CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

A - 09 Economische Zaken (16) Bijlage 2. Eindconcept MeerjarenStrategisch B

RAAD 27 mei 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Uiten van wensen en bedenkingen met betrekking tot de oprichting van een Regionale Ontwikkelingsmaatschappij en instemmen met het verlenen van een investeringskrediet. VN2021-01248214.551 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

| 28 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

de transitieopgaven. De ROM-fondsen worden beheerd vanuit het Investeringsonderdeel. De onderliggende fondsen zijn revolverend, wat betekent dat de investeringen worden terugbetaald; er is dus geen sprake van subsidie, maar van deelneming en investering in technieken. Op deze manier steunt de ROM MRA-NHN de praktische ontwikkeling van technieken die niet voldoende financiering op kunnen halen in de markt. De twee onderdelen hebben elk een zelfstandige rol en verantwoordelijkheid. Bij de intake van een propositie wordt expliciet gemaakt vanuit welk perspectief (ontwikkelen of investeren) de ROM betrokken is én wordt getoetst of niet één van de partners in het ecosysteem de gevraagde ondersteuning kan bieden. Dit geeft duidelijkheid voor de ondernemer.

6.2 Taken directie en staf De directie en staf bestaat uit een directeur-bestuurder met een controller, een senior jurist, een directiesecretaris en het office management voor de hele organisatie. Directie en staf waarborgen de samenhang binnen de ROM MRA-NHN en zijn verantwoordelijk voor de dagelijkse sturing en de afstemming met aandeelhouders, commissarissen en subsidiegevers. De ROM schakelt aanvullende ondersteunende diensten (ICT/automatisering, communicatie en juridisch advies) waar mogelijk in via één van de partners in het ecosysteem. Diensten die de partners in het ecosysteem niet kunnen leveren, zal de ROM inhuren/aanbesteden met het daarvoor beschikbare werkbudget.

6.3 Taken Ontwikkelingsonderdeel Het Ontwikkelingsonderdeel richt zich op de gehele MRA en NHN. De business developers van dit onderdeel ondersteunen (consortia van) bedrijven. Taken van de business developers zijn onder andere: •

•

• •

Het vergaren en delen van kennis en expertise, bijvoorbeeld inzake het optimaliseren van de bestaande financieringsinstrumenten(mix), het mee-ontwerpen en het mee-ontwikkelen van nieuwe financieringsconcepten en businessmodellen waarbij wordt samengewerkt met het Investeringsonderdeel. Het verzorgen van verbindingen met nationale en regionale spelers op het gebied van investeren en ontwikkelen, zoals het netwerk van collega ROM’s. Maar ook: Invest-NL, de Europese Investeringsbank en de regionale partners in de MRA en NHN, zoals bijvoorbeeld Amsterdam Economic Board (die een belangrijke rol heeft bij het identificeren van proposities én veranderingen in de markt voor de energietransitie en circulaire economie) het ONHN (identificeren en internationaliseren) en bijvoorbeeld AIB (internationaliseren). Voorlichting en advies over een projectontwerp, bijvoorbeeld inzake consortiumpartners, inhoudelijke focus en te volgen processtappen. Toetsing, beoordeling en begeleiding, bijvoorbeeld het verzorgen van een globale toets op economische en technische haalbaarheid en het bieden van ondersteuning bij het formuleren van financiële kaders (het bepalen van de benodigde investeringen, kosten,

| 29 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

raming van de opbrengsten en het identificeren van risico’s, zodat een passende financieringsstructuur kan worden ontworpen). Bij de uitvoering van deze taken ligt de focus op knelpunten in de overgang van businesscasefase naar realisatiefase. De ROM MRA-NHN werkt alleen aan knelpunten voor die proposities die de markt niet zelfstandig oppakt en waarvoor er geen andere regelingen regelingen of oplossingen zijn. Tegelijkertijd moet er een rendementsverwachting zijn, zij het op langere termijn dan gebruikelijk is in de markt of met meer risico. Een groot deel van de leadgeneratie en identificatie van knelpunten ligt bij de partners in het ecosysteem zoals PIM NH en ONHN en vanuit de activiteiten en netwerken van de Amsterdam Economic Board. Na hun initiële ondersteuning kunnen de business developers de laatste push geven op weg naar het winnende consortium of financial closing als deze zonder de ROMfondsen haalbaar (b)lijkt. Business developers kunnen ook in de initiële fase al geraadpleegd worden door de partners. De werkzaamheden tussen partners worden bij voorkeur in ‘onderlinge nabijheid’ georganiseerd. Gelet op deze voorselectie ligt de conversie van lead naar project relatief hoog. In de beginperiode van de ROM ligt de nadruk op intakes, in de jaren daarna op ontwikkelen.

Na opname in het portfolio zal een business developer de initiatiefnemers actief ondersteunen bij het uitwerken van hun projectvoorstel.

6.4 Taken Investeringsonderdeel De fondsbeheerders richten zich op die proposities waarin een directe financieringsbehoefte is geformuleerd. Deze kunnen naar voren komen uit de lijn van het Ontwikkelingsonderdeel, maar het kan ook zijn dat initiatiefnemers ze zelfstandig formuleren. Proposities uit de lijn van de Ontwikkelingsonderdeel doorlopen dezelfde intake als alle andere proposities. Het Investeringsonderdeel van de ROM richt zich op individuele ondernemingen of consortia. De ROM heeft tot taak om voor eigen rekening en risico financiering te verstrekken aan: •

•

Ondernemingen of consortia die hun bedrijfsprocessen/bedrijfsvoering willen optimaliseren en daarmee een bijdrage leveren aan het realiseren van maatschappelijke transitieopgaven én of de regionale economische prioriteiten. Ondernemingen of consortia die producten en diensten aanbieden waarmee een bijdrage wordt geleverd aan de maatschappelijke transitieopgaven én of de regionale economische prioriteiten.

Het gaat hierbij om aanvullende investeringen in de markt. Voor proposities moet duidelijk zijn dat ze niet zelfstandig op de markt financiering kunnen aantrekken (bijvoorbeeld op basis van meerdere afwijzingen van private partijen). Het fondsbeheer heeft als taak: • • •

Een portfolio (het screenen van proposities) op te bouwen. Investeringsvoorstellen voor te bereiden en uit te voeren. Beheren van participaties en leningen.

| 30 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

Wat betreft de investeringsactiviteiten wordt er zo veel mogelijk marktconform gewerkt. In andere gevallen wordt gebruikgemaakt van de (vrijstellings)mogelijkheden binnen de geldende wet- en regelgeving. Van alle investeringen brengt de ROM de risico’s in kaart en, indien van toepassing, monitort zij of aan de (betalings)verplichtingen wordt voldaan om de exitstrategie te realiseren. Ook verricht de ROM zo nodig bijzonder beheer (bijvoorbeeld omdat een ondernemer niet aan zijn betalingsverplichtingen voldoet). Dit is professioneel en zakelijk beleid gericht op het beschermen van de eigen financiële belangen. Het bedrijfsplan voorziet in twee onafhankelijke investeringscomités (IC). Elk comité komt in principe alleen bijeen als er een concreet investeringsvoorstel ligt. Waarbij voorstellen zo veel mogelijk worden gebundeld in vergaderingen van het betreffende IC. Het IC voorkomt een ‘tunnelvisie’, en bewaakt dat projecten die opgeleverd worden door de businessdevelopers van de ROM, conform het investeringsregelement door de fondsbeheerders zijn beoordeeld en op geen enkele wijze voorrang zouden kunnen krijgen boven projecten van derden. Het Investeringsonderdeel richt zich op de technische analyses van voorliggende proposities en op marktanalyse. Gelet op het specialistische karakter van het werk wordt zo nodig ook gebruik gemaakt van specialistische expertise.

Uitgangspunt is dat het fondsbeheer voor het Transitiefonds in de basis wordt aanbesteed én dat het Fondsbeheer voor het MKB-fonds wordt belegd binnen de ROM-organisatie. Hierbij is een ingroeimodel waarbij op termijn een groter deel van het fondsbeheer wordt belegd binnen de ROM-organisatie. In de operatie is het van belang dat het volledige fondsbeheer in nabijheid van elkaar opereert onder aansturing van de ROM. In de beginperiode ligt de nadruk op het beoordelen van proposities en op het komen tot investeringsbeslissingen. Gelet op het participatiekapitaal en de verwachte dealflow kunnen er op jaarbasis circa drie tot vier participaties worden gedaan. Om dat te bereiken zullen er honderden proposities gescreend moeten worden. Na verloop van tijd krijgt de organisatie een steeds grotere capaciteitsvraag voor het beheren van proposities. De kosten voor het fondsbeheer komen ten laste van het fondsrendement. Anders dan bij de Ontwikkelingsonderdeel is het aantal medewerkers van de investeringspoort niet op voorhand vastgelegd. Het fondsbeheer van het MKB-fonds ontvangt een maximale jaarlijkse beheervergoeding van 1,5% à 2% van het gecommitteerde vermogen. Voor het Transitiefonds wordt uitgegaan van een maximale jaarlijkse beheervergoeding van 1 à 1,5%. De inzet van medewerkers volgt de omvang van de portefeuille (in opbouw en afbouw).

Hierbij wordt gekozen voor een combinatie van vaste en flexibele inzet. Het is mogelijk om het operationele beheer van één of beide fondsen uit te besteden. In die situatie treedt het team op als opdrachtgever van de externe partij die het operationele beheer van één of meer van de fondsen uitvoert.

| 31 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

6.5 Overzicht formatie De prognose-formatie van ROM MRA-NHN bestaat uiteindelijk uit 19,5 fte (exclusief het fondsbeheer voor beide fondsen en exclusief de uitvoering van de Rijksregelingen). De ROM MRA-NHN kent een ingroeimodel in de periode tot 2023. Niet alle functies kunnen direct bij de start worden ingevuld. Gelet op de breedte van de transitieopgaven en de hoge mate van differentiatie in benodigde specialismen zal de ROM ook flexibele expertise inschakelen. Voor de ontwikkelactiviteiten is daarvoor een werkbudget beschikbaar. Functie

Indicatie fte

Indicatie BBRA

Directeur-bestuurder (voorzitter MT)

1

17

Controller/financieel specialist

1

14

Senior Jurist

1

13

Strategisch directiesecretaris

1

13

Officemanager

2

8 of 9

Subtotaal

6

Hoofd Ontwikkelingsonderdeel (MT-lid)

1

15

Senior businessdeveloper (breed)

1

14

Medior Businessdeveloper (breed)

2

12

Junior Businessdeveloper (breed)

2

9

Senior businessdeveloper (Transitie)

4

14

Medior Businessdeveloper (Transitie)

2

12

Junior Businessdeveloper (Transitie)

1

9

Adviseurs Rijksregelingen*

pm

pm

Liason aquisitie

0,5

12

Subtotaal

13,5

* dekking valt buiten de gevraagde exploitatiebijdrage (zie ook H8) Totaal

19,5

| 32 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

De medewerkers van de ROM bv komen in dienst en worden beloond binnen de kaders van de WNT. De salarisschalen conform de BBRA gelden daarbij als referentie. Dit is in lijn met de publieke doelstelling van deze privaatrechtelijke organisatie. De indicatieve referentie qua inzet (fte) en inschaling na afronding van de ingroeiperiode is hierna opgenomen. Ook voor inhuur én aanbesteding van werk respecteert de ROM de kaders van de WNT. Bij de werving van medewerkers en de leden van RvC en IC geldt de wens om te komen tot een diverse samenstelling. Het betreft een lean-en-mean organisatie. Hierbij wordt aangetekend dat verschillende taken die in andere regio’s worden uitgevoerd door de ROM’s, in de MRA en NHN (deels) belegd zijn bij partijen in het ecosysteem (bijvoorbeeld op het gebied van internationaliseren). Deze inzet wordt dus wel geleverd in de regio, maar is niet opgenomen in de capaciteitsraming.

H7 | Governance 7.1 De governance op hoofdlijnen De ROM MRA-NHN wordt vormgegeven als privaatrechtelijk construct met twee besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid, te weten de ROM Regio bv en de ROM bv. Het MKB-fonds wordt een (100%) dochter van de ROM bv. Het Transitiefonds wordt op haar beurt een (100%) dochter van de ROM Regio bv. Het ROM Regio bv. wordt voor 50,1% aandeelhouder in de ROM bv, het Rijk is houder van de overige 49,9% van de aandelen. De deelnemende regionale partners (provincie Noord-Holland, STAK NHN en de individuele MRA gemeenten) zijn aandeelhouders van de ROM Regio bv naar rato van hun kapitaal bijdrage. Aanvullend sluit de organisatie een samenwerkingsovereenkomst met het AIB en ONHN voor de uitvoering van de internationaliserings- en acquisitietaken (en in afstemming met NFIA). Daarnaast wordt een samenwerkingsakkoord gesloten met alle keyspelers in het ecosysteem om binnen de netwerkgedachte het aanbod aan ondernemers te versterken. Daarbij is eenduidige communicatie van belang. Aspirant aandeelhouders en kandidaat aandeelhouders van de ROM Regio bv. Het streven is dat zo veel mogelijk partijen in de zomer van 2021 toetreden tot de ROM MRANHN. Het is evenwel mogelijk dat partijen later toetreden, bijvoorbeeld als hun besluitvormingstraject meer tijd nodig heeft.

In de bestuursovereenkomst wordt daartoe een zogenaamde toetredingsovereenkomst bijgevoegd. Er komen in principe twee jaarlijkse momenten waarop nieuwe aandeelhouders toe kunnen treden. In ieder geval wordt 1 januari 2022 voorzien als toetredingsmoment. Als nieuwe aandeelhouders toetreden, worden in principe ook nieuwe aandelen uitgegeven. Partijen kunnen in de periode tot en met 1 januari 2022 toetreden tegen dezelfde waardering als bij oprichting. Zij krijgen dan net als de andere aandeelhouders naar rato van hun inleg zeggenschap in de ROM Regio bv (waarbij de stemverhouding tussen de aandeelhouders wijzigt, maar waarbij alle aandeelhouders onverkort zeggenschap hebben en houden naar rato van hun aandeel in de totale inleg).

| 33 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

Bij de start zal de ROM beschikken over enkele founding members die aandeelhouder zijn én een aantal partijen die nog geen definitief besluit hebben genomen (aspirant aandeelhouders). In de periode tot en met 1 januari 2022 zullen aspirant aandeelhouders uitgenodigd worden voor de AVA. Aspirant aandeelhouders zijn die gemeenten waarvan het college het voornemen om te participeren in de ROM Regio bv voor wensen en bedenkingen heeft aangeboden aan de raad. Aspirant aandeelhouders hebben evenwel geen stemrecht. De aandeelhouders zullen regels inzake de vertrouwelijkheid opleggen aan de aspirant aandeelhouders. De aandeelhouders spreken af om gedurende deze periode geen besluiten te nemen die leiden tot (majeure) aanpassing van de statuten, het investeringsregelement en/of de gevraagde kapitaalinleg. Partijen die hun voornemen tot deelname aan de ROM nog niet hebben voorgelegd aan hun raad, staten of kamer zullen in principe niet aansluiten bij vergaderingen (zogenaamde kandidaat aandeelhouders). Zij zullen wel actief geïnformeerd worden over de activiteiten van de ROM. De aandeelhouders van de ROM Regio bv worden gevormd door alle regionale partijen die kapitaal beschikbaar stellen aan de vennootschap. Het stemrecht in de AVA spiegelt de kapitaalinbreng. Daarmee krijgen de aandeelhouders stemrecht naar rato van hun kapitaalinbreng.

Voor de ROM bv geldt dat de ROM Regio bv en het Rijk de aandeelhouders zijn voor respectievelijk 50,1% en 49,9% van de aandelen. Het stemrecht van de ROM Regio bv in de AVA van ROM bv wordt uitgeoefend door een aangewezen bevoegde vertegenwoordiger namens de regio. Voor de ROM MRA-NHN is voorzien dat het beschikbaar gestelde kapitaal zodanig wordt verdeeld over de twee fondsen dat een MKB-fonds ontstaat met een beoogd doelkapitaal van € 60 miljoen én een Transitiefonds met een beoogd doelkapitaal € 100 miljoen. Dit uitgaande van een totaal gecommitteerd doelkapitaal van € 160 miljoen. De governance is verder als volgt vormgegeven:

| 34 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

Highlights in de governance van de ROM MRA-NHN zijn: 1. De ROM Regio bv en de ROM bv krijgen aandeelhouders, ieder een Raad van Commissarissen (RvC) en de twee fondsen ieder een eigen onafhankelijke investeringscomité. 2. De regionale partijen worden gevraagd toe te treden tot de ROM Regio bv en het Rijk zal participeren in de ROM bv. Regionale partijen die reeds aandeelhouder zijn in een andere ROM kunnen niet direct participeren in de ROM Regio bv. Wel bestaat de mogelijkheid om direct kapitaal te verstrekken aan het Transitiefonds. 3. De RvC’s van de ROM Regio bv en de ROM bv bestaan uit drie personen. Er is voorzien in een personele unie voor de RvC’s. Tevens is voorzien dat dezelfde natuurlijke persoon directeur-bestuurder wordt van de ROM Regio bv en de ROM bv. Zo heeft de ROM MRANHN eenduidige vertegenwoordiging en een eenduidig aanspreekpunt. De directeurbestuurder voert, als natuurlijk persoon, niet het aandeelhouderschap uit in ROM bv. 4. De ROM krijgt een exploitatiebijdrage voor de ontwikkelactiviteiten. Het Rijk verstrekt deze exploitatiebijdrage direct aan de ROM bv. De meerjarenexploitatie bijdrage van de regionale partijen loopt via de ROM Regio bv.

7.2 Algemene Vergadering van Aandeelhouders De AVA van de ROM bv wordt gevormd door (een bevoegd vertegenwoordiger van) de ROM Regio bv en het Rijk. De AVA van de ROM Regio bv wordt gevormd door alle regionale partijen die kapitaal beschikbaar stellen voor (één van) de twee fondsen van de ROM MRA-NHN. Naar rato van ieders kapitaalbijdrage aan de ROM Regio bv krijgen deze partijen als aandeelhouder stemrecht in de AVA van de ROM Regio bv. Alleen publieke partijen kunnen aandeelhouder worden in de ROM Regio bv.

| 35 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

Vertegenwoordiger van de regionale aandeelhouders uit de ROM regio bv kunnen als agendalid aansluiten bij de AVA van de ROM bv. Hierbij is voorzien in maximaal drie agendaleden. Eén namens de STAK NHN, één namens de provincie Noord-Holland én de gemeente Amsterdam namens het bestuurlijk overleg platform Economie. De AVA streeft naar unanieme besluitvorming. Blijkt dat niet mogelijk te zijn, dan besluit de AVA op basis van het principe ‘one share, one vote’ op basis van een gewone meerderheid (50% +1). Op hoofdlijnen zijn de bevoegdheden van de AVA: ● ● ● ● ● ● ●

Het benoemen van leden van de RvC. Het benoemen van de directeur-bestuurder op bindende voordracht van de RvC. Het benoemen van leden in de investeringscomités op voordracht van de RvC. Het vaststellen van het bezoldigingsbeleid (in lijn met de kaders van de WNT). Het goedkeuren van het Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan (strategie, bedrijfsvoering). Het goedkeuren van de jaarrekening. Het nemen van besluiten tot: ○ Aanpassing/uitbreiding samenstellen directie-bestuurder(s). ○ Wijziging van de statuten. ○ Uitgifte van aandelen. ○ Oprichten van dochterondernemingen. ○ Vermindering van het geplaatste kapitaal. ○ Ontbinding van de vennootschap. ○ Het doen van uitkeringen/dividend. ○ Het vaststellen en wijzigen van de investeringsregelementen. ○ Het doen van investeringen boven een bedrag van € 5 miljoen.

geen

De ROM Regio bv streeft naar een gemengd aandeelhouderschap waarin provincie, grote en kleine gemeenten vertegenwoordigd zijn. Op basis van hun inleg hebben de provincie NoordHolland en de gemeente Amsterdam samen een meerderheid in de AVA. Om recht te doen aan het samenwerkingskarakter van de ROM wordt de positie van de andere aandeelhouders, naar voorbeeld van de IQ (ROM Zuidvleugel), beschermd. Majeure besluiten kunnen slechts worden genomen indien naast een van de twee grote aandeelhouders minimaal drie andere aandeelhouders instemmen. De samenwerkende gemeenten in NHN gelden daarbij als één overige aandeelhouder. Onverminderd geldt de eis dat er een meerderheid moet zijn van 50% + 1. Majeure besluiten in de AVA van de ROM bv kunnen slechts worden genomen bij tweederde meerderheid. Dit betekent de facto dat het Rijk en de ROM Regio bv als enige aandeelhouders tot overeenstemming moeten komen. In de separaat op te stellen bestuursovereenkomsten leggen de partijen vast: ● De inleg per partij inclusief de verdeling over de fondsen. ● Exploitatiebijdrage per partij. ● Een limitatieve lijst van majeure besluiten.

| 36 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

● ●

Vormgeving van het agenda lidmaatschap (voor de ROM bv). Eventuele escalatiemogelijkheid (voor de ROM bv).

Er komt één bestuursovereenkomst tussen alle regionale partijen inzake de ROM Regio bv én één bestuursovereenkomst tussen het Rijk en de ROM Regio bv (inzake de ROM bv).

7.3 Raad van Commissarissen Voor zowel de ROM Regio bv als de ROM bv zal er een RvC ingesteld worden. De RvC’s van de ROM Regio bv en de ROM bv bestaan uit drie personen. Er is voorzien in een personele unie voor de RvC. De RVC ziet toe op de ROM bv, de ROM Regio bv en de meerderheidsdochters. De RvC’s bestaan bij de start uit drie leden. Het is evenwel mogelijk om deze uit te breiden tot vijf. De RvC komt bijeen zo vaak als een van de leden (of de directeur-bestuurder) dat noodzakelijk acht, maar minstens tweemaal per kalenderjaar. De leden van de RvC’s worden benoemd door de AVA’s van de ROM bv en de ROM Regio bv. Het betreft een bezoldigde functie waarvoor de AVA’s een bezoldigingsbeleid vaststellen dat past binnen de WNT. Op hoofdlijnen zijn de bevoegdheden van de RvC: ● ● ● ● ●

Het toezien op het functioneren van de directeur/bestuurder. Het in overleg met de directeur-bestuurder aanbieden van een meerjarenplan aan de AVA. Het toetsen van de activiteiten van de investeringscomités aan het vastgestelde investeringsregelement. Het geven van een zwaarwegend advies over de voordracht van de directeur/bestuurder na de aandeelhouders gehoord te hebben. Het geven van een advies over de voordracht van de leden van de Investeringscomités na de directeur/bestuurder gehoord te hebben.

De RvC heeft aanvullende bevoegdheden voor de twee fonds-dochters. Dit gaat om het goedkeuren van besluiten van de directeur-bestuurder (voor het uitoefenen van stemrecht in de AVA van de meerderheidsdochter) met betrekking tot: ● ●

Het goedkeuren van investeringen boven een bedrag van € 2,5 miljoen. Het in uitzonderlijke gevallen gemotiveerd goedkeuren van een investering waarover het investeringscomité een negatief advies heeft gegeven.

7.4 Directeur-bestuurder De ROM bv. én de ROM Regio bv. krijgen elk één statutair directeur/bestuurder. Hiertoe wordt één natuurlijk persoon benoemd in beide functies. De directeur-bestuurder wordt zowel voor de ROM bv. als de ROM Regio bv. benoemd door de AVA op voordracht van de RvC. Voorafgaand aan de voordracht dient het functieprofiel en het wervingsproces aan de AVA ter advisering te worden voorgelegd. Het is een bezoldigde functie (waarvoor de AVA een bezoldigingsbeleid vaststelt dat past binnen de WNT). Op hoofdlijnen zijn de bevoegdheden van de directeur-bestuurder: ●

Het besturen van de vennootschappen, inclusief meerderheidsdochters.

| 37 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

● ● ● ●

Het opstellen van het (Meerjaren Strategisch) Bedrijfsplan voor de ROM MRA-NHN inclusief (meerjaren)begroting en capaciteitsplanning. Het aangaan van rechtshandelingen voor de dagelijkse bedrijfsuitoefening. Het zorg dragen voor de financiering van de organisatie. Het opstellen van (tussentijdse) rapportages en jaarrekeningen.

De directeur/bestuurder moet zich gedragen naar de aanwijzingen van de AVA en de RvC en is gehouden deze op te volgen, tenzij ze in strijd zijn met het belang van de vennootschap en de met haar verbonden onderneming. Ingeval aanwijzingen van de AVA en de RvC onverenigbaar zijn, is de directeur/bestuurder gehouden de aanwijzingen van de AVA op te volgen.

7.5 Investeringscomité Het Investeringscomité (IC) van zowel het Transitiefonds als het MKB-fonds bestaat uit vijf leden. In de samenstelling wordt er naar gestreefd dat 2 à 3 leden zitting hebben in beide IC’s en dat 2 à 3 leden sectorspecifieke expertise inbrengen in lijn met de betreffende inhoudelijke scope van elk fonds.

Het zijn bezoldigde functies, waarvoor de desbetreffende AVA een bezoldigingskader vaststelt dat past binnen de WNT. Het bezoldigingskader is gelijk voor de verschillende vernnootschappen. Benoeming vindt plaats door de AVA van de ROM bv dan wel de ROM Regio bv op basis van het bedrijfseconomische profiel van de leden, hun marktkennis en hun kennis van de technologievelden binnen de scope van de ROM. De RvC doet hiertoe een niet-bindende voordracht aan de AVA. Het Investeringscomité komt bijeen zodra het fondsbeheer van de Investeringsonderdeel een investeringsbeslissing gereed heeft. Het Investeringscomité wordt voor respectievelijk het MKB-fonds of het Transitiefonds gevraagd een zwaarwegend advies uit te brengen aan de directeur/bestuurder(s) van de ROM bv of de ROM Regio bv ten aanzien van de voorgestelde investering, exit of afboeking.

7.6 Governance voor de exploitatiebijdrage Vanuit haar ontwikkeltaak zal de ROM MRA-NHN zich richten op het informeren, voorlichten, adviseren en begeleiden van bedrijven die een maatschappelijke transitie willen realiseren met rendement. Het voorstel is dat de gemeente Amsterdam namens de MRA-gemeenten en de samenwerkende gemeenten in NHN hiertoe een meerjarige overeenkomst sluiten met de ROM MRA-NHN. Elke organisatie volgt daarbij de eigen systematiek. Het uitgangspunt is om de exploitatiebijdrage te verstrekken voor een periode van telkens zes jaar (4 jaar met doorkijk voor de 2 jaar daarna). Na vier jaar vindt er een evaluatie plaats, waarna de overeenkomst in

| 38 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

principe met vier jaar wordt verlengd. Dit staat weergegeven in onderstaand schema. In de bestuursovereenkomst kunnen daarover maatwerkafspraken worden gemaakt.

Het Rijk volgt voor de ROM MRA-NHN dezelfde werkwijze bij het toekennen van haar exploitatiebijdrage als voor de andere ROM’s. Dit komt neer op een jaarlijkse besluitvormingscyclus op basis van KPI’s die voor alle ROM’s vergelijkbaar zijn.

7.7 Regionale samenwerkingspartners De ROM MRA-NHN vult een belangrijk gat in het regionale ecosysteem. Door de positionering van de ROM wordt het totale ecosysteem versterkt. Lokale en (sub)regionale incubators en accelerators kunnen hun opschalende bedrijven voor ondersteuning overdragen aan de ROM. Maar de samenwerking gaat verder. Hieronder noemen we drie belangrijke (type) samenwerkingspartners: •

•

•

Een groot deel van de leadgeneratie ligt bij de partners in het ecosysteem zoals PIM NH, ONHN en vanuit de activiteiten en netwerken van de Amsterdam Economic Board. Hiermee zorgen zij samen met de ROM voor leads. De regionale ontwikkelingsmaatschappijen HORIZON en ROM Utrecht richten zich deels op gemeenten in de MRA. Zij hebben en houden het primaat binnen hun geografische scope. De ROM MRA-NHN kan, in samenwerking met deze ROM’s, opvolging geven aan specifieke leads (met name voor de grootschalige proposities op weg naar financial closing). AIB, AT&I en ONHN verzorgen in de regio de internationale acquisitie/internationalisering van (innovatief) MKB, start-ups en scale-ups. De aanwezigheid van een ROM met investerend vermogen versterkt de kans dat deze bedrijven uit onze regio sterker internationaal kunnen groeien én versterkt de aantrekkingskracht van de regio.

In een samenwerkingsakkoord en/of samenwerkingsovereenkomsten leggen de partners in het ecosysteem vast hoe zij de ondersteuning aan de ondernemers zullen versterken met behoud van de bestaande netwerkgedachte in het ecosysteem. De ROM heeft een aanvullende opdracht om de samenwerking actief te bevorderen en partijen te verbinden en versnippering tegen te gaan. Daarbij wordt in gezamenlijkheid gestreefd naar het realiseren van een transparante toegang tot het volledige ondersteuningsaanbod voor ondernemers.

| 39 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

Daarnaast is er op dit moment ook een ondersteuningsaanbod vanuit de provincie NoordHolland en de gemeente Amsterdam in de vorm van AKEF, PIM NH, het innovatiefonds NoordHolland en het Participatiefonds Duurzame Economie Noord-Holland. Voor deze ondersteuning wordt nader verkend of de dienstverlening richting de ondernemers verbeterd kan worden door middel van intensievere samenwerking met de ROM. Hierbij gelden de bestaande taken én opdrachten aan deze partijen als uitgangspunt. Per taak wordt telkens ook gekeken welke geografische focus het meest passend is. De uitkomsten van de verkenning worden betrokken bij het opstellen van het samenwerkingsakkoord en/of samenwerkingsovereenkomsten tussen de ROM en de centrale partners in het ecosysteem.

H8 | Begroting De begroting voor ROM MRA-NHN schetst de lasten. De begroting neemt het duurzame netwerkmodel als vertrekpunt. Dat betekent dat er in deze begroting geen rekening is gehouden met het op termijn toevoegen van nieuwe taken. De ROM wordt gepositioneerd als één fiscale eenheid. Hiermee heeft de ROM niet te maken met btw-plicht op eventuele interne doorleen en uitgezocht wordt of dit ook voor vennootschapsbelasting geldt Op basis van de gehanteerde uitgangspunten (zie bijlage 2) vraagt de ROM MRA-NHN vanaf 2023 een jaarlijkse exploitatiebijdrage van € 2,8 miljoen. Uitvoering van fondsbeheer en uitvoering Rijksregelingen valt buiten deze bijdrage.

8.1 Uitwerking per onderdeel De indicatieve lasten voor het Ontwikkelingsonderdeel zijn hieronder weergegeven. Dit is de referentie voor een volledige bezetting per 2023. De dekking hiervoor komt uit een exploitatiebijdrage vanuit de betrokken overheden. Dit wordt uitgewerkt in een separate bestuursovereenkomst. Ontwikkelingsonderdeel Personeelskosten

1.544.814

Overhead

293.947

Afdracht directie en staf (50%)

428.193

Werkbudget

783.363

Diversen/onvoorzien

152.516

Totaal lasten

3.202.832

De indicatieve lasten voor directie en staf zijn hieronder weergegeven. Uitgangspunt is dat het Ontwikkelingsonderdeel en het Investeringsonderdeel een vaste opslag betalen ter

| 40 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

dekking van de directie en staf. Indicatief er er nu vanuit gegaan dat opslag gelijk is voor het Investeringsonderdeel als het Ontwikkelingsonderdeel. Directie en staf Personeelskosten

417.814

Overhead

130.643

Kosten RvC

37.361

Werkbudget

229.786

Diversen/onvoorzien Totaal lasten

40.780 856.385

8.2 Waardering van het fonds Het kapitaal voor de ROM wordt beschikbaar gesteld via een agiostorting. Een agiostorting is een bedrag dat door de aandeelhouders bovenop de nominale waarde van de aandelen gestort wordt. Het kapitaal hoeft niet bij oprichting in één keer worden overgemaakt naar de ROM. Op basis van de werkelijke kapitaalbehoefte zet het fonds in principe capital calls uit. Op basis van de capital calls zijn de aandeelhouders verplicht hun aandeel van het toegezegde kapitaal te storten. Hiervoor is een periode van circa 4-6 jaar voorzien. Op verzoek van individuele aandeelhouders kan ook gewerkt worden met vaste tranches waarbij de kapitaalstorting in één of enkele vaste bedragen wordt overgemaakt. In de bestuursovereenkomst verplichten de regionale aandeelhouders zich om op ROM-niveau de Rijksmiddelen in het voor 31 december 2021 te cofinancieren. •

•

Kapitaalverstrekking: Geen budgettair effect. Met kapitaalverstrekking zelf is geen budgettair effect gemoeid. Immers, de gemeente wordt er niet rijker of armer van, alleen de samenstelling van het vermogen verandert. Tegenover de lening voor de aankoop van de deelneming staat de waarde van de deelneming aan de andere kant van de balans. Renteconsequenties: Wel een budgettair effect. Kapitaalverstrekking heeft consequenties voor de rente. Het netto budgettaire effect bestaat uit de hogere rentekosten die de gemeente maakt als gevolg van de participatie.

Op grond van de wettelijke regels voor de begroting (het BBV) moet de deelneming gewaardeerd worden op de verkrijgingsprijs (of lagere marktwaarde). Bij de start van de ROM is de verkrijgingsprijs naar verwachting gelijk aan de marktwaarde. In het kader van de P&Ccyclus moet er ten minste twee keer per jaar een actuele analyse van de waarde van de deelneming worden uitgevoerd (bij de begroting en bij de jaarrekening). Zolang de waardering van het fonds gelijk is aan of hoger is dan de verkrijgingsprijs, hoeft er geen afwaardering plaats te vinden en hoeft er dus geen voorziening getroffen te worden. Om de waarde van de bezittingen en daarmee het fondsvermogen te kunnen vaststellen zal jaarlijks voor 31

| 41 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

december per deelname/financiering per fonds een waardering worden toegekend. Een en ander is afhankelijk van de inflatie, de rentestand en de ontwikkeling van het fondsrendement. Kans op tegenvallende resultaten Het fonds heeft te maken met risico’s. Elke aandeelhouder doet er goed aan periodiek te bepalen in hoeverre het verstandig is om een reservering op te nemen binnen het weerstandsvermogen van de begroting van de individuele aandeelhouders in verband met mogelijke risico’s in de deelneming. Kans op aanvullend rendement Uitgangspunt is dat de inleg uit het Transitiefonds aan het einde van de fondsperiode nominaal terugvloeit naar de aandeelhouders. Door positieve resultaten kan het fonds ook een hoger rendement hebben.

| 42 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

Bijlagen 1. Toelichting TRL-levels 2. Toelichting aannames meerjarenbegroting

| 43 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

Bijlage 1 | Toelichting TRL-levels

Fase

TRL Staat van ontwikkeling

Marktintroductie product/dienst/procedé

9

Demonstratie van het systeem in een gebruiksomgeving. Het concept is technisch en commercieel gereed; productierijp en klaar voor marktintroductie (maar heeft nog niet plaatsgevonden).

Product/dienst is compleet 8 en operationeel

Het concept is getest en bewezen en voldoet aan gestelde verwachtingen, kwalificaties en normen (certificering).

Demonstratie prototype in operationele omgeving

7

Demonstratie van het systeem in de vorm van een prototype in een gebruikersomgeving.

Demonstratie prototype in testomgeving

6

Demonstratie van de technologie in een testopstelling die lijkt op een operationele omgeving.

Validatie prototype

5

Validatie van de technologie in een echte omgeving (pilot). Functionaliteiten en de eerste look & feel van een product, proces of dienst zijn aanwezig.

Implementatie en test prototype

4

Design, ontwikkeling en validatie van de technologie in een laboratorium.

‘Proof of Concept’

3

Experimenteel bewijs van het concept. Testen in laboratorium en analyse van eigenschappen en geschiktheid.

Toegepast onderzoek

2

Formulering van het technologische concept. Welke toepassingen zijn mogelijk?

Fundamenteel onderzoek

1

Onderzoek van het basisprincipe, het idee.

| 44 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

Bijlage 2 | Toelichting aannames meerjarenbegroting Lasten

• •

•

•

•

•

Personeelskosten. De personeelskosten zijn gebaseerd op de inschaling volgens het BBRA/CAO RIJk. Het gaat hier om de bruto werkgeverslasten. Overhead. De overhead bestaat uit vaste bedragen per fte. Deze zijn gebaseerd op de kengetallen vanuit de Rijksoverheid. Kantoor en automatisering vormen hierbinnen de grootste subposten. De overige kosten bestaan uit administratiekosten, reiskosten, opleiding en facilitair. Kosten RvC. De leden krijgen een vergoeding voor hun diensten. Het gaat om een vast bedrag per lid. Dit is conform de WNT, gekoppeld aan het salaris van de directeur (15% directeurssalaris voor de voorzitter en 10% voor leden van de RvC). Kosten Investeringscomité. De leden krijgen een vergoeding voor hun diensten. Het gaat om een vast bedrag per bijeenkomst van het comité (passend binnen de WNT). De totale kosten zijn indicatief geraamd op € 1.000,-- per bijeenkomst met een opslag van € 500,-- voor de voorzitter. Uitgegaan wordt van maximaal 7 bijeenkomsten per jaar. Werkbudget. Het werk van de twee onderdelen en directie en staf is in hoge mate specialistisch en vraagt om samenwerking met een groot aantal partners. Vanuit het werkbudget kunnen de betreffende onderdelen specialistische expertise inschakelen. Daarnaast dient het werkbudget voor marketing, communicatie en evenementen. Diversen/onvoorzien.

In de begroting is per onderdeel rekening gehouden met een post onvoorzien ter hoogte van 5% van de totale begroting.

| 45 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

Bedrijfsplan ROM MRA-NHN Eindconcept 3.1

Colofon 29 april 2021 Classificatie

:

vertrouwelijk

| 46 | Meerjaren Strategisch Bedrijfsplan ROM MRA-NHN - eindconcept 3.1 - 29 april 2021

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10136684/1