CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

A - 09 Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit (32) 7 Zuid advies RvdV

RAAD 29 juni 2023, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van beleidskader Ruimte voor de Voetganger VN2023-0140682.465 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Adviesaanvraag B&W aan stadsdeelbestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Beleidskader Ruimte voor de voetganger Portefeuille: Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit Directie: Verkeer en Openbare Ruimte Datum behandeling staf WH 3 februari 2020 Datum adviesaanvraag: Deadline ontvangst advies: Advies mailen naar: Meegestuurde stukken: Heeft er consultatie vooraf plaatsgevonden?

17 februari 2020 21 april 2020 g.with@amsterdam.nl Conceptversie van het Beleidskader Ruimte voor de Voetganger Gedurende de totstandkoming van het beleidskader heeft op ambtelijk niveau samenwerking plaatsgevonden met de stadsdelen en R&D en in de voorbereiding is onder andere Cliëntenbelang betrokken

Invullen door stadsdeel: Zuid Procesbegeleider: r.van.soest@amsterdam.nl Datum weekstart/staf: 9 maart en 14 april 2020 Datum stadsdeelcommissie: n.v.t. Datum dagelijks bestuur: 10 maart en 21 april 2020. Stadsdeel:

Registratienr. (optioneel):

Over gevraagde adviezen: conform art. 12 van de verordening op het lokaal bestuur vraagt B&W advies aan een DB over besluiten die (lid 1) betrekking hebben op de taken en bevoegdheden van het DB of (lid 2) op de belangen van het stadsdeel. Het DB legt deze adviezen voor aan de stadsdeelcommissie (art. 19). Het DB neemt het advies van de stadsdeelcommissie over indien het is vastgesteld met een meerderheid van stemmen en binnen de budgettaire kader past (art. 19 lid 5). Afwijkingen van het advies motiveert het DB.

Adviesvraag B&W Formuleer hier de vraag aan het stadsdeel

Het college van B&W heeft op 11 februari 2020 ingestemd met het vrijgeven voor het inwinnen van advies bij de stadsdelen van het beleidskader ‘Ruimte voor de voetganger’. De belangrijkste implicaties van het beleidskader Ruimte voor de voetganger zijn: • Bij alle herinrichtingen van straten wordt voortaan uitgegaan van een absoluut minimum van 1,80m vrije doorloopruimte voor de voetganger. Dat is de ruimte op het trottoir die gebruikt wordt om te lopen, dus ruimte waar geen objecten (terrassen, fietsenrekken, bomen, mupi’s, etc.) staan. Dit betekent dat er bij herinrichtingsprojecten scherpe keuzes gemaakt moeten worden, zodat er voldoende ruimte voor de voetganger over blijft. Het beleidskader bevat een opsommingen van mogelijkheden om bij krappe profielen toch voldoende voetgangersruimte te borgen. • De gewenste ruimte voor de voetganger loopt op, afhankelijk van de gemiddelde aantallen voetgangers per minuut op het drukste moment in een straat. Op stadsstraten met grote stromen voetgangers is dus meer vrije doorloopruimte gewenst. Het beleidskader bevat hiervoor normen. • Bij het vergunnen van objecten op het trottoir (winkeluitstallingen, terrassen, etc.) wordt een absoluut minimum van 2,00m vrije doorloopruimte gehanteerd. Dit volgt uit een amendement dat is aangenomen bij de Agenda Autoluw. Het amendement vraagt om waar mogelijk te streven naar 2,00 meter of meer.

Als het trottoir fysiek breed genoeg is, vindt het college het van belang dat er inderdaad minimaal 2,00m vrije doorloopruimte overblijft vóórdat er sprake kan zijn van een terras of een winkeluitstalling. • Het beleidskader Ruimte voor de voetganger heeft dus implicaties voor de nadere regels voor terrassen en winkeluitstallingen, zoals die momenteel in de stadsdelen gehanteerd worden. De DB’s zijn bevoegd deze regels vast te stellen, binnen de stedelijke kaders. Directie V&OR zal komend jaar de stadsdelen Pagina 1 van 4

ondersteunen om de regels aan te passen, na vaststelling van het beleidskader Ruimte voor de voetganger. Wij willen u, als dagelijks bestuur van het stadsdeel, vragen om de conceptversie van het ‘Beleidskader Ruimte voor de voetganger’ te voorzien van advies vanuit uw stadsdeel.

Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB

De stadsdeelcommissie is positief over het beleidskader en het advies van het DB, maar heeft nog enkele aanvullende aandachtspunten, die met name voor belang zijn voor mindervaliden, mensen die wandelen met kinderwagens en ouderen. •

• •

•

•

Voor een toegankelijke stoep is behalve de breedte ook de toegang tot de stoep belangrijk, en de mogelijkheid om tussenliggende straten veilig over te steken. Zorg daarom voor voldoende op- en afritjes, en voor geleidelijnen. Let bij op- en afritjes ook op de mogelijkheid om tussentijds van de stoep af te gaan, zodat er bij obstakels een uitwijkmogelijkheid is. Als er sprake is van een puntvernauwing, is het belangrijk dat er aan tenminste één zijde voldoende ruimte overblijft, minimaal 90 cm. Puntvernauwingen zouden ook niet vlak achter een op- en afritje moeten liggen, of tegen een geleidelijn aan. Zogenaamde puntvernauwingen bevinden zich niet alleen op de grond. We willen ook graag aandacht vragen voor overhangende objecten (denk aan tasjes aan een overkapping, een overhangende klimplant) die zich op "hoofdhoogte" bevinden. Niet alle voetgangers zijn in staat om deze te ontwijken, en de voetgangers die dat wel kunnen, lopen eromheen, waardoor de bruikbare stoep effectief smaller wordt. In de praktijk worden brede stoepen wel eens gebruikt om een auto te laden en lossen, zonder dat die andere auto's hindert. Maar met name ouders met kinderen en mindervaliden kunnen dan geen gebruik maken van de stoep en worden gedwongen om het fietspad of de rijweg op te gaan.

We willen daarom pleiten voor maatregelen om dit te voorkomen, denk hierbij aan hogere stoepen, banden, bloembakken of de introductie van het Amsterdammertje in Zuid. Zie hiervoor ook het initiatiefvoorstel van Ernsting en Mos en bijgaande foto’s. De stadsdeelcommissie is zoals gezegd positief over dit kader, maar voordat alle straten zijn ingericht volgens deze principes duurt nog tientallen jaren. We hebben in Zuid, met name in de Pijp en delen van Oud-Zuid straten waar de stoepen aanzienlijk smaller zijn dan de minimale norm van 1,80. We willen pleiten om daar per locatie te bekijken naar wat de oplossingen zijn om de minimale norm van 1.80 meter te garanderen.

Ingediend door: GroenLinks, PvdA, D66 en VVD

Definitief advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders

Stadsdeel Zuid is verheugd over de aandacht voor de voetganger in de openbare ruimte. Voldoende ruimte voor de voetganger maakt een stad leefbaar en biedt ruimte voor ontmoeten. Het zorgt voor een aantrekkelijke stad, voor bewoners, bezoekers maar ook voor minder validen. Het beleidskader geeft een eerste positieve aanzet voor een toekomstige betere bescherming van de belangen van voetgangers. Zo zijn we positief over het opnemen van een minimum norm voor de voetgangersruimte die afhankelijk is van de drukte in de straat, deze norm kan er voor zorgen dat het belang van de voetganger bij herinrichtingen of bij het plaatsen van straatmeubilair goed wordt meegewogen. Wel vragen we hierbij aandacht voor het mogelijk maken van maatwerk. Het beleidskader geeft ons aanleiding tot het volgende advies: Afweging tussen de modaliteiten (voetganger, fiets, parkeren, tram, auto): • We vragen u om nader te kijken naar het proces voor de prioritering van de eisen van de verschillende modaliteiten en van andere gebruikers. Dit bij herinrichtingen maar ook bij het introduceren van nieuwe Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 2 van 4

•

functies of gebruik. We adviseren om maatwerk mogelijk te maken en niet op voorhand een prioritering aan te geven zoals nu in paragraaf 3.5 wordt gesuggereerd. Door de grote verschillen in gebruik, (hoofdnet fiets, hoofdnet OV) uitstraling en drukte is een standaard volgorde niet mogelijk. Binnen het gebied kan dan een afweging gemaakt worden tussen de belangen van de omgeving waarbij we bijvoorbeeld denken aan de (verkeers)veiligheid, leefbaarheid, buurteconomie en doorstroming, aspecten die voor Zuid belangrijk zijn. We vragen hierbij extra aandacht voor de belangen van minder validen. Dit door maatwerk mogelijk te maken bij ingangen, hellingbanen naar woningen en instellingen en aandacht voor de handhaafbaarheid van het beleid. De agenda Autoluw doet al uitspraken over de prioritering van de ruimte voor de voetganger. We vragen u deze uitspraken in het beleidskader voetganger op te nemen of hier naar te verwijzen.

Maatvoering beleidskader voetganger: • Stadsdeel Zuid kent zeer verschillende wijken met een grote variëteit aan bebouwing met op sommige plaatsen (Zuid-As) relatief veel maar ook wijken met weinig openbare ruimte (De Pijp ). De manier waarop in deze verschillende wijken voldoende voetgangersruimte gerealiseerd kan worden verschild hiermee ook sterk. Voor bepaalde smallere woonstraten in de Rivierenbuurt en de Pijp kan het strikt toepassen van de norm ervoor zorgen dat, zonder complete herinrichting, bijvoorbeeld nieuwe geveltuinen niet meer inpasbaar zijn. We adviseren u om in het beleid met het toestaan van wijkgericht maatwerk rekening te houden. Dit maatwerk kan rekening houden met bijzondere omstandigheden in de straten. Bijvoorbeeld met hoogteverschillen / hellingbanen bij ingangen van woonpanden. • Bij de het afwijken van de norm wordt nu aangegeven dat er een integrale ontwerp tekening van een geheel wegvak moet worden gemaakt , dit is echter voor het toestaan van een geveltuin of het plaatsen van een fietsenrek of bankje in een van onze woonstraten niet gewenst. We willen graag samen met u door middel van een schouw kijken waar in ons stadsdeel de harde toepassing van de minimale maat voor problemen kan zorgen en hoe we in de praktijk hiermee om kunnen gaan, hoe we een praktisch bruikbaar afwijkingskader kunnen opstellen.

• De nota gaat nu uit van een ondergrens van 2 meter voor de loopruimte bij het (opnieuw) vergunnen van objecten, terrassen en uitstallingen en dergelijke. We adviseren u om expliciet aan te geven voor welke objecten welke harde minimale maat geldt. Denk hierbij bijvoorbeeld ook aan de komende vraag naar inpassing van (private) transformatoren en laadvoorzieningen, een vraag die met de energie transitie regelmatig bij Zuid voorbijkomt. • Houdt bij het bepalen van de maatvoering in de beoordelingsregels rekening met de werkelijke maat van de objecten. Zo zien we dat fietsenrekken meer ruimte in nemen dan het rek zelf, fietsen steken uit, worden aan de zijkant van het rek geplaatst. Het zelfde geldt voor bomen / boomspiegels, verkeersborden e.d. Omdat de maatvoering belangrijk is bij het bepalen van ruimte voor bijvoorbeeld de terrassen in Zuid moet hier geen discussie over mogelijk zijn. Terrassen en uitstallingen: • Het voetgangersbeleid kan invloed hebben op het terrassen beleid. De consequenties voor de horeca spelen in de hele stad en het dagelijks bestuur vraagt dan ook om een goede stedelijk gecoördineerde aanpak voor de beleidsaanpassing en uitvoering rondom de terrasmaatvoering. Hierbij moet gekeken worden naar de impact van de maatregelen en gezorgd worden voor een eenduidige communicatie naar de ondernemers.

• Om het beleidskader ruimte voor de voetganger uit te voeren is een aanpassing van het beleid voor terrassen, uitstallingen, gevelbanken en geveltuinen in Zuid belangrijk. We vragen u om de in deze adviesvraag genoemde ondersteuning voor het aanpassen van de regels snel ter beschikking te stellen. Voetgangerstellingen: • Het DB wil ingaan op de voetgangerstellingen en op de typologie van de straten. De hoeveelheid voetgangers per minuut wordt in de nota gekoppeld aan de minimale doorloop ruimte en is hiermee een belangrijk toets criterium. Het aantal voetgangers per minuut in een straat verschilt echter per uur, dag, week en jaargetijde, is afhankelijk van evenementen in de omgeving, of er een bus of tram halte aanwezig is. Als grondslag voor het toestaan van objecten of voor het bepalen van de minimale doorloopruimte bij terrassen geeft dit middel zoals nu omschreven niet genoeg uitsluitsel. We adviseren Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 3 van 4

•

om bij het toepassen van de norm te kijken naar de specifieke kenmerken van de straat. Zoals naar de drukste momenten op de dag / week. Dit zijn voor gebieden zoals de omgeving Gerard Douplein met veel horeca en terrassen bijvoorbeeld de zaterdag avond. Voor de straten in de omgeving van de RAI moet naar de passantenstroom bij grotere beurzen worden gekeken. We adviseren om in ieder geval bij herinrichtingen en bij het opstellen van terras plannen volwaardige passanten tellingen te laten uitvoeren. De spitsuur intensiteiten in een gebied zijn geen vast staand gegeven. Ze zijn afhankelijk van de veranderingen in het gebruik van de straten en panden, de populariteit van een gebied, de drukker wordende stad. We adviseren hier in de nota aandacht aan te besteden.

Algemene opmerkingen: • Naast in nieuw ingerichte gebieden zijn er gebieden zoals Zuidas waar voor langere tijd straten tijdelijk worden ingericht. We vragen u de minimale maten ook voor de langdurig tijdelijk ingerichte straten van toepassing te laten zijn. • We adviseren om in het beleidskader ook op de handhaving in te gaan. Dit niet enkel voor de vergunde maar ook voor de vergunning vrije objecten zoals de uitstallingen. De uitstallingen in de winkelstraten in Zuid leveren bijvoorbeeld regelmatig klachten op. • Om de gewenste minimale doorloopruimte te realiseren is het gewenst ook in te gaan op overgangsrechtelijke bepalingen in relatie tot de looptijd van huidige en toekomstige vergunningen. Dit bepaald uiteindelijk ook de mogelijkheid om de minimale maten te kunnen realiseren in een specifieke straat of gebied. Ten denken valt aan het overgangsrecht dat horecaondernemers tijdig in staat stelt maatregelen te treffen wanneer zij geconfronteerd worden met mogelijke inperking van hun terrassen. Dit zal vooral spelen in gebieden zoals de (oude) Pijp waar de spitsuurintensiteit hoog is en de gemiddelde trottoirprofielen aan de magere kant zijn.

Naar aanleiding van het advies van de stadsdeelcommissie is het volgende advies toegevoegd: • Voor een toegankelijke stoep is behalve de breedte ook de toegang tot de stoep belangrijk, en de mogelijkheid om tussenliggende straten veilig over te steken. Zorg daarom voor voldoende op- en afritjes, en voor geleidelijnen. Let bij op- en afritjes ook op de mogelijkheid om tussentijds van de stoep af te gaan, zodat er bij obstakels een uitwijkmogelijkheid is. • Als er sprake is van een puntvernauwing, is het belangrijk dat er aan tenminste één zijde voldoende ruimte overblijft, minimaal 90 cm. Puntvernauwingen zouden ook niet vlak achter een op- en afritje moeten liggen, of tegen een geleidelijn aan. • Zogenaamde puntvernauwingen bevinden zich niet alleen op de grond. We willen ook graag aandacht vragen voor overhangende objecten (denk aan tasjes aan een overkapping, een overhangende klimplant) die zich op "hoofdhoogte" bevinden. Niet alle voetgangers zijn in staat om deze te ontwijken, en de voetgangers die dat wel kunnen, lopen eromheen, waardoor de bruikbare stoep effectief smaller wordt. • De stadsdeelcommissie is zoals gezegd positief over dit kader, maar voordat alle straten zijn ingericht volgens deze principes duurt nog tientallen jaren.

We hebben in Zuid, met name in de Pijp en delen van Oud-Zuid straten waar de stoepen aanzienlijk smaller zijn dan de minimale norm van 1,80. We willen pleiten om daar per locatie te bekijken naar wat de oplossingen zijn om de minimale norm van 1.80 meter te garanderen. Motivering naar aanleiding van het advies stadsdeelcommissie: Het DB neemt het advies van de stadsdeelcommissie deels over waarbij ze wil aangeven dat een aantal onderdelen van het advies van de stadsdeelcommissie (ook) in de leidraad Centrale Verkeers Commissie verwerkt kunnen worden. Het onderdeel van het advies over het laden en lossen op stoepen wordt niet overgenomen. Het DB onderschrijft dat het ongewenst is om de stoep voor laden lossen te gebruiken maar ondersteunt het generiek toepassen van de door de stadsdeelcommissie voorgestelde maatregelen (verhoogde stoepen, banden, Amsterdammertjes) niet.

Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 4 van 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12938505/1