A - 05 Financiën (15) Bijlage 1 Jaarverslag 2021
Tekst van het document
Jaarverslag 2021
Colofon
Dit is een publicatie van de Gemeente Amsterdam Postbus 202, 1000 AE Amsterdam www.amsterdam.nl Vormgeving: OBT, Den Haag Fotografie: Fotobank Gemeente Amsterdam Datum: 28 april 2022
2
Inkomsten
Inkomsten Waar komt het vandaan?
€ 3.623,2 Inkomsten uit het Rijk
€ 4.325,8
miljoen Inkomsten binnen de gemeente
miljoen
€ 2.554,1 miljoen
1
Gemeentefonds
2
Specifieke uitkeringen € 1.069,1 miljoen
Lokale heffingen
€ 971,4 miljoen
Andere inkomstenbronnen
€ 3.354,4 miljoen
3
Parkeergelden
€ 235,8 miljoen
10
Grondopbrengsten en winstnemingen
€ 952,2 miljoen
4
OZB
€ 231,6 miljoen
11
Erfpacht
€ 249,4 miljoen
5
Afvalstoffenheffing
€ 138,7 miljoen
12
Dividend
€ 63,9 miljoen
6
Toeristenbelasting
€ 42,4 miljoen
13
Overig
€ 669,8 miljoen
7
Drinkwater
€ 147,8 miljoen
14
Onttrekkingen aan reserves
8
Leges
€ 100,8 miljoen
9
Rioolheffing
14
1
13
12
miljoen
11
€ 74,3 miljoen
9
7
2 6
5
4
3
?
Wat is het resultaat? Inkomsten
€ 7.949,0 miljoen
Uitgaven
€ 7.868,3 miljoen
?
8
?
10
€ 1.419,1 miljoen
Resultaat
€ 80,8 miljoen 3
Uitgaven
B
Waar gaat het naar toe? Uitgaven
1 2 3 4
A
€ 7.868,3
5 6
miljoen A
1
Veiligheid
2
Verkeer vervoer en waterstaat
3
Economie
4
Kunst, cultuur en erfgoed
€ 222,8 miljoen
9
Duurzaamheid en ruimtelijke ordening
€ 439,6 miljoen
€ 610,1 miljoen
10
Grond
€ 845,0 miljoen
€ 62,5 miljoen
11
Wonen en groen
€ 394,3 miljoen
€ 204,4 miljoen
12
Moderne open overheid
€ 116,0 miljoen
€ 255,6 miljoen
A
A.1 - A.4 o.a. gemeentefonds, belastingen
€ 71,6 miljoen
€ 81,2 miljoen
A
A.5 toevoegingen aan reserves
B
Bestuur en organisatie
5
Onderwijs
6
Sport
7
Werk, inkomen en participatie
€ 1.287,5 miljoen
8
Volksgezondheid, jeugd en zorg
€ 1.202,3 miljoen
€ 1.401,4 miljoen € 673,9 miljoen
12
miljoen
11
7 10
9
8
De gemeente Amsterdam heeft de grootste gemeentebegroting van Nederland. Dit overzicht geeft een beeld van de inkomsten en waar we deze aan hebben uitgegeven. Zo is inzichtelijk waar de inkomsten vandaan komen en waar we deze we weer aan uitgeven. Hiervoor wordt het geld verdeeld over twaalf beleidsprogramma’s. Deze programma’s worden verder uitgelicht in hoofdstuk 3 van dit jaarverslag, waar per programmaonderdeel onder andere wordt ingegaan op de belangrijkste ontwikkelingen, de behaalde resultaten en de financiële toelichtingen.
4
Prioriteiten
• De goede samenwerking tussen lokale partijen in de sociale basis en de nieuwe buurtteams en aanvullend een integrale armoede aanpak in de Columbusplein, Borger- en Staatsliedenbuurt zorgen dat Westbewoners sneller goede en laagdrempelige ondersteuning krijgen. • Samen met bewoners en ondernemers hebben we gewerkt aan schone, duurzame en groene buurten: - De Schoonste Straat- competitie is uitgebreid van Bos en Lommer naar de Baarsjes, in totaal namen 41 straten deel. - West Begroot en Groen in de buurt initiatieven hebben gezorgd voor de aanleg van vele groenperken, plantenbakken, geveltuinen en een bijen- en vlindertuin. Acht locaties in West zijn omgevormd tot kruidenrijk grasland waarbij een totaal van 265.500 verwilderingsbollen is geplant voor extra biodiversiteit. - De herinrichting van de Bos en Lommerweg heeft gezorgd voor een levendige stadsstraat met groen waar je prettig kunt winkelen. • We hebben een nieuwe, breed georiënteerde markt aan de Bos en Lommerweg ingesteld. We hebben succesvol ingezet op de oprichting van biz'en. We hebben lokale duurzame projecten ondersteund, zoals duurzaamheidsevenementen, grote energietransities zoals op het KetelhuisWG en via het Ware Westen duurzaam (koop)gedrag op het gebied van textiel als onderdeel van de transitie naar een circulaire stad.
Ook zijn dit jaar mooie aantallen betaalbare woningen opgeleverd in de Wormerveerstraat en de hoek Donker Curtius-/ van Hallstraat en het prijswinnende duurzame wooncomplex van De Verbinding in de Spaarndammerbuurt.
• Op diverse plekken in Noord is geïnvesteerd in infrastructuur en openbare ruimte. Hierdoor heeft de bereikbaarheid een duidelijke impuls gekregen en kunnen bewoners gebruik maken van een kwalitatief betere openbare ruimte. • Vooral in de ontwikkelbuurten en op het Buikslotermeerplein is er de nodige aandacht besteed aan het verbeteren van maatschappelijke- en culturele voorzieningen. Programmering is op verschillende plekken geïntensiveerd. • Door in heel Noord te investeren in groen en pleinen is er meer ruimte ontstaan voor ontmoeting en ontspanning.
• Aanpak binnenstad: voorzien in een verandering van de binnenstad waarin het aanbod (horeca, winkels, openbare ruimte, kunst, cultuur, etc.) zoveel mogelijk op Amsterdammers en mensen uit de regio is gericht, maar bezoekers welkom zijn.
Noord
West Masterplan Nieuw-West, met aandacht voor: • Zorg voor een gezonde economie en een stevig ondernemersklimaat. Daarbij maximale afstemming van het beschikbare werk op het arbeidspotentieel in het stadsdeel. • Een gelijke toegang voor iedereen tot een fijne woning, in een schone en veilige omgeving met veel ruimte en groen met nadrukkelijk aandacht voor de huidige bewoners en het bieden van uitzicht voor de jeugd. • Zorg dat alle kinderen, jongeren en volwassenen de juiste kansen krijgen. Zo kunnen zij zich maximaal ontwikkelen tot onafhankelijke individuen die leren, wonen, werken en recreëren in een omgeving waar ze trots op zijn.
Centrum
Oost
• Dapperplein, hart van de Dapperbuurt: De markt is anders ingericht waardoor er op het Dapperplein meer ruimte ontstaat om te verblijven, en er zijn er verplaatsbare bakken met bomen op het plein gekomen. • Werken aan een duurzame leefomgeving: Met onder andere groenprojecten, klimaatgesprekken, schoonmaakacties, de Fixbrigade en het afvalpaleis is in alle gebieden van Oost gewerkt aan duurzaamheid. • Diemerpark: ecologie, sport en recreatie. • In het Diemerpark wordt gewerkt aan een beter beheer, er is een voorlopig ontwerp gemaakt voor de uitbreiding van de sportvelden en er is gestart met de aanleg van een nieuw hondenlosloopgebied.
Nieuw-West
Overzicht prioriteiten stadsdelen
Zuid
Zuidoost
• In buurten waar veel gestapelde problematiek voorkomt is samen met partners ingezet op versterking van de sociale cohesie en een passend zorg- en welzijnsaanbod; • Samen met bewoners en partners is actief gewerkt aan klimaatbestendige en duurzame buurten; • Het woningaanbod groeit, met name in het midden segment zoals op de Buitenveldertselaan (248 woningen) en het toekomstige Havenstraatterrein (500 woningen waarvan 50% in het middensegment).
• Samen met buurtplatform ‘Hart voor de K-buurt’ zijn talrijke bewonersideeën om woon- en leefomgeving in de wijk te verbeteren, succesvol uitgevoerd en met inzet en ideeën van jongeren is een tijdelijke jongerencentrum (met ruimte voor de Southeast Drum Academy) geopend. • Eerste WijkActieTeam gestart in Venserpolder met integrale laagdrempelige buurtvoorziening om woon- en veiligheidsproblemen op te lossen. Er is ook een buurtrechter actief. • Meer dan 100 jongeren uit Zuidoost hebben gebruik gemaakt van de “pre-lease optie” in de nieuwe bouwwijk Amstel III. Ook is in de intentieovereenkomst en woonverordening vastgelegd dat voorrang aan inwoners uit Zuidoost wordt verleend.
5
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave Voorwoord7
5.
Leeswijzer8 1.
Bestuurlijke hoofdlijnen
11
2.
Financiële hoofdlijnen
17
3.
Programma’s26 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9 3.10 3.11 3.12 3.A 3.B
4.
Veiligheid Verkeer, vervoer en waterstaat Economie Kunst, cultuur en erfgoed Onderwijs Sport Werk, inkomen en participatie Volksgezondheid, jeugd en zorg Duurzaamheid en ruimtelijke ordening Grond Wonen en groen Moderne open overheid Algemene dekkingsmiddelen Bestuur en organisatie
27 42 73 85 101 112 120 138 168 206 220 248 260 273
Verplichte paragrafen
287
4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8
288 301 311 325 331 347 355 362
Bedrijfsvoering Financiering Grondbeleid Lokale heffingen Onderhoud kapitaalgoederen Verbonden partijen Weerstandsvermogen en risicobeheersing Investeringsparagraaf
6.
Voortgang aanbevelingen van de rekeningencommissie, ACAM en Rekenkamer
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling373 6.1 6.2
7.
374 378
Overzicht baten en lasten per programma Overzicht baten en lasten per programmaonderdeel Overzicht incidentele baten en lasten Taakveldenrealisatie Brugstaat
382 386 392 395 399
Balans405 8.1 8.2 8.3 8.4 8.5 8.6
9.
Waarderingsgrondslagen voor activa en passiva Grondslagen van resultaatbepaling
Overzicht baten en lasten per programma(onderdeel)381 7.1 7.2 7.3 7.4 7.5
8.
367
Balans met toelichting Verloopstaat reserves Verloopstaat voorzieningen Verloopstaat ontvangen doeluitkeringen Niet uit de balans blijkende verplichtingen Kasstroomoverzicht
406 427 440 447 450 452
Verantwoordingsinformatie specifieke uitkeringen (SiSa-bijlage)456
10. Verantwoordingsinformatie Wet Normering Topinkomens (WNT)485 11. Afkortingen- en begrippenlijst
488
12. Controleverklaring accountant
497
6
Voorwoord
Voorwoord Beste Amsterdammer, Met het jaarverslag 2021 legt het college van burgemeester en wethouders verantwoording af over de behaalde resultaten en de besteding van gemeentelijk geld. Dit jaarverslag is tevens ook het laatste van dit college. Net als 2020 stond ook 2021 vooral in het teken van de coronacrisis en het opvangen van de gevolgen voor Amsterdammers. Er werd, bij de gemeente, veel gevraagd van de medewerkers en vooral van de GGD. De Covid-gezond heidscrisis heeft een enorme impact op ons sociale en economische stelsel. Inmiddels ziet het dagelijks leven er hier weer een beetje uit zoals voor corona, maar de gevolgen voor veel Amsterdammers en ondernemers zijn nog groot. De gemeente heeft de afgelopen twee en een half jaar steun gegeven, daar waar ze kon. Door bijvoorbeeld steunmaatregelen voor ondernemers op de gebieden van belastingen, leges en huur van gemeentelijk vastgoed. Ook kwam er een steunplan voor de kunst-, cultuur en sportsector en een actieplan voor de ondersteuning van zelfstandigen. Daarnaast werkt het college aan herstel door te blijven investeren in de economie. Ons duurzaam en sociaal herstelpakket moet zoveel mogelijk inwoners van de gemeente aan het werk helpen en houden.
Op het gebied van onderwijs werkten en werken we aan het terugdringen van de opgelopen onderwijsachterstanden met een pakket aan maatregelen, zoals extra onder wijsuren, extra zomerscholen, gratis laptops en internetverbindingen. En we gingen in 2021 verder met ons corona-offensief tegen armoede en schulden.
Maar er gebeurde zoveel meer, bijvoorbeeld op de woningmarkt. Vorig jaar startte in Amsterdam de bouw van 7.410 woningen, waarvan een (record) aantal van 2.717 woningen voor de middeldure huur. We voerden de registratieplicht in voor de toeristische verhuur van woonruimte. Ook troffen we voorbereidingen om opkoopbescherming in te kunnen voeren. Mensen die een huis kopen met een WOZ-waarde tot 512.000 euro, moeten vanaf 1 april 2022 hun huis zelf bewonen. Op sportgebied gebeurde er ook heel wat: de Agenda Urban Sports is vastgesteld, de grootste skatebaan van Europa is hier geopend en er zijn 4 EK-voetbalwedstrijden gespeeld in de Arena. U kunt in de Bestuurlijke Hoofdlijnen lezen wat er nog meer gebeurd is om onze stad sociaal, duurzaam, leefbaar en veilig te houden. Met vriendelijke groet, Simone Kukenheim Wethouder Financiën, Deelnemingen, Zorg, Jeugd, Beroepsonderwijs en Sport.
We hebben ons als doel gesteld om Amsterdam uit de crisis te investeren. Daar hebben we in 2021 ongeveer 1 miljard euro voor uitgetrokken: meer dan ooit tevoren. Het geld is onder meer besteed aan wijkvoorzieningen, zorgcentra, sportvelden, bouwgronden, scholen, het onderhoud van kades en bruggen, veiligheid en cultuur.
7
Leeswijzer
Leeswijzer Dit is het jaarverslag van de gemeente Amsterdam. Het boekwerk is geheel digitaal gepubliceerd. Onverplichte delen van het boekwerk zijn niet in het jaarverslag opgenomen, maar worden als bijlage gepubliceerd. In deze leeswijzer benoemen we kort alle onderdelen van het jaarverslag en geven we aan welke onderdelen als bijlage zijn gepubliceerd. Hoofdlijnen Dit onderdeel beschrijft de bestuurlijke en financiële hoofdlijnen over het jaar 2021. Hierin staan de belangrijkste ontwikkelingen voor de gemeente Amsterdam in 2021 en het rekeningresultaat.
Programma’s Het hoofdstuk Programma’s is opgebouwd uit twaalf programma’s, het overzicht Algemene dekkingsmiddelen en het overzicht Bestuur en organisatie. Elk programma heeft een inleiding met infographics, die de belangrijkste resultaten over het afgelopen jaar weergeven. Een infographic is een grafische weergave van informatie over een bepaald onderwerp, bestaande uit tekst en beeldmateriaal. De inleidingen van de twaalf programma’s samen vormen een samenvatting van het jaarverslag.
Voortgang aanbevelingen van de rekeningencommissie, ACAM en Rekenkamer Ook is de paragraaf Voortgang aanbevelingen rekeningencommissie, ACAM en Rekenkamer opgenomen. Deze paragraaf geeft een stand van zaken van de aanbevelingen waarvan we in de Najaarsnota 2021 aangaven dat we er in het Jaarverslag 2021 opnieuw over rapporteren. Net als bij de Najaarsnota 2021 zullen we in dit hoofdstuk alleen een overzicht opnemen met de stand van zaken per openstaande aanbeveling.
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Dit hoofdstuk weergeeft de algemene grondslagen die worden gebruikt voor het opstellen van het jaarverslag.
Overzicht van baten en lasten Elk programma bestaat uit programmaonderdelen. Per programmaonderdeel zijn onder andere de belangrijkste ontwikkelingen die in 2021 plaatsvonden, de behaalde doelen en activiteiten en de financiële realisatie beschreven. Verder worden de verbonden partijen genoemd die zijn ingeschakeld om doelen te behalen en is er aandacht voor de reserves, de risico’s en beheers maatregelen, de geldende beleidskaders en de subsidies van betekenis.
Verplichte paragrafen Artikel 9 lid 2 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) noemt de paragrafen die gemeenten verplicht moeten opnemen in het jaarverslag. Het gaat hier om de paragrafen Bedrijfsvoering (inclusief duurzaamheid), Financiering, Grondbeleid (inclusief Verevenings fonds), Lokale heffingen, Onderhoud kapitaalgoederen, Verbonden partijen en Weerstandsvermogen en risicobeheersing.
In dit overzicht staat per programma en programmaonderdeel een overzicht van de baten en lasten. Daarnaast zijn onder dit hoofdstuk ook opgenomen de incidentele baten en lasten en de taakveldenrealisatie over 2021. Ook is een zogenoemde brugstaat opgenomen. Het doel van de brugstaat is om de raad een aaneengesloten beeld te verschaffen van de budgettaire ontwikkeling gedurende een jaar. De brugstaat wordt vanaf het Jaarverslag 2019 standaard in de P&C-producten opgenomen.
Balans met toelichting De belangrijkste ontwikkelingen in de balansposten gedurende 2021 worden in dit hoofdstuk toegelicht. De geconsolideerde balans en de bijbehorende toelichting zijn opgesteld volgens de verslaggevingsrichtlijnen uit het BBV.
Verantwoordingsinformatie specifieke uitkeringen (SiSa) De gemeente moet elk jaar aan de Rijksoverheid melden of en hoe ze specifieke uitkeringen heeft besteed. Deze verantwoording leggen we af in de SiSa-bijlage in het jaarverslag. 8
Leeswijzer
Verantwoordingsinformatie Wet Normering Topinkomens (WNT) Dit hoofdstuk geeft inkomens en ontslagvergoedingen van topfunctionarissen weer, volgens de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT).
Afkortingen- en begrippenlijst Deze lijst verklaart de afkortingen en lastige begrippen die in het jaarverslag worden gebruikt.
Controleverklaring accountant Het Jaarverslag 2021 sluit af met de controleverklaring van de accountant.
Overige paragrafen (bijlagen) In dit onderdeel komen specifieke onderwerpen aan bod die niet verplicht zijn om als paragraaf op te nemen in het jaarverslag, maar die we wel nader toe willen lichten. Het gaat om de volgende onderwerpen: Het Stedelijk Mobiliteitsfonds (SMF), Kengetallen, Subsidies, Frictiekosten en Integraal Risicomanagement. Zoals in de inleiding aangegeven, hebben we deze (onverplichte) paragrafen opgenomen in een bijlage.
9
1
H1
Bestuurlijke hoofdlijnen Het afgelopen jaar stond opnieuw in het teken van de wereldwijde pandemie en het opvangen van de gevolgen. We begonnen 2021 met een lockdown en eindigden ook weer met een lockdown. De terugkerende lockdowns beïnvloedden op verschillende manieren iedereen in de stad. De invloed van de pandemie was enorm en de onzekerheden waren en blijven groot. Er werd veel gevraagd van de ambtelijke organisatie en vooral van de GGD. Wat begon als een gezondheidscrisis, groeide uit tot een bredere sociale en economische crisis.
Duurzaam economisch herstel De economische gevolgen van de coronacrisis in de stad en de regio zijn groot. De crisis raakte banen in het toerisme, rondom Schiphol, de evenementenbranche, kunst- en cultuursector en de horeca. Veel onder nemers hadden het zwaar en waren erg afhankelijk van nationale en lokale steunmaatregelen. Nu de lockdown voorbij is, zullen veel ondernemers de effecten nog steeds merken. We hebben de lokale steunmaatregelen voortgezet voor ondernemers rond onder andere: • belastingen • leges • huur van gemeentelijk vastgoed Daarnaast kwam er een gericht steunplan voor de kunst- en cultuursector. En kwam er een actieplan Veerkracht voor ondersteuning van zelfstandigen. Naast de steunmaatregelen werkt het college aan herstel door te blijven investeren in de Amsterdamse economie. Het in 2020 opgestelde herstelplan ‘Samen sterker uit de crisis’ is daarvoor de basis. Samen sterker uit de crisis is een duurzaam en sociaal herstelpakket voor de langere termijn. Het moet zoveel mogelijk inwoners van de gemeente aan het werk helpen en aan het werk houden. De ruimtelijke investeringen die we in de stad doen, gebruiken we om het herstel van de economie te versnellen. We investeren eerder dan gepland in 6 projecten om de stad duurzamer te maken. Inwoners die door de coronacrisis omzet of werk verloren, bieden we (om)scholing aan en begeleiding naar een nieuwe carrière.
We jagen de verduurzaming aan door 6 hoofdprojecten, de zogenaamde ‘verduurzamingsmotoren’:
1. zon 2. warmte 3. vastgoed 4. klimaatadaptatie 5. midden- en kleinbedrijf 6. renovatie- en isolatie Al deze projecten zorgen voor het behoud van werk en leveren nieuw werk op. We leiden onze inwoners op en begeleiden hen naar deze nieuwe banen. Dat is een ingewikkeld vraagstuk. Want het aangeboden werk en de wensen en kwalificaties van werkzoekenden sluiten vaak niet aan. Zeker banen in de techniek vragen om specifieke kennis, certificering, ervaring en ambitie. Het Regionaal Werkcentrum is verder ontwikkeld tot een structuur voor omen bijscholing. Dat moet helpen om werkloosheid en afhankelijkheid van de bijstand te voorkomen. De energietransitie vraagt enorm veel van de stad. In 2021 zijn grote stappen vooruit gezet, maar zijn we ook tegen grenzen aan gelopen. De regionale energiestrategie 1.0 is vastgesteld, met hoge ambities voor de opwek van duurzame energie. Dit is geen gemakkelijk proces, met veel zorgen over de impact op de leefkwaliteit en gezondheid. Als stad hebben we in 2021 uitgebreid de tijd genomen om met bewoners die zich zorgen maken in gesprek te gaan. Dit gaat door in 2022. Er zijn zeer veel zonnepanelen in de stad bijgekomen en de CO2-uitstoot is ook in 2021 verder gedaald. Niet zoveel als we willen, en daarom hebben we een burgerberaad gehouden en inwoners gevraagd om aanvullende maatregelen.
De gemeente is aandeelhouder geworden van Westpoort Warmte, en kan daarmee richting geven aan de verduurzaming van onze warmtevoorziening. Begin oktober begon de Regionale Ontwikkelmaatschappij (ROM) InWest. De ROM begon met een fondsvermogen van € 130 miljoen. Het richt zich op het vernieuwende midden- en kleinbedrijf (MKB) en het versnellen van de energietransitie. De Metropoolregio Amsterdam werkt hierbij samen met de regio Noord-Holland-Noord.
11
H1
In 2021 vestigden zich 133 bedrijven in de Metropoolregio Amsterdam (MRA). Die zullen in ongeveer 3 jaar rond de 4.000 arbeidsplaatsen opleveren. Dat is een fors herstel tegenover 2020. Toen waren het 101 bedrijven met ongeveer 2.000 arbeidsplaatsen na 3 jaar. Sinds het begin van de coronacrisis waren er veel meer aanvragen voor bijstand. Toch zagen we dat in 2021 steeds minder Amsterdammers afhankelijk werden van de bijstand. Het aantal mensen dat een beroep doet op de bijstand daalde van 40.443 naar 37.619. In 2021 waren er door de lockdowns flink minder bezoekers in onze stad dan voor de coronacrisis. Tegelijk blijft het college er aan werken om meer kwaliteitstoerisme te krijgen. In 2021 scherpten we daarom het hotelbeleid aan. In het centrum stopte de op toerisme gerichte bestemming voor ongeveer 165 panden. Er is daarop een voorbereidingsbesluit genomen. Daarmee kunnen die panden deze bestemming niet weer opnieuw krijgen. Voor verschillende van onze deelnemingen was 2021 ook weer een zwaar jaar door de coronacrisis. Schiphol, RAI, Carré, Beurs van Berlage en de Johan Cruijff Arena zijn hard in hun bedrijfsvoering geraakt. Wij hebben aan Carré extra noodsteun gegeven. De gemeenteraad heeft het nieuwe beleidskader Verbonden partijen vastgesteld. Dat is een belangrijke ontwikkeling voor gemeentelijke deelnemingen.
Werken aan sociaal herstel De coronacrisis laat binnen het onderwijs zien dat kinderen in een kwetsbare positie het hardste zijn geraakt. We werkten vanwege de schoolsluiting en opgelopen onderwijsachterstanden onder andere aan: • extra onderwijsuren • 6500 laptops • 750 internetverbindingen • uitbreiding van zomerscholen voor primair en voortgezet onderwijs • een integraal zomerprogramma, MidzomerMokum
Met de Nationaal Programma Onderwijsgelden vanuit het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap investeerden we in bewezen aanpakken om leerachterstanden weg te werken. En we werkten aan blijvende verbeteringen die de kinderen en jongeren nu en op de lange termijn helpen. Ondanks de belemmeringen door corona konden we meer peuters bereiken die naar de voorschool gingen. En stonden er minder peuters op de wachtlijst voor de voorschool. Met High Dosage Tutoring begeleidden we zo’n 100 kinderen in Zuidoost in een proefjaar intensief. Het ging om het terugdringen van onderwijs achterstanden en het verbeteren van schoolprestaties. Er waren duidelijke resultaten die veel beloven voor inzet op grote schaal. Veel inwoners van onze gemeente raakten door de coronacrisis hun baan, bedrijf of huis kwijt of zagen hun inkomen wegvallen. In 2021 gingen we verder met ons corona-offensief tegen armoede en schulden. We bereikten meer mensen met problemen en achterstanden in hun betalingen: van 62 procent in 2019 naar 73 procent in 2021. Dit kwam onder andere doordat we de mensen met financiële problemen eerder signaleerden. We zagen dat mensen worstelen met financiële zorgen. Dat merkten we aan de groei van de bijzondere bijstand en meer inzet van sociaal raadslieden.
Daarom: • verhoogden we voor 1 keer de Individuele Inkomenstoeslag • begonnen we eind vorig jaar met een sterkere aanpak van energiearmoede • zetten we een fonds op voor tandzorgkosten In het programma Schuldenrust willen we de schuldhulpverlening verder ontwikkelen. We weten steeds meer jongeren met schulden te bereiken via Jongeren Schuldenvrije Start. En met de Pauzeknop brengen we sneller overzicht en rust in het schuldhulptraject. Vorig jaar begonnen we met de uitvoering van de hersteloperatie toeslagenaffaire. In 2021 hebben zich 4.684 ouders als gedupeerde gemeld. Dit aantal kan verder oplopen. De Buurtteams benaderden 3.777 van hen in 2021 om ondersteuning aan te bieden. De aanpak loopt door in 2022. Gedurende de lockdown is de noodopvang voor dak- en thuislozen langer opengebleven.
12
H1
Om inwoners ondanks de beperkende maatregelen zoveel mogelijk beweegmomenten aan te bieden hebben we tal van acties ondernomen. Bijvoorbeeld door de sportbijdrage aan Midzomer Mokum, het verplaatsen van de activiteiten in de schoolsportprogramma’s naar buiten en door aanbod van wijksport. Een sportief hoogtepunt in 2021 was het EK Voetbal in de Johan Cruyff Arena met 4 bijzonder sfeervolle wedstrijden met 16.000 toeschouwers. De Agenda Urban Sports, die zich richt op evenementen voor ongebonden sport in de openbare ruimte, is in de zomer vastgesteld. De uitvoering daarvan is gestart met de Urban Sports Week Amsterdam 2021 in de herfstvakantie. Sport heeft grote stappen gezet naar een nieuw duurzamer normaal. Zo is het gasverbruik van Sporthallen Zuid afgelopen jaren met 72% gedaald door de energiehuishouding slimmer te regelen, zijn onder andere het Brediusbad en sporthal De Weeren van het gas gegaan en liggen er nu op 14 sportpanden zonnepanelen. Tegelijkertijd behoren de zwembaden en sporthallen bij de grootste energiegebruikers van de gemeentelijke vastgoedportefeuille en ligt hier nog een grote uitdaging op het gebied van energiebesparing. Amsterdam heeft ook afgelopen jaar weer geïnvesteerd in Onderwijs, Jeugd, Zorg, Basisvoorzieningen en Sport.
Deze investeringen in maatschappelijke voorzieningen zijn ten gunste gekomen aan onder andere de (uitbreiding van) verschillende scholen, de realisatie van de skatebaan op Zeeburgereiland (de grootste van Europa), een nieuwe atletiekbaan in Amsterdam Noord, diverse jongerenvoorzieningen, een ontmoetingscentrum voor veteranen, Sporthal Bajes Kwartier, 17 vergroende Amsterdamse Impuls schoolpleinen en meer werk- en spreekplekken voor de jeugdzorg, renovatie en optimalisatie Sportcentrum De Pijp.
Leefbaarheid en veiligheid Het jaar 2021 was een bewogen jaar met veel demonstraties en de voelbare directe en indirecte gevolgen van corona voor de inwoners en ondernemers van de stad. Een dieptepunt was de moord op Peter R. de Vries in juli van dit jaar.
De aanpak van drugscriminaliteit en ondermijning heeft de voortdurende aandacht in het programma Weerbaar Amsterdam (een bundeling van de programma’s Weerbare Mensen, Weerbare Wijken en de Weerbare Stad) en vormen een belangrijk onderdeel van de masterplannen Nieuw West en Zuidoost met als doel te voorkomen dat jongeren criminaliteit als toekomstperspectief zien.
Druk op de stad Na een terugval in 2020 mede als gevolg van corona was in 2021 de druk op de stad weer volop terug. Het aantal inwoners nam weer toe, de druk op de woningmarkt was enorm, het aantal bouwprojecten ongekend hoog, het elektriciteitsnetwerk kon de vraag niet bijbenen en de arbeidsmarkt was in sommige segmenten krapper dan ooit tevoren. Dit college koos ondanks deze druk voor de bouw van een complete stad. In 2021 stelden we de Omgevingsvisie vast: een menselijke metropool. Met de Omgevingsvisie geven wij richting aan de ontwikkeling van Amsterdam: een duurzame stad, met betaalbare woningen voor de toekomst, ruimte voor groen, en voldoende maatschappelijke voorzieningen. Een stad die we samen maken met de bewoners. Er is in 2021 hard gewerkt aan grote gebieds ontwikkelingen zoals Hamerkwartier, Amstel III en Schinkelkwartier. Met nieuwe woningen, bedrijven, scholen, groen en duurzame warmte uit onder andere datacenters. De volgende stap naar de Sprong over het IJ is gezet. Niet eerder waren we dichter bij een brug tussen Noord en de rest van de stad dan nu. In 2021 begon de bouw van 7.410 zelfstandige permanente woningen. Voor de middeldure huur begon de bouw van 2.717 woningen. Dit is een recordaantal.
De woningcorporaties startten de bouw van 1.894 sociale huurwoningen: • 1.449 zelfstandige woningen • 195 onzelfstandige woningen • 250 tijdelijke woningen De planvoorraad tot 2025 komt per 1 januari 2022 uit op 46.025 woningen. De voorraad is goed op peil gebleven. We denken dat we daarmee tot 52.500 woningen kunnen komen in de periode 2018-2025. Dan moeten de economische omstandigheden wel ongeveer hetzelfde blijven. 13
H1
In 2021 kregen 956 statushouders een woning. En 50 mensen stroomden door vanuit tijdelijke huisvestingsprojecten (de ruggensteunregeling). Dit is een goed resultaat, omdat de woningmarkt krap is en er maar weinig woningen voor kwetsbare groepen beschikbaar zijn. Maar we wilden 1.232 status houders in 2021 een woning geven. Daarom hebben we nu een achterstand voor 276 personen. In 2021 troffen we voorbereidingen om de opkoopbescherming in te kunnen voeren in Amsterdam. Die gaat op 1 april 2022 in. Huizenkopers in Amsterdam moeten dan hun gekochte huis zelf bewonen als de woning een WOZ-waarde heeft tot € 512.000. De eerste 4 jaar na aankoop mogen zij de woning niet verhuren. Zo krijgen starters en middeninkomens meer kans op een koophuis, omdat beleggers hen niet meer overbieden. Sinds 1 april 2021 geldt de registratieplicht toeristische verhuur van woon ruimte. Dit betekent dat iedere advertentie voor toeristische verhuur van woonruimte een registratienummer heeft. We zagen het aanbod van afval flink stijgen, met gemiddeld bijvoorbeeld 25% meer grof afval op straat. Ondanks alle inzet was de stad onvoldoende schoon. Daarom greep het college begin februari 2021 in bij de directie Afval en Grondstoffen. Het college wilde een heldere analyse van de problemen die we hebben bij de afvalinzameling en -verwerking.
De eerste bevindingen waren aanleiding voor het college om verscherpt toezicht in te stellen. De beleidsnota 30 kilometer per uur in de stad is eind december 2021 vastgesteld. Hiermee wordt vanaf 2023 30 kilometer per uur de norm in de stad. Op een enkele straat blijft 50 kilometer per uur de maximumsnelheid. Deze maatregel helpt de verkeersveiligheid en leefbaarheid. Daarnaast blijft voor de komende jaren de veiligheid en vernieuwing van onze bruggen en kades dringend. Dat geldt voor nu en voor in de verre toekomst. We weten steeds meer over de staat van de bruggen en kades. Daardoor kunnen we beter sturen (op de risico’s bij het uitvoeren van het programma. Maar we zijn nog lang bezig: we moeten veel vernieuwen en we moeten ook nog een groot deel onderzoeken.
Daarom is het besluit over Oranje Loper belangrijk. Daardoor zijn we begonnen met het vernieuwen van de Raadhuisstraat tot het Mercatorplein. Daarbij vernieuwen we tegelijkertijd 9 vaste bruggen. Per 1 januari 2022 begonnen we met een nieuwe sturing van de OV-keten. Daarmee zijn de verantwoordelijkheden tussen GVB, de Vervoerregio Amsterdam en ons beter ingericht. We hebben de eerste 2 volledig elektrische uitstootvrije veren op het Noordzeekanaal in gebruik genomen. Dit vanuit het verbeteren van de luchtkwaliteit. Helaas werden door de coronacrisis ook in 2021 OV, veren en taxi nog steeds veel minder gebruikt. Op 16 maart 2021 maakten we de uitslag van de eerste uitgifteronde van 155 nieuwe exploitatievergunningen voor de passagiersvaart bekend. Dit is de volgende stap in de aangekondigde maatregelen uit de Nota’s Varen Deel 1 en 2. Daarmee willen we: • toeristische drukte en overlast beheersen • een vlotte en veilige doorvaart • duurzaam gebruik Het Vierde wijzigingsbesluit Regeling op het binnenwater 2020 is in het tweede kwartaal 2021 vastgesteld. Daarmee was de uitwerking van het vergunningen systeem voor Transport over water klaar. Hierin staan nadere regels beschreven voor het verlenen van een exploitatievergunning voor transport. Daarnaast is de notitie (wild)zwemmen in Amsterdam vastgesteld.
Die geeft duidelijkheid over waar en onder welke omstandigheden mensen in Amsterdam mogen zwemmen. In 2021 zijn de eerste twee tranches voor het Stedelijk Huisvestingsplan Groen vastgesteld. Groen zien we daarmee als investering als het over meerdere wijken ligt. Daarnaast begonnen we met lokalere projecten voor te bereiden om meer groen te plaatsen in straten, bij gevels en op pleinen. In 2021 begonnen de eerste parkconciërges. De parkconciërge is het eerste aanspreekpunt voor het park. Zij zorgen ook voor het dagelijks onderhoud. 14
H1
Inmiddels zijn er 7 parkconciërges actief in 16 parken. In februari 2021 stelde de raad het Bosplan 2020-2030 vast. In het Bosplan staan de belangrijkste ambities, die zijn onder te verdelen in 4 thema’s: • beschermen • bereikbaar • benutten • bekend Met het Bosplan werken we aan de bestuursopdracht “Bos op orde”. De opdracht is om een blijvende oplossing te vinden voor onderhoud en budget van het bos. In april 2021 stelde het college de Uitvoeringsagenda Klimaatadaptatie vast. Hierin staan maatregelen die we in 2021 en 2022 uitvoeren om de stad voor te bereiden op extreem weer. En om de stad zo goed mogelijk voor te bereiden op het veranderende klimaat. Voor de Zuidas besloten we de monumentale rechtbank te kopen van het Rijksvastgoedbedrijf. Hierin komt een museum voor hedendaagse kunst. Ook nam de gemeenteraad het kredietbesluit voor OBA Next. Hiermee voeren we de Visie Zuidas uit en wordt het steeds meer een gemengde wijk voor wonen, werken, leren en recreëren.
Gebiedsgericht werken De afgelopen jaren werkten we hard om de Ontwikkelbuurten te verbeteren. Voor elke Ontwikkelbuurt is nu een plan vastgesteld. Die voeren we nu uit. Veel kleinere acties en projecten zijn gestart. Ook zijn we op sommige plekken al ver met de grootschaligere gebiedsontwikkeling. De cijferscores van de Ontwikkelbuurten laten zien dat we nog steeds extra moeten investeren in Ontwikkelbuurten. Dat zien we bijvoorbeeld aan de cijfers over leefbaarheid. Investeringen in deze buurten zijn ook in de toekomst nodig om door te kunnen gaan en om blijvende veranderingen te behalen.
Het afwegingskader is vastgesteld om de reserve vastgoed Aanpak Binnenstad in te zetten. Dit zijn de spelregels voor de financiering van onrendabele aankopen in de binnenstad door onze vastgoeddeelnemingen (NV Zeedijk, Stadsgoed, Stadsherstel). Voor de RAI stelde het college een overkoepelende gemeentelijke visie vast. Die gaat over: • economisch herstel • verbinding met de rest van de stad • verminderen van overlast voor de buurt
Overig Ook op andere vlakken zette het college belangrijke stappen. Tijdens de jaarlijkse herdenking van de afschaffing van de slavernij heeft het college zijn excuses aangeboden. Dat was voor de actieve betrokkenheid van het Amsterdamse stadsbestuur bij het commerciële systeem van koloniale slavernij en de wereldwijde handel in tot slaaf gemaakten. We beoordeelden de uitvoering van de Agenda Dieren 2015-2021. We stelden vast dat de meeste acties klaar zijn of goed zijn verlopen. Het meeste resultaat haalden we bij: • het verstevigen van de samenwerkingen met partners • aansluiting op andere beleidsdomeinen • bewustwording bij doelgroepen In 2021 sloten we een overeenkomst met afvalverwerker AVR over de verkoop van het Afval Energie Bedrijf (AEB) voor € 450 miljoen. Na aflossen van schulden en verrekenen van de boekwaarde, houdt de gemeente uiteindelijk ongeveer € 60 miljoen over. De verkoop is onder voorbehoud van goed keuring door de Autoriteit Consument & Markt. Tegelijk met het verkoop proces liep de raadsenquête naar AEB. De enquêtecommissie leverde eind 2021 het rapport op. Hier is uitgebreid over gesproken in de commissie en de raad. De aanbevelingen zijn overgenomen.
15
2
H2
Financiële hoofdlijnen 2.1 Inleiding In de financiële hoofdlijnen beschrijven we de belangrijkste financiële ontwikkelingen voor de gemeente Amsterdam in 2021. In paragraaf 2.2 gaan we verder in op het rekeningresultaat. Hierbij geven we op hoofdlijnen aan welke afwijkingen er waren ten opzichte van de begroting en staan we stil bij het meerjarig verloop van het rekeningresultaat. Daarnaast gaan we in op een aantal specifieke onderwerpen. In paragraaf 2.3 lichten we de balans ontwikkelingen toe, zoals de investeringen en de schuldpositie. Tot slot geven we in paragraaf 2.4 een toelichting op de risico’s en het weerstandvermogen. We presenteren dit jaarverslag nog altijd nadrukkelijk in de context van de coronapandemie. De aard van onze economie met veel eigen inkomsten, maakt dat we hard zijn geraakt door het wegvallen van die eigen inkomsten. De culturele en creatieve sector, clubs, hotels en musea hebben veel last gehad van de maatregelen die in Nederland en daarbuiten golden. Vanaf maart 2020 hebben we een brede reeks van steunmaatregelen ingezet, ook met middelen vanuit het Rijk, om Amsterdam door de crisis te loodsen. In oktober 2020 presenteerden we de Begroting 2021 met daarin het herstelplan ‘Samen sterker uit de crisis’. Dit was het antwoord van het college van b en w op de coronacrisis en het vervolg op de al eerder genomen maatregelen.
Het herstelplan investeerde in behoud en versterking van werkgelegenheid, economisch herstel en de aanpak van armoede en schulden. Het doel was en is om ons uit de crisis te investeren. Om de klap van de crisis op te vangen en het herstelplan mogelijk te maken, hebben we in 2020 de algemene reserve ingezet. In de Begroting 2021 hebben we daarom afspraken gemaakt om de algemene reserve weer op voldoende niveau te brengen. Het herstel verloopt tot nog toe volgens schema: het niveau van de algemene reserve ligt nog wel onder de norm maar er is uitzicht op herstel in 2023. De coronacrisis heeft op de gehele gemeente nog steeds grote impact. In het financieel beeld is dat te zien in weer tegenvallende eigen inkomsten als toeristenbelasting, parkeerinkomsten en dividenden. Het weerstandsvermogen is in 2020 ver
onder de norm uitgekomen en ook in 2021 was het nog te laag. Dit betekent dat financiële gevolgen van risico niet goed opgevangen kunnen worden. Met het herstelplan verbeteren we deze situatie gaandeweg en is de verwachting dat het weerstandsvermogen in 2023 naar een voldoende niveau is hersteld. Het Rijk heeft toegezegd gemeenten voor de inkomstenderving door de coronacrisis te compenseren. Het is bij dit jaarverslag nog niet zeker of de compensatie toereikend zal zijn. Het jaar 2021 laat onderaan de streep een positief rekeningresultaat zien van € 80,8 miljoen. Bij de Najaarsnota 2021 gingen we nog van een nadelig resultaat van € 8,9 miljoen. De afwijking ten opzichte van het begrote resultaat bij de najaarsnota is grotendeels het gevolg van de vrijval van € 55,0 miljoen uit de voorziening voor het Afval Energie Bedrijf die enkele jaren geleden ten laste van de algemene reserve is gevormd.
2.2 Rekeningresultaat en exploitatie 2.2a Toelichting van het rekeningresultaat De Jaarrekening 2021 heeft een voordelig resultaat van € 80,8 miljoen. Bij de Najaarsnota 2021 werd nog uitgegaan van een nadelig resultaat van € 8,9 miljoen, maar na het opstellen van de jaarrekening is dit beeld met € 89,7 miljoen in positieve richting bijgesteld. Van het rekeningresultaat betreft € 55,0 miljoen een voordeel door de vrijval van voorzieningen voor het Afval Energie Bedrijf (AEB). In 2019 hadden we voor € 75,0 miljoen aan voorzieningen getroffen ten laste van de algemene reserve voor het AEB. Met het rekeningresultaat 2021 kan een deel weer terugvloeien naar de algemene reserve. Verderop in deze paragraaf lichten we AEB verder toe. Volgens de oorspronkelijke (primaire) begroting zouden we € 166,4 miljoen onttrekken aan de reserves maar dat is uiteindelijk met € 17,7 miljoen een veel lager bedrag geworden. Onderstaande tabel 1 geeft het resultaat per programma weer en vervolgens lichten we de belangrijkste oorzaken van verschillen tussen de begroting en de rekening op hoofdlijnen toe.
17
H2
Tabel 1: Financiële afwijkingen per programma (bedragen x € miljoen) Programma
Rekening Begroting Begroting Rekening Verschil Verschil 2020 2021 2021 2021 Rekening Rekening (primair) (najaars Begroting Begroting nota) (primair) (najaars nota)
Voor programma 8 ‘Volksgezondheid, jeugd en zorg’ is er ten opzichte van de oorspronkelijke begroting een nadeel € 17,5 miljoen. Voor dat programma geldt ook dat de budgetten gedurende het jaar sterk zijn verhoogd voor bijvoorbeeld teststraten, belteams en bron- en contactonderzoek. Daarnaast is gedurende het jaar ook het budget voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen verhoogd. Met de jaarrekening is er voor programma 8 uiteindelijk een voordeel van € 29,2 miljoen ten opzichte van de gewijzigde begroting. Dit komt door Rijksbijdragen vanwege corona voor met name de GGD.
1 Veiligheid
-186,0
-205,4
-207,6
-198,7
6,7
8,9
2 Verkeer, vervoer en waterstaat
-138,0
-130,8
-99,7
-174,0
-43,2
-74,3
3 Economie
-39,6
-46,9
-43,0
-39,2
7,7
3,8
4 Kunst, cultuur en erfgoed
-177,3
-185,4
-208,6
-203,5
-18,1
5,1
5 Onderwijs
-193,1
-200,1
-194,1
-192,4
7,7
1,7
Fysiek domein Voor programma 2 ‘Verkeer, vervoer en waterstaat’ is het negatieve saldo van de rekening € 43,2 miljoen hoger dan de oorspronkelijke begroting en € 74,3 miljoen hoger dan begroot bij de Najaarsnota 2021. Dit komt door meer mobiliteitsprojecten dan eerder gepland. Een tweede reden is dat we een lagere Rijkscompensatie verwachten voor gederfde parkeerbelasting door de coronacrisis, omdat het Rijk deze compensatie nog niet heeft toegezegd. We verwachten dat we in 2022 nog wel Rijkscompensatie ontvangen voor de gederfde parkeerbelasting over 2021.
6 Sport
-66,4
-62,2
-56,0
-52,5
9,6
3,5
7 Werk, inkomen en participatie
-343,3
-431,8
-413,3
-400,4
31,4
12,9
-1.008,9
-962,2
-1.008,9
-979,7
-17,5
29,2
9 Duurzaamheid en ruimtelijke ordening
-79,6
-52,4
-57,3
-29,8
22,6
27,4
10 Grond
255,9
413,8
341,7
356,6
-57,3
14,9
11 Wonen en groen
-275,2
-313,9
-311,6
-296,4
17,5
15,2
8 Volksgezondheid, jeugd en zorg
12 Moderne open overheid
-59,3
-75,6
-77,0
-72,6
3,0
4,4
Algemene dekkingsmiddelen
2.684,5
2.644,0
2.860,9
2.931,8
287,8
70,8
Bestuur en organisatie
-585,4
-557,7
-600,1
-586,1
-28,4
14,0
Saldo van Baten en Lasten
-211,7
-166,4
-74,5
63,1
229,5
137,6
Mutaties reserves
227,9
166,4
65,6
17,7
-148,8
-47,9
Resultaat
16,2
0,0
-8,9
80,8
80,8
89,7
waarvan vrijval voorzieningen AEB
0,0
0,0
0,0
55,0
55,0
55,0
Sociaal domein In het sociaal domein liet de coronacrisis in 2021 duidelijk zijn sporen na in de financiële ontwikkelingen. Voor programma 7 ‘Werk, inkomen en participatie’ sluit de jaarrekening met een saldo dat € 31,4 miljoen voordeliger is dan de oorspronkelijke begroting. Gedurende het jaar zijn de budgetten met de Voorjaars- en Najaarsnota 2021 flink verhoogd voor bijvoorbeeld de uitvoering van de corona-gerelateerde Rijksregelingen Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) en Tijdelijke Ondersteuning voor Noodzakelijke Kosten (TONK) en voor de bijstand.
Programma 10 ‘Grond’ eindigt met een saldo dat € 57,3 miljoen lager is dan in de oorspronkelijke begroting. Bij de Voorjaarsnota 2021 hielden we rekening met lagere baten door grondexploitaties en lagere winstnemingen door vertraging en onzekerheid, mede als gevolg van de coronacrisis. Bij de Najaarsnota 2021 hebben we de verwachtingen in positieve richting bijgesteld. Bij de jaarrekening zijn de baten door grondexploitaties uiteindelijk hoger uitgevallen dan begroot waardoor de rekening ten opzichte van de Najaarsnota 2021 een voordeel laat zien van € 14,9 miljoen. De baten door grondexploitaties zijn verrekend met balansposten en toegevoegd aan de reserve Vereveningsfonds. De afwijking op de reservemutaties is dan ook grotendeels toe te schrijven aan mutaties met de reserve Vereveningsfonds maar ook aan een toevoeging aan de Reserve Zuidas.
Afval Energie Bedrijf In juni 2019 heeft het Afval Energie Bedrijf (AEB) besloten om vanwege veiligheidsproblemen 4 van de 6 verbrandingsovens stil te leggen. Door die situatie hebben we voor € 75,0 miljoen aan voorzieningen getroffen voor de waarde van de deelneming AEB en voor de achtergestelde lening aan AEB. De gemeente sloot begin december 2021 een verkoopovereenkomst voor 18
H2
het AEB. We verwachten dat na toestemming van de Autoriteit Consument & Markt de definitieve verkoop zal plaatsvinden in het najaar van 2022. De definitieve verkoopprijs staat nog niet vast en is onder andere afhankelijk van de rente- en bankstanden van het moment van de verkoop. Door de verkoopovereenkomst konden we wel de voorzieningen al met € 55,0 miljoen verlagen, wat een voordeel betekent voor het programma Algemene dekkingsmiddelen.
Corona De coronacrisis heeft zoals al aangeven ook in 2021 grote financiële effecten. Onderstaande tabel 2 geeft de gederfde inkomsten en de extra uitgaven vanwege de coronacrisis weer. De extra uitgaven voor de regelingen Tozo, TONK, Woonkostentoeslag en GGD-activiteiten zijn apart vermeld in de onderstaande optelling omdat daar Rijksbijdragen tegenover staan. Tabel 2: Effecten van de coronacrisis (bedragen x € miljoen) (bedragen x € miljoen)
Begroting 2021 Jaarverslag Najaarsnota 2021
Verschil
Gederfde inkomsten waarvan Toeristenbelasting
-115,0
-154,5
-39,5
waarvan Parkeren
-55,7
-62,0
-6,3
waarvan Dividend
-38,0
-36,7
1,3
waarvan Overige gederfde inkomsten
-44,8
-54,8
-10,0
waarvan Crisiseffecten die gedekt worden uit de noodkas
-7,9
-7,2
0,7
waarvan extra uitgaven crisisopvang dak – en thuislozen
-13,7
-13,7
0,0
waarvan overige extra uitgaven
-31,7
-56,8
-25,1
Uitgaven
7,9
14,3
6,4
Totaal
waarvan overige lagere uitgaven
-298,9
-371,4
-72,5
Extra uitgaven Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo)
-213,7
-219,7
-6,0
Extra uitgaven Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK)
-17,3
-17,3
0,0
Extra uitgaven Woonkostentoeslag (WKT)
-3,2
-3,2
0,0
-109,0
-141,0
-32,0
Extra uitgaven GGD corona
Het negatieve effect van de coronacrisis in 2021 bedraagt € 371,4 miljoen. In 2020 was dit ruim € 300 miljoen. In 2021 heeft het Rijk € 216,7 miljoen gecompenseerd via de corona-steunpakketten, wat voor het programma Algemene dekkingsmiddelen (naast AEB) het grote verschil verklaart tussen de begroting en de rekening. Hierbij zit ook compensatie die wij ontvangen voor gederfde inkomsten uit toeristenbelasting en parkeergelden in 2020. Daarnaast stelde het college van b en w in 2020 een noodkas van € 50,0 miljoen in om crisismaatregelen te kunnen nemen of corona-effecten op te vangen. Daarvan resteerde begin 2021 nog € 7,9 miljoen waarvan in de loop van het jaar € 7,2 miljoen is gebruikt. De noodkas hebben we in fases benut omdat we ook andere steunmaatregelen konden gebruiken. De verwachte gederfde inkomsten voor de toeristenbelasting in 2021 vielen hoger uit dan bij de Najaarsnota 2021 verwacht. De opbrengsten van de toeristenbelasting ramen we op basis van voorlopige aanslagen, waarbij we corrigeren voor de verwachte daling van het aantal bezoekers. De definitieve aanslagen toeristenbelasting over 2021 stellen we vanaf april 2022 vast. Als dan blijkt dat de feitelijke inkomsten alsnog achterblijven bij de ramingen dan leidt dit tot minderopbrengsten. Het Rijk compenseert een groot gedeelte van deze gederfde inkomsten.
De definitieve compensatie voor 2021 stelt het Rijk in de loop van 2022 vast.
Hogere baten en lasten Onderstaande figuur 1 toont de ontwikkeling van de baten en lasten van de rekening 2021 ten opzichte van de begroting 2021. Uit de figuur blijkt dat de baten en lasten over 2021 ongeveer een miljard euro hoger uitvielen dan vooraf begroot, maar per saldo wel voordelig uitpakten. We hadden bijvoorbeeld hogere baten en lasten vanwege de uitvoering van de coronagerelateerde Rijksregelingen Tozo en TONK en ook voor de bijstand waar hogere uitkeringen van het Rijk tegenover staan. Datzelfde gaat op voor de uitvoering van teststraten, belteams en bron- en contactonderzoek. Ook hebben we bijvoorbeeld een hogere bijdrage van de Vervoersregio Amsterdam ontvangen voor extra onderhoudswerkzaamheden aan de railinfrastructuur van metro en tram en hebben we baten door grond exploitaties doorgestort naar reserves.
19
H2
Figuur 1 Ontwikkeling lasten en baten 2021
Figuur 2 Saldo van baten en lasten 400
9.000 8.000
6.000
6.871
6.871
942
1.108
7.949
1.401
1.419
300 200 x € 1 miljoen
Bedragen x € 1 miljoen
7.000
7.868
5.000 4.000
349,7
100 120,1 0
63,1
36,1
-100
3.000
-257,7
-211,7
2019
2020
-245,7
-200
2.000 1.079
-300
1.000
2016
- 998
2017
2018
Saldo van baten en lasten realisatie
0
2021
2022
Saldo van baten en lasten begroot
-1.000 -2.000 Begroting primair
Realisatie
Onttrekkingen reserves
Baten
Afwijking tov primair Dotaties reserves
Lasten
In dit jaarverslag lichten we de financiële afwijkingen van de begroting zoals gewijzigd bij de najaarsnota en de rekening verder toe in de hoofdstukken over de programma’s.
2.2b Rekeningresultaat meerjarige ontwikkeling
Het saldo van baten en lasten is exclusief reservemutaties op de programma’s. Dit wordt ook wel het exploitatieresultaat genoemd. Van 2016 tot en met 2018 was er nog sprake van een positief saldo. De omslag kwam in 2019 en 2020. Ook in de begroting 2021 hadden we oorspronkelijk een negatief saldo begroot van € 166 miljoen. Dat dit uiteindelijk werd omgebogen in een positief resultaat was met name te danken aan een voordeel op de algemene dekkingsmiddelen ten opzichte van de oorspronkelijke begroting van per saldo € 288 miljoen. Dit betrof corona-gerelateerde baten een hogere uitkering uit het Gemeentefonds en vrijval van de verliesvoorziening AEB. De onttrekking in 2022 is nog gerelateerd aan het herstelplan waarna vanaf 2023 structureel positieve saldo’s staan begroot.
Onderstaande figuur geeft inzicht in het saldo van baten en lasten bij de jaarrekeningen van de afgelopen 6 jaar en kijkt vooruit naar 2022.
20
H2
2.2c Structureel saldo / exploitatieruimte
2.3 Balans
Figuur 3 Structurele exploitatieruimte
2.3a Balansposten 2021 7%
€ 2.000 € 1.800
6% € 1.600 5%
€ 1.400
Tabel 3: De balansposten per eind van het jaar ACTIVA
2020
2021
PASSIVA
2020
2021
Totaal
Totaal
15.059
15.703
7.741
7.804
15.059
15.703
waarvan bezit grond
8.310
8.495
waarvan reserves
waarvan bezit overig
5.798
6.362
waarvan voorzieningen
380
356
951
846
waarvan externe schuld
6.116
6.664
822
879
waarvan overig
waarvan overig
€ 1.200
4%
€ 1.000 3%
€ 800 € 600
2%
€ 400 1% € 200 €0
0% 2018 Incidentele Baten
2019
2020
Incidentele Lasten
2021 Structureel saldo
Met dit kengetal worden de incidentele baten en lasten weergegeven. Hieruit kan het begrotingssaldo worden afgeleid. Uit bovenstaande grafiek blijkt dat meerjarig de structurele lasten volledig gedekt worden door de structurele baten. Hierdoor was onze begroting ook in 2021 structureel in evenwicht. Het structureel saldo is gestegen van 1,4% in 2018 naar 1,9% in 2021. Ten opzichte van 2020 is er sprake van een daling. In het bijzondere jaar 2020 was het structureel saldo namelijk 6,1%. Door het herstelpakket ‘Samen sterker uit de crisis’ waren er in 2020 veel incidentele uitgaven waardoor er in 2020 een piek was in de incidentele lasten. Tegelijkertijd vielen de incidentele baten in 2020 ver terug door een derving op de parkeer- en toeristenbelasting. Omdat dit in 2021 meer in balans is geweest is het saldo gedaald naar 1,9%.
Het balanstotaal is in 2021 met € 644 miljoen toegenomen. Deze toename vloeit voort uit de forse investeringen ter vervanging van bezittingen waarvan de levensduur is verstreken, voor de groei van de stad en voor een complete stad. Voor de belangrijkste balansposten is de toelichting als volgt: • bezit: grond De netto toename van in erfpacht uitgegeven grond bedroeg circa € 185 miljoen. Het bezit van erfpachtgronden canonbetalend nam toe met circa € 400 miljoen terwijl het bezit van afgekochte erfpachtgronden afnam met € 215 miljoen, door overstap naar eeuwigdurende erfpacht. • bezit: overig In 2021 investeerden we flink, ons bezit nam toe met ruim € 560 miljoen, zowel materieel (gebouwen, wegen) als financieel (aandelen, leningen). In 2021 hebben we onder andere een 50% aandelenbelang in Westpoort Warmte aangekocht en een lening verstrekt aan Alliander NV. • reserves en voorzieningen De reservepositie is met € 60 miljoen toegenomen en bedroeg eind 2021 € 7,8 miljard. De reserves zijn overigens grotendeels niet vrij besteedbaar. De voorzieningen zijn met € 24 miljoen afgenomen. • externe schuld De externe schuld is flink toegenomen ten opzichte van 2020. De toename is verklaarbaar vanuit de toegenomen investeringen en is nog enigszins gedempt vanwege de beschikbare interne financiering (reserves).
21
H2
2.3b Balanstotaal meerjarige ontwikkeling
forse investeringen die we hebben gedaan, maar daar staat tegenover dat onze baten ook groter zijn geworden, vooral door incidentele corona compensatie en grondinkomsten. Per saldo verandert daardoor de schuldquote nauwelijks.
Figuur 4 Ontwikkeling balanstotaal 17.000
Ten opzichte van de begroting nam de schuldquote zelfs af. Bij de begroting 2021 is de schuldquote geraamd op 110% omdat we toen nog uitgingen van lagere baten.
16.000 15.000
x € 1 miljoen
14.000
Een schuldquote tussen de 90 en 130% valt binnen de bandbreedte van de signaleringswaarde ‘neutraal’ van de provincie.
13.000 12.000 11.000 10.000 9.000 8.000 2016
2017
2018
2019
2020
2021
Bovenstaande grafiek laat de balansontwikkeling in de afgelopen jaren zien. Het balanstotaal nam in de afgelopen jaren toe en de verwachting is dat dat zich in de komende jaren zal voortzetten. Een toename van het balanstotaal en van ons bezit betekent ook dat onze financieringsbehoefte toeneemt. Dit vertaalt zich in ofwel een toename van interne financiering (reserves en voorzieningen) ofwel een toename van externe financiering (schuld). De toename van ons bezit met € 2,5 miljard vanaf 2016 vertaalde zich vooral in een toename van de schuld, de reserves namen in die periode af met € 250 miljoen. De financieringsparagraaf en de investeringsparagraaf gaan op deze ontwikkelingen in.
2.3c Balansratio’s: solvabiliteit en schuldquote De schuldquote laat zien hoeveel de schuld is in verhouding tot onze eigen middelen (batentotaal). Bij deze jaarrekening is de schuldquote 93%, dat is bijna hetzelfde als bij de vorige jaarrekening (95%). De schuldquote is dus stabiel gebleven. De schuld is in 2021 weliswaar groter geworden door de
Het kengetal solvabiliteit geeft weer hoeveel van ons bezit is gefinancierd met eigen vermogen (reserves). Bij de jaarrekening 2020 was de solvabiliteit 51%, bij deze jaarrekening is de solvabiliteit met 50% stabiel gebleven. De solvabiliteit laat al meerdere jaren een licht dalende trend zien. Dit hangt samen met de toename van ons bezit door investeringen en minder stijgende omvang van onze reserves. Een solvabiliteitsratio tussen de 20% en 50% valt binnen de bandbreedte van de signaleringswaarde ‘neutraal’ van de provincie. Onder de 20% is de signaleringswaarde onvoldoende. In het hoofdstuk balans en in de investeringsparagraaf en financierings paragraaf is meer te lezen over de schuldquote en solvabiliteit.
2.4 Risico’s en weerstandsvermogen Ontwikkelingen in 2021 Prijspeilstijgingen, rentestijgingen en inflatie zorgden voor extra financieel risico in 2021. Het weerstandsvermogen biedt daarvoor slechts heel tijdelijk soelaas. Deze lastenstijgingen moeten verwerkt worden als tegenvallers. Het effect daarvan in 2021 viel mee omdat de inflatie pas in de laatste maanden van dat jaar is gaan versnellen. Het beeld voor 2022 ziet er veel slechter uit wanneer deze trend doorzet. Deze lastenstijgingen kunnen structureel worden en dwingen dan tot aanpassingen van beleid om deze inpasbaar te maken. De inval van Rusland eind februari 2022 in Oekraïne heeft geleid tot een oorlog met veel slachtoffers en veel menselijk leed. Deze gebeurtenissen hebben ook gevolgen voor de gemeente Amsterdam die op dit moment nog niet zijn te overzien. 22
H2
Alles bij elkaar verslechterde de weerstandscapaciteit ook in 2021 en is die nog niet op het niveau om de risico’s financieel te kunnen dragen. Deze verslechtering is voorzien in het meerjarig herstelplan voor de algemene reserve. Het college van b en w stelde dat in 2020 vast en kon zo de noodzakelijk geachte investeringen voor crisisherstel door laten gaan en ook zicht geven op herstel van de financiële draagkracht in 2023. Met het financieel herstelplan vullen we de algemene reserve aan zodat we in 2023 een weerstandsvermogen van minstens 1 kunnen bereiken. Dit doen we door de algemene reserve aan te vullen met: • de vrijval van de renterisicobuffer • de verwachte meerwaarde uit de overstapregeling eeuwigdurende erfpacht Deze baten zijn volgens de verwachting in 2021 binnenkomen en toegevoegd aan de algemene reserve.
De algemene reserve en daarmee de beschikbare weerstandscapaciteit daalt naar € 78 miljoen bij de jaarrekening 2021. 400
1,8
350
1,6 1,4
300
1,2
250
1,0 200 0,8 150
Ratio
De andere belangrijke ontwikkeling in 2021 is het besluit tot wijziging van de zeggenschapsstructuur in de openbaar vervoerketen. Daarbij is nu de Vervoerregio risicodragend opdrachtgever van het GVB geworden inclusief beheer en onderhoud van de railinfrastructuur. Voorheen lag dat risico bij de gemeente. Wel draagt de gemeente als aandeelhouder nog risico op de deelneming GVB en op de Vervoerregio als lid van die gemeenschappelijke regeling. Er is in 2021 een verdeling van rekening en risico gemaakt tussen de betrokken partijen.
Actualisatie van de beschikbare weerstandscapaciteit
Miljoenen euro
Het goede nieuws uit 2021 is de fors hogere opbrengst in het grondbedrijf. Daarnaast is er zicht op vermindering van risico eind 2022 door de succesvolle verkoop van het Afval Energie Bedrijf in 2021. Deze moet echter nog worden goedgekeurd door de mededingingsautoriteit. En ook in 2021 ontvingen we compensatiepakketten van het Rijk om de financiële gevolgen van de crisis op te vangen waardoor ons beroep op de eigen algemene middelen hanteerbaar bleef.
0,6
100
0,4
50
0,2
0
0,0 2016
2017
2018
2019
2020
2021
2022
Beschikbare weerstandscapaciteit (linker as) Benodigde weerstandscapaciteit (linker as) Weerstandsvermogen cf Herstel (rechter as)
Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is de verhouding tussen: • de beschikbare weerstandscapaciteit en • de benodigde weerstandscapaciteit. Het weerstandsvermogen komt uit op 0,4. Dat is een lichte verslechtering ten opzichte van het laatste peilmoment bij begroting 2022 en komt voornamelijk door een daling van het niveau van de algemene reserve.
Actualisatie van de benodigde weerstandscapaciteit Bij jaarrekening 2021 is de benodigde weerstandscapaciteit € 190 miljoen.
De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit alle niet-bestemde middelen waarmee we onvoorziene gebeurtenissen opvangen die een negatief jaarrekeningresultaat kunnen geven.
23
H2
De belangrijkste bron voor de beschikbare weerstandscapaciteit is de algemene reserve. Vanuit het risicomanagementbeleid moet de algemene reserve voldoende zijn om negatieve jaarrekeningresultaten door resterend risico te dekken. De weerstandsvermogen bepalen we met een berekening van de benodigde weerstandscapaciteit aan de hand van het resterend risico. Dat is het risico met financieel gevolg dat we: • na treffen van beheersmaatregelen nog lopen, en • niet binnen de programmabegroting kunnen opvangen Elk programma heeft dus een aandeel in de benodigde weerstandscapaciteit naar rato van het risico dat nog resteert in dat programma. Het diagram hieronder toont de verdeling van die aandelen: Bestuur en apparaat 11%
Veiligheid 5% Verkeer, vervoer en waterstaat 7% Economie 0% Kunst, cultuur en erfgoed 0% Onderwijs 0%, Sport 0% Werk, inkomen en participatie 1% Volksgezondheid, jeugd en zorg 12% Duurzaamheid en ruimtelijke ordening 3% Grond 0% Wonen en groen 4% Moderne open overheid 0%
Algemene dekkingsmiddelen 55%
24
3
H3
3
Programma’s 3.1
Veiligheid
28
3.2
Verkeer, vervoer en waterstaat
44
3.3
Economie
74
3.4
Kunst, cultuur en erfgoed
86
3.5
Onderwijs
102
3.6
Sport
113
3.7
Werk, inkomen en participatie
122
3.8
Volksgezondheid, jeugd en zorg
141
3.9
Duurzaamheid en ruimtelijke ordening
172
3.10 Grond
208
3.11 Wonen en groen
222
3.12 Moderne open overheid
249
3.A
Algemene dekkingsmiddelen
261
3.B
Bestuur en organisatie
275 26
H 3.1
Programma 1 | Portefeuillehouder: burgemeester Halsema
3.1 Veiligheid
Samenvatting 3.1.1 Brandweer en Crisisbeheersing
Samenvatting 3.1.2 Openbare Orde en Veiligheid
> Als crisisorganisatie hebben we onze handen vol gehad aan de handhaving van (steeds wisselende) landelijke coronamaatregelen.
> Er blijft sprake van een toenemende druk op handhaving door een niet aflatende druk op de leefbaarheid in de stad. Die druk is door de coronapandemie alleen maar toegenomen. De handhaving van coronaregels heeft uiteraard de hoogste prioriteit gehad.
27
H 3.1
Programma 1 | Portefeuillehouder: burgemeester Halsema
3.1 Veiligheid Financiële toelichting
Lasten
(bedragen x € miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Baten
Rekening Primaire Begroting 2021 Rekening Verschil Rekening 2020 Begroting 2021 (Najaarsnota) 2021 Begroting 2021 (Najaarsnota) 18,2
19,8
20,1
24,0
3,9
Lasten
204,2
225,3
227,7
222,8
-4,9
Totaal Programma 1 Veiligheid
-186,0
-205,4
-207,6
-198,7
8,9
Programma 1 heeft ten opzichte van de begroting een positief resultaat van € 8,9 miljoen. Dit komt (vooral) door hogere baten van € 3,9 miljoen en lagere lasten van € 4,9 miljoen. Het positieve resultaat komt vooral door: