van een (toekomstige) hub, moet het voertuig in een hub worden geplaatst; 25. De aanvraag wordt geweigerd indien voor beide percelen niet tenminste een aanbieder per perceel heeft ingeschreven. Het doel is om deelbakfietsen in de hele stad aan te bieden, als een van de twee percelen leeg staat lukt dat niet. In dat geval is de gemeente genoodzaakt een nieuwe vergunningverleningsprocedure te starten; Artikel 2.9 Verdelingsprocedure schaarse vergunningen voor deelbakfietsen 1.

2. 3. 4. 5. 6.

Het college voert een vergelijkende toets uit indien er, nadat de aanvragen voor zover nodig tijdig zijn aangevuld of de termijn om de aanvraag aan te vullen ongebruikt is verstreken, meer complete aanvragen zijn ingediend die voldoen aan de voorwaarden genoemd in artikel 2.8 dan het aantal vergunningen dat het vergunningenplafond toelaat. Bij de vergelijkende toets worden aan de aanvragen punten toegekend op basis van de criteria en overeenkomstig de puntentelling die is beschreven in artikel 2.10. Aan de aanvragen wordt een rangnummer toegekend op volgorde van de hoogte van het aantal punten dat bij de vergelijkende toets aan de aanvragen is toegekend. De vergunningen worden verleend aan de twee aanvragen met het hoogste aantal punten die tevens voldoen aan de voorwaarden die zijn beschreven in artikel 2.8. Indien aanvragen een gelijk aantal punten hebben en daardoor niet op basis van de puntentelling kan worden uitgemaakt op welke aanvraag een vergunning kan worden verleend, wordt met behulp van een loting bepaald op welke aanvraag een vergunning wordt verleend. Loting vindt in het openbaar plaats door een notaris.

Artikel 2.10 Beoordelingscriteria en puntentelling voor het plan van aanpak en de vergelijkende toets voor schaarse vergunningen 1.

De beoordeling van de aanvragen geschiedt op basis van de volgende door de aanvrager bij de aanvraag aan te leveren plannen en beschrijvingen, waarbij geldt dat ieder(e) plan of beschrijving maximaal 2 A4 mag beslaan en op enigerlei wijze van schrijfbeveiliging dient te zijn voorzien: a. een veiligheidsplan waarin de wijze waarop de aanvrager de veiligheid van de gebruiker bevordert is omschreven b. een klachtenplan, waarin in ieder geval is opgenomen hoe klachten van derden (niet – zijnde klanten) kunnen worden ingediend, binnen welke termijn en op welke wijze klachten worden opgevolgd, hoe de afhandeling van klachten wordt geregistreerd en hoe de indiener van de klacht op de hoogte wordt gesteld van de afhandeling; c. een implementatieplan waarin is omschreven op welke wijze de aanvrager zorgdraagt voor een gecontroleerde uitrol bij start en bij ieder daaropvolgend uitrolmoment tot het voertuigplafond is bereikt; d. een onderhoudsplan, waarin ten minste is beschreven hoe vaak deelvoertuigen minimaal onderhouden worden, hoe de voertuigen geïnspecteerd worden op gebreken, hoe snel kapotte deelvoertuigen van straat gehaald worden en hoe snel deelvoertuigen met een (bijna) lege accu opgeladen of van straat gehaald worden; e. een beschrijving van de nauwkeurigheid waarmee voertuigen zijn te traceren; f.

een spreidingsplan, waarin ten minste is beschreven in welke gebieden binnen de stad de deelvoertuigen in elk geval zullen worden aangeboden,

7

g. een benuttingsplan, waarin ten minste is beschreven, welke maatregelen worden genomen om het gebruik van deelvoertuigen te vergroten, en waarin wordt ingegaan op communicatie en marketing en (andere) effectieve maatregelen om het gebruik van deelvoertuigen te vergroten; h. Beschrijving van de mate waarin (data)standaarden worden toegepast die interoperabiliteit bevorderen; i. een beschrijving van de samenwerking met andere mobiliteitsaanbieders; j. een beschrijving van de wijze waarop de aanvrager waarborgt dat het verzamelen en verwerken van persoonsgegevens en data voldoet aan geldende wet- en regelgeving. 2. De puntentoekenning aan bovengenoemde plannen en beschrijvingen in het kader van de vergelijkende toets, is hierna omschreven [puntenverdeling volgt]. Indien een plan of beschrijving voldoet aan hetgeen in de middelste kolom is weergegeven, wordt het in de rechterkolom genoemde aantal punten toegekend. Veiligheidsplan De aanvraag gaat vergezeld met een veiligheidsplan met maatregelen waarmee de aanvrager stuurt op optimale veiligheid van de gebruiker en andere weggebruikers. In het plan wordt in ieder geval omschreven op welke wijze veiligheidsinstructies worden aangeboden, waaronder de specifieke instructies die het verschil in gebruik van een deelbakfiets ten opzichte van een reguliere fiets benadrukken en toelichten.

De gebruiksaanwijzing van de bakfiets en informatie over relevante verkeersregels zoals de plek op de weg, is bij elk voertuig of via de app beschikbaar in de Nederlandse taal en de aanvrager heeft in de aanvraag beschreven op welke wijze de gebruiksaanwijzing en de informatie over de verkeersregels beschikbaar zijn. De gebruiksaanwijzing van de deelbakfiets en informatie over relevante verkeersregels zoals de plek op de weg, is bij elk voertuig of via de app beschikbaar in de Engelse taal en de aanvrager heeft in de aanvraag beschreven op welke wijze de gebruiksaanwijzing en de informatie over de verkeersregels beschikbaar zijn. De aanvrager heeft in de aanvraag beschreven op welke wijze gebruikers structureel op de hoogte worden gehouden van verkeersregels en veiligheidsinstructies. De aanvrager heeft in de aanvraag beschreven op welke wijze gebruikers worden geïnstrueerd om naar behoren te parkeren binnen het parkeervak en bij tussentijdse parkeeracties, bijvoorbeeld op straathoeken.

Klachtenplan De aanvraag gaat vergezeld met een klachtenplan. Klachten met betrekking tot gekozen locaties worden door de gemeente afgehandeld, alle overige klachten worden afgehandeld door de aanvrager. In het klachtenplan is in ieder geval opgenomen hoe klachten van derden (niet – zijnde klanten) kunnen worden ingediend, hoe de afhandeling van klachten wordt geregistreerd, op welke wijze klachten worden doorgestuurd naar de gemeente, hoe de indiener van de klacht op de hoogte wordt gesteld van de afhandeling en binnen welke termijn en op welke wijze klachten worden opgevolgd, waarbij expliciet onderscheid wordt gemaakt tussen ‘first response time’ en ‘ticket resolution time’. First response time

8

verwijst naar hoelang het duurt voordat een klantenservicemedewerker reageert op een klacht of vraag van een klant (geen automatic reply). Ticket resolution time verwijst naar de tijd die een klantenservicemedewerker vanaf de ontvangst en registratie van de klacht nodig heeft om het probleem volledig en inhoudelijk op te lossen.

Klachten van derden (niet-klanten) kunnen zowel telefonisch (maandag tot en met vrijdag tussen 9-17 uur (nationale feestdagen uitgezonderd)) als per e-mail (7 dagen in de week) bij de aanvrager worden ingediend in de Nederlandse taal. Klachten van derden (niet-klanten) kunnen zowel telefonisch (maandag tot en met vrijdag tussen 9-17 uur (nationale feestdagen uitgezonderd)) als per e-mail (7 dagen in de week) bij de aanvrager worden ingediend in de Engelse taal. De aanvrager beschrijft de wijze waarop binnenkomende klachten en de afhandeling daarvan worden geregistreerd, waarin per type klacht het aantal klachten (anoniem) wordt weergegeven. De aanvrager beschrijft de wijze waarop binnenkomende klachten met betrekking tot locaties en die bestemd zijn voor de gemeente, worden gedeeld met de gemeente. De aanvrager rapporteert middels een vast format van de gemeente periodiek in de maandelijkse rapportage, aan de gemeente het type klacht, het aantal klachten (anoniem), inclusief first response time, ticket resolution time en wijze van afhandeling. 97% van de klachten wordt binnen 4 uur afgehandeld (ticket resolution time), 1% binnen 24 uur, 1% binnen 36 uur en de overige 1% binnen 48 uur(ook in weekenden en feestdagen). De afhandeling wordt teruggekoppeld aan de indiener.

97% van de klachten wordt binnen 8 uur afgehandeld (ticket resolution time), 1% binnen 24 uur, 1% binnen 36 uur en de overige 1% binnen 48 uur(ook in weekenden en feestdagen). De afhandeling wordt teruggekoppeld aan de indiener.

Implementatieplan

De aanvrager is in staat om vanaf het moment van gunning tenminste 50% van het vergunde aantal voertuigen te exploiteren binnen 6 maanden en tenminste 100% van het vergunde aantal voertuigen te exploiteren binnen 9 maanden, mits alle locaties gereed zijn. De aanvrager omschrijft hoe hij bij de start van zijn vergunde activiteiten, en ieder daaropvolgend uitrolmoment tot het voertuigplafond is bereikt, zorgt voor een gecontroleerde en evenredige uitrol waardoor hubs en alle door de aanbieder toegezegde locaties waar de aanbieder actief wilt zijn, direct bij start van de vergunde activiteiten worden voorzien van een evenwichtig aanbod.

9

Onderhoudsplan De aanvraag gaat vergezeld met een onderhoudsplan voor de voertuigen waarin in ieder geval omschreven staat, hoe vaak voertuigen minimaal onderhouden worden waarbij expliciet wordt benoemd op welke onderdelen het onderhoud betrekking heeft, hoe de vloot wordt geïnspecteerd op gebreken en waarbij expliciet wordt vermeld op welke onderdelen voertuigen worden gecontroleerd, hoe snel kapotte voertuigen van straat worden gehaald, hoe snel voertuigen met een (bijna) lege accu opgeladen of van straat worden gehaald en op welke wijze de aanbieder invulling geeft aan duurzame bedrijfsvoering. De aanvrager zorgt ervoor dat deelvoertuigen die niet meer voldoen aan de eisen die bij of krachtens de Wegenverkeerswet aan deelbakfietsen zijn gesteld of anderszins defect zijn of onbruikbaar (waaronder in ieder geval worden begrepen defecten die een comfortabel en veilig gebruik in de weg staan en defecten aan het GPStracking systeem), binnen 12 uur nadat aanvrager redelijkerwijs bekend kon zijn met het defect of de onbruikbaarheid, van straat worden gehaald of ter plaatse gerepareerd (zonder hinder of overlast ter plaatse) en de aanvrager informeert de gemeente in de maandelijkse rapportage over het aantal van de straat verwijderde of ter plaatse gerepareerde voertuigen en de termijn waarbinnen de voertuigen van staat zijn gehaald of ter plaatse zijn gerepareerd.

De aanvrager zorgt ervoor dat deelvoertuigen die niet meer voldoen aan de eisen die bij of krachtens de Wegenverkeerswet aan bakfietsen zijn gesteld of anderszins defect zijn of onbruikbaar (waaronder in ieder geval worden begrepen defecten die een comfortabel en veilig gebruik in de weg staan en defecten aan het GPStracking systeem), binnen 24 uur nadat aanvrager redelijkerwijs bekend kon zijn met het defect of de onbruikbaarheid, van straat worden gehaald of ter plaatse gerepareerd (zonder hinder of overlast ter plaatse) en de aanvrager informeert de gemeente in de halfjaarlijkse rapportage over het aantal van de straat verwijderde of ter plaatse gerepareerde voertuigen en de termijn waarbinnen de voertuigen van staat zijn gehaald of ter plaatse zijn gerepareerd.

De aanvrager informeert de gemeente in de maandelijkse rapportage als bedoeld in artikel 2.8, eerste lid, onderdeel b.21 over het aantal van de straat verwijderde en gerepareerde deelvoertuigen en de termijn waarbinnen de voertuigen van staat zijn gehaald/gerepareerd De aanvrager controleert de deelvoertuigen preventief op gebreken en geeft expliciet aan op welke onderdelen en op welke gebreken en hoe vaak deelvoertuigen preventief worden gecontroleerd en hoe – indien van toepassing - deze voertuigen van straat worden gehaald voor de controles.

10

De aanvrager gebruikt alleen emissievrije voertuigen om deelvoertuigen, die niet meer voldoen aan de eisen die bij of krachtens de Wegenverkeerswet aan bakfietsen zijn gesteld of anderszins defect of onbruikbaar zijn, van straat te halen en controles/reparaties ter plaatse uit te voeren . De aanvrager beschrijft door welke partij, en op welke wijze, onderhoud wordt uitgevoerd (in het geval van een externe leverancier wordt de duurzame bedrijfsvoering van die leverancier ook aangetoond) De aanvrager heeft een automatisch systeem waarmee de bestuurder van het deelvoertuig te allen tijde kan zien wat de status van de accu is.

De aanvrager voorkomt dat voertuigen met (bijna) lege accu’s op straat staan en heeft bij de aanvraag beschreven hoe hij dat doet. Onder bijna lege accu’s wordt verstaan accu’s met minder dan 10% accu capaciteit. De aanvrager geeft aan op welke wijze de signing preventief wordt gecontroleerd op duidelijkheid en vervaging en hoe de signing tijdig wordt aangepast of vervangen. De aanvrager maakt voor de definitieve signing gebruik van duurzaam materiaal. Deelbakfietsen worden na levensduur niet in dezelfde uitstraling doorverkocht, om verwarring op straat te voorkomen. Fietsen worden na levensduur op duurzame wijze verwerkt. Aanvrager neemt in het onderhoudsplan op welke wijze daar invulling aan wordt gegeven.

Traceerbaarheid

De aanvrager gebruikt een techniek waarmee het deelvoertuig voor hem real time met de nauwkeurigheid van tussen de 0 en 5 meter traceerbaar is indien deze geparkeerd of uitgelogd is, en heeft deze techniek in de aanvraag beschreven. De aanvrager gebruikt een techniek waarmee het deelvoertuig voor hem real time met de nauwkeurigheid van tussen de 5 en 10 meter traceerbaar is indien deze geparkeerd of uitgelogd is, en heeft deze techniek in de aanvraag beschreven. De aanvrager gebruikt een techniek waarmee het deelvoertuig voor hem real time met de nauwkeurigheid van tussen de 10 en 20 meter traceerbaar is indien deze geparkeerd of uitgelogd is, en heeft deze techniek in de aanvraag beschreven. De aanvrager maakt gebruik van een tracker die weergeeft waar een deelbakfiets daadwerkelijk staat, in aanvulling op wat de officiële standplaats is. De aanvrager omschrijft hoe hij ervoor zorgt dat een volgende gebruiker wel wordt geattendeerd op de officiële standplaats zodat de deelbakfiets naar de juiste plek wordt teruggebracht bij einde rit.

11

Spreidingsplan De aanvraag gaat vergezeld met een spreidingsplan. De gemeente acht het wenselijk dat er een evenwichtig gespreid aanbod van voertuigen is over de hele stad. In het spreidingsplan omschrijft de aanvrager in elk geval in welke gebieden in de stad hij de deelvoertuigen in elk geval zal aanbieden na gunning, bij introductie en opschalingsmomenten. Twee percelen & locatievoorstellen Op de onderstaande kaart is te zien hoe Amsterdam is opgedeeld in twee percelen. Een aanbieder schrijft zich in op een perceel (of op beide percelen). De aanbieder levert een spreidingsplan voor het perceel waarvoor de vergunningsaanvraag wordt ingediend. Dit spreidingsplan bestaat uit locatievoorstellen voor 375 deelbakfietsen binnen het betreffende perceel. Locatievoorstellen worden voorzien van een id-nummer, adres en geografische coördinaten en per Excel-bestand aangeleverd als bijlage. Ook wordt per locatievoorstel een foto, screenshot of plattegrond geleverd waaruit duidelijk moet zijn waar de bakfiets exact gewenst is. Voor alle locatievoorstellen geldt dat een finaal akkoord nodig is vanuit de gemeente voordat een bakfiets op de betreffende locatie geplaatst kan worden. Binnen 6 maanden zal minstens de helft (188) van de bakfietsen geplaatst moeten zijn (zie artikel XXX).

Ook voor deze 188 locaties wordt uitgegaan van een evenwichtige spreiding naar rato van het spreidingsvoorstel van alle 375 voertuigen in het perceel. Uitzonderingen -

Centrum: in het centrum worden bakfietsen alleen geplaatst in hubs vanwege de zeer hoge druk op de openbare ruimte. Locatievoorstellen in het centrum worden niet behandeld. In groen en stadsparken: voorstellen in een park worden niet behandeld. Deze gebieden zijn in bijlage 1 te zien.

12

Figuur 1: twee percelen (rood en blauw) vergunningen deelbakfiets en bijbehorende subgebieden

Puntenverdeling voor spreiding Amsterdam ziet graag een evenwichtige spreiding van voertuigen over de stad. Daarom worden punten toebedeeld afhankelijk van de spreiding van locatievoorstellen. Naar verwachting zal een aanbieder meer voertuigen willen plaatsen in gebieden waar veel vraag te verwachten is. Per locatievoorstel in een dergelijk gebied krijgt een aanbieder x punt. Locatievoorstellen in gebieden waar de vraag op dit moment mogelijk nog minder hoog is krijgen x punten. Wanneer een aanbieder minimaal 5 locatievoorstellen in 9 van de 11 gebieden (centrumgebied uitgezonderd) binnen het perceel plaatst krijgt de aanbieder 200 extra punten, dit beschouwen wij als een evenwichtig voorstel. Tabel 1: puntenverdeling per gebied Perceel *

Locatievoorstel krijgt x punt Geuzenveld, Slotermeer Osdorp De Aker, Sloten, Nieuw Sloten

Perceel West

Noord-West Noord-Oost

Bijlmer-Centrum

13

Bijlmer-Oost Bijlmer West Perceel Oost

Gaasperdam Weesp, Driemond

* In gebieden Centrum-West en Centrum-Oost worden bakfietsen in hubs geplaatst. Locatievoorstellen voor deze gebieden worden niet in behandeling genomen en krijgen geen punten toegekend.

Puntenverdeling voor hublocaties Deelvervoer zal in Amsterdam steeds vaker op hublocaties te vinden zijn. Op deze hublocaties ziet Amsterdam ook graag deelbakfietsen staan. Een aanbieder krijgt daarom punten wanneer zij toezeggen om bakfietsen in het betreffende perceel ook op hublocaties te plaatsen. Deze toezegging zal onderdeel van de vergunning worden. Alleen de aanbieder die in een vergunning heeft voor het betreffende perceel kan voertuigen aanbieden in de hubs in dat perceel. Van een groot deel van de hublocaties die in de vergunningsperiode gerealiseerd zal worden is nog niet bekend waar deze precies zal komen. De gemeente houdt in de locatiekeuze wel rekening met de meest logische modaliteiten die op een hub gewenst zullen zijn. -

Een aanbieder zal XXX punten ontvangen wanneer zij toezeggen om op alle door de gemeente aangewezen hublocaties een bakfiets zullen plaatsen. Een aanbieder zal XXX punten ontvangen wanneer zij toezeggen om op 95% van de door de gemeente aangewezen hublocaties een bakfiets zullen plaatsen. Een aanbieder zal 0 punten ontvangen wanneer zij toezeggen om op minder dan 95% van de door de gemeente aangewezen hubslocaties een bakfiets zullen plaatsen. Opschaling & spreiding

Wanneer de gemeente en de aanbieder in een perceel beide wensen op te schalen dan zal de aanbieder met een opschalingsvoorstel komen. Het college van B&W neemt een besluit over het betreffende opschalingsvoorstel en beroept zich hierin op diens discretionaire bevoegdheid. Het college zal daarbij in het bijzonder, maar niet uitsluitend, aandacht besteden aan de onderstaande aspecten:    

De balans in vraag en aanbod De gebruikersgraad in de verschillende gebieden De vulgraad van de hubs in het perceel, met de voorwaarde dat iedere hub in het perceel is voorzien van aanbod alvorens tot een opschaling wordt overgegaan Evenwichtige spreiding in het perceel, met voorwaarde dat ieder gebied in het perceel na opschaling wordt voorzien van aanbod Startaanbod

In het oostelijke perceel zijn al 110 locaties afgestemd. Op deze locaties kan direct na uitgifte van de vergunning geplaatst worden. In het westelijke perceel zijn geen locaties op voorhand afgestemd. In dit perceel zullen bakfietsen naar verwachting langzamer uitgerold worden (Verwijzing naar artikel XXX: de helft van de bakfietsen moet

14

binnen 6 maanden geplaatst zijn --> aanbieder in dit perceel wordt niet afgerekend op minder snelle uitrol dan in oostelijke perceel). Benuttingsplan: De aanvraag gaat vergezeld met een benuttingsplan waarin de aanvrager in elk geval beschrijft welke maatregelen worden genomen om het gebruik van deelvoertuigen te vergroten onder zoveel mogelijk doelgroepen, en welke maatregelen worden genomen om het gebruik van deelvoertuigen op alle door de aanbieder toegezegde locaties waar de aanbieder actief wilt zijn te vergroten, en waarin wordt ingegaan op aspecten van communicatie en marketing; Aanvrager geeft aan welke maatregelen worden genomen om het gebruik van de deelvoertuigen te vergroten. Hierbij wordt in ieder geval ingegaan op: Communicatie en marketing Op het moment dat deelbakfietsen worden geplaatst, wordt gestuurd op actieve communicatie in servicegebieden. Inclusiviteit staat hierbij centraal: we richten ons op álle Amsterdammers, dus juist ook diegenen die nog geen gebruik maken van deelvervoer. Bij het benaderen van doelgroepen wordt goed gekeken naar de behoeften en belemmeringen Het deelvoertuig heeft een voorziening (bijvoorbeeld op een bedieningspaneel of dashboard) waarmee zichtbaar is of het deelvoertuig voor gebruik beschikbaar is, zonder dat daarvoor een app of website hoeft te worden geraadpleegd. -

De aanvrager maakt gebruik van technologische mogelijkheden om te voorkomen dat deelvoertuigen worden aangeboden of geparkeerd op die plekken die de gemeente heeft aangewezen als gebieden waar geen deelvoertuigen mogen worden aangeboden of worden geparkeerd en beschrijft deze, waarbij onder meer wordt ingegaan op de nauwkeurigheid van deze technologische mogelijkheden.

Interoperabiliteit en MaaS De aanvrager heeft in zijn aanvraag beschreven op welke wijze hij meedoet aan de platforms die MaaS ondersteunen en op welke wijze hij de standaarden die zijn beschreven in de publicatie van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (versie 1.0) van 16 mei 2019, met de titel ‘Blueprint for an API’, gepubliceerd op www.dutchmobilityinnovations.com, gebruikt en/of gaat gebruiken.

De aanvrager(s) die naar het oordeel van de commissie het verst is (zijn) met de wijze waarop hij de standaarden uit de “Blueprint for an API” gebruikt, krijgt 30 punten, de aanvrager(s) die het één na verst is (zijn) krijgt 20 punten en de aanvrager die daarna het verst is krijgt 10 punten. De andere aanvragers krijgen geen punten voor dit onderdeel. De aanvrager heeft in zijn aanvraag beschreven dat hij bereid is om in samenwerking met de gemeente innovaties en technologie te ontwikkelen

15

en op welke wijze hij dat wil doen ten behoeve van de volgende onderwerpen: leefbaarheid, luchtkwaliteit, veiligheid op de weg, verkeersmanagement, en ontwikkeling van sturing op data en platformstrategie. Voor elk onderwerp worden 5 punten toegekend als de de beschreven innovatie naar het oordeel van de commissie bijdraagt aan het onderwerp. Als de aanvrager één of meer eigen onderwerpen toevoegt die bijdragen aan de doelstellingen van MaaS, zoals die zijn beschreven in het Programma Smart Mobility 2019-2025, gepubliceerd op https://www.amsterdam.nl/wonen-leefomgeving/innovatie/smart- mobility/ , wordt per onderwerp 5 punten toegekend met een maximum van 10 punten.

a. b. c. d. e.

Samenwerking met andere mobiliteitsaanbieders in Amsterdam De aanvrager beschrijft zijn visie en intentie op de samenwerking met toekomstige MaaS dataplatformen en andere dataplatform aanbieders. Hierbij dient zij eigenaarschap, techniek en data uitwisseling toe te lichten. Aanbieder levert concrete voorbeelden van contact en/of projecten aan waarmee samenwerking werd gezocht binnen het mobiliteitsecosysteem. Aanbieder beschrijft de intentie om samen te werken met toekomstige MaaS dataplatformen of andere dataplatform aanbieders. Aanbieder is bereid samen te werken met andere mobiliteitsaanbieders, waaronder in elk geval NS, GVB en Connexxion en de mobiliteitsaanbieders in de hubs.

Data- en persoonsgegevens De aanvrager heeft een privacyverklaring in het Engels. De aanvrager beschrijft hoe hij invulling geeft aan ten minste drie van de pijlers in het Tada-manifest. De aanvrager beschrijft hoe hij invulling geeft aan alle pijlers in het Tadamanifest. De aanvrager is bereid de gebruikers van de voertuigen toestemming te vragen om hun gegevens in geanonimiseerde vorm aan de gemeente te verstrekken ten behoeve van monitorings- en evaluatiedoeleinden.

Paragraaf 3

Voorschriften en beperkingen verbonden aan de vergunningen

16

Artikel 2.11 1.

Voorschriften en beperkingen

Aan de vergunning voor de deelbakfietsen worden de volgende voorschriften en beperkingen verbonden: a. de aanvrager heeft een privacyverklaring in de Nederlandse taal, hij overlegt een uittreksel van voorgenomen verwerkingen in het register van de Algemene Verordening Gegevensverwerking en, indien hij daarover beschikt, een kopie van de bewerkersovereenkomst en hij staat toe dat de gegevens die aan de gemeente worden geleverd gedurende de looptijd van de pilot conform het vastgestelde beleid, gebruikt mogen worden door de gemeente voor monitorings- en evaluatiedoeleinden en dat deze gegevens geanonimiseerd bekend gemaakt mogen worden; b. de aanvrager heeft één vast Nederlands sprekend aanspreekpunt voor de gemeente dat telefonisch en per e-mail bereikbaar is op maandag tot en met vrijdag van 9:00 uur tot 17:00 uur (nationale feestdagen uitgezonderd). De aanvrager is 24/7 bereikbaar voor nood- en hulpdiensten via een apart (nood)nummer; c. de voertuigen voldoen aan de eisen die zijn gesteld bij of krachtens de Wegenverkeerswet; d. de aandrijving van alle voertuigen (deelvoertuigen, en alle voertuigen in de operatie) veroorzaakt geen schadelijke stoffen, en de aanvrager maakt voor het opladen van de elektrische voertuigen enkel gebruik van groene stroom e.

de vergunninghouder verwijdert kapotte voertuigen en voertuigen die niet kunnen worden gebruikt van de openbare weg binnen 48 uur nadat bij redelijkerwijs bekend kon zijn met het defect of de onbruikbaarheid of zoveel sneller als hij in het bij de aanvraag overgelegde onderhoudsplan heeft beschreven; f. de vergunninghouder is in staat om elk voertuig op elk moment te traceren; g. de vergunninghouder behandelt en registreert klachten overeenkomstig het klachtenplan dat hij bij de aanvraag heeft overgelegd; h. de vergunninghouder handelt overeenkomstig het onderhoudsplan dat hij bij de aanvraag heeft overgelegd; i. de vergunninghouder zorgt voor een gecontroleerde introductie van de voertuigen bij de start en voert het plan uit dat hij bij de aanvraag heeft overgelegd voor wat betreft hoe en hoeveel voertuigen bij de start in de openbare ruimte geplaatst worden en welke acties worden ondernomen als er klachten komen na de introductie; j. de aanvrager is in staat binnen 6 maanden na de ingangsdatum van de vergunning ten minste de helft en binnen 12 maanden na ingangsdatum van de vergunning het volledige aantal van de aan hem vergunde voertuigen te exploiteren k. de vergunninghouder spreidt de voertuigen overeenkomstig het spreidingsplan dat hij bij de aanvraag heeft overgelegd; l. de voertuigen bevatten uitsluitend reclame voor de onderneming van de vergunninghouder.

Indien het reclame met een mobiliteitsdoel betreft, dient de vergunninghouder een verzoek in bij en ter schriftelijk akkoord van de gemeente; m. de vergunninghouder zorgt ervoor dat alle voertuigen die in het kader van zijn bedrijfsvoering in de openbare ruimte staan aan de vergunningvoorschriften voldoen; n. de vergunninghouder werkt samen met andere aanbieders van vervoer en deelvoertuigen die actief zijn in Amsterdam overeenkomstig het bij de aanvraag ingediende omschrijving; o. de vergunninghouder bevordert de veiligheid van de gebruiker overeenkomstig het bij de aanvraag ingediende veiligheidsplan; p. de voertuigen hebben, een maximale lengte van 2,60 m, een maximale breedte van 0,69 m en een maximale hoogte van 1,10 m met een maximale afwijking van 10%. Het voertuig is voorzien van een degelijke standaard. Het voertuig past ten alle tijden diagonaal in de standaardafmeting van een parkeervak in de hubs van 2,10 m x 1,95 m; q. de vergunninghouder biedt de voertuigen enkel aan in de toegestane gebieden waarbij de verbodsgebieden en aanwijsgebieden uit artikel 3.2 in acht worden genomen;

17

r.

de vergunninghouder zorgt ervoor dat de voertuigen niet zijn of worden geparkeerd op plaatsen waar dat verboden is bij of krachtens de Wegenverkeerswet en de Algemene Plaatselijke Verordening; s. de vergunninghouder vergroot het gebruik van de voertuigen overeenkomstig het bij de aanvraag ingediende benuttingsplan; t. de vergunninghouder exploiteert het aantal voertuigen waarvoor hij vergunning heeft verkregen. Het percentage voertuigen dat op enig moment niet aangeboden kan worden omdat deze in reparatie zijn of vervangen moeten worden bedraagt niet meer dan 10%; u. de vergunninghouder zorgt ervoor dat niet méér voertuigen in de gemeente Amsterdam aanwezig zijn dan het aantal voertuigen waarvoor aan hem een vergunning is verleend; v. de vergunningenhouder levert maandelijks, een rapportage met de volgende gegevens aan de gemeente met betrekking tot de daaraan voorafgaande kalendermaand: - het aantal unieke actieve gebruikers - gemiddeld aantal ritten per maand per gebruiker - type gebruikers en aantal - aantal aanvragen voor een bakfiets - uitgedeelde straffen (boetes, verwijderingen gebruikers) w. De aanvrager levert aan de gemeente (of aan een door of namens de Burgemeesters en Wethouders aangewezen Trusted Third Party) met een interval van 15-30 seconden op geautomatiseerde wijze de data betreffende: a.

de feitelijke locatie van alle geparkeerde voertuigen van de aanvrager in de openbare ruimte binnen de gemeente , met uitzondering van geparkeerde voertuigen die verhuurd zijn. b. de start- en tussenstoplocatie van verhuringen die beginnen of eindigen binnen de gemeente. Voor het aanleveren van de data onder a en b mag de aanvrager nog een half jaar na ingang van de vergunning data aanleveren conform de huidige specificaties van het Dashboard Deelmobiliteit. Zie https://docs.crow.nl/deelfietsdashboard/hr-dataspec/. Daarna dient de aanvrager gebruik te maken van de volgende endpoints uit de MDS-standaard: 

/provider/vehicles (met alleen aangeboden voertuigen) met specificatie van:   

Het type voertuig De status De kilometerstand

/provider/trips (route bevat start- en tussenstoplocatie met specificatie van;   

Begin- en eindtijd Het type voertuig De afgelegde kilometer

De gemeente stelt informatie over tijdelijke verbodsgebieden en hubs beschikbaar via een openbare MDS-feed. Desgewenst stelt de gemeente deze informatie nog maximaal een half jaar beschikbaar via een KML-file die per mail wordt toegestuurd aan de aanvrager. De aanbieder draagt er zorg voor dat deze informatie continu verwerkt wordt in eigen systemen en apps, zodat de eindgebruiker altijd beschikt over actuele informatie. Tevens stelt de aanbieder een openbare GBFS-feed beschikbaar van het servicegebied dat de aanbieder hanteert, inclusief verbodsgebieden en hubs

18

De aanvrager zegt medewerking toe aan de verdere ontwikkeling van de data-uitwisseling over deelvoertuigen. In het kader van de Maas-standaarden wil de gemeente Amsterdam samen met andere overheden en marktpartijen nieuwe mogelijkheden van datauitwisseling zo goed mogelijk benutten. De Strategic Committee voor de Maasstandaarden, waarin overheden en marktpartijen vertegenwoordigd zijn, stelt eventuele nieuwe eisen en specificaties vast; x. de vergunninghouder verzamelt en verwerkt persoonsgegevens en andere gegevens in overeenstemming met de wet- en regelgeving en voert de wet- en regelgeving op het gebied van dataverwerking en privacy uit overeenkomstig de beschrijving die hij bij de aanvraag heeft gegeven; y. de vergunninghouder werkt mee aan onderzoeken van de gemeente en verstrekt daartoe de gegevens waar het college om verzoekt en waarvoor de gebruikers expliciet toestemming hebben gegeven; z. De vergunninghouder hanteert een back-to-one systeem ten behoeve van optimale inpassing in de openbare ruimte; aa. Indien een voertuig is of wordt geplaatst binnen een straal van 250 meter van een (toekomstige) hub, plaatst de vergunningshouder het voertuig in een hub.

Hoofdstuk 3

Het aanbieden en gebruik van voertuigen

Artikel 3.1

Plaatsen en gebieden waar het verboden is om voertuigen te plaatsen

Het is verboden om voertuigen te plaatsen: a. in gebieden en op plaatsen waar het op basis van artikel 4.27 van de verordening verboden is om fietsen te parkeren. b. in gebieden en op plaatsen waar het bij of krachtens de Wegenverkeerswet verboden is om fietsen en te parkeren.

Artikel 3.2 Aanwijzingsgebieden waar het met expliciete toestemming van de gemeente is toegestaan om voertuigen ter gebruik aan te bieden In de aanwijzingsgebieden is het enkel toegestaan om voertuigen ter gebruik aan te bieden indien de gemeente locaties aanwijst waar dit is toegestaan. De aanwijzingsgebieden zijn gemarkeerd op de kaart in bijlage 1.

Hoofstuk 4 Slotbepalingen […]

19

BIJLAGE 1: Aanwijzingsgebieden vergunning deelbakfiets

20

Bijlage 2: aanvraagformulier vergunning [volgt]

21

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13013105/1