A - 07 Financiën (36) 00 Voordracht Derde Wijzigingsverordening Reclamebelas
Tekst van het document
Gemeenteraad
VN2023-019578 Belastingen
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 08 november 2023
Portefeuille
Financiën
Agendapunt
7
Datum besluit
3 oktober 2023 Onderwerp
Derde Wijzigingsverordening Reclamebelasting 2020 De gemeenteraad van Amsterdam besluit
Vast te stellen de Derde wijzigingsverordening op de Verordening Reclamebelasting Amsterdam 2020 Wettelijke grondslag
Artikel 160 Gemeentewet Artikel 216 van de Gemeentewet bevat de bevoegdheid van de gemeenteraad om belastingverordeningen vast te stellen. Elk besluit tot het invoeren, wijzigen of afschaffen van een belasting geschiedt in de vorm van een belastingverordening. Gemeentelijke belastingen kunnen enkel worden geheven op grond van de Gemeentewet dan wel een andere wet. Zonder een wettelijke basis is invoering van een gemeentelijke belasting niet mogelijk. Artikel 227 van de Gemeentewet is de wettelijke basis voor de reclamebelasting. Op grond van dit artikel kan de gemeente een reclamebelasting heffen ter zake van openbare aankondigingen zichtbaar vanaf de openbare weg. Bestuurlijke achtergrond
Bij raadsbesluit van 7 november 2019 (Gemeenteblad 2019, nr. 290031) is de Verordening Reclamebelasting Amsterdam 2020 vastgesteld. Op basis van deze verordening wordt een directe belasting geheven voor openbare aankondigingen die zichtbaar zijn vanaf de openbare weg. De (her)invoering van de reclamebelasting was een voornemen uit het coalitieakkoord 2018-2022 om de verrommeling van de openbare ruimte terug te dringen. Om ondernemers te helpen om de gevolgen van de corona-crisis het hoofd te bieden, is de uitvoering van de reclamebelasting uitgesteld tot maart 2022. In het coalitieakkoord 2022-2026 is ten aanzien van de reclamebelasting aangekondigd dat wordt onderzocht of de reclamebelasting nader kan worden gedifferentieerd, zodat kleine uitingen niet belast zijn en het zwaartepunt komt te liggen op die uitingen die het meeste beslag leggen op de openbare ruimte. De gemeenteraad heeft op 10 november 2022 motie 473 van de leden Schmit, Asruf en Ernsting aangenomen, waarmee het college wordt opgeroepen om de reclamebelasting verder te differentiëren bij de wijzigingsverordening die bij de begroting van 2024 wordt behandeld.
Bij de behandeling van de begroting 2023 is aangegeven dat de mogelijkheden tot differentiatie na verzending van de aanslagen over belastingjaar 2022 aan het einde van het eerste kwartaal van 2023 verkend konden worden, omdat op dat moment duidelijk zicht bestaat op het belastbare areaal, de verdeling over de verschillende tariefgroepen en tariefgebieden, en de effecten van verschuivingen in de tariefstelling op de opbrengsten. In het Jaarverslag 2022 en de Voorjaarsnota 2023 is gemeld dat de baten van de reclamebelasting over 2022 en 2023 ca. 50% lager uitvallen dan aanvankelijk geraamd. In de begroting 2024 zijn de baten daarom naar beneden bijgesteld tot het realisatieniveau van 2023 (€ 5,1 miljoen), behoudens indexatie.
Gegenereerd: v1.36
1
Gemeenteraad
VN2023-019578 Belastingen
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 08 november 2023
Onderbouwing besluit
De raad wordt gevraagd om in te stemmen met de Derde wijzigingsverordening op de reclamebelasting Verordening Reclamebelasting Amsterdam 2020, waarmee: 1.
2.
De tarieventabel 2023 in Bijlage 1 wordt vervangen door de tarieventabel 2024, waarmee de opbrengsten zoals opgenomen in de begroting 2024 kunnen worden gerealiseerd en uitvoering wordt gegeven aan Motie 473 van de leden Schmit, Asruf en Ernsting inzake verdere differentiatie van de reclamebelasting. Een vrijstelling voor niet-commerciële uitingen op woningen wordt geïntroduceerd.
Differentiatie tarievenstructuur Bijstelling opbrengsten reclamebelasting De aanslagen over belastingjaar 2022 - het eerste heffingsjaar van de opnieuw ingevoerde reclamebelasting - zijn aan het einde van het eerste kwartaal van 2023 verstuurd. Zoals gemeld in het Jaarverslag 2022, bleken de opbrengsten ca. 50% lager uit te vallen dan aanvankelijk ingeschat. Bij het inrichten van de heffing is gekozen voor een fundamenteel andere heffingssystematiek en tarievenstructuur dan waar sprake van was in de ‘oude’ heffing die tot 2016 is uitgevoerd. Daarbij gaat het met name om het rekenen met vierkante meters in plaats van met strekkende meters, het hanteren van gestaffelde tarieven in plaats van een tarief per strekkende meter en het cumuleren van het oppervlak van alle uitingen, in plaats van het afzonderlijk belastingen van alle individuele uitingen. Deze wijzigingen golden als noodzakelijke (technische) voorwaarden om de reclamebelasting op innovatieve en doelmatige wijze uit te kunnen voeren, maar maakten het niet mogelijk om de oude systematiek onderbouwd te converteren naar het nieuwe uitvoeringsmodel en de ramingen. Bij het ramen van de baten is daarom uitgegaan van aannames en inschattingen, omdat zicht op het belastbare areaal ontbrak.
De aannames over het areaal en de effecten van de conversie naar de nieuwe heffingssystematiek zijn onvoldoende robuust gebleken en hebben tot een overschatting geleid bij het ramen van de opbrengsten. Omdat voor belastingjaar 2023 dezelfde tarieven (behoudens indexatie) zijn gehanteerd, zijn in de Voorjaarsnota 2023 de opbrengsten voor begrotingsjaar 2023 eveneens met 50% naar beneden bijgesteld. Het dekken van de minderopbrengsten door verhoging van de tarieven zou bij gelijkblijvende verhoudingen tussen de tariefgroepen een verdubbeling van de tarieven voor alle belastingplichtigen inhouden. Een keuze voor het dekken van de minderopbrengsten in combinatie met het ontzien van kleine uitingen zou - gelet op de grote concentratie van kleine uitingen in het areaal - voor aanzienlijke groepen ondernemers leiden tot een verdubbeling of verdrievoudiging van de tarieven. Beide scenario's worden door het college als onredelijk en onwenselijk beschouwd. In de begroting 2024 zijn de baten daarom bijgesteld tot het niveau van de realisatie in 2023 (behoudens indexatie). Motie 473 - Verder differentiëren reclamebelasting Bij de begroting 2023 is motie 473 aangenomen, waarmee het college wordt opgeroepen om de reclamebelasting verder te differentiëren. Deze oproep sluit aan bij de wens uit het coalitieakkoord om kleine uitingen te ontzien.
Om tot een onderbouwde herziening van de tarieventabel te komen, is een analyse van het huidige areaal uitgevoerd. Zoals uit de onderstaande tabel blijkt, is sprake van een grote concentratie van kleine uitingen. Verdeling belastingplichtigen over tariefstaffels (2022)
Gegenereerd: v1.36
2
Gemeenteraad
VN2023-019578 Belastingen
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 08 november 2023
Staffel
m²
% van het areaal
% van de opbrengsten
1
< 0,25
11,51
0
2
0,25 tot 2
36,53
20,84
3
2 tot 10
39,58
39,73
4
10 tot 50
10,48
17,51
5
50 tot 100
1,21
4,79
6
100 tot 250
0,56
5,99
7
250 tot 400
0,08
3,16
8
400 tot 1000
0,05
3,75
9
1000 tot 5000
0,01
1,88
10
> 5000
0,005
1,88
In het verlengde van deze analyse zijn bij het uitwerken van de tarieven de volgende uitgangspunten gehanteerd: • De huidige vrijstelling voor uitingen tot 0,25 m² is ongewijzigd gelaten. Ruim 11% van het areaal valt in deze categorie, en daarmee onder de vrijstelling. Verruiming van de vrijstelling zou door de grote concentratie van belastingplichtigen in de lagere tariefgroepen tot minderopbrengsten leiden en zich slecht verhouden tot het regulerende karakter van de heffing. Ook zou bij verruiming van de vrijstelling reclame op abri’s, frames en andere toegewezen plekken in de stad buiten de heffing kunnen komen te vallen, terwijl het evident is dat met de reclamebelasting wordt beoogd om dergelijke uitingen te belasten. • Het tarief voor uitingen tot 2 m² (ca. 37% van de belastingplichtigen) wordt niet verhoogd en niet geïndexeerd, maar blijft gelijk aan het tarief 2023. Daarmee worden kleine uitingen ontzien. • De ruime staffel van 2 tot 10 m² (waar ca. 40% van het areaal in valt) wordt gesplitst in een staffel van 2 tot 5 m² en een staffel van 5 tot 10 m². In de huidige structuur krijgt een ondernemer met iets meer dan 2 m² dezelfde aanslag als een ondernemer die bijna 10 m² aan reclame heeft hangen. Daarmee is er voor een grote groep belastingplichtigen geen prikkel om reclame weg te halen of te verkleinen.
Omdat een aanzienlijk deel van de belastingplichtigen die in de huidige staffel van 2 tot 1o m² valt, 5 tot 10 m² aan reclame heeft (ca. 60%), is differentiatie van deze brede staffel daarmee eveneens zinvol in materiele zin. • Het tarief voor uitingen tot van 2 tot 5 m² wordt niet verhoogd en niet geïndexeerd. Daarmee wordt ook deze categorie relatief kleine uitingen ontzien. • Voor de nieuwe staffel van 5 tot 10 m2 geldt dat het tarief stijgt met 50% ten opzichte van de oude situatie: de tarievenstructuur beweegt op dit manier mee met de toevoeging van een categorie. • De tarieven voor de staffels boven de 10 m² stijgen met 20%. Daarmee blijven de verhoudingen tussen de tariefgroepen in stand en wordt een groter beroep gedaan op ondernemers met grote uitingen in de stad. Met de herziening van de tarievenstructuur en de gedifferentieerde herziening van de tarieven beschouwt het college Motie 477 als afgedaan. Tarieventabel Reclamebelasting 2024 Op basis van de hierboven toegelichte uitgangspunten zijn in de Derde wijzigingsverordening op de Verordening Reclamebelasting 2020 de volgende tarieven opgenomen:
Gegenereerd: v1.36
3
Gemeenteraad
VN2023-019578 Belastingen
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 08 november 2023
Gebied A
Gegenereerd: v1.36
Tarief in € per jaar
Stijging t.o.v. 2023
2023
2024
%
€
Kleiner dan 0,25 m²
€0
€0
-
-
Van 0,25 m² tot 2 m²
€ 153
€ 153
0
€0
Van 2 m² tot 5 m²
€ 281
€ 281
0
€0
Van 5 m² tot 10 m²
€ 281
€ 422
50
€ 141
Van 10 m² tot 50 m²
€ 510
€ 612
20
€ 102
Van 50 m² tot 100 m²
€ 1.275
€ 1.530
20
€ 255
Van 100 m² tot 250 m²
€ 3.825
€ 4.590
20
€ 765
Van 250 m² tot 400 m²
€ 15.300
€ 18.360
20
€ 3.060
Van 400 m² tot 1000 m²
€ 61.200
€ 73.440
20
Van 1000 m² tot 5000 m²
€ 81.600
Van 5000 m² en groter
€ 102.000
€ 122.400
20
Per parasol, banier, vlag
€ 102
€ 122
20
Reclamemast per vak
€ 5.100
Gebied B
Tarief in € per jaar
€ 12.240 € 97.920
20 € 16.320 € 20.400 € 20
€ 6.120
20
€ 1.020
Stijging t.o.v. 2023
2023
2024
%
€
Kleiner dan 0,25 m²
€0
€0
-
-
Van 0,25 m² tot 2 m²
€ 115
€ 115
0
€0
Van 2 m² tot 5 m²
€ 210
€ 210
0
€0
Van 5 m² tot 10 m²
€ 210
€ 315
50
€ 105
Van 10 m² tot 50 m²
€ 383
€ 460
20
€ 77
Van 50 m² tot 100 m²
€ 957
€ 1.148
20
€ 191
Van 100 m² tot 250 m²
€ 2.550
€ 3.060
20
€ 510
Van 250 m² tot 400 m²
€ 10.200
€ 12.240
20
€ 2.040
Van 400 m² tot 1000 m²
€ 40.800
€ 48.960
20
Van 1000 m² tot 5000 m²
€ 61.200
Van 5000 m² en groter
€ 81.600
€ 97.920
20
Per parasol, banier, vlag
€ 77
€ 92
20
Reclamemast per vak
€ 5.100
Gebied C
Tarief in € per jaar
€ 8.160 € 73.440
20 € 12.240 € 16.320 € 15
€ 6.120
20
€ 1.020
Stijging t.o.v. 2023
2023
2024
%
€
Kleiner dan 0,25 m²
€0
€0
-
-
Van 0,25 m² tot 2 m²
€ 86
€ 86
0
€0
Van 2 m² tot 5 m²
€ 158
€ 158
0
€0
4
Gemeenteraad
VN2023-019578 Belastingen
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 08 november 2023
Van 5 m² tot 10 m²
€ 158
€ 237
50
€ 79
Van 10 m² tot 50 m²
€ 287
€ 344
20
€ 57
Van 50 m² tot 100 m²
€ 717
€ 860
20
€ 143
Van 100 m² tot 250 m²
€ 1.913
€ 2.296
20
€ 383
Van 250 m² tot 400 m²
€ 7.650
€ 9.180
20
€ 1.530
Van 400 m² tot 1000 m²
€ 10.200
€ 12.240
20
Van 1000 m² tot 5000 m²
€ 40.800
Van 5000 m² en groter
€ 61.200
€ 73.440
20
Per parasol, banier, vlag
€ 57
€ 68
20
Reclamemast per vak
€ 5.100
€ 2.040 € 48.960
20 € 8.160 € 12.240 € 11
€ 6.120
20
€ 1.020
Ad b: vrijstelling voor niet-commerciële uitingen op woningen Bij het verzenden van de vooraankondigingen voor de aanslagen reclamebelasting over 2022 is gebleken dat ook uitingen aan woningen geautomatiseerd in de belastingadministratie worden opgenomen. Het gaat hier bijvoorbeeld om (kinder)tekeningen, posters voor een schoolmusical of protest-spandoeken. Omdat bij het introduceren van de reclamebelasting niet beoogd is om Amsterdammers voor dit soort niet-commerciële uitingen te laten betalen, zijn deze gevallen buiten de heffing gehouden. Om deze werkwijze te formaliseren, wordt voorgesteld om de volgende vrijstelling in de verordening toe te voegen in art. 8, sub m: Artikel 8 Vrijstellingen De reclamebelasting is niet verschuldigd voor: … m. openbare aankondigingen op of aan onroerende zaken die gebruikt worden als woning en voor zover de aankondiging een ideëel, of niet commercieel karakter heeft. Bij de (her)invoering van de reclamebelasting is gekozen voor een doelmatige heffingssystematiek waarin geautomatiseerde beeldherkenning centraal staat. Om de uitvoerbaarheid van de heffing te borgen, is gekozen voor een zo beperkt mogelijk aantal uitzonderingen en vrijstellingen. Dat betekent dat geregistreerde uitingen niet inhoudelijk worden beoordeeld.
Door het opnemen van een vrijstelling voor uitingen van ideële of niet-commerciële aard aan woningen (die niet voor bedrijfsmatige activiteiten worden gebruikt), kan worden voorkomen dat Amsterdammers een aanslag reclamebelasting krijgen voor een school- of protestposter. Omdat het om een verhoudingsgewijs kleine groep uitingen gaat, kan deze vrijstelling worden opgevangen in de uitvoering. De vrijstelling geldt niet voor uitingen aan zakelijke objecten (zogenaamde niet-woningen). De vraag of een uiting van ideële of commerciële aard is doet voor niet-woningen niet ter zake: het gaat om de vraag of met een uiting de aandacht van het publiek wordt getrokken voor een product, dienst of de boodschap. Dat kan zonder meer ook met niet-commerciële of ideële uitingen (waaronder protestposters) aan de orde zijn, bijvoorbeeld bij uitingen van stichtingen en andere non-profit instellingen. Individuele beoordeling van de uitingen van ondernemers zou doelmatige uitvoering van de reclamebelasting daarnaast onmogelijk maken. Omdat woningen en niet-woningen rechtens
Gegenereerd: v1.36
5
Gemeenteraad
VN2023-019578 Belastingen
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 08 november 2023
geen gelijke gevallen zijn, levert het onderscheid dat wordt aangebracht geen strijdigheid met het gelijkheidsbeginsel op. Financiële onderbouwing Consequenties gedekt?
Ja
Overige toelichting
De met de aangepaste tarieven te realiseren opbrengsten zijn opgenomen in de begroting 2024. Conclusie
De genoemde beslispunten in de voordracht hebben wel financiële consequenties en deze zijn reeds geraamd in de begroting (100% dekking). Geheimhouding
N.v.t.
Welke stukken treft u aan Meegestuurd
Registratienr.
Naam
AD2023-070165
BIjlage 1 Conceptbesluit 3e Wijzigingsverordening reclamebelasting 25092023.docx (msw12)
AD2023-066236
Gemeenteraad Voordracht (pdf)
Registratienr.
Naam
Ter Inzage
Behandelend ambtenaar (naam, telefoonnummer en e-mailadres)
G. Monod de Froideville g.monod.de.froideville@amsterdam.nl 0643758303
Gegenereerd: v1.36
6