CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

A - 04 Democratisering (inclusief Bestuurlijk Stelsel) (10) overzicht bijlag

RAAD 7 juli 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Instemmen met de verbetering van het bestuurlijk stelsel 2022 conform de Hoofdlijnennotitie VN2021-01583039.546 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

Het college hecht duidelijk veel waarde aan de samenwerking met het stadsdeel/DB ten behoeve van eenheid van beleid en bestuur. De keus voor centrale aansturing staat op gespannen voet met het centraal stellen van de maatschappelijke opgave. De maatschappelijke vraag ligt in de wijken en de (ambtelijke) werkwijze zou daarbij moeten aansluiten. Niet het systeem maar de leefwereld is het vertrekpunt voor beleid. Het is van belang dat de taken en bevoegdheden, die het college voornemens is te verduidelijken, worden ingericht op basis van de hierboven aangehaalde principes, de aansluiting beleid en gebied (gebiedsgerichte focus), bestuursstijl die naar buiten is gericht, meer ruimte voor (andere vormen van) participatie en democratische legitimatie. Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 71

Uit het onderzoek blijkt dat één Amsterdam in de praktijk vooral het centraliseren van de ambtelijke organisatie betekent en Necker en van Naem stelt dat dit een ambtelijke werkwijze met zich meebrengt die gericht is op het college, niet op het dagelijks bestuurd (DB). Uiteraard is constructieve samenwerking zoals ook bepleit in het evaluatierapport zeer van belang. Echter dit is vooral een kwestie van menselijke inzet ofwel van de samenwerkingscultuur. Uiteraard kan en moet de structuur de cultuur faciliteren maar als blijkt dat de structuur ertoe leidt dat stedelijke trajecten en projecten op afstand staan van bewoners en stadsdeelcommissies, is er reden om anders naar de opgave te kijken, het werk anders in te richten.1 Ook de gemeenteraad staat op afstand, Amsterdammers ervaren onduidelijkheid, vinden het systeem onvoldoende toegankelijk en uitlegbaar. En wat er voor de SDC Zuid uitspringt in de observaties door N&N gepresenteerd: de participatie bewoners behoeft versterking: 50% geen vertrouwen in college, DB en SDC. Het advies van N&N is dan ook: betrek bewoners eerder in het beleidstraject; de verbreding participatie wordt vooral ingezet door college en ambtenaren, niet door SDC’s (wel meedenken, geen stem in besluitvorming).

Ook hier geldt dat betere aansluiting van beleid bij de lokale opgave gewenst is: versterking van lokale inbreng middels een nabij bestuur in de stadsdelen, of door gebiedsteams en gebiedsagenda’s wordt te weinig herkend en erkend. Aldus het onderzoeksrapport.

De SDC Zuid heeft vanuit dit perspectief de voorstellen van B&W bekeken. Voorstellen B&W: Taken en bevoegdheden “Een duidelijke opdracht en stevig mandaat op een aantal helder omschreven taken aan benoemde stadsdeelbestuurders die zich hierover verantwoorden aan gekozen stadsdeelcommissies.” “Versterken van de relatie tussen de kiezers en de stadsdeelcommissie. Met een duidelijke opdracht aan de stadsdeelcommissie: zij sturen op de te stellen kaders en controleren het dagelijks bestuur, ook in de uitvoering van participatie. Zo kunnen zij het lokale belang beter vertegenwoordigen.” Visie SDC Zuid Bevoegdheden Versterking van mandaat is positief. Duidelijkheid over taken en bevoegdheden is – zeker voor de Amsterdammer – gewenst. Echter in de voorstellen van B&W blijft onduidelijk wat de stadsdelen wordt opgedragen. SDC Zuid stelt voor te focussen op een werkwijze die aansluit bij het uitgangspunt ‘betere aansluiting tussen gebied en beleid’. Deze werkwijze vormt wat SDC Zuid betreft de basis voor de gewenste cultuurverandering en de noodzakelijke versterking van participatie die door Necker en van Naem werd benadrukt. Werkwijze Aanvullend op de voorstellen van B&W stellen wij voor dat nader wordt uitgewerkt wat de uitgangspunten (waarden) van het bestuurlijk stelsel betekenen voor de bestuurlijke en ambtelijke rollen en dat hierover de dialoog wordt gestart.

Wat betekent het streven naar toegankelijkheid, begrijpbaarheid, integraliteit, inwonersgerichtheid, democratisering, verbreding participatie voor de organisatie van professionals (van bestuurder tot ambtenaar) die de bedoeling van het systeem met elkaar moeten waarmaken. Deze vraag moet opgepakt worden om de door Necker en van Naem geadviseerde cultuurverandering in gang te zetten.

1 Reeds op basis van het evaluatierapport hebben we aandacht gevraagd voor het feit dat Necker en van Naem herhaaldelijk stelt dat invulling van het stelsel afhankelijk is van personen. N&N adviseert gesprekken over de rolopvatting. Dit inzicht moet zijn plek krijgen in de voorstellen voor de doorontwikkeling van het bestuurlijk stelsel in Amsterdam. Deze visie sluit aan bij de aanbeveling (op p. 9 en 10, bestuurlijke rapportage) om vanuit de diverse rollen met elkaar in gesprek te gaan over het stelsel. In de conclusies stelt Necker van Naem: ” Het is niet zo zeer het systeem als wel de cultuur die verandering behoeft. “

Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 72

Een verstevigd mandaat is nodig maar de kans voor verandering ligt in een andere manier van werken. Een werkwijze die recht doet aan het uitgangspunt dat de leefwereld van de Amsterdammer, niet het systeem, centraal staat. Dat perspectief brengt de stadsdelen ongetwijfeld verstevigd in positie zodat kan worden afgesproken dat beleid in nabijheid van de bewoners wordt voorbereid: de Raad formuleert een kader op hoofdlijnen, een aantal stedelijke uitgangspunten: de nadere beleidsontwikkeling inclusief participatie op Sociaal Domein, Ruimtelijke Ontwikkeling (bestemmingsplannen), Gebiedsgericht werken, Participatie, Buurtbudgetten wordt in nabijheid van bewoners en belanghebbenden ingericht en uitgevoerd. De gemeenteraad blijft eindverantwoordelijk en stelt budgettaire kaders vast maar dat wil niet zeggen dat alles centraal moet worden aangestuurd, ontwikkeld en uitgevoerd. Op stadsdeelniveau worden door de Raad gestelde uitgangspunten in samenspraak met bewoners en ondernemers uitgewerkt tot een voorstel dat de leefomgeving als uitgangspunt heeft. Bewoners, ondernemers en organisaties worden op flexibele wijze (communicatie en participatie passend bij vraagstuk, vorm volgt inhoud) eerder, breder en vaker betrokken. Participatie en communicatie is integraal onderdeel van elk traject. De stadsdelen worden gefaciliteerd (ambtelijke capaciteit) voor deze werkzaamheden.

Benoemde stadsdeelbestuurders: GroenLinks, D66 (meerderheid): Eenheid van bestuur is gewenst in Amsterdam en de argumentatie van B&W voor benoemde bestuurders kunnen we volgen. Echter er moet een transparante procedure komen bij de benoeming/installatie van het voorgestelde dagelijks bestuur waarin de SDC een zwaarwegende stem heeft. Een (openbare) hoorzitting waarin kandidaten zich voorstellen vinden wij een goede optie.

Ons pleidooi is dus geen gedetailleerde afbakening van taken alswel een andere werkwijze: de stadsdeelcommissie is nu te vaak sluitstuk (krijgt kant en klare nota’s voorgelegd tegelijk met bewoners), DB’ers horen van ambtenaren “wat men gaat doen”. In onze visie moeten stadsdelen (DB en commissie) richtinggevend kunnen acteren aan de voorkant. Formele taken en bevoegdheden staan een nieuwe werkwijze niet in de weg: enkel de gelaagdheid van de besluitvorming wordt omgekeerd zodat herkenbaar en gedragen beleid door het stadsdeelbestuur via de commissie aan de gemeenteraad en B&W wordt voorgelegd.

PvdA en VVD onderschrijven – wanneer gekozen wordt voor benoemd bestuur – het pleidooi voor een transparante procedure met zeggenschap van de stadsdeelcommissie.

Het budgetrecht is voorbehouden aan de Raad, maar dat betekent niet dat stadsdelen geen eigen middelen kunnen hebben. Daarbij is het wenselijk dat transparantie wordt gegeven over uitgaven binnen het stadsdeel. Denk bijvoorbeeld aan de financiering van de gebiedsplannen. Daarnaast is het wenselijk dat de stadsdeelcommissie in de volgende periode een besluitvormend, controlerend én adviserende karakter heeft.

PvdA: de SDC moet bestuurders kunnen kiezen uit de eigen kring van gekozen vertegenwoordigers. De SDC-leden kiezen op basis van een profiel bekwaam geachte bestuurders en dragen deze voor aan de raad. De beleidsvrijheid van bestuurders wordt o.a. bepaald door het coalitieakkoord en ander. Het democratisch gehalte en de transparantie van het stelsel zou sterk toenemen, als een monistische relatie ontstaat tussen SDC en bestuurders (model c). VVD: Ook de VVD is voor gekozen bestuurders door de SDC-leden per stadsdeel. Indien hier niet voor gekozen wordt, steunt VVD allereerst de voorkeur van PvdA en daarna die van GroenLinks en D66. Voor de VVD is het belangrijkste dat de SDC meer mogelijkheden krijgt voor constructieve samenwerking met het dagelijks bestuur en zij ook ter verantwoording kan roepen als dat nodig is.

Indien gekozen wordt voor benoemde stadsdeelbestuurders GroenLinks, PvdA, VVD (meerderheid): Het beleggen van een controlerende rol bij de stadsdeelcommissies, zoals wordt voorgesteld, betekent ook dat de stadsdeelcommissie bij slecht functioneren van een dagelijks bestuurder, een motie van wantrouwen moet kunnen indienen, die terecht komt bij de Raad en het college. De mogelijkheid voor constructieve samenwerking met benoemde bestuurders is een belangrijk motief voor het college. Ook voor de SDC is het van belang dat benoemde DB’ers samenwerkingsgericht zijn en passen bij de ambities van de commissie. Ook daarom is een rol voor de SDC bij de benoeming van het DB van belang. Gekozen (stadsdeel-)commissie De SDC Zuid vindt de versteviging van het mandaat goed passen bij de Amsterdamse ambitie om op

Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 73

lokaal niveau te democratiseren en met verlengd bestuur te werken. Recht doen aan en concreet inzetten op diverse manieren waarop inwoners eerder, breder en sterker betrokken worden bij zaken die hun leefomgeving aangaan, ziet de SDC Zuid vanaf de start in 2018 als kernopgave. De door B&W voorgestelde versterking van de commissie en de verduidelijking van de opdracht aan het stadsdeel betekent dat raad en college kiezen voor dynamische interactie met het stadsdeel met als doel: de maatschappelijke vraag passend beleid die met (inter-)actieve participatie van bewoners in het stadsdeel, gebieden en buurten tot stand is gekomen. De afgelopen periode hebben diverse bewonersgroepen de Stadsdeelcommissie benaderd (bijvoorbeeld Bewonersvereniging Museumbuurt, diverse groepen uit de Schinkelbuurt, bewoners uit Stadionkwartier en Buitenveldert m.b.t. OBA, herinrichting Van Woustraat) met het verzoek om steun bij hun pogingen om hun stem goed hoorbaar te krijgen in (stedelijke) participatieprocessen. De SDC Zuid stelt dat de stadsdelen bestuurs-, beheers- en ontwikkelingstaken in het stadsdeel moeten kunnen voorbereiden en uitvoeren om zo de eigen bewoners te bedienen en het vertrouwen in het (lokale) bestuur te verbeteren. Hierbij wil de SDC Zuid tevens opgenomen zien dat de Stadsdeelcommissie zich ook in de nieuwe setting het recht voorbehoudt om ongevraagd advies uit te brengen.

Participatie door de SDC “Om de betrokkenheid van bewoners te vergroten wil het college als proef een stadsdeelpanel instellen dat de stadsdeelcommissie vier keer per jaar adviseert over bepaalde onderwerpen die het stadsdeel betreffen. Dit stadsdeelpanel gaat uit gelote burgers bestaan.” “Vergroten van de invloed van de bewoners door het versterken van de participatie en door het lokaal bestuur een stevige positie en duidelijker rol in de participatie te geven.” De SDC Zuid heeft het eerder, beter en breder betrekken van bewoners hoog in het vaandel. Onze werkwijze kenmerkt zich door de dynamische dialoog: we zoeken bewoners en ondernemers op, organiseren thema-avonden en andere vormen van samenspraak, ook via de digitale snelweg. We zijn

ons bewust van de ‘lege stoelen’ en bepleiten juist daarom flexibele vormen van participatie en communicatie. In plaats van een structureel instrument (panel) of groep (gelote leden) bepleiten we flexibele inzet van vorm en middelen. We bepleiten een budget dat de commissie kan gebruiken voor versterking en verbreding van vernieuwende flexibele participatie. Loting “Aanvullend daarop wil het college nader onderzoek doen naar de mogelijkheid en wenselijkheid om de stadsdeelcommissie voor een deel uit gelote burgers te laten bestaan.” Vermenging gekozen en gelote burgers levert een ingewikkelde verhouding op en impliceert dat de stadsdeelcommissie een vorm van participatie is in plaats van een effectief politiek orgaan op stadsdeelniveau. Ervaringen met loten in andere steden zoals Rotterdam zijn niet positief.2 Volgens de SDC Zuid draagt verwarring tussen representatie en participatie niet bij aan de door B&W nagestreefde duidelijkheid. Noch aan de versterking van de democratische legitimatie.

Ook dat blijkt uit onderzoek.3 Verruimen kiesrecht “Vanaf 16 jaar kunnen Amsterdammers kiezen of zich verkiesbaar stellen en Amsterdammers van buiten de EU met een geldige verblijfsvergunning krijgen deze rechten al nadat zij twee jaar in Nederland wonen.“ De stadsdeelcommissie in Amsterdam Zuid is in meerderheid voorstander van het voornemen om actief/passief stemrecht in te stellen voor 16-jarigen en voor iedereen die 2 jaar in Nederland woon­ achtig is. De ervaringen daarmee in andere steden in België en Nederland zijn positief en het vergroot de betrokkenheid bij de lokale overheid. Maatregelen op de korte termijn “Voor de korte termijn wil het college inzetten op verbetering van de adviesprocedure voor stadsdeelcommissies en versterking van de ondersteuning van stadsdeelcommissies.”

2 zie o.a. https://www.nrc.nl/nieuws/2019/05/23/hebben-de-gelote-wijkbestuurders-wel-genoeg-gezag-a3961193. 3 Binnema en Michels (2016), Loting en diversiteit. Te hoge verwachtingen, in Boogaard en Michiels, G 1000, Ervaringen met burgertoppen, p. 59 en verder, Michiels en Binnema (2016), De realisatie van democratische waarden, idem, p. 48. Cohen (2016), Epiloog, observaties, ... en toch een kloof, idem, p. 104, Jacobs (2019), Voorbij de usual suspects: waarom participeren burgers niet? in Stuk Rood Vlees, 29 november 2019, Website G 1000, terzake diverse forums.

De stadsdeelcommissie Zuid onderschrijft de maatregelen voor de korte termijn: het streven naar verbetering van de adviesprocedure en het versterken van de ondersteuning.

Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 74

Al eerder hebben de Amsterdamse SDC’s gezamenlijk het belang van zichtbaarheid van de adviezen benadrukt en de commissie KDD heeft hierop toegezegd om adviezen (door middel van het al bestaande standaard adviesformulier) integraal en onverkort te agenderen voor college en Raad (bij het betreffende onderwerp). De stadsdeeladviezen en de totstandkoming daarvan worden zo voor eenieder inzichtelijk en digitaal vindbaar. De optie om stedelijk een selectie te maken van adviesaanvragen die naar stadsdelen gaan, zodat stadsdeelcommissies zich meer kunnen richten op de lokale opgaven, onderschrijven wij niet. Het is zeker zo dat een SDC- advies op reeds op alle niveaus doordachte stedelijke plannen niet veel toegevoegde waarde heeft maar de stadsdeelcommissie zelf kan bepalen waar wel of niet advies over wordt uitgebracht. Een selectie vooraf betekent minder informatie over stedelijke kaders en dat is niet gewenst. Vergoeding SDC-leden GroenLinks, PvdA (meerderheid): De versterking van de SDC-positie betekent met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid ook verzwaring van de taak en verantwoordelijkheid van leden van de commissie. Met de bestaande vergoeding (ongeveer 400 netto) is het niet haalbaar minder te gaan werken om de SDC-rol uit te oefenen.

Om voldoende diversiteit in de commissie te verkrijgen en behouden (in Zuid zijn meerdere jonge ouders vroegtijdig opgestapt vanwege de niet te combineren werklast) adviseren we het college de vergoeding voor commissieleden te herzien. Naam GroenLinks, PvdA, VVD (meerderheid): We adviseren de naam stadsdeelcommissie te wijzigen in bestuurscommissie zodat deze aansluit bij de voorgenomen formele positie. Werken in gebieden De stadsdeelcommissie van Zuid heeft de afgelopen periode een duidelijke meerwaarde gezien in het werken in gebieden. Eén van onze maandelijkse vergaderingen vindt in de gebieden plaats, waar bewoners laagdrempelig kunnen aanschuiven en er ruimte is voor een meer informeel gesprek in plaats van een politieke vergadering. Dat kwam de samenwerking tussen partijen ten goede.

Unaniem aangenomen Ondertekening door initiatiefnemers: Els Weijers, D66 Arend van Vuren, GroenLinks Keren Hirsch, PvdA Gianni Pollarini, VVD

Definitief advies DB Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders Inleiding Het dagelijks bestuur van stadsdeel Zuid heeft met veel interesse kennis genomen van het concept hoofdlijnen besluit van het college ten aanzien van de toekomst van het bestuurlijk stelsel van onze stad. Wij verzoeken het college om het advies van de stadsdeelcommissie te betrekken bij de besluitvorming. Het advies van de stadsdeelcommissie is een onafhankelijk advies dat ook ingaat op haar eigen rol (in relatie tot het dagelijks bestuur). Het dagelijks bestuur geeft hiermee geen oordeel over het advies van de stadsdeelcommissie in het eindadvies. Tijdens de bestuurdersconferentie van 9 maart jl. heeft het voltallige bestuur van de gemeente Amsterdam, college en dagelijks besturen, met elkaar uitgewisseld hoe wij het stelsel voor ons zien. Wij zien hierbij de onderdelen terug zoals wij die hebben besproken o.a.: •  Werk maken van het goed bevragen van de stadsdeelcommissies. Stop met advies vragen over generieke beleidskaders, vraag overwegend zo niet uitsluitend advies over lokale aangelegenheden en zorg voor een simpele procedure zodat de adviezen bij de raadsleden terechtkomen. •  De taken en bevoegdheden in de verordening op het lokaal bestuur ten aanzien van uitvoering van beleid actualiseren en aanscherpen.

•  Heldere keuzes maken met betrekking tot het bestuurlijk stelsel en de ambtelijke inrichting dienend aan het stelsel laten zijn. Reactie dagelijks bestuur Onze reactie gaat in op de verschillende onderdelen zoals opgenomen in het hoofdlijnen besluit. Wij constateren dat een aantal onderdelen nog uitgewerkt dient te worden. Wij pleiten voor een spoedige nadere uitwerking. 1. Variant bestuurlijk model vanaf 2022 Het dagelijks bestuur leest in het hoofdlijnen besluit een duidelijke richting voor het gekozen toekom-

Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 75

stige scenario waarbij de stadsdelen een groter mandaat krijgen waarmee zij in positie komen om op stadsdeelniveau een volwaardige bijdrage te kunnen aan de representatieve democratie.

Verbeteringen in de organisatiestructuur en de procesvoering is hier naar onze mening op zijn plaats. Hierbij vragen wij ook aandacht voor de ambtelijke capaciteit in de stadsdelen.

Het stadsdeelplus scenario ziet het dagelijks bestuur ook als geschikt toekomstscenario met daarin een invulling die maximaal transparant voor de burger is vanwege de duidelijke taakafbakening, rollen en verantwoordelijkheden. Wij adviseren hierbij verder taken van het college te delegeren aan het dagelijks bestuur, zodat de stadsdelen meer in positie komen bij de besteding van beschikbare middelen in de stadsdelen.

5. Versterken participatie Bij het vormgeven van een duidelijk participatie­ beleid vragen we aandacht om daarbij de geleerde lessen uit doorlopen participatietrajecten mee te nemen.

Het college spreekt over het controleren van de dagelijks besturen ook op de uitvoering van participatie. Wij pleiten voor een duidelijk en transparant participatiebeleid, waarbij de Amsterdammer weet waar hij aan toe is. Hierbij dienen nadrukkelijk de lessen uit de afgelopen periode meegenomen te worden. 2. Samenstelling stadsdeelcommissie Wij onderschrijven het verlagen van de leeftijdsgrens voor het actief en passief kiesrecht. Het dagelijks bestuur ziet met belangstelling het experiment met stadsdeelpanels tegemoet. 3. Cultuur We willen benadrukken dat een bestuurscultuur met een goede samenwerking tussen college en dagelijks besturen een belangrijke voorwaarde is om het bestuurlijk stelsel succesvol te doen zijn. De afgelopen periode is de onderlinge samenwerking en het rechtstreekse contact verbeterd. Om onze slagkracht verder te vergroten zien we graag het naleven van afspraken uit het Bestuursakkoord 2018-2022 en de geactualiseerde bestuursopdracht Gebiedsgericht Werken zoals het nemen van bestuurlijk lef en risico’s, het delen van macht aan de kant van het college en directies en eigenaarschap aan de kant van de stadsdelen (inclusief budget). Ook het tijdig betrekken van het dagelijks bestuur bij de plan- en besluitvorming is hierbij cruciaal.

4. Ambtelijke organisatie in dienst stad en stadsdelen en doorontwikkeling Gebiedsgericht Werken Wij ervaren in de praktijk te vaak beperkte of geen sturingsmogelijkheden op dossiers waarvoor de stadsdelen bestuurlijke verantwoording dragen door de recente centralisatie van veel gemeentelijke diensten . Deze blijkt tevens de doorontwikkeling van het gebiedsgericht werken te belemmeren.

6. Korte termijn: adviesprocedure en onder­ steuning stadsdeelcommissie Wij adviseren om adviesaanvragen voor te leggen die het stadsdeel direct raken, ofwel gerichtere adviesvragen. Adviesaanvragen die niet relevant zijn voor het stadsdeel dienen wat ons betreft vermeden te worden. Wij onderstrepen verder het belang van dat de adviezen van het dagelijks bestuur en de stadsdeelcommissie integraal worden meegestuurd t.b.v. besluitvorming door het college en de gemeenteraad. Daarnaast is een terugkoppeling van welke punten uit adviezen wel of niet door het college zijn overgenomen van groot belang. Wij zien dat hier de afgelopen periode al stappen in zijn genomen. Tot slot zien wij voordelen in het versterken van de ondersteuning van de stadsdeelcommissie. Wij zien graag dat dit op uniforme wijze, met de juiste inzet van ambtelijke capaciteit, in de stadsdelen vormgegeven wordt.

Colofon Uitgave Gemeente Amsterdam Versie 1.0 Vormgeving Dirk van der Burgh, Vorm de Stad

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10340062/2