CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

A - 05 Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit (32) Bijlage 1 - Actieplan bruggen

RAAD 15 februari 2023, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van het actieplan Gefundeerd herstellen en de voortgangsbrief van Bruggen en Kademuren en beschikbaar stellen van kredietenVN2022-04163512.966 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gefundeerd herstellen Actieplan bruggen en kademuren 2023-2026

Voorwoord 2

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

Dit gaat wat betekenen voor de stad. Als bewoner, ondernemer of bezoeker van Amsterdam weet je dat er altijd gewerkt wordt in de openbare ruimte: de stad is nooit af. Maar het onderhoud aan de bruggen en kademuren is wel echt een klasse apart. Wat we moeten doen om alle 850 bruggen en 215 kilometer kademuren in de stad te onderzoeken en waar nodig te herstellen, gaat een flinke impact hebben op de stad. Meer nog dan nu het geval is. Het is wel duidelijk dat het hard nodig is om deze enorme opgave aan te pakken. Als ik door de stad fiets, zie ik de damwanden in de grachten, afgesloten parkeerplekken langs de kademuren of omleidingsroutes. Niet alleen in het oude centrum, maar ook in stadsdelen als Noord en West en recent in Weesp moesten we bruggen afsluiten vanwege de veiligheid. We hebben meegemaakt dat kademuren instorten en nog steeds ontstaan er zinkgaten achter zwakke kademuren. Gelukkig zijn inmiddels ook de eerste kademuren vernieuwd, zoals bij molen de Otter en de Recht

Boomssloot, en komen de voorbereidingen op gang om flink meer bruggen en kademuren aan te pakken. Ook weten we inmiddels een stuk meer dan vier jaar geleden toen dit programma van start ging. We leren door het onderzoek veel over de staat van de bruggen en kademuren, we kunnen snel ingrijpen wanneer er onveilige situaties dreigen te ontstaan en we weten steeds beter wat we te doen hebben om het achterstallig onderhoud weg te werken. We werken ook steeds slimmer en ontwikkelen nieuwe technieken die helpen bij het sneller en efficiënter werken, zoals de drie methodieken van het Innovatiepartnerschap Kademuren die we nu bij de Brouwersgracht, het Singel en de Lijnbaansgracht uittesten. Ook denken we goed na over waar we het werk aan een kademuur combineren met het aanpakken van de straat, over hoe we omgaan met bereikbaarheid en over het verplaatsen van woonboten tijdens de werkzaamheden. Kort geleden zijn de eerste bomen naar de bomencamping verplaatst, waar ze kunnen staan tot ze op een andere plek verder kunnen groeien. Toch staan we eigenlijk pas aan het begin: er is nog een hoop te doen en te leren, en daar is een lange adem voor nodig. Het doel jaarlijks twee kilometer kademuur en acht bruggen aan te pakken staat onder druk omdat er minder geld beschikbaar is en de bouwkosten stijgen.

Maar we moeten blijven investeren in het herstel van onze stad, om te voorkomen dat het achterstallig onderhoud weer oploopt en de

bereikbaarheid en de leefbaarheid verslechtert. Door onderzoek hebben we geleerd waar we ons geld het slimst kunnen inzetten en dat hebben we nu vastgelegd in dit actieplan. Zodat we ervoor kunnen zorgen dat onze prachtige stad in ere hersteld wordt en ons erfgoed blijft bestaan. Melanie van der Horst Wethouder Verkeer en Vervoer, Water en Luchtkwaliteit

3

Inhoudsopgave Voorwoord

P2

1. Optimali­ seren en anders werken

In het kort

P6

P4

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

Praatplaat

3. Innovatie in uitvoering én samenwerking

2. Realiseren van het herstel

Kg

P10

P11

P16 Bijlage Definities en begrippen

4. Randvoorwaarden voor succes

Het document is navigeerbaar met de verticale navigatiebalk

P24

P30

links op de pagina. De foto’s bij de inhoudsopgave van de hoofdstukken (zoals hiernaast) zijn ook aanklikbaar.

4

In het kort: van veiligheid voorop naar gefundeerd herstellen

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

In dit Actieplan lees je hoe we de aanpak de komende jaren (2023 - 2026) optimaliseren en laten we zien waar de verworven kennis, de schaarste in middelen en de huidige marktomstandigheden maken dat we anders moeten gaan werken. We sturen bij in de programmering, maar gaan tegelijk door met de seriematige aanpak van het herstel zodat we straks weer op kunnen schalen. Dat is noodzakelijk om het achterstallig onderhoud echt aan te kunnen pakken. Daarbij moeten we realistisch zijn: het werken aan en het afsluiten van bruggen en kademuren raakt de hele stad, vraagt grote investeringen en geeft langdurig overlast.

2019 een programma opgericht om de staat van de Amsterdamse bruggen en kademuren op grote schaal te onderzoeken en waar nodig te herstellen. Waar destijds de focus lag op grip krijgen op de kortetermijnveiligheid, hebben we nu een goedlopend incidentenproces en een flinke hoeveelheid kennis opgebouwd over de staat van verouderde constructies en hoe we deze moeten beoordelen. Er zijn standaarden afgesproken en innovaties getest en we hebben beter inzicht in de succesfactoren voor het duurzaam herstellen van de bruggen en kademuren. Buiten zien we de effecten van deze aanpak met inmiddels flink meer projecten in voorbereiding en uitvoering dan de afgelopen decennia, maar vooral ook veel tijdelijke veiligheidsconstructies, afgezette parkeerplaatsen en omleidingsroutes. En ondanks de inspanningen, zien we dat het vervangingstempo achter blijft bij onze ambities en lopen de kosten van de projecten op.

Toen

Nu

Vanuit een situatie met weinig inzicht in de staat van de bruggen en kademuren, zichtbaar achterstallig onderhoud en een laag vervangingstempo, is in

De aanpak Bruggen en Kademuren is in een nieuwe fase gekomen. Met de opgedane kennis en het verbeterde inzicht kunnen én moeten we bijsturen,

rekening houdend met de huidige financiële ruimte, de actuele marktomstandigheden en de kaders uit het Amsterdams Akkoord. De komende jaren (2023 - 2026) richten we ons op het optimaliseren en anders werken. Het werken aan bruggen en kademuren moet - zowel in de voorbereiding als op straat eenvoudiger, sneller en efficiënter om het achterstallig onderhoud structureel aan te kunnen pakken. Daarnaast zoeken we naar ruimte door anders te kijken naar de opgave. Dat gaat onder

Toen 2019 - Start van Bruggen en Kademuren met Actieplan Veiligheid voorop en programmaplan Herstellen en Verbinden. Focus op kortetermijnveiligheid en kennis opbouwen.

Nu 2023 - Actieplan Gefundeerd herstellen. Urgentie blijft. Met meer kennis, inzicht en nieuwe kaders bijsturen en focus aanbrengen om verder te optimaliseren en anders te werken.

Straks 2026 - Opschalen van seriematige aanpak en wegwerken achterstalligheid. Blijvend aandacht voor leren, doorontwikkelen en kostenverlaging. Synergie opzoeken met andere stedelijke ambities en beleid.

5

andere over renovatie, waarbij we alleen de zwakke delen van de constructie herstellen in plaats van het geheel, over hoe we constructies beoordelen en misschien minder snel hoeven over te gaan tot vervangen, en over het doen van functietoetsen om te bepalen wat de consequenties zijn als we verkeersbruggen zouden herwaarderen naar een fiets- of voetgangersbrug.

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

Gezien de nauwe verwevenheid van bruggen en kademuren met de stad is de opgave breder dan alleen veiligheid en herstel. De missie en doelen zoals geformuleerd in het programmaplan (april 2020) blijven dan ook staan: we werken aan herstel van de bruggen en kademuren en houden oog voor een functionerende en toekomstbestendige stad, waarbij we continu leren en ontwikkelen. De huidige omstandigheden betekenen tegelijk ook dat we meer overlast en achterstallig onderhoud moeten accepteren: de beperkte middelen maken dat we vaker bruggen en kademuren zullen afsluiten in plaats van versterken. Waar we veiligheidsmaatregelen treffen, zullen deze bovendien langer blijven staan, omdat het beschikbare budget, de marktomstandigheden en de oplopende kosten het vervangingstempo beperken. De stad zal de effecten hiervan, nog meer dan nu, gaan merken.

Straks Hoewel dit plan focust op de komende vier jaar, houden we ook het werk voor de jaren na 2026 scherp voor ogen. De noodzaak tot het opschroeven van het hersteltempo om het achterstallig onderhoud uiteindelijk weg te werken blijft onverminderd urgent.

Een robuuste en financieel gedekte projectenplanning is essentieel om het achterstallig onderhoud niet weer op te laten lopen. Bovendien biedt zo’n langjarige programmering houvast en een ritme voor de stad en onze partners, zoals openbaar vervoer-, kabel- en leidingbedrijven. We werken nu aan verandering en optimalisaties om straks weer te kunnen opschalen, wanneer de financiële ruimte dat toelaat. Onder andere in de samenwerking met onze contractpartners en kennisinstellingen richten we ons op leren, doorontwikkelen en kostenverlaging. En samen met gemeentelijke partners kijken we hoe we als opgave synergie kunnen bereiken met andere ambities en beleid, zoals circulariteit, bouwlogistiek en sociale impact voor de Amster-

dammers, zolang dit het werk wat we te doen hebben, maakbaar houdt. Essentieel hierbij is een voldoende omvangrijk werkpakket en een continue werkstroom om de potentie van het seriematig werken ook echt te kunnen waarmaken. In hoofdstuk 1 wordt de doorontwikkeling van de aanpak en wat er nodig is om seriematig en efficiënter te kunnen werken uitgebreider toegelicht. In hoofdstuk 2 ligt de nadruk op het realiseren van het herstel, in hoofdstuk 3 laten we zien op welke onderwerpen er kansen liggen voor verbetering, synergie en innovatie. In het laatste hoofdstuk gaan we in op de randvoorwaarden voor een succesvol vervolg van de aanpak.

1. Optimaliseren en anders werken 6

Optimaliseren: balans tussen kosten, prestaties en risico’s

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

Bij het beheer van bruggen en kademuren streven we naar het maken van een optimale afweging tussen kosten, prestaties (functionaliteit) en risico’s. Dat is de basis van assetmanagement, een model dat helpt tijdig in te grijpen en zo te zorgen voor lagere kosten over de gehele levensduur. Wat ‘optimaal’ is wordt mede bepaald door de doelen die we nastreven, de financiële ruimte en welke balans we kiezen binnen de driehoek. Bij de start van het programma hebben we door

gebrek aan kennis over het areaal, de driehoek zo ingevuld dat we veiligheid voorop konden zetten en de prestaties zo goed mogelijk op peil konden houden. De meest risicovolle constructies zijn versneld in beeld gebracht en waar nodig veiliggesteld en geprogrammeerd voor vervanging. Dat vroeg flinke investeringen in zowel onderzoek als tijdelijke veiligheidsmaatregelen, waar investeringen in het herstel op moeten volgen. De kennis en ervaring die is opgebouwd, samen met de beperkte financiële middelen en de acceptatie voor het vaker afsluiten van constructies in het Amsterdam Akkoord, maakt dat we voor de komende jaren een andere invulling van ‘optimaal’ kiezen en de risico’s op een andere wijze beoordelen en beheersen.

Data-gedreven onderhoud Op basis van monitoringsdata, inspecties en (wetenschappelijk) onderzoek kunnen we een steeds betere inschatting maken van de restlevensduur van een brug of kademuur. De informatie die we per constructie verzameld hebben, gebruiken we op areaal- en netwerkniveau voor steeds betere, data-gedreven besluitvorming. Zo zetten we onze mensen en middelen steeds efficiënter in, daar waar dat écht nodig is. We werken de komende jaren steeds meer toe naar voorspellend onderhoud.

kosten

risico’s

prestaties

Signaal-gestuurd handelen Dankzij verschillende innovatietrajecten hebben we nu meer en modernere methodieken beschikbaar waarmee we, tegen lagere kosten, een groter deel van het areaal kunnen monitoren. Met het verbeterde inzicht in het gedrag en

de risico’s van constructies en deze nieuwe monitoringsmethodieken, passen we ook onze handelingsstrategie aan. Waar we voorheen monitoring alleen als bewakingstool inzetten, hebben we nu voldoende vertrouwen om dit vanaf 2023 ook te gebruiken voor het prioriteren van de nadere inspecties en constructie onderzoeken (signaal-gestuurd inspecteren) waarmee we de staat van de constructies meer gedetailleerd in beeld brengen. Met andere woorden: waar we eerst alle bruggen en kademuren inspecteerden en onderzochten, gaan we dat alleen nog doen bij bruggen en kademuren waarvan de monitoringsgegevens of meldingen vanuit het zachte signalenproces daar aanleiding toe geven. Ook zullen we kademuren minder snel versterken, en langer monitoren. We weten immers dat er bij het constateren van beweging nog tijd is om onderzoek uit te voeren, op basis waarvan de keuze gemaakt kunnen worden hoe te handelen. Daarnaast gaan we onderzoeken in hoeverre monitoring een rol kan krijgen in het principe van bewezen sterkte, wat onderdeel is van de toetskaders. Door deze strategie kunnen we de onderzoeken over langere tijd uitspreiden, in lijn met het vervangingstempo. Met deze strategie nemen we een gewogen risico: de kans op het tussentijds moeten ingrijpen wordt groter, dan wanneer we alle constructies versneld en gedetailleerd in beeld brengen.

Daar staat tegenover dat we de capaciteit gerichter inzetten en zo substantiële kosten besparen, omdat we minder onderzoeken doen per constructie en meer vertrouwen op beoordelingen op areaalniveau.

7

Kwalitatieve beoordeling, tenzij… Met input vanuit belastingproeven, technisch (duik)onderzoek, archiefstudies en wetenschappelijk onderzoek en expertise worden de beoordelingsmethoden voor de risico’s en restlevensduur van de bruggen en kademuren steeds beter. Samen met kennisinstellingen en ingenieursbureaus is de afgelopen jaren een kwalitatieve, technische beoordeling ontwikkeld en vastgelegd in twee beoordelingskaders: de Amsterdamse Risicobeoordeling Kademuren en Amsterdamse Risicobeoordeling Bruggen.

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

Op basis van deze standaard kunnen we de restlevensduur van (onderdelen van) de constructies steeds nauwkeuriger en objectiever bepalen. Dit is een kwalitatieve beoordeling. We gaan voor constructies met een verwachte restlevensduur van 30 jaar of langer alleen nog een gedetailleerde constructiedoorrekening maken (een kwantitatieve beoordeling), als dat meerwaarde oplevert voor bijvoorbeeld de programmering of wanneer het functioneren van de brug of kade essentieel is vanuit bereikbaarheid. We hebben inmiddels ervaring met het maken van constructie berekeningen van circa 100 bruggen. Op basis van deze berekeningen kunnen we inschattingen maken van de constructieve staat van bruggen die we niet hebben doorgerekend, waardoor de kwalitatieve beoordeling steeds nauwkeuriger wordt. Door een scherper beeld van de staat van de constructies en wanneer we, in afstemming met bevoegd gezag, kunnen aantonen dat bruggen en kademuren langer mee gaan dan gedacht, kan de totale herstelopgave kleiner worden. Dat levert op het hele areaal een

flinke kostenbesparing op. Ook hier nemen we een gewogen risico: de kans bestaat dat constructies waarvan we op basis van een kwalitatieve beoordeling een restlevensduur van 30 jaar verwachten, dit toch niet halen. In dat geval zullen er toch eerder dan gepland herstelwerkzaamheden uitgevoerd

moeten worden. Met monitoring en het reguliere inspectieprogramma van de beheerder houden we dit in de gaten. Voorkomen van overbelasting Vanuit het principe: wat niet stuk is, hoeft ook niet hersteld te worden, hebben we de afgelopen jaren

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

Ook werken we samen met Verkeer ­& Open­bare ­ Ruim­te aan een specifiek Amsterdams model voor verkeersbelastingen, waarmee we kunnen aantonen wat de werkelijke belasting is in de stad en wat dat oplevert bij de beoordeling van de restlevensduur. En we kijken naar de sterkte van brugdekken om ook daar een accuratere beoordeling van te kunnen doen.

Onderzoeksresultaten tot nu toe De kwalitatieve beoordelingen van alle bruggen in de scope zijn zo goed als afgerond. Op basis van deze uitkomsten kunnen we nu onderbouwd bruggen in stand houden, die we eerder zouden opvoeren voor vervanging. Dat is een flinke besparing in kosten en capaciteit.

Naar verwachting is eind 2022 25% van de kademuren kwalitatief onderzocht. Het maken van betrouwbare constructie berekeningen voor kademuren is nu nog niet mogelijk, omdat we te veel aannames moeten doen over de materiaaleigenschappen en de interactie tussen constructieonderdelen. Wanneer constructie berekeningen beschikbaar zijn, worden die net als bij bruggen alleen ingezet wanneer dat van meerwaarde is. Op basis van de onderzoeksresultaten tot nu toe, is de verwachting dat zo’n 80 tot 125 bruggen en circa 60 kilometer kademuur de komende 30 jaar hersteld moeten worden, dat wil zeggen deels gerenoveerd1 of geheel vervangen.

Programma

2 km kade en 8 bruggen per jaar

Tijdelijk *

Toekomst Productie

8

samen met stadsdelen, handhaving en Verkeer & Openbare Ruimte flinke stappen gezet in het voorkomen van schade door overbelasting. Door het aanscherpen van de zone zwaar verkeer, het professionaliseren van de toetsing bij aanvraag van vergunningen en ontheffingen voor belastende activiteiten op kwetsbaar areaal, en door afschaffing van de objectmeldingen op deze locaties hebben we hier meer grip op gekregen. De komende periode onderzoeken we met functietoetsen het effect op de levensduur van constructies en bereikbaarheid in de stad door het (tijdelijk) herwaarderen van verkeersbruggen naar fiets- of voetgangersbruggen of van beweegbare naar vaste bruggen.

Nu

* Optimaliseren en anders werken

Tijd 2018: 100 m kade en 1 brug per 2 jaar

veiliggesteld met een versterking of lastbeperking, blijft het hele areaal oud. Ingrijpen omwille van veiligheid en zorgvuldige keuzes over het gebruik, blijven de komende jaren daarom nog steeds aan de orde.

Anders werken in de herstelketen Om het achterstallig onderhoud weg te kunnen werken, moeten we jaarlijks gemiddeld 2 kilometer kademuur en 8 bruggen herstellen, gebaseerd op de circa 215 kilometer kademuur en circa 850 verkeersbruggen in Amsterdam en Weesp2, met een theoretische levensduur van gemiddeld 100 jaar. Zolang we dat niet halen, neemt het achterstallig onderhoud verder toe. Om te kunnen sturen binnen de omvangrijke werkvoorraad en de piek van achterstallig onderhoud te verlagen, is een blijvende (financiële) inzet en langjarige focus essentieel. Ondanks dat we inmiddels veel van de slechtste bruggen en kademuren in beeld hebben en waar nodig

De afweging over een passende maatregel – afsluiten, versterken, herwaarderen, renoveren of vervangen – vindt plaats in de herstelketen. Voor tijdelijke versterkingsmaatregelen is nu minder geld. Waar we voorheen vaker zouden kiezen voor het tijdelijk versterken van een constructie vanwege de impact van afsluiten op de omgeving, gaan we nu uit van afsluiten, tenzij we zien dat beperken van de verkeersbelasting geen invloed meer heeft op de stabiliteit van de constructie of onoverkomelijke knelpunten in de stad veroorzaakt. In het geval we toch op korte termijn moeten versterken, kijken we of er met renovatie een duurzamere oplossing voor handen is.

1 Onder renovatie worden ingrepen verstaan die snel kunnen worden uitgevoerd, niet zichtbaar zijn en minimaal 30 jaar levensduur toevoegen aan een constructie. Zie ook bijlage met definities. 2 De bruggen en kademuren van Weesp zijn in november 2022 formeel aan de scope van Bruggen en Kademuren toegevoegd. In het digitale dashboard is een actueel overzicht van de totale scope weergegeven.

9

Wanneer tijdelijk versterken noodzakelijk is vanuit veiligheid, worden de kosten gedekt uit de exploitatiemiddelen van Bruggen en Kademuren. In andere gevallen, bijvoorbeeld vanwege bereikbaarheid of parkeerdruk, moet gezocht worden naar (mede)financiering bij de betreffende omgevingspartijen. Wanneer het aantal noodzakelijke versterkingsmaatregelen het beschikbare budget in een jaar overstijgt, vraagt dit een bestuurlijk besluit. Waar we eerder uitgingen van een levensduur van 100 jaar en dus bij herstel in de meeste gevallen kozen voor het geheel vervangen, onderzoeken we

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

1

Monitoring en data-analyse Monitoring (monitoringsstrategie), schouw en zachte signalen (schouwboek), inspectiegegevens (NEN) en data-analyse (van object naar areaal)

nu ook andere mogelijkheden, vergelijkbaar met renovatie van oude panden. We zien kansen om renovatiemaatregelen in te zetten om een brug of kadeconstructie weer minimaal 30 jaar veilig te kunnen gebruiken, met minder impact op de stad, zonder het erfgoed te schaden en rekening houdend met de kosten over de totale levensduur en het beheer. In aanloop naar de 30 jaar wordt weer een afweging gemaakt hoe de functionaliteit van de brug of kademuur het best behouden kan blijven, binnen de dan geldende stand van de techniek. De voorbereidings- en uitvoeringstijd is bij deze renovatiemaatregelen aanzienlijk korter dan bij 2

Constructief beoordelen en advies Kwalitatief met Amsterdamse risicobeoordeling Eventueel kwantitatief met Toetskader Amsterdamse Kademuren (TAK) Toetskader Amsterdamse Bruggen (TAB)

Laag risico

Laag risico, inschatting restlevensduur en regulier beheer

Gemiddeld risico

Beheersbare risico’s

Hoog risico

Onacceptabelrisico

Veiligheidsmaatregel: afsluiten, tenzij...

vervanging, waardoor ook de overlast beperkter is. Met dit gedeeltelijk herstel, in plaats van volledige vervanging, zijn we in de afgelopen jaren op kleine schaal begonnen. De komende jaren pakken we hierop door, ook vanuit de duurzaamheidsdoelen die we als stad hebben. We zoeken geschikte proeflocaties voor innovatieve methodieken. Bij succes worden ze als standaard werkwijze toegevoegd aan het groot onderhoud of de renovatieaanpak. Tegelijkertijd blijft volledige vervanging nodig wanneer een constructie echt op is. Dit geldt bijvoorbeeld voor de kademuren, waar nu een damwand tegenaan is geplaatst.

3

Integrale afweging herfstmaatregel • Versterken • Herwaarderen • Renoveren • Vervangen

Gefundeerd herstellen Brug of kademuur kan na maatregel aantoonbaar weer minimaal 30 jaar veilig gebruikt worden.

Overzichtstekening

2 10

6

2

9

7

8 4

Kg Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

3 1 5 2

1 1 Signaalgestuurd handelen

6 Renovatie

2 Onderzoek

7 Innovatie en ontwikkeling

3 Afsluiten tenzij

8 W  erken vanaf het water

4 Voorkomen van overbelasting

9 R ijbaan wordt hersteld in oude staat

5 Herwaarderen brug

1

1

1

2. Realiseren van het herstel 11

Leidende principes voor een realiseerbare programmering

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

We hebben de afgelopen jaren samen met marktpartijen, een stevige uitvoeringsorganisatie opgebouwd om het opschalen van het herstel mogelijk te maken. De praktijk bleek de afgelopen jaren weerbarstig, waarbij de realisatie achterbleef bij de ambities. Een deel van de verklaring zit in de eisen die we als stad aan projecten stellen, die in de uitvoering vaak moeilijk verenigbaar zijn. Dat gaat onder andere om eisen rond monumentale waarden, behoud van bomen, waterberging, bereikbaarheid van de omgeving en het verplaatsen van woonboten. Hierover in het volgende hoofdstuk meer. We zien dat de combinatie van deze eisen het de afgelopen jaren lastig maakte om voldoende meters te vervangen kademuur te programmeren. Daar gaan we de komende jaren verder aan werken. Bij het programmeren van bruggen speelt bereikbaarheid van het stedelijke netwerk een grote rol. Uitloop van een groot project als de Oranje Loper, heeft directe consequenties voor het kunnen programmeren van een volgende corridor, zoals de Leidsestraat. Bij een vervangingstempo van jaarlijks gemiddeld 8 bruggen en 2 kilometer kademuur past een investeringsvolume van circa € 170 miljoen per jaar. De vorige langjarige programmering ging uit van een ingroei naar dit vervangingstempo.

Vanuit de huidige beperktere financiële kaders wordt een nieuwe langjarige programmering uitgewerkt, opgebouwd uit blokken van 2 jaar, waarbij de volgende principes leidend zijn: • We gaan uit van een technische beoordeling (Amsterdamse risicobeoordeling voor de kademuren en bruggen) die de noodzaak onderbouwt om een brug of kade te vervangen; • We houden de basis van een gebiedsgerichte aanpak voor kademuren en corridoraanpak voor bruggen waar mogelijk en passend vast, mits de noodzaak van vervanging is aangetoond; • We creëren een continue werkstroom van voldoende omvang om te kunnen leren in het seriematig herstellen.

Dit is ook noodzakelijk om een daling van de uitvoeringskosten mogelijk te maken, als gemeente een betrouwbare partner te zijn voor de markt en om de uitvoeringsorganisatie niet tussentijds deels te hoeven afbreken, om later weer te moeten opbouwen; • We kiezen waar mogelijk voor het bundelen van meerdere projecten, lange aaneengesloten of tegenover elkaar liggende kademuren, waarmee we de investeringskosten substantieel kunnen verlagen en we de potentie van standaardiseren kunnen verzilveren; • We gaan buiten aan de slag met “maakbare” projecten (niet alleen de meest complexe), zodat we daadwerkelijk ervaring opdoen en voortgang realiseren; • We hanteren het stedelijk programmeerproces (zie volgende paragraaf) en houden ons aan vastgestelde standaarden, zoals de Uitvoeringsstandaard (vastgesteld november 2021);

• We volgen een ingroeimodel voor renovatie, als een van de oplossingen om de piek met achterstallig onderhoud weg te werken; • We bouwen de mogelijkheid in om na 2026 weer te versnellen - als de financiën dat toelaten - door flexibiliteit in te bouwen en voldoende bruggen en kademuren op te nemen in de programmering.

Herijking van de projecten Naast de uitwerking van een nieuwe langjarige programmering worden ook de blokprogrammeringen voor de komende 4 jaar herijkt om te onderzoeken of er ruimte is om kosten te besparen. Dit gaat om kadeprojecten voor 2023-2024 en bruggenprojecten voor 2025-2026. Daarbij wordt gekeken of bruggen en kademuren die volledig vervangen zouden worden ook met minder ingrijpende renovatie weer minimaal 30 jaar veilig gebruikt kunnen worden. Ook kijken we of een heroverweging van de scope van de projecten mogelijk is en leidt tot besparingsmogelijkheden, bijvoorbeeld het niet meenemen van het maaiveld of met een andere blik kijken naar de Bereikbaarheid, Leefbaarheid, Veiligheid en Communicatie (BLVC) maatregelen. De projecten die weergegeven zijn op de kaart kunnen daarom nog wijzigen. Stadsbreed worden meer bruggen hersteld dan in dit overzicht staan vermeld, zoals diverse fiets-/ voetgangersbruggen in het Amsterdamse bos en enkele verkeersbruggen in landelijk Noord en andere delen van de stad die onderdeel zijn van het onderhoudsprogramma van Stedelijk beheer. Daarnaast worden er 9 bruggen hersteld als onderdeel van de Oranje loper.

Houtmankade 87-117

12

Haarlemmerplein 50-82 Bullebak

Brug 0627 Jacob Catskade 2-88 Kostverlorenvaart 0302

Brouwersgracht 101A-137 Brouwersgracht 0501

Rechtboomssloot 0101-0104 Paulusbroedersluis Kloverniersburgwal 39-51

Singel 280-342

Kostverlorenvaart 0503

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

Lijnbaansgracht 157-182 Da Costagracht Leidsegracht 81-123 Leidsekade 68 - brug 175

De Ruijterkade 106-113

Geldersekade 95-101

Lijnbaansgracht 100-116

Kostverlorenvaart 0602

Brouwersgracht 0602 Herengracht 1-103

Sleutelbrug

Gasthuisbrug Nieuwe Herengracht 52-71

Prinsengracht 432-440

Kostverlorenvaart 0702

Berlagebrug

Brug

Kade

Door uitloop van deze werkzaamheden schuiven de corridors, zoals de Leidse- en Utrechtsestraat op in de tijd. 13

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

Kademuren 2023-2024 In 2021 zijn we met een zestal aannemers contractuele verplichtingen aangegaan met de intentie om de komende jaren circa 2 kilometer per jaar in opdracht uit te geven. Dit past op dit moment niet binnen de financiële ruimte. Om te blijven oefenen in seriematig vervangen, de achterstand niet te ver op te laten lopen en in toekomst weer tempo te kunnen maken, is afgesproken de komende twee jaar circa 1.200 m kademuur per jaar te herstellen. Om te zorgen voor een voldoende continue werkstroom en eventuele vertraging te kunnen opvangen, wordt circa 1.500 m kademuur geprogrammeerd en voorbereid. Bruggen 2025-2026 We hebben de ambities voor het herstellen van bruggen in deze collegeperiode naar beneden moeten bijstellen, passend binnen de financiële ruimte. De beoogde 18 bruggen in 2025/2026 zijn teruggebracht naar 3 bruggen in het Wallengebied en 1 in Nieuw-West, naast de lopende Berlagebrug en Bullebakbrug, die in 2023 en 2024 zorgen voor het grootste deel van de uitgaven. Dat is substantieel minder dan beoogd, maar zo houden we ook voor de bruggenaanpak ruimte om te leren en ervaring op te doen met seriematig werken. Vanaf 2027 houden we in de programmering rekening met dat we meer middelen voor bruggen hebben en daarmee het aantal te herstellen bruggen kunnen ophogen naar 6 tot 8 bruggen per jaar.

Renovatie Voor renovatie volgen we een ingroeimodel om bij te dragen aan de aanpak van het achterstallig onderhoud. In 2023 werken we aan een aantal proeftuinen en aan de eerste projecten die in samenwerking met onze aannemers worden voorbereid en uitgevoerd. Zo vergroten we het aantal verschillende methodieken die we kunnen inzetten en verlagen we de kosten voor dit type onderhoud. De oplossingen die momenteel worden onderzocht hebben een hoge kans van slagen, en kosten ongeveer 50% van een reguliere vervanging. In 2023 bepalen we de technische en financiële haalbaarheid en de opschaalbaarheid van de innovaties. Financiële bijdrage aan projecten en samenwerking met gebiedsontwikkeling Net als de afgelopen jaren leveren we financiële bijdragen aan projecten waar bruggen of kademuren worden vernieuwd, als onderdeel van grotere herinrichtingsprojecten, zoals de Oranje Loper, de Entree en de Eilandenboulevard. Daarnaast gaan we nu binnen de gemeente actief op zoek naar kansen om de werkvoorraad voor onze contractpartners aan te vullen. Ook bij gebiedsontwikkeling worden bruggen en kademuren vervangen, zoals bij Overamstel. Door afspraken te maken om deze kademuurprojecten door onze contractpartners uit te laten voeren, wordt hun werkvoorraad aangevuld, en komt deze meer in de buurt van de verwachte omvang. Ook draagt dat bij aan het leren in seriematig herstel.

En voor de kademuurprojecten in de gebiedsontwikkelingen hoeven geen aanbestedingstrajecten te worden doorlopen.

Expliciet koppelen in het stedelijk programmeerproces Het maken van een realiseerbare en integrale programmering vraagt om een gezamenlijk programmeerproces, waarbij de gezamenlijke (onderhouds-)opgaven van gemeente en nutsbedrijven centraal staan en alle betrokken partijen hun eisen en wensen scherp hebben. Dat geldt ook voor gemeentelijke opgaven voor de auto- voetgangers- en fietsnetwerken, zoals programma’s Autoluw, Fiets en de Omgevingsvisie. Zo werken we gezamenlijk aan toekomstbestendig herstel van de stad. Een brug of kademuur vervangen is vaak ingewikkeld en kostbaar: projecten duren vaak langer dan gepland en pakken te vaak duurder uit dan vooraf ingeschat. Deels wordt dat veroorzaakt door het stapelen van ambities en scopewijzigingen tijdens het voorbereidingsproces.

14

Het meenemen van meerdere of zelfs álle vastgestelde ambities leidt tot complexe en kostbare planvorming, zeker wanneer dat laat in het proces tot aanpassingen leidt. We hebben afgesproken dat het afwegen van en sturen op keuzes die gaan over het meenemen van wensen en ambities, voor alle partijen in de stad plaatsvindt in het bestaande stedelijke programmeerproces onder regie van de Stadsregisseur.

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

Daar wordt expliciet uitgevraagd en besloten waar opgaven en ambities bij elkaar komen en worden gekoppeld of juist ontkoppeld. De afspraak is om vijf jaar van tevoren aan te geven of je al dan niet mee wilt, geld daarvoor beschikbaar hebt en dan participeert in de uitwerking en voorbereiding van het werk. Bij het koppelen van ambities maken we het prijsverschil expliciet. We hebben alleen budget voor het herstel van bruggen en kademuren en niet voor andere ambities. Uitgangspunt is dat, als financiering voor ambities en wensen beschikbaar is en er geen te groot nadelig effect op de planning en uitvoering is, er werk met werk wordt gemaakt. Uiterlijk twee jaar van tevoren wordt definitief besloten welke opgaven in de uitvoering aan elkaar gekoppeld worden. Dit brengt rust en focus in de uitvoering. De uitwerking landt jaarlijks in de blokprogrammeringen en in integrale gebiedsplannen en/of de projectkaarten van Bruggen en Kademuren.

Consequenties voor de scope van de projecten Door de programmeringen van zowel de gemeentelijke assets als die van de nutsbedrijven samen te brengen, inclusief opgaves als aardgasvrij, ontstaat een goed beeld waar logische combinaties mogelijk zijn. Hier wordt ook gekeken waar het realistisch is om andere bestuurlijke opgaven te combineren, zoals bijvoorbeeld autoluw. Mocht blijken dat bepaalde koppelkansen juist wel, en andere juist niet geschikt zijn in het werk van groot onderhoud, dan is de vervolgvraag: wat betekent dit voor het werk en de scope van de bruggen en kademuren. De huidige financiële krapte, ook op andere plekken in het fysieke domein, zal in de praktijk betekenen dat koppelkansen beperkt gerealiseerd kunnen worden. Voor herinrichting van het maaiveld bijvoorbeeld is binnen het budget beperkt ruimte, wat betekent dat een koppeling met autoluw of met andere inrichtingsprincipes op korte termijn niet vaak gemaakt kan worden. Door het afgesproken proces voor scopekeuzes toe te passen worden de besluiten op de tafel met het juiste mandaat geagendeerd. Bij beleidsvraagstukken, bijvoorbeeld wanneer bestuurlijke opgaven in de uitvoering strijdig zijn, wordt via dit proces opgeschaald. Daar volgt mogelijk een vraag uit voor het maken van generieke afspraken, aanvullende standaarden of beleid.

De eerste stap is dat de betreffende beleidsdirectie wordt verzocht om tot een afwegingskader te komen, welke op termijn kan worden toegevoegd aan de Uitvoeringsstandaard. Afgesproken is dat zolang er geen uitsluitsel is, de openbare ruimte wordt teruggebracht in de staat zoals deze is aangetroffen. Voorbeelden van onderwerpen die momenteel worden verkend zijn

de positie van bomen versus langsparkeren op een kade, de tijdens de uitvoering benodigde nautische passeerruimte en afvalcontainers in en op de kade.

Een soepele overdracht van voorbereiding naar uitvoering We werken toe naar een organisatie waarin de projecten gebiedsgericht en programmatisch worden voorbereid. Door de belangrijkste knelpunten vroegtijdig en over de individuele projecten heen aan te pakken en beheersen, is er minder vertraging in de uitvoering. Denk bijvoorbeeld aan vergunningen, bereikbaarheid en bouwlogistiek of het verplaatsen van woonboten. Zo ontstaat er voldoende werkvoorraad en een strakker proces richting het herstel. Voor overdracht naar de uitvoering werken we met een projectenkaart. Dit is de oplegger bij het projectdossier met alle onderzoeken en rapporten. De projectenkaart bevat onder andere de scope van het project, de raming, planning, grootste risico’s en vervolgacties, en belangrijke keuzes over hoe om te gaan met maaiveld, bomen, woonbootbewoners en bereikbaarheid. In 2022 zijn op deze manier 25 rakken en 18 bruggen voorbereid. Dat heeft diverse lessen opgeleverd en dilemma’s boven tafel gebracht, die op individueel projectniveau tot vertraging zouden hebben geleid. De komende jaren rollen we werkwijze verder uit en verbe­ teren we de aanpak door te leren van deze eerste projecten.

Het stedelijk programmeerproces Bruggen en Kademuren levert hoofdprogrammering > start expliciet uitvragen

Strategisch 5- 20 jaar

15

Onderhouds­programma’s; ambities; visies; bestuurlijke doelstellingen

Strategisch Inventariseren

Strategisch Programmeren

Werkgroep Strategisch Programmeren

Programmeervoorstel incl. voorgenomen Regieslots

Programmeertafel

Bestuurlijke keuzes Directie­ overleg Openbare ruimte

Bruggen en Kademuren levert gebiedprogrammering en Blokprogrammering > uitkomst expliciet uitvragen

Tactisch 2- 5 jaar

Integraal Gebiedsplan/ uitwerking

Bestuurlijke keuzes

Programmeer tafel

Werkgroep Strategisch Programmeren

Tactisch Programmeren

Tactisch Inventariseren

Directie­ overleg Openbare ruimte

Projectenkaart is afgerond; scope ligt vast

Operationeel 0- 2 jaar

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

*

Voorbereiden/ vergunning

* bij meervoudige opgaves en/of complexe gebieden

Uitvoeren

In beheer nemen

Graafluwte, Verhoging efficiency effectiviteit in uitvoering

*

Startnotitie (IGP/PBI)

Directie­ overleg Openbare ruimte

Bestuurlijke keuzes

(Meeliftende) opgaves, Gebiedsparticipatie

3. Innovatie in uitvoering én samenwerking 16

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

Innovatie en ontwikkeling is vanaf de start van het programma een belangrijk onderdeel van de aanpak en essentieel voor het behalen van de doelen: niet alleen meer en sneller door optimalisatie en toepassen van standaarden, maar echt anders werken. Dat geldt zowel voor de uitvoeringsmethoden als voor de manier van in- en externe samenwerking. Juist nu de financiën beperkt zijn, is innovatie belangrijk om het achterstallig onderhoud niet te ver op te laten lopen, in de toekomst versneld weg te kunnen werken en de kosten te beheersen. De komende jaren brengen we meer focus aan, om de beperkte middelen zo efficiënt mogelijk in te zetten. Om innovaties te laten slagen en te kunnen implementeren is commitment nodig, zowel intern als extern. Daarvoor nemen we onze rol als opdrachtgever serieus, maken we ruimte binnen projecten en investeren we 10% van het exploitatiebudget. Successen opschalen gaat sneller wanneer de mensen die het werk uiteindelijk gaan doen, ook bij de ontwikkeling betrokken worden. Daarom is innovatie onderdeel en verantwoordelijkheid van de hele organisatie.

bereiden ons voor op een veranderende context en de gemeentelijke doelstellingen. Voorwaarde is dat er binnen het programma voldoende volume is om de innovaties te kunnen waarmaken. Hoe minder projecten, hoe beperkter de mogelijkheden voor besparen en optimaliseren.

Grensverleggend herstellen De resultaten van innovatietrajecten op renovatie, voorspellend onderhoud en grensverleggend herstellen helpen ons met de huidige opgave. De thema’s vergroenen, circulariteit en energie

Ruimte voor nieuwe initiatieven, durven stoppen als het niet werkt Innovatie is onzeker en kan mislukken. Dat vraagt om vertrouwen, maar ook om scherpe keuzes

en stoppen als iets niet werkt. We zetten in op een radicaal nieuwe manieren van werken, zoals voorspellend onderhoud. En ook op slimme oplossingen, zoals een verlengde blusleiding die in samenwerking met de brandweer bij de Herengracht is toegepast een kortere doorlooptijd van het project mogelijk maakt. Ook het Innovatiepartnerschap kademuren is gericht op een andere manier van werken. De verwachting is dat de drie methodes, die in dit traject worden ontwikkeld en getoetst,

17

voordelen hebben ten opzichte van traditionele vervangingsmethoden: mogelijk kunnen meer bomen behouden blijven, kunnen woonboten sneller terug naar hun plek en is de hinder minder doordat de wegen open blijven voor verkeer en er gebruik wordt gemaakt van elektrisch materieel. Eind 2022 worden de innovaties voor het eerst in de praktijk gebracht met drie pilotprojecten in de binnenstad. Als deze succesvol blijken, wordt een raamcontract van 4 tot 8 jaar gesloten met de partijen.

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

Het uitgangspunt bij innovaties is dat ze bijdragen aan de doelen van de aanpak en dat investeringen proportioneel zijn. We bouwen evaluatiemomenten in waarbij we vanuit voortschrijdend inzicht bewust de afweging maken om te stoppen of juist door te gaan. Hier sturen we op met vragen als: Hoe groot is de investering die nodig is? Wat zijn korte en lange termijn baten? Wat is er nog nodig voor succes? Cofinanciering We investeren zelf in innovatie, maar zoeken ook actief naar cofinanciering (bijvoorbeeld via de Erfgoed deal, Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek, Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, het Groeifonds). De opgave van Amsterdam is namelijk niet uniek: ook in de rest van Nederland en daarbuiten staan beheerders van bruggen en kademuren voor vergelijkbare opgaven. We zoeken daarom de verbinding. Door onze rol als pionier komen we in aanmerking voor subsidies. Zo kunnen we met onze vragen de markt, kennisinstellingen en

collega-overheden uitdagen om samen tot nieuwe oplossingen te komen, die binnen en buiten Amsterdam impact hebben.

Samen met de stad De impact van onze opgave (denk aan bijvoorbeeld de invloed op ambities van samenwerkingspartners, overlast en stress bij omwonenden, economische gevolgen voor ondernemers) maakt dat we de omgeving het liefst persoonlijk en intensief betrekken en faciliteren. Daar zijn middelen en mensen voor nodig die de komende jaren minder voorhanden zijn. Daarom is er minder ruimte voor maatwerk en investeren we in een gestandaardiseerde omgevingsaanpak. Zo werken we in het stedelijk programmeerproces met de uitvoeringsstandaard en het principe van vroegtijdig, expliciet uitvragen om de samenwerkingspartners goed te betrekken en te bedienen, zonder dat projecten vertraging oplopen, de scope te groot wordt of ambities niet gedekt zijn. Door slim aan te sluiten bij essentiële besluitvormingsprocessen zijn we die knelpunten voor. Waar de inhoud minder dynamisch is, maken we brede afspraken. Dat deden we bijvoorbeeld eerder bij de samenwerkingsovereenkomsten met Liander en Waternet en de protocollen rond woonbootverplaatsingen die we maakten samen met de woonbootverenigingen. Die weg naar standaardisering zetten we voort, met onder andere een update van de Uitvoeringsstandaard en samenwerkingsovereenkomsten met telecom-partijen.

Betrekken en faciliteren van bewoners en ondernemers Ook voor het bereiken, betrekken en faciliteren van bewoners en ondernemers zetten we de komende jaren in op minder arbeidsintensieve kanalen en middelen. Onder andere met: • Gebiedsgericht omgevingsmanagement: door vroegtijdig op grotere schaal het gesprek aan te gaan en issues te inventariseren, maken we de weg vrij voor de projecten in dat gebied. We willen hierbij een goede gesprekspartner zijn voor de stadsdelen en sluiten aan bij het netwerk dat zij reeds hebben opgebouwd. • Bredere kanalen: door een aantrekkelijke programmering van het bezoekerscentrum3, de lancering van een online verhalenplatform en het organiseren van conferenties en thematische bijeenkomsten schalen we de communicatie op om aan efficiëntie te winnen. Bredere kanalen inzetten betekent ook dat we van onze omgeving vragen zelf actief de verbinding met ons te zoeken. We zorgen ervoor dat dat goed wordt ondersteund. • Standaard dienstenaanbod: faciliteren van mensen die met de beperkingen te maken krijgen, kan minder vaak maatwerk zijn. We hebben een standaard dienstenaanbod ontwikkeld, waaronder het aanbod voor woonbootbewoners, waaruit we kunnen putten. Dit alles brengt een risico met zich mee. De koerswijziging naar meer afsluiten, meer lastbeperkingen, expliciet uitvragen en het herwaarderen van bruggen en kademuren, kan

3 Het bezoekerscentrum is te vinden op Achtergracht 20 https://www.amsterdam.nl/parkeren-verkeer/bruggen-kademuren/bezoekerscentrum-bruggen-kademuren/

18

een temperend effect hebben op de ambities van samenwerkingspartners en een beperkend effect op het gebruik van de stad. Dat betekent dat de verschillende belangen meer en zichtbaarder zullen schuren dan voorheen. Dat geldt niet alleen voor bewoners en ondernemers, maar ook voor het reguliere werk dat we als stad uitvoeren. Denk aan het schoonhouden van de openbare ruimte en het dagelijk onderhoud. Het zal creativiteit vragen om het gesprek daarover goed te voeren en kan bestuurlijke keuzes vergen over prioritering van ambities.

Grensverleggend samenwerken Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

Door op grote schaal bruggen en kademuren aan te pakken, zien we welke overkoepelende (weerbarstige) thema’s en knelpunten zorgen voor complexiteit en vertraging in de uitvoering. De programmatische aanpak maakt het mogelijk om het lopende werk continu te verbeteren en deze thema’s over de projecten heen en samen met de betrokkenen aan te pakken. Dit gaat over onderwerpen rond uitvoeringseisen en kaders, waarbij we vanuit het perspectief van doelmatigheid en toegevoegde waarde eenduidig kijken naar zaken als bereikbaarheid, bouwlogistiek, water en verplaatsen van woonboten. En over technische eisen, waar we eenduidig en op basis van een kosten/ batenafweging kijken naar boombehoud, afwerking (beeldkwaliteit), monumentale eisen en welke werkmethoden we toepassen. Deze onderwerpen vereisen specifieke kennis, lerend vermogen en nauwe samenwerking met kennisinstellingen, onze ingenieursbureaus en

aannemers, die veel expertise in huis hebben op dit vlak. Waar we de afgelopen jaren deze thema’s voortvarend hebben kunnen aanpakken binnen de organisatie, hebben we daar nu de financiële ruimte niet meer voor. Bij nieuwe thema’s ligt de primaire verantwoordelijkheid, inclusief de borging, bij de verantwoordelijke (beleids)directies. Het hanteren van de kaders en standaarden die voortkomen uit deze thema’s kan in de programmering en /of uitvoering leiden tot nieuwe dilemma’s of hoge kosten. Daarvoor hanteren we onderstaande prioritering: 1. Technische noodzaak, waarbij het borgen van veiligheid voorop staat. 2. Toekomstbestendig herstel, waarbij we uitgaan van duurzaam, tenzij… En randvoorwaarden: • Passend binnen de huidige financiële kaders - hoge kosten kunnen leiden tot een andere afweging. • Het optimaliseren en anders werken draagt primair bij aan de programmadoelen en secundair aan andere stedelijke doelen. Vastleggen in standaarden Om echt seriematig en efficiënter te kunnen werken aan herstel, gaan we - meer dan tot nu toe - uit van standaarden waarin we successen vastleggen. Door het vastleggen van de best beschikbare technieken en slimme oplossingen in standaarden, behouden we de kennis en ervaring van afgelopen jaren en starten we niet elk project weer van voren af aan.

Standaarden zoals bijvoorbeeld over het passeren van scheepvaart, over ontwerpmethodieken die we hanteren, BLVC-eisen en over efficiënt en

effectief onderhoud na oplevering. Zo werken we steeds beter, sneller en effectiever, en allemaal op eenzelfde manier onafhankelijk van wie er mee aan de slag gaat. In de Uitvoeringsstandaard is hier de basis voor gelegd. Met de Raad is afgesproken dat de Uitvoeringsstandaard in 2024 wordt herijkt, of eerder indien nodig. Nieuwe standaarden, afwegingskaders en beleid die vanuit de aanpak ontstaan, worden in de volgende versie van de Uitvoeringsstandaard opgenomen. Wanneer we de standaardisatie en seriematige werkwijze op voldoende grote schaal kunnen toepassen, kunnen we de voorbereidings- en uitvoeringskosten substantieel omlaag brengen (behoudens marktontwikkelingen), waardoor we uiteindelijk meer projecten binnen het budget kunnen uitvoeren en meer Amsterdammers profijt hebben van de investeringen. Het risico bestaat dat door het uitvoeren van een te beperkt aantal projecten, deze potentie voorlopig niet benut wordt. Bereikbaarheid en bouwlogistiek Sinds 2021 werken we gericht aan het thema bereikbaarheid en bouwlogistiek. De grote hoeveelheid (bouw)projecten rond de bruggen en kademuren, ook in combinatie met andere werkzaamheden in de stad, maakt het noodzakelijk om de impact die werkzaamheden hebben op bereikbaarheid en bouwlogistiek zo vroeg mogelijk in het proces te bekijken.

Om een bewuste keuze te kunnen maken over de bloken gebiedsprogrammering is aan de voorkant overzicht, informatie en afstemming nodig. Voordeel is dat je bewust ziet wat er mogelijk en nodig is over de projecten heen, en daarmee

waarbij bruggen en kademuren hersteld worden terwijl de woonboten op hun plaats kunnen blijven liggen. Om heldere afspraken wederzijds vast te leggen en tijdelijke verplaatsingen in goede banen te leiden, hebben we de afgelopen periode samen met de Amsterdamse woonbootverenigingen protocollen opgesteld voor tijdelijke en permanente verplaatsingen (vastgesteld maart 2022). Bij werkzaamheden aan bruggen en kademuren komen de woonboten in de meeste gevallen weer terug op hun oorspronkelijke plek en gaat het dus om tijdelijke verplaatsingen.

19

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

in de uitvoering zo min mogelijk verrast wordt door aspecten die eerder in de voorbereiding goed geregeld en gewogen kunnen worden. De programmering van projecten wordt hiermee robuuster, transporten efficiënter, de schaarse ruimte goed benut, risico’s inzichtelijk en daarmee beheersbaar, en kosteneffectief. Bruggen en Kademuren werkt mee aan de uitwerking van het stadsbrede plan van aanpak bouwlogistiek, wat de bereikbaarheid van de stad ten goede komt en mede borgt. De tool die is ontwikkeld is niet primair van Bruggen en Kademuren, maar kan voor het hele fysieke domein van toepassing zijn. Daarnaast zetten we met innovatie in op verdere doorontwikkeling van tools en processen voor de afstemming en optimalisatie van logistiek tussen projecten via land én via water. Woonboten en hun bewoners Van de ongeveer 3.000 Amsterdamse woonboten liggen er 1.700 binnen de scope van het programma. Het verplaatsen van iemands huis heeft veel impact, maar er bestaat helaas geen methodiek

De komende periode zoeken we naar meer tijdelijke ligplaatsen (wisselplekken) en onderzoeken we in proeftuinen andere oplossingen voor verplaatsingen. Daarnaast zetten we ons dienstenaanbod in om de woonbooteigenaren te ontzorgen. Denk aan juridische hulp, overlastbeperking of informatie over verduurzaming van de woning. Wij zorgen voor deugdelijke aansluitingen voor nutsvoorzieningen, toegangs- en aanmeervoorzieningen en riolering na terugplaatsing, hetzij door hergebruik, hetzij door in overleg met de woonbooteigenaren te vernieuwen. Ook werken we nauw samen met handhavende instanties. Zelf aangebrachte, niet vergunde voorzieningen zullen niet onvergund op de (ver)nieuwde plek terug kunnen keren, of in opdracht van de gemeente kunnen worden versleept. Er is inmiddels een flinke hoeveelheid expertise opgebouwd dat het woonbotenteam inzet om ook andere (gemeentelijke) partijen over woonbootverplaatsingen te adviseren. Komende jaren verkennen we of er een gemeente brede behoefte is aan een woonbotenteam, hoe dit

mogelijk te organiseren is en welke organisatorische consequenties dat zou hebben. Vereisten bij werken aan erfgoed Bruggen en kademuren maken deel uit van het Amsterdamse cultureel erfgoed en de grachtengordel staat op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. De gemeente is verplicht om hier behoedzaam mee om te gaan. Het vroegtijdig meewegen van cultuurhistorie, archeologische waarden en beeldkwaliteit is niet alleen van belang voor een goede borging van erfgoedwaarden, maar zorgt ook voor een efficiënte doorloop van de vergunningsprocedure. Veel bruggen hebben een monumentale status, waarbij de eisen aan beeldkwaliteit wettelijk zijn geborgd. De exacte uitwerking is vaak maatwerk, zeker daar waar vanuit vaarbeleid de wens speelt om de brughoogte vanwege de doorvaarthoogte aan te passen. Ook als de brug geen monumentale status heeft, zijn er eisen aan beeldkwaliteit. Er liggen keuzes voor over het gebruik van historische materialen en bijbehorende kosten. Om niet voor elke te vervangen brug of kademuur een individuele afweging te hoeven maken, worden in overleg met Monumenten en Archeologie principes uitgewerkt en vastgelegd in het Werkkader Erfgoed, waar dit jaar een eerste versie van is opgeleverd.

Vanuit kostenoogpunt zullen we ook kritisch moeten zijn op de investeringen die het behoud van erfgoedwaarden, UNESCO-status en Puccinivoorwaarden vragen en waar nodig een keuze voorleggen aan het bestuur. Beeldkwaliteit In het Beeldkwaliteitsplan Kademuren staan de

20

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

visuele eisen en kaders voor nieuwe kademuren, zodat ze passen in het beschermde stadsgezicht van Amsterdam. Het plan is opgesteld door Verkeer & Openbare Ruimte, in samenwerking met Bruggen en Kademuren, Monumenten en Archeologie, de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit en externe stakeholders als de Vereniging Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad. Hiermee is een kader geschept voor de esthetische en natuurinclusieve kwaliteit bij vervanging van kademuren en hoeven we niet bij elk project hetzelfde ontwerpproces vanaf het begin af aan te doorlopen. Er zijn inmiddels enkele onderwerpen benoemd, die nog verder worden uitgewerkt. Bijvoorbeeld over gewenste eigenschappen van de bakstenen, centrale inkoop van materialen, een integrale visie op de beeldkwaliteit van de grachten en de kademuren, en het borgen van het plan in de standaarden. Ook hier zullen we vanuit kostenoogpunt kritisch moeten zijn op de investeringen die deze eisen vragen. Naast eisen aan nieuwe constructies, is dat ook aan de orde bij tijdelijke veiligheidsconstructies. Voor de afwerking zijn op basis van de opgedane ervaringen standaarden vastgelegd. Veiligheidsmaatregelen worden vergund voor maximaal 10 jaar door middel van een watervergunning. In de praktijk kan het voorkomen dat vervanging niet voor die tijd gerealiseerd wordt, zeker nu het vervangingstempo lager wordt.

Wanneer dit aan de orde is, zal een bestuurlijke afweging gemaakt moeten worden binnen gemeente en het waterschap hoe hier mee om te gaan.

PBK Academy In 2020 hebben we als grote opdrachtgever in het fysieke domein besloten om, naast tastbaar resultaat in de openbare ruimte, ook een bijdrage te leveren aan het verkleinen van ongelijkheid en het vergroten van rechtvaardigheid door de investeringen ook sociaal te laten renderen. Dit doen we via de PBK Academy, een platform dat is opgezet samen met het sociaal domein om de sociale impact van het programma te vergroten op drie pijlers: werk, educatie en participatie. De integrale aanpak is juist nu belangrijk, aangezien we als stad voor de uitdaging staan om met dezelfde of minder middelen slimmer en efficiënter onze ambities te bereiken. Investeren in de bruggen en kademuren en de PBK Academy betekent investeren in een langjarige aanpak, die meerdere ambities uit het Amsterdam Akkoord verbindt.

worden en overlast zal toenemen, is aandacht voor behoud van draagvlak cruciaal en ligt hier een kans om sociale impact te bereiken samen met de buurt. Denk aan het vergroenen van de bouwhekken en verzorgen van de planten, de bouwplaats als ontmoetingsplek en meer ruimte voor kennisdeling.

Net als bij innovatie geldt dat we focus moeten aanbrengen en richting bepalen om onze mensen en middelen zo effectief mogelijk in te zetten. Gezien het grote arbeidstekort in de techniek en de lage instroom in de beroepsopleidingen blijven we de komende jaren inzetten op onze educatie- en werkdoelstellingen. Dit doen we niet alleen. We bouwen aan duurzame samenwerkingen met onze opdrachtnemers via de social return verplichtingen, onderwijsinstellingen, cultuursector en andere sociale partners. We willen dat het sociaal opdrachtgeverschap een vanzelfsprekendheid wordt binnen Bruggen en Kademuren en tevens een inspiratie voor de rest van de organisatie. De derde pijler, participatie, is tot nu toe nog onder belicht. Juist nu de projecten buiten zichtbaar

Circulariteit Gemeente Amsterdam heeft de ambitie om, met een aantal tussenstappen, in 2030 100% circulair in te kopen en het gebruik van nieuwe grondstoffen met 50% terug te dringen. Door minder primaire grondstoffen te gebruiken reduceren we CO2-uitstoot en afval, omdat sloopmateriaal (deels) hergebruikt wordt. Bovendien zijn we minder gevoelig voor prijsschommelingen door bijvoorbeeld schaarste als gevolg van geopolitieke spanningen.

Duurzaamheid en groen Circulariteit, uitstootvrij en klimaatbestendig bouwen (waaronder behoud van bomen, vergroenen en natuurinclusief) zijn de elementen rond duurzaamheid die het dichtst raken aan het herstel van bruggen en kademuren. We volgen daarin vanzelfsprekend het gemeentelijke beleid en ambities, maar deze zijn tot nu toe nog niet op alle vlakken vertaald naar concrete acties. We gaan uit van duurzaam, tenzij…, maken de “tenzij” expliciet - bijvoorbeeld als het financieel of technisch niet haalbaar is - en waar nodig bestuurlijk.

Om bij te dragen aan de gemeentelijke doelen, zijn deze vertaald naar strategieën voor het verminderen van het gebruik van primaire grondstoffen, waarbij we vanuit de integrale

21

Actieplan Bruggen en Kademuren 2023-2026

afweging voor een herstelmaatregel sturen op: • alleen vervangen vanuit technische en functionele noodzaak. Niet vervangen is het meest circulair: door met verbeterde toetskaders aan te tonen dat een object veilig is of door het herwaarderen van het gebruik van een object met een functionaliteitstoets, voorkomen we onnodige herstelwerkzaamheden. • renovatie voor minimaal 30 jaar waar mogelijk, door alleen de slechte delen van een constructie te vervangen beperken we het aantal vervangingsprojecten en daarmee het gebruik van nieuwe grondstoffen. De goede (onder)delen behouden we in de brug of kade zelf. • nieuwe bruggen en kademuren bouwen we voor de toekomst: Welke functie heeft de constructie de komende 100 jaar? Kunnen we modulair en demontabel bouwen? Via inkoop in de nadere overeenkomsten met onze contractpartners sturen we daarnaast op: • hergebruik van de materialen die vrijkomen bij sloop en hergebruik van (onderdelen van) bruggen op een andere locatie. • het verminderen van het gebruik van nieuwe materialen en het stimuleren van het gebruik van secundaire of bio-based materialen bij renovatie en nieuwbouw. Uitstootvrij Het Actieplan Schone Lucht (college, 2019) beschrijft op hoofdlijnen hoe Amsterdam tot 2030 toewerkt naar schonere en gezondere lucht in de stad: een uitstootvrij Amsterdam.

De strategie is door ‘van binnen naar buiten’ en van ‘zakelijk naar privaat’ de transitie te stimuleren en uiteindelijk

strengere regels in te voeren. Dit beleid betekent dat we veel van de werkzaamheden binnen de ring op een schonere manier gaan uitvoeren. De belangrijkste afspraken die van invloed zijn op onze werkzaamheden zijn: • Vanaf 2025 is het vervoer binnen de ring A10 uitstootvrij voor taxi, stedelijke logistiek (bestelen vrachtauto’s ), autobussen en brom- en snorfietsen. Per modaliteit gelden er specifieke overgangsregelingen die lopen tot 2030. • Vanaf 2025 zijn mobiele werktuigen en aggregaten zoveel mogelijk uitstootvrij (zie toelichting hieronder). • In 2025 is de ambitie om beroepsvaart uitstootvrij te laten varen op binnenwater, m.u.v. doorgaande routes (Nota Varen deel II). • Vanaf 2030 is de ambitie om de bebouwde kom van Amsterdam volledig uitstootvrij te laten zijn voor alle modaliteiten (inclusief personenauto’s en motoren). • De gemeentelijke ambitie (coalitieakkoord 2022-2026) is dat we in 2030 de totale (dus ook industrie, woningen, etc.) CO2-uitstoot met 60% hebben teruggedrongen t.o.v. 1990. Medio 2023 wordt een uitvoeringsagenda uitstootvrije mobiliteit gepresenteerd met concrete voorstellen over de wijze van invoering van de ambities uit het Actieplan Schone Lucht. Mobiele werktuigen We volgen het stedelijk beleid voor uitstootvrij werken, die voor mobiele werktuigen nu volop in ontwikkeling is.

Het doel is om in 2025 al zoveel mogelijk uitstootvrij te werken en in 2030 volledig uitstootvrij.

We zien dat de ontwikkeling van elektrisch materieel sneller gaat dan enkele jaren geleden verwacht. In 2023 zijn er echter nog onvoldoende uitstootvrije alternatieven voor het aanbrengen van bijvoorbeeld damwanden en buispalen, is er beperkte beschikbaarheid van grote en zware uitstootvrije mobiele werktuigen en lopen veel van de afschrijftermijnen van huidig materieel door tot na 2025. We constateren daarnaast dat het aanschaffen van uitstootvrij zwaar materieel grote investeringen van marktpartijen vraagt, die gezien de beperkte en onzekere opdrachtstroom grotendeels zullen worden doorberekend aan de opdrachtgever. Daarnaast ligt er een opgave om de benodigde energievoorzieningen gereed te krijgen. De verwachting is dat de ontwikkeling van zwaarder materieel in de periode 2025-2030 ook landelijk zal opschalen. NB De depositie van stikstof tijdens de bouw moet voor nieuwe vergunningaanvragen worden onderzocht. Bruggen en Kademuren volgt hierin de gemeentelijke lijn. Water en klimaatadaptief bouwen De komende decennia zullen naar verwachting meer risico’s en crisissituaties ontstaan als gevolg van extreem weer: hevige neerslag en droogte. Ook zijn vanwege zeespiegelstijging en verzilting mogelijk aanpassingen nodig in het watersysteem, zoals aanpassing in het streefpeil of adaptief peilbeheer (deltaprogramma).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12402763/1