CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

A- 08 Bouwen en Wonen (25) Nota van Beantwoording

RAAD 31 maart 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Instemmen met het beleidsvoorstel voor een nieuwe woonruimteverdeling "Een sociale huurwoning zoeken verandert" Nr. VN2021-001451.35.708 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

12. HVA Arcade → Geven aan niet te apart te zijn uitgenodigd op discussieavonden. Het college herkent de kritiek van Arcade niet bij dit punt. Er heeft een uitgebreid participatietraject plaatsgevonden in het voorjaar van 2019. Zo is er een enquête geweest en waren er lokale discussieavonden voor alle woningzoekenden. Op 9 juli 2019 is een bijeenkomst

over

‘volgorde

en

doorstroming’

georganiseerd,

waar

alle

huurdersorganisaties, voor uitgenodigd zijn. Hierbij was Arcade aanwezig. Op verschillende andere momenten zijn de huurdersorganisaties uitgenodigd voor besprekingen. Ook is het beleidsvoorstel op hoofdlijnen toegestuurd voorafgaand aan de raadsconsultaties.

74

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

→ Er wordt niet ingezet op maatregelen die doorstroming bevorderen. Er wordt een tegenstelling tussen doorstromers en starters gecreëerd. Deze tegenstelling bestaat niet, zij hebben dezelfde behoefte. De verwachting is inderdaad dat door de invoering van het nieuwe systeem minder doorstroming op gang zal komen. Dit is een nadeel. Doel van dit voorstel was echter de positie van jongeren en woonstarters bevorderen. Zij hebben nu bijna geen kans. Dit heeft zwaarder gewogen dan het belang van doorstroming. In de praktijk blijkt dat niet elke sociale huurwoning die wordt achtergelaten door een doorstromer uiteindelijk leidt tot een verhuring aan een woonstarter. Hiermee is in deze krappe markt, waar de alternatieven voor hen zeer beperkt zijn, hun positie zeer nadelig. Dat is de reden om bij deze nieuwe woonruimteverdeling meer ruimte te geven aan jongeren en woonstarters. Wel blijven gerichte doorstroming bevorderende maatregelen in gemeenten van kracht, zoals de regeling van hoog naar laag. Dit zijn regelingen die specifiek een meer passende bewoning stimuleren. Overigens is het niet zo dat doorstromers een ongunstiger uitgangspositie krijgen dan starters. Ook zij kunnen door actief te zoeken zoekpunten opbouwen. Vanaf de start van de invoering zal gemonitord worden hoe de doorstroming zich ontwikkelt. → Zoekpunten zijn onvoldoende in balans in relatie tot de overige punten.

Uit het participatietraject in het voorjaar van 2019 bleek brede steun voor een systeem dat niet alleen gebaseerd is op inschrijfduur (wachtpunten). Bij het opstellen van het beleidsvoorstel is de afweging gemaakt hoe de punten zich tot elkaar moeten verhouden. Doel was huishoudens die situatiepunten hebben en intensief zoeken, maar nog niet veel wachtpunten hebben opgebouwd, ook kans te geven op een woning. Bij het maken van dit beleid heeft onderzoeksbureau RIGO een simulatie uitgevoerd waarbij de effecten van varianten met meer of minder zoekpunten met elkaar werden vergeleken. Bijvoorbeeld slechts 12 punten of een onbeperkt aantal punten. De conclusie hiervan is dat een systeem met 30 zoekpunten het meeste evenwichtige beeld gaf waarbij mensen die tussen de 2 en 5 jaar actief zoeken een grotere kans maken om een woning te vinden, zonder de groepen met een langere inschrijfduur teveel te verdringen. → Er wordt niet gekozen voor een systeem dat kleinere stappen in een woon carrière mogelijk maakt. Ook al is het begrijpelijk dat mensen naarmate ze langer ingeschreven staan graag doorstromen naar een betere woning, is dit systeem nadrukkelijk bedoeld om degenen die géén woning hebben meer kans te geven.

Omdat de voormalige inschrijfduur omgezet naar wachtpunten een belangrijke rol blijft spelen in de nieuwe manier van toewijzing, wordt verwacht dat nog steeds sprake zal zijn van het verbeteren van de wooncarrière in kleine stappen. Daarbij is het belangrijk te realiseren dat het aanbod heel erg schaars is, dus dat de mogelijkheden om te verhuizen voor alle groepen erg onder druk staan. Het nieuwe systeem beoogt vooral te bewerkstelligen dat mensen die dringend een woning nodig hebben, eerder aan de beurt komen. In die zin treedt een verschuiving op. Maar kleine huishoudens komen

75

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

nog steeds niet in aanmerking voor een grotere woning, omdat woningen met specifieke kenmerken worden gereserveerd voor doelgroepen die daar het meest afhankelijk van zijn. → Suggestie is het samenvoegen van inschrijfduur bij samenwonen, of niet alle inschrijfduur opgeven voor een woning die minder gewild is. In het verleden is de mogelijkheid onderzocht om inschrijfduur samen te voegen. Conclusie was toen dat het niet uitvoerbaar is vanwege fraudegevoeligheid. Bovendien worden woningzoekenden aangemoedigd om zich individueel in te schrijven. Na relatiebreuk hebben zij dan meer kans op een andere woning. Voor uw suggestie om niet alle inschrijfduur in te zetten bij een woning die minder gewild is geldt dat dit niet aansluit bij de doelen bij deze nieuwe woonruimteverdeling. Bedoeling is juist jongeren en woonstarters meer kansen te geven. Bij deze werkwijze zouden zij nog meer in het nadeel zijn ten aanzien van woningzoekenden die meer kansen hebben, omdat zij meer inschrijfduur hebben opgebouwd. → Het wordt een ingewikkeld systeem, zeker doordat op sommige woningen wel met situatiepunten gereageerd kan worden en op andere woningen niet. De oplossing om 50% is rekenkundig. Vreemde situaties waarbij van gelijke woningen de kansen voor woningzoekende zeer uiteenlopen.

Bij het opstellen van het beleidsvoorstel is onderzocht of de nieuwe werkwijze uitlegbaar is aan woningzoekenden. Uit onderzoek van het bureau Vals Plat is gebleken dat het systeem goed uitlegbaar is. De vormgeving en informatievoorziening behoeft daarbij wel voldoende aandacht. Hier gaan we mee aan de slag. Ook komt er extra aandacht voor minder digitaal vaardige groepen. Het is belangrijk dat zij ook kunnen participeren in de nieuwe werkwijze. Onder punt 15, transparantie is hier meer informatie over opgenomen. Om voldoende ruimte te houden voor woningzoekenden zonder situatiepunten is bepaald dat op 50% van het aanbod via de aanbodsites gereageerd kan worden met situatiepunten. Andere afweging daarbij is dat gemeenten willen kunnen sturen op een evenwichtige spreiding over buurten. Gedachte achter het aanwijzen van woningen is dat deze huishoudens niet alleen terecht komt in wijken met een hoge omloopsnelheid. Belangrijk aandachtspunt bij de invoering is goed aan woningzoekenden uit te leggen wat het verschil is tussen woningen waarop wel met situatiepunten gereageerd kan worden en woningen waarbij dat niet mogelijk is. Op de aanbodsites moet voor iedereen duidelijk worden dat woningzoekenden zonder situatiepunten minder kans maken op woningen waarop met situatiepunten gereageerd kan worden.

Aan de woningzoekenden die wel situatiepunten toegewezen krijgen, moet goed uitgelegd worden dat zij die niet bij alle woningen kunnen verzilveren. Het college is van mening dat dit uitlegbaar is, mits hier in de communicatie voldoende aandacht aan wordt besteed. → Benadering is alleen via digitale kanalen, zorg ook voor een goede app.

76

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

→ Deze suggestie wordt meegenomen bij de uitwerking. → Zorg ook voor analoge benaderingen en ondersteuning. Onderdeel van de implementatie is te organiseren dat er extra ondersteuning komt voor woningzoekenden die hier behoefte aan hebben. WoningNet en Woonmatch kunnen alleen digitaal benaderd worden. → Situatiepunten: zorg voor toegankelijke bezwaar en beroepsprocedures. Alle besluiten over het toekennen van situatiepunten (relatiebreuk met kinderen, inwonend met kinderen en problematisch thuiswonende jongeren) zijn vatbaar voor bezwaar en beroep. Ook de sancties op weigeren en no-show zijn vatbaar voor bezwaar en beroep. Woningzoekenden worden bij dergelijke besluiten hier straks ook over geïnformeerd.

→ In de gekozen uitwerking komen ongedocumenteerden niet in aanmerking voor situatiepunten in de categorie relatiebreuk met kinderen. Ook de uitwerking van situatiepunten voor inwonende gezinnen is lastig, omdat inschrijving op het adres waar ingewoond wordt vaak niet mogelijk is. Situatiepunten worden alleen toegekend als sprake is van gelegaliseerde situaties. Er zijn in Amsterdam mogelijkheden om legaal in te wonen bij derden. Het college wil met dit beleid geen situatiepunten toekennen aan situaties die naar oordeel van het college niet legaal zijn. De situatie van ongedocumenteerden is een aandachtspunt. In de huidige situatie is het niet mogelijk woningen toe te wijzen aan deze groep. Het beleid ten aanzien van ongedocumenteerden valt echter buiten de scope van de woonruimteverdeling. → De sancties op weigeren en no-show zijn te streng. De voorwaarden die aan advertenties worden gesteld worden nu nauwelijks aangepast. Sancties bij weigeren en no-show zijn onderdeel van het systeem. Wel zijn de voorwaarden hierbij versoepeld. Zo kan een woningzoekende na bezichtiging nog aangeven geen interesse meer te hebben voor een woning, zonder dat dit als weigering geldt. Ook kunnen woningzoekenden zich tot 9.00 uur dezelfde dag afmelden voor bezichtiging, zonder dat sancties op no-show in werking treden. Meer informatie hierover vindt u in hoofdstuk VII, wijzigingsvoorstellen.

Het college wil voorts de kwaliteit van de advertenties verbeteren. Ten opzichte van het beleidsvoorstel zullen aanvullende voorwaarden uitgewerkt worden. NB: aanvullen in december als meer bekend is.

77

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

→ In het beleid voor zoekpunten wordt van woningzoekenden verlangd dat zij vier keer per maand reageren om punten op te bouwen. Dit betekent dat zij als dat aan de orde is ook vier keer voor een bezichtiging worden uitgenodigd. Dit vergt te veel tijd van woningzoekenden. Om zoekpunten op te bouwen moet een woningzoekende in de praktijk per maand twee keer inloggen en twee reacties plaatsen. Het college is van mening dat daarmee niet een te groot tijdbeslag gelegd wordt. Ook is het mogelijk een uitnodiging niet te accepteren. Dit kost een zoekpunt. Het college gaat er wel van uit dat iemand die op een woning reageert ook serieus geïnteresseerd is en dus graag gebruik maakt van de mogelijkheid om de woning te bezichtigen. Na bezichtiging van een woningzoekende nog steeds aangeven wel of niet geïnteresseerd te zijn in de woning. Zie voor meer informatie het hoofdstuk VII over de wijzigingsvoorstellen. → Het werken met tijdelijke huurcontracten verschuift het probleem naar de toekomst. → Het mogelijk maken van verhuur van woningen aan spoedzoekers, op basis van een tweejarig contract, kan niet. Jongeren zijn al niet in staat een woning te vinden na afloop van hun vijfjarig contract. In dit beleidsvoorstel worden geen uitspraken gedaan over de wenselijkheid van het werken met tijdelijke contracten.

Wel wordt voorgesteld jongeren die moeten uitstromen uit een jongerencontract extra startpunten toe te kennen. Zie hiervoor het hoofdstuk met wijzigingsvoorstellen op het beleidsvoorstel.

De mogelijkheid om te werken met tijdelijke contracten voor spoedzoekers komt voort uit de huurwetgeving. In het beleidsvoorstel is afgesproken dat als corporaties hiermee willen experimenteren, zij afspraken hierover maken met de gemeente en dit zorgvuldig evalueren. Het college is niet voornemens om dergelijke experimenten aan te gaan. → Past het voorstel binnen de kaders van de Huisvestingswet? Het college is van mening dat het voorstel past binnen de kaders van de Huisvestingswet. Via de huisvestingsverordening kan een gemeente sturen op onevenredige en onevenwichtige effecten van schaarste. In het nieuwe beleidsvoorstel wordt dit ingevuld door meer kansen te bieden voor woonstarters en huishoudens in een moeilijke situatie.

→ Verzoeken om een bij het college voor de rechten van de mens een oordeel omtrent eigen handelen uit te zetten. Het college herkent het standpunt niet dat het voorstel strijdig zou zijn met de mensenrechtenverdragen. Een inschrijfsysteem kan bestaande kansenongelijkheid niet (geheel) wegnemen, het systeem zelf leidt niet tot het maken van verboden onderscheid. Ook nu al verloopt aanmelding en zoeken naar een woning in principe digitaal. Voor mensen die dit niet goed kunnen doen doordat ze minder digitaal vaardig zijn, zijn verschillende

78

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

manier van ondersteuning beschikbaar. Denk bijvoorbeeld aan de ondersteuning door de spreekuren bij de woningbouwcorporatie, stichting !Woon of een sociaal buurtteam of wijkpunt. In het nieuwe systeem zullen woningzoekenden meer handelingen gaan verrichten, met name als zij zoekpunten willen opbouwen. Daarmee wordt in de ondersteuningscapaciteit rekening gehouden. Woningzoekenden die situatiepunten aanvragen kunnen tegen dit besluit bezwaar maken. De

nieuwe

regels

voor

de

woonruimteverdeling

worden

vastgelegd

in

de

huisvestingsverordening. Op het beleidsvoorstel heeft een juridische check plaatsgevonden.

13. HNA → Het is goed dat inschrijfduur een belangrijke factor blijft. U geeft aan dat het positief is dat wachttijd een belangrijk criterium blijft. In het voorstel is ervoor gekozen om dit de basis te laten zijn voor de verdeling, immers het laten vervallen van inschrijfduur zou de rechten van bestaande woningzoekenden te veel aantasten. → Woonruimteverdeling is alleen het verdelen van schaarste. Het is belangrijker om verkoop en liberalisatie te stoppen en vakantieverhuur tegen te gaan. → Het college onderschrijft dat er grote schaarste is en constateert dat de betaalbaarheid van het wonen in Amsterdam onder grote druk staat. Het college zet zich via diverse trajecten in om te zorgen voor meer betaalbare woningen in de gemeente. Alleen hiermee kan de schaarste aan sociale huurwoningen verzacht worden. Desondanks is het college van mening dat ook maatregelen genomen moeten worden in de verdeling van sociale huurwoningen. Die lossen de schaarste niet op, maar geven wel aan hoe de woningen verdeeld worden in deze situatie van schaarste. Ook binnen de groep mensen die van een sociale huurwoning afhankelijk zijn, is er verschil in de dringendheid van de vraag. → De HNA is negatief over de mogelijkheden voor tijdelijke verhuur. Dit is een verschuiving van het probleem. In het voorstel wordt meer ruimte geboden voor tijdelijke verhuur.

In dit beleidsvoorstel worden geen uitspraken gedaan over de wenselijkheid van het werken met tijdelijke contracten. Wel wordt voorgesteld jongeren die moeten uitstromen uit een jongerencontract extra startpunten toe te kennen. Zie hiervoor het hoofdstuk met wijzigingsvoorstellen op het beleidsvoorstel.

De mogelijkheid om te werken met tijdelijke contracten voor spoedzoekers komt voort uit de huurwetgeving. In het beleidsvoorstel is afgesproken dat als corporaties hiermee willen experimenteren, zij afspraken hierover maken met de gemeente en dit zorgvuldig evalueren. Het college is niet voornemens om dergelijke experimenten aan te gaan.

79

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

→ Gemiste kans dat doorstroming wordt afgeremd. Ook al is het begrijpelijk dat mensen naarmate ze langer ingeschreven staan graag doorstromen naar een betere woning, is dit systeem nadrukkelijk bedoeld om degenen die géén woning hebben meer kans te geven. Doel van dit voorstel was de positie van jongeren en woonstarters bevorderen. Zij hebben nu bijna geen kans. Dit heeft zwaarder gewogen dan het belang van doorstroming. In de praktijk blijkt dat niet elke sociale huurwoning die wordt achtergelaten door een doorstromer uiteindelijk leidt tot een verhuring aan een woonstarter. Hiermee is in deze krappe markt, waar de alternatieven voor hen zeer beperkt zijn, hun positie zeer nadelig. Dat is de reden om bij deze nieuwe woonruimteverdeling meer ruimte te geven aan jongeren en woonstarters. Wel blijven gerichte doorstroming bevorderende maatregelen van kracht, zoals de regeling van hoog naar laag. Dit zijn regelingen die specifiek een meer passende bewoning stimuleren. Overigens is het niet zo dat doorstromers een ongunstiger uitgangspositie krijgen dan starters. Ook zij kunnen door actief te zoeken zoekpunten opbouwen. Vanaf de start van de invoering zal gemonitord worden hoe de doorstroming zich ontwikkelt. → De HNA vraagt zich af of zoekpunten in balans zijn met de wachtpunten.

Uit het participatietraject in het voorjaar van 2019 bleek brede steun voor een systeem dat niet alleen gebaseerd is op inschrijfduur (wachtpunten). Bij het opstellen van het beleidsvoorstel is de afweging gemaakt hoe de punten zich tot elkaar moeten verhouden. Doel was huishoudens die situatiepunten hebben en intensief zoeken, maar nog niet veel wachtpunten hebben opgebouwd, ook kans te geven op een woning. Bij het maken van dit beleid heeft onderzoeksbureau RIGO een simulatie uitgevoerd waarbij de effecten van varianten met meer of minder zoekpunten met elkaar werden vergeleken. Bijvoorbeeld slechts 12 punten of een onbeperkt aantal punten. De conclusie hiervan is dat een systeem met 30 zoekpunten het meeste evenwichtige beeld gaf waarbij mensen die tussen de 2 en 5 jaar actief zoeken een grotere kans maken om een woning te vinden, zonder de groepen met een langere inschrijfduur teveel te verdringen. → De HNA is positief over het werken met situatiepunten. Het is wel belangrijk te zorgen dat bezwaar en beroep mogelijk is. Alle besluiten over het toekennen van situatiepunten (relatiebreuk met kinderen, inwonend met kinderen en problematisch thuiswonende jongeren) zijn vatbaar voor bezwaar en beroep. Ook de sancties op weigeren en no-show zijn vatbaar voor bezwaar en beroep. Woningzoekenden worden bij dergelijke besluiten hier straks ook over geïnformeerd.

→ Zorg voor oplossingen voor mensen die met gedeeld IP-adres inloggen (Bieb) anders worden ze gestraft. Uw opmerking over de IP-adressen wordt meegenomen bij de implementatie. Het is inderdaad niet de bedoeling het zoeken via dit soort IP-adressen onmogelijk te maken.

80

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

→ Voorwaarde voor het invoeren van sanctiebeleid bij weigeren en no-show is het werken met goede advertenties. De HNA vindt de filmpjes die nu bij Ymere en Eigen haard gebruikt worden een waardevolle aanvulling. Sancties bij weigeren en no-show zijn onderdeel van het systeem. Wel zijn de voorwaarden hierbij versoepeld. Zo kan een woningzoekende na bezichtiging nog aangeven geen interesse meer te hebben voor een woning, zonder dat dit als weigering geldt. Ook kunnen woningzoekenden zich tot 9.00 uur dezelfde dag afmelden voor bezichtiging, zonder dat sancties op no-show in werking treden. Meer informatie hierover vindt u in hoofdstuk XII, wijzigingsvoorstellen.

Het college wil voorts de kwaliteit van de advertenties verbeteren. Ten opzichte van het beleidsvoorstel zullen aanvullende voorwaarden uitgewerkt worden. NB: aanvullen in december als meer bekend is. → De communicatie en uitlegbaarheid moet goed geregeld worden en niet afgewenteld worden naar stichting !Woon. Het college onderschrijft dit volledig. Meer informatie over de werkwijze hierbij is opgenomen onder punt 14 en 15 in deze nota. Vanwege haar vindbaarheid bij woningzoekenden wordt verwacht dat stichting !Woon te maken krijgt met een toename in het aantal hulpvragen. Hierover zal apart met stichting !Woon het gesprek worden gevoerd. → Het labelen van de 50% is een rekenmodel, woningzoekende zijn geen rekenmodel moet op een begrijpelijk manier zijn. Om voldoende ruimte te houden voor woningzoekenden zonder situatiepunten is bepaald dat op 50% van het aanbod via de aanbodsites gereageerd kan worden met situatiepunten. Dat is niet een rekenmodel, maar heeft te maken met het wegnemen van het gevoel van verdringing. Andere afweging is dat gemeenten willen kunnen sturen op een evenwichtige spreiding over buurten. Gedachte achter het aanwijzen van woningen is dat deze huishoudens niet alleen terecht komt in wijken met een hoge omloopsnelheid.

Belangrijk aandachtspunt bij de invoering is goed aan woningzoekenden uit te leggen wat het verschil is tussen woningen waarop wel met situatiepunten gereageerd kan worden en woningen waarbij dat niet mogelijk is. Op de aanbodsites moet voor iedereen duidelijk worden dat woningzoekenden zonder situatiepunten minder kans maken op woningen waarop met situatiepunten gereageerd kan worden. Aan de woningzoekenden die wel situatiepunten toegewezen krijgen, moet goed uitgelegd worden dat zij die niet bij alle woningen kunnen verzilveren. Het college is van mening dat dit uitlegbaar is, mits hier in de communicatie voldoende aandacht aan wordt besteed.

81

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

→ Zet lokale voorrang enkel in voor situaties waar kinderen bij betrokken zijn. Amsterdam heeft een regel voor lokale voorrang ingezet voor jongerenwoningen, welke door privacyvereisten en technische problemen per mei 2022 zal gaan functioneren. Daarnaast werkt de gemeente aan een gebiedsgebonden voorrangsregeling voor nieuwbouwcomplexen. Dit beleid is noodzakelijk gebleken omdat jongeren in Amsterdam moeilijk een woning kunnen krijgen en in andere gemeentes soms stuiten op lokale voorrangsregels. Verder zijn er doorstroming bevorderende maatregelen, gericht zijn op meer passende bewoning door senioren. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om de regeling Van Hoog naar Laag en Van groot naar beter. Voor gezinnen met kinderen worden woningen specifiek gelabeld. → Het direct bemiddelen van urgenten is streng. Het is belangrijk rekening te houden met hun woonwensen. Bij het direct bemiddelen van urgenten wordt specifiek naar de behoeften van de urgent gekeken. Het college is wel van mening dat keuzevrijheid minder aan de orde is, omdat deze groep absolute voorrang heeft op andere woningzoekenden. Wel is het belangrijk dat de urgent een passende woning toegewezen krijgt.

14. Platform Y → De stem van jonge huurders is ondervertegenwoordigd. Het college neemt hier kennis van. In het participatietraject in het voorjaar van 2019 is geprobeerd een brede groep inwoners te bereiken. Zo is er een gerichte sociale media campagne uitgezet. Op de regionale enquête over het nieuwe woonruimteverdeelsysteem hebben naar verhouding ook veel jongeren gereageerd. → Waarom wordt in regionaal verband samengewerkt? Door samen te werken op het gebied van woonruimteverdeling ontstaan er voor woningzoekenden meer mogelijkheden een woning te vinden in de woonomgeving die bij hen past. Veel woningzoekenden zoeken in eerste instantie in de eigen buurt, daar heb je tenslotte je sociale netwerk. Maar er zijn ook woningzoekenden die juist redenen hebben om in een andere gemeente te willen wonen. Zo willen sommige ouderen misschien dichter bij hun kinderen wonen, of moeten anderen weer verhuizen vanwege opleiding of werk. Ook is er bij sommige woningzoekenden behoefte aan een rustiger woonomgeving op het moment dat zij kinderen krijgen. Het werken met een regionaal aanbodsysteem vergroot de kans voor woningzoekenden een woning te vinden die volstaat op het moment dat zij dat nodig hebben. Het voordeel van het samenwerken is dat het aanbod in een gezamenlijke etalage gepresenteerd wordt, en dat de regels die gelden voor woningzoekenden in deze gemeenten gelijk zijn.

→ Onduidelijk dat er iets gepresenteerd wordt met veel losse eindjes.

82

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

Het beleid en de uitwerkingen daarvan zijn te vinden in het beleidsvoorstel. Ook wordt benoemd welke maatregelen gaan gelden voor verschillende groepen. Bij de uitwerking en implementatie moeten sommige zaken verder uitgezocht worden. Dit kost veel tijd en geld. Voordat deze zaken verder uitgewerkt worden wil het college het voorstel eerst voorleggen voor akkoord door de raad. → Waarom niet een landelijk WoningNet? Er bestaan op dit moment initiatieven voor een landelijk systeem. Niet overal worden woningen op dezelfde manier verdeeld. In het landelijk systeem gaat het om het makkelijker maken voor woningzoekenden om aanbod in verschillende regio’s in te zien. De samenwerkende gemeenten houden deze ontwikkeling in de gaten. Dit valt echter buiten de scope van dit beleidsvoorstel.

→ Bevorder doorstroming naar het middensegment. Dit is een van de mogelijke maatregelen om de schaarste in het sociale huursegment niet verder te laten oplopen. Door de gemeente wordt hier aan gewerkt via het programma middenhuur.

15. HAK Huurdersvereniging Aalsmeer Kudelstraat → Los de schaarste op. Het college onderschrijft dat er grote schaarste is en constateert dat de betaalbaarheid van het wonen in de gemeente onder grote druk staat. Het college zet zich via diverse trajecten in om te zorgen voor meer betaalbare woningen in de gemeente. Alleen hiermee kan de schaarste aan sociale huurwoningen verzacht worden. Desondanks is het college van mening dat ook maatregelen genomen moeten worden in de verdeling van sociale huurwoningen. Ook binnen de groep mensen die van een sociale huurwoning afhankelijk zijn, is er verschil in de dringendheid van de vraag. → Je creëert een nieuwe doelgroep met situatiepunten, dit is ongewenst voor de gewone woningzoekende. Uit het participatietraject in het voorjaar van 2019 bleek brede steun om woningen niet meer alleen op basis van inschrijfduur toe te wijzen, maar meer rekening te houden met de situatie van de woningzoekende. In dit voorstel wordt daar verder invulling aan gegeven. Het college begrijpt dat het toekennen van situatiepunten aan mensen in dringende omstandigheden ten koste gaat van anderen. Er is hierbij echter een afweging gemaakt tussen groepen die echt in de knel zitten en daardoor steun nodig hebben bij het zoeken en mensen die niet met deze omstandigheden te maken hebben.

Het college realiseert zich dat ook voor de gewone woningzoekende de schaarste heel groot is en dat dit een grote impact heeft. De schaarste kan alleen verlicht worden door te zorgen voor meer aanbod in de sociale huur.

83

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

→ Leg actieve ondersteuning voor zoekpunten vast in het voorstel. De maatregelen om woningzoekenden die daar behoefte aan hebben extra te ondersteunen worden vastgelegd in het plan van aanpak uitlegbaarheid en begeleiding. Bij punt 14 en 15 is hier meer informatie over opgenomen. → Voorkom onterechte weigering van IP-adressen. Ten aanzien van uw opmerking over de blokkade op de IP- adressen onderschrijft het college het belang van de hulp voor woningzoekende en wilt geenszins dat de IP- adressen van deze medewerkers geblokkeerd worden. In de uitwerking bij WoningNet zal hier een passende technische oplossing voor gevonden moeten worden. → Bij het no-show beleid is meer aandacht voor noodsituaties. Als aanvulling op het beleidsvoorstel wordt opgenomen dat afmelding voor bezichtiging mogelijk is tot op de dag zelf voor 9.00 uur. Als er daarna onverhoopt toch nog echte noodsituaties ontstaan kan de woningzoekende beroep doen op de hardheidsclausule. Deze is echt alleen bedoeld voor zeer schrijnende situaties. → Wat gebeurt er met uitstroom van tijdelijke contracten? Zie hiervoor het hoofdstuk uitstroom tijdelijke contracten. De uitwerking is ook opgenomen in het hoofdstuk met de wijzigingsvoorstellen. → Evalueer de werking van het nieuwe systeem na een half jaar en na een jaar. Neem in het beleidsvoorstel op wat er gebeurt als het voorstel niet werkt. In evaluatie wordt voorzien.

Omdat na een half jaar zeer beperkt effecten te zien zullen zijn wordt evaluatie op dat moment zeer beknopt gehouden. Na een jaar volgt een uitgebreidere monitor. Na ca. drie jaar vindt een volledige evaluatie van de effecten plaats. Als uit tussentijdse monitoring blijkt dat bijstelling van het beleid nodig is wordt hierin voorzien. In het beleidsvoorstel is opgenomen dat een stuurgroep van corporaties en gemeenten hiertoe halfjaarlijks bij elkaar komt.

→ Wat gebeurt er met de inmiddels opgebouwde punten? De opgebouwde inschrijfduur van woningzoekenden wordt met de overgang naar het nieuwe systeem automatisch omgezet naar wachtpunten.

16. HPD (Diemen) → Verbeter doorstroomregelingen, deze bestaan nog niet in Diemen.

84

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

→ Zet in op woningruil. Woningruil is voor huurders een waardevol instrument om kansen op een andere woning te vergroten. In praktijk blijkt het vaak lastig om tot een ruil te komen waarbij beide partijen tevreden zijn en aan de voorwaarden voldoen. Het vergroten van de bekendheid van de mogelijkheden voor woningruil kan zeker bijdragen aan meer matches. Dit wordt gefaciliteerd via de app huisje huisje. → Wachtpunten moeten meer waard blijven in het voorstel. Uit het participatietraject in het voorjaar van 2019 bleek brede steun voor een systeem dat niet alleen gebaseerd is op inschrijfduur (wachtpunten). Bij het opstellen van het beleidsvoorstel is de afweging gemaakt hoe de punten zich tot elkaar moeten verhouden. Doel was huishoudens die situatiepunten hebben en intensief zoeken, maar nog niet veel wachtpunten hebben opgebouwd, ook kans te geven op een woning. Bij het maken van dit beleid heeft onderzoeksbureau RIGO een simulatie uitgevoerdwaarbij de effecten van varianten met meer of minder zoekpunten met elkaar werden vergeleken. Bijvoorbeeld slechts 12 punten of een onbeperkt aantal punten. De conclusie hiervan is dat een systeem met 30 zoekpunten het meeste evenwichtige beeld gaf waarbij mensen die tussen de 2 en 5 jaar actief zoeken een grotere kans maken om een woning te vinden, zonder de groepen met een langere inschrijfduur teveel te verdringen.

→ Situatiepunten: onduidelijk of je in de woningmarktregio of in de gemeente moet wonen. Situatiepunten kunnen worden aangevraagd bij de eigen gemeente. Eenmaal toegekend hebben ze een regionale werking. → Bij de uitwerking van situatiepunten is nog onduidelijk hoe zwaar de omstandigheden moeten zijn. Er is voor gekozen om de situatiepunten zo eenvoudig mogelijk uit te werken, om te ingewikkelde

toetsing te voorkomen. De woningzoekende moet objectieve bewijslast kunnen overleggen, die goed na te gaan is. De exacte voorwaarden voor de aanvraag worden vastgelegd in de de nadere regels van gemeenten. Deze voorwaarden worden straks ook duidelijk kenbaar gemaakt aan woningzoekenden, op het portal waar de punten aangevraagd kunnen worden. → Een situatie van relatiebreuk kan erg verschillend zijn, het is vaak een lang proces, dit vraagt om maatwerk. De afwikkeling van een relatiebreuk kan een lang proces zijn. Een woningzoekende kan daar niet altijd op wachten. De exacte voorwaarden worden komend najaar verder uitgewerkt en vastgelegd in nadere regels. De gemaakte opmerkingen worden daarbij meegenomen.

85

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

Vanwege eerder genoemde redenen, toetsing moet eenvoudig en eenduidig zijn, komen alleen huishoudens met een afgeronde relatiebreuk in aanmerking voor situatiepunten. → De sancties op no-show zijn te zwaar. Die van weigeren zijn lichter. Dat komt omdat het college van mening is dat het belangrijk is dat als iemand laat zien een actieve zoeker te zijn, er ook daadwerkelijk belangstelling voor de woning is. Dan is het niet acceptabel als iemand zonder bericht niet komt opdagen voor een bezichtiging. Het kan wel voorkomen dat iemand een woning bezichtigd heeft en constateert dat deze niet passend is. Dan moet het mogelijk zijn alsnog af te zien van de woning. Overigens is het beleid met betrekking tot sancties versoepeld. Meer informatie hierover is opgenomen in het hoofdstuk met de wijzigingsvoorstellen. → In hoofdstuk 4 van het beleidsvoorstel staat een aantal redenen benoemd om bij te sturen. Dit zou geen limitatieve opsomming moeten zijn. Het college onderschrijft dat er veel redenen kunnen zijn om te moeten bijsturen, de monitor moet dit gaan uitwijzen. In het beleidsvoorstel zijn een aantal redenen als voorbeeld genoemd. → Mensen die niet digitaal vaardig zijn worden achtergesteld. U noemt een aantal belangrijke aandachtspunten bij invoering van het beleid. Er is extra aandacht nodig voor niet digitaal vaardige groepen.

Het is belangrijk dat zij ook kunnen participeren in deze nieuwe werkwijze. Hier worden diverse maatregelen voor uitgewerkt. Zie punt 14 en 15 in deze nota voor meer toelichting. → Diemen wilt ook een steunpunt !Woon.

17. HVO Huurdersvereniging Oostzaan → HVO wilt niet de problemen in de landelijke en regionale woningnood oplossen. Zij pleiten ervoor eerst te kijken naar de mogelijkheden voor Oostzaanse woningzoekenden. Zij vragen aandacht voor het verschil van toewijzen in kleinere en grotere gemeenten. Wettelijk geldt dat er vrijheid van vestiging is. Dit is een Europees grondrecht. Het college heeft echter mogelijkheden om vanwege sociale en maatschappelijke redenen een deel van de woningen toe te wijzen via lokale voorrang. → HVO is geen voorstander van het weigeringsbeleid. Gedwongen moeten ingaan op het aanbod brengt mensen in een nog afhankelijker positie ten opzichte van de corporatie. Het college heeft er begrip voor dat woningzoekenden eerst een woning willen bezichtigen. Het

weigeringsbeleid

wordt

daarom

versoepeld,

zie

ook

het

hoofdstuk

met

wijzigingsvoorstellen.

86

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

→ Het gebruik van tijdelijke contracten vindt HVO geen goed idee. Het college neemt hier kennis van.

→ Van het aanbod is op dit moment al een groot deel ‘gelabeld’: voor urgenten en statushouders. → Voor de ‘gewone’ woningzoekenden blijft weinig over. Huishoudens in noodsituaties komen in aanmerking voor urgentie. Daar gaat een strenge beoordeling aan vooraf. Omdat het gaat om levensontwrichtende omstandigheden krijgen zij voorrang op gewone woningzoekenden. Het college werkt aan het vergroten van het aanbod door. → HVO wil aansluiten bij de Haarlemse regeling waarbij ouderen met behoud van hun huidige huur kunnen doorverhuizen. → Het verzamelen van zoekpunten is moeilijk in Oostzaan vanwege een soms zeer laag aanbod. Aangegeven wordt dat er soms niet eens vier woningen per maand vrijkomen in Oostzaan. Gedachte bij het werken met zoekpunten is dat woningzoekenden die zeer dringend op zoek zijn naar een woning meer kans maken. Voor de meeste woningzoekenden geldt dat zij graag in de eigen buurt/wijk, of in kleine kernen in de eigen gemeente willen wonen. Om zoekpunten op te bouwen moet soms over deze wijk/ buurt of gemeentegrens heen gekeken worden. Wel wordt een versoepeling in het beleid voorgesteld. Op dit moment verliezen woningzoekenden die niet vier reacties in de maand plaatsen een zoekpunt. Aanvulling op het voorstel is dat woningzoekenden die één tot drie keer per maand reageren geen zoekpunten opbouwen, maar ook geen zoekpunten verliezen.

→ Meer lokale ruimte vroeger was dit percentage 70% nu 25%, positief dat het nu 30% wordt. De schaarste is groot. Voor alle woningzoekenden geldt dat het moeilijk is geschikt aanbod te vinden in de directe woonomgeving, waar het sociale netwerk vaak het sterkst is. Om ruimte te kunnen bieden aan eigen inwoners, is het mogelijk om via lokale voorrang woningen toe te wijzen. Dit is mogelijk voor maximaal 25% van de woningen die jaarlijks aangeboden worden in een gemeente. Dat is bepaald in de landelijke huisvestingswet. Deze wet is in 2015 in werking getreden. Via een apart traject wordt gewerkt aan de mogelijkheden om de lokale ruimte op te hogen in het kader van een experiment. → Geen aansluiting bij WoningNet, dit levert voor Oostzaan niets op. Doordat de WOV niet aangesloten is bij WoningNet, wordt verwacht dat de effecten van dit voorstel beperkt zullen blijven in deze gemeente. De WOV heeft wel aangegeven de nieuwe regels zo veel mogelijk te volgen.

87

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

18. Zienswijze huurdersvereniging Uithoorn en de Kwakel → Bouw meer in het goedkopere segment. → Creëer niet meer doelgroepen voor voorrang door de situatiepunten. Uit het uitgebreide regionale participatietraject in het voorjaar van 2019 bleek brede steun om woningen niet alleen maar op basis van inschrijftijd toe te wijzen, maar ook rekening te houden met de omstandigheden. Daarbij waren er drie situaties waarin volgens de meeste respondenten woningzoekenden extra steun moeten krijgen. Deze situaties zijn opgenomen in het voorstel. De wachttijden in de sociale huursector zijn lang. Niet alle woningzoekenden kunnen zo lang wachten, doordat zij in een dringende omstandigheid verkeren. Zij krijgen door de situatiepunten een steun in de rug bij het zoeken. Dit is in de situaties relatiebreuk met kinderen, inwonend met kinderen en problematisch thuiswonende jongeren. Uit de participatie en regionale enquête in het voorjaar van 2019 bleek groot draagvlak om deze drie groepen een extra steun te geven. → Gevraagd wordt wie de woning krijgt als woningzoekenden hetzelfde aantal punten hebben. Dan is de dag van inschrijving doorslaggevend. De wachtpunten worden per jaar geteld, maar in het systeem wordt bijgehouden op welke datum de inschrijving precies heeft plaatsgevonden. → Gevraagd wordt of bij het opbouwen van zoekpunten de privacyrichtlijnen van het AVG in het geding komen.

De AVG wordt gerespecteerd in de systemen die WoningNet en Woonmatch gebruiken voor de woonruimteverdeling. Dit is een randvoorwaarde. Hier vindt met het voorgenomen beleid geen wijziging in plaats. → No-show sancties zijn te zwaar, hoe ga je bijvoorbeeld om met noodsituaties. De sancties op no-show worden alleen toegepast op zoekpunten en situatiepunten. De sancties zijn niet van toepassing op wachtpunten. Zoekpunten en situatiepunten zijn een uiting van het dringend nodig hebben van een woning. Het college is van mening dat daar wel bij hoort dat een woningzoekende dan ook komt opdagen als een uitnodiging voor bezichtiging van een woning volgt. Er kunnen natuurlijk omstandigheden zijn waarbij woningzoekenden de afspraak niet na kunnen komen. Daarom wordt het no-show beleid op een aantal punten versoepeld. Zo kunnen woningzoekenden zich tot 9.00 uur op de dag van bezichtiging afmelden. In echte noodsituaties/schrijnende omstandigheden, kan een hardheidsclausule toegepast worden. → Vragen aandacht voor niet digitaal vaardigen. De toegankelijk van de nieuwe woonruimteverdeling voor n niet of minder digitaal vaardigen is een belangrijk aandachtspunt bij de implementatie van het nieuwe systeem. Zij moeten niet benadeeld worden door de nieuwe werkwijze. Daarom wordt er bij

88

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

invoering veel aandacht besteed aan het toegankelijk maken van dit systeem en wordt extra begeleiding georganiseerd. Zie punt 14 en 15 van deze nota voor meer toelichting. → Aandacht voor meer transparantie in het systeem. Transparantie wordt bereikt door de regels duidelijk uit te leggen en ervoor te zorgen dat woningzoekenden snappen hoe de volgordebepaling werkt. Dit is een belangrijk aandachtspunten bij de implementatie van het nieuwe systeem. Zie voor meer informatie het hoofdstuk over uitlegbaarheid en het hoofdstuk over transparantie in deze nota.

19. Huurdervereniging Huurders voor huurders Wormerland → Schaf de verhuurdersheffing voor woningbouwcorporaties af. De verhuurdersheffing is een landelijke maatregel en valt buiten de scope van dit project. De gemeenten die samenwerken in de MRA en de corporaties zetten zich gezamenlijk in om met het Rijk afspraken te maken om de verhuurdersheffing te beperken in deze regio. → De regionale uitwisseling van stadsvernieuwingsurgenten is niet goed geborgd in het voorstel. Het voorstel voor uitwisseling van regionale stadsvernieuwingsurgenten bouwt verder op de huidige werkwijze en vormt hier in feite een nadere concretisering van. Mocht dit in de praktijk niet voldoende blijken dan zullen de gemeenten gezamenlijk onderzoeken of aanvullende afspraken mogelijk zijn. → Regel een vangnet voor na de tijdelijke contracten. De jongeren en studentencontracten, met een contractduur van 5 jaar, zijn bedoeld om te voorzien in tijdelijke huisvesting van een groep woningzoekenden, waarvan verwacht wordt dat een (groot) deel van hen tijdelijk op de sociale huur is aangewezen. Het college realiseert zich dat een deel van de groep die hiervan gebruik maakt, ook na afloop van het tijdelijke contract, qua inkomen nog aangewezen is op sociale huur. Zeker nu door prijsstijging in de afgelopen jaren het aanbod in het lage middeldure huursegment en het goedkope koopaanbod is afgenomen.

Om hun kansen te bevorderen geldt dat de inschrijving op WoningNet bij aanvaarding van een tijdelijk contract, gewoon blijft doorlopen. Hiermee hebben zij gelijke kansen ten aanzien van starters op de woningmarkt die geen tijdelijk contract hebben. Het tijdelijk contract moet daarom nadrukkelijk gezien worden als een extra optie voor tijdelijke huisvesting, bijvoorbeeld in verband met studie, en niet als een opstap naar sociale huur. Het perspectief van studenten is daarbij anders dan het perspectief van jongeren zonder studie die een sociale huurwoning betrekken. Zij zullen vaker langdurig op sociale huur aangewezen zijn. Daarom is het voorstel van het college om

89

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

specifiek de jongeren, die na afloop van een jongerencontract geen alternatief hebben, te ondersteunen bij het zoeken naar een woning in de reguliere sociale huur. Dit is in het beleidsvoorstel voorzien via het voorstel een vangnet te bieden voor jongeren die moeten uitstromen uit een jongerencontract. Zij kunnen, bij bijzondere omstandigheden, in aanmerking komen voor extra startpunten. Die bijzondere voorwaarden zijn bijvoorbeeld aantoonbaar langdurig gezocht hebben naar een woning in de sociale huursector, maar ook daarbuiten en geen alternatief hebben (bijvoorbeeld terugkeer naar ouders). Ook chronisch zieke woningzoekenden of woningzoekenden met kinderen die afhankelijk zijn van heel specifiek woningaanbod, waardoor het zoeken belemmerd wordt, komen in aanmerking. De uitwerking van dit voorstel wordt opgenomen in het volledig beleidsvoorstel, zoals dat ter besluitvorming wordt voorgelegd aan de gemeenteraad. → Ouderen, die een grotere woning achterlaten worden nu via de maatwerkregeling van corporaties bemiddeld. De huurdersvereniging ziet liever dat deze ouderen door de corporatie bemiddeld mogen worden buiten de huisvestingsverordening om en zonder beperking in aantal. Als aan deze ouderen voorrang wordt gegeven en het dus ingrijpt op de volgordebepaling van

andere

woningzoekenden,

dan

moet

deze

regeling

wettelijk

in

de

huisvestingsverordening vastgelegd worden.

20. Huurdersvereniging Zaanstad (HoZ) → Schaf verhuurdersheffing af. De verhuurdersheffing is een landelijke maatregel en valt buiten de scope van dit project. De gemeenten die samenwerken in de MRA en de corporaties zetten zich gezamenlijk in om met het Rijk afspraken te maken om de verhuurdersheffing te beperken in deze regio. → Er wordt aandacht gevraagd voor niet digitaal vaardige ouderen. Voorts wordt gevraagd om ook mogelijkheden beschikbaar te houden buiten het digitale systeem om, op papier. De toegankelijk van de nieuwe woonruimteverdeling voor niet of minder digitaal vaardigen is een belangrijk aandachtspunt bij de implementatie van het nieuwe systeem. Zij moeten niet benadeeld worden door de nieuwe werkwijze. Daarom wordt er bij invoering veel aandacht besteed aan het toegankelijk maken van dit systeem en wordt extra begeleiding georganiseerd, zie voor verdere toelichting in de nota van beantwoording het hoofdstuk over zoekpunten zijn nadelig voor minder digitaal vaardigen. Er zijn sinds een aantal jaar geen mogelijkheden meer om per brief/ op papier op woningen te reageren. Wel is er op diverse plaatsen ondersteuning georganiseerd voor mensen die niet digitaal vaardig zijn.

→ Bepaal de uitstroom uit jongeren contracten niet per gemeente. Niet alle gemeenten werken met jongerencontracten. Daarom is er geen draagvlak om jongeren die uitstromen uit jongerencontracten op te vangen in de gemeenten die niet met deze contractvormen werken. Overigens hebben aanpassingen plaatsgevonden in het

90

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

voorstel om een vangnet te maken voor jongeren die na afloop van hun contract de woning moeten

verlaten.

Meer

informatie

hierover

vindt

u

in

het

hoofdstuk

met

wijzigingsvoorstellen. → De sanctie op no-show is te zwaar. Mensen kunnen bijvoorbeeld niet altijd vrij krijgen van werk. Woningzoekenden krijgen de mogelijkheid om een afspraak voor bezichtiging af te zeggen. Dan volgen geen sancties in het kader van no-show. Het afslaan van een uitnodiging kost wel 1 zoekpunt. Het afslaan van een uitnodiging gaat niet ten koste van situatiepunten of wachtpunten. Het beleid ten aanzien van weigeren en no-show is naar aanleiding van de reacties iets versoepeld. Meer informatie hierover vindt u in hoofdstuk VII, wijzigingsvoorstellen. → De HOZ richt zich op de Zaanse prestatieafspraken rond matching van urgente woningzoekenden. → Wat is het quotum voor de stadsvernieuwingsurgenten? Het voorgenomen minimum quotum is 3% van de jaarlijkse verhuringen van sociale huurwoningen per gemeente, met een ondergrens van één woning. Uitzondering hierop zijn bepaalde schaarse woningtypes, die elke gemeente kan benoemen. Over de aantallen zoals

hierboven

genoemd

en

aanvragen

over

schaarse

woningtypes

worden

maatwerkafspraken gemaakt per situatie. → Bemiddel ouderen buiten de woonruimteverdeling om. Ouderen, die een grotere woning achterlaten, vallen in het huidige systeem in de categorie: maatwerk en beslaan 5% van alle toewijzingen in een jaar. Als aan deze ouderen voorrang wordt gegeven en het dus ingrijpt op de volgordebepaling van

andere

woningzoekenden,

dan

moet

deze

regeling

wettelijk

in

de

huisvestingsverordening vastgelegd worden. → Hoe zijn de IP-adressen gekoppeld? Als je in een ander netwerk zoekt zijn er andere IP adressen. Bij de implementatie wordt een werkwijze uitgewerkt die niet fraudegevoelig is, maar waarbij wel rekening gehouden wordt met mogelijke ondersteuning bij het zoeken. → Hoe zijn de regionale indicatieteams samengesteld? Gemeenten verlenen urgenties op verschillende manieren, dit gebeurt door indicatieteams. Deze teams zijn onderdeel van de gemeente. Lokaal verder aanvullen. → Is er nagedacht over hulp en ondersteuning bij het zoeken van een woning. Bij het implementeren van het nieuwe systeem is er extra aandacht nodig voor uitleg en begeleiding van woningzoekenden. Dit wordt verder uitgewerkt in het plan van aanpak

91

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

communicatie en uitlegbaarheid. Bij punt 14 en 15 in deze nota is daar meer informatie over opgenomen. → Alle urgenten moeten direct bemiddeld worden. In het nieuwe voorstel worden alle urgenten direct bemiddeld, met uitzondering van stadsvernieuwingsurgenten. Reden hiervoor is dat deze woningzoekenden urgent zijn geworden door externe omstandigheden. Zij kunnen gedurende een periode zelf zoeken in het systeem met een stadsvernieuwingsurgentie.

21. IBN ( Initiatief Betaalbaar Wonen Noord) → Spreken opnieuw hun zorg uit over verschillende onderwerpen die van invloed zijn of zijn geweest op het woonbeleid. Dit in aanvulling op een eerdere notitie uit 2015. → Gaan in op (een aantal) hoofdlijnen van beleid zoals deze vanuit Den Haag in gang is gezet en het beleid van de gemeente Amsterdam en de Amsterdamse wooncorporaties. Het college neemt met interesse kennis van de notitie van Betaalbaar Wonen Noord. De notitie gaat in op rijksbeleid, dit valt buiten de scope van het regionale beleidsvoorstel. In deze Nota zal niet op deze punten worden ingegaan.

92

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

VII. Wijzigingen en toezeggingen Op basis van de ingekomen reacties wordt een aantal wijzigingen voorgesteld. Deze zijn in de Nota steeds benoemd, maar in dit hoofdstuk volgt een overzicht van de wijzigingen per punt.

1.

Zoekpunten

Er wordt een wijziging in de op en afbouw van zoekpunten voorgesteld. In het beleidsvoorstel is opgenomen dat iemand die 4x per maand reageert 1 punt opbouwt. Iemand die minder dan vier keer reageert verliest ook weer een punt per maand. Om onnodige reacties en stress te voorkomen wordt dit gewijzigd in: → Per maand wordt één zoekpunt toegekend, als een woningzoekende in die maand daaraan voorafgaand vier keer of meer op een woning heeft gereageerd. → Het aantal zoekpunten in een maand blijft gelijk, als een woningzoekende in de kalendermaand daaraan voorafgaand één tot drie keer op een woning heeft gereageerd. → Als in een maand niet door een woningzoekende is gereageerd op het woningaanbod, vervalt in de maand daarop één zoekpunt. Daarnaast wordt door veel woningzoekenden de zorg uitgesproken of er voor hen wel voldoende aanbod is om maandelijks vier keer te reageren. Bovengenoemde maatregel zal dat probleem verzachten. → In de uitwerking is onderzocht dat er in elk woningtype voldoende aanbod is voor woningzoekenden om vier keer te kunnen reageren. Daarbij is meegenomen dat er voldoende aanbod is in elke inkomenscategorie. → Daarnaast worden aanpassingen gedaan in het getoonde aanbod aan woningzoekenden. Naast het aanbod dat wordt getoond op basis van het zoekprofiel, wordt ook aanbod getoond waar de woningzoekende ook voor in aanmerking komt.

2. Situatiepunten: problematisch thuiswonende jongeren Uit de inspraak blijkt dat de meeste mensen positief zijn over situatiepunten. Belangrijkste kritiek is dat de groep niet te groot moet worden en dat de situaties wel transparant uitlegbaar en duidelijk toetsbaar moeten zijn. Er mag geen willekeur ontstaan en de situatie moet echt betrekking hebben op de groep die dat nodig heeft. Bij de uitwerking is gebleken dat niet alle in het beleidsvoorstel voorgenomen criteria voor problematisch thuiswonende jongeren even goed uit te werken zijn. Daarom volgende aanscherping voor de categorie pleegjongeren en aanpassing bij de categorieën mantelzorg en jongeren met ouders met een verslaving of zware psychische/ psychiatrische problematiek.

93

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

→ Voor de categorie pleegjongeren geldt dat ook jongeren in een gezinshuis worden meegenomen. → De categorie ‘Jonge Mantelzorgers’ , de categorie ‘Jongeren van ouders met sociaal-medische urgentie als ze niet meetellen met de huishoudgrootte na verhuizing’ en de categorie ‘Jongeren met ouders met een verslaving en of zware psychische/psychiatrische problematiek’ worden geschrapt.

94

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

3.

Sancties op weigeren en no-show

In de inspraak zijn veel reacties gekomen op de sancties op weigeren en no-show. Een aantal insprekers geeft aan het invoeren van sancties positief te vinden. De meeste insprekers vinden de sancties echter te streng en beargumenteren dat dit te veel stress oplevert bij woningzoekenden. Ook wordt genoemd dat er voorwaarden gesteld moeten worden aan de advertenties op WoningNet/Woonmatch en het uitnodigingsbeleid bij bezichtiging, voordat sancties op weigeren doorgevoerd kunnen worden. In het beleidsvoorstel is opgenomen dat een voorwaarde voor het inwerkingtreden van de sancties is, dat de informatievoorziening over de woning verbeterd wordt. De volgende aanvullingen/ wijzigingen worden voorgesteld. Weigeren → Woningzoekenden krijgen de mogelijkheid om na bezichtiging van een woning aan te geven of zij nog steeds interesse hebben. Als een woningzoekende aangeeft de woning niet te willen telt dit niet als een weigering, maar als het afmelden voor een woning. De sancties voor weigeren treden in die situatie niet in werking. Wel kost afmelden voor een woning één zoekpunt. Het beleidsvoorstel wordt als volgt gewijzigd: Woningzoekenden krijgen de mogelijkheid om na bezichtiging van een woning zich af te melden / te laten weten dat zij geen interesse hebben.

Als een woningzoekende na bezichtiging zich niet afmeldt voor een woning maar een daadwerkelijke aanbieding weigert, volgt aftrek van één zoekpunt. Bij een tweede weigering vervallen alle zoekpunten en, indien van toepassing, alle situatiepunten. → Een aangeboden woning moet voorzien zijn van goede foto’s, een plattegrond van de woning, buurtinformatie, een uitgebreide woningomschrijving en benoeming van bekende gebreken.

No-show en uitnodigingsbeleid → Bij niet komen opdagen bij een bezichtiging vindt geen toetsing plaats op de door woningzoekende opgegeven redenen. Hier wordt ook niet naar gevraagd. De mogelijkheden voor afmelden voor een bezichtiging worden ook verruimd. → Woningzoekenden kunnen zich afmelden voor bezichtiging tot het moment van bezichtiging. Deze afmelding telt dan als het niet accepteren van een uitnodiging, wat 1 punt aftrek kost. Deze punten worden alleen afgetrokken van de opgebouwde zoekpunten en situatiepunten. → Woningzoekenden krijgen minimaal drie dagen van tevoren (72 uur) een uitnodiging voor bezichtiging.

4.

Uitstroom uit jongerencontracten

In het beleidsvoorstel is opgenomen dat er een vangnet komt voor jongeren die niet kunnen uitstromen uit hun jongerencontract. Om hen te helpen krijgen zij startpunten toegekend. Dit punt is nog nader uitgewerkt. Het beleidsvoorstel wordt aangevuld op de volgende punten:

95

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

→ Jongeren in een jongerencontract, die in het laatste halfjaar van hun contractperiode nog geen andere woning hebben kunnen vinden, komen onder bepaalde omstandigheden in aanmerking voor lokale startpunten en een verlenging van hun tijdelijk huurcontract met twee jaar. Deze startpunten worden lokaal aangevraagd en lokaal toegekend. Gemeenten bepalen in hun lokale huisvestingsverordening of in hun gemeente al dan niet startpunten toegekend worden. Niet alle gemeenten zullen werken met lokale startpunten, Amsterdam is van plan om startpunten in te voeren.

→ De voorwaarden zijn: 

De jongere heeft breed en intensief gezocht, waarbij per maand vier reacties zijn geplaatst.

Voor jongeren (tot en met 27 jaar) die in aanmerking komen voor een jongerenwoning wordt verwacht dat ze minimaal de helft van de reacties op een jongerenwoning geplaatst hebben.

De jongere heeft geen woning geweigerd, geen sanctie gehad voor no-show maar alsnog geen woning kunnen vinden.

De jongeren heeft een of meerdere minderjarig kinderen van onder de 5jaar.

→ Bij toekenning krijgt de jongere 10 startpunten. Met de toegekende zoekpunten kan de jongere nog een halfjaar doorzoeken. De startpunten vervallen bij no-show en weigeren. Hiervoor wordt het beleid gevolgd dat ook voor zoek- en situatiepunten geldt. → Als het alsnog niet lukt om binnen het halfjaar een woning te vinden, wordt het vijfjarencontract automatisch met twee jaar verlengd. Uitzondering hierop zijn tijdelijke complexen, als verlenging niet meer mogelijk is door de tijdelijke aard van het complex. → Na 2,5 jaar vervallen de startpunten.

5.

Transparantie en begeleiding

Er zijn veel vragen die betrekking hebben op transparantie en begeleiding. Bij de uitwerking worden deze opmerkingen meegenomen. Daarbij is in elk geval aandacht voor de volgende punten: → Goed zicht op het totaal aantal punten, aantal reacties op een woning en de kans op woningtoewijzing worden meegenomen in de uitwerking. → Gebruik van filmpjes, eenvoudige stroomschema’s en instructies zijn noodzakelijk. Informatie moet zowel digitaal als in print worden geleverd. Begeleiding → De mate van extra begeleiding door corporaties wordt nader onderzocht.

96

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

→ De communicatie is gericht op alle woningzoekenden die te maken krijgen met het nieuwe woonruimteverdeelsysteem, ook de gewone woningzoekende. Specifieke aandacht is er voor de doelgroepen in dringende situaties, jongeren, gezinnen, senioren en mensen die minder (digi-)taalvaardig zijn. Dit najaar wordt nader in beeld gebracht welke extra begeleiding voor deze groepen nodig is. Er wordt gedacht aan incidentele en structurele persoonlijke begeleiding op lokale plekken, informatie- en instructieboekjes, instructiefilmpjes, stroomschema’s met pictogrammen en een toegankelijke en heldere inrichting van het nieuwe systeem op WoningNet en Woonmatch. (Zie ook hoofdstuk 14 en 15: transparantie en uitlegbaarheid).

97

Een sociale huurwoning zoeken verandert | Nota van beantwoording

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9921521/1