CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

A- 08 Bouwen en Wonen (25) 00 Voordracht Beleidsvoorstel voor een nieuwe woo

RAAD 31 maart 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Instemmen met het beleidsvoorstel voor een nieuwe woonruimteverdeling "Een sociale huurwoning zoeken verandert" Nr. VN2021-001451.2.435 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeenteraad

VN2021-001451 Wonen

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 31 maart 2021

Portefeuille

Bouwen en Wonen

Agendapunt

8

Datum besluit

College van B&W 2 februari 2021 Onderwerp

Instemmen met het beleidsvoorstel voor een nieuwe woonruimteverdeling "Een sociale huurwoning zoeken verandert" De gemeenteraad van Amsterdam besluit

1. om in te stemmen met het beleidsvoorstel voor een nieuwe woonruimteverdeling ”Een sociale huurwoning zoeken verandert”. Het beleidsvoorstel is een compromis tussen vijftien gemeenten uit de regio en veertien woningcorporaties, en biedt een nieuwe puntenopbouw in de volgorde bij de toewijzing van sociale huurwoningen, gebaseerd op wachten, zoeken en omstandigheden. 2. om in te stemmen met het toekennen van startpunten aan Amsterdamse jongeren die moeten uitstromen uit een jongerencontract. 3. kennis te nemen van de Nota van Beantwoording bij het beleidsvoorstel voor een nieuwe woonruimteverdeling, die aan de insprekers is toegestuurd. De inspraak heeft geleid tot enkele wijzigingen in de systematiek van zoek- en situatiepunten,de sanctie op het weigeren van een woning is versoepeld, er worden meer eisen gesteld aande kwaliteit van de woningadvertenties en het uitnodigingsbeleid voor bezichtiging van eenwoning door corporaties. Wettelijke grondslag

Huisvestingswet: artikel 7 1. In de huisvestingsverordening kan de gemeenteraad categorieën woonruimte aanwijzen die niet voor bewoning in gebruik mogen worden genomen of gegeven indien daarvoor geen huisvestingsvergunning is verleend. artikel 9 1. Indien de gemeenteraad toepassing heeft gegeven aan artikel 7 legt hij in de huisvestingsverordening de criteria vast voor de verlening van huisvestingsvergunningen.2. De criteria, bedoeld in het eerste lid: a. hebben geen betrekking op het stellen van eisen als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek, behoudens in gebieden die daartoe zijn aangewezen op grond van artikel 5 van die wet; b. hebben niet tot gevolg dat woningzoekenden met een huishoudinkomen onder een gestelde ondergrens geheel uitgesloten worden van toegang tot de woningvoorraad in de gemeente, en c. hebben niet tot gevolg dat toegelaten instellingen die feitelijk werkzaam zijn in de gemeente belemmerd worden om bij de toewijzing van hun woongelegenheden uitvoering te geven aan het bepaalde bij of krachtens de artikelen 46, tweede lid, en 48, Woningwet.

Gegenereerd: v1.59

1

Gemeenteraad

VN2021-001451 Wonen

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 31 maart 2021

artikel 6 1. Bij de voorbereiding van de vaststelling of wijziging van een huisvestingsverordening plegen burgemeester en wethouders overleg met de in de gemeente werkzame toegelaten instellingen, met woonconsumentenorganisaties en met andere daarvoor naar hun oordeel in aanmerking komende organisaties. 2 Bij de voorbereiding van de vaststelling of wijziging van een huisvestingsverordening stemmen burgemeester en wethouders deze af met burgemeester en wethouders van de overige gemeenten die deel uitmaken van de woningmarktregio waarin de gemeente is gelegen. Bestuurlijke achtergrond

Het voorstel is voorbereid in overleg tussen de gemeente Amsterdam, de overige veertien regiogemeenten en veertien woningcorporaties in de regio, aangesloten bij het Platform Woningcorporaties Noordvleugel Randstad (PWNR). Dit is gebeurd via de gremia van het Bestuurlijk Team Woonruimteverdeling (BT) en het Bestuurlijk Overleg RAP-regio (BO RAP-regio). Elke gemeente had daarbij de verantwoordelijkheid om de besluitvorming in de eigen gemeente voor te bereiden. In Amsterdam heeft voorbereiding plaatsgevonden via: • raadsconsultatie van het nieuwe beleidsvoorstel, voorjaar 2020; • raadsbrief, juni 2019 (toelichten voortgang); • Commissie Wonen en Bouwen, najaar 2018 (bespreken proces en dillema’s). Onderbouwing besluit

Ad.1. Op dit moment worden sociale huurwoningen van corporaties toegewezen op basis van of inschrijfduur of urgentie. Omdat sociale huurwoningen schaars zijn (de gemiddelde wachttijd voor een sociale huurwoning ligt in de hele regio boven de tien jaar) en urgenties alleen in zeer uitzonderlijke gevallen worden verleend, is er nu een groep woningzoekenden die wel degelijk dringend een woning nodig heeft maar daar geen kans op maakt. Denk bijvoorbeeld aan jongeren die al jarenlang bij hun ouders in wonen en waar dat niet langer gaat, gescheiden ouders met kinderen, of gezinnen die bij een ander huishouden inwonen. Daarom is in 2018 samen met regiogemeentes en corporatie een traject gestart om de woonruimte verdeling aan te passen zodat sociale huurwoningen beter terecht komen bij de mensen die ze het hardst nodig hebben. Aan het begin van het traject hebben de gemeenteraden hun inbreng kunnen geven over een aantal dilemma’s die onder de herziening van de woonruimteverdeling liggen. Ook is een grote enquête gehouden onder bewoners en heeft een aantal participatiebijeenkomsten plaatsgevonden. Dit heeft geresulteerd in een voorstel op hoofdlijnen vanuit de gemeentes uit de regio en de actieve woningcorporaties dat in het voorjaar van 2020 aan de gemeenteraden voorgelegd is ter consultatie.

De inbreng is verwerkt in het uiteindelijke compromisvoorstel van de regiogemeentes en de woningcorporaties ‘Een sociale huurwoning zoeken verandert’. Doel van het beleidsvoorstel is om meer ruimte te bieden aan woningzoekenden met een dringende verhuiswens ten opzichte van huishoudens met vooral een kwalitatieve verhuiswens. Daarom gaan naast wachten (inschrijfduur) ook zoeken en de situatie van de woningzoekende een rol spelen bij toewijzing. Uit onderzoek van adviesbureau Rigo blijkt dat hiermee de kansen van starters en huishoudens die intensief zoeken en in aanmerking komen voor situatiepunten erop vooruitgaan.

Gegenereerd: v1.59

2

Gemeenteraad

VN2021-001451 Wonen

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 31 maart 2021

Het beleidsvoorstel voor een nieuwe woonruimteverdeling ”Een sociale huurwoning zoeken verandert” heeft de volgende hoofdlijnen: 1. De volgordebepaling voor woningzoekenden verandert. Inschrijfduur wordt vervangen door toewijzing op basis van wachten, zoeken en situatie. Voor overige woningzoekenden (niet voor urgenten) wordt een puntensysteem ingevoerd, met wachtpunten, zoekpunten en situatiepunten. 2. De wachtpunten zijn gebaseerd op de oude inschrijfduur. Eén jaar is daarbij gelijk aan één wachtpunt. Zoekpunten worden maandelijks opgebouwd door minimaal vier keer per maand te reageren en in een drietal situaties kunnen situatiepunten worden opgebouwd. 3. De situaties waar punten voor kunnen worden opgebouwd zijn 1) relatiebreuk met kinderen, 2) inwonend met kinderen en 3) problematisch thuiswonende jongeren. Er zijn twee categorieën jongeren die in aanmerking komen voor situatiepunten voor problematisch thuiswonende jongeren. Hierbij gaat het om jongeren in pleeggezinnen en jongeren die thuis ambulante ondersteuning krijgen. 4. Op 50% van de woningen die worden aangeboden via de aanbodsites (bijvoorbeeld WoningNet) tellen situatiepunten mee. 5. Wachtpunten zijn de basis en worden blijvend opgebouwd. Zoekpunten en situatiepunten zijn voorwaardelijk. Als een woningzoekende een maand lang niet reageert op een woning, wordt één zoekpunt afgetrokken.

Als een woningzoekende in een maand één tot drie keer reageert, blijft het aantal zoekpunten gelijk. Verder vindt aftrek van één zoekpunt plaats bij niet accepteren van een uitnodiging of weigering van een woning na bezichtiging. Als een woningzoekende tweemaal na acceptatie van een woning, maar vóór de ondertekening van het huurcontract alsnog weigert, vindt aftrek van alle zoekpunten en situatiepunten plaats. 6. Gemeenten krijgen de mogelijkheid om voor de periode van twee jaar een experiment te starten met het toekennen van startpunten aan jongeren die na afloop van hun jongerencontract dakloos worden. Deze punten zijn alleen lokaal geldig. Na afloop van het experiment volgt evaluatie en het gesprek of deze regeling voortgezet kan worden. 7. Alle urgenten in de regio worden direct bemiddeld, met uitzondering van stadsvernieuwingsurgenten. Zij kunnen zelf zoeken. 8. Uitlegbaarheid en uitvoerbaarheid zijn belangrijke randvoorwaarden, net als de beschikbaarheid van goede informatie op WoningNet en Woonmatch (kwaliteit advertenties). Ad.2. Het uitgangspunt bij jongerencontracten is dat de meerderheid van de jongeren aan het eind van hun tijdelijke contract zelf in staat is een nieuwe woning te vinden.

Deze maatregel is dan ook bedoeld als een vangnet voor degenen die alsnog dakloos worden aan het einde van hun tijdelijke contract, omdat zij geen alternatieve woonoplossing hebben kunnen vinden. Verwachting is dat dit vangnet voor een beperkt deel van de jongeren nodig is. Deze maatregel wordt alleen ingevoerd in de gemeenten die kiezen om hem toe te passen en is alleen in die gemeente geldig. Deze maatregel wordt ingezet als een experiment dat na twee jaar

Gegenereerd: v1.59

3

Gemeenteraad

VN2021-001451 Wonen

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 31 maart 2021

wordt geëvalueerd. Op basis van de resultaten wordt daarna regionaal besloten of het experiment wordt opgenomen in de regelgeving, of wordt stopgezet. Deze maatregel is bedoeld voor jongeren die in het laatste half jaar van hun jongerencontract nog geen woonruimte hebben kunnen vinden. Ook voldoen ze aan de inkomensnorm voor een sociale huurwoning. Om in aanmerking te komen moet een jongere kunnen aantonen, naast een passend inkomen, in één of meer van de volgende omstandigheden te verkeren: 1. de jongere heeft hard gezocht naar een andere woning, zonder succes. Jongeren die in aanmerking komen voor een jongerencontract hebben ook gereageerd op jongerenwoningen; 2. de jongere heeft een inwonend kind of kinderen onder de 5 jaar. Daarbij is het mogelijk om de hardheidsclausule toe te passen wanneer de jongere verkeert of in het afgelopen jaar heeft verkeerd onder dusdanige schrijnende (medische) omstandigheden, dat zoeken onmogelijk was. Wanneer de jongere voldoet aan de criteria krijgt deze 10 extra “startpunten” toegekend in WoningNet of Woonmatch. Deze startpunten zijn alleen geldig voor reacties op sociale huurwoningen in de gemeente waar de startpunten zijn toegekend. De startpunten worden in één keer toegekend en worden niet opgebouwd of afgebouwd. Startpunten zijn 2,5 jaar geldig vanaf het moment van toekenning.

Startpunten kunnen wel worden afgenomen als sanctie voor een “no show” of weigering van een concrete woningaanbieding. Een jongere met startpunten kan op basis van deze toekenning verlenging van het tijdelijk contract aanvragen bij de eigen corporatie. De corporatie verlengt vervolgens het tijdelijke contract met twee jaar. De corporatie kan de verlenging onder voorwaarden weigeren. Als bij een sanctie de startpunten worden afgenomen, kan de corporatie het verlengde contract alsnog opzeggen. Deze maatregel wordt ingevoerd als experiment en wordt na twee jaar geëvalueerd. Goede monitoring is belangrijk. Aanleiding om het experiment vroegtijdig te bespreken is als meer dan 25% van de jongeren die na 4 jaar nog in het jongerencontract woont, startpunten krijgt toegewezen. Desgewenst kunnen gemeenten en corporaties in overleg besluiten het experiment vroegtijdig te beëindigen of kan besloten worden de criteria aan te scherpen. Onderdeel van de monitoring en evaluatie is o.a.: • de effecten op kansen voor andere groepen woningzoekenden, zoals jongeren voor startpunten; • het bijhouden op welke woningen met startpunten gereageerd wordt; • het bijhouden welke woningen worden toegewezen aan woningzoekenden met startpunten.

De startpunten moeten voldoende zijn om een woning te vinden, maar mogen niet leiden tot toewijzing van woningen waar normaal gesproken lange wachttijd voor nodig is, aan starters. Voorstel is om beoordeling van aanvragen voor startpunten, net als situatiepunten, te beleggen bij een centraal team, dat extern georganiseerd is. Om in beeld te brengen hoe de toetsing van startpunten georganiseerd kan worden en welke kosten dit met zich meebrengt, is advies ingekocht bij het Vierde Huis. Dit is een partij die voor een aantal gemeenten in Nederland vergunning- en urgentieaanvragen beoordeelt. Ad.3.

Gegenereerd: v1.59

4

Gemeenteraad

VN2021-001451 Wonen

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 31 maart 2021

In de periode van 2 juni 2020 tot en met 28 juli 2020 heeft het beleidsvoorstel ter inspraak gelegen. In totaal zijn er in de regio 951 inspraakreacties gekomen. Op basis van de inspraakreacties zijn een aantal wijzigingen doorgevoerd voor verbetering van het voorstel. Belangrijkste wijzigingen zijn: • de op- en aouw van zoekpunten. Zoekpunten worden minder snel afgebouwd; • de sancties op weigeren van een woning zijn versoepeld; • een aantal categorieën bij de situatie problematisch thuiswonende jongeren is geschrapt. Uit de inspraak en raadsconsultaties is gebleken dat uitvoerbaarheid en transparantie een aandachtspunt is. Bij uitwerking bleek dat lastig voor de geschrapte categorieën; • er worden meer eisen gesteld aan de kwaliteit van de woningadvertenties en het uitnodigingsbeleid voor bezichtiging van een woning door corporaties; • de uitlegbaarheid van het voorstel is een aandachtspunt. Om woningzoekenden te informeren wordt een brede informatiecampagne opgestart Na instemming van alle colleges van B&W van de betrokken gemeenten met het beleidsvoorstel en de nota van beantwoording, in Amsterdam op 2 februari 2021, zijn de insprekers in februari 2021 geïnformeerd over de resultaten van de inspraak.

Financiële onderbouwing Consequenties gedekt?

Gedeeltelijk

Overige toelichting

De kosten voor de nieuwe woonruimteverdeling zijn in beeld gebracht. Belangrijkste kosten worden verwacht op de volgende drie onderdelen: • implementatie van de wijzigingen op de aanbodsites voor sociale huurwoningen inde regio, WoningNet en Woonmatch; • inrichten van een loket om aanvragen voor situatiepunten te beoordelen en aandeling van bezwaar en beroep hierop; • de interne en externe communicatiecampagne. In het BO-Rap regio van 17 december 2020 hebben de wethouders Wonen ingestemd om de kostenverdeling voor de implementatiefase bij het beleidsvoorstel voor te leggen aan college en raad. Er is afgesproken dat corporaties de kosten voor de implementatie in WoningNet en Woonmatch betalen. Gemeenten zullen de kosten voor de beoordeling van situatiepunten dragen en de kosten voor aandeling van bezwaar en beroep. De kosten voor de communicatiecampagne worden door gemeenten en corporaties gedeeld. Een kostenoverzicht is opgenomen in Bijlage I. Op basis van het inwoneraantal per gemeente is een verdeelsleutel opgesteld (zie BijlageII). Voor de gemeente Amsterdam betekent dat: • een bedrag van € 326.482 incidenteel voor implementatie en uitvoering; • een bedrag van € 228.298 structureel voor toetsing en communicatie; • in 2022 en 2023 € 174.217 voor bezwaar en beroep, vanaf 2024 € 86.748.

De kosten voor het toekennen van startpunt aan jongeren die moeten uitstromen uit een jongerencontact worden gedeeld door de deelnemende regiogemeenten. Er zijn vierkostenposten: • eenmalige kosten 2021: € 30.000 (bouw systeem); • structurele kosten vanaf 2022: € 10.000 (licentie, overhead, etc.);

Gegenereerd: v1.59

5

Gemeenteraad

VN2021-001451 Wonen

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 31 maart 2021

• structurele kosten vanaf 2022: € 60.000 (beoordeling startpunten); • structurele kosten vanaf 2022: € 45.000 (bezwaar en beroep; vanaf 2024 € 37.000). De kosten die in 2021 moeten worden gemaakt in verband met het beleidsvoorstel voor een nieuwe woonruimteverdeling ”Een sociale huurwoning zoeken verandert”, worden gedekt binnen binnen programmaonderdeel 11.1 Wonen en bouwen. Voor de incidentele en structurele kosten voor implementatie en uitvoering in 2022 en 2023zal een dekkingsvoorstel worden opgenomen in de Voorjaarsnota 2021. Conclusie

De genoemde beslispunten in de voordracht hebben wel financiële consequenties en deze zijn niet of gedeeltelijk geraamd in de begroting. Een voorstel voor 100% dekking is bijgevoegd. Geheimhouding

N.v.t.

Welke stukken treft u aan Meegestuurd

Registratienr.

Naam

AD2021-007548

Beleidsvoorstel voor een nieuwe woonruimteverdeling.pdf (pdf)

AD2021-008168

Bijlage I Kostenoverzicht implementatie en uitvoering.docx (msw12)

AD2021-008169

Bijlage II Kostenoverzicht per regiogemeente.docx (msw12)

AD2021-005217

Gemeenteraad Voordracht (pdf)

AD2021-008170

Nota van Beantwoording.docx (msw12)

AD2021-008171

Notitie Uitwerking maatregelen voor uitstroom uit jongerencontracten.docx (msw12)

Registratienr.

Naam

Ter Inzage

Behandelend ambtenaar (naam, telefoonnummer en e-mailadres)

Wonen, Jeroen Montauban, 06-10675233, j.montauban@amsterdam.nl Wonen, Kirsten Simhoffer, 06-83620002, k.simhoffer@amsterdam.nl

Gegenereerd: v1.59

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9921517/1