A - 05 Openbare Orde en Veiligheid (4) 20211124 DIV2021442 VRAA DEKKINGSP 1
Tekst van het document
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025 BUITEN GEWOON VEILIG
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
Inhoud 1. Bijlage: Samenvatting Handreiking
3
2. Bijlage: Technische uitgangspunten berekeningen 2.1 Meetkaarten
5 13
3. Bijlage: Visualisatie opkomstprestaties dagsituatie
16
4. Bijlage: Repressieve dekking van de overige taakgebieden 4.1 Beoordeling operationele prestatie van het redvoertuig 4.2 Beoordeling operationele prestatie bij hulpverlening 4.3 Beoordeling operationele prestaties bij waterongevallen 4.4 B eoordeling operationele prestaties bij incidentbestrijding gevaarlijke stoffen
20 20 21 23
5. Bijlage: Aandachtsobjecten VrAA 5.1 Gezondheidzorg 5.2 Celfunctie/ Gesloten instelling 5.3 Woningen 5.4 Portiekwoningen 5.5 Galerij of corridorflats
26 26 27 27 28 29
24
INHOUD
2
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
1
Bijlage: Samenvatting Handreiking Landelijke Uniforme Systematiek voor Dekkingsplannen De landelijk uniforme systematiek voor dekkingsplannen beoogt een landelijk uniform werkwijze voor de brandweer. De systematiek is vastgelegd in een handreiking. Door dit toe te passen, kan de brandweer met het dekkingsplanproces meer recht doen aan de huidige praktijk. Dat doet zij door niet alleen inzicht te geven in de factor snelheid, maar ook in factoren als capaciteit, paraatheid en werkdruk. Naast een beschrijving van de systematiek in zeven processtappen, biedt de handreiking ook rekenvoorschriften waardoor regionale dekkingsplanen vergelijkbaar worden. Deze samen vatting is opgesteld door het landelijke projectteam van de pilot. Beoordelingskader De landelijk uniforme systematiek bevat ook het Beoordelingskader Gebieds gerichte Opkomsttijden. Samen bieden zij een betrouwbaar instrument dat de brandweer inzicht geeft in prognose en realisatie van de repressieve dekking, inclusief de motivatie van afwijkingen en flankerend beleid. Het kader wordt toegepast bij de beoordeling van de dekking. Hierin ligt de nadruk op de opkomsttijd van de eerste basisbrandweereenheid (TS6). Toelichting op het proces Zowel de totstandkoming van het dekkingsplan als de uitvoering en de rapportage verloopt via de landelijk uniforme systematiek voor dekkingsplannen. Deze bestaat uit zeven stappen.
Het opstellen van het dekkingsplan en de besluitvorming hierover is het schakelpunt tussen de twee cycli van inrichten en uitvoeren.
Dekkingsplanproces in zeven processtappen Iedere veiligheidsregio is wettelijk verplicht om een dekkingsplan vast te stellen als onderdeel van de totale beleidscyclus (art. 14 WVr). De landelijk uniforme systematiek voor dekkingsplannen helpt de brandweer met behulp van de volgende zeven processtappen om een dekkingsplan in te richten, door het algemeen bestuur te laten vaststellen en uit te voeren: Processtap 1 - Dekking bijstellen De brandweer maakt inzichtelijk of ontstane veranderingen of voorgenomen ontwikkelingen invloed hebben op de regionale dekking en zo ja, in welke mate. Het vorige bestuurlijk vastgestelde dekkingsplan geldt hierbij als referentiekader. Dit levert een set van kaders, randvoorwaarden en uitgangs punten op die nodig zijn bij de beschrijving van de dekking in de volgende processtap. Processtap 2 - Dekking beschrijven Met behulp van de landelijk uniforme systematiek voor dekkingsplannen beschrijft de brandweer de verwachte dekking in het verzorgingsgebied. Hiermee maakt de brandweer inzichtelijk waar zij repressief toe in staat is onder de gegeven omstandigheden. De beschrijving bevat minimaal de twee verplichte factoren snelheid en capaciteit. Daarnaast kan de brandweer de beschrijving aanvullen met de factoren paraatheid en werkdruk. Die laatste twee zijn niet verplicht, maar geven wel meer inzicht.
Processtap 3 - Dekking beoordelen De brandweer toetst de verwachte repressieve dekking minimaal aan het Beoordelingskader Gebiedsgerichte opkomsttijden en het kader Grootschalig Brandweeroptreden en beoordeelt deze aan de hand van de factoren snelheid en capaciteit, eventueel aangevuld met paraatheid en werkdruk. Het resultaat is een beoordeling van de verwachte repressieve dekking. Op basis hiervan bepaalt de brandweer in hoeverre de dekking past binnen het wettelijk kader en de bestuurlijke wensen. De beoordeling wordt opgenomen in een concept-dekkingsplan, dat ook een voorstel voor aanvullende maatregelen kan bevatten.
INHOUD
3
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
Processtap 4 - Dekkingsplan vaststellen Soms is het noodzakelijk de inrichtingsstappen een of meerdere keren te doorlopen om tot een dekkingsplan te komen dat optimaal binnen de wettelijke en regionale verwachtingen past. In het uiteindelijke dekkingsplan is helder geformuleerd welke onderwerpen met betrekking tot de repressieve brandweerzorg wel zijn opgenomen en welke onderwerpen niet. De brandweer legt het uiteindelijke dekkingsplan ter besluitvorming voor aan het algemeen bestuur, vraagt het dekkingsplan vast te stellen en daarmee opdracht te verlenen tot uitvoering. Het resultaat is een bestuurlijk vastgesteld dekkingsplan, inclusief de opdracht tot uitvoering door de brandweer. Processtap 5 - Uitvoering bijstellen Het vastgestelde dekkingsplan vormt het vertrekpunt voor de uitvoering. De implementatie bestaat onder meer uit de aanpassing van het meld kamersysteem, (her)positionering van de voertuigen en aanpassing van de bezetting en de roosters. Het resultaat is een repressieve brandweer organisatie die volgens de afspraken in het dekkingsplan is ingericht. Processtap 6 - Dekking uitvoeren De brandweer richt zich op de realisatie van de gemaakte prestatieafspraken en de uitvoering van de dekking. Dit gaat over alarmeren, uitrukken, ter plaatse komen en hulpverlenen aan mens en dier.
Tijdens de uitvoering registreert de brandweer de gerealiseerde dekking volgens de rekenvoorschriften van de landelijk uniforme systematiek. Het resultaat is hulp verlening en de registratie daarvan. Processtap 7 - Uitvoering beoordelen De brandweer beoordeelt de dekkingsprestatie bij inmiddels bestreden incidenten met als doel de uitvoering te beoordelen. De beoordeling wordt gebruikt om te leren, cyclisch te verbeteren en verantwoording af te leggen aan het bestuur. Zo nodig stelt de brandweer op basis van de inzichten de uitvoering en/of inrichting van de dekking bij. Hiermee start een nieuwe dekkingsplancyclus.
Figuur 1 - De processtappen uit de Handreiking circulair weergegeven. 2 dekking beschrijven
1 dekking bijstellen
veranderen
verwezelijken
5 dekking uitvoering
INRICHTING
4 dekkingsplan
UITVOERING
3 dekking beoordelen
vaststellen
verantwoorden
7 beoordelen uitvoering
6 dekking uitvoeren
INHOUD
4
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
2
Bijlage: Technische uitgangs punten berekeningen Het dekkingsplan komt tot stand door per buurt in de regio de opkomsttijd te berekenen door een rekensysteem. In deze bijlage van het Dekkingsplan wordt een uitleg gegeven over de werking van het rekensysteem en de uitgangspunten bij de berekeningen. Het belangrijkste rekensysteem Brandweer Amsterdam-Amstelland gebruikt het rekenprogramma CARE (CArtografische REkenmodule) voor de berekeningen die de basis vormen van het dekkingsplan. Op basis van het gebouwbestand, de infrastructuur en de theoretische rijsnelheden worden Kazerne Volgorde Tabellen gemaakt. Per object wordt berekend welk voertuig het snelst ter plaatse kan zijn.
Hierdoor worden prognoses op regionaal, gemeentelijk of verzorgingsgebied schaal gemaakt over de opkomsttijden. Om het systeem te kunnen laten rekenen, kiest de regio uitgangspunten, die vaak gebaseerd zijn op praktijk metingen. De uitkomsten blijven echter theoretische berekeningen en prognoses. De uitgangspunten bij de berekeningen Voor de berekeningen voor het Dekkingsplan zijn een aantal uitgangs punten bepaald, op basis waarvan het rekensysteem gevuld is. De volgende uitgangspunten zijn gekozen.
Tabel 1 - Rekenmodule
Waarde
Toelichting
Rekenmethode
Care-software.
Programma voor dekkingsprognoses. Ontwikkeld door SafetyCT.
Objecten
BAG (Basisadministratie Adressen en Gebouwen) en KRO (Kern Registratie Objecten)
De kaart laag KRO is een verzameling van objecten uit diverse landelijke registraties in één kaartbeeld. De kaart laag bevat gegevens van registraties zoals BAG, BRT, WOZ, Handelsregister, RRGS en LRKP.
Normtijden
Zoals vastgesteld in Landelijke Uniforme Systematiek voor Dekkingsplannen
Rijtijden
Berekend met een wegenbestand van de Roadtool.
Aangepast voor hulpdiensten met speed-profiles van TomTom. Wegenbestand bepaald aan de hand van de Roadtool van SafetyCT.
INHOUD
5
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
Tabel 2 - Methode Gebiedsgerichte Opkomsttijden
Waarde
Toelichting
Objecten
Basisadministratie Adressen en Gebouwen.
Dubbele adressen met een andere functie worden samengevoegd tot de functie met het hoogste risico: 1. Celfunctie 2. Gezondheidszorgfunctie 3. Logiesfunctie 4. Onderwijsfunctie 5. Woonfunctie 6. Winkelfunctie 7. Bijeenkomstfunctie 8. Sportfunctie 9. Kantoorfunctie 10. Overige gebruiksfunctie
Buurten
CBS-buurten
Voor de buurtbepaling wordt gebruik gemaakt van de CBS-buurt indeling en de stedelijkheidsclassificaties 1 t/m 5.
Risico categorie 1
Streefwaarde 7 minuten Bandbreedte 4 - 10 minuten
CBS-buurten met een stedelijkheid van een, twee of drie waarvan minimaal een derde van de objecten tot type A tot E behoort. A. Oude binnenstad B. Gezondheidszorgfunctie C. Celfunctie D. Woongebouwen > 20 meter E. Portiekwoningen
Risico categorie 2
Streefwaarde 10 minuten Bandbreedte 7 - 13 minuten
Woningen algemeen en gebouwen voor zelfredzame personen. CBS-buurten met een stedelijkheid van een, twee, of drie en met minder dan een derde objecten uit categorie 1.
Risico categorie 3
Streefwaarde 15 minuten Bandbreedte 12 - 18 minuten
Verspreid liggende woningen en gebouwen CBS buurten met een stedelijkheid van 4, 5 of geen waarde
INHOUD
6
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
Tabel 3 - Rekenregels
Waarde
Toelichting
Portiekwoningen
Portiekwoningen bepaald op basis van BAG-gegevens.
Onderscheid tussen portiekwoningen en portiekflats.
Normtijden RV
6 minuten voor RV bij portiekwoningen voor 1945.
Door het veiligheidsbestuur vastgestelde norm van 6 minuten voor het RV bij portiekwoningen van voor 1945.
Richtlijnen
WO: 15 minuten HV: 15 minuten IBGS: 15 minuten SIE: 30 minuten
De veiligheidsregio heeft in 2013 (conform een richtlijn) maximale opkomsttijden bepaald voor de taakgebieden: waterongevallen, hulpverlening en incidentbestrijding gevaarlijke stoffen.
Basisbrandweer-eenheid
TS6, zoals vastgelegd in het Besluit Veiligheidsregio’s.
Op de kazernes Aalsmeer en Uithoorn wordt uitgerukt met TS4 en TS6. De uitruktijden worden bepaald over de totaal aan inzetten.
DAG/ ANW
Uitruktijd per tijd venster
In verband met verkeersdruk en beschikbaarheid van vrijwilligers wordt onderscheid gemaakt. Naar Dag en Avond, Nacht en Weekend situatie. > Dag: Werkdagen van 07:30 tot 17:00. > ANW: Werkdagen van 17:00 tot 07:30 en weekenddagen
DAG-situatie Victor
7:00 tot 23:00
NACHT-situatie Victor
23:00 tot 7:00
Voor kazerne Victor geldt dat deze ’s nachts gesloten is en het verzorgingsgebied wordt overgenomen door de omliggende kazernes
Waarde
Toelichting
Operationele grenzen
Het snelste voertuig is weergegeven in de prognose.
Brandweer Amsterdam-Amstelland hanteert operationele grenzen voor prio1 meldingen. En werkt prio 2 op dit moment uit.
Interregionale voertuigen
Geen grensbeperkingen voor gelijksoortige voertuigen van buurregio’s.
Zoals vastgelegd in interregionale convenanten. Deze voertuigen kunnen door de GMK direct worden gealarmeerd. De uitruktijden van deze voertuigen worden periodiek door de regio’s uitgewisseld.
Opkomsttijd
Maatgevend scenario: TS6 Snelste hulp ter plaatse.
De tijdselementen meldkamer-, uitruk- en rijtijd gezamenlijk vormen de opkomsttijd.
Bevroren gebieden
De bevroren gebieden voor de eenheden Uithoorn 1 en Aalsmeer 1 zijn komen te vervallen
Tabel 4 - Beleid
INHOUD
7
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
Tabel 5 - Meldkamertijd
De meldkamertijd is de tijd die een meldkamer nodig heeft om een incidentmelding aan te nemen, triage te plegen en passende eenheden te alarmeren.
Waarde
Toelichting
Mediaan verwerkingstijd: 87 seconden.
Op basis van daadwerkelijk waarnemingen over twee jaar (2019 en 2020). De puntwaarde wordt bepaald door de mediaan van de waarnemingen. Waarnemingen worden gefilterd op: > Telefonische meldingen. > Alarmeringsclassificatie gebouwbrand > Volledige prio-1-ritten. > Test/oef/info niet meegenomen. Resultaat: een getal/tijd (in minuten of seconden) welke geldt voor de gehele regio. VRAA = 1 gebouwbranden: Incident_Classificatie = Binnenbrand
Uitruktijden Elk voertuig heeft een eigen mediaan van de uitruktijd, de tijd die het kost vanaf de melding tot het moment dat het voertuig wegrijdt. Dit heeft gevolgen voor de opkomsttijd. De mediaan uitruktijden van een voertuig in de praktijk zijn gemeten over 2 jaar. ‘BD’ betekent buiten dienst, het voertuig is niet beschikbaar voor eerstelijns brandweerzorg. Mogelijk is het voertuig op dat moment wel beschikbaar voor slagkracht bij grote incidenten.
Tabel 6 - Uitruktijden
Waarde De uitruktijd is de tijd tussen Puntwaarde per kazerne in DAG- en alarmering van een eenheid ANW-situatie. en de uitruk naar een incident (status uitruk).
Toelichting Op basis van daadwerkelijk waarnemingen over twee jaar (2019 en 2020). De puntwaarde wordt bepaald door de mediaan van de waarnemingen. Met volgend filter: > Prio-1-ritten. > Alleen alarmeringen binnen 20 minuten vanaf start incident. > Volledige prio-1-ritten. Eerste golf alarmeringen: alleen alarmeringen mee binnen de eerste twintig minute vanaf start incident. Onderscheid naar tijdstip van de dag: > Dag/ ANW
INHOUD
8
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
Tabel 7 - Uitruktijden 1e tankautospuit
1
2
DAG
ANW
BD = Buiten dienst. Echter wel beschikbaar voor slagkracht.
Aalsmeer 1
3:13
4:03
Dagdienst / Vrijwilligers
Uithoorn 1
02:25
04:22
Dagdienst / Vrijwilligers
Diemen 1
02:43
03:48
Dagdienst / Vrijwilligers
Duivendrecht
BD/ 03:04
03:43
Vrijwilligers
Driemond
BD/ 02:56
02:55
Vrijwilligers
Weesp
05:32
06:01
Vrijwilligers1
GBA
01:11
01:20
24-uur beroepsbezetting2
Amstelveen
01:54
02:13
24-uur beroepsbezetting
IJsbrand
01:46
02:08
24-uur Beroepsbezetting
Zebra
01:28
01:54
24-uur beroepsbezetting
Osdorp
01:34
02:01
24-uur beroepsbezetting
Teunis
01:41
02:03
24-uur beroepsbezetting
Hendrik
01:45
02:04
24-uur beroepsbezetting
Nico
01:48
02:11
24-uur beroepsbezetting
Victor
01:19
01:25
Gesloten in nachtvenster 23:00-7:00.
Pieter
01:39
01:57
24-uur beroepsbezetting
Dirk
01:30
01:51
24-uur beroepsbezetting
Willem
01:48
02:06
24-uur beroepsbezetting
Anton
01:49
02:08
24-uur beroepsbezetting
Gegeven uit GMS zijn niet beschikbaar. De uitruktijden zoals VrG&V deze heeft vastgesteld zijn toegepast. De methode om tot deze tijden te komen wijkt af van de Amsterdamse methode. Uitrukgebied is Westpoort. De GBA rukt gecombineerd uit met AS en IB. Uitruktijd AS is toegepast.
INHOUD
9
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
Tabel 8 - Uitruktijden HV, RV, WO en OGS-SIE
3
4
5
DAG
ANW
HV Diemen
03:23
03:51
Vrijwilligers3
HV Amstelveen
01:56
02:18
24-uur beroepsbezetting4
HV Teunis
01:52
02:05
24-uur beroepsbezetting
RV Teunis
01:41
02:01
24-uur beroepsbezetting
RV Pieter
01:44
02:02
24-uur beroepsbezetting
RV Amstelveen
01:54
02:05
24-uur beroepsbezetting
RV Nico
01:33
01:58
24-uur beroepsbezetting
RV Victor
01:26
01:27
Buiten dienst in nachtvenster
RV Anton
01:50
02:05
24-uur beroepsbezetting
RV Dirk
01:38
01:58
24-uur beroepsbezetting
RV Willem
01:44
01:59
24-uur beroepsbezetting
RV Amstelveen
01:54
02:05
24-uur beroepsbezetting
WO Amstelveen
01:35
01:49
24-uur beroepsbezetting
WO Nico
01:01
01:30
24-uur beroepsbezetting
OGS SIE
01:39
01:57
24-uur beroepsbezetting5
Minder dan 50 waarnemingen. Uitruktijd in lijn met historische uitruktijden. Toegepast ondanks minder waarnemingen. Gegeven uit GMS zijn niet beschikbaar. De uitruktijden zoals VrG&V deze heeft vastgesteld zijn toegepast. De methode om tot deze tijden te komen wijkt af van de Amsterdamse methode. Door beperkt aantal waarnemingen worden de uitruktijden van de AS Pieter hanteert.
INHOUD
10
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
Tabel 9 - Uitruktijden 2e tankautospuiten6
DAG
ANW
Bij een aantal waarnemingen <50 wordt de uitruktijd bepaald op basis van het eerste voertuig.7
Aalsmeer 2
05:08
04:18
Vrijwilligers
Amstelveen 2
02:55
06:33
Vrijwilligers
Diemen 2
04:43
05:48
Vrijwilligers
Uithoorn 2
04:25
06:22
Vrijwilligers
Weesp 2
BD
08:01
Vrijwilligers8
Tabel 10 - Uitgangspunten bij de factor Capaciteit
Slagkracht
Periode
Toelichting
Periode 2 jaar: 2019, 2020
Berekend op basis van uitruktijden. Bestaat uit de elementen: Aantal TS’en in 15 minuten Opkomsttijd 3e TS
GBO
6
7
8
Peloton basisbrandweerzorg Peloton grootschalig watertransport Peloton redding & technische hulpverlening
Door beperkt aantal waarnemingen uitruktijd Aalsmeer 1 + 1 minuut, overige 2e voertuigen + 2 minuten. Minder dan 50 waarnemingen. Uitruktijd in lijn met historische uitruktijden. Toegepast ondanks minder waarnemingen. Gegeven uit GMS zijn niet beschikbaar. De uitruktijden zoals VrG&V deze heeft vastgesteld zijn toegepast. De methode om tot deze tijden te komen wijkt af van de Amsterdamse methode.
INHOUD
11
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
Tabel 11 - Uitgangspunten bij de factor Paraatheid
Periode
Toelichting
Beschikbaarheid
Periode: 2020
De beschikbaarheid uitgedrukt in het beschikbaarheidspercentage per jaar dat de brandweerpost inzetbaar is om incidenten te bestrijden. Norm 95% per jaar
Gelijktijdigheid
Periode vanaf 2014 Peildatum: 13-10-2021
Kans, uitgedrukt in een percentage, dat er sprake is van gelijktijdigheid. Gelijktijdigheid wordt als volgt gedefinieerd: 1. Wanneer tijdens Inzet A voor incident A, een tweede inzet B wordt opgeroepen 2. Voor een nieuw/ ander incident B 3. Binnen hetzelfde verzorgingsgebied 4. Waarbij een andere kazernegroep betrokken is Volgens deze definitie is 1 gelijktijdigheid dus altijd tussen 2 incidenten. Filters: > Nieuwjaarsnacht > Extreem weer Buitenbeschouwing gelaten.
Tabel 12 - Uitgangspunten bij de factor Werkdruk
Werkdruk
Periode
Toelichting
Periode van vier jaar: 2017, 2018, 2019, 2020
Gemiddelde aantal alarmeringen van ieder brandweereenheid op jaarbasis voor een eenheid vanaf de eigen kazerne.
INHOUD
12
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
2.1 Meetkaarten De gebruikte brondata en toegepaste filterstappen voor de berekening van de Verwerkingstijd, Paraatheid, Uitruktijd, Gelijktijdigheid en Werkdruk zijn in de meetkaarten weergegeven.
Filterstappen Verwerkingstijden GMK - Handreiking Dekkingsplan
Verwerkingstijd GMK: tijd tussen aanname meldkamer (DTG_START_INCIDENT) en de alarmering eenheid (status: ov)
Alleen telefonische meldingen behouden
Alarmeringsclassificatie gebouwbrand GMS niveau 2 behouden
Alleen afsluiting incident met waarde Eindrapport of inzet behouden
NB. Onderzoeksopdracht: Bepaal de verwerkingstijden op basis van waarnemingen van een heel jaar, met een minimum van vijftig waarnemingen (vanuit Handreiking)
Volledige prio-1-ritten behouden
NB2: Dit zijn de algemene filterstappen om de verwerkingstijden te berekenen. Wanneer er een vraag is omtrent specifieke incident-typen, periodes en/of gebieden, wordt de filtering als laatste stap toegepast, (vanuit IM)
Expliciet niet meenemen in de berekening: test/oef/info
Mediaan berekenen over resterende verwerkingstijden
INHOUD
13
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
Berekening Paraatheid - Handreiking Dekkingsplan
Alle buitendienstmeldingen van voertuigen worden bij elkaar opgeteld per eenheid.
Dit aantal wordt gedeeld door de totale rapportage tijd (bijvoorbeeld de duur van één kalenderjaar) om het buitendienstpercentage te verkrijgen.
Het paraatheidpercentage wordt verkregen door dit buitendienstpercentage in mindering te brengen op 100% paraatheid
Groepering op voertuig &eenheid.
Filterstappen Uitruktijd - Handreiking Dekkingsplan
Uitruktijd: tijd tussen alarmering eenheid (status: ov) en de uitruk (status: ut)
Eerste golf alarmeringen (alarmeringen binnen de eerste twintig minuten vanaf start incident) Alleen afsluiting incident met waarde Eindrapport of inzet behouden
NB. Onderzoeksopdracht: Bepaal de uitruktijden op basis van waarnemingen van een heel jaar, met een minimum van vijftig waarnemingen.
Volledige prio-1-ritten behouden
Expliciet niet meenemen in de berekening: test/oef/info
NB2: Dit zijn de algemene filterstappen om de uitruktijden te berekenen. Wanneer er een vraag is omtrent specifieke incident-typen, periodes en/of gebieden, wordt de filtering als laatste stap toegepast.
Mediaan berekenen over resterende uitruktijden
INHOUD
14
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
Berekening Gelijktijdigheid - Handreiking Dekkingsplan Voorwaarden Gelijktijdigheid: Wanneer tijdens Inzet A voor Incident A, een tweede inzet B wordt opgeroepen: a. Voor een nieuw/ander incident B b. Binnen hetzelfde verzorgingsgebied c. Waarbij een andere kazernegroep betrokken is
Totaal incidenten berekenen die aan de voorwaarden van gelijktijdigheid voldoen.
Over de totale tijdspanne, bereken het aantal gelijktijdigheden per dag.
Bepaal de frequentie van het aantal gelijktijdigheden per kazerne.
Vermenigvuldig dit met 100 om het percentage gelijktijdigheden per kazerne te berekenen.
Resulterend cijfer beschrijft de kans dat er op een willekeurige dag minimaal één gelijktijdigheid kan plaatsvinden.
Berekening Werkdruk - Handreiking Dekkingsplan
Het aantal alarmeringen die een eenheid op jaarbasis verwerkt.
Aantal alarmeringen is ongeacht om welk type het gaat; de prioriteit; loos of echt; eigen regio of bijstand; eerstelijns of opschaling.
INHOUD
15
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
3
Bijlage: Visualisatie opkomstprestaties dagsituatie In deze bijlage zijn ondersteunende visualisaties opgenomen van de opkomstprestaties in de regio gedurende het dag-venster. In Bijlage 2 is een overzicht opgenomen van de technische uitgangspunten van de berekeningen. In deze bijlage zijn de visualisatie van de dagsituatie die horen bij processtap 2 en 3 van de Handreiking Landelijk Uniforme Systematiek voor Dekkingsplannen opgenomen.
Figuur 2 - Opkomsttijden van de eerste tankautospuiten in de dagsituatie. De lichtste kleur geeft de kortste opkomsttijd weer en de donkerste kleur de hoogste.
GGO Snelheid in minuten 0-6 6-9 9-12
12-15
15-18
18+
INHOUD
16
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
Het percentage van de locaties in de regio dat binnen een bepaalde tijd wordt bereikt kan ook worden weergegeven in een s-curve. In een staafdiagram is verder gespecifieerd in welke tijdvakken de locaties bereikt worden.
Figuur 4 - Opkomsttijden van drie tankautospuiten in de dagsituatie. De lichtste kleur geeft het kortste tijdbestek weer en de donkerste kleur het hoogste.
Figuur 3 - Percentage van de locaties in de regio dat in de dagsituatie b innen een bepaalde tijd door de eerste tankautospuit bereikt wordt, a angevuld met tijdvakken waarin ze bereikt worden.
Dekkingsgrafiek 1e Tankspuitauto regio Amsterdam-Amstelland 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20%
GGO Slagkracht 3 TankautoSpuiten 0-10 10-15 15-20
10% 0%
0-1
1-2
2-3
3-4
4-5
5-6
6-7
7-8
8-9
9-10
10-11
11-12
12-13
13-14
14-15
Per tijdvak 0,2 Cumulatief 0,2
0,0 0,2
0,0 0,2
0,7 0,9
6,1 7,0
15,5 22,5
23,6 46,1
23,5 69,6
17,6 87,2
7,4 94,6
3,1 97,7
1,9 99,6
0,3 99,9
0 100
0 100
20-25
25-30
30+
Opkomsttijd in minuten
INHOUD
17
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
Figuur 5 - Geografische weergave van het aantal tankautospuiten dat in de dagsituatie
Figuur 6 - Het percentage van de locaties in de regio dat in de dagsituatie binnen
binnen 15 minuten ter plaatse kan zijn. In respectievelijk de dag-situatie. De lichtste
een bepaalde tijd door één, twee of drie (interregionale) tankautospuiten kan worden
kleur geeft het hoogste aantal tankautospuiten weer.
bereikt.
18
Dekkingsgrafiek slagkracht regio Amsterdam-Amstelland 100%
Het percentage van de locaties in de regio dat binnen een bepaalde tijd door één, twee of drie tankautospuiten kan worden bereikt kan ook worden weergegeven in een s-curve.
90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 1e TS 2e TS 3e TS
GGO Slagkracht Aantal binnen 15 min. 5+ 4 3 2 1
0-1
1-2
2-3
3-4
4-5
5-6
6-7
7-8
8-9
9-10
10-11
11-12
12-13
13-14
14-15
15-16
16-17
17-18
18-19 19-20
0,16 0,16 0,00
0,16 0,16 0,00
0,16 0,16 0,00
0,88 0,16 0,00
6,97 0,16 0,00
22,46 0,32 0,00
46,10 5,51 0,03
69,56 19,94 0,69
87,15 43,56 6,51
94,60 67,54 27,48
97,70 84,12 57,75
99,63 92,74 77,41
99,95 97,90 90,25
99,98 99,68 97,67
100 99,95 99,71
100 99,98 99,93
100 99,98 99,96
100 99,99 99,97
100 100 99,98
100 100 100
0
INHOUD
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
In Hoofdstuk 2 (processtap 2) zijn de operationele prestaties voor de basisbrandweerzorg inzichtelijk gemaakt aan de hand van de factoren snelheid, capaciteit, paraatheid en werkdruk. Om te beoordelen of deze prestaties afdoende zijn gebruikt de Handreiking Landelijke Uniforme Systematiek voor Dekkingsplannen de methode Gebiedsgerichte Opkomsttijden.
Figuur 7 - Beoordeling gebieden op de factor snelheid in de dagsituatie.
GGO Slagkracht 3 TankautoSpuiten Goed Voldoende Onvoldoende
INHOUD
19
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
4
Bijlage: Repressieve dekking van de overige taakgebieden De Handreiking Landelijke Uniforme Systematiek voor Dekkingsplannen maakt voor de beoordeling van de basisbrandweerzorg gebruik van de nieuwe methode Gebiedsgerichte Opkomsttijden. Deze methode richt zich op de beoordeling van de basisbrandweereenheid (tankautospuit). De methode geeft geen beoordelingskader voor het redvoertuig en de overige taakgebieden. Brandweer Amsterdam-Amstelland kiest ervoor het redvoertuig en de overige taakgebieden wel te analyseren en te beoordelen.
In het grootste deel van de regio kan voldaan worden aan de maximale landelijke opkomsttijd van 18 minuten. De huidige spreiding van de redvoertuigen sluit aan bij de risico’s in de regio. De brandweer is in staat om snel extra capaciteit te organiseren om te ondersteunen bij redding en/of blussing op hoogte.
Figuur 8 - De opkomsttijd van de redvoertuigen.
4.1 Beoordeling operationele prestatie van het redvoertuig Aanvullend op de opkomstnormen voor de eerste basisbrandweereenheid stelt het Besluit veiligheidsregio’s dat het bestuur van de veiligheidsregio vaststelt voor welke objecten bij binnenbrand de inzet van een ondersteuningseenheid voor redden en blussen op hoogte altijd noodzakelijk is. De opkomstnorm van dit redvoertuig is dan dezelfde als voor de eerste tankautospuit. De Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland heeft in 2013 besloten, vanwege de bijzondere risico’s en beperkte vluchtmogelijkheden, dit in te stellen voor portiekwoningen van vóór 1945. Hier geldt dan, net als voor de eerste basisbrandweereenheid, een maximale opkomsttijd van 6 minuten. Betekent dit dat we deze normering in dit Dekkingsplan niet meer gebruiken? De dekking van het redvoertuig De plaatsing van de redvoertuigen in de regio sluit aan bij de risico’s. Genormeerde portiekwoningen van voor 1945 liggen met name binnen de Ring A10 in Amsterdam. Op de kazernes in dit gebied zijn redvoertuigen gestationeerd die dezelfde opkomstprestaties kunnen behalen als de eerste autospuit. De afbeelding toont de opkomstprestaties van de redvoertuigen in de regio.
GGO Snelheid in minuten 0-6 6-9 9-12
12-15
15-18
18+
INHOUD
20
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
4.2 Beoordeling operationele prestatie bij hulpverlening Een steeds groter deel van de werklast van de brandweer bestaat uit hulpverlening. Het gaat hierbij om technische hulpverlening bij verkeersongevallen, maar ook om hulp aan andere hulpdiensten, zoals het afhijsen van patiënten voor de ambulancedienst of het openen van deuren voor de politie. Daarnaast rukt de brandweer steeds vaker uit naar reanimatie. De operationele prestatie bij hulpverlening, in relatie tot de risico’s, wordt gewogen aan de hand van snelheid, capaciteit, paraatheid en werkdruk.
Figuur 9 - Het bereik van de HV1 binnen 15 minuten.
Snelheid Voor hulpverlening is geen wettelijke opkomstnorm bepaald. De Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland heeft in 2013 besloten de richtlijn voor de maximale opkomsttijd van 15 minuten voor de eerste tankautospuit of het eerste hulpverleningsvoertuig (HV1) te volgen. De richtlijn voor de tankautospuit bij hulpverlening wordt overal in de regio gehaald en daarmee is de dekking op orde. De zware hulpverleningsvoertuigen staan in de regio AmsterdamAmstelland strategisch geplaatst op drie kazernes. Daarmee is voor ca. 95% van de regio binnen 15 minuten een hulpverleningsvoertuig ter plaatse. Op de kazernes Teunis en Amstelveen wordt gesprongen tussen het hulpverleningsvoertuig en het redvoertuig. Indien voor incidenten beide voertuigen tegelijkertijd zouden moeten uitrukken, kan een vervangende eenheid van een andere kazerne worden gealarmeerd.
Capaciteit De brandweer heeft voldoende slagkracht voor hulpverlening. Zowel bij kleine incidenten als voor stormdagen of bijvoorbeeld complexe spoorweg- ongevallen.
INHOUD
21
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
Paraatheid en restdekking Door de aanwezigheid van veel beroepsposten is de paraatheid van de tankautospuiten in de regio over het algemeen hoog. Incidenteel kan het hulpverleningsvoertuig op kazerne Diemen niet ingezet worden in verband met beperkt beschikbare vrijwilligers. Ook wordt dit voertuig verplaatst in het geval er een defect is aan de andere hulpverleningsvoertuigen. Twee van de drie hulpverleningsvoertuigen staan op beroepskazernes en deze hebben daarom een hoge paraatheid. In het geval van gelijktijdigheid van incidenten heeft de brandweer voldoende eenheden beschikbaar om in te zetten en daarnaast kunnen interregionale eenheden gealarmeerd worden. Werkdruk Door veranderende incidenten loopt de werkdruk op de hulpverleningsvoertuigen langzaam terug. Deze trend is te verklaren door het teruglopend aantal incidenten, maar ook minder behoefte aan zwaar hulpverlenings materieel door andere voertuigtypen en protocollen van de ambulancedienst.
Incident aanbod
Totaal
2017
2018
2019
2020
Amstelveen
363
100
78
60
54
Teunis
481
132
118
101
79
108
18
32
28
19
Diemen
1
1
Analyse Brandweer Amsterdam-Amstelland kan bij hulpverlening in de gehele regio aan de richtlijn voor de eerste tankautospuit voldoen. De hulpverleningsvoertuigen (HV1) kunnen in het grootste deel van de regio aan de gestelde richtlijn voldoen. In de gebieden waar de HV1 niet binnen 15 minuten ter plaatse kan zijn, Landelijk Noord en een deel van de Zuidflank, is het risico op zware ongevallen laag. In deze delen van de regio is minder infrastructuur zoals snelwegen of tram- en spoorlijnen. Conclusies en aanbevelingen De brandweerzorg voor het taakgebied Hulpverlening is op orde. Er is voldoende dekking en capaciteit om incidenten te bestrijden. Er zijn geen aanvullende maatregelen nodig.
Het hulpverleningsvoertuig gestationeerd op kazerne Diemen wordt in het geval van een defect aan de andere hulpverleningsvoertuigen verplaatst naar kazerne Amstelveen of Teunis. In dat geval krijgt het voertuig een andere roepnaam. Dit leidt tot een lager werkdrukcijfer.
INHOUD
22
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
4.3 Beoordeling operationele prestaties bij waterongevallen Een deel van de werklast van de brandweer bestaat uit uitrukken naar waterongevallen. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om mensen of dieren die te water zijn geraakt. De operationele prestatie bij waterongevallen, in relatie tot de risico’s, wordt gewogen aan de hand van snelheid, capaciteit, paraatheid en werkdruk
Figuur 10 - Het bereik van de waterongevallenwagen binnen 15 minuten.
Snelheid Brandweer Amsterdam-Amstelland beschikt over twee waterongevallenwagens met een duikteam. Voor de maximale opkomsttijd bij een water ongeval is geen wettelijke norm bepaald. De veiligheidsregio heeft in 2013 (conform een richtlijn) een maximale opkomsttijd van 15 minuten vast gesteld. In het overgrote deel van de regio wordt hieraan voldaan. Aan de randen van de regio wordt hiervoor ook gebruik gemaakt van interregionale eenheden uit Nederhorst den Berg, Zaandam, Velsen, Nieuw-Vennep en Mijdrecht. In Weesp wordt op waterongevallen uitgerukt door een team van Wateroppervlakte redders. Deze redders kunnen een eerste inzet doen tot de komst van de duikers. Dit team kan geen onderwaterreddingen uitvoeren. Op IJburg wordt in de zomerperiode in het weekend en op zomerse dagen toezicht gehouden door de Amsterdamse reddingsbrigade. Deze organisatie werkt samen met de hulpverleningsdiensten bij calamiteiten rond en in het water. Capaciteit Door de interregionale samenwerking is er een hoge mate van slagkracht bij grotere waterongevallen. Paraatheid De waterongevallenwagens in de regio worden bezet door personeel van beroepskazernes. De waterongevallenwagens van de veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland worden bezet door een zogenaamde spring
INHOUD
23
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
bezetting. De beroepskrachten rukken uit met ofwel de tankautospuit of de waterongevallenwagen. In het geval van een gelijktijdige inzet van de tankautospuit en waterongevallenwagen zijn er bovendien andere waterongevallenwagens (regionaal en interregionaal) beschikbaar. Het Instituut Fysieke Veiligheid is gevraagd te adviseren over de vraag of de organisatiewijze van het duikteam in Amsterdam herzien moet worden2. De belangrijkste conclusie is dat de beslissing alle kanten op kan, omdat het heel lastig is risico’s in beeld te brengen en ze op waarde te schatten. Een heroverweging van de organisatie van de duiktaak is op zijn plaats. Voor een meer gedegen afweging is nader onderzoek nodig. De uitkomsten en eventuele aanbevelingen van het onderzoek naar het springen in de duikorganisatie worden in een separaat (bestuurlijk) traject behandeld. Restdekking Door de interregionale samenwerking met andere duikteams kan er altijd ingezet worden als eigen waterongevallenwagens al ingezet zijn. Analyse Brandweer Amsterdam-Amstelland kan bij waterongevallen in het grootste deel van de regio aan de gestelde richtlijn voldoen. In de gebieden waar de waterongevallenwagen niet op tijd kan zijn is het risico op waterongevallen laag. Door de interregionale samenwerking zijn de slagkracht en restdekking hoog.
4.4 Beoordeling operationele prestaties bij incidentbestrijding gevaarlijke stoffen Een deel van de werklast van de brandweer bestaat uit uitrukken naar ongevallen met gevaarlijke stoffen. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om uitrukken naar meldingen van koolmonoxide, maar ook om ongevallen met giftige stoffen bij bedrijven. De operationele prestatie bij ongevallen met gevaarlijke stoffen, in relatie tot de risico’s, wordt gewogen aan de hand van dekking, paraatheid, slagkracht en restdekking. Snelheid De inzet bij kleinschalige ongevallen met gevaarlijke stoffen wordt in eerste instantie afgehandeld door de tankautospuit. De veiligheidsregio heeft in 2013 voor dergelijke ongevallen (conform een richtlijn) een maximale opkomsttijd van 15 minuten voor de eerste tankautospuit vastgesteld. De opkomsttijd wordt in de gehele regio gehaald. Het gaat hier vooral om metingen bij gaslekkages en metingen naar koolmonoxide. Bij een groter incident met gevaarlijke stoffen wordt de Snel Inzetbare Eenheid (SIE) ingezet. Voor de SIE bestaat geen wettelijke maximale opkomsttijd. De veiligheidsregio heeft in 2013 (conform een richtlijn) een maximale opkomsttijd van 30 minuten vastgesteld. Deze 0pkomsttijd wordt in de hele regio gehaald.
Conclusies en aanbevelingen De brandweerzorg voor het taakgebied Waterongevallen is op orde. Er is voldoende dekking en slagkracht om incidenten te bestrijden.
2
De notitie van het IFV d.d. 23 juni 2021 ‘Wel of geen dedicated duikteam in Amsterdam’.
INHOUD
24
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
Figuur 11 - Het bereik van de OGS-SIE binnen 30 minuten.
Capaciteit Door interregionale samenwerking met vier veiligheidsregio’s in NoordHolland (Incidentbestrijding Gevaarlijke Stoffen) kunnen snel meerdere SIE-eenheden opgeroepen worden om in te zetten bij grootschalige ongevallen met gevaarlijke stoffen. Hierdoor is ook de restdekking op orde. Paraatheid en werkdruk De OGS-SIE wordt bemenst met een springbezetting op een beroepskazerne, waarbij afhankelijk van het incident de bemanning de keuze maakt tussen de tankautospuit en de SIE. Het lage aantal uitrukken maakt een vaste bezetting niet nodig. De paraatheid van de SIE is daarmee op orde. Analyse De dekking en paraatheid bij incidenten met gevaarlijke stoffen is op orde voor zowel de tankautospuit als de SIE. Conclusies en aanbevelingen De brandweerzorg voor het taakgebied Incident Bestrijding Gevaarlijke Stoffen is op orde. Er is voldoende dekking en slagkracht om incidenten te bestrijden. Er zijn geen maatregelen nodig.
INHOUD
25
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
5
Bijlage: Aandachtsobjecten VrAA Op basis van de huidige methode en dekking zijn binnen de VrAA aandachtsobjecten aanwezig van de onderstaande objectfuncties: > Gebouwen voor slapende niet-zelfredzame personen (gezondheidzorg); verpleeg- en verzorgingsinstellingen, ziekenhuizen, categorale woonvormen, gehandicaptenzorg en revalidatiecentra. > Woongebouwen hoger dan 20 meter. Hoogbouw, zoals kantoorpanden, valt volgens deze methode niet onder de woongebouwen hoger dan 20 meter. > Portiekwoningen Voor deze objecten geldt volgens de GGO-methodiek een opkomsttijd van 10 minuten die door de brandweer op dit moment niet wordt behaald.
5.1 Gezondheidzorg Het betreft hier 5 locaties voor gezondheidszorg, waarvan 2 in de gemeente Amstelveen, 2 in Amsterdam en 1 in Weesp. Op het gebied van risicobeheersing kunnen de volgende aanvullende maatregelen worden genomen: > Meelezen en adviseren over het ontruimingsplan. > Instellingen aan laten sluiten op het zorgconvenant. > Gezamenlijk met de brandweer een ontruimingsoefening organiseren. > Ondersteuning voor de operationele dienst met oriëntaties, waarbij er extra aandacht is voor de bluswatervoorziening en aanvalswegen in het pand.
Plaats
Adres
Opkomsttijd 1e TS
Objectfunctie
Gebruiker
Amstelveen
Salamander 12-18
10:10
Ouderenzorg
Zonnehuisgroep
nee
Amsteldijk Zuid 194
10:28
Gehandicaptenzorg
Stichting ons tweede huis
nee
Daguerrestraat 113
10:35
Psychisch zorg
Mentrum woon-zorglocatie
nee
Sem Presserhof 80 - 96
10:38
Gehandicaptenzorg
Stichting ons tweede huis
nee
Heemraadweg 1
10:23
Ouderenzorg
Verpleeghuis Hogewey
nee
Amsterdam Weesp
Zorgconvenant
INHOUD
26
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
5.2 Celfunctie/ Gesloten instelling Het betreft hier 1 locatie in de gemeente Amsterdam. Op het gebied van risicobeheersing kunnen de volgende aanvullende maatregelen worden genomen: > Meelezen en adviseren over het ontruimingsplan. > Gezamenlijk met de brandweer een ontruimingsoefening organiseren. > Ondersteuning voor de operationele dienst met oriëntaties, waarbij er extra aandacht is voor de bluswatervoorziening en aanvalswegen in het pand.
Plaats
Adres
Opkomsttijd 1e TS
Objectfunctie
Gebruiker
Amsterdam
Tafelbergweg
10:14
Jeugd detentie centrum
De Koppeling Levvel
5.3 Woningen Bij de woningen maken we onderscheid in de volgende woningen, Portieketagebouw, Woningen van voor 2003 en woningen na 2003. Voor woningen wordt bij de wijziging van het bouwbesluit de aanwezigheid van rookmelders op 1 juli 2022 verplicht gesteld. Dit betekent dat bij alle woningen (ook van voor 2003) vanaf die datum rookmelders verplicht zijn. Vanuit Risicobeheersing (brandveilig leven) kunnen manieren onderzocht worden om bewoners te mobiliseren om een bijdrage te leveren aan de veiligheid in de wijk. Bijvoorbeeld reanimatie- en AED-training, valpreventie etc. Om zo aan te sluiten op de woeste doelstelling ‘100.000 hulpverleners’. > Woningen van voor 2003 Hiervoor geldt vanaf volgend jaar een rookmelderplicht vanaf juli 2022. De brandweer hier reeds over in gesprek met de woningcorporaties om afspraken te maken over het voortijdige ophangen van rookmelders. > Woningen van na 2003 Deze woningen zijn voorzien van rookmelders.
INHOUD
27
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
5.4 Portiekwoningen De woningen in portiek-etagebouw beschikken over een samenvallende vluchtweg. Vanuit regelgeving is hiervoor zowel de bouwhoogte als het aantal woningen op het trappenhuis beperkt. Ook voor deze woningen geldt straks een rookmelderplicht. Een aanvullende actie bij deze woningen kan advies voor een dranger op de woningtoegangsdeur zijn, om de enige beschikbare vluchtroute beter te beschermen. Daar hoort ook het vrijhoudenof laten maken van vluchtroutes bij.
Plaats
Adres
Opkomsttijd 1e TS
Amsterdam
KNSM-laan
10:06
1
Levantkade
10:05
8
Sijpestein
10:11
8
H.Marsmanstraat
10:29
32
Henriëtte Roland Holsthof
11:01
96
J.H.Leopoldhof
10:14
77
Jan Campertplein
10:25
36
Jan Prinsstraat
11:23
96
Kostverlorenstraat
10:18
8
M.Nijhoffstraat
11:27
42
Plataanlaan
10:29
6
Sportparklaan
11:01
128
Willem de Mérodestraat
10:35
96
Weesp
Aantal adressen
Woningbezoek uitgevoerd
INHOUD
28
BIJLAGEN DEKKINGSPLAN 2022-2025
5.5 Galerij of corridorflats Bij woongebouwen > 20 meter duurt het langer voordat de brandweer repressief inzetbaar is. Vanuit regelgeving worden hiervoor een aantal voorzieningen voorgeschreven om een repressieve inzet te ondersteunen. Dit zijn droge blusleidingen, brandweerliften en sluizen voor trappen en brandweerliften.
Plaats
Adres
Opkomsttijd 1e TS
Objectfunctie
Amsterdam
Havikshorst
10:01
Mensinge
Weesp
Aantal adressen
Woningbezoek uitgevoerd
Portiekflat
8
Ja
10:01
Portiekflat
1
Slangenburg
10:16
Portiekflat
24
Dikning
10:16
Portiekflat
30
Kiefskamp
10:20
Portiekflat
8
Meidoornlaan
10:11
Portiekflat
10
Oldengaarde
10:09
Portiekflat
30
Rhijnestein
10:35
Portiekflat
54
Sijpestein
10:11
Portiekflat
54
Weerdestein
10:15
Portiekflat
24
Wildenborch
10:14
Portiekflat
2
Sinnigvelderstraat
10:53
Portiekflat
161
Heemraadweg
11:52
Portiekflat
264
Ingelandenstraat
10:18
Portiekflat
27
Keulsevaartstraat
10:25
Portiekflat
48
Meidoornlaan
10:11
Portiekflat
10
Ja
INHOUD
29
Veiligheidsregio/brandweer Amsterdam-Amstelland Bezoekadres: Ringdijk 98, 1097 AH Amsterdam Postadres: Postbus 92171, 1090 AD Amsterdam Telefoon: 020 555 6550 Website: veiligheidsregioaa.nl brandweer.nl/amsterdamamstelland