CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

A - 03 Kunst en Cultuur (29) Bijlage 1 - Strategisch Huisvestingsplan Kunst

RAAD 20 december 2023, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van het Strategisch huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027 VN2023-02402827.076 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Maak plaats voor kunst en cultuur

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

Inhoud

Voorwoord3 1. Maak plaats voor kunst en cultuur

5

2. Instrumenten en beleid

11

2.1 Staat van de sector 2.2 Ruimte voor kunst en cultuur 2.3 Ruimte voor broedplaatsen 2.4 Rafelranden en vrije ruimten 2.5 Ruimte voor nachtcultuur 2.6 Nulmeting

11 12 15 17 17 18

4. Nieuwe voorzieningen per stadsdeel

28

4.1 Nieuw-West 4.2 Noord 4.3 Zuidoost 4.4 Oost 4.5 Weesp 4.6 West 4.7 Centrum 4.8 Zuid

29 35 41 49 55 58 62 67

5. Financiën

72

5.1 Risico’s en beheersmaatregelen

3. Ontwikkelstrategie 3.1 Som der delen 3.2 Van tijdelijk naar permanent 3.3 Combineren van functies 3.4 Strategisch kader  3.5 Intensivering en verduurzaming gemeentelijke panden  3.6 Specials 3.7 Openbare Bibliotheek Amsterdam (OBA) 3.8 Inhaalslag in Noord, Nieuw-West en Zuidoost

73

20 20 21 21 22 23 24 25 25

Bijlage 1. Beleidskaders Bijlage 2. Gesprekspartners Bijlage 3. Inventarisatie kansen en huisvestingsvragen van stadsdelen voor doorontwikkeling opgave Bijlage 4. Strategisch kader

75 76 77 81

Versie 3 november 2023 Foto titelblad: Edwin van Eis

2

Gemeente Amsterdam

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

Voorwoord Het unieke kunst- en cultuuraanbod in Amsterdam trekt al eeuwen veel mensen naar de stad. Mensen die op zoek zijn naar zichzelf, naar vrijheid, naar experiment en nieuwe kansen. Zo zijn talloze culturen en verhalen samengekomen en is de stad ontstaan die Amsterdam nu is. Een stad van verhalen. Het Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027 (SHP Kunst en Cultuur) gaat over de ruimte die we als stad maken voor deze verhalen. Voor verhalen uit broedplaatsen van nieuwe makers. Voor de verhalen van dansers op bijzondere podia. Voor verhalen van nachtvlinders in clubs. En voor verhalen van jonge Amsterdammers die dat allemaal nog aan het ontdekken zijn. Ruimte voor al die verhalen van cultuurplekken waar Amsterdammers dagelijks schoonheid, inspiratie en troost vinden. Met dit SHP Kunst en Cultuur kijken we vooruit. Hoe verstevigen we kunst en cultuur in onze stad? Welke kansen liggen er? Voor wie en waar creëren we nieuwe plekken? Hoe blijven we werken aan die complete stad voor kunst en cultuur? De stad staat voor grote uitdagingen: Amsterdam blijft groeien en de beschikbare ruimte voor kunst en cultuur staat onder druk. De vraag naar betaalbare huisvesting voor kunst en cultuur wordt steeds groter en het aanbod steeds kleiner.

Steeds meer individuele makers, makerscollectieven, bestaande culturele instellingen en nieuwe initiatieven zijn op zoek naar productie- of presentatieplekken. Nachtclubs verdwijnen of verhuizen naar de randen van de stad of daarbuiten. Voor broedplaatsen is het steeds lastiger om een permanente plek te vinden.

3

Gemeente Amsterdam

Cultuur is ook ongelijk verdeeld over de stad. In Nieuw-West, Noord en Zuidoost is het aanbod van kunst en cultuur schaarser dan in andere stadsdelen. In deze delen van de stad is daarom een inhaalslag nodig. In dit SHP lichten we toe hoe we in de komende periode het wijkgerichte kunst- en cultuuraanbod willen behouden en versterken. We kijken ook naar nieuwe plekken voor aanbod dat een regionale, landelijke of internationale functie heeft. Het college van B en W heeft hiervoor bij de begroting de benodigde middelen beschikbaar gesteld. We willen voorkomen dat er ongemerkt ruimte voor culturele activiteiten verdwijnt. Daarom brengen we de huidige status van de culturele infrastructuur in de stad in kaart met een zogenoemde nulmeting. Daarmee kunnen we scherp analyseren aan welke type voorzieningen er de komende jaren een tekort is in de stad en kunnen we blijven prioriteren welke benodigde functies we willen toevoegen. Op die manier kunnen we optimaal de regie voeren op een toekomstbestendige cultuursector. Het Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur bevat ambitieuze plannen die passen bij onze stad. En dat is nodig. Zonder kunst en cultuur verspreid over de hele stad, zal Amsterdam, als stad van vele verhalen, nooit compleet zijn. Touria Meliani Wethouder Kunst en Cultuur

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

1 4

Gemeente Amsterdam

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

1. Maak plaats voor kunst en cultuur

Kunst en cultuur maken een belangrijk onderdeel uit van het leven in Amsterdam en daar zijn we trots op. Ze behoren tot het DNA van onze stad – van beeldende kunst tot muziek, van fotografie tot spoken word. Ze bieden schoonheid, troost, reflectie, inspiratie en brengen ons samen. Het is voor velen een reden om in onze stad te wonen of om Amsterdam te bezoeken. Onze kunst- en cultuursector bedient niet alleen Amsterdam, maar ook de regio en het land.1

2050. Hierin maken we tot 2050 binnen de huidige stadsgrenzen ruimte voor minimaal 150.000 nieuwe woningen voor 250.000 Amsterdammers.

We zijn inmiddels een vaste waarde in Zuidoost, Amsterdam en ver daarbuiten. We willen graag in Zuidoost blijven, want hier liggen onze roots. Maar onze ambitie is om ook landelijk en internationaal van betekenis te zijn.

Gesprekken met de stad Om de juiste keuzes te kunnen maken, hebben we met een diverse groep vertegenwoordigers van de sector drie openbare gesprekken gevoerd in New Metropolis, Zuidoost (voormalig dependance Pakhuis de Zwijger).2 Samen met kunstenaars, culturele programmeurs, cultureel ondernemers en directeuren van verschillende culturele instellingen in Amsterdam bespraken we de toekomst van de sector in een groeiende stad. De opbrengst van deze gesprekken is verwerkt in het SHP Kunst en Cultuur. In bijlage 2 van dit plan is een overzicht van de deelnemers per gesprek terug te vinden.

Marian Duff, directeur OSCAM

Amsterdam is tegelijkertijd ook een populaire stad om in te wonen. Om de druk op de woningmarkt te verlichten, heeft het gemeentebestuur in 2018 de ambitie gesteld om in tien jaar tijd gemiddeld 7500 woningen per jaar binnen de stadsgrenzen toe te voegen. Het college werkt aan een nieuwe strategie om ervoor te zorgen dat deze streefgetallen gehaald worden. Voor de lange termijn hanteert de gemeente de Omgevingsvisie Amsterdam 1 Zie Monitor Creatieve Industrie 2021 - Media Perspectives

5

Gemeente Amsterdam

Meer inwoners betekent ook dat er meer ontmoetingsruimten, parken, schoolgebouwen en cultuurplekken nodig zijn. In dit plan lichten we toe hoe we kunst en cultuur willen laten meegroeien met de stad.

Daarnaast hebben we per stadsdeel en met het stadsgebied Weesp gesprekken gevoerd met initiatiefnemers van (nieuwe) culturele voorzieningen. In deze interviews werd ingegaan op drijfveren, ambities, mogelijkheden, onmogelijkheden en lokale 2 Meer info via: Terugblik programmareeks ‘De Groeiende Stad: Maak Plaats voor Kunst en Cultuur’ - Pakhuis de Zwijger

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

verbindingen van deze culturele plekken met de omgeving waar zij zich in bevinden. De opbrengsten van deze gesprekken zijn verwerkt in hoofdstuk 4 van dit SHP Kunst en Cultuur.

Nachtclubs vinden nieuwe plekken aan de randen van de stad en nieuwe permanente plekken – zoals broedplaatsen voor makers – zijn schaars.

Toegang en ruimte Nog niet overal in Amsterdam is kunst en cultuur dichtbij. In sommige delen van onze stad – zoals Nieuw-West, Noord en Zuidoost - groeit de bevolking het hardst maar blijft het niveau aan culturele voorzieningen achter. Toegang tot kunst en cultuur is hier nog niet altijd een vanzelfsprekendheid zoals in dat in Centrum of in Zuid het geval is. Voor veel Amsterdammers is kunst en cultuur – zowel qua ruimte als in aanbod – op grote afstand. En in de ontwikkelgebieden - de plekken in de stad waar nieuwe woningen gebouwd worden – wordt bij de inrichting niet altijd rekening gehouden met een behoefte aan kunst en cultuur van de huidige bewoners.

Een gerichte aanpak voor 2023-2027 Een toekomstbestendige culturele infrastructuur betekent dat er in Amsterdam voldoende locaties en plekken zijn om aan de ruimtebehoeften op al deze niveaus te voldoen: op die manier kan kunst en cultuur meebewegen met de stad. Ons uitgangspunt is een evenwichtige spreiding van voorzieningen over de hele stad. Iedere Amsterdammer verdient immers een plek waar je naartoe gaat voor inspiratie, verbeelding en verrijking en waar je verschillende mensen en perspectieven van onze diverse stad ontmoet en ervaart.

Er is weinig ruimte voor nieuwkomers en voor ontwikkeling van nieuwe kunstvormen in de culturele sector. Die hebben het moeilijk om een plek in het bestaande systeem te vinden. Bestaande plekken in Amsterdam zijn vergeven en in deze tijd kun je bijna niets huren voor een aanvaardbaar bedrag.

We zijn de enige bioscoop in Nieuw-West, dus programmeren we heel breed. Bewoners denken niet in hokjes van art-house of commercieel. Ze komen voor een film als Super Mario, maar willen ook graag een mooie documentaire zien over een maatschappelijk relevant onderwerp.

Michel de Rooij, directeur Nowhere

Bas Broertjes, medeoprichter Oxville

De vraag naar (betaalbare) ruimte door makers en culturele instellingen is nog nooit zo groot geweest, zoals recent werd onderstreept door de Amsterdamse Kunstraad.3 Steeds meer individuele makers, makerscollectieven, bestaande culturele instellingen en nieuwe initiatieven zijn op zoek naar productie- of presentatieplekken. Het aanbod in ruimte blijft vooralsnog beperkt. 3 Zie het advies ‘Groei vraagt om groei’ van de Amsterdamse Kunstraad, 18 oktober 2023

6

Gemeente Amsterdam

Om kunst en cultuur in Amsterdam toegankelijk en toekomst bestendig te maken, is het van belang dat de cultuursector in ruimte mee kan groeien met de stad. Hiervoor stellen we jaarlijks middelen beschikbaar om in nieuwe culturele voorzieningen (wijkgericht en grootstedelijk) te investeren. We zetten in op een goede samenwerking met publieke en private partners en maken een inhaalslag op het bestaande aanbod. We doen dit aan de hand van een gerichte en integrale aanpak: het Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027 (SHP Kunst en Cultuur).

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

SHP Kunst en Cultuur In het SHP Kunst en Cultuur lichten we toe hoe we in de komende periode het wijkgerichte kunst- en cultuuraanbod willen behouden en versterken. We kijken ook naar nieuwe plekken voor aanbod met een regionale, landelijke of internationale functie. Noord, Nieuw-West en Zuidoost krijgen hierbij extra aandacht. Maar we kijken ook naar andere delen van de stad waar verdicht wordt, waar nieuwe wijken worden toegevoegd en waar te weinig aanbod is gericht op deze nieuwe situatie. We richten ons met dit plan op voorzieningen voor kunst- en cultuurorganisaties, nieuwe broedplaatsen, nachtcultuur en bestaande vrije ruimte. Voorzieningen die autonoom kunnen worden vormgegeven met veel ruimte voor spontaniteit en experiment. Waar mogelijk geven we initiatiefnemers alle vrijheid en zeggenschap om ruimte en programmering naar eigen inzicht in te richten.

Het is interessant als er andere verhalen verteld worden dan de verhalen die wij al in huis hebben. We willen dat huis heel graag zelf beheren. Dan kunnen wij letterlijk de sleutel geven aan sleutelfiguren uit de buurt. Die nemen vervolgens weer hun netwerk en community mee. Myrna Versteeg, directeur DAT! school

Met het SHP Kunst en Cultuur zetten we de koers uit voor nieuwe permanente voorzieningen voor de periode tot en met 2027 met een doorkijk tot en met 2032. Dit zijn de doelstellingen. • Behoud en optimalisatie van de bestaande culturele infrastructuur. • Nieuwe buurtgerichte culturele voorzieningen realiseren in lijn met de groei van de stad. • Nieuwe grootstedelijke culturele voorzieningen realiseren. • Ruimte reserveren voor kunst en cultuur, zodat nieuwe (grootstedelijke) voorzieningen door culturele initiatiefnemers gerealiseerd kunnen worden. Kunst in de openbare ruimte maakt geen onderdeel uit van het SHP Kunst en Cultuur. Dit plan is een concretisering van en een vervolg op het Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2020-2025. Naast investeringen die samenhangen met de groei van de stad benoemen we in het SHP ook de investeringen die noodzakelijk zijn voor het behoud en de optimalisatie van de bestaande culturele infrastructuur. We werken met een investeringsplafond van 7 miljoen euro per jaar voor zogeheten onrendabele reguliere investeringen in kunst- en cultuurvoorzieningen. Deze middelen zetten wij in voor het realiseren van culturele wijkvoorzieningen. Opgeteld komt het investeringsplafond voor de periode 2023-2027 uit op een totaal van 35 miljoen euro.

Het totaal benodigde investeringsbedrag voor de geïnventariseerde projecten die starten in de periode 2023-2027 is hoger dan het beschikbare plafond, namelijk ongeveer 55 miljoen euro. Jaarlijks worden prioriteiten gesteld en afwegingen gemaakt voor de projectenlijst. Dit gebeurt bij de vaststelling van de Voorjaarsnota. Daarnaast vatten we samen met welke instrumenten de gemeente stuurt op culturele huisvesting. Broedplaatsen, nachtcultuur en culturele vrije ruimte maken onderdeel uit van dit plan. Daarbij geven we in hoofdstuk 2 en 3 zoveel mogelijk aan hoe we werken aan het invullen van deze koers. In hoofdstuk 4 zoomen we per

7

Gemeente Amsterdam

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

stadsdeel in op locaties waar de gemeente inzet op nieuwe voorzieningen. We geven aan welke locaties we hiervoor onderzoeken en welke kansen zich voordoen voor kunst en cultuur vanuit de (her)ontwikkeling van gebieden. Het SHP Kunst en Cultuur geeft een koers en een ambitie weer. Aan de inhoud van dit plan kunnen geen rechten worden ontleend.

Nulmeting culturele infrastructuur Om een goed beeld te krijgen van de huidige stand van zaken van de culturele infrastructuur in de stad voeren we in 20232024 een nulmeting uit. Met deze nulmeting onderzoeken we welke kunst- en cultuurvoorzieningen, broedplaatsen, locaties voor nachtcultuur en creatieve vrije ruimte er momenteel zijn en hoe deze zijn verspreid over de stad. Deze basisinformatie is van belang voor een goede prioritering van de benodigde culturele voorzieningen die we willen toevoegen aan de stad. We willen voorkomen dat er ongemerkt culturele plekken verdwijnen. Hierbij gebruiken we een interactieve cultuurkaart, waarop zoveel mogelijk Amsterdamse kunst- en cultuurvoorzieningen, broedplaatsen en plaatsen voor nachtcultuur en vrije ruimte zijn weergegeven.4

4

De kaart is te vinden via maps.amsterdam.nl/kunstencultuur.

8

Gemeente Amsterdam

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

9

Gemeente Amsterdam

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

2 10

Gemeente Amsterdam

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

2. Instrumenten en beleid

Amsterdam is niet alleen de hoofdstad, maar ook het belangrijkste culturele centrum van Nederland. Om deze aantrekkingskracht te kunnen behouden, moet de culturele infrastructuur optimaal ingericht zijn op de ruimtebehoeften vanuit de verschillende kunstdisciplines. Het aanbod moet uitnodigend zijn voor alle Amsterdammers. Daarbij zijn presentatie en productie binnen het kunst- en cultuuraanbod twee cruciale functies.

Presentatieplekken Presentatieplekken zijn er voor bezoekers en deelnemers, met bijbehorende programmering en activiteiten. Tentoonstellingen, voorstellingen, maar ook cultuureducatie en -participatie vallen hieronder. In gebieden waar woningen worden toegevoegd aan bestaande buurten ligt een kans voor het toevoegen van nieuwe permanente presentatieplekken. Dit willen we mogelijk maken door specifiek ruimte te creëren voor organisaties die geworteld zijn in de buurt of het gebied: plekken waar bewoners zich thuis voelen. We moeten samen met culturele instellingen en makers met een open blik nadenken over hoe een gebouw een bijdrage kan leveren aan een geslaagde culturele ervaring voor de doelgroep of groepen die we voor ogen hebben. Productieplekken Productieplekken zijn werkruimtes waar culturele organisaties en makers hun werk kunnen doen. Er is ruimte voor experiment. Een sterke culturele infrastructuur biedt plaats aan producties op elk schaalniveau. Huidige en komende generaties kunstenaars in alle disciplines moeten er kunnen werken. Daarbij is het belangrijk om

11

Gemeente Amsterdam

ruimte te bieden aan alle verschillende ontwikkelingsfases van een productie. In welke fase die zich bevindt, bepaalt voor een deel de specifieke behoeften die nodig zijn bij de totstandkoming ervan. Die behoeften kunnen sterk verschillen per kunstdiscipline. Als er bestaande gemeentelijke panden vrij komen die mogelijk geschikt zijn voor kunst- en cultuurprogrammering, broedplaatsen, nachtcultuur en creatieve vrije ruimte onderzoeken we dit op haalbaarheid. Voorbeelden hiervan zijn de Drenthal in het Cruquiusgebied (Oost) en het voormalig gymzalengebouw in Slotervaart (Nieuw-West). Samen met culturele organisaties in gevestigde voorzieningen bekijken we hoe zij beter en slimmer kunnen samenwerken met kleine en middelgrote organisaties in andere delen van de stad. Bestaande instellingen en hun gebouwen blijven daarmee relevant en toegankelijk, en nieuwkomers in het culturele veld worden zichtbaar voor de hele stad.

2.1 Staat van de sector We gaan voor een toekomstbestendige strategie. Hiervoor is het nodig om een aantal belangrijke ontwikkelingen en knelpunten binnen de kunst- en cultuursector te benoemen. De coronacrisis heeft in de sector haar sporen nagelaten. Daarna volgden onder meer een hoge inflatie, een energiecrisis en een krappe arbeidsmarkt. Sommige instellingen hebben hierdoor lastige keuzes moeten maken. Denk daarbij aan het terugbrengen van het aantal voorstellingen of het inkorten van tournees.

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

Makers vormen de basis van de cultuursector, maar hebben steeds meer moeite met het vinden van betaalbare woon- en werkruimte. Ook het dagelijks leven in Amsterdam is voor veel (beginnende) kunstenaars en makers onbetaalbaar. Hierdoor verlaat talent de stad. Daarnaast heeft de brede arbeidsmarktproblematiek vergaande gevolgen voor de Amsterdamse cultuursector. En ook dat vergroot de kwetsbaarheid van de sector. Deze maatschappelijke uitdagingen vragen om slimme oplossingen. Verandering, innovatie en samenwerking zijn daarbij belangrijke trefwoorden, net als ongelijk investeren voor gelijke kansen. Verder in hoofdstuk 2 en 3 leggen we uit welke instrumenten en strategieën we hiervoor willen inzetten.

Haven-Stad Prognose 2023-2027: 15,25 Prognose 2028-2032: 3.093 West Prognose 2023-2027: 2.442 Prognose 2028-2032: 1.720

Nieuw-West Prognose 2023-2027: 8.723 Prognose 2028-2032: 3.202

2.2 Ruimte voor kunst en cultuur In 2018 hebben we de Amsterdamse Referentienorm maatschappelijke voorzieningen, groen en spelen vastgesteld.5 Met dit instrument geven we antwoord op de vraag hoeveel ruimte er nodig is aan maatschappelijke voorzieningen in de groeiende stad. Kunst en cultuur maakt deel uit van deze referentienorm. Er is een norm bepaald voor culturele wijkvoorzieningen en een norm voor stedelijke culturele voorzieningen. Hiermee zorgen we ervoor dat waar nieuwe woningen komen, er ook ruimte wordt gemaakt voor kunst- en cultuurvoorzieningen. Dat vertalen we niet alleen binnen grootschalige gebiedsontwikkeling zoals in Haven-Stad en op IJburg 2, maar ook in bestaande buurten waar woningen worden toegevoegd, zoals Geuzenveld-Slotermeer, Reigersbos, K-buurt en Banne Noord.

Centrum Prognose 2023-2027: 553 Prognose 2028-2032: 450

Zuid Prognose 2023-2027: 2.348 Prognose 2028-2032: 2.331

Noord Prognose 2023-2027: 9.947 Prognose 2028-2032: 2.946 Oost Prognose 2023-2027: 7.200 Prognose 2028-2032: 8.585

Zuidoost Prognose 2023-2027: 5.693 Prognose 2028-2032: 4.617

Figuur 1. Woningbouwprognose per stadsdeel, stadsgebied Weesp en Haven-Stad in aantallen woningen © 2023 Mapbox © OpenStreetMap

Toepassing referentienorm Kunst en Cultuur Voor kunst en cultuur zijn de volgende normen bepaald: • Per nieuwe woning wordt 0,25 m2 BVO6 kunst- en cultuurvoorzieningen op wijkniveau toegevoegd. • Per nieuwe woning wordt 0,20 m2 BVO kunst- en cultuurvoorzieningen op stedelijk niveau toegevoegd. Met deze werkwijze realiseren we nieuwe culturele voorzieningen voor bestaande en toekomstige bewoners, bezoekers en makers. In dit geactualiseerde SHP Kunst en Cultuur concretiseren we de

5 De Amsterdamse Referentienorm is op 30 januari 2018 vastgesteld door het college van B&W.

12

Gemeente Amsterdam

Weesp Prognose 2023-2027: 1.355 Prognose 2028-2032: 301

6 De afkorting BVO staat voor bruto vloeroppervlak. Dat is de som van de vloeroppervlakte van alle bouwlagen, gemeten langs de buitenomtrek.

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

Centrum

opgave en bouwen we voort op de al opgedane ervaringen. We doen recht aan actuele ontwikkelingen in de stad, en spelen in op de behoeften van de cultuursector en van huidige en toekomstige bewoners.

Haven-Stad

Haven-Stad Het transformatiegebied Haven-Stad is apart opgenomen in figuur 1 en 2. Het gebied ligt verspreid over de stadsdelen West, Nieuw-West en Noord. De eerste twee deelgebieden die de komende jaren in ontwikkeling worden gebracht, zijn Sloterdijk Stationskwartier en Sloterdijk Contactbuurt. Voor deze gebieden stellen we een visie op voor de ontwikkeling van culturele infrastructuur. In totaal bestaat Haven-Stad uit 650 hectare - opgedeeld in 12 deelgebieden die tussen 2029 en 2055 gefaseerd worden getransformeerd. In het Programmaplan Maatschappelijke Voorzieningen Haven-Stad uit 2021 is op basis van de referentienorm 17.373 m2 gereserveerd voor culturele wijkvoorzieningen.

13

Gemeente Amsterdam

Noord

Oost

Weesp

West

Zuid

Zuidoost

2.487 m²

2.181 m²

Figuur 1 toont een prognose voor het aantal woningen dat de stad wil realiseren. Deze prognose is gebaseerd op de monitor woningbouwplannen. Dit is vervolgens doorberekend naar de stadsdelen, het gebied Haven-Stad en stadsgebied Weesp. Het werkelijk aantal woningen dat per projectgebied wordt gebouwd, kan hiervan afwijken. In figuur 1 is een onderscheid gemaakt tussen de periode 2023-2027, die aansluit op de periode van SHP Kunst en Cultuur, en de periode 2028-2032, waarvoor dit document een doorkijk geeft. De woningbouwopgave is per gebied vastgelegd. In NieuwWest worden bijvoorbeeld Schinkelkwartier en Ringzone-West getransformeerd naar woon-werkgebieden. En ook in stadsdeel Oost ligt een groot deel van de woningbouwopgave, met IJburg 2 (Centrumeiland, Strandeiland en Buiteneiland), Sluisbuurt en Zeeburgereiland.

Nieuw-West

2.146 m²

1.800 m²

1.423 m²

1.154 m²

801 m²

773 m²

737 m² 610 m²

587 m²

583 m²

20232027

20282032

430 m² 339 m²

138 m²

113 m²

75 m² 4 m²

20232027

20282032

20232027

20282032

20232027

20282032

20232027

20282032

20232027

20282032

20232027

20282032

20232027

20282032

20232027

20282032

Figuur 2. Opgave in m2 culturele wijkvoorzieningen op basis van referentienorm Kunst en Cultuur, gerelateerd aan de woningbouwprognose per stadsdeel, stadsgebied Weesp en Haven-Stad

Er is ruimte voor 1 of 2 grootstedelijke cultuurvoorzieningen. Uitgangspunt voor de ontwikkeling van nieuwe voorzieningen in Haven-Stad is de aansluiting met de culturele initiatieven en locaties die er nu al zijn, zoals broedplaatsen. Met onder meer buurtbewoners en ondernemers is het programma ‘Atelier Samen Haven-Stad Maken’ opgezet en de ‘Community of Practice kunst, cultuur en erfgoed’. Hierin worden culturele kansen en uitdagingen van Haven-Stad vanuit een open netwerk van culturele trekkers en betrokkenen uit de omgeving bottom-up verkend. De ideeën en mogelijke initiatieven die dit oplevert, vormen de basis om plannen voor culturele voorzieningen, broedplaatsen,

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

14

Gemeente Amsterdam

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

In hoofdstuk 4 is een inventarisatie gemaakt van projecten die aansluiten op de beleidsdoelen voor kunst en cultuur, broedplaatsen, nachtcultuur en vrije ruimte. De projecten worden daarbij op haalbaarheid onderzocht en getoetst aan de Amsterdamse referentienorm.

2.3 Ruimte voor broedplaatsen

Figuur 3. Opgave in m2 stedelijke culturele voorzieningen op basis van referentienorm Kunst en Cultuur, gerelateerd aan de woningbouwprognose in Amsterdam

nachtcultuur en creatieve vrije ruimte in Haven-Stad verder vorm te geven. Figuur 2 laat zien hoeveel bruto vloeroppervlak (BVO) er per stadsdeel/stadsgebied aanvullend nodig is voor culturele wijkvoorzieningen om een complete culturele hoofdstad te blijven op grond van de verwachte woningbouw tot en met 2032. Figuur 3 laat zien hoeveel bruto vloeroppervlak er in de hele stad aanvullend nodig is voor culturele voorzieningen om een complete culturele hoofdstad te blijven op grond van de verwachte woningbouw tot 2032.

15

Gemeente Amsterdam

In de afgelopen jaren zijn er in Amsterdam diverse nieuwe, semipermanente broedplaatsen bijgekomen voor de duur van ongeveer 15 tot 20 jaar. Deze worden gerealiseerd zonder gemeentelijke investering. Als gemeente stimuleren we dit door ontwikkelaars op een aantal locaties te verplichten bij de (her) ontwikkeling van kavels een broedplaatsfunctie op te nemen. Daarbij geven we per locatie een minimaal vastgesteld oppervlak en een maximale huurprijs per vierkante meter mee. Partijen die inschrijven op een kavel kunnen zelf kiezen welke partij zij uitnodigen om de broedplaats te beheren. De broedplaatsbeheerder stelt vervolgens zelf een visie voor de broedplaats op. De onafhankelijke Commissie Ateliers en (Woon)Werkpanden Amsterdam (CAWA) die door de gemeente is ingesteld, beoordeelt vervolgens of die visie van voldoende inhoudelijke kwaliteit is en aansluit op de doelstellingen van het Amsterdamse Atelieren Broedplaatsenbeleid. Een voorbeeld van zo’n broedplaats is Lycka, bij Sloterdijk. In dit gebouw zijn ook 28 kunstenaarswoningen gerealiseerd. De maat van een broedplaats varieert. In nieuw te ontwikkelen gebieden en wijken hangt die grootte mede af van de ambities van initiatiefnemers en makers. Het hangt ook af van de fysieke kenmerken van een gebied.

Hierdoor zijn vierkante meters voor broedplaatsen lastig in een referentienorm te vatten: deze norm is immers gekoppeld aan de woningbouwopgave van een gebied. Broedplaatsen zijn om die reden geen onderdeel van de referentienorm.

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

Broedplaats Lycka (oktober 2022)

16

Gemeente Amsterdam

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

In 2024 wordt de ‘Amsterdamse Referentienorm maatschappelijke voorzieningen, groen en spelen’ geactualiseerd. We onderzoeken of we hierbinnen een motivatieplicht kunnen instellen voor het al dan niet opnemen van broedplaatsen in de gebiedsontwikkeling. Projectteams van de gemeente die zich bezighouden met de gebiedsontwikkeling, motiveren dan voortaan altijd waarom wel of geen broedplaatsmeters worden opgenomen voor een plangebied. Met deze stap creëren we meer aandacht voor deze maatschappelijke functie en realiseren we meer broedplaatsen in de gebiedsontwikkeling.

2.4 Rafelranden en vrije ruimten Verspreid in en om de stad zijn bijzondere plekken te vinden die van onderop zijn ontstaan en autonoom worden vormgegeven. Met de groei en de verdichting van de stad staan deze bestaande vrije ruimten onder druk. Er is een brede behoefte om plekken in de stad te hebben en te houden waar ruimte is voor spontaniteit en experiment. Plekken die adem- en leefruimte bieden. Karakteristiek voor Amsterdam zijn de rafelranden en de soms schurende tegencultuur. Veel van deze belangrijke vrije ruimten vinden hun oorsprong in de kraakbeweging uit de vorige eeuw. Denk aan plekken als Ruigoord, de OCCII en OT301. Het onafhankelijke muziekpodium OCCII (Amstelveenseweg, stadsdeel Zuid) biedt plek aan beginnende en ervaren muzikanten en programmeert nieuwe en experimentele muziek. OT301 (Overtoom, stadsdeel Zuid) is een mix van een cultureel podium, atelierruimten en woningen en biedt ruimte voor workshops en debat. Al deze plekken worden vormgegeven door een brede gemeenschap van vrijwilligers en zijn autonoom georganiseerd. Met de Expeditie Vrije Ruimte (2020) beschermen we bestaande vrije ruimte en stellen nieuwe vrije ruimte beschikbaar voor Amsterdammers. Vrije ruimten hebben vele verschijningsvormen. Ze hebben met elkaar gemeen dat ze van onderop zijn ontstaan en collectief worden vormgegeven. Vaak hebben ze een belang-

17

Gemeente Amsterdam

rijk cultureel component. Denk aan een podium voor startende muziekcollectieven, betaalbare atelierruimte voor kunstenaars, en het beschikbaar stellen van ruimte voor activiteiten van buurtbewoners. Vrije ruime is een essentieel onderdeel van het brede cultuurlandschap: Amsterdammers kunnen er iets uitproberen en hun talenten ontdekken. Vrijheid om te experimenteren is daarbij essentieel. Daarom moeten vrije ruimten niet al te veel kaders hebben. De komende jaren zetten we ons in voor een evenwichtige spreiding van vrije ruimte over de stad, voor en door diverse groepen Amsterdammers. Daarbij beschermen we bestaande vrije ruimte én bieden we plek voor nieuwe initiatieven. Dat doen we waar mogelijk in samenhang met andere maatschappelijke voorzieningen. Vrije ruimte is een vast onderdeel van planvorming en gebiedsontwikkeling. We ontwikkelen een samenwerkingsverband voor iedereen die zich bezighoudt met cultuur in de vrije ruimte. Daarbij zetten we in op internationale kennisuitwisseling. Op die manier kunnen we lokaal leren en toepassen. De Frei(T)raume/ Envisioning Free Space Conference in Berlijn is bijvoorbeeld zo’n belangrijke bron van inspiratie.

2.5 Ruimte voor nachtcultuur Met de vaststelling van de Nachtvisie in 2021 is nachtcultuur een volwaardig onderdeel van het kunst- en cultuurbeleid geworden. Het nachtleven en de bijbehorende artistieke festivals spelen een grote rol in de vernieuwing van de Amsterdamse cultuur. Er is grote behoefte aan tijdelijke én permanente plekken voor een bloeiende nachtcultuur. Met een Uitvoeringsagenda Nachtcultuur 2023-2026 sturen we met verschillende interventies op nieuwe locaties voor de nacht: • We stimuleren cross-overs tussen nachtleven en culturele instellingen zoals musea. Hierdoor worden bestaande culturele locaties intensiever gebruikt. • In de gebiedsontwikkeling maken we expliciet ruimte voor nieuwe permanente nachtcultuurvoorzieningen en locaties

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

•

• •

•

•

voor nachtcultuur. Daarbij kijken we ook naar tijdelijke locaties. Dit doen we op basis van een stadsbreed locatie- en haalbaarheidsonderzoek dat in 2024 wordt uitgevoerd. In 2024 wordt de ‘Amsterdamse Referentienorm maatschappelijke voorzieningen, groen en spelen’ geactualiseerd. We onderzoeken of we hierbinnen ook een verplichting ten aanzien van nachtcultuur voorzieningen kunnen opnemen. Bij vrijkomende gemeentelijke panden wordt getoetst of deze geschikt zijn voor nachtcultuur. De gemeente doet een beroep op de particuliere sector om ruimtes te melden die geschikt zijn voor initiatieven die in lijn zijn met de ambities en behoeften uit de Nachtvisie en faciliteert hierin waar nodig. We kijken of en waar we nachtcultuur kunnen faciliteren bij bestaande broedplaatsen en in nieuw te ontwikkelen nachtbroedplaatsen. We onderzoeken de behoeften van de inwoners per stadsdeel en meten het draagvlak voor specifieke vormen van nachtcultuur. Dit onderzoek gaat ook in op thema’s als veiligheid, bereikbaarheid en leefbaarheid.

Naast deze nulmeting hebben we in 2023 kwalitatief onderzoek gedaan naar de behoeften van bewoners in wijken waar het voorzieningenniveau achterloopt bij de rest van de stad. Het gaat hierbij om de stadsdelen Noord, Nieuw-West en Zuidoost. Ook hebben we op basis van de adviezen van de stadsdeelcommissies geïnventariseerd welke bestaande huisvestingsvraagstukken en kansen er momenteel spelen binnen de culturele infrastructuur in de stadsdelen. Zie bijlage 3. Deze informatie gebruiken we om in 2024 samen met de stadsdelen gerichter te formuleren aan welke nieuwe culturele voorzieningen behoefte is in relatie tot de groei van de stad. Dit vatten we samen in een ruimtelijke opgavekaart voor nieuwe culturele voorzieningen, broedplaatsen, nachtcultuur en creatieve vrije ruimte. Dat maakt scherpere sturing mogelijk. Hiermee kunnen we de benodigde culturele voorzieningen per gebied tijdig ruimtelijk uitwerken. Zo kan per plangebied in een vroeg stadium van de gebiedsontwikkeling specifieker gestuurd worden op geschikte kaders voor de gewenste culturele voorziening. Dit is de voorlopige basislijst met wensen die we in 2024 willen door ontwikkelen:

Met deze interventies specificeren we de koers voor nieuwe nachtcultuurvoorzieningen waar we vanuit de gemeente in de periode 2023-2027 op inzetten.

• •

2.6 Nulmeting

•

Er is meer kennis en informatie nodig over de bestaande culturele infrastructuur. Welke kunst- en cultuurvoorzieningen, broedplaatsen, locaties voor de nachtcultuur en creatieve vrije ruimten zijn er op dit moment? Welke zijn permanent en welke zijn tijdelijk? Deze basisinformatie maakt een goede prioritering van benodigde voorzieningen die we willen toevoegen aan de stad mogelijk. In 2023 zijn we via een nulmeting gestart met onderzoek naar de bestaande culturele infrastructuur in de stad.

18

Gemeente Amsterdam

• •

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

 roductievoorzieningen ofwel broedplaatsen. P Presentatievoorzieningen met activiteitenruimten, een presentatiezaal en ondersteunende horeca. Cultuureducatie voorzieningen met leslokalen en ondersteunende horeca. Nachtcultuurvoorzieningen met publieksruimtes en horeca. Flexibele ruimte/gebouwen waarbij ‘de sleutel aan de buurt’ wordt gegeven, oftewel waar de zeggenschap over de gewenste functies bij een community ligt.

3 19

Gemeente Amsterdam

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

3. Ontwikkelstrategie Hoe bouwen we nieuwe culturele voorzieningen in een snel groeiende stad? Hoe sluiten we aan op relevante ontwikkelingen en nieuwe behoeften vanuit het culturele werkveld en vanuit de bewoners? Bij gebiedsontwikkeling spelen allerlei partijen met verschillende belangen een rol. Bij het plannen en realiseren van nieuwe kunst- en cultuurvoorzieningen zijn veel partijen betrokken. Daarom is een integrale blik op de ontwikkelingen belangrijk.

we beperkt de mogelijkheid om winstgevend te investeren in renovatie of bouwkundige aanpassingen. Zulke investeringen berekenen we door aan de hurende partij. De hurende partij moet deze extra kosten volledig financieel kunnen dragen naast de maandelijkse huurlasten. Een voorbeeld hiervan is de transformatie van de voormalige Boekmanzaal in het stadhuis naar een multifunctionele kleine zaal voor de Nationale Opera en Ballet.

3.1 Som der delen

Daarnaast vindt er continu onderhoud plaats aan gemeentelijke panden op het moment dat het pand vrijkomt tussen twee huurperiodes in. Daarbij worden bestaande CAWA-ateliers verduurzaamd. Voorbeelden van dergelijke investeringen die de komende tijd worden gedaan, zijn de toevoeging van muziekstudio’s in de kelder van A-lab, het toekomstbestendig maken van broedplaats HW10 en de uitbreiding van broedplaats MK24 met een zolderverdieping voor de verhuur.

We bekijken hoe onze investeringsopgave zich verhoudt tot de initiatieven en ontwikkelingen in het culturele veld en initiatieven van private investeerders. Gemeente, ontwikkelaars, vastgoedeigenaren en culturele initiatiefnemers moeten elkaar weten te vinden. Samen werken we aan een divers cultureel aanbod voor verschillende doelgroepen. Dat voorkomt concurrentie tussen de verschillende voorzieningen en vergroot de aantrekkingskracht en de onderlinge kruisbestuiving. We sturen op twee manieren de realisatie van nieuwe culturele voorzieningen: door te investeren en door te faciliteren.

Investeren in bestaande gemeentelijke panden De gemeente heeft 117 panden deels of volledig in gebruik voor kunst en cultuur. Het zijn panden die in beheer (eigendom of huur) zijn bij Gemeentelijk Vastgoed. De portefeuille bestaat onder andere uit musea, theaters, bibliotheken, broedplaatsen en ateliers. Die moeten kunnen blijven voldoen aan de huidige en toekomstige eisen van makers, gebruikers en bezoekers. Soms zijn er nieuwe of aanvullende kunst- en cultuurambities voor een pand die passen binnen de gemeentelijke ambities. Dan hebben

20

Gemeente Amsterdam

Investeren in nieuwe culturele voorzieningen Als gemeente kunnen we zelf investeren in nieuwe culturele voorzieningen die niet winstgevend zijn. Ons investeringsbudget hiervoor is echter beperkt. We leggen de focus voor deze investeringen op projecten in buurten en wijken waar momenteel onvoldoende permanente culturele voorzieningen aanwezig zijn, waar nieuwe woningen worden toegevoegd én waar voldoende culturele initiatiefnemers behoefte hebben aan een locatie. Voorbeelden hiervan zijn de toevoeging van een buurtcultuurhuis in Banne Noord en de realisatie van Het Verhalenhuis op het Osdorpplein. In hoofdstuk 5 hebben we de investeringslijst opgenomen voor de periode 2023-2027.

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

Faciliteren van nieuwe culturele voorzieningen Vaak zijn culturele aanbieders publiek-privaatgerichte instellingen die met zowel overheden als met bedrijven in verbinding staan. Dit betekent dat nieuwe culturele voorzieningen regelmatig gerealiseerd worden door marktpartijen. Zo wordt een rijke schakering aan kunst- en cultuurprojecten gerealiseerd in de gebiedsontwikkeling. We kunnen deze nieuwe culturele voorzieningen op verschillende manieren faciliteren: • Externe partijen kunnen zich melden met de ambitie om één of meer culturele voorzieningen te realiseren. Dit zijn bijvoorbeeld commerciële culturele initiatiefnemers, mecenassen, vastgoedinvesteerders of woningbouwcorporaties. Wij kunnen deze initiatieven faciliteren door te helpen zoeken naar een geschikte locatie en door bestemmingsplannen in te richten op de gewenste kunst- en cultuurvoorzieningen, broedplaatsen en/ of nachtcultuur en door de erfpacht hiervoor aan te passen. • We kunnen zelf kansen creëren voor kunst en cultuur in gebouwen en gebieden die niet ons eigendom zijn en worden getransformeerd van een monofunctie naar een functiemix van wonen en werken. We gaan dan in gesprek met de eigenaar over deze mogelijkheden en proberen die te verleiden om op deze functies in te zetten. We kunnen hierop sturen met bestemmingsplannen, afsprakenbrieven en een aanpassing van de erfpachtprijs.

• Er zijn kavels en/of gebouwen waarvan we zelf eigenaar zijn en die we via een tender door de markt laten ontwikkelen. In zo’n geval schrijven marktpartijen zich in om een kavel en/ of gebouw te ontwikkelen volgens de eisen en richtlijnen die de gemeente hiervoor stelt. Indien we in het betreffende gebied een opgave hebben voor kunst en cultuurvoorzieningen vanuit de groeiende stad, maar deze buiten de prioritering voor de eigen investeringen valt, kunnen we deze functie opnemen in de tender. Wij concretiseren in dat geval de nieuwe culturele functie en geven dit als opdracht mee in de tender bij de verkoop van de kavel.

21

Gemeente Amsterdam

Bij elk ontwikkelgebied spreken we af welke rol we vanuit de gemeente hebben. We geven daarbij duidelijk aan wat wij verwachten van investerende partijen en van de culturele programmering. Voorbeelden hiervan zijn het toevoegen van culturele functies in Cluster 8 in de Amsterdamse Poort en het realiseren van een culturele wijkvoorziening in Amstelkwartier fase 3.

3.2 Van tijdelijk naar permanent De afgelopen decennia ontstonden er op allerlei plekken culturele initiatieven in leegstaande panden. Daarbij werd vaak een financieel gunstig, maar wel tijdelijk huurcontract met de eigenaar gesloten. Veel van die locaties worden nu getransformeerd tot woon-werkgebied. Het is voor de gebruikers een steeds grotere uitdaging om een nieuw onderkomen te vinden. Die zijn ofwel opnieuw tijdelijk, ofwel aanzienlijk duurder. In tijdelijke huisvesting kunnen initiatiefnemers experimenteren en ervaring opdoen. Bij gebiedsontwikkeling sluit dit goed aan op de fase van placemaking. Dit is de fase die voorafgaat aan de bouwontwikkeling van een locatie, als kavels en/of gebouwen (deels) nog ongebruikt zijn en er tijdelijke invulling aan kan worden gegeven. Culturele organisaties gedijen echter niet altijd op een tijdelijke locatie. Als je niet weet hoelang je kunt blijven, kun je vaak niet echt aarden. Waar mogelijk willen we ruimte bieden om succesvolle onderdelen van tijdelijke voorzieningen te behouden in het gebied. Broedplaats het Nieuwe Bajesdorp is zo’n voorbeeld. Het initiatief ontstond op tijdelijke basis maar heeft intussen een permanente positie verworven in de gebiedsontwikkeling. Broedplaats De Sloot heeft ook deze ambitie.

3.3 Combineren van functies Kunst en cultuur, broedplaatsen, nachtcultuur en vrije ruimte liggen vaak in elkaars verlengde. Er vindt veel kruisbestuiving plaats binnen deze typen voorzieningen en op creatieve locaties. Binnen de ontwikkelopgave worden deze functies in samenhang meegenomen met de concrete invulling van culturele ruimten

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

in nieuwe wijken. Bij permanente ruimte voor kunst en cultuur zetten we in op een programma van eisen dat breed genoeg is om verschillende culturele functies in onder te brengen. Het moet wel flexibel genoeg zijn om culturele organisaties zelf de invulling te laten bepalen. Met het Amsterdams Atelier- en Broedplaatsenbeleid stimuleren we nieuwe plekken waar ruimte is voor alle typen creatieve functies. Hierdoor ontstaan steeds meer publieksgerichte broedplaatsen.

Samenwerking Culturele instellingen die samen met ons naar mogelijkheden voor nieuwe permanente huisvesting zoeken, moeten in een vroeg stadium samenwerking zoeken met andere (culturele) aanbieders. Zo worden nieuwe culturele ruimten en locaties optimaal benut en ontstaat er kruisbestuiving. Op die manier kunnen niet alleen de uitgaven worden beperkt, maar kunnen ook meer publiek en deelnemers worden bereikt. Kruisbestuiving tussen maatschappelijke domeinen We bouwen aan een complete stad waar betaalbare ruimte schaars is. Dat vraagt om slim investeren in publieke voorzieningen. Maatschappelijke gebouwen moeten intensiever gebruikt worden. Het stadsbestuur beziet daarbij onderwijs, zorg, sport en kunst en cultuur nadrukkelijk in samenhang. Het zijn immers geen concurrerende, maar aanvullende of vaak zelfs overlappende maatschappelijke voorzieningen. Veel Amsterdammers komen voor het eerst met kunst en cultuur in aanraking op de basisschool of in een buurthuis. Waar maatschappelijke functies bij elkaar komen, ontstaat er meer toeloop en wordt meer gebruik van het aanbod gemaakt. Een goed voorbeeld hiervan is de aanpak van de OBA waarbij hun vestigingen als plek van de gemeenschap worden gezien. Doel daarbij is om voor elke vestiging het eigenaarschap te delen met de buurt en met een relevant netwerk van sociaal-maatschappelijke en culturele partners.

De OBA gaat hiervoor verschillende samenwerkingen aan.

22

Gemeente Amsterdam

Er is nog veel meer kruisbestuiving mogelijk. Scholen voor voortgezet onderwijs met een cultureel profiel hebben vaak goed geoutilleerde lokalen voor cultuureducatie en repetities. Vaak is er ook een atrium of aula met theatertechniek aanwezig waar een publieksopstelling voor presentaties mogelijk is. Gym- en sportzalen zijn bijvoorbeeld zeer geschikt als repetitieruimte voor dans- en theatervoorstellingen. Tegelijkertijd hebben musea vaak voldoende ontmoetingsruimten die ’s avonds minimaal worden benut en ook niet alle bibliotheek vestigingen worden ’s avonds gebruikt. Veel maatschappelijke voorzieningen kunnen intensiever worden gebruikt als het beheer en de sociale veiligheid geborgd zijn. Bovendien kunnen er in de zoektocht naar mogelijkheden voor meervoudig gebruik van ruimten vernieuwende concepten en werkwijzen ontstaan. Tussen culturele aanbieders onderling, maar ook tussen andere maatschappelijke domeinen. Nieuwe culturele voorzieningen kunnen zelfstandige cultuurgebouwen zijn, maar kunnen ook onderdak bieden aan verschillende maatschappelijke functies. Op die manier kunnen unieke (buurt)voorzieningen ontstaan die aansluiten bij de lokale behoeften. We zien in verschillende buurten kansen om talentenhuizen voor jongeren en maakplaatsen voor kunstenaars te ontwikkelen, zoals in NieuwWest (zie paragraaf 4.1).

3.4 Strategisch kader De culturele infrastructuur in de stad moet zich kunnen ontwikkelen parallel aan de groei van de stad. Dat is onze ambitie. Daarom ontwikkelen we een werkwijze voor het maken van afwegingen in kansen en projecten die zich op het gebied van voorzieningen voor kunst en cultuur, broedplaatsen, vrije ruimte en nachtcultuur voordoen. De opgave voor kunst- en cultuurvoorzieningen is groter dan het beschikbare investeringsbudget. Daarom moeten we keuzes maken in welke projecten we investeren en welke projecten we

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

willen realiseren door te faciliteren. Hiervoor hebben we een strategisch kader ontwikkeld. Dit strategisch kader omvat nieuwe culturele voorzieningen, broedplaatsen en voorzieningen voor nachtcultuur. In het strategisch kader staan alle aspecten die meewegen bij de realisatie van nieuwe voorzieningen zoals beschreven in hoofdstuk 2, 3 en 4 van dit document. Het kader helpt ons bij het kanaliseren en het groeperen van alle verschillende projecten uit hoofdstuk 4. Op basis van het strategisch kader beslissen we of we in een project investeren en of we een project gaan faciliteren. Ook zullen er projectvoorstellen zijn die we aan de hand van dit kader laten vervallen, omdat ze niet binnen de gestelde kaders passen. In bijlage 4 staat het strategisch kader opgenomen en lichten we het verder toe. Op basis van de uitkomsten van het strategisch kader plannen en wegen we op projectniveau de inzet van beschikbare investeringsmiddelen én van de beschikbare onderzoekscapaciteit (plus de daarbij behorende bijkomende kosten). In hoofdstuk 5 hebben we de investeringslijst opgenomen voor de periode 2023-2027. We willen recht doen aan de dynamiek van het culturele werkveld, dat in tegenstelling tot de gebiedsontwikkeling vaak op de korte termijn is georiënteerd. We willen ook recht doen aan nieuwe ontwikkelingen vanuit de gebieden.

Daarom maken we jaarlijks opnieuw een inventarisatie van nieuwe projecten en kansen voor nieuwe culturele voorzieningen, broedplaatsen en voorzieningen voor nachtcultuur. Dat doen we aan de hand van de systematiek van het strategisch kader. Daarna beschouwen we de nieuwe projecten in relatie tot de bestaande projecten die al via het kader zijn gecategoriseerd. Op deze manier kunnen er jaarlijks nieuwe accenten en afwegingen ontstaan in de koers voor nieuwe culturele voorzieningen, broedplaatsen en nachtcultuur.

23

Gemeente Amsterdam

3.5 Intensivering en verduurzaming gemeentelijke panden Cultuurgebouwen zijn voor het uitvoeren van hun taken voor een belangrijk deel afhankelijk van energie. Publieksruimtes moeten verwarmd en geventileerd worden. Musea maken gebruik van grote klimaatinstallaties om collecties goed te conserveren. Nieuwe cultuurgebouwen die onder gemeentelijk maatschappelijk vastgoed vallen, zullen worden gebouw volgens de landelijke en gemeentelijke duurzaamheidseisen die op het moment van realisatie gelden. Als het budget het toelaat, kan er een extra stap worden gezet op klimaatadaptatie, natuurinclusiviteit en circulariteit. In de Voorjaarsnota 2023 is investeringsruimte vrijgemaakt voor de in de volgende paragraaf beschreven ‘specials’. Hieronder bevindt zich een aantal cultuurgebouwen. Onder de ‘specials’ heeft ook de verduurzaming van bestaand gemeentelijk vastgoed een plek gekregen. We werken aan routekaarten om de beschikbare middelen zo efficiënt mogelijk en met maximale impact in te zetten.

Fysieke toegankelijkheid Amsterdam wil een open en toegankelijke cultuurstad zijn, nu en in de toekomst. Samen met gemeentelijk Vastgoed werken we aan het toegankelijk maken van panden in eigendom van de gemeente waar culturele instellingen in zijn gehuisvest. Ook kijken we goed waar verduurzaming en het doen van aanpassingen voor de toegankelijkheid samen kunnen worden opgepakt. Wanneer nieuwe culturele voorzieningen worden gerealiseerd, is toegankelijkheid een harde eis.

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

3.6 Specials Naast buurtgerichte culturele voorzieningen zetten we in op grootstedelijke voorzieningen met een regionaal of landelijk bereik. Het gaat hier om beeldbepalende voorzieningen die we ‘specials’ noemen. Amsterdam investeert hier de komende jaren flink in. Er is gekozen voor een balans tussen investeringen in de bestaande stad, meebewegen met de groei van de stad en een extra impuls aan gebieden waar de culturele infrastructuur achterloopt. Hiermee werken we aan een complete stad: sociaal, verbonden en duurzaam.  et de renovatie van het Amsterdam Museum, een nieuw geM bouw voor de Meervaart en renovatie en verduurzaming van het Bijlmer Parktheater hebben we gekozen voor de noodzakelijke verduurzaming en vervanging van essentiële voorzieningen in de bestaande stad. We geven een extra impuls aan de culturele infrastructuur in Zuidoost met de bouw van de OBA Next en een extra theaterzaal. Deze projecten zijn opgenomen in hoofdstuk 4. Het voorzieningenniveau in de stad groeit mee met de komst van een Nationaal Slavernijmuseum.

Nationaal Slavernijmuseum De gemeente en het rijk hebben besloten om gezamenlijk een nationaal museum over slavernij te realiseren in Amsterdam. Dit staat opgenomen in het coalitieakkoord 2022-2026.Over een paar jaar moet dit museum de deuren openen. Inhoudelijk zal het museum zich richten op een breed publiek, met een focus op educatie, kunst, kennis en onderzoek. Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap steunt dit initiatief. Een onderzoek uit 2021 geeft negen potentiële locaties voor het museum in oprichting. De ambitie? Een museum met een nationale uitstraling in een nieuw gebouw. Uitgangspunt is een voorziening met ongeveer 6500 m2 publieksruimte, bij voorkeur omringd door een park. Drie kwartiermakers zijn aangesteld om een advies op te stellen

24

Gemeente Amsterdam

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

over het museale concept, het maatschappelijk draagvlak en de locatie van het gebouw. Dit advies wordt eind 2023 opgeleverd.

3.7 Openbare Bibliotheek Amsterdam (OBA) In de Wet Stelsel Openbare Bibliotheekvoorzieningen (WSOB, 2015) is onder meer bepaald dat rijk, provincies en gemeenten gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor een netwerk van openbare bibliotheekvoorzieningen. Deze voorzieningen moeten voor iedereen toegankelijk zijn. Sinds 1919 is de OBA de plek waar Amsterdammers komen voor hun persoonlijke ontwikkeling. Het is ook een plek voor ontmoeting. Jarenlang stond daarbij de collectie boeken centraal. Deze tijd vraagt echter om meer leervormen en een breder aanbod. Met het programma Leesoffensief bijvoorbeeld gaat de OBA, in samenwerking met scholen, laaggeletterdheid tegen. In het Amsterdams Coalitieakkoord 2022-2026 is besloten dat de OBA deel uitmaakt van het onderwijsbeleid. De bibliotheekvoorziening past echter niet binnen de wettelijke kaders die zijn opgesteld voor het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs. OBA neemt een prominente plek in binnen de maatschappelijke voorzieningen van de stad. En omdat er een sterke relatie tussen de OBA en culturele organisaties is, geven we de OBA een plek in het SHP Kunst en Cultuur. Onder de noemer community library werkt de OBA in samenwerking met Amsterdamse initiatieven en organisaties aan bibliotheken waarin lokale gemeenschappen leidend zijn. De OBA speelt hierbij een faciliterende rol door fysieke en digitale ruimtes te delen.

Een voorbeeld hiervan is de OBA Buitenveldert, waar dagelijks culturele programmering plaatsvindt voor en door buurtbewoners. Uitgangspunt van de OBA bij vernieuwing en uitbreiding van het vestigingsnetwerk is dat er minstens één maatschappelijke of culturele samenwerkingspartner is gevestigd.

25

Gemeente Amsterdam

OBA-koers buurtvestigingen De OBA is een van de drukst bezochte culturele en openbaar toegankelijke instellingen van Amsterdam. Tijdens de coronacrisis werd de bibliotheek door het rijk aangewezen als essentiële voorziening. Om de toegankelijkheid te vergroten, zijn de openingstijden verruimd met behulp van een bijdrage van het rijk. De OBA is daarmee voor nog meer doelgroepen toegankelijk gemaakt. De gemeente omarmt het initiatief van de OBA om in te zetten op tijdelijke vestigingen, de zogenaamde OBA Next Labs. Deze worden gerealiseerd met een uitkering van het rijk voor het versteviging van het bibliotheeknetwerk. Deze labs worden gerealiseerd in de stadsdelen waar de sociaal-maatschappelijke uitdagingen het grootst zijn, te weten in Nieuw-West, Zuidoost en in Noord.

OBA Next In het Amsterdamse Coalitieakkoord 2022-2026 heeft het college besloten de locatie voor OBA Next te verplaatsen van de Zuidas naar Zuidoost. OBA Next biedt plek om in een veranderende wereld met nieuwe maatschappelijke vraagstukken en digitale ontwikkelingen ook in de toekomst relevant te blijven voor de stad en haar bewoners. De verplaatsing van de OBA Next naar Zuidoost past bij de ambitie om de kansenongelijkheid in de gemeente te verkleinen. Momenteel onderzoeken we mogelijke locaties voor OBA Next, om in 2024 een definitieve keuze te maken. Zowel de OBA als de gemeente vinden het belangrijk dat OBA Next een vanzelfsprekend onderdeel van Zuidoost wordt.

3.8 Inhaalslag in Noord, Nieuw-West en Zuidoost Amsterdam zet met het Kunstenplan 2021-2024 in op een inhaalslag voor de culturele infrastructuur in de stadsdelen Noord, Nieuw-West en Zuidoost. Als stad zetten we dit ook door in de beleidsperiode 2025-2028. Het voorzieningenniveau in deze

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

stadsdelen loopt achter op de rest van de stad. Bovendien zijn dit stadsdelen waar het aantal inwoners sterk toeneemt in het kader van de woningbouwopgave. We hebben niet voldoende investeringsmiddelen om de benodigde inhaalslag volledig zelf te realiseren. Daarom werken we samen met culturele initiatiefnemers, ontwikkelaars, woningbouwcorporaties en partijen uit andere maatschappelijke domeinen. Investeren in cultuurgebouwen in buurten en wijken is niet alleen een investering in stenen. Het betekent ook erkenning van de identiteit van een gemeenschap. Die gemeenschappen zijn al aanwezig, maar hebben in veel gebieden in Noord, Nieuw-West en Zuidoost nu nauwelijks culturele voorzieningen. Het is belangrijk voor de ontwikkeling van iedere Amsterdammer om op plekken terecht te kunnen waar je jezelf herkent. Waar dat ontbreekt, belemmert dit verdere groei. Culturele locaties geven eigenheid aan de buurt. Hier kan talenten ontdekt en ontwikkeld worden. De culturele initiatiefnemers die verbonden zijn aan de buurten en wijken in deze stadsdelen zitten in een lastige positie. Het zijn vaak mensen die hier zelf wonen of activiteiten organiseren voor de bewoners. Zij werken vaak op projectbasis, waarbij ze projecten ontwikkelen en uitvoeren, financiering zoeken, contact onderhouden met de doelgroep en zoeken naar geschikte en betaalbare locaties voor de activiteiten.

Dit laatste wordt steeds moeilijker, omdat tijdelijke locaties steeds vaker sluiten vanwege woningbouw. En betaalbare alternatieven zijn er nauwelijks. Dit is een directe bedreiging voor de bestaanszekerheid van deze groep initiatiefnemers. We willen dat er betaalbare permanente culturele locaties in buurten en wijken worden toegevoegd om deze groep te blijven faciliteren. Per investeringsproject moeten we duiden hoe de relatie van een nieuwe culturele voorziening is met de directe omgeving en de stad als geheel. In de eerste plaats richten we ons op de behoef-

26

Gemeente Amsterdam

ten van instellingen en initiatiefnemers waar we al een (subsidie) relatie mee hebben in de buurten en wijken waar nieuwe woningen worden toegevoegd. Daarnaast onderzoeken we hoe de nieuwe culturele voorziening een verrijking is van de totale infrastructuur. We bekijken ook welke plek de nieuwe voorziening inneemt binnen de professionele keten van kunst en cultuur. Naast de wijkvoorzieningen voegen we permanente culturele voorzieningen toe aan de nieuwe stadskernen die in de Omgevingsvisie 20507 worden benoemd: het Buikslotermeerplein, het Osdorpplein en de Amsterdamse Poort. Op deze locaties zetten we in op nieuwe grootstedelijke voorzieningen, zoals de Meervaart bij het Osdorpplein. Daarnaast vinden we het belangrijk om culturele ontmoetingsplekken te realiseren voor bewoners. In de nieuwe stadskernen willen we grootschalig en kleinschalig cultureel aanbod combineren. Op die manier ontstaat er ruimte voor kruisbestuivingen tussen maatschappelijke functies, kunst en cultuur en tussen private en publieke partijen, bewoners en artistieke makers. Hoofdstuk 4 biedt een overzicht van geplande en te onderzoeken locaties. Deze inhaalslag maken we niet alleen. We werken hiervoor samen met culturele initiatiefnemers, ontwikkelaars, woningbouwcorporaties en partijen uit andere maatschappelijke domeinen.

Belangrijk is dat we aansluiting zoeken bij de programma’s Aanpak Noord, Nationaal Programma Samen Nieuw-West en het Masterplan Zuidoost. We gebruiken de deskundigheid en ervaring van de gemeenschappen om tot het juiste programma van eisen te komen en de voorzieningen van de juiste inhoud te voorzien.

7 De Omgevingsvisie 2050 is door de gemeenteraad in 2021 vastgesteld. De visie beschrijft de gewenste ontwikkeling van de stad en vormt het kader voor ruimtelijke ontwikkelingen.

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

4 27

Gemeente Amsterdam

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

4. Nieuwe voorzieningen per stadsdeel

In dit hoofdstuk zoomen we per stadsdeel en stadsgebied in op de (nog te onderzoeken) projecten en ambities voor kunst en cultuur, broedplaatsen, vrije ruimte en nachtcultuur waar de gemeente bij betrokken is. Daarbij is ook beschreven waar de gemeente niet zelf investeert, maar ontwikkelingen wel stimuleert en faciliteert.

Uitleg van categorieën uit de legenda’s van de kaarten per stadsdeel Projecten Deze projecten betreffen bestaande ambities van de gemeente voor culturele voorzieningen, broedplaatsen, nachtcultuur en vrije ruimte. De gemeenteraad heeft hiervoor middelen beschikbaar gesteld. Bij broedplaatsen is er broedplaatssubsidie toegekend voor het betreffende project of is een broedplaats verplicht onderdeel van een voorstel voor ontwikkeling (tender). Te onderzoeken projecten Deze projecten passen binnen de kaders van de gemeentelijke ambitie, maar verkeren nog in een fase van onderzoek of verkenning. Er ligt nog geen raadsbesluit om deze projecten te realiseren. Ook volgt er nog een bestuurlijke afweging. In te vullen ambities vanuit de referentienorm Deze projecten betreffen kansen voor kunst- en cultuurvoorzieningen vanuit de gebiedsontwikkeling. In de plangebieden is er op basis van de referentienorm ruimte voor gereserveerd. We hebben als gemeente onvoldoende financiële middelen om in alle plangebieden te investeren. Er moeten dus keuzes gemaakt worden. De markt kan in bepaalde ontwikkelgebieden ook bijdragen aan de ambities van Amsterdam door nieuwe culturele voorzieningen te realiseren. Bestaande voorzieningen Dit gaat om de locaties waar momenteel culturele voorzieningen, broedplaatsen, nachtcultuur en creatieve vrije ruimte gevestigd zijn.

28

Gemeente Amsterdam

Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027

4.1 Nieuw-West In Nieuw-West wonen 160.000 mensen. Het is het stadsdeel met het grootste aandeel jongeren (tot 26 jaar). Nieuw-West omvat de gebieden De Aker, Sloten en Nieuw-Sloten, Geuzenveld-Slotermeer, Osdorp, Sloterdijk en Slotervaart. Via het Nationaal Programma Samen Nieuw-West werkt een brede alliantie sinds 2022 aan een aanpak voor ruim twintig jaar om de jeugd een duurzaam toekomstperspectief te bieden. Dit betreft een samenwerkingsverband tussen bestaande maatschappelijke organisaties, bewoners, ondernemers, de gemeente Amsterdam en het rijk. De bouwopgave voor de komende zes jaar is ruim 13.000 woningen, vooral in Geuzenveld-Slotermeer, Sloterdijk en de Ringzone West.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13612583/1