A - 10 Lucht- en Zeehaven (incl. Schiphol) (41) 3. Wijzigingstabel RH NZKG 2
Tekst van het document
1. Het college kan controlelijsten vaststellen voor het bunkeren of het debunkeren of voor het van of aan boord brengen van hulpstoffen. 2. Het college kan brandstoffen, energiebronnen en hulpstoffen alsmede categorieën van schepen aanwijzen waarbij voor het bunkeren of het debunkeren hiervan een controlelijst geldt.
8.8 Tekens 1. Het college kan brandstoffen of energiebronnen aanwijzen waarvoor tijdens het bunkeren of debunkeren een door het college te bepalen teken geldt. 2. Het college kan voor elk van de aangewezen brandstoffen als bedoeld in het eerste lid een minimale
2. Het college kan voor het bunkeren van andere brandstoffen of energiebronnen als bedoeld in het eerste lid voorschriften voor de seinvoering vaststellen.
passeerafstand voor schepen ten opzichte van de bunkeractiviteit vaststellen.
Art. 8.8
Toelichting bij deze wijziging Het gewijzigde artikel 8.8 beschrijft meer in het algemeen de bevoegdheid van het college om seinvoering voor te schrijven. Tevens en dat is nieuw kan het college in verband met de veiligheid minimale passeerafstanden voorschrijven.
Art. 8.9
Nieuw artikel
Art. 8.9
Toelichting bij deze wijziging Het artikel maakt het mogelijk dat het bunkeren en debunkeren plaats kan vinden met een meldingsplicht. Dat is geen vaststaand gegeven bij het bunkeren of debunkeren, maar het college kan dat bepalen voor bepaalde brand- en hulpstoffen en energiebronnen.
Art. 9.4
Personen die zijn belast met het toezicht op de naleving of de opsporing van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn bevoegd een woning binnen te treden, zonder toestemming van de bewoner, voor zover het toezicht op de naleving of de opsporing van het bepaalde bij of krachtens deze verordening dit vereist.
Art. 9.4
Toelichting bij deze wijziging Het binnentreden van een woning is een vergaand toezichtsmiddel en daarom mag dat alleen als een verordening zoals de Havenverordening dat mogelijk maakt en er sprake is van bepaalde omstandigheden (de openbare orde of veiligheid of bescherming van het leven of de gezondheid van personen).
Art. 10.1
Artikel 10.1 Overgangsrecht 1. Toestemmingen of besluiten of erkenningen die zijn verleend bij of krachtens één van de in artikel 10.1 ingetrokken regelingen en die van kracht zijn op het moment van inwerkingtreding van de Regionale Havenverordening
Het college kan brandstoffen, energiebronnen of hulpstoffen aanwijzen waarvoor meldingen moeten worden gedaan aan de havenmeester voorafgaand en bij beëindiging van het bunkeren, debunkeren of aan of van boord brengen van hulpstoffen: a. door of namens de houder van de bunkervergunning, of; b. indien er geen houder van de bunkervergunning is het te bunkeren schip.
Zij die zijn belast zijn met het toezicht op de naleving of de opsporing van een overtreding van de bij of krachtens deze verordening gegeven voorschriften die strekken tot handhaving van de openbare orde of veiligheid of bescherming van het leven of de gezondheid van personen, zijn bevoegd een woning binnen te treden, zonder toestemming van de bewoner.
Artikel 10.2 Overgangsrecht 1. Toestemmingen of besluiten of erkenningen die zijn verleend bij of krachtens de Regionale Havenverordening Noordzeekanaalgebied 2019 en die van kracht zijn op het moment van inwerkingtreding van de Regionale Havenverordening Noordzeekanaalgebied 23
Noordzeekanaalgebied 2019 verordening worden aangemerkt als toestemmingen, of besluiten of erkenningen bij of krachtens deze verordening. 2. (…)
2023 worden aangemerkt als toestemmingen, of besluiten of erkenningen bij of krachtens deze verordening. 2. (…)
Art. 10.1
Toelichting bij deze wijziging Art.10.1 en Art. 10.2 zijn in de nieuwe verordening omgewisseld, omdat het in een verordening niet gebruikelijk is om te verwijzen naar latere artikelen. In de nieuwe verordening is de intrekking van de oude verordening naar voren gehaald. In lid 1 wordt in de nieuwe verordening verwezen naar de nieuwe regionale Havenverordening 2023. (Verder stond in de oude verordening het woord “verordening” één keer teveel in lid 1 (na 2019). Dit is verbeterd in de nieuwe verordening.)
Art. 10.2
Artikel 10.2 De Regionale Havenverordening Noordzeekanaalgebied 2012 wordt ingetrokken. Het Havenreglement Noordzeekanaalgebied 2012 wordt ingetrokken.
Art. 10.2
Toelichting bij deze wijziging Art.10.1 en Art. 10.2 zijn in de nieuwe verordening omgewisseld, omdat het in een verordening niet gebruikelijk is om te verwijzen naar latere artikelen. In de nieuwe verordening is de intrekking van de oude verordening naar voren gehaald. Het Havenreglement Noordzeekanaalgebied maakt geen deel meer uit van de Regionale Havenverordening Noordzeekanaalgebied 2023.
Art. 10.3
Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking.
Art. 10.3
Toelichting bij de wijziging De datum van inwerkingtreding is aangepast
Art. 10.4
Deze verordening wordt aangehaald als: Regionale Havenverordening Noordzeekanaalgebied 2019.
Art. 10.4
De citeertitel is aangepast aan de nieuwe verordening.
Artikel 10.1 De Regionale Havenverordening Noordzeekanaalgebied 2019 wordt ingetrokken
24
Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2024.
Deze verordening wordt aangehaald als: Regionale Havenverordening Noordzeekanaalgebied 2023.